Wet van 8 oktober 1992, houdende bepalingen met betrekking tot het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek

Type Wet
Publication 2026-01-01
State In force
Source BWB
artikelen 920
Wijzigingsgeschiedenis JSON API

Titel 2. Het bestuur en de inrichting van de Koninklijke Bibliotheek

Paragraaf 3. De academische ziekenhuizen bij de bijzondere universiteiten

Paragraaf 3. Getuigschriften en titulatuur

Titel 2. Wet van 28 maart 1996 (Stb. 226)

Titel 5. Wet van 2 juli 1997 (Stb. 322)

Hoofdstuk 12. Het bestuur en de inrichting van de academische ziekenhuizen

Titel 2. Het gemeenschappelijk beleidsorgaan

Paragraaf 6. Rechtsbescherming

Paragraaf 5. Invoering studiepuntensysteem «nieuwe stijl»

Paragraaf 2. Onderwijs en vooropleidingseisen

Titel 5. Wet van 3 april 2003 (Stb. 188)

Titel 1. Wet van 25 januari 1996 (Stb. 172)

Hoofdstuk 18. Overgangs- en invoeringsbepalingen wijzigingswetten vanaf 2002

Bijlage. behorende bij de Wet op het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek

In deze bijlage zijn in de onderdelen a tot en met i opgenomen de bekostigde instellingen voor hoger onderwijs, bedoeld in artikel 1.8, eerste lid, en zijn in onderdeel j opgenomen de academische ziekenhuizen, bedoeld in artikel 1.13, eerste lid.

De namen van rechtspersonen in deze bijlage worden weergegeven zoals zij luiden op 1 januari 2004.

  • a. De openbare universiteiten te Leiden, Groningen, Amsterdam, Utrecht, Delft, Wageningen, Eindhoven, Enschede, Rotterdam en Maastricht.
  • b. De bijzondere universiteit te:
  • -. Amsterdam, uitgaande van de Vereniging voor christelijk wetenschappelijk onderwijs;
  • -. Nijmegen, uitgaande van de Stichting Katholieke Universiteit;
  • -. Tilburg, uitgaande van de Stichting Katholieke Universiteit Brabant.
  • c. De rechtspersoonlijkheid bezittende openbare hogescholen te Leeuwarden en Velp.
  • d. (vacant)
  • e. (vacant)
  • f. (vacant)
  • g. De bijzondere hogescholen:
  • –. Agrarische Hogeschool Larenstein, uitgaande van de Stichting Van Hall Larenstein;
  • –. Amsterdamse Hogeschool voor de Kunsten, uitgaande van de Stichting Amsterdamse Hogeschool voor de Kunsten;
  • –. ArtEZ, Hogeschool voor de Kunsten, uitgaande van de Stichting ArtEZ;
  • –. Avans Hogeschool, uitgaande van de Stichting Avans;
  • –. Christelijke Agrarische Hogeschool, uitgaande van de stichting Christelijke Agrarische Hogeschool;
  • –. Christelijke Hogeschool Ede, uitgaande van de Stichting voor Christelijk Hoger Onderwijs op Gereformeerde Grondslag;
  • –. Christelijke Hogeschool Windesheim, uitgaande van de Vereniging Christelijk Hoger Onderwijs;
  • –. Codarts, Hogeschool voor de Kunsten, uitgaande van de Stichting Codarts, Hogeschool voor de Kunsten;
  • –. Design Academy, uitgaande van de Stichting The Design Academy;
  • –. Fontys Hogeschool Eindhoven, uitgaande van de Stichting Fontys;
  • –. Fontys Hogeschool ’s-Hertogenbosch, uitgaande van de Stichting Fontys;
  • –. Fontys Hogeschool Roermond, uitgaande van de Stichting Fontys;
  • –. Fontys Hogeschool Sittard, uitgaande van de Stichting Fontys;
  • –. Fontys Hogeschool Tilburg, uitgaande van de Stichting Fontys;
  • –. Fontys Hogeschool Venlo, uitgaande van de Stichting Fontys;
  • –. Fontys Pedagogische Hogeschool Eindhoven uitgaande van de Stichting Fontys;
  • –. Fontys Pedagogisch Technische Hogeschool Nederland, uitgaande van de Stichting Fontys;
  • –. Gereformeerde Hogeschool, uitgaande van de Stichting voor Gereformeerd Hoger Beroepsonderwijs;
  • –. Haagse Hogeschool, uitgaande van de Stichting Hoger Beroepsonderwijs Haaglanden en Rijnstreek;
  • –. Hanzehogeschool Groningen, uitgaande van de Stichting Hanzehogeschool Groningen;
  • –. HAS Den Bosch, uitgaande van de Stichting Agrarische Hogeschool Den Bosch van de Katholieke Nederlandse Boeren en Tuinders Bond;
  • –. Hogeschool van Amsterdam, uitgaande van de Stichting Hogeschool van Amsterdam;
  • –. Hogeschool van Arnhem en Nijmegen, uitgaande van de Stichting Hogeschool van Arnhem en Nijmegen;
  • –. Hogeschool «De Driestar», uitgaande van de Stichting voor Christelijk Hoger Onderwijs op Reformatorische grondslag «De Driestar»;
  • –. Hogeschool «De Kempel», uitgaande van de Stichting «De Kempel»;
  • –. Hogeschool Domstad Katholieke lerarenopleiding basisonderwijs, uitgaande van de Stichting Katholieke Opleiding tot Leraren in het Basisonderwijs;
  • –. Hogeschool Edith Stein, uitgaande van de Stichting Onderwijs Centrum Twente;
  • –. Hogeschool Helicon, uitgaande van de Stichting Hogeschool Helicon, onderwijs vanuit antroposofie;
  • –. Hogeschool INHOLLAND, uitgaande van de Stichting Hoger Onderwijs Nederland;
  • –. Hogeschool IPABO Amsterdam/Alkmaar, uitgaande van de Stichting voor de Protestants Christelijke en de Rooms-Katholieke lerarenopleiding voor het Basisonderwijs in Noord-Holland;
  • –. Hogeschool Leiden, uitgaande van Stichting Hogeschool Leiden;
  • –. Hogeschool Rotterdam, uitgaande van de Stichting Hogeschool Rotterdam;
  • –. Hogeschool Utrecht, uitgaande van de Stichting Hogeschool Utrecht;
  • –. Hogeschool van Beeldende Kunsten, Muziek en Dans, uitgaande van de Stichting Hogeschool van Beeldende Kunsten, Muziek en Dans;
  • –. Hogeschool voor Beeldende Kunst en Vormgeving, uitgaande van de Stichting Gerrit Rietveld Academie te Amsterdam;
  • –. Hogeschool voor de Kunsten Utrecht, uitgaande van de Stichting hogeschool voor de Kunsten Utrecht;
  • –. Hogeschool Zeeland, uitgaande van de Stichting Hogeschool Zeeland;
  • –. Hogeschool Zuyd, uitgaande van de Stichting Hogeschool Zuyd;
  • –. Hotelschool Den Haag, uitgaande van de Stichting Hotelschool Den Haag;
  • –. Iselinge, educatieve faculteit, uitgaande van de Stichting IJsselgroep Iselinge;
  • –. Katholieke PABO, uitgaande van de Stichting Katholieke Opleiding tot Leraren in het Basisonderwijs;
  • –. Marnix Academie Prot. Chr. hogeschool Lerarenopleiding basisonderwijs, uitgaande van de Stichting Protestants Christelijke Hoger Beroepsonderwijs Utrecht;
  • –. NHTV Internationale Hogeschool, uitgaande van de Stichting NHTV Internationale Hogeschool te Breda;
  • –. Noordelijke Hogeschool Leeuwarden, uitgaande van de Stichting Noordelijke Hogeschool Leeuwarden;
  • –. Saxion Hogescholen, uitgaande van de Stichting Saxion;
  • –. Stenden Hogeschool, Christelijke Hogeschool Nederland, uitgaande van de Stichting Stenden Hogeschool;
  • –. Stenden Hogeschool Drenthe, uitgaande van de Stichting Stenden Hogeschool;
  • –. STOAS Hogeschool, Wageningen, uitgaande van de Stichting STOAS;
  • –. Van Hall Instituut, uitgaande van de Stichting Van Hall Larenstein.
  • h. de Open Universiteit te Heerlen.
  • i. de levensbeschouwelijke universiteiten:
  • –. Protestantse Theologische Universiteit te Kampen, uitgaande van de Protestantse Kerk in Nederland;
  • –. Theologische Universiteit der Christelijke Gereformeerde Kerken in Nederland te Apeldoorn, uitgaande van het kerkgenootschap Christelijke Gereformeerde Kerken;
  • –. Universiteit voor Humanistiek te Utrecht, uitgaande van de Stichting Universiteit voor Humanistiek.
  • –. Theologische Universiteit, uitgaande van de gezamenlijke rechtspersoonlijkheid bezittende Gereformeerde Kerken in Nederland (vrijgemaakt) te Kampen.
  • j.
    1. De rechtspersoonlijkheid bezittende academische ziekenhuizen bij de openbare universiteiten te:
  • -. Leiden,
  • -. Groningen,
  • -. Amsterdam,
  • -. Utrecht,
  • -. Rotterdam,
  • -. Maastricht.
    1. De academische ziekenhuizen bij de bijzondere universiteiten te Amsterdam en Nijmegen.

Lasten en bevelen dat deze in het Staatsblad zal worden geplaatst en dat alle ministers, autoriteiten, colleges en ambtenaren wie zulks aangaat, aan de nauwkeurige uitvoering de hand zullen houden.

