Vaststellingsbesluit selectielijst neerslag handelingen beleidsterrein Wetenschappelijk onderwijs 1945-1986 (Wageningen Universiteit)
Gelet op artikel 5, tweede lid, onder b, van de Archiefwet 1995;
De Raad voor Cultuur gehoord (advies van de Raad voor Cultuur van 18 april 2005 nr. arc-2005.02052/5);
Besluit:
Artikel 1
De bij dit besluit gevoegde ‘selectielijst voor de neerslag van de handelingen van de Wageningen Universiteit en de onder hem ressorterende actoren op het beleidsterrein Wetenschappelijk onderwijs over de periode 1945–1986’ en de daarbij behorende toelichting worden vastgesteld.
Artikel 2
Dit besluit treedt in werking met ingang van de tweede dag na de dagtekening van de Staatscourant waarin het wordt geplaatst.
Basisselectiedocument
Beleidsterrein wetenschappelijk onderwijs, openbare en bijzondere universiteiten en hogescholen 1945–1986
Voorwoord
Op grond van artikel 5, lid 1 van de Archiefwet 1995 (Stb. 1995, 276) is de zorgdrager verplicht tot het ontwerpen van selectielijsten waarin tenminste wordt aangegeven welke archiefbescheiden voor vernietiging in aanmerking komen. Naast deze wettelijke verplichting is een regelmatige selectie van archiefbescheiden noodzaak om de archieven toegankelijk te houden. Het hier voorliggende Basisselectiedocument (BSD) voorziet in de wettelijke verplichting en is een instrument om de toegankelijkheid van de archieven van de openbare en de bijzondere universiteiten en hogescholen optimaal te houden. Daarbij gaat het om de universitaire archieven aangaande het beleidsterrein wetenschappelijk onderwijs van de periode 1945–1986.
In overeenstemming met de projectgroep PAZU is 1986 als eindjaar van de periode gekozen omdat in dat jaar de Wet universitaire bestuurshervorming (Stb. 1970, 601) eindigt en de nieuwe Wet op het wetenschappelijk onderwijs (Stb. 1986, 414) in werking treedt. Voor de periode 1985–1997 bestaat al een BSD waarvan de geactualiseerde versie in 2001 in werking trad.
Toelichting
Inleiding
Het rapport institutioneel onderzoek Een academische zaak, deel IV, een institutioneel onderzoek naar universiteiten op het beleidsterrein wetenschappelijk onderwijs 1945–1986, vormt de grondslag van dit Basisselectiedocument (BSD). Het rapport beschrijft alle handelingen van de universitaire bestuursorganen op het beleidsterrein wetenschappelijk onderwijs en geeft daarnaast een overzicht van andere actoren die zich op dit beleidsterrein bewegen.
Het Basisselectiedocument is de verantwoording van het bewaar- en vernietigingsbeleid van de organisatie. Tevens vormt het voor de openbare universiteiten als overheidsorganen de invulling van het wettelijk voorgeschreven selectieinstrument. Het BSD kan eveneens bij de bijzondere universiteiten – die als privaatrechtelijke organisatie niet onder de Archiefwet vallen – gehanteerd worden als selectieinstrument voor haar archieven.
Het BSD bevat een voorstel voor bewaring of vernietiging van de bescheiden die het resultaat zijn van handelingen van actoren op het beleidsterrein wetenschappelijk onderwijs. Daarbij gaat het met name om de handelingen van de bestuursorganen van de universiteiten. In het Basisselectiedocument wordt de documentaire neerslag van handelingen verdeeld in te bewaren en (op termijn) te vernietigen documentaire neerslag.
Het rapport institutioneel onderzoek en het Basisselectiedocument zijn de resultaten van onderzoeken bij de openbare universiteiten en de bijzondere universiteiten, die in 2002 zijn verricht door Saskia van Kaam en Elke Verheijen van Doxis.
Doel van dit onderzoek is de selectiemethode zoals deze in het kader van het Project Verkorting Overbrengingstermijn (PIVOT) bij het Nationaal Archief is ontwikkeld, te kunnen toepassen op de neerslag van het handelen van de openbare en bijzondere universiteiten vanaf 1945 tot 1986.
Hoofdlijnen van het handelen van universiteiten op het beleidsterrein wetenschappelijk onderwijs
PIVOT definieert hoofdlijnen van het handelen als: doelstellingen van de overheid binnen de kaders van een beleidsterrein. De taken van de universiteiten liggen op het terrein van onderwijs en wetenschap. De hoofdlijnen van het handelen van de universiteiten zijn het verzorgen van wetenschappelijk onderwijs en het verrichten van wetenschappelijk onderzoek. Een belangrijke afgeleide van de hoofdlijnen wordt gevormd door het overdragen van kennis aan de samenleving.
Actoren
De selectielijst is vervaardigd ten behoeve van de specifieke taakstelling van de universiteiten. Het beleidsterrein is derhalve beschouwd vanuit het perspectief van de universiteiten. De openbare universiteiten bezitten met het van kracht worden van de Wet op het wetenschappelijk onderwijs (Stb. 1960, 559) sinds 1961 rechtspersoonlijkheid, waardoor zij publiekrechtelijke instellingen zijn met volledige (geattribueerde) rechtsbevoegdheid. De openbare universiteiten handelen door middel van organen die zijn bekleed met openbaar gezag.
De bijzondere universiteiten gaan uit van privaatrechtelijke rechtspersonen, zijnde een stichting (Katholieke Universiteit Brabant, Katholieke Universiteit Nijmegen) of een vereniging (Vrije Universiteit). De bestuursorganen van de bijzondere universiteiten zijn niet bekleed met openbaar gezag.
Als voornaamste actoren kunnen worden aangewezen:
Doelstellingen van de selectie
De hoofddoelstelling van de selectie is een scheiding aan te brengen tussen:
Voor archiefbescheiden van de openbare universiteiten, die als overheidsinstelling vallen onder de werking van de Archiefwet 1995 (Stb. 1995, 276), geldt dat deze na een termijn van 20 jaar moeten worden overgebracht naar een rijksarchief. Voor de bijzondere universiteiten, die als privaatrechtelijke instelling niet onder de werking van de Archiefwet vallen, geldt dat voor de voor blijvende bewaring aangemerkte archiefbescheiden de overdracht aan een rijksarchief tot de mogelijkheden behoort, maar ook de permanente bewaring in eigen beheer.
Dit Basisselectiedocument is opgesteld tegen de achtergrond van de selectiedoelstelling van de Rijksarchiefdienst/PIVOT, zoals de Minister van Welzijn Volksgezondheid en Cultuur die heeft gemeld bij de behandeling van de nieuwe archiefwet in de Tweede Kamer en die als volgt luidt: 'het mogelijk maken van de reconstructie van het overheidshandelen op hoofdlijnen'. Door het Convent van Rijksarchivarissen is deze doelstelling vertaald als 'het selecteren van handelingen van de overheid om bronnen voor de kennis van de Nederlandse samenleving en cultuur veilig te stellen voor blijvende bewaring'.
Deze selectiedoelstelling wordt voor de openbare en bijzondere universiteiten geoperationaliseerd binnen het beleidsterrein wetenschappelijk onderwijs. Hierbij wordt de doelstelling enigszins uitgebreid, omdat niet alleen de handelingen van de openbare universiteiten (als overheidsinstellingen) worden geselecteerd maar ook die van de bijzondere universiteiten.
De handelingen van de verschillende universitaire actoren worden geselecteerd op hun bijdrage aan de realisatie van de selectiedoelstelling. Bij de selectie is derhalve aan de orde welke bescheiden, behorende bij welke handeling, berustende bij welke actor, overgebracht dienen te worden ten einde het handelen van de universiteiten met betrekking tot wetenschappelijk onderwijs en onderzoek op hoofdlijnen te kunnen reconstrueren.
Tot slot dient nog te worden opgemerkt dat er rekening mee moet worden gehouden dat in de periode 1945–1986 de Archiefwet 1918 (Stb. 378) resp. de Archiefwet 1962 (Stb. 313) van kracht waren, en dat er reeds archiefbescheiden vernietigd kunnen zijn op grond van de toen geldige vernietigingslijsten. Daarbij gaat het om de Lijst van voor vernietiging in aanmerking komende bescheiden in de archieven van de rijksuniversiteiten en -hogescholen van 1968 (MB no. OKN 143.667) en de Lijst van voor vernietiging in aanmerking komende archiefbescheiden, dagtekenende van na 1 januari 1954, van rijksuniversiteiten en -hogescholen (MB no. MMA/Ar 0681).
Criteria voor de selectie
Teneinde de selectiedoelstelling te operationaliseren, zijn de in het rapport institutioneel onderzoek geformuleerde handelingen gewogen aan de hand van de door PIVOT opgestelde (positief geformuleerde) selectiecriteria (zie volgende pagina's). Positief geformuleerd wil zeggen dat de criteria aangeven van welke handelingen de neerslag dient te worden overgebracht naar het Nationaal Archief nadat de wettelijk vastgelegde overbrengingstermijn van 20 jaar is verstreken. Hiermee wordt het BSD geen bewaarlijst, maar blijft het een selectielijst (in de zin van art. 5, Archiefwet 1995). In het BSD wordt namelijk aangegeven van welke handelingen de neerslag niet hoeft te worden overgebracht en van welke handelingen dat wel moet. De beslissing hierover wordt echter bepaald door positieve criteria.
Hetgeen voldoet aan de selectiecriteria dient te worden overgebracht en is gewaardeerd met B(ewaren). De neerslag van handelingen die niet aan de hieronder weergegeven selectiecriteria voldoet wordt gewaardeerd met V(ernietigen). 'Vernietigen' betekent: niet overbrengen van de neerslag van het handelen naar het Nationaal Archief of de plaats die de bijzondere universiteit voor het statisch archief heeft aangewezen. De documentaire neerslag die uit deze handelingen voortvloeit, is niet noodzakelijk voor de reconstructie van het (overheids)beleid op hoofdlijnen. Ingeval van 'vernietigen' is het orgaan dat verantwoordelijk is voor het gegevensbeheer verantwoordelijk voor de bestemming van en de zorg voor de betreffende documentaire neerslag.
Veel handelingen in het BSD hebben zowel betrekking op de openbare als de bijzondere universiteiten, andere komen in vergelijkbare varianten voor bij verschillende instellingen. Door de besturen van de bijzondere universiteiten is er voor gekozen om het selectiebeleid zoveel mogelijk af te stemmen op dat van de openbare, hetgeen in de meeste gevallen geleid heeft tot gelijke selectiekeuzes en (vernietigings)termijnen. Het staat de bijzondere universiteiten als privaatrechtelijke instellingen echter vrij om andere keuzes of termijnen te hanteren. Zij zijn hierbij echter wel gebonden aan enkele bepalingen uit het Burgerlijk Wetboek.1Op grond van Boek 2, art. 10 en 24, moeten begrotingen, jaarrekeningen en jaarverslagen tenminste 7 jaar bewaard worden.
Het BSD zal voor de openbare universiteiten via de archiefwettelijke procedure als wettelijke selectielijst worden vastgesteld. De besturen van de bijzondere universiteiten dienen zelf het BSD als selectielijst voor hun instelling vast te stellen.
Belangen ex art. 2, sub c en d van het archiefbesluit 1995
‘Archiefbescheiden als bestanddeel van het cultureel erfgoed.’
De selectiedoelstelling van het Nationaal Archief is dat met de te bewaren gegevens een reconstructie van het handelen van de rijksoverheid op hoofdlijnen ten opzichte van haar omgeving mogelijk moet zijn, waardoor bronnen van de Nederlandse samenleving en cultuur veilig worden gesteld voor blijvende bewaring.
Om de selectiedoelstelling te realiseren, worden 6 selectiecriteria gebruikt om tot waardering te komen.
Handelingen die worden gewaardeerd met B(ewaren)
Handelingen die betrekking hebben op voorbereiding en bepaling van beleid op hoofdlijnen
Toelichting: Hieronder wordt verstaan agendavorming, het analyseren van informatie, het formuleren van adviezen met het oog op toekomstig beleid, alsmede het nemen van beslissingen over de inhoud van beleid en terugkoppeling van beleid. Dit omvat het kiezen en specificeren van de doeleinden en de instrumenten. Wetgevingsprocessen, beleidsformuleringsprocessen, processen aangaande het sluiten van (internationale) verdragen of uitvoeringsregelingen
Handelingen die betrekking hebben op evaluatie van beleid op hoofdlijnen.
Toelichting: Hieronder wordt verstaan het beschrijven en beoordelen van de inhoud, het proces of de effecten van beleid. Hieronder valt ook het toetsen van en het toezien op beleid. Hieruit worden niet per se consequenties getrokken zoals bij terugkoppeling van beleid. Rapportages van commissies en overlegorganen
Handelingen die betrekking hebben op verantwoording van beleid op hoofdlijnen aan andere actoren.
Toelichting: Hieronder valt tevens het uitbrengen van verslag over beleid op hoofdlijnen aan andere actoren of ter publicatie. Jaarverslagen, jaarlijkse (voorgeschreven) controlerapporten
Handelingen gericht op de (her)inrichting van organisaties belast met beleid op hoofdlijnen.
Toelichting: Hieronder wordt verstaan het instellen, wijzigen of opheffen van organen, organisaties of onderdelen daarvan.
