Overeenkomst over de toepassing van de bepalingen van het Verdrag van de Verenigde Naties inzake het recht van de zee van 10 december 1982 die betrekking hebben op de instandhouding en het beheer van de grensoverschrijdende en de over grote afstanden trekkende visbestanden
Artikel 37. Ondertekening
Deze Overeenkomst staat open voor ondertekening door alle Staten en door de andere in artikel 1, lid 2, onder b, bedoelde lichamen en blijft, gedurende twaalf maanden vanaf 4 december 1995, openstaan voor ondertekening op de zetel van de Verenigde Naties.
Artikel 38. Bekrachtiging
Deze Overeenkomst dient te worden bekrachtigd door de Staten en door de andere in artikel 1, lid 2, onder b, bedoelde lichamen.
De akten van bekrachtiging dienen te worden nedergelegd bij de Secretaris-Generaal van de Verenigde Naties.
Artikel 39. Toetreding
Deze Overeenkomst staat open voor toetreding door de Staten en door de andere in artikel 1, lid 2, onder b, bedoelde lichamen. De akten van toetreding dienen te worden nedergelegd bij de Secretaris-Generaal van de Verenigde Naties.
Artikel 40. Inwerkingtreding
Deze Overeenkomst treedt in werking 30 dagen na de datum van nederlegging van de dertigste akte van bekrachtiging of toetreding.
Voor iedere Staat die of ieder lichaam dat de Overeenkomst bekrachtigt of ertoe toetreedt na de nederlegging van de dertigste akte van bekrachtiging of toetreding, treedt de Overeenkomst in werking op de dertigste dag volgende op de dag van nederlegging van zijn akte van bekrachtiging of toetreding.
Artikel 41. Voorlopige toepassing
Deze Overeenkomst wordt voorlopig toegepast door een Staat die of een lichaam dat door een schriftelijke kennisgeving aan de depositaris instemt met voorlopige toepassing ervan. De voorlopige toepassing gaat in vanaf de datum van ontvangst van de kennisgeving.
De voorlopige toepassing door een Staat of lichaam eindigt bij inwerkingtreding van deze Overeenkomst voor die Staat of dat lichaam of bij schriftelijke kennisgeving aan de depositaris door die Staat of dat lichaam van het voornemen om de voorlopige toepassing te beëindigen.
Artikel 42. Voorbehouden en excepties
Ten aanzien van deze Overeenkomst kunnen geen voorbehouden of excepties worden gemaakt.
Artikel 43. Verklaringen
Artikel 42 verhindert niet dat een Staat of een lichaam bij de ondertekening of bekrachtiging van of de toetreding tot dit Verdrag verklaringen aflegt, in welke bewoordingen of onder welke naam ook, onder andere met het oog op harmonisatie van zijn wetgeving met de bepalingen van deze Overeenkomst, mits dergelijke verklaringen niet strekken tot uitsluitings- of wijzigingsbepalingen inzake de juridische werking van deze Overeenkomst voor die Staat of dat lichaam.
Artikel 44. Verhouding tot andere overeenkomsten
Deze Overeenkomst verandert voor de Staten die hierbij partij zijn niets aan hun rechten en verplichtingen op grond van andere overeenkomsten welke verenigbaar zijn met deze Overeenkomst en geen afbreuk doen aan de rechten en verplichtingen van andere Staten die partij zijn bij deze Overeenkomst.
Twee of meer Staten die Partij zijn, kunnen overeenkomsten tot wijziging of schorsing van de toepassing van deze Overeenkomst sluiten die slechts van toepassing zijn in hun onderlinge betrekkingen, mits die overeenkomsten zich niet uitstrekken tot een bepaling zonder de naleving waarvan het voorwerp en het doel van deze Overeenkomst niet kunnen worden bereikt en voorts die overeenkomsten de toepassing van de in deze Overeenkomst vastgelegde grondbeginselen niet aantasten, en verder die overeenkomsten geen afbreuk doen aan de rechten en verplichtingen van andere Staten die Partij zijn bij deze Overeenkomst.
