Besluit van 15 januari 1997, houdende regels in het belang van de veiligheid, de gezondheid en het welzijn in verband met de arbeid (Arbeidsomstandighedenbesluit)

Type AMvB
Publication 2026-04-09
State In force
Source BWB
artikelen 1317
Wijzigingsgeschiedenis JSON API
11.

Bij toepassing van het tweede lid geldt ten aanzien van de betrokken personen dat:

Afdeling 6. Bijzondere sectoren en bijzondere categorieën werknemers

Afdeling 5A. Aanvullende voorschriften winningsindustrieën in dagbouw, ondergronds of met behulp van boringen

§ 1. Bestuursdwang

§ 1. Afstemming

§ 2. Jeugdige werknemers

Afdeling 6. Bijzondere sectoren en bijzondere categorieën werknemers

§ 2. Vervoer

§ 2. Vervoer

Lasten en bevelen dat dit besluit met de daarbij behorende nota van toelichting in het Staatsblad zal worden geplaatst.

Artikel 9.5b. Verplichting van degene die arbeid verricht of doet verrichten in de territoriale zee of de exclusieve economische zone

1.

Degene die arbeid verricht of doet verrichten in de territoriale zee of in de exclusieve economische zone is verplicht de toezichthouder bij de uitoefening van zijn bevoegdheden te vervoeren naar door de toezichthouder aan te duiden plaatsen waar deze arbeid wordt verricht, mits dat vervoer plaatsvindt tussen 07.00 en 20.00 uur.

2.

Indien sprake is van arbeidsongevallen die leiden tot de dood, een blijvend letsel of een ziekenhuisopname of bij het verrichten van arbeid ernstig gevaar kan ontstaan voor de veiligheid of de gezondheid van werknemers of zelfstandigen vindt het vervoer op aanwijzing van de daartoe aangewezen toezichthouder plaats tussen 00.00 uur en 24.00 uur.

Afdeling 5. Aanvullende voorschriften voor bouwplaatsen

Afdeling 3

§ 3. Thuiswerkers

§ 1

§ 1

Lasten en bevelen dat dit besluit met de daarbij behorende nota van toelichting in het Staatsblad zal worden geplaatst.

Artikel 1.5f. Verzoek tot afgifte van een certificaat

1.

Een certificaat als bedoeld in artikel 20, eerste lid, van de wet, wordt door Onze Minister of, indien Onze Minister een certificerende instelling heeft aangewezen, deze instelling, op verzoek afgegeven indien is voldaan aan de bij of krachtens dit besluit met betrekking tot het certificaat gestelde eisen.

2.

Bij ministeriële regeling kunnen, zo nodig uitgesplitst naar werkveld, nadere regels worden gesteld met betrekking tot het afgeven van een certificaat als bedoeld in het eerste lid en de eisen waaraan voldaan moet worden om het certificaat te behouden.

3.

De kosten van het afgeven van een certificaat zijn voor rekening van de verzoeker tot afgifte van het certificaat.

Afdeling 2. Samenwerking, overleg en ontslag- en benadelingsbescherming

Afdeling 3. Onderwijs

Afdeling 4. Burgerlijke openbare dienst

Afdeling 2. Samenwerking, overleg en ontslag- en benadelingsbescherming

Afdeling 5. Vervoer

Afdeling 7. Defensie

Afdeling 8. Jeugdigen

Afdeling 7. Defensie

Afdeling 9. Zwangere werknemers en werknemers tijdens de lactatie

Hoofdstuk 2. Arbozorg en organisatie van de arbeid

Afdeling 10. Plaatsonafhankelijke arbeid

Afdeling 10. Plaatsonafhankelijke arbeid

§ 1. Definities

§ 2. Arbodiensten en deskundigen

Afdeling 3. Arbodiensten en deskundigen

Afdeling 6A. Winningsindustrieën met behulp van boringen

Afdeling 6. Winningsindustrieën in dagbouw, ondergronds of met behulp van boringen

§ 1. Vervoer

Hoofdstuk 3. Inrichting arbeidsplaatsen

Afdeling 1. Algemene voorschriften

§ 2. Thuiswerkers

§ 2. Algemene verplichtingen van de werkgever

§ 2. Thuiswerkers

§ 1. Vervoer

Afdeling 1. Gevaarlijke stoffen

§ 1. Definities en toepasselijkheid

Afdeling 3

Artikel 4.34

Vervallen

Afdeling 3

Afdeling 3

§ 5. Arbeidsgezondheidskundig onderzoek

Afdeling 8. Fosforlucifers

Afdeling 1. Fysieke belasting

§ 2. Thuiswerkers

Hoofdstuk 6. Fysische factoren

Afdeling 10. Bijzondere sectoren en bijzondere categorieën werknemers

§ 2b. Voorschriften betreffende het gebruik van ter beschikking gestelde arbeidsmiddelen voor tijdelijke werkzaamheden op hoogte

Hoofdstuk 8. Persoonlijke beschermingsmiddelen en veiligheids- en gezondheidssignalering

Afdeling 3. Arbeidsmiddelen met een besturingssysteem

§ 1. Afstemming

Hoofdstuk 9. Verplichtingen, strafbare feiten, overtredingen, bestuursrechtelijke bepalingen en overgangs- en slotbepalingen

Afdeling 2. Veiligheids-en gezondheidssignalering

Afdeling 2. Veiligheids-en gezondheidssignalering

Afdeling 5. Aanvullende voorschriften voor bouwplaatsen

Afdeling 6. Bijzondere sectoren en bijzondere categorieën werknemers

§ 2. Jeugdige werknemers

§ 3. Thuiswerkers

§ 3. Thuiswerkers

Lasten en bevelen dat dit besluit met de daarbij behorende nota van toelichting in het Staatsblad zal worden geplaatst.

Artikel 6.12a. Definities

In deze afdeling wordt verstaan onder:

Artikel 6.12b. Toepassingsgebied

Deze afdeling is van toepassing op arbeid waarbij de werknemer wordt of kan worden blootgesteld aan kunstmatige optische straling in zodanig mate dat dit een gevaar voor de gezondheid en veiligheid kan opleveren door het optreden van negatieve effecten op de ogen of de huid.

