Verdrag tussen het Koninkrijk der Nederlanden en de Bondsrepubliek Duitsland nopens het verloop van de gemeenschappelijke landgrens, de grenswateren, het grondbezit in de nabijheid van de grens, het grensoverschrijdende verkeer over land en via de binnenwateren en andere met de grens verband houdende vraagstukken, met Bijlagen en Slotprotocol (Grensverdrag)
Van het snijpunt van het midden van de genormaliseerde Roode Beek met de oude grens tussen de grensstenen 269 en 270 loopt de nieuwe grens in het midden van de genormaliseerde Roode Beek tot ongeveer 320 m ten zuidoosten van grenssteen 274; hier verlaat zij de loop van de beek en loopt ongeveer 10 m in noordelijke richting tot de oude grens tussen de grensstenen 273 en 274.
-
- Voor de gedeeltelijk onder de weg Schinveld-Koningsbosch liggende brug over de Roode Beek wordt aan de grensbevolking en aan de wederzijdse ambtenaren, belast met de grensbewaking en het douanetoezicht, overeenkomstig § 2 een recht van weggebruik verleend.
-
- De Nederlandse meetinrichting op de noordelijke oever van de Roode Beek kan gehandhaafd blijven. De personen die daartoe opdracht hebben van de bevoegde Nederlandse autoriteit, hebben te allen tijde toegang tot de inrichting.
§ 12. Oude Roode Beek bij Tudderen/Sittard
Van een punt in het midden van de oude Roode Beek ongeveer 45 m ten zuidoosten van de straatweg van Sittard naar Tudderen, waar de Roode Beek in noordelijke richting afbuigt, loopt de nieuwe grens in noordwestelijke richting in het verlengde van de oude grens tot het snijpunt met de noordwestzijde van de genoemde straatweg. Van hier loopt zij ongeveer 340 m in rechte lijn naar een punt dat gelegen is aan de zuidoostzijde van een van Tudderen naar de weilanden bij de Roode Beek lopende landweg en ongeveer 230 m ten noordoosten van het midden van de genormaliseerde Roode Beek. Van hier loopt zij ongeveer 205 m in rechte lijn naar een punt op de noordelijke oever van de oude Roode Beek, dat ongeveer 90 m van het midden van de genormaliseerde Roode Beek ligt, en van hier naar een punt in het midden van de genormaliseerde Roode Beek ongeveer 570 m ten noordwesten van de kruising van de genormaliseerde Roode Beek met de straatweg van Sittard naar Tudderen. Zij volgt daarna over een afstand van ongeveer 50 m het midden van de genormaliseerde Roode Beek tot het snijpunt met de oude grens in de oude loop van de Roode Beek.
-
- Tot waarborging van de afwatering voor de plaats Tudderen verplicht het Koninkrijk der Nederlanden zich te laten bestaan.
- a). de oude Roode Beek - voor zover zij op Nederlands gebied nog bestaat - van grenssteen 305 tot aan de nieuwe afwateringssloot die 320 m stroomafwaarts van de straatweg van Sittard naar Tudderen uitmondt in de Roode Beek,
- b). de sloot die aan de noordwestzijde langs de straatweg van Sittard naar Tudderen loopt, alsmede de onder a genoemde nieuwe afwateringssloot
-
- De door het Waterschap van de Geleen- en Molenbeek met zijtakken aan de plaats Tudderen verleende vergunning van 25 januari 1960 tot het afvoeren van water in de Roode Beek blijft van kracht. Voor iedere verandering van de bestaande toestand, die een grotere belasting voor de Roode Beek en de bovengenoemde sloot langs de straatweg ten gevolge zou hebben, moet opnieuw vergunning worden gevraagd.
-
- De bovengenoemde bedingen gelden zo lang, totdat voor de afwateringssituatie aan Duitse zijde in het kader van een ruilverkaveling een nieuwe regeling is getroffen, ten hoogste echter gedurende vijf jaar.
§ 13. Genormaliseerde Roode Beek ten noordwesten van Tudderen
Van het in § 12 bedoelde snijpunt van het midden van de genormaliseerde Roode Beek met de oude grens in de oude loop van de Roode Beek, ongeveer 620 m ten noordwesten van de kruising van de genormaliseerde Roode Beek met de straatweg van Sittard naar Tudderen, loopt de nieuwe grens in het midden van de genormaliseerde Roode Beek tot aan het verlengde van de zuidelijke begrenzing van het perceel, behorende bij het huis nr. 11, ten zuiden van grenssteen 310.
§ 14. Isenbruch/Susteren
Van het in § 13 bedoelde, ten zuiden van grenssteen 310 gelegen snijpunt van het midden van de genormaliseerde Roode Beek met het verlengde van de zuidelijke begrenzing van het perceel, behorende bij het huis nr. 11, loopt de nieuwe grens in rechte lijn langs deze perceelsgrens op een afstand van ongeveer 5 m evenwijdig aan de buitenkant van de zuidelijke gevelmuur tot de oostzijde van de weg van Susteren naar Isenbruch en van hier langs deze wegzijde tot de oude grens tussen de grensstenen 311 en 312.
Voor het weggedeelte tussen de oude en de nieuwe grens wordt aan de in de Bondsrepubliek Duitsland wonende grensbevolking en aan de Duitse ambtenaren, belast met de grensbewaking en het douanetoezicht, overeenkomstig § 2 een recht van weggebruik verleend.
§ 15. Saeffelen/Koningsbosch
Van het snijpunt van de noordwestelijke begrenzing van het perceel behorende bij het huis nr. 143, met de oude grens tussen de grensstenen 323 en 324, ongeveer 40 m ten zuidoosten van grenssteen 323, looρt de nieuwe grens langs deze perceelsgrens ongeveer 20 m in noordoostelijke richting en vervolgens ongeveer 100 m in zuidoostelijke richting tot de westzijde van de straatweg van Saeffelen naar Koningsbosch en kruist hier deze straatweg loodrecht naar de oude grens tussen de grensstenen 324 en 325.
§ 16. Genormaliseerde Roode Beek bij Vlodrop
De nieuwe grens loopt tussen de grensstenen 373 en 374 in het midden van de genormaliseerde Roode Beek.
§ 17. Straelen/Arcen
- a). Van het snijpunt van de zuidelijke begrenzing van het huidige Nederlandse grondbezit met de oude grens tussen de grensstenen 480 en 481, ongeveer 52 m ten noorden van grenssteen 480, loopt de nieuwe grens langs deze begrenzing van het grondbezit tot de westzijde van de weg (Tegelsbeckers Dyck), van hier łangs deze wegzijde tot een punt ongeveer 40 m ten zuiden van grenssteen 482 op de oude grens.
- b). Van grenssteen 485 loopt de nieuwe grens aan de oostzijde van de weg (Holter Dyck) tot aan grenssteen 486.
