Regeling van de Minister van Economische Zaken, Landbouw en Innovatie van 17 februari 2012, nr. WJZ/12001252, houdende aanwijzing van categorieën van productie-installaties voor de stimulering van duurzame energieproductie in het jaar 2012 (Regeling aanwijzing categorieën duurzame energieproductie 2012)

Type Ministeriële regeling
Publication 2014-02-13
State In force
Source BWB
artikelen 195
Wijzigingsgeschiedenis JSON API

Gelet op de artikelen 1, tweede lid, 2, tweede, derde en vierde lid, 3, 7, 8, 11, eerste lid, 12, eerste lid, 14, zesde lid, 15, tweede, derde en vierde lid, 25, 28, eerste lid, 29, eerste lid, 31, vijfde lid, 32, tweede, derde, vierde en vijfde lid, 42, 44, eerste lid, 45, eerste lid, 47, vijfde lid, 48, tweede, derde en vijfde lid, 56, eerste en derde lid, 59, tweede lid, 61, eerste lid, en 62, vierde lid, van het Besluit stimulering duurzame energieproductie;

Besluit:

§ 1. Begripsbepalingen

Artikel 1

In deze regeling wordt verstaan onder:

  • –. allesvergisting: de biologische afbraakreacties van biomassa als bedoeld in de NTA 8003: 2008, met uitzondering van de nummers 410, 420, 500, 550 tot en met 559;
  • –. groen gas hub: een verzameling van productie-installaties voor de productie van hernieuwbaar gas waarvoor voor de invoeding van het hernieuwbaar gas op een gasnet gezamenlijk een of meerdere aansluitingen worden gebruikt, waarmee gezamenlijk hernieuwbare warmte wordt geproduceerd die nuttig wordt gebruikt of waarmee gezamenlijk hernieuwbare elektriciteit wordt geproduceerd die op een elektriciteitsnet of installatie, met uitzondering van de productie-installatie, wordt ingevoed;
  • –. minister: de Minister van Economische Zaken, Landbouw en Innovatie;
  • –. NTA 8003:2008: de Nederlandse Technische Afspraak 8003, Classificatie van biomassa voor energietoepassing, uitgegeven door het Nederlands Normalisatie-instituut, zoals deze luidde op 31 december 2008;
  • –. thermische conversie van vaste of vloeibare biomassa: de omzetting van vaste of vloeibare biomassa door middel van:
  • 1°. verbranding,
  • 2°. een andere thermische behandeling dan bedoeld onder 1° ingeval de producten daarvan vervolgens worden verbrand of
  • 3°. de verbranding van producten die voortkomen uit thermische behandeling;
  • –. valhoogte: het verschil in waterpeil voor en achter de installatie voor de productie van hernieuwbare elektriciteit met behulp van waterkracht waarbij het maximaal elektrisch ontwerpvermogen van de turbine of de generator wordt gerealiseerd;
  • –. vergisting en co-vergisting van dierlijke mest: de biologische afbraakreacties van in hoofdzaak verpompbare vaste en vloeibare uitwerpselen van dieren, al dan niet aangevuld met een of meer producten genoemd in de Uitvoeringsregeling Meststoffenwet, waarbij het restant na vergisting als meststof mag worden verhandeld.

§ 2. Algemene bepalingen

Artikel 2
1.

Het subsidieplafond voor het verlenen van subsidie voor de productie van hernieuwbare elektriciteit, hernieuwbaar gas en hernieuwbare warmte op grond van de artikelen 4, eerste lid, 9, eerste lid, 14, eerste lid, 19, eerste lid, 24, eerste lid, 28, eerste lid, 32, eerste lid, 36, eerste lid, 49, eerste lid, 54, eerste lid, 59, eerste lid, 64, eerste lid, 76, eerste lid, 81, eerste lid, 86, eerste lid, 91, eerste lid, 96, eerste lid, 101, eerste lid, 106, eerste lid, 111, eerste lid, 116, eerste lid, 121, eerste lid en 126, eerste lid, die is aangevraagd in de periode van 13 maart 2012, 9:00 uur, tot 27 december 2012, 17:00 uur, bedraagt € 1.700.000.000,00.

2.

De minister verdeelt het bedrag, genoemd in het eerste lid, op volgorde van binnenkomst van de aanvragen.

3.

Per categorie productie-installaties kan in de periode, genoemd in het eerste lid, per adres waarop een productie-installatie wordt geplaatst maximaal één aanvraag worden ingediend.

4.

De minister beslist afwijzend op een aanvraag om subsidie voor de productie van hernieuwbare elektriciteit, hernieuwbaar gas of hernieuwbare warmte door een productie-installatie van een categorie als bedoeld in het eerste lid indien op het moment van indienen van de aanvraag geen toestemming van de eigenaar van de beoogde locatie is verkregen voor het plaatsen van de productie-installatie.

5.

