Verdrag tot verbod van de ontwikkeling, de produktie, de aanleg van voorraden en het gebruik van chemische wapens en inzake de vernietiging van deze wapens
De activiteiten van het inspectieteam dienen zodanig te worden georganiseerd, dat zorg wordt gedragen voor de tijdige en doeltreffende verrichting van zijn taken, het minst mogelijke ongemak voor de geïnspecteerde Staat die Partij is bij dit Verdrag of Gaststaat en de minst mogelijke hinder voor de geïnspecteerde inrichting of het geïnspecteerde terrein. Het inspectieteam dient onnodige belemmering of vertraging van de werking van een inrichting te voorkomen en aantasting van de veiligheid daarvan te vermijden. Het inspectieteam mag met name geen inrichting in werking stellen. Indien inspecteurs van mening zijn dat ter vervulling van hun mandaat in een inrichting bepaalde handelingen moeten worden verricht, dienen zij de aangewezen vertegenwoordiger van de geïnspecteerde inrichting te verzoeken deze te doen uitvoeren. De vertegenwoordiger dient het verzoek voor zover zulks mogelijk is in te willigen.
41
Bij de verrichting van hun taken op het grondgebied van de geïnspecteerde Staat die Partij is bij dit Verdrag of Gaststaat worden de leden van het inspectieteam, indien de geïnspecteerde Staat die Partij is bij dit Verdrag zulks verzoekt, vergezeld door vertegenwoordigers van de geïnspecteerde Staat die Partij is bij dit Verdrag, maar het inspectieteam mag daardoor geen vertraging ondervinden of anderszins worden gehinderd in de uitoefening van zijn functies.
42
Door het Technisch Secretariaat worden gedetailleerde procedures ontwikkeld voor de verrichting van inspecties, die worden opgenomen in het inspectiehandboek, rekening houdend met de richtlijnen die zullen worden bestudeerd en goedgekeurd door de Conferentie overeenkomstig artikel VIII, lid 21, letter i.
Veiligheid
43
Bij de verrichting van hun activiteiten dienen de inspecteurs en inspectie-assistenten de op de inspectieplaats vastgestelde veiligheidsvoorschriften in acht te nemen, met inbegrip van de voorschriften voor de bescherming van gesloten ruimten binnen een inrichting en voor de persoonlijke veiligheid. Om aan deze vereisten te kunnen voldoen, zullen passende gedetailleerde procedures worden bestudeerd en goedgekeurd door de Conferentie overeenkomstig artikel VIII, lid 21, letter i.
Verbindingen
44
De inspecteurs hebben het recht zich gedurende de gehele verblijfsperiode in verbinding te stellen met de zetel van het Technisch Secretariaat. Hiertoe kunnen zij gebruik maken van hun eigen, naar behoren in orde bevonden, goedgekeurde uitrusting en kunnen zij verlangen dat de geïnspecteerde Staat die Partij is bij dit Verdrag of de Gaststaat hun toegang geeft tot andere telecommunicatiemiddelen. Het inspectieteam heeft het recht zijn eigen systeem voor tweerichtings-radioverkeer te gebruiken voor het contact tussen het personeel dat langs de omtrek patrouilleert en de overige leden van het inspectieteam.
Rechten van het inspectieteam en van de geïnspecteerde Staat die Partij is bij dit Verdrag
45
Het inspectieteam heeft, in overeenstemming met de desbetreffende artikelen van dit Verdrag en Bijlagen daarbij, alsmede met de inrichtingsakkoorden en de in het inspectiehandboek uiteengezette procedures, het recht op onbelemmerde toegang tot de inspectieplaats. De te inspecteren voorwerpen worden gekozen door de inspecteurs.
46
De inspecteurs hebben het recht een vraaggesprek te houden met personeelsleden van de inrichting in aanwezigheid van vertegenwoordigers van de geïnspecteerde Staat die Partij is bij dit Verdrag, met het doel relevante feiten vast te stellen. De inspecteurs mogen slechts vragen om informatie en gegevens die relevant zijn voor het verrichten van de inspectie, en de geïnspecteerde Staat die Partij is bij dit Verdrag dient deze informatie te verstrekken wanneer daarom wordt verzocht. De geïnspecteerde Staat die Partij is bij dit Verdrag heeft het recht bezwaar te maken tegen vragen die aan het personeel van de inrichting worden gesteld, indien deze vragen niet relevant voor de inspectie worden geacht. Indien de leider van het inspectieteam daartegen bezwaar maakt en stelt dat zij relevant zijn, worden de vragen schriftelijk aan de geïnspecteerde Staat die Partij is bij dit Verdrag verstrekt ter beantwoording. Het inspectieteam kan aantekening maken van elke weigering vraaggesprekken toe te staan of toestemming te verlenen voor het beantwoorden van vragen of het geven van toelichting, zulks in het gedeelte van het inspectieverslag dat betrekking heeft op de medewerking van de geïnspecteerde Staat die Partij is bij dit Verdrag.
47
De inspecteurs hebben het recht documentatie en dossiers in te zien die zij relevant achten voor het uitvoeren van hun opdracht.
48
De inspecteurs hebben het recht op hun verzoek foto's te doen maken door vertegenwoordigers van de geïnspecteerde Staat die Partij is bij dit Verdrag of van de geïnspecteerde inrichting. Er dient gelegenheid te zijn tot het maken van direkt-klaar opnamen. De leden van het inspectieteam bepalen of de foto's overeenkomen met hun wensen; zo niet, dan worden nogmaals foto's gemaakt. Het inspectieteam en de geïnspecteerde Staat die Partij is bij dit Verdrag behouden elk één exemplaar van iedere foto.
49
De vertegenwoordigers van de geïnspecteerde Staat die Partij is bij dit Verdrag hebben het recht alle door het inspectieteam verrichte verificatie-activiteiten gade te slaan.
50
De geïnspecteerde Staat die Partij is bij dit Verdrag ontvangt op zijn verzoek kopieën van de door het Technisch Secretariaat verzamelde informatie en gegevens met betrekking tot zijn inrichting(en).
51
De inspecteurs hebben het recht te verzoeken om opheldering met betrekking tot onduidelijkheden die gedurende een inspectie ontstaan. Verzoeken hiertoe worden terstond gedaan via de vertegenwoordiger van de geïnspecteerde Staat die Partij is bij dit Verdrag. De vertegenwoordiger van de geïnspecteerde Staat die Partij is bij dit Verdrag dient het inspectieteam gedurende de inspectie de opheldering te geven die nodig is om de onduidelijkheid weg te nemen. Indien kwesties met betrekking tot een object of gebouw dat is gelegen op de inspectieplaats niet worden opgelost, wordt het object of het gebouw, indien daarom wordt verzocht, gefotografeerd ter verkrijging van opheldering betreffende de aard en de functie daarvan. Indien de onduidelijkheid niet kan worden weggenomen tijdens de inspectie, stellen de inspecteurs het Technisch Secretariaat hiervan onmiddellijk in kennis. De inspecteurs dienen in het inspectieverslag melding te maken van alle onopgeloste vragen, de ter zake gegeven opheldering en één exemplaar van alle gemaakte foto's bij te voegen.
Het verzamelen, behandelen en analyseren van monsters
52
De vertegenwoordigers van de geïnspecteerde Staat die Partij is bij dit Verdrag of van de geïnspecteerde inrichting nemen op verzoek van het inspectieteam monsters in aanwezigheid van de inspecteurs. Indien zulks van tevoren met de vertegenwoordigers van de geïnspecteerde Staat die Partij is bij dit Verdrag of de geïnspecteerde inrichting is overeengekomen, kan het inspectieteam zelf monsters nemen.
53
Indien mogelijk geschiedt het analyseren van de monsters ter plaatse. Het inspectieteam heeft het recht de monsters ter plaatse te analyseren met gebruikmaking van de meegebrachte goedgekeurde uitrusting. Op verzoek van het inspectieteam verleent de geïnspecteerde Staat die Partij is bij dit Verdrag, in overeenstemming met overeengekomen procedures, bijstand bij het analyseren van de monsters ter plaatse. In plaats hiervan kan het inspectieteam ook verzoeken tot de desbetreffende analyse over te gaan in zijn aanwezigheid.
54
De geïnspecteerde Staat die Partij is bij dit Verdrag heeft het recht gedeelten van alle genomen monsters te behouden of extra monsters te nemen en aanwezig te zijn wanneer de monsters ter plaatse worden geanalyseerd.
55
Indien het inspectieteam zulks noodzakelijk acht, zendt het monsters naar door de Organisatie aangewezen laboratoria ter analysering elders.
56
De Directeur-Generaal draagt de eerste verantwoordelijkheid voor de veiligheid, het onaangetast laten en het bewaren van de monsters, alsmede voor de bescherming van het vertrouwelijk karakter van de verzonden monsters ter analysering elders. De Directeur-Generaal handelt in overeenstemming met de procedures die zullen worden bestudeerd en goedgekeurd door de Conferentie overeenkomstig artikel VIII, lid 21, letter i, welke zullen worden opgenomen in het inspectiehandboek. Hij dient:
- a. strenge regels vast te stellen inzake het verzamelen, behandelen, vervoeren en analyseren van monsters;
- b. de laboratoria goed te keuren die worden aangewezen voor het verrichten van verschillende soorten analyses;
- c. toe te zien op de normalisatie van apparatuur en procedures in deze aangewezen laboratoria, en van mobiele analyse-apparatuur en procedures, en toezicht te houden op de kwaliteitscontrole en de algemene normen met betrekking tot de goedkeuring van deze laboratoria, mobiele apparatuur en procedures; en
- d. onder deze aangewezen laboratoria de laboratoria uit te kiezen die analysetaken of andere taken zullen verrichten met betrekking tot specifieke onderzoeken.
