Wet van 3 maart 1881
Hij die opzettelijk aanwezig is bij het plegen van ontuchtige handelingen door een persoon waarvan hij weet of redelijkerwijs moet vermoeden dat deze de leeftijd van achttien jaren nog niet heeft bereikt dan wel bij het vertonen van afbeeldingen van dergelijke handelingen in een daarvoor bestemde gelegenheid, wordt gestraft met gevangenisstraf van ten hoogste vier jaren of geldboete van de vierde categorie.
Titel X. Valsheid in muntspeciën en munt- en bankbiljetten
Titel XII. Valsheid in geschriften, opgave van onware gegevens en schending van de verplichting gegevens te verstrekken
Titel XVII. Schending van geheimen
Titel XII. Valsheid in geschriften, opgave van onware gegevens en schending van de verplichting gegevens te verstrekken
Titel XI. Valsheid in zegels en merken
Titel XII. Valsheid met geschriften, gegevens en biometrische kenmerken
Titel XVII. Schending van geheimen
Titel XIII. Misdrijven tegen de burgerlijke staat
Titel XIV. Seksuele misdrijven
Titel XV. Verlating van hulpbehoevenden
Titel XVI. Belediging
Titel XVI. Belediging
Titel XVII. Schending van geheimen
Titel XVIII. Misdrijven tegen de persoonlijke vrijheid
Titel XIXA. Afbreking van zwangerschap
Titel XXIII. Afpersing en afdreiging
Titel XXV. Bedrog
Titel XXV. Bedrog
Boek Derde. Overtredingen
Titel XXVI. Benadeling van schuldeisers of rechthebbenden
Titel XXVI. Benadeling van schuldeisers of rechthebbenden
Titel XXVIII. Ambtsmisdrijven
Titel I. Overtredingen betreffende de algemene veiligheid van personen en goederen
Titel XXIX. Scheepvaart- en luchtvaartmisdrijven
Titel XXX. Begunstiging
Titel XXIX. Scheepvaart- en luchtvaartmisdrijven
Titel XXX. Begunstiging
Lasten en bevelen, dat deze in het Staatsblad zal worden geplaatst, en dat alle Ministerieele Departementen, Autoriteiten, Collegiën en Ambtenaren, wie zulks aangaat, aan de nauwkeurige uitvoering de hand zullen houden.
Artikel 207b
Hij die in de gevallen waarin door of krachtens een verdrag een verklaring onder ede of onder een daarvoor in de plaats tredende bevestiging of belofte wordt gevorderd, in Nederland, per videoconferentie, voor een rechterlijke autoriteit van een andere staat mondeling, persoonlijk, opzettelijk een valse verklaring aflegt, wordt gestraft met gevangenisstraf van ten hoogste zes jaren of geldboete van de vierde categorie.
Artikel 207, tweede en vierde lid, is van toepassing.
Geen vervolging vindt plaats dan op klacht van de rechterlijke autoriteit voor wie de valse verklaring werd afgelegd. Artikel 66 blijft met betrekking tot de in dit lid bedoelde klacht buiten toepassing.
Titel VI. Tweegevecht
Titel IX. Meineed
Titel VIII. Misdrijven tegen het openbaar gezag
Titel VIII. Misdrijven tegen het openbaar gezag
Titel VIII. Misdrijven tegen het openbaar gezag
Titel X. Valsheid in muntspeciën en munt- en bankbiljetten
Titel XI. Valsheid in zegels en merken
Titel XI. Valsheid in zegels en merken
Titel XI. Valsheid in zegels en merken
Titel XII. Valsheid met geschriften, gegevens en biometrische kenmerken
Titel XIV. Misdrijven tegen de zeden
Titel XVI. Belediging
Titel XIII. Misdrijven tegen de burgerlijke staat
Titel XV. Verlating van hulpbehoevenden
Titel XIXA. Afbreking van zwangerschap
Titel XIX. Misdrijven tegen het leven gericht
Titel XVI. Belediging
Titel XVII. Schending van geheimen
Titel XIX. Misdrijven tegen het leven gericht
Titel XIXA. Afbreking van zwangerschap
Titel XXIV. Verduistering
Titel XXV. Bedrog
Titel XXVII. Vernieling of beschadiging
Boek Derde. Overtredingen
Titel XXVII. Vernieling of beschadiging
Titel XXVI. Benadeling van schuldeisers of rechthebbenden
Titel XXVIII. Ambtsmisdrijven
Titel XXX. Begunstiging
Titel XXX. Begunstiging
Titel XXX. Begunstiging
Titel XXX. Begunstiging
Titel XXIX. Scheepvaart- en luchtvaartmisdrijven
Titel XXX. Begunstiging
Lasten en bevelen, dat deze in het Staatsblad zal worden geplaatst, en dat alle Ministerieele Departementen, Autoriteiten, Collegiën en Ambtenaren, wie zulks aangaat, aan de nauwkeurige uitvoering de hand zullen houden.
Artikel 54a
Een tussenpersoon die een communicatiedienst verleent bestaande in de doorgifte of opslag van gegevens die van een ander afkomstig zijn, wordt bij een strafbaar feit dat met gebruikmaking van die dienst wordt begaan als zodanig niet vervolgd indien hij voldoet aan een bevel als bedoeld in artikel 125p van het Wetboek van Strafvordering of een beslissing als bedoeld in artikel 3, eerste lid, van verordening (EU) 2021/784 van het Europees Parlement en de Raad van 29 april 2021 inzake het tegengaan van de verspreiding van terroristische online-inhoud (PbEU 2021, L 172) of een bevel als bedoeld in artikel 6, eerste lid, van de Wet bestuursrechtelijke aanpak online kinderpornografisch materiaal.
Titel III. Uitsluiting en verhoging van strafbaarheid
Titel IV. Poging en voorbereiding
Titel V. Deelneming aan strafbare feiten
Titel VIII A. Bijzondere bepalingen voor jeugdige personen
Titel IX. Betekenis van sommige in het wetboek voorkomende uitdrukkingen
Slotbepaling
Boek Tweede. Misdrijven
Slotbepaling
Slotbepaling
Titel II. Misdrijven tegen de koninklijke waardigheid
Titel IV. Misdrijven betreffende de uitoefening van staatsplichten en staatsrechten
Slotbepaling
Titel III. Misdrijven tegen hoofden van bevriende Staten en andere internationaal beschermde personen
Titel VII. Misdrijven waardoor de algemene veiligheid van personen of goederen wordt in gevaar gebracht
Titel VI. Tweegevecht
Titel VI. Tweegevecht
Titel VII. Misdrijven waardoor de algemene veiligheid van personen of goederen wordt in gevaar gebracht
Titel VIII. Misdrijven tegen het openbaar gezag
Titel IX. Meineed
Titel X. Valsheid in muntspeciën en munt- en bankbiljetten
Titel VIII. Misdrijven tegen het openbaar gezag
Titel XI. Valsheid in zegels en merken
Titel IX. Meineed
Titel IX. Meineed
Titel IX. Meineed
Titel XVI. Belediging
Titel XII. Valsheid met geschriften, gegevens en biometrische kenmerken
Titel XIII. Misdrijven tegen de burgerlijke staat
Titel XIV. Seksuele misdrijven
Titel XV. Verlating van hulpbehoevenden
Titel XVI. Belediging
Titel XIXA. Afbreking van zwangerschap
Titel XVIII. Misdrijven tegen de persoonlijke vrijheid
Titel XIX. Misdrijven tegen het leven gericht
Titel XIXA. Afbreking van zwangerschap
Titel XXIV. Verduistering
Titel XXV. Bedrog
Titel XXVII. Vernieling of beschadiging
Boek Derde. Overtredingen
Titel XXVI. Benadeling van schuldeisers of rechthebbenden
Titel XXVI. Benadeling van schuldeisers of rechthebbenden
Titel XXVIII. Ambtsmisdrijven
Titel IV. Overtredingen betreffende de burgerlijke staat
Titel XXIX. Scheepvaart- en luchtvaartmisdrijven
Titel XXXA. Witwassen
Titel XXIX. Scheepvaart- en luchtvaartmisdrijven
Titel XXXA. Witwassen
Lasten en bevelen, dat deze in het Staatsblad zal worden geplaatst, en dat alle Ministerieele Departementen, Autoriteiten, Collegiën en Ambtenaren, wie zulks aangaat, aan de nauwkeurige uitvoering de hand zullen houden.
