Regeling van de Staatssecretaris van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties van 24 juni 2010, nr. 2010-0000147401, CZW/WVOB, houdende regels over functies voor het personeel van de veiligheidsregio’s (Regeling personeel veiligheidsregio’s)

Type Ministeriële regeling
Publication 2026-04-18
Laatst bijgewerkt 2026-04-21
State In force
Source BWB
artikelen 3
Wijzigingsgeschiedenis JSON API

Vereiste competenties en niveaus van functioneren

1 Overal waar in deze bijlage ‘hij’ wordt geduid kan ook ‘zij’ worden gelezen.

Kerntaak 2:. Prioriteren en implementeren van vastgesteld beleid voor het eigen organisatieonderdeel/werkgebied

Werkzaamheden

De specialist risico’s en veiligheid stimuleert het veiligheidsbewustzijn door actief aandacht te vragen voor fysieke veiligheid. Ook stemt de specialist risico’s en veiligheid, zowel binnen als buiten de organisatie, zaken op het gebied van fysieke veiligheid af en wisselt deze uit.

Kerntaak 1:. Initiëren van strategisch beleid voor het eigen organisatieonderdeel/werkgebied enbijdragen aan het strategisch beleid van de organisatie als geheel

De OVD kan de multidisciplinaire samenwerking coördineren in het motorkapoverleg en start indien nodig het CoPI op. Hij kan verantwoordelijk zijn voor het gecoördineerd optreden van alle disciplines ter plaatse van het incident bij routinematige incidenten, vanaf GRIP 1 neemt de OVD de leiding van het CoPI op zich totdat de HOVD ter plaatse is.

Vereiste competenties en niveaus van functioneren

Beschrijving van de functie: De specialist operationele voorbereiding:

In supplement gg is de competentiematrix uitgewerkt.

Werkzaamheden

Vereiste competenties en niveaus van functioneren

Beoordelingscriteria

Op basis van een analyse en/of evaluatie ontwikkelt, beheert en innoveert een SOV instrumenten voor of ter verbetering van de operationele voorbereiding op de incidentbestrijding en crisisbeheersing.

Bij grootschalige incidenten is de OVD als pelotonscommandant verantwoordelijk voor de bestrijding van het incident in zijn pelotonsvak. Kernactiviteiten zijn in dit verband:

Vereiste competenties en niveaus van functioneren

Beoordelingscriteria

Kerntaak 4:. Randvoorwaarden creëren voor en acteren in relevante netwerken

Werkzaamheden

Als onderdeel van dit advies:

Beoordelingscriteria

Bijlage A. behorende bij artikel 1 lid 1 Regeling personeel veiligheidsregio’s

Supplement dd. Functie tactisch manager

Kerntaak 3:. Randvoorwaarden creëren voor de personele zorg en situationeel leidinggeven aan operationele managers/vakspecialisten/projectleiders

De tactisch manager is verantwoordelijk voor de personele zorg van het organisatieonderdeel. Dit betreft de uitvoering van de HRM-taken waarvoor de kaders wettelijk of door de eigen organisatie zijn vastgesteld.

2.1. Kerntaken

Kerntaak 1:. Bijdragen aan het strategisch beleid van de organisatie en ontwikkelen van strategisch beleid voor het eigen organisatieonderdeel/werkgebied

Kerntaak 5:. Onderhouden van relevante netwerken

Kerntaak 2:. Implementeren van vastgesteld beleid voor het eigen organisatieonderdeel/werkgebied

Uitgangspunt voor deze kerntaak is dat de tactisch manager voor het eigen organisatieonderdeel/werkgebied beschikt over een meerjarenplan en meerjarenbegroting. Nu is het zaak dit plan te concretiseren naar een jaarplan en naar concrete kaders voor de operationele managers, specialisten en projectleiders waaraan de tactisch manager leiding geeft. De tactisch manager weet het bieden van duidelijke kaders daarbij te verbinden met het inspireren en motiveren van zijn mensen.

Kerntaak 3:. Randvoorwaarden creëren voor de personele zorg en situationeel leidinggeven aan operationele managers/vakspecialisten/projectleiders

De tactisch manager is verantwoordelijk voor de personele zorg van het organisatieonderdeel. Dit betreft de uitvoering van de HRM-taken waarvoor de kaders wettelijk of door de eigen organisatie zijn vastgesteld.

Kerntaak 4:. Coördineren, bijsturen en rapporteren van werkzaamheden

Kerntaak 5:. Initiëren en onderhouden van netwerken, afstemmen met relevante partijen, stimuleren van veiligheidsbewustzijn

MT

Supplement aa. Functie specialist opleiden en oefenen

In supplement gg is de competentiematrix uitgewerkt.

3.1. Uitwerking kerntaken en beoordelingscriteria

Afstemming en uitwisseling met specialisten uit het vakgebied:

Werkzaamheden

De tactisch manager is lid van het MT. Daarin heeft hij een tweeledige rol. Enerzijds draagt hij bij aan de totstandkoming van strategisch beleid voor de brandweerorganisatie. Anderzijds heeft hij z’n eigen werkgebied waarvoor hij een meerjarenplan en meerjarenbegroting ontwikkelt als onderdeel van het meerjarenplan en de meerjarenbegroting van de organisatie. Dit brengt de volgende werkzaamheden met zich mee:

Vereiste competenties en niveaus van functioneren

Eigen organisatieonderdeel/werkgebied

Functie zoals genoemd in artikel 2, lid 1, Besluit personeel veiligheidsregio’s

Beoordelingscriteria

Kerntaak 2:. Implementeren van vastgesteld beleid voor eigen organisatieonderdeel/werkgebied

Werkzaamheden

Uitgangspunt voor deze kerntaak is dat de tactisch manager voor het eigen organisatieonderdeel/werkgebied beschikt over een meerjarenplan en meerjarenbegroting. Nu is het zaak dit plan te concretiseren naar een jaarplan en naar concrete kaders voor de operationele managers, specialisten en projectleiders waaraan de tactisch manager leiding geeft. De tactisch manager weet het bieden van duidelijke kaders daarbij te verbinden met het inspireren en motiveren van zijn mensen. Deze kerntaak brengt de volgende werkzaamheden met zich mee:

De strategisch manager is lid van het MT. Daarin heeft hij een tweeledige rol. Enerzijds draagt hij bij aan de totstandkoming van strategisch beleid voor de organisatie. Anderzijds heeft hij z’n eigen werkgebied waarvoor hij een meerjarenplan en meerjarenbegroting ontwikkelt als onderdeel van het meerjarenplan en de meerjarenbegroting van de organisatie. De strategisch manager draagt daarbij zorg voor het beheren en beheersen van het beleid binnen zijn eigen organisatieonderdeel/werkgebied.

Beoordelingscriteria

Kerntaak 3:. Randvoorwaarden creëren voor de personele zorg en situationeel leidinggeven aan operationele managers/vakspecialisten/projectleiders

Werkzaamheden

Beoordelingscriteria

Vereiste competenties en niveaus van functioneren

Beoordelingscriteria

Kerntaak 4:. Coördineren, bijsturen en rapporteren van werkzaamheden

Werkzaamheden

Beoordelingscriteria

Vereiste competenties en niveaus van functioneren

De operationeel manager is verantwoordelijk voor de aanwending en besteding van middelen die door de naast hogere leidinggevende zijn gedelegeerd. Vanuit die verantwoordelijkheid is actieve procesbewaking van groot belang. Dit brengt de volgende werkzaamheden met zich mee:

Kerntaak 5:. Onderhouden van netwerken met relevante contacten

Werkzaamheden

2.1. Kerntaken

Vereiste competenties en niveaus van functioneren

Beoordelingscriteria

Bijlage A. behorende bij artikel 1 lid 1 Regeling personeel veiligheidsregio’s

De verkenner gevaarlijke stoffen voert metingen en waarnemingen uit.

Kerntaak 3:. Nazorg

1.1. Algemene informatie

2.1. Kerntaken

Kerntaak 1:. Uitruk/verkenning

Kerntaak 1:. Uitruk/Verkenning

Kerntaak 2:. Inzet

De verkenner gevaarlijke stoffen voert metingen en waarnemingen uit.

Kerntaak 3:. Nazorg

De verkenner gevaarlijke stoffen controleert na een inzet de inventaris van de WVD-koffer op compleetheid en werking en vult deze aan. Na afloop van de inzet neemt hij met de ploegleden deel aan de registratie en evaluatie.

