Selectielijst neerslag handelingen m.b.t. Emancipatie en gelijke behandeling vanaf 1965-heden, Verkeer en Waterstaat

Type Archiefselectielijst
Publication 2003-12-07
State In force
Source BWB
artikelen 2
Wijzigingsgeschiedenis JSON API

Grondslag: Wet gelijk loon voor vrouwen en mannen, 1975, art. 14

Wet gelijke behandeling van mannen en vrouwen, 1980, art. 6, lid 6

Wet gelijke behandeling van mannen en vrouwen, 1989, art. 19

Product: Jaarverslagen

Opmerking: Van 1975 tot 1980 werden de jaarverslagen enkel aan de minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid uitgebracht.

Van 1980 tot 1989 werden de jaarverslagen uitgebracht aan de ministers van Sociale Zaken en Werkgelegenheid, van Justitie, van Cultuur, Recreatie en Maatschappelijk Werk, en van Onderwijs en Wetenschappen, en hun taakopvolgers.

Vanaf 1989 werden de jaarverslagen behalve aan de hierboven genoemde ministers tevens uitgebracht aan de minister van Binnenlandse Zaken, de Staten Generaal, de Sociaal-Economische Raad, en aan de Emancipatieraad.

Waardering:

Handeling: Het jaarlijks verslag doen van haar werkzaamheden aan de ministers van Binnenlandse Zaken, en van Cultuur, Recreatie en Maatschappelijk Werk / Welzijn, Volksgezondheid en Cultuur.

Periode: 1980–1989

Grondslag: Wet gelijke behandeling van mannen en vrouwen in de burgerlijke openbare dienst, 1980, art. 3, lid 8

Product: Jaarverslagen

Waardering:

Handeling: Het jaarlijks verslag doen van haar werkzaamheden.

Periode: 1994–

Grondslag: Algemene wet gelijke behandeling, 1994, art. 20, lid 1

Product: Jaarverslagen

Opmerking: De Commissie zendt dit verslag in ieder geval aan de ministers die het aangaat, en aan de adviesorganen die het aangaat.

Waardering:

Handeling: Het vijfjaarlijks rapporteren aan de minister van Binnenlandse Zaken over haar bevindingen ten aanzien van de werking in de praktijk van de Algemene wet gelijke behandeling, de Wet gelijke behandeling van mannen en vrouwen, en artikel 1637ij van het BW / art. 646, boek 7, NBW.

Periode: 1994–

Grondslag: Algemene wet gelijke behandeling, 1994, art. 20, lid 2

Product: Rapporten

Waardering:

Centrale Commissie voor Georganiseerd Overleg in Ambtenarenzaken

Handeling: Het voordragen ter benoeming van een (plaatsvervangend) lid van de Commissie gelijke behandeling van mannen en vrouwen bij de arbeid in de burgerlijke openbare dienst.

Periode: 1980–1989

Grondslag: Wet gelijke behandeling van mannen en vrouwen in de burgerlijke openbare dienst, 1980, art. 4, lid 3

Product: Voordracht ter benoeming

Waardering:

Minister van Buitenlandse Zaken

De coördinatie van het emancipatiebeleid

Handeling: Het voorbereiden van de totstandkoming, wijziging en intrekking van een wet of regeling voor de instelling van een commissie of werkgroep voor de coördinatie van het departementale emancipatiebeleid.

Periode: 1965–

Product: Instellingsbesluit

Opmerking: Alle ministers zijn verantwoordelijk voor de integratie van het facet emancipatie in al hun departementale beleid. De departementen kennen veelal een eigen commissie of werkgroep die deze integratie bevordert en coördineert.

Waardering:

Handeling: Het voordragen van een vertegenwoordiger van het departement als lid van de Interdepartementale Coördinatiecommissie Emancipatiebeleid.

Periode: 1977–

Grondslag: Instellingsbeschikking Interdepartementale Coördinatiecommissie Emancipatiebeleid, 1977, art. 3, lid 5

Instellingsbeschikking Interdepartementale Coördinatiecommissie Emancipatiebeleid, 1987, art. 7

Product: Voordracht ter benoeming

Opmerking: Deze voordracht is bindend. Tussen 1977 en 1981 hadden niet alle vakministers een vertegenwoordiger in de ICE.

Waardering:

Handeling: Het toevoegen van een vertegenwoordiger aan de Nationale Adviescommissie Emancipatie.

Periode: 1974–1981

Grondslag: Instellingsbesluit Nationale Adviescommissie Emancipatie, 1974, art. 4

Product: Brief

Opmerking: Deze vertegenwoordigers hadden in de commissie uitsluitend een adviserende stem.

Waardering:

Emancipatie-onderzoek

Handeling: Het voordragen ter benoeming van een lid van de Stimuleringsgroep emancipatie-onderzoek.

