Toezichtbeleid erkenninghouders RDW 2017

Type ZBO-regeling
Publication 2017-04-01
State In force
Source BWB
artikelen 2
Wijzigingsgeschiedenis JSON API

De erkenning tenaamstelling wordt verleend aan een natuurlijk persoon of rechtspersoon. Deze natuurlijk of rechtspersoon wordt aangeduid als de ‘erkenninghouder’. De erkenninghouder staat ingeschreven bij de Kamer van Koophandel. Alleen de erkenninghouder tenaamstelling krijgt een bedrijfsnummer toegekend, de afzonderlijke loketten niet. De loketten die onderdeel uitmaken van het landelijk dekkend netwerk van loketten van deze erkenninghouder, voeren de dienstverlening uit onder de verantwoordelijkheid en aansprakelijkheid van de erkenninghouder tenaamstelling. Bij overtredingen wordt de erkenninghouder gesanctioneerd. Omdat ook de kwaliteit per loket wordt beoordeeld, kan een eventuele sanctie inhouden dat de erkenninghouder aan een bepaald loket of door bepaalde medewerkers de handelingen behorend bij de erkenning niet meer mag uitvoeren.

Hoofdstuk 2. – Positie van de RDW

2.1. Basis van het toezicht

De RDW houdt toezicht op de verleende erkenning tenaamstelling. De basis van het toezicht is vastgelegd in de Wegenverkeerswet 1994, het Kentekenreglement en de Regeling erkenning tenaamstelling.

2.2. Wijze van toezicht houden

Zie Algemeen deel. Daarnaast houdt de RDW toezicht op de erkenning tenaamstelling en de bijbehorende loketten door middel van een accountantscontrole, administratieve controles en indien nodig fysieke controles. Bovendien wordt bij het toezicht gebruik gemaakt van onder andere signaleringen van andere instanties zoals de Belastingdienst en Douane ten behoeve van Risico Gestuurd Toezicht.

Risico Gestuurd Toezicht houdt kortgezegd in dat erkende bedrijven waar overtredingen geconstateerd zijn vaker het onderwerp van toezicht zullen zijn. Bedrijven die minder goed of slecht presteren op het gebied van naleving van de regels zullen vaker gecontroleerd worden dan bedrijven die aantoonbaar de regels en instructies goed naleven.

Ingeval u niet voldoet aan de gestelde voorwaarden dan heeft de RDW de mogelijkheid om te interveniëren. Met nadruk wordt gesteld dat overtredingen die worden geconstateerd bij de loketten aan u worden toegerekend. U heeft na constatering de verplichting om de noodzakelijke maatregelen te treffen om structureel verbeteringen door te voeren.

2.3. Frequentie van het toezicht

Hoofdstuk 3. – Positie van de erkenninghouder

Als u in bezit bent van de erkenning tenaamstelling heeft u de mogelijkheid om de registratie ten aanzien van voertuigverplichtingen te wijzigen. Deze erkenning brengt dus een grote verantwoordelijkheid met zich mee. Daarom houdt de RDW toezicht op uw erkenning.

3.1. Eisen en voorschriften voor de erkenninghouder

Naast de in het Algemeen Deel genoemde verplichtingen, moet u permanent aan een aantal andere voorwaarden voldoen. Deze zijn weergegeven in onderdeel 3.1 A t/m D en 3.1.1 t/m 3.1.7. U moet blijvend voldoen aan de volgende vereisten:

3.1.1. Meewerken aan toezicht door de RDW

U bent verplicht mee te werken aan het toezicht door de RDW. Dit betekent dat u de voor de erkenning te controleren relevante administratie ter beschikking van de accountant/auditor of de RDW moet stellen en dat u binnen de gestelde termijn aan de RDW de gevraagde informatie verstrekt. Dit houdt onder andere in dat:

Tevens dient u medewerking te verlenen aan een bedrijvencontroleur van de RDW bij een bezoek aan u of één van uw loketten.

3.1.2. Documentatie

U bent verantwoordelijk voor de kwaliteit van de dienstverlening en draagt er zorg voor dat de medewerkers die de transacties verrichten aantoonbare kennis hebben op het gebied van documentherkenning en identiteitsvaststelling. Ter ondersteuning hierbij stelt de RDW een e-learning module aan u beschikbaar over deze onderwerpen, zie hiervoor www.rdw.nl. Verder geldt dat u aan elk loket actuele documentatie beschikbaar stelt van de tenaamstellingsapplicatie, procedures en handleidingen ten behoeve van de geautoriseerde medewerkers van een loket. Bij geen gebruik wordt de documentatie in een afsluitbare voorziening opgeborgen.

3.1.3. Voeren en verwijderen erkenningsticker(s)

Aan de buitenzijde van een loket mag alleen een erkenningsticker van de erkenning tenaamstelling zijn bevestigd als op de betreffende locatie voertuigtenaamstellingen, schorsingen en opheffen van schorsingen van de voertuigverplichtingen worden uitgevoerd. Bij een loket dat definitief is gesloten, moet de betreffende erkenningsticker direct worden verwijderd. Tevens dient u na beëindiging van de erkenning of na intrekking van de erkenning voor onbepaalde tijd, de erkenningstickers van de erkenning tenaamstelling bij de loketten te verwijderen.

3.1.4. Financiële verplichting

Als erkenninghouder moet u aan uw financiële verplichtingen voldoen.

U bent aan de RDW een kostendekkend tarief (‘leges’) per transactie verschuldigd.

U mag voor het uitvoeren van de tenaamstellings- en schorsingshandelingen naast de leges die u verschuldigd bent aan de RDW, kosten in rekening brengen aan de klant tot het maximaal vastgestelde bedrag dat als zodanig is gepubliceerd in de Regeling tarieven van de RDW. Deze wordt gepubliceerd in de Staatscourant.

3.1.5. Instrueren van de medewerkers

Voor een goed gebruik van uw erkenning is het van groot belang dat u de medewerkers die de handelingen uitvoeren voldoende instrueert. Hoe u dit invult is uw eigen verantwoordelijkheid. De gevolgen van het niet (voldoende) instrueren van de medewerkers komen voor risico en kunnen voor uw rekening komen. Naast de gevolgen van het niet (voldoende) instrueren van de medewerkers, komen ook fouten gemaakt door de medewerkers, voor uw risico en kunnen voor uw rekening komen. Zie tevens paragraaf 3.1 en 3.1.2 van deze bijlage.

3.1.6. Bewaarplicht stukken

Er zijn voor deze paragraaf geen bijzonderheden.

3.1.7. Verplichting verstrekken tellerstand

Niet van toepassing.

3.2. Maatregelen

(zie Algemeen Deel)

In afwijking van het Algemeen Deel gaat een schorsing van de erkenning 1 week na dagtekening van de brief in.

Hoofdstuk 4. – Overtredingen en sancties

4.1. Vaststellen van een overtreding

(zie Algemeen Deel)

Er zijn voor deze paragraaf geen bijzonderheden.

4.2. Zienswijze

In aanvulling op het Algemeen Deel geldt dat als er een reden is om naar aanleiding van een geconstateerde onregelmatigheid een sanctie op te leggen, het voornemen hiertoe aan u wordt meegedeeld door middel van een concept sanctiebrief. Voordat een sanctie aan u wordt opgelegd, krijgt u de gelegenheid om uw zienswijze kenbaar te maken. Hoe u dit kunt doen, kunt u lezen in de concept sanctiebrief. U heeft dan 3 weken na dagtekening van de brief waarbij de concept sanctie aan u wordt aangeboden de tijd om mondeling (bijvoorbeeld telefonisch) dan wel schriftelijk uw visie kenbaar te maken aan de RDW. Na 3 weken krijgt u een definitieve sanctiebrief toegezonden. Bij de totstandkoming van de definitieve brief wordt met uw zienswijze rekening gehouden. U kunt pas bezwaar aantekenen nadat u de definitieve sanctiebrief heeft ontvangen. Onderaan de definitieve brief staat beschreven hoe u bezwaar kunt maken en binnen welke termijn u het bezwaarschrift moet indienen.

4.3. Ingangsdatum

(zie Algemeen Deel)

In afwijking van het Algemeen deel treedt een intrekking voor onbepaalde tijd naar aanleiding van geconstateerde overtredingen in beginsel op 1 week na dagtekening van het besluit in werking.

4.4. Verjaringstermijn

De verjaringstermijn van waarschuwingen en intrekkingen voor bepaalde tijd zijn voor de erkenning tenaamstelling gesteld op 30 maanden.

4.5. Categorisering overtredingen en stroomschema

Voor de erkenning tenaamstelling wordt een stroomschema overtredingen en sanctionering gebruikt dat afwijkt van het Algemeen Deel. Alleen de categorie IV overtredingen komen overeen. Voor de overige overtredingen geldt dat er geen indeling in categorieën wordt toegepast. Hieronder vindt u een aantal voorbeelden van overtredingen. Ook de in het Algemene Deel vermelde meervoudsregel wordt niet toegepast. Dit betekent dat, indien een of meer overtredingen worden geconstateerd, het bijgevoegde sanctieschema onverkort wordt toegepast.

In afwijking van het Algemeen Deel worden meerdere of verschillende overtredingen die tijdens één controlemoment worden geconstateerd als enkelvoudige overtreding gesanctioneerd.

4.5.1. Voorbeelden van overtredingen:

-

4.5.2. Voorbeelden van categorie IV overtredingen

Onderstaande geldt voor de erkenning:

Het is mogelijk dat u een overtreding begaat, die niet specifiek als voorbeeld benoemd is. De RDW heeft het recht deze overtreding bij constatering alsnog te categoriseren en te sanctioneren.

4.6. Soorten sancties

4.6.1. Waarschuwing

De waarschuwing is een weergave van de geconstateerde overtreding bij loket of loketten. Een waarschuwing leidt niet tot een intrekking. Dit kan in combinatie met verscherpt toezicht, afhankelijk van de termijn waarbinnen een volgende waarschuwing wordt gegeven. De erkenninghouder wordt er op gewezen dat hij de gemaakte overtreding indien noodzakelijk en mogelijk moet herstellen en maatregelen dient te nemen om herhaling van deze en eventuele andere overtredingen te voorkomen.

4.6.2. Intrekking van de erkenning

De RDW kan aan de erkenninghouder een gehele of gedeeltelijke intrekking van de erkenning opleggen. Hiervoor zijn de volgende mogelijkheden beschikbaar: voor bepaalde of onbepaalde tijd.

Een intrekking voor bepaalde tijd houdt in dat u gedurende de bepaalde periode geen erkenning heeft of dat een bepaald loket de handelingen behorend bij de erkenning niet meer mag uitvoeren voor een bepaalde periode. Een intrekking voor bepaalde tijd kan voor de periode van zes, negen, twaalf weken of zes maanden zijn. Gedurende de periode dat de erkenning is ingetrokken kunt u op uw loketten of op een specifiek loket geen voertuigen tenaamstellen, schorsen of ontschorsen. Ook gedurende de periode van de tijdelijke intrekking, dient u aan alle voorschriften te voldoen.

Een intrekking voor onbepaalde tijd betekent dat de erkenning is ingetrokken. Om weer in aanmerking te komen voor een erkenning moet een nieuwe aanvraag worden ingediend bij de RDW. De RDW kan bij de intrekking voor onbepaalde tijd besluiten dat daartoe een bepaalde termijn van maximaal 30 maanden geldt waarbinnen een nieuwe aanvraag door dezelfde natuurlijk- of rechtspersoon wordt afgewezen.

Hoofdstuk 5. – Bezwaar en beroep

5.1. Bezwaar

(zie Algemeen Deel)

Er zijn voor deze paragraaf geen bijzonderheden.

5.1.1. Hoorzitting

(zie Algemeen Deel)

Er zijn voor dit onderdeel geen bijzonderheden.