Werkzaamheden

3.1. Uitwerking kerntaken en beoordelingscriteria

De ploegchef is verantwoordelijk voor de kwaliteit, continuïteit, efficiency en vakbekwaamheid van de ploeg medewerkers waaraan hij leiding geeft. Tevens is hij verantwoordelijk voor de uitvoering van het personeelsbeleid binnen deze ploeg.

Werkzaamheden

De ploegchef zorgt voor planning van werkzaamheden en activiteiten op het gebied van materieel en materiaal, onderhoud, opleiden en oefenen. Hij draagt zorg voor het aanleveren van verschillende managementgegevens. Hij zorgt voor de invulling van de dienstroosters en de oefenregistratie. Hij bewaakt de kwaliteit van de ploeg.

Beoordelingscriteria

In supplement gg is de competentiematrix uitgewerkt.

De tactisch manager is verantwoordelijk voor de personele zorg van het organisatieonderdeel. Dit betreft de uitvoering van de HRM-taken waarvoor de kaders wettelijk of door de eigen organisatie zijn vastgesteld.

In supplement gg is de competentiematrix uitgewerkt.

Beoordelingscriteria

Kerntaak 3:. Nazorg

Werkzaamheden

Beschrijving van de functie: De voertuigbediener:

Beoordelingscriteria

Bijlage A. behorende bij artikel 1 lid 1 Regeling personeel veiligheidsregio’s

Supplement ff. Functie voertuigbediener

Kerntaak 4:. Beoordelen van maatregelen

1.1. Algemene informatie

Beoordelingscriteria

4.1. Competenties

2.1. Kerntaken en taakgebieden

Kerntaak 2:. Implementeren van vastgesteld beleid voor eigen organisatieonderdeel/werkgebied

Werkzaamheden

Vereiste competenties en niveaus van functioneren

3.1. Uitwerking kerntaken

Deze zijn niet afzonderlijk te benoemen.

4.1. Competenties

Blijft onder tijdsdruk, hoge werkdruk en bemoeilijkende omstandigheden adequaat functioneren (bijvoorbeeld tegenslag, teleurstelling).

Werkzaamheden

Vereiste competenties en niveaus van functioneren

Niveau D: uitvoeren

Kerntaak 4:. Coördineren, bijsturen en rapporteren van werkzaamheden

Niveau D: reduceren

Supplement gg. uitwerking competentiematrix

Niveau C: beheersing

Voert in een team een opdracht uit. Draagt bij aan de harmonie van de groep en aan de optimale inzet van de leden ten behoeve van het groepsdoel, desnoods ten koste van eigen korte termijn belangen.

Kerntaak 5:. Onderhouden van netwerken met relevante contacten

Werkzaamheden

1.1. Algemene informatie

Bijlage A. behorende bij artikel 1 lid 1 Regeling personeel veiligheidsregio’s

Supplement gg. uitwerking competentiematrix

Competenties

Accuraat

Kerntaak 2:. Prioriteren en implementeren van vastgesteld beleid voor het eigen organisatieonderdeel/werkgebied

1.1. Algemene informatie

Arbeidsveiligheid

Kerntaak 1:. Uitruk/verkenning

Analyseren

Kerntaak 2:. Inzet

Werkzaamheden

Daadkracht

Niveau 3:

Arbeidsveiligheid

Arbeidsveiligheid kenmerkt zich in het gedrag van de werknemer waarin hij zijn taak uitvoert zonder effecten te ondervinden van slechte arbeidshygiëne of een arbeidsongeval. Om dit te kunnen zal de werknemer tijdens de uitvoering van zijn werkzaamheden verschillende vormen/niveaus van risicoanalyse uitvoeren.

Kerntaak 1:. Uitruk/Verkenning

Flexibel

Niveau 3:

Daadkracht

Op adequate en krachtige wijze nemen van beslissingen op basis van een inzichtelijke afweging en eigen oordeel, ook als kennis en/of informatie beperkt is en tevens het uitvoeren en afronden van activiteiten. Handelen naar en ‘staan voor’ een genomen besluit (van zichzelf of een ander).

Werkzaamheden

Niveau 2:

Beoordelingscriteria

Basisniveau (1):

Werkzaamheden

Niveau 1:

Niveau 2:

Bijlage A. behorende bij artikel 1 lid 1 Regeling personeel veiligheidsregio’s

Incidentbestrijding

Supplement dd. Functie tactisch manager

1.1. Algemene informatie

Innoveren en creativiteit

2.1. Kerntaken

Inleven

Kerntaak 5:. Initiëren en onderhouden van netwerken, afstemmen met relevante partijen, stimuleren van veiligheidsbewustzijn

Kerntaak 2:. Implementeren van vastgesteld beleid voor het eigen organisatieonderdeel/werkgebied

(taakgericht) Leiderschap

3.1. Uitwerking kerntaken

Innoveren en creativiteit

4.1. Competenties

Vereiste competenties en niveaus van functioneren

Leren en reflecteren

Kerntaak 4:. Onderhouden van netwerken en relevante in- en externe contacten

(taakgericht) Leiderschap

3.1. Uitwerking kerntaken en beoordelingscriteria

Kerntaak 1:. Bijdragen aan ontwikkeling van strategisch beleid van de organisatie en het eigen organisatieonderdeel/werkgebied

Maatschappelijk georiënteerd

Kerntaak 3:. Adviseren over de beheersing van bestaande, nieuwe en tijdelijke risico’s van objecten en situaties

Leren en reflecteren

Beoordelingscriteria

Vereiste competenties en niveaus van functioneren

Mondeling communiceren

Niveau 3:

Maatschappelijk georiënteerd

Laten blijken geïnformeerd te zijn over maatschappelijke en politieke ontwikkelingen of andere omgevingsfactoren en deze kennis effectief benutten voor de eigen functie of organisatie.

Accuraat

Onafhankelijk

Kerntaak 3:. Randvoorwaarden creëren voor de personele zorg en situationeel leidinggeven aan operationele managers/vakspecialisten/projectleiders

Mondeling communiceren

Kerntaak 4:. Het ontwikkelen en in stand houden van organisatorische kaders ten behoeve van de rampenbeheersing (projectmatig, in samenwerking met andere diensten):

Niveau 1:

Oordelen

Kerntaak 4:. Coördineren, bijsturen en rapporteren van werkzaamheden

Onafhankelijk

Zelfstandig en zelfbewust werken. Om kunnen gaan met eisen, veranderingen en hindernissen. Eigen standpunten innemen en verdedigen, rekening houdend met de missie van de organisatie.

Niveau 1:

Plannen, organiseren en coördineren

Kerntaak 5:. Onderhouden van netwerken met relevante contacten

Niveau 1:

Kerntaak 2:. Planvorming organisatie incidentbestrijding

Daadkracht

Niveau 2:

Niveau 3:

Plannen, organiseren en coördineren

Beoordelingscriteria

Niveau 1:

Probleem oplossen

Kerntaak 1:. Uitruk/verkenning

Niveau 1:

Anticiperen op en onderkennen van de relevantie van gebeurtenissen die van invloed zijn op de positionering van de brandweer en rampenbestrijdingsorganisatie in de politiek-bestuurlijke context.

Incidentbestrijding

Resultaatgericht

Kerntaak 3:. Randvoorwaarden creëren voor de personele zorg en de inzet van middelen en situationeel leidinggeven aan zijn organisatieonderdeel/werkgebied

Probleem oplossen

Het signaleren van (potentiële) problemen/knelpunten en deze zelfstandig of in samenwerking met anderen verhelpen.

Niveau 1:

Risico’s en veiligheid

Vereiste competenties en niveaus van functioneren

Resultaatgericht

Kerntaak 2:. Inzet

Niveau 1:

Samenwerken

Beoordelingscriteria

Risico’s en veiligheid

Dit vakgebied omvat het onderwerp risico’s en veiligheid. Het gaat hierbij om onder meer de aandachtsgebieden risicomanagement, risicoanalyses, risicocommunicatie, integraal veiligheidsbeleid, arbeidsveiligheid en milieuveiligheid.

(taakgericht) Leiderschap

Toepassings- en overdrachtsniveau (2):

Expertniveau (3):

Samenwerken

Zich inzetten om met anderen resultaten te bereiken en daarmee bijdragen aan een gezamenlijk doel. Denken en handelen vanuit gemeenschappelijke belangen.