Reorganisatieprocessen: instelling en opheffing van beleidsorganen en directies, inrichting van de bestuurlijk-administratieve organisatie van de universiteit
Handelingen die bepalend zijn voor de wijze waarop beleidsuitvoering op hoofdlijnen plaatsvindt.
Toelichting: Onder beleidsuitvoering wordt verstaan het toepassen van instrumenten om de gekozen doeleinden te bereiken.
Het ‘beleidsarchief’ van uitvoerende organisatie-eenheden: gegevens die het gevoerde beleid van de universiteit karakteriseren, beschikkingen die van invloed zijn op de toekomstige uitvoering van de handeling in kwestie.
Handelingen die betrekking hebben op beleidsuitvoering op hoofdlijnen en direct gerelateerd zijn aan of direct voortvloeien uit voor het Koninkrijk der Nederlanden bijzondere tijdsomstandigheden en incidenten.
Toelichting: Hierbij moet worden gedacht aan handelingen die plaatsvinden wanneer de ministeriële verantwoordelijkheid is opgeheven en/of wanneer er sprake is van oorlogstoestand, staat van beleg of toepassing van noodwetgeving.
‘Ingevolge artikel 5, onder e, van het Archiefbesluit 1995 kan neerslag van bepaalde, als te vernietigen gewaardeerde handelingen betreffende personen en/of gebeurtenissen van bijzonder cultureel of maatschappelijk belang, van vernietiging worden uitgezonderd’.
Vaststellingsprocedure
Op 23 november 2004 is het ontwerp-BSD door het Overleg post- en archiefzaken Universiteiten namens de zorgdragers de Erasmus Universiteit Rotterdam, de Radboud Universiteit Nijmegen, de Technische Universiteit Delft, de Technische Universiteit Eindhoven, de Universiteit van Amsterdam, de Universiteit van Leiden, de Rijksuniversiteit Groningen, de Universiteit Maastricht, de Universiteit van Tilburg, de Universiteit Twente, de Universiteit Utrecht, de Vrije Universiteit Amsterdam en de Wageningen Universiteit aan de Staatssecretaris van OC&W aangeboden, waarna deze het ter advisering heeft ingediend bij de Raad voor Cultuur (RvC). Van het gevoerde driehoeksoverleg over de waarderingen van de handelingen is een verslag gemaakt, dat tegelijk met het BSD naar de RvC is verstuurd. Vanaf 1 december 2004 lag de selectielijst gedurende acht weken ter publieke inzage bij de registratiebalie van het Nationaal Archief evenals in de bibliotheken van de betrokken zorgdragers, het Ministerie van OC&W en de rijksarchieven in de provincie/regionaal historische centra, hetgeen was aangekondigd in de Staatscourant en in het Archievenblad.
Op 18 april 2005 bracht de RvC advies uit (arc-2005.02052/5), hetwelk [naast enkele tekstuele correcties] aanleiding heeft gegeven tot de volgende wijzigingen in de ontwerp-selectielijst:
Daarop werd het BSD op 9 augustus 2005 door de Algemene Rijksarchivaris, namens de Staatssecretaris van Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen, en de Erasmus Universiteit [C/S&A/05/1621], de Universiteit Leiden [C/S&A/05/1626], de Universiteit Maastricht [C/S&A/05/1628], de Radboud Universiteit [C/S&A/05/1622], de Rijksuniversiteit Groningen [C/S&A/05/1627], de Universiteit Tilburg [C/S&A/05/1629], de Universiteit van Amsterdam [C/S&A/05/1625], de Technische Universiteit Delft [C/S&A/05/1623], de Technische Universiteit Eindhoven [C/S&A/05/1624], de Universiteit Twente [C/S&A/05/1630], de Universiteit Utrecht [C/S&A/05/1642], de Vrije Universiteit Amsterdam [C/S&A/05/1643], en de Wageningen Universiteit [C/S&A/05/1644] vastgesteld.
Selectielijst
De selectielijst is geordend op vier niveau’s: centraal-, midden- en basisniveau en overige actoren, en daarbinnen alfabetisch op actor. Hierdoor staan er in het BSD meer handelingen dan in het RIO. In het RIO zijn namelijk handelingen geformuleerd waarbij meerdere actoren zijn betrokken: een zelfde handeling wordt door meerdere actoren uitgevoerd. De ordening van handelingen in het BSD noopt er echter toe dat de betreffende handeling per actor wordt uitgesplitst.
De gegevensblokken uit het RIO zijn doorlopend genummerd. In het BSD is de nummering uit het RIO gehandhaafd, maar wel zijn de handelingen per actor gegroepeerd. Het uitgangspunt is steeds geweest dat er een directe relatie moest worden gehandhaafd tussen de beide lijsten.
Een handeling die als gevolg van de betrokkenheid van meerdere actoren in het BSD is opgesplitst, heeft aan het nummer een letter toegevoegd gekregen. Zo is herkenbaar dat de handeling bij andere universiteiten door een andere actor wordt uitgevoerd.
Onder de actoren college van curatoren en college van bestuur vallen ook de onder de colleges ressorterende diensten.
Het houden van vergaderingen door de verschillende actoren wordt gerekend tot handelingen inzake het vaststellen van beleid en de agenda’s en verslagen van de vergaderingen worden dientengevolge bewaard.
Achter de als te bewaren (B) aangeduide handelingen is aangegeven welk selectiecriterium (1–6) is toegepast. Achter de als te vernietigen (V) aangeduide handelingen is vermeld na afloop van welke termijn de bescheiden die uit de betreffende handeling voortvloeien, moeten worden vernietigd. De invulling van de termijnen gedurende welke bescheiden worden bewaard is de verantwoordelijkheid van de zorgdragers, in dit geval de universiteiten. Bij de overheidsorganen, waaronder de openbare universiteiten, ziet PIVOT toe op de daadwerkelijke invulling ervan. Bij de bijzondere universiteiten is dit de verantwoordelijkheid van het instellingsbestuur.
Centraal niveau
Handeling: Het aanwijzen van leden voor de Academische Raad en voor de Dagelijkse Raad van de Academische Raad.
Periode: 1966–1973
Grondslag: RMF (Stb. 1967, 3), art. 2
Product: Besluiten
Opmerking: Aan de RUR worden leden voor de Academische Raad aangewezen op voordrachten van de Kamer voor de Maatschappijwetenschappen en van de Kamer voor de Medische Wetenschappen.
Zie voor de handelingen van de Academische Raad in deze: H17 en H18, EAZ-II.
Waardering: V 10 jaar na ontslag
Handeling: Het verstrekken van de gevraagde inlichtingen aan de Commissie voor de bestuurshervorming.
Periode: 1972–1973
Grondslag: Wet van 19 september 1972 (Stb. 1972, 515), art. 2 en art. 3, eerste lid
Product: Inlichtingen
Waardering: V 10 jaar
Handeling: Het vaststellen van het personeelsbeleid
Periode: 1966–1973
Grondslag: RMF (Stb. 1967, 3), art. 9, eerste lid
Product: Besluiten en instructies
Opmerking: Ten aanzien van het personeelsbeleid stelt de minister richtlijnen op. Zie daarvoor H301, EAZ-II.
Waardering: B 1
Handeling: Het uitvoeren van het personeelsbeleid.
Periode: 1966–1973
Grondslag: RMF (Stb. 1967, 3), art. 9, tweede lid
Product: Besluiten
Opmerking: Ten aanzien van het personeelsbeleid stelt de minister richtlijnen op. Zie daarvoor H301, EAZ-II.
Deze handeling is vergelijkbaar met H36, EAZ-I, gewijzigd in BSD versie 2.0 (Stcrt. 2001, 82), H447-477. Bij de selectie kan diezelfde onderverdeling gebruikt worden voor het uitvoeren van het personeelsbeleid.
Waardering: V 10 jaar na ontslag
Handeling: Het opstellen van een voordracht inzake de benoeming van de secretaris.
Periode: 1966–1973
Grondslag: Wet van 15 juni 1966 (Stb. 1966, 267, gewijzigd bij Wet van 17 januari 1973 (Stb. 1973, 8), art. 6, eerste lid
Product: Voordrachten
Opmerking: De secretaris wordt per KB benoemd. Zie voor de handeling van de minister in deze: H266, EAZ-II.
Waardering: V 5 jaar
Handeling: Het oprichten van stichtingen of het aangaan van overeenkomsten met andere instellingen ten behoeve van de zorg voor het onderwijs en de beoefening van de wetenschap.
Periode: 1966–1973
Grondslag: WWO-1 (Stb. 1960, 559, gewijzigd bij UWUB (Stb. 1971, 292), art. 45, vierde lid
Product: Besluiten, overeenkomsten
Opmerking: De besluiten en overeenkomsten behoeven de goedkeuring van de Minister van Onderwijs.
Waardering: B 1
Handeling: Het jaarlijks vaststellen van het aantal studenten dat voor de eerste keer in het eerste jaar kan worden ingeschreven.
Periode: 1966–1973
Grondslag: RMF (Stb. 1967, 3), art. 32
Product: Besluiten
Opmerking: De vaststelling behoeft de goedkeuring van de Minister van Onderwijs.
Deze handeling is vergelijkbaar met H108, EAZ-I.
Waardering: B 5
Handeling: Het opstellen van richtlijnen inzake het ontzeggen van het recht tot inschrijving aan studenten op grond van gebleken ongeschiktheid voor de studie in de geneeskunde
Periode: 1966–1973
Grondslag: RMF (Stb. 1967, 3), art. 33, eerste lid
Product: Richtlijnen
Opmerking: Hiermee wordt het ‘judicium abeundi’ bedoeld. Deze richtlijnen behoeven de goedkeuring van de Minister van Onderwijs.
Waardering: B 5
Handeling: Het besluiten op ingediende beroepen tegen de ontzegging van het recht tot inschrijving aan studenten op grond van gebleken ongeschiktheid voor de studie in de geneeskunde
Periode: 1966–1973
Grondslag: RMF (Stb. 1967, 3), art. 33, tweede lid
Product: Besluiten
Waardering: V 30 jaar na besluit
Handeling: Het aanwijzen van een (plaatsvervangend) voorzitter.
Periode: 1966–1973
Grondslag: RMF (Stb. 1967, 3), art. 3
Product: Besluiten
Opmerking: Voor de rijksinstellingen geldt dat enkel een plaatsvervangend voorzitter wordt aangewezen, de voorzitter wordt per KB benoemd.
Waardering: V 5 jaar na beëindiging taken
Handeling: Het kiezen van de plaatsvervangend voorzitter.
Periode: 1966–1973
Grondslag: RMF (Stb. 1967, 3), art. 3
Product: Besluiten
Opmerking: Deze handeling is vergelijkbaar met H179, EAZ-I.
Waardering: V 5 jaar na beëindiging taken
Handeling: Het vaststellen van richtlijnen voor de organisatie en de coördinatie van het onderwijs en de wetenschapsbeoefening.
Periode: 1972–1973
Grondslag: Wet van 19 september 1972 (Stb. 1972, 515), art. 2 en art. 3, eerste lid
Product: Besluiten
Opmerking: Dit gebeurt in overleg met het college van decanen en met de voorzitters van de vaste commissies voor het onderwijs en voor de wetenschapsbeoefening.
Deze handeling is vergelijkbaar met H185, EAZ-I.
Waardering: B 4
Handeling: Het oprichten van stichtingen of het aangaan van overeenkomsten met andere instellingen ten behoeve van de zorg voor het onderwijs en de beoefening van de wetenschap.
Periode: 1971–1986
Grondslag: WWO-1 (Stb. 1960, 559, gewijzigd bij UWUB (Stb. 1971, 292), art. 45, vierde lid
Product: Besluiten, overeenkomsten
Opmerking: De besluiten en overeenkomsten behoeven de goedkeuring van de Minister van Onderwijs.
Waardering: B 1
Handeling: Het benoemen van de decaan van de (sub)faculteit.
Periode: 1972–1973
Grondslag: Wet van 19 september 1972 (Stb. 1972, 515), art. 2 en art. 3, eerste lid
Product: Besluiten
Opmerking: Deze handeling is vergelijkbaar met H206, EAZ-I
Waardering: B 5
Handeling: Het opmaken van een aanbeveling aan de betrokken minister voor de benoeming van hoogleraren en lectoren.
Periode: 1966–1973
Grondslag: RMF (Stb. 1967, 3), art. 30
Product: Aanbevelingen
Opmerking: De betrokken minister is de Minister van Binnenlandse Zaken (tot 1961)/de Minister van Onderwijs (vanaf 1961).
Deze handeling is vergelijkbaar met H370, EAZ-I.
Waardering: B 5
Handeling: Het vaststellen van regels omtrent het verzorgen van huisvesting en het beheren van roerende en onroerende goederen.
Periode: 1966–1973
Grondslag: RMF (Stb. 1967, 3), art. 9, eerste en tweede lid
Product: Besluiten, regelingen
Opmerking: Voor de MFR geldt dat, indien deze taak aan anderen dan de secretaris is opgedragen, de secretaris namens het algemeen bestuur toezicht houdt op de uitvoering ervan.
Waardering: B 5
Handeling: Het verzorgen van huisvesting en het beheren van roerende en onroerende goederen.
