Besluit van 3 juli 2018, houdende regels over de kwaliteit van de fysieke leefomgeving en de uitoefening van taken en bevoegdheden (Besluit kwaliteit leefomgeving)

Type AMvB
Publication 2026-07-11
Laatst bijgewerkt 2026-07-14
State In force
Source BWB
artikelen 1226
Wijzigingsgeschiedenis JSON API

2 Pompbeveiliging is een combinatie van elementen en voorzieningen per koudemiddelpomp, waardoor bij een breuk van de afvoerleiding van de pomp die pomp onverwijld buiten werking wordt gesteld en de toevoer van ammoniak naar de leiding wordt afgesneden. Als een installatie in opstellingsuitvoering 2 of 3 niet is uitgerust met een pompbeveiliging, wordt de afstand vermeerderd met 30 m.

3 Hoeveelheidsklasse ammoniak is de totale hoeveelheid ammoniak die in de installatie aanwezig is, met inbegrip van de hoeveelheid in een afscheidervat met minder dan 400 kg ammoniak.

4 Opstellingsuitvoering 1 is een opstelling waarbij alle ammoniakvoerende onderdelen zijn opgesteld in de machinekamer of in de productieruimte, eventueel met uitzondering van de condensor met verbindend leidingwerk, waarbij die laatste onderdelen buiten opgesteld kunnen zijn.

5 Opstellingsuitvoering 2 is een opstelling als bij opstellingsuitvoering 1, waarbij de leidingen naar en van de verdamper of verdampers met de buitenlucht in verbinding staan.

1 Werktemperatuur is de afscheider- of verdampingstemperatuur.

2 Pompbeveiliging is een combinatie van elementen en voorzieningen per koudemiddelpomp, waardoor bij een breuk van de afvoerleiding van de pomp die pomp onverwijld buiten werking wordt gesteld en de toevoer van ammoniak naar de leiding wordt afgesneden. Als een installatie in opstellingsuitvoering 2 of 3 niet is uitgerust met een pompbeveiliging, wordt de afstand vermeerderd met 30 m.

3 Hoeveelheidsklasse ammoniak is de totale hoeveelheid ammoniak die in de installatie aanwezig is, met inbegrip van de hoeveelheid in een afscheidervat met minder dan 400 kg ammoniak.

4 Opstellingsuitvoering 1 is een opstelling waarbij alle ammoniakvoerende onderdelen zijn opgesteld in de machinekamer of in de productieruimte, eventueel met uitzondering van de condensor met verbindend leidingwerk, waarbij die laatste onderdelen buiten opgesteld kunnen zijn.

5 Opstellingsuitvoering 2 is een opstelling als bij opstellingsuitvoering 1, waarbij de leidingen naar en van de verdamper of verdampers met de buitenlucht in verbinding staan.

2. Opslagtank voor gassen

6. Seveso-inrichting

7. Behandelen, regelen en meten van aardgas

2 Tkook is kooktemperatuur.

3 LC50 is mediaan letale concentratie, dat is de concentratie van een stof waarbij 50% van de testorganismen overlijdt na 1 uur.

Bijlage VIII. bij artikel 5.23 van dit besluit (explosieaandachtsgebieden vuurwerk)

Bijlage XII. bij artikel 5.41, eerste lid, van dit besluit (grote rivieren)

Bijlage XIII. bij de artikelen 5.76, 8.19 en 8.42 van dit besluit (militaire terreinen met militaire schietbanen en militaire springterreinen waarvoor in het omgevingsplan de standaardwaarde voor het toelaatbare geluid op een geluidgevoelig gebouw moet worden opgenomen)

Locatie Gemeente
AOCS Nieuw Milligen Apeldoorn
Artillerie Schietkamp Oldebroek
Complex Nieuwe Haven Den Helder
Genm de R V S Kazerne Oirschot
Infanterie Schietkamp Ede
Johannes Postkazerne Westerveld
Kamp De Kiek Goirle
Kruispeel en Achterbroek Weert
Marinekazerne Erfprins Den Helder
OT Arnhemse Heide Arnhem
OT Havelte West Steenwijkerland
OT Vlakte Van Waalsdorp ’s-Gravenhage
Sb Breezanddijk Súdwest-Fryslân
Sb Harderwijk Harderwijk
Sb Marnewaard De Marne
Sb Petten Schagen
Sb Weert Weert
Sb Witten Assen
Schietbaan Heumensoord Heumen
Schietrange Vliehors Vlieland
Schietterrein Petten Schagen
Springterrein Schaijk Landerd
Vliegbasis Gilze-Rijen Gilze en Rijen
Vliegbasis Volkel Uden
Vliegbasis Woensdrecht Woensdrecht

Bijlage VIII. bij artikel 5.23 van dit besluit (explosieaandachtsgebieden vuurwerk)

Bijlage X. bij artikel 5.32 van dit besluit (militaire explosieaandachtsgebieden)

Locatie Gemeente Militair explosie-aandachtsgebied A Militair explosie- aandachts- gebied B Militair explosie-aandachts- gebied C
Complex Nieuwe Haven Den Helder ja ja ja
Genm de R V S Kazerne Oirschot ja ja ja
Johannes Postkazerne Westerveld ja ja nee
Kamp Alphen Alphen-Chaam ja ja ja
LC Maartensdijk De Bilt ja ja ja
Legerplaats bij Oldebroek Elburg nee ja ja
Luitenant-Generaal Bestkazerne Venray ja ja ja
Lunettenkazerne Vught ja ja nee
Marinekazerne Erfprins Den Helder nee ja nee
MC Duivelsberg Arnhem ja ja ja
MMC Beetgumermolen Leeuwarden ja ja ja
MMC Coevorden Coevorden ja ja ja
MMC De Kom Wassenaar ja ja ja
MMC Hoenderloo II Ede nee nee ja
MMC Ritthem Vlissingen ja ja ja
MMC Ruinen De Wolden ja ja ja
MMC Staphorst Staphorst ja ja ja
MMC Veenhuizen Noordenveld ja ja ja
MVK De Kooy Den Helder ja ja nee
Prinses Margrietkazerne Oldebroek nee nee ja
Sergeant-Majoor Scheickkazerne Soest ja ja ja
Springterrein Schaijk Landerd nee nee ja
Van Ghentkazerne Rotterdam ja ja nee
Vliegbasis Eindhoven Eindhoven ja ja ja
Vliegbasis Gilze-Rijen Gilze en Rijen ja ja ja
Vliegbasis Leeuwarden Leeuwarden ja ja ja
Vliegbasis Volkel Uden ja ja ja
Vliegbasis Woensdrecht Woensdrecht ja ja ja
Willem L V Nassaukazerne De Marne ja ja ja

Bijlage XII. bij artikel 5.41, eerste lid, van dit besluit (grote rivieren)

B. Onveilige gebieden bij militaire schietbanen als bedoeld in artikel 5.150, tweede lid

F. Gebieden waar bouwwerken het civiele radarbeeld kunnen verstoren als bedoeld in artikel 5.161a, vijfde lid, en maximale hoogtes van bouwwerken als bedoeld in artikel 5.155, eerste lid

D. Gebied waar zich een militaire laagvliegroute voor jacht- en transportvliegtuigen bevindt als bedoeld in artikel 5.150, vierde lid

Bijlage XIIIb. bij artikel 5.89j, tweede lid, van dit besluit (TCL en geurdrempel)

TCL = toxicologisch maximaal Toelaatbare Concentratie in Lucht in microgram per kubieke meter lucht.

Geurdrempel = de geurdrempel van een gasvormige stof is de laagste concentratie van die stof in lucht waarbij de geur ervan nog waarneembaar is door de mens, uitgedrukt in microgram per kubieke meter.

