Besluit vaststelling selectielijst neerslag handelingen beleidsterrein Gewasbescherming vanaf 1945 (Minister van Verkeer en Waterstaat)
Grondslag: Beschikking 5 augustus 1986 wijziging beschikking toelating bestrijdingsmiddelen art. 1 lid 2
Product: Benoeming leden College toelating bestrijdingsmiddelen 24 december 1992, Stcrt. 252
Wijziging samenstelling College voor de Toelating van Bestrijdingsmiddelen 27 augustus 1993, Stcrt. 169
Beëindiging benoeming als lid College voor de Toelating van Bestrijdingsmiddelen 29 september 1993, Stcrt. 194
Benoeming tot plaatsvervangend lid College voor de Toelating van Bestrijdingsmiddelen 10 januari 1994, Stcrt. 10, idem 10 februari 1994, Stcrt. 37
Waardering: V, 2 jaar na einde benoeming (documenten waaruit pensioenaanspraken volgen: 75 jaar na geboorte)
Handeling: Het stellen van regels omtrent de werkwijze van het College Toelating Bestrijdingsmiddelen
Periode: 1980–
Grondslag: Regeling toelating bestrijdingsmiddelen 1980 art. 1 lid 6
Product: Wijziging beschikking toelating bestrijdingsmiddelen 24 december 1992, Stcrt. 252 met vermelding leden
Waardering: B 5
Handeling: Het aanwijzen van onderzoekende instanties waar op verzoek van het College Toelating Bestrijdingsmiddelen onderzoek overeenkomstig Richtlijn van de Raad van 18 december 1986 87/18/EEG (Pb EG L 15) wordt verricht inzake de aanvraag toelating bestrijdingsmiddelen
Periode: 1980–
Grondslag: Regeling toelating bestrijdingsmiddelen 1980 art. 1 lid 11
Opmerking: De onderzoekende instanties zijn: de Plantenziektenkundige Dienst (PD), het Rijksinstituut voor de Minister van Volksgezondheid Welzijn en Sport (VWS) en Milieuhygiëne, het Toegepast Natuurwetenschappelijk Onderzoek en de Afdeling Bestrijding van Dierplagen
De instanties overleggen aan het CTB het resultaat van een onderzoek met een verklaring dat het onderzoek volgens de Richtlijn is verricht.
Waardering: B 5
Handeling: Het vaststellen van aanvraagformulieren tot toelating van een bestrijdingsmiddel
Periode: 1980–
Grondslag: Beschikking toelating bestrijdingsmiddelen bijlagen art. 2
Beschikking vaststelling aanvraagformulieren tot toelating van een bestrijdingsmiddel, Stcrt. 222/1991
Product: Wijziging Beschikking toelating bestrijdingsmiddelen 31 januari 1994, Stcrt. 24
Waardering: V, 5 jaar na vervallen regeling:
Handeling: Het kunnen geven van aanwijzingen aan het college van algemene aard
Periode: 1993–
Grondslag: Mandaatregeling College toelating bestrijdingsmiddelen van 24 december 1992, Stcrt. 252
Opmerking: Dergelijke aanwijzingen kunnen betreffen de normen en criteria die worden gebruikt bij de beoordeling van aanvragen, het opvullen van lancunes hierin, richtlijnen omtrent de duur van toelatingen en verlengingen en een prioriteitsstelling zoals deze voortvloeit uit het Meerjarenplan Gewasbescherming
Waardering: B 5
Handeling: Het intrekken van de Beschikking samenstelling Bestrijdingsmiddelencommissie 1962
Periode: 1993–
Grondslag: Regeling samenstelling Bestrijdingsmiddelencommissie 1993 art. 3
Waardering: B 5
Handeling: Het vaststellen van het reglement van de Bestrijdingsmiddelencommissie
Periode: 1994–
Grondslag: Besluit werkwijze Bestrijdingsmiddelencommissie 1994 art. 6
Waardering: B 4
Handeling: Het vaststellen van modellen betreffende waarschuwingstekens voor objecten
Periode: 1984–
Grondslag: Besluit luchtvaarttoepassingen bestrijdingsmiddelen 1984 art. 2 lid 1