-
- Voor de in zuidelijke richting lopende weg ten zuiden van grenssteen 482 wordt aan de in het Koninkrijk der Nederlanden wonende grensbevolking en aan de Nederlandse ambtenaren, belast met de grensbewaking en het douanetoezicht, overeenkomstig § 2 een recht van weggebruik verleend.
-
- Voor de weg tussen de grensstenen 485 en 486 wordt aan de in de Bondsreρubliek Duitsland wonende grensbevolking en aan de Duitse ambtenaren, belast met de grensbewaking en het douanetoezicht, overeenkomstig § 2 een recht van weggebruik verleend.
§ 18. Walbeck/Arcen
- a). Van grenssteen 488 loopt de nieuwe grens in noordelijke richting naar een punt op de westzijde van de straatweg van Walbeck naar het douanekantoor Lingsfort, welk punt ongeveer 155 m ten noorden van de noordwesthoek van het douanekantoor ligt, van hier langs de buitenzijde van de sloot aan de westzijde van deze straatweg tot de noordwestzijde van de toegangsweg naar het logement „Hollandia” en van hier langs deze wegzijde tot de oude grens tussen de grensstenen 491 en 492.
- b). Tussen de grensstenen 496 en 497 loopt de nieuwe grens langs de oostzijde van de weg.
Voor de weg tussen de grensstenen 496 en 498 wordt aan de in de Bondsrepubliek Duitsland wonende grensbevolking en aan de Duitse ambtenaren, belast met de grensbewaking en het douanetoezicht, overeenkomstig § 2 een recht van weggebruik verleend.
§ 19. Gaesdonk/Siebengewald
Van de zuidelijke grenssteen 530 af volgt de nieuwe grens de zijde van de weg ongeveer 475 m in noordoostelijke richting. Daarna loopt zij in rechte lijn ongeveer 11 m voorbij de zuidelijke grenssteen 531 tot de huidige Duitse slagboom. Hier kruist zij de weg langs de zuidwestzijde van de slagboom. Van het noordwestelijke einde van de slagboom loopt zij in rechte lijn naar de westelijke grenssteen 532 (bij de brug) en daaraan voorbij tot de oude grens in het midden van de Kendelbeek.
-
- Het Koninkrijk der Nederlanden verklaart zich bereid, de douanebehandeling te regelen overeenkomstig de op 30 mei 1958 te 's-Gravenhage ondertekende Overeenkomst tussen de Bondsrepubliek Duitsland en het Koninkrijk der Nederlanden nopens de samenvoeging van de grenscontrole en de instelling van gemeenschappelijke spoorwegstations of van grensaflossingsstations aan de Nederlands-Duitse grens.
-
- De Bondsrepubliek Duitsland zal met ingang van de inwerkingtreding van dit Verdrag aan het Duitse douanekantoor Gaesdonk de bevoegdheden verlenen van een „Zollamt 2”, met uitzondering van de bevoegdheden voor de douanebehandeling van vlees en vleeswaren.
§ 20. Boeckelt/Bergen
- a). Van grenssteen 535 loopt de nieuwe grens aan de zuidzijde van de weg, waarbij de zuidelijke grenssteen 536 blijft gehandhaafd, naar de zuidelijke grenssteen 537 en van hier door naar de oude grens op het midden van de weg tussen de grenspunten 537 en 538.
- b). Van het snijpunt van de oude grens op het midden van deze weg met het verlengde van de rechte tussen de noordelijke grensstenen 539 en 538 loopt de nieuwe grens via de noordelijke grenssteen 538 naar de noordelijke grenssteen 539.
Voor de weg tussen de grensstenen 537 en 538 wordt aan de wederzijdse grensbevolking en aan de wederzijdse ambtenaren, belast met de grensbewaking en het douanetoezicht, overeenkomstig § 2 een recht van weggebruik verleend.
§ 21. Hommersum/Bergen
- a). Van grenssteen 555 loopt de nieuwe grens in noordwestelijke richting ongeveer 60 m langs de noordoostzijde van de landweg, kruist deze weg loodrecht en loopt van hier in rechte lijn in noordwestelijke richting naar een punt dat op de noordwestelijke wegzijde 40 m ten zuiden van grenssteen 558 ongeveer in het verlengde van de rechte tussen de grensstenen 559 en 558 ligt, en van hier naar grenssteen 558.
- b). Van het snijpunt van de oude grens tussen de grensstenen 559 en 560 met de zuidoostzijde van de weg tussen de grensstenen 560 en 561 loopt de nieuwe grens in noordoostelijke richting langs deze wegzijde tot de zuidwestoever van de Kendelbeek en kruist hier de weg voor de brug ongeveer loodrecht tot op de oude grens.
-
- Voor de weg tussen de grensstenen 560 en 561 wordt aan de in de Bondsrepubliek Duitsland wonende grensbevolking en aan de Duitse ambtenaren, belast met de grensbewaking en het douanetoezicht, overeenkomstig § 2 een recht van weggebruik verleend.
-
- Voor dezelfde weg wordt aan de Duitse ambtenaren, belast met de grensbewaking en het douanetoezicht, het recht tot het verrichten van bepaalde ambtshandelingen overeenkomstig § 3 verleend.
§ 22. Grafwegen/Ottersurn
Van de oostelijke grenssteen 589 loopt de nieuwe grens aan de oostzijde van de weg tot grenssteen 595.
Voor de weg tussen de grensstenen 589 en 595 wordt aan het personeel van de Duitse „Forstverwaltung” (Bosbeheer) en andere belanghebbenden overeenkomstig § 2 een recht van weggebruik verleend voor alle werkzaamheden die verband houden met de exploitatie van het ten oosten van deze weg gelegen woud. Bij de uitoefening van het recht van weggebruik dient men ter legitimatie een officieel document met foto bij zich te hebben.
§ 23. Wyler/Beek
De grens loopt van grenssteen 626 tot grenssteen 626IX als de oude grens. Van hier loopt de nieuwe grens in rechte lijn naar grenssteen 628. Van hier loopt de grens als de oude grens tot een holle weg ongeveer 100 m ten noordwesten van grenssteen 629bis De nieuwe grens volgt van hier de noordwestzijde van de holle weg in noordoostelijke richting tot de hoek van het bos. Van hier loopt zij langs de bosrand via vijf knikpunten naar een vooruitspringende hoek van het bos, die ongeveer 400 m ten noordwesten van de hoek van het bos bij de holle weg ligt, en van hier in rechte lijn verder langs de noordwestzijde van een pad tot waar dit uitkomt op de weg van Vogelsang naar de voormalige schietbaan. Van hier volgt zij de bosrand eerst in zuidoostelijke, vervolgens in noordoostelijke en dan wederom in zuidoostelijke richting en doorsnijdt in het verlengde van de laatstgenoemde bosrand een vooruitspringend bosgedeelte tot aan een pad. Van hier volgt zij wederom de bosrand in noordoostelijke, vervolgens in zuidoostelijke en dan wederom in noordoostelijke richting tot de beboste helling boven het Wylermeer, ongeveer 250 m ten noordwesten van de hofstede Vogelsang. Deze helling in noordoostelijke richting kruisend loopt zij tot in het Wylermeer; vervolgens loopt zij in het midden van het meer tot de zuidoostelijke voet van de Querdamm. Van hier volgt zij de voet van de dam in noordoostelijke richting tot waar de dam een gaping vertoont, loopt om het eind van de dam in noordwestelijke richting om, steekt vervolgens het Wylermeer over en volgt verder in rechte lijn de noordwestzijde van de Querdamm tot de oude grens tussen de grensstenen 642 en 643.
