Regeling van de Minister van Economische Zaken van 28 februari 2008, nr. WJZ 8024263, tot vaststelling van algemene uitvoeringsregels voor de subsidieverstrekking op grond van het Besluit stimulering duurzame energieproductie (Algemene uitvoeringsregeling stimulering duurzame energieproductie)
- k. indien de aanvraag betrekking heeft op een productie-installatie voor de productie van hernieuwbare elektriciteit door middel van windenergie met hoogtebeperking, een onderbouwing dat er op de locatie van de productie-installatie sprake is van een hoogterestrictie waardoor de tiphoogte van de windturbine beperkt is tot 150 meter of lager;
- l. indien de aanvraag betrekking heeft op een productie-installatie voor de productie van waterstof, waarbij sprake is van levering van waterstof aan derden, een verklaring van de intentie van afname door die derden;
- m. indien de aanvraag betrekking heeft op een productie-installatie voor de productie van hernieuwbare elektriciteit, hernieuwbare warmte of koolstofdioxide-arme warmte uit zonne-energie, anders dan zonthermie voor warmte met toepassing in een daglichtkas, waarbij sprake is van plaatsing op daken of bevestiging aan gevels, een verklaring van een constructeur over de belastbaarheid van het dak of de gevel volgens het Besluit bouwwerken leefomgeving met gebruikmaking van het middel dat door de minister beschikbaar wordt gesteld;
- n. indien de aanvraag betrekking heeft op een productie-installatie voor de productie van hernieuwbare elektriciteit uit zonne-energie, waarbij het dak van een bestaand gebouw constructief wordt aangepast of een draagconstructie wordt toegepast die het dak ontlast en waarbij deze constructieve aanpassing noodzakelijk is voor de realisatie van de productie-installatie, danwel bij het gebruik van het dak van een bestaand gebouw gebruik wordt gemaakt van een productie-installatie met een maximaal gewicht van 10 kilogram per vierkante meter bedekt dakoppervlak, een verklaring van een constructeur over de belastbaarheid van het dak of de gevel volgens de normen van het Besluit bouwwerken leefomgeving met gebruikmaking van het middel dat door de minister beschikbaar wordt gesteld;
- o. indien de aanvraag betrekking heeft op een productie-installatie voor de productie van hernieuwbare warmte, hernieuwbare elektriciteit en hernieuwbare warmte of koolstofdioxide-arme warmte, waarbij sprake is van een melding als bedoeld in artikel 12b, eerste lid, van de Warmtewet, een kopie van deze melding.
Het geologisch rapport, bedoeld in het eerste lid, onderdeel d, voldoet aan het model ‘Specificaties geologisch onderzoek voor geothermieprojecten - rapportagevereisten SDE+ en RNES’ van 18 april 2017 van TNO zoals gepubliceerd op de website van de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland.
De windenergie-opbrengstberekening, bedoeld in het eerste lid, onderdelen e en f, is opgesteld door een organisatie met expertise op het gebied van windenergie-opbrengstberekeningen, met gebruikmaking van gerenommeerde rekenmodellen, omgevingsmodellen, windmodellen en windkaarten en bevat ten minste:
- a. de locatiegegevens van het windpark;
- b. de technische specificaties waaronder merk, type, ashoogte, rotordiameter en vermogenscurve van de beoogde windturbines;
- c. de lokale windgegevens voor het windpark, en
- d. een berekening van de P50-waarde voor de netto elektriciteitsproductie op jaarbasis van het windpark.
Bij de berekening van de P50-waarde, bedoeld in het derde lid, onderdeel d, zijn voor wat betreft de productie-installatie voor de productie van hernieuwbare elektriciteit door middel van windenergie op zee de beschikbaarheid, zogeffecten, elektriciteitsverliezen, en terugregelverliezen opgenomen en is de organisatie met expertise op het gebied van windenergie-opbrengstberekeningen, bedoeld in het derde lid, onafhankelijk.
Bij de berekening van de P50-waarde, bedoeld in het derde lid, onderdeel d, wordt voor wat betreft de productie-installatie voor de productie van hernieuwbare elektriciteit door middel van windenergie, niet zijnde windenergie op zee, voor de windenergie-opbrengstberekening per windturbinelocatie op de beoogde ashoogte de beschikbaarheid, zogeffecten, elektriciteitsverliezen, eigen consumptie, turbinerendement, terugregelverliezen en een berekende windsnelheid opgenomen, waarbij de berekende windsnelheid:
- a. gebaseerd is op de omgevingseffecten en lokale windgegevens voor de windturbinelocatie over een aaneengesloten periode van minimaal 10 jaar; en
- b. niet hoger is dan de gemiddelde windsnelheid volgens een middel dat door de minister ter beschikking wordt gesteld.