Artikel 6.12c. Grenswaarden voor blootstelling

Bij de uitvoering van de voorschriften van deze afdeling gelden de volgende grenswaarden:

Artikel 6.12d. Nadere voorschriften risico-inventarisatie en -evaluatie, beoordelen, meten en berekenen

1.

In het kader van de risico-inventarisatie en -evaluatie, bedoeld in artikel 5 van de wet, worden de niveaus van de optische straling waaraan de werknemers waarschijnlijk zullen worden blootgesteld, beoordeeld en, indien nodig, gemeten of berekend.

2.

De beoordeling, meting of berekening, bedoeld in het eerste lid, geschieden volgens de normen van de Internationale Elektrotechnische Commissie met betrekking tot laserstraling en de aanbevelingen van de Internationale Commissie voor Verlichtingskunde en de Europese Commissie voor Normalisatie met betrekking tot incoherente straling.

3.

In blootstellingssituaties die niet door de normen en de aanbevelingen, bedoeld in het tweede lid, worden bestreken, geschiedt de beoordeling, meting of berekening overeenkomstig de bij ministeriële regeling aan te wijzen normen met een wetenschappelijke grondslag.

4.

In de blootstellingssituaties, bedoeld in het tweede en derde lid, mag bij de beoordeling rekening worden gehouden met door de producent van de arbeidsmiddelen opgegeven informatie, wanneer die arbeidsmiddelen onder een toepasselijke communautaire richtlijn vallen.

5.

De beoordeling, meting en berekening, bedoeld in het eerste lid, worden op zorgvuldige wijze gepland en met passende frequentie uitgevoerd door de deskundigen, bedoeld in artikel 13 van de wet, of de deskundigen of arbodiensten, bedoeld in de artikelen 14 en 14a van de wet, en in ieder geval opnieuw uitgevoerd, indien de omstandigheden zijn gewijzigd of wanneer de resultaten van het arbeidsgezondheidskundig onderzoek, bedoeld in artikel 6.12g, dit nodig maken.

6.

De resultaten van de op grond van dit artikel uitgevoerde beoordelingen, metingen en berekeningen worden in passende vorm geregistreerd en bewaard, zodat latere raadpleging mogelijk is.

7.

De ondernemingsraad of de personeelsvertegenwoordiging of, bij het ontbreken daarvan, de belanghebbende werknemers wordt de gelegenheid gegeven een oordeel kenbaar te maken over de wijze van beoordeling, meting en berekening, bedoeld in het eerste lid.

8.

De resultaten, bedoeld in het zesde lid, worden voorzien van een toelichting, ter kennis gebracht van de ondernemingsraad of de personeelsvertegenwoordiging of, bij het ontbreken daarvan, de belanghebbende werknemers.

9.

Bij de risico-inventarisatie en -evaluatie, bedoeld in artikel 5 van de wet, wordt in ieder geval aandacht besteed aan:

10.

De risico-inventarisatie en -evaluatie, bedoeld in het eerste lid, wordt adequaat gedocumenteerd en vermeldt de ingevolge de artikelen 6.12e en 6.12f genomen maatregelen.

Artikel 6.12e. Maatregelen ter voorkoming of beperking van de blootstelling

1.

Er worden zodanige technische of organisatorische maatregelen genomen dat de risico’s van blootstelling aan kunstmatige optische straling worden weggenomen of tot een minimum beperkt, waarbij rekening wordt gehouden met de technische vooruitgang en de mogelijkheid om maatregelen te nemen om het risico aan de bron te beheersen.

2.

Indien uit de beoordeling of berekening, bedoeld in artikel 6.12d, eerste lid,blijkt dat het op enigerlei wijze mogelijk is dat de grenswaarden overschreden worden, worden in het kader van het plan van aanpak, bedoeld in artikel 5 van de wet, technische of organisatorische maatregelen vastgesteld en uitgevoerd om overschrijding van de grenswaarden te voorkomen, met inachtneming van in ieder geval:

3.

Arbeidsplaatsen waar werknemers worden of kunnen worden blootgesteld aan niveaus van optische straling uit kunstmatige bronnen die de grenswaarden overschrijden, worden duidelijk aangegeven door middel van passende signaleringen. Indien dit technisch uitvoerbaar is en indien het risico bestaat dat de grenswaarden worden overschreden, worden de arbeidsplaatsen afgebakend en wordt de toegang ertoe beperkt.

4.

Werknemers worden niet blootgesteld aan kunstmatige optische straling boven de grenswaarden. Indien de grenswaarden toch worden overschreden:

5.

De maatregelen, bedoeld in het eerste tot en met het vierde lid, worden afgestemd op de behoeften van werknemers die tot een bijzonder gevoelige risicogroep behoren.

6.

De ondernemingsraad of de personeelsvertegenwoordiging of, bij het ontbreken daarvan, de belanghebbende werknemers wordt de gelegenheid gegeven een oordeel kenbaar te maken over de maatregelen die worden genomen ingevolge dit artikel.

Artikel 6.12f. Voorlichting en onderricht

1.

Aan werknemers die worden blootgesteld aan risico’s in verband met kunstmatige optische straling, wordt alle in verband met de resultaten van de beoordeling, meting of berekening, bedoeld in artikel 6.12d, eerste lid, noodzakelijke voorlichting en onderricht gegeven.

2.

In ieder geval wordt voorlichting en onderricht gegeven over:

Artikel 6.12g. Arbeidsgezondheidskundig onderzoek

1.

Indien een werknemer is blootgesteld aan optische straling boven de grenswaarden wordt hij, in aanvulling op artikel 18 van de wet, in de gelegenheid gesteld om een arbeidsgezondheidskundig onderzoek te ondergaan. Dit onderzoek wordt ook aangeboden wanneer wordt geconstateerd dat de werknemer aan een herkenbare ziekte lijdt of schadelijke effecten voor zijn gezondheid ondervindt die door een deskundige persoon als bedoeld in artikel 2.14a, tweede lid, of een arbodienst worden aangemerkt als het resultaat van blootstelling aan kunstmatige optische straling op het werk.

In beide gevallen, wanneer de grenswaarden worden overschreden of schadelijke gevolgen voor de gezondheid, met inbegrip van ziekte, worden vastgesteld:

2.

