Besluit van 8 juli 2026, houdende nadere regels ter uitvoering van de Uitvoeringswet datagovernanceverordening in verband met het aanwijzen van bevoegde organen, het leveren van bijstand door die bevoegde organen en de vergoedingen voor het hergebruik van gegevens (Uitvoeringsbesluit datagovernanceverordening)

Type AMvB
Publication 2026-08-19
State In force
Source BWB
Wijzigingsgeschiedenis JSON API

Op de voordracht van de Staatssecretaris van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties van 9 juli 2025, nr. 2025-0000414721, gedaan mede namens Onze Minister van Economische Zaken;

Gelet op de artikelen 2, eerste en vierde lid, en 3, eerste lid, van de Uitvoeringswet datagovernanceverordening;

De Afdeling advisering van de Raad van State gehoord (advies van 15 oktober 2025, nr. W04.25.00177/I);

Gezien het nader rapport van de Staatssecretaris van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties van 3 juli 2026, nr. 2026-0000277370, uitgebracht in overeenstemming met Onze Minister van Economische Zaken en Klimaat;

Hebben goedgevonden en verstaan:

Artikel 1. Begripsbepaling

In dit besluit en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder:

Artikel 2. CBS als bevoegd orgaan
1.

Het CBS wordt aangewezen als bevoegd orgaan voor het verlenen van bijstand als bedoeld in het tweede lid aan met een publieke taak belaste instellingen ten behoeve van statistische of wetenschappelijke doeleinden bij verzoeken van:

2.

De te verlenen bijstand omvat de bijstand, bedoeld in artikel 7, vierde lid, onderdelen a tot en met c, van de datagovernanceverordening, met uitzondering van bijstand ten aanzien van het verwijderen van commercieel vertrouwelijke informatie, waaronder bedrijfsgeheimen, en door intellectuele eigendomsrechten beschermde inhoud.

3.

Bij ministeriële regeling kan de taak van het CBS nader worden afgebakend ten behoeve van de goede uitvoering daarvan.

Artikel 3. Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties als bevoegd orgaan

Onze Minister wordt aangewezen als bevoegd orgaan voor het verlenen van bijstand als bedoeld in artikel 7 van de datagovernanceverordening, voor zover het CBS op grond van artikel 2 niet als bevoegd orgaan is aangewezen.

Artikel 4. Voorwaarden voor hergebruik
1.

Bij ministeriële regeling kunnen voorwaarden worden gesteld voor het toestaan van hergebruik als bedoeld in artikel 5 van de datagovernanceverordening waarbij bijstand wordt verleend door een bevoegd orgaan.

2.

Bij ministeriële regeling worden in ieder geval voorwaarden gesteld ten aanzien van de doelbinding met betrekking tot hergebruik van gegevens waarbij het CBS als bevoegd orgaan bijstand verleent aan een met een publieke taak belaste instelling, om te voorkomen dat deze gegevens worden verwerkt voor andere dan statistische of wetenschappelijke doeleinden.

3.

De met een publieke taak belaste instelling legt de in het eerste en tweede lid bedoelde voorwaarden op aan de hergebruiker en kan deze aanvullen met eigen voorwaarden.

Artikel 5. Kosten bevoegde organen
1.

Een bevoegd orgaan kan aan de met een publieke taak belaste instelling kosten in rekening brengen voor het verlenen van bijstand.

2.

De kosten die een bevoegd orgaan in rekening brengt, worden afgeleid van de marginale kosten die het bevoegd orgaan maakt voor het verlenen van die bijstand, vermeerderd met een redelijk deel van de vaste kosten die het bevoegd orgaan maakt om in algemene zin bijstand te kunnen leveren. Het in rekening gebrachte redelijk deel van de vaste kosten is in ieder geval niet hoger dan de in rekening gebrachte marginale kosten voor diezelfde bijstand.

3.

Onze Minister kan jaarlijks per bevoegd orgaan de maximale hoogte van het redelijk deel van de vaste kosten vaststellen. Dit gebeurt op voorstel van het bevoegd orgaan, tenzij Onze Minister zelf het betreffende bevoegd orgaan is.

4.

De kosten die een bevoegd orgaan in rekening kan brengen, worden bij ministeriële regeling vastgelegd. Een overzicht van deze kosten wordt kosteloos aangeboden aan de met een publieke taak belaste instelling zodra die om bijstand verzoekt. Dit overzicht wordt door het bevoegd orgaan tevens kosteloos openbaar gemaakt via het centraal informatiepunt.

5.

Onze Minister vergoedt aan het bevoegd orgaan, bedoeld in artikel 2, jaarlijks de kosten die het heeft gemaakt voor het verlenen van bijstand, voor zover deze kosten niet reeds op grond van het eerste lid in rekening zijn of zullen worden gebracht, of in rekening hadden kunnen worden gebracht maar daar door het bevoegde orgaan vrijwillig vanaf is gezien.

Artikel 6. Vergoedingen met een publieke taak belaste instelling
1.

Indien een met een publieke taak belaste instelling aan een hergebruiker een vergoeding in rekening brengt, wordt die vergoeding afgeleid van de kosten die het bevoegd orgaan bij de met een publieke taak belaste instelling in rekening brengt, vermeerderd met ten hoogste de additionele kosten die de met een publieke taak belaste instelling zelf maakt om aan het verzoek om hergebruik te voldoen.

2.

Bij ministeriële regeling kunnen de additionele kosten die op grond van het eerste lid in rekening worden gebracht, worden gemaximeerd of kan worden voorzien in eenduidige criteria voor de wijze waarop deze additionele kosten worden berekend.

3.

Een met een publieke taak belaste instelling publiceert via het centraal informatiepunt de categorieën van handelingen waarvoor additionele kosten in rekening worden gebracht.

4.

Bij het in behandeling nemen van een verzoek om hergebruik, biedt de met een publieke taak belaste instelling aan de hergebruiker inzicht in de kosten, tarieven en berekeningsmethoden van alle kosten die in rekening zullen worden gebracht, alvorens de hergebruiker bepaalt of deze diens verzoek om hergebruik wil voortzetten.

5.

Het ontvangen van inzicht in de kosten, tarieven en berekeningsmethoden als bedoeld in het derde lid, is kosteloos voor de hergebruiker.

Artikel 7. Inwerkingtreding

Dit besluit treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van het Staatsblad waarin het wordt geplaatst.

Artikel 8. Citeertitel

Dit besluit wordt aangehaald als: Uitvoeringsbesluit datagovernanceverordening.

Lasten en bevelen dat dit besluit met de daarbij behorende nota van toelichting in het Staatsblad zal worden geplaatst.

De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.