Niveau 1:

Bijlage A. behorende bij artikel 1 lid 1 Regeling personeel veiligheidsregio’s

Supplement hh. Leiderschapsprofiel

Stressbestendig

Profiel: operationeel leidinggevende

Profiel: tactisch specialist

Bijlage A. behorende bij artikel 1 lid 1 Regeling personeel veiligheidsregio’s

Supplement ii. Functie duikploegleider/duikmedisch begeleider

Bijlage A. behorende bij artikel 1 lid 1 Regeling personeel veiligheidsregio’s

Supplement hh. Leiderschapsprofiel

Profiel: tactisch leidinggevende

Profiel: operationeel leidinggevende

Profiel: tactisch specialist

Bijlage A. behorende bij artikel 1 lid 1 Regeling personeel veiligheidsregio’s

Supplement ii. Functie duikploegleider/duikmedisch begeleider

3.1. Uitwerking kerntaken

De duikmedisch begeleider concentreert zich in stressvolle situaties (onder tijdsdruk) op de getroffen duiker.

4.1. Competenties

Als bediener van een hulpverleningsvoertuig

2.1. Overzicht kerntaken

De duikmedisch begeleider kent medische risico’s met betrekking tot duiken. Hij kent de oorzaken van duikerziekten en aan duiken gerelateerde aandoeningen, herkent deze aan symptomen en stelt de diagnose. De duikmedisch begeleider deelt zijn diagnose met de duikerarts en met de verpleegkundige van de ambulancedienst.

Supplement a. Functie algemeen commandant geneeskundige zorg

Functie zoals genoemd in artikel 2 lid 2 sub a Besluit personeel veiligheidsregio’s

1.1. Algemene informatie

Functienaam: algemeen commandant geneeskundige zorg (ACGZ)

Plannen, organiseren en coördineren

Niveau D (ontspannen)

Kerntaak 1:. Functioneel leiding geven aan de sectie geneeskundige zorg

Niveau 2:

Functie zoals vermeld in artikel 2, lid 2 van het Besluit personeel veiligheidsregio’s.

1.1. Algemene informatie

Beoordelingscriteria

3.1. Uitwerking kerntaken

2.1. Kerntaken en werkgebieden

Kerntaak 1. functioneel leidinggeven aan de sectie geneeskundige zorg

De ACGZ geeft functioneel leiding aan de sectie geneeskundige zorg. De ACGZ alarmeert, informeert, coördineert de taakorganisaties acute- en publieke gezondheidszorg en stemt hierbij af met de hoofden taakorganisatie acute- en publieke gezondheidszorg. Onderdeel van het functioneel leidinggeven is het zorgen voor de juiste mensen en de juiste middelen beschikbaar te hebben en in te zetten op het juiste tijdstip. De ACGZ bewaakt de hulpverlening (geneeskundige zorg) in het brongebied in afstemming met de OvD-G en coördineert de samenwerking met en tussen de ketenpartners in de witte kolom.

Kerntaak 2. inrichten en uitvoeren van het besluitvormingsproces gericht op de multidisciplinaire samenwerking

Kerntaak 3:. Opstellen en uitbrengen van adviezen

Werkzaamheden:

Kerntaak 3. strategisch (mono- en multidisciplinair) adviseren

Supplement b. Functie directeur publieke gezondheid voor zover het de GHOR-taken betreft

3.1. Uitwerking kerntaken

Niveau 1:

Functienaam: directeur publieke gezondheid voor zover het de GHOR-taken betreft (DPG)

Kerntaak 3. strategisch (mono- en multidisciplinair) adviseren

4.1. Competenties

Kerntaak 1:. Strategisch leiding geven aan de GHOR-keten

Kerntaak 2:. Strategisch multidisciplinair adviseren

Signaleert problemen; herkent belangrijke informatie; legt verbanden tussen gegevens. Spoort mogelijke oorzaken van problemen op; zoekt ter zake doende gegevens.

Is zich bewust van maatschappelijke en politieke ontwikkelingen of andere omgevingsfactoren. Speelt in op deze ontwikkelingen en vertaalt deze naar het eigen werkgebied.

Overtuigt anderen van een bepaald standpunt om instemming te krijgen met bepaalde plannen, ideeën of producten.

De volgende competenties worden als aanwezig verondersteld:

Niveau 1:

Supplement b. Functie directeur publieke gezondheid voor zover het de GHOR-taken betreft

Kerntaak 2:. Strategisch multidisciplinair adviseren

T.a.v. adviezen:

Functienaam: directeur publieke gezondheid voor zover het de GHOR-taken betreft (DPG)

Supplement c. Functie hoofd acute gezondheidszorg

2.1. Kerntaken en werkgebieden

Niveau 3:

De DPG geeft leiding aan de GHOR-keten en is daarmee de hoogst leidinggevende. In formele zingeeft hij leiding aan de uitvoering van de twee GHOR-processen Acute- en Publiekegezondheidszorg. Hij bewaakt de voortgang op de uitvoering, analyseert en beoordeelt crisissituatiesop basis van aangeleverde mono- en multidisciplinaire rapportages, stemt op beleidsniveau af met de GHOR-ketenpartners en geeft (via de ACGZ) opdrachten c.q. aanwijzingen.

De DPG is verantwoordelijk voor coördinatie en aansturing bij de bestrijding van grootschaligeinfectieziekten (met name van type A). En bij dreigende infectieziekte- en/of gezondheidscrisis verbinder van de bestuurders van de acute en publieke gezondheidszorg.

Daarbij draagt de DPG zorg voor het netwerkmanagement op alle niveaus in de pro actie enpreparatiefase met de acute en publieke zorgpartners, waardoor deze o.a. op een adequaat informatieniveau zijn aangesloten bij een (dreigende) crisis.

Kerntaak 1:. Coördineren van het proces acute gezondheidszorg

Kerntaak 2:. Adviseren van de ACGZ

Kerntaak 2. strategisch multidisciplinair adviseren

Supplement ii. Functie duikploegleider/duikmedisch begeleider

De DPG laat zich door de ACGZ (Algemeen Commandant Geneeskundige Zorg) en andere experts (waaronder GAGS en arts infectieziekten) informeren over de veiligheidssituatie van de bevolking en adviseert GBT/RBT over te nemen strategische beleidsbeslissingen hieromtrent.

Kerntaak 1:. Coördineren van het proces acute gezondheidszorg

De DPG onderhoudt bij (dreigende) crises contacten met partners in de acute en publieke gezondheidszorg, waaronder de rijksheer van VWS, departementaal crisiscentrum VWS, de liaisons in het Nationaal Crisiscentrum (NCC), het RIVM en met collega DPG’en van buurregio’s.

3.1. Uitwerking kerntaken

Kerntaak 1. strategisch leidinggeven aan de GHOR-keten

De duikmedisch begeleider kent medische risico’s met betrekking tot duiken. Hij kent de oorzaken van duikerziekten en aan duiken gerelateerde aandoeningen, herkent deze aan symptomen en stelt de diagnose. De duikmedisch begeleider deelt zijn diagnose met de duikerarts en met de verpleegkundige van de ambulancedienst.

4.1. Competenties

Geeft situationeel sturing aan een individuele medewerker en/of een groep in het kader van de taakvervulling.

1.1. Algemene informatie

Overtuigt anderen van een bepaald standpunt om instemming te krijgen met bepaalde plannen, ideeën of producten.

2.1. Kerntaken

Brengt belangen, opinies en inbreng van diverse partijen samen. Geeft vorm aan en richting aan (uiteenlopende) samenwerkingsverbanden en realiseert een gemeenschappelijk resultaat.