Artikel 83a
Onder terroristisch oogmerk wordt verstaan het oogmerk om de bevolking of een deel der bevolking van een land ernstige vrees aan te jagen, dan wel een overheid of internationale organisatie wederrechtelijk te dwingen iets te doen, niet te doen of te dulden, dan wel de fundamentele politieke, constitutionele, economische of sociale structuren van een land of een internationale organisatie ernstig te ontwrichten of te vernietigen.
Boek Tweede. Misdrijven
Slotbepaling
Titel II. Misdrijven tegen de koninklijke waardigheid
Artikel 114a
Indien een misdrijf, strafbaar gesteld in artikel 108, eerste lid, 109 of 110, is begaan met een terroristisch oogmerk, wordt de in dat artikel bepaalde tijdelijke gevangenisstraf met de helft verhoogd en wordt, indien op het misdrijf een tijdelijke gevangenisstraf van ten hoogste vijftien jaren is gesteld, levenslange gevangenisstraf of tijdelijke van ten hoogste dertig jaren opgelegd.
Artikel 114b
De samenspanning tot de in artikel 108 omschreven misdrijven, te begaan met een terroristisch oogmerk, wordt gestraft met gevangenisstraf van ten hoogste tien jaren of geldboete van de vijfde categorie.
Artikel 96, tweede lid, is van overeenkomstige toepassing.
Titel III. Misdrijven tegen hoofden van bevriende Staten en andere internationaal beschermde personen
Artikel 120a
Indien een misdrijf, strafbaar gesteld in artikel 115, eerste lid, 116, 117, eerste lid, 117a of 117b, is begaan met een terroristisch oogmerk, wordt de in dat artikel bepaalde tijdelijke gevangenisstraf met de helft verhoogd en wordt, indien op het misdrijf een tijdelijke gevangenisstraf van ten hoogste vijftien jaren is gesteld, levenslange gevangenisstraf of tijdelijke van ten hoogste dertig jaren opgelegd.
Artikel 120b
De samenspanning tot de in de artikelen 115 en 117 omschreven misdrijven, te begaan met een terroristisch oogmerk, wordt gestraft met gevangenisstraf van ten hoogste tien jaren of geldboete van de vijfde categorie.
Artikel 96, tweede lid, is van overeenkomstige toepassing.
Titel I. Misdrijven tegen de veiligheid van de staat
Artikel 130a
Indien een misdrijf, strafbaar gesteld in artikel 123 of 124, is begaan met een terroristisch oogmerk, wordt de in deze artikelen bepaalde tijdelijke gevangenisstraf met de helft verhoogd.
Titel II. Misdrijven tegen de koninklijke waardigheid
Artikel 140a
Deelneming aan een organisatie die tot oogmerk heeft het plegen van terroristische misdrijven, wordt gestraft met gevangenisstraf van ten hoogste vijftien jaren of geldboete van de vijfde categorie.
Indien een organisatie tot oogmerk heeft het plegen van terroristische misdrijven waarop naar de wettelijke omschrijving een levenslange gevangenisstraf is gesteld, wordt het in het eerste lid bedoelde feit gestraft met gevangenisstraf van ten hoogste twintig jaren of geldboete van de vijfde categorie.
Oprichters, leiders of bestuurders worden gestraft met levenslange gevangenisstraf of tijdelijke van ten hoogste dertig jaren of geldboete van de vijfde categorie.
Het vijfde lid van artikel 140 is van overeenkomstige toepassing.
Titel VI. Tweegevecht
Titel IV. Misdrijven betreffende de uitoefening van staatsplichten en staatsrechten
Artikel 176a
Indien een misdrijf, strafbaar gesteld in artikel 157, 159, 160, 161, 161bis, 161quater, 161sexies, 162, 162a, 164, 166, 168, 170, 172, 173a of 174, is begaan met een terroristisch oogmerk, wordt de in dat artikel bepaalde tijdelijke gevangenisstraf met de helft verhoogd en wordt, indien op het misdrijf een tijdelijke gevangenisstraf van ten hoogste vijftien jaren is gesteld, levenslange gevangenisstraf of tijdelijke van ten hoogste dertig jaren opgelegd.
Artikel 176b
De samenspanning tot de in de artikelen 157, 161, onderdelen 2° en 3°, 161bis, onderdelen 3° en 4°, 161quater, 161sexies, onderdelen 2° en 3°, 162, 164, 166, 168, 170, 172, 173a en 174 omschreven misdrijven, te begaan met een terroristisch oogmerk, wordt gestraft met gevangenisstraf van ten hoogste tien jaren of geldboete van de vijfde categorie.
Artikel 96, tweede lid, is van overeenkomstige toepassing.
Titel VII. Misdrijven waardoor de algemene veiligheid van personen of goederen wordt in gevaar gebracht
Titel VIII. Misdrijven tegen het openbaar gezag
Titel IX. Meineed
Titel VIII. Misdrijven tegen het openbaar gezag
Titel IX. Meineed
Titel XII. Valsheid in geschriften, opgave van onware gegevens en schending van de verplichting gegevens te verstrekken
Titel X. Valsheid in muntspeciën en munt- en bankbiljetten
Titel X. Valsheid in muntspeciën en munt- en bankbiljetten
Artikel 282b
Hij die opzettelijk iemand wederrechtelijk van de vrijheid berooft of beroofd houdt met een terroristisch oogmerk, wordt gestraft met levenslange gevangenisstraf of tijdelijke van ten hoogste dertig jaren of geldboete van de vijfde categorie.
Artikel 282, vierde lid, is van overeenkomstige toepassing.
Artikel 282c
De samenspanning tot het in artikel 282b omschreven misdrijf wordt gestraft met gevangenisstraf van ten hoogste tien jaren of geldboete van de vijfde categorie.
Artikel 96, tweede lid, is van overeenkomstige toepassing.
Artikel 288a
Doodslag, gepleegd met een terroristisch oogmerk, wordt gestraft met levenslange gevangenisstraf of tijdelijke van ten hoogste dertig jaren of geldboete van de vijfde categorie.
