Burgerlijk Wetboek Boek 8, Verkeersmiddelen en vervoer

Type Wet
Publication 2025-07-01
State In force
Source BWB
artikelen 874
Wijzigingsgeschiedenis JSON API
  • c. in zijn geheel is veroorzaakt door nalatigheid of een andere onrechtmatige daad van een overheid of andere autoriteit die verantwoordelijk is voor het onderhoud van verlichting of andere navigatiehulpmiddelen bij de uitoefening van die taak.
3.

Geen vordering tot vergoeding van de kosten bedoeld in het eerste lid kan tegen de geregistreerde eigenaar worden ingesteld anders dan in overeenstemming met de bepalingen van deze afdeling.

4.

Geen bepaling van dit artikel doet afbreuk aan enig recht van verhaal tegenover derden.

Artikel 657
1.

De geregistreerde eigenaar is uit hoofde van deze afdeling niet aansprakelijk voor de kosten bedoeld in artikel 656, eerste lid, indien en voor zover de aansprakelijkheid voor dergelijke kosten in strijd zou zijn met:

  • a. het Internationaal Verdrag inzake de wettelijke aansprakelijkheid voor schade door verontreiniging door olie, 1969, zoals gewijzigd;
  • b. het Internationaal Verdrag inzake aansprakelijkheid en vergoeding voor schade in verband met het vervoer over zee van gevaarlijke en schadelijke stoffen, 1996, zoals gewijzigd;
  • c. het Verdrag inzake wettelijke aansprakelijkheid op het gebied van de kernenergie, 1960, zoals gewijzigd, of het Verdrag van Wenen inzake wettelijke aansprakelijkheid voor kernschade, 1963, zoals gewijzigd; of nationaal recht dat beperking van de aansprakelijkheid voor kernschade regelt of verbiedt; of
  • d. het Internationaal Verdrag inzake de wettelijke aansprakelijkheid voor schade door verontreiniging door bunkerolie, 2001, zoals gewijzigd;

mits het desbetreffende verdrag van toepassing en van kracht is.

2.

Voor zover maatregelen uit hoofde van de Wet bestrijding maritieme ongevallen worden aangemerkt als hulpverlening overeenkomstig het op 28 april 1989 te Londen tot stand gekomen Internationaal Verdrag inzake hulpverlening, is dat verdrag van toepassing op kwesties omtrent het loon of de vergoeding verschuldigd aan de hulpverlener en met uitsluiting van de regels van deze afdeling.

Artikel 658
1.

Vorderingen tot vergoeding van kosten als bedoeld in artikel 656, eerste lid, kunnen rechtstreeks worden ingesteld tegen de verzekeraar of andere persoon die financiële zekerheid heeft gesteld ter dekking van de aansprakelijkheid van de geregistreerde eigenaar voor kosten bedoeld in artikel 656, eerste lid. In dit geval kan de verweerder, zelfs indien de geregistreerde eigenaar niet gerechtigd is zijn aansprakelijkheid te beperken, zijn aansprakelijkheid beperken tot het bedrag gelijk aan het verzekerde bedrag of het bedrag van de andere financiële zekerheid als bedoeld in artikel 26 van de Wet bestrijding maritieme ongevallen.

2.

De verweerder komen alle verweermiddelen toe welke de geregistreerde eigenaar tegen de vorderingen zou hebben kunnen aanvoeren, doch hij kan geen beroep doen op de omstandigheid dat de geregistreerde eigenaar surseance van betaling is verleend, dat ten aanzien van de geregistreerde eigenaar de schuldsaneringsregeling natuurlijke personen van toepassing is, of dat de geregistreerde eigenaar zich in staat van faillissement of vereffening bevindt. Hij kan zich voorts verweren met een beroep op het feit dat de kosten zijn veroorzaakt door opzettelijk wangedrag van de geregistreerde eigenaar zelf, doch andere verweermiddelen welke hij zou hebben kunnen aanvoeren tegen een door de geregistreerde eigenaar tegen hem ingestelde vordering komen hem niet toe.

3.

De verweerder kan de geregistreerde eigenaar steeds in het geding roepen.