De volgende competenties worden als aanwezig verondersteld:

Bijlage B. behorende bij artikel 1 lid 2 Regeling personeel veiligheidsregio’s

Supplement c. Functie hoofd acute gezondheidszorg

2.2. Competentiematrix HIN

1.1. Algemene informatie

3.1. Uitwerking kerntaken en beoordelingscriteria

Kerntaak 1:. Het organiseren, bewaken en borgen van het informatieproces monodisciplinair

2.1. Kerntaken en werkgebieden

Kerntaak 1. coördineren van het proces acute gezondheidszorg

Werkzaamheden:

Kerntaak 3:. Opstellen en uitbrengen van adviezen

Kerntaak 2. adviseren van de Algemeen Commandant Geneeskundige Zorg (ACGZ)

Bijlage B. behorende bij artikel 1 lid 2 Regeling personeel veiligheidsregio’s

3.1. Uitwerking kerntaken

Kerntaak 2. adviseren van de Algemene Commandant Geneeskundige Zorg (ACGZ)

4.1. Competenties

Werkzaamheden:

Kerntaak 3:. Opstellen en uitbrengen van adviezen

2.1. Kerntaken

Kerntaak 1:. Functioneel leiding geven aan de backoffice GHOR

Overtuigt anderen van een bepaald standpunt om instemming te krijgen met bepaalde plannen, ideeën of producten.

Kerntaak 3:. Opstellen en uitbrengen van adviezen

Bijlage B. behorende bij artikel 1 lid 2 Regeling personeel veiligheidsregio’s

Supplement d. Functie hoofd informatie geneeskundige zorg

Functie zoals vermeld in artikel 2, lid 2 van het Besluit personeel veiligheidsregio’s.

1.1. Algemene informatie

Functienaam: hoofd informatie geneeskundige zorg (HIN-Gz)

Kerntaak 2:. Inrichten en mede uitvoeren van de multidisciplinaire samenwerking binnen de sectie ondersteuningsmanagement

Niveau 1:

Kerntaak 1. het organiseren, bewaken en borgen van het informatieproces monodisciplinair

De HIN-Gz functionaris is verantwoordelijk voor het verzamelen en bundelen van informatie vanuit de witte kolom, het analyseren en verifiëren van de verkregen informatie, het analyseren van beschikbare planvorming en de duiding van die informatie richting ROT. De HIN-Gz functionaris draagt zorg voor het maken en up-to-date houden van het geneeskundig beeld ten behoeve van de partners in de witte keten. De HIN-Gz functionaris deelt informatie met partners in de witte kolom op basis van vooraf vastgestelde informatiebehoefte.

Kerntaak 2. inrichten en mede uitvoeren van de multidisciplinaire samenwerking binnen de sectie informatiemanagement

De HIN-Gz functionaris is verantwoordelijk voor het aanleveren van relevante monodisciplinaire informatie bij de informatiemanager ROT. De HIN-Gz functionaris brengt en haalt informatie bij, en stemt actief af met de hoofden informatie van de andere kolommen.

Functie zoals genoemd in artikel 2 lid 2 sub f Besluit personeel veiligheidsregio’s

1.1. Algemene informatie

Werkzaamheden:

Bijlage B. behorende bij artikel 1 lid 2 Regeling personeel veiligheidsregio’s

Het signaleren van (potentiële) problemen/knelpunten en deze zelfstandig of in samenwerking met anderen verhelpen.

Functie zoals genoemd in artikel 2 lid 2 sub c Besluit personeel veiligheidsregio’s

Niveau 2:

Kerntaak 3. opstellen en uitbrengen van adviezen

Resultaatgericht

4.1. Competenties

Kerntaak 1:. Coördineren van het proces publieke gezondheidszorg

Doorziet de kern van problemen.

Kerntaak 2:. Adviseren van de ACGZ

Werkzaamheden:

Bijlage B. behorende bij artikel 1 lid 2 Regeling personeel veiligheidsregio’s

Supplement g. Functie officier van dienst geneeskundig

De volgende competenties worden als aanwezig verondersteld:

Bijlage B. behorende bij artikel 1 lid 2 Regeling personeel veiligheidsregio’s

Supplement e. Functie hoofd ondersteuning geneeskundige zorg

Bijlage B. behorende bij artikel 1 lid 2 Regeling personeel veiligheidsregio’s

1.1. Algemene informatie

Functienaam: hoofd ondersteuning geneeskundige zorg (HON)

Kerntaak 2:. Multidisciplinair samenwerken

2.1. Kerntaken en werkgebieden

Kerntaak 1. functioneel leidinggeven aan de backoffice GHOR

2.1. Kerntaken

Niveau 2:

Kerntaak 1:. Leidinggeven aan de geneeskundige hulpverlening op het plaats incident

Kerntaak 3. opstellen en uitbrengen van adviezen

Kerntaak 2:. Multidisciplinair samenwerken

Werkzaamheden:

Niveau 1:

Kerntaak 1. functioneel leidinggeven aan de backoffice GHOR

Kerntaak 2. inrichten en mede uitvoeren van de multidisciplinaire samenwerking binnen de sectie ondersteunings-/ resourcemanagement

Kerntaak 3. opstellen en uitbrengen van adviezen

Van de HON-Gz functionaris wordt verwacht dat hij actief meedenkt, proactief is en de ACGZ adviseert. Hij heeft echter geen zelfstandige beslissingsbevoegdheid.

4.1. Competenties

Signaleert problemen; herkent belangrijke informatie; legt verbanden tussen gegevens. Spoort mogelijke oorzaken van problemen op; zoekt ter zake doende gegevens.

Gedragscompetenties

Is zich bewust van maatschappelijke en politieke ontwikkelingen of andere omgevingsfactoren. Speelt in op deze ontwikkelingen en vertaalt deze naar het eigen werkgebied.

De volgende competenties worden als aanwezig verondersteld:

Bijlage B. behorende bij artikel 1 lid 2 Regeling personeel veiligheidsregio’s

Supplement f. Functie hoofd publieke geneeskundige zorg

G3:. Organiseren van eigen werk

1.1. Algemene informatie

G4:. Delegeren

Kerntaak 2:. Inrichten en mede uitvoeren van de multidisciplinaire samenwerking binnen de sectie ondersteunings-/resourcemanagement

2.1. Kerntaken

Kerntaak 1. coördineren van het proces Publieke Gezondheidszorg

G6:. Mondelinge/schriftelijke communicatie

Kerntaak 2. Adviseren van de Algemeen Commandant Geneeskundige Zorg (ACGZ)

G7:. Overtuigingskracht

3.1. Uitwerking kerntaken

Kerntaak 1. coördineren van het proces Publieke Gezondheidszorg

Kerntaak 2. adviseren van de Algemeen Commandant Geneeskundige Zorg (ACGZ)

G9:. Samenwerken

Bijdragen aan een gezamenlijk resultaat, ook wanneer de samenwerking niet direct van eigen belang is.

G10:. Probleemanalyse

Supplement f. Functie hoofd publieke gezondheidszorg

G11:. Oordeelsvorming

Is zich bewust van maatschappelijke en politieke ontwikkelingen of andere omgevingsfactoren. Speelt in op deze ontwikkelingen en vertaalt deze naar het eigen werkgebied.

G12:. Besluitvaardigheid

De volgende competenties worden als aanwezig verondersteld:

Bijlage B. behorende bij artikel 1 lid 2 Regeling personeel veiligheidsregio’s

Onderkennen van invloed en gevolgen van eigen beslissingen of activiteiten op andere onderdelen van de organisatie; onderkennen van belangen van andere onderdelen van de organisatie.

Functie zoals vermeld in artikel 2, lid 2 van het Besluit personeel veiligheidsregio’s.

1.1. Algemene informatie

G15:. Aanpassingsvermogen

3.1. Uitwerking kerntaken en beoordelingscriteria

2.1. Kerntaken

Kerntaak 1. functioneel leidinggeven aan de geneeskundige hulpverlening op de plaats incident

G17:. Energie

Werkzaamheden:

G18:. Discipline

Supplement g. Functie officier van dienst geneeskundig

Organisatiecompetenties

1.1. Algemene informatie

Kerntaak 2. multidisciplinair samenwerken

2.2 Competentiematrix HAG

Kerntaak 3. rapporteren en adviseren

V1:. Bestuurlijke en operationele omgeving/positionering

3.1. Uitwerking kerntaken

Kerntaak 1. Functioneel leidinggeven aan de geneeskundige hulpverlening op de plaats incident

Kerntaak 2. multidisciplinair samenwerken

Kerntaak 3. rapporteren en adviseren

4.1. Competenties

V4:. Richtlijnen, protocollen en procedures

Werkzaamheden:

V5:. Technische hulpmiddelen

Werkzaamheden:

V6:. Juridische aspecten

De volgende competenties worden als aanwezig verondersteld:

Toepassings- en overdrachtsniveau (2):

Niveau: 1

Voor het competentieprofiel is een kader ontwikkeld dat de volgende competenties onderscheidt:

De niveauaanduiding van de competenties is als volgt:

Competenties

Gedragscompetenties

Niveau: 6

Richting en sturing geven aan anderen in het kader van hun taakvervulling; stijl en methode aanpassen aan betrokken individuen, taken en situatie.

