Wet van 28 september 1989, houdende nieuwe bepalingen inzake het kiesrecht en de verkiezingen

Type Wet
Publication 2026-01-01
State In force
Source BWB
artikelen 461
Wijzigingsgeschiedenis JSON API
  • a. wordt afzonderlijk van elkaar, door twee leden van het nationaal briefstembureau of ondersteuners gedaan; en
  • b. geschiedt handmatig.
3.

Indien het briefstembureau op grond van artikel O 15, eerste lid, overgaat tot een nieuwe opneming van alle verkiezingsbescheiden, dan wel een deel daarvan, heeft de invoer, bedoeld in het eerste lid, betrekking op het proces-verbaal van de nieuwe stemopneming.

Artikel P 20b
1.

Het centraal stembureau controleert de met de programmatuur gegenereerde uitkomst van de stemming aan de hand van een door de Kiesraad op te stellen controleprotocol. Indien het centraal stembureau tot het oordeel komt dat de programmatuur niet betrouwbaar heeft gefunctioneerd en het gebrek na onderzoek niet hersteld kan worden, laat het de met de programmatuur gegenereerde uitkomst buiten beschouwing. Indien het de verkiezing van de leden van de gemeenteraad, de provinciale staten of het algemeen bestuur betreft, stelt het centraal stembureau de Kiesraad onverwijld van dit oordeel in kennis.

2.

De Kiesraad maakt het controleprotocol, bedoeld in het eerste lid, voor een verkiezing uiterlijk op de dag van de kandidaatstelling in de Staatscourant bekend.

Hoofdstuk Pa. De verkiezing van de leden van het kiescollege voor Nederlanders die geen ingezetenen zijn

Afdeling III. De verkiezing van de leden van de Eerste Kamer der Staten-Generaal

Artikel Q 7
1.

De leden van de Eerste Kamer der Staten-Generaal worden gekozen met overeenkomstige toepassing van de bij of krachtens hoofdstuk Ea gestelde bepalingen inzake de digitale ondersteuning in het verkiezingsproces.

2.

De gebruiker maakt bij de vaststelling, bedoeld in artikel U 3, gebruik van de door de Kiesraad ter beschikking gestelde uitslagprogrammatuur.

Hoofdstuk R. De inlevering van de kandidatenlijsten

§ 2. De nummering van de kandidatenlijsten

Hoofdstuk T. De stemming en de stemopneming

Hoofdstuk U. De vaststelling van de verkiezingsuitslag door het centraal stembureau

Artikel U 3a
1.

Het centraal stembureau voert in ieder geval de aantallen, bedoeld in artikel U 3, in de programmatuur in.

2.

De invoer, bedoeld in het eerste lid:

  • a. wordt afzonderlijk van elkaar, door twee leden van het centraal stembureau of ondersteuners gedaan; en
  • b. geschiedt handmatig.

Afdeling IV. Het begin van en de veranderingen in het lidmaatschap van de Tweede Kamer en de Eerste Kamer der Staten-Generaal, provinciale staten, het algemeen bestuur, de gemeenteraad en het kiescollege voor Nederlanders die geen ingezetenen zijn

§ 1. Algemene bepalingen

§ 2. Bijzondere bepalingen betreffende het begin van het lidmaatschap van provinciale staten, het algemeen bestuur en de gemeenteraad

Hoofdstuk W. De opvolging

Hoofdstuk X. Beëindiging van het lidmaatschap en tijdelijke vervanging als lid

§ 1. Algemene bepalingen inzake beëindiging van het lidmaatschap

§ 1. Algemene bepalingen inzake beëindiging van het lidmaatschap

Hoofdstuk Xa. Het begin van en de veranderingen in het lidmaatschap van het kiescollege voor Nederlanders die geen ingezetenen zijn

Afdeling V. De verkiezing van de leden van het Europees Parlement

Hoofdstuk Y. De verkiezing van de leden van het Europees Parlement

§ 3. Beëindiging van het lidmaatschap en vervanging wegens zwangerschap en bevalling of ziekte

§ 2. De verkiezing

§ 3. Het begin van en de veranderingen in het lidmaatschap

§ 4. Bijzondere bepalingen betreffende deelneming aan de verkiezingen door niet-Nederlanders die onderdanen zijn van andere lidstaten van de Europese Unie

Afdeling Va. De verkiezing van de leden van de Tweede Kamer der Staten-Generaal, van de eilandsraden, van de kiescolleges voor de Eerste Kamer, van de Eerste Kamer der Staten-Generaal en van het Europees Parlement in Bonaire, Sint Eustatius en Saba

Hoofdstuk Ya. De verkiezing van de leden van de Tweede Kamer der Staten-Generaal, van de eilandsraden, van de kiescolleges voor de Eerste Kamer, van de Eerste Kamer der Staten-Generaal en van het Europees Parlement in Bonaire, Sint Eustatius en Saba

§ 1. Algemene bepalingen

Artikel Ya 3b
1.