57
Wanneer een analyse elders dient te worden verricht, dienen de monsters te worden geanalyseerd in ten minste twee aangewezen laboratoria. Het Technisch Secretariaat draagt zorg voor een spoedige verrichting van de analyse. Over de monsters wordt verantwoording afgelegd door het Technisch Secretariaat en eventuele ongebruikte monsters of gedeelten daarvan dienen te worden teruggezonden naar het Technisch Secretariaat.
58
Het Technisch Secretariaat bundelt de resultaten van de laboratoriumanalyse van de monsters die relevant zijn voor de naleving van dit Verdrag en vermeldt deze in het eindverslag van de inspectie. Het Technisch Secretariaat neemt in het verslag gedetailleerde informatie op betreffende de door de aangewezen laboratoria gebruikte apparatuur en gehanteerde methoden.
Verlenging van de duur van de inspectieperiode
59
Inspectieperioden kunnen krachtens een akkoord met de vertegenwoordiger van de geïnspecteerde Staat die Partij is bij dit Verdrag worden verlengd.
Eindbriefing
60
Na afloop van een inspectie komt het inspectieteam bijeen met vertegenwoordigers van de geïnspecteerde Staat die Partij is bij dit Verdrag en het personeel dat voor de inspectieplaats verantwoordelijk is, ten einde de voorlopige bevindingen van het inspectieteam te bespreken en eventuele onduidelijkheden op te helderen. Het inspectieteam verstrekt de vertegenwoordigers van de geïnspecteerde Staat die Partij is bij dit Verdrag zijn voorlopige bevindingen in schriftelijke vorm overeenkomstig een gestandaardiseerd model, te zamen met een lijst van eventuele monsters en kopieën van schriftelijke informatie en gegevens die zijn verzameld en ander materiaal dat van die plaats zal worden meegenomen. Het document dient te worden ondertekend door de leider van het inspectieteam. Ten einde aan te geven dat hij kennis heeft genomen van de inhoud van het document, dient dit te worden medeondertekend door de vertegenwoordiger van de geïnspecteerde Staat die Partij is bij dit Verdrag. Deze bijeenkomst dient uiterlijk 24 uur na afloop van de inspectie te zijn beëindigd.
F. VERTREK
61
Na beëindiging van de procedures na de inspectie dient het inspectieteam het grondgebied van de geïnspecteerde Staat die Partij is bij dit Verdrag of de Gaststaat zo spoedig mogelijk te verlaten.
G. VERSLAGEN
62
Uiterlijk 10 dagen na de inspectie dienen de inspecteurs een zakelijk eindverslag op te stellen van de door hen verrichte activiteiten en hun bevindingen. Het dient alleen feiten te bevatten die relevant zijn voor de naleving van dit Verdrag, zoals is bepaald in het inspectiemandaat. Het verslag dient ook informatie te verschaffen over de wijze waarop de geïnspecteerde Staat die Partij is bij dit Verdrag medewerking heeft verleend aan het inspectieteam. Afwijkende opmerkingen van inspecteurs kunnen aan het verslag worden gehecht. Het verslag wordt vertrouwelijk behandeld.
63
Het eindverslag dient onmiddellijk aan de geïnspecteerde Staat die Partij is bij dit Verdrag te worden verstrekt. Eventueel schriftelijk commentaar dat de geïnspecteerde Staat die Partij is bij dit Verdrag onmiddellijk geeft naar aanleiding van zijn bevindingen, dient aan het verslag te worden gehecht. Het eindverslag dient uiterlijk 30 dagen na de inspectie te zamen met het aangehechte commentaar van de geïnspecteerde Staat die Partij is bij dit Verdrag te worden ingediend bij de Directeur-Generaal.
64
Mocht het verslag onduidelijkheden bevatten, of mocht de samenwerking tussen de Nationale Autoriteit en de inspecteurs niet aan de vereiste normen voldoen, dan benadert de Directeur-Generaal de Staat die Partij is bij dit Verdrag voor opheldering.
65
Indien de onduidelijkheden niet kunnen worden weggenomen of de vastgestelde feiten van dien aard zijn, dat het vermoeden bestaat dat niet is voldaan aan de verplichtingen ingevolge dit Verdrag, stelt de Directeur-Generaal onverwijld de Uitvoerende Raad hiervan in kennis.
H. TOEPASSING VAN DE ALGEMENE BEPALINGEN
66
De bepalingen van deze Afdeling zijn van toepassing op alle inspecties die ingevolge dit Verdrag worden verricht, behalve indien de bepalingen van deze Afdeling afwijken van de bepalingen voor bepaalde soorten inspecties als vervat in de Afdelingen III tot en met XI van deze Bijlage, in welk geval laatstbedoelde bepalingen voorrang hebben.
AFDELING III. Algemene bepalingen voor verificatiemaatregelen ingevolge de artikelen IV, V en VI, derde lid
A. EERSTE INSPECTIES EN INRICHTINGSAKKOORDEN
1
Elke opgegeven inrichting die is onderworpen aan inspectie ter plaatse ingevolge de artikelen IV, V en VI, derde lid, dient een eerste inspectie te ondergaan onmiddellijk nadat de inrichting is opgegeven. Deze inspectie van de inrichting heeft tot doel de verstrekte informatie te verifiëren en alle nadere informatie te verkrijgen die nodig is voor de planning van toekomstige verificatie-activiteiten in de inrichting, met inbegrip van inspecties ter plaatse en constante controle met behulp van ter plaatse opgestelde instrumenten, alsmede te werken aan het inrichtingsakkoord.
2
De Staten die Partij zijn bij dit Verdrag dienen te waarborgen dat de verificatie van opgaven en het maken van een aanvang met de systematische verificatiemaatregelen door het Technisch Secretariaat kan geschieden in alle inrichtingen, zulks binnen de vastgestelde tijdsbestekken nadat dit Verdrag voor hen in werking is getreden.
3
Elke Staat die Partij is bij dit Verdrag dient met de Organisatie een inrichtingsakkoord te sluiten voor elke inrichting die is opgegeven en is onderworpen aan inspectie ter plaatse ingevolge de artikelen IV, V en VI, derde lid.
4
De inrichtingsakkoorden dienen uiterlijk 180 dagen nadat dit Verdrag voor de Staat die Partij is bij dit Verdrag in werking is getreden of nadat de inrichting voor de eerste maal is opgegeven, tot stand te zijn gekomen, behalve in geval van een inrichting voor de vernietiging van chemische wapens waarop de paragrafen 5 tot en met 7 van toepassing zijn.
5
In geval van een inrichting voor de vernietiging van chemische wapens die meer dan een jaar nadat dit Verdrag voor de Staat die Partij is bij dit Verdrag in werking is getreden, in gebruik wordt genomen, dient het inrichtingsakkoord ten minste 180 dagen voordat de inrichting in gebruik wordt genomen tot stand te zijn gekomen.
6
In geval van een inrichting voor de vernietiging van chemische wapens die in gebruik is wanneer dit Verdrag voor de Staat die Partij is bij dit Verdrag in werking treedt, of uiterlijk een jaar daarna in gebruik wordt genomen, dient het inrichtingsakkoord uiterlijk 210 dagen nadat dit Verdrag voor de Staat die Partij is bij dit Verdrag in werking is getreden, tot stand te zijn gekomen, met dien verstande dat de Uitvoerende Raad kan besluiten dat kan worden volstaan met voorlopige verificatie-akkoorden, goedgekeurd in overeenstemming met Afdeling IV, Titel A, paragraaf 51, van deze Bijlage, die een voorlopig inrichtingsakkoord, bepalingen voor de verificatie door middel van inspectie ter plaatse en controle met behulp van ter plaatse opgestelde instrumenten, en het tijdsbestek voor de toepassing van de akkoorden omvatten.
7
In geval van een inrichting, bedoeld in paragraaf 6, die uiterlijk twee jaar nadat dit Verdrag voor de Staat die Partij is bij dit Verdrag in werking is getreden, buiten gebruik wordt gesteld, kan de Uitvoerende Raad besluiten dat kan worden volstaan met voorlopige verificatie-akkoorden, goedgekeurd in overeenstemming met Afdeling IV, Titel A, paragraaf 51, van deze Bijlage, die een voorlopig inrichtingsakkoord, bepalingen voor de verificatie door middel van inspectie ter plaatse en controle met behulp van ter plaatse opgestelde instrumenten, en het tijdsbestek voor de toepassing van de akkoorden omvatten.
8
Inrichtingsakkoorden dienen te zijn gebaseerd op modellen voor die akkoorden en te voorzien in gedetailleerde regelingen betreffende de inspecties in elke inrichting. De modelakkoorden dienen bepalingen te omvatten die rekening houden met toekomstige technologische ontwikkelingen en dienen te worden bestudeerd en goedgekeurd door de Conferentie overeenkomstig artikel VIII, lid 21, letter i.