Niveau: 8

Aansturen en tot uitvoering brengen van diverse uitvoerende activiteiten. Taken en verantwoordelijkheden toewijzen. Activiteiten coördineren en zonodig knelpunt wegnemen. In organisatorische zin randvoorwaarden creëren.

G3:. Organiseren van eigen werk

Effectief organiseren van het eigen werk door het plannen van doelstellingen, tijd en activiteiten; beschikbare tijd en energie richten op de hoofdzaken en acute problemen.

Niveau: Tactisch

Eigen taken, beslissingsbevoegdheden en verantwoordelijkheden op duidelijke wijze toedelen aan juiste medewerkers.

Niveau: Operationeel

1.1. Algemene informatie

Functienaam: hoofd ondersteuning geneeskundige zorg (HON)

Ideeën en meningen aan anderen duidelijk maken, gebruik makend van duidelijke taal. Ideeën en meningen duidelijk maken in een rapportage of document dat de juiste opzet heeft en structuur heeft, grammaticaal correct is en dat de juiste taal en terminologie voor de lezer bevat. Bijv. SitRaps, logboek.

Niveau: Op hoofdlijnen.

Gebruikmakend van de juiste stijl en methode proberen anderen te overtuigen van een bepaald standpunt en trachten instemming te verkrijgen met bepaalde plannen, ideeën of activiteiten.

G8:. Luisteren

Tonen belangrijke informatie op te pikken uit mondelinge mededelingen. Doorvragen en ingaan op reacties.

G9:. Samenwerken

Bijdragen aan een gezamenlijk resultaat, ook wanneer de samenwerking niet direct van eigen belang is.

Functienaam: calamiteitencoördinator meldkamer

Signaleren van problemen, herkennen van belangrijke informatie; verbanden leggen tussen gegevens. Opsporen van mogelijke oorzaken van problemen; zoeken naar ter zake doende gegevens.

Niveau 3:

Kerntaak 2:. Inrichten en mede uitvoeren van de multidisciplinaire samenwerking binnen de sectie ondersteuningsmanagement

De calamiteitencoördinator meldkamer wordt vooraf geraadpleegd en adviseert bij het (her)definiëren van de te behalen prestaties binnen het proces om feiten en gegevens te verzamelen, verwerken, veredelen en verstrekken. De calamiteitencoördinator meldkamer is verantwoordelijk voor het (opnieuw) organiseren van het proces om feiten en gegevens te verzamelen, verwerken, veredelen en verstrekken. De calamiteitencoördinator is verantwoordelijk voor het verzamelen, verwerken, veredelen en verstrekken van feiten en gegevens.

Beslissingen nemen door middel van het ondernemen van acties of het zich vastleggen door middel van het uitspreken van oordelen.

Niveau 2

Onderkennen van invloed en gevolgen van eigen beslissingen of activiteiten op andere onderdelen van de organisatie; onderkennen van belangen van andere onderdelen van de organisatie.

G14:. Omgevingsbewustzijn

Laten blijken goed geïnformeerd te zijn over organisatorische, maatschappelijke en politieke ontwikkelingen of andere omgevingsfactoren en deze kennis effectief benutten voor de eigen functie en organisatie.

Besluiten in een korte tijdsbestek op basis van ingekleurde, gefragmenteerde en/of onvolledige informatie.

Effectief blijven handelen door zich aan te passen aan veranderde omstandigheden, taken verantwoordelijkheden en/of mensen.

Besluiten met een bepaalde mate van kennis van functionele partners; wat doen zij aan incident- en gevolgbestrijding?

2.1. Kerntaken

De calamiteitencoördinator meldkamer is verantwoordelijk voor het (opnieuw) organiseren van het proces om feiten en gegevens te verzamelen, verwerken en veredelen tot een startbeeld en dit beschikbaar te stellen.

Gedurende een lange periode in hoge mate actief zijn wanneer de functie dat vraagt. Hard werken, uithoudingsvermogen tonen.

Inschatten van informatie op haar waarde qua bruikbaarheid, afhankelijk van actor en tijd.

Zich voegen naar het beleid en/of de procedures van de organisatie. Bij onduidelijkheid of veranderingen bevestiging zoeken bij de juiste autoriteit.

Organisatiecompetenties

O1: Beleid van de rampenorganisaties in het algemeen en de GHOR-ketenorganisaties in het bijzonder met betrekking tot de ontwikkelingen in structuur, cultuur en inhoudelijke processen en procedures.

O2: Ontwikkelingen in de structuur en processen van de rampenorganisaties in het algemeen en de GHOR-ketenorganisaties in het bijzonder.

O3: De actuele organisatiestructuur en primaire processen en procedures van de GHOR-ketenorganisaties.

Vaktechnische competenties

Afwegen van de mate waarin opschaling effectief en efficiënt is, rekening houdend met bestuurlijke gevoeligheid.

Kent de bestuurlijke en operationele omgeving en zijn positie daarin.

Signaleert problemen; herkent belangrijke informatie; legt verbanden tussen gegevens. Spoort mogelijke oorzaken van problemen op; zoekt terzake doende gegevens.

1.1. Algemene informatie

Blijft onder tijdsdruk, hoge werkdruk en bemoeilijkende omstandigheden adequaat functioneren (bijvoorbeeld tegenslag, teleurstelling).

Beschikt over de benodigde kennis, inzicht en vaardigheden om processen en hieruit voortvloeiende taken te vervullen.

Brengt belangen, opinies en inbreng van diverse partijen samen. Geeft vorm aan en richting aan (uiteenlopende) samenwerkingsverbanden en realiseert een gemeenschappelijk resultaat.

Kent de richtlijnen, protocollen en procedures en kan deze toepassen en waar nodig bijstellen.

V5:. Technische hulpmiddelen

Heeft kennis van en kan gebruik maken van de beschikbare (technische) hulpmiddelen.

Is zich bewust van maatschappelijke en politieke ontwikkelingen of andere omgevingsfactoren. Speelt in op deze ontwikkelingen en vertaalt deze naar het eigen werkgebied.

Kent de juridische aspecten die van invloed zijn op de functies binnen de operationele GHOR organisatie.

Niveau 3:

Kerntaak 1:. Leidinggeven aan de geneeskundige hulpverlening op het plaats incident

Niveau: 2

Niveau: 3

Niveau: 4

Niveau: 5

Werkzaamheden:

Niveau: 7

Niveau: 8

Voor iedere oefenactiviteit en doelstelling zijn andere dataverzamelingsmethoden mogelijk. De evaluator multidisciplinair oefenen dient hier een juiste keuze in te maken.

Niveau: Strategisch

4.1. Competenties

Niveau: Tactisch

Is en houdt zich op de hoogte van de ontwikkelingen m.b.t. de rampenorganisaties en inhoudelijke processen en procedures. Kent de relevante sleutelfiguren in het uitvoeringsveld.

Niveau: Operationeel

G2:. Operationeel management

Weegt gegevens en mogelijke handelwijzen in het licht van relevante criteria tegen elkaar af om tot realistische beoordelingen te komen.

G3:. Organiseren van eigen werk

Niveau: Op hoofdlijnen.

Niveau: Op gemiddeld niveau.

Brengt opvattingen duidelijk onder woorden en weet aan te sluiten bij de lezer. Formuleert ingewikkelde zaken kernachtig en weet woorden trefzeker te kiezen.

Niveau B: kernachtig

Supplement c. Informatiemanager commando plaats incident (CoPI)

Functie zoals genoemd in artikel 2 lid 3, sub c van het Besluit personeel veiligheidsregio’s.

Functienaam: calamiteitencoördinator meldkamer

Beschrijving van de functie: de calamiteitencoördinator meldkamer:

Beschrijving van de functie: De informatiemanager CoPI:

Kerntaak 1. het voeren van regie op het proces informatievoorziening in de meldkamer

De calamiteitencoördinator meldkamer verzamelt, verwerkt, valideert, veredelt en verstrekt feiten en gegevens. De calamiteitencoördinator meldkamer adviseert over het (her)definiëren van de te behalen prestaties. De calamiteitencoördinator meldkamer is verantwoordelijk voor het (opnieuw) organiseren van het proces informatievoorziening. Indien de informatiemanager CoPI de regie op het informatieproces op zich heeft genomen, is de calamiteitencoördinator meldkamer alleen verantwoordelijk voor het organiseren van het proces in de meldkamer.

