Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap voor Atoomenergie (EURATOM)
De tenuitvoerlegging geschiedt volgens de bepalingen van burgerlijke rechtsvordering die van kracht zijn in de Staat op wiens grondgebied zij plaatsvindt. De formule van tenuitvoerlegging wordt, zonder andere controle dan de verificatie van de authenticiteit van de titel, aangebracht door de nationale autoriteit die door de regering van elke Lid-Staat daartoe wordt aangewezen. Van die aanwijzing geeft zij kennis aan de Commissie, het Hof van Justitie van de Europese Unie en de Arbitrage-Commissie ingesteld krachtens artikel 18.
Nadat de bedoelde formaliteiten op verzoek van de belanghebbende zijn vervuld, kan deze de tenuitvoerlegging volgens de nationale wetgeving voortzetten door zich rechtstreeks te wenden tot de bevoegde instantie.
De tenuitvoerlegging kan niet worden geschorst dan krachtens een beschikking van het Hof van Justitie van de Europese Unie. Evenwel behoort het toezicht op de regelmatigheid van de wijze van tenuitvoerlegging tot de bevoegdheid van de nationale rechterlijke instanties.
HOOFDSTUK III. Het Economisch en Sociaal Comité
Artikel 165
Vervallen
Artikel 166
Vervallen
Artikel 167
Vervallen
Artikel 168
Vervallen
Artikel 169
Vervallen
Artikel 170
Vervallen
TITEL VIERDE. FINANCIËLE BEPALINGEN
Artikel 171
Alle ontvangsten en uitgaven van de Gemeenschap, behalve die van het Agentschap en van de Gemeenschappelijke Ondernemingen, moeten voor elk begrotingsjaar worden geraamd; zij moeten worden opgenomen hetzij in de huishoudelijke begroting hetzij in de begroting voor onderzoek en investeringen.
De ontvangsten en uitgaven van elke begroting moeten in evenwicht zijn.
De ontvangsten en uitgaven van het Agentschap, dat volgens commerciële beginselen zal werken, zullen op een afzonderlijke staat worden begroot.
De voorwaarden betreffende de raming, de uitvoering en de controle op deze ontvangsten en uitgaven worden, met inachtneming van de statuten van het Agentschap, geregeld in een ter uitvoering van artikel 322 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie vastgesteld financieel reglement.
De op ieder dienstjaar betrekking hebbende ramingen van ontvangsten en uitgaven alsmede de verlies- en winstrekeningen en de balansen der Gemeenschappelijke Ondernemingen worden medegedeeld aan de Commissie, de Raad en het Europees Parlement, overeenkomstig de bepalingen opgenomen in de statuten van deze Ondernemingen.
Artikel 172
Vervallen.
Vervallen.
Vervallen.
De leningen ter financiering van het onderzoek of van de investeringen worden aangegaan onder de voorwaarden, die de Raad vaststelt overeenkomstig artikel 314 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie.
De Gemeenschap kan leningen opnemen op de kapitaalmarkt van een Lid-Staat in het kader van de wettelijke bepalingen, die aldaar gelden voor binnenlandse leningen; bij ontbreken van dergelijke bepalingen in een Lid-Staat kan zulks slechts plaatsvinden nadat deze Staat en de Commissie onderling overleg hebben gepleegd en tot overeenstemming zijn gekomen omtrent de voorgenomen lening.
De toestemming van de bevoegde autoriteiten van de Lid-Staat mag alleen worden geweigerd indien ernstige storingen op de kapitaalmarkt van deze Staat zijn te vrezen.
Artikel 173
Vervallen
Artikel 173 A
Vervallen
Artikel 174
De uitgaven voorkomende op de huishoudelijke begroting omvatten met name:
- a). de administratiekosten,
- b). de uitgaven die betrekking hebben op de veiligheidscontrole en de gezondheidsbescherming.
De uitgaven voorkomende op de begroting voor onderzoek en investeringen omvatten met name:
- a). de uitgaven die betrekking hebben op de uitvoering van het onderzoekprogramma van de Gemeenschap,
- b). de eventuele deelneming in het kapitaal en in de investeringsuitgaven van het Agentschap,
- c). de uitgaven die betrekking hebben op de uitrusting van onderwijsinrichtingen,
- d). de eventuele deelneming aan de Gemeenschappelijke Ondernemingen en aan bepaalde gemeenschappelijke werkzaamheden.