In afwijking van artikel Ea 7, eerste lid, stellen de Kiesraad en het bestuurscollege in onderling overleg vast of het stembureau van het openbaar lichaam en het centraal stembureau bij de vaststelling, bedoeld in de artikelen Na 26a en P 20a, gebruik maken van de door de Kiesraad ter beschikking te stellen uitslagprogrammatuur.

2.

Indien het stembureau van het openbaar lichaam en het centraal stembureau bij de vaststelling, bedoeld in het eerste lid, geen gebruik maken van de uitslagprogrammatuur, zijn hoofdstuk Ea en de artikelen uit de hoofdstukken O en P die zien op het gebruik van de uitslagprogrammatuur niet van toepassing.

§ 3. De verkiezing van de leden van de eilandsraad, het begin van en de veranderingen in het lidmaatschap van de eilandsraad en de beëindiging van het lidmaatschap en tijdelijke vervanging als lid

§ 3a. De verkiezing van de leden van het kiescollege voor de Eerste Kamer, het begin van en de veranderingen in het lidmaatschap van het kiescollege voor de Eerste Kamer en de beëindiging van het lidmaatschap en tijdelijke vervanging als lid

§ 5. De verkiezing van de leden van het Europees Parlement

§ 6. Bestuursrecht, beroeps- en overgangsbepalingen

Afdeling VI. Straf-, slot- en overgangsbepalingen

Hoofdstuk Z. Straf-, persoonsgegevens-, slot- en overgangsbepalingen

§ 1. Strafbepalingen

Artikel Z 2a

Degene die opzettelijk en wederrechtelijk de uitslagprogrammatuur binnendringt, beschadigt of de betrouwbare werking ervan beïnvloedt wordt gestraft met gevangenisstraf van ten hoogste zes jaren of een geldboete van de vierde categorie.

§ 1a. Verwerking persoonsgegevens

§ 1b. Handhaving maatregelen hoofdstuk V, paragraaf 8, Wet publieke gezondheid

§ 2. Slot- en overgangsbepalingen

Tabel. bedoeld in artikel E 1, eerste lid, van de Kieswet

Nummer van de kieskring Gebied waarover de kieskring zich uitstrekt Gemeente waar het hoofdstembureau is gevestigd
1. De provincie Groningen Groningen
2. De provincie Fryslân Leeuwarden
3. De provincie Drenthe Assen
4. De provincie Overijssel Zwolle
5. De provincie Flevoland Lelystad
6. De gemeenten Berg en Dal, Beuningen, Buren, Culemborg, Druten, Heumen, Maasdriel, Neder-Betuwe, Nijmegen, Tiel, West Betuwe, West Maas en Waal, Wijchen, Zaltbommel. Nijmegen
7. De gemeenten van de provincie Gelderland die niet tot kieskring 6 behoren. Arnhem
8. De provincie Utrecht Utrecht
9. De gemeente Amsterdam Amsterdam
10. De gemeenten Aalsmeer, Amstelveen, Beverwijk, Blaricum, Bloemendaal, Diemen, Gooise Meren, Haarlem, Haarlemmermeer, Heemskerk, Heemstede, Hilversum, Huizen, Laren, Ouder-Amstel, Uithoorn, Velsen, Wijdemeren, Zandvoort. Haarlem
11. De gemeenten van de provincie Noord-Holland die niet tot de kieskringen 9 of 10 behoren. Den Helder
12. De gemeente 's-Gravenhage en het gebied buiten Nederland. 's-Gravenhage
13. De gemeente Rotterdam Rotterdam
14. De gemeenten Alblasserdam, Albrandswaard, Barendrecht, Delft, Dordrecht, Goeree-Overflakkee, Gorinchem, Hardinxveld-Giessendam, Hendrik-Ido-Ambacht, Hoeksche Waard, Maassluis, Midden-Delfland, Molenlanden, Nissewaard, Papendrecht, Ridderkerk, Rijswijk, Schiedam, Sliedrecht, Vlaardingen, Voorne aan Zee, Westland, Zwijndrecht. Dordrecht
15. De gemeenten van de provincie Zuid-Holland die niet tot de kieskringen 12, 13 of 14 behoren. Leiden
16. De provincie Zeeland Middelburg
17. De gemeenten Alphen-Chaam, Altena, Baarle-Nassau, Bergen op Zoom, Breda, Dongen, Drimmelen, Etten-Leur, Geertruidenberg, Gilze en Rijen, Goirle, Halderberge, Hilvarenbeek, Loon op Zand, Moerdijk, Oisterwijk, Oosterhout, Roosendaal, Rucphen, Steenbergen, Tilburg, Waalwijk, Woensdrecht, Zundert. Tilburg
18. De gemeenten van de provincie Noord-Brabant die niet tot kieskring 17 behoren. 's-Hertogenbosch
19. De provincie Limburg. Maastricht
20. De openbare lichamen Bonaire, Sint Eustatius en Saba. Bonaire