TCL eenheid (μg/m3 ) Geurdrempel laagste eenheid (μg/m3 ) Geurdrempel mediaan (μg/m3 )
1. Metalen 1. Metalen 1. Metalen 1. Metalen
Arseen 1,0 – –
Barium (niet oplosbaar) 1,0 – –
Chroom III 60 – –
Chroom VI 0,0025 – –
Kobalt 0,5 – –
Koper 1,0 – –
Kwik (metallisch) 0,2 – –
Molybdeen 12 – –
Nikkel 0,05 – –
2. Overige anorganische stoffen 2. Overige anorganische stoffen 2. Overige anorganische stoffen 2. Overige anorganische stoffen
Cyanide (vrij) 25 2.000 900
3. Aromatische verbindingen 3. Aromatische verbindingen 3. Aromatische verbindingen 3. Aromatische verbindingen
Benzeen 20 80.000 5.000
Ethylbenzeen 770 90.000 9.000
Tolueen 400 20.000 600
Xylenen (som)1 870 8.000 400
Fenol 20 700 20
Cresolen (som)1 170 – –
Styreen (vinylbenzeen) 900 3.000 70
4. Polycyclische aromatische Koolwaterstoffen (PAK’s) 4. Polycyclische aromatische Koolwaterstoffen (PAK’s) 4. Polycyclische aromatische Koolwaterstoffen (PAK’s) 4. Polycyclische aromatische Koolwaterstoffen (PAK’s)
Naftaleen – 800 50
5. Gechloreerde koolwaterstoffen 5. Gechloreerde koolwaterstoffen 5. Gechloreerde koolwaterstoffen 5. Gechloreerde koolwaterstoffen
a. Vluchtige chloorkoolwaterstoffen a. Vluchtige chloorkoolwaterstoffen a. Vluchtige chloorkoolwaterstoffen a. Vluchtige chloorkoolwaterstoffen
Monochlooretheen (Vinylchloride) 3,6 40.000 30.000
Dichloormethaan 3.000 300.000 5.000
1,1-dichloorethaan 370 600.000 200.000
1,2-dichloorethaan 48 100.000 20.000
1,1-dichlooretheen 14 – –
1,2-dichlooretheen (Cis) 30 – –
1,2-dichlooretheen (Trans) 60 – –
Dichloorpropaan (1,2) 12 10.000 1.000
Dichloorpropaan (1,3) 12 10.000 1.000
Trichloormethaan (Chloroform) 100 700.000 300.000
1,1,1-trichloorethaan 380 900.000 90.000
1,1,2-trichloorethaan 17 – –
Trichlooretheen (Tri) 200 50.000 1.000
Tetrachloormethaan (Tetra) 60 1.000.000 300.000
Tetrachlooretheen (Per) 250 100.000 10.000
b. Chloorbenzenen b. Chloorbenzenen b. Chloorbenzenen b. Chloorbenzenen
Chloorbenzenen (som)1 – 7.000 400
Monochloorbenzeen 500 – –
1,2 dichloorbenzeen 600 – –
1,4 dichloorbenzeen 670 – –
Trichloorbenzenen(indiv) 50 – –
Tetrachloorbenzenen (som)1 600 – –
Pentachloorbenzeen 600 – –
Hexachloorbenzeen 0,75 – –
c. Chloorfenolen c. Chloorfenolen c. Chloorfenolen c. Chloorfenolen
Chloorfenolen (som)1 – 400 20
d. Polychloorbifenylen (PCB’s) d. Polychloorbifenylen (PCB’s) d. Polychloorbifenylen (PCB’s) d. Polychloorbifenylen (PCB’s)
PCB's (som 7)1 0,5 – –
e. Overige gechloreerde koolwaterstoffen e. Overige gechloreerde koolwaterstoffen e. Overige gechloreerde koolwaterstoffen e. Overige gechloreerde koolwaterstoffen
Monochlooranilinen (som)1 4 – –
Chloornaftaleen (som)1 1 – –
6. Bestrijdingsmiddelen 6. Bestrijdingsmiddelen 6. Bestrijdingsmiddelen 6. Bestrijdingsmiddelen
a. Organochloor-bestrijdingsmiddelen a. Organochloor-bestrijdingsmiddelen a. Organochloor-bestrijdingsmiddelen a. Organochloor-bestrijdingsmiddelen
Aldrin 0,35 – –
Dieldrin 0,35 – –
Endrin 0,7 – –
HCH(som)1 0,25 – –
α -HCH 0,25 – –
β -HCH 0,25 – –
γ -HCH 0,14 – –
Heptachloor 0,5 – –
Heptachloorepoxide (som)1 0,5 – –
Maneb 18 – –
b. Organotinverbindingen b. Organotinverbindingen b. Organotinverbindingen b. Organotinverbindingen
Tributyltin 0,02 – –
c. Chloorfenoxy-azijnzuur-herbiciden c. Chloorfenoxy-azijnzuur-herbiciden c. Chloorfenoxy-azijnzuur-herbiciden c. Chloorfenoxy-azijnzuur-herbiciden
MCPA 7 – –
d. Overige bestrijdingsmiddelen d. Overige bestrijdingsmiddelen d. Overige bestrijdingsmiddelen d. Overige bestrijdingsmiddelen
Carbaryl 10 – –
Chloordaan (som)1 0,02 – –
7. Overige organische verbindingen 7. Overige organische verbindingen 7. Overige organische verbindingen 7. Overige organische verbindingen
Cyclohexanon 136 10.000 500
Pyridine 120 900 9
Tetrahydrofuran 35 20.000 300
Tetrahydrothiofeen 650 3 3
Tribroommethaan (bromoform) 100 – –

1 Deze stoffen maken onderdeel uit van een somparameter. Op de samenstelling van de somparameters zijn de regels krachtens artikel 25g, negende lid, onder j, van het Besluit bodemkwaliteit van toepassing.

– Geen TCL of geurdrempel beschikbaar

B. Onveilige gebieden bij militaire schietbanen als bedoeld in artikel 5.150, tweede lid

E. Gebieden waar bouwwerken het militaire radarbeeld kunnen verstoren als bedoeld in artikel 5.150, vijfde lid, en maximale hoogtes van bouwwerken als bedoeld in artikel 5.155, eerste lid

A. Militaire terreinen en terreinen met een militair object als bedoeld in de artikelen 5.150, eerste lid, en 7.6, tweede lid

Hengelo (O) – Gronau (Duitsland);

Hessenweg – Ens;

Hollandse Kust Noord Landstation – Wijk aan Zee;

Hollandse Kust Zuid Landstation – Maasvlakte;

Maasbracht – Oberzier/Siersdorf (Duitsland);

Maasvlakte – Enecogen;

Bijlage XVI. bij artikel 5.161b van dit besluit (landelijke fiets- en wandelroutes)

Bijlage XVa. bij artikel 5.161a van dit besluit (locaties van communicatie-, navigatie- en radarapparatuur buiten Schiphol of overige luchthavens van nationale en regionale betekenis en maximale hoogte van bouwwerken in gebieden waar deze de werking van die apparatuur kunnen verstoren)