Een subsidie als bedoeld in het eerste lid van meer dan € 400.000.000 wordt verleend onder de opschortende voorwaarde dat binnen zes weken na afgifte van deze beschikking een uitvoeringsovereenkomst overeenkomstig de overeenkomst opgenomen in de bij deze regeling behorende bijlage 1 tot stand is gekomen tussen de Staat en de subsidie-aanvrager.

Artikel 3
1.

Productie-installaties als bedoeld in de artikelen 4, 9, 28, 32 en 36 worden aangewezen als productie-installaties als bedoeld in artikel 15, tweede lid, van het besluit.

2.

Productie-installaties als bedoeld in de artikelen 4, 9, 14, 19, 24, 28, 32 en 36 worden aangewezen als productie-installaties als bedoeld in artikel 15, vierde lid, van het besluit.

3.

Productie-installaties als bedoeld in de artikelen 49, 54, 59 en 64 worden aangewezen als productie-installaties als bedoeld in artikel 32, tweede lid, van het besluit.

4.

Productie-installaties als bedoeld in de artikelen 76, 81, 86, 91, 96, 101, 106, 111, 116, 121 en 126 worden aangewezen als productie-installaties als bedoeld in artikel 48, tweede lid, van het besluit.

5.

Productie-installaties als bedoeld in de artikelen 86, 106, 111 en 126 worden aangewezen als productie-installaties als bedoeld in artikel 48, vijfde lid, van het besluit.

§ 3. Hernieuwbare elektriciteit

§ 3.1. Waterkracht

Artikel 4
1.

De minister verstrekt op aanvraag subsidie aan een producent van hernieuwbare elektriciteit geproduceerd door een productie-installatie waarmee door hydro-mechanisch-elektrische omzetting hernieuwbare elektriciteit wordt geproduceerd uit potentiële dan wel kinetische energie van stromend water dat niet specifiek ten behoeve van de elektriciteitsproductie omhoog is gepompt:

  • a. in installaties met een valhoogte gelijk aan of groter dan 50 centimeter en kleiner dan 5 meter;
  • b. in installaties met een valhoogte gelijk aan of groter dan 5 meter.
2.

Aanvragen om subsidie als bedoeld in:

  • a. het eerste lid, onderdeel a, worden ontvangen in de periode van 3 september 2012, 17:00 uur, tot 27 december 2012, 17:00 uur;
  • b. het eerste lid, onderdeel b, worden ontvangen in de periode van 1 mei 2012, 17:00 uur, tot 27 december 2012, 17:00 uur.
3.

Een aanvraag om subsidie wordt ingediend met gebruikmaking van het formulier dat is opgenomen in de bij deze regeling behorende bijlage 2.

Artikel 5
1.

Subsidie als bedoeld in artikel 4, eerste lid, wordt voor een periode van 15 jaar verstrekt.

2.

De subsidie-ontvanger neemt de productie-installatie, bedoeld in artikel 4, eerste lid, binnen 4 jaar na de datum van de beschikking tot subsidieverlening in gebruik.

Artikel 6

Het maximaal aantal vollasturen voor een productie-installatie als bedoeld in:

Artikel 7

Het basisbedrag, bedoeld in artikel 11 van het besluit, voor subsidie als bedoeld in artikel 4, eerste lid, bedraagt voor een productie-installatie als bedoeld in:

Artikel 8

De basiselektriciteitsprijs, bedoeld in artikel 12 van het besluit, voor subsidie als bedoeld in artikel 4, eerste lid, onderdelen a en b, bedraagt € 0,045 per kWh.

§ 3.2. Afvalwater- of rioolwaterzuiveringsinstallaties

Artikel 9
1.

De minister verstrekt op aanvraag subsidie aan een producent van hernieuwbare elektriciteit geproduceerd door een productie-installatie waarmee hernieuwbare elektriciteit wordt geproduceerd uit gas dat vrijkomt tengevolge van biologische afbraakreacties bij de zuivering van huishoudelijk afvalwater, bedrijfsafvalwater en afvloeiend hemelwater, gebruik makende van thermische drukhydrolyse.

2.

Aanvragen om subsidie als bedoeld in het eerste lid, worden ontvangen in de periode van 18 juni 2012, 17:00 uur, tot 27 december 2012, 17:00 uur.

3.

Een aanvraag om subsidie wordt ingediend met gebruikmaking van het formulier dat is opgenomen in de bij deze regeling behorende bijlage 3.

Artikel 10
1.

Subsidie als bedoeld in artikel 9, eerste lid, wordt voor een periode van 12 jaar verstrekt.

2.

De subsidie-ontvanger neemt de productie-installatie, bedoeld in artikel 9, eerste lid, binnen 4 jaar na de datum van de beschikking tot subsidieverlening in gebruik.

Artikel 11

Het maximaal aantal vollasturen voor een productie-installatie als bedoeld in artikel 9, eerste lid, bedraagt 8000 uren per jaar.

Artikel 12

Het basisbedrag, bedoeld in artikel 11 van het besluit, voor subsidie als bedoeld in artikel 9, eerste lid, bedraagt in de periode, genoemd in artikel 9, tweede lid, € 0,096 per kWh.

