Subsidieregeling pakket rechtsbijstand herstelregelingen kinderopvangtoeslag 2023

Type ZBO-regeling
Publication 2023-11-01
Laatst bijgewerkt 2026-05-05
State In force
Source BWB
artikelen 14
Wijzigingsgeschiedenis JSON API

gelet op artikel 37b van de Wet op de rechtsbijstand, waarin is bepaald dat het bestuur van de Raad voor Rechtsbijstand subsidie kan verstrekken ten behoeve van de verlening van rechtsbijstand voor bijzondere doeleinden en projecten,

besluit:

de volgende subsidieregeling vast te stellen.

Hoofdstuk I. Algemeen

Artikel 1. Begripsbepalingen

In deze subsidieregeling wordt verstaan onder:

Artikel 2. Doel

Deze regeling heeft tot doel adequate en kosteloze gefinancierde rechtsbijstand te regelen aan de rechtzoekende bij een verzoek in het kader van de herstelregelingen kinderopvangtoeslag bij Belastingdienst/Toeslagen, alsmede hieruit voortvloeiende procedures.

Hoofdstuk II. De vergoedingen

Artikel 3. De vergoedingen

1.

Advocaten ontvangen overeenkomstig de bepalingen van deze regeling een vergoeding voor de verlening van rechtsbijstand aan de rechtzoekende bij een verzoek in het kader van de herstelregelingen kinderopvangtoeslag bij Belastingdienst/Toeslagen en bij een verzoek voor overneming of betaling privaatrechtelijke schulden.

2.

De vergoeding, bedoeld in het eerste lid omvat:

3.

Ten behoeve van de berekening van de vergoeding worden de krachtens deze regeling toegekende punten vermenigvuldigd met het basisbedrag, zoals genoemd in het eerste lid van artikel 3 van het Besluit vergoedingen rechtsbijstand 2000. Voor de toepassing van het basisbedrag per punt is de afgiftedatum van de toevoeging bepalend.

4.

Bij de toepassing van deze regeling wordt de financiële draagkracht van de rechtzoekende buiten beschouwing gelaten.

Artikel 4. Vergoedingen voor rechtsbijstandverlening

1.

Voor de rechtsbijstand aan de ouder als bedoeld in deze regeling wordt een vergoeding toegekend voor rechtsbijstand bij het verzamelen en beoordelen van de voor het verzoek tot herstel benodigde stukken en het geven van advies tot en met het opstellen van de zienswijze op de voorlopige beslissing, inclusief de daarbij behorende oudergesprekken:

2.

Voor de rechtsbijstand aan de ouder over het toekennen van een forfaitair bedrag van € 30.000,– als bedoeld in artikel 2.7, eerste of tweede lid van de Wht, wordt een vergoeding toegekend van:

3.

Voor de rechtsbijstand verleend aan het kind, pleegkind of voormalig pleegkind van een overleden ouder of het kind, pleegkind of voormalig pleegkind van een overleden ex-partner, ten behoeve van het bezwaar tegen de afwijzende beschikking van Belastingdienst/Toeslagen over het toekennen van een tegemoetkoming als bedoeld in artikel 2.14 respectievelijk artikel 2.14 a Wht wordt een vergoeding toegekend van 9 punten.

4.

Voor de rechtsbijstand verleend aan de ouder ten behoeve van bezwaar tegen de beschikking inzake het verzoek tot herstel, wordt een vergoeding toegekend van 20 punten.

6.

Voor de rechtsbijstand verleend aan de ouder bij een verzoek tot vergoeding van werkelijke schade als bedoeld in deze regeling wordt een vergoeding toegekend van:

7.

Voor de rechtsbijstand verleend aan de ouder bij het bezwaar tegen de beschikking van Belastingdienst/Toeslagen op het verzoek tot vergoeding van werkelijke schade wordt een vergoeding toegekend van 20 punten.

8.

Dit lid is nog niet in werking getreden.

9.

Voor rechtsbijstand verleend aan de ouder tijdens een VSO-route in het kader van een traject aanvullende werkelijke schade wordt een vergoeding toegekend overeenkomstig het zesde lid, a, b of c van dit artikel.

10.

Voor de rechtsbijstand aan de ouder en diens partner, als bedoeld in artikel 4.1, eerste lid Wht, wordt, voor overneming of betaling van privaatrechtelijke schulden, een vergoeding toegekend van:

11.

Voor de rechtsbijstand aan de ex-partner bij een verzoek tot overneming of betaling van privaatrechtelijke schulden of een bezwaar tegen een beschikking van de Minister van Financiën op een verzoek tot overneming of betaling van privaatrechtelijke schulden, is het tiende lid van dit artikel van overeenkomstige toepassing.

12.

Voor de rechtsbijstand aan de ouder bij het beroep tegen een beslissing op bezwaar als bedoeld in het tweede lid, onderdeel b of c, het vierde lid, het zevende lid, en het tiende lid, onderdeel b of c, van dit artikel wordt een vergoeding toegekend van 20 punten.

13.