Gebieden waar bouwwerken communicatie-, navigatie- en radarapparatuur kunnen verstoren zijn de locaties rondom de volgende apparatuur Gebieden waar bouwwerken communicatie-, navigatie- en radarapparatuur kunnen verstoren zijn de locaties rondom de volgende apparatuur Bouwwerken (met inbegrip van windturbines) Bouwwerken (met inbegrip van windturbines) Bouwwerken (met inbegrip van windturbines) Bouwwerken (met inbegrip van windturbines) Bouwwerken (met inbegrip van windturbines) Windturbines Windturbines
Gebieden waar bouwwerken communicatie-, navigatie- en radarapparatuur kunnen verstoren zijn de locaties rondom de volgende apparatuur Gebieden waar bouwwerken communicatie-, navigatie- en radarapparatuur kunnen verstoren zijn de locaties rondom de volgende apparatuur Straal r vanaf de apparatuur in m Maximaal toelaatbare hoogte voor bouwwerken en windturbines ten opzichte van NAP tot straal r vanaf de apparatuur in m Straal R vanaf de apparatuur in m Beginhoogte op straal r in m Maximaal toelaatbare hoogte voor bouwwerken en windturbines ten opzichte van NAP vanaf straal r tot straal R vanaf de apparatuur in m Straal j vanaf de apparatuur in km Maximale hoogte voor windturbines ten opzichte van NAP vanaf straal R tot straal j vanaf de apparatuur in m
Locatie Gemeente
ASS (VDF Assendelft) Zaanstad 500 -1,7 3.000 7,03 De maximaal toelaatbare hoogte is de beginhoogte, vermeerderd met 0,01746 keer de afstand van straal r tot de locatie waar het bouwwerk wordt toegelaten. 10 50,66
FRT DME (Haastrecht) Krimpenerwaard 300 -1,4 3.000 3,84 De maximaal toelaatbare hoogte is de beginhoogte, vermeerderd met 0,01746 keer de afstand van straal r tot de locatie waar het bouwwerk wordt toegelaten. n.v.t. n.v.t.
HDR (DME Den Helder) Den Helder 300 0,1 3.000 10,57 De maximaal toelaatbare hoogte is de beginhoogte, vermeerderd met 0,01746 keer de afstand van straal r tot de locatie waar het bouwwerk wordt toegelaten. n.v.t. n.v.t.
MAS (VOR DME Maastricht) Maastricht 600 76,3 3.000 86,77 De maximaal toelaatbare hoogte is de beginhoogte, vermeerderd met 0,01746 keer de afstand van straal r tot de locatie waar het bouwwerk wordt toegelaten. 15 128,66
MSL (VDF Maasland) Midden-Delfland 500 -1,7 3.000 7,03 De maximaal toelaatbare hoogte is de beginhoogte, vermeerderd met 0,01746 keer de afstand van straal r tot de locatie waar het bouwwerk wordt toegelaten. 10 50,66
NYK (VDF Nijkerk) Nijkerk 500 -0,3 3.000 8,43 De maximaal toelaatbare hoogte is de beginhoogte, vermeerderd met 0,01746 keer de afstand van straal r tot de locatie waar het bouwwerk wordt toegelaten. 10 52,06
Ontvangstation Mariekerke Veere 300 -0,7 2.000 4,74 De maximaal toelaatbare hoogte is de beginhoogte, vermeerderd met 0,01746 keer de afstand van straal r tot de locatie waar het bouwwerk wordt toegelaten. n.v.t. n.v.t.
PAM (DME Pampus) Gooise Meren 300 -0,8 3.000 9,67 De maximaal toelaatbare hoogte is de beginhoogte, vermeerderd met 0,01746 keer de afstand van straal r tot de locatie waar het bouwwerk wordt toegelaten. n.v.t. n.v.t.
RKN (DME Rekken) Berkelland 300 33,1 3.000 38,34 De maximaal toelaatbare hoogte is de beginhoogte, vermeerderd met 0,01746 keer de afstand van straal r tot de locatie waar het bouwwerk wordt toegelaten. n.v.t. n.v.t.
SPY (DME Spijkerboor) Wormerland 300 -3,4 3.000 7,07 De maximaal toelaatbare hoogte is de beginhoogte, vermeerderd met 0,01746 keer de afstand van straal r tot de locatie waar het bouwwerk wordt toegelaten. n.v.t. n.v.t.
TEX (VDF Texel) Texel 500 0,5 3.000 9,23 De maximaal toelaatbare hoogte is de beginhoogte, vermeerderd met 0,01746 keer de afstand van straal r tot de locatie waar het bouwwerk wordt toegelaten. 10 52,86
VHN (VDF Veldhoven) Veldhoven 500 19,2 3.000 27,93 De maximaal toelaatbare hoogte is de beginhoogte, vermeerderd met 0,01746 keer de afstand van straal r tot de locatie waar het bouwwerk wordt toegelaten. 10 71,56
Zendstation Domburg Veere 300 -0,2 2.000 4,84 De maximaal toelaatbare hoogte is de beginhoogte, vermeerderd met 0,01746 keer de afstand van straal r tot de locatie waar het bouwwerk wordt toegelaten. n.v.t. n.v.t.

Platformen Hollandse Kust West Alpha en Beta – Hollandse Kust Noord Landstation;

B. Hollandse Waterlinies

C. Schokland en omgeving

Bijlage XVIII. bij de artikelen 8.9, vierde lid, 8.10, 8.33, tweede lid, 8.88, derde lid, 8.93, en 8.98 van dit besluit (informatiedocumenten over milieubelastende activiteiten, lozingsactiviteiten op een oppervlaktewaterlichaam of lozingsactiviteiten op een zuiveringtechnisch werk)

B. Informatiedocumenten voor de beoordeling van een aanvraag om een omgevingsvergunning voor een milieubelastende activiteit, een lozingsactiviteit op een oppervlaktewaterlichaam of een lozingsactiviteit op een zuiveringtechnisch werk

C. Informatiedocumenten voor het verbinden van voorschriften aan een omgevingsvergunning voor een lozingsactiviteit op een oppervlaktewaterlichaam of een lozingsactiviteit op een zuiveringtechnisch werk

Bijlage XVIII. bij de artikelen 8.9, vierde lid, 8.10, 8.33, tweede lid, 8.88, derde lid, 8.93, en 8.98 van dit besluit (informatiedocumenten over milieubelastende activiteiten, lozingsactiviteiten op een oppervlaktewaterlichaam of lozingsactiviteiten op een zuiveringtechnisch werk)

Bijlage XIX. bij artikel 8.89, tweede lid, van dit besluit (toetsingswaarden voor het te infiltreren water)

B. Informatiedocumenten voor de beoordeling van een aanvraag om een omgevingsvergunning voor een milieubelastende activiteit, een lozingsactiviteit op een oppervlaktewaterlichaam of een lozingsactiviteit op een zuiveringtechnisch werk

Wateringen – Bleiswijk; en

Zwolle – Hengelo (O) – Doetinchem – Dodewaard – Boxmeer – Maasbracht – Eindhoven – Tilburg – Geertruidenberg – Krimpen a/d IJssel – Breukelen/Kortrijk – Diemen – Lelystad – Ens – Zwolle.

4 Dit gaat om de som van de concentraties van de in deze bijlage aangegeven bestrijdingsmiddelen, waarbij aan bepalingen waarvan het meetresultaat< detectiegrens is, een meetresultaat O wordt toegekend.

5 THM te bepalen als som van de concentraties van chloroform, broomdichloormethaan, dibroomchloormethaan en bromoform. Als een transportchloring wordt toegepast, is het toegestane maximum 70 μg/l.

1 De toetsingswaarde voor zwevende stof gaat over de niet-opgeloste hoeveelheid materiaal.

2 Punt van aandacht bij de vergunningverlening in verband met lokale situatie.

B. Families en groepen van stoffen

Lasten en bevelen dat dit besluit met de daarbij behorende nota van toelichting in het Staatsblad zal worden geplaatst.

waterschapsweg: weg in beheer bij een waterschap;

Bijlage II. bij de artikelen 2.0b, 2.0c en 11.11, eerste lid, van dit besluit (veiligheid waterkeringen)

Een locatie voor:

1Voor afbraakproducten van gewasbeschermingsmiddelen en biociden wordt onderscheid gemaakt op basis van humaantoxicologische relevantie. De Europese milieukwaliteitseis voor water van 0,1 μg/l geldt alleen voor humaantoxicologisch relevante afbraakproducten.

