Verdrag inzake de internationale inning van levensonderhoud voor kinderen en andere familieleden
De in de bijlagen bij dit Verdrag opgenomen formulieren kunnen worden gewijzigd bij een beslissing van een bijzondere commissie bijeengeroepen door de Secretaris-Generaal van de Haagse Conferentie voor Internationaal Privaatrecht waarvoor alle verdragsluitende staten en alle leden worden uitgenodigd. Een kennisgeving van het voorstel tot wijziging van de formulieren wordt opgenomen in de agenda voor de bijeenkomst.
Wijzigingen aangenomen door de verdragsluitende staten die aanwezig zijn bij de bijzondere commissie worden voor alle verdragsluitende partijen van kracht op de eerste dag van de zevende kalendermaand na de datum waarop de depositaris ze aan alle verdragsluitende staten heeft toegezonden.
Gedurende het in het tweede lid bedoelde tijdvak kan elke verdragsluitende staat in overeenstemming met artikel 62 bij schriftelijke kennisgeving aan de depositaris een voorbehoud maken ten aanzien van de wijziging. Een staat die een dergelijk voorbehoud maakt, wordt tot het tijdstip waarop het voorbehoud wordt ingetrokken, behandeld als een staat die ter zake van die wijziging geen partij is bij dit Verdrag.
Artikel 56. Overgangsbepalingen
Het Verdrag is van toepassing op elk geval:
- a. waarin een verzoek uit hoofde van artikel 7 of een verzoek uit hoofde van hoofdstuk III wordt ontvangen door de centrale autoriteit van de aangezochte staat nadat het Verdrag in werking is getreden tussen de verzoekende staat en de aangezochte staat;
- b. waarin een rechtstreeks verzoek om erkenning en tenuitvoerlegging is ontvangen door de bevoegde autoriteit van de aangezochte staat nadat het Verdrag in werking is getreden tussen de staat van herkomst en de aangezochte staat.
Wat betreft de erkenning en tenuitvoerlegging van beslissingen tussen verdragsluitende staten bij dit Verdrag die tevens partij zijn bij een van de in artikel 48 genoemde Haagse verdragen inzake levensonderhoud, indien de voorwaarden voor erkenning en tenuitvoerlegging in de zin van dit Verdrag de erkenning en tenuitvoerlegging van een in de staat van herkomst gegeven beslissing voordat dit Verdrag voor die staat in werking trad, beletten, die anders zou zijn erkend en ten uitvoer gelegd krachtens de bepalingen van het verdrag dat van kracht was op het tijdstip waarop de beslissing werd gegeven, zijn de voorwaarden van dat verdrag van toepassing.
De aangezochte staat is krachtens dit Verdrag niet gehouden een beslissing of regeling inzake levensonderhoud ten uitvoer te leggen betreffende betalingen die verschuldigd waren voordat het Verdrag tussen de staat van herkomst en de aangezochte staat in werking is getreden, met uitzondering van onderhoudsverplichtingen die voortvloeien uit een ouder-kindrelatie jegens een persoon jonger dan 21 jaar.
Artikel 57. Verstrekken van inlichtingen betreffende wetten, procedures en diensten
Een verdragsluitende staat verstrekt op het tijdstip van de nederlegging van zijn akte van bekrachtiging of toetreding of bij het indienen van een verklaring overeenkomstig artikel 61 van het Verdrag het Permanent Bureau van de Haagse Conferentie voor Internationaal Privaatrecht:
- a. een beschrijving van zijn wetgeving en procedures betreffende onderhoudsverplichtingen;
- b. een beschrijving van de maatregelen die hij zal nemen om aan de verplichtingen in de zin van artikel 6 te voldoen;
- c. een beschrijving van de manier waarop hij verzoekers daadwerkelijk toegang zal verschaffen tot procedures, zoals voorgeschreven in artikel 14;
- d. een beschrijving van zijn tenuitvoerleggingsvoorschriften en -procedures, met inbegrip van beperkingen ten aanzien van tenuitvoerlegging, in het bijzonder aangaande de voorschriften voor de bescherming van onderhoudsplichtigen en verjaringstermijnen;
- e. nadere omschrijvingen bedoeld in artikel 25, eerste lid, onderdeel b), en derde lid.
