Werkwijze Autoriteit Persoonsgegevens geheimhoudingsprivilege advocaat 2026

Type ZBO-regeling
Publication 2026-09-24
Laatst bijgewerkt 2026-09-30
State In force
Source BWB
artikelen 10
Wijzigingsgeschiedenis JSON API

Gelet op de artikelen 5:16, 5:17 en 5:20 van de Algemene wet bestuursrecht (Awb), artikelen 31, 51 en 58 van de Algemene verordening gegevensbescherming (AVG) in samenhang met de artikelen 6, 14 en 15 van de Uitvoeringswet Algemene verordening gegevensbescherming (UAVG), artikel 37 van de Dataverordening en artikel 3, derde, vierde en vijfde lid, van de Uitvoeringswet Dataverordening, artikel 49, eerste lid, van de Digitalediensten-verordening en artikel 3.1 van de Uitvoeringswet Digitalediensten-verordening, artikel Z 11a van de Kieswet, artikel 11.5c van de Telecommunicatiewet in samenhang met artikel 19, tweede lid, van de eIDAS-verordening, artikel 22, eerste lid, van de Verordening transparantie en gerichte politieke reclame in samenhang met artikel 51 van de AVG, artikel 4.1 van de Wet basisregistratie personen in samenhang met de artikelen 14 tot en met 21 en 38 van de UAVG, artikel 3:17, zevende lid, van de Wet financieel toezicht en artikel 21a van de UAVG, artikel 35 van de Wet politiegegevens en artikel 27 Wet justitiële en strafvorderlijke gegevens.

Gezien de wens om nadere invulling te geven aan de werkwijze die gehanteerd wordt om te voorkomen dat de toezichthouder de beschikking krijgt over geprivilegieerde informatie bij het uitoefenen van het toezicht op de naleving van de door haar gehandhaafde wetten;

Besluit:

Hoofdstuk 1. Algemene bepalingen

Artikel 1. Begripsomschrijving

In dit besluit wordt verstaan onder:

UAVG Uitvoeringswet Algemene Verordening Gegevensbescherming
AP Autoriteit Persoonsgegevens als bedoeld in artikel 6 UAVG.
AP-organisatie Het secretariaat en het bestuur van de Autoriteit Persoonsgegevens als bedoeld in artikel 10 en 15 UAVG.
Afronding van een onderzoek – De termijn voor het indienen van bezwaar of beroep tegen het sanctiebesluit is verstreken, of wanneer het bezwaar of (hoger)beroep is ingesteld en daarop onherroepelijk is beslist. – Eventuele aangekondigde nacontroles hebben plaatsgevonden en geven geen aanleiding tot aanvullend onderzoek. – Het onderzoek is gestopt omdat er onvoldoende aanleiding is het onderzoek door te zetten.
AVG Algemene verordening gegevensbescherming
Awb Algemene wet bestuursrecht
Beoordelingsprocedure De procedure waarbij een onafhankelijke functionaris verschoningsrecht het geprivilegieerde karakter toetst van de door het onderzoekssubject geclaimde gegevens.
Forensisch IT-medewerker De persoon die forensisch technologische handelingen verricht en die voldoet aan de in artikel 7 van deze werkwijze gestelde voorwaarden.
Functionaris verschoningsrecht De op grond van artikel 2, eerste lid, van deze werkwijze aangewezen persoon die toeziet op het recht op geprivilegieerde correspondentie met een verschoningsgerechtigde/advocaat.
Gegevens Digitale of analoge gegevens
Geheimhoudersmedewerker Medewerker van de AP die op grond van artikel 2, vierde lid, van deze werkwijze is aangewezen om de functionaris verschoningsrecht bij te staan bij de uitvoering van zijn taken.
Onderzoeksdataset Een dataset die binnen-de-reikwijdte is nadat artikel 5 van deze werkwijze en artikel 2.3, tweede lid van de Werkwijze Autoriteit Persoonsgegevens voor onderzoek in digitale gegevens 2026 zijn toegepast.
Onderzoekssubject Degene die het subject is bij de inzet van de bevoegdheden van artikel 5:16 en/of 5:17 van de Algemene wet bestuursrecht, of de verwerkingsverantwoordelijke, de verwerker en, in voorkomend geval, de vertegenwoordiger van de verwerkingsverantwoordelijke of van de verwerker bij de inzet van de bevoegdheden van artikel 58 van de AVG.
Toezichthoudend ambtenaar De ambtenaren van het secretariaat van de Autoriteit Persoonsgegevens dan wel de bij besluit van de AP aangewezen personen als bedoeld in artikel 10 en 15 UAVG, voor zover deze in het kader van het betreffende onderzoek niet optreden als geheimhoudersmedewerker en/of forensisch IT-medewerker.
Veiligstellen Overzetten van gegevens door een forensisch IT-medewerker op een gegevensdrager van de forensisch IT-medewerker.