Periode: 1985–1991

Grondslag: Instellingsbesluit Stimuleringsgroep emancipatie-onderzoek, 1985, art. 7, lid 2

Product: Brief

Waardering:

Joke Smit-prijs

Handeling: Het overeenstemmen met de minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid inzake de toekenning van de Joke Smit-prijs.

Periode: 1985–

Grondslag: Besluit tot instelling van de Joke Smit-prijs, 1985, art. 3, lid 1

Product: Overlegverslagen, notities

Waardering:

Internationaal emancipatiebeleid

Handeling: Het voorbereiden van de Nederlandse bijdrage aan een wereldvrouwenconferentie van de Verenigde Naties.

Periode: 1974–

Product: Beleidsnota’s, notities

Opmerking: De voorbereiding gebeurde gezamenlijk met de minister die verantwoordelijk was voor het emancipatiebeleid.

Voor de eerste twee conferenties vond de voorbereiding voornamelijk op ambtelijk niveau plaats binnen de ministeries van CRM/SZW en van Buitenlandse Zaken. Voor de voorbereiding van de conferentie van 1985 had de Nederlandse Vrouwenraad de opdracht gekregen de Nederlandse bijdrage aan de conferentie inhoudelijk voor te bereiden.

Waardering:

Minister van Justitie

De coördinatie van het emancipatiebeleid

Handeling: Het voorbereiden van de totstandkoming, wijziging en intrekking van een wet of regeling voor de instelling van een commissie of werkgroep voor de coördinatie van het departementale emancipatiebeleid.

Periode: 1965–

Product: Instellingsbesluit

Opmerking: Alle ministers zijn verantwoordelijk voor de integratie van het facet emancipatie in al hun departementale beleid. De departementen kennen veelal een eigen commissie of werkgroep die deze integratie bevordert en coördineert.

Waardering:

Handeling: Het voordragen van een vertegenwoordiger van het departement als lid van de Interdepartementale Coördinatiecommissie Emancipatiebeleid.

Periode: 1977–

Grondslag: Instellingsbeschikking Interdepartementale Coördinatiecommissie Emancipatiebeleid, 1977, art. 3, lid 5

Instellingsbeschikking Interdepartementale Coördinatiecommissie Emancipatiebeleid, 1987, art. 7

Product: Voordracht ter benoeming

Opmerking: Deze voordracht is bindend. Tussen 1977 en 1981 hadden niet alle vakministers een vertegenwoordiger in de ICE.

Waardering:

Handeling: Het toevoegen van een vertegenwoordiger aan de Nationale Adviescommissie Emancipatie.

Periode: 1974–1981

Grondslag: Instellingsbesluit Nationale Adviescommissie Emancipatie, 1974, art. 4

Product: Brief

Opmerking: Deze vertegenwoordigers hadden in de commissie uitsluitend een adviserende stem.

Waardering:

Gelijke behandeling

Handeling: Het voordragen van wetten betreffende gelijke behandeling en non-discriminatie.

Periode: 1965-

Grondslag: Grondwet 1938-1972, art. 4

Grondwet 1983-1994, art. 1

Richtlijn van de Raad voor Europa betreffende de tenuitvoerlegging van gelijke behandeling van mannen en vrouwen ten aanzien van de toegang tot het arbeidsproces, de beroepsopleiding en de pcurotiekansen, en ten aanzien van de arbeidsvoorwaarden, 1976, art. 9, lid 1

Product: Wet gelijke behandeling van mannen en vrouwen (Stb.1980/086), gewijzigd bij Wet van 27 april 1989 (Stb. 1989, 168)

Algemene wet gelijke behandeling (Stb.1994/230)

Opmerking: Artikel 10 van de richtlijn van de Raad voor Europa verplicht de lidstaten binnen 5 jaar te rapporteren over hun voortgang op dit terrein.

De betreffende wetgeving werd voorgedragen door de ministers van Sociale Zaken en Werkgelegenheid, Onderwijs en Wetenschappen, Volksgezondheid, Welzijn en sport en Binnenlandse Zaken

Waardering:

Handeling: Het bij algemene maatregel van bestuur stellen van regels voor de werkwijze en procedures van de Commissie gelijke behandeling.

Periode: 1994–

Grondslag: Algemene wet gelijke behandeling, 1994, art. 21, lid 1

Product: Besluit werkwijze Commissie gelijke behandeling (Stb.1994/606)

Waardering:

Handeling: Het bij algemene maatregel van bestuur stellen van regels voor de bezoldiging, de vergoeding van reis- en verblijfkosten, het recht op wachtgeld, en de verdere vergoeding van de (plaatsvervangend) leden van de Commissie gelijke behandeling.

