Regeling van de Minister van Economische Zaken van 26 juni 2017, nr. WJZ/17075625, tot aanwijzing van monomestvergistingsinstallaties als subsidiabele categorie voor 2017 in het kader van de stimulering van duurzame energieproductie (Regeling monomestvergisting 2017)
Gelet op de artikelen 2, tweede tot en met vierde lid, 3, vierde lid, 7, 36, tweede lid, 37, eerste lid, 39, vijfde lid, 40, derde tot en met zevende lid, 51, tweede lid, 52, eerste lid, 55, derde tot en met vijfde en zevende lid, 56, tweede, derde, vijfde en zesde lid, 59, tweede en vierde lid, 60, tweede lid, onderdeel b, 61, eerste en derde lid en 62, vierde lid en vijfde lid, onderdeel b, van het Besluit stimulering duurzame energieproductie;
Besluit:
§ 1. Begripsbepalingen
Artikel 1
In deze regeling wordt verstaan onder:
- –. algemene uitvoeringsregeling: Algemene uitvoeringsregeling stimulering duurzame energieproductie;
- –. besluit: Besluit stimulering duurzame energieproductie;
- –. minister: Minister van Economische Zaken;
- –. nominaal elektrisch rendement: quotiënt van het nominaal elektrisch vermogen en:
- a. de som van het nominaal elektrisch vermogen en nominaal warmtevermogen in het geval van gecombineerde opwekking met behulp van een verbrandingsmotor, en
- b. het nominaal warmtevermogen van de ketel in het geval van gecombineerde opwekking met behulp van een stoomturbine of een organische rankinecyclus;
- –. nominaal vermogen: maximale vermogen van de productie-installatie dat onder nominale condities benut kan worden voor de productie van hernieuwbare elektriciteit of hernieuwbare warmte of hernieuwbaar gas en wat door de leverancier gegarandeerd wordt bij continu gebruik;
- –. vergisting van uitsluitend dierlijke mest: biologische afbraakreacties van verpompbare vaste en vloeibare uitwerpselen van dieren.
§ 2. Aanwijzing categorieën en openstelling
Artikel 2
De minister verstrekt op aanvraag subsidie:
- a. aan een producent van hernieuwbaar gas geproduceerd door een productie-installatie met een nominaal vermogen kleiner dan of gelijk aan 400 kW waarmee hernieuwbaar gas wordt geproduceerd door middel van vergisting van uitsluitend dierlijke mest;
- b. aan een producent van hernieuwbare elektriciteit en hernieuwbare warmte geproduceerd door een productie-installatie met een nominaal vermogen kleiner dan of gelijk aan 400 kW voor elektrisch vermogen en thermisch vermogen samen en een nominaal elektrisch rendement ten minste 20% waarmee hernieuwbare elektriciteit en hernieuwbare warmte wordt geproduceerd door middel van vergisting van uitsluitend dierlijke mest.
Productie-installaties als bedoeld in het eerste lid worden aangewezen als productie-installaties als bedoeld in artikel 3, vierde lid, van het besluit.
Artikel 3
Het subsidieplafond bedraagt € 150 miljoen.
Artikel 4
Aanvragen om subsidie worden ontvangen in de periode van 4 juli 2017 09:00 uur tot 27 juli 2017 17:00 uur.
§ 3. Aanvraag en beslissing op de aanvraag
Artikel 5
Productie-installaties als bedoeld in artikel 2, eerste lid, worden aangewezen als productie-installaties als bedoeld in artikel 56, tweede lid, van het besluit.
Productie-installaties als bedoeld in artikel 2, eerste lid, worden aangewezen als productie-installaties als bedoeld in artikel 56, derde lid, van het besluit.
Artikel 6
In afwijking van artikel 2a, eerste lid, van de algemene uitvoeringsregeling gaat een aanvraag om subsidie vergezeld van een haalbaarheidsstudie.
Indien een aanvraag tot subsidieverlening wordt ingediend zonder de gegevens, bedoeld in artikel 56, vierde lid, onderdeel d, van het besluit, bevat de haalbaarheidsstudie een plan van aanpak en een tijdschema betreffende de werving van een locatie voor de realisatie van de productie-installatie en de verkrijging van de vergunningen die vereist zijn voor de realisatie van de productie-installatie.