5.1.2. Waarschuwing

(zie Algemeen deel)

Er zijn voor dit onderdeel geen bijzonderheden.

5.1.3. Opschorten

(zie Algemeen Deel)

Er zijn voor dit onderdeel geen bijzonderheden.

5.2. Beroep

(zie Algemeen Deel)

Er zijn voor deze paragraaf geen bijzonderheden.

Stroomschema sancties overtredingen erkenning tenaamstelling

Bijlage. Export Dienstverlening 2017

Hoofdstuk 1. – Toelichting op de Bijlage Export Dienstverlening

1.1. Toelichting

De Bijlage Export Dienstverlening is een bijlage bij het Algemeen Deel Toezichtbeleidsbrief Erkenninghouders RDW. In deze bijlage vindt u de specifieke bepalingen voor de erkenninghouder Export Dienstverlening. De erkenning ‘Export Dienstverlening’ stelt een bedrijf in staat om de tenaamstelling ten behoeve van een derde in het kentekenregister te beëindigen indien de in Nederland ingeschreven en tenaamgestelde voertuigen door die derde worden geëxporteerd. Dat maakt het mogelijk om voor derden de export te verzorgen.

Voor een volledig beeld van het toezichtbeleid van de RDW dient u eerst het Algemeen Deel te lezen.

Zoekt u een specifiek onderwerp in deze bijlage, dan raden wij u aan het hele hoofdstuk te lezen waarin het onderwerp wordt behandeld.

1.2. Indeling

(zie Algemeen Deel)

Het zwart gearceerde onderdeel van de Toezichtbeleidsbrief is van toepassing voor u als erkenninghouder Export Dienstverlening.

1.3. Titel

Deze bijlage is getiteld: Bijlage Erkenninghouder Export Dienstverlening van de Toezichtbeleidsbrief Erkenninghouders RDW.

1.4. Erkenningen en bevoegdheden

(zie Algemeen Deel)

Vanaf 1 januari 2013 is Export Dienstverlening een zelfstandige erkenning. Het hebben van een erkenning bedrijfsvoorraad is geen voorwaarde.

1.5. Meerdere vestigingen

De erkenning Export Dienstverlening wordt verleend aan een natuurlijk persoon of rechtspersoon. Het bezoekadres (volgens de inschrijving in het handelsregister van de Kamer van Koophandel) van het bedrijf moet in Nederland, of in Duitsland of België tot maximaal 25 kilometer hemelsbreed vanaf het dichtstbijzijnde punt van de Nederlandse grens, gevestigd zijn. Daarnaast moeten de werkzaamheden op het bezoekadres plaatsvinden.

In het geval u een bedrijf met meerdere vestigingen heeft dan kunnen ook deze nevenvestigingen door middel van een apart bedrijfsnummer onder de erkenning worden gebracht. Dit wordt een deelerkenning genoemd.

Om een nevenvestiging als zelfstandig bedrijfsonderdeel onder de werking van een erkenning te brengen, moet u per vestiging een aanvraag indienen bij de RDW. Hierbij geldt als voorwaarde dat de nevenvestiging als zodanig staat ingeschreven in het handelsregister van de Kamer van Koophandel. Uiteraard moet de vestiging ook voldoen aan de overige erkenningseisen. Voor aanvullende informatie over nevenvestigingen kunt u de Informatiemap voor de voertuigbranche raadplegen die u van de RDW heeft ontvangen. De Informatiemap voor de voertuigbranche kunt u ook vinden via www.rdw.nl.

De ‘deelerkenning’ voor nevenvestigingen is een specifieke faciliteit. Deze deelerkenning houdt in dat de bedrijvencontroleur van de RDW op de deelerkende nevenvestiging informeert naar de voertuigen die daar voor export zijn aangemeld.

Hoofdstuk 2. – Positie van de RDW

2.1. Basis van het toezicht

De RDW houdt toezicht op de verleende erkenning Export Dienstverlening. De basis van het toezicht is vastgelegd in de Wegenverkeerswet 1994, het Kentekenreglement en de Regeling Export Dienstverlening.

2.2. Wijze van toezicht houden

De RDW houdt toezicht op de erkenning Export Dienstverlening door middel van periodieke controlebezoeken, administratieve controles en fysieke controles. Bovendien wordt bij het toezicht gebruik gemaakt van signaleringen van andere instanties zoals de Belastingdienst en Douane ten behoeve van Risico Gestuurd Toezicht.

Risico Gestuurd Toezicht houdt kortgezegd in dat bedrijven waar overtredingen en/of signalen geconstateerd zijn vaker het onderwerp van toezicht kunnen zijn. Bedrijven die minder goed of slecht presteren op het gebied van naleving van de regels zullen vaker gecontroleerd worden dan bedrijven die aantoonbaar de regels en instructies goed naleven.

De periodieke controlebezoeken worden uitgevoerd door bedrijvencontroleurs van de RDW en worden in de regel van te voren telefonisch aangekondigd. U wordt op werkdagen tussen 8:00 uur en 17:00 uur gebeld op het bij de RDW bekende telefoonnummer. U bent er zelf verantwoordelijk voor dat de RDW over het juiste telefoonnummer beschikt. Bij geen gehoor worden, verspreid over verschillende werkdagen, maximaal twee nieuwe pogingen ondernomen om het bezoek aan te kondigen. De bedrijvencontroleurs spreken geen antwoordapparaten of voicemails in. Als na maximaal (in totaal) drie pogingen geen controlebezoek kan plaatsvinden, bezoekt de bedrijvencontroleur uw bedrijf onaangekondigd. De bedrijvencontroleur belt niet met nummerherkenning. U kunt hieraan echter geen rechten ontlenen. U bent er zelf voor verantwoordelijk dat de bedrijvencontroleur het bezoek telefonisch kan aankondigen.

Wordt bij aankomst in uw bedrijf niemand aangetroffen die gemachtigd is om medewerking aan de controle te verlenen, dan laat de bedrijvencontroleur een kaartje achter waaruit blijkt dat hij bij uw bedrijf is geweest. De RDW stuurt u vervolgens een ‘verklaring controle erkenning en/of handelaarskentekens en -kentekenbewijzen’ toe. Op deze verklaring kunt u maximaal drie telefoonnummers invullen waarop u bereikbaar bent of waarop een door u gemachtigde persoon bereikbaar is. U dient dit formulier ingevuld en binnen de daarvoor gestelde termijn naar de RDW te sturen. Doet u dit niet of brengt u toevoegingen op het formulier aan, dan kan dit leiden tot een schorsing van uw erkenning voor de duur van zes weken.

Na ontvangst door de RDW van de ingevulde en ondertekende verklaring zal de bedrijvencontroleur vervolgens een onaangekondigd bezoek plannen. Als er wederom niemand wordt aangetroffen die gemachtigd is om medewerking aan de controle te verlenen, dan probeert de bedrijvencontroleur u op de opgegeven telefoonnummers te bereiken. U of een door u gemachtigd persoon moet dan binnen 15 minuten op het bedrijfsadres aanwezig zijn. Stuurt u de verklaring niet terug of komt het na de uitgevoerde belpogingen niet tot een controlebezoek omdat er niemand is die namens uw bedrijf een controle mogelijk kan maken, dan kan daaraan de conclusie worden verbonden dat geen medewerking wordt verleend aan het toezicht en kan een tijdelijke intrekking van de erkenning van 6 weken worden opgelegd.

Wanneer in verband met langdurige afwezigheid uw bedrijf gesloten is en er geen bedrijfsactiviteiten plaatsvinden zodat controle op de erkenning niet mogelijk is, dan brengt u de RDW hiervan tijdig schriftelijk op de hoogte.

Daarnaast kunnen meldingen van de onder paragraaf 4.1 van het Algemeen Deel genoemde organisaties of personen reden zijn een onderzoek in te stellen en aanleiding geven tot een (onaangekondigd) controlebezoek door de RDW.

2.3. Frequentie van het toezicht

De frequentie van het periodieke toezicht door middel van controlebezoeken is in beginsel 1 keer per 3 jaar. Er wordt risico gestuurd toezicht toegepast op basis van risicoprofielen. Naar aanleiding daarvan wordt voor uw bedrijf de bezoekfrequentie bepaald en daardoor kan uw bedrijf vaker worden bezocht dan 1 keer per 3 jaar.

Hoofdstuk 3. – Positie van de erkenninghouder

Als u in bezit bent van de erkenning Export Dienstverlening, heeft u de mogelijkheid om de registratie van een voertuig in het Kentekenregister te beëindigen. Deze erkenning brengt dus een grote verantwoordelijkheid met zich mee. Daarom houdt de RDW toezicht op uw erkenning.

3.1. Eisen en voorschriften

Naast de in het Algemeen Deel genoemde verplichtingen om in aanmerking te komen voor de erkenning Export Dienstverlening, moet u aan andere voorwaarden voldoen. U moet blijvend beschikken over een inschrijving van de inschrijving in het handelsregister van de Kamer van Koophandel. Daarnaast moet u op uw bedrijfsadres blijvend de beschikking hebben over een door de RDW goedgekeurde, werkende kluis voor het bewaren van de blanco kentekenbewijsdelen II en verder alle overige documenten en bescheiden.

De kluis moet geschikt zijn voor opslag van de blanco kentekenbewijzendelen II (A4-formaat) en minimaal voldoen aan de Europese norm EN 14 450 Securitylevel 1. Meer informatie hierover kunt u vinden op de site van de Vereniging Geld- en Waardeberging (VGW) www.geldenwaardeberging.nl.

Als u niet meer aan een van deze verplichtingen voldoet, leidt dat tot een schorsing van de erkenning. Hierover vindt u meer in paragraaf 3.2 van het Algemeen Deel.

3.1.1. Het verlenen van medewerking aan het toezicht

U bent verplicht mee te werken aan het toezicht door de RDW. Dit betekent dat u de voor de erkenning relevante administratie ter beschikking van de bedrijvencontroleur moet stellen en dat u aan de bedrijvencontroleur de gevraagde informatie verstrekt.

3.1.2. Documentatie

Bij de aanvraag van uw erkenning bent u gewezen op de Informatiemap voor de voertuigbranche. Hierin staan diverse procedures beschreven. U kunt de complete tekst van de Informatiemap voor de voertuigbranche vinden op www.rdw.nl. Als er wijzigingen in de Informatiemap voor de voertuigbranche plaatsvinden, krijgt u geen nieuwe versie toegezonden. Ik adviseer u daarom om regelmatig de website van de RDW te raadplegen om na te gaan of er wijzigingen hebben plaatsgevonden.

3.1.3. Erkenningsschild/sticker(s)

Als aan u een intrekking voor onbepaalde tijd wordt opgelegd, moet u naast de in het Algemeen Deel genoemde stukken ook alle blanco kentekenbewijs delen II (t.b.v. export) die u in bezit heeft per direct inleveren bij de RDW.

3.1.4. Financiële verplichting

In afwijking van het Algemeen deel gaat de financiële schorsing in beginsel 1 week na dagtekening van het besluit in.

3.1.5. Instrueren van uw personeel

(zie Algemeen Deel)

Er zijn voor dit onderdeel geen bijzonderheden.

3.1.6. Bewaarplicht stukken

In plaats van een afsluitbare voorziening, zoals in het Algemeen Deel genoemd staat, moet u voor het volgende gebruik maken van een inbraakwerende kluis:

Voor de overige zaken en voor de overige bevoegdheden kunt u volstaan met een afsluitbare voorziening, zoals in het Algemeen Deel is beschreven.

3.2. Maatregelen

(zie Algemeen Deel)

3.2.1. Wachttijd na intrekking

Indien u een aanvraag voor een erkenning en/of bevoegdheid indient, dan wordt deze aanvraag geweigerd indien in de twaalf weken voorafgaand aan uw aanvraag een reeds dezelfde aan u afgegeven erkenning en/of bevoegdheid is ingetrokken. In het geval dat een aan u reeds afgegeven erkenning twee keer of meer is ingetrokken, dan wordt de aanvraag geweigerd tot zes maanden na de laatste intrekking.