De calamiteitencoördinator meldkamer is verantwoordelijk voor de uitvoering van het informatieproces in de meldkamer en het beschikbaar stellen van feiten en gegevens binnen de crisisstructuur.

De informatiemanager CoPI ondersteunt de leider CoPI bij het (her)definiëren van de prestaties binnen operationele leiding, operatiën, informatie en crisiscommunicatie. De informatiemanager CoPI ondersteunt de leider CoPI bij het organiseren van de randvoorwaarden voor operationele leiding, operatiën, informatie en crisiscommunicatie.

De calamiteitencoördinator meldkamer wordt vooraf geraadpleegd en adviseert bij het (her)organiseren van de randvoorwaarden voor de grootschalige alarmering.

Kerntaak 2:. Inrichten en mede uitvoeren van de multidisciplinaire samenwerking binnen de sectie ondersteunings-/resourcemanagement

De informatiemanager CoPI is verantwoordelijk voor het (opnieuw) organiseren van het proces in de gehele informatielijn om feiten en gegevens te verzamelen, verwerken, veredelen en verstrekken aan de juiste afnemers; Indien de informatiemanager ROT de regie op het informatieproces op zich heeft genomen, is de informatiemanager CoPI alleen verantwoordelijk voor het proces in het CoPI.

De calamiteitencoördinator meldkamer wordt vooraf geraadpleegd en adviseert bij het (her)definiëren van de prestaties binnen operationele leiding, operatiën en informatie.

G12:. Besluitvaardigheid

Een evenwicht houden tussen actieve ‘coachende’ sturing en directieve sturing.

De informatiemanager CoPI ondersteunt de leider CoPI bij het (her)definiëren van de te behalen prestaties bij het bestrijden van de oorzaak en/of het beheersen van de gevolgen van een (dreigend) incident.

Kerntaak 2. het realiseren van grootschalige alarmering

Overdenken en vooraf afwegen welk besluit genomen moet worden in het licht van de mogelijke effecten van informatiespreiding.

Op de juiste momenten blijven overtuigen en accepteren dat je advies niet wordt overgenomen.

Signaleert problemen; herkent belangrijke informatie; legt verbanden tussen gegevens. Spoort mogelijke oorzaken van problemen op; zoekt terzake doende gegevens.

Werkzaamheden:

Brengt belangen, opinies en inbreng van diverse partijen samen. Geeft vorm aan en richting aan (uiteenlopende) samenwerkingsverbanden en realiseert een gemeenschappelijk resultaat.

Selecteert één te volgen verantwoorde strategie voor zichzelf (en anderen), ondanks onvolledigheid in kennis van alternatieven en van hun risico's.

Is zich bewust van maatschappelijke en politieke ontwikkelingen of andere omgevingsfactoren.

Speelt in op deze ontwikkelingen en vertaalt deze naar het eigen werkgebied.

Supplement b. Evaluator multidisciplinair oefenen

Functie zoals genoemd in artikel 2 lid 3, sub b van het Besluit personeel veiligheidsregio’s.

Signaleert problemen; herkent belangrijke informatie; legt verbanden tussen gegevens. Spoort mogelijke oorzaken van problemen op; zoekt terzake doende gegevens.

Functienaam: evaluator multidisciplinair oefenen

Beschrijving van de functie: De evaluator multidisciplinair oefenen:

2.1. Overzicht kerntaken

De evaluator multidisciplinair oefenen wordt vooraf geraadpleegd en adviseert over het organiseren van de randvoorwaarden voor de evaluatie van de multidisciplinaire oefening. De evaluator multidisciplinair oefenen is verantwoordelijk voor het uitvoeren van de evaluatie van de multidisciplinaire oefening.

Niveau B: langdurig en effectief

De evaluator multidisciplinair oefenen wordt vooraf geraadpleegd en adviseert over het organiseren van de randvoorwaarden van de evaluatie van de multidisciplinaire oefening.

Voor iedere oefenactiviteit en doelstelling zijn andere dataverzamelingsmethoden mogelijk. De evaluator multidisciplinair oefenen dient hier een juiste keuze in te maken.

Kerntaak 2:. Adviseren van de ACGZ

Niveau B: woordenschat en bondig

Verricht werkzaamheden met een grote mate van accuratesse.

Niveau D: kwaliteit bewaken

Signaleert problemen; herkent belangrijke informatie; legt verbanden tussen gegevens. Spoort mogelijke oorzaken van problemen op; zoekt terzake doende gegevens.

V5:. Technische hulpmiddelen

Weegt gegevens en mogelijke handelwijzen in het licht van relevante criteria tegen elkaar af om tot realistische beoordelingen te komen.

Niveau B: afwegen

Onderkent en verplaatst zich in de gevoelens en behoeften van anderen, en houdt rekening met de gevolgen van eigen handelen op andere mensen of onderdelen van de organisatie.

Niveau C: bewust zijn van

Kerntaak 2:. Multidisciplinair samenwerken

Niveau B: kernachtig

De informatiemanager ROT ondersteunt de regionaal operationeel leider bij het (her)definiëren van de prestaties binnen de algemene operationele leiding. De informatiemanager ROT ondersteunt de regionaal operationeel leider bij het organiseren van de randvoorwaarden binnen de algemene operationele leiding.

Functie zoals genoemd in artikel 2 lid 3, sub c van het Besluit personeel veiligheidsregio’s.

De informatiemanager ROT wordt vooraf geraadpleegd en adviseert aan de regionaal operationeel leider bij het (her)definiëren van de te behalen prestaties binnen het proces in de gehele informatielijn om feiten en gegevens te verzamelen, verwerken, veredelen en verstrekken aan de juiste afnemers.

Kerntaak 1:. Leidinggeven aan de geneeskundige hulpverlening op het plaats incident

Beschrijving van de functie: De informatiemanager CoPI:

Bewust zijn van de mogelijke risico’s die het detailniveau waarop het totaalbeeld wordt geschetst met zich meebrengt. Een afweging maken in de verkregen informatie en het beschikbaar stellen van informatie voor het totaalbeeld. De waarde van de informatie is naast de bruikbaarheid ook afhankelijk van de actor en de tijd.

De informatiemanager CoPI wordt vooraf geraadpleegd en adviseert aan de leider CoPI bij het (her)definiëren van de te behalen prestaties binnen het proces in de gehele informatielijn om feiten en gegevens te verzamelen, verwerken, veredelen en verstrekken aan de juiste afnemers; Indien de informatiemanager ROT de regie op het informatieproces op zich heeft genomen, wordt de informatiemanager CoPI alleen vooraf geraadpleegd en adviseert hij over het proces in het CoPI. De informatiemanager CoPI is verantwoordelijk voor het (opnieuw) organiseren van het proces in de gehele informatielijn om feiten en gegevens te verzamelen, verwerken, veredelen en verstrekken aan de juiste afnemers; Indien de informatiemanager ROT de regie op het informatieproces op zich heeft genomen, is de informatiemanager CoPI alleen verantwoordelijk voor het proces in het CoPI. De informatiemanager CoPI is verantwoordelijk voor het verzamelen, verwerken, veredelen en beschikbaar stellen van feiten en gegevens binnen de crisisstructuur.

De informatiemanager CoPI ondersteunt de leider CoPI bij het (her)definiëren van de te behalen prestaties bij het bestrijden van de oorzaak en/of het beheersen van de gevolgen van een (dreigend) incident.

Werkzaamheden:

Omgaan met het mogelijk niet als volwaardig lid van het team gezien worden en daarbij toch rolvast weten te blijven.

De informatiemanager CoPI wordt vooraf geraadpleegd en adviseert aan de leider CoPI bij het (her)definiëren van de te behalen prestaties binnen het proces in de gehele informatielijn om feiten en gegevens te verzamelen, verwerken, veredelen en verstrekken aan de juiste afnemers; Indien de informatiemanager ROT de regie op het informatieproces op zich heeft genomen, wordt de informatiemanager CoPI alleen vooraf geraadpleegd en adviseert hij over het proces in het CoPI.