Artikel 1.1a. Openbare lichamen BES

Deze wet is mede van toepassing in de openbare lichamen BES.

Titel 1a. Ruimte voor innovatie

Titel 2. De instellingen

Paragraaf 1. Bekostigde instellingen voor hoger onderwijs

Paragraaf 2a. Graadverlening postinitiële masteropleidingen

Paragraaf 3. Academische ziekenhuizen

Paragraaf 4. Instellingen voor wetenschappelijk onderzoek

Titel 3. Kwaliteitszorg

Titel 3. Kwaliteitszorg

Hoofdstuk 2. Planning en bekostiging

Titel 1. Planning

Titel 2. Bekostiging

Titel 3. Inrichting verslag en aanwijzing branchecode

Titel 3. Inrichting verslag en aanwijzing branchecode

Hoofdstuk 3. Overleg

Hoofdstuk 4. Het personeel

Hoofdstuk 5. Het toezicht

Titel 4. Intrekking van accreditatie en de gevolgen van intrekking

Hoofdstuk 6. Onderwijsaanbod

Titel 2. Opleidingen rechtspersonen voor hoger onderwijs

Titel 2. Accreditatie en toets nieuwe opleiding

Hoofdstuk 7. Onderwijs

Titel 2. Opleidingen rechtspersonen voor hoger onderwijs

Paragraaf 1. Het onderwijs en de examens

Paragraaf 2. Vestigingsplaats opleiding

Paragraaf 2. Vestigingsplaats opleiding

Titel 2. Vooropleidingseisen en toelatingseisen

Paragraaf 4. Bijzondere bepalingen inschrijving

Titel 4. Rechtsbescherming van studenten en extraneï

Paragraaf 3. Gelijkwaardigheid buitenlandse getuigschriften

Hoofdstuk 7a. Taken in het kader van de zij-instroom in het beroep van leraar en docent

Hoofdstuk 7a. Taken in het kader van de zij-instroom in het beroep van leraar en docent

Hoofdstuk 9. Het bestuur en de inrichting van de universiteiten

TITEL 1. HET BESTUUR EN DE INRICHTING VAN DE OPENBARE UNIVERSITEITEN

TITEL 2. MEDEZEGGENSCHAP BINNEN DE OPENBARE UNIVERSITEITEN

Paragraaf 5. Overige bepalingen

Paragraaf 5. Overige bepalingen

Titel 4. Rechtsbescherming van studenten en extraneï

Titel 4. Rechtsbescherming van studenten en extraneï

Paragraaf 1. Toegankelijke faciliteit; klachten

Artikel 9.76

Vervallen

Hoofdstuk 10. Het bestuur en de inrichting van de hogescholen

Paragraaf 3. Onderzoekinstituten en onderzoekscholen

Paragraaf 3. Onderzoekinstituten en onderzoekscholen

Titel 1. Het bestuur en de inrichting van hogescholen

TITEL 2. MEDEZEGGENSCHAP BINNEN DE OPENBARE UNIVERSITEITEN

Hoofdstuk 11. Het bestuur en de inrichting van de Open Universiteit

Paragraaf 2. De bijzondere leerstoelen

Paragraaf 2. Onderwijs

Paragraaf 1a. Onderwijsbeoefening

Paragraaf 1a. Onderwijsbeoefening

Paragraaf 2. Geschillenregeling

Titel 2. Het bestuur en de inrichting van hogescholen met rechtspersoonlijkheid

Hoofdstuk 13. Het bestuur en de inrichting van de instellingen voor wetenschappelijk onderzoek

Titel 2. Het bestuur en de inrichting van hogescholen met rechtspersoonlijkheid

Titel 2. Het gemeenschappelijk beleidsorgaan

Hoofdstuk 14. Beroep op de administratieve rechter

Hoofdstuk 11. Het bestuur en de inrichting van de Open Universiteit

Paragraaf 4. Medezeggenschap

Paragraaf 2. Onderwijs

Paragraaf 2. Onderwijs

Hoofdstuk 12. Het bestuur en de inrichting van de academische ziekenhuizen

Titel 1. Het bestuur en de inrichting van de academische ziekenhuizen

Titel 3. Overige bepalingen

Titel 2. Wet van 28 maart 1996 (Stb. 226)

Titel 3. Wet van 4 juli 1996 (Stb. 434)

Titel 3. Wet van 4 juli 1996 (Stb. 434)

Titel 1. Het bestuur en de inrichting van de academische ziekenhuizen

Titel 5. Wet van 2 juli 1997 (Stb. 322)

Hoofdstuk 17. Overgangs- en invoeringsbepalingen wijzigingswetten tot 2002

Titel 3. Het gemeenschappelijk uitvoeringsorgaan

Paragraaf 2. De openbare academische ziekenhuizen

Paragraaf 6. Rechtsbescherming

Titel 3. Wet van 12 september 2002 (Stb. 493)

Titel 2. Wet van 6 juni 2002 (Stb. 303)

Hoofdstuk 18. Overgangs- en invoeringsbepalingen wijzigingswetten vanaf 2002

Bijlage. behorende bij de Wet op het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek

In deze bijlage zijn in de onderdelen a tot en met i opgenomen de bekostigde instellingen voor hoger onderwijs, bedoeld in artikel 1.8, eerste lid, en zijn in onderdeel j opgenomen de academische ziekenhuizen, bedoeld in artikel 1.13, eerste lid.

De namen van rechtspersonen in deze bijlage worden weergegeven zoals zij luiden op 1 januari 2004.

  • a. De openbare universiteiten te Leiden, Groningen, Amsterdam, Utrecht, Delft, Wageningen, Eindhoven, Enschede, Rotterdam en Maastricht.
  • b. De bijzondere universiteit te:
  • -. Amsterdam, uitgaande van de Vereniging voor christelijk wetenschappelijk onderwijs;
  • -. Nijmegen, uitgaande van de Stichting Katholieke Universiteit;
  • -. Tilburg, uitgaande van de Stichting Katholieke Universiteit Brabant.
  • c. De rechtspersoonlijkheid bezittende openbare hogescholen te Leeuwarden en Velp.
  • d. (vacant)
  • e. (vacant)
  • f. (vacant)
  • g. De bijzondere hogescholen:
  • –. Agrarische Hogeschool Larenstein, uitgaande van de Stichting Van Hall Larenstein;
  • –. Amsterdamse Hogeschool voor de Kunsten, uitgaande van de Stichting Amsterdamse Hogeschool voor de Kunsten;
  • –. ArtEZ, Hogeschool voor de Kunsten, uitgaande van de Stichting ArtEZ;
  • –. Avans Hogeschool, uitgaande van de Stichting Avans;
  • –. Christelijke Agrarische Hogeschool, uitgaande van de stichting Christelijke Agrarische Hogeschool;
  • –. Christelijke Hogeschool Ede, uitgaande van de Stichting voor Christelijk Hoger Onderwijs op Gereformeerde Grondslag;
  • –. Christelijke Hogeschool Windesheim, uitgaande van de Vereniging Christelijk Hoger Onderwijs;
  • –. Codarts, Hogeschool voor de Kunsten, uitgaande van de Stichting Codarts, Hogeschool voor de Kunsten;
  • –. Design Academy, uitgaande van de Stichting The Design Academy;
  • –. Fontys Hogeschool Eindhoven, uitgaande van de Stichting Fontys;
  • –. Fontys Hogeschool ’s-Hertogenbosch, uitgaande van de Stichting Fontys;
  • –. Fontys Hogeschool Roermond, uitgaande van de Stichting Fontys;
  • –. Fontys Hogeschool Sittard, uitgaande van de Stichting Fontys;
  • –. Fontys Hogeschool Tilburg, uitgaande van de Stichting Fontys;
  • –. Fontys Hogeschool Venlo, uitgaande van de Stichting Fontys;
  • –. Fontys Pedagogische Hogeschool Eindhoven uitgaande van de Stichting Fontys;
  • –. Fontys Pedagogisch Technische Hogeschool Nederland, uitgaande van de Stichting Fontys;
  • –. Gereformeerde Hogeschool, uitgaande van de Stichting voor Gereformeerd Hoger Beroepsonderwijs;
  • –. Haagse Hogeschool, uitgaande van de Stichting Hoger Beroepsonderwijs Haaglanden en Rijnstreek;
  • –. Hanzehogeschool Groningen, uitgaande van de Stichting Hanzehogeschool Groningen;
  • –. HAS Den Bosch, uitgaande van de Stichting Agrarische Hogeschool Den Bosch van de Katholieke Nederlandse Boeren en Tuinders Bond;
  • –. Hogeschool van Amsterdam, uitgaande van de Stichting Hogeschool van Amsterdam;
  • –. Hogeschool van Arnhem en Nijmegen, uitgaande van de Stichting Hogeschool van Arnhem en Nijmegen;
  • –. Hogeschool «De Driestar», uitgaande van de Stichting voor Christelijk Hoger Onderwijs op Reformatorische grondslag «De Driestar»;
  • –. Hogeschool «De Kempel», uitgaande van de Stichting «De Kempel»;
  • –. Hogeschool Domstad Katholieke lerarenopleiding basisonderwijs, uitgaande van de Stichting Katholieke Opleiding tot Leraren in het Basisonderwijs;
  • –. Hogeschool Edith Stein, uitgaande van de Stichting Onderwijs Centrum Twente;
  • –. Hogeschool Helicon, uitgaande van de Stichting Hogeschool Helicon, onderwijs vanuit antroposofie;
  • –. Hogeschool INHOLLAND, uitgaande van de Stichting Hoger Onderwijs Nederland;
  • –. Hogeschool IPABO Amsterdam/Alkmaar, uitgaande van de Stichting voor de Protestants Christelijke en de Rooms-Katholieke lerarenopleiding voor het Basisonderwijs in Noord-Holland;
  • –. Hogeschool Leiden, uitgaande van Stichting Hogeschool Leiden;
  • –. Hogeschool Rotterdam, uitgaande van de Stichting Hogeschool Rotterdam;
  • –. Hogeschool Utrecht, uitgaande van de Stichting Hogeschool Utrecht;
  • –. Hogeschool van Beeldende Kunsten, Muziek en Dans, uitgaande van de Stichting Hogeschool van Beeldende Kunsten, Muziek en Dans;
  • –. Hogeschool voor Beeldende Kunst en Vormgeving, uitgaande van de Stichting Gerrit Rietveld Academie te Amsterdam;
  • –. Hogeschool voor de Kunsten Utrecht, uitgaande van de Stichting hogeschool voor de Kunsten Utrecht;
  • –. Hogeschool Zeeland, uitgaande van de Stichting Hogeschool Zeeland;
  • –. Hogeschool Zuyd, uitgaande van de Stichting Hogeschool Zuyd;
  • –. Hotelschool Den Haag, uitgaande van de Stichting Hotelschool Den Haag;
  • –. Iselinge, educatieve faculteit, uitgaande van de Stichting IJsselgroep Iselinge;
  • –. Katholieke PABO, uitgaande van de Stichting Katholieke Opleiding tot Leraren in het Basisonderwijs;
  • –. Marnix Academie Prot. Chr. hogeschool Lerarenopleiding basisonderwijs, uitgaande van de Stichting Protestants Christelijke Hoger Beroepsonderwijs Utrecht;
  • –. NHTV Internationale Hogeschool, uitgaande van de Stichting NHTV Internationale Hogeschool te Breda;
  • –. Noordelijke Hogeschool Leeuwarden, uitgaande van de Stichting Noordelijke Hogeschool Leeuwarden;
  • –. Saxion Hogescholen, uitgaande van de Stichting Saxion;
  • –. Stenden Hogeschool, Christelijke Hogeschool Nederland, uitgaande van de Stichting Stenden Hogeschool;
  • –. Stenden Hogeschool Drenthe, uitgaande van de Stichting Stenden Hogeschool;
  • –. STOAS Hogeschool, Wageningen, uitgaande van de Stichting STOAS;
  • –. Van Hall Instituut, uitgaande van de Stichting Van Hall Larenstein.
  • h. de Open Universiteit te Heerlen.
  • i. de levensbeschouwelijke universiteiten:
  • –. Protestantse Theologische Universiteit te Kampen, uitgaande van de Protestantse Kerk in Nederland;
  • –. Theologische Universiteit der Christelijke Gereformeerde Kerken in Nederland te Apeldoorn, uitgaande van het kerkgenootschap Christelijke Gereformeerde Kerken;
  • –. Universiteit voor Humanistiek te Utrecht, uitgaande van de Stichting Universiteit voor Humanistiek.
  • –. Theologische Universiteit, uitgaande van de gezamenlijke rechtspersoonlijkheid bezittende Gereformeerde Kerken in Nederland (vrijgemaakt) te Kampen.
  • j.
    1. De rechtspersoonlijkheid bezittende academische ziekenhuizen bij de openbare universiteiten te:
  • -. Leiden,
  • -. Groningen,
  • -. Amsterdam,
  • -. Utrecht,
  • -. Rotterdam,
  • -. Maastricht.
    1. De academische ziekenhuizen bij de bijzondere universiteiten te Amsterdam en Nijmegen.