De zonne-energieopbrengstberekening, bedoeld in het eerste lid, onderdeel g, is gebaseerd op een gemiddelde jaarlijkse instraling op een horizontaal vlak van ten hoogste 1.000 kWh per m2 en bevat ten minste:
- a. technische specificaties van de zonnepanelen, waaronder minimaal het piekvermogen en het aantal panelen;
- b. technische specificaties van het automatische zonvolgsysteem, waaronder minimaal een beschrijving of verstelling van de hellingshoek, verstelling in oost-westoriëntatie of verstelling van de hellingshoek en verstelling in oost-westoriëntatie van de zonnepanelen wordt toegepast;
- c. het totale vermogen van omvormers en het aansluitvermogen van de netaansluiting;
- d. verliezen ten gevolge van reflectie, schaduwwerking, vervuiling en degradatie van de zonnepanelen; en
- e. een berekening van gemiddelde netto elektriciteitsproductie op jaarbasis, rekening houdend met de verliezen, bedoeld in onderdeel d, over een periode van 15 jaar van het zonne-energiesysteem.
Artikel 2c
Indien de aanvraag betrekking heeft op een productie-installatie voor de productie van hernieuwbare elektriciteit door middel van windenergie op zee worden bij de aanvraag tevens de volgende gegevens toegevoegd:
- a. indien de aanvrager een samenwerkingsverband betreft een door elke deelnemer ondertekende verklaring van deelname aan het samenwerkingsverband;
- b. de meest recent vastgestelde jaarrekening van de aanvrager, diens moederonderneming, de deelnemers aan het samenwerkingsverband of hun moederondernemingen waarbij de jaarrekening betrekking heeft op een jaar dat ten hoogste drie kalenderjaren voor het jaar waarin de aanvraag wordt ingediend;
- c. de bescheiden waarmee voldoende aannemelijk wordt gemaakt dat aan het van toepassing zijnde kavelbesluit wordt voldaan, en
- d. het projectplan waaruit de voornemens van de aanvrager blijken inzake de wijze waarop en de partijen waardoor de productie-installatie wordt gerealiseerd en geëxploiteerd.
§ 3. Nadere verplichtingen van de subsidie-ontvanger
§ 3.1. Algemene verplichtingen
§ 3.2. Verplichtingen gebruik vaste en gasvormige biomassa
§ 3.3. Verplichtingen vergisting en co-vergisting van dierlijke meststoffen
§ 5. Subsidievaststelling
§ 6. Overige bepalingen
§ 6. Overige bepalingen
Bijlage 1. behorende bij artikel 3, derde lid, van de Algemene uitvoeringsregeling stimulering duurzame energieproductie
Oordeel
Toelichting
Bijlage 2. behorende bij artikel 6, eerste lid, van de Algemene uitvoeringsregeling stimulering duurzame energieproductie
Vervallen
Bijlage 3. behorende bij artikel 7, vierde lid, van de Algemene uitvoeringsregeling stimulering duurzame energieproductie
Vervallen
Bijlage 4. , behorende bij artikel 7 van de Algemene uitvoeringsregeling stimulering duurzame energieproductie
Vervallen
Bijlage 5. behorende bij artikel 10 van de Algemene uitvoeringsregeling stimulering duurzame energieproductie
6. Algemene informatie
7. Opmerkingen
8. Ondertekening
Bijlage 6. behorende bij artikel 7e, eerste lid van de Algemene uitvoeringsregeling stimulering duurzame energieproductie
Vervallen
Bijlage 7. behorende bij artikel 2, tweede lid, onder d, van de Algemene uitvoeringsregeling stimulering duurzame energieproductie
Vervallen
Toelichting
U presenteert:
Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst met uitzondering van de bijlagen, die ter inzage worden gelegd bij SenterNovem, Dokter van Deenweg 108, 8025 BK Zwolle.
Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst met uitzondering van de bijlagen, die ter inzage worden gelegd bij SenterNovem, Dokter van Deenweg 108, 8025 BK Zwolle.
Bijlage 1a
Vervallen
3. Dossiergegevens
Bijlage 8. behorende bij artikel 7d van de Algemene uitvoeringsregeling stimulering duurzame energieproductie en klimaattransitie
Bijlage 7. behorende bij artikel 2, tweede lid, onder d, van de Algemene uitvoeringsregeling stimulering duurzame energieproductie
Vervallen
Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst met uitzondering van de bijlagen, die ter inzage worden gelegd bij SenterNovem, Dokter van Deenweg 108, 8025 BK Zwolle.
§ 4. Voorschotten
§ 5. Subsidievaststelling
§ 6. Overige bepalingen
§ 4. Voorschotten
Bijlage 1. behorende bij artikel 3, derde lid, van de Algemene uitvoeringsregeling stimulering duurzame energieproductie
Stimuleringsregeling duurzame energieproductie (SDE)
Bijlage 1 behorende bij artikel 3, derde lid, van de Algemene uitvoeringsregeling stimulering duurzame energieproductie
7. Opmerkingen
2. Correspondentieadres:
7. Ondertekening meetbedrijf
Bijlage 6. behorende bij artikel 7e, eerste lid van de Algemene uitvoeringsregeling stimulering duurzame energieproductie
Vervallen
Bijlage 9. behorende bij de artikelen 7e, 7f en 7k van de Algemene uitvoeringsregeling stimulering duurzame energieproductie en klimaattransitie
Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst met uitzondering van de bijlagen, die ter inzage worden gelegd bij SenterNovem, Dokter van Deenweg 108, 8025 BK Zwolle.