Periode: 1994–

Grondslag: Algemene wet gelijke behandeling, 1994, art. 21, lid 2

Product: Rechtspositiebesluit Commissie gelijke behandeling (Stb.1994/607)

Waardering:

Handeling: Het adviseren van de minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid inzake de benoeming of het ontslag van een (plaatsvervangend) lid van de Commissie gelijke behandeling van mannen en vrouwen bij de arbeid.

Periode: 1989–1994

Grondslag: Wet gelijke behandeling van mannen en vrouwen, 1989, art. 16, lid 2

Product: Advies

Waardering:

Handeling: Het benoemen of ontslaan van een (plaatsvervangend) lid van de Commissie gelijke behandeling.

Periode: 1994–

Grondslag: Algemene wet gelijke behandeling, 1994, art. 16, lid 3 en lid 6

Product: Besluit benoemingen Commissie gelijke behandeling (Stcrt.1994/249)

Opmerking: De minister van Justitie doet dit in overeenstemming met de ministers van Binnenlandse Zaken, van Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen, en van Volksgezondheid, Welzijn en Sport.

Waardering:

Handeling: Het aanwijzen van een ambtenaar die de Commissie gelijke behandeling kan bijstaan bij de uitoefening van haar taak.

Periode: 1994–

Grondslag: Algemene wet gelijke behandeling, 1994, art. 18, lid 1

Product: Brief

Waardering:

Handeling: Het bepalen in welke gevallen de personen die tot het bureau van de Commissie gelijke behandeling horen, worden benoemd, bevorderd, geschorst, of ontslagen.

Periode: 1994–

Grondslag: Algemene wet gelijke behandeling, 1994, art. 17, lid 2

Product: Ministerieel besluit

Waardering:

Handeling: Het benoemen, bevorderen, schorsen, of ontslaan van een persoon die tot het bureau van de Commissie gelijke behandeling behoort.

Periode: 1994–

Grondslag: Algemene wet gelijke behandeling, 1994, art. 17, lid 2

Product: Beschikking

Opmerking: De minister doet dit na advies van de Commissie gelijke behandeling.

Waardering:

Handeling: Het overeenstemmen met de minister van Binnenlandse Zaken over de vijfjaarlijkse rapportage aan de Staten Generaal over de werking in de praktijk van de Algemene wet gelijke behandeling, de Wet gelijke behandeling van mannen en vrouwen, en artikel 1637ij van het BW / art. 646, boek 7, NBW.

Periode: 1994–

Grondslag: Algemene wet gelijke behandeling, 1994, art. 33

Product: Rapporten

Opmerking: Zie ook handeling 113.

Waardering:

Homo-emancipatie

Handeling: Het voorbereiden, mede-vaststellen, coördineren en evalueren van het beleid ter voorkoming en bestrijding van anti-homoseksueel gedrag.

Periode: 1965–

Product: Beleidsnota’s, beleidsnotities, (evaluatie)rapporten, adviezen

o.a. ‘Overheidsbeleid en homoseksualiteit’ (Justitie, 1987)

Opmerking: De eigenlijke vaststelling van het beleid vindt plaats in de ministerraad.

Waardering:

Handeling: Het voorbereiden van de totstandkoming, wijziging en intrekking van wet- en regelgeving met betrekking tot de voorkoming en bestrijding van anti-homoseksueel gedrag.

Periode: 1965–

Product: Wetten, algemene maatregelen van bestuur, koninklijke besluiten

Waardering:

Handeling: Het voordragen van een wet of regeling voor de instelling van een adviesgroep voor de voorkoming en bestrijding van geweld tegen homoseksuelen.

Periode: 1980–

Product: Besluit instelling Adviesgroep bestrijding anti-homoseksueel gedrag (stcrt.1990/183)

Opmerking: Dit besluit kwam tot stand in overeenstemming met de minister van Welzijn, Volksgezondheid en Cultuur, en met de minister van Defensie.

Waardering:

Handeling: Het benoemen van de leden van de Adviesgroep bestrijding anti-homoseksueel gedrag.

Periode: 1990–

Grondslag: Besluit instelling Adviesgroep bestrijding anti-homoseksueel gedrag, 1990, art. 3

Product: Benoeming

Waardering:

Emancipatie van allochtone vrouwen

Handeling: Het aanwijzen van een lid van de Interdepartementale werkgroep vrouwen- en minderhedenbeleid.

Periode: 1984–1990

Grondslag: Instellingsbesluit Interdepartementale werkgroep vrouwen- en minderhedenbeleid, 1984 en 1989, art. 4, lid 3

Product: Brief

Waardering:

Emancipatie-onderzoek

Handeling: Het voordragen ter benoeming van een lid van de Stimuleringsgroep emancipatie-onderzoek.

