Wijzigingsgeschiedenis
Besluit van 11 december 2002, houdende regelen betreffende de inrichting en raadpleging van het boedelregister, bedoeld in artikel 186 van Boek 4 van het Burgerlijk Wetboek (Besluit boedelregister)
4 versions
· 2015-08-17
2015-08-17
Besluit boedelregister — arts. 2, 6, 8
Wijzigingen op 2015-08-17
@@ -12,7 +12,7 @@
##### Artikel 1
Voor een inschrijving in het boedelregister, bedoeld in [artikel 186 van Boek 4 van het Burgerlijk Wetboek](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002761&artikel=186), moeten de volgende stukken aan de griffier worden overgelegd, dan wel, in de gevallen bedoeld onder b, d, f, g, h en k, aan de griffier ter beschikking staan:
Voor een inschrijving in het boedelregister, bedoeld in [artikel 186 van Boek 4 van het Burgerlijk Wetboek](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002761&artikel=186), moeten de volgende stukken aan de griffier worden overgelegd, dan wel, in de gevallen bedoeld onder b, d, f, g, h, k en m aan de griffier ter beschikking staan:
- a. ter inschrijving van de verklaring, bedoeld in [artikel 18 lid 1 van Boek 4 van het Burgerlijk Wetboek](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002761&artikel=18): een authentiek afschrift of uittreksel van de desbetreffende notariële akte alsmede, indien de verklaring in naam van de echtgenoot is afgelegd, een afschrift van de in genoemde bepaling bedoelde uitdrukkelijke voor dit doel afgegeven schriftelijke volmacht;
@@ -20,13 +20,13 @@
- c. ter inschrijving van een notaris die betrokken is bij de afwikkeling van een nalatenschap, als bedoeld in [artikel 186 lid 2 van Boek 4 van het Burgerlijk Wetboek](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002761&artikel=186): de schriftelijke mededeling terzake van de desbetreffende notaris;
- d. ter inschrijving van de verklaring houdende zuivere aanvaarding of aanvaarding onder het voorrecht van boedelbeschrijving dan wel verwerping van een nalatenschap, als bedoeld in [artikel 191 lid 1 van Boek 4 van het Burgerlijk Wetboek](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002761&artikel=191): de in [artikel 3 lid 1 eerste volzin](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0014438&artikel=3&z=2013-01-01&g=2013-01-01) bedoelde akte, alsmede de volmacht, indien deze akte bij volmacht wordt ondertekend;
- d. ter inschrijving van de verklaring houdende zuivere aanvaarding of aanvaarding onder het voorrecht van boedelbeschrijving dan wel verwerping van een nalatenschap, bedoeld in [artikel 191 lid 1 van Boek 4 van het Burgerlijk Wetboek](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002761&artikel=191) en artikel 13 van de verordening (EU) nr. 650/2012 van het Europees Parlement en de Raad van 4 juli 2012 betreffende de bevoegdheid, het toepasselijke recht, de erkenning en de tenuitvoerlegging van beslissingen en de aanvaarding en de tenuitvoerlegging van authentieke akten op het gebied van erfopvolging, alsmede betreffende de instelling van een Europese erfrechtverklaring (PBEU 2012, L 201): de in [artikel 3 lid 1, aanhef en onder a](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0014438&artikel=3&z=2015-08-17&g=2015-08-17), bedoelde akte, alsmede de volmacht, indien deze akte bij volmacht wordt ondertekend;
- e. ter inschrijving van de beschikking, onder vermelding van de daarvan gedane betekening, bedoeld in [artikel 192 lid 2 van Boek 4 van het Burgerlijk Wetboek](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002761&artikel=192): een authentiek afschrift van de beschikking, alsmede het exploot van betekening;
- f. ter inschrijving van de verlenging van de termijnen, bedoeld in de [artikelen 192 lid 2](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002761&artikel=192) en [193 lid 1 van Boek 4 van het Burgerlijk Wetboek](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002761&artikel=193): een authentiek afschrift van de beschikking;
- g. ter inschrijving van de verklaring van beneficiaire aanvaarding of van verwerping door een wettelijke vertegenwoordiger van een erfgenaam, als bedoeld in [artikel 193 lid 1 van Boek 4 van het Burgerlijk Wetboek](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002761&artikel=193): de in [artikel 3 lid 1 tweede volzin](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0014438&artikel=3&z=2013-01-01&g=2013-01-01) bedoelde akte alsmede de volmacht, indien deze akte bij volmacht wordt ondertekend, en voorts, in het geval van verwerping, een authentiek afschrift van de beschikking houdende machtiging van de kantonrechter;