De volgende omgevingswaarden voor grondwaterlichamen zijn door Nederland ter uitvoering van artikel 3, eerste lid, onder b, en zesde lid, van de grondwaterrichtlijn vastgesteld, rekening houdend met bijlage VIII bij de kaderrichtlijn water, met inachtneming van de richtsnoeren, bedoeld in bijlage II, onder A, bij de grondwaterrichtlijn, en rekening houdend met de minimumlijsten, bedoeld onder B van die bijlage.

Een gebouw met een van de volgende gebruiksfuncties, alleen voor zover het gaat om die gebruiksfunctie en nevengebruiksfuncties daarvan:

Bijlage Vb. bij de artikelen 3.55 en 5.89j, tweede lid, van dit besluit (MTR)

MTRhumaan = het humane Maximaal Toelaatbare Risiconiveau in microgram per kilogram lichaamsgewicht per dag. Voor niet-carcinogene stoffen komt het overeen met de «Tolerable Daily Intake (TDI)». Voor carcinogene stoffen is het gebaseerd op een extra kans op een tumorincidentie van 1 op 10.000 bij levenslange blootstelling (CRoral).

Stof CAS-nummer MTRhumaan (μg/kg lg/d)
1. Metalen 1. Metalen 1. Metalen
Antimoon 7440-36-0 0,9
Arseen 7440-38-2 1,0
Barium (oplosbaar) 7440-39-3 20
Cadmium 7440-43-9 0,5
Chroom III 5
Chroom VI 5
Kobalt 7440-48-4 1,4
Koper 7440-50-8 140
Kwik (organisch) 0,1
Kwik (anorganisch) 2,0
Lood 7439-92-1 2,8
Molybdeen 7439-98-7 10
Nikkel 7440-02-0 50
Zink 7440-66-6 500
2. Overige anorganische stoffen 2. Overige anorganische stoffen 2. Overige anorganische stoffen
Cyanide (vrij) 57-12-5 50
Cyanide (complex) 800
Thiocyanaat 11
3. Aromatische verbindingen 3. Aromatische verbindingen 3. Aromatische verbindingen
Benzeen 71-43-2 3,3
Ethylbenzeen 100-41-4 100
Tolueen 108-88-3 223
Xylenen (som)1 150
Fenol 108-95-2 40
Cresolen (som)1 50
Catechol (o-dihydroxybenzeen) 120-80-9 40
Resorcinol (m-dihydroxybenzeen) 108-46-3 20
Hydrochinon (p-dihydroxybenzeen) 123-31-9 25
Styreen (vinylbenzeen) 100-42-5 120
4. Polycyclische aromatische koolwaterstoffen (PAK’s) 4. Polycyclische aromatische koolwaterstoffen (PAK’s) 4. Polycyclische aromatische koolwaterstoffen (PAK’s)
Naftaleen 91-20-3 40
Antraceen 120-12-7 40
Fenanthreen 85-01-8 40
Fluorantheen 206-44-0 50
Benzo(a)anthraceen 56-55-3 5,0
Chryseen 218-01-9 50
Benzo(a)pyreen 50-32-8 0,5
Benzo(ghi)peryleen 191-24-2 30
Benzo(k)fluorantheen 207-08-9 5,0
Indeno(1,2,3cd)pyreen 193-39-5 5,0
5. Gechloreerde koolwaterstoffen 5. Gechloreerde koolwaterstoffen 5. Gechloreerde koolwaterstoffen
a. Vluchtige chloorkoolwaterstoffen a. Vluchtige chloorkoolwaterstoffen a. Vluchtige chloorkoolwaterstoffen
Monochlooretheen (Vinylchloride) 75-01-4 0,6
Dichloormethaan 75-09-2 60
1,1-dichloorethaan 75-34-3 80
1,2-dichloorethaan 107-06-2 14
1,1-dichlooretheen 75-35-4 3
1,2-dichlooretheen(Cis) 156-59-2 6,0
1,2-dichlooretheen(Trans) 156-60-5 17
Dichloorpropaan (1,2) 78-87-5 70
Dichloorpropaan (1,3) 142-28-9 50
Trichloormethaan (Chloroform) 67-66-3;75-62-7 30
1,1,1-trichloorethaan 71-55-6 80
1,1,2-trichloorethaan 79-00-5 4
Trichlooretheen (Tri) 79-01-6 50
Tetrachloormethaan (Tetra) 56-23-5 4,0
Tetrachlooretheen (Per) 127-18-4 16
b. Chloorbenzenen b. Chloorbenzenen b. Chloorbenzenen
Monochloorbenzeen 108-90-7 200
1,2 dichloorbenzeen 95-50-1 430
1,4 dichloorbenzeen 106-46-7 100
Trichloorbenzenen (indiv) 12002-48-1 8,0
Tetrachloorbenzenen (som)1 12408-10-5 0,5
Pentachloorbenzeen 608-93-5 0,5
Hexachloorbenzeen 118-74-1 0,16
c. Chloorfenolen c. Chloorfenolen c. Chloorfenolen
Monochloorfenolen (som)1 25167-80-0 3
Dichloorfenolen (som)1 3
Trichloorfenolen (som)1 3
Tetrachloorfenolen (som)1 3
Pentachloorfenol 87-86-5 3
d. Polychloorbifenylen (PCB’s) d. Polychloorbifenylen (PCB’s) d. Polychloorbifenylen (PCB’s)
PCB's (som 7)1 0,01
e. Overige gechloreerde koolwaterstoffen e. Overige gechloreerde koolwaterstoffen e. Overige gechloreerde koolwaterstoffen
Monochlooranilinen (som)1 0,9
Trichloorbifenyl (2,5,2) 7012-37-5 0,09
Hexachloorbifenyl (2,2',4,4',5,5') 35065-27-1 0,09
Dioxine (som TEQ)2 0,000002
Chloornaftaleen (som)1 25586-43-0 80
6. Bestrijdingsmiddelen 6. Bestrijdingsmiddelen 6. Bestrijdingsmiddelen
a. Organochloor-bestrijdingsmiddelen a. Organochloor-bestrijdingsmiddelen a. Organochloor-bestrijdingsmiddelen
DDT/DDE/DDD (som)1 0,5
Drins (som)1 0,1
Aldrin 309-00-2 0,1
Dieldrin 60-57-1 0,1
Endrin 72-20-8 0,2
HCH(som)1 1
α-HCH 319-84-6 1,0
β-HCH 319-85-7 0,02
γ-HCH 58-89-9 0,04
Chloordaan (som)1 57-74-9 0,5
Endosulfan 115-29-7 6
Heptachloor 76-44-8 0,3
Heptachloorepoxide (som)1 1024-57-3 0,4
Maneb 12427-38-2 50
b. Organotinbestrijdingsmiddelen b. Organotinbestrijdingsmiddelen b. Organotinbestrijdingsmiddelen
Organotinverbindingen (som)1 0,4
Tributyltin 688-73-3 0,4
Trifenyltin 892-20-6 0,4
c. Chloorfenoxy-azijnzuur herbiciden c. Chloorfenoxy-azijnzuur herbiciden c. Chloorfenoxy-azijnzuur herbiciden
MCPA 94-74-6 1,5
d. Overige bestrijdingsmiddelen d. Overige bestrijdingsmiddelen d. Overige bestrijdingsmiddelen
Atrazine 1912-24-9 5,0
Carbaryl 63-25-2 3,0
Carbofuran 1563-66-2 2,0
7. Overige stoffen 7. Overige stoffen 7. Overige stoffen
a. Minerale olie a. Minerale olie a. Minerale olie
TPH alifaten >EC10-EC12 0,1
TPH alifaten >EC12-EC16 0,1
TPH alifaten >EC16-EC21 2
TPH alifaten >EC5-EC6 2
TPH alifaten >EC6-EC8 2
TPH alifaten >EC8-EC10 0,1
TPH aromaten >EC10-EC12 0,04
TPH aromaten >EC12-EC16 0,04
TPH aromaten >EC16-EC21 0,03
TPH aromaten >EC21-EC35 0,03
TPH aromaten >EC5-EC7 0,2
TPH aromaten >EC7-EC8 0,2
TPH aromaten >EC8-EC10 0,04
b. Overige organische verbindingen b. Overige organische verbindingen b. Overige organische verbindingen
Cyclohexanon 108-94-1 4,6
Benzylbutylftalaat 85-68-7 500
Di(2-ethylhexyl)ftalaat 117-81-7 25
Ftalaten(som)1 4,0
Pyridine 110-86-1 1
Tetrahydrofuran 109-99-9 10
Tetrahydrothiofeen 110-01-0 180
Tribroommethaan (bromoform) 75-25-2 20

1 Deze stoffen maken onderdeel uit van een somparameter. Op de samenstelling van de somparameters zijn de regels krachtens artikel 25g, negende lid, onder j, van het Besluit bodemkwaliteit van toepassing.