Artikel 175
Vervallen
Artikel 176
De toewijzingen ten behoeve van uitgaven voor onderzoek en investeringen omvatten, binnen de grenzen van de programma’s of van betalingsbesluiten die op grond van dit Verdrag eenstemmigheid van de Raad vereisen:
- a). vastleggingskredieten ter dekking van een op zich zelf staand deel, dat een samenhangend geheel vormt,
- b). betalingskredieten die de hoogste grens vormen der uitgaven welke jaarlijks ter dekking van vastgelegde verplichtingen aangegaan krachtens a) kunnen worden geboekt.
Het vervalboek van de vastgelegde verplichtingen en de betalingen wordt als bijlage opgenomen bij de overeenkomstige ontwerp-begroting, voorgesteld door de Commissie.
De kredieten ter dekking van de uitgaven voor onderzoek en investeringen worden ingedeeld in hoofdstukken, waarin de uitgaven worden gegroepeerd naar hun aard en bestemming en voor zover nodig onderverdeeld overeenkomstig het ter uitvoering van artikel 322 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie vastgestelde reglement.
De beschikbare betalingskredieten worden naar het volgende dienstjaar overgedragen bij besluit van de Commissie voor zover door de Raad niet anders wordt besloten.
Artikel 177
Vervallen
Artikel 177 bis
Vervallen
Artikel 178
Vervallen
Artikel 179
Vervallen
Artikel 179 bis
Vervallen
Artikel 180
Vervallen
Artikel 180 bis
Vervallen
Artikel 180 ter
Vervallen
Artikel 181
Vervallen
Artikel 182
De Commissie kan, onder voorbehoud dat zij daarvan de bevoegde instanties der betrokken Staten in kennis stelt, de saldi, welke zij in de valuta van een der Lid-Staten in haar bezit heeft, overmaken in de valuta van een andere Lid-Staat, voor zover zij gebruikt moeten worden voor de doeleinden die in dit Verdrag zijn aangewezen. De Commissie vermijdt dergelijke overmakingen zoveel mogelijk, indien zij saldi beschikbaar heeft of beschikbaar kan maken in de valuta waaraan zij behoefte heeft.
De Commissie onderhoudt de betrekkingen met elke Lid-Staat door tussenkomst van de door deze aangewezen autoriteit. Voor de uitvoering van financiële verrichtingen heeft zij toegang tot de centrale bank van de betrokken Lid-Staat of tot een andere door deze Staat gemachtigde financiële instelling.
Wat de uitgaven betreft, welke door de Gemeenschap moeten worden verricht in de valuta van derde landen, legt de Commissie, voordat de begrotingen definitief zijn vastgesteld, aan de Raad het indicatieve programma van ontvangsten en uitgaven voor welke in de verschillende valuta's moeten worden gedaan.
Dit programma wordt door de Raad met gekwalificeerde meerderheid van stemmen goedgekeurd. Het kan in de loop van het begrotingsjaar volgens dezelfde procedure worden gewijzigd.
De overdracht aan de Commissie van de deviezen van derde landen noodzakelijk voor het verrichten van de uitgaven voorkomende in het programma bedoeld in lid 3, moet door de Lid-Staten geschieden volgens de in artikel 172 vastgestelde verdeelsleutel. De overdracht aan de Lid-Staten van door de Commissie geïnde deviezen van derde landen geschiedt volgens dezelfde verdeelsleutel.
De Commissie kan vrij beschikken over de deviezen van derde landen, afkomstig van leningen die zij in die landen heeft aangegaan.
De Raad kan met eenparigheid van stemmen op voorstel van de Commissie de in de voorgaande leden bepaalde deviezenregeling geheel of gedeeltelijk op het Agentschap en op de Gemeenschappelijke Ondernemingen van toepassing verklaren en eventueel aan de behoeften van hun werkzaamheid aanpassen.
Artikel 183
Vervallen
Artikel 183 A
Vervallen
TITEL VIJFDE. ALGEMENE BEPALINGEN
Artikel 184
De Gemeenschap bezit rechtspersoonlijkheid.
Artikel 185
In elk der Lid-Staten heeft de Gemeenschap de ruimste handelingsbevoegdheid welke door de nationale wetgevingen aan rechtspersonen wordt toegekend; zij kan met name roerende en onroerende goederen verkrijgen of vervreemden en in rechte optreden. Te dien einde wordt zij door de Commissie vertegenwoordigd.