Periode: 1985–1991

Grondslag: Instellingsbesluit Stimuleringsgroep emancipatie-onderzoek, 1985, art. 7, lid 2

Product: Voordracht ter benoeming

Waardering:

Joke Smit-prijs

Handeling: Het overeenstemmen met de minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid inzake de toekenning van de Joke Smit-prijs.

Periode: 1985–

Grondslag: Besluit tot instelling van de Joke Smit-prijs, 1985, art. 3, lid 1

Product: Overlegverslagen, notities

Waardering:

Commissies ressorterend onder de minister van Justitie

Adviesgroep bestrijding anti-homoseksueel gedrag

Handeling: Het adviseren van de ministers van Justitie, Binnenlandse Zaken en andere betrokken ministers over de mogelijke verbeteringen bij de voorkoming en bestrijding van strafrechtelijk relevant anti-homoseksueel gedrag.

Periode: 1990–

Grondslag: Besluit instelling Adviesgroep bestrijding anti-homoseksueel gedrag, 1990, art. 1

Product: Advies

Waardering:

Minister van Financiën

De coördinatie van het emancipatiebeleid

Handeling: Het voorbereiden van de totstandkoming, wijziging en intrekking van een wet of regeling voor de instelling van een commissie of werkgroep voor de coördinatie van het departementale emancipatiebeleid.

Periode: 1965–

Product:

Opmerking: Alle ministers zijn verantwoordelijk voor de integratie van het facet emancipatie in al hun departementale beleid. De departementen kennen veelal een eigen commissie of werkgroep die deze integratie bevordert en coördineert.

Waardering: B 1

Handeling: Het voordragen van een vertegenwoordiger van het departement als lid van de Interdepartementale Coördinatiecommissie Emancipatiebeleid.

Periode: 1977–

Grondslag: Instellingsbeschikking Interdepartementale Coördinatiecommissie Emancipatiebeleid, 1977, art. 3, lid 5

Instellingsbeschikking Interdepartementale Coördinatiecommissie Emancipatiebeleid, 1987, art. 7

Product: Voordracht ter benoeming

Opmerking: Deze voordracht is bindend. Tussen 1977 en 1981 hadden niet alle vakministers een vertegenwoordiger in de ICE.

Waardering: V, 10 jaar

Handeling: Het toevoegen van een vertegenwoordiger aan de Nationale Adviescommissie Emancipatie.

Periode: 1974–1981

Grondslag: Instellingsbesluit Nationale Adviescommissie Emancipatie, 1974, art. 4

Product:

Opmerking: Deze vertegenwoordigers hadden in de commissie uitsluitend een adviserende stem.

Waardering: V, 10 jaar

Emancipatie-onderzoek

Handeling: Het voordragen ter benoeming van een lid van de Stimuleringsgroep emancipatie-onderzoek.

Periode: 1985–1991

Grondslag: Instellingsbesluit Stimuleringsgroep emancipatie-onderzoek, 1985, art. 7, lid 2

Product: Voordracht ter benoeming

Waardering: V, 10 jaar

Joke Smit-prijs

Handeling: Het overeenstemmen met de minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid inzake de toekenning van de Joke Smit-prijs.

Periode: 1985–

Grondslag: Besluit tot instelling van de Joke Smit-prijs, 1985, art. 3, lid 1

Product: Overlegverslagen, notities

Waardering: V, 10 jaar

Minister van Economische Zaken

De coördinatie van het emancipatiebeleid

Handeling: Het voorbereiden van de totstandkoming, wijziging en intrekking van een wet of regeling voor de instelling van een commissie of werkgroep voor de coördinatie van het departementale emancipatiebeleid.

Periode: 1965–

Grondslag:

Product:

Opmerking: Alle ministers zijn verantwoordelijk voor de integratie van het facet emancipatie in al hun departementale beleid. De departementen kennen veelal een eigen commissie of werkgroep die deze integratie bevordert en coördineert.

Waardering:

Handeling: Het voordragen van een vertegenwoordiger van het departement als lid van de Interdepartementale Coördinatiecommissie Emancipatiebeleid.

Periode: 1977–

Grondslag: Instellingsbeschikking Interdepartementale Coördinatiecommissie Emancipatiebeleid, 1977, art. 3, lid 5

Instellingsbeschikking Interdepartementale Coördinatiecommissie Emancipatiebeleid, 1987, art. 7

Product: Voordracht ter benoeming

Opmerking: Deze voordracht is bindend. Tussen 1977 en 1981 hadden niet alle vakministers een vertegenwoordiger in de ICE.

Waardering:

Vrouwenemancipatie

Handeling: Het aanwijzen van een lid van de Projectgroep vrouw en werkgelegenheid.

Periode: 1983–1986

Grondslag: Instellingsbesluit Projectgroep vrouw en werkgelegenheid, 1983, art. 4

Product:

Waardering:

Emancipatie-onderzoek

Handeling: Het voordragen ter benoeming van een lid van de Stimuleringsgroep emancipatie-onderzoek.