Voor rechtsbijstand aan de ex-partner bij het beroep tegen een beslissing op bezwaar als bedoeld in het achtste lid en het elfde lid van dit artikel wordt een vergoeding toegekend van 20 punten.

14.

Voor rechtsbijstand aan een kind, pleegkind of voormalig pleegkind van een overleden ouder of een overleden ex-partner bij het beroep tegen een beslissing op bezwaar als bedoeld in het derde lid van dit artikel wordt een vergoeding toegekend van 20 punten.

15.

Voor de rechtsbijstand bij het hoger beroep tegen een uitspraak in beroep als bedoeld in het twaalfde, dertiende en veertiende lid van dit artikel wordt een vergoeding toegekend van 20 punten.

16.

Als de advocaat in het kader van de procedure bedoeld in het twaalfde, dertiende, veertiende en vijftiende lid van dit artikel bedoelde procedure meer dan één zitting bij de gerechtelijke instantie heeft bijgewoond, wordt voor de tweede en elke daaropvolgende zitting telkens 2,5 punten vergoed.

17.

Indien de advocaat voor de rechtsbijstand een verzoek tot voorlopige voorziening indient, in het kader van bezwaar als bedoeld in het tweede lid, onderdeel b of c, het derde lid, het vierde lid, het zesde, het zevende lid, het achtste lid, het tiende lid, onderdeel b en c, of het elfde lid, alsmede beroep als bedoeld in het twaalfde, dertiende of het veertiende lid van dit artikel, alsmede hoger beroep als bedoeld in het vijftiende lid van dit artikel, wordt voor ieder verzoek tot een voorlopige voorziening een toeslag van 9 punten toegekend.

18.

Als de rechtsbijstand opvolgend is verleend door twee of meer advocaten die niet behoren tot hetzelfde samenwerkingsverband wordt het aantal toe te kennen punten éénmaal met twee punten verhoogd.

19.

In geval rechtsbijstand is verleend door opvolgende advocaten zoals bedoeld in het achttiende lid van dit artikel, wordt de vergoeding betaald aan de advocaat die het laatst is toegevoegd. De advocaten verdelen het bedrag in onderling overleg naar verhouding van de verrichte werkzaamheden.

Artikel 5. Vergoeding voor reiskosten en reistijdverlet

1.

Voor vergoeding van de kosten in verband met het reizen ten behoeve van de verlening van rechtsbijstand tijdens een oudergesprek, een mediationgesprek alsmede de zitting van de bezwaarschriftenadviescommissie, alsmede de zitting in het kader van een procedure tot vergoeding van de hogere werkelijke schade, alsmede de zitting bij de rechtbank, alsmede de zitting bij de Afdeling Bestuursrechtspraak van de Raad van State is artikel 25 Bvr van overeenkomstige toepassing.

2.

Voor het tijdverlet in verband met het reizen ten behoeve van de verlening van rechtsbijstand onder toevoegingen afgegeven vóór 1 januari 2022, zoals bedoeld in het eerste lid, wordt een vergoeding toegekend van een half punt per volle gereisde 60 kilometer.

3.

Voor het tijdverlet in verband met het reizen ten behoeve van de verlening van rechtsbijstand onder toevoegingen afgegeven op of na 1 januari 2022, zoals bedoeld in het eerste lid, wordt een vergoeding toegekend van een half punt per volle gereisde 50 kilometer.

4.

Als een reis zoals bedoeld in het eerste, tweede en derde lid wordt afgelegd ten behoeve van de verlening van rechtsbijstand aan meerdere rechtzoekenden op dezelfde locatie, wordt in verband met deze reis slechts eenmaal de kilometervergoeding en reisverlet toegekend.

5.

De Raad bepaalt de reisafstand op gestandaardiseerde wijze.

Artikel 6. Kosteloze rechtsbijstand voor de rechtzoekende

1.

De rechtsbijstand is voor de rechtzoekende kosteloos; er wordt geen eigen bijdrage opgelegd.

2.

De advocaat kan de rechtzoekende geen kosten in rekening brengen.

3.

De aan de rechtzoekende toegekende compensatie of andere tegemoetkoming kan nooit leiden tot intrekking van de toevoeging. Artikel 34g Wrb is niet van toepassing.

4.

Aan de rechtzoekende toegekende proceskosten in de bezwaarprocedure, als bedoeld in artikel 7:15 van de Awb, alsmede de toegekende proceskosten in de (hoger) beroepsprocedure en /of procedure voorlopige voorziening als bedoeld in artikel 8:75 van de Awb en artikel 8:84 vijfde lid van de Awb, worden in mindering gebracht op de voor die fase van toepassing zijnde vergoeding.

5.

De rechtzoekende die voor de rechtsbijstand als bedoeld in deze regeling afdoende gebruik kan maken van een rechtsbijstandsverzekering, is uitgesloten van deze regeling.

Hoofdstuk III. Voorwaarden

Artikel 7. Voorwaarden tot deelname voor advocaten

1.