Van iedere werknemer die een arbeidsgezondheidskundig onderzoek als bedoeld in het eerste lid heeft ondergaan, wordt een individueel medisch dossier opgesteld, dat regelmatig wordt bijgewerkt. De medische dossiers bevatten een samenvatting van de resultaten van het uitgevoerde arbeidsgezondheidskundig onderzoek. De medische dossiers worden in geschikte vorm bewaard, zodat zij later kunnen worden geraadpleegd.

3.

De werkgever neemt passende maatregelen om te waarborgen dat de deskundige persoon, bedoeld in artikel 2.14a, tweede lid, of de arbodienst toegang heeft tot de resultaten van de beoordeling, meting of berekening, bedoeld in artikel 6.12d, eerste lid.

4.

Iedere werknemer heeft recht op inzage in en afschrift van de hem betreffende resultaten.

§ 1. Algemeen

Hoofdstuk 7. Arbeidsmiddelen en specifieke werkzaamheden

Afdeling 4b. Elektromagnetische velden

§ 2. Justitiële inrichtingen

Afdeling 2. Algemene voorschriften

§ 1. Afstemming

Hoofdstuk 8. Persoonlijke beschermingsmiddelen en veiligheids- en gezondheidssignalering

Afdeling 3

Afdeling 3

§ 2b. Voorschriften betreffende het gebruik van ter beschikking gestelde arbeidsmiddelen voor tijdelijke werkzaamheden op hoogte

Hoofdstuk 9. Verplichtingen, strafbare feiten, overtredingen, bestuursrechtelijke bepalingen en overgangs- en slotbepalingen

Afdeling 5. Aanvullende voorschriften voor bouwplaatsen

§ 2. Arbeidsmiddelen op de bouwplaats

§ 1. Afstemming

Afdeling 1. Aanduiding normadressaten van de bij of krachtens dit besluit vastgestelde verplichtingen

§ 2. Arbeidsmiddelen op de bouwplaats

Afdeling 2. Veiligheids-en gezondheidssignalering

§ 2. Overtredingen

Lasten en bevelen dat dit besluit met de daarbij behorende nota van toelichting in het Staatsblad zal worden geplaatst.

§ 2. Algemene bepalingen inzake certificaten

Artikel 1.5g. De weigering, schorsing, wijziging of intrekking van een certificaat

1.

De afgifte van een certificaat wordt geweigerd indien:

2.

Het verzoek wordt in het geval, bedoeld in het eerste lid, onder b, eerst in behandeling genomen nadat twaalf maanden, te rekenen vanaf de dag na de datum van de weigering respectievelijk van de intrekking, zijn verstreken.

3.

Een certificaat kan worden geschorst, ten nadele van de certificaathouder worden gewijzigd of ingetrokken:

Artikel 1.5h. Buitenlandse getuigschriften en kwalificaties van vakbekwaamheid

Onze Minister of, indien Onze Minister een certificerende instelling heeft aangewezen, de certificerende instelling, verstrekt op aanvraag een certificaat van vakbekwaamheid aan een persoon die een migrerende beroepsbeoefenaar is als bedoeld in artikel 1 van de Algemene wet erkenning EU-beroepskwalificaties, indien op grond van die wet is aangetoond dat deze persoon over gelijkwaardige kwalificaties beschikt als de houder van een krachtens dit besluit verstrekt certificaat van vakbekwaamheid. De artikelen 1.5f en 1.5g zijn van overeenkomstige toepassing.

Artikel 1.5i. Periodieke controle van de certificaathouder

Vervallen

Afdeling 2. Samenwerking, overleg en ontslag- en benadelingsbescherming

Afdeling 3. Onderwijs

Afdeling 6. Justitiële inrichtingen

Afdeling 4. Burgerlijke openbare dienst

Afdeling 8. Jeugdigen

Artikel 1.42a. Voorlichting

De werkgever zorgt voor doeltreffende voorlichting over de risico’s van de arbeid tijdens zwangerschap en lactatie en de maatregelen die zijn genomen om de risico’s te voorkomen. De voorlichting vindt plaats binnen twee weken nadat de zwangere werknemer of werknemer tijdens de lactatie aan de werkgever heeft gemeld zwanger te zijn dan wel werkzaam te zijn tijdens de lactatie.

Afdeling 10. Plaatsonafhankelijke arbeid

Hoofdstuk 2. Arbozorg en organisatie van de arbeid

Afdeling 1. Melding beroepsziekten

Afdeling 2. Aanvullende voorschriften risico-inventarisatie en -evaluatie ter voorkoming en beperking van zware ongevallen met gevaarlijke stoffen

Afdeling 3. Arbodiensten en deskundigen

§ 1. Definities

§ 2. Arbodiensten en deskundigen

§ 2. Arbodiensten en deskundigen

Afdeling 4. Psychosociale arbeidsbelasting

Afdeling 6. Winningsindustrieën in dagbouw, ondergronds of met behulp van boringen

Afdeling 6A. Winningsindustrieën met behulp van boringen

Afdeling 6. Winningsindustrieën in dagbouw, ondergronds of met behulp van boringen

Hoofdstuk 3. Inrichting arbeidsplaatsen

Afdeling 1. Algemene voorschriften

§ 1. Definities en toepasselijkheid

§ 1. Vervoer

§ 1. Definities en toepasselijkheid

§ 1. Vervoer

§ 2a. Explosieve atmosferen

Afdeling 3. Aanvullende voorschriften winningsindustrieën in dagbouw, ondergronds of met behulp van boringen

Afdeling 3A. Aanvullende voorschriften winningsindustrieën in dagbouw

Afdeling 3. Aanvullende voorschriften winningsindustrieën in dagbouw, ondergronds of met behulp van boringen

Afdeling 3A. Aanvullende voorschriften winningsindustrieën in dagbouw

Hoofdstuk 4. Gevaarlijke stoffen en biologische agentia

Artikel 4.1d. Beperking van blootstelling; werkpleketikettering

1.