Lasten en bevelen dat deze in het Staatsblad zal worden geplaatst en dat alle ministeries, autoriteiten, colleges en ambtenaren wie zulks aangaat, aan de nauwkeurige uitvoering de hand zullen houden.

Artikel A 7

De Kiesraad stelt een bestuursreglement vast en maakt het reglement na de goedkeuring, bedoeld in artikel 11 van de Kaderwet zelfstandige bestuursorganen, bekend in de Staatscourant.

Artikel A 8
1.

De Kiesraad heeft een secretaris en een ondersteunend bureau.

2.

De secretaris en de medewerkers van het bureau zijn geen lid van de Kiesraad.

3.

In afwijking van artikel 4.6, eerste lid, van de Comptabiliteitswet 2016 vertegenwoordigt de voorzitter van de Kiesraad de Staat bij het sluiten, wijzigen en beëindigen van individuele arbeidsovereenkomsten met de secretaris en de medewerkers van de Kiesraad.

Artikel A 9
1.

De Kiesraad kan personen aanwijzen die namens hem uitvoering geven aan de taak, bedoeld in artikel A 11, eerste lid.

2.

De personen, bedoeld in het eerste lid, zijn geen lid van de Kiesraad of een persoon die een functie vervult in het verkiezingsproces die onverenigbaar is met de taak, bedoeld in artikel A 11, eerste lid, en kunnen worden aangewezen, indien zij:

  • a. op de dag van de stemming de leeftijd van achttien jaar hebben bereikt;
  • b. op de dag van aanwijzing niet:
  • 1⁰. bij onherroepelijke rechterlijke uitspraak van het kiesrecht zijn ontzet;
  • 2⁰. een gekozen lid van het vertegenwoordigend orgaan waarvoor de verkiezing wordt gehouden of een kandidaat voor de verkiezing zijn, en
  • c. naar het oordeel van de Kiesraad over voldoende kennis en vaardigheden beschikken op het terrein van het verkiezingsproces.
3.

Bij ministeriële regeling kunnen regels worden gesteld over de toekenning door de Kiesraad van een vergoeding aan de personen, bedoeld in het eerste lid.

§ 3. Kwaliteitsbevordering van de uitvoering van het verkiezingsproces

Artikel A 10

In deze paragraaf en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder:

  • stembureau: elk stembureau, briefstembureau, gemeentelijk stembureau, hoofdstembureau, nationaal briefstembureau en centraal stembureau als bedoeld in deze wet.
Artikel A 11
1.

Ter bevordering van de kwaliteit van het verkiezingsproces ondersteunt de Kiesraad de burgemeester, burgemeester en wethouders, het dagelijks bestuur en een stembureau bij de uitvoering van de taken die op grond van deze wet aldaar zijn belegd.

2.

De Kiesraad stelt, na overleg met een instantie die representatief kan worden geacht voor de colleges van burgemeester en wethouders, een instantie die representatief kan worden geacht voor de dagelijkse besturen, dan wel de openbare lichamen, bedoeld in artikel Ya 2, onderdeel a, een plan op voor de wijze waarop de Kiesraad met de burgemeester, het college van burgemeester en wethouders, de dagelijkse besturen, de bestuurscolleges en de gezaghebbers van de openbare lichamen, bedoeld in artikel Ya 2, onderdeel a, en een stembureau samenwerkt en de wijze waarop de ondersteuning, bedoeld in het eerste lid, en de bevoegdheid, bedoeld in artikel A 12, worden uitgeoefend. De Kiesraad maakt het plan op een algemeen toegankelijke wijze elektronisch openbaar.

3.

Ter ondersteuning van de uitvoering van het verkiezingsproces kan de Kiesraad instructies en kwaliteitsstandaarden voor een goede uitvoering van het bepaalde bij of krachtens deze wet opstellen.

4.

In geval van onvoorziene omstandigheden gedurende de uitvoering van het verkiezingsproces kan de Kiesraad regels stellen met betrekking tot de wijze waarop de stembureaus in die omstandigheden moeten handelen. Daarbij wordt tevens de datum vastgesteld waarop deze regels vervallen. De door de Kiesraad gestelde regels behoeven de goedkeuring van Onze Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties.

5.