9
Het Technisch Secretariaat kan op elke inspectieplaats een verzegelde houder voor foto's, tekeningen en andere informatie achterlaten, die het eventueel wenst te raadplegen in de loop van latere inspecties.
B. PERMANENTE REGELINGEN
10
Indien van toepassing, heeft het Technisch Secretariaat het recht instrumenten en systemen voor constante controle en zegels aan te brengen en deze te gebruiken in overeenstemming met de desbetreffende bepalingen van dit Verdrag en de inrichtingsakkoorden tussen de Staten die Partij zijn bij dit Verdrag en de Organisatie.
11
De geïnspecteerde Staat die Partij is bij dit Verdrag heeft in overeenstemming met de overeengekomen procedures het recht elk door het inspectieteam aangebracht of gebruikt instrument te inspecteren en dit te doen testen in aanwezigheid van vertegenwoordigers van de geïnspecteerde Staat die Partij is bij dit Verdrag. Het inspectieteam heeft het recht de instrumenten te gebruiken die door de geïnspecteerde Staat die Partij is bij dit Verdrag zijn aangebracht voor zijn eigen controle van het technologische proces van de vernietiging van chemische wapens. Hiertoe heeft het inspectieteam het recht de instrumenten te inspecteren die het voornemens is te gebruiken ten behoeve van de verificatie van de vernietiging van chemische wapens en deze in zijn aanwezigheid te doen testen.
12
De geïnspecteerde Staat die Partij is bij dit Verdrag dient de nodige voorbereidingen te treffen en de nodige steun te bieden voor de opstelling van instrumenten en systemen voor constante controle.
13
Met het oog op de uitvoering van de paragrafen 11 en 12 zullen passende gedetailleerde procedures worden bestudeerd en goedgekeurd door de Conferentie overeenkomstig artikel VIII, paragraaf 21, letter i.
14
De geïnspecteerde Staat die Partij is bij dit Verdrag dient onmiddellijk kennisgeving te doen aan het Technisch Secretariaat indien zich in een inrichting waarin controle-instrumenten zijn aangebracht een voorval voordoet of zich kan voordoen dat van invloed kan zijn op het controlessysteem. De geïnspecteerde Staat die Partij is bij dit Verdrag dient de daarna te ondernemen actie met het Technisch Secretariaat te coördineren, ten einde de werking van het controlessysteem te herstellen en zo spoedig mogelijk tijdelijke maatregelen te nemen, indien nodig.
15
Het inspectieteam dient gedurende elke inspectie te verifiëren of het controlessysteem juist functioneert en of er niet is geknoeid met de aangebrachte zegels. Daarnaast kunnen bezoeken voor onderhoudsbeurten van het controlessysteem noodzakelijk zijn, ten einde noodzakelijk onderhoud te verrichten en apparatuur te vervangen, of, indien noodzakelijk, de door het controlessysteem bestreken zone aan te passen.
16
Indien het controlessysteem op een onregelmatigheid wijst, onderneemt het Technisch Secretariaat onmiddellijk actie om vast te stellen of deze voortvloeit uit slecht functionerende apparatuur of uit activiteiten in de inrichting. Indien het probleem na dit onderzoek onopgelost blijft, stelt het Technisch Secretariaat zich onmiddellijk op de hoogte van de feitelijke situatie, onder meer, indien noodzakelijk, door middel van een onmiddellijke inspectie ter plaatse van of een bezoek aan de inrichting. Het Technisch Secretariaat meldt een dergelijk probleem onmiddellijk na de ontdekking ervan aan de geïnspecteerde Staat die Partij is bij dit Verdrag, die dient te helpen bij het oplossen daarvan.
C. ACTIVITEITEN VÓÓR DE INSPECTIE
17
De geïnspecteerde Staat die Partij is bij dit Verdrag wordt, behoudens het in paragraaf 18 bepaalde, ten minste 24 uur vóór de geplande aankomst van het inspectieteam op het punt van binnenkomst in kennis gesteld van inspecties.
18
De geïnspecteerde Staat die Partij is bij dit Verdrag wordt ten minste 72 uur vóór de verwachte aankomsttijd van het inspectieteam op het punt van binnenkomst in kennis gesteld van eerste inspecties.
AFDELING IV (A). De vernietiging van chemische wapens en de verificatie daarvan ingevolge artikel IV
A. OPGAVEN
Chemische wapens
1
De opgave van chemische wapens van een Staat die Partij is bij dit Verdrag ingevolge artikel III, eerste lid, letter a, onder ii, dient het volgende te omvatten:
- a. de totale hoeveelheid van elke opgegeven stof;
- b. de exacte ligging van elke inrichting voor de opslag van chemische wapens, aangeduid met:
- i. de naam;
- ii. de geografische coördinaten: en
- iii. een gedetailleerde plattegrond, met inbegrip van een kaart die de grenzen aangeeft en de ligging van bunkers/opslagruimten in de inrichting.
- c. De gedetailleerde inventarislijst van elke inrichting voor de opslag van chemische wapens, met inbegrip van:
- i. de stoffen die volgens de begripsomschrijving van artikel II als chemische wapens worden aangemerkt;
- ii. ongevulde munitie, submunitie, andere inzetmiddelen en uitrusting die als chemische wapens worden aangemerkt;
- iii. uitrusting die specifiek is ontworpen voor rechtstreeks met de aanwending van munitie, submunitie, andere inzetmiddelen of uitrusting als genoemd onder ii, verband houdend gebruik;
- iv. stoffen die specifiek zijn bestemd voor rechtstreeks met de aanwending van munitie, submunitie, andere inzetmiddelen of uitrusting, als genoemd onder ii, verband houdend gebruik.
2
Voor opgaven van in paragraaf 1, letter c, onder i, bedoelde stoffen geldt het volgende:
- a. de stoffen dienen te worden opgegeven in overeenstemming met de in de Bijlage inzake stoffen vermelde Lijsten van stoffen;
- b. voor een niet in de Lijsten in de Bijlage inzake stoffen vermelde stof dient de benodigde informatie te worden verstrekt om de stof te kunnen opnemen in de desbetreffende lijst, met inbegrip van de toxiciteit van de zuivere verbinding. Voor een voorloper dienen de toxiciteit en de aanduiding van het (de) voornaamste definitieve reactieprodukt(en) te worden vermeld;
- c. stoffen dienen te worden aangeduid met de chemische benaming in overeenstemming met de huidige nomenclatuur van de International Union of Pure and Applied Chemistry (IUPAC), de structuurformule en het registratienummer van de Chemical Abstracts Service, indien toegekend. Voor een voorloper dienen de toxiciteit en de aanduiding van het (de) voornaamste definitieve reactieprodukt(en) te worden vermeld;
- d. in geval van mengsels van twee of meer stoffen dient elke stof te worden aangeduid, onder vermelding van het percentage van elk daarvan, en dient het mengsel te worden opgegeven in de categorie van de stof met de hoogste toxiciteit. Indien een bestanddeel van een binair chemisch wapen bestaat uit een mengsel van twee of meer stoffen, dient elke stof te worden aangeduid, onder vermelding van het percentage van elk daarvan;
- e. binaire chemische wapens dienen te worden opgegeven onder het desbetreffende eindprodukt in het kader van de in paragraaf 16 genoemde categorieën chemische wapens. Voor elk type binaire chemische munitie/andere inzetmiddelen dient de volgende informatie te worden verstrekt:
- i. de chemische benaming van het toxische eindprodukt;
- ii. de chemische samenstelling en hoeveelheid van elk bestanddeel;
- iii. de feitelijke gewichtsverhouding tussen de bestanddelen;
- iv. welk bestanddeel wordt beschouwd als hoofdbestanddeel;
- v. de verwachte hoeveelheid van het toxische eindprodukt, op stoichiometrische wijze berekend op basis van het hoofdbestanddeel, uitgaande van een rendement van 100%. Een opgegeven hoeveelheid (in tonnen) van het hoofdbestanddeel dat is bedoeld voor een bepaald toxisch eindprodukt wordt geacht gelijk te zijn aan de hoeveelheid (in tonnen) van dit toxische eindprodukt die op stoichiometrische wijze is berekend, uitgaande van een rendement van 100%;
- f. voor chemische wapens met verscheidene bestanddelen dient de opgave analoog te zijn aan die welke is voorzien voor binaire chemische wapens;
- g. voor elke stof dient de wijze van opslag te worden opgegeven, d.w.z. in de vorm van munitie, submunitie, andere inzetmiddelen, uitrusting of buikhouders en andere houders. Voor elke wijze van opslag dient het volgende te worden vermeld:
- i. het type;
- ii. de grootte of het kaliber;
- iii. het aantal exemplaren; en
- iv. het nominale gewicht van de chemische lading per exemplaar.
- h. voor elke stof dient het totale gewicht te worden opgegeven dat in een inrichting voor opslag aanwezig is;
- i. daarnaast dient voor alle in bulk opgeslagen stoffen het zuiverheidspercentage te worden opgegeven, indien bekend.
3
Voor elk type ongevulde munitie, submunitie, andere inzetmiddelen of uitrusting, bedoeld in paragraaf 1, letter c, onder ii, dient de informatie het volgende te omvatten:
- a. het aantal exemplaren;
- b. het nominale volume van de lading per exemplaar;
- c. de daarvoor bestemde chemische lading.