Artikel 13

De basiselektriciteitsprijs, bedoeld in artikel 12 van het besluit, voor subsidie als bedoeld in artikel 9, eerste lid, bedraagt € 0,045 per kWh.

§ 3.3. Wind op land

Artikel 14
1.

De minister verstrekt op aanvraag subsidie aan een producent van hernieuwbare elektriciteit geproduceerd door een productie-installatie voor de productie van hernieuwbare elektriciteit met behulp van windenergie die niet is opgericht in de territoriale zee of in de Nederlandse exclusieve economische zone:

  • a. met een nominaal vermogen per turbine kleiner dan 6,0 MW;
  • b. met een nominaal vermogen per turbine kleiner dan 6,0 MW, die meer dan 1760 vollasturen kan produceren;
  • c. met een nominaal vermogen per turbine gelijk aan of groter dan 6,0 MW.
2.

Aanvragen om subsidie als bedoeld in:

  • a. het eerste lid, onderdeel b, worden ontvangen in de periode van 1 mei 2012, 17:00 uur, tot 27 december 2012, 17:00 uur.
  • b. het eerste lid, onderdelen a en c, worden ontvangen in de periode van 18 juni 2012, 17:00 uur, tot 27 december 2012, 17:00 uur.
3.

Een aanvraag om subsidie wordt ingediend met gebruikmaking van het formulier dat is opgenomen in de bij deze regeling behorende bijlage 4.

Artikel 15
1.

Subsidie als bedoeld in artikel 14, eerste lid, wordt voor een periode van 15 jaar verstrekt.

2.

De subsidie-ontvanger neemt de productie-installatie, bedoeld in artikel 14, eerste lid, binnen 4 jaar na de datum van de beschikking tot subsidieverlening in gebruik.

Artikel 16

Het maximaal aantal vollasturen voor een productie-installatie:

Artikel 17

Het basisbedrag, bedoeld in artikel 11 van het besluit, voor subsidie als bedoeld in:

Artikel 18

De basiselektriciteitsprijs, bedoeld in artikel 12 van het besluit, voor subsidie als bedoeld in artikel 14, eerste lid, bedraagt voor een productie-installatie als bedoeld in:

§ 3.4. Wind in meer

Artikel 19
1.

De minister verstrekt op aanvraag subsidie aan een producent van hernieuwbare elektriciteit geproduceerd door een productie-installatie voor de productie van hernieuwbare elektriciteit met behulp van windenergie die niet is opgericht in de territoriale zee of in de Nederlandse exclusieve economische zone en waarvan de fundering in een meer van minimaal één vierkante kilometer staat.

2.

Aanvragen om subsidie als bedoeld in het eerste lid worden ontvangen in de periode van 3 september 2012, 17:00 uur, tot 27 december 2012, 17:00 uur.

3.

Een aanvraag om subsidie wordt ingediend met gebruikmaking van het formulier dat is opgenomen in de bij deze regeling behorende bijlage 4.

Artikel 20
1.

Subsidie als bedoeld in artikel 19, eerste lid, wordt voor een periode van 15 jaar verstrekt.

2.

De subsidie-ontvanger neemt de productie-installatie, bedoeld in artikel 19, eerste lid, binnen 4 jaar na de datum van de beschikking tot subsidieverlening in gebruik.

Artikel 21

Het maximaal aantal vollasturen voor een productie-installatie als bedoeld in artikel 19, eerste lid, bedraagt 2480 uren per jaar.

Artikel 22

Het basisbedrag, bedoeld in artikel 11 van het besluit, voor subsidie als bedoeld in artikel 19, eerste lid, bedraagt in de periode, genoemd in artikel 19, tweede lid, € 0,154 per kWh.

Artikel 23

De basiselektriciteitsprijs, bedoeld in artikel 12 van het besluit, voor subsidie als bedoeld in artikel 19, eerste lid, bedraagt € 0,052 per kWh.

§ 3.5. Vrije categorie

§ 3.5.1. Productie-installaties uitsluitend in vrije categorie

§ 3.5.1.1. Wind op zee

Artikel 24
1.

De minister verstrekt op aanvraag subsidie aan een producent van hernieuwbare elektriciteit geproduceerd door een productie-installatie voor de productie van hernieuwbare elektriciteit met behulp van windenergie op zee.

2.

Een aanvraag om subsidie wordt ingediend met gebruikmaking van het formulier dat is opgenomen in de bij deze regeling behorende bijlage 4.

Artikel 25
1.

Subsidie als bedoeld in artikel 24, eerste lid, wordt voor een periode van 15 jaar verstrekt.

2.

De subsidie-ontvanger neemt de productie-installatie, bedoeld in artikel 24, eerste lid, binnen 5 jaar na de datum van de beschikking tot subsidieverlening in gebruik.

Artikel 26

Het maximaal aantal vollasturen voor een productie-installatie als bedoeld in artikel 24, eerste lid, bedraagt 3200 uren per jaar.