Bij algemene maatregel van bestuur kunnen regels worden gesteld over de wijze waarop en de voorwaarden waaronder de Kiesraad de colleges van burgemeester en wethouders, de dagelijkse besturen en de openbare lichamen betrekt bij de uitoefening van de taak, bedoeld in het eerste lid.

Artikel A 12
1.

De Kiesraad kan de voorzitter van een stembureau of een stembureau een procesaanwijzing geven, indien:

  • a. zich onregelmatigheden voordoen met betrekking tot de feitelijke gang van zaken op plaatsen of gedeelten daarvan die door een stembureau in gebruik zijn ten behoeve van de uitvoering van een verkiezing als bedoeld in deze wet, die kunnen leiden tot risico’s voor het verloop van de verkiezing of de betrouwbaarheid van de uitslag van de verkiezing, en
  • b. overleg er niet toe heeft geleid dat de onregelmatigheden en het gevaar voor de geconstateerde risico’s zijn weggenomen.
2.

Een procesaanwijzing heeft in ieder geval geen betrekking op:

  • a. de uitoefening van de taken en bevoegdheden die in deze wet aan de burgemeester, burgemeester en wethouders, dan wel het dagelijks bestuur zijn toegekend, en
  • b. de uitkomst van een vaststelling als bedoeld in de artikelen N 6, N 25, Na 18, Na 26, O 5, P 20 en T 10.
3.

Een procesaanwijzing is evenredig aan het doel waarvoor zij wordt gegeven.

4.

De Kiesraad stelt bij het geven van een procesaanwijzing een termijn waarbinnen aan de procesaanwijzing moet zijn voldaan.

5.

Ingeval van een procesaanwijzing stelt de Kiesraad de burgemeester en burgemeester en wethouders van de betreffende gemeente hiervan onmiddellijk in kennis.

Artikel A 13
1.

De Kiesraad stelt bij een verkiezing een rapportage van bevindingen op over de onregelmatigheden die door de Kiesraad zijn vastgesteld met betrekking tot de feitelijke gang van zaken op plaatsen of gedeelten daarvan die door een stembureau in gebruik zijn ten behoeve van de uitvoering van een verkiezing als bedoeld in deze wet en van de procesaanwijzingen die op grond van artikel A 12, eerste lid, zijn gegeven.

2.

De Kiesraad zendt de rapportage van bevindingen zo spoedig mogelijk na vaststelling ervan aan het betrokken vertegenwoordigend orgaan en maakt deze op algemeen toegankelijke wijze elektronisch openbaar.

Artikel A 14
1.

Indien de Kiesraad naar aanleiding van geconstateerde onregelmatigheden met betrekking tot een verkiezing die leiden tot risico’s voor de geldigheid van de stemming van oordeel is dat een nieuwe stemming als bedoeld in artikel V 6, tweede lid, in één of meer stembureaus of provincies noodzakelijk is, maakt de Kiesraad dit uiterlijk voor aanvang van het onderzoek, bedoeld in artikel V 4, eerste lid, schriftelijk aan het vertegenwoordigend orgaan kenbaar en vermeldt daarbij de stembureaus of provincies die het betreft.

2.

De Kiesraad maakt een oordeel als bedoeld in het eerste lid op algemeen toegankelijke wijze elektronisch openbaar.

Artikel A 15

Burgemeester, burgemeester en wethouders, het dagelijks bestuur, het gemeentelijk stembureau, het nationaal briefstembureau, het hoofdstembureau en het centraal stembureau verstrekken de Kiesraad desgevraagd en uit eigen beweging gegevens en inlichtingen die de Kiesraad nodig heeft voor de uitvoering van zijn taken en bevoegdheden, bedoeld in deze paragraaf.

Artikel A 16

Onverminderd artikel 20 van de Kaderwet zelfstandige bestuursorganen verstrekt de Kiesraad aan Onze Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties uit eigen beweging inlichtingen over een door de Kiesraad geconstateerde onregelmatigheid die leidt tot ernstige risico’s voor het verloop van de verkiezing of de betrouwbaarheid van de uitslag van de verkiezing.

Afdeling II. De verkiezing van de leden van de Tweede Kamer der Staten-Generaal, van provinciale staten, van de algemene besturen, van de gemeenteraden en van het kiescollege voor Nederlanders die geen ingezetenen zijn

Hoofdstuk B. Het kiesrecht

Hoofdstuk C. De zittingsduur van de leden van de Tweede Kamer der Staten-Generaal, van provinciale staten, van de algemene besturen en van de gemeenteraden

§ 3. De gemeentelijk stembureaus

§ 4. De hoofdstembureaus en het nationaal briefstembureau

§ 5. De centraal stembureaus

Hoofdstuk Ea. Digitale ondersteuning in het verkiezingsproces

Hoofdstuk F. Het tijdstip van de kandidaatstelling

Hoofdstuk G. De registratie van de aanduiding en het logo van een politieke groepering

Hoofdstuk H. De inlevering van de kandidatenlijsten

Hoofdstuk I. Het onderzoek, de nummering en de openbaarmaking van de kandidatenlijsten

§ 1. Algemene bepalingen

Artikel J 1a
1.

