← Geldende tekst · Geschiedenis

Besluit van 2 februari 2001, houdende regels inzake de financiële verhouding tussen het Rijk en de provincies en het Rijk en de gemeenten (Besluit financiële verhouding 2001)

Geldende tekst a fecha 2006-01-01

Op de voordracht van Onze Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties, mede namens de Staatssecretaris van Financiën van 23 oktober 2000, nr. FO2000/U89578, directoraat-generaal Openbaar Bestuur/BFO.

Gelet op de artikelen 8, derde lid, en 22 van de Financiële-verhoudingswet;

De Raad van State gehoord (advies van 14 december 2000, nr. WO4.00.0505/1)

Gezien het nader rapport van Onze Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties van 19 januari 2001 (FO2001/U50552), uitgebracht mede namens de Staatssecretaris van Financiën;

Hebben goedgevonden en verstaan:

Hoofdstuk 1. Begripsbepalingen

Artikel 1

In dit besluit en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder:

Hoofdstuk 2. Het provinciefonds en het gemeentefonds

Paragraaf 2.1. Algemene bepalingen inzake de algemene uitkering uit het provinciefonds en het gemeentefonds

Artikel 2

Vóór 1 juli van het jaar voorafgaand aan het uitkeringsjaar geven Onze Ministers aan de provinciebesturen en de gemeentebesturen kennis van:

Artikel 3
1.

Bij de verdeling van het voor de algemene uitkeringen aan de provincies beschikbare bedrag worden de verdeelmaatstaven gehanteerd die zijn omschreven in bijlage 1 bij dit besluit.

2.

Bij de verdeling van het voor de algemene uitkeringen aan de gemeenten beschikbare bedrag worden de verdeelmaatstaven gehanteerd die zijn omschreven in bijlage 2 bij dit besluit.

3.

Bij de vaststelling van de algemene uitkering aan een provincie of gemeente stellen Onze Ministers zo nodig het aantal eenheden per verdeelmaatstaf vast. Voor zover in bijlage 1 en bijlage 2 bij een verdeelmaatstaf een bron is vermeld, kunnen Onze Ministers het aantal eenheden ontlenen aan een opgave van het vermelde orgaan of de vermelde instantie.

4.

De vaststelling van het aantal eenheden per verdeelmaatstaf voor een provincie of gemeente geschiedt naar de toestand op 1 januari van het uitkeringsjaar waarover het aantal wordt vastgesteld, tenzij in bijlage 1 of bijlage 2 een peildatum of andere tijdsaanduiding bij een verdeelmaatstaf is vermeld. In dat geval geschiedt de vaststelling naar de toestand op de aangegeven datum of de gegeven tijdsaanduiding.

5.

Indien op grond van het vierde lid een peildatum of tijdsaanduiding moet worden gehanteerd die ligt vóór de datum van herindeling van de provincie of gemeente, stellen Onze Ministers het aantal eenheden vast op basis van een redelijke schatting van de toestand zoals die op het aangegeven tijdstip zou zijn geweest als de herindeling op dat tijdstip reeds was ingegaan.

Artikel 4

Onze Ministers kunnen nadere regels stellen omtrent de uitwerking van de in bijlage 1 en bijlage 2 en in de paragrafen 2.2 en 2.3 van dit besluit gehanteerde begrippen en omtrent de telling van het aantal eenheden per verdeelmaatstaf voor zover dit noodzakelijk is om de verdeelmaatstaven te kunnen toepassen.

Paragraaf 2.2. Bijzondere bepalingen in verband met enkele verdeelmaatstaven voor het provinciefonds

Artikel 5

Bij de bepaling van het totaal van de in een kalenderjaar ontvangen hoofdsommen van de motorrijtuigenbelasting, als bedoeld in de verdeelmaatstaf vermeld onder nummer 1 van bijlage 1, wordt het tarief van de Wet op de motorrijtuigenbelasting 1994 gehanteerd, zoals dat gold op 1 april 1995. De verhoging van de belasting, bedoeld in artikel 23, tweede lid, van die wet en de vermindering van de belasting, bedoeld in de artikelen 28 en 68 van die wet, blijven buiten beschouwing.

Artikel 6
1.

Onze Ministers stellen het aantal kilometers gewogen weglengte, bedoeld in de verdeelmaatstaf vermeld onder nummer 7 van bijlage 1, van de wegen in beheer bij de provincie vast, door het aantal kilometers weglengte van de wegen die in beheer zijn bij de provincie te vermenigvuldigen met een wegingsfactor die een maat is voor de kosten per kilometer van het onderhoud van de wegen in de provincie, in verhouding met die kosten in alle provincies.

2.

Op de voorbereiding van dit besluit is afdeling 3.4 van de Algemene wet bestuursrecht van toepassing.

Paragraaf 2.3. Bijzondere bepalingen in verband met enkele verdeelmaatstaven voor het gemeentefonds

Artikel 7

Het gemeentebestuur verstrekt jaarlijks aan het CBS gegevens omtrent de in artikel 22 van de Wet waardering onroerende zaken bedoelde waarden in de gemeente. Bij regeling van Onze Ministers worden nadere regels gesteld omtrent de te verstrekken gegevens alsmede de wijze en het moment van verstrekking.

Artikel 8

Een woonkern bestaat uit een verzameling rastervierkanten die ieder 25 adressen of meer omvatten, en een aaneengesloten gebied binnen een gemeente vormen. Indien de verzameling meer dan één rastervierkant bevat zijn de rastervierkanten tenminste met één zijde aan elkaar gesloten.

Artikel 9
1.

Het gecorrigeerde aantal inwoners van een woonkern wordt toegedeeld aan die woonkern zelf en aan de woonkernen in de lokale omgeving van die woonkern. De aan een woonkern toegedeelde inwoners worden aangeduid als potentiële lokale klanten van de woonkern.

2.

De woonkernen in de lokale omgeving van een woonkern zijn de woonkernen die liggen binnen een afstand van 20 kilometer tot de woonkern.

3.

Het gecorrigeerde aantal inwoners van een woonkern bestaat uit het aantal inwoners van de woonkern, vermeerderd met een aandeel van de in de gemeente waarbinnen de woonkern is gelegen, niet in enige woonkern wonende inwoners. Het aandeel is gelijk aan het aandeel van de inwoners van de woonkern in het totaal aantal in een woonkern binnen de gemeente wonende inwoners.

4.

De toedeling aan de woonkernen geschiedt evenredig aan het gecorrigeerde aantal inwoners van die woonkernen en omgekeerd evenredig aan het kwadraat van de afstand tot die woonkernen. Daarbij wordt de afstand van de woonkern tot zichzelf op 1 kilometer vastgesteld.

Artikel 10
1.

Het gecorrigeerde aantal inwoners van een woonkern wordt toegedeeld aan die woonkern zelf en aan de woonkernen in de regionale omgeving van die woonkern. De aan een kern toegedeelde inwoners worden aangeduid als potentiële regionale klanten van de kern.

2.

Artikel 9 is van overeenkomstige toepassing, met dien verstande dat:

Artikel 11
1.

Onder slechte grond wordt verstaan: een minimaal 5 meter dik aaneengesloten pakket holocene klei- en/of veenlagen dat zich binnen 8 meter onder het maaiveld bevindt. Binnen deze definitie worden onderscheiden:

2.

Onder goede grond wordt verstaan grond die niet aan de omschrijvingen onder a, b en c in het eerste lid van dit artikel voldoet.

3.

Onze Ministers dragen zorg voor een kaart, waarop de ligging van slechte grond in Nederland is aangegeven.

4.

Onze Ministers leggen de kaart ter inzage.

Artikel 12
1.

Het percentage slechte grond van een gemeente is het ongewogen percentage in het totale oppervlak van land en binnenwater binnen de gemeente dat wordt ingenomen door slechte grond, voorzover deze is gelegen onder land en onder binnenwater binnen een zone van honderd meter vanaf de oever. Dit percentage wordt verminderd met 25 procentpunt. Een negatieve uitkomst wordt op nul gesteld.

2.

De bodemfactor van een gemeente of van een deelgebied binnen een gemeente is het gewogen gemiddelde aandeel van de verschillende grondsoorten in het totale oppervlak van land en binnenwater binnen deze gemeente of dat deelgebied. De wegingsfactoren voor de verschillende grondsoorten zijn:

3.

De totale oppervlakken land en binnenwater in het eerste en tweede lid hebben betrekking op land en binnenwater als bedoeld in de verdeelmaatstaven, vermeld onder de nummers 16 en 19 van bijlage 2.

Artikel 13

Onder oppervlakte bebouwing wordt verstaan de geïndexeerde oppervlakte in hectaren van de categorieën gebouwen, bebouwd gebied en hoogbouw.

Artikel 14
1.

Bewoonde oorden zijn die oorden, die in de in 1930 gehouden volkstelling zijn geregistreerd als een bewoond oord met 500 of meer woningen.

2.

Het historisch aantal woningen in een bewoond oord is het aantal woningen dat het oord omvatte overeenkomstig de gegevens van de in het eerste lid bedoelde volkstelling.

Artikel 15

De lengte van de historische waterwegen in en rondom een historische kern wordt bepaald door het aantal meters historische waterweg in de kern te vermenigvuldigen met twee en dit produkt te vermeerderen met het aantal meters historische waterweg rondom de kern.

Artikel 16
1.

Onze Ministers dragen zorg voor een kaart, waarop de ligging in de gemeenten is bepaald van:

2.

Onze Ministers leggen de kaart ter inzage.

Artikel 17
1.

Onze Ministers stellen de omvang van een historische kern of van de waterwegen in en rondom een historische kern vast overeenkomstig de waarden zoals die bij de inwerkingtreding van dit besluit golden.

2.

Onze Ministers wijzigen de vastgestelde omvang van een historische kern of de vastgestelde lengte van de waterwegen in of rondom een historische kern slechts indien zij dit nodig achten in verband met een aanmerkelijk verschil tussen de vastgestelde en de werkelijke waarden.

3.

Op de voorbereiding van een wijziging als bedoeld in het tweede lid is afdeling 3.4 van de Algemene wet bestuursrecht van toepassing.

Artikel 18

De dichtheidsfactor bestaat uit het quotiënt van het inwonertal, bedoeld in bijlage 2, onder nummer 2, en de som van de oppervlakken land en binnenwater, bedoeld in bijlage 2, onder de nummers 16 en 19.

Paragraaf 2.4. De aanvullende uitkering

Artikel 19
1.

Het gemeentebestuur doet een aanvraag voor een aanvullende uitkering voor 1 december van het jaar voorafgaand aan het jaar waarvoor zij wordt aangevraagd.

2.

De aanvraag bevat de vastgestelde begroting voor het jaar waarvoor de aanvullende uitkering wordt aangevraagd.

3.

De aanvraag wordt ingediend bij Onze Ministers en gelijktijdig in afschrift gezonden aan gedeputeerde staten.

Artikel 20

Gedeputeerde staten brengen voor 15 februari van het jaar waarvoor de aanvullende uitkering is aangevraagd dan wel verleend, aan Onze Ministers verslag uit over de financiële positie van de gemeente.

Artikel 21

Onze Ministers kunnen bepalen dat de artikelen 19 en 20 geheel of gedeeltelijk buiten toepassing blijven in verband met een besluit tot vaststelling van de aanvullende uitkering voor meer dan een jaar.

Artikel 22

Onze Ministers besluiten omtrent de aanvraag vóór 1 juni van het jaar, volgend op het jaar waarvoor de aanvullende uitkering wordt aangevraagd.

Artikel 23
1.

Een aanmerkelijk en structureel tekort als bedoeld in artikel 12, tweede lid, van de wet is een tekort dat groter of gelijk is aan 2% van de som van:

2.

De belastingcapaciteit wordt bepaald door het totaal van de vastgestelde waarden bedoeld in artikel 22 van de Wet waardering onroerende zaken, in de gemeente, neerwaarts afgerond op een veelvoud van 453 780 euro, te vermenigvuldigen met de absolute waarde van het bedrag per eenheid behorende bij de maatstaf die in bijlage 2, onder nummer 1, is vermeld.