Periode: 1985–1991

Grondslag: Instellingsbesluit Stimuleringsgroep emancipatie-onderzoek, 1985, art. 7, lid 2

Product: Voordracht ter benoeming

Waardering:

Joke Smit-prijs

Handeling: Het overeenstemmen met de minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid inzake de toekenning van de Joke Smit-prijs.

Periode: 1985–

Grondslag: Besluit tot instelling van de Joke Smit-prijs, 1985, art. 3, lid 1

Product: Overlegverslagen, notities

Waardering:

Internationaal emancipatiebeleid

Handeling: Het voorbereiden van een verslag inzake de wijze waarop de Nederlandse overheid het beginsel van gelijke behandeling van zelfstandig werkzame mannen en vrouwen, en tot bescherming van het moederschap implementeert.

Periode: 1986–

Grondslag: Richtlijn van de Raad betreffende de toepassing van het beginsel van gelijke behandeling van zelfstandig werkzame mannen en vrouwen, de landbouwsector daarbij inbegrepen, en tot bescherming van het moederschap, 1986, art. 13

Product: Verslagen, rapportages

Waardering:

Minister van Defensie

De coördinatie van het emancipatiebeleid

Handeling: Het voorbereiden van de totstandkoming, wijziging en intrekking van een wet of regeling voor de instelling van een commissie of werkgroep voor de coördinatie van het departementale emancipatiebeleid.

Periode: 1965–

Product:

Opmerking: Alle ministers zijn verantwoordelijk voor de integratie van het facet emancipatie in al hun departementale beleid. De departementen kennen veelal een eigen commissie of werkgroep die deze integratie bevordert en coördineert.

Waardering: B 1

Handeling: Het voordragen van een vertegenwoordiger van het departement als lid van de Interdepartementale Coördinatiecommissie Emancipatiebeleid.

Periode: 1977–

Grondslag: Instellingsbeschikking Interdepartementale Coördinatiecommissie Emancipatiebeleid, 1977, art. 3, lid 5

Instellingsbeschikking Interdepartementale Coördinatiecommissie Emancipatiebeleid, 1987, art. 7

Product: Voordracht ter benoeming

Opmerking: Deze voordracht is bindend. Tussen 1977 en 1981 hadden niet alle vakministers een vertegenwoordiger in de ICE.

Waardering: V, 10 jaar

Gelijke behandeling

Handeling: Het aanwijzen van beroepsactiviteiten binnen de Krijgsmacht waarvoor het geslacht bepalend kan zijn.

Periode: 1989–

Grondslag: Besluit beroepsactiviteiten waarvoor het geslacht bepalend kan zijn, 1989, art. 1

Product:

Waardering: B 1

Emancipatie-onderzoek

Handeling: Het voordragen ter benoeming van een lid van de Stimuleringsgroep emancipatie-onderzoek.

Periode: 1985–1991

Grondslag: Instellingsbesluit Stimuleringsgroep emancipatie-onderzoek, 1985, art. 7, lid 2

Product: Voordracht ter benoeming

Waardering: V, 10 jaar

Joke Smit-prijs

Handeling: Het overeenstemmen met de minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid inzake de toekenning van de Joke Smit-prijs.

Periode: 1985–

Grondslag: Besluit tot instelling van de Joke Smit-prijs, 1985, art. 3, lid 1

Product: Overlegverslagen, notities

Waardering: V, 10 jaar

Minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer

De coördinatie van het emancipatiebeleid

Handeling: Het voorbereiden van de totstandkoming, wijziging en intrekking van een wet of regeling voor de instelling van een commissie of werkgroep voor de coördinatie van het departementale emancipatiebeleid.

Periode: 1965–

Grondslag:

Product:

Opmerking: Alle ministers zijn verantwoordelijk voor de integratie van het facet emancipatie in al hun departementale beleid. De departementen kennen veelal een eigen commissie of werkgroep die deze integratie bevordert en coördineert.

Waardering: B 1

Handeling: Het voordragen van een vertegenwoordiger van het departement als lid van de Interdepartementale Coördinatiecommissie Emancipatiebeleid.

Periode: 1977–

Grondslag: Instellingsbeschikking Interdepartementale Coördinatiecommissie Emancipatiebeleid, 1977, art. 3, lid 5

Instellingsbeschikking Interdepartementale Coördinatiecommissie Emancipatiebeleid, 1987, art. 7

Product: Voordracht ter benoeming

Opmerking: Deze voordracht is bindend. Tussen 1977 en 1981 hadden niet alle vakministers een vertegenwoordiger in de ICE.

Waardering: V, 5 jaar na beëindiging van de deelname

Emancipatie-onderzoek

Handeling: Het voordragen ter benoeming van een lid van de Stimuleringsgroep emancipatie-onderzoek.