In alle gevallen waarin arbeid wordt verricht waarbij werknemers worden of kunnen worden blootgesteld aan gevaarlijke stoffen, wordt in het kader van artikel 3 van de wet de blootstelling van werknemers aan gevaarlijke stoffen voorkomen of geminimaliseerd door op de verpakking van de gevaarlijke stof opvallend en goed leesbaar te vermelden:

2.

In afwijking van het eerste lid hoeven op laboratoriumhulpmiddelen die worden gebruikt voor kortdurende handelingen of met steeds wisselende chemicaliën niet steeds alle verplichte aanduidingen te zijn aangebracht, indien er toereikende alternatieve maatregelen zijn genomen, met name op het gebied van voorlichting of opleiding, die hetzelfde beschermingsniveau als bedoeld in het eerste lid garanderen.

3.

Bij de verpakking en sluiting van gevaarlijke stoffen worden de volgende voorschriften in acht genomen:

De verpakking en sluiting van gevaarlijke stoffen wordt vermoed te voldoen aan de hiervoor genoemde voorschriften indien ze voldoen aan de betreffende, bij of krachtens de Wet vervoer gevaarlijke stoffen of de Wet luchtvaart gestelde, eisen voor vervoer van gevaarlijke goederen door de lucht, over zee, over de weg, per spoor of over de binnenwateren.

4.

In het geval van opslag van gevaarlijke stoffen in grotere hoeveelheden in speciale opslagruimten wordt aan het eerste lid voldaan als de verplichte aanduidingen voor meerdere identieke verpakkingen door middel van één etiketafdruk opvallend en goed leesbaar zijn aangebracht. De aanduidingen zijn zodanig aangebracht dat voor elke afzonderlijk opgeslagen verpakking te allen tijde ter plekke duidelijk is dat de aanduidingen van toepassing zijn. Als gevaarlijke stoffen uitsluitend voor de handel zijn opgeslagen, kan worden volstaan met het aanbrengen van de bij aflevering in Nederland wettelijk verplichte aanduidingen.

5.

In geval van vervoer en laden en lossen van gevaarlijke stoffen wordt aan het eerste lid voldaan als de vervoerders en de laders en lossers tijdens hun werkzaamheden ter plekke beschikken over de gegevens die op grond van het eerste lid op het etiket zouden moeten worden vermeld.

6.

Het eerste en tweede lid zijn niet van toepassing voor zover de Wet vervoer gevaarlijke stoffen of de Wet luchtvaart van toepassing zijn.

7.

Bij ministeriële regeling kunnen regels worden gesteld ter uitvoering van het eerste, tweede of vierde lid.

§ 1. Onderwijs

§ 1. Onderwijs

Afdeling 6. Specifieke gezondheidsschadelijke stoffen

§ 3. Maatregelen met betrekking tot de blootstelling

Afdeling 10. Bijzondere sectoren en bijzondere categorieën werknemers

§ 1. Definities en toepasselijkheid

Hoofdstuk 5. Fysieke belasting

§ 9. Bijzondere bepalingen inzake voorlichting en onderricht

§ 9. Bijzondere bepalingen inzake voorlichting en onderricht

Artikel 5.13a. Fysieke belasting

Het is een zwangere werknemer en een werknemer tijdens de lactatie verboden om:

§ 2. Jeugdigen

Hoofdstuk 5. Fysieke belasting

Afdeling 1. Fysieke belasting

§ 2. Zwangere werknemers en werknemers tijdens de lactatie

Afdeling 2. Verlichting

Artikel 6.29b. Schadelijke trillingen

Het is een zwangere werknemer verboden om op de arbeidsplaats:

Artikel 6.29c. Schadelijk geluid

Het is een zwangere werknemer verboden om op de arbeidsplaats te worden blootgesteld aan equivalente geluidsniveaus boven de 80 dB(A) en piekgeluiden boven de 112 Pa.

Hoofdstuk 7. Arbeidsmiddelen en specifieke werkzaamheden

Afdeling 4b. Elektromagnetische velden

§ 3. Voorschriften bij het laden en lossen van schepen

§ 2a. Voorschriften voor arbeidsmiddelen voor het hijsen en heffen van lasten of personen

Afdeling 3. Arbeidsmiddelen met een besturingssysteem

§ 2. Arbeidsmiddelen op de bouwplaats

Hoofdstuk 8. Persoonlijke beschermingsmiddelen en veiligheids- en gezondheidssignalering

Afdeling 4. Aanvullende voorschriften specifieke arbeidsmiddelen en werkzaamheden

Hoofdstuk 9. Verplichtingen, strafbare feiten, overtredingen, bestuursrechtelijke bepalingen en overgangs- en slotbepalingen

Afdeling 6. Bijzondere sectoren en bijzondere categorieën werknemers

Afdeling 5A. Aanvullende voorschriften winningsindustrieën in dagbouw, ondergronds of met behulp van boringen

§ 1. Strafbare feiten

§ 2. Vervoer

Afdeling 1. Aanduiding normadressaten van de bij of krachtens dit besluit vastgestelde verplichtingen

§ 2. Overtredingen

§ 1. Bestuursdwang en preventieve stillegging van werk

Lasten en bevelen dat dit besluit met de daarbij behorende nota van toelichting in het Staatsblad zal worden geplaatst.

Artikel 1.47. Toepasselijkheid hoofdstuk 5

1.

Op plaatsonafhankelijke arbeid zijn van overeenkomstige toepassing de afdelingen 1 en 2 van hoofdstuk 5.

2.

Indien de werknemer plaatsonafhankelijke arbeid verricht in de eigen woning, dan wordt door de werkgever, tenzij de werknemer daar reeds uit eigen hoofde over beschikt, een werkplek als bedoeld in artikelen 5.4 en 5.12 ter beschikking gesteld.

Artikel 1.48. Toepasselijkheid hoofdstuk 6

Indien de werknemer plaatsonafhankelijke arbeid verricht in de eigen woning, dan worden door de werkgever, tenzij de werknemer daar reeds uit eigen hoofde over beschikt, voorzieningen voor kunstverlichting als bedoeld in artikel 6.3, tweede lid, ter beschikking gesteld.

Artikel 1.49. Toepasselijkheid hoofdstuk 7

1.