Indien een aanvraag tot subsidieverlening wordt ingediend met de gegevens, bedoeld in artikel 56, vierde lid, onderdeel d, van het besluit maar zonder de vergunningen die vereist zijn voor de realisatie van de productie-installatie, bevat de haalbaarheidsstudie een plan van aanpak en een tijdschema voor de verkrijging van de vergunningen die zijn vereist voor de realisatie van de productie-installatie.
Artikel 7
Productie-installaties als bedoeld in artikel 2, eerste lid, worden aangewezen als productie-installaties als bedoeld in artikel 59, tweede lid, van het besluit.
Artikel 59, vierde lid, van het besluit is van toepassing op een aanvraag om subsidie.
Artikel 8
De minister verdeelt het bedrag, genoemd in artikel 3, op volgorde van rangschikking van de aanvragen.
Ten behoeve van de rangschikking wordt het tenderbedrag van een subsidieaanvraag voor de productie van hernieuwbaar gas gecorrigeerd door het in de subsidieaanvraag genoemde tenderbedrag in euro per kWh te delen door een correctiefactor van 0,706.
Artikel 9
Het maximum tenderbedrag, bedoeld in artikel 36, tweede lid, van het besluit, voor productie-installaties als bedoeld in artikel 2, eerste lid, onderdeel a, bedraagt € 0,088 per kWh.
Het maximum tenderbedrag bedoeld in artikel 51, tweede lid, van het besluit, voor productie-installaties als bedoeld in artikel 2, eerste lid, onderdeel b, bedraagt € 0,125 per kWh.
Artikel 10
De basisenergieprijs, bedoeld in artikel 37, eerste lid, van het besluit bedraagt voor productie-installaties als bedoeld in artikel 2, eerste lid, onderdeel a, € 0,015 per kWh.
De basisenergieprijs, bedoeld in artikel 52, eerste lid, van het besluit bedraagt voor productie-installaties als bedoeld in artikel 2, eerste lid, onderdeel b, € 0,030 per kWh.
Artikel 11
Voor een aanvraag als bedoeld in artikel 6, tweede en derde lid, wordt de subsidie verleend onder de opschortende voorwaarde dat binnen twee weken na de afgifte van de beschikking tot subsidieverlening een uitvoeringsovereenkomst overeenkomstig het model opgenomen in bijlage 1 tot stand is gekomen tussen de Staat en de subsidie-ontvanger, en onder de opschortende voorwaarde dat de subsidie-ontvanger binnen vier weken na de afgifte van de beschikking tot subsidieverlening heeft aangetoond dat een bankgarantie overeenkomstig het model opgenomen in bijlage 2 is afgegeven.
Indien niet tijdig aan de voorwaarden, bedoeld in het eerste lid, is voldaan komt het vrijgekomen budget beschikbaar voor een volgende aanvraag op basis van de rangschikking.
§ 4. Verplichtingen van de subsidie-ontvanger
Artikel 12
In geval van een aanvraag als bedoeld in artikel 6, tweede lid, meldt de subsidie-ontvanger aan de Minister de locatie waar de productie-installatie wordt geplaatst voor de aanvang van de bouw van de productie-installatie.
Een subsidie-ontvanger realiseert per adres één productie-installatie als bedoeld in artikel 2, eerste lid.
Een subsidie-ontvanger neemt de productie-installatie, bedoeld in artikel 2, eerste lid, in gebruik binnen twee jaar na de datum van de beschikking tot subsidieverlening.
Artikel 3, eerste en tweede lid, van de algemene uitvoeringsregeling, is niet van toepassing op een aanvraag om subsidie.
§ 5. Algemene bepalingen
Artikel 13
Een subsidie als bedoeld in artikel 2, eerste lid, wordt over een periode van twaalf jaar verstrekt.
Artikel 14
Het maximale aantal vollasturen, bedoeld in artikel 40, vijfde lid, van het besluit voor productie-installaties als bedoeld in artikel 2, eerste lid, onderdeel a, bedraagt 8.000 uren.
Het maximale aantal vollasturen, bedoeld in artikel 55, vijfde lid, van het besluit voor productie-installaties als bedoeld in artikel 2, eerste lid, onderdeel b, bedraagt 7.200 uren.