Artikel 27

De basiselektriciteitsprijs, bedoeld in artikel 12 van het besluit, voor subsidie als bedoeld in artikel 24, eerste lid, bedraagt € 0,052623 per kWh.

§ 3.5.1.2. Fotovoltaïsche zonnepanelen

Artikel 28
1.

De minister verstrekt op aanvraag subsidie aan een producent van hernieuwbare elektriciteit geproduceerd door een productie-installatie voor de productie van hernieuwbare elektriciteit uit zonlicht met behulp van fotovoltaïsche zonnepanelen met een vermogen groter dan of gelijk aan 15 kWp, die is aangesloten op een elektriciteitsnet via een aansluiting met een totale maximale doorlaatwaarde van meer dan 3*80 A.

2.

Een aanvraag om subsidie wordt ingediend met gebruikmaking van het formulier dat is opgenomen in de bij deze regeling behorende bijlage 5.

Artikel 29
1.

Subsidie als bedoeld in artikel 28, eerste lid, wordt voor een periode van 15 jaar verstrekt.

2.

De subsidie-ontvanger neemt de productie-installatie, bedoeld in artikel 28, eerste lid, binnen 3 jaar na de datum van de beschikking tot subsidieverlening in gebruik.

Artikel 30

Het maximaal aantal vollasturen voor een productie-installatie als bedoeld in artikel 28, eerste lid, bedraagt 1000 uren per jaar.

Artikel 31

De basiselektriciteitsprijs, bedoeld in artikel 12 van het besluit, voor subsidie als bedoeld in artikel 28, eerste lid, bedraagt: € 0,057 per kWh.

§ 3.5.1.3. Osmose

Artikel 32
1.

De minister verstrekt op aanvraag subsidie aan een producent van hernieuwbare elektriciteit geproduceerd door een productie-installatie waarmee hernieuwbare elektriciteit wordt gegenereerd uitsluitend ten gevolge van het verschil in zoutconcentratie tussen twee watermassa’s.

2.

Een aanvraag om subsidie wordt ingediend met gebruikmaking van het formulier dat is opgenomen in de bij deze regeling behorende bijlage 2.

Artikel 33
1.

Subsidie als bedoeld in artikel 32, eerste lid, wordt voor een periode van 15 jaar verstrekt.

2.

De subsidie-ontvanger neemt de productie-installatie, bedoeld in artikel 32, eerste lid, binnen 4 jaar na de datum van de beschikking tot subsidieverlening in gebruik.

Artikel 34

Het maximaal aantal vollasturen voor een productie-installatie als bedoeld in artikel 32, eerste lid, bedraagt 8000 uren per jaar.

Artikel 35

De basiselektriciteitsprijs, bedoeld in artikel 12 van het besluit, voor subsidie als bedoeld in artikel 32, eerste lid, bedraagt € 0,045 per kWh.

§ 3.5.1.4. Vrije stromingsenergie

Artikel 36
1.

De minister verstrekt op aanvraag subsidie aan een producent van hernieuwbare elektriciteit geproduceerd door een productie-installatie waarmee door hydro-mechanisch-elektrische omzetting hernieuwbare elektriciteit wordt geproduceerd uit potentiële dan wel kinetische energie van stromend water dat niet specifiek ten behoeve van de elektriciteitsproductie omhoog is gepompt in installaties met een valhoogte kleiner dan 50 centimeter.

2.

Een aanvraag om subsidie wordt ingediend met gebruikmaking van het formulier dat is opgenomen in de bij deze regeling behorende bijlage 2.

Artikel 37
1.

Subsidie als bedoeld in artikel 36, eerste lid, wordt voor een periode van 15 jaar verstrekt.

2.

De subsidie-ontvanger neemt de productie-installatie, bedoeld in artikel 36, eerste lid, binnen 4 jaar na de datum van de beschikking tot subsidieverlening in gebruik.

Artikel 38

Het maximaal aantal vollasturen voor een productie-installatie als bedoeld in artikel 36, eerste lid, bedraagt 2800 uren per jaar.

Artikel 39

De basiselektriciteitsprijs, bedoeld in artikel 12 van het besluit, voor subsidie als bedoeld in artikel 36, eerste lid, bedraagt € 0,045 per kWh.

§ 3.5.2. Vrije categorie fase 1

Artikel 40

Aanvragen om subsidie als bedoeld in:

worden ontvangen in de periode van 13 maart 2012, 9:00 uur, tot 1 mei 2012, 17:00 uur.

Artikel 41
1.

Het basisbedrag, bedoeld in artikel 11 van het besluit, voor subsidie als bedoeld in artikel 40, onderdelen a, b, f, g en h bedraagt in de periode, genoemd in artikel 40: € 0,070 per kWh.

2.

Het basisbedrag, bedoeld in artikel 11 van het besluit, voor subsidie als bedoeld in artikel 40, onderdelen c, d en e bedraagt in de periode, genoemd in artikel 40: € 0,088 per kWh.