De regeling is van toepassing op advocaten die voldoen aan de in de bijlage onder I genoemde deelnamecriteria.

2.

Advocaten kunnen een gemotiveerd verzoek tot deelname indienen bij de Raad.

Hoofdstuk IV. Aanvraag rechtsbijstand

Artikel 8. Aanvraag van de rechtsbijstand

1.

De aanvraag voor rechtsbijstand wordt initieel door de rechtzoekende bij de Raad ingediend.

2.

De rechtzoekende dient hiervoor gebruik te maken van het door de Raad opgestelde formulier ‘Aanvraag rechtsbijstand herstel kinderopvangtoeslag’, waarbij de schriftelijke bevestiging van Belastingdienst/Toeslagen dat de rechtzoekende zich heeft aangemeld voor de herstelregelingen kinderopvangtoeslag wordt overgelegd.

3.

Op basis van de gegevens in het formulier zoals bedoeld in lid 2 van dit artikel matcht de Raad een aan de regeling deelnemende advocaat door de rechtzoekende een keuze te geven uit door de Raad voorgestelde advocaten. De door de rechtzoekende gekozen advocaat wordt toegevoegd.

4.

Als de rechtzoekende aangeeft dat hij een aan de regeling deelnemende voorkeursadvocaat wenst, voegt de Raad – in afwijking van het in lid 3 van dit artikel gestelde – die advocaat toe.

5.

Als de rechtzoekende aangeeft dat hij op het moment van inwerkingtreding van deze regeling al rechtsbijstand van een advocaat heeft bij een verzoek in het kader van de herstelregelingen kinderopvangtoeslag, voegt de Raad deze advocaat toe.

6.

De advocaat kan voor de werkzaamheden als genoemd in het tweede tot en met het vijftiende lid van artikel 4, een separate aanvraag indienen voor de in dat artikel genoemde werkzaamheden. Voor deze aanvraag voor rechtsbijstand gebruikt de advocaat een gestandaardiseerd aanvraagformulier ‘Aanvraag vervolgtoevoeging rechtsbijstand herstelregelingen Kinderopvangtoeslag’ en voegt hierbij een afschrift van de bestreden beslissing waarop de betreffende aanvraag voor rechtsbijstand ziet, voor zover van toepassing.

Artikel 9. Aanvraag van de vergoeding

Binnen 12 maanden na afronding van de werkzaamheden die in het kader van deze regeling worden vergoed, vraagt de toegevoegde advocaat de vergoeding aan met een door de Raad opgesteld standaardformulier ‘Aanvraag vergoeding rechtsbijstand herstelregelingen kinderopvangtoeslag’. Bij dit formulier voegt de advocaat, indien van toepassing, de uitspraak of beslissing, vergezeld van een specificatie van de met de rechtsbijstandverlening gemoeide tijdsbesteding overeenkomstig door het bestuur gestelde regels.

Hoofdstuk V. Overige bepalingen

Artikel 10. Monitoring en evaluatiebepaling

Voor deze regeling zal het kenniscentrum van de Raad een monitor opzetten waarmee in ieder geval elk half jaar geëvalueerd wordt of deze bepalingen aansluiten bij de praktijk.

Hoofdstuk VI. Overgangs- en slotbepalingen

Artikel 11. Overgangsbepaling

1.

Verzoeken in het kader van de herstelregelingen kinderopvangtoeslag, die op het moment van inwerkingtreding van deze regeling nog in behandeling zijn en waarop nog geen beslissing op bezwaar door Belastingdienst/Toeslagen is genomen, vallen onder deze regeling.

2.

Verzoeken voor toevoeging voor het beroep en het hoger beroep als bedoeld in het twaalfde, dertiende, veertiende en vijftiende lid van artikel 4 vallen onder deze regeling indien in de procedure waarvoor de toevoeging wordt gevraagd op het moment van inwerkingtreding van deze regeling nog geen uitspraak is gedaan.

Artikel 12. Inwerkingtreding en vervaldatum

1.

Deze regeling treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst en werkt terug tot en met 1 maart 2021.

2.

In afwijking van het eerste lid geldt het volgende:

3.

Deze regeling vervalt op 31 december 2027.

Artikel 13. Intrekking

De Subsidieregeling pakket rechtsbijstand herstelregeling kinderopvangtoeslag die op 28 december 2021 is gepubliceerd wordt bij deze ingetrokken.

Artikel 14. Citeertitel

Deze regeling wordt aangehaald als: Subsidieregeling pakket rechtsbijstand herstelregelingen kinderopvangtoeslag 2023.

Bijlage

I. Deelnamecriteria

Voor deelname aan deze regeling gelden de volgende voorwaarden:

II. Matchingscriteria

Ten behoeve van een zo goed mogelijke matching met de rechtzoekende vermeldt de advocaat bij zijn deelnameverzoek:

De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.

Deze tekst wordt gepubliceerd onder de eigen hergebruiksvoorwaarden van BWB, niet onder een licentie van Legalize of van het publieke domein. BWB
CC0 1.0 Universeel (publiek domein)