-
- Voor de weg van Wyler/Lagewald naar Berg en Dal, voorzover deze langs Duits grondgebied loopt, wordt aan de in de Bondsrepubliek Duitsland wonende grensbevolking en aan de Duitse ambtenaren, belast met de grensbewaking en het douanetoezicht, overeenkomstig § 2 een recht van weggebruik verleend.
-
- Voor het gedeelte van de weg Wyler-Beek tussen Lagewald en de nieuwe grens wordt aan de Nederlandse ambtenaren, belast met de grensbewaking en het douanetoezicht, overeenkomstig § 2 een recht van weggebruik verleend.
-
- Aan de in het Koninkrijk der Nederlanden wonende grensbevolking wordt overeenkomstig § 2 een recht van weggebruik verleend:
- a). voor het gedeelte van de weg Wyler-Beek ten noordwesten van Vogelsang tot aan de nieuwe grens;
- b). voor het tot het Duitse grondgebied behorende gedeelte van de weg van Vogelsang naar de voormalige schietbaan;
- c). voor het tot het Duitse grondgebied behorende gedeelte van de holle weg die ongeveer 100 m ten noordwesten van grenssteen 629bis in noordoostelijke richting af takt van de weg van Lagewald naar Berg en Dal en die na ongeveer 425 m de onder b genoemde weg kruist.
-
- Voor de in lid 3 onder b en c omschreven weggedeelten wordt aan de Nederlandse ambtenaren, belast met de grensbewaking en het douanetoezicht, overeenkomstig § 2 een recht van weggebruik verleend.
-
- Voor het gedeelte van de weg Wyler-Beek ten westen van de nieuwe grens tot aan de Querdamm alsmede voor het tot het Nederlandse grondgebied behorende stuk van de Querdamm wordt aan de Duitse ambtenaren, belast met de grensbewaking en het douanetoezicht, overeenkomstig § 2 een recht van weggebruik verleend.
-
- Voor de verbinding over Duits grondgebied tussen het Nederlandse en het Duitse stuk van de Querdamm alsmede voor het tot het Duitse grondgebied behorende stuk van de Querdamm wordt aan de Nederlandse ambtenaren, belast met de grensbewaking en het douanetoezicht, overeenkomstig § 2 een recht van weggebruik verleend.
-
- Vóór het einde van het jaar 1965 verbetert de Bondsrepubliek Duitsland de „Bundesstrasse 9” op het gedeelte ten zuidwesten van het Wylermeer en legt zij langs de noordoostrand van het dorp Wyler een nieuw gedeelte aan tussen het zuidoostelijke einde van het Wylermeer en grenssteen 623. Deze werken worden uitgevoerd op grond van een plan dat zal worden vastgesteld in overleg tussen de terzake van wegenaanleg bevoegde autoriteiten van de Verdragsluitende Partijen met medewerking van de douane-administraties.
-
- Het Koninkrijk der Nederlanden staat binnen het kader van de Nederlandse wetgeving het nemen van alle maatregelen toe, die vereist zijn voor het onderhoud en het gebruik van het Wylermeer, voorzover dit op Nederlands grondgebied ligt.
§ 24. Keeken/Millingen
De nieuwe grens loopt van het snijpunt van de oude grens tussen de grensstenen 649 en 650 met de noordwestzijde van de grensweg langs deze wegzijde tot de af takking van de weg naar Keeken ten noordoosten van Homüschemühl en kruist hier de grensweg loodrecht naar het snijpunt van zijn zuidoostzijde met de noordoostzijde van de af takkende weg. Van hier loopt zij langs de zuidoostzijde, vervolgens langs de noordoostzijde van de grensweg naar de oostelijke grenssteen 652 en daaraan voorbij tot op de oude grens tussen de grenspunten 652 en 653.
-
- Voor de grensweg van grenssteen 650 tot de aftakking van de weg naar Keeken ten noordoosten van Homüschemühl wordt aan de in het Koninkrijk der Nederlanden wonende grensbevolking en aan de Nederlandse ambtenaren, belast met de grensbewaking en het douanetoezicht, overeenkomstig § 2 een recht van weggebruik verleend.
-
- Voor de grensweg van de vorengenoemde aftakking tot grenssteen 652 wordt aan de in de Bondsrepubliek Duitsland wonende grensbevolking en aan de Duitse ambtenaren, belast met de grensbewaking en het douanetoezicht, overeenkomstig § 2 een recht van weggebruik verleend.
-
- Nederlandse boeren die op Nederlands gebied tussen Homüschemühl en grenssteen 651 akkers hebben aan de grensweg die via grenssteen 650 naar grenssteen 652 loopt, ontvangen van de Duitse douane-administratie sleutels voor de ongeveer 100 m ten zuidwesten van Homüschemühl geplaatste slagboom. Teneinde over het Duitse gedeelte van de weg hun op Nederlands gebied liggende akkers te bereiken, mogen zij de slagboom open maken, en wel in de tijd van de voornaamste bewerking van het land en in de oogsttijd zowel overdag als 's nachts, en in de overige tijd van het aanbreken van de dag tot het invallen van de nacht.
§ 25. Elten
De grens loopt van het midden van de Rijn ten zuidoosten van Spijk via de grensstenen 660 tot 702 als de oude grens, voorzover in de § § 26 tot en met 29 niet iets anders is bepaald.
§ 26. Elten (grenssteen 682)
De nieuwe grens loopt van grenssteen 682 in het verlengde van de oude grens tussen de grensstenen 681 en 682 ongeveer 10 m tot de oostzijde van de landweg en volgt van hier deze wegzijde tot grenssteen 683.
§ 27. Elten (douane-emplacement autoweg)
Van het snijpunt van de oude grens tussen de grensstenen 684 en 685 met een lijn die ten zuidwesten van de ontworpen autoweg op een afstand van 55 m evenwijdig aan de as van de autoweg ligt, loopt de nieuwe grens langs deze lijn ongeveer 580 m in zuidoostelijke richting tot de noordzijde van een van west naar oost lopende weg en volgt van hier deze wegzijde tot de as van de ontworpen autoweg. Van hier loopt zij over de as van de ontworpen autoweg ongeveer 350 m in zuidoostelijke richting tot de westzijde van een naar het noorden lopende weg en volgt van hier deze wegzijde in noordelijke richting tot de oude grens tussen de grensstenen 686 en 687.
