Instellingsbesluit Commissie Toekomst Rijksdienst

Type Ministeriële regeling
Publication 2026-07-08
State In force
Source BWB
artikelen 11
Wijzigingsgeschiedenis JSON API

Gelet op de noodzaak om de toekomst van de Rijksdienst te onderzoeken en hierover advies uit te brengen,

Gelet op de bevoegdheid om commissies in te stellen ter ondersteuning van het kabinetsbeleid,

Besluit:

Artikel 1. Begripsbepalingen

In dit besluit wordt verstaan onder:

Artikel 2. Instelling

Er is een Commissie Toekomst Rijksdienst, hierna te noemen ‘de Commissie’.

Artikel 3. Taak

De Commissie is belast met de uitvoering van een doorlichting op het functioneren van de Rijkdienst. Daarbij staat de vraag centraal hoe de Rijkdienst toekomstgerichter, efficiënter en structureel beter in staat is om ambities waar te maken en resultaten te leveren voor mensen en bedrijven. De commissie doet concrete aanbevelingen op basis waarvan stappen gezet kunnen worden naar een slagvaardiger overheid.

Artikel 4. Samenstelling, benoeming, ontslag
1.

De Commissie bestaat uit een voorzitter en ten minste 4 andere leden.

2.

De benoeming geschiedt voor de duur van de Commissie.

3.

Bij tussentijds vertrek van een lid kan de minister op voordracht van de voorzitter onderscheidenlijk de resterende leden een ander lid dan wel een andere voorzitter benoemen.

4.

De voorzitter en overige leden kunnen op eigen verzoek of wegens ongeschiktheid, onbekwaamheid of op andere zwaarwegende gronden worden geschorst en ontslagen door de minister.

5.

De Commissie bestaat uit:

Artikel 5. Instellingsduur
1.

De Commissie wordt ingesteld met ingang van de datum van inwerkingtreding van dit besluit en wordt opgeheven per 31 december 2026.

2.

De Commissie brengt uiterlijk aan het einde van de in het eerste lid bedoelde periode een adviesrapport uit aan de Minister-President.

Artikel 6. Secretariaat
1.

De Commissie wordt bij haar werkzaamheden ondersteund door een (extern) secretariaat, met aan het hoofd de secretaris van de Commissie.

2.

De secretaris wordt door de Minister van BZK ter beschikking gesteld.

3.

De minister draagt, op verzoek van de voorzitter, zorg voor de nodige voorzieningen ten behoeve van de werkzaamheden van de Commissie.

4.

Het secretariaat is voor de uitvoering van zijn taak uitsluitend verantwoording schuldig aan de voorzitter van de Commissie.

5.

Aan het secretariaat kunnen medewerkers worden toegevoegd.

6.

De secretaris en de medewerkers van het secretariaat zijn geen lid van de Commissie.

Artikel 7. Werkwijze
1.

De Commissie stelt zelf haar eigen werkwijze vast.

2.

De Commissie verantwoordt haar werkwijze in het eindrapport.

3.

De Commissie kan zich door andere personen doen bijstaan voor zover dat voor de vervulling van haar taak nodig is.

Artikel 8. Vergoeding
1.

Aan de voorzitter kan een vaste vergoeding per maand worden toegekend overeenkomstig het maximum van salarisschaal 18 zoals overeengekomen in de laatstelijk afgesloten collectieve arbeidsovereenkomst voor rijksambtenaren, vermenigvuldigd met een arbeidsduurfactor van X/36.

2.

Aan de andere leden kan een vaste vergoeding per maand worden toegekend overeenkomstig het maximum van salarisschaal 17 zoals overeengekomen in de laatstelijk afgesloten collectieve arbeidsovereenkomst voor rijksambtenaren, vermenigvuldigd met een arbeidsduurfactor van X/36.

3.

In afwijking van het eerste en tweede lid wordt geen vergoeding verstrekt aan leden die op grond van artikel 2, derde lid, van de Wet vergoedingen adviescolleges en commissies zijn uitgesloten van een vergoeding.

Artikel 9. Kosten van de Commissie
1.

De kosten van de commissie komen, voor zover op basis van een goedgekeurde kostenraming, voor rekening van de minister. Onder kosten worden in ieder geval verstaan:

2.

De Commissie biedt zo spoedig mogelijk na haar instelling een raming aan de minister en staatssecretarissen aan.

3.

De Commissie voert een eigen financiële administratie en levert een financieel overzicht op.

Artikel 10. Openbaarmaking

Verslagen en andere producten die door of namens de Commissie worden vervaardigd of vergaard, worden niet door de Commissie openbaar gemaakt, maar uitsluitend aan de minister overgedragen.

Artikel 11. Citeertitel

Dit besluit wordt aangehaald als: Instellingsbesluit Commissie Toekomst Rijksdienst.

De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.