Wijzigingsgeschiedenis

Besluit van de Minister voor Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking van 8 september 2016, nr. MinBuZa-2016.56930, tot vaststelling van beleidsregels en een subsidieplafond voor subsidiëring op grond van de Subsidieregeling Ministerie van Buitenlandse Zaken 2006 (Voice 2016–2020 Fonds)

5 versions · 2019-11-29
2019-11-29
Besluit vaststelling beleidsregels en subsidieplafond subsidiëring ex S
2018-02-06
Besluit vaststelling beleidsregels en subsidieplafond subsidiëring ex S
2016-11-10
Besluit vaststelling beleidsregels en subsidieplafond subsidiëring ex S
2016-09-17
Besluit vaststelling beleidsregels en subsidieplafond subsidiëring ex S

Wijzigingen op 2016-09-17

@@ -271,83 +271,3 @@
### Bijlage A. Categorieën, potentiële aanvragers en aanvraagmogelijkheden
Dit besluit zal met de bijlage in de Staatscourant worden geplaatst.
### 4.2.3. Subsidies voor beïnvloeding
Naast de algemene criteria zullen subsidieaanvragen voor beïnvloeding worden beoordeeld op de volgende criteria:
### 4.2.4. Subsidies voor leren en innoveren
Naast de algemene criteria zullen subsidieaanvragen voor leren en innoveren worden beoordeeld op de volgende criteria:
### 4.2.5. Subsidies voor onvoorziene kansen
**Vertegenwoordiging van de doelgroep:**de mate waarin het project en de organisatie de Voice-doelgroep betrekken en vertegenwoordigen.
### 4.3. Beoordeling van de organisatie
Om voor subsidie in aanmerking te kunnen komen, dient de organisatorische kwaliteit van de (hoofd)aanvrager van voldoende niveau te zijn. De beoordeling van de organisatie moet volledig uitgevoerd worden. Mochten er tekortkomingen zijn, dan worden die aan de aanvrager gecommuniceerd, zodat een plan voor capaciteitsontwikkeling kan worden opgesteld om eventueel met Voice-subsidie uit te voeren. Organisaties die als te risicovol worden beoordeeld, komen niet voor financiering in aanmerking. Bij de beoordeling wordt aandacht besteed aan de volgende onderwerpen: governance en integriteit, financieel management, human resources en programma- en projectmanagement.
### Subsidies voor empowerment
Aanvragers van subsidies voor empowerment worden beoordeeld op basis van de volgende criteria:
### Subsidies voor beïnvloeding (ten minste € 25.000 en ten hoogste € 200.000, voor een project in een land), en onvoorziene kansen (ten minste € 25.000 en ten hoogste € 200.000, voor een project in een land)
### Subsidies voor leren en innoveren (ten minste € 5.000 en ten hoogste € 200.000, voor projecten in een land en voor internationale projecten), subsidies voor beïnvloeding (groter dan € 200.000 en ten hoogste € 500.000, voor een internationaal project) en subsidies voor onvoorziene kansen (ten minste € 25.000 en ten hoogste € 200.000, voor een internationaal project)
**Naast** de criteria die gelden voor aanvragers van subsidie voor empowerment, gelden er voor aanvragers van een subsidie voor leren en innoveren op nationaal en/of internationaal niveau, voor beïnvloeding op internationaal niveau of onvoorziene kansen op internationaal niveau binnen de hierboven genoemde financiële marges de volgende **extra** criteria:
### Bijlage A. Categorieën, potentiële aanvragers en aanvraagmogelijkheden
Dit besluit zal met de bijlage in de Staatscourant worden geplaatst.
Empowerment is een proces dat mensen zeggenschap geeft over hun leven en hen in staat stelt eigen beslissingen te nemen, met andere woorden, dat hen de mogelijkheid geeft om strategische keuzes te maken over zaken die van invloed zijn op hun leven. Het is belangrijk om in te zien dat onder bepaalde omstandigheden zaken als gender, kaste, etniciteit, bezit en inkomen, familie en leeftijd van grote invloed kunnen zijn op de zeggenschap van het individu. Welke empowerment-strategie de meeste kans van slagen heeft, is daarom sterk afhankelijk van de context.
Er is voor de meest gemarginaliseerde en gediscrimineerde groepen een belangrijke rol weggelegd bij het identificeren van zaken die inclusiviteit in de weg staan en de lobby om daar iets tegen te doen. Mensen die worden uitgesloten missen vaak de eigenwaarde en het zelfvertrouwen om hun rechten te claimen. Gemarginaliseerde en gediscrimineerde groepen worden mondiger als ze ervan overtuigd worden dat zij het recht hebben om zich in het openbaar uit te spreken en gehoord te worden. Met ondersteuning kunnen zij zich organiseren en vanuit die positie hun stem laten horen en hun recht op inclusiviteit opeisen. Op die manier krijgen deze groepen meer invloed op beslissingen die hen direct aangaan. Voice is gericht op zowel het individuele als het collectieve empowerment-proces. Bij het individuele proces gaat het om werken aan meer eigenwaarde, een sine qua non voor het collectieve proces. Bij het collectieve proces gaat het erom dat mensen hun recht op vrijheid van meningsuiting, vrijheid van vereniging en vrijheid van vreedzame vergadering kunnen inzetten om hun stem te laten horen en de besluitvorming te beïnvloeden.