3.3. Administratie

Tijdens de controlebezoeken wordt steekproefsgewijs gecontroleerd of u de verplichtingen die uit uw erkenning voortvloeien naleeft. Omdat in de regel controle plaatsvindt door middel van steekproeven, kan het gebeuren dat tijdens de controle niet alle onregelmatigheden aan het licht komen. Het is daarom aan te raden een goede administratie van de door u voor export afgemelde voertuigen bij te houden. Dit kan u helpen problemen te voorkomen.

Hoofdstuk 4. – Overtredingen en sancties

4.1. Vaststellen van een overtreding

(zie Algemeen Deel)

Er zijn voor deze paragraaf geen bijzonderheden.

4.2. Zienswijze

In aanvulling op het Algemeen Deel geldt dat als er een reden is om naar aanleiding van een geconstateerde onregelmatigheid een sanctie op te leggen, het voornemen hiertoe aan u wordt meegedeeld door middel van een concept sanctiebrief. Voordat een sanctie aan u wordt opgelegd, krijgt u de gelegenheid om uw zienswijze kenbaar te maken. Hoe u dit kunt doen, kunt u lezen in de concept sanctiebrief. U heeft dan 3 weken na dagtekening van de brief waarbij de concept sanctie aan u wordt aangeboden de tijd om mondeling (bijvoorbeeld telefonisch) dan wel schriftelijk uw visie kenbaar te maken aan de RDW. Na 3 weken krijgt u een definitieve sanctiebrief toegezonden. Bij de totstandkoming van de definitieve sanctiebrief wordt met uw zienswijze rekening gehouden. U kunt pas bezwaar aantekenen nadat u de definitieve sanctiebrief heeft ontvangen. Onderaan de definitieve sanctiebrief staat beschreven hoe u bezwaar kunt maken en binnen welke termijn u het bezwaarschrift moet indienen.

4.3. Ingangsdatum

(zie Algemeen Deel)

In afwijking van het Algemeen deel treedt een intrekking onbepaalde tijd naar aanleiding van geconstateerde overtredingen in beginsel 1 week na dagtekening van het besluit in werking.

4.4. Verjaringstermijn

(zie Algemeen Deel)

Als grondslag voor de verjaringstermijn geldt de datum van verzending van de primaire sanctiebrief dan wel de waarschuwing.

4.5. Categorisering overtredingen en stroomschema

(zie Algemeen Deel)

Hieronder worden per categorie voorbeelden van overtredingen vermeld.

4.5.1. Voorbeelden van categorie I overtredingen:

4.5.2. Voorbeelden van categorie II overtredingen:

4.5.3. Voorbeelden van categorie III overtredingen:

4.5.4. Voorbeelden van categorie IV overtredingen

Het is mogelijk dat u een overtreding begaat, die niet specifiek als voorbeeld benoemd is. De RDW heeft het recht deze overtreding te categoriseren en te sanctioneren.

(zie Algemeen Deel)

In het stroomschema is uitgegaan van een enkelvoudige overtreding. Het kan voorkomen dat er bij u, bij één bedrijfsbezoek of steekproefcontrole, verschillende overtredingen worden geconstateerd. Wanneer tijdens één bedrijfsbezoek of controle meerdere overtredingen worden geconstateerd, dan wordt dit beschouwd als een meervoudige overtreding. Hierbij geldt als uitgangspunt dat de categorieën van de verschillende overtredingen bij elkaar worden opgeteld en dat een sanctie wordt opgelegd die overeenkomt met de som van de categorieën.

Is echter sprake van maximaal twee overtredingen, beide van de categorie I en/of II, dan worden de categorieën niet opgeteld maar wordt een sanctie opgelegd die overeenkomt met de categorie behorend bij de zwaarste van de twee overtredingen. In alle gevallen wordt uw historie meegeteld bij het bepalen van de sanctiezwaarte.

4.6. Soorten sancties

(zie Algemeen Deel)

4.6.1. Herschouwing na intrekking voor bepaalde tijd

Na afloop van een intrekking voor bepaalde tijd wordt de intrekking automatisch door de RDW beëindigd. Wel moet uw bedrijf daarna opnieuw bezocht worden door een bedrijvencontroleur van de RDW. Dit wordt een herschouwing genoemd. Deze herschouwing dient binnen 2 weken nadat de sanctie is opgeheven plaats te vinden. De bedrijvencontroleur kondigt het bezoek kort tevoren telefonisch aan (zie voor de procedure ‘Wijze van toezicht houden’ punt 2.2 van deze bijlage). Voldoet u bij de herschouwing niet aan de eisen en/of voorschriften dan kunt u in het stroomschema zelf nagaan welke sanctie naar verwachting wordt opgelegd. Aan de herschouwing zijn kosten verbonden.

Wanneer aan uw bedrijf een intrekking voor bepaalde tijd is opgelegd anders dan voor het niet verlenen van medewerking aan de controle en herschouwing en ondanks telefonische aankondiging controle niet mogelijk is, wordt gekeken of er sprake is van een geldige verklaring als bedoeld onder 2.2 van deze bijlage. Is er van uw bedrijf geen (geldige) verklaring zoals bedoeld in 2.2 van deze bijlage dan kunt u onder dat punt lezen wat de gevolgen voor u zijn.

Wanneer aan uw bedrijf een intrekking voor bepaalde tijd is opgelegd omdat u geen medewerking heeft verleend terwijl de bedrijvencontroleur daarna gebruik heeft gemaakt van de eerder door u ingevulde en ondertekende verklaring, zoals vermeld onder 2.2 van deze bijlage, dan wordt daaraan de conclusie verbonden dat u blijvend geen medewerking verleend en volgt een intrekking voor onbepaalde tijd.

Hoofdstuk 5. – Bezwaar en beroep

5.1. Bezwaar

(zie Algemeen Deel)

Er zijn voor deze paragraaf geen bijzonderheden.

5.1.1. Hoorzitting

(zie Algemeen Deel)

Er zijn voor dit onderdeel geen bijzonderheden.

5.1.2. Waarschuwing

(zie Algemeen deel)

Er zijn voor dit onderdeel geen bijzonderheden.

5.1.3. Opschorten

(zie Algemeen Deel)

Er zijn voor dit onderdeel geen bijzonderheden.

5.2. Beroep

(zie Algemeen Deel)

Er zijn voor deze paragraaf geen bijzonderheden.

5.3. Voorlopige voorziening

(zie Algemeen Deel)

Er zijn voor deze paragraaf geen bijzonderheden.

Bijlage. Bedrijfsvoorraad & Handelaarskentekenbewijzen 2017

Hoofdstuk 1. – Toelichting op de Bijlage Bedrijfsvoorraad en Handelaarskentekenbewijzen

1.1. Toelichting

De Bijlage Bedrijfsvoorraad en Handelaarskentekenbewijzen is een bijlage bij het Algemeen Deel Toezichtbeleidsbrief Erkenninghouders RDW. In deze bijlage vindt u de specifieke bepalingen voor de erkenninghouder bedrijfsvoorraad en/of een deelnemer aan de handelaarskentekenregeling. Als erkenninghouder bedrijfsvoorraad kunt u voertuigen waarvan u eigenaar bent in uw bedrijfsvoorraad opnemen. U bent verplicht om alle voertuigen die u bedrijfsmatig inkoopt aan te melden. Voor deze voertuigen gelden dan geen voertuigverplichtingen, die gelden voor kentekenplichtige voertuigen. Uw bedrijfsvoorraadvoertuigen moeten wel verzekerd zijn. Dit kan een verzekering per voertuig zijn of een verzekering die de gehele bedrijfsvoorraad dekt. Informeer hiernaar bij uw verzekeringsmaatschappij. Een handelaarskenteken mag u gebruiken voor voertuigen die ter bewerking of herstel aan u ter beschikking zijn gesteld en/of voor voertuigen die behoren tot uw bedrijfsvoorraad. Het gebruik van het handelaarskenteken moet altijd in het kader zijn van uw bedrijfsactiviteiten.

Voor een volledig beeld van het toezichtbeleid van de RDW dient u eerst het Algemeen Deel te lezen.

Zoekt u een specifiek onderwerp in deze bijlage, dan raden wij u aan het hele hoofdstuk te lezen waarin het onderwerp wordt behandeld.

1.2. Indeling

(zie Algemeen Deel)

De erkenning bedrijfsvoorraad is tevens de basis voor een aantal bevoegdheden. In deze bijlage worden de volgende bevoegdheden onderscheiden:

De bevoegdheid Aanvraag tot het versneld inschrijven van voertuigen zonder afzonderlijk onderzoek (VI), wordt beschreven in een aparte bijlage van de Toezichtbeleidsbrief.

Naast de erkenning bedrijfsvoorraad en bijbehorende bevoegdheden is voor de voertuigbranche ook het handelaarskentekenbewijs (HKB) beschikbaar. Omdat het handelaarskentekenbewijs vaak in combinatie met de erkenning bedrijfsvoorraad wordt aangevraagd, wordt het in deze bijlage samen met de erkenning bedrijfsvoorraad behandeld.

Beschikt u niet over een erkenning bedrijfsvoorraad, maar wel over een handelaarskentekenbewijs, dan kunt u direct door naar hoofdstuk 6 van deze bijlage.

Het zwart gearceerde onderdeel van de Toezichtbeleidsbrief is van toepassing voor u als erkenninghouder bedrijfsvoorraad en/of gebruiker van handelaarskentekenbewijzen.

Het is mogelijk dat u alleen over een erkenning bedrijfsvoorraad beschikt of over een erkenning bedrijfsvoorraad met onderliggende bevoegdheden. In deze bijlage wordt u dan in al deze gevallen aangesproken als erkenninghouder bedrijfsvoorraad.

Voor u geldt hoofdstuk 1 tot en met 5. Voor een combinatie met een handelaarskentekenbewijs geldt daarnaast ook hoofdstuk 6. Heeft u alleen een handelaarskentekenbewijs, leest u dan hoofdstuk 6.

1.3. Titel

Deze bijlage is getiteld: Bijlage Erkenninghouder Bedrijfsvoorraad en Handelaarskentekenbewijzen van de Toezichtbeleidsbrief Erkenninghouders RDW.

1.4. Erkenningen en bevoegdheden

(zie Algemeen Deel)

Aan uw erkenning bedrijfsvoorraad kunnen bevoegdheden zijn gekoppeld. Mocht bij u een overtreding worden geconstateerd dan kan deze zowel betrekking hebben op de erkenning bedrijfsvoorraad als een bevoegdheid.

In het geval van een schorsing of een intrekking voor onbepaalde tijd van uw erkenning bedrijfsvoorraad heeft de sanctie ook effect op uw bevoegdheden omdat in dat geval van de bevoegdheden geen gebruik meer kan worden gemaakt. Een intrekking van de erkenning bedrijfsvoorraad voor bepaalde tijd heeft geen gevolgen voor het gebruik van de onderliggende bevoegdheden voor voertuigen die op het moment van de intrekking reeds in uw bedrijfsvoorraad staan. Dit betekent dat u gedurende de intrekking voor bepaalde tijd van uw erkenning bedrijfsvoorraad geen voertuigen voor demontage kunt melden die op het moment van de intrekking nog niet in uw bedrijfsvoorraad staan.

De intrekking van een bevoegdheid brengt echter geen intrekking van de erkenning als zodanig met zich mee. In hoofdstuk 4 vindt u voorbeelden van overtredingen per erkenning of bevoegdheid.

1.5. Quarantaineregeling – Meerdere vestigingen

De erkenning bedrijfsvoorraad wordt verleend aan een natuurlijk persoon of rechtspersoon. Het bedrijf moet in Nederland gevestigd zijn. In het geval u een bedrijf met meerdere vestigingen heeft, kunnen ook deze nevenvestigingen door middel van een apart bedrijfsnummer onder de erkenning worden gebracht. Dit wordt een deelerkenning genoemd.