Artikel 2. Functionaris verschoningsrecht

1.

De AP wijst één of meer functionarissen verschoningsrecht aan die toezien op het recht op geprivilegieerde correspondentie met een verschoningsgerechtigde/advocaat. De functionaris verschoningsrecht mag niet werkzaam zijn bij de AP en geen deel uitmaken van de organisatie van de AP.

2.

Een functionaris verschoningsrecht voert de hem in deze werkwijze toegekende taken onafhankelijk uit en legt over deze werkzaamheden, zonder in te gaan op inhoudelijke afwegingen, rechtstreeks verantwoording af aan het bestuur van de AP.

3.

Een functionaris verschoningsrecht mag niet betrokken zijn of worden bij een onderzoek in welk verband hij gegevens heeft beoordeeld, noch bij een ander onderzoek waarvoor (een deel van) de gegevens uit het eerstbedoelde onderzoek worden gebruikt. Evenmin zal de functionaris verschoningsrecht betrokken worden bij een procedure volgend op het onderzoek als bedoeld in de vorige volzin. Hij betracht strikte geheimhouding.

4.

De AP wijst ten minste één geheimhoudersmedewerker aan die de functionaris verschoningsrecht kan bijstaan bij alle hem in deze werkwijze opgedragen werkzaamheden, waaronder de beoordeling van als geprivilegieerd geclaimde of mogelijk geprivilegieerde gegevens. Het derde lid is op geheimhoudersmedewerker van overeenkomstige toepassing.

5.

De geheimhoudersmedewerker werkt uitsluitend in opdracht en onder verantwoordelijkheid van de functionaris verschoningsrecht en ontvangt ter zake geen instructies van anderen binnen de AP. Hij betracht strikte geheimhouding.

6.

De wijze waarop de beoordeling en schoning van als geprivilegieerd geclaimde of mogelijk geprivilegieerde gegevens is georganiseerd en uitgevoerd in het desbetreffende onderzoek, wordt vastgelegd in een door of namens de functionaris verschoningsrecht opgesteld schriftelijk verslag.

Hoofdstuk II. Het inzien, vorderen of verzoeken van gegevens

Artikel 3. Het inzien en/of vorderen in aanwezigheid van het onderzoekssubject

1.

De toezichthoudend ambtenaar stelt het onderzoekssubject in de gelegenheid kenbaar te maken dat er een concreet redelijk vermoeden is dat er geprivilegieerd materiaal kan worden aangetroffen.

2.

Indien het onderzoekssubject voldoende gemotiveerd aanleiding geeft tot zo’n concreet redelijk vermoeden kan de toezichthoudend ambtenaar afzien van het inzien dan wel het vorderen van de betreffende gegevens. Mocht de toezichthoudend ambtenaar aanleiding zien om de gegevens te vorderen, dan dient de functionaris verschoningsrecht eerst het geprivilegieerde karakter te toetsen van de gegevens die het onderzoekssubject als zodanig heeft geclaimd en dient de procedure uit artikel 5 van deze werkwijze te worden doorlopen. Afhankelijk van de uitkomst van die procedure mag de toezichthoudend ambtenaar de gegevens al dan niet inzien.

3.