Burgemeester en wethouders kunnen voor stembureaus waar dat wenselijk is met het oog op de plaats waar de bureaus zitting houden bepalen dat de stemming bij deze stembureaus aanvangt op een eerder of een later tijdstip dan zeven uur dertig en eindigt op een eerder tijdstip dan eenentwintig uur. De burgemeester doet van deze tijdstippen ten minste veertien dagen voor de stemming mededeling in het gemeenteblad.

2.

Een stembureau als bedoeld in het eerste lid is op de dag van de stemming ten minste acht uur aaneengesloten geopend.

3.

De stemopneming van de stembureaus, bedoeld in het eerste lid, vindt plaats op een door burgemeester en wethouders vast te stellen en bekend te maken plaats en tijdstip, doch niet voor eenentwintig uur. De plaats en het tijdstip van de stemopneming worden bekendgemaakt in de mededeling, bedoeld in het eerste lid.

4.

Indien een stembureau als bedoeld in het eerste lid niet onmiddellijk na de stemming met de stemopneming aanvangt, vermeldt het in zijn proces-verbaal het aantal bedoeld in artikel J 25, negende lid, alsook de aantallen bedoeld in de artikelen K 11, tweede lid, en L 17, derde lid, in samenhang met artikel J 25, negende lid.

5.

Bij algemene maatregel van bestuur kunnen nadere regels worden gesteld omtrent het bepaalde in het derde en vierde lid.

§ 2. De oproeping voor de stemming

§ 3. Het stembureau

Artikel J 13a
1.

De leden van het stembureau kunnen beslissen de op grond van deze wet aan hen toebedeelde taken tijdens de stemming onderling anders te verdelen.

2.

Het eerste lid is niet van toepassing op de in de artikelen J 37 en J 38 genoemde taken.

§ 4. De inrichting van het stemlokaal

§ 8. De orde in het stemlokaal

Hoofdstuk K. Het stemmen met een kiezerspas

Hoofdstuk L. Het stemmen bij volmacht

§ 1. Algemene bepalingen

§ 2. De schriftelijke aanvraag om bij volmacht te stemmen

§ 3. Het verlenen van volmacht door overdracht van de stempas of kiezerspas aan een andere kiezer

Hoofdstuk M. Het stemmen per brief

Hoofdstuk Na. De taak van het gemeentelijk stembureau bij de totstandkoming van de verkiezingsuitslag

§ 1. Algemene bepalingen

§ 2. Controle van de processen-verbaal van de stembureaus

Afdeling III. De verkiezing van de leden van de Eerste Kamer der Staten-Generaal

Hoofdstuk Q. Algemene bepalingen

Hoofdstuk S. Het onderzoek, de nummering en de openbaarmaking van de kandidatenlijsten

Hoofdstuk T. De stemming en de stemopneming

Hoofdstuk U. De vaststelling van de verkiezingsuitslag door het centraal stembureau

§ 1. Algemene bepalingen

§ 2. De zetelverdeling

§ 3. De toewijzing van de zetels aan de kandidaten

Afdeling IV. Het begin van en de veranderingen in het lidmaatschap van de Tweede Kamer en de Eerste Kamer der Staten-Generaal, provinciale staten, het algemeen bestuur, de gemeenteraad en het kiescollege voor Nederlanders die geen ingezetenen zijn

Hoofdstuk V. Het begin van het lidmaatschap

§ 1. Algemene bepalingen

§ 2. Bijzondere bepalingen betreffende het begin van het lidmaatschap van provinciale staten, het algemeen bestuur en de gemeenteraad

Hoofdstuk W. De opvolging

Hoofdstuk X. Beëindiging van het lidmaatschap en tijdelijke vervanging als lid

§ 2. Bijzondere bepalingen inzake beëindiging van het lidmaatschap

Hoofdstuk Xa. Het begin van en de veranderingen in het lidmaatschap van het kiescollege voor Nederlanders die geen ingezetenen zijn

Afdeling V. De verkiezing van de leden van het Europees Parlement

Hoofdstuk Y. De verkiezing van de leden van het Europees Parlement

§ 1. Begripsbepalingen

§ 2. De verkiezing

§ 3. Het begin van en de veranderingen in het lidmaatschap

§ 4. Bijzondere bepalingen betreffende deelneming aan de verkiezingen door niet-Nederlanders die onderdanen zijn van andere lidstaten van de Europese Unie