§ 3.5.3. Vrije categorie fase 2

Artikel 42

Aanvragen om subsidie als bedoeld in:

worden ontvangen in de periode van 1 mei 2012, 17:00 uur, tot 18 juni 2012, 17:00 uur.

Artikel 43
1.

Het basisbedrag, bedoeld in artikel 11 van het besluit, voor subsidie als bedoeld in artikel 42, onderdelen a, b, f, g en h bedraagt in de periode, genoemd in artikel 42: € 0,090 per kWh.

2.

Het basisbedrag, bedoeld in artikel 11 van het besluit, voor subsidie als bedoeld in artikel 42, onderdelen c, d en e bedraagt in de periode, genoemd in artikel 42: € 0,113 per kWh.

§ 3.5.4. Vrije categorie fase 3

Artikel 44

Aanvragen om subsidie als bedoeld in:

worden ontvangen in de periode van 18 juni 2012, 17:00 uur, tot 3 september 2012, 17:00 uur.

Artikel 45
1.

Het basisbedrag, bedoeld in artikel 11 van het besluit, voor subsidie als bedoeld in artikel 44, onderdelen a, d, e en f bedraagt voor aanvragen ontvangen in de periode, genoemd in artikel 44: € 0,110 per kWh.

2.

Het basisbedrag, bedoeld in artikel 11 van het besluit, voor subsidie als bedoeld in artikel 44, onderdelen b en c bedraagt voor aanvragen ontvangen in de periode, genoemd in artikel 44: € 0,138 per kWh.

§ 3.5.5. Vrije categorie fases 4 en 5

Artikel 46

Aanvragen om subsidie als bedoeld in:

worden ontvangen in de periode van 3 september, 17:00 uur, tot 27 december 2012, 17:00 uur.

Artikel 47
1.

Het basisbedrag, bedoeld in artikel 11 van het besluit, voor subsidie als bedoeld in artikel 46, onderdeel a, bedraagt voor aanvragen ontvangen in de periode:

  • a. van 3 september 2012, 17:00 uur, tot 5 november 2012, 17:00 uur € 0,163 per kWh;
  • b. van 5 november 2012, 17:00 uur, tot 27 december 2012, 17:00 uur € 0,188 per kWh.
2.

Het basisbedrag, bedoeld in artikel 11 van het besluit, voor subsidie als bedoeld in artikel 46, onderdelen b, c en d, bedraagt voor aanvragen ontvangen in de periode:

  • a. van 3 september 2012, 17:00 uur, tot 5 november 2012, 17:00 uur € 0,130 per kWh;
  • b. van 5 november 2012, 17:00 uur, tot 27 december 2012, 17:00 uur € 0,150 per kWh.

§ 3.6. Correctiebedragen voorschotverlening productie van hernieuwbare elektriciteit

Artikel 48

De correcties op het basisbedrag voor subsidie voor een productie-installatie als bedoeld in het in de eerste kolom van onderstaande tabel genoemde artikel, worden voor 2012 vastgesteld voor wat betreft de elektriciteitsprijs, bedoeld in artikel 14, eerste lid, onderdeel a, van het besluit het in de tweede kolom genoemde bedrag in € per kWh en voor wat betreft de correcties, bedoeld in artikel 14, eerste lid, onderdelen b en c, het in het derde kolom genoemde bedrag in € per kWh.

1 2 3
artikel 4, eerste lid 0,052 0
artikel 9, eerste lid 0,052 0
artikel 14, eerste lid, onderdeel a 0,058 0
artikel 14, eerste lid, onderdeel b 0,059 0
artikel 14, eerste lid, onderdeel c 0,060 0
artikel 19, eerste lid 0,060 0
artikel 24, eerste lid 0,060964 0
artikel 28, eerste lid 0,057 0
artikel 32, eerste lid 0,052 0
artikel 36, eerste lid 0,052 0

§ 4. Hernieuwbaar gas

§ 4.1. Biomassavergisting

Artikel 49
1.

De minister verstrekt op aanvraag subsidie aan een producent van hernieuwbaar gas geproduceerd door:

  • a. een productie-installatie bestaande uit een vergistingsinstallatie en een installatie voor het opwerken van hernieuwbaar gas tot aardgaskwaliteit, waarmee hernieuwbaar gas wordt geproduceerd met gebruik van uitsluitend biogas uit allesvergisting;
  • b. een productie-installatie bestaande uit een vergistingsinstallatie en een installatie voor het opwerken van hernieuwbaar gas tot aardgaskwaliteit, waarmee hernieuwbaar gas wordt geproduceerd met gebruik van uitsluitend biogas uit vergisting en co-vergisting van dierlijke mest;
  • c. een productie-installatie waarmee hernieuwbaar gas wordt geproduceerd met gebruik van uitsluitend biogas uit allesvergisting die onderdeel uitmaakt van een groen gas hub voor de gezamenlijke invoeding van het hernieuwbaar gas op een gasnet;
  • d. een productie-installatie waarmee hernieuwbaar gas wordt geproduceerd met gebruik van uitsluitend biogas uit vergisting en co-vergisting van dierlijke mest die onderdeel uitmaakt van een groen gas hub voor de gezamenlijke invoeding van het hernieuwbaar gas op een gasnet.
2.