Waardering: V, 5 jaar na vervallen regeling
Handeling: Het stellen van nadere regels betreffende het plaatsen van waarschuwingstekens op objecten
Periode: 1984–
Grondslag: Besluit luchtvaarttoepassingen bestrijdingsmiddelen 1984 art. 2 lid 2
Waardering: V, 5 jaar na vervallen regeling
Handeling: Het bepalen van het minimum oppervlakte van een te bestrijden object
Periode: 1984–
Grondslag: Besluit luchtvaarttoepassingen bestrijdingsmiddelen 1984 art. 4 lid 1c
Waardering: B 5
Handeling: Het bepalen van de minimumafstand tussen het te bestrijden object en een beschermd natuurgebied
Periode: 1984–
Grondslag: Besluit luchtvaarttoepassingen bestrijdingsmiddelen 1984 art. 4 lid 1e
Product: Uitvoeringsbeschikking art. 4 Besluit luchtvaartuigtoepassingen bestrijdingsmiddelen 1984
Waardering: B 5
Handeling: Het stellen van nadere regels omtrent de wijze waarop en de hulpmiddelen waarmee de toepassing van bestrijdingsmiddelen met behulp van luchtvaartuigen wordt uitgevoerd en de bebakening van het object
Periode: 1984–
Grondslag: Besluit luchtvaarttoepassingen bestrijdingsmiddelen 1984 art. 4 lid 3
Waardering: B 5
Handeling: Het stellen van nadere regels over de inrichting van een register waarin melding wordt gedaan over de toepassing van bestrijdingsmiddelen met behulp van een luchtvaartuig
Periode: 1984–
Grondslag: Besluit luchtvaarttoepassingen bestrijdingsmiddelen 1984 art. 5 lid 3
Waardering: B 5
Handeling: Het verlenen van ontheffingen en vrijstellingen en het treffen van spoedeisende voorzieningen omtrent het gebruik van bestrijdingsmiddelen met behulp van luchtvaartuigen
Periode: 1984–
Grondslag: Besluit luchtvaarttoepassingen bestrijdingsmiddelen 1984 art. 7
Waardering: V, 5 jaar
Handeling: Het bij beschikking vaststellen van de zuiverheidseisen bij de toelating van bestrijdingsmiddelen
Periode: 1980–
Grondslag: Beschikking 22 februari 1980, Stcrt. 43 art. 1
Product: Beschikking van 21 okt. 1987, Stcrt. 207 en 218
Beschikking van 21 okt. 1988, Stcrt. 208
Beschikking van 12 maart 1992, Stcrt. 14
Waardering: B 5
Handeling: Het kunnen afkeuren van een indeling van bestrijdingsmiddelen welke gedaan is volgens een in de Richtlijn van de Raad van de Europese Gemeenschap gegeven berekening
Periode: 1980–
Grondslag: Beschikking samenstelling, indeling, verpakking en etikettering bestrijdingsmiddelen van 22 februari 1980, nr. J 3633, Stcrt. nr. 43
Waardering: B 5
Handeling: Het aanwijzen van ambtenaren belast met de opsporing van overtredingen van de Bestrijdingsmiddelenwet
Periode: 1978–
Grondslag: Aanwijzing opsporingsambtenaren 1978 lid 1
Product: Aanwijzing opsporingsambtenaren 1986
Waardering: V, 1 jaar na geldigheidsduur van de aanwijzing
Handeling: Het mede opstellen van richtlijnen, beschikkingen en verordeningen van de Raad van Europese Gemeenschap
Periode: 1966–
Bron: Interview
Product: Richtlijn van de Raad van Europese Gemeenschappen van 23 november 1976 76/895 EEG PB. 9 december no. L 340/26 in verband met de vaststelling van de maximale hoeveelheden residuen van bestrijdingsmiddelen in en op groenten en fruit
Toetredingsakte Griekenland Pb. 1979, L 291/66
Richtlijn 80/428 van de Commissie van 28 maart 1980 Pb. 1980, L 102/26
Richtlijn 81/36 van de Raad van 9 februari 1981 Pb. 1981, L 46/33
Richtlijn 82/528 van de Raad van 19 juli 1982 Pb. 1982, L 234/1