Lasten en bevelen dat deze in het Staatsblad zal worden geplaatst en dat alle ministers, autoriteiten, colleges en ambtenaren wie zulks aangaat, aan de nauwkeurige uitvoering de hand zullen houden.

Hoofdstuk 7a. Taken in het kader van de zij-instroom in het beroep van leraar en docent

Hoofdstuk 8. Samenwerking bekostigde instellingen voor hoger onderwijs

TITEL 1. HET BESTUUR EN DE INRICHTING VAN DE OPENBARE UNIVERSITEITEN

TITEL 2. MEDEZEGGENSCHAP BINNEN DE OPENBARE UNIVERSITEITEN

Paragraaf 3. Onderzoekinstituten en onderzoekscholen

Paragraaf 1. Toegankelijke faciliteit; klachten

Artikel 9.80

Vervallen

Hoofdstuk 10. Het bestuur en de inrichting van de hogescholen

Titel 1. Het bestuur en de inrichting van hogescholen

Paragraaf 2. Onderwijs en wetenschapsbeoefening

Paragraaf 4. Schorsing en vernietiging besluiten faculteit en voorziening bij verwaarlozing bestuur faculteit

TITEL 2. MEDEZEGGENSCHAP BINNEN DE OPENBARE UNIVERSITEITEN

Titel 3. Medezeggenschap

Hoofdstuk 11. Het bestuur en de inrichting van de Open Universiteit

Paragraaf 1. Het bestuur van de Open Universiteit

Paragraaf 2. Geschillenregeling

Paragraaf 1a. Onderwijsbeoefening

Hoofdstuk 13. Het bestuur en de inrichting van de instellingen voor wetenschappelijk onderzoek

Titel 2. Het bestuur en de inrichting van hogescholen met rechtspersoonlijkheid

Titel 2. Het bestuur en de inrichting van de Koninklijke Bibliotheek

Hoofdstuk 11. Het bestuur en de inrichting van de Open Universiteit

Paragraaf 2. Onderwijs

Hoofdstuk 12. Het bestuur en de inrichting van de academische ziekenhuizen

Hoofdstuk 12. Het bestuur en de inrichting van de academische ziekenhuizen

Titel 1. Het bestuur en de inrichting van de academische ziekenhuizen

Paragraaf 3. Ongedeelde opleidingen in het wetenschappelijk onderwijs

Paragraaf 2. Onderwijs en vooropleidingseisen

Titel 4. Wet van 10 april 1997 (Stb. 162)

Hoofdstuk 18. Overgangs- en invoeringsbepalingen wijzigingswetten vanaf 2002

Bijlage. behorende bij de Wet op het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek

In deze bijlage zijn in de onderdelen a tot en met i opgenomen de bekostigde instellingen voor hoger onderwijs, bedoeld in artikel 1.8, eerste lid, en zijn in onderdeel j opgenomen de academische ziekenhuizen, bedoeld in artikel 1.13, eerste lid.

De namen van rechtspersonen in deze bijlage worden weergegeven zoals zij luiden op 1 januari 2004.

