Regeling van de Staatssecretaris van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap van 19 september 2012, nr. WJZ/387165 (10152), houdende regels voor de verstrekking van subsidie voor de instandhouding van rijksmonumenten (Subsidieregeling instandhouding monumenten)
Bijlage. als bedoeld in artikel 4 van de Subsidieregeling instandhouding monumenten
Hoofdstuk 1.1. Algemene bepalingen subsidiabele kosten
Leidraad subsidiabele instandhoudingskosten
Indieningsvereisten bij grotere ingrepen
Indieningsvereisten bij grotere ingrepen
Zelfwerkzaamheid
Informatie en toegang voor publiek
Eerst wordt het honorariumpercentage bepaald aan de hand van het hiernavolgende overzicht, waarin dat percentage is gerelateerd aan de totale instandhoudingskosten/ bouwsom. Vervolgens wordt het subsidiabele honorariumbedrag berekend door het gevonden honorariumpercentage te vermenigvuldigen met de subsidiabele kosten.
Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.
Artikel 42e. Aanpassing subsidieplafond 2020
Vervallen
Bijlage. als bedoeld in artikel 4 van de Subsidieregeling instandhouding monumenten
Hoofdstuk 1.2. Uitwerking algemene bepalingen
Hoofdstuk 1.1. Algemene bepalingen subsidiabele kosten
Informatie en toegang voor publiek
Bij instandhoudingsplannen is begeleiding door een architect/bouwkundige/groenbeheerder/ archeoloog subsidiabel voor zover die begeleiding uit de volgende werkzaamheden bestaan:
Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.
Artikel 42f. Structurele verhoging subsidieplafonds monumenten met hoge subsidiabele kosten of hoge herbouwwaarde
Vervallen
Bijlage. als bedoeld in artikel 4 van de Subsidieregeling instandhouding monumenten
Hoofdstuk 1.2. Uitwerking algemene bepalingen
Hoofdstuk 1.2. Uitwerking algemene bepalingen
Hoofdstuk 1.3. Subsidiabele kosten
Bij instandhoudingsplannen is begeleiding door een architect/bouwkundige/groenbeheerder/ archeoloog subsidiabel voor zover die begeleiding uit de volgende werkzaamheden bestaan:
Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.
Hoofdstuk 2a. Subsidieverstrekking voor verduurzamingsonderzoeken
Bijlage. als bedoeld in artikel 4 van de Subsidieregeling instandhouding monumenten
Hoofdstuk 1.2. Uitwerking algemene bepalingen
Hoofdstuk 1.3. Subsidiabele kosten
De totale kosten van de begeleiding van de uitvoering van een instandhoudingsplan, over de planperiode van zes jaar gerekend, zijn aan een maximum gebonden.
Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.
Artikel 29a. Kaderregeling subsidies OCW, SZW en VWS
De Kaderregeling subsidies OCW, SZW en VWS is niet van toepassing op de subsidies die op grond van dit hoofdstuk worden verstrekt.
Artikel 29b. Subsidieverstrekking verduurzamingsonderzoek
De Minister kan subsidie verstrekken voor het uitvoeren van een verduurzamingsonderzoek voor een rijksmonument of zelfstandig onderdeel.
De Minister verstrekt een subsidie voor een verduurzamingsonderzoek uitsluitend als aanvulling op een subsidie als bedoeld in artikel 2.
Artikel 29c. Subsidieplafonds en verdeelcriteria
Voor subsidieverstrekking op grond van dit hoofdstuk is:
- a. in 2022 een bedrag van ten hoogste € 1.200.000 beschikbaar;
- b. in 2023 een bedrag van ten hoogste € 1.600.000 beschikbaar;
- c. in 2024 een bedrag van ten hoogste € 1.600.000 beschikbaar;
- d. in 2025 een bedrag van ten hoogste € 342.500 beschikbaar;
- e. in 2026 een bedrag van ten hoogste € 1.600.000 beschikbaar; en
- f. in 2027 een bedrag van ten hoogste € 1.600.000 beschikbaar.
Indien een beschikbaar bedrag als bedoeld in het eerste lid, onderdelen a, b, c, d, e of f, niet geheel wordt verstrekt, wordt het resterende bedrag toegevoegd aan het subsidieplafond voor het daaropvolgende kalenderjaar.
De verdeling van de subsidie vindt plaats in dezelfde volgorde als die waarin op grond van artikel 14 op de aanvragen wordt beslist.