Artikel 289a
De samenspanning tot het in artikel 289 omschreven misdrijf, te begaan met een terroristisch oogmerk, alsmede het in artikel 288a omschreven misdrijf, wordt gestraft met gevangenisstraf van ten hoogste tien jaren of geldboete van de vijfde categorie.
Artikel 96, tweede lid, is van overeenkomstige toepassing.
Titel XIII. Misdrijven tegen de burgerlijke staat
Artikel 304a
Indien een misdrijf, strafbaar gesteld in artikel 302 of 303, is begaan met een terroristisch oogmerk, wordt de in dat artikel bepaalde tijdelijke gevangenisstraf met de helft verhoogd en wordt, indien op het misdrijf een tijdelijke gevangenisstraf van ten hoogste vijftien jaren is gesteld, levenslange gevangenisstraf of tijdelijke van ten hoogste dertig jaren opgelegd.
Artikel 304b
De samenspanning tot het in artikel 303 omschreven misdrijf, te begaan met een terroristisch oogmerk, wordt gestraft met gevangenisstraf van ten hoogste tien jaren of geldboete van de vijfde categorie.
Artikel 96, tweede lid, is van overeenkomstige toepassing.
Titel XVII. Schending van geheimen
Titel XV. Verlating van hulpbehoevenden
Titel XV. Verlating van hulpbehoevenden
Titel XVI. Belediging
Titel XXIII. Afpersing en afdreiging
Titel XIX. Misdrijven tegen het leven gericht
Titel XXI. Veroorzaken van de dood of van lichamelijk letsel door schuld
Artikel 415a
Indien een misdrijf, strafbaar gesteld in een der artikelen 385a tot en met 385d, is begaan met een terroristisch oogmerk, wordt de in dat artikel bepaalde tijdelijke gevangenisstraf met de helft verhoogd en wordt, indien op het misdrijf een tijdelijke gevangenisstraf van ten hoogste vijftien jaren is gesteld, levenslange gevangenisstraf of tijdelijke van ten hoogste dertig jaren opgelegd.
Artikel 415b
De samenspanning tot de in de artikelen 385a, 385b en 385d omschreven misdrijven, te begaan met een terroristisch oogmerk, wordt gestraft met gevangenisstraf van ten hoogste tien jaren of geldboete van de vijfde categorie.
Artikel 96, tweede lid, is van overeenkomstige toepassing.
Titel XXVI. Benadeling van schuldeisers of rechthebbenden
Boek Derde. Overtredingen
Titel XXXI. Bepalingen over herhaling van misdrijf aan verschillende titels gemeen
Titel XXVII. Vernieling of beschadiging
Artikel 447e
Hij die niet voldoet aan de verplichting om een identiteitsbewijs ter inzage aan te bieden of medewerking te verlenen aan het nemen van een of meer vingerafdrukken, hem opgelegd krachtens de Wet op de identificatieplicht, het Wetboek van Strafvordering, het Wetboek van Strafrecht, de Overleveringswet, de Uitleveringswet, de Wet overdracht tenuitvoerlegging strafvonnissen, de Penitentiaire beginselenwet, de Beginselenwet verpleging ter beschikking gestelden, de Beginselenwet justitiële jeugdinrichtingen, de Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg of de Wet zorg en dwang psychogeriatrische en verstandelijk gehandicapte cliënten, wordt gestraft met geldboete van de tweede categorie.
Titel XXIX. Scheepvaart- en luchtvaartmisdrijven
Titel XXIX. Scheepvaart- en luchtvaartmisdrijven
Titel V. Overtreding betreffende hulpbehoevenden
Titel XXXI. Financieren van terrorisme
Titel II. Overtredingen betreffende de openbare orde
Lasten en bevelen, dat deze in het Staatsblad zal worden geplaatst, en dat alle Ministerieele Departementen, Autoriteiten, Collegiën en Ambtenaren, wie zulks aangaat, aan de nauwkeurige uitvoering de hand zullen houden.
Artikel 83
Onder terroristisch misdrijf wordt verstaan:
- 1º. elk van de misdrijven omschreven in de artikelen 92 tot en met 96, 108, tweede lid, 115, tweede lid, 117, tweede lid, 121, 122, 157, onderdeel 3°, 161quater, onderdeel 2°, 164, tweede lid, 166, onderdeel 3°, 168, onderdeel 2°, 170, onderdeel 3°, 174, tweede lid, en 289, alsmede in artikel 80, tweede lid, Kernenergiewet, indien het misdrijf is begaan met een terroristisch oogmerk;
- 2º. elk van de misdrijven waarop ingevolge de artikelen 114a, 114b, 120a, 120b, 130a, 138b, vijfde lid, 176a, 176b, 282c, 289a, 304a, 304b, 354a, tweede lid,415a en 415b, alsmede artikel 80, derde lid, van de Kernenergiewet gevangenisstraf is gesteld;
- 3º. elk van de misdrijven omschreven in de artikelen 140a, 282b, 285, derde lid, en 288a, alsmede in artikel 55, vijfde lid, van de Wet wapens en munitie, artikel 6, vierde lid, van de Wet op de economische delicten, artikel 33b van de Wet explosieven voor civiel gebruik en artikel 79 van de Kernenergiewet.
Boek Tweede. Misdrijven
Slotbepaling
Slotbepaling
Titel III. Misdrijven tegen hoofden van bevriende Staten en andere internationaal beschermde personen
Titel I. Misdrijven tegen de veiligheid van de staat
Titel II. Misdrijven tegen de koninklijke waardigheid
Titel VI. Tweegevecht
Titel VII. Misdrijven waardoor de algemene veiligheid van personen of goederen wordt in gevaar gebracht
Titel VIII. Misdrijven tegen het openbaar gezag
Titel X. Valsheid in muntspeciën en munt- en bankbiljetten
Titel IX. Meineed
Titel X. Valsheid in muntspeciën en munt- en bankbiljetten
Titel XIII. Misdrijven tegen de burgerlijke staat
Titel IX. Meineed
Titel XII. Valsheid met geschriften, gegevens en biometrische kenmerken
Titel XIII. Misdrijven tegen de burgerlijke staat
Titel XVII. Schending van geheimen
Titel XV. Verlating van hulpbehoevenden
Titel XVI. Belediging
Titel XVIII. Misdrijven tegen de persoonlijke vrijheid
Titel XX. Mishandeling
Titel XIX. Misdrijven tegen het leven gericht
Titel XXI. Veroorzaken van de dood of van lichamelijk letsel door schuld
Titel XXVI. Benadeling van schuldeisers of rechthebbenden
Boek Derde. Overtredingen
Titel I. Overtredingen betreffende de algemene veiligheid van personen en goederen
Titel XXVII. Vernieling of beschadiging
Titel I. Overtredingen betreffende de algemene veiligheid van personen en goederen
Titel XXIX. Scheepvaart- en luchtvaartmisdrijven
Titel XXX. Begunstiging
Titel XXXI. Financieren van terrorisme
Titel XXXA. Witwassen
Lasten en bevelen, dat deze in het Staatsblad zal worden geplaatst, en dat alle Ministerieele Departementen, Autoriteiten, Collegiën en Ambtenaren, wie zulks aangaat, aan de nauwkeurige uitvoering de hand zullen houden.