§ 28. Elten (grenssteen 689)
De nieuwe grens loopt van grenssteen 688 ongeveer 73 m in ongeveer oostelijke richting naar een punt op de oude grens tussen de grensstenen 689 en 690, dat ongeveer 20 m van grenssteen 689 ligt.
§ 29. Elten (Hoge Heide en autoweg bij Voorthuisen)
De nieuwe grens loopt van grenssteen 695 in ongeveer westelijke richting aan de zuidzijde van de weg langs de noordrand van het bos tot het knikpunt van deze wegzijde op een afstand van ongeveer 50 m van de weg Elten-Beek. Van hier volgt zij in ongeveer zuidelijke richting over een afstand van ongeveer 90 m de huidige eigendomsgrens van het grondbezit van de Stichting Van Heek tot het knikpunt van deze eigendomsgrens. Van hier loopt zij ongeveer 180 m in zuidoostelijke richting naar een punt, dat op een afstand van 110 m van de as van de ontworpen autoweg ligt. Van hier loopt zij ongeveer 110 m in zuidelijke richting naar een punt op een lijn die op een afstand van 55 m evenwijdig aan de as van de ontworpen autoweg ligt. Van hier volgt zij deze lijn tot de oude grens tussen de grensstenen 702 en 703 in het grenskanaal.
Voor de weg Stokkum-Elten wordt over de autoweg een viaduct voor personenauto's gebouwd. Voorlopig krijgen alleen voetgangers en berijders van rijwielen met of zonder hulpmotor vergunningen voor het gebruik van deze weg overeenkomstig de Overeenkomst inzake het kleine grensverkeer, welke de Bondsrepubliek Duitsland en het Koninkrijk der Nederlanden voornemens zijn te sluiten.
§ 30. Praest/Gendringen
De nieuwe grens loopt langs een lijn die ten noordoosten van de ontworpen autoweg op een afstand van 55 m evenwijdig aan de as van de autoweg ligt, tussen de beide snijpunten van deze lijn met de oude grens langs de „Landwehr” tussen de grensstenen 711 en 712.
§ 31. Genormaliseerde Oude IJssel
De nieuwe grens loopt tussen de grensstenen 718 en 720 in het midden van de genormaliseerde Oude IJssel.
§ 32. Bocholter Aa
Van het snijpunt van het midden van de genormaliseerde Aa met de oude grens tussen de grensstenen 728 en 729 loopt de nieuwe grens in het midden van de genormaliseerde Aa tot een punt ongeveer 20 m stroomafwaarts van de westrand van de brug voor de weg van Anholt naar Dinxperlo.
§ 33. Suderwick/Dinxperlo
- a). Van het in § 32 bedoelde punt in het midden van de Bocholter Aa, ongeveer 20 m stroomafwaarts van de westrand van de brug, loopt de nieuwe grens ongeveer 115 m in noordelijke richting in rechte lijn naar een punt dat ongeveer 24 m ten westen van de as ligt van de huidige rijbaan van de Anholtse Weg, Van hier loopt zij loodrecht op de Anholtse Weg tot het snijpunt met de toekomstige oostzijde van de Anholtse Weg, zoals deze is geprojecteerd in het van Duitse en Nederlandse zijde opgestelde verbeteringsplan. Tot de ontruiming van het tegenwoordig aan de westzijde van de Anholtse Weg gelegen woonwagenkamp, ten hoogste gedurende vijf jaar na de inwerkingtreding van dit Verdrag, loopt de grens van het in § 32 bedoelde, ongeveer 20 m stroomafwaarts van de westrand van de brug gelegen punt voorlopig ongeveer 65 m in noordelijke richting, buigt dan langs de omheining van het woonwagenkamp af naar het oosten en volgt de omheining tot aan de noordoosthoek. Van hier loopt zij loodrecht op de Anholtse Weg tot het snijpunt met de oude grens, volgt deze en komt uit op de in de vorige alinea beschreven grens. De nieuwe grens volgt vervolgens de oost- onderscheidenlijk zuidzijde van de geprojecteerde straatweg en daar waar volgens het verbeteringsplan een trottoir is geprojecteerd, de zuidzijde van de trottoirband tot waar zij uitkomt op de Heelweg. Voorzover de huidige straatweg binnen dit gedeelte op Duits grondgebied zou liggen, loopt de grens tot de voltooiing van de nieuwe straatweg, ten hoogste gedurende vijf jaar na de inwerkingtreding van dit Verdrag, voorlopig langs de zuidzijde van de huidige straatweg. Van de plaats waar zij uitkomt op de Heelweg volgt de nieuwe grens de zuidzijde van de trottoirband aan de zuidzijde van de Heelweg tot het snijpunt met het verlengde in zuidwestelijke richting van het grensgedeelte tussen de grensstenen 117d en 734 en loopt van hier in rechte lijn naar grenssteen 734. De Regeringen van de Verdragsluitende Partijen stellen bij notawisseling het tijdstip vast, waarop de in de tweede en de vierde alinea bepaalde voorlopige grens wordt vervangen door de definitieve grens.
- b). Van grenssteen 176 loopt de nieuwe grens in rechte lijn in noordoostelijke richting naar een punt dat ongeveer 15 m ten zuiden van grenssteen 736 op de oude grens ligt.
-
- Het Koninkrijk der Nederlanden verbetert de Anholtse Weg binnen vijf jaar na de inwerkingtreding van dit Verdrag tot waar deze weg de nieuwe grens snijdt ten noorden van de brug over de Bocholter Aa.
-
- De Bondsrepubliek Duitsland legt binnen vijf jaar na de inwerkingtreding van dit Verdrag ten zuiden van de nieuwe grens een nieuwe weg aan voor het verkeer van Suderwick naar Anholt, welke weg ten noorden van de brug over de Bocholter Aa op de Anholtse Weg zal uitkomen.
-
- Het Koninkrijk der Nederlanden zal er zorg voor dragen dat het bovenvermelde woonwagenkamp, totdat het wordt ontruimd, van Nederlands grondgebied uit onmiddellijk toegankelijk is.
-
- Op het Nederlandse gedeelte van de Anholtse Weg en de Heelweg wordt aan de in de Bondsrepubliek Duitsland wonende grensbevolking overeenkomstig § 2 een recht van weggebruik verleend voor het verkeer met voertuigen tussen de aan Duitse zijde gelegen percelen onderling alsmede voor het verkeer met voertuigen tussen deze percelen en het overige deel van de gemeente Suderwick. Voor de bewoners van de genoemde percelen is de in § 2 bedoelde verklaring niet vereist; indien zij ouder zijn dan veertien jaar, moeten zij echter bij het weggebruik ter legitimatie een officieel document met foto bij zich hebben. Het verkeer met voertuigen over Nederlands gebied tussen de genoemde percelen en het overige deel van de gemeente Suderwick is alleen toegestaan via de Duitse grensposten Suderwick en Brüggenhütte. Bij het in- of uitreizen via deze grensposten dient men op verlangen aannemelijk te maken, dat de voorwaarden zijn vervuld voor de in § 2 voorziene vrijstelling van rechten en heffingen.