Artikel 2d
Indien de aanvraag betrekking heeft op een productie-installatie op een locatie waarbij de subsidieaanvrager niet de eigenaar van de locatie is, gaat de aanvraag vergezeld van:
- a. de toestemming van de eigenaar of eigenaren dat de desbetreffende productie-installatie op desbetreffende locatie wordt gevestigd met gebruikmaking van het middel dat door de minister beschikbaar wordt gesteld;
- b. een gedoogplichtbeschikking op grond van artikel 10.21, eerste lid, van de Omgevingswet met betrekking tot de desbetreffende locatie voor het vestigen van de desbetreffende productie-installatie of;
- c. een afgesloten voorovereenkomst of grondovereenkomst met het Rijksvastgoedbedrijf met betrekking tot de desbetreffende locatie voor het vestigen van de desbetreffende productie-installatie.
Indien de aanvraag betrekking heeft op een productie-installatie voor de productie van hernieuwbare elektriciteit uit zonne-energie, waterkracht of windenergie, of een productie-installatie waarbij sprake is van gecombineerde opwekking van hernieuwbare elektriciteit en hernieuwbare warmte uit biomassavergisting die wordt aangesloten op een elektriciteitsnet met een aansluiting met een totale doorlaatwaarde van meer dan 3*80 A, gaat de aanvraag vergezeld van de verklaring van de netbeheerder over de beschikbaarheid van transportcapaciteit voor de nauwkeurig omschreven productie-installatie met gebruikmaking van het middel dat door de minister beschikbaar wordt gesteld.
Het eerste en tweede lid zijn niet van toepassing indien de aanvraag betrekking heeft op een productie-installatie voor de productie van hernieuwbare elektriciteit door middel van windenergie op zee.
Indien de aanvraag betrekking heeft op een productie-installatie voor de afvang en permanente opslag van koolstofdioxide gaat de aanvraag vergezeld van de verklaring of de verklaringen over de beschikbaarheid van transport- en opslagcapaciteit van de partij of partijen die het transport of de permanente opslag van de koolstofdioxide uitvoeren met betrekking tot de desbetreffende productie-installatie.
Indien de aanvraag betrekking heeft op een productie-installatie voor de productie van hernieuwbare elektriciteit uit zonne-energie, gaat de aanvraag vergezeld van toestemming van de aanvrager op het delen van informatie tussen de netbeheerder en de minister over het bij de netbeheerder gecontracteerde terugleververmogen en de ean-code van de productie-installatie.
Indien de aanvraag betrekking heeft op een productie-installatie voor de productie van hernieuwbare elektriciteit uit zonlicht uitsluitend door middel van fotovoltaïsche zonnepanelen die natuurinclusief wordt gerealiseerd en waar die natuurinclusiviteit wordt onderbouwd door middel van een keurmerk als bedoeld in artikel 2, zesde lid, onderdeel b, gaat de aanvraag vergezeld van dit keurmerk of van een voorlopig keurmerk indien het keurmerk op het moment van de aanvraag nog niet definitief kan worden verstrekt.
§ 3. Nadere verplichtingen van de subsidie-ontvanger
§ 3.1. Algemene verplichtingen
§ 3.3. Verplichtingen vergisting en co-vergisting van dierlijke meststoffen
§ 6. Overige bepalingen
4. Review van de accountantscontrole
Toelichting
5. Algemene verklaring
Bijlage 9. behorende bij de artikelen 7e, 7f en 7k van de Algemene uitvoeringsregeling stimulering duurzame energieproductie en klimaattransitie
Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst met uitzondering van de bijlagen, die ter inzage worden gelegd bij SenterNovem, Dokter van Deenweg 108, 8025 BK Zwolle.
§ 3.4. Verplichtingen CO2-reducerende technieken
§ 3.3. Verplichtingen vergisting en co-vergisting van dierlijke meststoffen
§ 3.4.2. Verplichtingen voor de permanente opslag en het gebruik van koolstofdioxide en geavanceerde hernieuwbare brandstof
§ 4. Voorschotten
§ 5. Subsidievaststelling
Artikel 14f
Vervallen
Bijlage 1. behorende bij artikel 3, derde lid, van de Algemene uitvoeringsregeling stimulering duurzame energieproductie en klimaattransitie
Bijlage 4. , behorende bij artikel 7 van de Algemene uitvoeringsregeling stimulering duurzame energieproductie
Vervallen
Bijlage 5. behorende bij artikel 10 van de Algemene uitvoeringsregeling stimulering duurzame energieproductie en klimaattransitie
1. Definities
4. Nauwkeurigheidseisen aan meetinrichtingen en meters
Bijlage 7. behorende bij artikel 2, tweede lid, onder d, van de Algemene uitvoeringsregeling stimulering duurzame energieproductie
Vervallen
Bijlage 8. behorende bij artikel 7d van de Algemene uitvoeringsregeling stimulering duurzame energieproductie en klimaattransitie
4. Typegegevens productie-installatie
Bijlage 9. behorende bij de artikelen 7e , 7f en 7j van de Algemene uitvoeringsregeling stimulering duurzame energieproductie en klimaattransitie
5. Alternatieve meting
1. Definities
Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst met uitzondering van de bijlagen, die ter inzage worden gelegd bij SenterNovem, Dokter van Deenweg 108, 8025 BK Zwolle.
