Vaststellings- en terugvorderingsbeleid bij Subsidieregelingen beroepsopleiding sociaal advocaten

Type ZBO-regeling
Publication 2026-07-04
Laatst bijgewerkt 2026-07-08
State In force
Source BWB
artikelen 8
Wijzigingsgeschiedenis JSON API

gelet op artikel 7 Wrb, artikel 37b Wrb, de Subsidieregelingen beroepsopleiding sociaal advocaten en artikel 4:81 Awb,

besluit:

het volgende vaststellings- en terugvorderingsbeleid vast te stellen voor de Subsidieregelingen beroepsopleiding sociaal advocaten:

Het vaststellings- en terugvorderingsbeleid heeft tot doel zoveel mogelijk duidelijkheid te bieden over de totstandkoming van het vaststellingsbesluit en wanneer verstrekte subsidies wel en niet worden teruggevorderd. Het betreft hier verstrekte subsidies in het kader van de opeenvolgende Subsidieregelingen beroepsopleiding sociaal advocaten. Uitgangspunten daarbij zijn de subsidieregelingen zelf. In dit vaststellings- en terugvorderingsbeleid wordt ook ingegaan op uitzonderingsgronden.

Artikel 1. – Vaststelling

1.

In overeenstemming met artikel 4:44 van de Algemene wet bestuursrecht (hierna: Awb) en artikel 10 van de Subsidieregelingen beroepsopleiding sociaal advocaten (hierna: subsidieregelingen) dient de subsidieontvanger binnen twee maanden nadat de stage met gunstig gevolg is voltooid schriftelijk een aanvraag tot subsidievaststelling in. Hierbij wordt de stageverklaring overgelegd.

2.

Na het verstrijken van de termijn genoemd in artikel 1 lid 1 van deze regeling controleert de RvR op basis van de ontvangen informatie of de subsidieontvanger aan de verplichtingen heeft voldaan. Als eerder uit ontvangen informatie blijkt dat de subsidieontvanger niet kan voldoen aan de verplichtingen, stelt de RvR dan de subsidie vast.

3.

Bij ontbrekende informatie wordt de subsidieontvanger in de gelegenheid gesteld de ontbrekende informatie binnen vier weken alsnog aan te leveren.

4.

Als de RvR op basis van de ontvangen informatie na de periode genoemd in het derde lid niet kan vaststellen dat is voldaan aan de verplichtingen en voornemens is de subsidie lager vast te stellen en terug te vorderen, stelt hij de subsidieontvanger hiervan op de hoogte. De RvR stelt de subsidieontvanger daarbij conform artikel 4:7 Awb in de gelegenheid binnen twee weken een zienswijze in te dienen en daarbij stukken en informatie aan te leveren waaruit blijkt dat wel aan de subsidievoorwaarden is voldaan.

5.

Bij de berekening van het aantal van 60 verkregen toevoegingseenheden kunnen, op verzoek van de subsidieaanvrager, toevoegingseenheden die door de patroon zijn verkregen maar waarin de advocaat-stagiaire heeft (mee)gewerkt meetellen. Dit met een maximum van tien toevoegingseenheden. De patroon levert daartoe een overzicht aan met toevoegingen waarin de advocaat-stagiaire werkzaamheden heeft verricht. Heeft de advocaat-stagiaire een deel van de werkzaamheden in een toevoeging gedaan dan wordt dit in het overzicht duidelijk vermeld.

6.

De RvR stelt de subsidie vast op het bedrag van het verstrekte voorschot als is voldaan aan de verplichtingen. De volgende drie situaties worden niet beschouwd als tekortkoming:

7.

De RvR stelt de subsidie lager vast als niet is voldaan aan de voorwaarden. Dit geldt in ieder geval in de volgende gevallen:

8.

De RvR stelt de subsidie lager vast als de opleidingskosten lager blijken te zijn dan de verstrekte subsidie. Dit geldt ook als op het moment van de vaststelling de kosten van de beroepsopleiding nog niet of niet volledig zijn betaald aan de opleider of als er onverschuldigd is betaald.

Artikel 2. – Terugvordering – bij ziekte en insolventie

De RvR kan de subsidie (gedeeltelijk) terugvorderen als de subsidie lager is vastgesteld dan het voorschot. Het is aan de subsidieontvanger met stukken te onderbouwen welke feiten en omstandigheden aan gedeeltelijke of volledige terugvordering in de weg staan. In de volgende situaties vordert de RvR het verstrekte voorschot niet of niet geheel terug:

Artikel 3. – Terugvordering – Vertrek advocaat-stagiaire bij kantoor patroon

Als de advocaat-stagiaire in loondienst voor het afronden van de beroepsopleiding is gestopt of is overgestapt naar een patroon en tweede begeleider die niet of niet beiden aan de voorwaarden van de subsidieregeling voldoen, wordt de verstrekte subsidie enkel teruggevorderd als de patroon en/of het kantoor van de patroon hebben bijgedragen aan het vertrek van de advocaat-stagiaire.

Als de subsidie aan de patroon is uitgekeerd ten behoeve van een stagiaire-ondernemer wordt de subsidie wel teruggevorderd tenzij de omstandigheden van het geval aan terugvordering in de weg staan.

Artikel 4. – Mate van terugvordering bij onvoldoende toevoegingseenheden

Voor iedere toevoegingseenheid onder het verplichte aantal van 60 toevoegingseenheden wordt 3,33% van het verstrekte subsidiebedrag teruggevorderd met dien verstande dat niet meer wordt teruggevorderd dan het totaal verstrekte subsidiebedrag.

Artikel 5. – Terugvordering nadat de subsidie eerder is vastgesteld overeenkomstig het voorschot

1.

De subsidievaststelling kan op grond van artikel 4:49 Awb worden ingetrokken of ten nadele van de ontvanger worden gewijzigd, als:

2.

De RvR kan de subsidie geheel of gedeeltelijk terugvorderen na intrekking van een subsidievaststelling of na een wijziging ten nadele van de ontvanger van een subsidievaststelling.

Artikel 6. – Wijze van terugvordering of verrekening

1.

De subsidieontvanger betaalt het te veel ontvangen voorschot terug binnen twee maanden na de vaststelling van de subsidie. Als er bezwaar of beroep is aangetekend, wordt de termijn opgeschort tot vier weken na de uitspraak in bezwaar, beroep of hoger beroep.

2.

Artikel 4:57 Awb is van overeenkomstige toepassing.

Artikel 7. – Aanhalen terugvorderingsbeleid

Deze beleidsregel wordt aangehaald als ‘Vaststellings- en terugvorderingsbeleid bij Subsidieregelingen beroepsopleiding sociaal advocaten.’

Artikel 8. – Inwerkingtreding

1.

Deze beleidsregel treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst.

2.

De beleidsregel ‘Vaststellings- en terugvorderingsbeleid bij Subsidieregelingen beroepsopleiding sociaal advocaten’ (Staatscourant 2024, nr. 35727) van 18 oktober 2024 wordt ingetrokken.

De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.

Deze tekst wordt gepubliceerd onder de eigen hergebruiksvoorwaarden van BWB, niet onder een licentie van Legalize of van het publieke domein. BWB
CC0 1.0 Universeel (publiek domein)