Op plaatsonafhankelijke arbeid zijn van overeenkomstige toepassing de afdelingen 1, 2 en 3 van hoofdstuk 7.

2.

De voor de arbeid benodigde arbeidsmiddelen zijn, voor zover zij gevaar voor personen opleveren, voorzien van een doelmatige afscherming.

3.

De voor de arbeid benodigde arbeidsmiddelen met een besturingssysteem zijn, zo dicht mogelijk bij de plaats van de persoon die het arbeidsmiddel bedient, voorzien van een zodanige inrichting dat het arbeidsmiddel afzonderlijk, veilig en met zekerheid kan worden stilgezet en niet dan opzettelijk weer in beweging kan worden gebracht.

4.

De benodigde arbeidsmiddelen worden op de juiste wijze onderhouden en zo nodig gerepareerd.

5.

Aan de voor de arbeid benodigde arbeidsmiddelen met een besturingssysteem die gevaren van elektrische aard met zich brengen, zijn doeltreffende beveiligingen aangebracht, waarvan de werking zoveel mogelijk onafhankelijk is van degene die dat arbeidsmiddel bedient.

6.

Indien het in verband met het verrichten van plaatsonafhankelijke arbeid door de werknemer in een woning noodzakelijk is dat elektrische apparatuur wordt aangesloten of anderszins leidingen of kabels worden aangelegd, dan gebeurt dat op een juiste wijze opdat de werknemer daarvan veilig gebruik kan maken.

Artikel 1.50. Toepasselijkheid hoofdstuk 8

Op plaatsonafhankelijke arbeid is van overeenkomstige toepassing afdeling 1 van hoofdstuk 8.

Artikel 1.51. Beschikbaarheid gegevens

In geval van het verrichten van plaatsonafhankelijke arbeid zijn van de werknemer bij de werkgever gegevens beschikbaar omtrent naam, adres en woonplaats alsmede van de werkzaamheden die door hem worden verricht en van de stoffen, hulpmiddelen en werktuigen die daarbij worden gebruikt.

Artikel 1.52. Voorraad

In geval van het verrichten van plaatsonafhankelijke arbeid is het niet toegestaan de werknemer een grotere hoeveelheid aan grondstoffen, halffabricaten of gerede producten in voorraad te geven of te laten houden dan voor de arbeid noodzakelijk is.

Artikel 1.53. Melding arbeidsongevallen

Indien een werknemer bij het verrichten van plaatsonafhankelijke arbeid een arbeidsongeval als bedoeld in artikel 9, eerste lid, van de wet, overkomt doet hij daarvan onverwijld mededeling aan de werkgever.

Hoofdstuk 2. Arbozorg en organisatie van de arbeid

Afdeling 1. Elektronische melding

Artikel 2.1a. Gegevens beroepsziekten

Bij ministeriële regeling worden regels gesteld met betrekking tot de gegevens die bij de mededeling van een beroepsziekte, bedoeld in artikel 9, derde lid, van de wet worden verstrekt.

Afdeling 1. Elektronische melding

Afdeling 3. Arbodiensten en deskundigen

§ 1. Definities

§ 1. Definities

§ 1. Definities

Afdeling 5. Bouwproces

Afdeling 6A. Winningsindustrieën met behulp van boringen

Hoofdstuk 3. Inrichting arbeidsplaatsen

Afdeling 6A. Winningsindustrieën met behulp van boringen

§ 1. Vervoer

§ 2. Algemene verplichtingen van de werkgever

§ 2b. Voor de gezondheid schadelijke atmosferen

Afdeling 3. Aanvullende voorschriften winningsindustrieën in dagbouw, ondergronds of met behulp van boringen

Afdeling 3. Aanvullende voorschriften winningsindustrieën in dagbouw, ondergronds of met behulp van boringen

Afdeling 4. Aanvullende voorschriften benzinestations

Afdeling 5. Bijzondere sectoren en bijzondere categorieën werknemers

§ 1. Onderwijs

Hoofdstuk 4. Gevaarlijke stoffen en biologische agentia

Afdeling 3d. Winningsindustrieën voor het opsporen en de winning van koolwaterstoffen

§ 3. Grenswaarden en voorkomen of beperken van blootstelling

§ 6. Bijzondere bepalingen inzake voorlichting en onderricht

Artikel 4.32

Vervallen

Artikel 4.32

Vervallen

Artikel 4.32

Vervallen

Afdeling 4. Benzeen en gechloreerde koolwaterstoffen

Afdeling 4. Benzeen en gechloreerde koolwaterstoffen

§ 5. Extra aanvullende voorschriften voor het werken met asbest en asbesthoudende producten

Afdeling 7. Vluchtige organische stoffen

Afdeling 8. Fosforlucifers

§ 2. Risico-inventarisatie en -evaluatie en gevolgen categorie-indeling

§ 4. Arbeidsgezondheidskundig onderzoek

§ 6. Toezicht

Hoofdstuk 5. Fysieke belasting

Hoofdstuk 6. Fysische factoren

Afdeling 2. Verlichting

Hoofdstuk 7. Arbeidsmiddelen en specifieke werkzaamheden

Afdeling 6. Bijzondere sectoren en bijzondere categorieën werknemers

Afdeling 4. Aanvullende voorschriften specifieke arbeidsmiddelen en werkzaamheden

Hoofdstuk 8. Persoonlijke beschermingsmiddelen en veiligheids- en gezondheidssignalering

Afdeling 1. Persoonlijke beschermingsmiddelen

Afdeling 5. Aanvullende voorschriften voor bouwplaatsen

Hoofdstuk 9. Verplichtingen, strafbare feiten, overtredingen, bestuursrechtelijke bepalingen en overgangs- en slotbepalingen

Afdeling 2. Veiligheids-en gezondheidssignalering

Afdeling 4. Bijzondere sectoren en bijzondere categorieën werknemers

§ 3. Thuiswerkers

Afdeling 1. Aanduiding normadressaten van de bij of krachtens dit besluit vastgestelde verplichtingen

§ 2. Vervoer

§ 3. Thuiswerkers

§ 1. Strafbare feiten

§ 1. Bestuursdwang en preventieve stillegging van werk

Lasten en bevelen dat dit besluit met de daarbij behorende nota van toelichting in het Staatsblad zal worden geplaatst.

