Deelregeling Internationale Werkreis voor Individuen Fonds Podiumkunsten
Gelet op artikel 10 lid 4 van de Wet op het specifiek cultuurbeleid en artikel 2 van het Algemeen Reglement Fonds Podiumkunsten;
Besluit:
Paragraaf 1. Algemene bepalingen
Artikel 1.1. Definities
In deze Deelregeling wordt verstaan onder:
- bestuur: de raad van bestuur van de stichting Nederlands Fonds voor Podiumkunsten;
- Fonds Podiumkunsten: de stichting Nederlands Fonds voor Podiumkunsten;
- podiumkunstenaar: een natuurlijk persoon die meerderjarig is, artistiek uitvoerend dan wel artistiek scheppend actief is in de professionele podiumkunsten en in die hoedanigheid aantoonbaar geïntegreerd en volledig actief is in de professionele podiumkunstpraktijk in Nederland;
- activiteit: een doelgerichte, tijdelijk in het buitenland plaatsvindende activiteit die rechtstreeks bijdraagt aan de artistiek-inhoudelijke oriëntatie dan wel de verdieping van vakinhoudelijke expertise van een podiumkunstenaar, waaronder begrepen, maar niet beperkt tot, het bijwonen van een conferentie, deelname aan internationale netwerkbijeenkomsten die openstaan voor niet-leden van het netwerk, bezoek aan een internationaal festival anders dan gericht op verkoop of optreden, het bijwonen van lezingen of workshops of een panelgesprek;
- artistiek scheppend: betrekking hebbend op het maakproces van een artistiek werk. Hieronder worden verstaan functies die primair verantwoordelijk zijn voor de inhoudelijke en artistieke totstandkoming van het werk. Tot deze functies behoren in ieder geval, maar niet uitsluitend: componist, theaterauteur, librettist en choreograaf;
- artistiek uitvoerend: betrekking hebbend op het tonen van artistiek werk. Hieronder worden verstaan functies die primair verantwoordelijk zijn voor het tonen van het werk. Tot deze functies behoren in ieder geval, maar niet uitsluitend: acteur, danser, musicus, zanger, dirigent, circusartiest, of performer in interdisciplinair werk;
- Nederland: het Koninkrijk der Nederlanden, bestaande uit Nederland inclusief Bonaire, Sint-Eustatius en Saba en Aruba, Curaçao en Sint Maarten;
- Caribisch deel van het Koninkrijk der Nederlanden: Bonaire, Sint-Eustatius en Saba en Aruba, Curaçao en Sint Maarten;
- Europees Nederland: Het deel van het Koninkrijk der Nederlanden dat geografisch is gelegen op het Europese continent;
- Buitenland: alle landen buiten Nederland;
- Europa: het Europese continent dat bestaat uit de Europese staten die geheel of gedeeltelijk gelegen zijn op het Europese continent, begrensd door de Atlantische Oceaan in het westen, de Noordelijke IJszee in het noorden, de Middellandse Zee in het zuiden en in het oosten doorgaans door het Oeralgebergte, de Oeralrivier, de Kaspische Zee en de Kaukasus.
Artikel 1.2. Doel
Het bestuur kan subsidie verstrekken ter dekking van kosten die direct samenhangen met een kortdurend verblijf in het buitenland.
De subsidie heeft tot doel bij te dragen aan de artistiek-inhoudelijke oriëntatie dan wel de verdieping van vakinhoudelijke expertise van een podiumkunstenaar.
Artikel 1.3. Subsidievormen
De subsidie heeft betrekking op kosten die direct samenhangen met een kortdurend verblijf in het buitenland.
De subsidie kan worden verstrekt in twee vormen:
- a. een subsidie voor het bijwonen van of deelnemen aan activiteiten als bedoeld in artikel 1.1;
- b. een subsidie voor het bijwonen van uitvoeringen van eigen werk.
Artikel 1.4. Subsidieplafond en openstelling
Het bestuur kan een of meer subsidieplafonds vaststellen.
Het bestuur kan voor een nader te bepalen geografisch gebied in Nederland een afzonderlijk subsidieplafond vaststellen.
Het bestuur kan eerder vastgestelde subsidieplafonds verhogen.
Het bestuur kan de datum van aanvang van de periode voor het indienen van subsidieaanvragen vaststellen.
Besluiten als bedoeld in dit artikel worden bekendgemaakt door kennisgeving in de Staatscourant.
Artikel 1.5. Geografische aanvulling
In aanvulling op artikel 1.3, eerste lid, wordt voor de toepassing van deze Deelregeling mede als buitenland aangemerkt:
- a. het Caribisch deel van het Koninkrijk der Nederlanden, indien de aanvrager woonachtig is in Europees Nederland;
- b. Europees Nederland, indien de aanvrager woonachtig is in het Caribisch deel van het Koninkrijk der Nederlanden; of
- c. een eiland binnen het Caribisch deel van het Koninkrijk der Nederlanden, indien de aanvrager woonachtig is op een ander eiland binnen dat deel van het Koninkrijk.