-
- Voor het Nederlandse gedeelte van de Anholtse Weg en de Heelweg wordt aan de Duitse ambtenaren, belast met de grensbewaking en het douanetoezicht, overeenkomstig § 2 een recht van weggebruik verleend.
-
- De door de gemeente Dinxperlo aangelegde riolering in het gebied ten zuidoosten van de Anholtse Weg en de Heelweg blijft aangesloten op de riolering in Dinxperlo. Het riool onder het zuidelijke trottoir van de Heelweg mag niet worden afgesloten. Wijzigingen of nieuwe aansluitingen op de bestaande riolering mogen van Duitse zijde slechts in overeenstemming met de gemeente Dinxperlo worden aangebracht. De riolering wordt door de gemeente Dinxperlo onderhouden. De hiervoor vereiste werkzaamheden kunnen in overleg met de aan Duitse zijde bevoegde instanties op Duits gebied worden verricht. De gemeente Dinxperlo en de „Amtsverwaltung” Liedern-Werth zullen een overeenkomst sluiten over de betalingen welke aan genoemde gemeente voor het gebruik van de riolering moeten worden gedaan.
§ 34. Zwillbrock/Eibergen
- a). Van de tussengrenssteen 42 tussen de grensstenen 806 en 807 bij het Nederlandse douanekantoor aan de zuidzijde van de straatweg van Vreden naar Groenlo kruist de nieuwe grens deze straatweg en loopt vervolgens langs de oostzijde van de Veengoot tot de oude grens tussen de grensstenen 808/40 en 809/39.
- b). Van het snijpunt van de oude grens tussen de grensstenen 809a en 809b met de zuidzijde van de Veengoot loopt de nieuwe grens in hoofdzakelijk noordelijke richting aan de oostzijde van de Veengoot en de Ramsbeek, en wel voorzover daar dijken zijn, aan de oostzijde daarvan, tot de oude grens tussen de grensstenen 811/36 en 811/35.
Het Koninkrijk der Nederlanden verplicht zich, door middel van het Waterschap van de Berkel overeenkomstig het in 1939 ten uitvoer gebrachte normaliseringsplan te zorgen voor het herstel en het onderhoud van de voor het gebied van het Duitse „Wasser- und Bodenverband” Krosewicker Feld noodzakelijke afwatering. Het Waterschap van de Berkel zal bij het opstellen van een nieuw normaliseringsplan, voorzover dit de belangen van het „Wasser- und Bodenverband” Krosewicker Feld raakt, de desbetreffende bepalingen met de „Landkreis” Ahaus overeenkomen.
§ 35. Ammeloe/Rekken
De nieuwe grens loopt van grenssteen 830a in oostelijke richting ongeveer 12 m langs een sloot, van hier ongeveer 230 m aan de oostzijde van het naar het noorden lopende voetpad tot een sloot ongeveer 32 m ten zuiden van grenssteen 830e, van hier ongeveer 23 m naar een punt ongeveer 12 m ten zuidoosten van grenssteen 830e van hier via de zuidelijke hoek van het bos bij het voetpad (ongeveer 12 m ten noordoosten van grenssteen 830e) en in aansluiting daarop via de het meest oostelijk gelegen hoek van het pad naar een punt ongeveer 58 m ten noordoosten van grenssteen 830e en 55 m ten zuiden van grenssteen 830f. Van hier loopt zij naar een punt op de oostzijde van het pad ongeveer 2 m ten oosten van grenssteen 830f; van hier volgt zij deze zijde van het pad tot een punt ongeveer 8 m ten oosten van grenssteen 830i. Hier verlaat zij deze zijde van het pad, komt na ongeveer 75 m in rechte lijn weer op deze zijde uit en volgt deze zijde in ongeveer rechte lijn tot grenssteen 830k.
-
- Voor de strook tussen de oude en de nieuwe grens wordt aan de in de Bondsrepubliek Duitsland wonende grensbevolking en aan de Duitse ambtenaren, belast met de grensbewaking en het douanetoezicht, overeenkomstig § 2 een recht van weggebruik verleend.
-
- Voor de in lid 1 bedoelde strook wordt aan de Duitse ambtenaren, belast met de grensbewaking en het douanetoezicht, het recht tot het verrichten van bepaalde ambtshandelingen overeenkomstig § 3 verleend.
§ 36. Bardel/Losser (grenssteen 6)
De nieuwe grens loopt van grenssteen 6 in rechte lijn naar grenssteen 7.
§ 37. Bardel/Losser (tussen de grensstenen 7 en 12)
De nieuwe grens loopt van grenssteen 7 in rechte lijn ongeveer 50 m in bijna noordelijke richting tot de hoek van een omheining ongeveer 20 m ten oosten van de oude grens, en van hier ongeveer 60 m langs de omheining tot een hoek daarvan ongeveer 45 m ten oosten van de oude grens. Van hier loopt zij in rechte lijn ongeveer 75 m in noordoostelijke richting naar het knikpunt van een met struikgewas begroeid talud en van hier in rechte lijn ongeveer 105 m in noordoostelijke richting tot de noordwesthoek van een weg die uit het bos in het weiland komt. Van hier loopt zij in rechte lijn ongeveer 150 m in noordelijke richting tot de westhoek van een bosje. Van hier loopt zij in rechte lijn naar een punt op de oude grens ongeveer 70 m ten zuiden van grenssteen 12.
§ 38. Bardel/Losser (grenssteen 13)
De nieuwe grens loopt in rechte lijn van grenssteen 12I naar grenssteen 13 en van grenssteen 13 naar grenssteen 13IV.
§ 39. Streitweg/Vrijdijk
De nieuwe grens loopt van grenssteen 24 ongeveer 10 m in noordoostelijke richting tot de voet van de dijk en volgt van hier de oostzijde van de Vrijdijk tot een punt ongeveer 40 m ten zuidoosten van grenssteen 33. Van hier loopt zij in rechte lijn naar grenssteen 33.
Voor de grensweg (Vrijdijk) wordt aan de in de Bondsrepubliek Duitsland wonende grensbevolking en aan de Duitse ambtenaren, belast met de grensbewaking en het douanetoezicht, overeenkomstig § 2 een recht van weggebruik verleend.
§ 40. Frensdorf/Denekamp
- a). Van het knikpunt van de oude grens ongeveer 20 m ten noorden van grenssteen 35 loopt de nieuwe grens ongeveer 25 m in het verlengde van het grensgedeelte tussen grenssteen 35 en dit knikpunt en vervolgens in rechte lijn naar grenssteen 39.