De Staten die Partij zijn en die het voornemen hebben om een overeenkomst als bedoeld in lid 2 te sluiten, stellen de andere Staten die partij zijn daarvan in kennis via de depositaris van deze Overeenkomt en ook van de wijzigingen of schorsingen waarin hun overeenkomst voorziet.
Artikel 45. Wijziging
Een Staat die Partij is bij deze Overeenkomst kan door middel van een schriftelijke kennisgeving aan de Secretaris-Generaal van de Verenigde Naties wijzigingen op deze Overeenkomst voorstellen en verzoeken om bijeenroeping van een conferentie die de voorgestelde wijzigingen moet bespreken. De Secretaris-Generaal brengt die kennisgeving over aan alle Staten die Partij zijn. Hij roept de conferentie bijeen als binnen zes maanden vanaf de datum van toezending van de kennisgeving ten minste de helft van de Staten die Partij zijn, positief antwoordt op het verzoek.
De besluitvormingsprocedure op de krachtens lid 1 bijeengeroepen wijzigingsconferentie is dezelfde als die welke is toegepast bij de Conferentie van de Verenigde Naties over de grensoverschrijdende en de over grote afstanden trekkende visbestanden, tenzij de conferentie anders besluit. De conferentie stelt alles in het werk om een consensus te bereiken over de wijzigingen en er wordt niet over de wijzigingen gestemd voordat alle mogelijkheden om tot consensus te komen, zijn benut.
Vanaf de datum van aanneming staan de wijzigingen op deze Overeenkomst, tenzij daarin anders bepaald, op de zetel van de Verenigde Naties gedurende twaalf maanden open voor ondertekening door de Staten die Partij zijn.
De artikelen 38, 39, 47 en 50 zijn van toepassing op alle wijzigingen op deze Overeenkomst.
De wijzigingen op deze Overeenkomst treden voor de Staten die Partij zijn en die ze bekrachtigen of ertoe toetreden, in werking op de dertigste dag na de nederlegging van akten van bekrachtiging of toetreding door twee derde van de Staten die Partij zijn. Voor elke Staat die Partij is en die een wijziging bekrachtigt of ertoe toetreedt nadat het vereiste aantal akten van bekrachtiging of toetreding is nedergelegd, treedt de wijziging in werking op de dertigste dag na de nederlegging van zijn akte van bekrachtiging of toetreding.
In een wijziging mag worden bepaald dat voor de inwerkingtreding daarvan een kleiner of groter aantal bekrachtigingen of toetredingen vereist is dan in dit artikel is bepaald.
Een Staat die Partij wordt bij deze Overeenkomst nadat overeenkomstig lid 5 wijzigingen in werking zijn getreden, wordt, tenzij hij anders te kennen heeft gegeven, beschouwd als:
- a. Partij bij deze Overeenkomst zoals die is gewijzigd, en
- b. Partij bij de ongewijzigde Overeenkomst ten opzichte van iedere Staat die Partij is, maar die niet gebonden is door de wijzigingen.
Artikel 46. Opzegging
Een Staat die Partij is, kan door middel van een schriftelijke kennisgeving aan de Secretaris-Generaal van de Verenigde Naties deze Overeenkomst opzeggen en daarbij de redenen aangeven. Als geen redenen worden aangegeven, verandert dat niets aan de geldigheid van de opzegging. De opzegging wordt een jaar na de datum van ontvangst van de kennisgeving van kracht, tenzij een latere datum wordt aangegeven.
De opzegging verandert niets aan de plicht van een Staat die partij is, om elke in deze Overeenkomst neergelegde verplichting na te komen die, onafhankelijk van deze Overeenkomst, volgens het internationale recht voor hem zou gelden.
Artikel 47. Deelneming van internationale organisaties
Als een internationale organisatie als bedoeld in Bijlage IX, artikel 1, van het Zeerechtverdrag niet bevoegd is voor alle onderwerpen die door deze Overeenkomst worden geregeld, is bijlage IX van het Zeerechtverdrag mutatis mutandis van toepassing voor de deelneming van zo'n internationale organisatie aan deze Overeenkomst, met uitzondering echter van het bepaalde in
- a. artikel 2, eerste zin, en
- b. artikel 3, lid 1,
van genoemde bijlage.