Politiek-bestuurlijk inzicht

De informatiemanager CoPI is verantwoordelijk voor het verzamelen, verwerken, veredelen en beschikbaar stellen van feiten en gegevens binnen de crisisstructuur.

Bewust zijn van de mogelijke risico’s die het detailniveau waarop het totaalbeeld wordt geschetst met zich meebrengt. Een afweging maken in de verkregen informatie en het beschikbaar stellen van informatie voor het totaalbeeld. De waarde van de informatie is naast de bruikbaarheid ook afhankelijk van de actor en de tijd.

Een evenwicht houden tussen actieve ‘coachende’ sturing en directieve sturing.

De informatiemanager CoPI ondersteunt de leider CoPI bij het (her)definiëren van de te behalen prestaties bij het bestrijden van de oorzaak en/of het beheersen van de gevolgen van een (dreigend) incident.

Vakmatige competenties (professie)

Overdenken en vooraf afwegen welk besluit genomen moet worden in het licht van de mogelijke effecten van informatiespreiding.

4.1. Competenties

Omgaan met de verschillende belangen tussen de betrokken partijen en daarbij omgaan met eventuele weerstand.

De informatiemanager CoPI ondersteunt de leider CoPI bij het (her)definiëren van de prestaties binnen operationele leiding, operatiën, informatie en crisiscommunicatie.

De informatiemanager CoPI ondersteunt de leider CoPI bij het organiseren van de randvoorwaarden voor operationele leiding, operatiën, informatie en crisiscommunicatie.

Omgaan met het mogelijk niet als volwaardig lid van het team gezien worden en daarbij toch rolvast weten te blijven.

2.1. Kerntaken en taakgebieden

Op de juiste momenten blijven overtuigen en accepteren dat je advies niet wordt overgenomen.

Omgaan met de verschillende belangen tussen de betrokken partijen en daarbij omgaan met eventuele weerstand.

Niveau D: ontspannen

Signaleert problemen; herkent belangrijke informatie; legt verbanden tussen gegevens. Spoort mogelijke oorzaken van problemen op; zoekt terzake doende gegevens.

Bijlage B. , behorende bij artikel 1 lid 2 Regeling personeel veiligheidsregio’s

Supplement e. functie leider commando plaats incident

Niveau D: uitwerken

1.1. Algemene informatie

Niveau B: langdurig en effectief

Kerntaak 1:. Leiding geven aan het gemeenschappelijk meldkamerproces

2.1. Overzicht kerntaken

G11:. Oordeelsvorming

Kerntaak 2:. Creëren en delen van informatie

Supplement d. Informatiemanager regionaal operationeel team

Functie zoals genoemd in artikel 2 lid 3, sub d van het Besluit personeel veiligheidsregio’s.

1.1. Algemene informatie

Supplement b. Functie evaluator multidisciplinair oefenen

G14:. Omgevingsbewustzijn

De leider CoPI is eindverantwoordelijk voor het verzamelen, verwerken, veredelen en verstrekken van feiten en gegevens aan de juiste afnemers.

2.1. Kerntaken

3.1. Uitwerking kerntaken

De informatiemanager ROT is eindverantwoordelijk voor het verzamelen, verwerken, veredelen en beschikbaar stellen van feiten en gegevens binnen de crisisstructuur.

Kerntaak 2:. Het observeren van teamgedrag en -prestaties (inhoud, proces en resultaat)

G17:. Energie

Onafhankelijk en rolvast blijven uitvoeren van taken, ondanks tijdsdruk, onzekerheid en urgentie, kolom overstijgend.

Supplement d. Informatiemanager regionaal operationeel team

De informatiemanager ROT is verantwoordelijk voor het (opnieuw) organiseren van het proces in de gehele informatielijn om feiten en gegevens te verzamelen, verwerken, veredelen en verstrekken aan de juiste afnemers.

1.1. Algemene informatie

Kerntaak 5:. Afronding

Kerntaak 1:. Inrichten en in stand houden ambulancestation.

2.1. Overzicht kerntaken

3.1. Uitwerking kerntaken

Supplement b. Evaluator multidisciplinair oefenen

Overdenken en vooraf afwegen welk besluit genomen moet worden in het licht van de mogelijke effecten van informatiespreiding.

1.1 Algemene informatie

Vereiste competenties en niveaus van functioneren

3.1. Uitwerking kerntaken

De informatiemanager ROT ondersteunt de regionaal operationeel leider bij het organiseren van de randvoorwaarden binnen de algemene operationele leiding.

V4:. Richtlijnen, protocollen en procedures

3.1. Uitwerking kerntaken

4.1. Competenties

4.1. Competenties

Signaleert problemen; herkent belangrijke informatie; legt verbanden tussen gegevens. Spoort mogelijke oorzaken van problemen op; zoekt terzake doende gegevens.

4.1. Competenties

Kerntaak 4:. Het uitvoeren van een schriftelijke evaluatie

Niveau B: afstemmen

1.1. Algemene informatie

Vereiste competenties en niveaus van functioneren

Kerntaak 5:. Afronding

Werkzaamheden

2.2. Competentiematrix

Niveau B: woordenschat en bondig

Supplement e. functie leider commando plaats incident

1.1. Algemene informatie

1.1. Algemene informatie

Functienaam: Leider commando plaats incident

2.1. Overzicht kerntaken

2.1. Overzicht kerntaken

Bijlage B, behorende bij artikel 1 lid 2 Regeling personeel veiligheidsregio’s

2.1. Overzicht kerntaken

De leider CoPI is eindverantwoordelijk voor het uitvoeren van operationele leiding, operatiën, informatie en crisiscommunicatie.

1.1. Algemene informatie

3.1. Uitwerking kerntaken

3.1. Uitwerking kerntaken

Supplement e. functie leider commando plaats incident

Werkzaamheden

1.1. Algemene informatie

De Procesmanager Multidisciplinair Oefenen is verantwoordelijk voor het (her)definiëren van de prestaties in de uitvoering van de evaluatie van de multidisciplinaire oefening.

Supplement d. Functie informatiemanager regionaal operationeel team

2.1. Overzicht kerntaken

1.1. Algemene informatie

Onafhankelijk en rolvast blijven uitvoeren van taken, ondanks tijdsdruk, onzekerheid en urgentie, kolom overstijgend.

2.1. Kerntaken

Kerntaak 1:. Sturing geven aan het regionale informatieproces

Kerntaak 3:. Rapporteren en adviseren

4.1. Competenties

De leider CoPI is eindverantwoordelijk voor het (opnieuw) organiseren van de randvoorwaarden voor het bestrijden van de oorzaak en/of het beheersen van de gevolgen van een (dreigend) incident.

Kerntaak 3:. Optreden als adviseur in het informatieproces

Supplement e. Functie hoofd sectie GHOR

De leider CoPI is verantwoordelijk voor het (her)definiëren van de te behalen prestaties binnen het proces om feiten en gegevens te verzamelen, verwerken, veredelen en verstrekken aan de juiste afnemers.

4.1. Competenties

Werkzaamheden

Kerntaak 1:. Tactisch leidinggeven aan de GHOR-keten.

3.1. Uitwerking kerntaken

Kerntaak 1:. Sturing geven aan het regionale informatieproces

Werkzaamheden

Zorgen voor communicatie ondanks de positie en snelheid van (sociale) media.

4.1. Competenties

Supplement g. functie regionaal operationeel leider

Werkzaamheden

Blijft onder tijdsdruk, hoge werkdruk en bemoeilijkende omstandigheden adequaat functioneren (bijvoorbeeld tegenslag, teleurstelling).

Supplement d. Informatiemanager regionaal operationeel team

Werkzaamheden

Niveau C: bijsturen

Bijlage C. behorende bij artikel 1 lid 3 Regeling personeel veiligheidsregio’s

Supplement e. Functie leider commando plaats incident

Selecteert één te volgen verantwoorde strategie voor zichzelf (en anderen), ondanks onvolledigheid in kennis van alternatieven en van hun risico's

1.1. Algemene informatie

Supplement f. functie procesmanager multidisciplinair oefenen (PMO)

Functie zoals genoemd in artikel 2 lid 3, sub f van het Besluit personeel veiligheidsregio’s.