3.

Bij de bepaling van de in het tweede lid bedoelde waarden worden niet meegerekend de waarden die op grond van artikel 220d van de Gemeentewet buiten aanmerking worden gelaten, alsmede de waarden van onroerende zaken ten aanzien waarvan op grond van artikel 243 van de Gemeentewet vrijstelling is verleend.

Artikel 24
1.

Van een redelijk peil van eigen inkomsten van een gemeente, als bedoeld inartikel 12, tweede lid, van de wet is sprake indien:

2.

Van een redelijk peil van eigen inkomsten is eveneens sprake indien een tekort op de in het eerste lid, onder b en c, bedoelde onderdelen wordt gecompenseerd door een opbrengst op de onroerende-zaakbelastingen die uitstijgt boven de opbrengst overeenkomstig het in het eerste lid, onder a, bedoelde.

Artikel 25

Onze Ministers kunnen nadere regels stellen omtrent:

Paragraaf 2.5. De betalingen

Artikel 26
1.

Onze Ministers doen de betalingen in verband met de uitkeringen, bedoeld in artikel 5, eerste en tweede lid, van de wet, over het lopende uitkeringsjaar, zoveel mogelijk in gelijke wekelijkse delen gedurende de eerste vijftig volle weken van het jaar.

2.

Onze Ministers stellen voor ieder uitkeringsjaar een betalingsschema vast ten behoeve van de uitbetaling, bedoeld in artikel 5, derde lid, van de wet.

Hoofdstuk 3. Specifieke uitkeringen

Artikel 27
1.

Het provinciebestuur en het gemeentebestuur verstrekken aan Onze Minister wie het aangaat de informatie zoals die omtrent de toepassing van de regeling van een specifieke uitkering is opgenomen in:

2.

In de regeling van een specifieke uitkering kan van het eerste lid worden afgeweken. Afwijkingen worden in de toelichting bij de regeling gemotiveerd.

3.

Het provinciebestuur en het gemeentebestuur verstrekken desgevraagd inlichtingen omtrent de besteding van een specifieke uitkering aan de door Onze Minister wie het aangaat daartoe aangewezen ambtenaren van de accountantsdienst, bedoeld in artikel 65, eerste lid, van de Comptabiliteitswet 2001. De ambtenaren van de accountantsdienst kunnen tevens informatie inwinnen bij de in artikel 217, tweede lid, van de Provinciewet, onderscheidenlijk artikel 213, tweede lid, van de Gemeentewet, bedoelde accountants.

Artikel 28

Vóór 1 oktober van het jaar voorafgaand aan het uitkeringsjaar geven Onze Ministers wie het aangaat aan de provinciebesturen en de gemeentebesturen kennis van:

Hoofdstuk 4. Overgangs- en slotbepalingen

Artikel 29
1.

De algemene uitkering over de jaren 2001 tot en met 2004, zoals deze voor iedere gemeente wordt berekend overeenkomstig dit besluit, wordt vermeerderd of verminderd met een bedrag overeenkomstig de tabel die als bijlage 4 bij dit besluit is gevoegd. Deze vermeerdering of vermindering komt ten laste van of ten goede aan het gemeentefonds.

2.

Indien een gemeente die is vermeld in bijlage 4 is opgeheven, vindt de vermeerdering of de vermindering plaats ten aanzien van de algemene uitkering van de in artikel 44, eerste lid, van de Wet algemene regels herindeling bedoelde gemeente waar alle rechten en verplichtingen naar overgaan.

Artikel 30

Wijzigt het Besluit integratie-uitkering WUW-middelen Gemeentefonds.

Artikel 31
1.

Na de inwerkingtreding van dit besluit berust de Regeling meet- en rekenregels verdeelmaatstaven en vaststelling kilometers gewogen weglengte provinciefonds op artikel 22 van de wet en artikel 4 van dit besluit.

2.

Na de inwerkingtreding van dit besluit berust de Regeling meet- en rekenregels verdeelmaatstaven gemeentefonds op artikel 22 van de wet en artikel 4 van dit besluit.

3.

Na de inwerkingtreding van dit besluit berust de Regeling belastingcapaciteit op de artikelen 4 en 7 van dit besluit.

4.

Na de inwerkingtreding van dit besluit berust de Regeling aanvullende uitkering gemeentefonds op artikel 12 van de wet en artikel 25 van dit besluit.

Artikel 32

Wijzigt het Bekostigingsbesluit cultuuruitingen.

Artikel 33

Wijzigt het Besluit zonering buitenlandse luchtvaartterreinen Noord- en Midden-Limburg.

Artikel 34

Wijzigt het Faciliteitenbesluit opvangcentra.

Artikel 35

Wijzigt het Subsidiebesluit openbare lichamen milieubeheer.

Artikel 36

Wijzigt dit besluit.

Artikel 37

Het Besluit financiële verhouding wordt ingetrokken.

Artikel 38
1.

Dit besluit treedt in werking op een bij koninklijk besluit te bepalen tijdstip.

2.

De verdeelmaatstaven die zijn vermeld in bijlage 1 van de Wet van 6 november 1997 tot wijziging van de Financiële-verhoudingswet en enkele andere wetten en regels inzake de invoering van deze wijziging in verband met een herziening van het verdeelstelsel voor het Provinciefonds, worden met ingang van de uitkering uit het provinciefonds voor het jaar 2001 vervangen door de verdeelmaatstaven die zijn opgenomen in bijlage 1 bij dit besluit.

3.

De verdeelmaatstaven die zijn vermeld in bijlage 2 van de Invoeringswet Financiële-verhoudingswet, en in de bijlagen bij het Besluit van 14 mei 1998 houdende toevoeging van de categorie vluchtelingen aan de verdeelmaatstaf minderheden en enkele andere aanpassingen van de verdeelmaatstaven van het gemeentefonds, het Wijzigingsbesluit verdeelmaatstaven gemeentefonds 1999 en het Wijzigingsbesluit verdeelmaatstaven gemeentefonds 2000, worden met ingang van de uitkering uit het gemeentefonds voor het jaar 2001 vervangen door de verdeelmaatstaven die zijn opgenomen in bijlage 2 bij dit besluit.

Artikel 39

Dit besluit wordt aangehaald als: Besluit financiële verhouding 2001.

Bijlage 1. De verdeelmaatstaven voor het provinciefonds (bijlage bij artikel 3, eerste lid)

nummer en korte omschrijving Definitie verdeelmaatstaf Bron Peildatum of tijdsaanduiding (indien deze anders luidt dan 1 januari van het uitkeringsjaar)
1. Maatstaf opcenten motorrijtuigenbelasting Het voor het kalenderjaar bepaalde totaal van de hoofdsommen van de motorrijtuigenbelasting, van de in de provincie wonende of gevestigde houders van een personenauto of motorrijwiel gedeeld door de uitkeringsfactor over het uitkeringsjaar. Het totaal wordt bepaald door aan de hand van het totaal van de in het kalenderjaar ontvangen provinciale opcenten te berekenen hoeveel hoofdsommen zouden zijn ontvangen, indien het in artikel 5 bedoelde tarief wordt gehanteerd. Onze Minister van Financiën 31 december van het jaar, twee jaar voorafgaand aan het uitkeringsjaar
2a en b. Maatstaf inwoners provincie Het aantal inwoners van de provincie. Daarbij vindt een verdeling plaats in twee maatstaven, overeenkomstig de volgende groepsindeling: a. het aantal inwoners; b. het aantal inwoners boven de 640 000 inwoners. Bij de toepassing van maatstaf 2b wordt een aantal kleiner dan 640 000 op dat aantal vastgesteld. CBS
3. Maatstaf inwoners stedelijk gebied en landelijk gebied Het aantal inwoners van binnen de provincie gelegen rastervierkanten. Daarbij vindt een verdeling plaats in twee maatstaven, overeenkomstig de volgende groepsindeling: a. het aantal inwoners van rastervierkanten met een omgevingsadressendichtheid die groter is dan of gelijk is aan 1500 adressen per vierkante kilometer; b. het aantal inwoners van rastervierkanten met een omgevingsadressendichtheid die kleiner is dan of gelijk is aan 1000 adressen per vierkante kilometer. Bij de toepassing van maatstaf 3b geldt een maximum-aantal van 607 000 inwoners. CBS
4. Maatstaf oppervlak land Het aantal hectaren land in de provincie. CBS De meest recente, vóór het uitkeringsjaar vastgestelde bodemstatistiek
5. Maatstaf oppervlak water Het aantal hectaren water in de provincie. CBS De meest recente, vóór het uitkeringsjaar vastgestelde bodemstatistiek
6. Maatstaf oppervlak agrarisch- en natuurterrein Het totaal van de volgende aantallen: 1. het aantal hectaren land in de provincie, in gebruik ten behoeve van de land-, bos- en tuinbouw; 2. het aantal hectaren natuurterrein in de provincie. CBS De meest recente, vóór het uitkeringsjaar vastgestelde bodemstatistiek
7. Maatstaf gewogen weglengte Het aantal kilometers gewogen weglengte, van de wegen in beheer bij de provincie. Regeling meet- en rekenregels verdeelmaatstaven en vaststeling kilometers gewogen weglengte provinciefonds art. 5 1 januari 1993
8. Maatstaf capaciteit warmte-kracht-koppeling De capaciteit van warmte-krachtkoppelingsinstallaties in alle bedrijfssectoren, uitgezonderd de bedrijven voor openbare electriciteitsproduktie, in het aantal megajoule per uur plus het aantal kilowatt. CBS De meest recente cijfers van het CBS
9. Maatstaf vast bedrag Één eenheid voor iedere provincie.

Bijlage 2. De verdeelmaatstaven voor het gemeentefonds (bijlage bij artikel 3, tweede lid)