Periode: 1966–1973
Grondslag: RMF (Stb. 1967, 3), art. 9, eerste en tweede lid
Product: Besluiten, overeenkomsten
Opmerking: Voor de MFR geldt dat, indien deze taak aan anderen dan de secretaris is opgedragen, de secretaris namens het algemeen bestuur toezicht houdt op de uitvoering ervan.
Deze handeling is vergelijkbaar met H171, EAZ-I.
Waardering: V 5 jaar na verval
Handeling: Het stellen van regels omtrent het beheren van de financiën.
Periode: 1966–1973
Grondslag: RMF (Stb. 1967, 3), art. 9, eerste en tweede lid
Product: Reglementen, voorschriften
Waardering: V 7 jaar na verval
Handeling: Het beheren van de financiën.
Periode: 1966–1973
Grondslag: RMF (Stb. 1967, 3), art. 9, eerste en tweede lid
Product: Financiële administratie, besluiten
Opmerking: Genomen financiële besluiten dienen aan de minister ter goedkeuring te worden voorgelegd. Indien de minister goedkeuring onthoudt, kan het universitaire orgaan hiertegen in beroep gaan.
Deze handeling is vergelijkbaar met H372, EAZ-I.
Waardering: V 7 jaar
Handeling: Het vaststellen van de jaarrekening en de verantwoording.
Periode: 1965–1986
Grondslag: Statuten en reglementen VU
Product: Besluiten
Opmerking: Bij de VU stelt de financiële commissie vanaf 1965 hierover een verslag op.
Waardering: B 3
Handeling: Het benoemen van leden in het verenigingsbestuur.
Periode: 1945–1986
Grondslag: Statuten VU
Product: Besluiten
Opmerking: Voordrachten hiertoe worden opgesteld door bestuur en curatoren gezamenlijk. Vanaf 1965 wordt het advies van de curatoren ingewonnen.
Waardering: B 5
Handeling: Het wijzigen van de statuten, alsmede het besluiten tot opheffing van de stichting of vereniging.
Periode: 1945–1986
Grondslag: Hoger-onderwijswet (Stb. 1905, 181), art. 149, tweede lid, art. 191, eerste lid en art. 197, tweede lid
WWO-1 (Stb. 1960, 559), art. 93, eerste lid en art. 123, eerste lid
Statuten VU
Product: Besluiten
Opmerking: De wijzigingen dienen aan de Minister van Binnenlandse Zaken (tot 1961)/de Minister van Onderwijs (vanaf 1961) bekend gemaakt te worden.
Bij de opheffing dient een gedeelte van de rijksbetalingen te worden terugbetaald.
Waardering: B 4
Handeling: Het vaststellen van regelingen voor interne bestuursaangelegenheden.
Periode: 1945–1986
Grondslag: Statuten VU
Product: Structuurregelingen, reglementen, instructies
Opmerking: Deze handeling is vergelijkbaar met H154, EAZ-I.
Waardering: B 5
Handeling: Het indienen van verzoeken bij de Kroon om als bijzondere onderwijsinstelling erkend te worden.
Periode: 1945–1986
Grondslag: Hoger-onderwijswet (Stb. 1905, 181, gewijzigd bij Wet van 11 juni 1921 (Stb. 1921, 782), art. 150, art. 184 en art. 185
WWO-1 (Stb. 1960, 559), art. 119, eerste lid
Statuten VU
Product: Verzoeken
Opmerking: Als bijlage bij de aanvragen dienen de verenigingsbesturen de statuten, akten of reglementen betreffende de oprichting van de bijzondere instelling mee te sturen.
Waardering: B 4
Handeling: Het opstellen van een verklaring, waarin is opgenomen dat de faculteit der godgeleerdheid niet erkend en bekostigd wil worden, dan wel enkel voor bekostiging in aanmerking wil komen.
Periode: 1963–1986
Grondslag: WWO-1 (Stb. 1960, 559, gewijzigd bij Wet van 27 juni 1963 (Stb. 1963, 288), art. 33ter
Statuten, reglementen VU
Product: Verklaringen
Waardering: B 4
Handeling: Het uitbrengen van advies aangaande alle aangelegenheden betreffende de instelling.
Periode: 1945–1986
Grondslag: Statuten
Product: Adviezen
Waardering: B 1
Handeling: Het benoemen van de commissie van toezicht op het geldelijk beheer (tot 1965)/financiële commissie (vanaf 1965).
Periode: 1945–1986
Grondslag: Statuten VU
Product: Besluiten
Opmerking: De benoeming van de financiële commissie geschiedt op voordracht van de Raad van Bijstand.
Waardering: B 4
Handeling: Het beslissen over het aangaan van een financiële overeenkomst, die de onderwijsinstelling afhankelijk maakt van een ander gezag.
Periode: 1945–1964
Grondslag: Statuten VU
Product: Besluiten
Waardering: B 4
Handeling: Het vaststellen en wijzigen van de (aanvullende) begroting.
Periode: 1957–1968
Grondslag: WHLO (Stb. 1958, 669), art. 39, derde lid
Product: Begrotingen, besluiten
Opmerking: Deze handeling is vergelijkbaar met H12, EAZ-I.
Waardering: B 1
Handeling: Het vaststellen van het personeelsbeleid
Periode: 1957–1968
Grondslag: WHLO (Stb. 1958, 669), art. 26, derde lid
Product: Besluiten en instructies
Opmerking: Ten aanzien van het personeelsbeleid stelt de minister richtlijnen op. Zie daarvoor H301, EAZ-II.
Waardering: B 1
Handeling: Het uitvoeren van het personeelsbeleid.
Periode: 1957–1968
Grondslag: WHLO (Stb. 1958, 669), art. 26, eerste lid
Product: Besluiten
Opmerking: Ten aanzien van het personeelsbeleid stelt de minister richtlijnen op. Zie daarvoor H301, EAZ-II.
Deze handeling is vergelijkbaar met H36, EAZ-I, gewijzigd in BSD versie 2.0 (Stcrt. 2001, 82), H447-477. Bij de selectie kan diezelfde onderverdeling gebruikt worden voor het uitvoeren van het personeelsbeleid.
Waardering: V 10 jaar na ontslag
Handeling: Het opstellen van een voordracht inzake de benoeming van de secretaris.
Periode: 1957–1968
Grondslag: WHLO (Stb. 1917, 700, gewijzigd bij Wet van 22 december 1958 (Stb. 1958, 669), art. 33, tweede lid
Product: Voordrachten
Opmerking: De secretaris wordt per KB benoemd. Zie voor de handeling van de minister in deze: H266, EAZ-II.
Waardering: B 5
Handeling: Het verlenen van toestemming aan een hoogleraar voor het geven van andere colleges naast de hem opgedragen colleges, alsmede voor het geven van colleges na het bereiken van de leeftijd van 70 jaar.
Periode: 1957–1968
Grondslag: WHLO (Stb. 1958, 669), art. 17, eerste lid en art. 20, tweede lid
Product: Besluiten
Opmerking: Bij de RLH wordt in deze de senaat gehoord.
Voor deze handeling is met betrekking tot de periode 1969–1971 geen wettelijke grondslag gevonden.
Waardering: B 5
Handeling: Het opstellen van een voorstel inzake het houden van voordrachten, cursussen en wetenschappelijke lezingen.
Periode: 1957–1968
Grondslag: WHLO (Stb. 1958, 669), art. 24, eerste en tweede lid
Product: Voorstellen, programma’s
Opmerking: Het voorstel behoeft de goedkeuring van de Minister van Landbouw.
Waardering: V 10 jaar
Handeling: Het verlenen van verlof aan studenten tot het volgen van enkele colleges aan een andere faculteit of universiteit.
Periode: 1957–1968
Grondslag: WHLO (Stb. 1958, 669), art. 30
Product: Verklaringen, toelatingsbewijzen
Waardering: V 30 jaar
Handeling: Het zorgdragen voor de uitvoering van wettelijke bepalingen en bepalingen uit eigen verordeningen, alsmede het waken over plichtsverzuim en wangedrag.
Periode: 1957–1968
Grondslag: WHLO (Stb. 1958, 669), art. 39, eerste en tweede lid
Product: Besluiten, richtlijnen, aanwijzingen
Waardering: V 10 jaar
Handeling: Het vaststellen van het bestuursreglement.
Periode: 1968–1970
Grondslag: WWO-1 (Stb. 1960, 559, gewijzigd bij Wet van 20 december 1967 (Stb. 1967, 684), art. 39, eerste lid en art. 86, eerste lid
Product: Bestuursreglementen
Opmerking: Het bestuursreglement bepaalt de faculteiten en studierichtingen aan de onderwijsinstelling.
De reglementen behoeven de goedkeuring van de Minister van Landbouw.
Deze handeling is vergelijkbaar met H161, EAZ-I.
Waardering: B 4
Handeling: Het opstellen van een aanbeveling aan de betrokken minister inzake de benoeming van bestuursleden.
Periode: 1957–1970
Grondslag: WHLO (Stb. 1958, 669), art. 32, vierde lid
WWO-1 (Stb. 1960, 559, gewijzigd bij Wet van 20 december 1967 (Stb. 1967, 684), art. 43bis, derde lid
Product: Aanbevelingen
Opmerking: De aanbeveling wordt ingediend bij de Minister van Landbouw (voor 1968) en bij de Minister van Onderwijs en de Minister van Landbouw (vanaf 1968). De leden worden vervolgens per KB benoemd.
Waardering: B 5
Handeling: Het opstellen van een verslag aangaande het afgelopen cursusjaar.
Periode: 1957–1968
Grondslag: WHLO (Stb. 1958, 669), art. 39, derde lid
Product: Verslagen, jaarverslagen
Waardering: B 3
Handeling: Het vaststellen van een reglement van orde.
Periode: 1957–1968
Grondslag: WHLO (Stb. 1958, 669), art. 35, derde lid
Product: Reglementen
Waardering: B 4
Handeling: Het opdragen van bevoegdheden aan het dagelijks bestuur.
Periode: 1957–1968
Grondslag: WHLO (Stb. 1958, 669), art. 36
WWO-1 (Stb. 1960, 559, gewijzigd bij Wet van 20 december 1967 (Stb. 1967, 684), art. 41sexies, eerste lid
Product: Besluiten
Waardering: B 4
Handeling: Het uitbrengen van advies aan de Kroon inzake het bevoegdverklaren van rechtspersonen tot het vestigen van bijzondere leerstoelen bij de onderwijsinstelling.
Periode: 1957–1968
Grondslag: WHLO (Stb. 1958, 669), art. 52
Product: Adviezen
Waardering: B 1
Handeling: Het verlenen van toestemming aan bijzondere hoogleraren tot het bijwonen van de vergaderingen van de senaat.
Periode: 1957–1968
Grondslag: WHLO (Stb. 1958, 669), art. 61, tweede lid
Product: Besluiten
Waardering: V 10 jaar
Handeling: Het goedkeuren van de regeling inzake het afnemen van examens door bijzondere hoogleraren.
Periode: 1957–1968
Grondslag: WHLO (Stb. 1958, 669), art. 61, derde lid
Product: Besluiten
Waardering: B 5
Handeling: Het opmaken van een aanbeveling aan de betrokken minister voor de benoeming van hoogleraren en lectoren.
Periode: 1957–1968
Grondslag: WHLO (Stb. 1958, 669), art. 14, tweede en derde lid
Product: Aanbevelingen
Opmerking: De betrokken minister is voor de RLH de Minister van Onderwijs.
Deze handeling is vergelijkbaar met H370, EAZ-I.
Waardering: B 5
Handeling: Het aan de Minister van Onderwijs verstrekken van inlichtingen omtrent de onderwijsinstelling en het onderwijs.
Periode: 1971–1986
Grondslag: WUB 1970 (Stb. 1977, 312), art. 32, tweede lid
Reglementen KUN
Product: Inlichtingen
Waardering: V 10 jaar
Handeling: Het verstrekken van de gevraagde inlichtingen aan de Commissie voor de bestuurshervorming.
Periode: 1971–1986
Grondslag: WUB 1970 (Stb. 1977, 312), art. 56, vierde lid
Product: Inlichtingen
Waardering: V 10 jaar
Handeling: Het verstrekken van de gevraagde inlichtingen aan de Commissies wederzijdse doorstroming.
Periode: 1980–1986
Grondslag: WWDHO (Stb. 1979, 301), art. 7, derde lid
Product: Inlichtingen
Waardering: V 10 jaar
Handeling: Het verstrekken van inlichtingen over en bevorderen van het beeld van de universiteit of hogeschool.
Periode: 1945–1986
Grondslag: Statuten KUN, structuurregelingen KUB, VU.
Bestuursreglementen
Product: o.a. inlichtingen, brochures
Opmerking: Bewaard blijven de (orginelen van) folders, brochures, posters en audiovisuele producties e.d. welke zijn gebruikt voor de beeldvorming van de universiteit of hogeschool.
Waardering: V 2 jaar
Handeling: Het voorbereiden en implementeren van het strategische beleid op het terrein van hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek.
Periode: 1945–1986
Grondslag: Bestuursreglementen
Product: (instellings- en strategische) plannen, adviezen, nota’s
Waardering: B 1
Handeling: Het leveren van een bijdrage aan overleg met de minister en de Academische Raad over aangelegenheden van algemeen beleid met betrekking tot de universiteit of hogeschool.