Om een nevenvestiging als zelfstandig bedrijfsonderdeel onder de werking van een erkenning te brengen, moet u per vestiging een aanvraag indienen bij de RDW. Hierbij geldt als voorwaarde dat de nevenvestiging als zodanig staat ingeschreven in het handelsregister van de Kamer van Koophandel. Uiteraard moet de vestiging ook voldoen aan de overige erkenningseisen. Voor aanvullende informatie over nevenvestigingen kunt u de Informatiemap voor de voertuigbranche raadplegen die u van de RDW heeft ontvangen. De meest actuele Informatiemap voor de voertuigbranche kunt u ook vinden via www.rdw.nl.

De ‘deelerkenning’ voor nevenvestigingen is een specifieke faciliteit. Deze deelerkenning houdt in dat de bedrijvencontroleur van de RDW op de deel erkende nevenvestiging informeert naar de voertuigen die daar zijn aangemeld. U moet de op een vestiging aangemelde voertuigen op de deelerkende nevenvestiging of op een verifieerbare stallingslocatie kunnen tonen. U hoeft dus op het bedrijfsadres van de hoofdvestiging geen administratie van deze voertuigen bij te houden. Aan een deelerkenning kunnen ook de bevoegdheden Online Registratie Export voor Handelaren (OREH), Online Registratie Auto Demontage (ORAD), Versnelde Inschrijving (VI) of Tenaamstellen Voertuigbedrijf (TV) worden toegekend. De aan de deelerkenning verleende bevoegdheden mogen enkel worden gebruikt voor voertuigen die in die betreffende bedrijfsvoorraad zijn aangemeld.

Ook kan de nevenvestiging een eigen handelaarskentekenbewijs aanvragen. Het aan een nevenvestiging afgegeven handelaarskentekenbewijs mag alleen worden gebruikt voor voertuigen die in de bedrijfsvoorraad van die nevenvestiging zijn aangemeld of in verband met de op die nevenvestiging uit te voeren herstelwerkzaamheden.

Wordt de erkenning van een hoofd- of nevenvestiging (voor bepaalde of onbepaalde tijd) ingetrokken, dan mogen daar gedurende de intrekkingsperiode geen activiteiten plaatsvinden die verband houden met de erkenning bedrijfsvoorraad. U wordt er met klem op gewezen dat het niet is toegestaan dat voertuigen uit de bedrijfsvoorraad van een andere vestiging van uw bedrijf op het terrein van, of in de directe omgeving van de ingetrokken vestiging aanwezig zijn. Overtredingen van dit voorschrift kan intrekking van de erkenning bedrijfsvoorraad en ongeldigverklaring van de handelaarskenteken-bewijzen van de gehele onderneming tot gevolg hebben.

Hoofdstuk 2. – Positie van de RDW

2.1. Basis van het toezicht

De RDW houdt toezicht op de verleende erkenning bedrijfsvoorraad, op de bijbehorende bevoegdheden en op het gebruik van de handelaarskentekenbewijzen. De basis van het toezicht is vastgelegd in de Wegenverkeerswet 1994, het Kentekenreglement, de Regeling erkenning bedrijfsvoorraad en de Regeling handelaarskentekens en -kentekenbewijzen.

2.2. Wijze van toezicht houden

De RDW houdt toezicht op de erkenning bedrijfsvoorraad en de bijbehorende bevoegdheden door middel van periodieke controlebezoeken, administratieve controles en fysieke controles. Voor wat betreft de bevoegdheid Versnelde Inschrijving met afzonderlijk onderzoek gaat het letterlijk om controles van de voertuigen zelf waarvoor een inschrijving is aangevraagd. Bovendien wordt bij het toezicht gebruik gemaakt van signaleringen van andere instanties zoals de Belastingdienst en Douane ten behoeve van Risico Gestuurd Toezicht.

Risico Gestuurd Toezicht houdt kortgezegd in dat bedrijven waar overtredingen en/of signalen geconstateerd zijn vaker het onderwerp van toezicht kunnen zijn. Bedrijven die minder goed of slecht presteren op het gebied van naleving van de regels zullen vaker gecontroleerd worden dan bedrijven die aantoonbaar de regels en instructies goed naleven.

De periodieke controlebezoeken worden uitgevoerd door bedrijvencontroleurs van de RDW en worden in de regel van te voren telefonisch aangekondigd. U wordt op werkdagen tussen 8:00 uur en 17:00 uur gebeld op het bij de RDW bekende telefoonnummer. U bent er zelf verantwoordelijk voor dat de RDW over het juiste telefoonnummer beschikt. De bedrijvencontroleur belt niet met nummerherkenning. U kunt hieraan echter geen rechten ontlenen. U bent er zelf voor verantwoordelijk dat de bedrijvencontroleur het bezoek telefonisch kan aankondigen.

Bij geen gehoor worden, verspreid over verschillende werkdagen, maximaal twee nieuwe pogingen ondernomen om het bezoek aan te kondigen. De bedrijvencontroleurs spreken geen antwoordapparaten of voicemails in. Als na maximaal (in totaal) drie pogingen geen controlebezoek kan plaatsvinden, bezoekt de bedrijvencontroleur uw bedrijf onaangekondigd.

Wordt bij aankomst in uw bedrijf niemand aangetroffen die gemachtigd is om medewerking aan de controle te verlenen, dan laat de bedrijvencontroleur een kaartje achter waaruit blijkt dat hij bij uw bedrijf is geweest. De RDW stuurt u vervolgens een ‘verklaring controle erkenning en/of handelaarskentekens en -kentekenbewijzen’ toe. Op deze verklaring kunt u maximaal drie telefoonnummers invullen waarop u bereikbaar bent of waarop een door u gemachtigde persoon bereikbaar is. U dient dit formulier ingevuld en binnen de daarvoor gestelde termijn naar de RDW te sturen. Doet u dit niet of brengt u toevoegingen op het formulier aan, dan kan dit leiden tot een schorsing van uw erkenning voor de duur van zes weken.

Na ontvangst door de RDW van de ingevulde en ondertekende verklaring zal de bedrijvencontroleur vervolgens een onaangekondigd bezoek plannen. Als er wederom niemand wordt aangetroffen die gemachtigd is om medewerking aan de controle te verlenen, dan probeert de bedrijvencontroleur u op de opgegeven telefoonnummers te bereiken. U of een door u gemachtigd persoon moet dan binnen 15 minuten op het bedrijfsadres aanwezig zijn. Stuurt u de verklaring niet terug of komt het na de uitgevoerde belpogingen niet tot een controlebezoek omdat er niemand is die namens uw bedrijf een controle mogelijk kan maken, dan wordt daaraan de conclusie worden verbonden dat geen medewerking is verleend aan het toezicht en wordt een tijdelijke intrekking van de erkenning van 6 weken worden opgelegd.

Wanneer in verband met langdurige afwezigheid uw bedrijf gesloten is en er geen bedrijfsactiviteiten plaatsvinden zodat controle op de erkenning en/of handelaarskentekenbewijzen niet mogelijk is, dan brengt u de RDW hiervan tijdig schriftelijk op de hoogte.

Daarnaast kunnen meldingen van de onder paragraaf 4.1 van het Algemeen Deel genoemde organisaties of personen reden zijn een onderzoek in te stellen en aanleiding geven tot een (onaangekondigd) controlebezoek door de RDW.

2.3. Frequentie van het toezicht

De frequentie van het periodieke toezicht door middel van controlebezoeken is in beginsel 1 keer per 3 jaar. Er wordt risico gestuurd toezicht toegepast op basis van risicoprofielen. Naar aanleiding daarvan wordt voor uw bedrijf de bezoekfrequentie bepaald en daardoor kan uw bedrijf vaker worden bezocht dan 1 keer per 3 jaar.

Hoofdstuk 3. – Positie van de erkenninghouder

Als u in bezit bent van de erkenning bedrijfsvoorraad en handelaarskentekenbewijzen en eventueel bijbehorende bevoegdheden, heeft u de mogelijkheid om de registratie ten aanzien van voertuig-verplichtingen te wijzigen. Deze erkenning brengt dus een grote verantwoordelijkheid met zich mee. Daarom houdt de RDW toezicht op uw erkenning.

3.1. Eisen en voorschriften

Naast de in het Algemeen Deel genoemde verplichtingen om in aanmerking te komen en te blijven voor de erkenning bedrijfsvoorraad, moet u aan een aantal andere eisen voldoen. U moet blijvend beschikken over:

Als u niet meer aan deze verplichtingen voldoet, leidt dat tot een schorsing van de erkenning bedrijfsvoorraad en eventueel aan u afgegeven bevoegdheden die onder de erkenning bedrijfsvoorraad vallen. Hierover vindt u meer in paragraaf 3.2 van het Algemeen Deel.

Voor de bevoegdheid OREH dient u op uw bedrijfsadres blijvend te beschikken over een door de RDW goedgekeurde kluis voor het bewaren van alle documenten en bescheiden.

De kluis moet geschikt zijn voor opslag van de blanco kentekenbewijzen deel II (A4-formaat) en minimaal voldoen aan de Europese norm EN 14 450 Securitylevel 1. Meer informatie hierover kunt u vinden op de site van de Vereniging Geld- en Waardeberging (VGW) www.geldenwaardeberging.nl.

Als u niet meer aan deze verplichting voldoet, leidt dat tot een schorsing van de bevoegdheid. Hierover vindt u meer in paragraaf 3.2 van het Algemeen Deel.

3.1.1. Het verlenen van medewerking aan het toezicht

U bent verplicht mee te werken aan het toezicht door de RDW. Dit betekent dat u de te controleren voertuigen behorende tot de bedrijfsvoorraad, de door u aangevraagde kentekencards, bewaarde kentekencards t.b.v. mogelijke export, toestemmingsverklaringen, machtigingsformulieren en de voor de erkenning relevante administratie ter beschikking van de bedrijvencontroleur moet stellen en dat u aan de bedrijvencontroleur de gevraagde informatie verstrekt.

3.1.2. Documentatie

Bij de aanvraag van uw erkenning bent u gewezen op de Informatiemap voor de voertuigbranche. Hierin staan diverse procedures beschreven. U kunt de complete tekst van de Informatiemap voor de voertuigbranche vinden op www.rdw.nl. Als er wijzigingen in de Informatiemap voor de voertuigbranche plaatsvinden, krijgt u geen nieuwe versie toegezonden. Ik adviseer u daarom regelmatig de website van de RDW te raadplegen om na te gaan of er wijzigingen hebben plaatsgevonden.

3.1.3. Erkenningsschild/sticker(s)

Als aan u een intrekking voor onbepaalde tijd wordt opgelegd, moet u naast de in het Algemeen Deel genoemde stukken ook per direct inleveren bij de RDW:

3.1.4. Financiële verplichting

In afwijking van het Algemeen deel gaat de financiële schorsing in beginsel 1 week na dagtekening van het besluit in.

3.1.5. Instrueren van uw personeel

(zie Algemeen Deel)

Er zijn voor dit onderdeel geen bijzonderheden.

3.1.6. Bewaarplicht stukken

Voor de bevoegdheid Online Registratie Export Handelaren (OREH) moet u in plaats van een afsluitbare voorziening, zoals in het Algemeen Deel genoemd staat, voor het volgende gebruik maken van een inbraakwerende kluis:

Voor de overige zaken en voor de overige bevoegdheden kunt u volstaan met een afsluitbare voorziening, zoals in het Algemeen Deel is beschreven.

