Internationaal Verdrag inzake de voorbereiding op, de bestrijding van en de samenwerking bij olieverontreiniging

Type Verdrag
Publication 1995-05-13
State In force
Source BWB
artikelen 19
Wijzigingsgeschiedenis JSON API

De Partijen bij dit Verdrag,

Zich bewust van de noodzaak tot behoud van het milieu in het algemeen en van het mariene milieu in het bijzonder,

Erkennende de ernstige bedreiging voor het mariene milieu, gevormd door voorvallen van olieverontreiniging waarbij schepen, offshore-installaties, zeehavens en inrichtingen voor de overslag van olie zijn betrokken,

Indachtig het belang in eerste instantie van voorzorgsmaatregelen en preventie ter vermijding van olieverontreiniging, alsmede de noodzaak van een strikte toepassing van de bestaande internationale overeenkomsten ter zake van de veiligheid op zee en de voorkoming van verontreiniging van de zee, in het bijzonder het Internationaal Verdrag voor de beveiliging van mensenlevens op zee van 1974, zoals gewijzigd, en het Internationaal Verdrag ter voorkoming van verontreiniging door schepen van 1973, zoals gewijzigd bij het daarop betrekking hebbende Protocol van 1978, zoals gewijzigd, alsmede de spoedige ontwikkeling van verscherpte normen voor het ontwerp, de exploitatie en het onderhoud van schepen die olie vervoeren en van offshore-installaties,

Tevens indachtig het feit dat bij een voorval van olieverontreiniging onmiddellijk en doeltreffend optreden noodzakelijk is om de schade die uit een dergelijk voorval kan voortvloeien tot een minimum te beperken,

De nadruk leggend op het belang van een doeltreffende voorbereiding op de bestrijding van voorvallen van olieverontreiniging en de belangrijke rol die de olie- en de scheepvaart-industrie daarbij kunnen vervullen,

Voorts erkennende het belang van wederzijdse bijstand en internationale samenwerking met betrekking tot zaken als de uitwisseling van informatie betreffende de mogelijkheden van Staten om op te treden bij voorvallen van olieverontreiniging, de opstelling van rampenplannen voor olieverontreiniging, de uitwisseling van meldingen van voorvallen van betekenis die het mariene milieu of de kust en daarmee samenhangende belangen van Staten kunnen aantasten, alsmede het onderzoek naar en de ontwikkeling van middelen ter bestrijding van olieverontreiniging in het mariene milieu,

Gelet op het beginsel „de vervuiler betaalt" als algemeen beginsel van internationaal milieurecht,

Tevens gelet op het belang van internationale overeenkomsten inzake aansprakelijkheid en vergoeding van schade door olieverontreiniging, waaronder het Internationaal Verdrag inzake de wettelijke aansprakelijkheid voor schade door verontreiniging door olie (CLC) van 1969 en het Internationaal Verdrag betreffende de instelling van een Internationaal Fonds voor vergoeding van schade door verontreiniging door olie (FUND) van 1971 en de dwingende noodzaak van spoedige inwerkingtreding van de Protocollen van 1984 bij deze verdragen,

Voorts gelet op het belang van bilaterale en multilaterale overeenkomsten en akkoorden, met inbegrip van regionale verdragen en overeenkomsten,

Indachtig de desbetreffende bepalingen van het Verdrag van de Verenigde Naties inzake het recht van de zee, in het bijzonder Deel XII daarvan,

Zich bewust van de noodzaak de internationale samenwerking te bevorderen en de bestaande nationale, regionale en mondiale mogelijkheden ter zake van de voorbereiding op en de bestrijding van olieverontreiniging te verbeteren, rekening houdend met de bijzondere behoeften van de ontwikkelingslanden en in het bijzonder van kleine eilandstaten,

Overwegende dat deze doelstellingen het best kunnen worden verwezenlijkt door middel van het sluiten van een Internationaal Verdrag inzake de voorbereiding op, de bestrijding van en de samenwerking bij olieverontreiniging,

Zijn het volgende overeengekomen:

Artikel 1. Algemene bepalingen

1.

De Partijen verplichten zich ertoe, afzonderlijk of gezamenlijk, alle passende maatregelen te nemen, in overeenstemming met de bepalingen van dit Verdrag en de Bijlage daarbij, ter voorbereiding op en ter bestrijding van een voorval van olieverontreiniging.

2.

De Bijlage bij dit Verdrag maakt een integrerend deel uit van het Verdrag en een verwijzing naar het Verdrag vormt tegelijkertijd een verwijzing naar de Bijlage.

3.

