Wijzigingsgeschiedenis

Besluit van 5 augustus 2000, houdende intrekking van het Besluit studiefinanciering en vervanging door het Besluit studiefinanciering 2000 ter uitvoering van de Wet studiefinanciering 2000 (Besluit studiefinanciering 2000)

41 versions · 2025-01-01
2025-01-01
Besluit studiefinanciering 2000 — art. 34
2024-06-27
Besluit studiefinanciering 2000 — art. 34
2024-01-01
Besluit studiefinanciering 2000 — art. 34
2023-09-01
Besluit studiefinanciering 2000
2023-01-01
Besluit studiefinanciering 2000 — art. 34
2022-08-01
Besluit studiefinanciering 2000 — art. 34
2022-01-01
Besluit studiefinanciering 2000 — art. 34
2021-01-01
Besluit studiefinanciering 2000 — art. 34
2020-08-01
Besluit studiefinanciering 2000 — art. 34
2020-01-01
Besluit studiefinanciering 2000 — art. 7
2019-07-24
Besluit studiefinanciering 2000 — arts. 4, 5, 6, 3
2019-01-01
Besluit studiefinanciering 2000 — art. 7
2017-09-15
Besluit studiefinanciering 2000
2017-09-01
Besluit studiefinanciering 2000 — arts. 7, 7
2017-08-01
Besluit studiefinanciering 2000
2017-07-01
Besluit studiefinanciering 2000 — art. 7
2017-02-10
Besluit studiefinanciering 2000 — arts. 9, 10, 12, 30
2015-01-01
Besluit studiefinanciering 2000 — arts. 9, 10, 12, 30
2014-12-18
Besluit studiefinanciering 2000 — arts. 8, 9, 10 y 2 más
2014-03-29
Besluit studiefinanciering 2000 — arts. 8, 9, 10 y 2 más

Wijzigingen op 2014-03-29

@@ -24,7 +24,7 @@
**wet**: [Wet studiefinanciering 2000](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0011453).
2. In [hoofdstuk 3a](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0011545&hoofdstuk=3a&z=2014-01-06&g=2014-01-06) van dit besluit wordt verstaan onder **aanvullende beurs**: toegekende en uitbetaalde aanvullende beurs als bedoeld in [artikel 6.2, tweede lid, van de wet](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0011453&artikel=6.2).
2. In [hoofdstuk 3a](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0011545&hoofdstuk=3a&z=2014-03-29&g=2014-03-29) van dit besluit wordt verstaan onder **aanvullende beurs**: toegekende en uitbetaalde aanvullende beurs als bedoeld in [artikel 6.2, tweede lid, van de wet](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0011453&artikel=6.2).
3. Een wijziging van richtlijn 2004/38/EG gaat voor de toepassing van dit besluit gelden met ingang van de dag waarop aan de betrokken wijzigingsrichtlijn uitvoering moet zijn gegeven.
@@ -50,11 +50,11 @@
- 4°. verband houdende met afwikkeling nalatenschap oude Vreemdelingenwet als bedoeld in [artikel 3.17a, onderdeel b, van het Voorschrift Vreemdelingen 2000](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0012002&artikel=3.17a) of hiermee verband houdende niet-tijdelijke humanitaire gronden,
- b. op grond van een verblijfsvergunning voor onbepaalde tijd als bedoeld in [artikel 20 van die wet](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0011823&artikel=20),
- b. op grond van een verblijfsvergunning als bedoeld in [artikel 8, onder b, van die wet](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0011823&artikel=8),
- c. op grond van een verblijfsvergunning voor bepaalde tijd als bedoeld in [artikel 28 van die wet](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0011823&artikel=28),
- d. op grond van een verblijfsvergunning voor onbepaalde tijd als bedoeld in [artikel 33 van die wet](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0011823&artikel=33),
- d. op grond van een verblijfsvergunning als bedoeld in [artikel 8, onder d, van die wet](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0011823&artikel=8),
- e. bedoeld in [artikel 8, onderdelen g of h van die wet](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0011823&artikel=8), voor zover hij reeds studiefinancieringsgenietende is, of
@@ -104,7 +104,7 @@
##### Artikel 7. Conflicteis
1. Van een ernstig en structureel conflict tussen ouder en studerende als bedoeld in [artikel 6, eerste lid, onderdeel a](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0011545&hoofdstuk=3&artikel=6&z=2014-01-06&g=2014-01-06), is sprake, indien de ouder om ernstige redenen structureel weigert de veronderstelde ouderlijke bijdrage te verstrekken.