Artikel 29d. Subsidiabele kosten
Subsidiabel zijn de kosten van een verduurzamingsonderzoek dat voldoet aan de eisen, bedoeld in artikel 29g. Voor de subsidieverlening wordt een vast bedrag van € 4.000 aan subsidiabele kosten in aanmerking genomen.
Indien de eigenaar die subsidie aanvraagt voor een verduurzamingsonderzoek, niet beschikt over een rapport over de monumentale waarden van het rijksmonument als bedoeld in artikel 29g, eerste lid, dan kan hij in de meerjarenbegroting, bedoeld in artikel 10, eerste lid, onder b, ook de kosten van het doen opstellen van een dergelijk rapport opnemen. Deze kosten zijn in dat geval subsidiabel in het kader van de aanvraag voor een subsidie als bedoeld in artikel 2, ongeacht of de subsidie voor het verduurzamingsonderzoek wordt toegekend.
Ten aanzien van het verduurzamingsonderzoek en het rapport over de monumentale waarden van het rijksmonument is hoofdstuk 1.1, onderdeel f, van de bijlage bij deze regeling niet van toepassing, met dien verstande dat een verduurzamingsonderzoek uitsluitend voor subsidie in aanmerking komt, indien het onderzoek nog niet is afgerond op het moment van de subsidieaanvraag.
Artikel 29e. Subsidiebedrag
Ten aanzien van het percentage van de subsidiabele kosten, waarvoor subsidie wordt verstrekt, is artikel 13 van overeenkomstige toepassing.
Artikel 29f. Subsidieaanvraag
Een aanvraag om subsidie voor een verduurzamingsonderzoek kan uitsluitend tezamen worden gedaan met de aanvraag voor een subsidie als bedoeld in artikel 2.
Artikel 29g. Eisen verduurzamingsonderzoek
Een verduurzamingsonderzoek wordt uitgevoerd volgens de daarvoor in de beroepsgroep geldende normen, met dien verstande dat daarbij rekening wordt gehouden met de monumentale waarden op basis van een door een bouw- of architectuurhistoricus opgesteld rapport over de aanwezige monumentale waarden.
Via de website www.cultureelerfgoed.nl wordt een nadere specificatie beschikbaar gesteld van de inhoud van het op te maken verduurzamingsrapport.
Artikel 29h. Subsidieverplichtingen
Artikel 17 is van overeenkomstige toepassing op een subsidie die op grond van dit hoofdstuk is verstrekt.
Artikel 29i. Verlening en weigeringsgrond
De Minister beslist op de aanvraag om subsidie voor een verduurzamingsonderzoek, gelijktijdig met de aanvraag voor de subsidie, bedoeld in artikel 2, voor het desbetreffende rijksmonument of het zelfstandige onderdeel. De subsidie wordt als één totaalbedrag verleend.
Onverminderd artikel 7.6 van de Erfgoedwet wordt een aanvraag om subsidie voor een verduurzamingsonderzoek in ieder geval geweigerd, voor zover aan de eigenaar voor het verduurzamingsonderzoek reeds uit anderen hoofde rijkssubsidie is verstrekt.
Artikel 29j. Verantwoording en vaststelling
De eigenaar verantwoordt de subsidie voor het verduurzamingsonderzoek als onderdeel van de verantwoording van de subsidie, bedoeld in artikel 2, voor het desbetreffende rijksmonument of het zelfstandige onderdeel. Voor het toe te passen verantwoordingsregime, genoemd in de artikelen 23 tot en met 25, alsmede voor de toepassing van artikel 26, worden het subsidiebedrag dat uit hoofde van artikel 2 wordt verstrekt en het bedrag van de subsidie voor het verduurzamingsonderzoek als één totaalbedrag in aanmerking genomen.
De artikelen 27 tot en met 29 zijn van overeenkomstige toepassing.
Artikel 29k. Bevoorschotting
Artikel 15 is van overeenkomstige toepassing op een subsidie die op grond van dit hoofdstuk is verstrekt, met dien verstande dat voor de toepassing van dat artikel het subsidiebedrag dat uit hoofde van artikel 2 wordt verstrekt en het bedrag van de subsidie voor het verduurzamingsonderzoek als één totaalbedrag in aanmerking worden genomen.