  • a. De openbare universiteiten te Leiden, Groningen, Amsterdam, Utrecht, Delft, Wageningen, Eindhoven, Enschede, Rotterdam en Maastricht.
  • b. De bijzondere universiteit te:
  • -. Amsterdam, uitgaande van de Vereniging voor christelijk wetenschappelijk onderwijs;
  • -. Nijmegen, uitgaande van de Stichting Katholieke Universiteit;
  • -. Tilburg, uitgaande van de Stichting Katholieke Universiteit Brabant.
  • c. De rechtspersoonlijkheid bezittende openbare hogescholen te Leeuwarden en Velp.
  • d. (vacant)
  • e. (vacant)
  • f. (vacant)
  • g. De bijzondere hogescholen:
  • –. Agrarische Hogeschool Larenstein, uitgaande van de Stichting Van Hall Larenstein;
  • –. Amsterdamse Hogeschool voor de Kunsten, uitgaande van de Stichting Amsterdamse Hogeschool voor de Kunsten;
  • –. ArtEZ, Hogeschool voor de Kunsten, uitgaande van de Stichting ArtEZ;
  • –. Avans Hogeschool, uitgaande van de Stichting Avans;
  • –. Christelijke Agrarische Hogeschool, uitgaande van de stichting Christelijke Agrarische Hogeschool;
  • –. Christelijke Hogeschool Ede, uitgaande van de Stichting voor Christelijk Hoger Onderwijs op Gereformeerde Grondslag;
  • –. Christelijke Hogeschool Windesheim, uitgaande van de Vereniging Christelijk Hoger Onderwijs;
  • –. Codarts, Hogeschool voor de Kunsten, uitgaande van de Stichting Codarts, Hogeschool voor de Kunsten;
  • –. Design Academy, uitgaande van de Stichting The Design Academy;
  • –. Fontys Hogeschool Eindhoven, uitgaande van de Stichting Fontys;
  • –. Fontys Hogeschool ’s-Hertogenbosch, uitgaande van de Stichting Fontys;
  • –. Fontys Hogeschool Roermond, uitgaande van de Stichting Fontys;
  • –. Fontys Hogeschool Sittard, uitgaande van de Stichting Fontys;
  • –. Fontys Hogeschool Tilburg, uitgaande van de Stichting Fontys;
  • –. Fontys Hogeschool Venlo, uitgaande van de Stichting Fontys;
  • –. Fontys Pedagogische Hogeschool Eindhoven uitgaande van de Stichting Fontys;
  • –. Fontys Pedagogisch Technische Hogeschool Nederland, uitgaande van de Stichting Fontys;
  • –. Gereformeerde Hogeschool, uitgaande van de Stichting voor Gereformeerd Hoger Beroepsonderwijs;
  • –. Haagse Hogeschool, uitgaande van de Stichting Hoger Beroepsonderwijs Haaglanden en Rijnstreek;
  • –. Hanzehogeschool Groningen, uitgaande van de Stichting Hanzehogeschool Groningen;
  • –. HAS Den Bosch, uitgaande van de Stichting Agrarische Hogeschool Den Bosch van de Katholieke Nederlandse Boeren en Tuinders Bond;
  • –. Hogeschool van Amsterdam, uitgaande van de Stichting Hogeschool van Amsterdam;
  • –. Hogeschool van Arnhem en Nijmegen, uitgaande van de Stichting Hogeschool van Arnhem en Nijmegen;
  • –. Hogeschool «De Driestar», uitgaande van de Stichting voor Christelijk Hoger Onderwijs op Reformatorische grondslag «De Driestar»;
  • –. Hogeschool «De Kempel», uitgaande van de Stichting «De Kempel»;
  • –. Hogeschool Domstad Katholieke lerarenopleiding basisonderwijs, uitgaande van de Stichting Katholieke Opleiding tot Leraren in het Basisonderwijs;
  • –. Hogeschool Edith Stein, uitgaande van de Stichting Onderwijs Centrum Twente;
  • –. Hogeschool Helicon, uitgaande van de Stichting Hogeschool Helicon, onderwijs vanuit antroposofie;
  • –. Hogeschool INHOLLAND, uitgaande van de Stichting Hoger Onderwijs Nederland;
  • –. Hogeschool IPABO Amsterdam/Alkmaar, uitgaande van de Stichting voor de Protestants Christelijke en de Rooms-Katholieke lerarenopleiding voor het Basisonderwijs in Noord-Holland;
  • –. Hogeschool Leiden, uitgaande van Stichting Hogeschool Leiden;
  • –. Hogeschool Rotterdam, uitgaande van de Stichting Hogeschool Rotterdam;
  • –. Hogeschool Utrecht, uitgaande van de Stichting Hogeschool Utrecht;
  • –. Hogeschool van Beeldende Kunsten, Muziek en Dans, uitgaande van de Stichting Hogeschool van Beeldende Kunsten, Muziek en Dans;
  • –. Hogeschool voor Beeldende Kunst en Vormgeving, uitgaande van de Stichting Gerrit Rietveld Academie te Amsterdam;
  • –. Hogeschool voor de Kunsten Utrecht, uitgaande van de Stichting hogeschool voor de Kunsten Utrecht;
  • –. Hogeschool Zeeland, uitgaande van de Stichting Hogeschool Zeeland;
  • –. Hogeschool Zuyd, uitgaande van de Stichting Hogeschool Zuyd;
  • –. Hotelschool Den Haag, uitgaande van de Stichting Hotelschool Den Haag;
  • –. Iselinge, educatieve faculteit, uitgaande van de Stichting IJsselgroep Iselinge;
  • –. Katholieke PABO, uitgaande van de Stichting Katholieke Opleiding tot Leraren in het Basisonderwijs;
  • –. Marnix Academie Prot. Chr. hogeschool Lerarenopleiding basisonderwijs, uitgaande van de Stichting Protestants Christelijke Hoger Beroepsonderwijs Utrecht;
  • –. NHTV Internationale Hogeschool, uitgaande van de Stichting NHTV Internationale Hogeschool te Breda;
  • –. Noordelijke Hogeschool Leeuwarden, uitgaande van de Stichting Noordelijke Hogeschool Leeuwarden;
  • –. Saxion Hogescholen, uitgaande van de Stichting Saxion;
  • –. Stenden Hogeschool, Christelijke Hogeschool Nederland, uitgaande van de Stichting Stenden Hogeschool;
  • –. Stenden Hogeschool Drenthe, uitgaande van de Stichting Stenden Hogeschool;
  • –. STOAS Hogeschool, Wageningen, uitgaande van de Stichting STOAS;
  • –. Van Hall Instituut, uitgaande van de Stichting Van Hall Larenstein.
  • h. de Open Universiteit te Heerlen.
  • i. de levensbeschouwelijke universiteiten:
  • –. Protestantse Theologische Universiteit te Kampen, uitgaande van de Protestantse Kerk in Nederland;
  • –. Theologische Universiteit der Christelijke Gereformeerde Kerken in Nederland te Apeldoorn, uitgaande van het kerkgenootschap Christelijke Gereformeerde Kerken;
  • –. Universiteit voor Humanistiek te Utrecht, uitgaande van de Stichting Universiteit voor Humanistiek.
  • –. Theologische Universiteit, uitgaande van de gezamenlijke rechtspersoonlijkheid bezittende Gereformeerde Kerken in Nederland (vrijgemaakt) te Kampen.
  • j.
    1. De rechtspersoonlijkheid bezittende academische ziekenhuizen bij de openbare universiteiten te:
  • -. Leiden,
  • -. Groningen,
  • -. Amsterdam,
  • -. Utrecht,
  • -. Rotterdam,
  • -. Maastricht.
    1. De academische ziekenhuizen bij de bijzondere universiteiten te Amsterdam en Nijmegen.

Lasten en bevelen dat deze in het Staatsblad zal worden geplaatst en dat alle ministers, autoriteiten, colleges en ambtenaren wie zulks aangaat, aan de nauwkeurige uitvoering de hand zullen houden.

Artikel 6.7a. Aan toestemming verbonden verplichtingen
1.

Aan de toestemming, bedoeld in artikel 6.7, eerste lid, zijn de volgende verplichtingen voor het instellingsbestuur verbonden:

  • a. het selecteren van aspirant-studenten;
  • b. het vaststellen van een regeling voor de selectiecriteria en -procedure;
  • c. het vaststellen van een regeling voor de criteria en procedure voor dispensatie van betaling van het hogere collegegeld; en
  • d. het meewerken aan een eenmalige toetsing aan de praktijk als bedoeld in artikel 6.7c.
2.

Onze Minister kan andere verplichtingen aan de toestemming, bedoeld in artikel 6.7, eerste lid, verbinden.

3.

Het instellingsbestuur selecteert de aspirant-studenten uitsluitend op grond van kwalitatieve criteria. Het aantal soorten kwalitatieve selectiecriteria bedraagt ten minste twee.

Artikel 6.7b. Aanvraag voor toestemming en advisering door accreditatieorgaan
1.

Het instellingsbestuur dient een aanvraag als bedoeld in artikel 6.7, eerste lid, in bij het accreditatieorgaan.

2.

Na ontvangst van een aanvraag stelt het accreditatieorgaan ten behoeve van de beslissing van Onze Minister, bedoeld in artikel 6.7, eerste lid, een advies op over:

  • b. de vraag, of de desbetreffende opleiding of het desbetreffende programma binnen een opleiding als bedoeld in artikel 6.7, tweede lid, ondanks de kwalificatie door het instellingsbestuur, moet worden beschouwd als een nieuwe opleiding.
3.

Het accreditatieorgaan zendt het advies, bedoeld in het tweede lid, vergezeld van de aanvraag, binnen zes maanden na indiening van de aanvraag aan Onze Minister.

4.

Onze Minister kan nadere regels stellen met betrekking tot het indienen van aanvragen en de daarbij over te leggen gegevens en bescheiden.

5.

In het accreditatiekader legt het accreditatieorgaan het advieskader en zijn werkwijze vast.

Artikel 6.7c. Toetsing aan de praktijk
1.

Indien Onze Minister aan het instellingsbestuur toestemming als bedoeld in artikel 6.7, eerste lid, heeft verleend, laat het instellingsbestuur het aspect, bedoeld in artikel 6.7, derde lid, onder a, van de desbetreffende opleiding of het programma binnen de opleiding, bedoeld in artikel 6.7, tweede lid, door het accreditatieorgaan zes jaar na de verlening éénmalig toetsen aan de praktijk.

2.

Bij het verlenen van de toestemming, bedoeld in artikel 6.7, kan Onze Minister bepalen dat de toetsing aan de praktijk op een ander tijdstip dan het tijdstip, bedoeld in het eerste lid, plaatsvindt dan wel dat de toetsing achterwege kan blijven, omdat daarvan geen nieuwe inzichten zijn te verwachten.

3.

Het accreditatieorgaan zendt zijn bevindingen naar aanleiding van een toetsing aan de praktijk aan Onze Minister.

4.

Onze Minister kan nadere regels stellen met betrekking tot de toetsing aan de praktijk, bedoeld in het eerste tot en met het derde lid.

Artikel 6.7d. Intrekking toestemming

Onze Minister kan de toestemming, bedoeld in artikel 6.7, eerste lid, intrekken, indien:

  • a. de opleiding dan wel het programma binnen een opleiding, bedoeld in artikel 6.7, tweede lid, niet langer voldoet aan het aspect, bedoeld in artikel 6.7, derde lid, onder a;
  • b. de opleiding of het programma binnen een opleiding, bedoeld in artikel 6.7, tweede lid, moet worden beschouwd als een nieuwe opleiding;
  • c. de kwaliteit of de toegankelijkheid van het hoger onderwijs in gevaar komt; of
  • d. het instellingsbestuur de verplichtingen, bedoeld in artikel 6.7a, niet naleeft.