Artikel 7l
Dit artikel is van toepassing indien een subsidie-ontvanger met een productie-installatie koolstofdioxide afvangt, permanent opslaat, doet opslaan of gebruikt, waarbij gebruik wordt gemaakt van vloeibaar transport.
De subsidie-ontvanger overlegt aan de Minister een verificatierapport dat betrekking heeft op het voorgaande kalenderjaar, van een verificateur als bedoeld in artikel 3, onderdeel 3, van de Verordening verificatie en accreditatie emissiehandel uiterlijk vier maanden na afloop van het kalenderjaar waarop het verificatierapport betrekking heeft.
Voor het opstellen van het verificatierapport wordt gebruikgemaakt van een door de Minister beschikbaar gesteld middel.
Indien de subsidie-ontvanger met de productie-installatie koolstofdioxide afvangt en permanent opslaat of doet opslaan, blijkt uit het verificatierapport dat de gemeten hoeveelheden koolstofdioxide, beschreven in het meetrapport, bedoeld in artikel 7g, permanent zijn opgeslagen.
Indien de subsidie-ontvanger met de productie-installatie koolstofdioxide afvangt en gebruikt, blijkt uit het verificatierapport dat de gemeten hoeveelheden koolstofdioxide, beschreven in het meetrapport, bedoeld in artikel 7g, nuttig zijn aangewend.
Artikel 7m
Dit artikel is van toepassing indien een subsidie-ontvanger met een productie-installatie koolstofdioxide afvangt en permanent opslaat.
De subsidie-ontvanger verzekert zich dat de hoeveelheid koolstofdioxide die permanent wordt opgeslagen wordt gemeten volgens de meetvoorwaarden, opgenomen in bijlage 9.
De subsidie-ontvanger overlegt uiterlijk vier maanden na afloop van het kalenderjaar de meetgegevens van de beheerder van de basisinfrastructuur voor koolstofdioxide over de hoeveelheid permanent opgeslagen koolstofdioxide aan de Minister.
De subsidie-ontvanger overlegt uiterlijk vier maanden na afloop van het kalenderjaar een kopie van het verificatierapport, bedoeld in artikel 27 van de Verordening verificatie en accreditatie emissiehandel, en het bijbehorende emissieverslag aan de Minister.
Indien er sprake is van een vloeibaar transport van koolstofdioxide waarbij koolstofdioxide van meerdere productie-installaties wordt gemengd, wijst de subsidie-ontvanger voor de meting, bedoeld in het tweede lid, één meetbedrijf aan.
Indien er sprake is van een vloeibaar transport van koolstofdioxide, draagt de subsidie-ontvanger er zorg voor dat hij beschikt over transportdocumenten, waaruit sluitend de afleverlocatie en de afleverhoeveelheid van het transport door hem en derde partijen en de permanente opslag van koolstofdioxide blijkt.
Artikel 7n
Dit artikel is van toepassing indien een subsidie-ontvanger met een productie-installatie koolstofdioxide afvangt en gebruikt.
De subsidie-ontvanger draagt er zorg voor dat de productie van koolstofdioxide nuttig wordt aangewend.
De subsidie-ontvanger overlegt uiterlijk vier maanden na afloop van het kalenderjaar de meetgegevens van de beheerder van de basisinfrastructuur voor koolstofdioxide over de hoeveelheid nuttig aangewende koolstofdioxide aan de Minister.
Indien sprake is voor vloeibaar transport van koolstofdioxide, draagt de subsidie-ontvanger er zorg voor dat hij beschikt over transportdocumenten, waaruit sluitend de afleverlocatie en de afleverhoeveelheid van het transport door haar en derde partijen en de nuttige aanwending van koolstofdioxide blijkt.