Periode: 1945–1986
Grondslag: WWO-1 (Stb. 1960, 559), art. 6, tweede lid
Product: o.a. notities
Opmerking: Zie ook H30, EAZ-II
Waardering: B 1
Handeling: Het indienen van de begroting bij de minister.
Periode: 1971–1986
Grondslag: WWO-1 (Stb. 1960, 559, gewijzigd bij UWUB (Stb. 1971, 292), art. 102, derde lid
Reglementen KUN
Product: Begrotingen
Opmerking: De faculteiten, interfaculteiten, afdelingen en tussenafdelingen van de rijksuniversiteiten en rijkshogescholen verlenen de desbetreffende colleges van curatoren vanaf 1961 ondersteuning bij de voorbereiding van de begroting.
Waardering: B 5
Handeling: Het indienen van de jaarrekening bij de minister.
Periode: 1971–1986
Grondslag: WWO-1 (Stb. 1960, 559, gewijzigd bij UWUB (Stb. 1971, 292), art. 105, eerste lid
Reglementen KUN
Product: Jaarrekeningen
Opmerking: De faculteiten, interfaculteiten, afdelingen en tussenafdelingen van de rijksuniversiteiten en rijkshogescholen verlenen de desbetreffende colleges van curatoren vanaf 1961 ondersteuning bij de voorbereiding van de begroting.
Waardering: B 5
Handeling: Het vaststellen van het personeelsbeleid.
Periode: 1971–1986
Grondslag: WUB (Stb. 1977, 312), art. 31, eerste lid, onder c, art. 31, tweede lid en art. 42, eerste lid
Statuten en reglementen KUN
Product: Besluiten en instructies
Opmerking: Het verenigingsbestuur en het college van bestuur van de VU voeren deze taak gezamenlijk uit. Het verenigingsbestuur stelt een reglement vast omtrent de rechtspositie van het personeel (overleg met de commissie van overleg) en vergoedingen voor het vervullen van bestuursfuncties.
Voor rijksinstellingen geldt vanaf 1974 de verplichting om inzake personeelsbeleid overleg te voeren met het overlegorgaan personeelszaken.
Ten aanzien van het personeelsbeleid stelt de minister richtlijnen op. Zie daarvoor H301, EAZ-II.
Waardering: B 1
Handeling: Het uitvoeren van het personeelsbeleid.
Periode: 1971–1986
Grondslag: WUB (Stb. 1977, 312), art. 31, eerste lid, onder c
Statuten en reglementen KUN
Product: Besluiten
Opmerking: Het verenigingsbestuur en het college van bestuur van de VU voeren deze taak gezamenlijk uit.
Voor rijksinstellingen geldt vanaf 1974 de verplichting om inzake personeelsbeleid overleg te voeren met het overlegorgaan personeelszaken.
Ten aanzien van het personeelsbeleid stelt de minister richtlijnen op. Zie daarvoor H301, EAZ-II.
Deze handeling is vergelijkbaar met H36, EAZ-I, gewijzigd in BSD versie 2.0 (Stcrt. 2001, 82), H447-477. Bij de selectie kan diezelfde onderverdeling gebruikt worden voor het uitvoeren van het personeelsbeleid.
Waardering: V 10 jaar na ontslag
Handeling: Het opstellen van een voordracht inzake de benoeming van de secretaris.
Periode: 1971–1986
Grondslag: WWO-1 (Stb. 1960, 559, gewijzigd bij UWUB (Stb. 1971, 292), art. 41, eerste lid
BRL (Stb. 1977, 240, gewijzigd bij Besluit van 23 augustus 1983 (Stb. 1983, 441), art. 10, eerste lid
Product: Voordrachten
Opmerking: De colleges van bestuur dienen hun voordrachten bij de Minister van Onderwijs in en, voorzover het de RLH betreft, bij de Minister van Landbouw.
Een van de taken van de secretaris is het voorbereiden van de vergaderingen van het college van bestuur respectievelijk de universiteitsraad (vanaf 1971). Daarnaast ziet de secretaris toe op de uitvoering van de in deze vergaderingen genomen besluiten.
Aan de RULimburg betreft het de secretaris van het college van bestuur.
De secretaris wordt per KB benoemd. Zie voor de handeling van de minister in deze: H266, EAZ-II.
Waardering: B 5
Handeling: Het opstellen van een voordracht inzake de benoeming van de bibliothecaris en van de functionaris, die belast is met de leiding van het bureau van de universiteit.
Periode: 1971–1986
Grondslag: WUB 1970 (Stb. 1977, 312), art. 54, eerste lid
Product: Voordrachten
Opmerking: De bibliothecaris en de functionaris worden per KB benoemd. Zie voor de handeling van de minister in deze: H269, EAZ-II.
Waardering: B 5
Handeling: Het aanwijzen van een (plaatsvervangend) voorzitter en een secretaris voor het overlegorgaan personeelszaken.
Periode: 1974–1986
Grondslag: Besluit van 18 april 1974 (Stb. 1974, 251), art. 16, eerste lid en art. 17.
Product: Besluiten
Opmerking: De secretaris wordt aangewezen na overleg met het overlegorgaan.
Waardering: V 5 jaar na beëindiging taken
Handeling: Het uitsluiten van een (plaatsvervangend) lid van het overlegorgaan personeelszaken.
Periode: 1974–1986
Grondslag: Besluit van 18 april 1974 (Stb. 1974, 251), art. 15, derde lid
Product: Besluiten
Opmerking: In deze wordt het advies ingewonnen van de overige leden van het overlegorgaan.
Waardering: V 5 jaar na beëindiging taken
Handeling: Het aan de Academische Raad voorleggen van de door de faculteitsraad voorbereide voorstellen betreffende de inhoud en samenstelling van onderwijs- en examenprogramma’s.
Periode: 1976–1981
Grondslag: Wet van 12 november 1975 (Stb. 1975, 656), art. IV, derde lid
Product: Voorstellen
Opmerking: De Minister van Onderwijs in overeenstemming met de Minister van Landbouw stelt voor de voorstellen richtlijnen op. Zie daarvoor H362, EAZ-II. Zie verder voor de handeling van de Academische Raad in deze: H363, EAZ-II.
Waardering: V 10 jaar
Handeling: Het aan de Academische Raad voorleggen van het verslag van de faculteitsraad aangaande de cursusduur.
Periode: 1976–1981
Grondslag: Wet van 12 november 1975 (Stb. 1975, 656), art. IV, zevende en achtste lid
Product: Verslagen, voorstellen
Opmerking: Een verslag wordt uitgebracht na afloop voor de eerste maal van de inschrijvingsduur voor de propedeutische fase en een tweede verslag na afloop van de gezamenlijke inschrijvingsduur voor de propedeutische en doctorale fase. De verslagen kunnen eventueel vergezeld gaan van een voorstel tot wijziging van de cursusduur.
Waardering: B 5
Handeling: Het indienen van een voordracht bij de betrokken minister inzake het toelaten tot het geven van colleges door anderen dan de eigen medewerkers.
Periode: 1971–1986
Grondslag: WWO-1 (Stb. 1960, 559, gewijzigd bij UWUB (Stb. 1971, 292), art. 75, eerste en tweede lid
Product: Voordrachten, adviezen
Opmerking: Hieronder valt eveneens het opstellen van voordrachten voor het toelaten van privaatdocenten.
De voordrachten worden ingediend bij de Minister van Onderwijs.
Waardering: B 5
Handeling: Het oprichten van stichtingen of het aangaan van overeenkomsten met andere instellingen ten behoeve van de zorg voor het onderwijs en de beoefening van de wetenschap.
Periode: 1971–1986
Grondslag: WWO-1 (Stb. 1960, 559, gewijzigd bij UWUB (Stb. 1971, 292), art. 45, vierde lid
Statuten KUN
Product: Besluiten, overeenkomsten
Opmerking: De besluiten en overeenkomsten behoeven de goedkeuring van de Minister van Onderwijs.
Waardering: B 1
Handeling: Het verlenen van toestemming aan een hoogleraar voor het geven van andere colleges naast de hem opgedragen colleges, alsmede voor het geven van colleges na het bereiken van de leeftijd van 70 jaar.
Periode: 1971–1986
Grondslag: Hoger-onderwijswet (Stb. 1905, 181, gewijzigd bij Wet van 7 juni 1956 (Stb. 1956, 310), art. 42, eerste lid, art. 46, tweede lid, art. 89, eerste lid en art. 93, tweede lid
WHLO (Stb. 1958, 669), art. 17, eerste lid en art. 20, tweede lid
Product: Besluiten
Waardering: B 5
Handeling: Het opstellen van een voorstel inzake het houden van voordrachten, cursussen en wetenschappelijke lezingen.
Periode: 1971–1986
Grondslag: WWO-1 (Stb. 1960, 559, gewijzigd bij UWUB (Stb. 1971, 292), art. 138, eerste lid
Product: Voorstellen, programma’s
Opmerking: Het voorstel behoeft de goedkeuring van de Minister van Onderwijs.
Waardering: V 10 jaar
Handeling: Het toelaten van wetenschappelijke medewerkers en assistenten tot het afnemen van examens.
Periode: 1971–1980
Grondslag: WWO-1 (Stb. 1960, 559, gewijzigd bij wijziging van UWUB (Stb. 1974, 503), art. 74, derde lid
Statuten KUN
Product: Besluiten
Opmerking: De wetenschappelijke medewerkers en assistenten die in aanmerking komen voor het onder verantwoordelijkheid van een hoogleraar afnemen van examens, worden voorgedragen door bij de toelating betrokken afdelingen of faculteiten van de hogeschool of universiteit.
De besluiten dienen te worden goedgekeurd door de Minister van Onderwijs.
Waardering: V 10 jaar
Handeling: Het verlenen van verlof aan studenten tot het volgen van enkele colleges aan een andere faculteit of universiteit.
Periode: 1971–1986
Grondslag: Hoger-onderwijswet (Stb. 1905, 181, gewijzigd bij UWUB (Stb. 1971, 292), art. 54, tweede lid, art. 55, tweede lid, art. 101, tweede lid en art. 102, tweede lid
Reglementen VU
Product: Verklaringen, toelatingsbewijzen
Waardering: V 30 jaar
Handeling: Het inschrijven van studenten.
Periode: 1971–1986
Grondslag: WWO-1 (Stb. 1960, 559, gewijzigd bij wijziging van UWUB (Stb. 1974, 503), art. 77, eerste lid
Reglementen VU
Reglementen KUN
Product: Inschrijvingsbewijzen, studentenregistratie
Opmerking: De rector en het college van bestuur van de VU voeren deze taak gezamenlijk uit.
Waardering: V 100 jaar
Handeling: Het opstellen van een melding aan de Academische Raad dat de hoeveelheid aangemelde studenten groter is dan de onderwijscapaciteit.
Periode: 1975–1986
Grondslag: MIS (Stb. 1985, 59), art. 4, eerste en tweede lid
Product: Meldingen, besluiten
Opmerking: Het college doet dit na instemming van de universiteitsraad met de melding van de faculteitsraad – via het college – van de te verwachten overschrijding van de onderwijscapaciteit. Het college kan ook zonder melding van de faculteitsraad besluiten de overschrijding aan te kaarten bij de universiteitsraad.
Waardering: V 10 jaar
Handeling: Het aanwijzen van een (plaatsvervangend) lid van een plaatsingscommissie.
Periode: 1975–1986
Grondslag: MIS (Stb. 1985, 59), art. 5, tweede lid
Product: Besluiten
Opmerking: In deze wordt de betreffende (sub)faculteitsraad gehoord.
Waardering: V 5 jaar na beëindiging taken
Handeling: Het verlenen van ontheffing van het besluit van de universiteitsraad tot weigering van inschrijving aan studenten, die niet aan het eerste cursusjaar van de instelling hebben deelgenomen.
Periode: 1977–1986
Grondslag: MIS (Stb. 1985, 59), art. 11, vierde lid
Product: Besluiten
Waardering: V 30 jaar
Handeling: Het zorgdragen voor de uitvoering van wettelijke bepalingen en bepalingen uit eigen verordeningen, alsmede het waken over plichtsverzuim en wangedrag.
Periode: 1971–1986
Grondslag: WWO-1 (Stb. 1960, 559, gewijzigd bij UWUB (Stb. 1971, 292), art. 37, art. 87 en art. 88 eerste lid
Reglementen VU
Product: Besluiten, reglementen, richtlijnen, aanwijzingen
Opmerking: Voor de GUA geldt dat het college ook toezicht houdt op de naleving van de door de Amsterdamse gemeenteraad genomen besluiten ten aanzien van het bestuur en de inrichting van de gemeentelijke universiteit.
Waardering: V 10 jaar
Handeling: Het zorgdragen voor de veiligheid (VU: en het milieu) binnen de universiteit.
Periode: 1971–1986
Grondslag: Bestuursreglementen
Product: Besluiten
Waardering: V 10 jaar
Handeling: Het benoemen van leden en een secretaris voor het college van beroep voor de examens.
Periode: 1981–1986
Grondslag: BUCBE (Stb. 1981, 663), art. 6
Bestuursreglement VU
Product: Besluiten
Opmerking: De leden worden benoemd door de universiteitsraad. De secretaris wordt aangewezen door het college van bestuur.
Deze handeling is vergelijkbaar met H120, EAZ-I.