Titel 7. Beperking van aansprakelijkheid voor maritieme vorderingen

III. Binnenvaartrecht

Titel 8. Het binnenschip en de zaken aan boord daarvan

Afdeling 5. Voorrechten op zaken aan boord van binnenschepen

Titel 9. Bemanning van een binnenschip

Afdeling 2. Schipper

Afdeling 2. Overeenkomst van goederenvervoer over binnenwateren

Afdeling 3. Overeenkomst van personenvervoer over binnenwateren

Titel 11. Ongevallen

Afdeling 1. Aanvaring

Afdeling 3. Avarij-grosse

Titel 12. Beperking van aansprakelijkheid van eigenaren van binnenschepen

IV. Wegvervoersrecht

Titel 13. Wegvervoer

Afdeling 1. Algemene bepalingen

Afdeling 3. Overeenkomst van personenvervoer over de weg

Titel 14. Ongevallen

V. Luchtrecht

Titel 15. Het luchtvaartuig

Afdeling 1. Rechten op luchtvaartuigen

Afdeling 3. Slotbepaling

Titel 16. Exploitatie

Afdeling 1. Algemene bepalingen

Afdeling 2. Overeenkomst van goederenvervoer door de lucht

Afdeling 3. Overeenkomst van personenvervoer door de lucht

VI. Vervoer langs spoorstaven

Titel 18. Overeenkomst van goederenvervoer over spoorwegen

Afdeling 3. Aansprakelijkheid

Afdeling 5. Onderlinge betrekkingen tussen de vervoerders

Titel 19. Ongevallen

VII. Slotbepalingen

Titel 20. Verjaring en verval

Afdeling 1. Algemene bepalingen

Afdeling 4. Overeenkomst tot het doen vervoeren van goederen

Afdeling 8. Rechtsvorderingen jegens kapitein of schipper

Afdeling 7. Rederij

Afdeling 12a. Vorderingen ter zake van kosten van het lokaliseren, markeren en opruimen van een wrak

Artikel 1833b

Het recht kosten uit hoofde van afdeling 6 van titel 6 te verhalen vervalt wanneer niet binnen drie jaar na de datum waarop het gevaar is vastgesteld in overeenstemming met afdeling 6 van titel 6 een vordering wordt ingesteld. In geen geval kunnen vorderingen echter worden ingesteld na zes jaar na de datum van het maritiem ongeval dat tot het wrak heeft geleid. Indien het maritiem ongeval bestaat uit een reeks feiten, loopt de termijn van zes jaar vanaf de datum van het eerste feit.

Afdeling 13. Luchtrecht

Algemene Slotbepaling

Artikel 53

Dit onderdeel is nog niet inwerking getreden

Afdeling 3. Overeenkomst tot het doen vervoeren van goederen

Afdeling 4. Overeenkomst van personenvervoer

Afdeling 5. Overeenkomst tot binnenlands openbaar personenvervoer

Afdeling 6. Overeenkomst van gecombineerd vervoer van personen

II. Zeerecht

Titel 3. Het zeeschip en de zaken aan boord daarvan

Afdeling 1. Rederij van het zeeschip

Afdeling 2. Rechten op zeeschepen

Artikel 194a
1.

Teboekstelling van een afgebouwd zeeschip, niet zijnde een zeevissersschip, kan slechts plaatsvinden indien voldaan wordt aan de volgende vereisten:

  • a. het zeeschip is eigendom van een of meer:
  • 1°. natuurlijke personen die de nationaliteit bezitten van een lidstaat van de Europese Unie, van een andere staat die partij is bij de Overeenkomst betreffende de Europese Economische Ruimte, van Zwitserland of die worden gelijkgesteld met Europese onderdanen ingevolge het van het Unierecht afgeleide recht;
  • 2°. vennootschappen waarop het recht van een lidstaat van de Europese Unie, van een van de landen, eilanden of gebieden, bedoeld in artikel 355, eerste lid, tweede lid, eerste volzin, derde en vierde lid, alsmede vijfde lid, onderdeel c, van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie, van een andere staat die partij is bij de Overeenkomst betreffende de Europese Economische Ruimte of van Zwitserland toepasselijk is;
  • 3°. rechtspersonen, niet zijnde een vennootschap als bedoeld in subonderdeel 2, waarop het recht van een lidstaat van de Europese Unie, van een van de landen, eilanden of gebieden, bedoeld in artikel 355, eerste lid, tweede lid, eerste volzin, derde en vierde lid, alsmede vijfde lid, onderdeel c, van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie, van een andere staat die partij is bij de Overeenkomst betreffende de Europese Economische Ruimte of van Zwitserland toepasselijk is;
  • 4°. natuurlijke personen, vennootschappen of rechtspersonen niet bedoeld in subonderdelen 1, 2, onderscheidenlijk 3, die aanspraak kunnen maken op het Europese recht van vrije vestiging ingevolge een overeenkomst tussen de Europese Unie en een derde staat;
  • c. een of meer natuurlijke personen die in Nederland kantoor houden zijn namens de eigenaar verantwoordelijk voor het schip, de kapitein en de overige leden van de bemanning, alsmede voor de daarmee verband houdende aangelegenheden en zijn dienaangaande alleen of tezamen beslissingsbevoegd en beschikken over vertegenwoordigingsbevoegdheid, en
  • d. een of meer van deze natuurlijke personen of, bij verhindering, een plaatsvervanger is bij voortduring bereikbaar en beschikt over bevoegdheden om onverwijld te kunnen handelen in situaties waarin dat geboden is.
2.

Ingeval een schip eigendom is van een natuurlijke persoon die tevens kapitein is van dat schip kan teboekstelling van een afgebouwd zeeschip slechts plaatsvinden indien wordt voldaan aan het eerste lid, onderdeel a, subonderdelen 1 of 4, en onderdeel b, en er in Nederland aan de wal een vertegenwoordiger van die eigenaar is die bij voortduring bereikbaar is en beschikt over bevoegdheden om onverwijld te kunnen handelen in situaties waarin dat geboden is.