Artikel 9.1a. Verplichtingen van de scheepsbeheerder

De scheepsbeheerder is jegens zeevarenden die geen werkgever hebben, verplicht tot naleving van de voorschriften en verboden die op grond van de wet en bij of krachtens dit besluit zijn vastgesteld voor een werkgever.

Artikel 9.3a. Verplichtingen van de zeevarende

Een zeevarende die geen werknemer is, is verplicht tot naleving van de voorschriften en verboden die op grond van de wet en bij of krachtens dit besluit zijn vastgesteld voor een werknemer.

Artikel 9.10a. Stillegging van werk in verband met recidive

1.

Na een herhaling van een overtreding of soortgelijke overtreding wordt een waarschuwing gegeven als bedoeld in artikel 28a, eerste lid, van de wet en indien een herhaling van die of een soortgelijke overtreding is geconstateerd als bedoeld in dat artikel van de wet, wordt een bevel opgelegd door de daartoe aangewezen ambtenaar dat de door hem aangewezen werkzaamheden voor een daarbij aangegeven periode worden stilgelegd dan wel niet mogen aanvangen.

2.

Indien een ernstige overtreding is geconstateerd, wordt in afwijking van het eerste lid, een waarschuwing als bedoeld in artikel 28a, eerste lid, van de wet gegeven bij de eerste overtreding en wordt, indien opnieuw dezelfde of een soortgelijke overtreding is geconstateerd die eveneens ernstig is, een bevel opgelegd door de daartoe aangewezen ambtenaar dat de door hem aangewezen werkzaamheden voor een daarbij aangegeven periode worden stilgelegd dan wel niet mogen aanvangen.

3.

Als een ernstige overtreding als bedoeld in het tweede lid wordt aangemerkt:

4.

Indien de aard van de overtreding of de met de overtreding samenhangende omstandigheden dan wel de gevolgen van een stillegging van de werkzaamheden daartoe aanleiding geven, kan worden afgezien van een waarschuwing als bedoeld in het eerste en tweede lid en kan worden afgezien van een bevel als bedoeld in het eerste en tweede lid.

5.

Een waarschuwing als bedoeld in het eerste en tweede lid wordt niet gegeven en een bevel als bedoeld in het eerste en tweede lid wordt niet opgelegd indien het boetenormbedrag voor de bestuurlijke boete voor de overtreding, bedoeld in het eerste en tweede lid, op grond van de beleidsregels, bedoeld in artikel 34, tiende lid, van de wet lager is dan een bij ministeriële regeling vast te stellen hoogte van het boetenormbedrag.

Artikel 9.10b. Aanduiding ernstige overtredingen

Ernstige overtredingen in de zin van artikel 34, zesde en negende lid, van de wet zijn de overtredingen, genoemd in artikel 9.10a, derde lid.

Artikel 9.10c. Aanduiding soortgelijke overtreding

De soortgelijke verplichtingen en verboden, bedoeld in artikel 34, vijfde en zevende lid, van de wet en de soortgelijke overtredingen, bedoeld in artikel 9.10a, eerste en tweede lid, worden bij ministeriële regeling aangewezen.

§ 1. Strafbare feiten

Afdeling 2. Strafbare feiten en overtredingen

§ 1. Strafbare feiten

§ 1. Strafbare feiten

§ 1. Strafbare feiten

§ 2. Vrijstelling of ontheffing

Lasten en bevelen dat dit besluit met de daarbij behorende nota van toelichting in het Staatsblad zal worden geplaatst.

Artikel 1.5ha. Taaleis bij gereglementeerde beroepen

1.

De persoon die arbeid verricht in een bij of krachtens dit besluit gereglementeerd beroep beheerst de Nederlandse taal op het niveau dat, gegeven de concrete omstandigheden waaronder arbeid wordt verricht nodig is om de werkzaamheden op een verantwoorde wijze uit te oefenen en hij:

2.

Aan de in eerste lid genoemde eis inzake taalbeheersing wordt tevens voldaan wanneer duidelijk is dat de persoon die arbeid verricht in een bij of krachtens dit besluit gereglementeerd beroep en de andere werknemers en personen die bij zijn arbeid zijn betrokken, onderling kunnen communiceren in een andere voor hen begrijpelijke gemeenschappelijke taal op een zodanige wijze dat de werkzaamheden op een verantwoorde wijze kunnen worden uitgeoefend waardoor aan de eisen, bedoeld in het eerste lid, wordt voldaan.

Afdeling 3. Onderwijs

Afdeling 7. Defensie

Afdeling 7. Defensie

Hoofdstuk 2. Arbozorg en organisatie van de arbeid

Afdeling 10. Plaatsonafhankelijke arbeid

Afdeling 1a. Melding beroepsziekten

Afdeling 2. Aanvullende voorschriften risico-inventarisatie en -evaluatie ter voorkoming en beperking van zware ongevallen met gevaarlijke stoffen

Afdeling 3. Arbodiensten en deskundigen

§ 1. Definities

§ 3. Uitzonderingen

Afdeling 4. Psychosociale arbeidsbelasting

Afdeling 6. Winningsindustrieën in dagbouw, ondergronds of met behulp van boringen

Afdeling 6. Winningsindustrieën in dagbouw, ondergronds of met behulp van boringen

§ 2. Thuiswerkers

Hoofdstuk 3. Inrichting arbeidsplaatsen

§ 1. Definities en toepasselijkheid

§ 2. Algemene verplichtingen van de werkgever

§ 1. Vervoer

§ 3. Voorzieningen in noodsituaties

§ 5. Ontspanningsruimten en andere voorzieningen

Afdeling 2. Aanvullende voorschriften bouwplaatsen

Afdeling 2. Aanvullende voorschriften bouwplaatsen

Afdeling 2. Aanvullende voorschriften bouwplaatsen

Afdeling 3d. Winningsindustrieën voor het opsporen en de winning van koolwaterstoffen