Waardering: B 5
Handeling: Het besluiten op ingediende beroepen tegen besluiten aangaande de ontzegging van verdere toelating tot het eerste examen in een studierichting.
Periode: 1973–1986
Grondslag: Besluit van 3 december 1973 (Stb. 1973, 573), art. 8, tweede lid en art. 9
Product: Besluiten
Opmerking: Het advies van het college van decanen wordt in deze ingewonnen.
Waardering: V 30 jaar na besluit
Handeling: Het treffen van een gemeenschappelijke regeling met andere instellingen tot het oprichten van een interuniversitair instituut.
Periode: 1971–1986
Grondslag: RII (Stb. 1965, 391, gewijzigd bij Besluit van 5 augustus 1982 (Stb. 1982, 477), art. 3, eerste lid en art. 4
Product: Besluiten, regelingen
Opmerking: De gemeenschappelijk regeling behoeft de goedkeuring van de Minister van Onderwijs. Zie voor de handeling van de minister in deze: H170, EAZ-II.
Waardering: B 4
Handeling: Het aanwijzen van leden van het bestuur van een interuniversitair instituut.
Periode: 1971–1986
Grondslag: RII (Stb. 1965, 391, gewijzigd bij Besluit van 5 augustus 1982 (Stb. 1982, 477), art. 6, eerste lid
Product: Besluiten
Waardering: V 5 jaar beëindiging taken
Handeling: Het benoemen van docenten bij een interuniversitair instituut
Periode: 1971–1986
Grondslag: RII (Stb. 1965, 391, gewijzigd bij Besluit van 5 augustus 1982 (Stb. 1982, 477), art. 12, tweede lid
Product: Besluiten
Opmerking: Een docent kan alleen worden benoemd indien hij tegelijkertijd als hoogleraar of lector verbonden is aan een van de deelnemende universiteiten of hogescholen. Vanaf 1971 kan een niet-verbonden docent per KB benoemd worden op aanbeveling van het bestuur van het interuniversitair instituut.
Waardering: V 10 jaar na ontslag
Handeling: Het treffen van een gemeenschappelijke regeling met andere instellingen tot het oprichten van een orgaan voor postacademisch onderwijs.
Periode: 1977–1986
Grondslag: RPO (Stb. 1977, 525), art. 4, eerste lid
Product: Regelingen
Opmerking: De gemeenschappelijke regeling behoeft de goedkeuring van de Minister van Onderwijs en (eventueel) de Minister van Landbouw. Hierin wordt de Academische Raad (na 1985: de zusterfaculteiten) gehoord. Zie voor de handeling van de minister en de Academische Raad in deze: H192 en H193, EAZ-II.
Waardering: B 4
Handeling: Het aanwijzen van een (plaatsvervangend) lid van het bestuur van het orgaan voor postacademisch onderwijs.
Periode: 1977–1986
Grondslag: RPO (Stb. 1977, 525), art. 7, eerste lid
Product: Besluiten
Waardering: V 5 jaar na beëindiging taken
Handeling: Het geven van advies aan de Minister van Onderwijs over het meerjarenplan en de begroting van het orgaan voor postacademisch onderwijs.
Periode: 1977–1986
Grondslag: RPO (Stb. 1977, 525), art. 14, vierde lid en art. 17, tweede lid
Product: Besluiten
Waardering: B 1
Handeling: Het richten van een verzoek aan de Minister van Onderwijs en (eventueel) de Minister van Landbouw inzake de verzorging van postacademisch onderwijs aan de eigen instelling.
Periode: 1977–1986
Grondslag: RPO (Stb. 1977, 525), art. 34, eerste lid
Product: Verzoeken
Waardering: B 1
Handeling: Het benoemen van de secretaris van het college van bestuur.
Periode: 1971–1986
Grondslag: Statuten KUN
Product: Besluiten
Opmerking: Het stichtingsbestuur van de KUN benoemt de voorzitter, het college van bestuur van de KUN benoemt de secretaris.
Waardering: B 5
Handeling: Het vaststellen van een uitvoeringsplan.
Periode: 1983–1986
Grondslag: TWTw.o. (Stb. 1984, 255), art. 3, eerste lid
Product: Uitvoeringsplan
Opmerking: Hierin wordt overleg gepleegd met de universiteitsraad.
Het plan betreft de uitvoering van het taakverdelingsplan van de minister.
Waardering: B 1
Handeling: Het geven van richtlijnen aan faculteitsbesturen, faculteitsraden en vakgroepbesturen omtrent de uitvoering van het uitvoeringsplan.
Periode: 1983–1986
Grondslag: TWTw.o. (Stb. 1984, 255), art. 3, tweede lid
Product: Richtlijnen
Opmerking: Hierin wordt overleg gepleegd met de universiteitsraad.
Waardering: B 1
Handeling: Het opstellen van een overeenkomst ten behoeve van de voorbereiding en de uitvoering van de samenvoeging van voorzieningen in het kader van het uitvoeringsplan.
Periode: 1983–1986
Grondslag: TWTw.o. (Stb. 1984, 255), art. 4, tweede lid
Product: Besluiten
Opmerking: Hierin wordt overleg gepleegd met de universiteitsraad.
Waardering: B 4
Handeling: Het opstellen van een verslag aangaande het afgelopen cursusjaar.
Periode: 1971–1986
Grondslag: WWO-1 (Stb. 1960, 559, gewijzigd bij UWUB (Stb. 1971, 292), art. 46, tweede lid
Product: Verslagen, jaarverslagen
Waardering: B 3
Handeling: Het verstrekken van de gevraagde inlichtingen aan de universiteitsraad (VU: en verenigingsbestuur).
Periode: 1971–1986
Grondslag: WUB 1970 (Stb. 1977, 312), art. 32, eerste lid
Reglementen VU
Statuten KUN
Product: Inlichtingen
Waardering: V 10 jaar
Handeling: Het benoemen van de decaan van de (sub)faculteit.
Periode: 1971–1986
Grondslag: WUB 1970 (Stb. 1977, 312), art. 9, derde lid en art. 14, eerste lid
Product: Besluiten
Opmerking: Deze handeling is vergelijkbaar met H206, EAZ-I
Waardering: B 5
Handeling: Het uitbrengen van advies aan de Kroon inzake het verlenen van vergunningen aan rechtspersonen om wetenschappelijke voordrachten aan de onderwijsinstelling te houden.
Periode: 1971–1986
Grondslag: WWO-1 (Stb. 1960, 559, gewijzigd bij UWUB (Stb. 1971, 292), art. 138, eerste lid
Product: Adviezen
Waardering: V 10 jaar
Handeling: Het opmaken van een aanbeveling aan de betrokken minister voor de benoeming van hoogleraren en lectoren.
Periode: 1971–1986
Grondslag: WUB 1970 (Stb. 1977, 312), art. 31, vierde lid
Product: Aanbevelingen
Opmerking: De betrokken minister is de Minister van Binnenlandse Zaken (tot 1961)/de Minister van Onderwijs (vanaf 1961).
Deze handeling is vergelijkbaar met H370, EAZ-I.
Waardering: B 5
Handeling: Het opstellen van een aanbeveling aan het stichtingsbestuur omtrent de benoeming van hoogleraren en lectoren.
Periode: 1973–1986
Grondslag: Statuten KUN
Product: Aanbevelingen
Waardering: B 5
Handeling: Het verstrekken van gegevens aan de Universitaire Kiesraad.
Periode: 1977–1986
Grondslag: WUB 1970 (Stb. 1977, 312), art. 46bis, tweede lid
Product: Gegevens
Waardering: V 10 jaar
Handeling: Het vaststellen van regels omtrent het sluiten van overeenkomsten en het verrichten van rechtshandelingen.
Periode: 1971–1986
Grondslag: WUB 1970 (Stb. 1977, 312), art. 31, tweede lid
Besluit van 21 maart 1973 (Stb. 1973, 118), art. 4, vierde lid
Statuten KUN
Product: Regelingen, besluiten
Waardering: B 5
Handeling: Het sluiten van overeenkomsten en het verrichten van rechtshandelingen.
Periode: 1971–1986
Grondslag: WUB 1970 (Stb. 1977, 312), art. 31, eerste lid, onder d
Besluit van 21 maart 1973 (Stb. 1973, 118), art. 4, vierde lid
Product: Besluiten, overeenkomsten
Opmerking: Deze handeling is vergelijkbaar met H286, EAZ-I.
Waardering: V 5 jaar na afloop overeenkomst
Handeling: Het vaststellen van regels omtrent het verzorgen van huisvesting en het beheren van roerende en onroerende goederen.
Periode: 1971–1986
Grondslag: Besluit van 21 maart 1973 (Stb. 1973, 118), art. 4, vierde lid
WUB 1970 (Stb. 1977, 312), art. 31, tweede lid
Product: Besluiten, regelingen
Waardering: B 5
Handeling: Het verzorgen van huisvesting en het beheren van roerende en onroerende goederen.
Periode: 1971–1986
Grondslag: Besluit van 21 maart 1973 (Stb. 1973, 118), art. 4, vierde lid
WUB 1970 (Stb. 1977, 312), art. 31, eerste lid, onder b
Product: Besluiten, overeenkomsten
Waardering: V 5 jaar na verval
Handeling: Het stellen van regels omtrent het beheren van de financiën.
Periode: 1971–1986
Grondslag: Besluit van 21 maart 1973 (Stb. 1973, 118), art. 4, vierde lid
WUB 1970 (Stb. 1977, 312), art. 31, tweede lid
Statuten VU
Statuten KUN
Product: Reglementen, voorschriften
Waardering: B 5
Handeling: Het beheren van de financiën.
Periode: 1971–1986
Grondslag: Besluit van 21 maart 1973 (Stb. 1973, 118), art. 4, vierde lid
WUB 1970 (Stb. 1977, 312), art. 31, eerste lid, onder b
Statuten VU
Statuten KUN
Product: Financiële administratie, besluiten
Opmerking: De jaarrekening wordt door het college van bestuur aan de universiteitsraad gezonden.
Genomen financiële besluiten dienen aan de minister ter goedkeuring te worden voorgelegd. Indien de minister goedkeuring onthoudt, kan het universitaire orgaan hiertegen in beroep gaan.
Deze handeling is vergelijkbaar met H372, EAZ-I.
Waardering: V 7 jaar
Handeling: Het opmaken van een aanbeveling aan de betrokken minister voor de benoeming van de bibliothecaris.
Periode: 1971–1986
Grondslag: WWO-1 (Stb. 1960, 559, gewijzigd bij UWUB (Stb. 1971, 292), art. 72
Product: Aanbevelingen
Opmerking: De aanbevelingen worden voorgelegd aan de Minister van Onderwijs en (eventueel) aan de Minister van Landbouw.
Waardering: B 5
Handeling: Het ter vernietiging voordragen van een besluit van de universiteitsraad aan de Minister van Onderwijs en (eventueel) de Minister van Landbouw.
Periode: 1971–1986
Grondslag: WUB 1970 (Stb. 1977, 312), art. 35, tweede lid
WRR (Stb. 1973, 8, gewijzigd bij Wet van 12 mei 1976 (Stb. 1976, 291), art. 10, negende lid
Product: Voordrachten
Opmerking: Vanaf juni 1976 kunnen besluiten van de Kamer voor de Maatschappijwetenschappen en van de Kamer voor de Medische Wetenschappen (RUR) ter vernietiging worden voorgedragen.
Zie voor de handeling van de minister in deze: H229, EAZ-II.
Waardering: B 5
Handeling: Het ter vernietiging voordragen van een besluit van een (sub)faculteitsraad of (sub)faculteitsbestuur aan de universiteitsraad.
Periode: 1977–1986
Grondslag: WUB 1970 (Stb. 1977, 312), art. 35bis, eerste en derde lid
Reglementen VU
Product: Voordrachten
Opmerking: Vanaf 1977 kunnen leden van de (sub)faculteitsgemeenschap een verzoek indienen bij het college van bestuur voor het ter vernietiging voordragen van een besluit.
Waardering: B 5
Handeling: Het schorsen van een naar zijn oordeel te vernietigen besluit van een (sub)faculteitsraad of (sub)faculteitsbestuur.
Periode: 1977–1986
Grondslag: WUB 1970 (Stb. 1977, 312), art. 35bis, tweede lid
Reglementen VU
Statuten KUN
Product: Besluiten
Waardering: B 5
Handeling: Het schorsen of vernietigen van besluiten van de raad voor studentenaangelegenheden en zijn dagelijks bestuur.
Periode: 1971–1986
Grondslag: Reglementen VU
Product: Besluiten
Opmerking: Het college van bestuur heeft de bevoegdheid tot schorsen, de universiteitsraad tot vernietigen.
Waardering: B 5
Handeling: Het aanwijzen van leden voor de Academische Raad en voor de Dagelijkse Raad van de Academische Raad.
Periode: 1961–1970
Grondslag: WWO-1 (Stb. 1960, 559), art. 8, derde lid en art. 9, eerste lid
Statuten KUN
Product: Besluiten
Opmerking: Zie voor de handelingen van de Academische Raad in deze: H17 en H18, EAZ-II.
Waardering: V 10 jaar na ontslag
Handeling: Het aan de Minister van Onderwijs verstrekken van inlichtingen omtrent de onderwijsinstelling en het onderwijs.