- b). Van grenssteen 40 loopt de nieuwe grens in rechte lijn naar een punt dat ongeveer 36 m ten oosten van grenssteen 41III ligt en 3,5 m ten noorden van de rechte verbindingslijn tussen de grensstenen 40 en 41III; van hier loopt zij in rechte lijn naar grenssteen 41III.
Onder erkenning van een wederzijds waterstaatkundig belang bij de normalisering van de Rammelbeek verplicht het Koninkrijk der Nederlanden zich tot medewerking in de zin van de bepalingen van hoofdstuk 4 van dit Verdrag en zal het in het bijzonder bevorderen, dat spoedig een hierop betrekking hebbende bijzondere overeenkomst tot stand komt als bedoeld in artikel 59.
§ 41. Radewijker Beek
De nieuwe grens loopt tussen de grensstenen 113 en 116 in het midden van de genormaliseerde Radewijker Beek.
§ 42. Laar/Coevorden
De nieuwe grens loopt van grenssteen 133 in noordelijke richting tot het snijpunt met een lijn die op het zuidoostelijke talud van de dijk op de gemiddelde hoogte ligt van het terrein aan de zuidoostzijde (voet van het talud). Van hier loopt de nieuwe grens langs de voet van het zuidoostelijke dijktalud tot grenssteen 140.
De Bondsrepubliek Duitsland verplicht zich, op Duits gebied geen maatregelen uit te voeren, die de stabiliteit van de dijk in gevaar brengen.
§ 43. Grenzaa/Schoonebeekerdiep
De nieuwe grens loopt van grenssteen 151XIV langs de kortste weg naar het midden van het genormaliseerde Schoonebeekerdiep en loopt verder in het midden van deze beek tot de grenssloot bij grenssteen 156.
§ 44. Rhede/Vlagtwedde
De grens loopt tussen de grensstenen 172 en 186 als de oude grens.
-
- Voor de grenswegen wordt aan de in het Koninkrijk der Nederlanden wonende grensbevolking en aan de Nederlandse ambtenaren, belast met de grensbewaking en het douanetoezicht, overeenkomstig § 2 een recht van weggebruik verleend.
-
- De Bondsrepubliek Duitsland zal waarborgen, dat bij hoge waterstanden in de Walchumer en de Brualer Schloot de bovengrondse afstroming naar Nederlands gebied wordt verhinderd.
§ 45. Kloster Dünebroek/Bellingwolde
De nieuwe grens loopt van grenssteen 186 ongeveer 25 m in het verlengde van de oude grens tussen de grensstenen 185II en 186 en van hier in rechte lijn naar een punt dat ongeveer 20 m ten noordoosten van grenssteen 187 op de oude grens ligt tussen de grensstenen 187 en 188.
§ 46. Bunderneuland/Nieuweschans
De nieuwe grens loopt van een punt dat 185 m ten zuidwesten van grenssteen 193 op de oude grens ligt, langs een cirkelboog die over een punt 40,65 m ten zuiden van grenssteen 194 leidt en die tangentiaal aansluit bij het verlengde van het lange rechtlijnige grensgedeelte tussen de grensstenen 196 en 195I. Van dit raakpunt loopt zij verder in rechte lijn naar het knikpunt van de oude grens ongeveer 26 m ten zuidoosten van grenssteen 195I.
-
- Het Koninkrijk der Nederlanden is voornemens, binnen vijf jaar na de inwerkingtreding van dit Verdrag ten zuiden van Nieuweschans een nieuwe weg aan te leggen. In het kader van de aanleg van deze weg wordt het Wijmeersterdiep verlegd naar de zuidzijde van de nieuwe grens. Tot de verlegging van het Wijmeersterdiep brengt de grenswijziging geen verandering in de wederzijdse gebruiksrechten en onderhoudsplichten met betrekking tot deze waterloop.
-
- Het Koninkrijk der Nederlanden draagt alle kosten die voortvloeien uit de aanleg van de nieuwe weg en de verlegging van het Wijmeersterdiep. Onder deze kosten vallen ook schadevergoedingen voor de eigenaren van terreinen die, al of niet rechtstreeks, door deze werken worden getroffen.
-
- De bevoegde Duitse autoriteiten zullen de bevoegde Nederlandse autoriteiten steun verlenen bij de verlegging van het Wijmeersterdiep.
-
- Na de verlegging van het Wijmeersterdiep zijn de bevoegde Duitse autoriteiten op een 3 m brede strook langs de bovenkant van de noordelijke oever gerechtigd tot het treffen van alle noodzakelijke maatregelen ten behoeve van het onderhoud van het Wijmeersterdiep.
§ 47. Wijmeersterdiep/Westerwoldsche Aa
- a). De nieuwe grens loopt van een punt op de oude grens, dat ongeveer 180 m ten zuidoosten van grenssteen 197 ligt, in noordoostelijke richting naar een punt dat op een afstand van ongeveer 510 m van grenssteen 197 op de oostelijke oever van de Westerwoldsche Aa ligt, van hier verder langs de oostelijke oever van de Westerwoldsche Aa tot een punt dat ongeveer 45 m ten zuiden van de noordwesthoek van de brug tegenover de boerderij Louisenfeld en ongeveer 40 m ten noordwesten van de kilometersteen 1,5 van de straatweg van Bunderneuland naar Landschaftspolder ligt, van hier verder in rechte lijn in de richting van een punt dat ongeveer 33 m ten westen van de westzijde van de weg en ongeveer 270 m ten noorden van de noordwesthoek van de bemuring van de brug over het Wijmeersterdiep bij de couρure in de dijk ligt, tot een punt dat 100 m ten zuiden van dit richtingpunt ligt, van hier naar een punt dat 100 m ten noorden van het richtingpunt ligt op de rechte verbindingslijn tussen het richtingpunt en een punt op de westzijde van de weg 246 m ten zuiden van het midden van de brug over het Wijmeersterdiep naar Kanalpolder, en van hier langs deze verbindingslijn tot het laatstomschreven punt. Van hier looρt de nieuwe grens in rechte lijn naar grenssteen 202i.
- b). Van grenssteen 202ƒ looρt de nieuwe grens in rechte lijn naar grenssteen 203.
-
- De Bondsrepubliek Duitsland zal binnen twee jaar nadat zij langs diplomatieke weg een mededeling van de Nederlandse Regering heeft ontvangen omtrent het begin van de voorgenomen verbetering van de Westerwoldsche Aa, het op Nederlands gebied liggende gedeelte van het Wijmeersterdiep verleggen naar Duits gebied in de Heinitzpolder. De kosten van deze werkzaamheden worden gedragen door de Bondsrepubliek Duitsland.
-
- De Bondsrepubliek Duitsland verleent aan het Koninkrijk der Nederlanden ten behoeve van de verbetering van de Westerwoldsche Aa het recht, specie te bergen in de driehoek die wordt begrensd door de Westerwoldsche Aa, het Wijmeersterdiep en het grensgedeelte 202i–202f. Het Koninkrijk der Nederlanden draagt de daaruit voortvloeiende kosten, met inbegrip van een passende schadevergoeding voor de in aanmerking komende eigenaren.