Opgaven van chemische wapens ingevolge artikel III, eerste lid, letter a, onder iii
4
De opgave van chemische wapens ingevolge artikel III, eerste lid, letter a, onder iii, dient alle in de paragrafen 1 tot en met 3 hierboven genoemde informatie te omvatten. Het is de verantwoordelijkheid van de Staat die Partij is bij dit Verdrag op het grondgebied waarvan de chemische wapens zich bevinden, om passende regelingen te treffen met de andere Staat om te waarborgen dat de opgaven worden gedaan. Indien de Staat die Partij is bij dit Verdrag op het grondgebied waarvan de chemische wapens zich bevinden niet in staat is zijn verplichtingen ingevolge deze paragraaf na te komen, dient deze de redenen daarvoor aan te geven.
Opgaven van overdrachten en ontvangsten in het verleden
5
Een Staat die Partij is bij dit Verdrag die sinds 1 januari 1946 chemische wapens heeft overgedragen of ontvangen, dient deze overdrachten of ontvangsten op te geven overeenkomstig artikel III, eerste lid, letter a, onder iv, mits de overgedragen of ontvangen hoeveelheid groter is dan 1 ton per stof per jaar, in bulk en/of in de vorm van munitie. Deze opgave dient te geschieden overeenkomstig het inventarisatiemodel bedoeld in de paragrafen 1 en 2. In deze opgave dienen ook te worden vermeld de leverende en ontvangende landen, de data van die overdrachten of ontvangsten en, zo nauwkeurig mogelijk, de huidige vindplaats van de overgedragen exemplaren. Wanneer niet alle genoemde informatie betreffende overdrachten of ontvangsten van chemische wapens in de periode tussen 1 januari 1946 en 1 januari 1970 beschikbaar is, dient de Staat die Partij is bij dit Verdrag de informatie die nog wel beschikbaar is op te geven en toe te lichten waarom hij geen volledige opgave kan indienen.
Indiening van een algemeen plan voor de vernietiging van chemische wapens
6
Het ingevolge artikel III, eerste lid, letter a, onder v, ingediende algemene plan voor de vernietiging van chemische wapens dient een overzicht te geven van het gehele nationale programma voor de vernietiging van chemische wapens van de Staat die Partij is bij dit Verdrag, alsook informatie over de inspanningen van de Staat die Partij is bij dit Verdrag ter nakoming van de in dit Verdrag vervatte vernietigingsverplichtingen. In het plan dient te worden vermeld:
- a. een algemeen vernietigingsschema, met vermelding van typen en hoeveelheden, bij benadering, van chemische wapens die volgens de planning zullen worden vernietigd in elke jaarlijkse vernietigingsperiode per bestaande inrichting voor de vernietiging van chemische wapens en, indien mogelijk, per geplande inrichting voor de vernietiging van chemische wapens;
- b. het aantal bestaande of geplande inrichtingen voor de vernietiging van chemische wapens dat in de vernietigingsperiode in werking zal zijn;
- c. voor elke bestaande of geplande inrichting voor de vernietiging van chemische wapens:
- i. de naam en de ligging, en
- ii. de typen en de hoeveelheden, bij benadering, van de te vernietigen chemische wapens, alsook het type (bijvoorbeeld zenuwgas of blaartrekkend middel) en de hoeveelheid, bij benadering, van de te vernietigen chemische lading;
- d. de plannen en programma's betreffende de opleiding van personeel dat de vernietigingsinrichtingen bedient;
- e. de nationale veiligheids- en emissienormen waaraan de vernietigingsinrichtingen moeten voldoen;
- f. informatie over de ontwikkeling van nieuwe methoden voor de vernietiging van chemische wapens en de verbetering van bestaande methoden;
- g. de kostenramingen voor de vernietiging van chemische wapens; en
- h. eventuele kwesties die het nationale vernietigingsprogramma nadelig zouden kunnen beïnvloeden.
B. MAATREGELEN TER BEVEILIGING VAN DE OPSLAGINRICHTING EN VOORBEREIDING VAN DE OPSLAGINRICHTING
7
Een Staat die Partij is bij dit Verdrag dient, niet later dan het tijdstip van indiening van zijn opgave van chemische wapens, de maatregelen te nemen die hij passend acht ter beveiliging van zijn opslaginrichtingen en dient te voorkomen dat zijn chemische wapens uit de inrichtingen worden gehaald, behoudens verwijdering met het oog op vernietiging.
8
Een Staat die Partij is bij dit Verdrag dient er zorg voor te dragen dat de chemische wapens in zijn opslaginrichtingen zodanig zijn opgesteld, dat deze gemakkelijk toegankelijk zijn voor een verificatie in overeenstemming met de paragrafen 37 tot en met 49.
9
Zolang een opslaginrichting gesloten is om te voorkomen dat chemische wapens uit inrichting worden gehaald anders dan met het oog op vernietiging, mag een Staat die Partij is bij dit Verdrag standaard-onderhoudswerkzaamheden aan de inrichting voortzetten, waaronder standaard-onderhoud van chemische wapens, beveiligings- en controleactiviteiten en de gereedmaking van de chemische wapens voor de vernietiging.
10
Onderhoudswerkzaamheden met betrekking tot chemische wapens mogen niet omvatten;
- a. het vervangen van het agens of de munitieomhulsels;
- b. het veranderen van de oorspronkelijke eigenschappen van de munitie, of van onderdelen dan wel bestanddelen daarvan.
11
Alle onderhoudswerkzaamheden zijn onderworpen aan toezicht door het Technisch Secretariaat.
C. VERNIETIGING
Beginselen voor en wijzen van vernietiging van chemische wapens
12
Onder „vernietiging van chemische wapens” wordt verstaan een proces waarin stoffen op een in wezen onomkeerbare wijze worden omgezet in een vorm die niet geschikt is voor de produktie van chemische wapens en waardoor munitie en andere inzetmiddelen op onomkeerbare wijze als zodanig onbruikbaar worden gemaakt.
13
Elke Staat die Partij is bij dit Verdrag dient te bepalen hoe hij chemische wapens zal vernietigen, met dien verstande dat zulks niet op de volgende wijzen mag geschieden: storten in enig oppervlaktewater, begraven in de bodem of open verbranding. Elke Staat die Partij is bij dit Verdrag dient chemische wapens uitsluitend te vernietigen in speciaal daartoe aangewezen en deugdelijk ontworpen en uitgeruste inrichtingen.
14
Elke Staat die Partij is bij dit Verdrag dient erop toe te zien dat zijn inrichtingen voor de vernietiging van chemische wapens worden gebouwd en werken op een wijze die de vernietiging van chemische wapens waarborgt, en dat het vernietigingsproces kan worden geverifieerd overeenkomstig de bepalingen van dit Verdrag.
Volgorde van de vernietiging
15
De volgorde van de vernietiging van chemische wapens is gebaseerd op de verplichtingen als genoemd in artikel I en de andere artikelen, waaronder verplichtingen met betrekking tot systematische verificatie ter plaatse. Daarbij wordt rekening gehouden met het belang dat Staten die Partij zijn bij dit Verdrag hebben bij onverminderde veiligheid gedurende de vernietigingsperiode, het wekken van vertrouwen in het eerste deel van de vernietigingsfase, het geleidelijk opdoen van ervaring in de loop van de vernietiging van chemische wapens, en de toepasbaarheid, ongeacht de feitelijke samenstelling van de voorraden en de gekozen wijzen van vernietiging van de chemische wapens. De volgorde van de vernietiging is gebaseerd op het beginsel van gelijkmatig afbouwen.
16
Met het oog op de vernietiging worden de door elke Staat die Partij is bij dit Verdrag opgegeven chemische wapens verdeeld in drie categorieën:
| Categorie 1: | Chemische wapens op basis van de in Lijst 1 genoemde stoffen en onderdelen dan wel bestanddelen daarvan; |
|---|---|
| Categorie 2: | Chemische wapens op basis van alle andere stoffen en onderdelen dan wel bestanddelen daarvan; |
| Categorie 3: | Ongevulde munitie en andere inzetmiddelen, en uitrusting die specifiek is ontworpen voor rechtstreeks met de aanwending van chemische wapens verband houdend gebruik. |
17
Een Staat die Partij is bij dit Verdrag dient:
- a. met de vernietiging van de chemische wapens van Categorie 1 te beginnen uiterlijk twee jaar nadat dit Verdrag voor die Staat in werking is getreden en dient de vernietiging uiterlijk tien jaar na de inwerkingtreding van dit Verdrag te hebben voltooid. Een Staat die Partij is bij dit Verdrag dient de chemische wapens te vernietigen in overeenstemming met de volgende tijdslimieten:
- i. Fase 1: Uiterlijk twee jaar na de inwerkingtreding van dit Verdrag dient de beproeving van zijn eerste vernietigingsinrichting te zijn voltooid. Uiterlijk drie jaar na de inwerkingtreding van dit Verdrag dient ten minste 1 procent van de chemische wapens van Categorie 1 te zijn vernietigd;
- ii. Fase 2: Uiterlijk vijf jaar na de inwerkingtreding van dit Verdrag dient ten minste 20 procent van de chemische wapens van Categorie 1 te zijn vernietigd;
- iii. Fase 3: Uiterlijk zeven jaar na de inwerkingtreding van dit Verdrag dient ten minste 45 procent van de chemische wapens van Categorie 1 te zijn vernietigd;
- iv. Fase 4: Uiterlijk tien jaar na de inwerkingtreding van dit Verdrag dienen alle chemische wapens van Categorie 1 te zijn vernietigd.