Als een internationale organisatie als bedoeld in Bijlage IX, artikel 1, van het Zeerechtverdrag bevoegd is voor alle onderwerpen die door deze Overeenkomst worden geregeld, gelden voor de deelneming van zo'n internationale organisatie aan deze Overeenkomst de volgende bepalingen:
- a. bij de ondertekening van of de toetreding tot de Overeenkomst legt zo'n internationale organisatie een verklaring af
- i. dat zij bevoegd is voor alle onderwerpen die door deze Overeenkomst worden geregeld,
- ii. dat daarom haar Lid-Staten geen Staten die Partij zijn, zullen worden, tenzij voor hun grondgebied waarvoor de internationale organisatie geen verantwoordelijkheid heeft,
- iii. dat zij de krachtens deze Overeenkomst voor Staten geldende rechten en verplichtingen aanvaardt;
- b. deelneming door een internationale organisatie geeft in geen geval rechten krachtens deze Overeenkomst aan de Lid-Staten van die internationale organisatie;
- c. in het geval van strijdigheid tussen de verplichtingen van een internationale organisatie krachtens deze Overeenkomst en haar verplichtingen krachtens de overeenkomst tot oprichting van die organisatie of krachtens enige daarmee verband houdende akte, hebben de verplichtingen krachtens deze Overeenkomst voorrang.
Artikel 48. Bijlagen
De Bijlagen vormen een integrerend deel van deze Overeenkomst en een verwijzing naar deze Overeenkomst of naar een van de Delen ervan houdt, tenzij uitdrukkelijk anders bepaald, tevens een verwijzing in naar de betrokken Bijlagen.
De Bijlagen kunnen van tijd tot tijd door de Staten die Partij zijn, worden herzien. Die herzieningen worden gebaseerd op wetenschappelijke en technische overwegingen. Ongeacht het bepaalde in artikel 45 wordt een herziening van een Bijlage die bij consensus is aangenomen in een vergadering van de Staten die Partij zijn, in de Overeenkomst opgenomen vanaf de datum van aanneming of de andere datum die in die herziening is bepaald, en geldt die herziening ook vanaf de betrokken datum. Als een herziening van een Bijlage niet bij consensus in een dergelijke vergadering wordt aangenomen, zijn de in artikel 45 vastgestelde wijzigingsprocedures van toepassing.
Artikel 49. Depositaris
De Secretaris-Generaal van de Verenigde Naties is de depositaris van deze Overeenkomst en van de wijzigingen en herzieningen ervan.
Artikel 50. Authentieke teksten
De Arabische, de Chinese, de Engelse, de Franse, de Russische en de Spaanse tekst van deze Overeenkomst zijn gelijkelijk authentiek.
Artikel 1. Algemene beginselen
Voor een doeltreffende instandhouding en een doeltreffend beheer van de grensoverschrijdende en de over grote afstanden trekkende visbestanden is het van fundamenteel belang dat tijdig gegevens worden verzameld, gegroepeerd en geanalyseerd. Daartoe moeten gegevens over de visserij op deze bestanden in de volle zee en in de gebieden onder nationale jurisdictie zo worden verzameld en gegroepeerd dat relevante statistische analyses voor de instandhouding en het beheer van de betrokken bestanden kunnen worden gemaakt. Deze gegevens omvatten statistieken over vangsten en visserij-inspanning en andere met de visserij verband houdende gegevens, zoals gegevens met betrekking tot vaartuigen en andere gegevens voor normalisatie van de visserij-inspanning. De gegevens dienen ook informatie te verschaffen over niet-doelsoorten en verwante of afhankelijke soorten. Met het oog op de juistheid ervan worden alle gegevens geverifieerd. Niet-geaggregeerde gegevens blijven vertrouwelijk. Voor verspreiding van die gegevens blijven de voorwaarden gelden waarop zij zijn verstrekt.
