Regeling van de Minister van Infrastructuur en Waterstaat van 7 september 2026, nr. IENW/BSK-2026/129840, houdende vaststelling van tijdelijke regels met betrekking tot de verlening van subsidie voor het vergaren van kennis over het inzetten van Nature Based Solutions in living labs (Tijdelijke subsidieregeling NBS living labs) [KetenID WGK 028055]

Type Ministeriële regeling
Publication 2026-10-01
Laatst bijgewerkt 2026-10-02
State In force
Source BWB
artikelen 14
Wijzigingsgeschiedenis JSON API

Gelet op artikel 4, eerste en tweede lid, in samenhang met artikel 3, eerste lid, onder a, b, d en g, van de Kaderwet subsidies I en M en de artikelen 2, eerste lid, 4, 6, zesde lid, 7, derde lid, 10, tweede lid, 13, 22 en 23, derde en vijfde lid, van het Kaderbesluit subsidies I en M;

Besluit:

Hoofdstuk 1. Algemene bepalingen

Artikel 1. Begripsbepalingen

In deze regeling wordt verstaan onder:

Artikel 2. Doel

Deze regeling heeft tot doel onderzoek naar NBS en mogelijke opschaling daarvan te stimuleren door een kennisproject te laten uitvoeren dat betrekking heeft op een of meer landschapstypen.

Artikel 3. Subsidiabele activiteiten

De minister kan aan een aanvrager subsidie verlenen voor het uitvoeren van een kennisproject dat gesteund wordt door een NBS-team.

Artikel 4. Maximaal subsidiebedrag en subsidiabele kosten

1.

De subsidie voor een kennisproject bedraagt ten hoogste:

2.

De percentages, genoemd in het eerste lid, onderdelen a en b, worden verhoogd met:

3.

In afwijking van het tweede lid, kunnen de bedoelde percentages maximaal worden verhoogd tot 80%.

4.

De subsidie voor een kennisproject bedraagt maximaal € 500.000,–.

5.

Voor subsidie voor een kennisproject komen de kosten in aanmerking, bedoeld in artikel 25, derde lid, van de AGVV.

6.

Indien voor de berekening van de subsidiabele kosten uurtarieven worden gehanteerd, wordt gebruik gemaakt van:

Artikel 5. Indienen van aanvraag

1.

Een aanvrager kan een aanvraag indienen bij de minister met gebruikmaking van een daartoe door de minister digitaal beschikbaar gesteld formulier.

2.

Een aanvraag voor de eerste aanvraagronde kan worden ingediend van 1 december 2026, 09.00 uur tot en met 4 maart 2027, 17.00 uur.

3.

De minister stelt de aanvraagperiode voor de tweede aanvraagronde vast en maakt dit bekend in de Staatscourant voor aanvang van die aanvraagperiode.

4.

Onverminderd de gegevens en bescheiden, bedoeld in artikel 10, vierde lid, en artikel 26 van het Kaderbesluit, gaat de aanvraag vergezeld van:

Artikel 6. Plafond en wijze van verdelen

1.

Het subsidieplafond bedraagt € 3 miljoen en bestaat uit:

2.

Het beschikbare subsidiebedrag wordt verdeeld op volgorde van binnenkomst van de aanvragen.

3.

Indien na afloop van de eerste aanvraagronde de daarvoor beschikbare middelen niet zijn uitgeput, wordt het resterende bedrag toegevoegd aan het plafond voor de tweede aanvraagronde.

4.

Een subsidie ten laste van een begroting die nog niet is vastgesteld of goedgekeurd, wordt verleend onder de voorwaarde in de beschikking dat voldoende middelen op de begroting beschikbaar zullen worden gesteld.

Artikel 7. Afwijzing aanvraag

1.

Onverminderd de in artikelen 11 en 12 van het Kaderbesluit vermelde afwijzingsgronden, beslist de minister afwijzend op een aanvraag indien:

2.

Voor de toepassing van het eerste lid, onderdeel d, is de volgorde van binnenkomst van de aanvragen bepalend. Op de dag dat meer dan twee aanvragen voor een kennisproject met betrekking tot hetzelfde landschapstype worden ingediend, bepaalt de minister de onderlinge afhandelvolgorde van die aanvragen door middel van loting.

3.

Voor de toepassing van het eerste lid, onderdeel d, is bij een aanvraag voor een kennisproject met betrekking tot meerdere landschapstypen het dominante landschapstype bepalend.

Artikel 8. Verplichtingen van de ontvanger

1.

Onverminderd het bepaalde in de hoofdstukken 8 en 10 van het Kaderbesluit, is de ontvanger verplicht:

2.

Het verslag, genoemd in het eerste lid, onderdeel a, wordt opgesteld met een door de minister digitaal beschikbaar gesteld model en geeft in ieder geval:

3.

Als de ontvanger een kennisteam is, waaraan een onderneming en een onderzoeksorganisatie deelnemen, is de onderzoeksorganisatie verplicht:

4.

Als de ontvanger een kennisteam is, verstrekt de penvoerder voorafgaand aan de start van het kennisproject een overeenkomst waarin de samenwerking tussen de deelnemers in het kennisteam is geregeld.

5.

Als de ontvanger een kennisteam is, waaraan een onderneming en een onderzoeksorganisatie deelnemen, bevat de overeenkomst als bedoeld in het vierde lid afspraken over de bijdrage in de kosten, het delen in de risico’s en uitkomsten, de verspreiding van de resultaten en de toegang tot en de regels voor de toewijzing van intellectuele eigendomsrechten.

6.

Het absolute bedrag van financiële en niet-financiële bijdragen van de deelnemende ondernemingen in de kosten van de activiteiten van de onderzoeksorganisatie die de betrokken intellectuele eigendomsrechten hebben opgeleverd, kan op de vergoeding, bedoeld in het derde lid, onderdeel b, subonderdeel iii, in mindering worden gebracht.

7.

De vergoeding, bedoeld in het derde lid, onderdeel b, subonderdeel iii, stemt overeen met de marktprijs indien:

Artikel 9. Voorschot

1.

De minister verleent een voorschot van 90%.

2.

Het voorschot wordt lineair uitbetaald over de looptijd van het kennisproject.

Artikel 10. Subsidievaststelling

De aanvrager kan bij de minister een aanvraag tot vaststelling van de subsidie indienen met gebruikmaking van een daartoe door de minister digitaal beschikbaar gesteld model.

Artikel 11. Evaluatie

De minister publiceert voor 1 oktober 2031 een verslag over de doeltreffendheid en de effecten van de subsidie in de praktijk.

Artikel 12. Staatssteun

De subsidie voor activiteiten als bedoeld in artikel 4, eerste lid, onderdelen a en b, bevat staatssteun en wordt gerechtvaardigd door artikel 25, tweede lid, onderdelen b en c, van de AGVV.

Artikel 13. Inwerkingtreding en looptijd

Deze regeling treedt in werking met ingang van 1 oktober 2026 en vervalt per 1 oktober 2031, met dien verstande dat de regeling van toepassing blijft op subsidies die voor die datum zijn verleend.

Artikel 14. Citeertitel

Deze regeling wordt aangehaald als: Tijdelijke subsidieregeling NBS Living Labs.

Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.

Deze tekst wordt gepubliceerd onder de eigen hergebruiksvoorwaarden van BWB, niet onder een licentie van Legalize of van het publieke domein. BWB
CC0 1.0 Universeel (publiek domein)