Artikel 77hh
Vervallen
Titel IX. Betekenis van sommige in het wetboek voorkomende uitdrukkingen
Boek Tweede. Misdrijven
Titel I. Misdrijven tegen de veiligheid van de staat
Titel I. Misdrijven tegen de veiligheid van de staat
Titel III. Misdrijven tegen hoofden van bevriende Staten en andere internationaal beschermde personen
Titel II. Misdrijven tegen de koninklijke waardigheid
Titel V. Misdrijven tegen de openbare orde
Titel VI. Tweegevecht
Titel VII. Misdrijven waardoor de algemene veiligheid van personen of goederen wordt in gevaar gebracht
Titel VI. Tweegevecht
Titel X. Valsheid in muntspeciën en munt- en bankbiljetten
Titel IX. Meineed
Titel IX. Meineed
Titel X. Valsheid in muntspeciën en munt- en bankbiljetten
Titel IX. Meineed
Titel X. Valsheid in muntspeciën en munt- en bankbiljetten
Artikel 273a
De persoon werkzaam bij enige openbare instelling van vervoer die een aan zodanige instelling toevertrouwde brief, gesloten stuk of pakket opzettelijk en wederrechtelijk opent, daarvan inzage neemt of de inhoud aan een ander bekendmaakt, wordt gestraft met gevangenisstraf van ten hoogste een jaar en zes maanden of geldboete van de vierde categorie.
Titel XVI. Belediging
Titel XV. Verlating van hulpbehoevenden
Titel XV. Verlating van hulpbehoevenden
Titel XVII. Schending van geheimen
Titel XVIII. Misdrijven tegen de persoonlijke vrijheid
Titel XIX. Misdrijven tegen het leven gericht
Titel XIX. Misdrijven tegen het leven gericht
Titel XXI. Veroorzaken van de dood of van lichamelijk letsel door schuld
Titel XXX. Begunstiging
Titel XXVI. Benadeling van schuldeisers of rechthebbenden
Titel XXVI. Benadeling van schuldeisers of rechthebbenden
Boek Derde. Overtredingen
Titel XXVII. Vernieling of beschadiging
Titel XXVII. Vernieling of beschadiging
Titel XXXA. Witwassen
Titel XXXA. Witwassen
Titel XXXI. Financieren van terrorisme
Titel XXX. Begunstiging
Titel XXX. Begunstiging
Lasten en bevelen, dat deze in het Staatsblad zal worden geplaatst, en dat alle Ministerieele Departementen, Autoriteiten, Collegiën en Ambtenaren, wie zulks aangaat, aan de nauwkeurige uitvoering de hand zullen houden.
Titel III. Uitsluiting en verhoging van strafbaarheid
Titel III. Uitsluiting en verhoging van strafbaarheid
Titel IIIa. Gronden voor vermindering van straf
Titel IV. Poging en voorbereiding
Titel V. Deelneming aan strafbare feiten
Titel VIII. Verval van het recht tot strafvordering en van de straf
Titel VIII A. Bijzondere bepalingen voor jeugdigen en jongvolwassenen
Boek Tweede. Misdrijven
Titel IX. Betekenis van sommige in het wetboek voorkomende uitdrukkingen
Titel II. Misdrijven tegen de koninklijke waardigheid
Titel III. Misdrijven tegen hoofden van bevriende Staten en andere internationaal beschermde personen
Titel II. Misdrijven tegen de koninklijke waardigheid
Titel V. Misdrijven tegen de openbare orde
Titel IV. Misdrijven betreffende de uitoefening van staatsplichten en staatsrechten
Titel V. Misdrijven tegen de openbare orde
Titel VI. Tweegevecht
Titel X. Valsheid in muntspeciën en munt- en bankbiljetten
Titel X. Valsheid in muntspeciën en munt- en bankbiljetten
Titel XIII. Misdrijven tegen de burgerlijke staat
Titel XIV. Misdrijven tegen de zeden
Titel X. Valsheid in muntspeciën en munt- en bankbiljetten
Titel X. Valsheid in muntspeciën en munt- en bankbiljetten
Titel XV. Verlating van hulpbehoevenden
Titel XIV. Misdrijven tegen de zeden
Titel XIII. Misdrijven tegen de burgerlijke staat
Titel XV. Verlating van hulpbehoevenden
Titel XV. Verlating van hulpbehoevenden
Titel XIX. Misdrijven tegen het leven gericht
Titel XIX. Misdrijven tegen het leven gericht
Titel XXII. Diefstal en stroperij
Titel XXIX. Scheepvaart- en luchtvaartmisdrijven
Titel XXVI. Benadeling van schuldeisers of rechthebbenden
Titel XXVI. Benadeling van schuldeisers of rechthebbenden
Boek Derde. Overtredingen
Titel XXVII. Vernieling of beschadiging
Titel XXVII. Vernieling of beschadiging
Titel XXXA. Witwassen
Titel XXXI. Financieren van terrorisme
Titel XXX. Begunstiging
Lasten en bevelen, dat deze in het Staatsblad zal worden geplaatst, en dat alle Ministerieele Departementen, Autoriteiten, Collegiën en Ambtenaren, wie zulks aangaat, aan de nauwkeurige uitvoering de hand zullen houden.
Artikel 78a
Waar in dit wetboek de bevoegdheid wordt gegeven tot het horen, verhoren of ondervragen van personen, wordt daaronder, met uitzondering van bij algemene maatregel van bestuur te bepalen gevallen, mede begrepen horen, verhoren of ondervragen per videoconferentie, waarbij een directe beeld- en geluidsverbinding totstandkomt tussen de betrokken personen.
De voorzitter van het college, de rechter, de rechter-commissaris of ambtenaar die met de leiding over het horen is belast, beslist of van videoconferentie gebruik gemaakt wordt, waarbij het belang van het onderzoek in aanmerking wordt genomen. Alvorens te beslissen wordt de te horen persoon of diens raadsman en in voorkomende gevallen de officier van justitie, in de gelegenheid gesteld hun mening kenbaar te maken over de toepassing van videoconferentie. Bij algemene maatregel van bestuur kunnen hierover nadere regels worden gesteld.
Tegen de beslissing om van videoconferentie gebruik te maken staat geen afzonderlijk rechtsmiddel open.
Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur worden regels gesteld omtrent:
- a. de eisen waaraan de techniek van videoconferentie dient te voldoen, onder meer met het oog op de onschendbaarheid van vastgelegde waarnemingen;
- b. de controle op de naleving van de eisen, bedoeld onder a.