Dit Verdrag is niet van toepassing op oorlogsschepen, schepen in gebruik als marine-hulpschepen of andere schepen in eigendom van of in beheer bij een Staat, die tijdelijk uitsluitend worden ingezet voor niet-commerciële overheidsdienst. Elke Partij waarborgt evenwel, door het nemen van passende maatregelen die de werkzaamheden of de operationele kwaliteiten van dergelijke schepen in haar eigendom of beheer niet aantasten, dat dergelijke schepen, voor zover redelijk en uitvoerbaar, opereren in overeenstemming met dit Verdrag.

Artikel 2. Begripsomschrijvingen

Voor de toepassing van dit Verdrag:

Artikel 3. Rampenplannen voor olieverontreiniging

2.

Elke Partij verlangt dat exploitanten van offshore-installaties die onder haar rechtsmacht vallen, beschikken over rampenplannen voor olieverontreiniging, die zijn afgestemd op het in overeenstemming met artikel 6 ingestelde nationale systeem en goedgekeurd in overeenstemming met door de bevoegde nationale autoriteit vastgestelde procedures.

3.

Elke Partij verlangt dat de autoriteiten of exploitanten die verantwoordelijk zijn voor onder haar rechtsmacht vallende zeehavens en inrichtingen voor de overslag van olie waarvan zij meent dat deze daarvoor in aanmerking komen, beschikken over rampenplannen voor olieverontreiniging of soortgelijke regelingen die zijn afgestemd op het in overeenstemming met artikel 6 ingestelde nationale systeem en goedgekeurd in overeenstemming met door de bevoegde nationale autoriteit vastgestelde procedures.

Artikel 4. Meldingsprocedures in geval van olieverontreiniging

1.

Elke Partij:

2.

Meldingen ingevolge het eerste lid, letter a, punt i, geschieden in overeenstemming met de door de Organisatie opgestelde voorschriften en op grond van de door de Organisatie aangenomen richtlijnen en algemene beginselen. Meldingen ingevolge het eerste lid, letter a, punt ii, en ingevolge het eerste lid, letters b, c en d, geschieden in overeenstemming met de door de Organisatie aangenomen richtlijnen en algemene beginselen, voor zover van toepassing.

Artikel 5. Te nemen maatregelen na ontvangst van een melding van olieverontreiniging

1.

Telkens wanneer een Partij een in artikel 4 bedoelde melding of inlichtingen uit andere bronnen over verontreiniging ontvangt:

2.

Wanneer de ernst van het voorval van olieverontreiniging zulks rechtvaardigt, dient de Partij de Organisatie rechtstreeks of, indien van toepassing, via de desbetreffende regionale organisaties of regelingen, de in het eerste lid, letters b en c, bedoelde informatie te verschaffen.

3.

Wanneer de ernst van het voorval van olieverontreiniging zulks rechtvaardigt, worden andere betrokken Staten opgeroepen de Organisatie rechtstreeks of, indien van toepassing, via de desbetreffende regionale organisaties of regelingen, in te lichten over hun beoordeling van de omvang van de bedreiging van hun belangen, alsmede over elke genomen of voorgenomen maatregel.

4.

De Partijen dienen, voor zover mogelijk, gebruik te maken van het door de Organisaties ontwikkelde meldsysteem in geval van olieverontreiniging wanneer zij informatie uitwisselen en zich in verbinding stellen met andere Staten en met de Organisatie.

Artikel 6. Nationale en regionale systemen voor voorbereiding en bestrijding

1.

Elke Partij zet een nationaal systeem op om voorvallen van olieverontreiniging onmiddellijk en doeltreffend te kunnen bestrijden. Dit systeem omvat ten minste:

2.

Daarnaast stelt elke Partij, voor zover zulks in haar vermogen ligt, hetzij afzonderlijk, hetzij door middel van bilaterale of multilaterale samenwerking en, indien van toepassing, in samenwerking met de olie en de scheepvaart-industrie, havenautoriteiten en andere daarvoor in aanmerking komende lichamen, vast:

3.

Elke Partij ziet erop toe dat aan de Organisatie, rechtstreeks of via de desbetreffende regionale organisaties of regelingen, actuele informatie wordt verstrekt omtrent:

Artikel 7. Internationale samenwerking bij de bestrijding van verontreiniging

1.

De Partijen komen overeen dat zij, voor zover zulks in hun vermogen ligt en de desbetreffende middelen beschikbaar zijn, op verzoek van een Partij die is of waarschijnlijk zal worden getroffen, samenwerken, advies geven, technische bijstand verlenen en materieel leveren ten behoeve van het bestrijden van een voorval van olieverontreiniging, wanneer de ernst van het voorval zulks rechtvaardigt. De financiering van de kosten die met die bijstand zijn gemoeid geschiedt op grond van de bepalingen vervat in de Bijlage bij dit Verdrag.

2.

Een Partij die om bijstand heeft verzocht, kan de Organisatie verzoeken te helpen bij het zoeken naar bronnen voor voorlopige financiering van de in het eerste lid bedoelde kosten.

