Wijzigingsgeschiedenis

Wet van 29 september 2011 tot wijziging van de Wet op het notarisambt naar aanleiding van de evaluatie van die wet, alsmede regeling van enkele andere onderwerpen in die wet en wijziging van de Wet op het centraal testamentenregister en van de Wet ter voorkoming van witwassen en financieren van terrorisme

4 versions · 2014-07-01
2014-07-01
Wijzigingswet Wet op het notarisambt, enz. (evaluatie en regeling enkel

Wijzigingen op 2014-07-01

@@ -28,29 +28,33 @@
##### Artikel VI
Bij regeling van Onze Minister van Justitie kunnen nadere regels worden gesteld over de indiening en behandeling van verzoeken als bedoeld in [artikel 30b, eerste lid, van de Wet op het notarisambt](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0010388&artikel=30b) tot een in die regeling te bepalen tijdstip, dat niet langer dan vijf jaar na inwerkingtreding van [artikel I, onderdeel W](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0030570&artikel=I&z=2013-06-21&g=2013-06-21), ligt. In de regeling kan worden afgeweken van de op grond van [artikel 30c, tweede lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0010388&artikel=30c), juncto [artikel 8, vijfde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0010388&artikel=8), geldende beslistermijn.
Bij regeling van Onze Minister van Justitie kunnen nadere regels worden gesteld over de indiening en behandeling van verzoeken als bedoeld in [artikel 30b, eerste lid, van de Wet op het notarisambt](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0010388&artikel=30b) tot een in die regeling te bepalen tijdstip, dat niet langer dan vijf jaar na inwerkingtreding van [artikel I, onderdeel W](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0030570&artikel=I&z=2014-07-01&g=2014-07-01), ligt. In de regeling kan worden afgeweken van de op grond van [artikel 30c, tweede lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0010388&artikel=30c), juncto [artikel 8, vijfde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0010388&artikel=8), geldende beslistermijn.
##### Artikel VII
1. Vanaf de inwerkingtreding van [artikel I, onderdeel PP](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0030570&artikel=I&z=2013-06-21&g=2013-06-21), blijven de kamers van toezicht, als bedoeld in [artikel 93 van de Wet op het notarisambt](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0010388&artikel=93), zoals dat luidde voor de inwerkingtreding van artikel I, onderdeel OO, voor een periode van drie maanden bevoegd om de dan nog aanhangige zaken af te doen. Bij afloop van deze termijn worden de kamers van toezicht ontbonden en zijn de voorzitters, plaatsvervangend voorzitters, leden en plaatsvervangend leden van rechtswege ontslagen. De zaken die bij afloop van de termijn nog aanhangig zijn, worden voor verdere behandeling overgedragen aan de kamer voor het notariaat als bedoeld in [artikel 94](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0010388&artikel=94), zoals dat komt te luiden na inwerkingtreding van artikel I, onderdeel PP, gevestigd in het desbetreffende ressort.
1. Vanaf de inwerkingtreding van [artikel I, onderdeel PP](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0030570&artikel=I&z=2014-07-01&g=2014-07-01), blijven de kamers van toezicht, als bedoeld in [artikel 93 van de Wet op het notarisambt](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0010388&artikel=93), zoals dat luidde voor de inwerkingtreding van artikel I, onderdeel OO, voor een periode van drie maanden bevoegd om de dan nog aanhangige zaken af te doen. Bij afloop van deze termijn worden de kamers van toezicht ontbonden en zijn de voorzitters, plaatsvervangend voorzitters, leden en plaatsvervangend leden van rechtswege ontslagen. De zaken die bij afloop van de termijn nog aanhangig zijn, worden voor verdere behandeling overgedragen aan de kamer voor het notariaat als bedoeld in [artikel 94](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0010388&artikel=94), zoals dat komt te luiden na inwerkingtreding van artikel I, onderdeel PP, gevestigd in het desbetreffende ressort.
