Regeling bijzondere subsidies waterkeren en waterbeheren

Type Ministeriële regeling
Publication 2024-01-01
State In force
Source BWB
Wijzigingsgeschiedenis JSON API

Gelet op artikel 12, tweede en derde lid, van de Wet op de waterkering;

Besluit:

§ 1. Algemeen

Artikel 1. Definities

In deze regeling wordt verstaan onder:

§ 2. Subsidie

Artikel 2. Subsidiabele kosten
1.

Een subsidie bestaat uit een vergoeding van de kosten voor voorbereiding en realisatie van een werk, te weten:

2.

Niet voor vergoeding komen in aanmerking:

§ 3. Subsidieverlening

Artikel 3. Aanvraag subsidieverlening
1.

Een aanvraag voor subsidieverlening wordt ingediend bij de hoofdingenieur-directeur.

2.

De aanvraag voor subsidieverlening bevat:

Artikel 4. Beslissing op aanvraag subsidieverlening
1.

De Minister neemt binnen acht weken na ontvangst van de aanvraag een besluit omtrent de subsidieverlening. Indien de beschikking niet binnen acht weken kan worden gegeven, stelt de Minister de aanvrager daarvan in kennis en noemt hij daarbij een redelijke termijn waarbinnen de beschikking tegemoet kan worden gezien.

2.

De subsidie kan worden geweigerd indien:

3.

De subsidie wordt geweigerd indien door verlening van de subsidie het subsidieplafond wordt overschreden. Bij mogelijke overschrijding van het subsidieplafond is artikel 4:25, derde lid, van de Algemene wet bestuursrecht van overeenkomstige toepassing.

Artikel 5. Beschikking tot subsidieverlening
1.

De beschikking tot subsidieverlening bevat:

Artikel 6. Voorschotverlening
1.

Aan de subsidieontvanger kan gedurende de realisatie van het werk jaarlijks op aanvraag een voorschot worden verleend. Het totaal aan te verlenen voorschotten ten behoeve van de realisatie van het werk bedraagt niet meer dan 80 procent van de raming van de kosten, bedoeld in artikel 2, eerste lid.

2.

De aanvraag tot voorschotverlening wordt ingediend voor 15 april van het kalenderjaar waarvoor een voorschot wordt aangevraagd. Bij de aanvraag legt de subsidieontvanger een raming over van de te maken kosten in de periode waarvoor een voorschot wordt gevraagd en een raming van de bedragen waarvoor een voorschot zal worden gevraagd in de daaropvolgende kalenderjaren.

3.

De aanvraag wordt niet in behandeling genomen zolang het verantwoordingsverslag, bedoeld in artikel 7, niet is overgelegd.

4.

De Minister neemt binnen acht weken na ontvangst van de aanvraag een besluit omtrent de voorschotverlening. De beschikking tot voorschotverlening vermeldt het bedrag waarvoor het voorschot wordt verleend.

5.

Een voorschot wordt binnen zes weken na de voorschotverlening betaald, tenzij bij de voorschotverlening anders is bepaald.

Artikel 7. Tussentijdse verplichting van de subsidieontvanger

De subsidieontvanger overlegt gedurende de realisatiefase van het werk jaarlijks voor 15 april, aan de hoofdingenieur-directeur een verantwoordingsverslag met betrekking tot de uitvoering van het werk met daarin:

Artikel 8. Intrekking of wijziging subsidieverlening

Op de intrekking of wijziging van de beschikking tot subsidieverlening zijn de artikelen 4:48 en 4:50 van de Algemene wet bestuursrecht van overeenkomstige toepassing, met uitzondering van artikel 4:48, eerste lid, onderdeel e.

§ 4. Subsidievaststelling

Artikel 9. Aanvraag tot vaststelling subsidie
1.

De subsidieontvanger dient binnen zes maanden na voltooiing van het werk bij de hoofdingenieur-directeur een aanvraag tot subsidievaststelling in.

2.

Bij de aanvraag, bedoeld in het eerste lid, overlegt de subsidieontvanger:

3.

Op gemotiveerd verzoek van de subsidieontvanger, ingediend binnen zes maanden na voltooiing van het werk, kan de in het eerste lid bedoelde termijn worden verlengd.

Artikel 10. Beschikking tot subsidievaststelling
1.

Een beschikking tot subsidievaststelling vermeldt:

2.

De subsidie kan ambtshalve worden vastgesteld indien de subsidieontvanger niet tijdig een aanvraag heeft ingediend als bedoeld in artikel 9, eerste lid, of een verzoek als bedoeld in artikel 9, derde lid.

3.

Artikel 4:46, tweede lid en derde lid, van de Algemene wet bestuursrecht is van overeenkomstige toepassing op de subsidievaststelling.

4.

Artikel 4:49 van de Algemene wet bestuursrecht van overeenkomstige toepassing op de intrekking of wijziging van de beschikking tot subsidievaststelling.

Artikel 11. Procedure voor subsidievaststelling in twee fasen
1.

Indien vanwege nog lopende gerechtelijke procedures, voor een deel van de kosten bedoeld in artikel 2, eerste lid, de subsidie nog niet kan worden vastgesteld, kan op verzoek van de subsidieontvanger de subsidie voor de kosten van of voortvloeiend uit deze procedures, afzonderlijk worden vastgesteld.

2.

Een verzoek als bedoeld in het eerste lid wordt ingediend bij de aanvraag tot subsidievaststelling, bedoeld in artikel 9, eerste lid, waarbij met redenen wordt omkleed voor welke kosten de subsidie nog niet kan worden vastgesteld.

3.

Binnen zes maanden na afronding van de gerechtelijke procedures, bedoeld in het eerste lid, dient de subsidieontvanger bij de hoofdingenieur-directeur een aanvraag tot subsidievaststelling in. Op deze afzonderlijke subsidievaststelling zijn artikel 9, tweede lid, en artikel 10 van overeenkomstige toepassing.

Artikel 12. Hardheidsclausule voorbereidingskosten

De Minister kan bij het verlenen en vaststellen van de subsidie afwijken van het in artikel 2, eerste lid, onderdeel a, genoemde percentage voor zover toepassing daarvan, gelet op het doel of de strekking van die bepaling, voor de subsidieontvanger zal leiden tot een onbillijkheid van overwegende aard.

Artikel 13. Betaling en terugvordering
1.

Op de betaling van de subsidie is artikel 4:52, eerste en tweede lid, van de Algemene wet bestuursrecht van overeenkomstige toepassing.

De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.