Aan de Ontwikkelingslanden wordt bijstand gegeven, waaronder opleidingen, zowel financiële als technische bijstand, om hun eigen mogelijkheden op het vlak van de instandhouding en het beheer van de levende rijkdommen van de zee te vergroten. De bijstand wordt geconcentreerd op vergroting van de capaciteit wat betreft het verzamelen en de verificatie van gegevens, waarnemersprogramma's, analyse van gegevens, alsmede onderzoekprojecten voor ondersteuning van de evaluatie van visbestanden. Er worden zoveel mogelijk wetenschapsmensen en managers uit Ontwikkelingslanden bij de instandhouding en het beheer van de grensoverschrijdende en de over grote afstanden trekkende visbestanden betrokken.
Artikel 2. Beginselen voor het verzamelen, de groepering en de uitwisseling van gegevens
Bij het bepalen van de parameters voor het verzamelen, de groepering en de uitwisseling van gegevens over de visserij op de grensoverschrijdende en de over grote afstanden trekkende visbestanden wordt uitgegaan van de volgende algemene beginselen:
- a. de Staten zorgen ervoor dat over de visserij-activiteit van vaartuigen die hun vlag voeren, gegevens worden verzameld volgens de technische kenmerken van iedere vismethode (bijv. per trek voor de visserij met het sleepnet, per trek voor de visserij met beuglijnen en ringzegens, per beviste school voor de hengelvisserij, en per dag voor de sleeplijnenvisserij) en gedetailleerd genoeg voor een doeltreffende evaluatie van de bestanden;
- b. de Staten zorgen ervoor dat de visserijgegevens adequaat worden geverifieerd;
- c. de Staten groeperen de met de visserij verband houdende gegevens en de andere ondersteunende wetenschappelijke gegevens en doen ze in het overeengekomen formaat tijdig toekomen aan de instanties van een eventuele organisatie of een eventueel akkoord voor het beheer van de visserij in subregionaal of regionaal verband. Bij gebreke daarvan dienen de Staten samen te werken voor rechtstreekse gegevensuitwisseling of voor uitwisseling via door hen overeen te komen samenwerkingsvormen;
- d. de Staten dienen, in het kader van subregionale of regionale organisaties of akkoorden voor visserijbeheer, dan wel anderszins, overeenkomstig deze Bijlage en voorts rekening houdende met de aard van de visbestanden en van de visserij daarop in het betrokken gebied, tot overeenstemming te komen over de specifieke gegevens die en het formaat waarin ze moeten worden verstrekt. In het kader van die organisaties of akkoorden wordt aan niet-leden van de organisatie en niet-partijen bij het akkoord verzocht gegevens te verstrekken over de betrokken visserijactiviteit van de vaartuigen die hun vlag voeren;
- e. in het kader van dergelijke organisaties of akkoorden worden de gegevens gegroepeerd en, onder de in genoemd kader vastgestelde voorwaarden, tijdig in een overeengekomen formaat beschikbaar gesteld aan alle belangstellende Staten;
- f. de wetenschapsmensen van de Vlaggestaat en de wetenschapsmensen die actief zijn in het kader van de betrokken organisatie of het betrokken akkoord voor visserijbeheer in subregionaal of regionaal verband analyseren, naar gelang van het geval, de gegevens afzonderlijk of in samenwerking.
Artikel 3. Basisgegevens over de visserij
De Staten verzamelen de volgende categorieën gegevens gedetailleerd genoeg en stellen ze beschikbaar aan de instanties van de betrokken subregionale of regionale organisaties en akkoorden voor visserijbeheer voor een doeltreffende evaluatie van de visbestanden volgens erkende procedures:
- a. tijdreeksen van vangststatistieken en visserij-inspanningsstatistieken per visserijtak en per vloot;
- b. gegevens over de totale vangst, in aantallen of nominaal gewicht of beide, per soort (zowel doelsoorten als niet-doelsoorten), naar gelang van de visserijtak; (Nominaal gewicht is door de Voedsel- en Landbouworganisatie van de Verenigde Naties gedefinieerd als het levend gewicht dat correspondeert met het gewicht van de aanvoer.)