Periode: 1985–1991

Grondslag: Instellingsbesluit Stimuleringsgroep emancipatie-onderzoek, 1985, art. 7, lid 2

Product: Voordracht ter benoeming

Waardering: V, 5 jaar na beëindiging van de deelname

Joke Smit-prijs

Handeling: Het overeenstemmen met de minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid inzake de toekenning van de Joke Smit-prijs.

Periode: 1985–

Grondslag: Besluit tot instelling van de Joke Smit-prijs, 1985, art. 3, lid 1

Product: Overlegverslagen, notities

Opmerking:

Waardering: V, 5 jaar

Minister van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij

De coördinatie van het emancipatiebeleid

Handeling: Het voorbereiden van de totstandkoming, wijziging en intrekking van een wet of regeling voor de instelling van een commissie of werkgroep voor de coördinatie van het departementale emancipatiebeleid.

Periode: 1965–

Grondslag:

Product: Instellingsbeschikking Emancipatiecommissie LNV, 1983 en 1990

Opmerking: Alle ministers zijn verantwoordelijk voor de integratie van het facet emancipatie in al hun departementale beleid. De departementen kennen veelal een eigen commissie of werkgroep die deze integratie bevordert en coördineert.

Waardering: B 1

Handeling: Het voordragen van een vertegenwoordiger van het departement als lid van de Interdepartementale Coördinatiecommissie Emancipatiebeleid.

Periode: 1977–

Grondslag: Instellingsbeschikking Interdepartementale Coördinatiecommissie Emancipatiebeleid, 1977, art. 3, lid 5

Instellingsbeschikking Interdepartementale Coördinatiecommissie Emancipatiebeleid, 1987, art. 7

Product: Voordracht ter benoeming

Opmerking: Deze voordracht is bindend. Tussen 1977 en 1981 hadden niet alle vakministers een vertegenwoordiger in de ICE.

Waardering: V, 2 jaar

Handeling: Het toevoegen van een vertegenwoordiger aan de Nationale Adviescommissie Emancipatie.

Periode: 1974–1981

Grondslag: Instellingsbesluit Nationale Adviescommissie Emancipatie, 1974, art. 4

Product:

Opmerking: Deze vertegenwoordigers hadden in de commissie uitsluitend een adviserende stem.

Waardering: V, 5 jaar

Emancipatie-onderzoek

Handeling: Het voordragen ter benoeming van een lid van de Stimuleringsgroep emancipatie-onderzoek.

Periode: 1985–1991

Grondslag: Instellingsbesluit Stimuleringsgroep emancipatie-onderzoek, 1985, art. 7, lid 2

Product: Voordracht ter benoeming

Waardering: V, 5 jaar

Joke Smit-prijs

Handeling: Het overeenstemmen met de minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid inzake de toekenning van de Joke Smit-prijs.

Periode: 1985–

Grondslag: Besluit tot instelling van de Joke Smit-prijs, 1985, art. 3, lid 1

Product: Overlegverslagen, notities

Opmerking:

Waardering: V, 2 jaar na uitreiking

Internationaal emancipatiebeleid

Handeling: Het voorbereiden van een verslag inzake de wijze waarop de Nederlandse overheid het beginsel van gelijke behandeling van zelfstandig werkzame mannen en vrouwen, en tot bescherming van het moederschap implementeert.

Periode: 1986–

Grondslag: Richtlijn van de Raad betreffende de toepassing van het beginsel van gelijke behandeling van zelfstandig werkzame mannen en vrouwen, de landbouwsector daarbij inbegrepen, en tot bescherming van het moederschap, 1986, art. 13

Product: Verslagen, rapportages

Opmerking:

Waardering: B 3

Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen

De coördinatie van het emancipatiebeleid

Handeling: Het voorbereiden van de totstandkoming, wijziging en intrekking van een wet of regeling voor de instelling van een commissie of werkgroep voor de coördinatie van het departementale emancipatiebeleid.

Periode: 1965–

Grondslag:

Product: Instellingsbeschikking Stuurgroep Emancipatie Onderwijs, 1977, 1981, en 1984

Opmerking: Alle ministers zijn verantwoordelijk voor de integratie van het facet emancipatie in hun hele departementale beleid. De departementen kennen veelal een eigen commissie of werkgroep die deze integratie bevordert en coördineert.

Waardering: B 1

Handeling: Het voordragen van een vertegenwoordiger van het departement als lid van de Interdepartementale Coördinatiecommissie Emancipatiebeleid.

Periode: 1977–

Grondslag: Instellingsbeschikking Interdepartementale Coördinatiecommissie Emancipatiebeleid, 1977, art. 3, lid 5

Instellingsbeschikking Interdepartementale Coördinatiecommissie Emancipatiebeleid, 1987, art. 7

Product: Voordracht ter benoeming

Opmerking: Deze voordracht is bindend. Tussen 1977 en 1981 hadden niet alle vakministers een vertegenwoordiger in de ICE.