Artikel 186
Vervallen
Artikel 187
Voor de vervulling van de haar opgedragen taken kan de Commissie, binnen de grenzen en onder de voorwaarden door de Raad overeenkomstig de bepalingen van dit Verdrag vastgesteld, alle gegevens verzamelen en alle noodzakelijke verificaties verrichten.
Artikel 188
De contractuele aansprakelijkheid van de Gemeenschap wordt beheerst door de wet welke op het betrokken contract van toepassing is.
Inzake de niet-contractuele aansprakelijkheid moet de Gemeenschap overeenkomstig de algemene beginselen welke de rechtsstelsels der Lid-Staten gemeen hebben, de schade vergoeden die door haar instellingen of door haar personeelsleden in de uitoefening van hun functies is veroorzaakt.
De persoonlijke aansprakelijkheid der personeelsleden jegens de Gemeenschap wordt geregeld bij de bepalingen welke hun statuut of de op hen toepasselijke regeling vaststellen.
Artikel 189
De zetel van de instellingen der Gemeenschap wordt in onderlinge overeenstemming door de regeringen der Lid-Staten vastgesteld.
Artikel 190
Vervallen
Artikel 191
De Gemeenschap geniet op het grondgebied van de lidstaten de voorrechten en immuniteiten die nodig zijn voor de uitvoering van haar taak, overeenkomstig de voorwaarden van het protocol betreffende de voorrechten en immuniteiten van de Europese Unie.
Artikel 192
De Lid-Staten treffen alle algemene of bijzondere maatregelen ter uitvoering van de verplichtingen welke voortvloeien uit het Verdrag of het gevolg zijn van de handelingen der instellingen van de Gemeenschap. Zij vergemakkelijken de vervulling van haar taak.
Zij onthouden zich van alle maatregelen die de verwezenlijking van de doelstellingen van dit Verdrag in gevaar kunnen brengen.
Artikel 193
De Lid-Staten verbinden zich, een geschil betreffende de uitlegging of de toepassing van dit Verdrag niet op andere wijze te doen beslechten dan in dit Verdrag is voorgeschreven.
Artikel 194
De leden van de instellingen der Gemeenschap, de leden van de comités, de ambtenaren en personeelsleden van de Gemeenschap alsook alle andere personen die hetzij door hun functie, hetzij door hun openbare of particuliere betrekkingen met de instellingen of installaties van de Gemeenschap of met de Gemeenschappelijke Ondernemingen, in aanmerking komen om inzage te nemen of te krijgen van feiten, inlichtingen, kennis, documenten of voorwerpen die geheim moeten worden gehouden krachtens de door een Lid-Staat of een instelling van de Gemeenschap getroffen voorzieningen, zijn verplicht deze zelfs na afloop van die functies of betrekkingen geheim te houden voor elke onbevoegde persoon alsook voor het publiek.
Elke Lid-Staat beschouwt iedere schending van deze verplichting als een inbreuk op zijn beschermde geheimen, die voor wat betreft zowel de zaak zelf als de bevoegdheid, valt onder de bepalingen van zijn wetgeving inzake het in gevaar brengen van de veiligheid van de Staat of de schending van het beroepsgeheim. Hij vervolgt op verzoek van iedere betrokken Lid-Staat of van de Commissie, eenieder die zich aan een dergelijke schending heeft schuldig gemaakt en die onder zijn rechtsmacht valt.
Iedere Lid-Staat doet aan de Commissie mededeling van alle bepalingen die op zijn grondgebied de classificering en de geheimhouding regelen van inlichtingen, kennis, documenten of voorwerpen die binnen de werkingssfeer van dit Verdrag vallen.
De Commissie draagt zorg voor de mededeling van die bepalingen aan de andere Lid-Staten.
Ten einde de geleidelijke invoering van een zo eenvormig en zo ruim mogelijke bescherming der beschermde geheimen te vergemakkelijken, neemt elke Lid-Staat alle daartoe dienstige maatregelen. Na raadpleging van de betrokken Lid-Staten kan de Commissie te dien einde alle aanbevelingen doen.