3.2. Maatregelen

(zie Algemeen Deel)

3.2.1. Wachttijd bij intrekking

(zie Algemeen deel)

Indien u een aanvraag voor een erkenning en/of bevoegdheid indient, dan wordt deze aanvraag geweigerd indien in de twaalf weken voorafgaand aan uw aanvraag een reeds dezelfde aan u afgegeven erkenning en/of bevoegdheid is ingetrokken. In het geval dat een aan u reeds afgegeven erkenning binnen 30 maanden twee keer of meer is ingetrokken, dan wordt de aanvraag geweigerd tot zes maanden na de laatste intrekking.

3.3. Bedrijfsvoorraadlijsten

Tijdens de controlebezoeken wordt steekproefsgewijs gecontroleerd of u de verplichtingen die uit uw erkenning voortvloeien naleeft. Voertuigen die zijn gesloopt, geëxporteerd of verkocht mogen niet in uw bedrijfsvoorraad voorkomen. Omdat in de regel controle plaatsvindt door middel van steekproeven, kan het gebeuren dat tijdens de controle niet alle onregelmatigheden aan het licht komen. Het is daarom aan te raden regelmatig bedrijfsvoorraadlijsten van uw actuele bedrijfsvoorraad aan te vragen en aan de hand daarvan uw bedrijfsvoorraad na te lopen. Dit kan u helpen problemen te voorkomen.

U kunt ook een bedrijfsvoorraadlijst aanvragen van voertuigen die vanuit het buitenland zijn ingevoerd en op uw verzoek zijn ingeschreven in het kentekenregister door deze voertuigen ter keuring bij de RDW aan te bieden. Deze voertuigen behoren tot uw bedrijfsvoorraad en hiervoor gelden dezelfde regels als voor uw overige bedrijfsvoorraad.

Stelt u vast dat er voertuigen onterecht in uw bedrijfsvoorraad zijn geregistreerd, dan moet u die registratie beëindigen, bijvoorbeeld door contact op te nemen met de nieuwe eigenaar. Als u zelf alle mogelijke actie heeft ondernomen, maar dit niet tot resultaat heeft geleid, moet u zich tot de RDW wenden met bewijsstukken van tot dan toe ondernomen acties.

Heeft u een voertuig uit het buitenland ter keuring bij de RDW aangeboden en daarbij verzocht om inschrijving in het kentekenregister dan mag u het voertuig aan een ander RDW-erkend bedrijf (bedrijfsvoorraad) verkopen zonder dat het voertuig wordt tenaam gesteld. U blijft in het kader van de Versnelde Inschrijving met afzonderlijk onderzoek ketenverantwoordelijke voor dit voertuig tot de tenaamstelling. Dit betekent dat u een sanctie kan krijgen wanneer u het voertuig heeft verkocht aan een erkend bedrijf maar het erkende bedrijf, dat het voertuig heeft gekocht, niet zorgt voor tenaamstelling bij levering aan een niet-erkenninghouder.

Beschikt u over de bevoegdheden Online Registratie Export voor Handelaren (OREH) en/of Online Registratie Auto Demontage (ORAD) en is een voertuig respectievelijk geëxporteerd of gedemonteerd? Dan moet u het voertuig zelf alsnog afmelden via de applicaties.

Hoe u aan de actuele bedrijfsvoorraadlijsten komt, kunt u lezen in de Informatiemap voor de voertuigbranche en via www.rdw.nl.

Hoofdstuk 4. – Overtredingen en sancties

4.1. Vaststellen van een overtreding

(zie Algemeen Deel)

Er zijn voor deze paragraaf geen bijzonderheden.

4.2. Zienswijze

In aanvulling op het Algemeen Deel geldt dat als er een reden is om naar aanleiding van een geconstateerde onregelmatigheid een sanctie op te leggen, het voornemen hiertoe aan u wordt meegedeeld door middel van een concept sanctiebrief. Voordat een sanctie aan u wordt opgelegd, krijgt u de gelegenheid om uw zienswijze kenbaar te maken. Hoe u dit kunt doen, kunt u lezen in de concept sanctiebrief. U heeft 3 weken na dagtekening van de brief waarbij de concept sanctie aan u wordt aangeboden de tijd om mondeling (bijvoorbeeld telefonisch) dan wel schriftelijk uw visie kenbaar te maken aan de RDW. Na 3 weken krijgt u een definitieve sanctiebrief toegezonden. Bij de totstandkoming van de definitieve brief wordt met uw zienswijze rekening gehouden. U kunt pas bezwaar aantekenen nadat u de definitieve sanctiebrief heeft ontvangen.

4.3. Ingangsdatum

(zie Algemeen Deel)

In afwijking van het Algemeen deel treedt een intrekking voor bepaalde en onbepaalde tijd naar aanleiding van geconstateerde overtredingen in beginsel 1 week na dagtekening van het besluit in werking.

4.4. Verjaringstermijn

(zie Algemeen Deel)

Als grondslag voor de verjaringstermijn geldt de datum van verzending van de primaire sanctiebrief dan wel de waarschuwing.

4.5. Categorisering overtredingen en stroomschema

(Zie algemeen Deel)

Hieronder worden per categorie voorbeelden van overtredingen vermeld, onderverdeeld naar erkenning en bevoegdheden.

4.5.1. Voorbeelden van categorie I overtredingen:

Erkenning bedrijfsvoorraad:

Online Registratie Export voor Handelaren (OREH):

Online Registratie Auto Demontage (ORAD):

Tenaamstelling Voertuigbedrijf (TV):

4.5.2. Voorbeelden van categorie II overtredingen:

Erkenning bedrijfsvoorraad:

Online Registratie Export voor Handelaren (OREH):

Online Registratie Auto Demontage (ORAD):

Tenaamstelling Voertuigbedrijf (TV):

Versnelde inschrijving met afzonderlijk onderzoek (VI):

4.5.3. Voorbeelden van categorie III overtredingen

Erkenning bedrijfsvoorraad:

Online Registratie Export voor Handelaren (OREH):

Online Registratie Auto Demontage (ORAD):

4.5.4. Voorbeelden van categorie IV overtredingen

Onderstaande geldt voor de erkenning en voor alle bevoegdheden:

Het is mogelijk dat u een overtreding begaat, die niet specifiek als voorbeeld benoemd is. De RDW heeft het recht deze overtreding te categoriseren en te sanctioneren.

(zie Algemeen Deel)

In het stroomschema is uitgegaan van een enkelvoudige overtreding. Het kan voorkomen dat er bij u, bij één bedrijfsbezoek of steekproefcontrole, verschillende overtredingen worden geconstateerd. Wanneer tijdens één bedrijfsbezoek of controle meerdere overtredingen worden geconstateerd, dan wordt dit beschouwd als een meervoudige overtreding. Hierbij geldt als uitgangspunt dat de categorieën van de verschillende overtredingen bij elkaar worden opgeteld en dat een sanctie wordt opgelegd die overeenkomt met de som van de categorieën. Een constatering die betrekking heeft op tellerstanden wordt hierbij niet meegenomen.

Is echter sprake van maximaal twee overtredingen, beide van de categorie I en/of II, dan worden de categorieën niet opgeteld maar wordt een sanctie opgelegd die overeenkomt met de categorie behorend bij de zwaarste van de twee overtredingen. In alle gevallen wordt uw historie meegeteld bij het bepalen van de sanctiezwaarte.

4.6. Soorten sancties

(zie Algemeen Deel)

4.6.1. Herschouwing na intrekking voor bepaalde tijd

Na afloop van een intrekking voor bepaalde tijd wordt de intrekking automatisch door de RDW beëindigd. U hoeft hiervoor niets te doen. Wel wordt uw bedrijf daarna opnieuw bezocht door een bedrijvencontroleur van de RDW. Dit wordt een herschouwing genoemd. Deze herschouwing dient binnen 2 weken nadat de sanctie is opgeheven plaats te vinden. De bedrijvencontroleur kondigt het bezoek kort tevoren telefonisch aan (zie voor de procedure ‘Wijze van toezicht houden’ punt 2.2 van deze bijlage). Voldoet u bij de herschouwing niet aan de eisen en/of voorschriften dan kunt u in het stroomschema zelf nagaan welke sanctie naar verwachting wordt opgelegd. Aan de herschouwing zijn kosten verbonden.

Wanneer aan uw bedrijf een intrekking voor bepaalde tijd is opgelegd anders dan voor het niet verlenen van medewerking aan de controle zoals bedoeld onder 2.2 van deze bijlage, en herschouwing ondanks telefonische aankondiging controle niet mogelijk is, wordt gekeken of er sprake is van een geldige verklaring als bedoeld onder 2.2 van deze bijlage. Is er van uw bedrijf geen (geldige) verklaring zoals bedoeld in 2.2 van deze bijlage dan kunt u onder dat punt lezen wat de gevolgen voor u zijn.

Wanneer aan uw bedrijf een intrekking voor bepaalde tijd is opgelegd omdat u geen medewerking heeft verleend zoals bedoeld onder 2.2 van deze bijlage, terwijl de bedrijvencontroleur daarna gebruik heeft gemaakt van de eerder door u ingevulde en ondertekende verklaring, zoals vermeld onder 2.2 van deze bijlage, dan wordt daaraan de conclusie verbonden dat u blijvend geen medewerking verleend en volgt een intrekking voor onbepaalde tijd.

4.6.2. Attenderen inzake tellerstanden

Bij de constatering overtreding inzake onjuiste tellerstanden of de constatering inzake onterecht opgeven dat het voertuig geen teller heeft, terwijl het voertuig is voorzien van een kilometer- of mijlenteller, wordt de eerste keer een attentiebrief gestuurd.

Hoofdstuk 5. – Bezwaar en beroep

5.1. Bezwaar

(zie Algemeen Deel)

Er zijn voor deze paragraaf geen bijzonderheden.

5.1.1. Hoorzitting

(zie Algemeen Deel)

Er zijn voor dit onderdeel geen bijzonderheden.

5.1.2. Waarschuwing

(zie Algemeen deel)

Er zijn voor dit onderdeel geen bijzonderheden.

5.1.3. Opschorten

(zie Algemeen Deel)

Er zijn voor dit onderdeel geen bijzonderheden.

5.2. Beroep

(zie Algemeen Deel)

Er zijn voor deze paragraaf geen bijzonderheden.

5.3. Voorlopige voorziening

(zie Algemeen Deel)

Er zijn voor deze paragraaf geen bijzonderheden.

Hoofdstuk 6. – Handelaarskentekenbewijzen

Gebruikers van het handelaarskentekenbewijs zijn in twee categorieën in te delen:

6.1. Handelaarskentekenbewijs

6.1.1. Inleiding

Om in aanmerking te komen voor een handelaarskentekenbewijs moet u beschikken over een erkenning bedrijfsvoorraad óf moet u aantonen dat u exploitant bent van een onderneming waarin reparaties en/of andere bewerkingen aan voertuigen worden uitgevoerd. Deze reparaties en bewerkingen moeten op uw bedrijfsadres onder alle weersomstandigheden in een overdekte en behoorlijk af te sluiten ruimte kunnen worden gedaan.

Bij de aanvraag van uw handelaarskenteken heeft u aangegeven voor welke doeleinden het bestemd is. Dit is van belang voor het toezicht door de RDW. De bedrijfsactiviteiten moeten tevens blijken uit uw inschrijving bij de Kamer van Koophandel.

6.1.2. Gebruik van de handelaarskentekenplaten

U mag de handelaarskentekenplaten uitsluitend gebruiken voor het doel dat u bij de RDW heeft opgegeven. Als u geen gebruik maakt van de platen en het handelaarskentekenbewijs, moeten deze zijn opgeborgen in een afgesloten afsluitbare voorziening op het bedrijfsadres waaraan het handelaarskenteken is afgegeven. Het gebruik van het handelaarskenteken in België, Luxemburg en Duitsland is onder strikte voorwaarden toegestaan. Deze voorwaarden kunt u vinden op www.rdw.nl.