3.

In overeenstemming met de van toepassing zijnde internationale overeenkomsten neemt elke Partij de nodige juridische of bestuurlijke maatregelen ter vergemakkelijking van:

Artikel 8. Onderzoek en ontwikkeling

1.

De Partijen komen overeen, rechtstreeks of, indien van toepassing, via de Organisatie of de desbetreffende regionale organisaties of regelingen, samen te werken bij de bevordering van onderzoeks- en ontwikkelingsprogramma's en de uitwisseling van de resultaten daarvan, met betrekking tot de verbetering van de stand der techniek op het gebied van de voorbereiding op en de bestrijding van olieverontreiniging, met inbegrip van technologieën en technieken op het gebied van toezicht, indamming, terugwinning, verspreiding, opruiming en het anderszins beperken of verzachten van de gevolgen van olieverontreiniging, alsmede op het gebied van herstel.

2.

Met het oog hierop verplichten de Partijen zich ertoe om rechtstreeks, of indien van toepassing, via de Organisatie of de desbetreffende regionale organisaties of regelingen, de nodige contacten tot stand te brengen tussen de onderzoeksinstellingen van de Partijen.

3.

De Partijen komen overeen om rechtstreeks of, indien van toepassing, via de Organisatie of de desbetreffende regionale organisaties of regelingen te bevorderen, dat regelmatig internationale symposia worden gehouden over relevante onderwerpen, waaronder de technologische vooruitgang op het gebied van de oliebestrijdingstechnieken en -apparatuur.

4.

De Partijen komen overeen om via de Organisatie of andere bevoegde internationale organisaties het opstellen van normen voor onderling verenigbare oliebestrijdingstechnieken en -apparatuur te stimuleren.

Artikel 9. Technische samenwerking

1.

De Partijen verplichten zich ertoe om rechtstreeks of, indien van toepassing, via de Organisatie en andere internationale organen, wat de voorbereiding op en de bestrijding van olieverontreiniging betreft steun te verlenen aan Partijen die verzoeken om technische bijstand:

2.

De Partijen verplichten zich ertoe actief samen te werken, met inachtneming van hun nationale wetten, voorschriften en beleidslijnen, bij de overdracht van technologie op het gebied van de voorbereiding op en de bestrijding van olieverontreiniging.

Artikel 10. Bevordering van bilaterale en multilaterale samenwerking bij de voorbereiding en bestrijding

De Partijen streven ernaar bilaterale en multilaterale overeenkomsten te sluiten voor de voorbereiding op en de bestrijding van olieverontreiniging. Afschriften van dergelijke overeenkomsten worden toegezonden aan de Organisatie, die deze op verzoek aan de Partijen ter beschikking stelt.

Artikel 11. Verhouding tot andere verdragen en internationale overeenkomsten

Geen enkele bepaling van dit Verdrag mag zodanig worden geïnterpreteerd dat daardoor de rechten of verplichtingen van een Partij uit hoofde van enig ander verdrag of enige andere internationale overeenkomst worden gewijzigd.

Artikel 12. Institutionele regelingen

1.

De Partijen dragen de Organisatie op, behoudens haar instemming en de beschikbaarheid van voldoende middelen om dit te doen, om de volgende taken en werkzaamheden te verrichten:

2.

Bij de verrichting van de in dit artikel genoemde werkzaamheden tracht de Organisatie te bewerkstelligen dat Staten, afzonderlijk of via regionale regelingen, beter bij machte zijn zich voor te bereiden op voorvallen van olieverontreiniging en deze te bestrijden, daarbij puttend uit de ervaring van Staten, of de ervaring opgedaan in het kader van regionale overeenkomsten en industriële regelingen, daarbij bijzondere aandacht bestedend aan de behoeften van ontwikkelingslanden.

3.

De bepalingen van dit artikel worden toegepast in overeenstemming met een door de Organisatie op te stellen en te toetsen programma.

Artikel 13. Evaluatie van het Verdrag

De Partijen evalueren binnen de Organisatie de doeltreffendheid van het Verdrag in het licht van de doelstellingen ervan, in het bijzonder met betrekking tot de beginselen die ten grondslag liggen aan de samenwerking en de bijstand

Artikel 14. Wijzigingen

1.

Dit Verdrag kan worden gewijzigd door middel van een der in de volgende leden genoemde procedures.

2.

Wijziging na behandeling door de Organisatie:

3.

Wijziging door een Conferentie:

4.

De aanneming en inwerkingtreding van een wijziging die een aanvulling vormt op een Bijlage of aanhangsel geschiedt volgens de procedure die geldt voor een wijziging op de Bijlage.

5.