3.

Ingeval de eigenaar de verantwoordelijkheid voor het beheer van zijn schip overdraagt aan een vennootschap als bedoeld in het eerste lid, deel a, subonderdelen 2 of 4, en het beheer van dat schip voor rekening van de eigenaar geschiedt, kan teboekstelling van een afgebouwd zeeschip slechts plaatsvinden indien die vennootschap voldoet aan de vereisten, bedoeld in het eerste lid, onderdelen b tot en met d. De eigenaar behoeft in dat geval niet te voldoen aan het eerste lid, onderdelen b tot en met d. Indien de eigenaar niet voldoet aan het eerste lid, onderdeel b, kiest hij woonplaats ten kantore van de vestiging in Nederland van de vennootschap waaraan het beheer is overgedragen.

4.

Een afgebouwd zeeschip dat uitsluitend anders dan in de uitoefening van een beroep of bedrijf wordt gebruikt, kan te boek worden gesteld indien wordt voldaan aan het eerste lid, onderdeel a, subonderdelen 1, 3 of 4, en er in Nederland aan de wal een natuurlijk persoon is met voldoende volmacht van de eigenaar om onverwijld te kunnen handelen in situaties waarin dat geboden is.

Afdeling 3. Voorrechten op zeeschepen

Afdeling 4. Voorrechten op zaken aan boord van zeeschepen

Afdeling 5. Slotbepalingen

Titel 5. Exploitatie

Afdeling 1. Algemene bepalingen

Artikel 367

Dit onderdeel is nog niet inwerking getreden

Afdeling 2. Overeenkomst van goederenvervoer over zee

Artikel 369

Dit onderdeel is nog niet inwerking getreden

Afdeling 3. Overeenkomst van personenvervoer over zee

Titel 6. Ongevallen

Afdeling 1. Aanvaring

Afdeling 2. Hulpverlening

Afdeling 5. Aansprakelijkheid voor schade door verontreiniging door bunkerolie

Paragraaf 1. algemene bepalingen en toepassingsgebied

Paragraaf 3. verplichte verzekering

Paragraaf 4. beroep

Afdeling 6. Aansprakelijkheid voor de kosten van het lokaliseren, markeren en opruimen van een wrak

Titel 7. Beperking van aansprakelijkheid voor maritieme vorderingen

III. Binnenvaartrecht

Titel 8. Het binnenschip en de zaken aan boord daarvan

Afdeling 1. Rederij van het binnenschip

Afdeling 2. Rechten op binnenschepen

Afdeling 3. Huurkoop van teboekstaande binnenschepen

Titel 10. Exploitatie

Afdeling 1. Algemene bepaling

Afdeling 2. Overeenkomst van goederenvervoer over binnenwateren

Afdeling 3. Overeenkomst van personenvervoer over binnenwateren

Afdeling 4. Enige bijzondere overeenkomsten

Titel 11. Ongevallen

Afdeling 2. Hulpverlening

Afdeling 4. Gevaarlijke stoffen aan boord van een binnenschip

IV. Wegvervoersrecht

Titel 13. Wegvervoer

Afdeling 1. Algemene bepalingen

Afdeling 3. Overeenkomst van personenvervoer over de weg

Afdeling 4. Verhuisovereenkomst

Titel 14. Ongevallen

Afdeling 1. Gevaarlijke stoffen aan boord van een voertuig

V. Luchtrecht

Titel 15. Het luchtvaartuig

Afdeling 1. Rechten op luchtvaartuigen

Afdeling 3. Slotbepaling

Titel 16. Exploitatie

Afdeling 2. Overeenkomst van goederenvervoer door de lucht

VI. Vervoer langs spoorstaven

Afdeling 2. Sluiting en uitvoering van de vervoerovereenkomst

Afdeling 3. Aansprakelijkheid

Titel 19. Ongevallen

Afdeling 1. Aansprakelijkheid voor spoorvoertuigen en spoorweginfrastructuur

Afdeling 2. Gevaarlijke stoffen aan boord van een spoorrijtuig

VII. Slotbepalingen

Titel 20. Verjaring en verval

Afdeling 2. Goederenvervoer

Afdeling 3. Bijzondere exploitatieovereenkomsten

Afdeling 12. Gevaarlijke stoffen aan boord van een zeeschip, een binnenschip, een voertuig en een spoorvoertuig

Afdeling 12a. Vorderingen ter zake van kosten van het lokaliseren, markeren en opruimen van een wrak

Afdeling 13. Luchtrecht

Algemene Slotbepaling

De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.

Deze tekst wordt gepubliceerd onder de eigen hergebruiksvoorwaarden van BWB, niet onder een licentie van Legalize of van het publieke domein. BWB
CC0 1.0 Universeel (publiek domein)