- c. statistieken over de teruggooi, waaronder zo nodig ramingen, in aantallen of nominaal gewicht per soort, naar gelang van de visserijtak;
- d. visserij-inspanningsstatistieken per vangstmethode;
- e. visplaats, visdata en vistijd en andere eventueel benodigde statistieken over de visserij.
Zo nodig verzamelen de Staten ter ondersteuning van de evaluatie van de visbestanden ook de onderstaande gegevens en stellen ze die beschikbaar aan de instanties van de betrokken subregionale of regionale organisaties en akkoorden voor visserijbeheer:
- a. samenstelling van de vangst volgens lengte, gewicht en geslacht;
- b. andere biologische gegevens ter ondersteuning van evaluatie van de visbestanden, zoals gegevens over leeftijd, groei, recrutering, verspreiding en identiteit van het visbestand, en
- c. ander relevant onderzoek, waaronder bestandopnames ter bepaling van de getalssterkte, bestandopnames ter bepaling van de biomassa, hydro-akoestische bestandopnames, onderzoek met betrekking tot milieufactoren die van invloed zijn op de getalssterkte, en oceanografisch en ecologisch onderzoek.
Artikel 4. Gegevens en informatie over vissersvaartuigen
De Staten verzamelen de volgende categorieën op de vaartuigen betrekking hebbende gegevens met het oog op gestandaardiseerde overzichten van de samenstelling van de vloot en het motorvermogen, en om bij de analyse van gegevens over vangsten en visserij-inspanning de ene meeteenheid in de andere te kunnen omrekenen:
- a. identiteit, Vlaggestaat en haven van registratie van het vissersvaartuig;
- b. vaartuigtype;
- c. kenmerken van het vaartuig (bijv. materiaal waarvan het gebouwd is, bouwdatum, geregistreerde lengte, GT, vermogen van de hoofdmotoren, inhoud van het ruim en methoden voor opslag van de vangst), en
- d. beschrijving van het vistuig (type, specificaties en aantal).
De Vlaggestaat verzamelt informatie over:
- a. apparatuur voor navigatie en positiebepaling;
- b. communicatie-apparatuur en internationale radioroepnaam, en
- c. grootte van de bemanning.
Artikel 5. Gegevensmelding
De Staten zorgen ervoor dat de vaartuigen die hun vlag voeren aan de bevoegde nationale instanties voor de visserij en, indien zulks is overeengekomen, de instanties van de betrokken subregionale of regionale organisaties en akkoorden voor visserijbeheer, de logboekgegevens over de vangsten en de visserij-inspanning, met inbegrip van de gegevens over de visserij-activiteit op de volle zee, met een zodanige frequentie doen toekomen dat aan de nationale bepalingen en aan de regionale en internationale verplichtingen wordt voldaan. Deze gegevens worden, zo nodig, per radio, telex, fax, satelliet of via andere middelen doorgegeven.
Artikel 6. Verificatie van de gegevens
De Staten of, naar gelang van het geval, de instanties van de subregionale of regionale organisaties en akkoorden voor visserijbeheer treffen regelingen om de gegevens over de visserij te verifiëren, zoals bij voorbeeld
- a. systemen voor monitoring van de positie van de vaartuigen;
- b. programma's met wetenschappelijke waarnemers die toezicht houden op de vangsten, de visserij-inspanning, de samenstelling van de vangst (doelsoorten en niet-doelsoorten) en andere details met betrekking tot de visserij-activiteit;
- c. rapporten over visreizen, aanvoer en overlading, en
- d. bemonstering in de havens.
Artikel 7. Uitwisseling van gegevens
De Vlaggestaten delen, via de instanties van de betrokken subregionale of regionale organisaties en akkoorden voor visserijbeheer, de gegevens die zij hebben verzameld, met andere Vlaggestaten en betrokken Kuststaten. De instanties van die organisaties en akkoorden groeperen de gegevens en stellen ze, onder de in dat kader vastgestelde voorwaarden, tijdig en in een overeengekomen formaat beschikbaar aan alle belangstellende Staten, er daarbij voor zorgend dat de vertrouwelijkheid van de niet-geaggregeerde gegevens behouden blijft; deze instanties ontwikkelen, in de mate van het mogelijke, gegevensbanken met efficiënte toegang tot die gegevens.