Indien het onderzoekssubject aangeeft dat er geen concreet redelijk vermoeden is als bedoeld in het eerste lid kan de toezichthoudend ambtenaar de gegevens zonder tussenkomst van de functionaris verschoningsrecht inzien en/of vorderen.

4.

In het geval dat een toezichthoudend ambtenaar na het doorlopen van de leden 1 en 2 van dit artikel, of indien er sprake is van een situatie als bedoeld in lid 3, desondanks mogelijk geprivilegieerde gegevens aantreft in het materiaal dat niet als zodanig door het onderzoekssubject is geclaimd, legt hij deze gegevens terzijde en legt hij deze gegevens ter beoordeling voor aan de functionaris verschoningsrecht.

Artikel 4. Schriftelijke verzoeken of vorderingen

In het geval van een schriftelijk verzoek om gegevens op grond van de artikelen 5:16, 5:17 van de Awb juncto artikel 5:20 Awb of artikel 58, eerste lid, juncto artikel 31 AVG kan het onderzoekssubject alvorens de gevorderde of verzochte gegevens aan de toezichthoudend ambtenaar te verstrekken aan de functionaris verschoningsrecht verzoeken het geprivilegieerde karakter van deze gegevens te toetsen. De procedure van artikel 5 van deze werkwijze is vervolgens van toepassing

Hoofdstuk III. Procedure en toetsing geclaimde en geprivilegieerde gegevens

Artikel 5. Procedure

1.

De functionaris verschoningsrecht toetst, in het licht van de door het onderzoekssubject aangedragen toelichting, of de door hem geclaimde gegevens geprivilegieerd zijn. De functionaris verschoningsrecht kan aan het onderzoekssubject om een nadere toelichting vragen.

2.

In het geval dat de functionaris verschoningsrecht bij toetsing in de aanwezigheid van het onderzoekssubject van mening is dat de claim van gegevens terecht is, deelt hij dit mee aan het onderzoekssubject en toezichthoudend ambtenaar die betrokken is bij het onderzoek. In dat geval dient de toezichthoudend ambtenaar af te zien van het inzien dan wel het vorderen van de betreffende gegevens.

3.

In het geval de functionaris verschoningsrecht bij toetsing in de aanwezigheid van het onderzoekssubject van mening is dat de claim van geprivilegieerde gegevens op het eerste gezicht niet terecht lijkt, worden de betreffende digitale gegevens en de gegevens waarvan zij onderdeel uitmaken na vordering veiliggesteld door de forensisch IT-medewerker in een beveiligde en afgeschermde omgeving. In het geval van analoge documenten neemt de functionaris verschoningsrecht een afschrift mee in een gesloten envelop.

4.

Indien de toetsing niet in de aanwezigheid van het onderzoekssubject kan plaatsvinden, worden de gevorderde digitale gegevens veiliggesteld door een forensisch IT-medewerker. De forensisch IT-medewerker slaat tijdens het onderzoek ter plaatse de veiliggestelde dataset op in een beveiligde en afgeschermde omgeving, zodat de toezichthoudend ambtenaar geen toegang kan hebben tot die data. Het onderzoekssubject krijgt de mogelijkheid om schriftelijk aan te geven welke gegevens uit de veiliggestelde dataset geprivilegieerde gegevens bevat. In het geval van toetsing van gevorderde analoge gegevens kan een afschrift van het document in een gesloten envelop door het onderzoekssubject aan de functionaris verschoningsrecht worden overhandigd.

5.

De functionaris verschoningsrecht maakt in een afgesloten ruimte een eerste beoordeling van de geclaimde geprivilegieerde gegevens. In deze eerste beoordeling merkt de functionaris verschoningsrecht de door hem/haar als geprivilegieerde beoordeelde gegevens aan als LPP toegewezen. In het geval dat de functionaris verschoningsrecht van oordeel is dat de claim niet terecht is, markeert hij die gegevens als LPP voorlopig (deels) afgewezen.

6.