Boek Tweede. Misdrijven
Slotbepaling
Titel I. Misdrijven tegen de veiligheid van de staat
Titel III. Misdrijven tegen hoofden van bevriende Staten en andere internationaal beschermde personen
Titel IV. Misdrijven betreffende de uitoefening van staatsplichten en staatsrechten
Titel V. Misdrijven tegen de openbare orde
Titel VII. Misdrijven waardoor de algemene veiligheid van personen of goederen wordt in gevaar gebracht
Titel X. Valsheid in muntspeciën en munt- en bankbiljetten
Titel VIII. Misdrijven tegen het openbaar gezag
Titel X. Valsheid in muntspeciën en munt- en bankbiljetten
Titel XI. Valsheid in zegels en merken
Titel XV. Verlating van hulpbehoevenden
Titel XIX. Misdrijven tegen het leven gericht
Titel XIXA. Afbreking van zwangerschap
Titel XIX. Misdrijven tegen het leven gericht
Titel XXI. Veroorzaken van de dood of van lichamelijk letsel door schuld
Boek Derde. Overtredingen
Titel XXVII. Vernieling of beschadiging
Titel XXIX. Scheepvaart- en luchtvaartmisdrijven
Titel XXXA. Witwassen
Titel XXX. Begunstiging
Titel XXX. Begunstiging
Lasten en bevelen, dat deze in het Staatsblad zal worden geplaatst, en dat alle Ministerieele Departementen, Autoriteiten, Collegiën en Ambtenaren, wie zulks aangaat, aan de nauwkeurige uitvoering de hand zullen houden.
Artikel 43a
De op een misdrijf gestelde tijdelijke gevangenisstraf of hechtenis kan, onverminderd artikel 10, met een derde worden verhoogd indien tijdens het plegen van het misdrijf nog geen vijf jaren zijn verlopen sedert een vroegere veroordeling van de schuldige tot gevangenisstraf wegens een daaraan soortgelijk misdrijf in kracht van gewijsde is gegaan. De termijn van vijf jaren wordt verlengd met de tijd waarin de veroordeelde rechtens zijn vrijheid is ontnomen.
Artikel 43b
Als misdrijven welke soortgelijk zijn aan elkaar worden in elk geval aangemerkt:
- 1°. de misdrijven omschreven in de artikelen 105, 174, 208 tot en met 210, 213, 214, 216 tot en met 222bis, 225 tot en met 232, 310, 311, 312, 315, 317, 318, 321 tot en met 323a, 326 tot en met 332, 341, 343, 344, 359, 361, 366, 373, laatste lid, 402, 416, 417, 420bis, 420bis.1 en 420ter;
- 2°. de misdrijven omschreven in de artikelen 92, 108, 109, 110, 115, 116, 117 tot en met 117b, 141, 181, 182, 287 tot en met 291, 293, eerste lid, 296, 300 tot en met 303, 381, 382, 395 en 396;
- 3°. de misdrijven omschreven in de artikelen 261 tot en met 271, 418 en 419;
- 4°. de misdrijven omschreven in de Opiumwet;
- 5°. de misdrijven omschreven in de Wet wapens en munitie;
- 6°. de misdrijven omschreven in de Wegenverkeerswet 1994.
Artikel 43c
Vervallen
Titel IIIa. Gronden voor vermindering van straf
Titel IV. Poging en voorbereiding
Titel IV. Poging en voorbereiding
Titel IV. Poging en voorbereiding
Titel VI. Samenloop van strafbare feiten
Titel IX. Betekenis van sommige in het wetboek voorkomende uitdrukkingen
Boek Tweede. Misdrijven
Titel I. Misdrijven tegen de veiligheid van de staat
Titel II. Misdrijven tegen de koninklijke waardigheid
Slotbepaling
Artikel 121a
Hij die door geweld of bedreiging met geweld een vergadering van een commissie uit de beide kamers der Staten-Generaal of uit een van deze uiteenjaagt of tot het nemen of niet nemen van enig besluit dwingt of een lid, een minister of een staatssecretaris uit die vergadering verwijdert of opzettelijk verhindert die bij te wonen of daarin vrij en onbelemmerd zijn plicht te vervullen, wordt gestraft met gevangenisstraf van ten hoogste negen jaren of geldboete van de vijfde categorie.
Artikel 123a
Hij die door geweld of bedreiging met geweld een vergadering van een door de staten van een provincie ingestelde commissie uiteenjaagt of tot het nemen of niet nemen van enig besluit dwingt of een lid, een gedeputeerde of de commissaris van de Koning uit die vergadering verwijdert of opzettelijk verhindert die bij te wonen of daarin vrij en onbelemmerd zijn plicht te vervullen, wordt gestraft met gevangenisstraf van ten hoogste vier jaren of geldboete van de vierde categorie.
Artikel 124a
Hij die door geweld of bedreiging met geweld een vergadering van een door de raad van een gemeente ingestelde commissie uiteenjaagt of tot het nemen of niet nemen van enig besluit dwingt of een lid, een wethouder of de burgemeester uit die vergadering verwijdert of opzettelijk verhindert die bij te wonen of daarin vrij en onbelemmerd zijn plicht te vervullen, wordt gestraft met gevangenisstraf van ten hoogste vier jaren of geldboete van de vierde categorie.
Titel II. Misdrijven tegen de koninklijke waardigheid
Artikel 142a
Hij die een voorwerp verzendt of op een al dan niet voor het publiek toegankelijke plaats achterlaat of plaatst, met het oogmerk een ander ten onrechte te doen geloven dat daardoor een ontploffing kan worden teweeggebracht, wordt gestraft met gevangenisstraf van ten hoogste vier jaren of geldboete van de vierde categorie.
Met dezelfde straf wordt gestraft hij die gegevens doorgeeft met het oogmerk een ander ten onrechte te doen geloven dat op een al dan niet voor het publiek toegankelijke plaats een voorwerp aanwezig is waardoor een ontploffing kan worden teweeggebracht.
Titel VI. Tweegevecht
Titel VII. Misdrijven waardoor de algemene veiligheid van personen of goederen wordt in gevaar gebracht
Titel VIII. Misdrijven tegen het openbaar gezag
Titel VIII. Misdrijven tegen het openbaar gezag
Titel IX. Meineed
Titel XI. Valsheid in zegels en merken
Titel XIXA. Afbreking van zwangerschap
Titel XXIII. Afpersing en afdreiging
Titel XXVII. Vernieling of beschadiging
Titel XXVII. Vernieling of beschadiging
Boek Derde. Overtredingen
Titel XXVIII. Ambtsmisdrijven
Titel XXXA. Witwassen
Titel XXXI. Financieren van terrorisme
Titel XXX. Begunstiging
Lasten en bevelen, dat deze in het Staatsblad zal worden geplaatst, en dat alle Ministerieele Departementen, Autoriteiten, Collegiën en Ambtenaren, wie zulks aangaat, aan de nauwkeurige uitvoering de hand zullen houden.
Artikel 44a
Op vordering van de officier van justitie kan de rechter na een op grond van artikel 226h, derde lid, van het Wetboek van Strafvordering gemaakte afspraak de straf verminderen die hij overwoog op te leggen op de in het tweede lid bepaalde wijze. Bij de strafvermindering houdt de rechter ermee rekening dat door het afleggen van een getuigenverklaring een belangrijke bijdrage is of kan worden geleverd aan de opsporing of vervolging van misdrijven.
Bij toepassing van het eerste lid kan de strafvermindering bestaan in:
- a. maximaal de helft bij een onvoorwaardelijke tijdelijke vrijheidsstraf, taakstraf of geldboete, of
- b. de omzetting van maximaal de helft van het onvoorwaardelijke gedeelte van een vrijheidsstraf, taakstraf of van een geldboete in een voorwaardelijk gedeelte, of
- c. de vervanging van maximaal een derde gedeelte van een vrijheidsstraf door taakstraf of een onvoorwaardelijke geldboete.
Bij toepassing van het tweede lid, onder b, blijft artikel 14a, eerste en tweede lid, buiten toepassing.