6.1.3. Categorisering en stroomschema

De RDW heeft de mogelijke overtredingen ondergebracht in vier categorieën zoals beschreven in het Algemeen Deel onder 4.5. Hieronder volgen ten aanzien van de handelaarskentekenbewijzen voorbeelden van mogelijke overtredingen per categorie.

Categorie I

Categorie II

Categorie III

Categorie IV

Het is mogelijk dat u een overtreding begaat, die niet specifiek als voorbeeld benoemd is. De RDW heeft het recht deze overtreding te categoriseren en te sanctioneren.

(zie Algemeen Deel)

6.1.4. Soorten sancties

De RDW kent met betrekking tot het handelaarskentekenbewijs de volgende twee maatregelen en sancties:

(zie Algemeen Deel, onder 4.6)

Als uw handelaarskentekenbewijs ongeldig is verklaard, mag u hier geen gebruik meer van maken. U moet het handelaarskentekenbewijs naar de RDW opsturen en de handelaarskentekenplaten vernietigen. Voor zover het handelaarskenteken is afgegeven in combinatie met de erkenning bedrijfsvoorraad, wordt na ongeldigverklaring een nieuwe aanvraag geweigerd indien de wachttijd voor uw erkenning bedrijfsvoorraad nog niet is verstreken (zie hiervoor paragraaf 3.2.3 van het Algemeen deel). Echter geldt bij een nieuwe aanvraag voor een handelaarskenteken een wachttijd van maximaal zes maanden, ook als voor uw erkenning bedrijfsvoorraad een wachttijd voor dertig maanden van toepassing is. Als het handelaarskenteken niet in combinatie met de erkenning bedrijfsvoorraad is afgegeven, kan een nieuwe aanvraag worden geweigerd tot zes maanden na ongeldigverklaring.

De ongeldigverklaring van een handelaarskentekenbewijs omvat altijd de ongeldigverklaring van alle aan het erkende bedrijf afgegeven handelaarskentekenbewijzen.

In sommige gevallen wordt de ongeldigverklaring van het handelaarskentekenbewijs onder voorwaarden opgelegd. Dit betekent dat de ongeldigverklaring alleen in werking treedt wanneer u niet binnen de gestelde termijn aan de voorwaarden kunt voldoen.

6.1.5. Stroomschema

In het stroomschema op de laatste pagina van deze bijlage worden de sancties schematisch weergegeven die alleen van toepassing zijn op deelnemers aan de handelaarskentekenregeling. In dit stroomschema is rekening gehouden met de zwaarte van overtredingen en het herhaaldelijk begaan van overtredingen. U kunt op basis van dit schema zelf nagaan welke sanctie naar verwachting wordt opgelegd.

N.B. Dit schema geldt alleen voor het gebruik van handelaarskentekenbewijzen. Voor het (vergelijkbaar) schema bij de erkenning bedrijfsvoorraad en bij de overige bevoegdheden wordt verwezen naar het schema op de laatste pagina van het Algemeen Deel.

6.1.6. Overige bepalingen

Wordt uw handelaarskentekenbewijs ongeldig verklaard of u bent het verloren, dan moet u de bijbehorende handelaarskentekenplaten direct vernietigen. Als u uw handelaarskentekenbewijs kwijt bent dan moet u hiervan aangifte doen bij de politie, daarnaast moet u van het verlies onmiddellijk melding doen aan de RDW. Het niet doen van aangifte en melding bij de RDW is een overtreding.

Afgezien van de categorisering en het stroomschema (dat voor de handelaarskentekenbewijzen in dit hoofdstuk is beschreven) zijn de andere hoofdstukken in het Algemeen Deel ook op u van toepassing.

6.2. Handelaarskentekenbewijzen zonder erkenning bedrijfsvoorraad

U bent in het bezit van een handelaarskentekenbewijs, omdat u heeft aangetoond dat u exploitant bent van een onderneming waarin reparaties en andere bewerkingen aan voertuigen kunnen worden uitgevoerd. U mag uw handelaarskentekenbewijs alleen in het kader van uw bedrijfsactiviteiten gebruiken.

Het vervoeren van goederen of personen met het handelaarskenteken is alleen toegestaan als dit voor de uitoefening van uw bedrijfsvoering nodig is. Bijvoorbeeld om na schadeherstel de prestaties van het voertuig te testen als het volgeladen is. De goederen en personen die u vervoert moeten op dezelfde plek het voertuig verlaten als waar ze zijn ingeladen of zijn ingestapt.

6.3. Handelaarskentekenbewijzen in combinatie met de erkenning bedrijfsvoorraad

Als u het handelaarskentekenbewijs heeft verkregen op basis van de erkenning bedrijfsvoorraad, mag u het alleen gebruiken voor voertuigen uit uw bedrijfsvoorraad. Dit betekent dat het handelaarskentekenbewijs alleen gebruikt mag worden voor:

Stroomschema overtredingen en sancties Handelaarskentekenbewijzen

Bijlage. Bevoegdheid tot het versneld aanvragen van de inschrijving van voertuigen zonder afzonderlijk onderzoek (Versnelde Inschrijving) 2017

Hoofdstuk 1. – Toelichting op de Bijlage Versnelde Inschrijving

1. Toelichting

De Bijlage Versnelde Inschrijving, per 1 januari 2014 ook wel de bevoegdheid tot het versneld aanvragen van de inschrijving van voertuigen zonder afzonderlijk onderzoek genaamd, is een bijlage bij het Algemeen Deel Toezichtbeleidsbrief Erkenninghouders RDW.

Bezitters van de bevoegdheid Versnelde Inschrijving zijn in twee categorieën in te delen:

In deze bijlage vindt u de specifieke bepalingen voor de erkenninghouder die bevoegd is om via de regeling versneld inschrijving zonder onderzoek van een voertuig in het kentekenregister aan te vragen. Met de bevoegdheid ‘Versnelde Inschrijving’ kunt u inschrijvingen aanvragen voor nieuwe en ongebruikte voertuigen zonder dat er afzonderlijk onderzoek aan het voertuig (op een keuringsstation van de RDW) hoeft plaats te vinden.

Voor een volledig beeld van het toezichtbeleid van de RDW dient u eerst het Algemeen Deel te lezen.

Omdat de bevoegdheid Versnelde Inschrijving valt onder de Erkenning bedrijfsvoorraad dient u ook de Bijlage Bedrijfsvoorraad en Handelaarskentekenbewijzen te lezen.

Zoekt u een specifiek onderwerp in deze bijlage, dan raden wij u aan het hele hoofdstuk te lezen waarin het onderwerp wordt behandeld.

1.1. Indeling

(zie Algemeen Deel).

Het zwart gearceerde onderdeel van de Toezichtbeleidsbrief is van toepassing voor u als aanvrager van inschrijvingen voor nieuwe en ongebruikte voertuigen zonder afzonderlijk onderzoek (Versnelde Inschrijving).

1.2. Titel

Deze bijlage is getiteld: Bijlage Bevoegdheid tot het versneld aanvragen van de inschrijving van voertuigen zonder afzonderlijk onderzoek (Versnelde Inschrijving).

Hoofdstuk 2. – Positie van de RDW bij Versnelde Inschrijving zonder afzonderlijk onderzoek

2.1. Basis van het toezicht

De RDW houdt toezicht op de verleende bevoegdheid Versnelde Inschrijving. Deze bevoegdheid is beschreven in artikel 6, eerste lid, onder b van de Regeling erkenning bedrijfsvoorraad.

De basis van het toezicht is vastgelegd in de Wegenverkeerswet 1994, het Kentekenreglement en de Regeling erkenning bedrijfsvoorraad.

2.2. Wijze van toezicht houden

De RDW houdt toezicht op de bevoegdheid Versnelde Inschrijving door middel van periodieke controlebezoeken, administratieve controles en fysieke controles. Bovendien wordt bij het toezicht gebruik gemaakt van signaleringen van andere instanties zoals de Belastingdienst en Douane ten behoeve van Risico Gestuurd Toezicht.

Risico Gestuurd Toezicht houdt kortgezegd in dat bedrijven waar overtredingen en of signalen geconstateerd zijn vaker het onderwerp van toezicht kunnen zijn. Bedrijven die minder goed of slecht presteren op het gebied van naleving van de regels zullen vaker gecontroleerd worden dan bedrijven die aantoonbaar de regels en instructies goed naleven.

De periodieke controlebezoeken worden uitgevoerd door bedrijvencontroleurs van de RDW en worden in de regel van te voren telefonisch aangekondigd. U wordt op werkdagen tussen 8:00 uur en 17:00 uur gebeld op het bij de RDW bekende telefoonnummer. U bent er zelf verantwoordelijk voor dat de RDW over het juiste telefoonnummer beschikt. De bedrijvencontroleur belt niet met nummerherkenning. U kunt hieraan echter geen rechten ontlenen. U bent er zelf voor verantwoordelijk dat de bedrijvencontroleur het bezoek telefonisch kan aankondigen.

Bij geen gehoor worden, verspreid over verschillende werkdagen, maximaal twee nieuwe pogingen ondernomen om het bezoek aan te kondigen. De bedrijvencontroleurs spreken geen antwoordapparaten of voicemails in. Als na maximaal (in totaal) drie pogingen geen controlebezoek kan plaatsvinden, bezoekt de bedrijvencontroleur uw bedrijf onaangekondigd.

Wordt bij aankomst in uw bedrijf niemand aangetroffen die gemachtigd is om medewerking aan de controle te verlenen, dan laat de bedrijvencontroleur een kaartje achter waaruit blijkt dat hij bij uw bedrijf is geweest. De RDW stuurt u vervolgens een ‘verklaring controle erkenning en/of handelaarskentekens en -kentekenbewijzen’ toe. Op deze verklaring kunt u maximaal drie telefoonnummers invullen waarop u bereikbaar bent of waarop een door u gemachtigde persoon bereikbaar is. U dient dit formulier ingevuld en binnen de daarvoor gestelde termijn naar de RDW te sturen. Doet u dit niet of brengt u toevoegingen op het formulier aan, dan kan dit leiden tot een schorsing van uw erkenning voor de duur van zes weken.

Na ontvangst door de RDW van de ingevulde en ondertekende verklaring zal de bedrijvencontroleur vervolgens een onaangekondigd bezoek plannen. Als er wederom niemand wordt aangetroffen die gemachtigd is om medewerking aan de controle te verlenen, dan probeert de bedrijvencontroleur u op de opgegeven telefoonnummers te bereiken. U of een door u gemachtigd persoon moet dan binnen 15 minuten op het bedrijfsadres aanwezig zijn. Stuurt u de verklaring niet terug of komt het na de uitgevoerde belpogingen niet tot een controlebezoek omdat er niemand is die namens uw bedrijf een controle mogelijk kan maken, dan kan daaraan de conclusie worden verbonden dat geen medewerking wordt verleend aan het toezicht en kan een tijdelijke intrekking van de erkenning van 6 weken worden opgelegd.

Daarnaast kunnen meldingen van de onder paragraaf 4.1 van het Algemeen Deel genoemde organisaties of personen reden zijn een onderzoek in te stellen en aanleiding geven tot een (onaangekondigd) controlebezoek door de RDW.

De administratieve controlesvinden steekproefsgewijs plaats. Bij een administratieve controle worden CVO’s bij de aanvrager opgevraagd. De RDW controleert aldus de aanwezigheid en juistheid van de CVO’s. Na de controle krijgt het bedrijf bericht of er onregelmatigheden zijn aangetroffen. Er wordt naar gestreefd om per bedrijf een representatief aantal aanvragen te controleren. Per maand neemt de RDW in de regel één steekproef, waarbij de omvang evenredig is naar het aantal aanvragen, met dien verstande dat in principe niet meer dan tien aanvragen worden gecontroleerd. De RDW behoudt zich echter het recht voor om wanneer daar aanleiding toe is, bijvoorbeeld ingeval van een externe melding, maandelijks meerdere steekproeven te nemen en/of meer dan 10 aanvragen per steekproef te controleren.