Richtlijn 88/298 van de Raad van 16 mei 1988 Pb. 1988 L 156/53
Richtlijn 89/186 van de Raad van 6 maart 1989 Pb. EG L 66/36
Richtlijn 93/58 van de Raad van 29 juni 1993 Pb. EG L 211/6
Richtlijn van de Raad van 21 december 1978 79/117/EEG (Publikatieblad van de EG van 8 februari 1979, nr. L 33/36) houdende verbod van het op de markt brengen en het gebruik van bestrijdingsmiddelen bevattende bepaalde actieve stoffen
Richtlijn nr. 83/131 van de commissie van 14 maart 1983 (Pb. 1983, L 91/35) uitvoering uiterlijk 1 oktober 1984
Richtlijn nr. 85/298 van de commissie van 22 mei 1985 (Pb.1985, L 154/48) uitvoering uiterlijk 1 januari 1986
Richtlijn nr. 86/214 van de Raad van 26 mei 1986 (Pb. 1986, L 212/45)
Richtlijn nr. 86/355 van de Raad van 21 juli 1986 (Pb 1986, L212/33)
Richtlijn nr. 87/181 van de Raad van 9 maart 1987 (Pb nr.1987, L71/33)
Richtlijn nr. 07/477/EEG van de commissie van 9 september 1987 (Pb EG L 273/40)
Richtlijn nr. 89/365/EEG van de Raad van 30 mei 1989 (Pb EG L 159/58)
Richtlijn nr. 90/335/EEG van de commissie van 7 juni 1990 (Pb EG L 162/37)
Richtlijn nr. 90/533/EEG van de Raad van 15 oktober 1990 (Pb EG L 296/63)
Richtlijn nr. 91/188/EEG van de commissie van 19 maart 1991 (Pb EG L 92/42)
Richtlijn van de Raad van 24 juli 1986 tot vaststelling van maximumgehalten aan residuen van bestrijdingsmiddelen in en op granen (86/362/EEG) (Pb 1986, EG L 221/37)
Richtlijn nr. 88/298 van de Raad van 16 mei 1988 (Pb 1988,nr.L 126/53)
Richtlijn nr. 93/57 van de Raad van 29 juni 1993 (Pb 1993,nr.L 211/1)
Richtlijn van de Raad van 24 juli 1986 tot vaststelling van maximumgehalten aan residuen van bestrijdingsmiddelen in en op levensmiddelen van dierlijke oorsprong (86/363/EEG) Pb van de EG van 7 augustus 1986, nr. L 221/43
Richtlijn nr. 93/57 van de Raad van 29 juni 1993 (Pb 1993, nr. L 211/1)
Richtlijn van de Raad van 26 juni 1978 betreffende de onderlinge aanpassing van de wettelijke bepalingen in de Lid-Staten inzake de indeling, de verpakking en de kenmerken van gevaarlijke preparaten (78/631/EEG (Pb nr.1978, EG L 205/13
Richtlijn nr. 79/831 van de Raad van 18 september 1979 (Pb.1979, L 259/10
Richtlijn nr. 81/87 van de Raad van 26 maart 1981 (Pb.1981, L 88/29)
Richtlijn nr. 84/291 van de Commissie van 18 april 1984 (Pb. 1984, L 144/1)
Richtlijn nr. 92/32/EEG van de Raad van 30 april 1992 (Pb.1992, L 154/1)
Richtlijn van de Raad van de Europese Gemeenschappen van 18 december 1986 betreffende de onderlinge aanpassing van de wettelijke en bestuursrechtelijke bepalingen inzake de toepassing van de beginselen van goede laboratoriumpraktijken en het toezicht op de toepassing ervan voor tests op chemische stoffen (87/18/EEG) PB van de EEG van 17 januari 1987, no. L 15/29
Richtlijn van de Raad van de Europese Gemeenschappen van 9 juni 1988 inzake de inspectie en de verificatie van de goede laboratoriumpraktijken (GLP)(88/320/EEG) Pb van de EG van 11 juni 1988, nr. 145/36
Beschikking van 6 maart 1989 PB EG L 66/37, van de Raad van de Europese Gemeenschappen tot vaststelling van de bevoegdheden en de voorwaarden voor de vervulling van de taken van de cummunautaire referentielaboratoria voorzien in Richtlijn 86/469/EEG inzake het onderzoek van dieren en vers vlees op de aanwezigheid van residuen (87/187/EEG)
Richtlijn van 27 november 1990, Pb EG 14 december 1990, nr. L 350/71 van de Raad tot vaststelling van maximumgehalten aan residuen van bestrijdingsmiddelen in en op bepaalde producten van plantaardige oorsprong, met inbegrip van groente en fruit (90/642/EEG)