2 Op het berekenen van de som TEQ voor dioxine zijn de regels krachtens artikel 25g, negende lid, onder j, van het Besluit bodemkwaliteit van toepassing.

1 Tkrit is kritische temperatuur.

A. Explosieaandachtsgebied vuurwerk voor opslag van categorie F4

Bijlage IX. bij artikel 5.28 van dit besluit (civiele explosieaandachtsgebieden)

C. Gebieden waar bouwwerken een militaire zend- en ontvangstinstallatie kunnen verstoren als bedoeld in artikel 5.150, derde lid

Bijlage XIIIa. bij artikel 5.89i, eerste lid, van dit besluit (stoffenlijst toelaatbare kwaliteit bodem)

Stofnaam CAS-nummer
1. Metalen 1. Metalen
Antimoon 7440-36-0
Arseen 7440-38-2
Barium 7440-39-3
Cadmium 7440-39-3
Chroom III 7440-43-9
Chroom VI 18540-29-9
Kobalt 7440-48-4
Koper 7440-50-8
Kwik (anorganisch) 7440-97-6
Kwik (organisch)
Lood 7439-92-1
Molybdeen 7439-98-7
Nikkel 7440-02-0
Zink 7440-66-6
2. Overige anorganische stoffen 2. Overige anorganische stoffen
Cyanide (vrij) 57-12-5
Cyanide (complex)
Thiocyanaat
3. Aromatische verbindingen 3. Aromatische verbindingen
Benzeen 71-43-2
Ethylbenzeen 100-41-4
Tolueen 108-88-3
Xylenen (som)1
Styreen (vinylbenzeen) 100-42-5
Fenol 108-95-2
Cresolen (som)1
4. Polycyclische Aromatische Koolwaterstoffen (PAK’s) 4. Polycyclische Aromatische Koolwaterstoffen (PAK’s)
PAK’s (totaal) (som 10)1
5. Gechloreerde koolwaterstoffen 5. Gechloreerde koolwaterstoffen
a. (Vluchtige) koolwaterstoffen a. (Vluchtige) koolwaterstoffen
Monochlooretheen (Vinylchloride) 75-01-4
Dichloormethaan 75-09-2
1,1-dichloorethaan 75-34-3
1,2-dichloorethaan 107-06-2
1,1-dichlooretheen 75-35-4
1,2-dichlooretheen (som)1 540-59-0
Dichloorpropanen (som)1
Trichloormethaan (Chloroform) 67-66-3;75-62-7
1,1,1-trichloorethaan 71-55-6
1,1,2-trichloorethaan 79-00-5
Trichlooretheen (Tri) 79-01-6
Tetrachloormethaan (Tetra) 56-23-5
Tetrachlooretheen (Per) 127-18-4
b. Chloorbenzenen b. Chloorbenzenen
Monochloorbenzeen 108-90-7
Dichloorbenzenen (som)1 25321-22-6
Trichloorbenzenen (som)1
Tetrachloorbenzenen (som)1 12408-10-5
Pentachloorbenzenen 608-93-5
Hexachloorbenzeen 118-74-1
c. Chloorfenolen c. Chloorfenolen
Monochloorfenolen (som)1 25167-80-0
Dichloorfenolen (som)1
Trichloorfenolen (som)1
Tetrachloorfenolen (som)1
Pentachloorfenol 87-86-5
d. Polychloorbifenylen (PCB’s) d. Polychloorbifenylen (PCB’s)
PCB’s (som 7)1
e. Overige gechloreerde koolwaterstoffen e. Overige gechloreerde koolwaterstoffen
Monochlooranilinen (som)1
Dioxine (som TEQ)2
Chloornaftaleen (som)1 25586-43-0
6. Bestrijdingsmiddelen 6. Bestrijdingsmiddelen
a. organochloor-bestrijdingsmiddelen a. organochloor-bestrijdingsmiddelen
Chloordaan (som)1 57-74-9
DDT (som)1
DDE (som)1
DDD (som)1
Aldrin 309-00-2
Drins (som)1
α-endosulfan 959-98-8
α-HCH 319-84-6
β-HCH 319-85-7
γ-HCH (lindaan) 58-89-9
Heptachloor 76-44-8
Heptachloorepoxide (som)1 1024-57-3
b. organotinbestrijdingsmiddelen b. organotinbestrijdingsmiddelen
Organotinverbindingen (som)1
c. chloorfenoxy-azijnzuur herbiciden c. chloorfenoxy-azijnzuur herbiciden
MCPA 94-74-6
d. overige bestrijdingsmiddelen d. overige bestrijdingsmiddelen
Atrazine 1912-24-9
Carbaryl 63-25-2
Carbofuran 1563-66-2
7. Overige stoffen 7. Overige stoffen
Asbest 1332-21-4
Cyclohexanon 108-94-1
Dimethyl ftalaat 131-11-3
Diethyl ftalaat 84-66-2
Di-isobutyl ftalaat 84-69-5
Dibutyl ftalaat 84-74-2
Benzylbutylftalaat 85-68-7
Dihexyl ftalaat 84-75-3
Di(2-ethylhexyl)ftalaat 117-81-7
Minerale olie 8042-47-5
Pyridine 110-86-1
Tetrahydrofuran 109-99-9
Tetrahydrothiofeen 110-01-0
Tribroommethaan (bromoform) 75-25-2

1 Deze stoffen maken onderdeel uit van een somparameter. Op de samenstelling van de somparameters zijn de regels krachtens artikel 25g, negende lid, onder j, van het Besluit bodemkwaliteit van toepassing.

2 Op het berekenen van de som TEQ voor dioxine zijn de regels krachtens artikel 25g, negende lid, onder j, van het Besluit bodemkwaliteit van toepassing.