Waardering: V, 5 jaar

Handeling: Het toevoegen van een vertegenwoordiger aan de Nationale Adviescommissie Emancipatie.

Periode: 1974–1981

Grondslag: Instellingsbesluit Nationale Adviescommissie Emancipatie, 1974, art. 4

Product:

Opmerking: Deze vertegenwoordigers hadden in de commissie uitsluitend een adviserende stem.

Waardering: V, 5 jaar

Gelijke behandeling

Handeling: Het voordragen ter benoeming van een (plaatsvervangend) lid van de Commissie gelijke behandeling van mannen en vrouwen bij de arbeid.

Periode: 1980–1989

Grondslag: Wet gelijke behandeling van mannen en vrouwen, 1980, art. 6, lid 5

Product: Voordracht ter benoeming

Opmerking: Het gaat hier om de voordracht ter benoeming van twee leden uit de Onderwijsraad.

Waardering: V, 10 jaar

Handeling: Het adviseren van de minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid inzake de benoeming of het ontslag van een (plaatsvervangend) lid van de Commissie gelijke behandeling van mannen en vrouwen bij de arbeid.

Periode: 1989–1994

Grondslag: Wet gelijke behandeling van mannen en vrouwen, 1989, art. 16, lid 2

Product: Advies

Waardering: V, 5 jaar

Handeling: Het overeenstemmen met de minister van Justitie inzake de benoeming van een (plaatsvervangend) lid van de Commissie gelijke behandeling.

Periode: 1994–

Grondslag: Algemene wet gelijke behandeling, 1994, art. 16, lid 3

Product:

Waardering: V, 5 jaar

Handeling: Het aanwijzen van een ambtenaar die de Commissie gelijke behandeling kan bijstaan bij de uitoefening van haar taak.

Periode: 1994–

Grondslag: Algemene wet gelijke behandeling, 1994, art. 18, lid 1

Product:

Waardering: V, 10 jaar

Handeling: Het overeenstemmen met de minister van Binnenlandse Zaken over de vijfjaarlijkse rapportage aan de Staten Generaal over de werking in de praktijk van de Algemene wet gelijke behandeling, de Wet gelijke behandeling van mannen en vrouwen, en artikel 1637ij van het BW / art. 646, boek 7, NBW.

Periode: 1994–

Grondslag: Algemene wet gelijke behandeling, 1994, art. 33

Product: Rapporten

Opmerking: Zie ook handeling 113.

Waardering: B 5

Vrouwenemancipatie

Handeling: Het aanwijzen van een lid van de Projectgroep vrouw en werkgelegenheid.

Periode: 1983–1986

Grondslag: Instellingsbesluit Projectgroep vrouw en werkgelegenheid, 1983, art. 4

Product: Brief

Waardering: V, 10 jaar

Emancipatie van allochtone vrouwen

Handeling: Het aanwijzen van een lid van de Interdepartementale werkgroep vrouwen- en minderhedenbeleid.

Periode: 1984–1990

Grondslag: Instellingsbesluit Interdepartementale werkgroep vrouwen- en minderhedenbeleid, 1984 en 1989, art. 4, lid 3

Product:

Opmerking:

Waardering: V, 5 jaar

Emancipatie-onderzoek

Handeling: Het adviseren van de minister van Cultuur, Recreatie en Maatschappelijk Werk inzake benoeming, schorsing, of ontslag van een voorzitter of lid van de Voorlopige begeleidingsgroep voor emancipatie-onderzoek.

Periode: 1979–1985

Grondslag: Instellingsbesluit Voorlopige begeleidingsgroep voor emancipatie-onderzoek, 1979, art. 5, lid 2

Product: Advies

Opmerking:

Waardering: V, 5 jaar

Handeling: Het aanwijzen van een waarnemer bij de Voorlopige begeleidingsgroep voor emancipatie-onderzoek.

Periode: 1979–1985

Grondslag: Instellingsbesluit Voorlopige begeleidingsgroep voor emancipatie-onderzoek, 1979, art. 6

Product:

Opmerking:

Waardering: V, 10 jaar

Handeling: Het goedkeuren van de begroting van de Voorlopige begeleidingsgroep voor emancipatieonderzoek.

Periode: 1979–1985

Grondslag: Instellingsbesluit Voorlopige begeleidingsgroep voor emancipatie-onderzoek, 1979, art. 9

Product: Ministerieel besluit

Waardering: V, 10 jaar

Handeling: Het bekostigen van de werkzaamheden van de Voorlopige begeleidingsgroep voor emancipatieonderzoek.

