Wijzigingsgeschiedenis
Besluit van 16 maart 1994, houdende vaststelling van regels over het overleg over politie-ambtenarenzaken en over de medezeggenschap bij de politie
16 versions
· 2025-04-01
2025-04-01
Besluit overleg en medezeggenschap politie 1994 — arts. 6, 26, 27, 30
2024-01-20
Besluit overleg en medezeggenschap politie 1994 — arts. 6, 26, 27, 30
2020-01-01
Besluit overleg en medezeggenschap politie 1994
2018-07-01
Besluit overleg en medezeggenschap politie 1994 — arts. 6, 9, 26 y 3 má
2017-12-15
Besluit overleg en medezeggenschap politie 1994 — arts. 6, 9, 26 y 3 má
2017-06-23
Besluit overleg en medezeggenschap politie 1994 — arts. 6, 9, 26 y 3 má
2017-01-01
Besluit overleg en medezeggenschap politie 1994 — arts. 4, 4, 6 y 11 má
2013-07-26
Besluit overleg en medezeggenschap politie 1994 — arts. 4, 6, 9 y 4 más
2013-01-01
Besluit overleg en medezeggenschap politie 1994
2009-08-27
Besluit overleg en medezeggenschap politie 1994 — arts. 4, 4, 6 y 25 má
2007-02-09
Besluit overleg en medezeggenschap politie 1994 — arts. 4, 4, 6 y 25 má
2006-12-22
Besluit overleg en medezeggenschap politie 1994 — arts. 4, 4, 4 y 39 má
2006-08-01
Besluit overleg en medezeggenschap politie 1994 — arts. 4, 4, 4 y 53 má
2006-01-01
Besluit overleg en medezeggenschap politie 1994 — arts. 4, 4, 4 y 39 má
2001-01-01
Besluit overleg en medezeggenschap politie 1994 — arts. 4, 5, 6 y 37 má
Wijzigingen op 2001-01-01
@@ -637,181 +637,3 @@
Dit besluit wordt aangehaald als: Besluit overleg en medezeggenschap politie 1994.
Lasten en bevelen dat dit besluit met de daarbij behorende nota van toelichting in het **Staatsblad** zal worden geplaatst.
##### Artikel 22ab
1. De Commissie LSOP bestaat uit vertegenwoordigers van:
- a. de verenigingen van ambtenaren, bedoeld in [artikel 2, tweede lid, onder a tot en met d](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0006518&hoofdstuk=II&afdeling=1&artikel=2&z=2013-01-01&g=2013-01-01);
- b. andere door de bestuursraad van het LSOP tot het overleg toegelaten verenigingen van ambtenaren die eveneens representatief zijn, onder meer gelet op het aantal ambtenaren dat zij vertegenwoordigen en welke aangesloten zijn bij een Centrale en tegen wier toelating het algemeen belang zich niet verzet.
2. Elke vereniging van ambtenaren, bedoeld in het eerste lid, is bevoegd tot aanwijzing van twee leden en twee plaatsvervangende leden van de Commissie LSOP. Indien verschillende verenigingen van ambtenaren zijn aangesloten bij dezelfde centrale, zijn deze verenigingen slechts gezamenlijk bevoegd tot aanwijzing van vertegenwoordigers.
3. De bestuursraad van het LSOP kan een toelating tot het overleg krachtens het tweede lid schorsen en een toelating tot het overleg krachtens het eerste lid, onder b, intrekken, indien naar zijn oordeel de vereniging van ambtenaren niet meer representatief is, dan wel indien het algemeen belang zich tegen haar verdere toelating verzet.
4. Schorsing onderscheidenlijk intrekking van de toelating tot de Commissie van een vereniging van ambtenaren heeft van rechtswege ten gevolge schorsing onderscheidenlijk intrekking van de toelating tot Commissie LSOP.
5. In afwijking van het eerste lid, kan Onze Minister, de Commissie gehoord, bepalen dat ook verenigingen van ambtenaren die niet zijn aangesloten bij een Centrale, tot de Commissie LSOP worden toegelaten.