§ 5. Slotbepaling

Afdeling Va. De verkiezing van de leden van de Tweede Kamer der Staten-Generaal, van de eilandsraden, van de kiescolleges voor de Eerste Kamer, van de Eerste Kamer der Staten-Generaal en van het Europees Parlement in Bonaire, Sint Eustatius en Saba

Hoofdstuk Ya. De verkiezing van de leden van de Tweede Kamer der Staten-Generaal, van de eilandsraden, van de kiescolleges voor de Eerste Kamer, van de Eerste Kamer der Staten-Generaal en van het Europees Parlement in Bonaire, Sint Eustatius en Saba

§ 1. Algemene bepalingen

§ 3. De verkiezing van de leden van de eilandsraad, het begin van en de veranderingen in het lidmaatschap van de eilandsraad en de beëindiging van het lidmaatschap en tijdelijke vervanging als lid

§ 4. De verkiezing van de leden van de Eerste Kamer der Staten-Generaal

§ 5. De verkiezing van de leden van het Europees Parlement

§ 6. Bestuursrecht, beroeps- en overgangsbepalingen

Afdeling Vb. Regels ten behoeve van het houden van verkiezingen ten tijde van een epidemie

Hoofdstuk Yb. Regels ten behoeve van het houden van verkiezingen ten tijde van een epidemie

Artikel Yb 1
1.

Indien er sprake is van een of meer op grond van de artikelen 58f tot en met 58i van de Wet publieke gezondheid bij ministeriële regeling vastgestelde maatregelen en er binnen afzienbare tijd een verkiezing zal plaatsvinden, kunnen voor die verkiezing bij koninklijk besluit een of meer bepalingen in deze afdeling van kracht worden verklaard.

2.

In het geval dat in de ministeriële regeling op grond van artikel 58e, eerste lid, onder a, van de Wet publieke gezondheid onderscheid wordt gemaakt in die zin dat er geen maatregelen gelden in het Europese deel van Nederland, Bonaire, Sint Eustatius of Saba, zijn de van kracht zijnde bepalingen uit deze afdeling niet van kracht in het betreffende deel van Nederland.

3.

De bepalingen in deze afdeling blijven van kracht zolang er sprake is van maatregelen als bedoeld in het eerste lid. Indien de dag waarop er niet langer sprake is van maatregelen als bedoeld in het eerste lid, gelegen is op of na de dag dat de termijn in artikel Yb 2 aanvangt, geldt in afwijking van de eerste zin dat de bepalingen in deze afdeling van kracht blijven tot de verkiezing is afgerond.

Artikel Yb 2

In afwijking van artikel H 4, derde lid, eerste zin, bedraagt de termijn voor het afleggen van een verklaring van ondersteuning vier weken, of zoveel korter als het aantal dagen dat deze afdeling van kracht wordt na de dag vier weken voor de dag van kandidaatstelling.

Artikel Yb 4
1.

Indien bij of krachtens artikel 58f of 58g van de Wet op de publieke gezondheid maatregelen worden genomen die van toepassing zijn op plaatsen of gedeelten daarvan die in gebruik zijn ten behoeve van de uitvoering van een verkiezing als bedoeld in de Kieswet, kan een lid van het stembureau, briefstembureau, gemeentelijk stembureau, hoofdstembureau, nationaal briefstembureau dan wel centraal stembureau de aanwijzingen geven die nodig zijn om de naleving daarvan te verzekeren.

2.

De aanwijzing dat een persoon de locatie niet mag betreden, of dat een persoon de locatie moet verlaten, kan enkel worden gegeven door de voorzitter. Artikel J 13a is niet van toepassing.

Artikel Yb 5
1.

In aanvulling op de artikelen I 4, O 19, eerste lid, en P 20, tweede lid, kunnen personen, aanwezig zijn door de zitting bij te wonen in een digitale omgeving. Daarnaast dienen geïnteresseerden de zitting op afstand te kunnen volgen door middel van een live-verbinding.

2.

Indien gewenst kunnen een of meer leden van het nationaal briefstembureau dan wel centraal stembureau de zitting in de digitale omgeving bijwonen.

3.

Een zitting als bedoeld in de artikelen I 4, O 19, eerste lid, en P 20, tweede lid, vindt slechts doorgang voor zover:

  • a. de leden zichtbaar en hoorbaar herkenbaar zijn op een zodanige wijze dat hun identiteit kan worden vastgesteld;
  • b. de andere deelnemers zichtbaar en hoorbaar kunnen zijn voor zover de voorzitter hun het woord verleent; en
  • c. de voorzitter in staat is de orde te handhaven.
4.