- b. met de vernietiging van de chemische wapens van Categorie 2 te beginnen uiterlijk één jaar nadat dit Verdrag voor die Staat in werking is getreden en dient de vernietiging uiterlijk vijfjaar na de inwerkingtreding van dit Verdrag te hebben voltooid. De chemische wapens van Categorie 2 dienen in gelijke, over de gehele vernietigingsperiode verspreide, jaarlijkse hoeveelheden te worden vernietigd. De vergelijkingsfactor voor deze wapens is het gewicht van de stoffen in Categorie 2; en
- c. met de vernietiging van in chemische wapens in Categorie 3 te beginnen uiterlijk één jaar nadat dit Verdrag voor die Staat in werking is getreden en dient de vernietiging uiterlijk vijf jaar na de inwerkingtreding van dit Verdrag te hebben voltooid. De chemische wapens van Categorie 3 dienen in gelijke, over de gehele vernietigingsperiode verspreide, jaarlijkse hoeveelheden te worden vernietigd. De vergelijkingsfactor bij ongevulde munitie en andere inzetmiddelen wordt uitgedrukt in het nominale volume van de lading (m3) en bij uitrusting in het aantal exemplaren.
18
Voor de vernietiging van binaire chemische wapens geldt het volgende:
- a. met het oog op de volgorde van de vernietiging, wordt een opgegeven hoeveelheid (in tonnen) van het hoofdbestanddeel dat is bedoeld voor een bepaald toxisch eindprodukt geacht gelijk te zijn aan de hoeveelheid (in tonnen) van dit eindprodukt die op stoichiometrische wijze is berekend, uitgaande van een rendement van 100%;
- b. de verplichting om een bepaalde hoeveelheid van het hoofdbestanddeel te vernietigen brengt de verplichting met zich mede om een overeenkomstige hoeveelheid van het andere bestanddeel te vernietigen, berekend op basis van de feitelijke gewichtsverhouding van de bestanddelen van het desbetreffende type binaire chemische munitie/ andere inzetmiddelen.
- c. indien van het andere bestanddeel meer is opgegeven dan benodigd is, gebaseerd op de feitelijke gewichtsverhouding tussen de bestanddelen, wordt het overschot vernietigd in de eerste twee jaar na het begin van de vernietigingsactiviteiten;
- d. aan het einde van elk daarop volgend jaar waarin wordt vernietigd, mag een Staat die Partij is bij dit Verdrag een hoeveelheid van het andere opgegeven bestanddeel behouden, welke wordt bepaald op basis van de feitelijke gewichtsverhouding van de bestanddelen van het desbetreffende type binaire chemische munitie/andere inzetmiddelen.
19
Voor chemische wapens met verscheidene bestanddelen is de volgorde van de vernietiging analoog aan die welke is voorzien voor binaire chemische wapens.
Wijziging van tussentijdse tijdslimieten
20
De Uitvoerende Raad bestudeert de algemene plannen voor de vernietiging van chemische wapens, ingediend ingevolge artikel III, eerste lid, letter a, onder v, en in overeenstemming met paragraaf 6, onder andere om te beoordelen of deze in overeenstemming zijn met de volgorde van de vernietiging als genoemd in de paragrafen 15 tot en met 19. De Uitvoerende Raad pleegt overleg met elke Staat die Partij is bij dit Verdrag waarvan het plan niet in overeenstemming is, ten einde het plan in overeenstemming te brengen.
21
Indien een Staat die Partij is bij dit Verdrag wegens bijzondere omstandigheden waarop hij geen invloed heeft, meent dat hij het vernietigingsniveau, genoemd voor Fase 1, 2 of 3 in de volgorde van de vernietiging van chemische wapens van Categorie 1, niet kan bereiken, kan hij wijzigingen in die tijdslimieten voorstellen. Dit voorstel dient uiterlijk 120 dagen na de inwerkingtreding van dit Verdrag te worden gedaan en dient een gedetailleerde verklaring van de redenen voor het voorstel te omvatten.
22
Elke Staat die Partij is bij dit Verdrag dient alle noodzakelijke maatregelen te nemen om zorg te dragen voor de vernietiging van de chemische wapens van Categorie 1 in overeenstemming met de in paragraaf 17, letter a, genoemde tijdslimieten voor de vernietiging, zoals gewijzigd ingevolge paragraaf 21. Indien een Staat die Partij is bij dit Verdrag evenwel van oordeel is dat hij niet in staat is zorg te dragen voor de vernietiging van het percentage chemische wapens van Categorie 1 dat bij een tussentijdse tijdslimiet is vereist, kan hij de Uitvoerende Raad verzoeken de Conferentie aan te bevelen een verlenging van de desbetreffende termijn toe te staan. Dit verzoek dient ten minste 180 dagen voor de tussentijdse tijdslimiet te worden gedaan en dient een gedetailleerde verklaring van de redenen voor het verzoek te omvatten, te zamen met de plannen van de Staat die Partij is bij dit Verdrag om ervoor te zorgen dat hij wel in staat is te voldoen aan de eerstvolgende tussentijdse tijdslimiet.
23
Indien een verlenging wordt toegestaan, is een Staat die Partij is bij dit Verdrag nog altijd verplicht te voldoen aan de cumulatieve vereisten ter zake van de vernietiging die zijn bepaald voor de eerstvolgende tijdslimiet. Verlengingen ingevolge deze Titel houden geenszins een wijziging in van de verplichting van de Staat die Partij is bij dit Verdrag om binnen ten hoogste 10 jaar na de inwerkingtreding van dit Verdrag alle chemische wapens van Categorie 1 te vernietigen.
Verlenging van de termijn voor de voltooiing van de vernietiging
24
Indien een Staat die Partij is bij dit Verdrag meent dat hij niet in staat is zorg te dragen voor de vernietiging van alle chemische wapens van Categorie 1 binnen ten hoogste 10 jaar na de inwerkingtreding van dit Verdrag, kan hij bij de Uitvoerende Raad een verzoek om verlenging van de termijn voor de voltooiing van de vernietiging van die chemische wapens indienen. Dit verzoek dient uiterlijk negen jaar na de inwerkingtreding van dit Verdrag te worden gedaan.
25
Het verzoek dient te omvatten:
- a. de duur van de voorgestelde verlenging;
- b. een gedetailleerde uiteenzetting van de redenen voor de voorgestelde verlenging;
- c. een gedetailleerd plan voor de vernietiging gedurende de voorgestelde verlenging en het resterende deel van de oorspronkelijke vernietigingsperiode van 10 jaar.
26
Een besluit inzake het verzoek wordt door de Conferentie genomen op haar eerstvolgende vergadering, op grond van de aanbeveling van de Uitvoerende Raad. Een verlenging dient tot het noodzakelijke minimum beperkt te blijven, doch de termijn waarbinnen een Staat die Partij is bij dit Verdrag zijn vernietiging van alle chemische wapens moet voltooien, mag in geen geval worden verlengd tot een tijdstip dat later valt dan 15 jaar na de inwerkingtreding van dit Verdrag. De Uitvoerende Raad stelt voorwaarden voor het toestaan van de verlenging vast, met inbegrip van de specifieke verificatiemaatregelen die noodzakelijk worden geacht, alsmede specifieke stappen die de Staat die Partij is bij dit Verdrag dient te ondernemen om problemen in zijn vernietigingsprogramma te verhelpen. De kosten van de verificatie gedurende de verlengingsperiode worden verdeeld in overeenstemming met artikel IV, zestiende lid.
27
Indien een verlenging wordt toegestaan, dient de Staat die Partij is bij dit Verdrag passende maatregelen te nemen om aan alle volgende tijdslimieten te voldoen.
28
De Staat die Partij is bij dit Verdrag dient door te gaan met de indiening van gedetailleerde jaarplannen voor de vernietiging in overeenstemming met paragraaf 29 en jaarverslagen inzake de vernietiging van chemische wapens van Categorie 1 in overeenstemming met paragraaf 36 totdat alle chemische wapens van Categorie 1 zijn vernietigd. Bovendien dient de Staat die Partij is bij dit Verdrag gedurende de verlengingsperiode uiterlijk aan het einde van elk tijdvak van 90 dagen aan de Uitvoerende Raad verslag uit te brengen over zijn vernietigingsactiviteiten. De Uitvoerende Raad toetst de geboekte vooruitgang op de weg naar voltooiing van de vernietiging en neemt de nodige maatregelen om bewijs van deze vooruitgang te verkrijgen. Op verzoek wordt alle informatie betreffende de vernietigingsactiviteiten gedurende de verlengingsperiode door de Uitvoerende Raad aan alle Staten die Partij zijn bij dit Verdrag verstrekt.