##### Artikel 22ac
1. Over aangelegenheden van algemeen belang voor de rechtstoestand van de ambtenaar, met inbegrip van de algemene regels volgens welke het personeelsbeleid zal worden gevoerd, die uitsluitend het LSOP bestreffen en bovendien niet ontleend zijn aan noch vergelijkbaar zijn met een aangelegenheid als bedoeld in [artikel 3, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0006518&hoofdstuk=II&afdeling=1&artikel=3&z=2013-01-01&g=2013-01-01), wordt niet beslist dan nadat daarover door of namens de bestuursraad van het LSOP overleg is gepleegd met de Commissie LSOP.
2. het eerste lid blijft buiten toepassing:
- a. met betrekking tot bij of krachtens de wet gegeven regels over aangelegenheden waarover overleg is gepleegd met de Commissie indien die regels onverkort van toepassing zijn op de ambtenaar;
- b. indien Onze Minister overleg met de Commissie wenselijk acht of de voorzitter van het overleg met de Commissie LSOP dan wel een van de leden van de Commissie LSOP aan Onze Minister kenbaar maakt dat overleg te wensen.
3. het in het tweede lid, onder b, bedoelde overleg met de Commissie vindt eerst plaats nadat zij het standpunt van de Commissie LSOP ter zake in afschrift heeft ontvangen.
4. Een voorstel strekkende tot invoering of wijziging van een regeling met rechten of verplichtingen van individuele ambtenaren, die een uitwerking is van een voorstel waarover in het in [artikel 2, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0006518&hoofdstuk=II&afdeling=1&artikel=2&z=2013-01-01&g=2013-01-01), bedoelde overleg overeenstemming is bereikt, wordt slechts ter uitvoer gebracht indien daarover overeenstemming bestaat met de Commissie LSOP.
##### Artikel 22ad
1. Het overleg staat onder voorzitterschap van de bestuursraad van het LSOP.
2. De bestuursraad van het LSOP wijst een lid aan van als plaatsvervangend voorzitter.
3. De voorzitter wordt tijdens het overleg ter zijde gestaan door functionarissen die daartoe door de bestuursraad van het LSOP worden aangewezen.
4. het secretariaat van het overleg wordt gevoerd door een door de bestuursraad van het LSOP benoemde secretaris of daartoe aangewezen functionaris, die onder leiding van de voorzitter die beschikbaar staat van deze, van de in het derde lid bedoelde functionarissen en van de leden van de Commissie LSOP. De benoeming van de secretaris of de aanwijzing van een functionaris daartoe geschiedt, de Commissie LSOP gehoord.
5. De behandeling van bepaalde aangelegenheden kan op uitnodiging of met toestemming van de voorzitter ook door anderen dan degenen die daartoe ingevolge [artikel 22ab](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0006518&hoofdstuk=II&afdeling=4A&artikel=22ab&z=2013-01-01&g=2013-01-01) gerechtigd zijn, aan het overleg worden deelgenomen.
6. De leden van de Commissie LSOP kunnen zich na overleg met de voorzitter ter vergadering voor de behandeling van een bepaald onderwerp door deskundigen laten bijstaan.
##### Artikel 22ae
De verenigingen van ambtenaren die vertegenwoordigd zijn in de Commissie LSOP stellen de bestuursraad van het LSOP jaarlijks in kennis van het ledental van het LSOP. De verenigingen van ambtenaren die niet tevens in de Commissie zijn vertegenwoordigd, doen aan de bestuursraad van het LSOP bovendien mededeling van hun statuten en huishoudelijke reglementen en van de daarin aangebrachte wijzigingen.
##### Artikel 22af
1. De in artikel 22ac, eerste lid, bedoelde aangelegenheden worden door de voorzitter op de agenda van het overleg met de Commissie LSOP geplaatst.