§ 7. Slotbepalingen
Bijlage 1. behorende bij artikel 3, derde lid, van de Algemene uitvoeringsregeling stimulering duurzame energieproductie en klimaattransitie
Bijlage 2. behorende bij artikel 6, eerste lid, van de Algemene uitvoeringsregeling stimulering duurzame energieproductie
Vervallen
Bijlage 1a
Vervallen
Bijlage 2. behorende bij artikel 6, eerste lid, van de Algemene uitvoeringsregeling stimulering duurzame energieproductie
Vervallen
Bijlage 1a
Vervallen
Meetvoorwaarden voor productie-installaties
Verzoek tot oordeel omtrent geschiktheid
6. Algemene informatie
Bijlage 6. behorende bij artikel 7e, eerste lid van de Algemene uitvoeringsregeling stimulering duurzame energieproductie
Vervallen
Bijlage 7. behorende bij artikel 2, tweede lid, onder d, van de Algemene uitvoeringsregeling stimulering duurzame energieproductie
Vervallen
Bijlage 6. behorende bij artikel 7e, eerste lid van de Algemene uitvoeringsregeling stimulering duurzame energieproductie
Vervallen
Meetvoorwaarden voor productie-installaties
Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst met uitzondering van de bijlagen, die ter inzage worden gelegd bij SenterNovem, Dokter van Deenweg 108, 8025 BK Zwolle.
4. Typegegevens productie-installatie
Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst met uitzondering van de bijlagen, die ter inzage worden gelegd bij SenterNovem, Dokter van Deenweg 108, 8025 BK Zwolle.
Artikel 1a
Deze regeling berust mede op artikel 63a, derde, vijfde en zesde lid, en artikel 71a van het besluit.
§ 2. Aanvraag om subsidie
§ 3. Nadere verplichtingen van de subsidie-ontvanger
§ 3.3. Verplichtingen vergisting en co-vergisting van dierlijke meststoffen
§ 3.3. Verplichtingen vergisting en co-vergisting van dierlijke meststoffen
§ 3.4.2. Verplichtingen voor de permanente opslag en het gebruik van koolstofdioxide en geavanceerde hernieuwbare brandstof
§ 5. Subsidievaststelling
§ 4. Voorschotten
§ 7. Slotbepalingen
Artikel 14g
Een subsidieontvanger aan wie subsidie is verstrekt voor de inzet van vaste biomassa in een productie-installatie als bedoeld in artikel 7, eerste lid, op grond van de Regeling aanwijzing categorieën duurzame energieproductie 2015, de Regeling aanwijzing categorieën duurzame energieproductie voorjaar 2016, de Regeling aanwijzing categorieën duurzame energieproductie najaar 2016, de Regeling aanwijzing categorieën duurzame energieproductie voorjaar 2017, de Regeling aanwijzing categorieën duurzame energieproductie najaar 2017, de Regeling aanwijzing categorieën duurzame energieproductie voorjaar 2018, de Regeling aanwijzing categorieën duurzame energieproductie najaar 2018, met een thermisch ingangsvermogen gelijk aan of groter dan 20 MW, kan gebruik maken van artikel 7, tweede tot en met zesde lid, waarbij het vierde, vijfde en zesde lid van dat artikel luiden zoals ze luidden voor inwerkingtreding van de Regeling van de Minister voor Klimaat en Energie van 13 juli 2023, nr. WJZ/ 26784474, tot wijziging van de Algemene uitvoeringsregeling stimulering duurzame energieproductie en klimaattransitie in verband met terugvorderen voorschotten, meetellen uren met negatieve elektriciteitsprijs en enkele andere wijzigingen (Stct. 2023, nummer 20349) met dien verstande dat bij de toepassing van dat vierde of zesde lid, voor ‘kleiner dan 20 MW’ wordt gelezen ‘gelijk aan of groter dan 20 MW’.
Bij de toepassing van het eerste lid, kan een subsidieontvanger als bedoeld in dat lid tevens ook een combinatie toepassen van artikel 7, derde, vierde en vijfde lid, waarbij het vierde en vijfde lid van dat artikel luiden zoals ze luidden voor inwerkingtreding van de Regeling van de Minister voor Klimaat en Energie van 13 juli 2023, nr. WJZ/ 26784474, tot wijziging van de Algemene uitvoeringsregeling stimulering duurzame energieproductie en klimaattransitie in verband met terugvorderen voorschotten, meetellen uren met negatieve elektriciteitsprijs en enkele andere wijzigingen (Stct. 2023, nummer 20349).
Bijlage 1. behorende bij artikel 3, derde lid, van de Algemene uitvoeringsregeling stimulering duurzame energieproductie en klimaattransitie
Bijlage 2. behorende bij artikel 6, eerste lid, van de Algemene uitvoeringsregeling stimulering duurzame energieproductie
Vervallen
Bijlage 3. behorende bij artikel 7, vierde lid, van de Algemene uitvoeringsregeling stimulering duurzame energieproductie
Vervallen
Bijlage 7. behorende bij artikel 2, tweede lid, onder d, van de Algemene uitvoeringsregeling stimulering duurzame energieproductie
Vervallen
Bijlage 9. behorende bij de artikelen 7e, 7f en 7j van de Algemene uitvoeringsregeling stimulering duurzame energieproductie en klimaattransitie
Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst met uitzondering van de bijlagen, die ter inzage worden gelegd bij SenterNovem, Dokter van Deenweg 108, 8025 BK Zwolle.