De functionaris verschoningsrecht stelt het onderzoekssubject schriftelijk in kennis van zijn eerste beoordeling en stelt daarbij het onderzoekssubject in de gelegenheid zijn standpunt schriftelijk nader toe te lichten. De functionaris geeft hiervoor een termijn van vijf werkdagen na dagtekening van de brief waarin schriftelijk is kennisgegeven van de beoordeling.

7.

De functionaris verschoningsrecht maakt vervolgens zijn definitieve beoordeling. Blijft de functionaris verschoningsrecht ook na deze nadere toelichting van oordeel dat de claim niet terecht is, dan markeert hij deze gegevens als LPP afgewezen. De gegevens waarvan de functionaris verschoningsrecht van oordeel is dat de claim terecht is, worden gemarkeerd als LPP toegewezen.

8.

Hij stelt het onderzoekssubject hiervan schriftelijk en gemotiveerd in kennis. In deze kennisgeving deelt de functionaris verschoningsrecht mee aan het onderzoekssubject dat hij de gegevens die zijn gemarkeerd als LPP afgewezen na verloop van tien werkdagen aan de toezichthoudend ambtenaar zal verstrekken. Na het verloop van deze termijn worden deze gegevens verstrekt aan de toezichthoudend ambtenaar, mits het onderzoekssubject in deze termijn geen procedure aanhangig heeft gemaakt om verstrekking van de gegevens te voorkomen. Indien het onderzoekssubject daarmee (schriftelijk) instemt, kunnen de betreffende gegevens eerder aan de toezichthoudend ambtenaar die bij het onderzoek betrokken is worden overgedragen.

Hoofdstuk IV. Overige bepalingen

Artikel 6. Het (her)gebruik, de externe verstrekking van gegevens en het bewaren van de correspondentie

1.

De gegevens waarvan de claims door de functionaris verschoningsrecht zijn gehonoreerd, worden niet overgedragen aan de binnen-de-reikwijdte-dataset en onderzoeksdataset.

2.

De functionaris verschoningsrecht vernietigt de gegevens waarvan de claims door de functionaris verschoningsrecht zijn gehonoreerd.

3.

De geprivilegieerde gegevens en de correspondentie uitgewisseld tussen het onderzoekssubject en de functionaris verschoningsrecht worden niet hergebruikt voor enig ander doel noch extern verstrekt aan een ander dan het onderzoekssubject.

4.

De functionaris verschoningsrecht vernietigt de tussen hem en het onderzoekssubject uitgewisselde correspondentie. De vernietiging van de tussen hem en het onderzoekssubject uitgewisselde correspondentie loopt uiterlijk gelijk met de bewaartermijn als beschreven in artikel 2.6 van de Werkwijze Autoriteit Persoonsgegevens voor onderzoek in digitale gegevens 2026.

Artikel 7. Technische ondersteuning functionaris verschoningsrecht

Vanaf het moment dat het onderzoekssubject heeft aangegeven welke gegevens geprivilegieerde correspondentie betreffen, worden de ondersteunende IT-werkzaamheden betreffende deze gegevens uitsluitend uitgevoerd door een forensisch IT-medewerker die niet is betrokken en niet zal worden betrokken bij het betreffende onderzoek, noch bij een ander onderzoek waarvoor (een deel van) de gegevens uit het eerstbedoelde onderzoek worden gebruikt. Hij betracht strikte geheimhouding.

Hoofdstuk V. Slotbepalingen

Artikel 8. Vervanging eerdere werkwijzen

Dit besluit vervangt alle eerdere werkwijzen van de AP en het College Bescherming Persoonsgegevens.

Artikel 9. Citeertitel

Dit besluit wordt aangehaald als: Werkwijze Autoriteit Persoonsgegevens geheimhoudingsprivilege advocaat 2026.

Artikel 10. Inwerkingtreding

Dit besluit treedt in werking met ingang van de dag na de datum van publicatie van de Staatscourant waarin het wordt geplaatst.

De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.

Deze tekst wordt gepubliceerd onder de eigen hergebruiksvoorwaarden van BWB, niet onder een licentie van Legalize of van het publieke domein. BWB
CC0 1.0 Universeel (publiek domein)