2. Onderzoeken op grond van [artikel 96 van de Wet op het notarisambt](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0010388&artikel=96), zoals dat luidde voor de inwerkingtreding van [artikel I, onderdeel RR](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0030570&artikel=I&z=2013-06-21&g=2013-06-21), die op dat moment niet zijn afgerond, worden vanaf dat moment aangemerkt als vooronderzoeken als bedoeld in [artikel 99a van de Wet op het notarisambt](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0010388&artikel=99a). Artikel 96, zesde lid, van de Wet op het notarisambt, zoals dat luidde voor de inwerkingtreding van artikel I, onderdeel RR, is van overeenkomstige toepassing indien het onderzoek niet is verricht naar aanleiding van een klacht.
2. Onderzoeken op grond van [artikel 96 van de Wet op het notarisambt](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0010388&artikel=96), zoals dat luidde voor de inwerkingtreding van [artikel I, onderdeel RR](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0030570&artikel=I&z=2014-07-01&g=2014-07-01), die op dat moment niet zijn afgerond, worden vanaf dat moment aangemerkt als vooronderzoeken als bedoeld in [artikel 99a van de Wet op het notarisambt](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0010388&artikel=99a). Artikel 96, zesde lid, van de Wet op het notarisambt, zoals dat luidde voor de inwerkingtreding van artikel I, onderdeel RR, is van overeenkomstige toepassing indien het onderzoek niet is verricht naar aanleiding van een klacht.
3. De bescheiden van de kamers van toezicht die betrekking hebben op reeds afgeronde onderzoeken die zijn verricht op grond van [artikel 96 van de Wet op het notarisambt](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0010388&artikel=96), zoals dat luidde voor de inwerkingtreding van artikel I, onderdeel RR, worden overgedragen aan het Bureau Financieel Toezicht, genoemd in [artikel 110 van de Wet op het notarisambt](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0010388&artikel=110). De bescheiden van de kamers van toezicht die betrekking hebben op het register van notarissen, als bedoeld in de [artikelen 3](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0010388&artikel=3), [5](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0010388&artikel=5), [10](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0010388&artikel=10) en [14 van de Wet op het notarisambt](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0010388&artikel=14), zoals die luidden voor de inwerkingtreding van [Artikel I, onderdelen B, D, H en K](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0030570&artikel=I&z=2013-06-21&g=2013-06-21), de op grond van [artikel 4 van de Wet op het notarisambt](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0010388&artikel=4), zoals dat luide voor de inwerkingtreding van artikel I, onderdeel C, gedeponeerde handtekeningen en parafen, alsmede de bescheiden die betrekking hebben op de registratie van nevenbetrekkingen op grond van [artikel 11 van de Wet op het notarisambt](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0010388&artikel=11), zoals dat luidde voor de inwerkingtreding van Artikel I, onderdeel I, worden overgedragen aan de Koninklijke Notariële Beroepsorganisatie, genoemd in [artikel 60 van de Wet op het notarisambt](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0010388&artikel=60). Alle overige bescheiden worden overgedragen aan de kamer voor het notariaat, gevestigd in het desbetreffende ressort.