Een Partij die een wijziging van een artikel of van de Bijlage niet heeft aanvaard ingevolge het tweede lid, letter f, punt i, of een wijziging die een aanvulling vormt op een Bijlage of een aanhangsel niet heeft aanvaard ingevolge het vierde lid, dan wel ingevolge het tweede lid, letter f, punt ii, bezwaar heeft gemaakt tegen een wijziging van een aanhangsel, wordt behandeld als niet-Partij, zulks slechts ten behoeve van de toepassing van die wijziging. Die behandeling eindigt bij de indiening van een kennisgeving van aanvaarding ingevolge het tweede lid, letter f, punt i, of intrekking van het bezwaar ingevolge het tweede lid, letter g, punt ii.

6.

De Secretaris-Generaal stelt alle Partijen in kennis van een wijziging die ingevolge dit artikel in werking treedt, alsmede van de datum waarop die wijziging in werking treedt.

7.

Elke kennisgeving van aanvaarding van, bezwaar tegen of intrekking van een bezwaar tegen een wijziging ingevolge dit artikel wordt schriftelijk gericht aan de Secretaris-Generaal, die de Partijen in kennis stelt van die kennisgeving en de datum van ontvangst daarvan.

8.

Een aanhangsel bij het Verdrag bevat alleen bepalingen van technische aard.

Artikel 15. Ondertekening, bekrachtiging, aanvaarding, goedkeuring en toetreding

1.

Dit Verdrag staat van 30 november 1990 tot en met 29 november 1991 open voor ondertekening op de zetel van de Organisatie en blijft daarna openstaan voor toetreding. Elke Staat kan Partij worden bij dit Verdrag door:

2.

Bekrachtiging, aanvaarding, goedkeuring of toetreding geschiedt door nederlegging van een daartoe strekkende akte bij de Secretaris-Generaal.

Artikel 16. Inwerkingtreding

1.

Dit Verdrag treedt in werking twaalf maanden na de datum waarop ten minste vijftien Staten het zonder voorbehoud van bekrachtiging, aanvaarding of goedkeuring hebben ondertekend of de vereiste akten van bekrachtiging, aanvaarding, goedkeuring of toetreding hebben nedergelegd in overeenstemming met artikel 15.

2.

Voor Staten die een akte van bekrachtiging, aanvaarding, goedkeuring of toetreding met betrekking tot dit Verdrag hebben nedergelegd nadat is voldaan aan de vereisten voor inwerkingtreding daarvan doch vóór de datum van inwerkingtreding, wordt de bekrachtiging, aanvaarding, goedkeuring of toetreding van kracht op de datum van inwerkingtreding van dit Verdrag of drie maanden na de datum van nederlegging van de akte, al naar gelang welke datum het laatst valt.

3.

Voor Staten die een akte van bekrachtiging, aanvaarding, goedkeuring of toetreding hebben ingediend na de datum waarop dit Verdrag in werking is getreden, treedt dit Verdrag in werking drie maanden na de datum van nederlegging van de akte.

4.

Na de datum waarop een wijziging van dit Verdrag wordt geacht te zijn aanvaard ingevolge artikel 14, heeft elke akte van bekrachtiging, aanvaarding, goedkeuring of toetreding betrekking op het Verdrag zoals gewijzigd.

Artikel 17. Opzegging

1.

Dit Verdrag kan te allen tijde door elke Partij worden opgezegd na het verstrijken van vijfjaar na de datum waarop dit Verdrag voor die Partij in werking treedt.

2.

Opzegging geschiedt door middel van een schriftelijke kennisgeving aan de Secretaris-Generaal.

3.

Een opzegging wordt van kracht twaalf maanden na ontvangst van de kennisgeving van opzegging door de Secretaris-Generaal of na het verstrijken van een eventueel in de kennisgeving aangegeven langer tijdvak.

Artikel 18. Depositaris

1.

Dit Verdrag wordt nedergelegd bij de Secretaris-Generaal.

2.

De Secretaris-Generaal:

3.

Zodra dit Verdrag in werking treedt, wordt een voor eensluidend gewaarmerkt afschrift daarvan door de Depositaris toegezonden aan de Secretaris-Generaal van de Verenigde Naties ter registratie en publicatie overeenkomstig artikel 102 van het Handvest van de Verenigde Naties.

Artikel 19. Talen

Dit Verdrag is opgesteld in een enkel exemplaar in de Arabische, de Chinese, de Engelse, de Franse, de Russische en de Spaanse taal, zijnde alle teksten gelijkelijk authentiek.

IN WITNESS WHEREOF the undersigned, being duly authorized by their respective Governments for that purpose, have signed this Convention.

DONE at London this thirtieth day of November one thousand nine hundred and ninety.

De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.

Deze tekst wordt gepubliceerd onder de eigen hergebruiksvoorwaarden van BWB, niet onder een licentie van Legalize of van het publieke domein. BWB
CC0 1.0 Universeel (publiek domein)