Richtlijn 98/58 van de Raad van 29 juni 1993 (Pb 1993, L 211/6)
Richtlijn van 15 juli 1991, PB EG 19 augustus 1991, nr. L230, van de Raad betreffende het op de markt brengen van gewasbeschermingsmiddelen (91/414/EEG), zoals gerectificeerd in PB EG L 170/40
Richtlijn 93/71/EEG van de commissie van 27 juli 1993 (Pb EG L 221/27)
Verordening (EEG) van 11 december 1992 nr.3600/92 van de Commissie houdende bepalingen voor de uitvoering van de eerste fase van het werkprogramma als bedoeld in artikel 8, lid 2 van de Richtlijn 91/414/EEG van de Raad betreffende het op de markt brengen van gewasbeschermingsmiddelen
Waardering: B 1
Handeling: Het uitzonderen van bestrijdingsmiddelen waarvoor een verbod geldt verpakkingen of resten te verwijderen
Periode: 1975–1983
Grondslag: Besluit van 13 juni 1975, Stb. 364 art. 13 lid 3
Opmerking: Handeling is vervallen n.a.v. Besluit van 7 september 1983, Stb. 549
Waardering: B 5
Handeling: Het vaststellen van modellen betreffende waarschuwingstekens voor objecten
Periode: 1984–
Grondslag: Besluit luchtvaarttoepassingen bestrijdingsmiddelen 1984 art. 2 lid 1
Waardering: V, 5 jaar na vervallen regeling
Handeling: Het stellen van nadere regels betreffende het plaatsen van waarschuwingstekens op objecten
Periode: 1984–
Grondslag: Besluit luchtvaarttoepassingen bestrijdingsmiddelen 1984 art. 2 lid 2
Waardering: V, 5 jaar na vervallen regeling
Handeling: Het bepalen van het minimum oppervlakte van een te bestrijden object
Periode: 1984–
Grondslag: Besluit luchtvaarttoepassingen bestrijdingsmiddelen 1984 art. 4 lid 1c
Waardering: B 5
Handeling: Het bepalen van de minimumafstand tussen het te bestrijden object en een beschermd natuurgebied
Periode: 1984–
Grondslag: Besluit luchtvaarttoepassingen bestrijdingsmiddelen 1984 art. 4 lid 1e
Product: Uitvoeringsbeschikking art. 4 Besluit luchtvaartuigtoepassingen bestrijdingsmiddelen 1984
Waardering: B 5
Handeling: Het stellen van nadere regels omtrent de wijze waarop en de hulpmiddelen waarmee de toepassing van bestrijdingsmiddelen met behulp van luchtvaartuigen wordt uitgevoerd en de bebakening van het object
Periode: 1984–
Grondslag: Besluit luchtvaarttoepassingen bestrijdingsmiddelen 1984 art. 4 lid 3
Waardering: B 5
Handeling: Het stellen van nadere regels over de inrichting van een register waarin melding wordt gedaan over de toepassing van bestrijdingsmiddelen met behulp van een luchtvaartuig
Periode: 1984–
Grondslag: Besluit luchtvaarttoepassingen bestrijdingsmiddelen 1984 art. 5 lid 3
Waardering: B 5
Handeling: Het verlenen van ontheffingen en vrijstellingen en het treffen van spoedeisende voorzieningen omtrent het gebruik van bestrijdingsmiddelen met behulp van luchtvaartuigen
Periode: 1984–
Grondslag: Besluit luchtvaarttoepassingen bestrijdingsmiddelen 1984 art. 7
Waardering: V, 10 jaar.
De Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap is belast met de uitvoering van dit besluit dat met de daarbij behorende selectielijst en toelichting in de Staatscourant zal worden geplaatst.
De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.
Deze tekst wordt gepubliceerd onder de eigen hergebruiksvoorwaarden van BWB, niet onder een licentie van Legalize of van het publieke domein.
BWB
CC0 1.0 Universeel (publiek domein)