Productie-installaties als bedoeld in het eerste lid, onderdelen c en d, worden aangewezen als productie-installaties als bedoeld in de artikelen 32, vierde lid, en 56, eerste lid, tweede volzin, van het besluit.

3.

Aanvragen om subsidie als bedoeld in:

  • a. het eerste lid, onderdelen a en c, worden ontvangen in de periode van 1 mei 2012, 17:00 uur, tot 27 december 2012, 17:00 uur;
  • b. het eerste lid, onderdelen b en d, worden ontvangen in de periode van 18 juni 2012, 17:00 uur, tot 27 december 2012, 17:00 uur.
4.

Een aanvraag om subsidie wordt ingediend met gebruikmaking van het formulier dat is opgenomen in de bij deze regeling behorende bijlage 6.

Artikel 50
1.

Subsidie als bedoeld in artikel 49, eerste lid, wordt voor een periode van 12 jaar verstrekt.

2.

De subsidie-ontvanger neemt de productie-installatie, bedoeld in artikel 49, eerste lid, binnen 4 jaar na de datum van de beschikking tot subsidieverlening in gebruik.

Artikel 51

Het maximaal aantal vollasturen voor een productie-installatie bedoeld in artikel 49, eerste lid, bedraagt 8000 uren per jaar.

Artikel 52

Het basisbedrag, bedoeld in artikel 28 van het besluit, bedraagt voor subsidie als bedoeld in:

Artikel 53

De basisenergieprijs, bedoeld in artikel 29 van het besluit, voor subsidie als bedoeld in artikel 49, eerste lid, bedraagt € 0,187 per Nm3.

§ 4.2. Biomassavergisting hubs hernieuwbare warmte en hernieuwbare elektriciteit

Artikel 54
1.

De minister verstrekt op aanvraag subsidie aan een producent van hernieuwbaar gas geproduceerd door:

  • a. een productie-installatie waarmee hernieuwbaar gas wordt geproduceerd met gebruik van uitsluitend biogas uit allesvergisting die onderdeel uitmaakt van een groen gas hub waarmee hernieuwbare warmte wordt geproduceerd;
  • b. een productie-installatie waarmee hernieuwbaar gas wordt geproduceerd met gebruik van uitsluitend biogas uit vergisting en co-vergisting van dierlijke mest die onderdeel uitmaakt van een groen gas hub waarmee hernieuwbare warmte wordt geproduceerd;
  • c. een productie-installatie waarmee hernieuwbaar gas wordt geproduceerd met gebruik van uitsluitend biogas uit allesvergisting die onderdeel uitmaakt van een groen gas hub en waarbij het nominaal elektrisch vermogen ten minste 30% van de som van het nominale warmte en elektrisch vermogen bedraagt;
  • d. een productie-installatie waarmee hernieuwbaar gas wordt geproduceerd met gebruik van uitsluitend biogas uit vergisting en co-vergisting van dierlijke mest die onderdeel uitmaakt van een groen gas hub en waarbij het nominaal elektrisch vermogen ten minste 30% van de som van nominale warmte en elektrisch vermogen bedraagt.
2.

Productie-installaties als bedoeld in het eerste lid, worden aangewezen als productie-installaties als bedoeld in artikel 32, vijfde lid, en 56, eerste lid, tweede volzin, van het besluit.

3.

Aanvragen om subsidie als bedoeld in:

  • a. het eerste lid, onderdelen a tot en met c, worden ontvangen in de periode van 13 maart 2012, 9:00 uur, 17:00 uur, tot 27 december 2012, 17:00 uur;
  • b. het eerste lid, onderdeel d, worden ontvangen in de periode van 1 mei 2012, 17:00 uur, tot 27 december 2012, 17:00 uur.
4.

Een aanvraag om subsidie wordt ingediend met gebruikmaking van het formulier dat is opgenomen in de bij deze regeling behorende bijlage 3.

Artikel 55
1.

Subsidie als bedoeld in artikel 54, eerste lid, wordt voor een periode van 12 jaar verstrekt.

2.

De subsidie-ontvanger neemt de productie-installatie, bedoeld in artikel 54, eerste lid, binnen 4 jaar na de datum van de beschikking tot subsidieverlening in gebruik.

Artikel 56

Het maximaal aantal vollasturen bedraagt voor een productie-installatie bedoeld in:

Artikel 57

Het basisbedrag, bedoeld in artikel 28 van het besluit, bedraagt voor subsidie als bedoeld in:

Artikel 58
1.

De basisenergieprijs, bedoeld in artikel 29 van het besluit, voor subsidie als bedoeld in artikel 54, eerste lid, onderdelen a en b, bedraagt € 4,1 per GJ.

2.

De basisenergieprijs, bedoeld in artikel 29 van het besluit, voor subsidie als bedoeld in artikel 54, eerste lid, onderdelen c en d, bedraagt € 9,6 per GJ.