-
- Het Koninkrijk der Nederlanden en de Bondsrepubliek Duitsland zullen in hun wederzijds belang zo spoedig mogelijk een tweede dijk tussen Nieuw-Statenzijl en de Heinitzpolder aanleggen benevens een nieuwe keer sluis voor het Wijmeer sterdiep. Elk der Verdragsluitende Partijen draagt de kosten van de op haar grondgebied uit te voeren werken.
-
- Tot de verlegging van het Wijmeersterdiep en de verbetering van de Westerwoldsche Aa brengt de grenswijziging geen verandering in de wederzijdse gebruiksrechten en onderhoudsverplichtingen met betrekking tot deze waterlopen.
-
- De materialen en werktuigen die één Verdragsluitende Partij nodig heeft voor werkzaamheden op het grondgebied van de andere Partij, kunnen vrij van in- of uitvoerverboden of -beperkingen en vrij van in- en uitvoerrechten en andere heffingen worden ingevoerd in het gebied van de andere Partij en eventueel weer worden uitgevoerd naar het gebied van de ene Partij.
-
- De bevoegde autoriteiten van de Verdragsluitende Partijen zullen elkaar steun verlenen bij de verwerving of pacht van grond of andere noodzakelijke maatregelen op het gebied van de andere Partij.
§ 1. Kaarten
De bijgevoegde kaarten maken deel uit van deze Bijlage1)De kaarten behorende bij de § § 5 tot en met 47 van bijlage A en de § § 2 tot en met 5 van Bijlage B, alsmede een overzichtskaart, worden afzonderlijk uitgegeven..
§ 2. Anselderbeek-Bleyerheiderbeek
Tussen een punt dat ongeveer op het midden van de grens tussen de grensstenen 224 en 225 ligt, en grenssteen 227 worden de Anselderbeek en de Bleyerheiderbeek binnen vier jaar na de inwerkingtreding van dit Verdrag door de Bondsrepubliek Duitsland en het Koninkrijk der Nederlanden volgens een gezamenlijk plan genormaliseerd, waardoor de loop van deze beken wordt gewijzigd zoals in de bijgevoegde kaart is aangegeven.
De grens, die thans van grenspunt 224 tot grenspunt 225 in het midden loopt van de Baamstraat (Hammerweg) en van hier af in het algemeen in het midden van de Anselderbeek en de Bleyerheiderbeek, zal na de uitvoering van de hierboven bedoelde normalisering van de zuidelijke grenssteen 224 langs de zuidzijde van de Baamstraat lopen tot het midden van de genormaliseerde Anselderbeek. Van hier tot grenssteen 227 zal de grens dan worden gevormd door het midden van de genormaliseerde Anselderbeek en van de genormaliseerde Bleyerheiderbeek.
§ 3. Molenbeek (Jonge Worm)
Tussen de grensstenen 361 en 362 wordt de Molenbeek binnen drie jaar na de inwerkingtreding van dit Verdrag door de Bondsrepubliek Duitsland en het Koninkrijk der Nederlanden volgens een gezamenlijk plan genormaliseerd, waardoor haar loop wordt gewijzigd zoals in de bijgevoegde kaart is aangegeven.
Na de uitvoering van de hierboven bedoelde normalisering zal de grens tussen de grensstenen 361 en 362 lopen in het midden van de genormaliseerde Molenbeek.
§ 4. Roode Beek bij Vlodrop
Tussen de grensstenen 374 en 376 wordt de Roode Beek binnen vijf jaar na de inwerkingtreding van dit Verdrag door de Bondsrepubliek Duitsland en het Koninkrijk der Nederlanden volgens een gezamenlijk plan genormaliseerd, waardoor haar loop wordt gewijzigd zoals in de bijgevoegde kaart is aangegeven.
Na de uitvoering van de hierboven bedoelde normalisering zal de grens tussen de grensstenen 374 en 376 lopen in het midden van de genormaliseerde Roode Beek.
§ 5. Rammelbeek
Tussen de grensstenen 41XIV en 48 wordt de Rammelbeek binnen zes jaar na de inwerkingtreding van dit Verdrag door de Bondsrepubliek Duitsland en het Koninkrijk der Nederlanden volgens een gezamenlijk plan genormaliseerd, waardoor haar loop wordt gewijzigd zoals in de bijgevoegde kaart is aangegeven.
Na de uitvoering van de hierboven bedoelde normalisering zal de grens, die vóór de drooglegging van de oude Rammelbeek in het midden van deze waterloop liep en tegenwoordig door de grensstenen 41IV tot en met 41XIV is aangegeven, van grenssteen 41IVaf de zuidoostzijde van het kanaal Almelo-Nordhorn volgen tot de instromingsopening van de duiker, van hier het kanaal loodrecht kruisen tot de uitstromingsopening van de duiker en van hier in het midden van de huidige Rammelbeek lopen tot ter hoogte van grenssteen 41XIV. Van hier zal de grens in het midden van de genormaliseerde Rammelbeek lopen tot grenssteen 48.
Na de hierboven bedoelde grenswijziging zal het Koninkrijk der Nederlanden de instandhouding toestaan van de weg aan de zuidoostzijde van het kanaal Almelo-Nordhorn tussen grenssteen 41IV en de instromingsopening van de duiker. De Duitse eigenaren van de langs deze weg gelegen percelen zullen bevoegd zijn tot het gebruik van deze weg overeenkomstig § 2 van Bijlage A bij dit Verdrag alsmede tot het treffen van alle noodzakelijke maatregelen ten behoeve van het kanaal Almelo-Nordhorn en van de bewerking van het land.
Bij de ondertekening van het Verdrag tussen het Koninkrijk der Nederlanden en de Bondsrepubliek Duitsland nopens het verloop van de gemeenschappelijke landgrens, de grenswateren, het grondbezit in de nabijheid van de grens, het grensoverschrijdende verkeer over land en via de binnenwateren en andere met de grens verband houdende vraagstukken zijn de gevolmachtigden van beide Partijen over de volgende bepalingen tot overeenstemming gekomen en hebben de volgende verklaringen afgelegd:
Artikel 1
Teneinde met het oog op een structurele verbetering van de landbouw een in alle opzichten bevredigende regeling van de agrarische verhoudingen in het grensgebied te bewerkstelligen, verlenen de Verdragsluitende Partijen binnen het kader der gegeven mogelijkheden steun bij de instelling en de werkzaamheden van op plaatselijk en regionaal niveau paritair samengestelde Nederlands-Duitse commissies.
De commissies hebben tot taak, bepaalde, bij gelegenheid van haar instelling aan te duiden, agrarische vraagstukken te onderzoeken en de bevoegde instanties in beide staten aanbevelingen te doen.