- g. ter inschrijving van de verklaring van beneficiaire aanvaarding of van verwerping door een wettelijke vertegenwoordiger van een erfgenaam, bedoeld in [artikel 193 lid 1 van Boek 4 van het Burgerlijk Wetboek](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002761&artikel=193) en artikel 13 van de verordening (EU) nr. 650/2012 van het Europees Parlement en de Raad van 4 juli 2012 betreffende de bevoegdheid, het toepasselijke recht, de erkenning en de tenuitvoerlegging van beslissingen en de aanvaarding en de tenuitvoerlegging van authentieke akten op het gebied van erfopvolging, alsmede betreffende de instelling van een Europese erfrechtverklaring (PBEU 2012, L 201): de in [artikel 3 lid 1, aanhef en onder b](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0014438&artikel=3&z=2015-08-17&g=2015-08-17), bedoelde akte alsmede de volmacht, indien deze akte bij volmacht wordt ondertekend, en voorts, in het geval van verwerping, een authentiek afschrift van de beschikking houdende machtiging van de kantonrechter;
- h. ter inschrijving van het verlopen zijn van de termijn waardoor de nalatenschap als door de erfgenaam beneficiair aanvaard geldt, als bedoeld in [artikel 193 lid 2 van Boek 4 van het Burgerlijk Wetboek](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002761&artikel=193): een authentiek afschrift van de beschikking;
@@ -36,21 +36,35 @@
- k. ter inschrijving van de benoeming van een vereffenaar of van het eindigen van diens hoedanigheid, als bedoeld in [artikel 206 lid 6 van Boek 4 van het Burgerlijk Wetboek](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002761&artikel=206), dan wel van de opheffing van de vereffening, als bedoeld in [artikel 209 lid 4 van Boek 4 van het Burgerlijk Wetboek](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002761&artikel=209): een authentiek afschrift van de beschikking;
- l. ter inschrijving van de door een vereffenaar aangewezen boedelnotaris, als bedoeld in [artikel 211 lid 5 van Boek 4 van het Burgerlijk Wetboek](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002761&artikel=211): de schriftelijke mededeling terzake van de desbetreffende notaris.
- l. ter inschrijving van de door een vereffenaar aangewezen boedelnotaris, als bedoeld in [artikel 211 lid 5 van Boek 4 van het Burgerlijk Wetboek](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002761&artikel=211): de schriftelijke mededeling terzake van de desbetreffende notaris;
- m. ter inschrijving van de verklaring van aanvaarding dan wel verwerping van een legaat, bedoeld in artikel 13 van de verordening (EU) nr. 650/2012 van het Europees Parlement en de Raad van 4 juli 2012 betreffende de bevoegdheid, het toepasselijke recht, de erkenning en de tenuitvoerlegging van beslissingen en de aanvaarding en de tenuitvoerlegging van authentieke akten op het gebied van erfopvolging, alsmede betreffende de instelling van een Europese erfrechtverklaring (PBEU 2012, L 201): de in [artikel 3 lid 1, aanhef en onder c](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0014438&artikel=3&z=2015-08-17&g=2015-08-17), bedoelde akte, alsmede de volmacht, indien deze akte bij volmacht wordt ondertekend.
##### Artikel 2
De in [artikel 1, onder b, f, h en k](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0014438&artikel=1&z=2013-01-01&g=2013-01-01) bedoelde feiten worden door de griffier ambtshalve in het boedelregister ingeschreven.
De in [artikel 1, onder b, f, h en k](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0014438&artikel=1&z=2015-08-17&g=2015-08-17) bedoelde feiten worden door de griffier ambtshalve in het boedelregister ingeschreven.
##### Artikel 3
1. Van een verklaring houdende zuivere aanvaarding of aanvaarding onder het voorrecht van boedelbeschrijving dan wel verwerping van een nalatenschap als bedoeld in [artikel 191 lid 1 van Boek 4 van het Burgerlijk Wetboek](onbekend) maakt de griffier een akte op, die degene die de verklaring aflegt in persoon of bij gevolmachtigde ondertekent. Hetzelfde geldt voor de verklaring van beneficiaire aanvaarding of van verwerping door de wettelijke vertegenwoordiger van een erfgenaam als bedoeld in [artikel 193 lid 1 van Boek 4 van het Burgerlijk Wetboek](onbekend). Een verklaring als in de vorige volzin bedoeld wordt in het boedelregister ingeschreven.
1. De griffier maakt een akte op van:
- a. een verklaring houdende zuivere aanvaarding of aanvaarding onder het voorrecht van boedelbeschrijving dan wel verwerping van een nalatenschap als bedoeld in [artikel 191 lid 1 van Boek 4 van het Burgerlijk Wetboek](onbekend);
- b. een verklaring van beneficiaire aanvaarding of van verwerping door de wettelijke vertegenwoordiger van een erfgenaam als bedoeld in [artikel 193 lid 1 van Boek 4 van het Burgerlijk Wetboek](onbekend);
- c. een verklaring van aanvaarding dan wel verwerping van een legaat als bedoeld in artikel 13 van de verordening (EU) nr. 650/2012 van het Europees Parlement en de Raad van 4 juli 2012 betreffende de bevoegdheid, het toepasselijke recht, de erkenning en de tenuitvoerlegging van beslissingen en de aanvaarding en de tenuitvoerlegging van authentieke akten op het gebied van erfopvolging, alsmede betreffende de instelling van een Europese erfrechtverklaring (PBEU 2012, L 201).