§ 4.3. Biomassavergassing

Artikel 59
1.

De minister verstrekt op aanvraag subsidie aan een producent van hernieuwbaar gas geproduceerd door een productie-installatie voor de productie van hernieuwbaar gas uit biomassa als bedoeld in de NTA 8003: 2008, met uitzondering van biomassa als bedoeld in de nummers 100, 150, 170 tot en met 179, 500, 550 tot en met 559 van de NTA 8003: 2008, door middel van vergassing.

2.

Een producent aan wie subsidie is verstrekt op grond van het eerste lid draagt er zorg voor dat ten minste 95% van de energetische waarde van de voor de productie gebruikte brandstof biogeen is.

3.

Aanvragen om subsidie als bedoeld in het eerste lid worden ontvangen in de periode van 5 november 2012, 17:00 uur, tot 27 december 2012, 17:00 uur.

4.

Een aanvraag om subsidie wordt ingediend met gebruikmaking van het formulier dat is opgenomen in de bij deze regeling behorende bijlage 6.

Artikel 60
1.

Subsidie als bedoeld in artikel 59, eerste lid, wordt voor een periode van 12 jaar verstrekt.

2.

De subsidie-ontvanger neemt de productie-installatie, bedoeld in artikel 59, eerste lid, binnen 4 jaar na de datum van de beschikking tot subsidieverlening in gebruik.

Artikel 61

Het maximaal aantal vollasturen voor een productie-installatie bedoeld in artikel 59, eerste lid, bedraagt 7500 uren per jaar.

Artikel 62

Het basisbedrag, bedoeld in artikel 28 van het besluit, bedraagt voor subsidie als bedoeld in artikel 59, eerste lid, in de periode genoemd in artikel 59, derde lid, € 0,975 per Nm3.

Artikel 63

De basisenergieprijs, bedoeld in artikel 29 van het besluit, voor subsidie als bedoeld in artikel 59, eerste lid, bedraagt € 0,187 per Nm3.

§ 4.4. Verlengde levensduur bestaande installaties

Artikel 64
1.

De minister verstrekt op aanvraag subsidie aan een producent van hernieuwbaar gas geproduceerd door een bestaande productie-installatie van ten minste 8,5 jaar oud:

  • a. waarmee hernieuwbaar gas wordt geproduceerd met gebruik van uitsluitend biogas uit allesvergisting;
  • b. waarmee hernieuwbaar gas wordt geproduceerd met gebruik van uitsluitend biogas uit vergisting en co-vergisting van dierlijke mest.
2.

Productie-installaties als bedoeld in het eerste lid worden aangewezen als productie-installaties als bedoeld in de artikelen 3, eerste lid, onderdeel d, en tweede lid, onderdeel a, 32, vierde lid, en 56, eerste lid, tweede volzin, van het besluit.

3.

Aanvragen om subsidie:

  • a. als bedoeld in het eerste lid, onderdeel a, worden ontvangen in de periode van 13 maart 2012, 9:00 uur, tot 27 december 2012, 17:00 uur;
  • b. als bedoeld in het eerste lid, onderdeel b, worden ontvangen in de periode van 1 mei 2012, 17:00 uur, tot 27 december 2012, 17:00 uur.
4.

Een aanvraag om subsidie wordt ingediend met gebruikmaking van het formulier dat is opgenomen in de bij deze regeling behorende bijlage 6.

Artikel 65
1.

Subsidie als bedoeld in artikel 64, eerste lid, wordt voor een periode van 12 jaar, die niet eerder ingaat dan nadat de aanvraag om subsidie is gedaan, verstrekt.

2.

De subsidie-ontvanger neemt de productie-installatie, bedoeld in artikel 64, eerste lid, binnen 3 jaar na de datum van de beschikking tot subsidieverlening opnieuw in gebruik.

Artikel 66

Het maximaal aantal vollasturen voor een productie-installatie als bedoeld in artikel 64, eerste lid, bedraagt 8.000 uren per jaar.

Artikel 67

Het basisbedrag, bedoeld in artikel 28 van het besluit, bedraagt voor subsidie als bedoeld in:

Artikel 68

De basisenergieprijs, bedoeld in artikel 29 van het besluit, voor subsidie als bedoeld in artikel 64, eerste lid, bedraagt € 0,187 per Nm3.

§ 4.5. Vrije categorie

§ 4.5.1. Vrije categorie fase 1

Artikel 69

Aanvragen om subsidie als bedoeld in:

worden ontvangen in de periode van 13 maart 2012, 9:00 uur, tot 1 mei 2012, 17:00 uur.

Artikel 70

Het basisbedrag, bedoeld in artikel 28 van het besluit, voor subsidie:

§ 4.5.2. Vrije categorie fase 2

Artikel 71

Aanvragen om subsidie als bedoeld in:

worden ontvangen in de periode van 1 mei 2012, 17:00 uur, tot 18 juni 2012, 17:00 uur.