Artikel 2
Waar bij bebouwde kommen die door de grens worden doorsneden, zoals bijvoorbeeld bij Dinxperlo-Suderwick, de plaatselijke omstandigheden een gemeenschappelijke regeling vereisen van gemeentelijke aangelegenheden zoals die betreffende de bebouwing en de openbare orde, veiligheid en zedelijkheid, zullen de bevoegde Duitse en Nederlandse autoriteiten overleg plegen, teneinde de door hen voorgenomen voorschriften en maatregelen in het kader van hun bevoegdheid zoveel mogelijk op elkaar af te stemmen.
Artikel 3
De Regering van het Koninkrijk der Nederlanden bevestigt, dat alle bestanddelen van het vermogen van de Duitse staat, van de „Länder” en van openbare lichamen, welke in de in artikel 4 van het Verdrag bedoelde gebieden na de tweede wereldoorlog zijn overgegaan in de beschikkingsmacht van het Koninkrijk der Nederlanden, met inbegrip van de in plaats daarvan getreden vermogensdelen, van de inwerkingtreding van het Verdrag af toebehoren aan de Bondsrepubliek Duitsland of aan de daarvoor in aanmerking komende publiekrechtelijke rechtspersonen in de Bondsrepubliek Duitsland.
Artikel 4
De Regering van het Koninkrijk der Nederlanden bevestigt, dat de inwerkingtreding van het Verdrag niet tengevolge kan hebben, dat de bepalingen van het Besluit Vijandelijk Vermogen worden toegepast ten aanzien van de in artikel 37, lid 1, van de Nederlandse Wet van 26 september 1951 (Staatsblad 1951, 434) genoemde personen en hun rechtsopvolgers.
Artikel 5
Er bestaat overeenstemming over, dat de bepalingen van de artikelen 5, 6 en 7 van het Verdrag geen betrekking hebben op vermogen van publiekrechtelijke lichamen, dat niet bestemd is voor de openbare dienst.
De bepalingen van artikel 7, lid 1, van het Verdrag hebben geen betrekking op de verplichtingen die voortvloeien uit de door de Drostambten Elten en Tudderen met garantie van het Koninkrijk der Nederlanden aangegane leningen. Deze verplichtingen worden overgenomen door het Koninkrijk der Nederlanden.
Artikel 6
Als woonachtig of gevestigd in de in artikel 4 van het Verdrag bedoelde gebieden in de zin van artikel 18 van het Verdrag wordt beschouwd een persoon die daar volgens het recht van de verzoekende Verdragsluitende Partij belastingplichtig is op grond van zijn woonplaats, zijn verblijfplaats, de plaats waar de zakelijke leiding wordt gegeven of een soortgelijk criterium.
Artikel 7
De verplichting om inlichtingen te verstrekken volgens de artikelen 18 en 19 van het Verdrag heeft geen betrekking op feiten die de belastingautoriteiten hebben vernomen van banken of daarmede gelijkgestelde instellingen.
Artikel 8
De bevoegde autoriteit in de zin van de artikelen 19 en 20 van het Verdrag is in het Koninkrijk der Nederlanden de Directeur van 's Rijks belastingen en in de Bondsrepubliek Duitsland de „Oberfinanzdirektion”.
Artikel 9
De bevoegde Nederlandse autoriteiten verstrekken aan de bevoegde Duitse autoriteiten alle inlichtingen en bescheiden, in origineel of gewaarmerkt afschrift, die nodig zijn om de soort en hoeveelheid goederen welke zich op het tijdstip van inwerkingtreding van het Verdrag in de in artikel 4 van het Verdrag bedoelde gebieden bevinden en voor welke het Koninkrijk der Nederlanden nog geen invoerrechten, verbruiksbelastingen of soortgelijke belastingen heeft geheven of voor welke het Koninkrijk der Nederlanden teruggaaf van bedoelde belastingen heeft verleend, te kunnen bepalen alsmede de belastingplichtigen te kunnen vaststellen, opdat overeenkomstige belastingen kunnen worden geheven door de Bondsrepubliek Duitsland.
De bevoegde autoriteiten van de Verdragsluitende Partijen plegen met elkaar overleg over de vraag, welke inlichtingen en bescheiden ambtshalve zullen worden verstrekt; voor het overige geschiedt de verstrekking op verzoek.
Artikel 10
Alle aangelegenheden waarop de bepalingen van hoofdstuk 4 van het Verdrag betrekking hebben, moeten worden beoordeeld
in de Bondsrepubliek Duitsland overeenkomstig de waterstaatswetgeving van de Bond en van de „Länder”
en in het Koninkrijk der Nederlanden overeenkomstig de waterstaatswetgeving van het Rijk en de provincies, met inbegrip van de reglementen voor de waterschappen.
Artikel 11
De Regeringen van de Verdragsluitende Partijen zullen ernaar streven, dat de in artikel 59, lid 2, van het Verdrag voorziene overeenkomsten binnen een redelijke termijn worden gesloten.
Artikel 12
De Rijn behoort op grond van artikel 56, lid 2, van het Verdrag niet tot de grenswateren ten aanzien waarvan hoofdstuk 4 van het Verdrag bepalingen bevat. De Regeringen van de Verdragsluitende Partijen verklaren echter, dat zij zullen streven naar een spoedige totstandkoming van een regeling tussen de Rijnoeverstaten betreffende de bestrijding van de verontreiniging van de Rijn.
Artikel 13. (Bij de hoofdstukken 1 en 5 van het Verdrag)
Voor de exploitatie van het grondbezit dat gedeeltelijk aan de ene zijde, gedeeltelijk aan de andere zijde van de in artikel 1 van het Verdrag aangegeven grens is gelegen, gelden de in aanmerking komende bepalingen van de in artikel 1 van het Verdrag genoemde grensverdragen van Aken, Kleef en Meppen.
Artikel 14
Er bestaat overeenstemming over, dat het aan de in aanmerking komende personen vrijstaat om in gevallen die niet kunnen worden geregeld overeenkomstig de bepalingen van hoofdstuk 5 van het Verdrag, andere landerijen te kopen in het gebied van de Nederlands-Duitse grens
Artikel 15
De bepalingen van dit Slotprotocol maken deel uit van het Grensverdrag.
TEN BLIJKE WAARVAN de gevolmachtigden der Verdragsluitende Partijen dit Verdrag, dat deel uitmaakt van het heden ondertekende Algemene Verdrag, hebben ondertekend.
Gedaan te 's-Gravenhage, 8 april 1960, in tweevoud, in de Nederlandse en de Duitse taal, zijnde beide teksten gelijkelijk authentiek.
Voor het Koninkrijk der Nederlanden:
(w.g.) J. LUNS
(w.g.) H. R. VAN HOUTEN
Voor de Bondsrepubliek Duitsland:
(w.g.) VON BRENTANO
(w.g.) LAHR
De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.
Deze tekst wordt gepubliceerd onder de eigen hergebruiksvoorwaarden van BWB, niet onder een licentie van Legalize of van het publieke domein.
BWB
CC0 1.0 Universeel (publiek domein)