Artikel 7ba
Het verificatieprotocol, bedoeld in artikel 63a, vijfde lid, van het besluit is het verificatieprotocol dat op de website van Rijksdienst voor Ondernemend Nederland geplaatst is onder de naam Verificatieprotocol duurzaamheid biomassa – Aantonen van REDII-duurzaamheid voor SDE en EU-ETS.
Artikel 14 van het Besluit conformiteitsbeoordeling vaste biomassa voor energietoepassingen is van toepassing op het verificatieprotocol in het eerste lid.
Artikel 7bb
De inspecteurs van de Nederlandse emissieautoriteit worden aangewezen als ambtenaren, belast met het toezicht op de naleving, bedoeld in artikel 71a van het besluit.
§ 3.3. Verplichtingen vergisting en co-vergisting van dierlijke meststoffen
§ 3.4. Verplichtingen CO2-reducerende technieken
§ 3.4.2. Verplichtingen voor de permanente opslag en het gebruik van koolstofdioxide en geavanceerde hernieuwbare brandstof
§ 4. Voorschotten
§ 7. Slotbepalingen
Bijlage 1. behorende bij artikel 3, derde lid, van de Algemene uitvoeringsregeling stimulering duurzame energieproductie en klimaattransitie
Bijlage 4. , behorende bij artikel 7 van de Algemene uitvoeringsregeling stimulering duurzame energieproductie
Vervallen
Bijlage 5. behorende bij artikel 10 van de Algemene uitvoeringsregeling stimulering duurzame energieproductie en klimaattransitie
5. Wijzigingen
Bijlage 7. behorende bij artikel 2, tweede lid, onder d, van de Algemene uitvoeringsregeling stimulering duurzame energieproductie
Vervallen
Bijlage 8. behorende bij artikel 7d van de Algemene uitvoeringsregeling stimulering duurzame energieproductie en klimaattransitie
Bijlage 9. behorende bij de artikelen 7e, 7f en 7j van de Algemene uitvoeringsregeling stimulering duurzame energieproductie en klimaattransitie
Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst met uitzondering van de bijlagen, die ter inzage worden gelegd bij SenterNovem, Dokter van Deenweg 108, 8025 BK Zwolle.
Artikel 7o
Dit artikel is van toepassing indien een subsidie-ontvanger met een productie-installatie geavanceerde hernieuwbare brandstof produceert.
De hoeveelheid geavanceerde hernieuwbare brandstof die voor subsidie in aanmerking komt, wordt bepaald op basis van het register hernieuwbare energie vervoer.
Uiterlijk vier maanden na afloop van het kalenderjaar overlegt de subsidie-ontvanger aan de Minister:
- a. de dubbeltellingsverklaringen, bedoeld in artikel 1 van het Besluit energie vervoer, behorend bij de geproduceerde hoeveelheid geavanceerde hernieuwbare brandstof;
- b. de gegevens uit het register hernieuwbare energie vervoer, waaruit blijkt welke hoeveelheid geavanceerde hernieuwbare brandstof, omschreven in het meetrapport, bedoeld in artikel 7g, is geleverd in Nederland aan wegvoertuigen of binnenvaartschepen;
- c. een overzicht waaruit per kalendermaand de hoeveelheid, aard en, in honderdsten van procenten nauwkeurig, de verhouding van de in de productie-installatie ingezette grondstoffen blijkt, gerapporteerd volgens de NTA 8003:2017 met gebruikmaking van het middel dat door de Minister beschikbaar wordt gesteld.
De subsidie-ontvanger mengt de geavanceerde hernieuwbare brandstof die in aanmerking komt voor subsidie, niet met andere brandstoffen die niet voor subsidie in aanmerking komen.
§ 4. Voorschotten
§ 6. Overige bepalingen
§ 7. Slotbepalingen
Artikel 14h
Op beschikkingen tot subsidieverlening die zijn afgegeven op aanvragen voor subsidie die zijn ontvangen voor inwerkingtreding van de Regeling van de Minister voor Klimaat en Energie van 21 april 2022, tot wijziging van de Algemene uitvoeringsregeling stimulering duurzame energieproductie en klimaattransitie in verband met wijzigingen in aan te leveren gegevens en enkele andere wijzigingen (Stct. 2022, 11413) blijft artikel 3, negende lid, van toepassing zoals dat luidde voor de inwerkingtreding van die regeling.
Op beschikkingen tot subsidieverlening die zijn afgegeven op aanvragen voor subsidie die zijn ontvangen voor inwerkingtreding van de Regeling van de Minister voor Klimaat en Energie van 21 april 2022, tot wijziging van de Algemene uitvoeringsregeling stimulering duurzame energieproductie en klimaattransitie in verband met wijzigingen in aan te leveren gegevens en enkele andere wijzigingen (Stct. 2022, 11413), is artikel 7g, tweede en derde lid, is niet van toepassing.