De instellingen van de Gemeenschap en hun installaties, alsmede de Gemeenschappelijke Ondernemingen zijn gehouden, met betrekking tot de bescherming van geheimen de bepalingen toe te passen die van kracht zijn op het grondgebied waar ieder van hen gevestigd is.
Iedere machtiging om kennis te nemen van binnen de werkingssfeer van het Verdrag vallende en door geheimhouding beschermde feiten, inlichtingen, documenten of voorwerpen die hetzij door een instelling van de Gemeenschap, hetzij door een Lid-Staat verleend wordt aan een persoon werkzaam op het terrein waarop dit Verdrag van toepassing is, wordt door iedere andere instelling en iedere andere Lid-Staat erkend.
De bepalingen van dit artikel vormen geen beletsel voor de toepassing van de bijzondere bepalingen voortvloeiende uit akkoorden tussen een Lid-Staat en een derde Staat of een internationale organisatie.
Artikel 195
De instellingen van de Gemeenschap alsook het Agentschap en de Gemeenschappelijke Ondernemingen moeten bij de toepassing van dit Verdrag de voorwaarden in acht nemen welke in de nationale regelingen om redenen van openbare orde of volksgezondheid gesteld zijn voor de toegang tot de ertsen, grondstoffen en bijzondere splijtstoffen.
Artikel 196
Voor de toepassing van dit Verdrag en voor zover hierin niet anders is bepaald, wordt verstaan onder:
- a). „persoon”; iedere natuurlijke persoon die op de grondgebieden van de Lid-Staten zijn werkzaamheden geheel of gedeeltelijk uitoefent op het door het desbetreffende hoofdstuk van het Verdrag bepaalde terrein;
- b). „onderneming”: iedere onderneming of instelling welke haar werkzaamheden geheel of gedeeltelijk uitoefent onder dezelfde voorwaarden als bedoeld onder a), ongeacht haar publiek- of privaatrechtelijke positie.
Artikel 197
Voor de toepassing van dit Verdrag wordt verstaan onder:
-
- „bijzondere splijtstoffen”: plutonium 239, uranium 233, uranium verrijkt in de isotopen 235 of 233; elk produkt dat een of meer der hierbovengenoemde isotopen bevat, evenals die andere splijtstoffen die door de Raad met gekwalificeerde meerderheid van stemmen op voorstel van de Commissie als zodanig worden aangewezen; de term „bijzondere splijtstoffen” is echter niet van toepassing op grondstoffen;
-
- „uranium verrijkt in de isotopen 235 of 233”: uranium dat hetzij uranium 235, hetzij uranium 233, hetzij beide isotopen bevat in een zodanige hoeveelheid dat de verhouding tussen de som van die twee isotopen en de isotoop 238 groter is dan de verhouding tussen de isotoop 235 en de isotoop 238 in natuurlijk uranium;
-
- „grondstoffen”: uranium dat het mengsel van isotopen bevat zoals dit in de natuur wordt aangetroffen, uranium waarvan het gehalte aan uranium 235 lager is dan normaal, thorium, alle hierboven vermelde materialen in de vorm van metaal, van legeringen, van chemische verbindingen of van concentraten, ieder ander materiaal dat een of meer der hierboven vermelde stoffen bevat in een gehalte dat door de Raad met gekwalificeerde meerderheid van stemmen op voorstel van de Commissie wordt vastgesteld;
-
- „ertsen”: elk erts dat een door de Raad met gekwalificeerde meerderheid van stemmen op voorstel van de Commissie vast te stellen gemiddeld gehalte aan bestanddelen bevat, die het mogelijk maken om door doelmatige scheikundige en natuurkundige behandeling grondstoffen te verkrijgen als hierboven zijn omschreven.
Artikel 198
Voor zover in het Verdrag niet anders is bepaald, zijn de bepalingen van dit Verdrag van toepassing op de Europese grondgebieden van de Lid-Staten en op de niet-Europese grondgebieden welke onder hun rechtsmacht vallen.
Zij zijn eveneens van toepassing op de Europese grondgebieden welker buitenlandse betrekkingen door een Lid-Staat worden behartigd.
Overeenkomstig Protocol nr. 2 bij de Akte betreffende de toetredingsvoorwaarden van de Republiek Oostenrijk, de Republiek Finland en het Koninkrijk Zweden zijn de bepalingen van dit Verdrag van toepassing op de Åland-eilanden.