Artikel 1.6. Wie kan aanvragen
De subsidie als bedoeld in artikel 1.3, lid 2 aanhef en onder a kan uitsluitend worden aangevraagd door een podiumkunstenaar als bedoeld in artikel 1.1.
De subsidie als bedoeld in artikel 1.3, lid 2 aanhef en onder b kan uitsluitend worden aangevraagd door een podiumkunstenaar die artistiek scheppend actief is als bedoeld in artikel 1.1, voor diens werk in die hoedanigheid.
Artikel 1.7. Weigeringsgronden
Het bestuur weigert, onverminderd het bepaalde in artikel 4:35 van de Algemene wet bestuursrecht, de subsidie:
- a. als de aanvrager een rechtspersoon, een vennootschap onder firma of eenmanszaak is;
- b. als de aanvraag onvoldoende concreet is met betrekking tot hetgeen waarvoor de subsidie wordt aangevraagd;
- c. als het bestuur er op basis van de aanvraag onvoldoende van overtuigd is dat hetgeen waarvoor de subsidie wordt aangevraagd daadwerkelijk zal plaatsvinden;
- d. als de aanvrager desgevraagd niet aannemelijk kan maken dat sprake is van een tekort;
- e. als aan de aanvrager reeds eenmaal eerder in hetzelfde kalenderjaar subsidie op grond van deze Deelregeling is verleend;
- f. als de aanvrager in een kalenderjaar reeds vier keer een subsidie op grond van deze Deelregeling heeft aangevraagd;
- g. als voor hetgeen waarvoor de subsidie wordt aangevraagd reeds eerder door dezelfde aanvrager een aanvraag is gedaan voor een subsidie op grond van deze Deelregeling en deze eerdere aanvraag is geweigerd, tenzij nieuw gebleken feiten of veranderde omstandigheden worden vermeld;
- h. als hetgeen waarvoor subsidie wordt aangevraagd reeds op grond van een andere subsidieregeling van Fonds Podiumkunsten wordt gesubsidieerd of geacht wordt gesubsidieerd te zijn;
- i. als de aanvraag eerder wordt ingediend dan 16 weken vóór de eerste activiteit waarvoor subsidie wordt aangevraagd;
- j. als de aanvraag later wordt ingediend dan vier weken vóór de eerste activiteit waarvoor subsidie wordt aangevraagd;
- k. als de aanvraag betrekking heeft op:
- i. het verrichten van regies, choreografieën, dirigentschappen, optredens en daarmee vergelijkbare uitvoerende opdrachten, waarbij de aanvrager dan wel als primair maker, dan wel in een gastrol optreedt;
- ii. het bijwonen van netwerkbijeenkomsten en de aanvrager lid is van het organiserende netwerk;
- iii. het bijwonen van of deelnemen aan activiteiten waarbij de verkoop van eigen werk een onderdeel vormt;
- iv. het bijwonen van of deelnemen aan activiteiten die gericht zijn op promotionele doeleinden; of
- v. deelname aan trainingen, opleidingen of cursussen die zijn gericht op omscholing.
- l. als de aanvraag niet voldoet aan het bepaalde in deze regeling.
Het bestuur kan de subsidie weigeren:
- a. als de reisafstand hemelsbreed minder dan 600 kilometer bedraagt en de reis- en transportkosten worden gemaakt door middel van vervoer per vliegtuig, terwijl er alternatieve vervoersmogelijkheden voorhanden zijn;
- b. als de aanvrager in de voorgaande twee jaar niet heeft voldaan aan een of meer aan een subsidie verbonden voorwaarden of verplichtingen, waaronder in ieder geval begrepen het juist en tijdig uitvoeren van de gesubsidieerde activiteiten, het tijdig melden van relevante wijzigingen in de uitvoering en het juist en tijdig verantwoorden van de activiteiten;
- c. als de aanvrager langdurig is verbonden aan een organisatie die een instellingssubsidie ontvangt van de Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap.
Paragraaf 2. Procedure
Artikel 2.1. Indienen aanvraag
Een aanvraag wordt digitaal ingediend met behulp van een door het bestuur opgesteld formulier.
Een aanvraag wordt alleen in behandeling genomen als het volledig ingevulde aanvraagformulier is ontvangen door Fonds Podiumkunsten en vergezeld gaat van de op het formulier vermelde bijlagen.