Het adres waar de door de RDW opgevraagde CVO’s met betrekking tot de bevoegdheid Versnelde Inschrijving naar toe moeten worden gestuurd is:

RDW

T.a.v.: de Unit Voertuigregistratie en Documenten (VRD) Postbus 30.000

9640 RA Veendam

Met ingang van 1 april 2015 vindt de inschrijving van een voertuig zonder afzonderlijk onderzoek plaats op basis van het CVO. De RDW zal op basis van het digitaal aangeleverd CVO versneld inschrijven en dit digitaal CVO toetsen op juistheid en echtheid. Hiervoor gebruikt de RDW de Europese Typegoedkeuring. Indien er een verschil is tussen het digitale CVO en de Europese Typegoedkeuring, kan de RDW ter controle alsnog het papieren CVO opvragen. Indien uit de controle afwijkingen in het CVO worden geconstateerd, is de aanvraag niet ingediend met het juiste CVO.

Indien het digitaal CVO niet bij de RDW aanwezig is, zullen alle gegevens van het CVO aan de RDW moeten worden opgegeven via de daarvoor bestemde applicatie. In deze situatie zal de RDW het CVO bij u opvragen om de aanwezigheid van het CVO en de juistheid van de aangeleverde gegevens te toetsen.

Fysieke controlesworden gehouden wanneer bij een administratieve controle één of meer onregelmatigheden worden aangetroffen. Hierop worden in de periode van enkele maanden 3 fysieke steekproeven gehouden. Een steekproef is als volgt ingericht. Na de aanvraag van een inschrijving voor een nieuw of ongebruikt voertuig ontvangt de aanvrager binnen 24 uur een terugmelding dat het voertuig in de steekproef is gevallen. Hierbij neemt een medewerker van de RDW telefonisch contact op met de aanvrager waarna deze aangeeft waar en op welk dagdeel het voertuig binnen vijf dagen kan worden gecontroleerd. De RDW kijkt intern of er een bedrijvencontroleur beschikbaar is en neemt opnieuw telefonisch contact op met de aanvrager om aan te geven of de steekproef doorgang zal vinden. Eerst op dit moment telt de controle als steekproef. Vervolgens vindt de afgesproken fysieke controle plaats. De aanvrager is er voor verantwoordelijk dat het voertuig en het bijbehorende CVO kunnen worden gecontroleerd. Bij de controle wordt tevens nagegaan of bij de aanvraag de juiste gegevens zijn verstrekt.

Wanneer tijdens een bedrijfsbezoek, administratieve- of fysieke controle of uit externe meldingen blijkt dat het bedrijf niet (meer) aan de eisen voldoet of de voorschriften niet naleeft kan een sanctie worden opgelegd.

Daarnaast kunnen meldingen van de onder paragraaf 4.1 van het Algemeen Deel genoemde organisaties of personen reden zijn een onderzoek in te stellen en aanleiding geven tot een (onaangekondigd) controlebezoek door de RDW.

2.3. Frequentie van het toezicht

De frequentie van het periodieke toezicht door middel van controlebezoeken is in beginsel 1 keer per 3 jaar. Er wordt risico gestuurd toezicht toegepast op basis van risicoprofielen. Naar aanleiding daarvan wordt voor uw bedrijf de bezoekfrequentie bepaald en daardoor kan uw bedrijf vaker worden bezocht dan 1 keer per 3 jaar.

Hoofdstuk 3. – Positie van de erkenninghouder bij Versnelde Inschrijving zonder afzonderlijk onderzoek

De aanvrager van de bevoegdheid Versnelde Inschrijving zonder afzonderlijk onderzoek moet voldoen aan een aantal eisen. Zo dient u te beschikken over een erkenning bedrijfsvoorraad, over de nationale typegoedkeuring dan wel een machtiging van de fabrikant om die te gebruiken. Indien echter sprake is van een Europese typegoedkeuring dient u te beschikken over een procesbeschrijving, waaruit onder meer is op te maken, dat het CVO van het betreffende voertuig aanwezig is bij de aanvrager op het moment van de aanvraag van de inschrijving. Tevens dient u te beschikken over door de RDW goedgekeurde datacommunicatieapparatuur, een organisatieschema en een door de RDW goedgekeurd kwaliteitshandboek van uw bedrijf. Het niet voldoen aan de eisen leidt tot een schorsing van de bevoegdheid Versnelde Inschrijving. Hierover vindt u meer in paragraaf 3.2 van het Algemeen Deel.

De bevoegdheid Versnelde Inschrijving brengt dus een grote verantwoordelijkheid met zich mee. Daarom houdt de RDW toezicht op uw bevoegdheid Versnelde Inschrijving.

3.1. Eisen en voorschriften

Naast de in het Algemeen Deel genoemde verplichtingen om in aanmerking te komen voor de bevoegdheid Versnelde Inschrijving, moet u aan een aantal andere voorschriften voldoen.

Voorschriften zijn de gedragsregels waaraan het bevoegde bedrijf zich dient te houden. Deze voorschriften zijn terug te vinden in de Wegenverkeerswet 1994 en de Regeling erkenning bedrijfsvoorraad. Deze regelingen zijn alle te vinden op www.overheid.nl.

Overtreding van de voorschriften kan leiden tot een sanctie. U wordt geacht zich op de hoogte te stellen van de regels en deze in te passen in de bedrijfsvoering. U dient de procedures in het bedrijf dan ook nauwkeurig af te stemmen op de regelgeving.

3.1.1. Het verlenen van medewerking aan het toezicht

U bent verplicht mee te werken aan het toezicht door de RDW. Dit betekent dat u de te controleren voertuigen en de voor de erkenning relevante administratie ter beschikking van de bedrijvencontroleur moet stellen en dat u aan de bedrijvencontroleur de gevraagde informatie verstrekt.

3.1.2. Documentatie

Bij de aanvraag van uw erkenning bent u gewezen op de Informatiemap voor de voertuigbranche. Hierin staan diverse procedures beschreven. U kunt de complete tekst van de Informatiemap voor de voertuigbranche vinden op www.rdw.nl.

3.1.3. Erkenningsschild/sticker(s)

(zie Algemeen Deel)

Er zijn voor dit onderdeel geen bijzonderheden.

3.1.4. Financiële verplichting

In afwijking van het Algemeen deel gaat de financiële schorsing in beginsel 1 week na dagtekening van het besluit in.

3.1.5. Instrueren van uw personeel

(zie Algemeen Deel)

Bij de steekproefsgewijze fysieke controle gaat het letterlijk om controles van de voertuigen zelf waarvoor een inschrijving is aangevraagd. Vaak zal het betreffende voertuig bij een van uw dealers staan. Wanneer de medewerker van de RDW contact met u opneemt voor het maken van een afspraak voor de fysieke steekproef kunt u deze locatie doorgeven.

Het is in dat verband wel belangrijk dat u uw dealers van deze toezichtbeleidsbrief op de hoogte

brengt, zodat zij namens u kunnen meewerken aan de steekproef. Naast de gevolgen van het niet (voldoende) instrueren van uw personeel, komen ook fouten gemaakt door uw personeel, voor uw rekening en risico.

3.1.6. Bewaarplicht stukken

(zie Algemeen Deel)

Er zijn voor dit onderdeel geen bijzonderheden.

3.2. Maatregelen

(zie Algemeen Deel)

3.2.1. Wachttijd na intrekking

Indien u een aanvraag voor een erkenning en/of bevoegdheid indient, dan wordt deze aanvraag geweigerd indien in de twaalf weken voorafgaand aan uw aanvraag een reeds dezelfde aan u afgegeven erkenning en/of bevoegdheid is ingetrokken. In het geval dat een aan u reeds afgegeven erkenning twee keer of meer is ingetrokken, dan wordt de aanvraag geweigerd tot zes maanden na de laatste intrekking. Indien voorafgaand aan uw aanvraag een reeds aan u afgegeven erkenning en/of bevoegdheid is ingetrokken op basis van een categorie IV overtreding, ondermijning van het toezicht of fraude, of is ingetrokken voor een vierde keer binnen dertig maanden, dan wordt de aanvraag geweigerd tot dertig maanden na de laatste intrekking.

3.2.2. Schorsing

In het kader van de administratieve controle kunnen CVO’s door de RDW worden opgevraagd (zie ook punt 2.2 van deze bijlage). Als u deze niet binnen de gevraagde termijn naar de RDW stuurt, wordt een schorsing van de bevoegdheid Versnelde Inschrijving opgelegd. Deze schorsing houdt in dat u gedurende de schorsingstermijn van 12 weken geen kentekens meer via de bevoegdheid Versnelde Inschrijving kunt aanvragen. U kunt de schorsing binnen deze 12 weken zelf opheffen door alsnog aan het gevraagde verzoek te voldoen. Zodra alle gevraagde CVO’s door de RDW ontvangen zijn, zal de schorsing worden opgeheven en kunt u weer gebruik maken van de bevoegdheid om versneld inschrijvingen aan te vragen. Indien u binnen deze 12 weken niet aan het verzoek van de RDW om de CVO’s te sturen heeft voldaan, zal uw bevoegdheid Versnelde Inschrijving worden ingetrokken voor onbepaalde tijd.

Hoofdstuk 4. – Overtredingen en sancties bij Versnelde Inschrijving zonder afzonderlijk onderzoek

4.1. Vaststellen van een overtreding

(zie Algemeen Deel)

Er zijn voor deze paragraaf geen bijzonderheden.

4.2. Zienswijze

In aanvulling op het Algemeen Deel geldt dat als er een reden is om naar aanleiding van een geconstateerde onregelmatigheid een sanctie op te leggen, het voornemen hiertoe aan u wordt meegedeeld door middel van een concept sanctiebrief. Voordat een sanctie aan u wordt opgelegd, krijgt u de gelegenheid om uw zienswijze kenbaar te maken. Hoe u dit kunt doen, kunt u lezen in de concept sanctiebrief. U heeft dan 3 weken na dagtekening van de brief waarbij de concept sanctie aan u wordt aangeboden de tijd om mondeling (bijvoorbeeld telefonisch) dan wel schriftelijk uw visie kenbaar te maken aan de RDW. Na 3 weken krijgt u een definitieve sanctiebrief toegezonden. Bij de totstandkoming van de definitieve brief wordt met uw zienswijze rekening gehouden. U kunt pas bezwaar aantekenen nadat u de definitieve sanctiebrief heeft ontvangen. Onderaan de definitieve brief staat beschreven hoe u bezwaar kunt maken en binnen welke termijn u het bezwaarschrift moet indienen.

4.3. Ingangsdatum

In afwijking van het Algemeen deel treedt een intrekking voor onbepaalde tijd naar aanleiding van geconstateerde overtredingen in beginsel 1 week na dagtekening van het besluit in werking.

4.4. Verjaringstermijn

Als grondslag voor de verjaringstermijn geldt de datum van verzending van de primaire sanctiebrief dan wel de waarschuwing (zie Algemeen Deel)

De verjaringstermijn van de waarschuwing en intrekkingen voor bepaalde tijd zijn voor de bevoegdheid Versnelde Inschrijving gesteld op 12 maanden.

4.5. Categorisering overtredingen en stroomschema

Voor de bevoegdheid Versnelde Inschrijving wordt een stroomschema overtredingen en sanctionering gebruikt dat afwijkt van het Algemeen Deel. Hieronder vindt u een aantal voorbeelden van overtredingen. Ook de in het Algemeen Deel vermeldde meervoudsregel wordt niet toegepast. Dit betekent dat, indien een of meer overtredingen worden geconstateerd, het bijgevoegde sanctieschema onverkort wordt toegepast.

4.5.1. Voorbeelden van categorie I overtredingen:

4.5.2. Voorbeeld van categorie II overtreding

4.5.3. Voorbeelden van categorie IV overtredingen

Onderstaande geldt voor de erkenning en voor alle bevoegdheden:

Het is mogelijk dat u een overtreding begaat, die niet specifiek als voorbeeld benoemd is. De RDW heeft het recht deze overtreding te categoriseren en te sanctioneren.