Periode: 1979–1985

Grondslag: Instellingsbesluit Voorlopige begeleidingsgroep emancipatieonderzoek, 1979, art. 9

Product: Vergoedingen

Waardering: V, 10 jaar

Handeling: Het voordragen ter benoeming van een lid van de Stimuleringsgroep emancipatie-onderzoek.

Periode: 1985–1991

Grondslag: Instellingsbesluit Stimuleringsgroep emancipatie-onderzoek, 1985, art. 7, lid 2

Product: Voordracht ter benoeming

Waardering: V, 5 jaar

Handeling: Het adviseren van de minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid inzake benoeming of ontslag van een voorzitter of lid van de Stimuleringsgroep emancipatie-onderzoek.

Periode: 1985–1991

Grondslag: Instellingsbesluit Stimuleringsgroep emancipatie-onderzoek, 1985, art. 7, lid 3

Product: Advies

Waardering: V, 5 jaar

Handeling: Het bekostigen van de werkzaamheden van de Stimuleringsgroep emancipatieonderzoek.

Periode: 1985–1991

Grondslag: Instellingsbesluit Stimuleringsgroep emancipatieonderzoek, 1985, art. 10

Waardering: V, 10 jaar

Joke Smit-prijs

Handeling: Het overeenstemmen met de minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid inzake de toekenning van de Joke Smit-prijs.

Periode: 1985–

Grondslag: Besluit tot instelling van de Joke Smit-prijs, 1985, art. 3, lid 1

Product: Overlegverslagen, notities

Waardering: V, 10 jaar

Adviesorgaan ressorterend onder OCW

Onderwijsraad

Actor: De Onderwijsraad

Handeling: Het adviseren van de minister van Onderwijs en Wetenschappen inzake de voordracht ter benoeming van een (plaatsvervangend) lid van de Commissie gelijke behandeling van mannen en vrouwen bij de arbeid.

Periode: 1980–1989

Grondslag: Wet gelijke behandeling van mannen en vrouwen, 1980, art. 6, lid 5

Product: Advies

Opmerking: De Onderwijsraad adviseert de minister van Onderwijs en Wetenschappen over de voordracht ter benoeming van twee leden uit de Onderwijsraad.

Waardering:

Minister van Verkeer en Waterstaat

De coördinatie van het emancipatiebeleid

Handeling: Het voorbereiden van de totstandkoming, wijziging en intrekking van een wet of regeling voor de instelling van een commissie of werkgroep voor de coördinatie van het departementale emancipatiebeleid.

Periode: 1965–

Grondslag:

Product:

Opmerking: Alle ministers zijn verantwoordelijk voor de integratie van het facet emancipatie in al hun departementale beleid. De departementen kennen veelal een eigen commissie of werkgroep die deze integratie bevordert en coördineert.

Waardering: B 1

Handeling: Het voordragen van een vertegenwoordiger van het departement als lid van de Interdepartementale Coördinatiecommissie Emancipatiebeleid.

Periode: 1977–

Grondslag: Instellingsbeschikking Interdepartementale Coördinatiecommissie Emancipatiebeleid, 1977, art. 3, lid 5

Instellingsbeschikking Interdepartementale Coördinatiecommissie Emancipatiebeleid, 1987, art. 7

Product: Voordracht ter benoeming

Opmerking: Deze voordracht is bindend. Tussen 1977 en 1981 hadden niet alle vakministers een vertegenwoordiger in de ICE.

Waardering: V, 5 jaar na einde lidmaatschap

V, 75 jaar voor zaken waaraan rechtspositionele en/of pensioenrechtelijke aspecten ontleend kunnen worden.

Emancipatie-onderzoek

Handeling: Het voordragen ter benoeming van een lid van de Stimuleringsgroep emancipatie-onderzoek.

Periode: 1985–1991

Grondslag: Instellingsbesluit Stimuleringsgroep emancipatie-onderzoek, 1985, art. 7, lid 2

Product: Voordracht ter benoeming

Waardering: V, 5 jaar na einde lidmaatschap

V, 75 jaar voor zaken waaraan rechtspositionele en/of pensioenrechtelijke aspecten ontleend kunnen worden

Joke Smit-prijs

Handeling: Het overeenstemmen met de minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid inzake de toekenning van de Joke Smit-prijs.

Periode: 1985–

Grondslag: Besluit tot instelling van de Joke Smit-prijs, 1985, art. 3, lid 1

Product: Overlegverslagen, notities

Waardering: V, 5 jaar

De Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen is belast met de uitvoering van dit besluit dat met de daarbij behorende selectielijst en toelichting in de Staatscourant zal worden geplaatst.

De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.

Deze tekst wordt gepubliceerd onder de eigen hergebruiksvoorwaarden van BWB, niet onder een licentie van Legalize of van het publieke domein. BWB
CC0 1.0 Universeel (publiek domein)