Een complete aanvraag voor een subsidie als bedoeld in artikel 1.3, lid 2 aanhef en onder a bevat:
- a. een omschrijving van de professionele werkpraktijk van de aanvrager;
- b. een omschrijving van de bestemming van de reis;
- c. de motivatie van de aanvrager voor het bijwonen van of deelnemen aan de activiteit. De motivatie bevat tenminste wat de verwachting is van de reis en wat het bezoek gaat bijdragen aan de artistiek-inhoudelijke oriëntatie of verdieping van vakinhoudelijke expertise;
- d. een schriftelijke bevestiging waarmee wordt aangetoond dat de aanvrager minimaal een concrete afspraak heeft staan die verbonden is aan de activiteiten; en
- e. een specificatie van de subsidiabele kosten als bedoeld in artikel 2.4, alsmede ondersteunende documenten waaruit de in de specificatie opgenomen kosten blijken.
Een complete aanvraag voor een subsidie als bedoeld in artikel 1.3, lid 2 aanhef en onder b bevat:
- a. een omschrijving van de professionele werkpraktijk van de aanvrager;
- b. de motivatie van de aanvrager voor het bijwonen van de uitvoeringen. De motivatie bevat wat de verwachting is van de reis en wat het bezoek gaat bijdragen aan de artistiek-inhoudelijke oriëntatie;
- c. een uitnodiging van een buitenlandse organisatie waaruit blijkt dat de aanvrager in zijn of haar hoedanigheid van scheppend kunstenaar is uitgenodigd voor het bijwonen van diens eigen werk, waarbij de uitnodiging rechtstreeks en op naam van de aanvrager is gesteld;
- d. een omschrijving waaruit blijkt dat de aanvrager tijdens het verblijf in het buitenland een werkzaamheid ontplooit die direct verband houdt met het bijwonen van de uitvoeringen, zoals het repeteren van het werk, het geven van een lezing of workshop, waarvoor diens aanwezigheid vereist is; en
- e. een specificatie van de subsidiabele kosten als bedoeld in artikel 2.4, alsmede ondersteunende documenten waaruit de in de specificatie opgenomen kosten blijken.
Artikel 2.2. Beoordeling
Een aanvraag voor een subsidie als bedoeld in artikel 1.3, lid 2 aanhef en onder a komt voor subsidie in aanmerking wanneer er naar het oordeel van het bestuur sprake van is dat:
- a. de activiteit bijdraagt aan de artistiek-inhoudelijke oriëntatie of verdieping van vakinhoudelijke expertise van de aanvrager;
- b. met een schriftelijke bevestiging aangetoond wordt dat de aanvrager minimaal één concrete afspraak heeft staan die direct verbonden is aan de activiteiten; en
- c. de specificatie van de kosten realistisch en marktconform is.
Een aanvraag voor een subsidie als bedoeld in artikel 1.3, lid 2 aanhef en onder b komt voor subsidie in aanmerking wanneer er naar het oordeel van het bestuur sprake van is dat:
- a. de aanvrager is uitgenodigd om een uitvoering bij te wonen van een of meer van diens werken die op het moment van de aanvraag gerealiseerd zijn;
- b. het bijwonen van de uitvoering bijdraagt aan de artistiek-inhoudelijke oriëntatie van de aanvrager; en
- c. de aanvrager minimaal een aanvullende werkzaamheid ontplooit, zoals het repeteren van het werk, het geven van een lezing of workshop, waarvoor diens aanwezigheid vereist is.
Artikel 2.3. Verdeling budget
Het bestuur verleent de subsidie op volgorde van ontvangst van de complete aanvragen als bedoeld in artikel 2.1 en die voor subsidie in aanmerking komen als bedoeld in artikel 2.2, totdat het vastgestelde subsidieplafond voor het desbetreffende kalenderjaar is bereikt. Bij een incomplete aanvraag geldt als ontvangstdatum de datum en het tijdstip waarop de aanvullende informatie is ontvangen en de aanvraag daarmee compleet is als bedoeld in artikel 4:5 van de Algemene wet bestuursrecht.
Als het subsidieplafond dreigt te worden overschreden of wordt overschreden als gevolg van een aantal aanvragen met dezelfde ontvangstdatum, dan worden deze aanvragen gerangschikt op basis van het tijdstip van ontvangst.
Artikel 2.4. Subsidiabele kosten
Voor zover noodzakelijk en adequaat in relatie tot het doel waarmee de subsidie wordt verstrekt komen uitsluitend kosten voor de subsidie in aanmerking die direct samenhangen met het bijwonen van of deelnemen aan activiteiten of met het bijwonen van uitvoeringen van eigen werk:
- a. reiskosten over land met openbaar vervoer in tweede klasse;
- b. reiskosten over land met eigen vervoer op basis van 0,48 euro per kilometer;
- c. kosten die gemaakt worden voor het huren van een vervoersmiddel voor vervoer over land;
- d. reiskosten per vliegtuig in economyclass;
- e. verblijfskosten op basis van een verblijf in een accommodatie die maximaal drie sterren heeft;
- f. kosten voor toegangsdocumenten waaronder begrepen, maar niet beperkt tot een visum, ETA of ESTA; en
- g. kosten die direct samenhangen met het bijwonen van of deelname aan de activiteiten of het bijwonen van uitvoeringen van eigen werk.