1.1. Algemene informatie

2.1. Kerntaken

3.1. Uitwerking kerntaken

2.1. Overzicht kerntaken

2.2. Competenties

Kerntaak 4:. Adviseren aan het HS-GHOR.

Vereiste competenties en niveaus van functioneren

Kerntaak 2:. Het observeren van teamgedrag en -prestaties (inhoud, proces en resultaat)

De Procesmanager Multidisciplinair Oefenen wordt vooraf geraadpleegd en adviseert het afdelings-/bureauhoofd bij het organiseren van de randvoorwaarden voor het uitvoeren van het multidisciplinaire OTO-beleid.

3.1. Uitwerking kerntaken

Supplement f. functie procesmanager multidisciplinair oefenen (PMO)

Kerntaak 3:. Het geven van feedback

Een afweging maken tussen kosten en impact van een oefenactiviteit ten opzichte van de baten.

Werkzaamheden

Vereiste competenties en niveaus van functioneren

2.1. Overzicht kerntaken

Bijlage C. behorende bij artikel 1 lid 3 Regeling personeel veiligheidsregio’s

Supplement f. Functie procesmanager multidisciplinair oefenen

Vereiste competenties en niveaus van functioneren

4.1. Competenties

2.1. Kerntaken

Afweging maken tussen strategische ambities en de operationele haalbaarheid in de multidisciplinaire OTO-planning.

4.1. Competenties

Supplement c. Functie informatiemanager commando plaats incident

Niveau C: overzicht houden

1.1. Algemene informatie

Kerntaak 3:. Borgen van de kwaliteit van multidisciplinaire OTO activiteiten

2.1. Kerntaak

Kerntaak 4:. Het leren van multidisciplinaire OTO activiteiten door de cyclische inzet van evaluaties

Kerntaak 3:. Afstemmen en samenwerken met de andere diensten ter plaatse.

Supplement h. Functionaris crisiscommunicatie commando plaats incident/ communicatieadviseur CoPI

belangen.

1.1. Algemene informatie

Kerntaak 1:. Leiding geven aan en coördineren van het psychosociaal opvangteam

4.1. Competenties

De communicatieadviseur CoPI:

2.1. Kerntaken en taakgebieden

1.1. Algemene informatie

Bijlage C. behorende bij artikel 1 lid 3 Regeling personeel veiligheidsregio’s

Vereiste competenties en niveaus van functioneren

2.1. Overzicht kerntaken

Werkzaamheden

De regionaal operationeel leider is verantwoordelijk voor het organiseren van de randvoorwaarden binnen de algemene operationele leiding. De regionaal operationeel leider is verantwoordelijk voor het uitvoeren van algemene operationele leiding (binnen het ROT en onderliggende diensten).

Vereiste competenties en niveaus van functioneren

Kerntaak 3:. Borgen van de kwaliteit van multidisciplinaire OTO activiteiten

3.1. Uitwerking kerntaken

Kerntaak 2:. Leiding geven aan de sectie informatiemanagement in het ROT

3.1. Uitwerking kerntaken

Kerntaak 4:. Het leren van multidisciplinaire OTO activiteiten door de cyclische inzet van evaluaties

De regionaal operationeel leider is verantwoordelijk voor het uitvoeren van algemene operationele leiding (binnen de rampenbestrijding en crisisbeheersing).

2.2. Competenties

Kerntaak 1:. Leidinggeven aan de geneeskundige hulpverlening op de plaats incident

2.1. Overzicht kerntaken

De regionaal operationeel leider is verantwoordelijk voor het (her)definiëren van de te behalen prestaties bij het bestrijden van de oorzaak en/of het beheersen van de gevolgen van een (dreigend) incident.

Supplement i. Functionaris crisiscommunicatie regionaal operationeel team/communicatieadviseur ROT

Kerntaak 1:. Sturing geven aan het regionale informatieproces

Besluiten met voldoende mate van kennis van functionele partners; op basis van hun incident- en gevolgbestrijding.

Bijlage C. behorende bij artikel 1 lid 3 Regeling personeel veiligheidsregio’s

Supplement g. Functie regionaal operationeel leider

Beslissen over de openbaarheid van de informatie; wat wel of niet vrijgeven?

2.1. Kerntaken en taakgebieden

Supplement i. Functie operationeel directeur GHOR

Zorgen voor communicatie op basis van het onjuiste beeld over de crisisorganisatie in de media en maatschappij.

Kerntaak 1:. Leiding geven aan het ROT

2.1. Kerntaken

3.1. Uitwerking kerntaken

4.1. Competenties

2.2. Competenties

Niveau B: relaties leggen

3.1. Uitwerking kerntaken

2.1. Kerntaken

3.1. Uitwerking kerntaken

Niveau B: stimuleren

Werkzaamheden

Werkzaamheden

Is zich bewust van maatschappelijke en politieke ontwikkelingen of andere omgevingsfactoren. Speelt in op deze ontwikkelingen en vertaalt deze naar het eigen werkgebied.

Supplement f. functie procesmanager multidisciplinair oefenen (PMO)

Supplement h. Functionaris crisiscommunicatie commando plaats incident/ communicatieadviseur CoPI

Functie zoals genoemd in artikel 2 lid 3, sub h van het Besluit personeel veiligheidsregio’s.

1.1. Algemene informatie

Kerntaak 1:. Leidinggeven aan het COPI

2.1. Overzicht kerntaken

Kerntaak 2:. Rapporteren en adviseren.

2.1. Kerntaken en taakgebieden

De communicatieadviseur CoPI handelt op basis van de kaders (strategie en doelstellingen) en mandaten waarbinnen de communicatie-operatie plaatsvindt (informatievoorziening, schadebeperking, betekenisgeving). Stemt hierover af met leider CoPI en andere partners.

3.1. Uitwerking kerntaken en beoordelingscriteria

Kerntaak 2:. Informatie delen

3.1. Uitwerking kerntaken

De communicatieadviseur CoPI:

4.1. Competenties

1.1. Algemene informatie

Niveau C (afwegen)

3.1. Uitwerking kerntaken

Kerntaak 1:. Informeren van media

Voert in een team een opdracht uit. Draagt bij aan de harmonie van de groep en aan de optimale inzet van de leden ten behoeve van het groepsdoel, desnoods ten koste van eigen korte termijn belangen.

Niveau C (terugkoppelen)

Verricht zonder hulp van anderen taken, probeert op eigen kracht probleemsituaties de baas te worden. Handelt volgens eigen overtuiging, onafhankelijk van anderen.

Niveau B (proberen)

Signaleert problemen; herkent belangrijke informatie; legt verbanden tussen gegevens. Spoort mogelijke oorzaken van problemen op; zoekt ter zake doende gegevens.

Niveau B (relaties leggen)

De volgende competenties worden als aanwezig verondersteld:

Signaleert problemen; herkent belangrijke informatie; legt verbanden tussen gegevens. Spoort mogelijke oorzaken van problemen op; zoekt terzake doende gegevens.

1.1. Algemene informatie

1.1. Algemene informatie

Functienaam: functionaris crisiscommunicatie regionaal operationeel team/ communicatieadviseur ROT

Kerntaak 1:. Het adviseren van het ROT over alle aspecten van voorlichting

De communicatieadviseur ROT:

2.1. Kerntaken en taakgebieden

De communicatieadviseur ROT deelt informatie over het omgevingsbeeld en meldt welke communicatieactiviteiten in voorbereiding zijn en op welke van de communicatiedoelstellingen het accent ligt.

2.2. Competenties

De communicatieadviseur ROT deelt informatie, besluiten en inzetopdrachten binnen het ROT en analyseert welke informatie relevant is voor het communicatieproces.

Kerntaak 2:. Het ontwikkelen, organiseren en uitvoeren van multidisciplinaire OTO activiteiten

De volgende competenties worden als aanwezig verondersteld:

4.1. Competenties

Selecteert één te volgen verantwoorde strategie voor zichzelf (en anderen), ondanks onvolledigheid in kennis van alternatieven en van hun risico's.

1.1. Algemene informatie

Overtuigt anderen van een bepaald standpunt om instemming te krijgen met bepaalde plannen, ideeën of producten.

Kerntaak 2:. Sturing geven aan het communicatieproces

De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.

Deze tekst wordt gepubliceerd onder de eigen hergebruiksvoorwaarden van BWB, niet onder een licentie van Legalize of van het publieke domein. BWB
CC0 1.0 Universeel (publiek domein)