nummer en korte omschrijving Definitie verdeelmaatstaf Bron Peildatum of tijdsaanduiding (indien deze anders luidt dan 1 januari van het uitkeringsjaar)
1. Maatstaf OZB Het gecorrigeerde totaal van de vastgestelde waarden, bedoeld in artikel 22 van de Wet waardering onroerende zaken, in de gemeente, neerwaarts afgerond op een veelvoud van 453 780 euro, gedeeld door de uitkeringsfactor over het uitkeringsjaar. Correctie vindt plaats door de waarden van woningen voor 80% en de waarden van niet-woningen voor 70% mee te tellen. Niet meegeteld worden: 1. de waarden die op grond van artikel 220d van de Gemeentewet buiten aanmerking gelaten worden; 2. de waarden van onroerende zaken ten aanzien waarvan op grond van artikel 243 van de Gemeentewet dan wel op grond van rechtstreeks werkende internationale overeenkomsten vrijstelling is verleend. CBS
2. Maatstaf inwoners Het aantal inwoners van de gemeente. CBS
3. Maatstaf inwoners ∗ bodemfactor buitengebied Het aantal inwoners van de gemeente vermenigvuldigd met de bodemfactor als bedoeld in artikel 12, tweede lid, voor zover deze betrekking heeft op het gebied buiten de woonkern als bedoeld in artikel 8. CBS
4. Maatstaf jongeren Het aantal inwoners van de gemeente dat 19 jaar of jonger is. CBS
5. Maatstaf ouderen Het aantal inwoners van de gemeente dat 65 jaar of ouder is. CBS
6. Maatstaf inwoners waddengemeenten Voor de gemeenten Texel, Vlieland, Terschelling, Ameland en Schiermonnikoog: het aantal inwoners van de gemeente. Daarbij vindt een verdeling plaats in drie maatstaven, overeenkomstig de volgende schijven: a. het aantal inwoners in het interval tot en met 2500 inwoners; b. het aantal inwoners in het interval van 2501 tot en met 7500 inwoners; c. het aantal inwoners boven de 7500 inwoners. CBS
7. Maatstaf lage inkomens Het aantal huishoudens in de gemeente, waarvan het inkomen hoger is dan inkomensgrens a en niet hoger is dan inkomensgrens b. Inkomensgrens a wordt zodanig bepaald dat juist bij 10% van het landelijk aantal huishoudens het inkomen onder de grens ligt. Inkomensgrens b wordt zodanig bepaald dat juist bij 40% van het landelijk aantal huishoudens het inkomen onder de grens ligt. CBS De meest recente, vóór het uitkeringsjaar vastgestelde inkomensstatistiek
8. Bijstandsmaatstaf Het aantal personen dat van de gemeente een periodieke uitkering ontvangt op grond van: 1. de Algemene bijstandswet, voor zover betrekking hebbend op thuiswonende personen jonger dan 65 jaar; 2. het Bijstandsbesluit adreslozen; 3. de Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte werkloze werknemers; 4. de Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte gewezen zelfstandigen. Indien een normuitkering wordt verdeeld over meerdere personen, worden deze personen geteld als één persoon. CBS 31 december van het jaar voorafgaand aan het uitkeringsjaar
9. Maatstaf uitvoeringskosten bijstand 1. Het over de drie peiljaren gemiddelde aantal van de in maatstaf 8 bedoelde personen. 2. Dit aantal wordt gecorrigeerd indien: a. een deel van de in het eerste lid bedoelde aantal personen een uitkering ontvangt op basis van de Wet Inkomensvoorziening Kunstenaars. Dit deel wordt op het aantal van de in het eerste lid bedoelde personen in mindering gebracht. b. een gemeente is aangewezen om uitkeringen te verstrekken op basis van het Bijstandsbesluit adreslozen. Het aantal personen waaraan op basis van dit besluit uitkeringen worden verstrekt, wordt bij het aantal van de in het eerste lid bedoelde personen opgeteld. CBS 1. 31 december 1995, 31 december 1996, 31 december 1997 2. a. 31 december 1999 b. 31 december 2001
10. Maatstaf schaalfactor bijstand Het aantal personen, bedoeld in maatstaf 9, gedeeld door de som van 350 en dat aantal. CBS
11. Maatstaf uitkeringsontvangers Het totaal van de volgende aantallen personen: 1. het aantal personen, bedoeld in maatstaf 8; 2. het aantal personen waarvoor de gemeente een geldelijke bijdrage van het Rijk ontvangt in het kader van de Wet inschakeling werkzoekenden; 3. het aantal personen dat ingevolge de Wet Sociale Werkvoorziening in een dienstbetrekking tot de gemeente staat; 4. het aantal inwoners van de gemeente dat een periodieke uitkering ontvangt op grond van de bij of krachtens de Kaderwet militaire pensioenen vastgestelde bepalingen; 5. het aantal inwoners van de gemeente dat een periodieke uitkering ontvangt op grond van de Wet arbeidsongeschiktheidsverzekering zelfstandigen, de Wet arbeidsongeschiktheidsvoorziening jonggehandicapten, of de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering; 6. het aantal inwoners van de gemeente dat een periodieke uitkering ontvangt op grond van het Reglement van het Algemeen Mijnwerkersfonds. Bij de bepaling van de aantallen, bedoeld in de onderdelen 4 tot en met 6, worden alleen invaliditeitsuitkeringen geteld, aan personen jonger dan 65 jaar. Onderdeel 1: CBS Onderdelen 2 en 3: Onze Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid Onderdeel 4: Uitvoeringsinstelling Sociale Zekerheid voor Overheid en onderwijs (USZO) Onderdeel 5: het Landelijk instituut sociale verzekeringen Onderdeel 6: het Algemeen Mijnwerkersfonds van de steenkolenmijnen in Limburg 31 december van het jaar voorafgaand aan het uitkeringsjaar
12. Maatstaf minderheden Het totaal van het aantal inwoners van de gemeente waarvan tenminste een ouder geboren is in Suriname, de Nederlandse Antillen, Aruba, Turkije of Marokko, vermeerderd met het aantal vreemdelingen dat rechtmatig verblijf in Nederland heeft op grond van een verblijfsvergunning als bedoeld in artikel 8, onder c dan wel d, van de Vreemdelingenwet, dat afkomstig is uit bij ministeriële regeling aan te wijzen landen van herkomst. Een totaal kleiner dan 25 wordt op 0 vastgesteld. CBS
13. Maatstaf klantenpotentieel lokaal Het aantal potentiële lokale klanten van de woonkernen in de gemeente, als bedoeld in artikel 9. CBS
14. Maatstaf klantenpotentieel regionaal Het aantal potentiële regionale klanten van de woonkernen in de gemeente als bedoeld in artikel 10. CBS
15. Leerlingmaatstaf Het gecorrigeerd aantal leerlingen dat in de gemeente een van de volgende vormen van onderwijs volgt: 1. a. onderwijs aan een «speciale school voor basisonderwijs» als gedefinieerd in artikel 1 van de Wet op het primair onderwijs; b. praktijkonderwijs als bedoeld in artikel 10f van de Wet op het voortgezet onderwijs; 2. speciaal onderwijs of voortgezet speciaal onderwijs, als bedoeld in artikel 2, tweede lid, van de Wet op de expertisecentra; 3. voortgezet onderwijs voor zover het onderwijs betreft als bedoeld in artikel 5, onder a tot en met c, van de Wet op het voortgezet onderwijs. Correctie vindt plaats door het aantal leerlingen dat het onderwijs, bedoeld onder 1, 2 of 3 volgt, te vermenigvuldigen met: voor de leerlingen bedoeld onder 1: 2002–2003: 1,98; 2004–2006: 1,99 voor de leerlingen bedoeld onder 2: 2002–2003: 3,46; 2004–2005: 3,47; 2006: 3,48, met dien verstande dat indien is bepaald dat het onderwijs wordt gegeven aan groepen van 2, 3 of 6 leerlingen het aantal leerlingen daarenboven wordt vermenigvuldigd met respectievelijk 4,30, 2,86, of 1,43; voor de leerlingen bedoeld onder 3: 2002: 0,80; 2003: 0,82; 2004: 0,84; 2005: 0,85; 2006: 0,87 Onze Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen Het meest recente, in het jaar vóór het uitkeringsjaar vastgestelde aantal leerlingen
15a. Maatstaf extra leerlingen streekscholen Het gecorrigeerd aantal leerlingen bedoeld in maatstaf 15 onder 2 en 3, verminderd met de volgende percentages van het totaal aantal inwoners bedoeld in maatstaf 2: 2002: 8,4%; 2003: 8,5%; 2004: 8,6%; 2005: 8,7%; 2006: 8,8% Een negatieve uitkomst wordt op 0 gesteld. Onze Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen
15b. Maatstaf extra groei leerlingen voortgezet onderwijs Het ongecorrigeerd aantal leerlingen voortgezet onderwijs als bedoeld in maatstaf 15 onder 3, verminderd met de volgende percentages van het ongecorrigeerd aantal leerlingen voortgezet onderwijs in 1997: 2002: 105%; 2003: 106%; 2004: 107%; 2005: 108%; 2006: 109%; 2007: 110%. Een negatieve uitkomst wordt op 0 gesteld. Onze Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen
15c. Maatstaf extra groei jongeren Het aantal jongeren, bedoeld in maatstaf 4 verminderd met 110% van het aantal jongeren dat in het jaar t-10 in de gemeente was ingeschreven, waarin t = het uitkeringsjaar. Een negatieve uitkomst wordt op nul gesteld. CBS
16. Maatstaf land Het aantal hectaren land in de gemeente. CBS De meest recente, vóór het uitkeringsjaar vastgestelde bodemstatistiek
17. Maatstaf land ∗ percentage slechte grond Het aantal hectaren land als bedoeld in maatstaf 16 vermenigvuldigd met het percentage slechte grond als bedoeld in artikel 12 eerste lid. CBS
18. Maatstaf land ∗ bodemfactor gemeente Het aantal hectaren land als bedoeld in maatstaf 16, vermenigvuldigd met de bodemfactor als omschreven in artikel 12, tweede lid.
19. Maatstaf binnenwater Het aantal hectaren binnenwater met een breedte van minstens 6 meter (waterlopen) of een oppervlak van meer dan 1 hectare (meren) in de gemeente. Het IJsselmeer wordt niet als binnenwater geteld. CBS De meest recente, vóór het uitkeringsjaar vastgestelde bodemstatistiek
20. Maatstaf buitenwater Het aantal hectaren buitenwater in de gemeente. Het aantal bedraagt maximaal 10 000. Het IJsselmeer wordt als buitenwater geteld. CBS De meest recente, vóór het uitkeringsjaar vastgestelde bodemstatistiek
21. Maatstaf oppervlak bebouwing Het totale oppervlak van de bebouwing als bedoeld in artikel 13, in de gemeente in hectaren. CBS
22. Maatstaf oppervlak bebouwing woonkern ∗ bodemfactor woonkern Het oppervlak van de bebouwing binnen de woonkernen, vermenigvuldigd met de bodemfactor bedoeld in artikel 12, tweede lid, voor de woonkernen van de gemeente. CBS
23. Maatstaf oppervlak bebouwing buitengebied ∗ bodemfactor buitengebied Het oppervlak van de bebouwing buiten de woonkernen, vermenigvuldigd met de bodemfactor bedoeld in artikel 12, tweede lid, voor de gebieden buiten de woonkernen. CBS
24. Maatstaf woonruimten Het aantal woonruimten in de gemeente. CBS
25. Maatstaf woonruimten ∗ bodemfactor woonkern Het aantal woonruimten in de gemeente vermenigvuldigd met de voor het gebied binnen de woonkern berekende bodemfactor als bedoeld in artikel 12, tweede lid. CBS
26. Maatstaf woonruimten ∗ percentage slechte grond Het aantal woonruimten in de gemeente vermenigvuldigd met het percentage slechte grond als bedoeld in artikel 12, eerste lid. CBS
27. Maatstaf historische kernen Voor de gemeente, waarin historische kernen zijn gelegen die zijn aangegeven op de kaart, bedoeld in artikel 16: het aantal hectaren grondoppervlak van die kernen. Kernen kleiner dan 5 hectaren worden bij de bepaling van het grondoppervlak niet meegeteld. Onderscheiden worden groepen historische kernen: a. kernen waarvan het grondoppervlak kleiner is dan of gelijk aan 40 hectaren; b. kernen waarvan het grondoppervlak groter is dan 40 hectaren, maar kleiner dan 65 hectaren; c. kernen waarvan het grondoppervlak groter dan of gelijk is aan 65 hectaren. CBS
28. Maatstaf historische waterweg Voor de gemeente, waarin historische kernen zijn gelegen die zijn aangegeven op de kaart, bedoeld in artikel 16: het aantal meters historische waterweg, in en rondom de kernen. CBS
29. Maatstaf bewoonde oorden Voor de gemeente, waarin bewoonde oorden zijn gelegen die zijn aangegeven op de kaart, bedoeld in artikel 16: het historisch aantal woningen in deze oorden. CBS
30. Maatstaf historische woningen in bewoonde oorden Voor de gemeente, waarin bewoonde oorden zijn gelegen als bedoeld in maatstaf 29, waarbij in de bewoonde oorden historische kernen zijn gelegen met een grondoppervlak van tenminste 5 hectaren als bedoeld in maatstaf 27: het historisch aantal woningen in deze bewoonde oorden. CBS
31. Stadsvernieuwingsmaatstaf Het in artikel 4, eerste lid, van het Besluit op de stads- en dorpsvernieuwing zoals dat op 1 januari 1999 luidde, bedoelde bedrag voor de gemeente, gedeeld door het in dat artikel bedoelde bedrag aan beschikbare middelen. Onze Minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieu 1 januari 1999
32. Maatstaf omgevingsadressendichtheid De gemiddelde omgevingsadressendichtheid van de adressen in de gemeente, in adressen per vierkante kilometer, vermenigvuldigd met het aantal woonruimten in de gemeente. CBS
33. Maatstaf omgevingsadressendichtheid ∗ percentage slechte grond De uitkomst van de berekening in maatstaf 32, vermenigvuldigd met het percentage slechte grond als bedoeld in artikel 12, eerste lid. CBS
34. Maatstaf oeverlengte ∗ bodemfactor gemeente Voor de gemeente waarin binnenwater met een breedte van minstens 6 meter (waterlopen) of een oppervlak van meer dan 50 m2 (meren en poelen) is gelegen: de totale lengte van de oevers van het binnenwater in hectometers, vermenigvuldigd met de bodemfactor voor de gemeente, bedoeld in artikel 12, tweede lid. CBS De meest recente berekening van het CBS
35. Maatstaf oeverlengte ∗ bodemfactor gemeente ∗ dichtheidsfactor Voor de gemeente waarin binnenwater als bedoeld in maatstaf 34: de uitkomst van de berekening van maatstaf 34, vermenigvuldigd met de dichtheidsfactor, bedoeld in artikel 18. CBS De meest recente berekening van het CBS
36. Maatstaf meerkernigheid Het aantal kernen in de gemeente. CBS
37. Maatstaf meerkernigheid ∗ bodemfactor buitengebied Het aantal woonkernen in de gemeente, vermenigvuldigd met de bodemfactor bedoeld in artikel 12, tweede lid, voor het gebied buiten de woonkernen.
38. Maatstaf bedrijven Het aantal bedrijfsvestigingen in de gemeente. CBS
39. Maatstaf vast bedrag Eén eenheid voor iedere gemeente.
40. Maatstaf vast bedrag Amsterdam Eén eenheid voor de gemeente Amsterdam.
41. Maatstaf vast bedrag Rotterdam Eén eenheid voor de gemeente Rotterdam.
42. Maatstaf vast bedrag Den Haag Eén eenheid voor de gemeente Den Haag.
43. Maatstaf vast bedrag Utrecht Eén eenheid voor de gemeente Utrecht.
44. Maatstaf vast bedrag Waddengemeenten Voor de gemeenten Texel, Vlieland, Terschelling, Ameland en Schiermonnikoog: één eenheid.
45. Herindelingsmaatstaf Voor gemeenten waar een wijziging van de gemeentelijke indeling heeft plaatsgevonden, als bedoeld in de Wet algemene regels herindeling, artikel 1 onder b, indien ten gevolge van deze wijziging twee of meer gemeenten zijn samengevoegd tot één gemeente, en de datum van samenvoeging ligt in het uitkeringsjaar of in één van de drie daaraan voorafgaande jaren, de uitkomst van de volgende berekening in euro: (1585065 ∗ a) + (53,29 ∗ [b–c] ∗ d) Waarin: a = het aantal gemeenten waarmee het totaal aantal gemeenten ten gevolge van de samenvoeging verminderd wordt; b = het totaal aantal inwoners per 1 januari van het jaar voorafgaand aan de samenvoeging van de gemeenten die bij de herindeling worden samengevoegd; c = het aantal inwoners per 1 januari van het jaar voorafgaand aan de samenvoeging van de bij de samenvoeging betrokken gemeente met het grootste aantal inwoners; d = de uitkeringsfactor die is vastgesteld voor het jaar waarin de samenvoeging plaatsvindt. Het aldus berekende bedrag wordt uitgekeerd in vier jaarlijkse gecorrigeerde termijnen, verdeeld als volgt: 40% van het bedrag wordt uitgekeerd in het uitkeringsjaar waarin de samenvoeging plaatsvindt; 20% van het bedrag wordt uitgekeerd in elk der drie daarop volgende uitkeringsjaren. Correctie vindt plaats door de termijnen te delen door de uitkeringsfactor over het uitkeringsjaar. CBS