2. Elke tot de Commissie LSOP toegelaten vereniging van ambtenaren is bevoegd aan de voorzitter van het overleg met de Commissie LSOP bepaalde tot de competentie van de Commissie LSOP behorende onderwerpen ter plaatse op de agenda op te geven.
3. Indien bij de behandeling van een aangelegenheid in het overleg met de Commissie LSOP blijkt dat zij niet uitsluitend bij het LSOP regardeert, wordt zij verwezen naar het overleg met de Commissie.
##### Artikel 22ag
1. Het overleg wordt gevoerd op plaats, dag en uur door de voorzitter te bepalen.
2. Indien de vertegenwoordigers van ten minste twee tot het overleg toegelaten verenigingen van ambtenaren de voorzitter, onder vermelding van hetgeen zij behandeld wensen te zien, verzoeken daartoe een vergadering uit te schrijven, vindt deze binnen 14 dagen plaats.
3. De bestuursraad van het LSOP verleent zijn bemiddeling om aan de Commissie LSOP een lokaliteit ter beschikking te stellen, indien de Commissie daartoe een verzoek doet, ten behoeve van een door haar te houden vergadering.
##### Artikel 22ah
1. Indien wenselijk blijkt voorbereidende gesprekken te voeren of in de Commissie LSOP genomen besluiten uit te werken, geschiedt dit door werkgroepen, bestaande uit vertegenwoordigers van de Commissie LSOP en de door de bestuursraad van het LSOP aangewezen functionarissen.
2. [Artikel 22ad, vijfde en zesde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0006518&hoofdstuk=II&afdeling=4A&artikel=22ad&z=2013-01-01&g=2013-01-01), is van overeenkomstige toepassing.
##### Artikel 22ai
1. Het standpunt van de Commissie LSOP wordt bepaald bij eenvoudige meerderheid van stemmen. Elke vereniging van ambtenaren brengt een stem uit. Indien de stemmen binnen de Commissie LSOP staken, beslist de voorzitter van het overleg met de Commissie LSOP of het voorstel tot uitvoer wordt gebracht.
2. Het standpunt van de Commissie LSOP over in het overleg besproken aangelegenheden wordt schriftelijk aan de bestuursraad en aan de voorzitter van het overleg, bedoeld in [artikel 2, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0006518&hoofdstuk=II&afdeling=1&artikel=2&z=2013-01-01&g=2013-01-01), medegedeeld. De Commissie LSOP geeft desverlangd een samenvatting van de aan het standpunt ten grondslag liggende argumenten.
3. Indien in de Commissie LSOP een minderheidsstandpunt blijkt te bestaan, wordt daarvan desverlangd in de in het tweede lid bedoelde geschriften melding gemaakt.
4. Indien over een aangelegenheid wordt beslist in afwijking van het standpunt van de meerderheid van de leden van de Commissie LSOP, worden de redenen van die afwijking zo spoedig mogelijk ter kennis van de Commissie LSOP gebracht.
##### Artikel 22aj
1. Van het in vergaderingen van het overleg en de werkgroepen behandelde maakt de secretaris notulen. Bovendien kan op verzoek van de leden van de Commissie LSOP of van de voorzitter van het overleg een verslag worden opgemaakt bevattende een beknopte samenvatting van het behandelde in het overleg met de Commissie LSOP, voor zover dat voor openbaarmaking geschikt kan worden geacht.
2. Na overleg met de Commissie LSOP dan wel de door deze in de betrokken werkgroep aangewezen leden, kan de voorzitter ten aanzien van het in vorenbedoelde vergaderingen behandelde geheimhouding opleggen.
3. De plicht tot geheimhouding geldt niet voor zover de leden van de Commissie LSOP dan wel de door haar in de betrokken werkgroep aangewezen leden in bespreking zijn getreden met de door hen vertegenwoordigde verenigingen of de Centrales waarbij hun verenigingen zijn aangesloten.