Hoofdstuk 7. Onderwijs

Titel 3. Het Centraal register opleidingen hoger onderwijs

Paragraaf 1. Het onderwijs en de examens

Paragraaf 1. Het onderwijs en de examens

Titel 2. Vooropleidingseisen en toelatingseisen

Paragraaf 3. De promoties

TITEL 2A. VRIJSTELLING VAN HET AFLEGGEN VAN TENTAMENS OP GROND VAN HET BEZIT VAN EEN DIPLOMA BEROEPSONDERWIJS

TITEL 2A. VRIJSTELLING VAN HET AFLEGGEN VAN TENTAMENS OP GROND VAN HET BEZIT VAN EEN DIPLOMA BEROEPSONDERWIJS

Paragraaf 2a. Profileringsfonds

Hoofdstuk 7a. Taken in het kader van de zij-instroom in het beroep van leraar en docent

Hoofdstuk 9. Het bestuur en de inrichting van de universiteiten

Titel 4. Rechtsbescherming van studenten en extraneï

TITEL 2. MEDEZEGGENSCHAP BINNEN DE OPENBARE UNIVERSITEITEN

Paragraaf 4a. Regels voor de selectie van studenten voor opleidingen met een toelatingsbeperking

Titel 4. Bijzonder onderwijs aan universiteiten

Artikel 9.78

Vervallen

Artikel 9.79

Vervallen

Hoofdstuk 10. Het bestuur en de inrichting van de hogescholen

Paragraaf 5. Klachtrecht studenten

Paragraaf 4. Schorsing en vernietiging besluiten faculteit en voorziening bij verwaarlozing bestuur faculteit

TITEL 2. MEDEZEGGENSCHAP BINNEN DE OPENBARE UNIVERSITEITEN

Titel 3. Medezeggenschap

Paragraaf 6. Medezeggenschap binnen centrale diensten

Paragraaf 4. Medezeggenschap

Hoofdstuk 12. Het bestuur en de inrichting van de academische ziekenhuizen

Paragraaf 1. Het bestuur en de inrichting van de hogeschool

Paragraaf 1a. Onderwijsbeoefening

Hoofdstuk 12. Het bestuur en de inrichting van de academische ziekenhuizen

Titel 3. Medezeggenschap

Hoofdstuk 11. Het bestuur en de inrichting van de Open Universiteit

Hoofdstuk 16. Overgangsvoorzieningen bij invoering van de wet en enkele andere overgangsvoorzieningen

Paragraaf 1. Het bestuur van de Open Universiteit

Hoofdstuk 16. Overgangsvoorzieningen onder meer in verband met de invoering van de wet en voorschriften in verband met fusie, omzetting, splitsing, verplaatsing en bestuursoverdracht

Hoofdstuk 12. Het bestuur en de inrichting van de academische ziekenhuizen

Titel 1. Het bestuur en de inrichting van de academische ziekenhuizen

Titel 4. Overleg bestuur faculteit der geneeskunde en raad van bestuur

Paragraaf 3. Ongedeelde opleidingen in het wetenschappelijk onderwijs

Paragraaf 2. Onderwijs en vooropleidingseisen

Titel 2. Wet van 28 maart 1996 (Stb. 226)

Titel 5. Wet van 2 juli 1997 (Stb. 322)

Titel 1. Wet van 25 januari 1996 (Stb. 172)

Artikel 18.77

Vervallen

Hoofdstuk 17. Overgangs- en invoeringsbepalingen wijzigingswetten tot 2002

Bijlage. behorende bij de Wet op het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek

In deze bijlage zijn in de onderdelen a tot en met i opgenomen de bekostigde instellingen voor hoger onderwijs, bedoeld in artikel 1.8, eerste lid, en zijn in onderdeel j opgenomen de academische ziekenhuizen, bedoeld in artikel 1.13, eerste lid.

De namen van rechtspersonen in deze bijlage worden weergegeven zoals zij luiden op 1 januari 2004.

  • a. De openbare universiteiten te Leiden, Groningen, Amsterdam, Utrecht, Delft, Wageningen, Eindhoven, Enschede, Rotterdam en Maastricht.
  • b. De bijzondere universiteit te:
  • -. Amsterdam, uitgaande van de Vereniging voor christelijk wetenschappelijk onderwijs;
  • -. Nijmegen, uitgaande van de Stichting Katholieke Universiteit;
  • -. Tilburg, uitgaande van de Stichting Katholieke Universiteit Brabant.
  • c. De rechtspersoonlijkheid bezittende openbare hogescholen te Leeuwarden en Velp.
  • d. (vacant)
  • e. (vacant)
  • f. (vacant)
  • g. De bijzondere hogescholen:
  • –. Agrarische Hogeschool Larenstein, uitgaande van de Stichting Van Hall Larenstein;
  • –. Amsterdamse Hogeschool voor de Kunsten, uitgaande van de Stichting Amsterdamse Hogeschool voor de Kunsten;
  • –. ArtEZ, Hogeschool voor de Kunsten, uitgaande van de Stichting ArtEZ;
  • –. Avans Hogeschool, uitgaande van de Stichting Avans;
  • –. Christelijke Agrarische Hogeschool, uitgaande van de stichting Christelijke Agrarische Hogeschool;
  • –. Christelijke Hogeschool Ede, uitgaande van de Stichting voor Christelijk Hoger Onderwijs op Gereformeerde Grondslag;
  • –. Christelijke Hogeschool Windesheim, uitgaande van de Vereniging Christelijk Hoger Onderwijs;
  • –. Codarts, Hogeschool voor de Kunsten, uitgaande van de Stichting Codarts, Hogeschool voor de Kunsten;
  • –. Design Academy, uitgaande van de Stichting The Design Academy;
  • –. Fontys Hogeschool Eindhoven, uitgaande van de Stichting Fontys;
  • –. Fontys Hogeschool ’s-Hertogenbosch, uitgaande van de Stichting Fontys;
  • –. Fontys Hogeschool Roermond, uitgaande van de Stichting Fontys;
  • –. Fontys Hogeschool Sittard, uitgaande van de Stichting Fontys;
  • –. Fontys Hogeschool Tilburg, uitgaande van de Stichting Fontys;
  • –. Fontys Hogeschool Venlo, uitgaande van de Stichting Fontys;
  • –. Fontys Pedagogische Hogeschool Eindhoven uitgaande van de Stichting Fontys;
  • –. Fontys Pedagogisch Technische Hogeschool Nederland, uitgaande van de Stichting Fontys;
  • –. Gereformeerde Hogeschool, uitgaande van de Stichting voor Gereformeerd Hoger Beroepsonderwijs;
  • –. Haagse Hogeschool, uitgaande van de Stichting Hoger Beroepsonderwijs Haaglanden en Rijnstreek;
  • –. Hanzehogeschool Groningen, uitgaande van de Stichting Hanzehogeschool Groningen;
  • –. HAS Den Bosch, uitgaande van de Stichting Agrarische Hogeschool Den Bosch van de Katholieke Nederlandse Boeren en Tuinders Bond;
  • –. Hogeschool van Amsterdam, uitgaande van de Stichting Hogeschool van Amsterdam;
  • –. Hogeschool van Arnhem en Nijmegen, uitgaande van de Stichting Hogeschool van Arnhem en Nijmegen;
  • –. Hogeschool «De Driestar», uitgaande van de Stichting voor Christelijk Hoger Onderwijs op Reformatorische grondslag «De Driestar»;
  • –. Hogeschool «De Kempel», uitgaande van de Stichting «De Kempel»;
  • –. Hogeschool Domstad Katholieke lerarenopleiding basisonderwijs, uitgaande van de Stichting Katholieke Opleiding tot Leraren in het Basisonderwijs;
  • –. Hogeschool Edith Stein, uitgaande van de Stichting Onderwijs Centrum Twente;
  • –. Hogeschool Helicon, uitgaande van de Stichting Hogeschool Helicon, onderwijs vanuit antroposofie;
  • –. Hogeschool INHOLLAND, uitgaande van de Stichting Hoger Onderwijs Nederland;
  • –. Hogeschool IPABO Amsterdam/Alkmaar, uitgaande van de Stichting voor de Protestants Christelijke en de Rooms-Katholieke lerarenopleiding voor het Basisonderwijs in Noord-Holland;
  • –. Hogeschool Leiden, uitgaande van Stichting Hogeschool Leiden;
  • –. Hogeschool Rotterdam, uitgaande van de Stichting Hogeschool Rotterdam;
  • –. Hogeschool Utrecht, uitgaande van de Stichting Hogeschool Utrecht;
  • –. Hogeschool van Beeldende Kunsten, Muziek en Dans, uitgaande van de Stichting Hogeschool van Beeldende Kunsten, Muziek en Dans;
  • –. Hogeschool voor Beeldende Kunst en Vormgeving, uitgaande van de Stichting Gerrit Rietveld Academie te Amsterdam;
  • –. Hogeschool voor de Kunsten Utrecht, uitgaande van de Stichting hogeschool voor de Kunsten Utrecht;
  • –. Hogeschool Zeeland, uitgaande van de Stichting Hogeschool Zeeland;
  • –. Hogeschool Zuyd, uitgaande van de Stichting Hogeschool Zuyd;
  • –. Hotelschool Den Haag, uitgaande van de Stichting Hotelschool Den Haag;
  • –. Iselinge, educatieve faculteit, uitgaande van de Stichting IJsselgroep Iselinge;
  • –. Katholieke PABO, uitgaande van de Stichting Katholieke Opleiding tot Leraren in het Basisonderwijs;
  • –. Marnix Academie Prot. Chr. hogeschool Lerarenopleiding basisonderwijs, uitgaande van de Stichting Protestants Christelijke Hoger Beroepsonderwijs Utrecht;
  • –. NHTV Internationale Hogeschool, uitgaande van de Stichting NHTV Internationale Hogeschool te Breda;
  • –. Noordelijke Hogeschool Leeuwarden, uitgaande van de Stichting Noordelijke Hogeschool Leeuwarden;
  • –. Saxion Hogescholen, uitgaande van de Stichting Saxion;
  • –. Stenden Hogeschool, Christelijke Hogeschool Nederland, uitgaande van de Stichting Stenden Hogeschool;
  • –. Stenden Hogeschool Drenthe, uitgaande van de Stichting Stenden Hogeschool;
  • –. STOAS Hogeschool, Wageningen, uitgaande van de Stichting STOAS;
  • –. Van Hall Instituut, uitgaande van de Stichting Van Hall Larenstein.
  • h. de Open Universiteit te Heerlen.
  • i. de levensbeschouwelijke universiteiten:
  • –. Protestantse Theologische Universiteit te Kampen, uitgaande van de Protestantse Kerk in Nederland;
  • –. Theologische Universiteit der Christelijke Gereformeerde Kerken in Nederland te Apeldoorn, uitgaande van het kerkgenootschap Christelijke Gereformeerde Kerken;
  • –. Universiteit voor Humanistiek te Utrecht, uitgaande van de Stichting Universiteit voor Humanistiek.
  • –. Theologische Universiteit, uitgaande van de gezamenlijke rechtspersoonlijkheid bezittende Gereformeerde Kerken in Nederland (vrijgemaakt) te Kampen.
  • j.
    1. De rechtspersoonlijkheid bezittende academische ziekenhuizen bij de openbare universiteiten te:
  • -. Leiden,
  • -. Groningen,
  • -. Amsterdam,
  • -. Utrecht,
  • -. Rotterdam,
  • -. Maastricht.
    1. De academische ziekenhuizen bij de bijzondere universiteiten te Amsterdam en Nijmegen.