Indien een persoon om technische redenen niet in staat is om zijn bezwaar in de digitale omgeving zelf toe te lichten, kan hij de voorzitter verzoeken om dit namens hem te doen.

5.

Bij algemene maatregel van bestuur kunnen nadere regels worden gesteld over de digitale omgeving, de live-verbinding en de wijze waarop geïnteresseerden via de digitale omgeving bezwaren kunnen inbrengen.

Artikel Yb 6
1.

Indien gewenst kunnen een of meer leden van het hoofdstembureau de zitting bedoeld in artikel O 4 in een digitale omgeving bijwonen. Als alle leden fysiek deelnemen, vindt de zitting enkel fysiek plaats.

2.

De zitting bedoeld in het eerste lid vindt slechts doorgang voor zover:

  • a. de leden zichtbaar en hoorbaar herkenbaar zijn op een zodanige wijze dat hun identiteit kan worden vastgesteld;
  • b. de voorzitter in staat is de orde te handhaven.
3.

Bij algemene maatregel van bestuur kunnen nadere regels worden gesteld over de digitale omgeving.

Artikel Yb 7
1.

Het proces-verbaal bedoeld in artikel I 18, eerste lid, artikel O 7, tweede lid, O 20, tweede lid, dan wel artikel P 22, tweede lid, wordt achtereenvolgens door de voorzitter en alle fysiek aanwezige leden ondertekend.

2.

Een lid dat de openbare zitting in een digitale omgeving op afstand bijwoont, maakt daarin door middel van een openbare wilsuitdrukking kenbaar of de voorzitter het proces-verbaal namens hem mag ondertekenen.

Artikel Yb 8
1.

Indien de omstandigheden daartoe nopen, kunnen burgemeester en wethouders tot een dag voor de dag van de stemming een andere dan een eerder aangewezen locatie aanwijzen voor de zitting van een stembureau.

2.

Op de locatie die gelet op de in het eerste lid genoemde omstandigheden niet meer beschikbaar is, wordt bij de ingang van die locatie een kennisgeving daarvan bevestigd.

Artikel Yb 9
1.

Burgemeester en wethouders kunnen voor een stembureau, niet zijnde een stembureau als bedoeld in de artikelen J 1a, eerste lid, of J 4a, eerste lid, ook een stemlokaal aanwijzen dat uitsluitend geschikt is voor het houden van een zitting voor zover het de stemming betreft. Artikel J 1a, derde lid, is van overeenkomstige toepassing.

2.

Onverminderd het bepaalde in artikel J 4 kunnen burgemeester en wethouders voor een stembureau als bedoeld in artikel J 1a, eerste lid, ten behoeve van de stemming een stemlokaal aanwijzen waartoe de toegang wordt beperkt tot een door burgemeester en wethouders aangewezen groep personen. De stemopneming geschiedt in het openbaar.

3.

Op een stemlokaal als bedoeld in het tweede lid is artikel J 35, eerste lid, niet van toepassing.

Artikel Yb 9a
1.

Indien burgemeester en wethouders voor een of meer stembureaus een stemlokaal hebben aangewezen als bedoeld in Yb 9, tweede lid, benoemen zij tijdig voor elke verkiezing een of meer personen die als waarnemer getuige zijn van het verloop van de zitting bij deze stembureaus. Een waarnemer krijgt geen instructies betreffende de wijze waarop hij inhoud dient te geven aan zijn functie. Artikel E 4, tweede en derde lid, is van overeenkomstige toepassing.

2.

Onverminderd artikel E 4, tweede lid, kan degene die tot lid of plaatsvervangend lid van een stembureau is benoemd niet als waarnemer worden benoemd.

3.

Een waarnemer is bevoegd in het stemlokaal te vertoeven gedurende de tijd dat het stembureau in een stemlokaal zitting houdt.

4.

Onverminderd artikel J 35, tweede lid, kan een waarnemer mondeling bezwaar indienen bij het stembureau. Artikel J 35, derde lid, is van overeenkomstige toepassing.

5.

Een waarnemer brengt uiterlijk op de dag na de dag van de stemming om twaalf uur ’s middags aan de burgemeester verslag uit van zijn bevindingen betreffende het verloop van de stemming. Bij ministeriële regeling wordt voor het verslag een model vastgesteld.

6.

De artikelen Na 33, eerste lid, Na 34, eerste lid, Na 35, eerste lid en P 24, eerste lid, zijn van overeenkomstige toepassing op het verslag bedoeld in het vijfde lid.

7.

Bij ministeriële regeling kunnen nadere regels worden gesteld omtrent waarneming bij een stembureau dat gevestigd is in een stemlokaal als bedoeld in artikel Yb 9, tweede lid.