### 2. Beleidsbeginselen van Voice
### 2.1. Doel en beleidsthema’s
1 De voornaamste bronnen die zijn gebruikt: Wereldbank, World Report on Disability, 2011 and World Development Indicators, 2015; UN Enable, 2015, UNESCO EFA Flagship Initiative, VN-commissaris voor de mensenrechten; Rapport over discriminatie van en geweld tegen LGBT, 2015, Wereld Gezondheidsorganisatie; onderzoek van de Wereld Gezondheidsorganisatie naar de gezondheid van vrouwen en huiselijk geweld en een contextanalyse van de tien landen van het VOICE consortium.
### Ongelijkheid: gender en jeugd
De thema’s vallen samen met de economische, sociale en ruimtelijke dimensies van marginalisatie; ze bieden subsidieontvangers ruimte voor hun eigen focus in de specifieke context van hun land. Subsidies kunnen ook worden ingezet om isolement te doorbreken en te werken aan zelfacceptatie en zelfvertrouwen.
### 2.2. Subsidiecategorieën
Voor iedere subsidiecategorie wordt een eigen procedure voor het indienen en beoordelen van aanvragen gehanteerd, evenals rapportageverplichtingen. Voor subsidies boven de € 25.000 gelden strengere voorwaarden en rapportageverplichtingen om het risico te beperken en verantwoording zeker te stellen conform de rijksbreed geldende [Aanwijzingen voor subsidieverstrekking](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0027023) (Uniform SubsidieKader) en het RUS (raamwerk voor uitvoering van subsidies).5Regeling van de Minister-President, Minister van Algemene Zaken, van 15 december 2009, nr. 3086451, houdende vaststelling van Aanwijzingen voor subsidieverstrekking, Stcrt. 2009, nr. 20306.
### 2.3. Het verstrekken van Voice-financiering
De subsidies van Voice zijn bestemd voor organisaties in: Cambodja, Indonesië, Kenia, Laos, Mali, Niger, Nigeria, de Filippijnen, Tanzania en Uganda. De nadruk komt te liggen op landelijke subsidieopenstellingen, maar er zijn ook fondsen (ten hoogste 25% van het totale subsidiebudget) beschikbaar voor internationale en regionale subsidieopenstellingen.
Maatschappelijke organisaties waarmee het Ministerie van Buitenlandse Zaken een strategisch partnerschap is aangegaan in het kader van het beleidskader Samenspraak en Tegenspraak en Power of Voices, dan wel die deel uitmaken, hetzij als penvoerder, hetzij als mede-indiener, van een alliantie waarmee het Ministerie van Buitenlandse Zaken een dergelijk partnerschap is aangegaan, komen niet als aanvrager, hoofdaanvrager of mede-indiener in aanmerking voor een subsidie in het kader van Voice. Organisaties die reeds een bijdrage ontvangen van een dergelijke maatschappelijke organisatie zijn niet uitgesloten van financiering in het kader van Voice, mits de Voice-subsidieaanvraag betrekking heeft op andere activiteiten dan die waarvoor reeds een dergelijke bijdrage wordt ontvangen.
### 3. Beoordelingsprocedure
### 3.1. Beoordelingscriteria
De criteria worden in hoofdstuk 4 nader toegelicht.
### 3.2. Beoordeling
De beoordeling van subsidieaanvragen voor activiteiten bedoeld in [artikel 2, derde lid, sub a, c en d](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0038516&artikel=2&z=2019-11-29&g=2019-11-29), vindt doorlopend plaats voor de kleine empowerment en onvoorziene kansen subsidies terwijl voor de andere subsidies er strikte deadlines zijn. De aanvragen worden beoordeeld op grond van de criteria zoals vastgesteld in deze beleidsregels, inclusief de minimale criteria. Alleen aanvragen die aan de criteria voldoen, kunnen in aanmerking komen voor subsidie, indien en voor zover de beschikbare middelen nog niet zijn uitgeput in verband met eerder ingediende en gehonoreerde aanvragen. De fondsmanager neemt binnen 13 weken na ontvangst van een complete aanvraag een besluit op de aanvraag.
### 3.2.4. Verdeling van de beschikbare middelen
Indien onvoldoende middelen beschikbaar zijn om alle aanvragen die van voldoende kwaliteit zijn te honoreren, worden deze aanvragen gerangschikt op basis van de uitkomsten van de projecttoets van deze aanvragen. De omvang van de subsidie die zij ontvangen zal afhangen van de mate waarin zij aan de criteria voldoen, binnen het raam van een evenwichtige spreiding als bedoeld in [artikel 8, derde lid, sub d, van het Subsidiebesluit Ministerie van Buitenlandse Zaken](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0018039&artikel=8).
### 3.3. Aanvraagprocedure
### 4.2.2. Subsidie voor empowerment
### 4.2.4. Subsidies voor leren en innoveren
### 4.3. Beoordeling van de organisatie
### Subsidies voor beïnvloeding (ten minste € 25.000 en ten hoogste € 200.000, voor een project in een land), en onvoorziene kansen (ten minste € 5.000 en ten hoogste € 200.000, voor een project in een land)
Dit besluit zal met de bijlage in de Staatscourant worden geplaatst.
2016-09-17
Besluit vaststelling beleidsregels en subsidieplafond subsidiëring e
original version Tekst op deze datum