Degene die de verklaring aflegt in persoon of bij gevolmachtigde ondertekent de akte, waarna deze in het boedelregister wordt ingeschreven.
2. Indien een in het eerste lid bedoelde verklaring bij gevolmachtigde is ondertekend, wordt de volmacht aan de akte gehecht.
##### Artikel 4
In het boedelregister worden uitsluitend in [artikel 1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0014438&artikel=1&z=2013-01-01&g=2013-01-01) genoemde feiten ingeschreven die betrekking hebben op nalatenschappen van erflaters die hun laatste woonplaats hebben in het arrondissement van de desbetreffende rechtbank. Kan een feit niet op grond van de eerste volzin worden ingeschreven, dan wordt het ingeschreven in het boedelregister, gehouden door de griffier van de rechtbank Den Haag.
1. In het boedelregister worden uitsluitend in [artikel 1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0014438&artikel=1&z=2015-08-17&g=2015-08-17) genoemde feiten ingeschreven die betrekking hebben op nalatenschappen van erflaters die hun laatste woonplaats hebben in het arrondissement van de desbetreffende rechtbank.
2. De in [artikel 1 onder d, g of m](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0014438&artikel=1&z=2015-08-17&g=2015-08-17) genoemde feiten die betrekking hebben op nalatenschappen van erflaters die hun laatste gewone verblijfplaats in een lidstaat als bedoeld in verordening (EU) nr. 650/2012 van het Europees Parlement en de Raad van 4 juli 2012 betreffende de bevoegdheid, het toepasselijke recht, de erkenning en de tenuitvoerlegging van beslissingen en de aanvaarding en de tenuitvoerlegging van authentieke akten op het gebied van erfopvolging, alsmede betreffende de instelling van een Europese erfrechtverklaring (PBEU 2012, L 201) hebben, kunnen worden ingeschreven in het boedelregister gehouden in het arrondissement van de woonplaats van de erfgenaam, de wettelijke vertegenwoordiger van een erfgenaam als bedoeld in [artikel 193 lid 1 van Boek 4 van het Burgerlijk Wetboek](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002761&artikel=193) of de legataris.
3. Kan een in [artikel 1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0014438&artikel=1&z=2015-08-17&g=2015-08-17) genoemd feit niet op grond van vorenstaande leden worden ingeschreven, dan wordt het ingeschreven in het boedelregister gehouden door de griffier van de rechtbank Den Haag.
##### Artikel 5
@@ -60,7 +74,7 @@
##### Artikel 6
De in [artikel 1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0014438&artikel=1&z=2013-01-01&g=2013-01-01) genoemde stukken die voor een inschrijving in het boedelregister dienen te worden overgelegd of ter beschikking dienen te staan, maken geen deel uit van het boedelregister. Zij worden ter griffie van de rechtbank zodanig bewaard, dat het verband met de op grond daarvan ingeschreven feiten kan worden gelegd.
De in [artikel 1](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0014438&artikel=1&z=2015-08-17&g=2015-08-17) genoemde stukken die voor een inschrijving in het boedelregister dienen te worden overgelegd of ter beschikking dienen te staan, maken geen deel uit van het boedelregister. Zij worden ter griffie van de rechtbank zodanig bewaard, dat het verband met de op grond daarvan ingeschreven feiten kan worden gelegd.
##### Artikel 7
@@ -68,7 +82,7 @@
##### Artikel 8
Indien aan de griffier een verzoek als in [artikel 7](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0014438&artikel=7&z=2013-01-01&g=2013-01-01) bedoeld wordt gedaan en de nalatenschap voor het tijdstip van inwerkingtreding van dit besluit is opengevallen, gaat de griffier ambtshalve na of terzake van die nalatenschap feiten zijn ingeschreven in het daartoe bestemde register, bedoeld in [artikel 1070 van Boek 4 van het Burgerlijk Wetboek](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002761&artikel=1070) zoals dat voor genoemd tijdstip gold.
Indien aan de griffier een verzoek als in [artikel 7](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0014438&artikel=7&z=2015-08-17&g=2015-08-17) bedoeld wordt gedaan en de nalatenschap voor het tijdstip van inwerkingtreding van dit besluit is opengevallen, gaat de griffier ambtshalve na of terzake van die nalatenschap feiten zijn ingeschreven in het daartoe bestemde register, bedoeld in [artikel 1070 van Boek 4 van het Burgerlijk Wetboek](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0002761&artikel=1070) zoals dat voor genoemd tijdstip gold.
##### Artikel 9
2013-01-01
Besluit boedelregister — arts. 1, 2, 6, 8
2010-11-01
Besluit boedelregister — arts. 1, 2, 4 y 2 más
2003-01-01
Besluit boedelregister
original version
Tekst op deze datum