De verdragsluitende staten kunnen bij het nakomen van hun verplichtingen uit hoofde van het eerste lid, gebruikmaken van een door de Haagse Conferentie voor Internationaal Privaatrecht aanbevolen en bekendgemaakt formulier voor een landprofiel (country profile form).
De inlichtingen worden geactualiseerd door de verdragsluitende staten.
HOOFDSTUK IX. SLOTBEPALINGEN
Artikel 58. Ondertekening, bekrachtiging en toetreding
Het Verdrag staat open voor ondertekening door de staten die lid waren van de Haagse Conferentie voor Internationaal Privaatrecht op het tijdstip van haar eenentwintigste zitting en door de overige staten die aan die zitting deelnamen.
Het Verdrag wordt bekrachtigd, aanvaard of goedgekeurd en de akten van bekrachtiging, aanvaarding of goedkeuring worden nedergelegd bij het Ministerie van Buitenlandse Zaken van het Koninkrijk der Nederlanden, depositaris van het Verdrag.
Elke andere staat of regionale organisatie voor economische integratie kan tot het Verdrag toetreden nadat het overeenkomstig artikel 60, eerste lid 1, in werking is getreden.
De akte van toetreding wordt nedergelegd bij de depositaris.
Deze toetreding heeft slechts gevolgen in de betrekkingen tussen de toetredende staat en die verdragsluitende staten die niet binnen twaalf maanden na de ontvangst van de in artikel 65 bedoelde kennisgeving bezwaar hebben gemaakt tegen de toetreding van deze staat. Een dergelijk bezwaar kan ook door een staat worden gemaakt op het tijdstip van bekrachtiging, aanvaarding of goedkeuring van het Verdrag na een toetreding. Van elk bezwaar wordt kennisgeving gedaan aan de depositaris.
Artikel 59. Regionale organisaties voor economische integratie
Een regionale organisatie voor economische integratie die alleen uit soevereine staten is samengesteld en die bevoegd is ter zake van sommige of alle aangelegenheden die in dit Verdrag worden geregeld, kan dit Verdrag ook ondertekenen, aanvaarden, goedkeuren of hiertoe toetreden. In dat geval heeft de regionale organisatie voor economische integratie de rechten en verplichtingen van een verdragsluitende staat, voor zover de organisatie bevoegd is ter zake van de aangelegenheden waarop het Verdrag van toepassing is.
Op het tijdstip van ondertekening, aanvaarding, goedkeuring of toetreding stelt de regionale organisatie voor economische integratie de depositaris schriftelijk in kennis van de in dit Verdrag geregelde aangelegenheden ter zake waarvan bevoegdheid aan die organisatie door haar lidstaten is overgedragen. De organisatie stelt de depositaris onverwijld schriftelijk in kennis van wijzigingen van haar bevoegdheid als vermeld in de meest recente kennisgeving krachtens dit lid.
Op het tijdstip van ondertekening, aanvaarding, goedkeuring of toetreding kan een regionale organisatie voor economische integratie in overeenstemming met artikel 63 verklaren dat zij bevoegdheid uitoefent ter zake van alle aangelegenheden waarop dit Verdrag van toepassing is en dat haar lidstaten die hun bevoegdheid op dat gebied hebben overgedragen aan de regionale organisatie voor economische integratie, door dit Verdrag gebonden zullen zijn krachtens de ondertekening, aanvaarding, goedkeuring of toetreding door de organisatie.
Voor de inwerkingtreding van dit Verdrag wordt een door een regionale organisatie voor economische integratie nedergelegde akte niet meegeteld, tenzij de regionale organisatie voor economische integratie een verklaring aflegt in overeenstemming met het derde lid.