Lasten en bevelen dat deze in het Staatsblad zal worden geplaatst en dat alle ministers, autoriteiten, colleges en ambtenaren wie zulks aangaat, aan de nauwkeurige uitvoering de hand zullen houden.

Titel 4. Rechtsbescherming van studenten en extraneï

Paragraaf 1a. Inschrijving

Hoofdstuk 9. Het bestuur en de inrichting van de universiteiten

Titel 4. Rechtsbescherming van studenten en extraneï

Paragraaf 1. Toegankelijke faciliteit; klachten

TITEL 2. MEDEZEGGENSCHAP BINNEN DE OPENBARE UNIVERSITEITEN

Paragraaf 4a. Regels voor de selectie van studenten voor opleidingen met een toelatingsbeperking

Artikel 9.80

Vervallen

Artikel 9.81

Vervallen

Hoofdstuk 10. Het bestuur en de inrichting van de hogescholen

TITEL 2. MEDEZEGGENSCHAP BINNEN DE OPENBARE UNIVERSITEITEN

Paragraaf 2. Medezeggenschap binnen de faculteit

TITEL 2. MEDEZEGGENSCHAP BINNEN DE OPENBARE UNIVERSITEITEN

Titel 1. Het bestuur en de inrichting van hogescholen

Paragraaf 4. Medezeggenschap

Hoofdstuk 13. Het bestuur en de inrichting van de instellingen voor wetenschappelijk onderzoek

Titel 3. Medezeggenschap

Hoofdstuk 11. Het bestuur en de inrichting van de Open Universiteit

Hoofdstuk 14. Beroep bij de bestuursrechter

Hoofdstuk 16. Overgangsvoorzieningen onder meer in verband met de invoering van de wet en voorschriften in verband met fusie, omzetting, splitsing, verplaatsing en bestuursoverdracht

Titel 1. Het bestuur en de inrichting van de academische ziekenhuizen

Hoofdstuk 18. Overgangs- en invoeringsbepalingen wijzigingswetten vanaf 2002

Paragraaf 3. Getuigschriften en titulatuur

Paragraaf 1. Onderwijsbevoegdheden en rechtspositie

Titel 6. Wet van 2 april 1998 (Stb. 216)

Titel 1. Wet van 25 januari 1996 (Stb. 172)

Hoofdstuk 19. Slotbepalingen

Bijlage. behorende bij de Wet op het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek

In deze bijlage zijn in de onderdelen a tot en met i opgenomen de bekostigde instellingen voor hoger onderwijs, bedoeld in artikel 1.8, eerste lid, en zijn in onderdeel j opgenomen de academische ziekenhuizen, bedoeld in artikel 1.13, eerste lid.

De namen van rechtspersonen in deze bijlage worden weergegeven zoals zij luiden op 1 januari 2004.

  • a. De openbare universiteiten te Leiden, Groningen, Amsterdam, Utrecht, Delft, Wageningen, Eindhoven, Enschede, Rotterdam en Maastricht.
  • b. De bijzondere universiteit te:
  • -. Amsterdam, uitgaande van de Vereniging voor christelijk wetenschappelijk onderwijs;
  • -. Nijmegen, uitgaande van de Stichting Katholieke Universiteit;
  • -. Tilburg, uitgaande van de Stichting Katholieke Universiteit Brabant.
  • c. De rechtspersoonlijkheid bezittende openbare hogescholen te Leeuwarden en Velp.
  • d. (vacant)
  • e. (vacant)
  • f. (vacant)
  • g. De bijzondere hogescholen:
  • –. Agrarische Hogeschool Larenstein, uitgaande van de Stichting Van Hall Larenstein;
  • –. Amsterdamse Hogeschool voor de Kunsten, uitgaande van de Stichting Amsterdamse Hogeschool voor de Kunsten;
  • –. ArtEZ, Hogeschool voor de Kunsten, uitgaande van de Stichting ArtEZ;
  • –. Avans Hogeschool, uitgaande van de Stichting Avans;
  • –. Christelijke Agrarische Hogeschool, uitgaande van de stichting Christelijke Agrarische Hogeschool;
  • –. Christelijke Hogeschool Ede, uitgaande van de Stichting voor Christelijk Hoger Onderwijs op Gereformeerde Grondslag;
  • –. Christelijke Hogeschool Windesheim, uitgaande van de Vereniging Christelijk Hoger Onderwijs;
  • –. Codarts, Hogeschool voor de Kunsten, uitgaande van de Stichting Codarts, Hogeschool voor de Kunsten;
  • –. Design Academy, uitgaande van de Stichting The Design Academy;
  • –. Fontys Hogeschool Eindhoven, uitgaande van de Stichting Fontys;
  • –. Fontys Hogeschool ’s-Hertogenbosch, uitgaande van de Stichting Fontys;
  • –. Fontys Hogeschool Roermond, uitgaande van de Stichting Fontys;
  • –. Fontys Hogeschool Sittard, uitgaande van de Stichting Fontys;
  • –. Fontys Hogeschool Tilburg, uitgaande van de Stichting Fontys;
  • –. Fontys Hogeschool Venlo, uitgaande van de Stichting Fontys;
  • –. Fontys Pedagogische Hogeschool Eindhoven uitgaande van de Stichting Fontys;
  • –. Fontys Pedagogisch Technische Hogeschool Nederland, uitgaande van de Stichting Fontys;
  • –. Gereformeerde Hogeschool, uitgaande van de Stichting voor Gereformeerd Hoger Beroepsonderwijs;
  • –. Haagse Hogeschool, uitgaande van de Stichting Hoger Beroepsonderwijs Haaglanden en Rijnstreek;
  • –. Hanzehogeschool Groningen, uitgaande van de Stichting Hanzehogeschool Groningen;
  • –. HAS Den Bosch, uitgaande van de Stichting Agrarische Hogeschool Den Bosch van de Katholieke Nederlandse Boeren en Tuinders Bond;
  • –. Hogeschool van Amsterdam, uitgaande van de Stichting Hogeschool van Amsterdam;
  • –. Hogeschool van Arnhem en Nijmegen, uitgaande van de Stichting Hogeschool van Arnhem en Nijmegen;
  • –. Hogeschool «De Driestar», uitgaande van de Stichting voor Christelijk Hoger Onderwijs op Reformatorische grondslag «De Driestar»;
  • –. Hogeschool «De Kempel», uitgaande van de Stichting «De Kempel»;
  • –. Hogeschool Domstad Katholieke lerarenopleiding basisonderwijs, uitgaande van de Stichting Katholieke Opleiding tot Leraren in het Basisonderwijs;
  • –. Hogeschool Edith Stein, uitgaande van de Stichting Onderwijs Centrum Twente;
  • –. Hogeschool Helicon, uitgaande van de Stichting Hogeschool Helicon, onderwijs vanuit antroposofie;
  • –. Hogeschool INHOLLAND, uitgaande van de Stichting Hoger Onderwijs Nederland;
  • –. Hogeschool IPABO Amsterdam/Alkmaar, uitgaande van de Stichting voor de Protestants Christelijke en de Rooms-Katholieke lerarenopleiding voor het Basisonderwijs in Noord-Holland;
  • –. Hogeschool Leiden, uitgaande van Stichting Hogeschool Leiden;
  • –. Hogeschool Rotterdam, uitgaande van de Stichting Hogeschool Rotterdam;
  • –. Hogeschool Utrecht, uitgaande van de Stichting Hogeschool Utrecht;
  • –. Hogeschool van Beeldende Kunsten, Muziek en Dans, uitgaande van de Stichting Hogeschool van Beeldende Kunsten, Muziek en Dans;
  • –. Hogeschool voor Beeldende Kunst en Vormgeving, uitgaande van de Stichting Gerrit Rietveld Academie te Amsterdam;
  • –. Hogeschool voor de Kunsten Utrecht, uitgaande van de Stichting hogeschool voor de Kunsten Utrecht;
  • –. Hogeschool Zeeland, uitgaande van de Stichting Hogeschool Zeeland;
  • –. Hogeschool Zuyd, uitgaande van de Stichting Hogeschool Zuyd;
  • –. Hotelschool Den Haag, uitgaande van de Stichting Hotelschool Den Haag;
  • –. Iselinge, educatieve faculteit, uitgaande van de Stichting IJsselgroep Iselinge;
  • –. Katholieke PABO, uitgaande van de Stichting Katholieke Opleiding tot Leraren in het Basisonderwijs;
  • –. Marnix Academie Prot. Chr. hogeschool Lerarenopleiding basisonderwijs, uitgaande van de Stichting Protestants Christelijke Hoger Beroepsonderwijs Utrecht;
  • –. NHTV Internationale Hogeschool, uitgaande van de Stichting NHTV Internationale Hogeschool te Breda;
  • –. Noordelijke Hogeschool Leeuwarden, uitgaande van de Stichting Noordelijke Hogeschool Leeuwarden;
  • –. Saxion Hogescholen, uitgaande van de Stichting Saxion;
  • –. Stenden Hogeschool, Christelijke Hogeschool Nederland, uitgaande van de Stichting Stenden Hogeschool;
  • –. Stenden Hogeschool Drenthe, uitgaande van de Stichting Stenden Hogeschool;
  • –. STOAS Hogeschool, Wageningen, uitgaande van de Stichting STOAS;
  • –. Van Hall Instituut, uitgaande van de Stichting Van Hall Larenstein.
  • h. de Open Universiteit te Heerlen.
  • i. de levensbeschouwelijke universiteiten:
  • –. Protestantse Theologische Universiteit te Kampen, uitgaande van de Protestantse Kerk in Nederland;
  • –. Theologische Universiteit der Christelijke Gereformeerde Kerken in Nederland te Apeldoorn, uitgaande van het kerkgenootschap Christelijke Gereformeerde Kerken;
  • –. Universiteit voor Humanistiek te Utrecht, uitgaande van de Stichting Universiteit voor Humanistiek.
  • –. Theologische Universiteit, uitgaande van de gezamenlijke rechtspersoonlijkheid bezittende Gereformeerde Kerken in Nederland (vrijgemaakt) te Kampen.
  • j.
    1. De rechtspersoonlijkheid bezittende academische ziekenhuizen bij de openbare universiteiten te:
  • -. Leiden,
  • -. Groningen,
  • -. Amsterdam,
  • -. Utrecht,
  • -. Rotterdam,
  • -. Maastricht.
    1. De academische ziekenhuizen bij de bijzondere universiteiten te Amsterdam en Nijmegen.