Bijlage 3. De historische kernen (bijlage bij artikel 16)

Nr. Historische kern Gemeente waar de kern in het peiljaar in is gelegen Peiljaar
1 Aardenburg Sluis-Aardenburg 2000
2 Alkmaar Alkmaar 2000
3 Almelo Almelo 2000
4 Amersfoort Amersfoort 2000
5 Amsterdam Amsterdam 2000
6 Appingedam Appingedam 2000
7 Arnhem Arnhem 2000
8 Asperen Lingewaal 2000
9 Assen Assen 2000
10 Axel Axel 2000
11 Batenburg Wijchen 2000
12 Bergen op Zoom Bergen op Zoom 2000
13 Beverwijk Beverwijk 2000
14 Blokzijl Brederwiede 2000
15 Bolsward Bolsward 2000
16 Borculo Borculo 2000
17 Bourtange Vlagtwedde 2000
18 Breda Breda 2000
19 Bredevoort Aalten 2000
20 Brielle Brielle 2000
21 Brouwershaven Schouwen-Duiveland 2000
22 Buren Buren 2000
23 Coevorden Coevorden 2000
24 Culemborg Culemborg 2000
25 Delden Stad Delden 2000
26 Delfshaven Rotterdam 2000
27 Delft Delft 2000
28 Delfzijl Delfzijl 2000
29 Deventer Deventer 2000
30 Diepenheim Diepenheim 2000
31 Doesburg Doesburg 2000
32 Doetinchem Doetinchem 2000
33 Dokkum Dongeradeel 2000
34 Domburg Veere 2000
35 Dordrecht Dordrecht 2000
36 Echt Echt 2000
37 Edam Edam-Volendam 2000
38 Eindhoven Eindhoven 2000
39 Elburg Elburg 2000
40 Enkhuizen Enkhuizen 2000
41 Enschede Enschede 2000
42 Franeker Franekeradeel 2000
43 Geertruidenberg Geertruidenberg 2000
44 Geervliet Bernisse 2000
45 Gemert Gemert-Bakel 2000
46 Genemuiden Genemuiden 2000
47 Gennep Gennep 2000
48 Goedereede Goedereede 2000
49 Goes Goes 2000
50 Goor Goor 2000
51 Gorinchem Gorinchem 2000
52 Gouda Gouda 2000
53 Grave Grave 2000
54 Groenlo Groenlo 2000
55 Groningen Groningen 2000
56 Haarlem Haarlem 2000
57 Harderwijk Harderwijk 2000
58 Harlingen Harlingen 2000
59 Hasselt Hasselt 2000
60 Hattem Hattem 2000
61 Heerenveen Heerenveen 2000
62 Hellevoetsluis Hellevoetsluis 2000
63 Helmond Helmond 2000
64 Heukelum Lingewaal 2000
65 Heusden Heusden 2000
66 Hindelopen Nijefurd 2000
67 Hoorn Hoorn 2000
68 Huissen Huissen 2000
69 Hulst Hulst 2000
70 IJlst Wymbritseradiel 2000
71 IJsselstein IJsselstein 2000
72 IJzendijke Oostburg 2000
73 Kampen Kampen 2000
74 Kessel Kessel 2000
75 Klundert Zevenbergen 2000
76 Kuinre IJsselham 2000
77 Leerdam Leerdam 2000
78 Leeuwarden Leeuwarden 2000
79 Leiden Leiden 2000
80 Lochem Lochem 2000
81 Maassluis Maassluis 2000
82 Maastricht incl. Wijck Maastricht 2000
83 Medemblik Medemblik 2000
84 Megen Oss 2000
85 Meppel Meppel 2000
86 Middelburg Middelburg 2000
87 Monnickendam Waterland 2000
88 Montfoort Montfoort 2000
89 Montfort Ambt Montfort 2000
90 Muiden Muiden 2000
91 Naarden Naarden 2000
92 Nieuwpoort Liesveld 2000
93 Nieuwstadt Susteren 2000
94 Nijkerk Nijkerk 2000
95 Nijmegen Nijmegen 2000
96 Oirschot Oirschot 2000
97 Oisterwijk Oisterwijk 2000
98 Oldenzaal Oldenzaal 2000
99 Ommen Ommen 2000
100 Oosterhout Oosterhout 2000
101 Ootmarsum Ootmarsum 2000
102 Oudenbosch Halderberge 2000
103 Oudeschans Bellingwedde 2000
104 Oudewater Oudewater 2000
105 Philippine Sas van Gent 2000
106 Purmerend Purmerend 2000
107 Ravenstein Ravenstein 2000
108 Retranchement Sluis-Aardenburg 2000
109 Rhenen Rhenen 2000
110 Rijssen Rijssen 2000
111 Roermond Roermond 2000
112 Roosendaal Roosendaal 2000
113 Rotterdam Rotterdam 2000
114 Sas van Gent Sas van Gent 2000
115 Schagen Schagen 2000
116 Schiedam Schiedam 2000
117 Schoonhoven Schoonhoven 2000
118 's-Gravenhage 's-Gravenhage 2000
119 's-Gravenzande 's-Gravenzande 2000
120 's-Heerenberg Bergh 2000
121 's-Hertogenbosch 's-Hertogenbosch 2000
122 Sittard Sittard 2000
123 Sloten Gaasterlân-Sleat 2000
124 Sluis Sluis-Aardenburg 2000
125 Sneek Sneek 2000
126 St. Maartensdijk Tholen 2000
127 Staveren Nijefurd 2000
128 Steenbergen Steenbergen 2000
129 Steenwijk Steenwijk 2000
130 Stevensweert Maasbracht 2000
131 Susteren Susteren 2000
132 Terneuzen Terneuzen 2000
133 Tholen Tholen 2000
134 Thorn Thorn 2000
135 Tiel Tiel 2000
136 Tilburg Tilburg 2000
137 Utrecht Utrecht 2000
138 Valkenburg Valkenburg aan de Geul 2000
139 Veere Veere 2000
140 Venlo Venlo 2000
141 Vianen Vianen 2000
142 Vlaardingen Vlaardingen 2000
143 Vlissingen Vlissingen 2000
144 Vollenhove Brederwiede 2000
145 Wageningen Wageningen 2000
146 Weert Weert 2000
147 Weesp Weesp 2000
148 Wessem Heel 2000
149 Wijk bij Duurstede Wijk bij Duurstede 2000
150 Willemstad Zevenbergen 2000
151 Winschoten Winschoten 2000
152 Woerden Woerden 2000
153 Workum Nijefurd 2000
154 Woudrichem Woudrichem 2000
155 Zaandam Zaanstad 2000
156 Zaltbommel Zaltbommel 2000
157 Zevenaar Zevenaar 2000
158 Zevenbergen Zevenbergen 2000
159 Zierikzee Schouwen-Duiveland 2000
160 Zutphen Zutphen 2000
161 Zwartsluis Zwartsluis 2000
162 Zwolle Zwolle 2000

Bijlage 4. Overgangsregeling 2001–2004 (bijlage bij artikel 27)