Artikel 15
Productie-installaties als bedoeld in artikel 2, eerste lid, onderdeel a, worden aangewezen als productie-installaties als bedoeld in:
- b. artikel 40, vierde lid, van het besluit, met dien verstande dat het verschil in kWh dat ingevolge dat lid, bij het aantal geproduceerde kWh van het volgende jaar mag worden opgeteld, wordt gemaximeerd op 25% van het aantal kWh dat het desbetreffende jaar voor subsidie in aanmerking komt;
Productie-installaties als bedoeld in artikel 2, eerste lid, onderdeel b, worden aangewezen als productie-installaties als bedoeld in:
- c. artikel 55, vierde lid, van het besluit, met dien verstande dat het verschil in kWh dat ingevolge dat lid bij het aantal geproduceerde kWh van het volgende jaar mag worden opgeteld, wordt gemaximeerd op 25% van het aantal kWh dat het desbetreffende jaar voor subsidie in aanmerking komt;
§ 6. Overgangs- en slotbepalingen
Artikel 16
De correcties op het tenderbedrag voor subsidie voor een productie-installatie als bedoeld in het in de eerste kolom genoemde artikel, worden voor 2017 als volgt vastgesteld: voor wat betreft het bedrag bedoeld in artikel 39, eerste lid, onderdeel a, respectievelijk artikel 54, eerste lid, onderdeel a, van het besluit het in de derde kolom genoemde bedrag en voor wat betreft de correcties, bedoeld in artikel 39, eerste lid, onderdelen b en c, respectievelijk artikel 54, eerste lid, onderdelen b en c, van het besluit, het in de vierde kolom genoemde bedrag.
| 1. | 2. | 3. | 4. |
|---|---|---|---|
| Artikel | Omschrijving categorie | Correctiebedrag (€/kWh) | Correctiebedrag |
| 2, eerste lid, onderdeel a | Monomestvergisting/gas | 0,016 | 0 |
| 2, eerste lid, onderdeel b | Monomestvergisting/elektriciteit en warmte | 0,031 | 0 |
Artikel 17
Deze regeling treedt in werking met ingang van 1 juli 2017.
Artikel 18
Deze regeling wordt aangehaald als: Regeling monomestvergisting 2017.
Bijlage 1. als bedoeld in artikel 11, eerste lid, van de Regeling monomestvergisting 2017: model uitvoeringsovereenkomst
Uitvoeringsovereenkomst tot zekerheid van het aanvangen van de activiteiten ter zake waarvan subsidie is verstrekt op basis van de Regeling monomestvergisting 2017
De Staat der Nederlanden, (hierna te noemen: de Staat), te dezen rechtsgeldig vertegenwoordigd door de Minister van Economische Zaken,;
en
......... ......., gevestigd te......... (hierna te noemen: Ondernemer);
..................................................
(hierna te samen ook te noemen: Partijen);
overwegen:
Partijen komen daartoe het volgende overeen:
Artikel 1. Tijdige ingebruikname van de productie-installatie/productie-installaties
De Ondernemer verplicht zich jegens de Staat de [productie-installatie/productie-installaties], bedoeld in de [Beschikking/Beschikkingen ... tot en met ...], tijdig in gebruik te nemen en wel binnen de in artikel 12, derde lid, van de Regeling bedoelde periode. of, [indien voor de productie-installatie / voor zover voor een of meer productie-installaties] op grond van artikel 62, derde lid, van het Besluit stimulering duurzame energieproductie een ontheffing is verleend, binnen de [in de ontheffing opgenomen periode / voor de desbetreffende productie-installatie in de bijbehorende ontheffing opgenomen periode].
Artikel 2. Inhoud en omvang van de garantie
De Ondernemer verplicht zich om tot zekerheid voor:
binnen vier weken na de datum van de [Beschikking/Beschikkingen ... tot en met ...] ten behoeve van de Staat financiële zekerheid te stellen en gesteld te houden voor een bedrag groot:
[2% van de op grond van de Beschikking maximaal te verstrekken subsidie, € [...] (zegge: [...] euro) /
2% van de op grond van elk van de Beschikkingen ... tot en met ...maximaal te verstrekken subsidie, in totaal € [...] (zegge: [...] euro), ]
door middel van de afgifte aan de Staat van een door een binnen de Europese Unie gevestigde bank afgegeven bankgarantie welke is opgemaakt onder gebruikmaking van het model opgenomen in bijlage 2 bij de Regeling.
