Uitvoeringsregeling plaatsgebonden consignatie KLPD

Type Ministeriële regeling
Publication 2025-09-04
State In force
Source BWB
Wijzigingsgeschiedenis JSON API

Gelet op:

– het Besluit algemene rechtspositie politie, artikel 12, lid 10;

– de Regeling in verband met plaatsgebonden consignatie van 23 oktober 1998, kenmerk EA98/U520139;

– het Besluit bezoldiging politie, artikel 21;

– de Collectieve overlegregeling arbeids- en rusttijden KLPD en

– de bereikte overeenstemming met de Commissie Klpd d.d. 3 oktober 2006 en 20 december 2006;

Besluit:

Artikel 1. Definities

Tenzij anders is vermeld, wordt voor de toepassing van de Uitvoeringsregeling plaatsgebonden consignatie landelijke eenheden verstaan onder:

Artikel 2. Toepassing
1.

Het bevoegd gezag kan plaatsgebonden consignatie opdragen.

2.

Indien een Staf Grootschalig en Bijzonder Optreden (SGBO) is ingesteld, kan tevens het hoofd van een dienst in mandaat een medewerker plaatsgebonden consignatie opdragen.

3.

Voor of bij aanvang van de plaatsgebonden consignatie, als bedoeld in de leden 1 en 2, wordt de locatie bepaald.

4.

Voor Dienst koninklijke diplomatieke beveiliging van de Eenheid landelijke expertise en operaties van de politie geldt dat de volgende planningsmogelijkheden beschikbaar zijn:

Artikel 3. Vergoeding
1.

Voor de toepassing van de in het tweede artikel bedoelde plaatsgebonden consignatie is artikel 18 van het Besluit bezoldiging politie van analoge toepassing met dien verstande dat de in het eerste lid van artikel 18 vermelde definitie wordt vervangen door de definitie vermeld in het eerste artikel van deze uitvoeringsregeling. Voorts zijn van toepassing uitgezonderd het vierde tot en met het zesde lid van voormeld artikel 18.

2.

De vergoeding voor elk uur plaatsgebonden consignatie wordt vergolden door middel van een bedrag in geld als bedoeld met de toeslag in artikel 27, achtste lid van het Besluit bezoldiging politie.

3.

De in het tweede lid genoemde toelage wordt zo spoedig mogelijk uitbetaald, doch uiterlijk bij gelegenheid van de tweede salarisbetaling volgende op de periode van vier weken waarin consignatie is verricht. Van deze termijn kan worden afgeweken indien het dienstbelang dat vereist, of indien het dienstbelang zich daartegen niet verzet, op verzoek van de medewerker. Voor deze gevallen wordt een nieuwe uiterste termijn vastgesteld.

Artikel 4. Slotbepalingen
1.

Deze regeling kan worden aangehaald als: ‘Uitvoeringsregeling plaatsgebonden consignatie landelijke eenheden’.

2.

Het ‘Besluit beëindiging en afbouw vergoedingregelingen extra diensten groepschefs en beveiligers KDB’ van 19 december 1994 met kenmerk 472700/594/HY en de ‘Regeling bevoegdheid toekenning toelage functionarissen KDB KLPD’ van 8 mei 1995 met kenmerk EA95/929a zijn met dit besluit ingetrokken.

Artikel 5

Dit besluit treedt in werking met ingang de tweede dag na dagtekening van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst en werkt terug tot en met 22 december 2006.

Dit besluit zal met toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.