Gemeente aantal inwoners herverdeel-effect per inw. in f Suppletie 2001 in f Suppletie 2002 in € Suppletie 2003 in € Suppletie 2004 in €
Aa en Hunze 24 860 – 40 894 960,00 338 429,29 225 619,52 112 809,76
Aalburg 11 800 19 – 201 780,00 – 76 303,14 – 50 868,76 – 25 434,38
Aalsmeer 22 625 – 41 834 862,50 315 703,40 210 468,94 105 234,47
Aalten 18 700 – 51 858 330,00 324 577,64 216 385,10 108 192,55
Abcoude 8 535 45 – 345 667,50 – 130 714,23 – 87 142,82 –43 571,41
Achtkarspelen 28 000 7 – 176 400,00 – 66 705,69 – 44 470,46 – 22 235,23
Akersloot 4 900 57 – 251 370,00 – 95 055,61 – 63 370,41 – 31 685,20
Alblasserdam 18 150 41 – 669 735,00 – 253 260,41 – 168 840,27 –84 420,14
Albrandswaard 16 726 20 –301 068,00 – 113 848,92 – 75 899,28 – 37 949,64
Alkemade 14 521 33 – 431 273,70 – 163 086,23 –108 724,15 – 54 362,08
Alkmaar 92 875 32 – 2 674 800,00 – 1 011 476,10 – 674 317,40 – 337 158,70
Almelo 66 333 9 – 537 297,30 – 203 179,07 – 135 452,71 –67 726,36
Almere 143 163 39 – 5 025 021,30 – 1 900 212,71 – 1 266 808,47 – 633 404,24
Alphen aan den Rijn 70 011 – 6 378 059,40 142 963,23 95 308,82 47 654,41
Alphen-Chaam 9 400 – 142 1 240 800,00 499 067,48 392 429,13 519 339,78
Ambt Delden 5 444 – 253 1 322 892,00 563 246,53 501 487,04 1 595 524,26
Ambt Montfort 11 050 – 12 119 340,00 45 128,44 30 085,63 15 042,81
Ameland 3 500 – 68 214 200,00 80 999,77 53 999,85 26 999,92
Amerongen 7 280 4 – 26 208,00 – 9 910,56 – 6 607,04 – 3 303,52
Amersfoort 127 250 21 – 2 405 025,00 – 909 460,64 – 606 307,09 – 303 153,55
Amstelveen 77 500 22 – 1 534 500,00 –580 271,45 – 386 847,63 – 193 423,82
Amsterdam 730 000 – 7 4 599 000,00 1 739 112,68 1 159 408,45 579 704,23
Andijk 6 410 8 – 46 152,00 –17 452,39 – 11 634,92 – 5 817,46
Angerlo 4 825 – 8 34 740,00 13 136,94 8 757,96 4 378,98
Anna Paulowna 13 775 –13 161 167,50 60 945,52 40 630,35 20 315,17
Apeldoorn 153 500 – 8 1 105 200,00 417 931,58 278 621,05 139 310,53
Appingedam 12 175 7 – 76 702,50 – 29 005,06 – 19 336,71 – 9 668,35
Arcen en Velden 9 100 – 34 278 460,00 105 299,70 70 199,80 35 099,90
Arnhem 138 701 16 – 1 997 294,40 – 755 277,24 – 503 518,16 – 251 759,08
Assen 58 000 17 –887 400,00 – 335 570,47 – 223 713,65 – 111 856,82
Asten 15 872 – 66 942 796,80 356 518,78 237 679,19 118 839,59
Avereest 15 275 – 34 467 415,00 176 753,07 117 835,38 58 917,69
Axel 12 100 1 – 10 890,00 –4 118,06 – 2 745,37 – 1 372,69
Baarle-Nassau 6 150 – 251 1 482 150,00 630 709,12 560 940,41 1 765 698,78
Baarn 24 400 36 – 790 560,00 –298 950,41 – 199 300,27 – 99 650,14
Barendrecht 28 461 – 7 179 304,30 67 803,95 45 202,64 22 601,32
Barneveld 47 600 – 65 2 784 600,00 1 052 996,99 701 997,99 350 999,00
Bathmen 5 160 32 – 148 608,00 – 56 196,14 – 37 464,09 – 18 732,05
Bedum 10 660 – 6 57 564,00 21 767,84 14 511,89 7 255,95
Beek 17 110 9 – 138 591,00 – 52 408,21 – 34 938,81 – 17 469,40
Beemster 8 407 – 33 249 687,90 94 419,52 62 946,35 31 473,17
Beesel 13 165 – 15 177 727,50 67 207,69 44 805,12 22 402,56
Belfeld 5 445 – 7 34 303,50 12 971,87 8 647,92 4 323,96
Bellingwedde 9 500 – 32 273 600,00 103 461,89 68 974,59 34 487,30
Bemmel 17 750 – 4 63 900,00 24 163,80 16 109,20 8 054,60
Bennebroek 5 100 78 – 358 020,00 –135 385,33 – 90 256,88 – 45 128,44
Bergambacht 9 200 43 – 356 040,00 – 134 636,59 – 89 757,73 – 44 878,86
Bergeijk 17 803 – 44 704 998,80 266 595,42 177 730,28 88 865,14
Bergen L 13 385 – 32 385 488,00 145 772,36 97 181,57 48 590,79
Bergen NH 13 903 30 – 375 381,00 – 141 950,39 – 94 633,60 – 47 316,80
Bergen op Zoom 65 000 – 5 292 500,00 110 608,93 73 739,29 36 869,64
Bergh 18 305 – 28 461 286,00 174 435,38 116 290,26 58 145,13
Bergschenhoek 12 708 14 –160 120,80 – 60 549,71 – 40 366,47 – 20 183,24
Berkel en Rodenrijs 16 543 8 – 119 109,60 – 45 041,32 –30 027,54 – 15 013,77
Bernheze 28 345 – 34 867 357,00 327 991,21 218 660,80 109 330,40
Bernisse 12 822 15 –173 097,00 – 65 456,66 – 43 637,77 – 21 818,89
Best 26 183 – 19 447 729,30 169 308,92 112 872,61 56 436,31
Beuningen 25 378 25 –571 005,00 – 215 925,64 – 143 950,43 – 71 975,21
Beverwijk 35 800 – 17 547 740,00 207 127,98 138 085,32 69 042,66
Binnenmaas 19 000 9 – 153 900,00 – 58 197,31 – 38 798,21 – 19 399,10
Bladel 18 945 – 56 954 828,00 361 068,38 240 712,25 120 356,13
Blaricum 9 580 55 – 474 210,00 – 179 322,60 – 119 548,40 – 59 774,20
Bleiswijk 10 200 – 42 385 560,00 145 799,58 97 199,72 48 599,86
Bloemendaal 16 682 32 –480 441,60 – 181 679,08 – 121 119,39 – 60 559,69
Boarnsterhim 18 200 – 16 262 080,00 99 105,60 66 070,40 33 035,20
Bodegraven 19 500 8 – 140 400,00 – 53 092,29 – 35 394,86 – 17 697,43
Boekel 9 180 – 114 954 720,00 370 747,51 266 604,95 217 481,10
Bolsward 9 340 15 – 126 090,00 – 47 680,96 – 31 787,30 – 15 893,65
Borculo 10 300 – 2 18 540,00 7 010,90 4 673,94 2 336,97
Borger-Odoorn 26 100 – 24 563 760,00 213 185,95 142 123,96 71 061,98
Born 14 650 – 19 250 515,00 94 732,29 63 154,86 31 577,43
Borne 22 376 18 – 362 491,20 – 137 076,11 – 91 384,08 – 45 692,04
Borsele 21 816 14 – 274 881,60 – 103 946,53 – 69 297,68 – 34 648,84
Boskoop 15 125 76 – 1 034 550,00 – 391 215,27 – 260 810,18 –130 405,09
Boxmeer 28 750 – 61 1 578 375,00 596 862,79 397 908,53 198 954,26
Boxtel 29 245 –3 78 961,50 29 859,31 19 906,20 9 953,10
Breda 161 263 12 – 1 741 640,40 – 658 601,63 –439 067,75 – 219 533,88
Brederwiede 12 425 – 38 424 935,00 160 689,25 107 126,16 53 563,08
Breukelen 14 200 35 –447 300,00 – 169 146,58 – 112 764,38 – 56 382,19
Brielle 15 940 7 – 100 422,00 – 37 974,60 – 25 316,40 – 12 658,20
Broekhuizen 1 930 – 27 46 899,00 17 734,87 11 823,24 5 911,62
Brummen 21 420 – 17 327 726,00 123 929,65 82 619,76 41 309,88
Brunssum 30 709 – 1 27 638,10 10 451,35 6 967,57 3 483,78
Bunnik 14 000 34 – 428 400,00 –161 999,54 – 107 999,69 – 53 999,85
Bunschoten 19 200 28 –483 840,00 – 182 964,18 – 121 976,12 – 60 988,06
Buren 24 850 12 – 268 380,00 – 101 487,95 – 67 658,63 – 33 829,32
Bussum 30 950 42 – 1 169 910,00 – 442 401,68 – 294 934,45 –147 467,23
Capelle aan den IJssel 64 600 38 –2 209 320,00 – 835 454,76 – 556 969,84 – 278 484,92
Castricum 23 000 32 – 662 400,00 – 250 486,68 –166 991,12 – 83 495,56
Coevorden 34 700 – 44 1 374 120,00 519 623,73 346 415,82 173 207,91
Cranendonck 20 400 – 41 752 760,00 284 656,33 189 770,89 94 885,44
Cromstrijen 12 850 6 – 69 390,00 – 26 239,84 – 17 493,23 – 8 746,61
Cuijk 23 767 – 32 684 489,60 258 839,87 172 559,91 86 279,96
Culemborg 24 575 – 8 176 940,00 66 909,89 44 606,60 22 303,30
Dalfsen 17 475 – 67 1 053 742,50 398 472,92 265 648,61 132 824,31
Dantumadeel 19 800 18 – 320 760,00 – 121 295,45 – 80 863,63 – 40 431,82
De Bilt 32 850 39 – 1 153 035,00 – 436 020,39 – 290 680,26 –145 340,13
De Lier 11 175 – 3 30 172,50 11 409,74 7 606,49 3 803,25
De Marne 10 845 – 39 380 659,50 143 946,46 95 964,31 47 982,15
De Ronde Venen 34 180 48 – 1 476 576,00 – 558 367,48 –372 244,99 – 186 122,49
De Wolden 23 400 – 45 947 700,00 358 372,93 238 915,28 119 457,64
Delft 95 250 – 24 2 057 400,00 778 006,18 518 670,79 259 335,39
Delfzijl 29 000 –2 52 200,00 19 739,44 13 159,63 6 579,81
Den Ham 14 950 – 7 94 185,00 35 616,07 23 744,05 11 872,02
Den Helder 59 500 66 – 3 534 300,00 – 1 336 496,18 – 890 997,45 –445 498,73
Denekamp 12 375 – 40 445 500,00 168 465,91 112 310,60 56 155,30
Deurne 31 924 –81 2 327 259,60 880 053,64 586 702,42 293 351,21
Deventer 82 621 1 – 74 358,90 – 28 118,83 – 18 745,89 – 9 372,94
Didam 16 600 – 23 343 620,00 129 939,96 86 626,64 43 313,32
Diemen 23 987 29 – 626 060,70 – 236 744,97 – 157 829,98 – 78 914,99
Diepenheim 2 775 14 – 34 965,00 – 13 222,02 – 8 814,68 – 4 407,34
Dinxperlo 8 650 – 2 15 570,00 5 887,80 3 925,20 1 962,60
Dirksland 8 200 – 37 273 060,00 103 257,69 68 838,46 34 419,23
Dodewaard 4 420 6 – 23 868,00 – 9 025,69 – 6 017,13 – 3 008,56
Doesburg 11 500 – 6 62 100,00 23 483,13 15 655,42 7 827,71
Doetinchem 47 000 – 6 253 800,00 95 974,52 63 983,01 31 991,51
Dongen 24 750 –6 133 650,00 50 539,77 33 693,18 16 846,59
Dongeradeel 24 350 1 – 21 915,00 – 8 287,16 –5 524,77 – 2 762,39
Doorn 10 000 30 – 270 000,00 –102 100,55 – 68 067,03 – 34 033,52
Dordrecht 120 000 – 5 540 000,00 204 201,10 136 134,06 68 067,03