3. De bescheiden van de kamers van toezicht die betrekking hebben op reeds afgeronde onderzoeken die zijn verricht op grond van [artikel 96 van de Wet op het notarisambt](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0010388&artikel=96), zoals dat luidde voor de inwerkingtreding van artikel I, onderdeel RR, worden overgedragen aan het Bureau Financieel Toezicht, genoemd in [artikel 110 van de Wet op het notarisambt](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0010388&artikel=110). De bescheiden van de kamers van toezicht die betrekking hebben op het register van notarissen, als bedoeld in de [artikelen 3](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0010388&artikel=3), [5](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0010388&artikel=5), [10](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0010388&artikel=10) en [14 van de Wet op het notarisambt](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0010388&artikel=14), zoals die luidden voor de inwerkingtreding van [Artikel I, onderdelen B, D, H en K](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0030570&artikel=I&z=2014-07-01&g=2014-07-01), de op grond van [artikel 4 van de Wet op het notarisambt](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0010388&artikel=4), zoals dat luide voor de inwerkingtreding van artikel I, onderdeel C, gedeponeerde handtekeningen en parafen, alsmede de bescheiden die betrekking hebben op de registratie van nevenbetrekkingen op grond van [artikel 11 van de Wet op het notarisambt](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0010388&artikel=11), zoals dat luidde voor de inwerkingtreding van Artikel I, onderdeel I, worden overgedragen aan de Koninklijke Notariële Beroepsorganisatie, genoemd in [artikel 60 van de Wet op het notarisambt](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0010388&artikel=60). Alle overige bescheiden worden overgedragen aan de kamer voor het notariaat, gevestigd in het desbetreffende ressort. In afwijking van het voorgaande berusten de bescheiden die betrekking hebben op notarissen of kandidaat-notarissen die niet langer in één van deze hoedanigheden werkzaam zijn, bij de rechtbank in het arrondissement waarin de desbetreffende kamer van toezicht was gevestigd. Het in dit lid bepaalde geldt niet voor bescheiden die overeenkomstig de [Archiefwet 1995](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0007376) zijn overgebracht naar een archiefbewaarplaats.
4. Op de zaken tegen notarissen en kandidaat-notarissen die op het moment van inwerkingtreding van [artikel I, onderdeel VV](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0030570&artikel=I&z=2013-06-21&g=2013-06-21), aanhangig zijn bij de kamers van toezicht of het gerechtshof Amsterdam, blijft [artikel 103 van de Wet op het notarisambt](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0010388&artikel=103) van toepassing zoals dat luidde voor de inwerkintreding van dat onderdeel en is [artikel 103a van de Wet op het notarisambt](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0010388&artikel=103a) niet van toepassing.
4. Op de zaken tegen notarissen en kandidaat-notarissen die op het moment van inwerkingtreding van [artikel I, onderdeel VV](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0030570&artikel=I&z=2014-07-01&g=2014-07-01), aanhangig zijn bij de kamers van toezicht of het gerechtshof Amsterdam, blijft [artikel 103 van de Wet op het notarisambt](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0010388&artikel=103) van toepassing zoals dat luidde voor de inwerkintreding van dat onderdeel en is [artikel 103a van de Wet op het notarisambt](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0010388&artikel=103a) niet van toepassing.
5. Indien op het moment van inwerkingtreding van [artikel I, onderdeel BBB](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0030570&artikel=I&z=2013-06-21&g=2013-06-21), zaken tegen notarissen aanhangig zijn als bedoeld [artikel 108, tweede lid, van de Wet op het notarisambt](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0010388&artikel=108), zoals dat luidde voor de inwerkingtreding van dat onderdeel, blijft dat artikel van toepassing op die zaken en is [artikel 14, derde lid, onderdeel b, van de Wet op het notarisambt](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0010388&artikel=14), zoals dat komt te luiden na de inwerkingtreding van artikel I, onderdeel K, niet van toepassing.
5. Indien op het moment van inwerkingtreding van [artikel I, onderdeel BBB](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0030570&artikel=I&z=2014-07-01&g=2014-07-01), zaken tegen notarissen aanhangig zijn als bedoeld [artikel 108, tweede lid, van de Wet op het notarisambt](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0010388&artikel=108), zoals dat luidde voor de inwerkingtreding van dat onderdeel, blijft dat artikel van toepassing op die zaken en is [artikel 14, derde lid, onderdeel b, van de Wet op het notarisambt](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0010388&artikel=14), zoals dat komt te luiden na de inwerkingtreding van artikel I, onderdeel K, niet van toepassing.
6. Vanaf de inwerkingtreding van [artikel I, onderdeel BB](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0030570&artikel=I&z=2014-07-01&g=2014-07-01), blijven de ringvoorzitters, bedoeld in [artikel 82, eerste lid, van de Wet op het notarisambt](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0010388&artikel=82), bevoegd om te beslissen op de verzoeken die bij hen in behandeling zijn.