Gedetailleerde jaarplannen voor de vernietiging
29
Ten minste 60 dagen voordat elke jaarlijkse vernietigingsperiode begint, dienen gedetailleerde jaarplannen voor de vernietiging te worden ingediend bij het Technisch Secretariaat overeenkomstig artikel IV, zevende lid, letter a, waarin dient te worden vermeld:
- a. de hoeveelheid van elk afzonderlijk type chemische wapens dat in elke vernietigingsinrichting zal worden vernietigd en de datum waarop de vernietiging van elk afzonderlijk type chemische wapens zal zijn voltooid;
- b. de gedetailleerde plattegrond van elke inrichting voor de vernietiging van chemische wapens en eventuele wijzigingen op eerder ingediende plattegronden; en
- c. het gedetailleerde overzicht van de activiteiten per inrichting voor de vernietiging van chemische wapens in het komende jaar, met vermelding van de tijd benodigd voor het ontwerpen, bouwen of veranderen van de inrichting, het plaatsen en controleren van de apparatuur, het inwerken van het bedieningspersoneel, de vernietigingsactiviteiten per afzonderlijk type chemische wapens en de geplande perioden waarin de inrichting niet werkt.
30
Een Staat die Partij is bij dit Verdrag dient voor al zijn inrichtingen voor de vernietiging van chemische wapens gedetailleerde informatie betreffende de inrichting te verstrekken ten einde het Technisch Secretariaat te helpen bij het ontwikkelen van voorbereidende inspectieprocedures die in de inrichting zullen worden gebruikt.
31
De gedetailleerde informatie betreffende elke vernietigingsinrichting dient de volgende informatie te omvatten:
- a. naam, adres en ligging;
- b. gedetailleerde, van een legenda voorziene, tekeningen van de inrichting;
- c. bouwtekeningen van de inrichting, tekeningen van het procédé en van het buizenstelsel en de bouwtekeningen van de instrumentatie;
- d. gedetailleerde technische beschrijvingen, met inbegrip van bouwtekeningen en specificaties van de instrumenten, van de apparatuur die nodig is voor: het verwijderen van de lading uit de munitie, andere inzetmiddelen en houders, de tijdelijke opslag van daaruit afkomstige chemische lading; de vernietiging van het chemische agens; en de vernietiging van de munitie, andere inzetmiddelen en houders;
- e. gedetailleerde technische beschrijvingen van het vernietigingsprocédé, met inbegrip van doorlooptijd, temperatuur en druk, en het verwachte resultaat van de vernietiging;
- f. de geplande capaciteit voor elk afzonderlijk type chemisch wapen;
- g. een gedetailleerde beschrijving van hetgeen wat na de vernietiging overblijft en de wijze waarop men zich uiteindelijk daarvan ontdoet;
- h. een gedetailleerde beschrijving van de maatregelen ter vergemakkelijking van inspecties in overeenstemming met dit Verdrag;
- i. een gedetailleerde beschrijving van alle tijdelijke bewaarplaatsen bij de vernietigingsinrichting die worden gebruikt om chemische wapens rechtstreeks af te leveren bij de vernietigingsinrichting, te zamen met plattegronden en informatie over de opslagcapaciteit voor elk afzonderlijk type chemische wapens dat in de inrichting zal worden vernietigd;
- j. een gedetailleerde beschrijving van de in de inrichting van kracht zijnde maatregelen inzake veiligheid en gezondheid;
- k. een gedetailleerde beschrijving van de huisvesting en de werkruimten voor de inspecteurs; en
- l. voorgestelde maatregelen voor internationale verificatie.
32
Een Staat die Partij is bij dit Verdrag dient voor al zijn inrichtingen voor de vernietiging van chemische wapens te verstrekken: de bedieningshandleidingen, de plannen inzake veiligheid en gezondheid, de handleidingen voor laboratoriumverrichtingen en de kwaliteitsverzekering en -controle, alsook de verkregen milieuvergunningen, met dien verstande dat deze geen betrekking mogen hebben op in het verleden geleverd materiaal.
33
Een Staat die Partij is bij dit Verdrag dient het Technisch Secretariaat terstond in kennis te stellen van eventuele ontwikkelingen die van invloed zouden kunnen zijn op inspectie-activiteiten in zijn vernietigingsinrichtingen.
34
De termijnen voor de indiening van de in de paragrafen 30 tot en met 32 genoemde informatie zullen worden bestudeerd en goedgekeurd door de Conferentie overeenkomstig artikel VIII, lid 21, letter i.
35
Na beoordeling van de gedetailleerde informatie betreffende elke vernietigingsinrichting pleegt het Technisch Secretariaat, indien daartoe aanleiding bestaat, overleg met de betrokken Staat die Partij is bij dit Verdrag, ten einde zich ervan te vergewissen dat zijn inrichtingen voor de vernietiging van chemische wapens zodanig van ontwerp zijn dat deze geschikt zijn voor het vernietigen van chemische wapens, alsook een tijdschema voor de toepassing van de verificatiemaatregelen te kunnen maken en zich ervan te vergewissen dat de toepassing van de verificatiemaatregelen verenigbaar is met de goede werking van de inrichting en dat het functioneren van de inrichting een passende verificatie mogelijk maakt.
Jaarverslagen inzake de vernietiging
36
Informatie betreffende de uitvoering van de plannen voor de vernietiging van chemische wapens dient uiterlijk 60 dagen na het einde van elke jaarlijkse vernietigingsperiode te worden ingediend bij het Technisch Secretariaat overeenkomstig artikel IV, zevende lid, letter b, en dient de feitelijke hoeveelheden aan te geven van de chemische wapens die in het voorafgaande jaar in elke vernietigingsinrichting werden vernietigd. Indien van toepassing, dienen de redenen voor het niet halen van het gestelde doel met betrekking tot de vernietiging te worden vermeld.
D. VERIFICATIE
Verificatie van de opgaven van chemische wapens door middel van inspectie ter plaatse
37
De verificatie van de opgaven van chemische wapens heeft tot doel de juistheid van de desbetreffende ingevolge artikel III overgelegde opgaven te bevestigen door middel van inspectie ter plaatse.
38
De inspecteurs verrichten deze verificatie onmiddellijk nadat een opgave is ingediend. Zij verifiëren, onder meer, de hoeveelheid en de aard van de stoffen en het type en aantal van de munitie, andere inzetmiddelen en andere uitrusting.
39
De inspecteurs mogen, indien van toepassing, overeengekomen zegels, markeringsmiddelen of andere procedures voor de controle van een inventaris gebruiken ter vergemakkelijking van een nauwkeurige inventarisatie van de chemische wapens in elke opslaginrichting.
40
Naar gelang de inventarisatie vordert, mogen de inspecteurs de overeengekomen zegels aanbrengen die nodig zijn om duidelijk aan te geven of er voorraden zijn verwijderd en te verzekeren dat de opslaginrichting gedurende de inventarisatie afgesloten is. Na afloop van de inventarisatie dienen deze zegels te worden verwijderd, tenzij anders is overeengekomen.
Systematische verificatie van de opslaginrichtingen
41
De systematische verificatie van de opslaginrichtingen heeft tot doel te verzekeren dat er geen chemische wapens uit die inrichtingen worden verwijderd zonder dat zulks wordt opgemerkt.
42
De systematische verificatie dient zo spoedig mogelijk nadat de opgave van chemische wapens is ingediend aanvang te nemen en voort te duren totdat alle chemische wapens uit de opslaginrichting zijn verwijderd. Zij dient in overeenstemming te zijn met het inrichtingsakkoord en dient de inspectie ter plaatse en de controle met behulp van ter plaatse opgestelde instrumenten te combineren.
43
Wanneer alle chemische wapens uit de opslaginrichting zijn verwijderd, bevestigt het Technisch Secretariaat de daartoe strekkende verklaring van de Staat die Partij is bij dit Verdrag. Na deze bevestiging beëindigt het Technisch Secretariaat de systematische verificatie van de opslaginrichting en verwijdert het onmiddellijk alle door de inspecteurs opgestelde controle-instrumenten.
Inspecties en bezoeken
44
De bepaalde opslaginrichting die zal worden geïnspecteerd, wordt op zodanige wijze door het Technisch Secretariaat gekozen, dat het onmogelijk is te voorspellen wanneer precies de inrichting zal worden geïnspecteerd. De richtlijnen voor de vaststelling van de frequentie van systematische inspecties zullen worden uitgewerkt door het Technisch Secretariaat, rekening houdend met de aanbevelingen die zullen worden bestudeerd en goedgekeurd door de Conferentie overeenkomstig artikel VIII, lid 21, letter i.
45
Het Technisch Secretariaat stelt de geïnspecteerde Staat die Partij is bij dit Verdrag in kennis van zijn besluit om de opslaginrichting te inspecteren of te bezoeken, zulks 48 uur vóór de geplande aankomst van het inspectieteam bij de inrichting voor systematische inspecties of bezoeken. In geval van inspecties of bezoeken ter oplossing van dringende vraagstukken kan deze termijn worden bekort. Het Technisch Secretariaat geeft het doel van de inspectie of het bezoek aan.
46
De geïnspecteerde Staat die Partij is bij dit Verdrag dient alle noodzakelijke voorbereidingen te treffen voor de aankomst van de inspecteurs en dient zorg te dragen voor hun spoedige overbrenging van het punt van binnenkomst naar de opslaginrichting. In het inrichtingsakkoord dienen administratieve regelingen voor inspecteurs te zijn vermeld.