### Afdeling 4B. Het overleg met de Commissie voorziening tot samenwerking
### Afdeling 5. Advies en arbitrage
### Hoofdstuk III
### Afdeling 1
#### § 1
#### § 2
#### § 4
### Afdeling 2
### Hoofdstuk IV. Slot- en Overgangsbepalingen
##### Artikel 63a
Dit besluit berust op [artikel 47, eerste lid, van de Politiewet 2012](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0031788&artikel=47).
Lasten en bevelen dat dit besluit met de daarbij behorende nota van toelichting in het **Staatsblad** zal worden geplaatst.
##### Artikel 3b
1. Er is een sectorale commissie Politie.
2. De sectorale commissie Politie bestaat uit vier leden namens de in [artikel 2, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0006518&hoofdstuk=II&afdeling=1&artikel=2&z=2020-01-01&g=2020-01-01), bedoelde Commissie en vier leden namens Onze Minister.
3. De sectorale commissie heeft tot taak:
- a. advies uit te brengen aan het Bestuur van de Stichting Pensioenfonds ABP over de premie voor het PartnerPlusPensioen Politie;
- b. te besluiten over toelating van werkgevers die een verzoek tot deelname aan het PartnerPlusPensioen Politie doen.
4. Onze Minister stelt in overeenstemming met de Commissie nadere regels met betrekking tot de werkwijze van de sectorale commissie Politie.
##### Artikel 4a
1. Het overleg GOKB staat onder voorzitterschap van de korpschef of een door hem aan te wijzen lid van de korpsleiding.
2. Indien de Commissie in meerderheid of de voorzitter van het overleg GOPB van oordeel is dat over een bepaalde aangelegenheid overleg gevoerd dient te worden met de korpschef, wordt die aangelegenheid zo mogelijk in het eerstvolgende overleg GOKB geagendeerd.
3. De voorzitter wordt bij het overleg GOKB terzijde gestaan door functionarissen die daartoe door hem worden aangewezen.
4. Onze Minister neemt deel aan het overleg GOKB vanuit zijn verantwoordelijkheid voor het overleg CGOP.
5. De COR is als toehoorder bij het overleg GOKB aanwezig en wordt in dat overleg vertegenwoordigd door maximaal twee leden.
6. [Artikel 4, zesde tot en met achtste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0006518&hoofdstuk=II&afdeling=1&artikel=4&z=2020-01-01&g=2020-01-01), is van overeenkomstige toepassing.
##### Artikel 4b
1. Het overleg GOPB staat onder voorzitterschap van de politiechef, de directeur van het betreffende korpsonderdeel, hun plaatsvervangers of, indien het de rijksrecherche betreft, de directeur van de rijksrecherche of zijn plaatsvervanger.
2. De voorzitter wordt bij het overleg GOPB terzijde gestaan door functionarissen die daartoe door hem worden aangewezen, alsmede door functionarissen die daartoe door de korpschef worden aangewezen.
3. Een vertegenwoordiger van de ondernemingsraad van het betreffende korpsonderdeel is als toehoorder bij het overleg GOPB aanwezig.
4. [Artikel 4, zevende en achtste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0006518&hoofdstuk=II&afdeling=1&artikel=4&z=2020-01-01&g=2020-01-01), is van overeenkomstige toepassing.
### Afdeling 2. Het overleg met de Regionale Commissie
### Afdeling 3. Het overleg met de Commissie Korps landelijke politiediensten
### Afdeling 4. Het overleg met de Commissie bijzondere ambtenaren van politie
### Afdeling 4A. Het overleg met de commissie LSOP
### Afdeling 4B. Het overleg met de Commissie voorziening tot samenwerking
### Hoofdstuk III
### Afdeling 1
#### § 1
#### § 2
#### § 3
#### § 4
### Afdeling 2
### Hoofdstuk IV. Slot- en Overgangsbepalingen
Lasten en bevelen dat dit besluit met de daarbij behorende nota van toelichting in het **Staatsblad** zal worden geplaatst.
2001-01-01
Besluit overleg en medezeggenschap politie 1994
original version
Tekst op deze datum