Elke verwijzing in dit Verdrag naar een „verdragsluitende staat” of naar een „staat” is in voorkomend geval eveneens van toepassing op een regionale organisatie voor economische integratie die partij is bij het Verdrag. In het geval dat een regionale organisatie voor economische integratie een verklaring in overeenstemming met het derde lid heeft afgelegd, zijn alle verwijzingen in dit Verdrag naar een „verdragsluitende staat” of een „staat” in voorkomend geval eveneens van toepassing op de desbetreffende lidstaten van de organisatie.
Artikel 60. Inwerkingtreding
Het Verdrag treedt in werking op de eerste dag van de maand volgend op het verstrijken van drie maanden na de nederlegging van de tweede akte van bekrachtiging, aanvaarding of goedkeuring, bedoeld in artikel 58.
Vervolgens treedt het Verdrag in werking:
- a. voor elke staat of in artikel 59, eerste lid, bedoelde regionale organisatie voor economische integratie die dit Verdrag daarna bekrachtigt, aanvaardt of goedkeurt op de eerste dag van de maand volgend op het verstrijken van drie maanden na de nederlegging van de akte van bekrachtiging, aanvaarding of goedkeuring;
- b. voor elke staat of in artikel 58, derde lid, bedoelde regionale organisatie voor economische integratie op de dag na het verstrijken van de termijn gedurende welke bezwaar kan worden gemaakt overeenkomstig artikel 58, vijfde lid;
- c. voor een territoriale eenheid waartoe het Verdrag in overeenstemming met artikel 61 is uitgebreid, op de eerste dag van de maand volgend op het verstrijken van drie maanden na de in dat artikel bedoelde kennisgeving.
Artikel 61. Verklaringen ten aanzien van niet-geünificeerde rechtsstelsels
Indien een staat twee of meer territoriale eenheden heeft waarin verschillende rechtsstelsels van toepassing zijn betreffende in dit Verdrag geregelde aangelegenheden, kan hij op het tijdstip van ondertekening, bekrachtiging, aanvaarding, goedkeuring of toetreding in overeenstemming met artikel 63 verklaren dat dit Verdrag op al deze territoriale eenheden of slechts op een of meer daarvan van toepassing is en kan hij te allen tijde deze verklaring wijzigen door een nieuwe verklaring af te leggen.
Elke verklaring wordt de depositaris ter kennis gebracht en daarin worden uitdrukkelijk de territoriale eenheden vermeld waarop het Verdrag van toepassing is.
Indien een staat geen verklaring aflegt uit hoofde van dit artikel, is het Verdrag van toepassing op alle territoriale eenheden van die staat.
Dit artikel is niet van toepassing op regionale organisaties voor economische integratie.
Artikel 62. Voorbehouden
Elke verdragsluitende staat kan, uiterlijk op het tijdstip van bekrachtiging, aanvaarding, goedkeuring of toetreding, of op het tijdstip waarop een verklaring bedoeld in artikel 61 wordt afgelegd, een of meer van de voorbehouden bedoeld in artikel 2, tweede lid, artikel 20, tweede lid, artikel 30, achtste lid, artikel 44, derde lid, en artikel 55, derde lid, maken. Andere voorbehouden zijn niet toegestaan.
Elke staat kan te allen tijde een gemaakt voorbehoud intrekken. De intrekking wordt de depositaris ter kennis gebracht.
Het voorbehoud houdt op van kracht te zijn op de eerste dag van de derde kalendermaand na de in het tweede lid bedoelde kennisgeving.
Met uitzondering van het in artikel 2, tweede lid 2, bedoelde voorbehoud hebben voorbehouden uit hoofde van dit artikel geen wederkerige gevolgen.