47
De geïnspecteerde Staat die Partij is bij dit Verdrag dient het inspectieteam na aankomst bij de inrichting voor de opslag van chemische wapens ter verrichting van een inspectie de volgende gegevens betreffende de inrichting te verstrekken:
- a. het aantal opslagloodsen en -plaatsen;
- b. voor elke opslagloods en -plaats, het type en het nummer of de aanduiding als vermeld op de plattegrond; en
- c. voor elke opslagloods en -plaats, het aantal stuks van elk afzonderlijk type chemische wapens en, voor houders die geen deel uitmaken van binaire munitie, de feitelijke hoeveelheid van de chemische lading per houder.
48
Bij de uitvoering van de inventarisatie, binnen de beschikbare tijd, hebben de inspecteurs het recht:
- a. een van de volgende inspectietechnieken toe te passen:
- i. inventarisatie van alle chemische wapens die in de inrichting zijn opgeslagen;
- ii. inventarisatie van alle chemische wapens die zijn opgeslagen in bepaalde loodsen of op bepaalde plaatsen in de inrichting, te kiezen door de inspecteurs; of
- iii. inventarisatie van alle chemische wapens van een of verscheidene bepaalde typen die in de inrichting zijn opgeslagen, te kiezen door de inspecteurs; en
- b. alle geïnventariseerde voorwerpen te controleren aan de hand van overeengekomen lijsten.
49
De inspecteurs hebben, in overeenstemming met de inrichtingsakkoorden:
- a. onbelemmerde toegang tot alle delen van de opslaginrichtingen, met inbegrip van alle daar aanwezige munitie, andere inzetmiddelen, buikhouders of andere houders. Bij de verrichting van hun activiteiten dienen de inspecteurs de in de inrichting geldende veiligheidsvoorschriften in acht te nemen. De door de inspecteurs te inspecteren voorwerpen, worden door de inspecteurs gekozen; en
- b. het recht, gedurende de eerste inspectie en latere inspecties van elke inrichting voor de opslag van chemische wapens, munitie, andere inzetmiddelen en houders aan te wijzen waaruit monsters worden genomen en op deze munitie, andere inzetmiddelen en houders een apart label aan te brengen, dat elke poging dit label te verwijderen of te veranderen zichtbaar maakt. Van elk gelabeld voorwerp in een inrichting voor de opslag van chemische wapens of een inrichting voor de vernietiging van chemische wapens wordt ten spoedigste een monster genomen zodra dit mogelijk is in overeenstemming met het desbetreffende vernietigingsprogramma en, in elk geval, vóór het einde van de vernietigingsactiviteiten.
Systematische verificatie van de vernietiging van chemische wapens
50
De verificatie van de vernietiging van chemische wapens heeft tot doel:
- a. de aard en de hoeveelheid van de te vernietigen voorraden van chemische wapens te bevestigen; en
- b. te bevestigen dat deze voorraden zijn vernietigd.
51
Activiteiten betreffende de vernietiging van chemische wapens gedurende de eerste 390 dagen na de inwerkingtreding van dit Verdrag worden geregeld in voorlopige verificatie-akkoorden. Deze akkoorden, met inbegrip van een voorlopig inrichtingsakkoord, bepalingen voor verificatie door middel van inspectie ter plaatse en controle met behulp van ter plaatse opgestelde instrumenten, alsook het tijdsbestek voor de toepassing van de akkoorden, worden tussen de Organisatie en de geïnspecteerde Staat die Partij is bij dit Verdrag overeengekomen. Deze akkoorden dienen uiterlijk 60 dagen na de inwerkingtreding van dit Verdrag voor de Staat die Partij is bij dit Verdrag door de Uitvoerende Raad te worden goedgekeurd, rekening houdend met de aanbevelingen van het Technisch Secretariaat, welke dienen te zijn gebaseerd op een evaluatie van de overeenkomstig paragraaf 31 verstrekte gedetailleerde informatie betreffende de inrichting en een bezoek aan de inrichting. De Uitvoerende Raad stelt op zijn eerste vergadering richtlijnen voor die voorlopige verificatie-akkoorden vast op basis van aanbevelingen die zullen worden bestudeerd en goedgekeurd door de Conferentie overeenkomstig artikel VIII, lid 21, letter i. De voorlopige verificatie-akkoorden zijn bedoeld ter verificatie, gedurende de gehele overgangsperiode, van de vernietiging van chemische wapens in overeenstemming met het in paragraaf 50 verwoorde doel, en ter voorkoming van belemmering van vernietigingsactiviteiten die gaande zijn.
52
De bepalingen van de paragrafen 53 tot en met 61 zijn van toepassing op activiteiten betreffende de vernietiging van chemische wapens die ten vroegste 390 dagen na de inwerkingtreding van dit Verdrag een aanvang moeten nemen.
53
Op basis van dit Verdrag en de gedetailleerde informatie betreffende de vernietigingsinrichting en, naar gelang het geval, op grond van de ervaring die bij eerdere inspecties is opgedaan, stelt het Technisch Secretariaat een ontwerp-plan op voor het inspecteren van de vernietiging van chemische wapens in elke vernietigingsinrichting. Het plan dient ten minste 270 dagen voordat in de inrichting met vernietigingsactiviteiten ingevolge dit Verdrag wordt begonnen, te zijn afgerond en aan de geïnspecteerde Staat die Partij is bij dit Verdrag te worden verstrekt voor commentaar. Verschillen van mening tussen het Technisch Secretariaat en de geïnspecteerde Staat die Partij is bij dit Verdrag dienen te worden opgelost door middel van overleg. Een eventuele onopgeloste aangelegenheid wordt voorgelegd aan de Uitvoerende Raad, opdat deze passende stappen onderneemt ter vergemakkelijking van de volledige uitvoering van dit Verdrag.
54
Het Technisch Secretariaat brengt ten minste 240 dagen voordat in elke inrichting voor de vernietiging van chemische wapens met vernietigingsactiviteiten ingevolge dit Verdrag wordt begonnen een eerste bezoek aan elke vernietigingsinrichting van de geïnspecteerde Staat die Partij is bij dit Verdrag, ten einde zich vertrouwd te maken met de inrichting en te beoordelen of het inspectieplan adequaat is.
55
In geval van een bestaande inrichting waar reeds een aanvang is gemaakt met de vernietiging van chemische wapens is de geïnspecteerde Staat die Partij is bij dit Verdrag niet verplicht de inrichting te ontsmetten voordat het Technisch Secretariaat een eerste bezoek aflegt. De duur van het bezoek mag niet langer zijn dan vijf dagen en het aantal bezoekers mag niet groter zijn dan 15.
56
De overeengekomen gedetailleerde plannen voor de verificatie worden, te zamen met een ter zake dienende aanbeveling van het Technisch Secretariaat, ter beoordeling voorgelegd aan de Uitvoerende Raad. De Uitvoerende Raad beoordeelt de plannen met het oog op goedkeuring, in overeenstemming met de doelstellingen van de verificatie en de verplichtingen uit hoofde van dit Verdrag. Hij dient tevens te bevestigen dat de verificatieschema's voor de vernietiging in overeenstemming zijn met de streefdoelen van de verificatie en dat deze efficiënt en praktisch zijn. Deze beoordeling dient ten minste 180 dagen voor de aanvang van de vernietigingsperiode te zijn voltooid.
57
Elk lid van de Uitvoerende Raad kan overleg plegen met het Technisch Secretariaat over aangelegenheden betreffende de adequaatheid van het verificatieplan. Indien geen van de leden van de Uitvoerende Raad, daartegen bezwaar maakt, treedt het plan in werking.
58
Indien er problemen zijn, treedt de Uitvoerende Raad in overleg met de Staat die Partij is bij dit Verdrag om deze te verhelpen. Indien er problemen zijn die onopgelost blijven, worden deze voorgelegd aan de Conferentie.
59
In de gedetailleerde inrichtingsakkoorden betreffende inrichtingen voor de vernietiging van chemische wapens dienen, rekening houdend met de specifieke kenmerken van de inrichting en de werkwijze daarvan, te worden vermeld:
- a. gedetailleerde procedures voor de inspectie ter plaatse; en
- b. bepalingen aangaande verificatie door middel van constante controle met behulp van ter plaatse opgestelde instrumenten en inspecteurs die lijfelijk aanwezig zijn.
60
De inspecteurs wordt toegang verleend tot elke inrichting voor de vernietiging van chemische wapens, zulks ten minste 60 dagen voor de aanvang van de vernietiging, ingevolge dit Verdrag, in de desbetreffende inrichting. Deze toegang heeft tot doel toe te zien op het installeren van de inspectie-uitrusting, deze te inspecteren en de werking ervan te testen, alsmede over te gaan tot een laatste technische bezichtiging van de inrichting. In geval van een bestaande inrichting waar reeds een aanvang is gemaakt met de vernietiging van chemische wapens, dienen de vernietigingsactiviteiten zo kort mogelijk, doch ten hoogste 60 dagen, te worden stopgezet voor het installeren en testen van de inspectie-uitrusting. Afhankelijk van de resultaten van het testen en de bezichtiging kunnen de Staat die Partij is bij dit Verdrag en het Technisch Secretariaat aanvullingen of wijzigingen op het gedetailleerde inrichtingsakkoord voor die inrichting overeenkomen.