Op beschikkingen tot subsidieverlening die zijn afgegeven op aanvragen voor subsidie die zijn ontvangen voor inwerkingtreding van de Regeling aanwijzing categorieën duurzame energieproductie en klimaattransitie 2023 zijn de artikelen 3, zevende lid, 7, vierde, vijfde en zesde lid, en 8a van toepassing zoals deze luidden voor de inwerkingtreding van de Regeling van de Minister voor Klimaat en Energie van 13 juli 2023, nr. WJZ/ 26784474, tot wijziging van de Algemene uitvoeringsregeling stimulering duurzame energieproductie en klimaattransitie in verband met terugvorderen voorschotten, meetellen uren met negatieve elektriciteitsprijs en enkele andere wijzigingen (Stct. 2023, nummer 20349).
Bijlage 1. behorende bij artikel 3, derde lid, van de Algemene uitvoeringsregeling stimulering duurzame energieproductie en klimaattransitie
Vervallen
Bijlage 6. behorende bij artikel 7e, eerste lid van de Algemene uitvoeringsregeling stimulering duurzame energieproductie
Vervallen
Bijlage 7. behorende bij artikel 2, tweede lid, onder d, van de Algemene uitvoeringsregeling stimulering duurzame energieproductie
Vervallen
Toelichting
2. Correspondentieadres:
Bijlage 9. behorende bij de artikelen 7e, 7f en 7k van de Algemene uitvoeringsregeling stimulering duurzame energieproductie en klimaattransitie
Meetvoorwaarden voor productie-installaties
Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst met uitzondering van de bijlagen, die ter inzage worden gelegd bij SenterNovem, Dokter van Deenweg 108, 8025 BK Zwolle.
Bijlage 1a
Vervallen
Bijlage 2. behorende bij artikel 6, eerste lid, van de Algemene uitvoeringsregeling stimulering duurzame energieproductie
Vervallen
Bijlage 1. behorende bij artikel 3, derde lid, van de Algemene uitvoeringsregeling stimulering duurzame energieproductie en klimaattransitie
Vervallen
Bijlage 1. behorende bij artikel 3, derde lid, van de Algemene uitvoeringsregeling stimulering duurzame energieproductie en klimaattransitie
Vervallen
Bijlage 1a
Vervallen
Bijlage 9. behorende bij de artikelen 7e, 7f en 7k van de Algemene uitvoeringsregeling stimulering duurzame energieproductie en klimaattransitie
Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst met uitzondering van de bijlagen, die ter inzage worden gelegd bij SenterNovem, Dokter van Deenweg 108, 8025 BK Zwolle.
Artikel 1b
Indien een subsidie-ontvanger voldoet aan de in artikel 3, vierde lid van het besluit SDEK genoemde voorwaarden, maakt de minister gebruik van de mogelijkheid om subsidie te verstrekken als bedoeld in dat artikellid.
§ 3.1. Algemene verplichtingen
§ 3.2. Verplichtingen gebruik biomassa
§ 3.4. Verplichtingen CO2-reducerende technieken
§ 3.4.2. Verplichtingen voor de permanente opslag en het gebruik van koolstofdioxide en geavanceerde hernieuwbare brandstof
§ 3.4.3. Verplichtingen voor de productie van waterstof door middel van elektrolyse
Artikel 7p
Dit artikel is van toepassing op subsidie-ontvangers aan wie subsidie is verleend op grond van subsidieaanvragen die vanaf 10 september 2024 zijn ingediend voor het produceren met een productie-installatie voor de productie van waterstof door middel van elektrolyse die met een aansluiting is gekoppeld aan het elektriciteitsnet en op subsidieaanvragen voor het produceren met een productie-installatie van waterstof door middel van elektrolyse die met een directe aansluiting op een productie-installatie die elektriciteit produceert met behulp van windenergie of een productie-installatie die elektriciteit produceert uit zonlicht door middel van fotovoltaïsche zonnepanelen.
De subsidieontvanger is vanaf de datum van ingebruikname van de productie installatie tot aan de datum van de beschikking tot subsidievaststelling in het bezit van een geldig certificaat dat aantoont dat:
- a. de waterstofproductie-installatie zodanig is ontworpen en de elektriciteits- en waterstofstromen zodanig worden gemeten en geadministreerd dat aantoonbaar volledig hernieuwbare waterstof kan worden geproduceerd;
- b. de te produceren waterstof als volledig hernieuwbaar kan worden aangemerkt; en
- c. indien met de productie-installatie ook waterstof die niet volledig hernieuwbaar is zal worden geproduceerd, de broeikasgasemissiereductie van het totaal aan te produceren volledig hernieuwbare waterstof en waterstof die niet volledig hernieuwbaar is samen tenminste 70% is.
Indien door de Europese Commissie twee of meer vrijwillige nationale of internationale systemen voor hernieuwbare brandstoffen van niet-biologische oorsprong zijn erkend op basis van artikel 30, vierde lid, van richtlijn (EU) 2018/2001, is het certificaat opgesteld met een van deze vrijwillige nationale of internationale systemen.