Artikel 63. Verklaringen
De in artikel 2, derde lid, artikel 11, eerste lid, onderdeel g), artikel 16, eerste lid, artikel 24, eerste lid, artikel 30, zevende lid, artikel 44, eerste en tweede lid, artikel 59, derde lid, en artikel 61, eerste lid, bedoelde verklaringen mogen worden afgelegd bij de ondertekening, bekrachtiging, aanvaarding, goedkeuring of toetreding of op enig tijdstip daarna, en mogen te allen tijde worden gewijzigd of ingetrokken.
Verklaringen, wijzigingen en intrekkingen worden de depositaris ter kennis gebracht.
Een verklaring die op het tijdstip van ondertekening, bekrachtiging, aanvaarding, goedkeuring of toetreding is afgelegd, wordt gelijktijdig met de inwerkingtreding van dit Verdrag voor de betrokken staat van kracht.
Een op een later tijdstip afgelegde verklaring en elke wijziging of intrekking van een verklaring, worden van kracht op de eerste dag van de maand die volgt op het verstrijken van een tijdvak van drie maanden na de datum waarop de kennisgeving door de depositaris is ontvangen.
Artikel 64. Opzegging
Een staat die partij is bij het Verdrag kan dit opzeggen door middel van een schriftelijke kennisgeving gericht aan de depositaris. De opzegging kan worden beperkt tot bepaalde territoriale eenheden van een staat met meerdere eenheden waarop dit Verdrag van toepassing is.
De opzegging wordt van kracht op de eerste dag van de maand volgend op het verstrijken van een termijn van twaalf maanden na de datum waarop de kennisgeving door de depositaris is ontvangen. Wanneer in de kennisgeving een langere opzegtermijn is aangegeven, wordt de opzegging van kracht na het verstrijken van deze langere termijn, na de datum waarop de kennisgeving door de depositaris is ontvangen.
Artikel 65. Kennisgeving
De depositaris stelt de leden van de Haagse Conferentie voor Internationaal Privaatrecht, en andere staten en regionale organisaties voor economische integratie die in overeenstemming met de artikelen 58 en 59 hebben ondertekend, bekrachtigd, aanvaard, goedgekeurd of zijn toegetreden, in kennis van het volgende:
- a. de in de artikelen 58 en 59 bedoelde ondertekeningen, bekrachtigingen, aanvaardingen en goedkeuringen;
- b. de toetredingen en de bezwaren tegen toetredingen bedoeld in artikel 58, derde en vijfde lid, en in artikel 59;
- c. de datum waarop het Verdrag in werking treedt in overeenstemming met artikel 60;
- d. de verklaringen bedoeld in artikel 2, derde lid, artikel 11, eerste lid, onderdeel g), artikel 16, eerste lid, artikel 24, eerste lid, artikel 30, zevende lid, artikel 44, eerste en tweede lid, artikel 59, derde lid, en artikel 61, eerste lid;
- e. de in artikel 51, tweede lid, bedoelde verdragen;
- f. de voorbehouden bedoeld in artikel 2, tweede lid, artikel 20, tweede lid, artikel 30, achtste lid, artikel 44, derde lid, en artikel 55, derde lid, en de intrekkingen bedoeld in artikel 62, tweede lid;
- g. de opzeggingen bedoeld in artikel 64.
IN WITNESS WHEREOF the undersigned, being duly authorised thereto, have signed this Convention.
DONE at The Hague, on the 23rd day of November 2007, in the English and French languages, both texts being equally authentic, in a single copy which shall be deposited in the archives of the Government of the Kingdom of the Netherlands, and of which a certified copy shall be sent, through diplomatic channels, to each of the Members of the Hague Conference on Private International Law at the date of its Twenty-First Session and to each of the other States which have participated in that Session.
De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.
Deze tekst wordt gepubliceerd onder de eigen hergebruiksvoorwaarden van BWB, niet onder een licentie van Legalize of van het publieke domein.
BWB
CC0 1.0 Universeel (publiek domein)