Op mondiaal niveau worden de betrokken gegevens verzameld en verspreid via de Voedsel- en Landbouworganisatie van de Verenigde Naties. Bij gebreke van een organisatie of akkoord voor visserijbeheer in subregionaal of regionaal verband mag de FAO, mits instemming van de betrokken Staten, die werkzaamheden voor de betrokken subregio of regio uitvoeren.
1
Een preventieve referentiewaarde is een via een erkende wetenschappelijke procedure geraamde waarde die overeenkomt met de situatie van het bestand en de betrokken visserij en die kan worden gebruikt als oriëntatiepunt voor het visserijbeheer.
2
Er worden twee soorten preventieve referentiewaarden gebruikt: instandhoudingslimieten en streefcijfers. Instandhoudingslimieten geven grenzen aan om de bevissing binnen veilige biologische grenzen te houden waarbij de visbestanden een maximale duurzame opbrengst geven. Streefcijfers worden gehanteerd met het oog op beheersdoelstellingen.
3
Preventieve referentiewaarden moeten per bestand worden vastgesteld, zodat onder andere rekening kan worden gehouden met het reproduktievermogen, het herstelvermogen en de kenmerken van de bevissing van het betrokken bestand, alsmede met andere oorzaken van mortaliteit en met de belangrijkste onzekerheidsfactoren.
4
De beheersstrategieën dienen erop gericht te zijn om de beviste bestanden, en zo nodig de verwante of afhankelijke soorten, te houden of terug te brengen op een niveau dat consistent is met vooraf overeengekomen preventieve referentiewaarden. Deze referentiewaarden dienen om bij het bereiken ervan te reageren met vooraf overeengekomen instandhoudings- en beheersmaatregelen. De beheersstrategieën omvatten maatregelen die kunnen worden toegepast wanneer de referentiewaarden bijna bereikt zijn.
5
De strategieën voor visserijbeheer worden zo opgezet dat het risico dat de instandhoudingslimieten overschreden worden zeer gering is. Als de grootte van een bestand daalt of dreigt te dalen tot onder een instandhoudingslimiet, moet worden begonnen met instandhoudings- en beheersmaatregelen om het herstel van dat bestand te bevorderen. De strategieën voor visserijbeheer worden zo opgezet dat de streefcijfers gemiddeld niet worden overschreden.
6
Wanneer over een visserijtak weinig of geen gegevens beschikbaar zijn om de referentiewaarden te bepalen, worden voorlopige referentiewaarden vastgesteld. Voorlopige referentiewaarden kunnen worden vastgesteld naar analogie van die voor soortgelijke visbestanden waarover meer gegevens bekend zijn. In die gevallen is verscherpte monitoring ten aanzien van de betrokken visserijtak geboden, zodat de voorlopige referentiewaarden kunnen worden herzien zodra betere gegevens beschikbaar komen.
7
De visserijmortaliteit waarbij de maximaal duurzame opbrengst wordt behaald, is de minimumnorm voor de instandhoudingslimieten. Voor bestanden die niet overbevist zijn, worden de strategieën voor visserijbeheer zo opgezet dat de visserijmortaliteit niet groter is dan die welke overeenkomt met de maximaal duurzame opbrengst en dat de biomassa niet onder een vooraf bepaald niveau daalt. Voor overbeviste bestanden kan de biomassa die de maximaal duurzame opbrengst zou geven, als doel voor het herstel van het bestand gelden.
IN WITNESS WHEREOF, the undersigned Plenipotentiaries, being duly authorized thereto, have signed this Agreement.
OPENED FOR SIGNATURE at New York, this fourth day of December, one thousand nine hundred and ninety-five, in a single original, in the Arabic, Chinese, English, French, Russian and Spanish languages.
De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.
Deze tekst wordt gepubliceerd onder de eigen hergebruiksvoorwaarden van BWB, niet onder een licentie van Legalize of van het publieke domein.
BWB
CC0 1.0 Universeel (publiek domein)