Drechterland 9 860 – 9 79 866,00 30 201,34 20 134,23 10 067,11
Driebergen-Rijsenburg 18 304 53 –873 100,80 – 330 163,22 – 220 108,82 – 110 054,41
Drimmelen 26 695 – 6 144 153,00 54 511,48 36 340,99 18 170,49
Dronten 35 200 – 66 2 090 880,00 790 666,65 527 111,10 263 555,55
Druten 16 700 –12 180 360,00 68 203,17 45 468,78 22 734,39
Duiven 25 438 14 – 320 518,80 – 121 204,24 –80 802,83 – 40 401,41
Echt 19 020 – 4 68 472,00 25 892,70 17 261,80 8 630,90
Echteld 6 700 – 2 12 060,00 4 560,49 3 040,33 1 520,16
Edam-Volendam 27 500 18 – 445 500,00 –168 465,91 – 112 310,60 – 56 155,30
Ede 101 542 – 24 2 193 307,20 829 399,51 552 933,01 276 466,50
Eemnes 8 608 17 – 131 702,40 –49 803,29 – 33 202,19 – 16 601,10
Eemsmond 16 400 – 46 678 960,00 256 748,85 171 165,90 85 582,95
Eersel 18 250 –19 312 075,00 118 011,22 78 674,14 39 337,07
Egmond 11 450 40 – 412 200,00 – 155 873,50 – 103 915,67 – 51 957,83
Eibergen 16 573 – 53 790 532,10 298 939,86 199 293,24 99 646,62
Eijsden 12 050 29 – 314 505,00 – 118 930,12 – 79 286,75 – 39 643,37
Eindhoven 201 000 – 9 1 628 100,00 615 666,31 410 444,21 205 222,10
Elburg 21 620 52 – 1 011 816,00 – 382 618,40 – 255 078,94 – 127 539,47
Elst 16 840 12 – 181 872,00 – 68 774,93 – 45 849,95 – 22 924,98
Emmen 105 740 – 11 1 046 826,00 395 857,44 263 904,96 131 952,48
Enkhuizen 16 900 0 0,00 0,00 0,00 0,00
Enschede 150 098 – 2 270 176,40 102 167,25 68 111,50 34 055,75
Epe 33 140 – 30 894 780,00 338 361,22 225 574,15 112 787,07
Ermelo 26 778 –5 120 501,00 45 567,47 30 378,32 15 189,16
Etten-Leur 36 900 – 20 664 200,00 251 167,35 167 444,90 83 722,45
Ferwerderadiel 8 771 – 27 213 135,30 80 597,15 53 731,43 26 865,72
Franekeradeel 20 000 – 69 1 242 000,00 469 662,52 313 108,35 156 554,17
Gaasterlan-Sleat 10 000 – 12 108 000,00 40 840,22 27 226,81 13 613,41
Geertruidenberg 21 130 – 18 342 306,00 129 443,08 86 295,38 43 147,69
Geldermalsen 24 370 – 41 899 253,00 340 052,68 226 701,79 113 350,89
Geldrop 27 899 31 – 778 382,10 – 294 345,33 –196 230,22 – 98 115,11
Geleen 34 050 – 50 1 532 250,00 579 420,61 386 280,41 193 140,20
Gemert-Bakel 27 550 – 78 1 934 010,00 731 346,23 487 564,15 243 782,08
Gendringen 20 790 – 18 336 798,00 127 360,22 84 906,82 42 453,41
Gendt 7 210 18 – 116 802,00 – 44 168,70 – 29 445,80 – 14 722,90
Genemuiden 9 070 1 – 8 163,00 – 3 086,84 – 2 057,89 – 1 028,95
Gennep 16 700 – 46 691 380,00 261 445,47 174 296,98 87 148,49
Giessenlanden 14 000 33 – 415 800,00 – 157 234,84 – 104 823,23 – 52 411,61
Gilze en Rijen 24 215 –15 326 902,50 123 618,24 82 412,16 41 206,08
Goedereede 11 169 – 62 623 230,20 235 674,61 157 116,41 78 558,20
Goes 35 850 14 – 451 710,00 –170 814,22 – 113 876,15 – 56 938,07
Goirle 22 400 4 – 80 640,00 – 30 494,03 – 20 329,35 – 10 164,68
Goor 12 400 – 3 33 480,00 12 660,47 8 440,31 4 220,16
Gorinchem 33 612 1 – 30 250,80 – 11 439,35 – 7 626,23 – 3 813,12
Gorssel 13 200 – 30 356 400,00 134 772,72 89 848,48 44 924,24
Gouda 72 355 38 – 2 474 541,00 – 935 748,12 – 623 832,08 – 311 916,04
Graafstroom 9 475 61 – 520 177,50 – 196 705,22 – 131 136,81 – 65 568,41
Graft-De Rijp 6 300 102 – 578 340,00 –218 699,38 – 145 799,58 – 72 899,79
Gramsbergen 6 550 – 55 324 225,00 122 605,74 81 737,16 40 868,58
Grave 12 610 7 – 79 443,00 –30 041,38 – 20 027,59 – 10 013,79
Groenlo 9 130 6 – 49 302,00 – 18 643,56 – 12 429,04 – 6 214,52
Groesbeek 19 302 22 – 382 179,60 – 144 521,28 – 96 347,52 – 48 173,76
Groningen 172 000 – 28 4 334 400,00 1 639 054,14 1 092 702,76 546 351,38
Grootegast 11 725 – 21 221 602,50 83 799,03 55 866,02 27 933,01
Grubbenvorst 6 830 – 124 778 620,00 306 832,57 229 349,60 222 039,88
Gulpen-Wittem 15 487 49 –682 976,70 – 258 267,76 – 172 178,51 – 86 089,25
Haaksbergen 23 780 – 36 770 472,00 291 354,13 194 236,08 97 118,04
Haaren 14 030 – 38 479 826,00 181 446,29 120 964,19 60 482,10
Haarlem 148 250 – 29 3 869 325,00 1 463 185,95 975 457,30 487 728,65
Haarlemmerliede Spaarnw 5 269 18 – 85 357,80 – 32 278,07 – 21 518,71 – 10 759,36
Haarlemmermeer 112 000 – 13 1 310 400,00 495 528,00 330 352,00 165 176,00
Haelen 9 925 – 6 53 595,00 20 266,96 13 511,31 6 755,65
Halderberge 29 600 1 – 26 640,00 –10 073,92 – 6 715,95 – 3 357,97
Hardenberg 35 025 – 51 1 607 647,50 607 932,19 405 288,13 202 644,06
Harderwijk 39 572 – 7 249 303,60 94 274,20 62 849,47 31 424,73
Hardinxveld-Giessendam 17 730 32 –510 624,00 – 193 092,56 – 128 728,37 – 64 364,19
Haren 18 590 30 – 501 930,00 – 189 804,92 – 126 536,61 – 63 268,31
Harenkarspel 14 950 41 – 551 655,00 –208 608,44 – 139 072,29 – 69 536,15
Harlingen 15 500 42 –585 900,00 – 221 558,19 – 147 705,46 – 73 852,73
Harmelen 8 020 55 – 396 990,00 – 150 121,84 – 100 081,23 – 50 040,61
Hasselt 7 575 – 35 238 612,50 90 231,36 60 154,24 30 077,12
Hattem 11 650 26 – 272 610,00 – 103 087,52 – 68 725,01 – 34 362,51
Heel 8 380 – 5 37 710,00 14 260,04 9 506,70 4 753,35
Heemskerk 36 670 36 – 1 188 108,00 – 449 283,25 –299 522,17 – 149 761,08
Heemstede 25 947 42 – 980 796,60 – 370 888,41 – 247 258,94 – 123 629,47
Heerde 18 150 – 18 294 030,00 111 187,50 74 125,00 37 062,50
Heerenveen 40 600 1 – 36 540,00 – 13 817,61 – 9 211,74 – 4 605,87
Heerhugowaard 44 120 17 – 675 036,00 –255 264,98 – 170 176,66 – 85 088,33
Heerjansdam 3 551 62 – 198 145,80 – 74 928,87 – 49 952,58 – 24 976,29
Heerlen 95 000 17 – 1 453 500,00 – 549 641,29 – 366 427,52 – 183 213,76
Heeze-Leende 15 325 – 62 855 135,00 323 369,45 215 579,64 107 789,82
Heiloo 21 600 39 – 758 160,00 – 286 698,34 –191 132,23 – 95 566,11
Heino 7 900 12 – 85 320,00 – 32 263,77 – 21 509,18 – 10 754,59
Helden 19 360 – 70 1 219 680,00 461 222,21 307 481,47 153 740,74
Hellendoorn 35 643 – 12 384 944,40 145 566,79 97 044,53 48 522,26
Hellevoetsluis 38 200 – 1 34 380,00 13 000,80 8 667,20 4 333,60
Helmond 79 645 8 – 573 444,00 –216 847,95 – 144 565,30 – 72 282,65
Hendrik-Ido-Ambacht 21 020 30 – 567 540,00 – 214 615,35 – 143 076,90 –71 538,45
Hengelo Gld 8 405 – 36 272 322,00 102 978,61 68 652,41 34 326,20
Hengelo O 78 908 – 3 213 051,60 80 565,50 53 710,33 26 855,17
Het Bildt 10 175 – 81 741 757,50 280 495,73 186 997,15 93 498,58
Heteren 9 200 14 – 115 920,00 –43 835,17 – 29 223,45 – 14 611,72
Heumen 16 320 – 4 58 752,00 22 217,08 14 811,39 7 405,69
Heusden 42 800 0 0,00 0,00 0,00 0,00
Heythuysen 12 045 – 56 607 068,00 229 562,87 153 041,92 76 520,96
Hillegom 20 750 38 – 709 650,00 – 268 354,28 –178 902,85 – 89 451,43
Hilvarenbeek 14 580 – 86 1 128 492,00 426 739,45 284 492,97 142 246,48
Hilversum 82 308 23 – 1 703 775,60 – 644 283,05 – 429 522,03 –214 761,02
Holten 8 825 – 34 270 045,00 102 117,57 68 078,38 34 039,19
Hontenisse 7 900 17 – 120 870,00 –45 707,01 – 30 471,34 – 15 235,67
Hoogeveen 53 050 – 3 143 235,00 54 164,34 36 109,56 18 054,78
Hoogezand-Sappemeer 33 150 – 5 149 175,00 56 410,55 37 607,04 18 803,52
Hoorn 64 500 27 – 1 567 350,00 – 592 693,68 – 395 129,12 – 197 564,56
Horst 19 600 – 76 1 340 640,00 506 963,26 337 975,50 168 987,75
Houten 34 745 46 – 1 438 443,00 – 543 947,48 – 362 631,65 – 181 315,83
Huissen 15 780 30 – 426 060,00 – 161 114,67 – 107 409,78 – 53 704,89
Huizen 42 200 37 – 1 405 260,00 –531 399,32 – 354 266,21 – 177 133,11
Hulst 19 610 – 24 423 576,00 160 175,34 106 783,56 53 391,78
Hummelo en Keppel 4 510 – 14 56 826,00 21 488,76 14 325,84 7 162,92
Hunsel 6 085 6 – 32 859,00 – 12 425,64 – 8 283,76 – 4 141,88
IJsselham 5 586 – 71 356 945,40 134 978,97 89 985,98 44 992,99
IJsselmuiden 14 850 6 – 80 190,00 – 30 323,86 – 20 215,91 – 10 107,95
IJsselstein 29 289 47 – 1 238 924,70 – 468 499,60 – 312 333,07 – 156 166,53
Jacobswoude 10 756 42 – 406 576,80 –153 747,09 – 102 498,06 – 51 249,03
Kampen 32 200 – 7 202 860,00 76 711,55 51 141,03 25 570,52
Kapelle 11 125 13 – 130 162,50 – 49 220,97 – 32 813,98 – 16 406,99
Katwijk 40 700 41 – 1 501 830,00 – 567 917,28 – 378 611,52 –189 305,76
Kerkrade 51 750 22 –1 024 650,00 – 387 471,58 – 258 314,39 – 129 157,19
Kessel 4 175 – 70 263 025,00 99 462,95 66 308,63 33 154,32
Kesteren 10 740 5 – 48 330,00 – 18 276,00 – 12 184,00 – 6 092,00
Kollumerland en Nwkruisl 13 025 4 – 46 890,00 – 17 731,46 – 11 820,97 – 5 910,49
Korendijk 10 500 6 – 56 700,00 – 21 441,12 – 14 294,08 – 7 147,04