Indien door de Europese Commissie minder dan twee vrijwillige nationale of internationale systemen voor hernieuwbare brandstoffen van niet-biologische oorsprong zijn erkend op basis van artikel 30, vierde lid, van richtlijn (EU) 2018/2001, is het certificaat opgesteld met een erkend vrijwillig nationaal of internationaal systeem voor hernieuwbare gasvormige brandstoffen van niet-biologische oorsprong of met een vrijwillig nationaal of internationaal systeem voor hernieuwbare brandstoffen van niet-biologische oorsprong dat de vaststellingsprocedure door de Europese Commissie, bedoeld in artikel 30, vierde en vijfde lid, van die richtlijn doorloopt.
De subsidieontvanger zendt vanaf de datum van ingebruikname van de waterstofproductie-installatie tot aan de subsidievaststelling telkens binnen vijf maanden na afloop van ieder kalenderjaar aan de minister een verklaring waaruit blijkt dat de geproduceerde volledig hernieuwbare waterstof voldoet aan de eisen die zien op volledige hernieuwbaarheid, en dat, indien met de productie-installatie ook waterstof wordt geproduceerd die niet volledig hernieuwbaar is, de broeikasgasemissiereductie van het totaal aan geproduceerde volledig hernieuwbare waterstof en waterstof die niet volledig hernieuwbaar is tenminste 70% is.
De verklaring wordt overgelegd met gebruikmaking van een middel dat door de minister beschikbaar wordt gesteld.
De verklaring bevat ten minste de informatie, bedoeld in artikel 8 van gedelegeerde verordening (EU) 2023/1184, over het voorgaande kalenderjaar.
De subsidieontvanger laat de verklaring verifiëren en ondertekenen door de instantie die het certificaat, bedoeld in het tweede lid, afgeeft.
De subsidieontvanger verstrekt de minister de hernieuwbare stroomafnameovereenkomsten voor wind- of zonne-energie voor de elektriciteit die gedurende de eerste vijf jaar zal worden gebruikt voor de productie van volledig hernieuwbare waterstof.
In afwijking van het negende lid verstrekt de subsidie-ontvanger aan wie subsidie is verleend op grond van subsidieaanvragen die vanaf 27 oktober 2026 zijn ingediend de Minister de hernieuwbare stroomafnameovereenkomsten voor wind- of zonne-energie voor de elektriciteit die gedurende het eerste jaar zal worden gebruikt voor de productie van volledig hernieuwbare waterstof.
§ 5. Subsidievaststelling
§ 6. Overige bepalingen
§ 7. Slotbepalingen
Bijlage 2. behorende bij artikel 6, eerste lid, van de Algemene uitvoeringsregeling stimulering duurzame energieproductie
Vervallen
Bijlage 3. behorende bij artikel 7, vierde lid, van de Algemene uitvoeringsregeling stimulering duurzame energieproductie
Vervallen
Bijlage 4. , behorende bij artikel 7 van de Algemene uitvoeringsregeling stimulering duurzame energieproductie
Vervallen
4. Rekeninggegevens
Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst met uitzondering van de bijlagen, die ter inzage worden gelegd bij SenterNovem, Dokter van Deenweg 108, 8025 BK Zwolle.
Artikel 2e
De aanvraag om subsidieverlening gaat vergezeld van een verklaring dat de aanvrager geen onderneming in moeilijkheden is als bedoeld in de Richtsnoeren voor reddings- en herstructureringssteun aan niet-financiële ondernemingen in moeilijkheden (2014/C 249/01), onderbouwd in een door de Minister ter beschikking gesteld beslisschema en een organogram van de verbonden groep waaruit de onderlinge aandelenverhoudingen blijken, of indien van toepassing de daarvan afwijkende zeggenschap, onderbouwd met een enkelvoudig of geconsolideerd jaarrapport dat is gebruikt voor de invulling van het beslisschema.
§ 3. Nadere verplichtingen van de subsidie-ontvanger
§ 3.1. Algemene verplichtingen
§ 3.2. Verplichtingen gebruik biomassa
§ 3.4.1. Algemene verplichtingen
§ 3.4.2. Verplichtingen voor de permanente opslag en het gebruik van koolstofdioxide en geavanceerde hernieuwbare brandstof
§ 3.4.3. Verplichtingen voor de productie van waterstof door middel van elektrolyse
§ 6. Overige bepalingen
§ 7. Slotbepalingen
Bijlage 5. behorende bij artikel 10 van de Algemene uitvoeringsregeling stimulering duurzame energieproductie en klimaattransitie
Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst met uitzondering van de bijlagen, die ter inzage worden gelegd bij SenterNovem, Dokter van Deenweg 108, 8025 BK Zwolle.
De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.
Deze tekst wordt gepubliceerd onder de eigen hergebruiksvoorwaarden van BWB, niet onder een licentie van Legalize of van het publieke domein.
BWB
CC0 1.0 Universeel (publiek domein)