1. Van een ernstig en structureel conflict tussen ouder en studerende als bedoeld in [artikel 6, eerste lid, onderdeel a](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0011545&hoofdstuk=3&artikel=6&z=2014-03-29&g=2014-03-29), is sprake, indien de ouder om ernstige redenen structureel weigert de veronderstelde ouderlijke bijdrage te verstrekken.
2. Onze Minister stelt bij de ouder vast dat er sprake is van weigering. Indien die ouder geen medewerking voor die vaststelling verleent, kan de verklaring van een onafhankelijke derde voor de betreffende ouderverklaring in de plaats treden.
@@ -112,23 +112,23 @@
##### Artikel 8. Uit ouderlijk gezag ontzet of ontheven
Als bewijs dat de ouder uit het ouderlijk gezag is ontzet of ontheven, bedoeld in [artikel 6, eerste lid, onderdeel b](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0011545&hoofdstuk=3&artikel=6&z=2014-01-06&g=2014-01-06), dient een afschrift van de beschikking van de rechtbank.
Als bewijs dat de ouder uit het ouderlijk gezag is ontzet of ontheven, bedoeld in [artikel 6, eerste lid, onderdeel b](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0011545&hoofdstuk=3&artikel=6&z=2014-03-29&g=2014-03-29), dient een afschrift van de beschikking van de rechtbank.
##### Artikel 9. Geen contact sinds 12e jaar
Van geen contact met de ouder als bedoeld in [artikel 6, eerste lid, onderdeel c](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0011545&hoofdstuk=3&artikel=6&z=2014-01-06&g=2014-01-06), is sprake, indien de studerende vanaf de maand waarin hij de leeftijd van 12 jaren heeft bereikt geen wezenlijk contact met de ouder had. Als bewijs dient een verklaring van een ter zake deskundige.
Van geen contact met de ouder als bedoeld in [artikel 6, eerste lid, onderdeel c](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0011545&hoofdstuk=3&artikel=6&z=2014-03-29&g=2014-03-29), is sprake, indien de studerende vanaf de maand waarin hij de leeftijd van 12 jaren heeft bereikt geen wezenlijk contact met de ouder had. Als bewijs dient een verklaring van een ter zake deskundige.
##### Artikel 10. Niet inbare alimentatie
Van voor de studerende niet inbare alimentatie als bedoeld in [artikel 6, eerste lid, onderdeel d](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0011545&hoofdstuk=3&artikel=6&z=2014-01-06&g=2014-01-06), is sprake, indien de alimentatie oninbaar is gedurende ten minste 12 maanden voorafgaande aan de maand waarin de studerende voor het eerst studiefinanciering ontvangt. Als bewijs dient een verklaring van een ter zake deskundige.
Van voor de studerende niet inbare alimentatie als bedoeld in [artikel 6, eerste lid, onderdeel d](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0011545&hoofdstuk=3&artikel=6&z=2014-03-29&g=2014-03-29), is sprake, indien de alimentatie oninbaar is gedurende ten minste 12 maanden voorafgaande aan de maand waarin de studerende voor het eerst studiefinanciering ontvangt. Als bewijs dient een verklaring van een ter zake deskundige.