A. Militaire terreinen en terreinen met een militair object als bedoeld in de artikelen 5.150, eerste lid, en 7.6, tweede lid

Bijlage XVa. bij artikel 5.161a van dit besluit (locaties van communicatie-, navigatie- en radarapparatuur buiten Schiphol of overige luchthavens van nationale en regionale betekenis en maximale hoogte van bouwwerken in gebieden waar deze de werking van die apparatuur kunnen verstoren)

Gebieden waar bouwwerken communicatie-, navigatie- en radarapparatuur kunnen verstoren zijn de locaties rondom de volgende apparatuur Gebieden waar bouwwerken communicatie-, navigatie- en radarapparatuur kunnen verstoren zijn de locaties rondom de volgende apparatuur Bouwwerken (met inbegrip van windturbines) Bouwwerken (met inbegrip van windturbines) Bouwwerken (met inbegrip van windturbines) Bouwwerken (met inbegrip van windturbines) Bouwwerken (met inbegrip van windturbines) Windturbines Windturbines
Gebieden waar bouwwerken communicatie-, navigatie- en radarapparatuur kunnen verstoren zijn de locaties rondom de volgende apparatuur Gebieden waar bouwwerken communicatie-, navigatie- en radarapparatuur kunnen verstoren zijn de locaties rondom de volgende apparatuur Straal r vanaf de apparatuur in m Maximaal toelaatbare hoogte voor bouwwerken en windturbines ten opzichte van NAP tot straal r vanaf de apparatuur in m Straal R vanaf de apparatuur in m Beginhoogte op straal r in m Maximaal toelaatbare hoogte voor bouwwerken en windturbines ten opzichte van NAP vanaf straal r tot straal R vanaf de apparatuur in m Straal j vanaf de apparatuur in km Maximale hoogte voor windturbines ten opzichte van NAP vanaf straal R tot straal j vanaf de apparatuur in m
Locatie Gemeente
ASS (VDF Assendelft) Zaanstad 500 -1,7 3.000 7,03 De maximaal toelaatbare hoogte is de beginhoogte, vermeerderd met 0,01746 keer de afstand van straal r tot de locatie waar het bouwwerk wordt toegelaten. 10 50,66
FRT DME (Haastrecht) Krimpenerwaard 300 -1,4 3.000 3,84 De maximaal toelaatbare hoogte is de beginhoogte, vermeerderd met 0,01746 keer de afstand van straal r tot de locatie waar het bouwwerk wordt toegelaten. n.v.t. n.v.t.
HDR (DME Den Helder) Den Helder 300 0,1 3.000 10,57 De maximaal toelaatbare hoogte is de beginhoogte, vermeerderd met 0,01746 keer de afstand van straal r tot de locatie waar het bouwwerk wordt toegelaten. n.v.t. n.v.t.
MAS (VOR DME Maastricht) Maastricht 600 76,3 3.000 86,77 De maximaal toelaatbare hoogte is de beginhoogte, vermeerderd met 0,01746 keer de afstand van straal r tot de locatie waar het bouwwerk wordt toegelaten. 15 128,66
MSL (VDF Maasland) Midden-Delfland 500 -1,7 3.000 7,03 De maximaal toelaatbare hoogte is de beginhoogte, vermeerderd met 0,01746 keer de afstand van straal r tot de locatie waar het bouwwerk wordt toegelaten. 10 50,66
NYK (VDF Nijkerk) Nijkerk 500 -0,3 3.000 8,43 De maximaal toelaatbare hoogte is de beginhoogte, vermeerderd met 0,01746 keer de afstand van straal r tot de locatie waar het bouwwerk wordt toegelaten. 10 52,06
Ontvangstation Mariekerke Veere 300 -0,7 2.000 4,74 De maximaal toelaatbare hoogte is de beginhoogte, vermeerderd met 0,01746 keer de afstand van straal r tot de locatie waar het bouwwerk wordt toegelaten. n.v.t. n.v.t.
PAM (DME Pampus) Gooise Meren 300 -0,8 3.000 9,67 De maximaal toelaatbare hoogte is de beginhoogte, vermeerderd met 0,01746 keer de afstand van straal r tot de locatie waar het bouwwerk wordt toegelaten. n.v.t. n.v.t.
RKN (DME Rekken) Berkelland 300 33,1 3.000 38,34 De maximaal toelaatbare hoogte is de beginhoogte, vermeerderd met 0,01746 keer de afstand van straal r tot de locatie waar het bouwwerk wordt toegelaten. n.v.t. n.v.t.
SPY (DME Spijkerboor) Wormerland 300 -3,4 3.000 7,07 De maximaal toelaatbare hoogte is de beginhoogte, vermeerderd met 0,01746 keer de afstand van straal r tot de locatie waar het bouwwerk wordt toegelaten. n.v.t. n.v.t.
TEX (VDF Texel) Texel 500 0,5 3.000 9,23 De maximaal toelaatbare hoogte is de beginhoogte, vermeerderd met 0,01746 keer de afstand van straal r tot de locatie waar het bouwwerk wordt toegelaten. 10 52,86
VHN (VDF Veldhoven) Veldhoven 500 19,2 3.000 27,93 De maximaal toelaatbare hoogte is de beginhoogte, vermeerderd met 0,01746 keer de afstand van straal r tot de locatie waar het bouwwerk wordt toegelaten. 10 71,56
Zendstation Domburg Veere 300 -0,2 2.000 4,84 De maximaal toelaatbare hoogte is de beginhoogte, vermeerderd met 0,01746 keer de afstand van straal r tot de locatie waar het bouwwerk wordt toegelaten. n.v.t. n.v.t.

Platform Hollandse Kust Noord Alpha – Hollandse Kust Noord Landstation;

Bijlage XVIII. bij de artikelen 8.9, vierde lid, 8.10, 8.33, tweede lid, 8.88, derde lid, 8.93, en 8.98 van dit besluit (informatiedocumenten over milieubelastende activiteiten, lozingsactiviteiten op een oppervlaktewaterlichaam of lozingsactiviteiten op een zuiveringtechnisch werk)

Bijlage XVIIIa. bij de artikelen 8.62c, 8.62l en 8.62m van dit besluit (standaardwaarden voor het grondwater)

Stof Standaardwaarden grondwater in μg/l (opgelost) (tenzij anders aangegeven)
I Metalen I Metalen
Antimoon 0,15
Arseen 7,2
Barium 200
Cadmium 0,06
Chroom 2,5
Kobalt 0,7
Koper 1,3
Kwik 0,01
Lood 1,7
Molybdeen 3,6
Nikkel 2,1
Zink 24
II Anorganische verbindingen II Anorganische verbindingen
Cyaniden-vrij 5
Cyaniden-complex (pH<5)1 10
Cyaniden-complex (pH >5)2 10
Bromide 0,3 mg Br/l
Chloride 100 mg Cl/l
Fluoride 0,5 mg F/l
III Aromatische verbindingen III Aromatische verbindingen
Benzeen 0,2
Ethylbenzeen 4
Tolueen 7
Xylenen 0,2
Styreen (vinylbenzeen) 6
Fenol 0,2
Cresolen (som) 0,2
Catechol(o-dihydroxybenzeen) 0,2
Resorcinol(m-dihydroxybenzeen) 0,2
Hydrochinon(p-dihydroxybenzeen) 0,2
IV Polycyclische aromatische koolwaterstoffen (PAK's) IV Polycyclische aromatische koolwaterstoffen (PAK's)
Naftaleen 0,01
Antraceen 0,0007
Fenantreen 0,003
Fluorantheen 0,003
Benzo(a)antraceen 0,0001
Chryseen 0,003
Benzo(a)pyreen 0,0005
Benzo(ghi)peryleen 0,0003
Benzo(k)fluorantheen 0,0004
Indeno(1,2,3-cd)pyreen 0,0004
V Gechloreerde koolwaterstoffen V Gechloreerde koolwaterstoffen
Vinylchloride 0,01
Dichloormethaan 0,01
1,1-dichloorethaan 7
1,2-dichloorethaan 7
1,1-dichlooretheen 0,01
1,2-dichlooretheen (cis en trans) 0,01
Dichloorpropanen 0,8
Trichloormethaan (chloroform) 6
1,1,1-trichloorethaan 0,01
1,1,2-trichloorethaan 0,01
Trichlooretheen (Tri) 24
Tetrachloormethaan (Tetra) 0,01
Tetrachlooretheen (Per) 0,01
Monochloorbenzeen 7
Dichloorbenzenen 3
Trichloorbenzenen 0,01
Tetrachloorbenzenen 0,01
Pentachloorbenzeen 0,003
Hexachloorbenzeen 0,00009
Monochloorfenolen (som) 0,3
Dichloorfenolen 0,2
Trichloorfenolen 0,03
Tetrachloorfenolen 0,01
Pentachloorfenol 0,04
Polychloorbifenylen (som)3 0,01
VI Bestrijdingsmiddelen
DDT/DDE/DDD4 0,004 ng/l
Aldrin 0,009 ng/l
Dieldrin 0,1 ng/l
Endrin 0,04 ng/l
HCH-verbindingen5 0,05
α-HCH 33 ng/l
ß-HCH 8 ng/l
γ-HCH 9 ng/l
Atrazine 29 ng/l
Carbaryl 2 ng/l
Carbofuran 9 ng/l
Chloordaan 0,02 ng/l
Endosulfan 0,2 ng/l
Heptachloor 0,005 ng/l
Heptachloor-epoxide 0,005 ng/l
Maneb 0,05 ng/l
MCPA 0,02
Organotinverbindingen 0,05-16 ng/l
VII Overige verontreinigingen
Cyclohexanon 0,5
Ftalaten (som)6 0,5
Minerale olie7 50
Pyridine 0,5
Tetrahydrofuran 0,5
Tetrahydrothiofeen 0,5