Hoofdstuk 4. Slotbepalingen
Bijlage. als bedoeld in artikel 4 van de Subsidieregeling instandhouding monumenten
Technisch noodzakelijk, sober en doelmatig
3. Tabel voor de berekening van de toeslag voor het vervaardigen van aanvullende stukken (niet van toepassing op normaal onderhoud als bedoeld in de Sim)
2. Tabel voor de berekening van het honorarium inzake de planbegeleiding
Het subsidiabele honorariumbedrag voor de begeleiding wordt als volgt vastgesteld:
3. Tabel voor de berekening van de toeslag voor het vervaardigen van aanvullende stukken (niet van toepassing op normaal onderhoud als bedoeld in de Sim)
Indien de instandhoudingswerkzaamheden ingrijpender herstel of grote ingrepen omvatten, zijn aanvullende, meer gedetailleerde stukken nodig om het instandhoudingsplan goed te kunnen beoordelen. Welke aanvullende stukken dat betreft, hangt af van het uit te voeren werk. In dit verband wordt verwezen naar de toelichting op het aanvraagformulier.
Indien de instandhoudingswerkzaamheden ingrijpender herstel of grote ingrepen omvatten, zijn aanvullende, meer gedetailleerde stukken nodig om het instandhoudingsplan goed te kunnen beoordelen. Welke aanvullende stukken dat betreft, hangt af van het uit te voeren werk. In dit verband wordt verwezen naar de toelichting op het aanvraagformulier of de website van de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed www.cultureelerfgoed.nl, onder het onderwerp Subsidieregeling instandhouding monumenten.
Voor het (laten) vervaardigen van de benodigde aanvullende stukken mag de architect/bouwkundige/groenbeheerder/archeoloog boven op het honorarium een toeslag berekenen. De totale som (plankosten, begeleidingskosten en toeslag) is aan een maximum gebonden conform onderstaande tabel.
Grondslagen voor de berekening van de gemiddelde loonkosten van aannemers en onderaannemers zijn:
Grondslagen voor de berekening van de gemiddelde loonkosten van aannemers en onderaannemers zijn:
Subsidiabele gemiddelde (bouwplaats)uurloon:
Het actuele subsidiabele gemiddelde uurloon staat vermeld op de website van de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed www.cultureelerfgoed.nl.
Het gemiddelde uurloon is inclusief twee reisuren maar exclusief algemene bouwplaatskosten, algemene bedrijfskosten, winst + risico en btw.
De kosten van een aannemer zijn te verdelen in directe en indirecte kosten.
Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.
Artikel 42g. Aanpassing subsidieplafond 2023
Vervallen
Bijlage. als bedoeld in artikel 4 van de Subsidieregeling instandhouding monumenten
3. Tabel voor de berekening van de toeslag voor het vervaardigen van aanvullende stukken (niet van toepassing op normaal onderhoud als bedoeld in de Sim)
2. Tabel voor de berekening van het honorarium inzake de planbegeleiding
Eerst wordt het honorariumpercentage bepaald aan de hand van het hiernavolgende overzicht, waarin dat percentage is gerelateerd aan de totale instandhoudingskosten/ bouwsom. Vervolgens wordt het subsidiabele honorariumbedrag berekend door het gevonden honorariumpercentage te vermenigvuldigen met de subsidiabele kosten.
3. Tabel voor de berekening van de toeslag voor het vervaardigen van aanvullende stukken (niet van toepassing op normaal onderhoud als bedoeld in de Sim)
De kosten van een aannemer zijn te verdelen in directe en indirecte kosten.
Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.
Artikel 42h. Aanpassing subsidieplafond 2024
Vervallen
Bijlage. als bedoeld in artikel 4 van de Subsidieregeling instandhouding monumenten
2. Tabel voor de berekening van het honorarium inzake de planbegeleiding
4. Grondslagen voor de berekening van het bouwplaatsuurloon
4. Grondslagen voor de berekening van het bouwplaatsuurloon
Directe kosten:
Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.
Artikel 3a. Verhoging subsidieplafonds monumenten met hoge subsidiabele kosten of hoge herbouwwaarde
Vervallen
§ 2.2. Aanvraag
§ 2.3. Verlening
§ 2.4. Verplichtingen van de subsidieontvanger
§ 2.5. Verantwoording en vaststelling
Hoofdstuk 4. Slotbepalingen
Artikel 42i. Aanpassing subsidieplafond 2025
In 2025 wordt bij toepassing van artikel 14, tweede lid:
- a. aan het budget voor overige rijksmonumenten, bedoeld in artikel 3, eerste lid, onderdeel c, met een herbouwwaarde van minder dan € 8,3 miljoen, een bedrag van € 10 miljoen toegevoegd; en
- b. aan het budget voor overige rijksmonumenten, bedoeld in artikel 3, eerste lid, onderdeel c, met een herbouwwaarde van € 8,3 miljoen of meer, een bedrag van € 17,28 miljoen toegevoegd.