Periode: 1945–1970
Grondslag: Hoger-onderwijswet (Stb. 1905, 181), art. 192
WWO-1 (Stb. 1960, 559), art. 46, eerste lid en art. 90, eerste lid
Reglementen KUN
Product: Inlichtingen
Waardering: V 10 jaar
Handeling: Het verstrekken van inlichtingen over en bevorderen van het beeld van de universiteit of hogeschool.
Periode: 1945–1986
Grondslag: Statuten KUN, structuurregelingen KUB, VU.
Bestuursreglementen
Product: o.a. inlichtingen, brochures
Opmerking: Bewaard blijven de (orginelen van) folders, brochures, posters en audiovisuele producties e.d. welke zijn gebruikt voor de beeldvorming van de universiteit of hogeschool.
Waardering: V 2 jaar
Handeling: Het voorbereiden en implementeren van het strategische beleid op het terrein van hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek.
Periode: 1945–1986
Grondslag: Bestuursreglementen
Product: (instellings- en strategische) plannen, adviezen, nota’s
Waardering: B 1
Handeling: Het leveren van een bijdrage aan overleg met de minister en de Academische Raad over aangelegenheden van algemeen beleid met betrekking tot de universiteit of hogeschool.
Periode: 1945–1986
Grondslag: o.a. notities
Product: Zie ook H30, EAZ-II
Opmerking:
Waardering: B 1
Handeling: Het eenmaal per vier jaar opstellen van het ontwikkelingsplan.
Periode: 1961–1970
Grondslag: WWO-1 (Stb. 1960, 559), art. 97, eerste lid
Reglementen VU
Statuten en reglementen KUN
Product: Ontwikkelingsplannen
Opmerking: De faculteiten, interfaculteiten, afdelingen en tussenafdelingen van de rijksuniversiteiten en rijkshogescholen verlenen de desbetreffende colleges van curatoren vanaf 1961 ondersteuning bij de voorbereiding van het ontwikkelingsplan.
Waardering: B 1
Handeling: Het opstellen van het financiële schema.
Periode: 1961–1970
Grondslag: WWO-1 (Stb. 1960, 559), art. 98, eerste lid
Reglementen VU
Statuten en Akte van Oprichting KUN
Product: Financiële schema’s
Opmerking: De faculteiten, interfaculteiten, afdelingen en tussenafdelingen van de rijksuniversiteiten en rijkshogescholen verlenen de desbetreffende colleges van curatoren vanaf 1961 ondersteuning bij de voorbereiding van het financiële schema.
Waardering: B 5
Handeling: Het indienen van de begroting bij de minister.
Periode: 1945–1970
Grondslag: Hoger-onderwijswet (Stb. 1905, 181), art. 61 en art. 108
Wet van 7 juni 1956 (Stb. 1956, 310) art. 42, tweede lid
WWO-1 (Stb. 1960, 559, gewijzigd bij UWUB (Stb. 1971, 292), art. 102, derde lid
Reglementen KUN
Product: Begrotingen
Opmerking: De faculteiten, interfaculteiten, afdelingen en tussenafdelingen van de rijksuniversiteiten en rijkshogescholen verlenen de desbetreffende colleges van curatoren vanaf 1961 ondersteuning bij de voorbereiding van de begroting.
Waardering: B 5
Handeling: Het indienen van de jaarrekening bij de minister.
Periode: 1945–1970
Grondslag: Hoger-onderwijswet (Stb. 1905, 181), art. 61 en art. 108
Wet van 7 juni 1956 (Stb. 1956, 310), art. 44, eerste lid
WWO-1 (Stb. 1960, 559, gewijzigd bij UWUB (Stb. 1971, 292), art. 105, eerste lid
Reglementen KUN
Product: Jaarrekeningen
Waardering: B 3
Handeling: Het vaststellen en wijzigen van de (aanvullende) begroting.
Periode: 1961–1970
Grondslag: WWO-1 (Stb. 1960, 559), art. 102, tweede lid
Reglementen VU
Statuten en Akte van Oprichting KUN
Product: Begrotingen, besluiten
Opmerking: Deze handeling is vergelijkbaar met H12, EAZ-I.
Waardering: B 1
Handeling: Het vaststellen van de jaarrekening en de verantwoording.
Periode: 1961–1972
Grondslag: Stichtingsakte, Akte van Oprichting en statuten KUN
Product: Besluiten
Waardering: B 3
Handeling: Het vaststellen van het personeelsbeleid.
Periode: 1961–1970
Grondslag: WWO-1 (Stb. 1960, 559), art. 39, eerste lid en 86, eerste lid
Statuten en reglementen KUN
Product: Besluiten en instructies
Opmerking: De gemeenteraad van Amsterdam stelt de personeelsregels voor de GUA op voorstel van het college van curatoren vast.
Ten aanzien van het personeelsbeleid stelt de minister richtlijnen op. Zie daarvoor H301, EAZ-II.
Waardering: B 1
Handeling: Het uitvoeren van het personeelsbeleid.
Periode: 1945–1970
Grondslag: Hoger-onderwijswet (Stb. 1905, 181, gewijzigd bij Wet van 7 juni 1956 (Stb. 1956, 310), art. 50 en art. 97
WWO-1 (Stb. 1960, 559), art. 71, derde lid, art. 73, eerste lid, art. 74, tweede lid en art. 91, vierde lid
Stichtingsakte, Akte van Oprichting, statuten en reglementen KUN
Product: Besluiten
Opmerking: Ten aanzien van het personeelsbeleid stelt de minister richtlijnen op. Zie daarvoor H301, EAZ-II.
Deze handeling is vergelijkbaar met H36, EAZ-I, gewijzigd in BSD versie 2.0 (Stcrt. 2001, 82), H447-477. Bij de selectie kan diezelfde onderverdeling gebruikt worden voor het uitvoeren van het personeelsbeleid.
Waardering: V 10 jaar na ontslag
Handeling: Het verlenen van studieverlof aan hoogleraren en lectoren.
Periode: 1956–1971
Grondslag: Wet van 7 juni 1956 (Stb. 1956, 310), art. 66ter, eerste lid
Product: Besluiten
Opmerking: Het studieverlof wordt verleend met het oog op door de hoogleraren of lectoren te verrichten wetenschappelijk onderzoek of een door hen te maken studiereis.
Waardering: V 2 jaar na beëindiging van het verlof
Handeling: Het opstellen van een voordracht inzake de benoeming van de secretaris.
Periode: 1945–1970
Grondslag: Hoger-onderwijswet (Stb. 1905, 181, gewijzigd bij Wet van 7 juni 1956 (Stb. 1956, 310), art. 57, tweede lid en art. 104, tweede lid
WHLO (Stb. 1917, 700, gewijzigd bij Wet van 22 december 1958 (Stb. 1958, 669), art. 33, tweede lid
WWO-1 (Stb. 1960, 559, gewijzigd bij UWUB (Stb. 1971, 292), art. 41, eerste lid
Product: Voordrachten
Opmerking: De colleges van curatoren dienen de voordrachten in bij de Ministers van Binnenlandse Zaken en Onderwijs.
Een van de taken van de secretaris is het voorbereiden van de vergaderingen van het college van curatoren (tot 1971). Daarnaast ziet de secretaris toe op de uitvoering van de in deze vergaderingen genomen besluiten.
Aan de RLH en de rijksinstellingen betreft het de secretaris voor het college van curatoren.
De secretaris wordt per KB benoemd. Zie voor de handeling van de minister in deze: H266, EAZ-II.
Waardering: B 5
Handeling: Het verlenen van toestemming aan hoogleraren voor het gebruik van vreemde talen in onderwijs en examens.
Periode: 1945–1960
Grondslag: Hoger-onderwijswet (Stb. 1905, 181, gewijzigd bij Wet van 7 juni 1956, 310), art. 80
Reglementen VU
Product: Besluiten
Opmerking: Deze handeling is vergelijkbaar met H69, EAZ-I.
Waardering: V 10 jaar
Handeling: Het indienen van een voordracht bij de betrokken minister inzake het toelaten tot het geven van colleges door anderen dan de eigen medewerkers.
Periode: 1945–1960
Grondslag: Hoger-onderwijswet (Stb. 1905, 181, gewijzigd bij Wet van 7 juni 1956 (Stb. 1956, 310), art. 48, eerste lid, art. 95, eerste lid
Product: Voordrachten, adviezen
Opmerking: Hieronder valt eveneens het opstellen van voordrachten voor het toelaten van privaatdocenten.
De voordrachten worden ingediend bij de Minister van Binnenlandse Zaken.
Waardering: B 5
Handeling: Het oprichten van stichtingen of het aangaan van overeenkomsten met andere instellingen ten behoeve van de zorg voor het onderwijs en de beoefening van de wetenschap.
Periode: 1961–1970
Grondslag: WWO-1 (Stb. 1960, 559, gewijzigd bij UWUB (Stb. 1971, 292), art. 45, vierde lid
Statuten KUN
Product: Besluiten, overeenkomsten
Opmerking: De besluiten en overeenkomsten behoeven de goedkeuring van de Minister van Onderwijs.
Waardering: B 1
Handeling: Het zorgdragen voor het onderwijs en het wetenschappelijk onderzoek.
Periode: 1945–1970
Grondslag: Statuten en reglementen VU
Product: Reglementen, instructies, collegeprogramma’s
Opmerking: Voor de VU geldt dat het verenigingsbestuur de zorg voor het onderwijs tot 1970 heeft overgedragen aan het college van curatoren. Taken die het college in dit kader uitvoert, zijn het opstellen van het collegerooster en het houden van toezicht op het onderwijs en het wetenschappelijk onderzoek.
Waardering: B 1
Handeling: Het verlenen van toestemming aan een hoogleraar voor het geven van andere colleges naast de hem opgedragen colleges, alsmede voor het geven van colleges na het bereiken van de leeftijd van 70 jaar.
Periode: 1945–1960
Grondslag: Hoger-onderwijswet (Stb. 1905, 181, gewijzigd bij Wet van 7 juni 1956 (Stb. 1956, 310), art. 42, eerste lid, art. 46, tweede lid, art. 89, eerste lid en art. 93, tweede lid
Product: Besluiten
Opmerking: Voor deze handeling is met betrekking tot de periode 1969–1971 geen wettelijke grondslag gevonden.
Waardering: B 5
Handeling: Het geven van advies aan de Minister van Onderwijs over de wijziging van de in de aanstelling van een hoogleraar of lector vermelde vakken.
Periode: 1961–1970
Grondslag: WWO-1 (Stb 1960, 559), art. 67, derde lid
Product: Adviezen
Opmerking: In deze worden de betrokken faculteit of afdeling en zo nodig de interfaculteit of tussenafdeling gehoord.
Waardering: B 5
Handeling: Het opstellen van een voorstel inzake het houden van voordrachten, cursussen en wetenschappelijke lezingen.
Periode: 1945–1970
Grondslag: Hoger-onderwijswet (Stb. 1905, 181), art. 183, eerste lid
WWO-1 (Stb. 1960, 559, gewijzigd bij UWUB (Stb. 1971, 292), art. 138, eerste lid
Product: Voorstellen, programma’s
Opmerking: Het voorstel behoeft de goedkeuring van de Minister van Binnenlandse Zaken (tot 1961) en de Minister van Onderwijs (vanaf 1961).
Waardering: V 10 jaar
Handeling: Het toelaten van wetenschappelijke medewerkers en assistenten tot het afnemen van examens.
Periode: 1956–1970
Grondslag: Hoger-onderwijswet (Stb. 1905, 181, gewijzigd bij Wet van 7 juni 1956 (Stb. 1956, 310), art. 67ter
WWO-1 (Stb. 1960, 559, gewijzigd bij wijziging van UWUB (Stb. 1974, 503), art. 74, derde lid
Statuten KUN
Product: Besluiten
Opmerking: De wetenschappelijke medewerkers en assistenten die in aanmerking komen voor het onder verantwoordelijkheid van een hoogleraar afnemen van examens, worden voorgedragen door bij de toelating betrokken afdelingen of faculteiten van de hogeschool of universiteit.
De besluiten dienen te worden goedgekeurd door de Minister van Onderwijs.
Waardering: V 10 jaar
Handeling: Het verlenen van verlof aan studenten tot het volgen van enkele colleges aan een andere faculteit of universiteit.
Periode: 1945–1970
Grondslag: Hoger-onderwijswet (Stb. 1905, 181, gewijzigd bij UWUB (Stb. 1971, 292), art. 54, tweede lid, art. 55, tweede lid, art. 101, tweede lid en art. 102, tweede lid
Reglementen VU
Product: Verklaringen, toelatingsbewijzen
Waardering: V 30 jaar
Handeling: Het zorgdragen voor de uitvoering van wettelijke bepalingen en bepalingen uit eigen verordeningen, alsmede het waken over plichtsverzuim en wangedrag.
Periode: 1945–1970
Grondslag: Hoger-onderwijswet (Stb. 1905, 181, gewijzigd bij Wet van 7 juni 1956 (Stb. 1956, 310), art. 59, art. 60, art. 74, eerste lid, art. 106 en art. 107
WWO-1 (Stb. 1960, 559, gewijzigd bij UWUB (Stb. 1971, 292), art. 37, art. 87 en art. 88 eerste lid
Reglementen VU
Product: Besluiten, reglementen, richtlijnen, aanwijzingen
Opmerking: Voor de GUA geldt dat het college ook toezicht houdt op de naleving van de door de Amsterdamse gemeenteraad genomen besluiten ten aanzien van het bestuur en de inrichting van de gemeentelijke universiteit.