Artikel Yb 10

Voor een aanvraag als bedoeld in artikel D 3, eerste lid, een verzoek als bedoeld in de artikelen K 7 en L 9 en in aanvulling op artikel M 7, vierde lid, kunnen bij algemene maatregel van bestuur aanvullende regels worden gesteld over de identiteitsdocumenten die mogen worden gebruikt.

Artikel Yb 11

In afwijking van de artikelen J 25, eerste lid enK 11, eerste lid, en L 17, tweede lid, wordt het in artikel J 24, eerste lid, onder a, genoemde identiteitsdocument dan wel een kopie van dit document indien het artikel L 17, tweede lid, betreft, getoond aan de voorzitter van het stembureau.

Artikel Yb 12

Artikel J 1a, vierde en vijfde lid, is van overeenkomstige toepassing op een stembureau dat zitting houdt in een stemlokaal als bedoeld in artikel Yb 9.

Afdeling VI. Straf-, slot- en overgangsbepalingen

Hoofdstuk Z. Straf-, persoonsgegevens-, slot- en overgangsbepalingen

§ 1. Strafbepalingen

§ 1a. Verwerking persoonsgegevens

§ 1b. Handhaving maatregelen hoofdstuk V, paragraaf 8, Wet publieke gezondheid

§ 2. Slot- en overgangsbepalingen

Tabel. bedoeld in artikel E 1, eerste lid, van de Kieswet

Nummer van de kieskring Gebied waarover de kieskring zich uitstrekt Gemeente waar het hoofdstembureau is gevestigd
1. De provincie Groningen Groningen
2. De provincie Fryslân Leeuwarden
3. De provincie Drenthe Assen
4. De provincie Overijssel Zwolle
5. De provincie Flevoland Lelystad
6. De gemeenten Berg en Dal, Beuningen, Buren, Culemborg, Druten, Heumen, Maasdriel, Neder-Betuwe, Nijmegen, Tiel, West Betuwe, West Maas en Waal, Wijchen, Zaltbommel. Nijmegen
7. De gemeenten van de provincie Gelderland die niet tot kieskring 6 behoren. Arnhem
8. De provincie Utrecht Utrecht
9. De gemeente Amsterdam Amsterdam
10. De gemeenten Aalsmeer, Amstelveen, Beverwijk, Blaricum, Bloemendaal, Diemen, Gooise Meren, Haarlem, Haarlemmermeer, Heemskerk, Heemstede, Hilversum, Huizen, Laren, Ouder-Amstel, Uithoorn, Velsen, Wijdemeren, Zandvoort. Haarlem
11. De gemeenten van de provincie Noord-Holland die niet tot de kieskringen 9 of 10 behoren. Den Helder
12. De gemeente 's-Gravenhage en het gebied buiten Nederland. 's-Gravenhage
13. De gemeente Rotterdam Rotterdam
14. De gemeenten Alblasserdam, Albrandswaard, Barendrecht, Delft, Dordrecht, Goeree-Overflakkee, Gorinchem, Hardinxveld-Giessendam, Hendrik-Ido-Ambacht, Hoeksche Waard, Maassluis, Midden-Delfland, Molenlanden, Nissewaard, Papendrecht, Ridderkerk, Rijswijk, Schiedam, Sliedrecht, Vlaardingen, Voorne aan Zee, Westland, Zwijndrecht. Dordrecht
15. De gemeenten van de provincie Zuid-Holland die niet tot de kieskringen 12, 13 of 14 behoren. Leiden
16. De provincie Zeeland Middelburg
17. De gemeenten Alphen-Chaam, Altena, Baarle-Nassau, Bergen op Zoom, Breda, Dongen, Drimmelen, Etten-Leur, Geertruidenberg, Gilze en Rijen, Goirle, Halderberge, Hilvarenbeek, Loon op Zand, Moerdijk, Oisterwijk, Oosterhout, Roosendaal, Rucphen, Steenbergen, Tilburg, Waalwijk, Woensdrecht, Zundert. Tilburg
18. De gemeenten van de provincie Noord-Brabant die niet tot kieskring 17 behoren. 's-Hertogenbosch
19. De provincie Limburg. Maastricht
20. De openbare lichamen Bonaire, Sint Eustatius en Saba. Bonaire

Lasten en bevelen dat deze in het Staatsblad zal worden geplaatst en dat alle ministeries, autoriteiten, colleges en ambtenaren wie zulks aangaat, aan de nauwkeurige uitvoering de hand zullen houden.

De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.

Deze tekst wordt gepubliceerd onder de eigen hergebruiksvoorwaarden van BWB, niet onder een licentie van Legalize of van het publieke domein. BWB
CC0 1.0 Universeel (publiek domein)