Lasten en bevelen dat deze in het Staatsblad zal worden geplaatst en dat alle ministers, autoriteiten, colleges en ambtenaren wie zulks aangaat, aan de nauwkeurige uitvoering de hand zullen houden.

Artikel 7.45c. Collegegeld OU
1.

Een student als bedoeld in artikel 7.45a, eerste, tweede of derde lid, die is ingeschreven voor een onderwijseenheid bij de Open Universiteit, is collegegeld OU verschuldigd ter hoogte van ten minste één zestigste deel en ten hoogste één dertigste deel van het volledige wettelijke collegegeld volgens het basistarief, bedoeld in artikel 7.45, eerste lid, vermenigvuldigd met het aantal studiepunten dat een onderwijseenheid groot is.

2.

Een student die is ingeschreven voor een onderwijseenheid bij de Open Universiteit en die niet voldoet aan de voorwaarden, bedoeld in artikel 7.45a, eerste, tweede, of derde lid, is collegegeld OU verschuldigd ter hoogte van ten minste één dertigste deel van het volledige wettelijke collegegeld volgens het basistarief, bedoeld in artikel 7.45, eerste lid, vermenigvuldigd met het aantal studiepunten dat een onderwijseenheid groot is.

3.

De hoogte van het collegegeld OU wordt door het instellingsbestuur van de Open Universiteit vastgesteld. Voor de categorie studenten, bedoeld in het tweede lid, kan het instellingsbestuur van de Open Universiteit per onderwijseenheid of groep van onderwijseenheden of per groep of groepen studenten een verschillend collegegeld OU vaststellen.

4.

Indien een student als bedoeld in het tweede lid gedurende een studiejaar alsnog voldoet aan de voorwaarden, bedoeld in artikel 7.45a, eerste, tweede of derde lid, is hij voor het resterende deel van het studiejaar op zijn verzoek het collegegeld OU, bedoeld in het eerste lid, verschuldigd, en betaalt het instellingsbestuur OU hem het hogere collegegeld OU, dat de student voor het restant van het studiejaar heeft betaald, terug.

5.

Het instellingsbestuur van de Open Universiteit stelt regels vast met betrekking tot de toepassing van dit artikel.

Titel 4. Rechtsbescherming van studenten en extraneï

Hoofdstuk 8. Samenwerking bekostigde instellingen voor hoger onderwijs

Hoofdstuk 9. Het bestuur en de inrichting van de universiteiten

TITEL 1. HET BESTUUR EN DE INRICHTING VAN DE OPENBARE UNIVERSITEITEN

TITEL 2. MEDEZEGGENSCHAP BINNEN DE OPENBARE UNIVERSITEITEN

Paragraaf 1. Toegankelijke faciliteit; klachten

Titel 3. Het bestuur en de inrichting van en de medezeggenschap binnen de bijzondere universiteiten en de levensbeschouwelijke universiteiten

TITEL 2. MEDEZEGGENSCHAP BINNEN DE OPENBARE UNIVERSITEITEN

Paragraaf 3. Beroep op de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State

Artikel 9.82

Vervallen

TITEL 2. MEDEZEGGENSCHAP BINNEN DE OPENBARE UNIVERSITEITEN

Titel 1. Het bestuur en de inrichting van hogescholen

Paragraaf 4. Medezeggenschap

Hoofdstuk 10. Het bestuur en de inrichting van de hogescholen

Paragraaf 1. Het bestuur en de inrichting van de hogeschool

Paragraaf 4. Bijzondere bepalingen betreffende het bestuur van een bijzondere hogeschool

Titel 3. Overige bepalingen

Hoofdstuk 11. Het bestuur en de inrichting van de Open Universiteit

Paragraaf 3. Schorsing en vernietiging van besluiten

Hoofdstuk 17. Overgangs- en invoeringsbepalingen wijzigingswetten tot 2002

Hoofdstuk 18. Overgangs- en invoeringsbepalingen wijzigingswetten vanaf 2002

Paragraaf 3. Getuigschriften en titulatuur

Paragraaf 1. Onderwijsbevoegdheden en rechtspositie

Titel 1. Wet van 25 januari 1996 (Stb. 172)

Titel 1. Wet van 25 januari 1996 (Stb. 172)

Artikel 18.78. Vaststelling bedragen volledig wettelijk collegegeld 2011–2012
1.

In afwijking van artikel 7.45, tweede lid, zoals dat luidde op 1 september 2011, wordt voor het studiejaar 2011–2012 het bedrag van het volledig wettelijk collegegeld bij wet vastgesteld.

2.

Het bedrag, bedoeld in het eerste lid, bedraagt volgens het basistarief voor het studiejaar 2011–2012 1713 euro.

3.

Het bedrag, bedoeld in het eerste lid, bedraagt volgens het verhoogde tarief voor het studiejaar 2011–2012 1713 euro.

Artikel 18.79. Vaststelling bedragen gedeeltelijk wettelijk collegegeld 2011–2012
1.

In afwijking van artikel 7.45, derde lid, zoals dat luidde op 1 september 2011, wordt voor het studiejaar 2011–2012 het bedrag van het minimum- en maximumbedrag van het gedeeltelijk wettelijk collegegeld bij wet vastgesteld.

2.

Het minimumbedrag, bedoeld in het eerste lid, bedraagt volgens het basistarief voor het studiejaar 2011–2012 961 euro.

3.

Het maximumbedrag, bedoeld in het eerste lid, bedraagt volgens het basistarief voor het studiejaar 2011–2012 1713 euro.

4.

Het minimumbedrag, bedoeld in het eerste lid, bedraagt volgens het verhoogde tarief voor het studiejaar 2011–2012 961 euro.

5.

Het maximumbedrag, bedoeld in het eerste lid, bedraagt volgens het verhoogde tarief voor het studiejaar 2011–2012 1713 euro.

Artikel 18.80. Vaststelling peildatum

Vervallen

Hoofdstuk 19. Slotbepalingen

Bijlage. behorende bij de Wet op het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek

In deze bijlage zijn in de onderdelen a tot en met i opgenomen de bekostigde instellingen voor hoger onderwijs, bedoeld in artikel 1.8, eerste lid, en zijn in onderdeel j opgenomen de academische ziekenhuizen, bedoeld in artikel 1.13, eerste lid.

De namen van rechtspersonen in deze bijlage worden weergegeven zoals zij luiden op 1 januari 2004.