##### Artikel 11. Onbekende verblijfplaats ouder
Indien de studerende de verblijfplaats van de ouder niet kent, onderzoekt Onze Minister in een geval als bedoeld in [artikel 6, eerste lid, onderdeel e](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0011545&hoofdstuk=3&artikel=6&z=2014-01-06&g=2014-01-06), de verblijfplaats van die ouder gedurende ten hoogste 3 maanden onderscheidenlijk ten hoogste 6 maanden in geval van onderzoek in het buitenland. Indien de verblijfplaats van die ouder niet wordt achterhaald, wordt geen rekening gehouden met de veronderstelde ouderlijke bijdrage.
Indien de studerende de verblijfplaats van de ouder niet kent, onderzoekt Onze Minister in een geval als bedoeld in [artikel 6, eerste lid, onderdeel e](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0011545&hoofdstuk=3&artikel=6&z=2014-03-29&g=2014-03-29), de verblijfplaats van die ouder gedurende ten hoogste 3 maanden onderscheidenlijk ten hoogste 6 maanden in geval van onderzoek in het buitenland. Indien de verblijfplaats van die ouder niet wordt achterhaald, wordt geen rekening gehouden met de veronderstelde ouderlijke bijdrage.
##### Artikel 12. Draagkracht uit alimentatie
1. Indien een studerende van zijn ouder alimentatie als bedoeld in [artikel 6, eerste lid, onderdeel d](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0011545&hoofdstuk=3&artikel=6&z=2014-01-06&g=2014-01-06), ontvangt, komt het door de rechter vastgestelde bedrag aan alimentatie van de studerende in de plaats van de veronderstelde ouderlijk bijdrage. Als bewijs van de hoogte van de alimentatie dient in ieder geval de beschikking van de rechtbank of een notariële akte. Het bedrag dat in het bewijsstuk wordt genoemd, wordt vermeerderd met de wettelijke indexering.
1. Indien een studerende van zijn ouder alimentatie als bedoeld in [artikel 6, eerste lid, onderdeel d](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0011545&hoofdstuk=3&artikel=6&z=2014-03-29&g=2014-03-29), ontvangt, komt het door de rechter vastgestelde bedrag aan alimentatie van de studerende in de plaats van de veronderstelde ouderlijk bijdrage. Als bewijs van de hoogte van de alimentatie dient in ieder geval de beschikking van de rechtbank of een notariële akte. Het bedrag dat in het bewijsstuk wordt genoemd, wordt vermeerderd met de wettelijke indexering.
2. Indien nog geen beschikking is afgegeven, wordt de door de rechter vastgestelde alimentatie van de studerende in de plaats van de veronderstelde ouderlijke bijdrage gesteld vanaf de ingangsdatum van de alimentatie zoals die datum door de rechter is vastgesteld.
@@ -242,9 +242,9 @@
### Hoofdstuk 9. Overgangsbepalingen
##### Artikel 30a. Overgangsbepaling [artikel 2](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0011545&hoofdstuk=1&artikel=2&z=2014-01-06&g=2014-01-06)
1. Indien het derde jaar na het laatste studiefinancieringstijdvak vóór 2006 is gelegen, wordt voor de toepassing van [artikel 2](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0011545&hoofdstuk=1&artikel=2&z=2014-01-06&g=2014-01-06) onder belastbaar minimumloon verstaan:
##### Artikel 30a. Overgangsbepaling [artikel 2](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0011545&hoofdstuk=1&artikel=2&z=2014-03-29&g=2014-03-29)
1. Indien het derde jaar na het laatste studiefinancieringstijdvak vóór 2006 is gelegen, wordt voor de toepassing van [artikel 2](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0011545&hoofdstuk=1&artikel=2&z=2014-03-29&g=2014-03-29) onder belastbaar minimumloon verstaan:
- a. de som van:
@@ -268,9 +268,9 @@
Artikel 3, eerste lid, aanhef en onderdelen b en c, en tweede lid, van het Besluit studiefinanciering zoals dat luidde op 31 december 1996, blijft van toepassing op degene die op dat tijdstip studiefinanciering op grond van de Wet op de studiefinanciering genoot.