Artikel 2.5. Subsidiehoogte
De hoogte van de subsidie bedraagt maximaal 2.500 euro per aanvraag wanneer de activiteiten dan wel de uitvoeringen binnen Europa of binnen het Caribisch deel van het Koninkrijk der Nederlanden plaatsvinden.
De hoogte van de subsidie bedraagt maximaal 4.000 euro per aanvraag wanneer de activiteiten dan wel de uitvoeringen buiten Europa plaatsvinden.
In afwijking van lid 1 bedraagt de hoogte van de subsidie maximaal 4.000 euro wanneer de activiteiten dan wel de uitvoeringen plaatsvinden buiten het Caribisch deel van het Koninkrijk der Nederlanden en de aanvrager gevestigd is in het Caribisch deel van het Koninkrijk der Nederlanden.
De hoogte van de subsidie wordt door het bestuur bepaald op basis van de bij de aanvraag overlegde stukken.
Bij het bepalen van de subsidiehoogte betrekt het bestuur in ieder geval de ingediende kostenspecificatie alsmede de ondersteunende documenten waaruit de in de specificatie opgenomen kosten blijken.
Het bestuur kan ten nadele van de subsidieontvanger afwijken van het bepaalde in de eerste drie leden van dit artikel indien een strikte toepassing hiervan zou leiden tot een kennelijk onredelijk resultaat.
Artikel 2.6. Besluit
Het bestuur informeert de aanvrager binnen 8 weken schriftelijk over zijn besluit. De beslistermijn vangt aan op de dag na die waarop de complete aanvraag als bedoeld in artikel 2.1 van deze Deelregeling is ontvangen.
Paragraaf 3. Verplichtingen en verantwoording
Artikel 3.1. Aan de subsidie verbonden verplichtingen
De subsidieontvanger meldt het direct aan het bestuur als:
- a. de activiteiten waarvoor subsidie is verstrekt niet of niet geheel zullen doorgaan;
- b. niet geheel aan de aan de subsidie verbonden verplichtingen zal worden voldaan; of
- c. er aanzienlijke wijzigingen zijn ten opzichte van het plan op basis waarvan subsidie is verstrekt.
De subsidieontvanger plaatst het logo of de naam van Fonds Podiumkunsten op alle publiciteitsuitingen die betrekking hebben op de gesubsidieerde activiteiten. Daarnaast levert de subsidieontvanger minstens twee rechtenvrije foto’s aan die Fonds Podiumkunsten met naamsvermelding mag gebruiken in communicatie-uitingen.
Het bestuur kan bij beschikking andere dan de in het eerste en tweede lid opgenomen verplichtingen aan de subsidie verbinden.
Artikel 3.2. Vaststelling subsidie
De verleende subsidie wordt door het bestuur ambtshalve vastgesteld binnen dertien weken nadat hetgeen waarvoor de subsidie is verleend, heeft plaatsgevonden.
Het bestuur kan de subsidieontvanger verzoeken aan te tonen dat hetgeen waarvoor de subsidie is verleend is verricht en dat is voldaan aan de aan de subsidie verbonden verplichtingen.
Indien de subsidieontvanger niet of niet volledig voldoet aan het verzoek, kan het bestuur de subsidie intrekken, ten nadele van de subsidieontvanger wijzigen of lager vaststellen.
Artikel 3.3. Intrekking of wijziging subsidie
Als op enig moment blijkt dat niet is voldaan aan enige voorwaarde van deze Deelregeling of enige aan de subsidie verbonden verplichting, kan het bestuur de subsidie intrekken, ten nadele van de subsidieontvanger wijzigen of lager vaststellen.
De subsidieontvanger wordt vooraf geïnformeerd over een voornemen tot intrekking, wijziging of lagere vaststelling van de subsidie.
Paragraaf 4. Overige bepalingen
Artikel 4.1. Begrotingsvoorbehoud
Subsidie wordt verleend onder voorbehoud van verstrekking van de bijbehorende middelen door de Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap.
Artikel 4.2. Inwerkingtreding
Deze Deelregeling treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst.
Artikel 4.3. Citeertitel
Deze Deelregeling wordt aangehaald als: Deelregeling Internationale Werkreis voor Individuen Fonds Podiumkunsten.
Dit besluit zal in de Staatscourant worden geplaatst.
De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.
Deze tekst wordt gepubliceerd onder de eigen hergebruiksvoorwaarden van BWB, niet onder een licentie van Legalize of van het publieke domein.
BWB
CC0 1.0 Universeel (publiek domein)