In afwijking van de voorgaande alinea's:
- a). is dit Verdrag niet van toepassing op de Faeröer. Dit verdrag is niet van toepassing op Groenland.
- b). Is dit Verdrag niet van toepassing op de zones van Cyprus die onder de soevereiniteit van het Verenigd Koninkrijk van Groot-Brittannië en Noord-Ierland vallen.
- c). Is dit Verdrag niet van toepassing op de landen en gebieden overzee die met het Verenigd Koninkrijk van Groot-Brittannië en Noord-Ierland bijzondere betrekkingen onderhouden, die niet zijn vermeld op de lijst in bijlage II van het Verdrag betreffende de Europese Unie en het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie.
- d). Zijn de bepalingen van dit Verdrag op de Kanaaleilanden en op het eiland Man slechts van toepassing voor zover noodzakelijk ter verzekering van de toepassing van de regeling die voor deze eilanden is vastgesteld in het op 22 januari 1972 ondertekende Verdrag betreffende de toetreding van nieuwe Lid-Staten tot de Europese Economische Gemeenschap en de Europese Gemeenschap voor Atoomenergie.
Artikel 199
De Commissie is belast met de zorg voor alle dienstige betrekkingen met de organen van de Verenigde Naties, van hun gespecialiseerde organisaties en van de Wereldhandelsorganisatie.
Zij onderhoudt bovendien de wenselijk geachte betrekkingen met alle internationale organisaties.
Artikel 200
De Gemeenschap brengt elke dienstige samenwerking tot stand met de Raad van Europa.
Artikel 201
De Gemeenschap brengt met de Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling een nauwe samenwerking tot stand welke zal plaatsvinden op de wijze die in onderlinge overeenstemming wordt vastgesteld.
Artikel 202
De bepalingen van dit Verdrag vormen geen beletsel voor het bestaan en de voltooiing van de regionale unies tussen België en Luxemburg alsmede tussen België, Luxemburg en Nederland, voor zover de doelstellingen van die regionale unies niet bereikt zijn door toepassing van dit Verdrag.
Artikel 203
Indien een optreden van de Gemeenschap noodzakelijk blijkt ter verwezenlijking van een der doelstellingen van de Gemeenschap zonder dat dit Verdrag in de daartoe vereiste bevoegdheden voorziet, neemt de Raad met eenparigheid van stemmen op voorstel van de Commissie en na raadpleging van het Europees Parlement, de passende maatregelen.
Artikel 204
Vervallen
Artikel 205
Vervallen
Artikel 206
De Gemeenschap kan met een of meer staten of internationale organisaties overeenkomsten sluiten waarbij een associatie wordt ingesteld die wordt gekenmerkt door wederkerige rechten en verplichtingen, gemeenschappelijk optreden en bijzondere procedures.
Die overeenkomsten worden gesloten door de Raad krachtens een na raadpleging van het Europees Parlement met eenparigheid van stemmen genomen besluit.
Wanneer die overeenkomsten wijzigingen van dit Verdrag vergen, moeten die wijzigingen vooraf volgens de procedure van artikel 48, leden 2 tot en met 5, van het Verdrag betreffende de Europese Unie worden aangenomen.
Artikel 207
De protocollen die, in onderlinge overeenstemming tussen de Lid-Staten, aan dit Verdrag worden gehecht, maken een integrerend deel daarvan uit.
Artikel 208
Dit Verdrag wordt voor onbeperkte tijd gesloten.
TITEL ZESDE. BEPALINGEN MET BETREKKING TOT DE BEGINPERIODE
Afdeling I. - Oprichting van de instellingen
Artikel 209
Vervallen
Artikel 210
Vervallen
Artikel 211
Vervallen
Artikel 212
Vervallen
Artikel 213
Vervallen
Artikel 214
Vervallen
Afdeling II. - Bepalingen voor de eerste toepassing van het Verdrag
Artikel 215
Vervallen
Artikel 216
Vervallen
Artikel 217
Vervallen
Artikel 218
Vervallen
Artikel 219
Vervallen
Artikel 220
Vervallen
Afdeling III. - Overgangsbepalingen
Artikel 221
Vervallen
Artikel 222
Vervallen
Artikel 223
Vervallen
SLOTBEPALINGEN
Artikel 224
Dit Verdrag zal door de Hoge Verdragsluitende Partijen worden bekrachtigd overeenkomstig hun onderscheidene grondwettelijke bepalingen. De akten van bekrachtiging zullen worden nedergelegd bij de Regering van de Italiaanse Republiek.