Titel V. Deelneming aan strafbare feiten
Titel VI. Samenloop van strafbare feiten
Titel IV. Poging en voorbereiding
Titel VI. Samenloop van strafbare feiten
Titel IX. Betekenis van sommige in het wetboek voorkomende uitdrukkingen
Titel IX. Betekenis van sommige in het wetboek voorkomende uitdrukkingen
Boek Tweede. Misdrijven
Titel I. Misdrijven tegen de veiligheid van de staat
Titel I. Misdrijven tegen de veiligheid van de staat
Slotbepaling
Slotbepaling
Titel III. Misdrijven tegen hoofden van bevriende Staten en andere internationaal beschermde personen
Titel VI. Tweegevecht
Titel V. Misdrijven tegen de openbare orde
Titel VI. Tweegevecht
Titel XI. Valsheid in zegels en merken
Titel IX. Meineed
Titel XVIII. Misdrijven tegen de persoonlijke vrijheid
Titel XVIII. Misdrijven tegen de persoonlijke vrijheid
Titel XXIII. Afpersing en afdreiging
Boek Derde. Overtredingen
Titel XXVIII. Ambtsmisdrijven
Titel XXXI. Financieren van terrorisme
Titel XXX. Begunstiging
Titel XXX. Begunstiging
Lasten en bevelen, dat deze in het Staatsblad zal worden geplaatst, en dat alle Ministerieele Departementen, Autoriteiten, Collegiën en Ambtenaren, wie zulks aangaat, aan de nauwkeurige uitvoering de hand zullen houden.
Artikel 78b
Waar van veroordeling wordt gesproken wordt daaronder een strafbeschikking begrepen, voorzover niet uit enige bepaling het tegendeel volgt.
Titel IX. Betekenis van sommige in het wetboek voorkomende uitdrukkingen
Boek Tweede. Misdrijven
Titel I. Misdrijven tegen de veiligheid van de staat
Titel I. Misdrijven tegen de veiligheid van de staat
Slotbepaling
Titel I. Misdrijven tegen de veiligheid van de staat
Titel IV. Misdrijven betreffende de uitoefening van staatsplichten en staatsrechten
Artikel 138b
Met gevangenisstraf van ten hoogste twee jaren of geldboete van de vierde categorie wordt gestraft hij die opzettelijk en wederrechtelijk de toegang tot of het gebruik van een geautomatiseerd werk belemmert door daaraan gegevens aan te bieden of toe te zenden.
Indien het feit wordt gepleegd:
- a. met behulp van een aanzienlijk aantal geautomatiseerde werken die getroffen zijn door het gebruik van een middel als bedoeld in artikel 139d, tweede lid, dat hoofdzakelijk daarvoor geschikt is gemaakt of ontworpen; of
- b. met het oogmerk om zich of een ander wederrechtelijk te bevoordelen,
wordt de schuldige gestraft met gevangenisstraf van ten hoogste drie jaren of geldboete van de vierde categorie.
Indien het feit ernstige schade veroorzaakt, of is gepleegd tegen een geautomatiseerd werk behorende tot de vitale infrastructuur, wordt de schuldige gestraft met een gevangenisstraf van ten hoogste vijf jaren of geldboete van de vierde categorie.
Indien het feit is gepleegd ten behoeve van een buitenlandse mogendheid wordt de op het feit gestelde gevangenisstraf met een derde verhoogd.
Indien het feit wordt gepleegd met het oogmerk om een terroristisch misdrijf voor te bereiden of gemakkelijk te maken, wordt de op het feit gestelde gevangenisstraf met een derde verhoogd.
Indien een feit is begaan met een terroristisch oogmerk, wordt de op het feit gestelde gevangenisstraf met de helft verhoogd.
Titel VI. Tweegevecht
Titel V. Misdrijven tegen de openbare orde
Titel VIII. Misdrijven tegen het openbaar gezag
Titel X. Valsheid in muntspeciën en munt- en bankbiljetten
Titel XI. Valsheid in zegels en merken
Titel IX. Meineed
Titel XII. Valsheid met geschriften, gegevens en biometrische kenmerken
Titel XV. Verlating van hulpbehoevenden
Titel XVII. Schending van geheimen
Titel XIXA. Afbreking van zwangerschap
Titel XIXA. Afbreking van zwangerschap
Titel XXIII. Afpersing en afdreiging
Titel XXIX. Scheepvaart- en luchtvaartmisdrijven
Titel XXX. Begunstiging
Boek Derde. Overtredingen
Titel XXIX. Scheepvaart- en luchtvaartmisdrijven
Titel I. Overtredingen betreffende de algemene veiligheid van personen en goederen
Titel XXXA. Witwassen
Lasten en bevelen, dat deze in het Staatsblad zal worden geplaatst, en dat alle Ministerieele Departementen, Autoriteiten, Collegiën en Ambtenaren, wie zulks aangaat, aan de nauwkeurige uitvoering de hand zullen houden.
Artikel 273b
De persoon werkzaam bij enige openbare instelling van vervoer die een aan zodanige instelling toevertrouwde brief, briefkaart, stuk of pakket opzettelijk aan een ander dan de rechthebbende afgeeft, vernietigt, wegmaakt, zich toe-eigent, of de inhoud wijzigt of enig daarin gesloten voorwerp zich toe-eigent, wordt gestraft met gevangenisstraf van ten hoogste vier jaren of geldboete van de vierde categorie.
Indien zodanig stuk of voorwerp geldswaarde heeft, wordt de toe-eigening gestraft met gevangenisstraf van ten hoogste zes jaren of geldboete van de vierde categorie.
Artikel 273c
De persoon belast met de dienst van een ten algemenen nutte gebezigde telegraafinrichting wordt gestraft:
- a. met gevangenisstraf van ten hoogste een jaar en zes maanden of geldboete van de vierde categorie, indien hij de inhoud van een aan zodanige inrichting toevertrouwd bericht opzettelijk en wederrechtelijk aan een ander bekendmaakt of een telegram opzettelijk en wederrechtelijk opent, daarvan inzage neemt of de inhoud aan een ander bekendmaakt;
- b. met gevangenisstraf van ten hoogste vier jaren of geldboete van de vierde categorie, indien hij een aan zodanige inrichting toevertrouwd bericht of een telegram opzettelijk aan een ander dan de rechthebbende afgeeft, vernietigt, wegmaakt, zich toe-eigent of de inhoud wijzigt.
Artikel 273d
Met gevangenisstraf van ten hoogste een jaar en zes maanden of geldboete van de vierde categorie wordt gestraft de persoon werkzaam bij een aanbieder van een openbaar communicatienetwerk of een openbare communicatiedienst:
- a. die opzettelijk en wederrechtelijk van gegevens kennisneemt die door tussenkomst van zodanig netwerk of zodanige dienst zijn opgeslagen, worden verwerkt of overgedragen en die niet voor hem zijn bestemd, zodanige gegevens voor zichzelf of een ander overneemt, aftapt of opneemt;
- b. die de beschikking heeft over een voorwerp waaraan, naar hij weet of redelijkerwijs moet vermoeden, een gegeven kan worden ontleend, dat door wederrechtelijk overnemen, aftappen of opnemen van zodanige gegevens is verkregen;
- c. die opzettelijk en wederrechtelijk de inhoud van zodanige gegevens aan een ander bekendmaakt;
- d. die opzettelijk en wederrechtelijk een voorwerp waaraan een gegeven omtrent de inhoud van zodanige gegevens kan worden ontleend, ter beschikking stelt van een ander.