Artikel 3. Vrijval van de garantie
Artikel 4. Boetes
Artikel 5. Aanvang en einde Uitvoeringsovereenkomst
Artikel 6. Domiciliekeuze en berichtgevingen
Artikel 7. Rechtskeuze
Artikel 8. Citeertitel
Deze Uitvoeringsovereenkomst wordt tussen partijen aangeduid als ‘Uitvoeringsovereenkomst Monomestvergisting Staat/......................, nummer ...’.
Aldus overeengekomen en in tweevoud ondertekend
te .......
Ondernemer
te .... op ....................
De Minister van Economische Zaken.
Bijlage 2. als bedoeld in artikel 11, eerste lid, van de Regeling monomestvergisting 2017: model bankgarantie
DE ONDERGETEKENDE,
............................., gevestigd te ......., hierna te noemen de ‘Bank’,
IN AANMERKING NEMENDE DAT:
- A. ........................... , gevestigd te ........, (hierna te noemen de Ondernemer) en de STAAT der NEDERLANDEN, (hierna te noemen: Staat), waarvan de zetel is gevestigd te Den Haag, te dezen vertegenwoordigd door ...................., hierbij vertegenwoordigd door de Minister van Economische Zaken op ............. de ‘Uitvoeringsovereenkomst Monomestvergisting Staat/......................, nummer ... (hierna: Uitvoeringsovereenkomst) hebben getekend;
- [B. De Ondernemer volgens artikel 2 van de uitvoeringsovereenkomst binnen vier weken na de datum van de [beschikking/beschikkingen ... tot en met ...] tot subsidieverlening ten behoeve van de Staat financiële zekerheid dient te stellen en gesteld dient te houden voor een bedrag groot € [...] (zegge: [...] euro), door de afgifte aan de Staat van een door een bank afgegeven bankgarantie welke luidt conform het model dat als Bijlage bij die overeenkomst behoort;
- C. De Bank bereid is de desbetreffende bankgarantie ten gunste van de Staat te stellen onder de hierna te noemen voorwaarden;
VERKLAART ALS VOLGT
-
- De Bank stelt zich hierbij als zelfstandige verbintenis tegenover de Staat onherroepelijk en onvoorwaardelijk garant voor al hetgeen de Staat van de Ondernemer op grond van de uitvoeringsovereenkomst te vorderen heeft tot een maximumbedrag van € ... .
-
- Deze bankgarantie is een abstracte afroepgarantie. De Bank komt in geen geval een beroep toe op de onderliggende rechtsverhouding tussen de Staat en de Ondernemer als vervat in de Uitvoeringsovereenkomst.
-
- De Bank zal op eerste schriftelijk verzoek van de Staat, zonder opgaaf van redenen te verlangen of nader bewijs te vragen, overgaan tot uitbetaling van al hetgeen de Ondernemer, volgens verklaring van de Staat, verschuldigd is uit hoofde van de Uitvoeringsovereenkomst.
-
- Deze bankgarantie vervalt uitsluitend door het schriftelijk bericht van de Staat aan de Bank dat de verplichting geheel of gedeeltelijk is vervallen.
-
- De Minister van Economische Zaken zendt de bankgarantie zo spoedig mogelijk nadat deze geheel is vervallen retour aan de Bank.
-
- Op deze bankgarantie is uitsluitend Nederlands recht van toepassing. Alle geschillen die mochten ontstaan over of naar aanleiding van deze bankgarantie zullen worden beslecht door de bevoegde rechter te ’s-Gravenhage.
-
- Indien deze bankgarantie dient te worden geretourneerd geschiedt dat door toezending aan adres: ...............
Getekend te
op
De Bank.
Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.
De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.
Deze tekst wordt gepubliceerd onder de eigen hergebruiksvoorwaarden van BWB, niet onder een licentie van Legalize of van het publieke domein.
BWB
CC0 1.0 Universeel (publiek domein)