1 Zuurgraad: pH (0.01 M CaCl2). Voor de bepaling pH groter dan of gelijk aan 5 en pH kleiner dan 5 geldt het 90-percentiel van de gemeten waarden.

2 Zuurgraad: pH (0.01 M CaCl2). Voor de bepaling pH groter dan of gelijk aan 5 en pH kleiner dan 5 geldt het 90-percentiel van de gemeten waarden.

3 Onder standaardwaarde polychloorbifenylen (som) wordt verstaan: de som van PCB 28, 52, 101, 138, 153, 180. De standaardwaarde bevat niet PCB 118.

4 Onder DDT/DDD/DDE wordt verstaan: de som van DDT, DDD en DDE.

5 Onder HCH-verbindingen wordt verstaan: som van α-HCH, ß-HCH, γ-HCH en δ-HCH.

6 Onder de ftalaten wordt de som van alle ftalaten verstaan.

7 De definitie van minerale olie wordt beschreven bij de analysenorm. Als sprake is van verontreiniging met mengsels (bijvoorbeeld benzine of huisbrandolie) dan moet naast het alkaangehalte ook het gehalte aan aromatische en/of polycyclische aromatische koolwaterstoffen worden bepaald.

A. Informatiedocumenten over beste beschikbare technieken

Wateringen – Westerlee;

B. Landelijke wandelroutes

Lasten en bevelen dat dit besluit met de daarbij behorende nota van toelichting in het Staatsblad zal worden geplaatst.

Artikel 5.131a. (opwekking zonne-energie)

Bij het toelaten van nieuw te bouwen gebouwen wordt rekening gehouden met het potentieel voor de opwekking van zonne-energie op basis van de zonnestraling ter plaatse, zodat zonne-energietechnologieën kosteneffectief kunnen worden geïnstalleerd.

Artikel 5.131b. (fietsparkeerplaatsen bij gebouwen)
1.

Als een omgevingsplan een nieuw te bouwen gebouw met een andere gebruiksfunctie dan een woonfunctie toelaat en bij dat gebouw wordt voorzien in een parkeergelegenheid voor auto’s in het gebouw of buiten het gebouw op hetzelfde bouwwerkperceel met ten minste vijf parkeervakken, bepaalt het omgevingsplan dat moet zijn voorzien in een parkeergelegenheid voor fietsen, waarbij het aantal fietsparkeerplaatsen ten minste 15% van de gemiddelde of 10% van de totale gebruikerscapaciteit van het gebouw vertegenwoordigt.

2.

Bij de inrichting van de fietsparkeerplaatsen wordt rekening gehouden met de ruimte die nodig is voor fietsen met grotere afmetingen dan standaardfietsen.

§ 5.1.6. Behoud van ruimte voor toekomstige functies

§ 5.1.6.2. Autowegen, autosnelwegen en hoofdspoorwegen

§ 5.1.6.3. Buisleidingen van nationaal belang

§ 5.1.6.4. Project Mainportontwikkeling Rotterdam

§ 5.1.6.5. Parallelle Kaagbaan

§ 5.1.7. Behoeden van de staat en werking van infrastructuur of voorzieningen voor nadelige gevolgen van activiteiten

§ 5.1.7.1. Algemene bepalingen

§ 5.1.7.2. Landsverdediging en nationale veiligheid

§ 5.1.7.5. Communicatie-, navigatie- en radarapparatuur voor de burgerluchtvaart

§ 5.1.7.6. Landelijke fiets- en wandelroutes

§ 5.1.7.7. Hyperscale datacentra

§ 5.1.7a. Gebruik van bouwwerken

§ 5.1.8. Bevorderen van de toegankelijkheid van de openbare buitenruimte voor personen

Afdeling 5.2. Instructieregels over de uitoefening van taken voor de fysieke leefomgeving

Afdeling 5.3. Ontheffing

Hoofdstuk 6. Waterschapsverordeningen

Hoofdstuk 7. Omgevingsverordeningen

Afdeling 7.1a. Instructieregels met het oog op het beschermen van de waterbelangen

Afdeling 7.2. Instructieregels met het oog op het behoud van werelderfgoed en cultureel erfgoed

Afdeling 7.3. Instructieregels met het oog op natuurbescherming

§ 7.3.2. Omgevingsverordening met vergunningvrije Natura 2000-activiteiten of flora- en fauna-activiteiten

Afdeling 7.4. Instructieregels over de uitoefening van taken voor de fysieke leefomgeving

Afdeling 7.5. Instructieregels over de provinciale beoordelingsregels voor een milieubelastende activiteit

Afdeling 7.6. Instructieregels over de provinciale beoordelingsregels voor een afwijkactiviteit

Afdeling 7.6. Instructieregels over de provinciale beoordelingsregels voor een afwijkactiviteit

Hoofdstuk 8. Omgevingsvergunningen

Afdeling 8.1. Omgevingsvergunning omgevingsplanactiviteit

§ 8.1.1. Beoordelingsregels aanvraag omgevingsvergunning omgevingsplanactiviteit

§ 8.1.1.1. Algemene beoordelingsregels aanvraag omgevingsvergunning omgevingsplanactiviteit

§ 8.1.1.2. Specifieke beoordelingsregels aanvraag omgevingsvergunning omgevingsplanactiviteit

Afdeling 8.2. Omgevingsvergunning beperkingengebiedactiviteit met betrekking tot infrastructuur

Afdeling 8.3. Omgevingsvergunning bouwactiviteit

§ 8.3.1. Beoordelingsregels aanvraag omgevingsvergunning bouwactiviteit

§ 8.3.2. Voorschriften omgevingsvergunning bouwactiviteit

Afdeling 8.4. Omgevingsvergunning mijnbouwlocatieactiviteit

Afdeling 8.5. Omgevingsvergunning milieubelastende activiteit

§ 8.5.1. Beoordelingsregels aanvraag omgevingsvergunning milieubelastende activiteit

§ 8.5.1.1. Algemene beoordelingsregels aanvraag omgevingsvergunning milieubelastende activiteit

§ 8.5.1.2. Specifieke beoordelingsregels aanvraag omgevingsvergunning milieubelastende activiteit

§ 8.5.2. Voorschriften omgevingsvergunning milieubelastende activiteit

§ 8.5.2.1. Algemene voorschriften omgevingsvergunning milieubelastende activiteit

§ 8.5.2.4. Specifieke voorschriften omgevingsvergunning milieubelastende activiteit – bodembescherming stortplaatsen, anders dan voor alleen baggerspecie

§ 8.5.2.5. Specifieke voorschriften omgevingsvergunning milieubelastende activiteit – bodembescherming stortplaatsen voor alleen baggerspecie op land