4.6. Soorten sancties

(zie Algemeen Deel)

Hoofdstuk 5. – Bezwaar en beroep

5.1. Bezwaar

(zie Algemeen Deel)

Er zijn voor deze paragraaf geen bijzonderheden.

5.1.1. Hoorzitting

(zie Algemeen Deel)

Er zijn voor dit onderdeel geen bijzonderheden.

5.1.2. Waarschuwing

(zie Algemeen deel)

Er zijn voor dit onderdeel geen bijzonderheden.

5.1.3. Opschorten

(zie Algemeen Deel)

Er zijn voor dit onderdeel geen bijzonderheden.

5.2. Beroep

(zie Algemeen Deel)

Er zijn voor deze paragraaf geen bijzonderheden.

5.3. Voorlopige voorziening

(zie Algemeen Deel)

Er zijn voor deze paragraaf geen bijzonderheden

Stroomschema sancties overtreding bevoegdheid Versnelde Inschrijving

Bijlage. Erkenning Kentekenplaatfabrikant en/of Lamineerder (GAIK) 2017

Hoofdstuk 1. -toelichting op de bijlage erkenning kentekenplaatfabrikant en/of lamineerder

1.1. Toelichting

De Bijlage Erkenning Kentekenplaatfabrikant en/of Lamineerder is een bijlage bij het Algemeen Deel Toezichtbeleidsbrief Erkenninghouders RDW. In deze bijlage vindt u de specifieke bepalingen voor de erkenninghouder kentekenplaatfabrikant en de erkenninghouder lamineerder. Als erkenninghouder kentekenplaatfabrikant kunt u kentekenplaten fabriceren en afgeven en als erkenninghouder lamineerder kunt u blanco-kentekenplaten fabriceren en leveren. De erkenning kentekenplaatfabrikant en lamineerder zijn zelfstandige erkenningen. Per productieplaats wordt slechts één erkenning kentekenplaatfabrikant en lamineerder afgegeven.

Voor een volledig beeld van het toezichtbeleid van de RDW dient u eerst het Algemeen Deel te lezen.

Alleen een erkenninghouder kentekenplaatfabrikant is bevoegd om kentekenplaten te fabriceren en af te leveren. Een kentekenplaat moet aan de voorschriften voldoen die gesteld zijn in wet- en regelgeving. Is dit niet het geval dan is de kentekenplaat onjuist. Als kentekenplaat wordt beschouwd: Een plaat die op een kentekenplaat lijkt. Dit houdt in dat een plaat met een formaat gelijkend aan een kentekenplaat en voorzien van een kenteken of van een combinatie van cijfers en letters die op een kenteken lijkt, een kentekenplaat is. Ongeacht of de plaat voorzien is van de benodigde merken, lamineercode en EU logo en ongeacht de kleur en het materiaal van de plaat.

Zoekt u een specifiek onderwerp in deze bijlage, dan raden wij u aan het hele hoofdstuk te lezen waarin het onderwerp wordt behandeld.

1.2. Indeling

(zie Algemeen Deel)

1.3. Titel

Deze bijlage is getiteld: Bijlage Erkenning Kentekenplaatfabrikant en/of Lamineerder van de Toezichtbeleidsbrief Erkenninghouders RDW.

1.4. Erkenningen en bevoegdheden

(zie Algemeen Deel)

Er zijn voor deze paragraaf geen bijzonderheden.

Hoofdstuk 2. – Positie van de RDW

2.1. Basis van het toezicht

De RDW houdt toezicht op de verleende erkenning kentekenplaatfabrikant en/of lamineerder. De basis van het toezicht is vastgelegd in de Wegenverkeerswet 1994 en de Erkenningsregeling fabrikanten kentekenplaten of de Erkenningsregeling lamineerders.

2.2. Wijze van toezicht houden

De RDW houdt toezicht op de erkenning kentekenplaatfabrikant en de erkenning lamineerder door middel van periodieke controlebezoeken, administratieve controles en fysieke controles.

Bovendien wordt bij het toezicht gebruik gemaakt van signaleringen van derden ten behoeve van Risico Gestuurd Toezicht.

Risico Gestuurd Toezicht houdt kortgezegd in dat bedrijven waar overtredingen en of signalen geconstateerd zijn vaker het onderwerp van toezicht kunnen zijn. Bedrijven die minder goed of slecht presteren op het gebied van naleving van de regels zullen vaker gecontroleerd worden dan bedrijven die aantoonbaar de regels en instructies goed naleven.

De periodieke controlebezoeken worden uitgevoerd door bedrijvencontroleurs van de RDW en worden in de regel van te voren telefonisch aangekondigd. U wordt op werkdagen tussen 8:00 uur en 17:00 uur gebeld op het bij de RDW bekende telefoonnummer. U bent er zelf verantwoordelijk voor dat de RDW over het juiste telefoonnummer beschikt. Bij geen gehoor worden, verspreid over verschillende werkdagen, maximaal twee nieuwe pogingen ondernomen om het bezoek aan te kondigen. De bedrijvencontroleurs spreken geen antwoordapparaten of voicemails in. Als na een (in totaal) derde poging geen controlebezoek tot stand kan komen, bezoekt de bedrijvencontroleur uw bedrijf onaangekondigd.

Wordt bij aankomst in uw bedrijf niemand aangetroffen die gemachtigd is om medewerking aan de controle te verlenen, dan laat de bedrijvencontroleur een kaartje achter waaruit blijkt dat hij bij uw bedrijf is geweest. De RDW stuurt u vervolgens een ‘Verklaring controle erkenning en/of handelaarskentekens en -kentekenbewijzen’ toe. Op deze verklaring kunt u drie telefoonnummers invullen waarop u bereikbaar bent of waarop een door u gemachtigde persoon bereikbaar is.

Na ontvangst door de RDW van de ingevulde en ondertekende verklaring zal de bedrijvencontroleur vervolgens een onaangekondigd bezoek plannen. Als er wederom niemand wordt aangetroffen die gemachtigd is om medewerking aan de controle te verlenen, dan probeert de bedrijvencontroleur u op de opgegeven telefoonnummers te bereiken. U of een door u gemachtigd persoon moet dan binnen 15 minuten op de locatie aanwezig zijn. Stuurt u de verklaring niet terug of komt het na de uitgevoerde belpogingen niet tot een controlebezoek omdat er niemand is die namens uw bedrijf een controle mogelijk kan maken, dan kan daaraan de conclusie worden verbonden dat geen medewerking wordt verleend aan het toezicht en kan een tijdelijke intrekking van de erkenning van 6 weken worden opgelegd.

Wanneer in verband met langdurige afwezigheid uw bedrijf gesloten is en er geen bedrijfsactiviteiten plaatsvinden zodat controle op de erkenning niet mogelijk is, dan brengt u de RDW hiervan tijdig schriftelijk op de hoogte.

Daarnaast kunnen meldingen van de onder paragraaf 4.1 van het Algemeen Deel genoemde organisaties of personen reden zijn een onderzoek in te stellen en aanleiding geven tot een (onaangekondigd) controlebezoek door de RDW.

2.3. Frequentie van het toezicht

De frequentie van het periodieke toezicht door middel van controlebezoeken is in beginsel 1 keer per 3 jaar. Er wordt risico gestuurd toezicht toegepast op basis van risicoprofielen. Naar aanleiding daarvan wordt voor uw bedrijf de bezoekfrequentie bepaald en daardoor kan uw bedrijf vaker worden bezocht dan 1 keer per 3 jaar.

Hoofdstuk 3. – Positie van de erkenninghouder

Als u in het bezit bent van de erkenning lamineerder heeft u de mogelijkheid om blanco-kentekenplaten te fabriceren en te leveren aan erkende kentekenplaatfabrikanten. Bent u in het bezit van de erkenning kentekenplaatfabrikant dan heeft u de mogelijkheid om kentekenplaten te fabriceren en af te geven. Kentekenplaten worden bevestigd op voertuigen die daarmee gebruik kunnen maken van de openbare weg. Deze erkenningen brengen dus een grote verantwoordelijkheid met zich mee.

Daarom houdt de RDW toezicht op uw erkenning(en).

3.1. Voorschriften

Naast de in het Algemeen Deel genoemde verplichtingen om in aanmerking te komen voor een erkenning kentekenplaatfabrikant, moet u aan een aantal andere voorwaarden voldoen.

Naast de in het Algemeen Deel genoemde verplichtingen om in aanmerking te komen voor een erkenning lamineerder, moet u aan een aantal andere voorwaarden voldoen.

Als u niet meer aan deze verplichtingen voldoet, leidt dat tot een schorsing van de erkenning. Hierover vindt u meer in paragraaf 3.2 van het Algemeen Deel.

3.1.1. Het verlenen van medewerking aan het toezicht

U bent verplicht mee te werken aan het toezicht door de RDW. Dit betekent dat u de te controleren (blanco-)kentekenplaten, de aanverwante zaken en de voor de erkenning relevante administratie ter beschikking van de bedrijvencontroleur moet stellen en dat u aan de bedrijvencontroleur de gevraagde informatie verstrekt.

3.1.2. Documentatie

De erkenninghouder kentekenplaatfabrikant en lamineerder kan nadere informatie inwinnen via de RDW-publicaties ‘Gebruikershandleiding Webapplicaties RDW algemeen’, ‘Gebruikershandleiding voor kentekenplaatfabrikanten’, ‘Gebruikershandleiding voor lamineerders’, ‘Gebruikershandleiding ophalen bestanden WEBREB GAIK Online’ en ‘Procedures GAIK Online’.

Deze zijn te verkrijgen bij de unit Erkenningen en Toezicht van de RDW, Postbus 30000, 9640 RA te Veendam. Ook is de informatie te vinden op: gaik.rdw.nl

3.1.3. Erkenningsschild/sticker(s)

Als aan u een intrekking voor onbepaalde tijd wordt opgelegd, moet u naast de in het Algemeen Deel genoemde stukken ook de droogstempel en blinddruktang die door de RDW is verstrekt per direct inleveren bij de RDW. Tevens dient u na intrekking alle stickers te verwijderen.

3.1.4. Financiële verplichting

In afwijking van het Algemeen deel gaat de financiële schorsing in beginsel op de vijfde werkdag na dagtekening van het besluit in.

3.1.5. Instrueren van uw personeel

(zie Algemeen Deel)

Er zijn voor dit onderdeel geen bijzonderheden.

3.1.6. Bewaarplicht stukken

(zie Algemeen Deel)

Er zijn voor dit onderdeel geen bijzonderheden.

3.2. Maatregelen

(zie Algemeen Deel)

3.2.1. Wachttijd na intrekking

Indien u een aanvraag voor een erkenning en/of bevoegdheid indient, dan wordt deze aanvraag geweigerd indien in de twaalf weken voorafgaand aan uw aanvraag een reeds dezelfde aan u afgegeven erkenning en/of bevoegdheid is ingetrokken. In het geval dat een aan u reeds afgegeven erkenning twee keer of meer is ingetrokken, dan wordt de aanvraag geweigerd tot zes maanden na de laatste intrekking.

3.3. Overzichten GAIK Online

Via GAIK Online kan de erkenninghouder een overzicht opvragen van de op hem betrekking hebbende gegevens van (blanco-)kentekenplaten.

Hoofdstuk 4. – Overtredingen en sancties

4.1. Vaststellen van een overtreding

(zie Algemeen Deel)

Er zijn voor deze paragraaf geen bijzonderheden.

4.2. Zienswijze

De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.

Deze tekst wordt gepubliceerd onder de eigen hergebruiksvoorwaarden van BWB, niet onder een licentie van Legalize of van het publieke domein. BWB
CC0 1.0 Universeel (publiek domein)