Het eerste lid is van overeenkomstige toepassing op de persoon werkzaam bij een aanbieder van een niet-openbaar communicatienetwerk of een niet-openbare communicatiedienst.
Artikel 273e
Enig in de artikelen 273a tot en met 273d bedoeld persoon die opzettelijk toelaat dat een ander een der in deze artikelen vermelde feiten pleegt, of die ander daarbij als medeplichtige ter zijde staat, wordt gestraft met de straffen en naar de onderscheidingen in die bepalingen vastgesteld.
Artikel 273f
Als schuldig aan mensenhandel wordt met gevangenisstraf van ten hoogste twaalf jaren of geldboete van de vijfde categorie gestraft:
- 1°. degene die een ander door dwang, geweld of een andere feitelijkheid of door dreiging met geweld of een andere feitelijkheid, door afpersing, fraude, misleiding dan wel door misbruik van uit feitelijke omstandigheden voortvloeiend overwicht, door misbruik van een kwetsbare positie of door het geven of ontvangen van betalingen of voordelen om de instemming van een persoon te verkrijgen die zeggenschap over die ander heeft, werft, vervoert, overbrengt, huisvest of opneemt, met inbegrip van de wisseling of overdracht van de controle over die ander, met het oogmerk van uitbuiting van die ander of de verwijdering van diens organen;
- 2°. degene die een ander werft, vervoert, overbrengt, huisvest of opneemt, met inbegrip van de wisseling of overdracht van de controle over die ander, met het oogmerk van uitbuiting van die ander of de verwijdering van diens organen, terwijl die ander de leeftijd van achttien jaren nog niet heeft bereikt;
- 3°. degene die een ander aanwerft, medeneemt of ontvoert met het oogmerk die ander in een ander land ertoe te brengen zich beschikbaar te stellen tot het verrichten van seksuele handelingen met of voor een derde tegen betaling;
- 4°. degene die een ander met een van de onder 1° genoemde middelen dwingt of beweegt zich beschikbaar te stellen tot het verrichten van arbeid of diensten of zijn organen beschikbaar te stellen dan wel onder de onder 1° genoemde omstandigheden enige handeling onderneemt waarvan hij weet of redelijkerwijs moet vermoeden dat die ander zich daardoor beschikbaar stelt tot het verrichten van arbeid of diensten of zijn organen beschikbaar stelt;
- 5°. degene die een ander ertoe brengt zich beschikbaar te stellen tot het verrichten van seksuele handelingen met of voor een derde tegen betaling of zijn organen tegen betaling beschikbaar te stellen dan wel ten aanzien van een ander enige handeling onderneemt waarvan hij weet of redelijkerwijs moet vermoeden dat die ander zich daardoor beschikbaar stelt tot het verrichten van die handelingen of zijn organen tegen betaling beschikbaar stelt, terwijl die ander de leeftijd van achttien jaren nog niet heeft bereikt;
- 6°. degene die opzettelijk voordeel trekt uit de uitbuiting van een ander;
- 7°. degene die opzettelijk voordeel trekt uit de verwijdering van organen van een ander, terwijl hij weet of redelijkerwijs moet vermoeden dat diens organen onder de onder 1° bedoelde omstandigheden zijn verwijderd;
- 8°. degene die opzettelijk voordeel trekt uit seksuele handelingen van een ander met of voor een derde tegen betaling of de verwijdering van diens organen tegen betaling, terwijl die ander de leeftijd van achttien jaren nog niet heeft bereikt;
- 9°. degene die een ander met een van de onder 1° genoemde middelen dwingt dan wel beweegt hem te bevoordelen uit de opbrengst van diens seksuele handelingen met of voor een derde of van de verwijdering van diens organen.
Uitbuiting omvat ten minste uitbuiting van een ander in de prostitutie, andere vormen van seksuele uitbuiting, gedwongen of verplichte arbeid of diensten, met inbegrip van bedelarij, slavernij en met slavernij te vergelijken praktijken, dienstbaarheid en uitbuiting van strafbare activiteiten.
De schuldige wordt gestraft met gevangenisstraf van ten hoogste vijftien jaren of geldboete van de vijfde categorie, indien:
- 1°. de feiten, omschreven in het eerste lid, worden gepleegd door twee of meer verenigde personen;
- 2°. degene ten aanzien van wie de in het eerste lid omschreven feiten worden gepleegd een persoon is die de leeftijd van achttien jaren nog niet heeft bereikt dan wel een ander persoon is bij wie misbruik van een kwetsbare positie wordt gemaakt;
- 3°. de feiten, omschreven in het eerste lid, zijn voorafgegaan, vergezeld of gevolgd van geweld.
Indien een van de in het eerste lid omschreven feiten zwaar lichamelijk letsel ten gevolge heeft of daarvan levensgevaar voor een ander te duchten is, wordt gevangenisstraf van ten hoogste achttien jaren of geldboete van de vijfde categorie opgelegd.
Indien een van de in het eerste lid omschreven feiten de dood ten gevolge heeft, wordt levenslange gevangenisstraf of tijdelijke van ten hoogste dertig jaren of geldboete van de vijfde categorie opgelegd.
Onder kwetsbare positie wordt mede begrepen een situatie waarin een persoon geen andere werkelijke of aanvaardbare keuze heeft dan het misbruik te ondergaan.
Artikel 254a is van overeenkomstige toepassing.
Titel XVI. Belediging
Titel XVIII. Misdrijven tegen de persoonlijke vrijheid
Titel XXV. Bedrog
Titel XIXA. Afbreking van zwangerschap
Boek Derde. Overtredingen
Titel I. Overtredingen betreffende de algemene veiligheid van personen en goederen
Titel XXX. Begunstiging
Titel XXXA. Witwassen
Lasten en bevelen, dat deze in het Staatsblad zal worden geplaatst, en dat alle Ministerieele Departementen, Autoriteiten, Collegiën en Ambtenaren, wie zulks aangaat, aan de nauwkeurige uitvoering de hand zullen houden.
Artikel 15i
Vervallen
Artikel 15j
Vervallen
Artikel 15k
Vervallen
Artikel 15l
Vervallen
Titel IIA. Maatregelen
afdeling Eerste. Onttrekking aan het verkeer, ontneming van het wederrechtelijk verkregen voordeel en schadevergoeding
afdeling Eerste. Onttrekking aan het verkeer, ontneming van het wederrechtelijk verkregen voordeel en schadevergoeding
afdeling Derde. Plaatsing in een inrichting voor stelselmatige daders
Titel III. Uitsluiting en verhoging van strafbaarheid
Titel III. Uitsluiting en verhoging van strafbaarheid
Titel V. Deelneming aan strafbare feiten
Titel VIII A. Bijzondere bepalingen voor jeugdige personen
Artikel 77wa
De rechter kan bepalen dat het in artikel 77w, derde lid, bedoelde programma geheel of ten dele komt te bestaan uit een vorm van jeugdhulp als bedoeld in artikel 1.1 van de Jeugdwet.