§ 2. Vervoer

Hoofdstuk 4. Gevaarlijke stoffen en biologische agentia

Afdeling 1. Gevaarlijke stoffen

§ 4. Maatregelen bij specifieke omstandigheden

§ 5. Arbeidsgezondheidskundig onderzoek

Artikel 4.33

Vervallen

Afdeling 3

Afdeling 3

§ 1. Definities en toepasselijkheid

§ 5. Extra aanvullende voorschriften voor het werken met asbest en asbesthoudende producten

§ 6. Certificatie

§ 5. Extra aanvullende voorschriften voor het werken met asbest en asbesthoudende producten

Afdeling 8. Fosforlucifers

Afdeling 8. Fosforlucifers

§ 4. Arbeidsgezondheidskundig onderzoek

Hoofdstuk 5. Fysieke belasting

Afdeling 3. Bijzondere sectoren en bijzondere categorieën werknemers

§ 4. Thuiswerkers

Hoofdstuk 5. Fysieke belasting

Afdeling 1. Fysieke belasting

§ 3. Thuiswerkers

Afdeling 4. Straling

§ 3. Diverse bepalingen

§ 1. Algemeen

Hoofdstuk 7. Arbeidsmiddelen en specifieke werkzaamheden

Afdeling 2. Algemene voorschriften

§ 1. Afstemming

Afdeling 5A. Aanvullende voorschriften winningsindustrieën in dagbouw, ondergronds of met behulp van boringen

Afdeling 5. Aanvullende voorschriften voor bouwplaatsen

Hoofdstuk 9. Verplichtingen, strafbare feiten, overtredingen, bestuursrechtelijke bepalingen en overgangs- en slotbepalingen

Afdeling 5A. Aanvullende voorschriften winningsindustrieën in dagbouw, ondergronds of met behulp van boringen

Afdeling 1. Persoonlijke beschermingsmiddelen

§ 3. Thuiswerkers

§ 1

Afdeling 3

§ 2. Vrijstelling of ontheffing

Afdeling 1. Aanduiding normadressaten van de bij of krachtens dit besluit vastgestelde verplichtingen

§ 1. Intrekking regelgeving

§ 1. Bestuursdwang en preventieve stillegging van werk

§ 1. Strafbare feiten

§ 3. Eis tot naleving

Lasten en bevelen dat dit besluit met de daarbij behorende nota van toelichting in het Staatsblad zal worden geplaatst.

Artikel 4.53b. Aanvullende maatregelen

Indien, gelet op de aard van de werkzaamheden, overschrijding van de grenswaarde, bedoeld in artikel 4.46, tweede lid, kan worden verwacht ondanks preventieve technische maatregelen ter beperking van de asbestconcentratie in de lucht, neemt de werkgever, doeltreffende maatregelen ter bescherming van de betrokken werknemers.

Artikel 4.53c. Eindbeoordeling

1.

In afwijking van artikel 4.51a, tweede lid, betreft de eindbeoordeling een visuele inspectie gevolgd door een eindmeting, teneinde vast te stellen of de concentratie van asbestvezels in de lucht gezamenlijk lager is dan 2.000 vezels per kubieke meter.

2.

Het eerste lid is niet van toepassing indien:

3.

Bij ministeriële regeling kunnen nadere regels worden gesteld met betrekking tot het tweede lid.

§ 3. Voorschriften voor het werken met asbest en asbesthoudende producten

§ 7. Bijzondere bepalingen inzake voorlichting en onderricht

Afdeling 7. Vluchtige organische stoffen

Hoofdstuk 5. Fysieke belasting

§ 2. Voorschriften met betrekking tot lawaai

Afdeling 4. Straling

§ 3. Diverse bepalingen

§ 2. Justitiële inrichtingen

Afdeling 6. Bijzondere sectoren en bijzondere categorieën werknemers

Hoofdstuk 8. Persoonlijke beschermingsmiddelen en veiligheids- en gezondheidssignalering

§ 2. Jeugdige werknemers

Hoofdstuk 8. Persoonlijke beschermingsmiddelen en veiligheids- en gezondheidssignalering

Afdeling 2. Veiligheids-en gezondheidssignalering

Afdeling 2. Veiligheids-en gezondheidssignalering

§ 1

Afdeling 3. Bestuursrechtelijke bepalingen

§ 1. Intrekking regelgeving

§ 1. Strafbare feiten

§ 4. Slotbepalingen

Lasten en bevelen dat dit besluit met de daarbij behorende nota van toelichting in het Staatsblad zal worden geplaatst.

Afdeling 3C. Aanvullende voorschriften winningsindustrieën met behulp van boringen

Hoofdstuk 4. Gevaarlijke stoffen en biologische agentia

Afdeling 5. Bijzondere sectoren en bijzondere categorieën werknemers

§ 1. Definities en toepasselijkheid

§ 4. Maatregelen bij specifieke omstandigheden

§ 4. Arbeidsgezondheidskundig onderzoek

Artikel 4.34

Vervallen

Afdeling 5. Aanvullende voorschriften asbest

Afdeling 6. Specifieke gezondheidsschadelijke stoffen

§ 3. Maatregelen met betrekking tot de blootstelling

Hoofdstuk 5. Fysieke belasting

Afdeling 2. Beeldschermwerk

Hoofdstuk 5. Fysieke belasting

§ 2. Zwangere werknemers en werknemers tijdens de lactatie

Afdeling 3. Lawaai

Hoofdstuk 7. Arbeidsmiddelen en specifieke werkzaamheden

Afdeling 2. Algemene voorschriften

Afdeling 6. Bijzondere sectoren en bijzondere categorieën werknemers

§ 5. Thuiswerkers

Afdeling 3. Arbeidsmiddelen met een besturingssysteem

§ 1. Afstemming

Hoofdstuk 8. Persoonlijke beschermingsmiddelen en veiligheids- en gezondheidssignalering

Afdeling 5. Aanvullende voorschriften voor bouwplaatsen

Afdeling 5. Aanvullende voorschriften voor bouwplaatsen

§ 1. Afstemming

Hoofdstuk 9. Verplichtingen, strafbare feiten, overtredingen, bestuursrechtelijke bepalingen en overgangs- en slotbepalingen

Afdeling 6. Bijzondere sectoren en bijzondere categorieën werknemers

Afdeling 3. Bestuursrechtelijke bepalingen

§ 1. Bestuursdwang en preventieve stillegging van werk

Afdeling 3a. Openbaarmaking inspectiegegevens

Afdeling 4. Overgangs- en slotbepalingen

§ 1. Intrekking regelgeving

Lasten en bevelen dat dit besluit met de daarbij behorende nota van toelichting in het Staatsblad zal worden geplaatst.