Krimpen aan den IJssel 28 408 30 – 767 016,00 –290 047,24 – 193 364,83 – 96 682,41
Laarbeek 21 450 – 20 386 100,00 146 003,78 97 335,86 48 667,93
Landerd 14 310 –75 965 925,00 365 264,71 243 509,81 121 754,90
Landgraaf 41 100 27 –998 730,00 – 377 669,93 – 251 779,95 – 125 889,98
Landsmeer 10 320 69 – 640 872,00 – 242 345,86 – 161 563,91 – 80 781,95
Langedijk 23 700 45 – 959 850,00 –362 967,45 – 241 978,30 – 120 989,15
Laren 11 500 45 –465 750,00 – 176 123,45 – 117 415,63 – 58 707,82
Leek 18 833 – 2 33 899,40 12 819,06 8 546,04 4 273,02
Leerdam 20 763 1 – 18 686,70 – 7 066,38 – 4 710,92 – 2 355,46
Leersum 7 300 5 – 32 850,00 – 12 422,23 – 8 281,49 – 4 140,74
Leeuwarden 89 184 – 2 160 531,20 60 704,90 40 469,93 20 234,97
Leeuwarderadeel 10 450 – 11 103 455,00 39 121,53 26 081,02 13 040,51
Leiden 117 720 1 – 105 948,00 – 40 064,26 – 26 709,50 – 13 354,75
Leiderdorp 25 442 25 – 572 445,00 – 216 470,18 –144 313,45 – 72 156,73
Leidschendam 38 110 – 1 34 299,00 12 970,17 8 646,78 4 323,39
Lelystad 63 000 12 – 680 400,00 – 257 293,38 – 171 528,92 – 85 764,46
Lemsterland 12 500 – 35 393 750,00 148 896,63 99 264,42 49 632,21
Leusden 29 025 24 – 626 940,00 – 237 077,47 – 158 051,65 – 79 025,82
Lichtenvoorde 19 075 – 30 515 025,00 194 756,80 129 837,86 64 918,93
Liemeer 6 900 77 – 478 170,00 – 180 820,07 – 120 546,71 – 60 273,36
Liesveld 9 600 13 – 112 320,00 – 42 473,83 – 28 315,89 – 14 157,94
Limmen 6 485 36 – 210 114,00 – 79 454,65 – 52 969,76 – 26 484,88
Lingewaal 10 700 9 – 86 670,00 – 32 774,28 –21 849,52 – 10 924,76
Lisse 22 020 23 – 455 814,00 – 172 366,15 – 114 910,76 – 57 455,38
Lith 6 625 – 44 262 350,00 99 207,70 66 138,47 33 069,23
Littenseradiel 10 623 60 – 573 642,00 – 216 922,83 –144 615,22 – 72 307,61
Lochem 19 150 – 50 861 750,00 325 870,92 217 247,28 108 623,64
Loenen 8 550 78 – 600 210,00 – 226 969,52 – 151 313,01 – 75 656,51
Loon op Zand 22 699 5 – 102 145,50 – 38 626,34 – 25 750,89 – 12 875,45
Loosdrecht 8 900 28 – 224 280,00 –84 811,52 – 56 541,01 – 28 270,51
Lopik 13 400 6 – 72 360,00 – 27 362,95 – 18 241,96 – 9 120,98
Loppersum 11 068 34 – 338 680,80 – 128 072,21 – 85 381,47 – 42 690,74
Losser 22 550 1 – 20 295,00 – 7 674,56 – 5 116,37 – 2 558,19
Maarn 5 868 21 – 110 905,20 – 41 938,82 –27 959,21 – 13 979,61
Maarssen 40 708 57 – 2 088 320,40 – 789 698,74 – 526 465,82 – 263 232,91
Maartensdijk 9 550 12 – 103 140,00 –39 002,41 – 26 001,61 – 13 000,80
Maasbracht 13 650 12 –147 420,00 – 55 746,90 – 37 164,60 – 18 582,30
Maasbree 12 872 – 45 521 316,00 197 135,74 131 423,83 65 711,91
Maasdonk 11 440 – 26 267 696,00 101 229,29 67 486,19 33 743,10
Maasdriel 23 030 – 7 145 089,00 54 865,43 36 576,95 18 288,48
Maasland 6 810 22 – 134 838,00 – 50 989,01 – 33 992,68 – 16 996,34
Maassluis 33 100 15 – 446 850,00 – 168 976,41 – 112 650,94 – 56 325,47
Maastricht 121 729 9 – 986 004,90 –372 857,93 – 248 571,95 – 124 285,98
Margraten 13 800 19 – 235 980,00 – 89 235,88 – 59 490,59 – 29 745,29
Markelo 7 140 – 132 871 080,00 346 679,01 265 679,24 302 675,57
Marum 9 675 – 25 217 687,50 82 318,57 54 879,04 27 439,52
Medemblik 7 750 –15 104 625,00 39 563,96 26 375,98 13 187,99
Meerlo-Wanssum 7 500 – 44 297 000,00 112 310,60 74 873,74 37 436,87
Meerssen 20 308 36 – 657 979,20 – 248 814,95 – 165 876,64 –82 938,32
Meijel 5 725 – 61 314 302,50 118 853,55 79 235,70 39 617,85
Menaldumadeel 13 819 25 – 310 927,50 –117 577,29 – 78 384,86 – 39 192,43
Menterwolde 12 600 – 12 136 080,00 51 458,68 34 305,78 17 152,89
Meppel 29 625 11 – 293 287,50 –110 906,72 – 73 937,81 – 36 968,91
Middelburg 44 900 31 –1 252 710,00 – 473 712,51 – 315 808,34 – 157 904,17
Middelharnis 16 800 – 16 241 920,00 91 482,09 60 988,06 30 494,03
Midden Drenthe 32 255 – 49 1 422 445,50 537 898,02 358 598,68 179 299,34
Mierlo 10 180 1 – 9 162,00 – 3 464,61 – 2 309,74 – 1 154,87
Mill en Sint Hubert 11 075 – 87 867 172,50 327 921,44 218 614,29 109 307,15
Millingen aan de Rijn 5 940 63 – 336 798,00 –127 360,22 – 84 906,82 – 42 453,41
Moerdijk 36 500 – 32 1 051 200,00 397 511,47 265 007,65 132 503,82
Monster 20 380 45 – 825 390,00 – 312 121,38 – 208 080,92 – 104 040,46
Montfoort U 13 710 12 – 148 068,00 –55 991,94 – 37 327,96 – 18 663,98
Mook en Middelaar 7 930 35 – 249 795,00 – 94 460,02 – 62 973,35 – 31 486,67
Moordrecht 7 788 51 – 357 469,20 – 135 177,04 –90 118,03 – 45 059,01
Muiden 6 848 40 – 246 528,00 – 93 224,61 – 62 149,74 – 31 074,87
Naaldwijk 29 015 48 – 1 253 448,00 – 473 991,59 – 315 994,39 –157 997,20
Naarden 16 868 – 1 15 181,20 5 740,77 3 827,18 1 913,59
Nederhorst den Berg 5 100 66 – 302 940,00 – 114 556,82 – 76 371,21 – 38 185,61
Nederlek 14 895 41 – 549 625,50 – 207 840,98 – 138 560,65 –69 280,33
Nederweert 16 150 – 112 1 647 300,00 637 583,89 454 370,13 354 121,09
Neede 11 081 –12 119 674,80 45 255,05 30 170,03 15 085,02
Neerijnen 11 100 4 – 39 960,00 – 15 110,88 –10 073,92 – 5 036,96
Niedorp 11 455 29 – 298 975,50 – 113 057,64 – 75 371,76 – 37 685,88
Nieuwegein 63 015 48 – 2 722 248,00 – 1 029 418,57 – 686 279,05 –343 139,52
Nieuwerkerk a/d IJssel 21 221 48 –916 747,20 – 346 668,12 – 231 112,08 – 115 556,04
Nieuwkoop 11 115 53 – 530 185,50 – 200 489,74 – 133 659,83 – 66 829,91
Nieuw-Lekkerland 9 390 58 – 490 158,00 –185 353,34 – 123 568,89 – 61 784,45
Nieuwleusen 8 321 – 8 59 911,20 22 655,43 15 103,62 7 551,81
Nijefurd 10 778 – 61 591 712,20 223 756,07 149 170,72 74 585,36
Nijkerk 36 200 – 17 553 860,00 209 442,26 139 628,17 69 814,09
Nijmegen 152 100 0 0,00 0,00 0,00 0,00
Noord-Beveland 6 880 8 – 49 536,00 – 18 732,05 – 12 488,03 – 6 244,02
Noordenveld 30 500 – 26 713 700,00 269 885,78 179 923,86 89 961,93
Noorder-Koggenland 10 400 36 – 336 960,00 –127 421,48 – 84 947,66 – 42 473,83
Noordoostpolder 42 750 – 78 3 001 050,00 1 134 847,60 756 565,07 378 282,53
Noordwijk 25 010 34 – 765 306,00 – 289 400,60 – 192 933,73 – 96 466,87
Noordwijkerhout 15 455 37 – 514 651,50 –194 615,56 – 129 743,70 – 64 871,85
Nootdorp 10 969 43 –424 500,30 – 160 524,86 – 107 016,58 – 53 508,29
Nuenen c.a. 23 750 19 – 406 125,00 – 153 576,24 – 102 384,16 – 51 192,08
Nunspeet 26 150 – 12 282 420,00 106 797,17 71 198,12 35 599,06
Nuth 16 654 20 – 299 772,00 – 113 358,84 – 75 572,56 – 37 786,28
Obdam 6 450 61 – 354 105,00 – 133 904,87 – 89 269,91 –44 634,96
Oegstgeest 20 900 48 –902 880,00 – 341 424,23 – 227 616,16 – 113 808,08
Oirschot 17 677 – 33 525 006,90 198 531,45 132 354,30 66 177,15
Oisterwijk 25 320 – 18 410 184,00 155 111,15 103 407,44 51 703,72
Oldebroek 22 338 5 – 100 521,00 – 38 012,03 – 25 341,36 – 12 670,68
Oldenzaal 30 890 12 – 333 612,00 – 126 155,44 – 84 103,63 –42 051,81
Olst 9 302 – 32 267 897,60 101 305,53 67 537,02 33 768,51
Ommen 16 675 – 70 1 050 525,00 397 256,22 264 837,48 132 418,74
Onderbanken 8 578 31 – 239 326,20 – 90 501,25 – 60 334,16 – 30 167,08
Oostburg 17 700 – 8 127 440,00 48 191,46 32 127,64 16 063,82
Oosterhout 52 100 – 15 703 350,00 265 971,93 177 314,62 88 657,31
Oostflakkee 10 049 – 30 271 323,00 102 600,84 68 400,56 34 200,28
Ooststellingwerf 25 725 – 54 1 250 235,00 472 776,59 315 184,39 157 592,20
Oostzaan 8 900 53 – 424 530,00 – 160 536,10 – 107 024,06 –53 512,03
Ootmarsum 4 475 30 – 120 825,00 – 45 690,00 – 30 460,00 – 15 230,00
Opmeer 10 850 15 – 146 475,00 – 55 389,55 – 36 926,37 – 18 463,18
Opsterland 28 750 – 32 828 000,00 313 108,35 208 738,90 104 369,45
Oss 65 650 – 6 354 510,00 134 058,02 89 372,01 44 686,01
Oud-Beijerland 22 570 17 –345 321,00 – 130 583,20 – 87 055,47 – 43 527,73
Ouder-Amstel 12 760 – 2 22 968,00 8 685,35 5 790,24 2 895,12
Ouderkerk 8 150 82 – 601 470,00 – 227 445,99 – 151 630,66 – 75 815,33
Oudewater 9 850 – 32 283 680,00 107 273,64 71 515,76 35 757,88
Papendrecht 29 722 22 – 588 495,60 – 222 539,72 – 148 359,81 –74 179,91
Pekela 13 300 – 7 83 790,00 31 685,20 21 123,47 10 561,73
Pijnacker 22 400 26 – 524 160,00 –198 211,20 – 132 140,80 – 66 070,40
Purmerend 70 151 36 –2 272 892,40 – 859 494,67 – 572 996,45 – 286 498,22
Putten 22 500 – 40 810 000,00 306 301,65 204 201,10 102 100,55
Raalte 28 350 – 40 1 020 600,00 385 940,07 257 293,38 128 646,69
Ravenstein 8 500 – 12 91 800,00 34 714,19 23 142,79 11 571,40
Reeuwijk 12 980 42 –490 644,00 – 185 537,12 – 123 691,41 – 61 845,71