§ 8.5.2.6. Specifieke voorschriften omgevingsvergunning milieubelastende activiteit – winningsafvalvoorzieningen

§ 8.5.2.6a. Specifieke voorschriften omgevingsvergunning milieubelastende activiteit – het op of in de bodem brengen van zuiveringsslib

§ 8.5.2.7. Beperkingen voorschriften omgevingsvergunning milieubelastende activiteit

Afdeling 8.6. Omgevingsvergunning Natura 2000-activiteit en flora- en fauna-activiteit

§ 8.6.1. Natura 2000-activiteiten

§ 8.6.2. Flora- en fauna-activiteiten

Afdeling 8.6a. Omgevingsvergunning jachtgeweeractiviteit

Afdeling 8.6a. Omgevingsvergunning jachtgeweeractiviteit

Afdeling 8.6b. Omgevingsvergunning valkeniersactiviteit

§ 8.7.1. Beoordelingsregels aanvraag omgevingsvergunning ontgrondingsactiviteit

§ 8.7.2. Voorschriften omgevingsvergunning ontgrondingsactiviteit

Afdeling 8.8. Omgevingsvergunning rijksmonumentenactiviteit

§ 8.7.2. Voorschriften omgevingsvergunning ontgrondingsactiviteit

§ 8.8.2. Voorschriften omgevingsvergunning rijksmonumentenactiviteit

Afdeling 8.9. Omgevingsvergunning wateractiviteit

§ 8.8.2. Voorschriften omgevingsvergunning rijksmonumentenactiviteit

§ 8.9.1.1. Beoordelingsregels aanvraag omgevingsvergunning wateractiviteit

§ 8.9.1.2. Algemene voorschriften omgevingsvergunning wateractiviteit

§ 8.9.2. Specifieke beoordelingsregels aanvraag en specifieke voorschriften omgevingsvergunning wateractiviteit

§ 8.9.2.1. Specifieke beoordelingsregels aanvraag omgevingsvergunning wateractiviteit

§ 8.9.2.2. Specifieke voorschriften omgevingsvergunning wateractiviteit

Afdeling 8.10. Actualisering, wijziging en intrekking

§ 8.10.1. Algemene gronden actualisering, wijziging en intrekking

§ 8.10.2. Specifieke gronden actualisering, wijziging en intrekking

Hoofdstuk 9. Projectbesluiten

Afdeling 9.2. Ontheffing

Hoofdstuk 10. Bijzondere instrumenten en instructieregels

Afdeling 10.1. Ruilbesluiten en besluiten geldelijke regelingen

§ 10.1.1. Algemene bepalingen

§ 10.1.2. Ruilbesluiten

§ 10.1.3. Besluiten geldelijke regelingen

Afdeling 10.2. Plannen Natura 2000 en registratie van stikstofdepositieruimte

§ 10.2.1. Passende beoordeling

§ 10.2.2. AERIUS Register

Hoofdstuk 11. Monitoring en informatie

Afdeling 11.1. Waarborgen van de veiligheid

§ 11.1.1. Externe veiligheidsrisico’s

§ 11.1.1.1. Gegevensverzameling

§ 11.1.1.2. Gegevensbeheer

§ 11.1.2. Waterveiligheid

§ 11.1.2.1. Monitoring en gegevensverzameling waterveiligheid

§ 11.1.2.2. Verslagen waterveiligheid

Afdeling 11.2. Milieu en gezondheid

§ 11.2.1.2. Gegevensbeheer en toegang tot gegevens kwaliteit buitenlucht

§ 11.2.2. Kwaliteit van de binnenlucht

§ 11.2.3. Waterkwaliteit

§ 11.2.3.1. Monitoring en gegevensverzameling kaderrichtlijn water en drinkwaterrichtlijn

§ 11.2.3.2. Monitoring kaderrichtlijn mariene strategie

§ 11.2.3.2. Monitoring kaderrichtlijn mariene strategie

§ 11.2.3.3. Gegevensverzameling richtlijn stedelijk afvalwater

§ 11.2.3.4. Gegevensbeheer kaderrichtlijn water

§ 11.2.4. Kwaliteit van de zwemlocatie

§ 11.2.5. Geluid

§ 11.2.5.1. Monitoring en gegevensverzameling

§ 11.2.5.2. Gegevensbeheer

§ 11.2.5.3. Kaarten

§ 11.2.6. PRTR

§ 11.2.5.3. Kaarten

§ 11.2.6.2. Gegevensverzameling

§ 11.2.6.3. Gegevensbeheer

§ 11.3.1. Gegevensverzameling

§ 11.3.2. Gegevensbeheer

Afdeling 11.5. Natuur

Hoofdstuk 12. Overgangsrecht

Afdeling 12.1. Overgangsrecht geluid

§ 12.1.1. Geluidproductieplafonds industrieterreinen

§ 12.1.2. Geluidproductieplafonds hoofdspoorwegen

§ 12.1.4. Geluidaandachtsgebied

§ 12.1.5. Vergunningvrije bouwwerken en vergunningvrij gebruik voor huisvesting in verband met mantelzorg

§ 12.1.5. Vergunningvrije bouwwerken en vergunningvrij gebruik voor huisvesting in verband met mantelzorg

§ 12.1.10. Geluid windturbines en windparken

§ 12.1.11. Herstel van gebreken bij herberekening en eerste vaststelling geluidproductieplafonds

§ 12.1.10. Geluid windturbines en windparken

§ 12.1.11. Herstel van gebreken bij herberekening en eerste vaststelling geluidproductieplafonds

Afdeling 12.3. Overgangsrecht geluid militaire luchtvaartterreinen

Afdeling 12.3a. Overgangsrecht legalisering projecten natuur

Afdeling 12.3. Overgangsrecht geluid militaire luchtvaartterreinen

Hoofdstuk 13. Slotbepalingen

Bijlage I. bij artikel 1.1 van dit besluit (begrippen)

A. Begrippen

B. Verordeningen, richtlijnen en besluiten

zeer kwetsbaar gebouw: gebouw als bedoeld in bijlage VI, onder E;

B. Omgevingswaarden en andere parameters voor signalering veiligheid primaire waterkeringen als bedoeld in de de artikelen 2.0c en 11.11, eerste lid

Bijlage IIIa. bij artikel 2.11 van dit besluit (indicatoren voor de goede ecologische kwaliteit)

Deze bijlage heeft betrekking op de kwaliteitselementen van de ecologische toestand of het ecologische potentieel, die in bijlage V, paragraaf 1.1, bij de kaderrichtlijn water zijn opgenomen als «specifieke synthetische verontreinigende stoffen» en «specifieke niet-synthetische verontreinigende stoffen». De in de tabel opgenomen concentratiewaarden voor specifieke krw-verontreinigende stoffen zijn vastgesteld in overeenstemming met de procedure, die is beschreven in bijlage V, paragraaf 1.2.6, bij de kaderrichtlijn water, waarbij bij de toepassing van deze procedure ook rekening is gehouden met de toxiciteit van chemische stoffen voor mensen en dieren via het aquatische milieu en de lijst van stoffen die is opgenomen in bijlage VIII bij de kaderrichtlijn water. De indeling van een oppervlaktewaterlichaam in een van de toestandsklassen waarin de ecologische toestand of het ecologisch potentieel is onderverdeeld, vindt plaats in overeenstemming met het monitoringsprogramma, aan de hand van de omschrijvingen die zijn opgenomen in bijlage V, paragraaf 1.2, de tabellen 1.2.1 tot en met 1.2.5, bij de kaderrichtlijn water.

De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.

Deze tekst wordt gepubliceerd onder de eigen hergebruiksvoorwaarden van BWB, niet onder een licentie van Legalize of van het publieke domein. BWB
CC0 1.0 Universeel (publiek domein)