Artikel 72

Het basisbedrag, bedoeld in artikel 28 van het besluit, voor subsidie als bedoeld in artikel 71 bedraagt in de periode, genoemd in artikel 71: € 0,6207 per Nm3.

§ 4.5.3. Vrije categorie fases 3 en 4

Artikel 73

Aanvragen om subsidie als bedoeld in artikel 59, eerste lid, worden ontvangen in de periode van 18 juni 2012, 17:00 uur, tot 5 november 2012, 17:00 uur.

Artikel 74

Het basisbedrag, bedoeld in artikel 28 van het besluit, voor subsidie als bedoeld in artikel 73 bedraagt voor aanvragen ontvangen in de periode:

  • a. van 18 juni 2012, 17:00 uur, tot 3 september 2012, 17:00 uur € 0,7586 per Nm3;
  • b. van 3 september 2012, 17:00 uur, tot 5 november 2012, 17:00 uur € 0,8965 per Nm3.

§ 4.6. Correctiebedragen voorschotverlening productie van hernieuwbaar gas

Artikel 75

De correcties op het basisbedrag voor subsidie voor een productie-installatie als bedoeld in het in de eerste kolom genoemde artikel, worden voor 2012 vastgesteld voor wat betreft de gasprijs, bedoeld in artikel 31, eerste lid, onderdeel a, van het besluit het in de tweede kolom genoemde bedrag en voor wat betreft de correcties, bedoeld in artikel 31, eerste lid, onderdelen b en c, het in het derde kolom genoemde bedrag.

1 2 3
artikel 49, eerste lid € 0,247 per Nm3 € 0 per Nm3
artikel 54, eerste lid, onderdeel a € 5,5 per GJ € 0 per GJ
artikel 54, eerste lid, onderdeel b € 5,5 per GJ € 0 per GJ
artikel 54, eerste lid, onderdeel c € 11,4 per GJ € 0 per GJ
artikel 54, eerste lid, onderdeel d € 11,4 per GJ € 0 per GJ
artikel 59, eerste lid € 0,247 per Nm3 € 0 per Nm3
artikel 64, eerste lid € 0,247 per Nm3 € 0 per Nm3

§ 5. Hernieuwbare warmte en gecombineerde opwekking van hernieuwbare elektriciteit en hernieuwbare warmte

§ 5.1. Ketel vaste biomassa warmte

Artikel 76
1.

De minister verstrekt op aanvraag subsidie aan een producent van hernieuwbare warmte geproduceerd door een ketel met een nominaal thermisch vermogen groter dan of gelijk aan 0,5 MW, voor de productie van warmte uit verbranding van vaste of vloeibare biomassa als bedoeld in de NTA 8003: 2008, met uitzondering van biomassa als bedoeld in de nummers 100, 150, 170 tot en met 179, 500, 550 tot en met 559 van de NTA 8003: 2008.

2.

Een producent aan wie subsidie is verstrekt op grond van het eerste lid draagt er zorg voor dat ten minste 95% van de energetische waarde van de voor de productie gebruikte brandstof biogeen is.

3.

De minister verstrekt uitsluitend subsidie als bedoeld in het eerste lid voor productie van hernieuwbare warmte met behulp van vloeibare biomassa indien de producent aantoont dat de gebruikte vloeibare biomassa voldoet aan de duurzaamheidscriteria, bedoeld in artikel 17, eerste lid, van de richtlijn hernieuwbare energie.

4.

Aanvragen om subsidie als bedoeld in het eerste lid worden ontvangen in de periode van 13 maart 2012, 9:00 uur, tot 27 december 2012, 17:00 uur.

5.

Een aanvraag om subsidie wordt ingediend met gebruikmaking van het formulier dat is opgenomen in de bij deze regeling behorende bijlage 3.

Artikel 77
1.

Subsidie als bedoeld in artikel 76, eerste lid, wordt voor een periode van 12 jaar verstrekt.

2.

De subsidie-ontvanger neemt de productie-installatie, bedoeld in artikel 76, eerste lid, binnen 4 jaar na de datum van de beschikking tot subsidieverlening in gebruik.

Artikel 78

Het maximaal aantal vollasturen voor een productie-installatie bedoeld in artikel 76, eerste lid, bedraagt 7000 uren per jaar.

Artikel 79

Het basisbedrag, bedoeld in artikel 44 van het besluit, bedraagt voor subsidie als bedoeld in artikel 76, eerste lid, in de periode genoemd in artikel 76, vierde lid, € 10,9 per GJ.

Artikel 80

De basisenergieprijs, bedoeld in artikel 45 van het besluit, voor subsidie als bedoeld in artikel 76, eerste lid, bedraagt € 7,0 per GJ.

§ 5.2. Geothermie warmte

Artikel 81

De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.

Deze tekst wordt gepubliceerd onder de eigen hergebruiksvoorwaarden van BWB, niet onder een licentie van Legalize of van het publieke domein. BWB
CC0 1.0 Universeel (publiek domein)