Waardering: V 10 jaar
Handeling: Het zorgdragen voor de veiligheid (VU: en het milieu) binnen de universiteit.
Periode: 1945–1970
Grondslag: Bestuursreglementen
Product: Besluiten
Waardering: V 10 jaar
Handeling: Het treffen van maatregelen ter bescherming van de gezondheid van de studenten tegen de gevaren van besmetting.
Periode: 1961–1970
Grondslag: WWO-1, (Stb. 1960, 559, gewijzigd bij UWUB (Stb. 1971, 292), art. 45, derde lid
Product: Voorschriften, maatregelen
Opmerking: De maatregelen worden medegedeeld aan de Minister van Onderwijs en, waar het de RLH betreft, de Minister van Landbouw.
Waardering: B 5
Handeling: Het opstellen van een voorstel inzake het toekennen van studiebeurzen, van toelagen voor het ondernemen van buitenlandse studiereizen, alsmede een tegemoetkoming in de kosten voor de vervaardiging van een proefschrift of het verrichten van onderzoek.
Periode: 1945–1960
Grondslag: Hoger-onderwijswet (Stb. 1905, 181, gewijzigd bij Wet van 7 juni 1956 (Stb. 1956, 310), art. 38, art. 85, tweede lid en art. 198, tweede lid
Product: Voorstellen, besluiten
Waardering: V 7 jaar na toewijzing
Handeling: Het zorgdragen voor de voorzieningen ten behoeve van de studenten.
Periode: 1945–1972
Grondslag: Instructies, vademecums, gidsen en jaarboeken, reglementen en statuten KUN
Product: Besluiten, reglementen
Opmerking: Hieronder vallen zaken als introductie, huisvesting, gezondheidszorg en studiefondsen.
Deze handeling is vergelijkbaar met H112, EAZ-I.
Waardering: B 1
Handeling: Het treffen van een gemeenschappelijke regeling met andere instellingen tot het oprichten van een interuniversitair instituut.
Periode: 1965–1970
Grondslag: RII (Stb. 1965, 391, gewijzigd bij Besluit van 5 augustus 1982 (Stb. 1982, 477), art. 3, eerste lid en art. 4
Product: Besluiten, regelingen
Opmerking: In deze wordt overleg gepleegd met de senaat.
De gemeenschappelijk regeling behoeft de goedkeuring van de Minister van Onderwijs.
Waardering: B 4
Handeling: Het aanwijzen van leden van het bestuur van een interuniversitair instituut.
Periode: 1965–1970
Grondslag: RII (Stb. 1965, 391, gewijzigd bij Besluit van 5 augustus 1982 (Stb. 1982, 477), art. 6, eerste lid
Product: Besluiten
Opmerking: In deze wordt overleg gepleegd met de senaat.
Waardering: V 5 jaar na beëindiging taken
Handeling: Het benoemen van docenten bij een interuniversitair instituut
Periode: 1965–1970
Grondslag: RII (Stb. 1965, 391, gewijzigd bij Besluit van 5 augustus 1982 (Stb. 1982, 477), art. 12, tweede lid
Product: Besluiten
Opmerking: Een docent kan alleen worden benoemd indien hij tegelijkertijd als hoogleraar of lector verbonden is aan een van de deelnemende universiteiten of hogescholen.
Waardering: V 10 jaar na ontslag
Handeling: Het vaststellen van het bestuursreglement.
Periode: 1961–1970
Grondslag: WWO-1 (Stb. 1960, 559, gewijzigd bij Wet van 20 december 1967 (Stb. 1967, 684), art. 39, eerste lid en art. 86, eerste lid
Reglementen VU
Akte van Oprichting en statuten KUN
Product: Bestuursreglementen
Opmerking: Het bestuursreglement bepaalt de faculteiten en studierichtingen aan de onderwijsinstelling.
De reglementen behoeven de goedkeuring van de Minister van Onderwijs. De door de GUA vastgestelde bestuursreglementen behoeven de goedkeuring van de Amsterdamse gemeenteraad.
Tot 1973 dienen de bestuursreglementen van de KUN goedgekeurd te worden door het Hoogwaardig Episcopaat.
Voor de VU geldt dat de reglementen de goedkeuring behoeven van het verenigingsbestuur.
Deze handeling is vergelijkbaar met H161, EAZ-I.
Waardering: B 4
Handeling: Het uitbrengen van advies aan de Minister van Onderwijs over de vaststelling of wijziging van het academisch statuut.
Periode: 1956–1970
Grondslag: Hoger-onderwijswet (Stb. 1905, 181, gewijzigd bij Wet van 7 juni 1956 (Stb. 1956, 310), art. 119, tweede lid
WWO-1 (Stb. 1960, 559), art. 24, vijfde lid
Statuten KUN
Product: Adviezen
Waardering: B 1
Handeling: Het wijzigen van de statuten, alsmede het besluiten tot opheffing van de stichting of vereniging.
Periode: 1961–1972
Grondslag: Statuten KUN en VU
Product: Besluiten
Opmerking: De wijzigingen dienen aan de Minister van Onderwijs (vanaf 1961) bekend gemaakt te worden.
Besluiten van de KUN dienen goedgekeurd te worden door het Hoogwaardig Episcopaat (tot 1973).
Bij de opheffing dient een gedeelte van de rijksbetalingen te worden terugbetaald.
Waardering: B 4
Handeling: Het opmaken van een voordracht inzake de benoeming van een curator.
Periode: 1961–1971
Grondslag: Akte van Oprichting KUN
Product: Voordrachten
Opmerking: De voordracht wordt ingediend bij het Hoogwaardig Episcopaat. Het Hoogwaardig Episcopaat benoemt.
Waardering: B 5
Handeling: Het aanwijzen van een (plaatsvervangend) voorzitter.
Periode: 1961–1970
Grondslag: WWO-1 (Stb. 1960, 559), art. 43, tweede lid
Statuten, reglementen VU
Product: Besluiten
Opmerking: Voor de rijksinstellingen geldt dat enkel een plaatsvervangend voorzitter wordt aangewezen, de voorzitter wordt per KB benoemd.
Voor de VU geldt dat zowel de voorzitter als zijn plaatsvervanger wordt aangewezen.
Waardering: B 5
Handeling: Het vaststellen van (huishoudelijke) reglementen.
Periode: 1945–1960
Grondslag: Hoger-onderwijswet (Stb. 1905, 181, gewijzigd bij Wet van 7 juni 1956 (Stb. 1956, 310), art. 56, derde lid en art. 103, vierde lid
WHLO (Stb. 1917, 700, gewijzigd bij Wet van 18 juli 1951 (Stb. 1951, 301), art. 32, derde lid
Product: Reglementen
Opmerking: De reglementen behoeven de goedkeuring van de Minister van Binnenlandse Zaken, de Minister van Onderwijs en (eventueel) de Minister van Landbouw.
Waardering: B 4
Handeling: Het geven van advies aan de Minister van Landbouw inzake onderwijsaangelegenheden.
Periode: 1945–1956
Grondslag: WHLO (Stb. 1917, 700), art. 52
Product: Adviezen
Waardering: B 1
Handeling: Het opstellen van een verslag aangaande het afgelopen cursusjaar.
Periode: 1945–1970
Grondslag: Hoger-onderwijswet (Stb. 1905, 181, gewijzigd bij Wet van 7 juni 1956 (Stb. 1956, 310), art. 61 en art. 108
WHLO (Stb. 1917, 700, gewijzigd bij Wet van 18 juli 1951 (Stb. 1951, 301), art. 37
WWO-1 (Stb. 1960, 559), art. 46, tweede lid en art. 90, tweede lid
Reglementen KUN
Product: Verslagen
Opmerking: Het verslag wordt aan de Minister van Binnenlandse Zaken (tot 1961)/de Minister van Onderwijs (vanaf 1961) overlegd. Tussen 1968 en 1970 wordt deze handeling uitgevoerd door het college van curatoren aan de RLH. Het verslag van de RLH wordt aan de Minister van Onderwijs en de Minister van Landbouw overlegd.
Waardering: B 3
Handeling: Het vaststellen van regels inzake de totstandkoming van de eerste universiteitsraad.
Periode: 1971
Grondslag: UWUB 1970 (Stb. 1971, 292), art. 3, eerste lid en art. 4
Product: Besluiten, voorlopige kiesreglementen
Opmerking: De regels behoeven de goedkeuring van de Minister van Onderwijs en (eventueel) de Minister van Landbouw.
Voor de RULimburg (1976) wordt de eerste universiteitsraad per KB benoemd.
Waardering: B 1
Handeling: Het goedkeuren van het faculteitsreglement.
Periode: 1956–1970
Grondslag: Reglementen VU
Product: Faculteitsreglementen
Waardering: B 1
Handeling: Het vaststellen van regels inzake de totstandkoming van de eerste faculteitsraden.
Periode: 1971–1986
Grondslag: UWUB 1970 (Stb. 1971, 292), art. 10
Product: Besluiten
Opmerking: Indien het college van deze bevoegdheid geen gebruik maakt, wordt deze handeling uitgevoerd door de eerste universiteitsraad. De regels behoeven de goedkeuring van de Minister van Onderwijs en (eventueel) de Minister van Landbouw.
Waardering: B 1
Handeling: Het uitbrengen van advies aan de Kroon inzake het bevoegdverklaren van rechtspersonen tot het vestigen van bijzondere leerstoelen bij de onderwijsinstelling.
Periode: 1945–1970
Grondslag: Hoger-onderwijswet (Stb. 1905, 181), art. 170
WWO-1 (Stb. 1960, 559, gewijzigd bij UWUB (Stb. 1971, 292), art. 129, eerste lid
Product: Adviezen
Waardering: B 1
Handeling: Het besturen van de bijzondere leerstoelen uitgaande van de stichting.
Periode: 1961–1971
Grondslag: Akte van Oprichting KUN
Product: Regelingen
Waardering: B 4
Handeling: Het verlenen van toestemming aan bijzondere hoogleraren tot het bijwonen van de vergaderingen van de senaat.
Periode: 1945–1960
Grondslag: Hoger-onderwijswet (Stb. 1905, 181), art. 179, tweede lid
Product: Besluiten
Waardering: V 10 jaar
Handeling: Het goedkeuren van de regeling inzake het afnemen van examens door bijzondere hoogleraren.
Periode: 1945–1960
Grondslag: Hoger-onderwijswet (Stb. 1905, 181), art. 179, vierde lid
Product: Besluiten
Waardering: B 5
Handeling: Het uitbrengen van advies aan de Kroon inzake het verlenen van vergunningen aan rechtspersonen om wetenschappelijke voordrachten aan de onderwijsinstelling te houden.
Periode: 1945–1970
Grondslag: Hoger-onderwijswet (Stb. 1905, 181), art. 183, eerste lid
WWO-1 (Stb. 1960, 559, gewijzigd bij UWUB (Stb. 1971, 292), art. 138, eerste lid
Product: Adviezen
Waardering: V 10 jaar
Handeling: Het opmaken van een aanbeveling aan de betrokken minister voor de benoeming van hoogleraren en lectoren.
Periode: 1945–1970
Grondslag: Hoger-onderwijswet (Stb. 1905, 181, gewijzigd bij Wet van 7 juni 1956 (Stb. 1956, 310), art. 39, eerste lid
WWO-1 (Stb. 1960, 559), art. 65, tweede lid
Product: Aanbevelingen
Opmerking: De betrokken minister is de Minister van Binnenlandse Zaken (tot 1961)/de Minister van Onderwijs (vanaf 1961).
Deze handeling is vergelijkbaar met H370, EAZ-I.
Waardering: B 5
Handeling: Het vaststellen van regels omtrent het verzorgen van huisvesting en het beheren van roerende en onroerende goederen.
Periode: 1961–1972
Grondslag: WWO-1 (Stb. 1960, 559, gewijzigd bij WUB (Stb. 1970, 601), art. 45, eerste lid
Statuten en reglementen KUN
Product: Besluiten, regelingen
Waardering: B 5
Handeling: Het verzorgen van huisvesting en het beheren van roerende en onroerende goederen.
Periode: 1956–1970
Grondslag: Wet van 7 juni 1956 (Stb. 1956, 310), art. 50, eerste lid
WWO-1 (Stb. 1960, 559, gewijzigd bij WUB (Stb. 1970, 601), art. 45, eerste lid
Product: Besluiten, overeenkomsten
Waardering: V 5 jaar na verval
Handeling: Het stellen van regels omtrent het beheren van de financiën.
Periode: 1961–1970
Grondslag: WWO-1 (Stb. 1960, 559), art. 45, eerste lid
Statuten KUN
Product: Reglementen, voorschriften
Waardering: B 5
Handeling: Het beheren van de financiën.
Periode: 1956–1970
Grondslag: Hoger-onderwijswet (Stb. 1905, 181 gewijzigd bij Wet van 7 juni 1956 (Stb. 1956, 310), art. 43, eerste lid
WWO-1, (Stb. 1960, 559), art. 45, eerste lid
Stichtingsakte KUN
Product: Financiële administratie, besluiten
Opmerking: Genomen financiële besluiten dienen aan de minister ter goedkeuring te worden voorgelegd. Indien de minister goedkeuring onthoudt, kan het universitaire orgaan hiertegen in beroep gaan.