Indien in 2025 na toepassing van artikel 14, eerste lid, onderdelen a of b, geen middelen meer beschikbaar zijn, is het eerste lid van overeenkomstige toepassing.
In 2025 wordt aan het budget voor archeologische rijksmonumenten, bedoeld in artikel 3, eerste lid, onderdeel a, een bedrag van € 3,5 miljoen toegevoegd.
Bijlage. als bedoeld in artikel 4 van de Subsidieregeling instandhouding monumenten
3. Tabel voor de berekening van de toeslag voor het vervaardigen van aanvullende stukken (niet van toepassing op normaal onderhoud als bedoeld in de Sim)
5. Grondslagen voor de opbouw van de algemene bouwplaatskosten
Tot de directe kosten van een bouwwerk behoren de kosten van de daarin te verwerken materialen en het daarbij behorende loon van het personeel. Onder de directe kosten worden voor instandhoudingswerkzaamheden ook begrepen de kosten van eventuele onderaannemers en steigerwerk.
Indirecte kosten:
De indirecte kosten zijn de kosten van de hulpmiddelen en de organisatie die nodig zijn om het bouwwerk tot stand te brengen.
De indirecte kosten worden verdeeld in:
Normen voor subsidiabele aannemerskosten:
Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.
Artikel 3b. Verhoging subsidieplafond grote overige rijksmonumenten specifiek voor kerkgebouwen
Nadat de middelen, bedoeld in artikel 3, eerste lid, zijn verdeeld, wordt aan het budget voor overige rijksmonumenten, bedoeld in artikel 3, eerste lid, onderdeel c, met een herbouwwaarde van € 8,3 miljoen of meer, een bedrag van € 5 miljoen toegevoegd voor kerkgebouwen.
Indien het bedrag, bedoeld in het eerste lid, in enig jaar niet volledig wordt verleend ten behoeve van kerkgebouwen, wordt het resterende bedrag toegevoegd aan het bedrag dat op grond van het eerste lid voor het daaropvolgende jaar beschikbaar is.
§ 2.2. Aanvraag
§ 2.3. Verlening
§ 2.4. Verplichtingen van de subsidieontvanger
§ 2.5. Verantwoording en vaststelling
Hoofdstuk 2a. Subsidieverstrekking voor verduurzamingsonderzoeken
Hoofdstuk 3. Aanwijzing van professionele organisaties
Hoofdstuk 4. Slotbepalingen
Bijlage. als bedoeld in artikel 4 van de Subsidieregeling instandhouding monumenten
Hoofdstuk 2. Tabellen en grondslagen voor berekeningen
4. Grondslagen voor de berekening van het bouwplaatsuurloon
5. Grondslagen voor de opbouw van de algemene bouwplaatskosten
De onderdelen c, d en e bij elkaar vormen een opslag van maximaal 20%.
Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.
Artikel 42j. Aanpassing subsidieplafond 2026
In 2026 wordt bij toepassing van artikel 14, tweede lid, aan het budget voor overige rijksmonumenten, bedoeld in artikel 3, eerste lid, onderdeel c, met een herbouwwaarde van € 8,3 miljoen of meer, een bedrag van € 1,5 miljoen toegevoegd.
Indien in 2026 na toepassing van artikel 14, eerste lid, onderdelen a of b, geen middelen meer beschikbaar zijn, is het eerste lid van overeenkomstige toepassing.
Bijlage. als bedoeld in artikel 4 van de Subsidieregeling instandhouding monumenten
Algemeen
1. Tabel voor de berekening van het honorarium inzake het opstellen van een instandhoudingsplan
4. Grondslagen voor de berekening van het bouwplaatsuurloon
5. Grondslagen voor de opbouw van de algemene bouwplaatskosten
Omvatten de instandhoudingswerkzaamheden ook ingrijpender herstel of grote ingrepen dan dient de begroting van de aannemer of de architect, archeoloog of ingenieur voor de beoordeling van de subsidiabele kosten, alleen voor zover het de ingrijpende werkzaamheden betreft, gespecificeerd te zijn in onder andere eenheden, uren, materiaal- en materieelkosten, stel- en verrekenposten.
Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.
De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.
Deze tekst wordt gepubliceerd onder de eigen hergebruiksvoorwaarden van BWB, niet onder een licentie van Legalize of van het publieke domein.
BWB
CC0 1.0 Universeel (publiek domein)