§ 1. Algemeen

Artikel 6.12h. Definities

In deze afdeling wordt verstaan onder:

Artikel 6.12i. Toepassingsgebied

1.

Deze afdeling is van toepassing op arbeid waarbij de door elektromagnetische velden veroorzaakte bekende directe biofysische effecten en indirecte effecten risico’s voor de gezondheid en veiligheid van werknemers kunnen opleveren.

2.

Deze afdeling is niet van toepassing op:

3.

Daar waar in deze afdeling sprake is van bijlage II of III bij de richtlijn geschiedt de naleving daarvan met inachtneming van de natuurkundige grootheden met betrekking tot de blootstelling aan elektromagnetische velden, bedoeld in bijlage I bij de richtlijn.

Artikel 6.12j. Grenswaarden voor blootstelling en actieniveaus

1.

Er wordt voor gezorgd dat de blootstelling van werknemers aan elektromagnetische velden beperkt blijft tot de grenswaarden voor effecten op de gezondheid en de grenswaarden voor effecten op de zintuigen, bedoeld in bijlagen II en III bij de richtlijn.

2.

Aan de hand van de procedures, bedoeld in artikel 6.12k, wordt vastgesteld of de grenswaarden voor effecten op de gezondheid en de grenswaarden voor effecten op de zintuigen in acht worden genomen.

3.

Indien de blootstelling van de werknemers aan elektromagnetische velden de grenswaarden, bedoeld in het eerste lid, overschrijdt, worden onverwijld maatregelen genomen als bedoeld in artikel 6.12l, negende lid.

4.

De grenswaarden voor effecten op de gezondheid en de grenswaarden voor effecten op de zintuigen zijn in acht genomen, indien wordt aangetoond dat de actieniveaus, bedoeld in bijlagen II en III bij de richtlijn, niet worden overschreden.

5.

Indien de blootstelling van werknemers de actieniveaus, bedoeld in het vierde lid, overschrijdt, worden maatregelen als bedoeld in artikel 6.12l, tweede en derde lid, genomen, tenzij uit de verrichte beoordeling, bedoeld in artikel 6.12k, eerste tot en met derde lid, blijkt dat de van toepassing zijnde grenswaarden niet zijn overschreden en dat veiligheidsrisico’s kunnen worden uitgesloten.

6.

In afwijking van het vierde lid mag de blootstelling van werknemers hoger zijn dan:

7.

In afwijking van het eerste lid en indien daar gegronde redenen voor zijn mag de blootstelling van werknemers hoger zijn dan:

Artikel 6.12k. Nadere voorschriften risico-inventarisatie en -evaluatie, beoordelen, meten en berekenen

1.

In het kader van de risico-inventarisatie en -evaluatie, bedoeld in artikel 5 van de wet, worden alle risico’s waaraan werknemers kunnen worden blootgesteld als gevolg van elektromagnetische velden op de arbeidsplaats beoordeeld en indien nodig worden de niveaus van deze elektromagnetische velden gemeten of berekend.

2.

Bij de beoordeling, bedoeld in het eerste lid, wordt onder meer rekening gehouden met de in artikel 14 van de richtlijn genoemde praktische handleidingen en andere bij ministeriële regeling aan te wijzen normen en aanbevelingen met een wetenschappelijke grondslag.

3.

Indien op grond van de in het tweede lid genoemde bronnen niet kan worden vastgesteld of de grenswaarden, bedoeld in artikel 6.12j, in acht worden genomen, wordt de blootstelling beoordeeld aan de hand van metingen of berekeningen.

4.

De beoordeling, meting en berekening, bedoeld in het eerste tot en met derde lid, worden op zorgvuldige wijze gepland en met passende frequentie uitgevoerd door de deskundigen, bedoeld in de artikel 13 van de wet, of de deskundigen of arbodiensten, bedoeld in de artikelen 14 en 14a van de wet, en in ieder geval opnieuw uitgevoerd, indien de omstandigheden zijn gewijzigd of wanneer de resultaten van het arbeidsgezondheidskundig onderzoek, bedoeld in artikel 6.12n, dit nodig maken.

5.

De resultaten van de op grond van dit artikel uitgevoerde beoordelingen, metingen en berekeningen worden in een passende vorm geregistreerd en bewaard, zodat latere raadpleging mogelijk is.

6.

De ondernemingsraad of de personeelsvertegenwoordiging of bij het ontbreken daarvan, de belanghebbende werknemers, wordt de gelegenheid gegeven een oordeel kenbaar te maken over de wijze van beoordeling, meting en berekening, bedoeld in het eerste en derde lid.

7.

De resultaten, bedoeld in het vijfde lid, worden voorzien van een toelichting, ter kennis gebracht van de ondernemingsraad of de personeelsvertegenwoordiging of bij het ontbreken daarvan, de belanghebbende werknemers.

8.

In het geval er sprake is van een voor derden toegankelijke arbeidsplaats, kan bij het opstellen van de risico-inventarisatie en -evaluatie, bedoeld in het eerste lid, gebruik worden gemaakt van een reeds bestaande beoordeling op basis van Aanbeveling nr. 1999/519/EG (PbEG 1999, L 59) betreffende de beperking van blootstelling van de bevolking aan elektromagnetische velden van 0 Hz – 300 GHz mits:

9.

Aan de in het achtste lid genoemde voorwaarden wordt geacht te zijn voldaan indien de gebruikte apparatuur voldoet aan de van toepassing zijnde EU-regelgeving en op de beoogde wijze wordt gebruikt.

10.

Bij de risico-inventarisatie en -evaluatie, bedoeld in artikel 5 van de wet, wordt in ieder geval aandacht besteed aan:

De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.

Deze tekst wordt gepubliceerd onder de eigen hergebruiksvoorwaarden van BWB, niet onder een licentie van Legalize of van het publieke domein. BWB
CC0 1.0 Universeel (publiek domein)