Dit Verdrag treedt in werking op de eerste dag van de maand die volgt op het nederleggen van de akte van bekrachtiging door de ondertekenende Staat die als laatste deze handeling verricht. Indien deze nederlegging echter minder dan vijftien dagen vóór het begin van de eerstvolgende maand plaatsvindt wordt de inwerkingtreding van het Verdrag verschoven naar de eerste dag van de tweede maand volgende op die nederlegging.
Artikel 225
Dit Verdrag, opgesteld in één exemplaar, in de Duitse, de Franse, de Italiaanse en de Nederlandse taal, zijnde de vier teksten gelijkelijk authentiek, zal worden nedergelegd in het archief van de Regering van de Italiaanse Republiek, die een voor eensluidend gewaarmerkt afschrift daarvan toezendt aan de Regeringen der andere ondertekenende Staten.
Krachtens de Toetredingsverdragen zijn de teksten van dit Verdrag in de Bulgaarse, de Deense, de Engelse, de Estse, de Finse, de Griekse, de Hongaarse, de Ierse, de Kroatische, de Letse, de Litouwse, de Maltese, de Poolse, de Portugese, de Roemeense, de Slowaakse, de Sloveense, de Spaanse, de Tsjechische en de Zweedse taal eveneens gelijkelijk authentiek.
TEN BLIJKE WAARVAN de ondergetekende gevolmachtigden hun handtekening onder dit Verdrag hebben gesteld.
Gedaan te Rome, de vijfentwintigste maart negentienhonderd zevenenvijftig.
Artikel 106 bis
Artikel 7, de artikelen 13 tot en met 19, artikel 48, leden 2 tot en met 5, en de artikelen 49 en 50 van het Verdrag betreffende de Europese Unie, artikel 15, de artikelen 223 tot en met 236, de artikelen 237 tot en met 244, artikel 245, de artikelen 246 tot en met 270, de artikelen 272, 273 en 274, de artikelen 277 tot en met 281, de artikelen 285 tot en met 304, de artikelen 310 tot en met 320, de artikelen 322 tot en met 325 en de artikelen 336, 342 en 344 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie, alsmede het Protocol betreffende de overgangsbepalingen, zijn van toepassing op dit Verdrag.
In het kader van het onderhavige Verdrag moeten de verwijzingen naar de Unie, naar het „Verdrag betreffende de Europese Unie”, naar het „Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie” of naar de „Verdragen” in de bepalingen die in lid 1 genoemd worden of die opgenomen zijn in de protocollen gehecht aan die Verdragen of aan het onderhavige Verdrag, gelezen worden als verwijzingen naar de Europese Gemeenschap voor Atoomenergie en naar het onderhavige Verdrag.
De bepalingen van het Verdrag betreffende de Europese Unie en het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie laten de bepalingen van het onderhavige Verdrag onverlet.
HOOFDSTUK II. De instellingen van de Gemeenschap
Afdeling I. Het Europees Parlement
Afdeling II. - De Raad
Afdeling III. - De Commissie
Afdeling IV. - Het Hof van Justitie van de Europese Unie
Afdeling V. DE REKENKAMER
HOOFDSTUK III. Bepalingen welke verscheidene instellingen gemeen hebben
HOOFDSTUK IV. Het Economisch en Sociaal Comité
TITEL VIERDE. Bijzondere financiële bepalingen
TITEL VIJFDE. ALGEMENE BEPALINGEN
TITEL ZESDE. BEPALINGEN MET BETREKKING TOT DE BEGINPERIODE
Afdeling I. - Oprichting van de instellingen
Afdeling II. - Bepalingen voor de eerste toepassing van het Verdrag
Afdeling III. - Overgangsbepalingen
SLOTBEPALINGEN
TEN BLIJKE WAARVAN de ondergetekende gevolmachtigden hun handtekening onder dit Verdrag hebben gesteld.
Gedaan te Rome, de vijfentwintigste maart negentienhonderd zevenenvijftig.
De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.
Deze tekst wordt gepubliceerd onder de eigen hergebruiksvoorwaarden van BWB, niet onder een licentie van Legalize of van het publieke domein.
BWB
CC0 1.0 Universeel (publiek domein)