Deze handeling is vergelijkbaar met H372, EAZ-I.
Waardering: V 7 jaar
Handeling: Het opmaken van een aanbeveling aan de betrokken minister voor de benoeming van de bibliothecaris.
Periode: 1956–1970
Grondslag: Hoger-onderwijswet (Stb. 1905, 181, gewijzigd bij Wet van 7 juni 1956 (Stb. 1956, 310), art. 67
WWO-1 (Stb. 1960, 559, gewijzigd bij UWUB (Stb. 1971, 292), art. 72
Product: Aanbevelingen
Opmerking: De aanbevelingen worden voorgelegd aan de Minister van Onderwijs en (eventueel) aan de Minister van Landbouw.
Waardering: B 5
Handeling: Het vaststellen van een reglement voor de bibliotheek
Periode: 1964–1972
Grondslag: Reglementen KUN
Product: Reglementen
Waardering: B 4
Handeling: Het uitreiken van prijzen aan studenten voor het leveren van bijzondere wetenschappelijke prestaties.
Periode: 1971–1986
Grondslag Reglementen VU
Product: Besluiten
Opmerking: Deze handeling is vergelijkbaar met H7, EAZ-I.
Waardering: B 5
Handeling: Het toekennen van het doctoraat.
Periode: 1971–1986
Grondslag: WUB 1970 (Stb. 1977, 312), art. 34, vierde lid
Reglementen VU
Statuten KUN
Product: Besluiten
Opmerking: Deze handeling is vergelijkbaar met H88, EAZ-I.
Waardering: B 5
Handeling: Het verlenen van het doctoraat honoris causa.
Periode: 1971–1986
Grondslag: WUB 1970 (Stb. 1977, 312), art. 34, vijfde lid
Reglementen VU
Statuten KUN
Product: Besluiten
Opmerking: Deze handeling is vergelijkbaar met H91, EAZ-I.
Waardering: B 5
Handeling: Het opstellen van een voordracht voor de benoeming van de rector magnificus.
Periode: 1971–1986
Grondslag: WUB 1970 (Stb. 1977, 312), art. 33, tweede lid
Statuten KUN
Product: Voordrachten
Opmerking: De rector wordt per KB benoemd. Zie voor de handeling van de minister in deze: H215, EAZ-II.
Hieronder vallen ook regelingen betreffende de vervanging van de rector magnificus.
Waardering: B 5
Handeling: Het aanwijzen van een voorzitter.
Periode: 1973
Grondslag: WRR (Stb. 1973, 8), art. 19, tweede lid
Product: Besluiten
Opmerking: Deze tijdelijke functionaris is bevoegd tot het uitoefenen van de taken van rector magnificus, totdat deze per KB is benoemd.
Waardering: B 5
Handeling: Het gevraagd en ongevraagd geven van advies over het onderwijs en de wetenschapsbeoefening aan de universiteitsraad en aan het college van bestuur.
Periode: 1971–1986
Grondslag: WUB 1970 (Stb. 1977, 312), art. 34, derde lid
Reglementen VU
Statuten KUN
Product: Adviezen
Opmerking: Deze handeling is vergelijkbaar met H195, EAZ-I.
Waardering: B 1
Handeling: Het jaarlijks publiceren van een verslag van zijn werkzaamheden.
Periode: 1977–1986
Grondslag: WUB 1970 (Stb. 1977, 312), art. 34, zesde lid
Reglementen VU
Product: Verslagen, jaarverslagen
Waardering: B 3
Handeling: Het tijdelijk uitoefenen van de taken van het college van curatoren.
Periode: 1945–1947
Bron: HIHO (Stb. 1945, F145), art. 5, onder a
Product: Reglementen, besluiten
Waardering: B 6
Handeling: Het uitbrengen van advies over tegen het personeel en de studenten te nemen zuiveringsmaatregelen.
Periode: 1945–1947
Bron: HIHO (Stb. 1945, F145), art. 5, onder b
Product: Adviezen
Opmerking: Adviezen over tegen het personeel te nemen maatregelen werden uitgebracht aan de minister; adviezen over tegen studenten te nemen maatregelen werden uitgebracht aan de rector magnificus.
Waardering: B 6
Handeling: Het besluiten op aanhangig gemaakte zaken door de rector magnificus in het kader van de tucht onder studenten.
Periode: 1956–1970
Grondslag: Hoger-onderwijswet (Stb. 1905, 181, gewijzigd bij Wet van 7 juni 1956 (Stb. 1956, 310), art. 69, tweede lid en art. 117, tweede lid.
WWO-1 (Stb. 1960, 559, gewijzigd bij Wet van 20 december 1967 (Stb. 1967, 684), art. 53, tweede lid
Product: Besluiten
Opmerking: In 1956 wordt het college van rector en assessoren toegevoegd aan de technische hogescholen. Vanaf 1961 komt het college eveneens voor binnen de organisatiestructuur van de universiteiten.
Het besluit op aanhangig gemaakte zaken kan de ontzegging inhouden van toegang tot colleges, praktische oefeningen, examens en promoties.
Waardering: B 5
Handeling: Het opdragen van werkzaamheden aan commissies.
Periode: 1961–1970
Grondslag: WWO-1 (Stb. 1960, 559), art. 52
Product: Besluiten
Waardering: B 4
Handeling: Het instellen van werkgroepen.
Periode: 1961–1970
Grondslag: WWO-1 (Stb. 1960, 559, gewijzigd bij Wet van 20 december 1967 (Stb. 1967, 684), art. 70
Reglementen VU
Statuten KUN
Product: Besluiten
Opmerking: Deze handeling is vergelijkbaar met H229 en H233, EAZ-I.
Waardering: B 4
Handeling: Het uitbrengen van advies aan het college van curatoren inzake de aanbeveling voor de benoeming van hoogleraren en lectoren.
Periode: 1945–1956
Grondslag: Hoger-onderwijswet (Stb. 1905, 181, gewijzigd bij Wet van 7 juni 1956 (Stb. 1956, 310), art. 39, tweede lid
Product: Adviezen
Opmerking: Het advies betreft eveneens advies inzake de wijziging in de aanstelling van een hoogleraar of een lector.
Deze handeling is vergelijkbaar met H252, EAZ-I.
Waardering: V 5 jaar
Handeling: Het aan de Minister van Onderwijs verstrekken van inlichtingen omtrent de onderwijsinstelling en het onderwijs.
Periode: 1945–1970
Grondslag: Hoger-onderwijswet (Stb. 1905, 181), art. 192
Product: Inlichtingen
Waardering: V 10 jaar
Handeling: Het indienen van de begroting bij de minister.
Periode: 1948–1970
Grondslag: Wet van 3 juni 1948 (Stb. 1948, I 231), art. 197octies, eerste lid en art. 200tredecies, eerste lid
WWO-1 (Stb. 1960, 559, gewijzigd bij UWUB (Stb. 1971, 292), art. 114, eerste lid
Product: Begrotingen
Waardering: B 5
Handeling: Het indienen van de jaarrekening bij de minister.
Periode: 1948–1970
Grondslag: Wet van 3 juni 1948 (Stb. 1948, I 231), art. 197octies, derde lid en art. 200tredecies, derde lid
WWO-1 (Stb. 1960, 559, gewijzigd bij UWUB (Stb. 1971, 292), art. 115, tweede lid
Product: Jaarrekeningen
Waardering: B 4
Handeling: Het vaststellen van het personeelsbeleid.
Periode: 1945–1970
Grondslag: Hoger-onderwijswet (Stb. 1905, 181), art. 186, onder d
Product: Besluiten en instructies
Waardering: B 1
Handeling: Het uitvoeren van het personeelsbeleid.
Periode: 1945–1970
Grondslag: Statuten KHT
Product: Besluiten
Opmerking: Deze handeling is vergelijkbaar met H36, EAZ-I, gewijzigd in BSD versie 2.0 (Stcrt. 2001, 82), H447-477. Bij de selectie kan diezelfde onderverdeling gebruikt worden voor het uitvoeren van het personeelsbeleid.
Waardering: V 10 jaar na ontslag
Handeling: Het benoemen van een secretaris.
Periode: 1945–1970
Grondslag: Statuten KHT
Product: Besluiten
Opmerking: Deze handeling is vergelijkbaar met H44, EAZ-I.
Waardering: B 4
Handeling: Het kiezen van een voorzitter.
Periode: 1955–1970
Grondslag: Statuten
Product: Besluiten
Waardering: V 10 jaar na ontslag
Handeling: Het wijzigen van de statuten, alsmede het besluiten tot opheffing van de stichting of vereniging.
Periode: 1945–1970
Grondslag: Hoger-onderwijswet (Stb. 1905, 181), art. 149, tweede lid, art. 191, eerste lid en art. 197, tweede lid
WWO-1 (Stb. 1960, 559), art. 93, eerste lid en art. 123, eerste lid
Statuten KHT
Product: Besluiten
Opmerking: De wijzigingen dienen aan de Minister van Binnenlandse Zaken (tot 1961)/de Minister van Onderwijs (vanaf 1961) bekend gemaakt te worden.
Besluiten van de KHT behoeven de goedkeuring van de Nederlandse Bisschoppenconferentie.
Bij de opheffing dient een gedeelte van de rijksbetalingen te worden terugbetaald.
Waardering: B 4
Handeling: Het vaststellen van regelingen voor interne bestuursaangelegenheden.
Periode: 1945–1970
Grondslag: Statuten KHT
Product: Structuurregelingen, reglementen, instructies
Opmerking: Deze handeling is vergelijkbaar met H154, EAZ-I.
Waardering: B 4
Handeling: Het indienen van verzoeken bij de Kroon om als bijzondere onderwijsinstelling erkend te worden.
Periode: 1945–1970
Grondslag: Hoger-onderwijswet (Stb. 1905, 181, gewijzigd bij Wet van 11 juni 1921 (Stb. 1921, 782), art. 150, art. 184 en art. 185 WWO-1 (Stb. 1960, 559), art. 119, eerste lid Statuten KHT
Product: Verzoeken
Opmerking: Als bijlage bij de aanvragen dienen de stichtingsbesturen de statuten, akten of reglementen betreffende de oprichting van de bijzondere instelling mee te sturen.
Waardering: B 4
Handeling: Het opstellen van een verklaring, waarin is opgenomen dat de faculteit der godgeleerdheid niet erkend en bekostigd wil worden, dan wel enkel voor bekostiging in aanmerking wil komen.
Periode: 1963–1970
Grondslag: WWO-1 (Stb. 1960, 559, gewijzigd bij Wet van 27 juni 1963 (Stb. 1963, 288), art. 33ter
Statuten, reglementen KHT
Product: Verklaringen
Waardering: B 4
Handeling: Het vaststellen van beleid ten aanzien van de bijzondere signatuur van de hogeschool.
Periode: 1945–1970
Grondslag: Statuten, reglementen KHT
Product: Besluiten
Opmerking: Deze handeling is vergelijkbaar met H156, EAZ-I.
Waardering: B 1
Handeling: Het kiezen van het dagelijks bestuur.
Periode: 1955–1970
Grondslag: Statuten
Product: Besluiten
Waardering: B 5
Handeling: Het vaststellen van de jaarrekening en de verantwoording.
Periode: 1945–1964
Grondslag: Statuten en reglementen VU
Product: Besluiten
Waardering: B 3
Handeling: Het beheren van de financiën.
Periode: 1945–1960
Grondslag: Stichtingsakte en statuten KUN
Product: Financiële administratie, besluiten
Opmerking: Genomen financiële besluiten dienen aan de minister ter goedkeuring te worden voorgelegd. Indien de minister goedkeuring onthoudt, kan het universitaire orgaan hiertegen in beroep gaan.
Deze handeling is vergelijkbaar met H372, EAZ-I.
Waardering: V 7 jaar
Handeling: Het uitbrengen van advies aan de Raad van Bestuur inzake aankopen, het verstrekken van geldleningen en het aangaan van overeenkomsten.
Periode: 1945–1960
Grondslag: Stichtingsakte KUN
Product: Adviezen
Waardering: V 7 jaar
Handeling: Het vaststellen van de jaarrekening en de verantwoording.
Periode: 1945–1960
Grondslag: Stichtingsakte, Akte van Oprichting en statuten KUN
Product: Besluiten
Waardering: B 3
Handeling: Het sluiten van overeenkomsten.
Periode: 1945–1960
Grondslag: Stichtingsakte en statuten KUN
Product: Overeenkomsten
Opmerking: Deze handeling is vergelijkbaar met H286, EAZ-I.
Waardering: V 5 jaar na afloop overeenkomst
Handeling: Het verzorgen van huisvesting en het beheren van roerende en onroerende goederen.
Periode: 1945–1972
Grondslag: Stichtingsakte, Akte van Oprichting en statuten KUN
Product: Besluiten, overeenkomsten
Waardering: V 5 jaar na verval
Handeling: Het aan de Minister van Onderwijs verstrekken van inlichtingen omtrent de onderwijsinstelling en het onderwijs.
Periode: 1945–1960
De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.
Deze tekst wordt gepubliceerd onder de eigen hergebruiksvoorwaarden van BWB, niet onder een licentie van Legalize of van het publieke domein.
BWB
CC0 1.0 Universeel (publiek domein)