61
De geïnspecteerde Staat die Partij is bij dit Verdrag dient de leider van het inspectieteam in een inrichting voor de vernietiging van chemische wapens ten minste vier uur van tevoren schriftelijk in kennis te stellen van het vertrek van elke zending chemische wapens vanaf een inrichting voor de opslag van chemische wapens naar de desbetreffende vernietigingsinrichting. In deze kennisgeving dienen te zijn vermeld de naam van de opslaginrichting, de verwachte tijden van vertrek en aankomst, de afzonderlijke typen en hoeveelheden van de verzonden chemische wapens, of er gelabelde exemplaren worden vervoerd, alsook de wijze van vervoer. Deze kennisgeving mag op meer dan één zending betrekking hebben. De leider van het inspectieteam dient onmiddellijk schriftelijk in kennis te worden gesteld van eventuele wijzigingen in deze informatie.
Inrichtingen voorde opslag van chemische wapens in inrichtingen voor de vernietiging van chemische wapens
62
De inspecteurs verifiëren de aankomst van de chemische wapens in een vernietigingsinrichting en de opslag van die chemische wapens. De inspecteurs verifiëren de inventarislijst van elke zending, met gebruikmaking van overeengekomen procedures die in overeenstemming zijn met de veiligheidsvoorschriften in de inrichting, zulks vóór de vernietiging van de chemische wapens. Zij mogen, indien van toepassing, gebruik maken van overeengekomen zegels, markeringsmiddelen of andere procedures voor de controle van een inventaris, zulks ter vergemakkelijking van een nauwkeurige inventarisatie van de chemische wapens vóór de vernietiging.
63
Zodra en zolang de chemische wapens zijn opgeslagen in inrichtingen voor de opslag van chemische wapens die zijn gelegen in inrichtingen voor de vernietiging van chemische wapens, worden deze opslaginrichtingen onderworpen aan een systematische verificatie in overeenstemming met de desbetreffende inrichtingsakkoorden.
64
Aan het einde van de actieve-vernietigingsfase maken de inspecteurs een inventaris op van de chemische wapens die ter vernietiging zijn verwijderd uit de opslaginrichting. Zij verifiëren de juistheid van de inventarislijst betreffende de resterende chemische wapens met gebruikmaking van de in paragraaf 62 bedoelde procedures voor de controle van een inventaris.
Maatregelen voor systematische verificatie ter plaatse in inrichtingen voor de vernietiging van chemische wapens
65
De inspecteurs wordt gedurende de gehele actieve-vernietigingsfase toegang verleend ter verrichting van hun activiteiten in de inrichtingen voor de vernietiging van chemische wapens en de aldaar gelegen inrichtingen voor de opslag van chemische wapens.
66
Ten einde te verzekeren dat er geen chemische wapens verdwijnen en er zeker van te zijn dat het vernietigingsproces is afgerond, hebben de inspecteurs in elke inrichting voor de vernietiging van chemische wapens het recht om, door middel van lijfelijke aanwezigheid en controle met behulp van ter plaatse opgestelde instrumenten, te verifiëren:
- a. de in ontvangstneming van chemische wapens in die inrichting;
- b. de ruimte voor tijdelijke bewaring van chemische wapens en de afzonderlijke typen en hoeveelheden van de in die ruimte opgeslagen chemische wapens;
- c. de afzonderlijke typen en hoeveelheden van de te vernietigen chemische wapens;
- d. het vernietigingsproces;
- e. het eindprodukt van de vernietiging;
- f. het onbruikbaar maken van metalen onderdelen; en
- g. de betrouwbaarheid van het vernietigingsproces en de inrichting in het algemeen.
67
De inspecteurs hebben, ten behoeve van de monsterneming, het recht labels aan te brengen op munitie, andere inzetmiddelen of houders die zich bevinden in de ruimten voor tijdelijke bewaring in inrichtingen voor de vernietiging van chemische wapens.
68
Voor zover deze aan de vereisten inzake inspectie voldoet, zal deugdelijk gestaafde informatie over routine-activiteiten in de inrichting voor inspectiedoeleinden worden gebruikt.
69
Na afloop van elke vernietigingsperiode bevestigt het Technisch Secretariaat de verklaring van de Staat die Partij is bij dit Verdrag, waarin deze melding maakt van de voltooiing van de vernietiging van de aangegeven hoeveelheid chemische wapens.
70
De inspecteurs dienen, in overeenstemming met de inrichtingsakkoorden:
- a. onbelemmerde toegang te hebben tot alle delen van de inrichtingen voor de vernietiging van chemische wapens en de aldaar gelegen inrichtingen voor de opslag van chemische wapens, met inbegrip van alle munitie, andere inzetmiddelen, buikhouders of andere houders die zich daar bevinden. De te inspecteren exemplaren worden gekozen door de inspecteurs in overeenstemming met het verificatieplan waarmee de geïnspecteerde Staat die Partij is bij dit Verdrag heeft ingestemd en dat is goedgekeurd door de Uitvoerende Raad;
- b. de systematische analyse van de monsters ter plaatse te volgen gedurende het gehele vernietigingsproces; en
- c. indien noodzakelijk monsters te ontvangen die op hun verzoek zijn genomen van munitie, andere inzetmiddelen, buikhouders en andere houders in de vernietigingsinrichting of de aldaar gelegen opslaginrichting.
AFDELING IV (B). Oude chemische wapens en achtergelaten chemische wapens
A. ALGEMEEN
1
Oude chemische wapens dienen te worden vernietigd zoals bepaald in Titel B.
2
Achtergelaten chemische wapens, met inbegrip van die welke tevens voldoen aan de omschrijving van artikel II, vijfde lid, letter b, dienen te worden vernietigd zoals bepaald in Titel C.
B. REGIME VOOR OUDE CHEMISCHE WAPENS
3
Een Staat die Partij is bij dit Verdrag die op zijn grondgebied oude chemische wapens heeft zoals omschreven in artikel II, vijfde lid, letter a, dient uiterlijk 30 dagen nadat dit Verdrag voor die Staat in werking is getreden, aan het Technisch Secretariaat alle beschikbare ter zake dienende informatie te verstrekken, waaronder, voor zover mogelijk, de vindplaats, het type, de hoeveelheid en de huidige toestand van deze oude chemische wapens.
In geval van oude chemische wapens zoals omschreven in artikel II, vijfde lid, letter b, dient de Staat die Partij is bij dit Verdrag aan het Technisch Secretariaat een opgave overeenkomstig artikel III, eerste lid, letter b, onder i, in te dienen, met inbegrip van, voor zover mogelijk, de in Afdeling IV (A), paragrafen 1 tot en met 3, van deze Bijlage genoemde informatie.
4
Een Staat die Partij is bij dit Verdrag die oude chemische wapens ontdekt nadat dit Verdrag voor die Staat in werking is getreden, dient aan het Technisch Secretariaat de in paragraaf 3 bedoelde informatie te verstrekken, zulks uiterlijk 180 dagen na de ontdekking van de oude chemische wapens.
5
Het Technisch Secretariaat verricht een eerste inspectie, en voor zover nodig vervolginspecties, ten einde de ingevolge de paragrafen 3 en 4 verstrekte informatie te verifiëren en met name om te bepalen of de chemische wapens voldoen aan de omschrijving van oude chemische wapens als gegeven in artikel II, vijfde lid. Richtlijnen voor het bepalen van de bruikbaarheid van tussen 1925 en 1946 geproduceerde wapens zullen worden bestudeerd en goedgekeurd door de Conferentie ingevolge artikel VIII, lid 21, letter i.
6
Een Staat die Partij is bij dit Verdrag dient oude chemische wapens, ten aanzien waarvan het Technisch Secretariaat heeft bevestigd dat zij voldoen aan de omschrijving in artikel II, vijfde lid, letter a, te behandelen als giftige afvalstoffen. De Staat die Partij is bij dit Verdrag dient het Technisch Secretariaat in te lichten over de stappen die worden ondernomen om deze oude chemische wapens te vernietigen of anderszins te verwijderen als giftige afvalstoffen in overeenstemming met zijn nationale wetgeving.
7
Een Staat die Partij is bij dit Verdrag dient, met inachtneming van de paragrafen 3 tot en met 5, oude chemische wapens ten aanzien waarvan het Technisch Secretariaat heeft bevestigd dat zij voldoen aan de omschrijving in artikel II, vijfde lid, letter b, te vernietigen in overeenstemming met artikel IV en Afdeling IV (A) van deze Bijlage. Op verzoek van een Staat die Partij is bij dit Verdrag kan de Uitvoerende Raad evenwel de bepalingen inzake de termijn en de volgorde van vernietiging van deze oude chemische wapens wijzigen, indien de Raad vaststelt dat zulks geen risico voor de doelstelling van dit Verdrag inhoudt. Het verzoek dient concrete voorstellen voor wijziging van de bepalingen en een gedetailleerde uiteenzetting van de redenen voor de voorgestelde wijziging te omvatten.
C. REGIME VOOR ACHTERGELATEN CHEMISCHE WAPENS
8
De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.
Deze tekst wordt gepubliceerd onder de eigen hergebruiksvoorwaarden van BWB, niet onder een licentie van Legalize of van het publieke domein.
BWB
CC0 1.0 Universeel (publiek domein)