Reiderland 6 996 – 72 453 340,80 171 430,91 114 287,27 57 143,64
Reimerswaal 20 500 17 –313 650,00 – 118 606,80 – 79 071,20 – 39 535,60
Renkum 32 134 39 – 1 127 903,40 – 426 516,87 – 284 344,58 – 142 172,29
Renswoude 4 010 – 67 241 803,00 91 437,85 60 958,57 30 479,28
Reusel-De Mierden 12 407 – 99 1 105 463,70 418 031,30 278 687,53 139 343,77
Rheden 44 317 22 – 877 476,60 –331 817,93 – 221 211,96 – 110 605,98
Rhenen 17 209 4 – 61 952,40 – 23 427,31 – 15 618,21 – 7 809,10
Ridderkerk 46 911 28 – 1 182 157,20 – 447 032,96 – 298 021,97 – 149 010,99
Rijnsburg 14 850 23 – 307 395,00 –116 241,47 – 77 494,32 – 38 747,16
Rijnwaarden 10 930 23 –226 251,00 – 85 556,86 – 57 037,90 – 28 518,95
Rijnwoude 19 350 14 – 243 810,00 – 92 196,80 – 61 464,53 – 30 732,27
Rijssen 26 121 22 – 517 195,80 – 195 577,68 – 130 385,12 –65 192,56
Rijswijk 52 137 12 – 563 079,60 – 212 928,65 – 141 952,43 – 70 976,22
Roerdalen 10 500 – 3 28 350,00 10 720,56 7 147,04 3 573,52
Roermond 44 900 – 13 525 330,00 198 653,63 132 435,76 66 217,88
Roggel en Neer 8 341 – 80 600 552,00 227 098,85 151 399,23 75 699,62
Roosendaal 75 274 9 – 609 719,40 – 230 565,50 – 153 710,33 – 76 855,17
Rotterdam 592 665 – 10 5 333 985,00 2 017 047,39 1 344 698,26 672 349,13
Rozenburg 13 380 71 –854 982,00 – 323 311,60 – 215 541,06 – 107 770,53
Rozendaal 1 400 – 108 137 200,00 52 729,26 36 846,95 25 759,31
Rucphen 22 480 – 12 242 784,00 91 808,81 61 205,88 30 602,94
Ruurlo 7 906 –30 213 462,00 80 720,69 53 813,80 26 906,90
Sas van Gent 8 700 – 47 368 010,00 139 163,05 92 775,37 46 387,68
Sassenheim 14 774 46 – 611 643,60 – 231 293,14 – 154 195,42 –77 097,71
Schagen 17 150 74 – 1 142 190,00 – 431 919,35 – 287 946,24 – 143 973,12
Scheemda 14 325 – 13 167 602,50 63 378,92 42 252,61 21 126,31
Schermer 4 925 11 – 48 757,50 – 18 437,66 – 12 291,77 – 6 145,89
Scherpenzeel 9 040 – 3 24 408,00 9 229,89 6 153,26 3 076,63
Schiedam 75 620 – 13 884 754,00 334 569,88 223 046,59 111 523,29
Schiermonnikoog 1 000 – 118 108 000,00 42 201,56 30 857,05 27 218,25
Schijndel 22 650 – 13 265 005,00 100 211,69 66 807,79 33 403,90
Schinnen 13 750 24 – 297 000,00 – 112 310,60 – 74 873,74 – 37 436,87
Schipluiden 10 932 – 25 245 970,00 93 013,60 62 009,07 31 004,53
Schoonhoven 11 800 41 – 435 420,00 – 164 654,15 – 109 769,43 – 54 884,72
Schoorl 6 574 22 – 130 165,20 –49 221,99 – 32 814,66 – 16 407,33
Schouwen-Duiveland 33 500 – 17 512 550,00 193 820,87 129 213,92 64 606,96
Sevenum 7 265 – 120 799 150,00 313 187,76 230 769,93 210 554,23
's-Graveland 9 282 69 – 576 412,20 – 217 970,38 – 145 313,58 – 72 656,79
's-Gravendeel 8 700 25 – 195 750,00 – 74 022,90 – 49 348,60 – 24 674,30
's-Gravenhage 440 743 – 5 1 983 343,50 750 001,70 500 001,13 250 000,57
's-Gravenzande 19 274 12 –208 159,20 – 78 715,44 – 52 476,96 – 26 238,48
's-Hertogenbosch 129 500 9 – 1 048 950,00 – 396 660,63 – 264 440,42 – 132 220,21
Simpelveld 11 560 21 – 218 484,00 – 82 619,76 – 55 079,84 – 27 539,92
Vianen 19 250 – 11 190 575,00 72 065,97 48 043,98 24 021,99
Vlaardingen 73 100 10 – 657 900,00 – 248 785,00 – 165 856,67 – 82 928,33
Vlagtwedde 16 250 – 87 1 272 375,00 481 148,84 320 765,89 160 382,95
Vleuten-De Meern 21 272 2 – 38 289,60 – 14 479,22 – 9 652,81 – 4 826,41
Vlieland 1 150 – 67 69 345,00 26 222,82 17 481,88 8 740,94
Vlissingen 44 300 11 –438 570,00 – 165 845,32 – 110 563,55 – 55 281,77
Vlist 9 840 20 – 177 120,00 – 66 977,96 – 44 651,97 – 22 325,99
Voerendaal 13 050 40 – 469 800,00 – 177 654,95 – 118 436,64 –59 218,32
Voorburg 38 700 22 – 766 260,00 – 289 761,36 – 193 174,24 – 96 587,12
Voorhout 13 750 59 – 730 125,00 – 276 096,90 – 184 064,60 – 92 032,30
Voorschoten 22 800 53 – 1 087 560,00 –411 261,01 – 274 174,01 – 137 087,00
Voorst 23 650 – 23 489 555,00 185 125,31 123 416,87 61 708,44
Vorden 8 400 –35 264 600,00 100 058,54 66 705,69 33 352,85
Vriezenveen 19 950 – 3 53 865,00 20 369,06 13 579,37 6 789,69
Vught 25 300 37 – 842 490,00 –318 587,75 – 212 391,83 – 106 195,92
Waalre 16 300 29 –425 430,00 – 160 876,43 – 107 250,95 – 53 625,48
Waalwijk 45 325 2 – 81 585,00 – 30 851,38 – 20 567,59 – 10 283,79
Waddinxveen 26 990 30 – 728 730,00 –275 569,38 – 183 712,92 – 91 856,46
Wageningen 33 400 21 –631 260,00 – 238 711,08 – 159 140,72 – 79 570,36
Warmond 5 250 79 – 373 275,00 – 141 154,01 – 94 102,67 – 47 051,34
Warnsveld 9 030 28 – 227 556,00 – 86 050,34 – 57 366,89 – 28 683,45
Wassenaar 26 175 27 – 636 052,50 – 240 523,37 –160 348,91 – 80 174,46
Wateringen 15 275 58 – 797 355,00 – 301 519,94 – 201 013,29 – 100 506,65
Waterland 17 391 37 – 579 120,30 –218 994,45 – 145 996,30 – 72 998,15
Weerselo 9 300 – 97 811 890,00 307 016,35 204 677,57 102 338,78
Weert 47 830 –23 990 081,00 374 399,31 249 599,54 124 799,77
Weesp 18 175 10 – 163 575,00 – 61 855,92 – 41 237,28 – 20 618,64
Wehl 6 672 – 33 198 158,40 74 933,63 49 955,76 24 977,88
Werkendam 26 025 29 –679 252,50 – 256 859,46 – 171 239,64 – 85 619,82
Wervershoof 8 359 14 – 105 323,40 – 39 828,06 – 26 552,04 – 13 276,02
West Maas en Waal 17 950 – 33 533 115,00 201 597,53 134 398,36 67 199,18
Wester-Koggenland 13 325 24 – 287 820,00 – 108 839,18 – 72 559,46 – 36 279,73
Westerveld 18 689 – 68 1 143 766,80 432 515,62 288 343,75 144 171,87
Westervoort 16 200 61 –889 380,00 – 336 319,21 – 224 212,80 – 112 106,40
Weststellingwerf 25 000 – 53 1 192 500,00 450 944,09 300 629,39 150 314,70
Westvoorne 13 925 9 – 112 792,50 – 42 652,50 – 28 435,00 – 14 217,50
Wierden 23 300 – 30 629 100,00 237 894,28 158 596,19 79 298,09
Wieringen 8 325 25 – 187 312,50 – 70 832,26 – 47 221,50 – 23 610,75
Wieringermeer 12 215 – 97 1 066 369,50 403 247,82 268 831,88 134 415,94
Wijchen 38 100 4 – 137 160,00 –51 867,08 – 34 578,05 – 17 289,03
Wijhe 7 569 – 2 13 624,20 5 151,99 3 434,66 1 717,33
Wijk bij Duurstede 23 435 31 – 653 836,50 – 247 248,39 – 164 832,26 – 82 416,13
Winschoten 18 600 7 – 117 180,00 –44 311,64 – 29 541,09 – 14 770,55
Winsum 13 852 40 –498 672,00 – 188 572,91 – 125 715,27 – 62 857,64
Winterswijk 28 500 – 44 1 128 600,00 426 780,29 284 520,20 142 260,10
Wisch 19 700 – 41 726 930,00 274 888,71 183 259,14 91 629,57
Woensdrecht 20 900 10 – 188 100,00 –71 130,05 – 47 420,03 – 23 710,02
Woerden 38 472 16 –553 996,80 – 209 493,99 – 139 662,66 – 69 831,33
Wognum 7 920 18 – 128 304,00 – 48 518,18 – 32 345,45 – 16 172,73
Wormerland 15 200 44 – 601 920,00 – 227 616,16 – 151 744,10 –75 872,05
Woudenberg 10 900 – 2 19 620,00 7 419,31 4 946,20 2 473,10
Woudrichem 14 024 13 – 164 080,80 –62 047,18 – 41 364,79 – 20 682,39
Wunseradiel 11 800 29 –307 980,00 – 116 462,69 – 77 641,79 – 38 820,90
Wymbritseradiel 15 800 – 28 398 160,00 150 564,28 100 376,18 50 188,09
Zaanstad 135 500 2 –243 900,00 – 92 230,83 – 61 487,22 – 30 743,61
Zaltbommel 25 595 29 – 668 029,50 – 252 615,48 – 168 410,32 – 84 205,16
Zandvoort 15 800 37 – 526 140,00 –198 959,94 – 132 639,96 – 66 319,98
Zederik 13 675 – 10 123 075,00 46 540,83 31 027,22 15 513,61
Zeevang 6 300 147 – 833 490,00 – 315 184,39 – 210 122,93 – 105 061,46
Zeewolde 17 050 – 108 1 670 900,00 642 167,07 448 743,26 313 711,54
Zeist 59 800 32 – 1 722 240,00 – 651 265,37 – 434 176,91 – 217 088,46
Zelhem 11 300 – 87 884 790,00 334 583,50 223 055,67 111 527,83
Zevenaar 26 360 12 –284 688,00 – 107 654,82 – 71 769,88 – 35 884,94
Zevenhuizen-Moerkapelle 9 950 8 – 71 640,00 – 27 090,68 –18 060,45 – 9 030,23
Zijpe 11 150 – 16 160 560,00 60 715,79 40 477,20 20 238,60
Zoetermeer 109 501 – 6 591 305,40 223 602,24 149 068,16 74 534,08
Zoeterwoude 8 650 – 17 132 345,00 50 046,29 33 364,19 16 682,10
Zuidhorn 17 961 37 – 598 101,30 – 226 172,11 – 150 781,41 – 75 390,70
Zundert 20 200 – 94 1 708 920,00 646 228,41 430 818,94 215 409,47
Zutphen 34 847 – 7 219 536,10 83 017,62 55 345,08 27 672,54
Zwartsluis 4 660 49 – 205 506,00 – 77 712,13 – 51 808,09 – 25 904,04
Zwijndrecht 41 194 9 – 333 671,40 – 126 177,90 – 84 118,60 –42 059,30
Zwolle 105 637 8 – 760 586,40 – 287 615,88 – 191 743,92 – 95 871,96
Totaal 15 867 1390 4 988 680,80 2 209 996,96 2 103 983,56 5 851 425,6?

Lasten en bevelen dat dit besluit met de daarbij behorende nota van toelichting in het Staatsblad zal worden geplaatst.