Indien de rechter toepassing heeft gegeven aan het bepaalde in het eerste lid, doet de raad daarvan onverwijld mededeling aan de gecertificeerde instelling, bedoeld in artikel 1.1 van de Jeugdwet.
Artikel 77wb
In het vonnis waarbij de maatregel betreffende het gedrag van de jeugdige wordt opgelegd, beveelt de rechter voor het geval dat de veroordeelde niet naar behoren aan de tenuitvoerlegging van de maatregel heeft meegewerkt, dat vervangende jeugddetentie zal worden toegepast.
De duur van de vervangende jeugddetentie wordt in gehele dagen, weken of maanden vastgesteld. Voor elke maand waarvoor de maatregel is opgelegd beloopt de vervangende jeugddetentie maximaal een maand.
Artikel 77wc
In het vonnis waarbij de maatregel betreffende het gedrag van de jeugdige wordt opgelegd, beveelt de rechter voor het geval dat de veroordeelde niet naar behoren aan de tenuitvoerlegging van de maatregel heeft meegewerkt, dat vervangende jeugddetentie zal worden toegepast.
De duur van de vervangende jeugddetentie wordt in gehele dagen, weken of maanden vastgesteld. Voor elke maand waarvoor de maatregel is opgelegd beloopt de vervangende jeugddetentie maximaal een maand.
Artikel 77wd
Vervallen
Titel IX. Betekenis van sommige in het wetboek voorkomende uitdrukkingen
Titel IX. Betekenis van sommige in het wetboek voorkomende uitdrukkingen
Boek Tweede. Misdrijven
Titel I. Misdrijven tegen de veiligheid van de staat
Titel IV. Misdrijven betreffende de uitoefening van staatsplichten en staatsrechten
Titel III. Misdrijven tegen hoofden van bevriende Staten en andere internationaal beschermde personen
Titel V. Misdrijven tegen de openbare orde
Titel VII. Misdrijven waardoor de algemene veiligheid van personen of goederen wordt in gevaar gebracht
Titel VII. Misdrijven waardoor de algemene veiligheid van personen of goederen wordt in gevaar gebracht
Titel IX. Meineed
Titel XI. Valsheid in zegels en merken
Titel XXI. Veroorzaken van de dood of van lichamelijk letsel door schuld
Titel XX. Mishandeling
Titel XX. Mishandeling
Titel XXI. Veroorzaken van de dood of van lichamelijk letsel door schuld
Boek Derde. Overtredingen
Titel XXXA. Witwassen
Titel XXX. Begunstiging
Titel XXXA. Witwassen
Titel XXXI. Financieren van terrorisme
Lasten en bevelen, dat deze in het Staatsblad zal worden geplaatst, en dat alle Ministerieele Departementen, Autoriteiten, Collegiën en Ambtenaren, wie zulks aangaat, aan de nauwkeurige uitvoering de hand zullen houden.
Artikel 77w
De maatregel betreffende het gedrag van de jeugdige kan slechts worden opgelegd, indien:
- a. de ernst van het begane misdrijf of de veelvuldigheid van de begane misdrijven of voorafgegane veroordelingen wegens misdrijf hiertoe aanleiding geven, en
- b. de maatregel in het belang is van een zo gunstig mogelijke verdere ontwikkeling van de verdachte.
De rechter legt de maatregel slechts op, nadat hij zich een met redenen omkleed, gedagtekend en ondertekend advies heeft doen overleggen van de raad voor de kinderbescherming, dat wordt ondersteund door ten minste een gedragsdeskundige. Indien dit advies eerder dan een jaar voor de aanvang van de terechtzitting is gedagtekend kan de rechter hier slechts gebruik van maken met instemming van het openbaar ministerie en de verdachte. Indien de maatregel met toepassing van artikel 77c wordt opgelegd aan een jongvolwassene die ten tijde van het misdrijf of de misdrijven die voor het opleggen van de maatregel aanleiding geeft of geven, de leeftijd van achttien jaren maar nog niet de leeftijd van drieëntwintig jaren heeft bereikt, kan een advies van de raad voor de kinderbescherming achterwege blijven en wordt met een advies van een gedragsdeskundige volstaan.
De rechter geeft in zijn uitspraak aan waar de maatregel uit bestaat. De maatregel kan inhouden dat de veroordeelde aan een programma deelneemt in een door de rechter aan te wijzen instelling of dat de veroordeelde een ambulant programma zal volgen onder begeleiding van een door de rechter aan te wijzen organisatie.
De rechter kan, ter ondersteuning van het programma, bedoeld in het derde lid, bevelen dat de veroordeelde gedurende de nacht in een inrichting als bedoeld in de Beginselenwet justitiële jeugdinrichtingen verblijft.
Aan het programma kan elektronisch toezicht worden verbonden.
De rechter kan bij zijn uitspraak, ambtshalve of op vordering van het openbaar ministerie, bevelen dat het programma dadelijk uitvoerbaar is, indien er ernstig rekening mee moet worden gehouden dat de veroordeelde opnieuw een strafbaar feit zal plegen of zich belastend zal gedragen en de dadelijke uitvoerbaarheid in het belang van de jeugdige is.
Het bevel, bedoeld in het zesde lid, kan door de rechter die kennisneemt van het hoger beroep, ambtshalve, op verzoek van de veroordeelde of op vordering van het openbaar ministerie, worden opgeheven.
De maatregel wordt opgelegd voor de tijd van ten minste zes maanden en ten hoogste een jaar.
De maatregel eindigt van rechtswege bij het onherroepelijk worden van een rechterlijke uitspraak waarbij de verdachte opnieuw de maatregel of de maatregel plaatsing in een inrichting voor jeugdigen wordt opgelegd.
Titel IX. Betekenis van sommige in het wetboek voorkomende uitdrukkingen
Slotbepaling
Boek Tweede. Misdrijven
Titel I. Misdrijven tegen de veiligheid van de staat
Titel III. Misdrijven tegen hoofden van bevriende Staten en andere internationaal beschermde personen
Titel IV. Misdrijven betreffende de uitoefening van staatsplichten en staatsrechten
Titel VI. Tweegevecht
Titel VIII. Misdrijven tegen het openbaar gezag
Titel IX. Meineed
Titel XI. Valsheid in zegels en merken
Titel XVII. Schending van geheimen
Titel XVIII. Misdrijven tegen de persoonlijke vrijheid
Titel XXIV. Verduistering
Titel XXVIII. Ambtsmisdrijven
Boek Derde. Overtredingen
Titel I. Overtredingen betreffende de algemene veiligheid van personen en goederen
Titel XXXI. Financieren van terrorisme
Titel I. Overtredingen betreffende de algemene veiligheid van personen en goederen
Lasten en bevelen, dat deze in het Staatsblad zal worden geplaatst, en dat alle Ministerieele Departementen, Autoriteiten, Collegiën en Ambtenaren, wie zulks aangaat, aan de nauwkeurige uitvoering de hand zullen houden.
Artikel 192b
De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.
Deze tekst wordt gepubliceerd onder de eigen hergebruiksvoorwaarden van BWB, niet onder een licentie van Legalize of van het publieke domein.
BWB
CC0 1.0 Universeel (publiek domein)