7. Op de gevallen waarin op het moment van inwerkingtreding van [artikel I, onderdeel BB](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0030570&artikel=I&z=2014-07-01&g=2014-07-01), bezwaar- en beroepsprocedures aanhangig zijn met betrekking tot beslissingen van een voorzitter van het bestuur van een ring, bedoeld in [artikel 55, tweede lid, van de Wet op het notarisambt](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0010388&artikel=55), zoals dat tot dat moment luidde, blijft het oude recht van toepassing.
##### Artikel VIII
Indien de aanwijzing van algemene bewaarplaatsen, bedoeld in [artikel 57 van de Wet op het notarisambt](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0010388&artikel=57), zoals dat komt te luiden na inwerkingtreding van [artikel I, onderdeel DD](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0030570&artikel=I&z=2013-06-21&g=2013-06-21), de overbrenging van protocollen naar een andere bewaarplaats met zich meebrengt, is dat artikel op de oorspronkelijke bewaarplaats van overeenkomstige toepassing zolang de overbrenging niet is voltooid. Bij voltooiing van de overbrenging beëindigt het bestuur van de Koninklijke Notariële Beroepsorganisatie, bedoeld in [artikel 64 van de Wet op het notarisambt](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0010388&artikel=64), de benoeming van de bewaarder en plaatsvervangend bewaarder van de oorspronkelijke bewaarplaats.
Indien de aanwijzing van algemene bewaarplaatsen, bedoeld in [artikel 57 van de Wet op het notarisambt](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0010388&artikel=57), zoals dat komt te luiden na inwerkingtreding van [artikel I, onderdeel DD](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0030570&artikel=I&z=2014-07-01&g=2014-07-01), de overbrenging van protocollen naar een andere bewaarplaats met zich meebrengt, is dat artikel op de oorspronkelijke bewaarplaats van overeenkomstige toepassing zolang de overbrenging niet is voltooid. Bij voltooiing van de overbrenging beëindigt het bestuur van de Koninklijke Notariële Beroepsorganisatie, bedoeld in [artikel 64 van de Wet op het notarisambt](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0010388&artikel=64), de benoeming van de bewaarder en plaatsvervangend bewaarder van de oorspronkelijke bewaarplaats.
##### Artikel VIIIa
1. Na de inwerkingtreding van [artikel I, onderdeel T](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0030570&artikel=I&z=2013-06-21&g=2013-06-21), berust het [Besluit deeltijd notarissen](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0010486) op [artikel 29, vierde lid, van de Wet op het notarisambt](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0010388&artikel=29).
1. Na de inwerkingtreding van [artikel I, onderdeel T](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0030570&artikel=I&z=2014-07-01&g=2014-07-01), berust het [Besluit deeltijd notarissen](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0010486) op [artikel 29, vierde lid, van de Wet op het notarisambt](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0010388&artikel=29).
2. Na de inwerkingtreding van [artikel I, onderdeel EEE](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0030570&artikel=I&z=2013-06-21&g=2013-06-21), berust het [Besluit ondernemingsplan notaris](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0010398) op [artikel 7, derde lid, van de Wet op het notarisambt](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0010388&artikel=7).
2. Na de inwerkingtreding van [artikel I, onderdeel EEE](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0030570&artikel=I&z=2014-07-01&g=2014-07-01), berust het [Besluit ondernemingsplan notaris](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0010398) op [artikel 7, derde lid, van de Wet op het notarisambt](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0010388&artikel=7).
##### Artikel IX
2013-06-21
Wijzigingswet Wet op het notarisambt, enz. (evaluatie en regeling enkel
2013-01-01
Wijzigingswet Wet op het notarisambt, enz. (evaluatie en regeling enkel
2012-01-01
Wijzigingswet Wet op het notarisambt, enz. (evaluatie en regeling en
original version Tekst op deze datum