##### Artikel 33. Afwijking van [artikel 3b](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0011545&hoofdstuk=2&artikel=3b&z=2014-01-06&g=2014-01-06)
Op een student die voor 1 september 2007 op grond van [artikel 3a](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0011545&hoofdstuk=2&artikel=3a&z=2014-01-06&g=2014-01-06) studiefinanciering ontving, blijft artikel 3a, zoals dat luidde op 31 augustus 2007, van toepassing zolang hij zonder onderbreking studiefinanciering op grond van dat artikel geniet.
##### Artikel 33. Afwijking van [artikel 3b](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0011545&hoofdstuk=2&artikel=3b&z=2014-03-29&g=2014-03-29)
Op een student die voor 1 september 2007 op grond van [artikel 3a](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0011545&hoofdstuk=2&artikel=3a&z=2014-03-29&g=2014-03-29) studiefinanciering ontving, blijft artikel 3a, zoals dat luidde op 31 augustus 2007, van toepassing zolang hij zonder onderbreking studiefinanciering op grond van dat artikel geniet.
##### Artikel 34. Overgangsbepaling artikel 14
@@ -510,9 +510,9 @@
Lasten en bevelen dat dit besluit met de daarbij behorende nota van toelichting in het Staatsblad zal worden geplaatst.
##### Artikel 34a. Tijdelijke afwijking [artikel 17](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0011545&hoofdstuk=6&artikel=17&z=2014-01-06&g=2014-01-06)
[Artikel 17, tweede lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0011545&hoofdstuk=6&artikel=17&z=2014-01-06&g=2014-01-06), is niet van toepassing in de kalenderjaren 2011 en 2012.
##### Artikel 34a. Tijdelijke afwijking [artikel 17](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0011545&hoofdstuk=6&artikel=17&z=2014-03-29&g=2014-03-29)
[Artikel 17, tweede lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0011545&hoofdstuk=6&artikel=17&z=2014-03-29&g=2014-03-29), is niet van toepassing in de kalenderjaren 2011 en 2012.
### Hoofdstuk 10. Wijzigingen in andere besluiten
2014-01-06
Besluit studiefinanciering 2000 — arts. 8, 9, 10 y 2 más
2014-01-01
Besluit studiefinanciering 2000 — arts. 8, 9, 10 y 2 más
2013-06-01
Besluit studiefinanciering 2000 — arts. 8, 9, 10 y 2 más
2012-01-01
Besluit studiefinanciering 2000 — arts. 8, 9, 10 y 2 más
2011-01-01
Besluit studiefinanciering 2000
2010-04-28
Besluit studiefinanciering 2000 — arts. 8, 8, 9 y 7 más
2010-01-01
Besluit studiefinanciering 2000 — arts. 7, 7, 7 y 15 más
2009-07-01
Besluit studiefinanciering 2000 — arts. 7, 8, 9 y 3 más
2009-01-01
Besluit studiefinanciering 2000 — arts. 7, 8, 9 y 3 más
2008-05-09
Besluit studiefinanciering 2000 — arts. 7, 8, 9 y 4 más
2007-08-01
Besluit studiefinanciering 2000
2006-10-11
Besluit studiefinanciering 2000
2006-05-10
Besluit studiefinanciering 2000 — art. 1
2006-03-08
Besluit studiefinanciering 2000 — arts. 7, 7, 8 y 9 más
2006-01-01
Besluit studiefinanciering 2000 — arts. 7, 7, 8 y 9 más
2005-08-01
Besluit studiefinanciering 2000 — arts. 5, 7, 8 y 4 más
2005-07-13
Besluit studiefinanciering 2000 — arts. 5, 7, 8 y 5 más
2004-05-07
Besluit studiefinanciering 2000 — arts. 5, 7, 8 y 5 más
2003-01-01
Besluit studiefinanciering 2000
2002-03-15
Besluit studiefinanciering 2000 — arts. 1, 1, 2 y 60 más
2002-03-15
Besluit studiefinanciering 2000
original version Tekst op deze datum