  • a. De openbare universiteiten te Leiden, Groningen, Amsterdam, Utrecht, Delft, Wageningen, Eindhoven, Enschede, Rotterdam en Maastricht.
  • b. De bijzondere universiteit te:
  • -. Amsterdam, uitgaande van de Vereniging voor christelijk wetenschappelijk onderwijs;
  • -. Nijmegen, uitgaande van de Stichting Katholieke Universiteit;
  • -. Tilburg, uitgaande van de Stichting Katholieke Universiteit Brabant.
  • c. De rechtspersoonlijkheid bezittende openbare hogescholen te Leeuwarden en Velp.
  • d. (vacant)
  • e. (vacant)
  • f. (vacant)
  • g. De bijzondere hogescholen:
  • –. Agrarische Hogeschool Larenstein, uitgaande van de Stichting Van Hall Larenstein;
  • –. Amsterdamse Hogeschool voor de Kunsten, uitgaande van de Stichting Amsterdamse Hogeschool voor de Kunsten;
  • –. ArtEZ, Hogeschool voor de Kunsten, uitgaande van de Stichting ArtEZ;
  • –. Avans Hogeschool, uitgaande van de Stichting Avans;
  • –. Christelijke Agrarische Hogeschool, uitgaande van de stichting Christelijke Agrarische Hogeschool;
  • –. Christelijke Hogeschool Ede, uitgaande van de Stichting voor Christelijk Hoger Onderwijs op Gereformeerde Grondslag;
  • –. Christelijke Hogeschool Windesheim, uitgaande van de Vereniging Christelijk Hoger Onderwijs;
  • –. Codarts, Hogeschool voor de Kunsten, uitgaande van de Stichting Codarts, Hogeschool voor de Kunsten;
  • –. Design Academy, uitgaande van de Stichting The Design Academy;
  • –. Fontys Hogeschool Eindhoven, uitgaande van de Stichting Fontys;
  • –. Fontys Hogeschool ’s-Hertogenbosch, uitgaande van de Stichting Fontys;
  • –. Fontys Hogeschool Roermond, uitgaande van de Stichting Fontys;
  • –. Fontys Hogeschool Sittard, uitgaande van de Stichting Fontys;
  • –. Fontys Hogeschool Tilburg, uitgaande van de Stichting Fontys;
  • –. Fontys Hogeschool Venlo, uitgaande van de Stichting Fontys;
  • –. Fontys Pedagogische Hogeschool Eindhoven uitgaande van de Stichting Fontys;
  • –. Fontys Pedagogisch Technische Hogeschool Nederland, uitgaande van de Stichting Fontys;
  • –. Gereformeerde Hogeschool, uitgaande van de Stichting voor Gereformeerd Hoger Beroepsonderwijs;
  • –. Haagse Hogeschool, uitgaande van de Stichting Hoger Beroepsonderwijs Haaglanden en Rijnstreek;
  • –. Hanzehogeschool Groningen, uitgaande van de Stichting Hanzehogeschool Groningen;
  • –. HAS Den Bosch, uitgaande van de Stichting Agrarische Hogeschool Den Bosch van de Katholieke Nederlandse Boeren en Tuinders Bond;
  • –. Hogeschool van Amsterdam, uitgaande van de Stichting Hogeschool van Amsterdam;
  • –. Hogeschool van Arnhem en Nijmegen, uitgaande van de Stichting Hogeschool van Arnhem en Nijmegen;
  • –. Hogeschool «De Driestar», uitgaande van de Stichting voor Christelijk Hoger Onderwijs op Reformatorische grondslag «De Driestar»;
  • –. Hogeschool «De Kempel», uitgaande van de Stichting «De Kempel»;
  • –. Hogeschool Domstad Katholieke lerarenopleiding basisonderwijs, uitgaande van de Stichting Katholieke Opleiding tot Leraren in het Basisonderwijs;
  • –. Hogeschool Edith Stein, uitgaande van de Stichting Onderwijs Centrum Twente;
  • –. Hogeschool Helicon, uitgaande van de Stichting Hogeschool Helicon, onderwijs vanuit antroposofie;
  • –. Hogeschool INHOLLAND, uitgaande van de Stichting Hoger Onderwijs Nederland;
  • –. Hogeschool IPABO Amsterdam/Alkmaar, uitgaande van de Stichting voor de Protestants Christelijke en de Rooms-Katholieke lerarenopleiding voor het Basisonderwijs in Noord-Holland;
  • –. Hogeschool Leiden, uitgaande van Stichting Hogeschool Leiden;
  • –. Hogeschool Rotterdam, uitgaande van de Stichting Hogeschool Rotterdam;
  • –. Hogeschool Utrecht, uitgaande van de Stichting Hogeschool Utrecht;
  • –. Hogeschool van Beeldende Kunsten, Muziek en Dans, uitgaande van de Stichting Hogeschool van Beeldende Kunsten, Muziek en Dans;
  • –. Hogeschool voor Beeldende Kunst en Vormgeving, uitgaande van de Stichting Gerrit Rietveld Academie te Amsterdam;
  • –. Hogeschool voor de Kunsten Utrecht, uitgaande van de Stichting hogeschool voor de Kunsten Utrecht;
  • –. Hogeschool Zeeland, uitgaande van de Stichting Hogeschool Zeeland;
  • –. Hogeschool Zuyd, uitgaande van de Stichting Hogeschool Zuyd;
  • –. Hotelschool Den Haag, uitgaande van de Stichting Hotelschool Den Haag;
  • –. Iselinge, educatieve faculteit, uitgaande van de Stichting IJsselgroep Iselinge;
  • –. Katholieke PABO, uitgaande van de Stichting Katholieke Opleiding tot Leraren in het Basisonderwijs;
  • –. Marnix Academie Prot. Chr. hogeschool Lerarenopleiding basisonderwijs, uitgaande van de Stichting Protestants Christelijke Hoger Beroepsonderwijs Utrecht;
  • –. NHTV Internationale Hogeschool, uitgaande van de Stichting NHTV Internationale Hogeschool te Breda;
  • –. Noordelijke Hogeschool Leeuwarden, uitgaande van de Stichting Noordelijke Hogeschool Leeuwarden;
  • –. Saxion Hogescholen, uitgaande van de Stichting Saxion;
  • –. Stenden Hogeschool, Christelijke Hogeschool Nederland, uitgaande van de Stichting Stenden Hogeschool;
  • –. Stenden Hogeschool Drenthe, uitgaande van de Stichting Stenden Hogeschool;
  • –. STOAS Hogeschool, Wageningen, uitgaande van de Stichting STOAS;
  • –. Van Hall Instituut, uitgaande van de Stichting Van Hall Larenstein.
  • h. de Open Universiteit te Heerlen.
  • i. de levensbeschouwelijke universiteiten:
  • –. Protestantse Theologische Universiteit te Kampen, uitgaande van de Protestantse Kerk in Nederland;
  • –. Theologische Universiteit der Christelijke Gereformeerde Kerken in Nederland te Apeldoorn, uitgaande van het kerkgenootschap Christelijke Gereformeerde Kerken;
  • –. Universiteit voor Humanistiek te Utrecht, uitgaande van de Stichting Universiteit voor Humanistiek.
  • –. Theologische Universiteit, uitgaande van de gezamenlijke rechtspersoonlijkheid bezittende Gereformeerde Kerken in Nederland (vrijgemaakt) te Kampen.
  • j.
    1. De rechtspersoonlijkheid bezittende academische ziekenhuizen bij de openbare universiteiten te:
  • -. Leiden,
  • -. Groningen,
  • -. Amsterdam,
  • -. Utrecht,
  • -. Rotterdam,
  • -. Maastricht.
    1. De academische ziekenhuizen bij de bijzondere universiteiten te Amsterdam en Nijmegen.

Lasten en bevelen dat deze in het Staatsblad zal worden geplaatst en dat alle ministers, autoriteiten, colleges en ambtenaren wie zulks aangaat, aan de nauwkeurige uitvoering de hand zullen houden.

Artikel 16.16a. Fusievoorwaarden
1.

Een institutionele dan wel bestuurlijke fusie wordt niet tot stand gebracht dan nadat daarvoor goedkeuring is verleend door Onze Minister. De eerste volzin geldt eveneens indien daarbij is betrokken een bestuursoverdracht van rechtspersonen die een instelling als bedoeld in de Wet educatie en beroepsonderwijs in stand houden, of een school als bedoeld in de Wet voortgezet onderwijs 2020 aan een rechtspersoon die een instelling in stand houdt.

2.

De rechtspersoon dan wel de rechtspersonen dan wel de instellingen dienen gezamenlijk een aanvraag in bij Onze Minister voor het verkrijgen van de goedkeuring bedoeld in het eerste lid. De aanvraag gaat vergezeld van:

  • a. een fusie-effectrapportage opgesteld door de betrokken rechtspersoon dan wel rechtspersonen dan wel door de betrokken instellingen, en
  • b. een schriftelijke verklaring van instemming van de medezeggenschapsraden, dan wel voor zover het betreft een bijzondere universiteit de universiteitsraden, over de voorgenomen fusie die is voorafgegaan door de kennisname van de fusie-effectrapportage door de medezeggenschapsraden respectievelijk de universiteitsraden.
3.

De schriftelijke verklaring van instemming, bedoeld in het tweede lid, onderdeel b, maakt onderdeel uit van de mededeling, bedoeld in artikel 1.8, derde lid.

4.

De fusie-effectrapportage bevat ten minste een weergave van:

  • a. de motieven voor de fusie,
  • b. de alternatieven voor de fusie,
  • c. het tijdsbestek waarbinnen de fusie zal worden gerealiseerd,
  • d. de te bereiken doelen,
  • e. de effecten van de fusie op de keuzevrijheid, in het bijzonder de effecten van de fusie op de spreiding van voorzieningen en de diversiteit van het onderwijsaanbod in het hoger beroepsonderwijs,
  • f. de kosten en baten van de fusie,
  • g. de gevolgen van de fusie voor het personeel en de studenten, waaronder begrepen de gevolgen voor de dienstverlening en de voorzieningen en de eventuele gevolgen voor andere belanghebbende partijen,
  • h. de wijze waarop over de fusie wordt gecommuniceerd, en
  • i. de wijze waarop de fusie wordt geëvalueerd.
5.

Bij ministeriële regeling wordt een modelformulier voor de fusie-effectrapportage vastgesteld.

Artikel 16.16b. Toets
1.

Onze Minister kan goedkeuring onthouden indien als gevolg van de fusie, de daadwerkelijke variatie van het onderwijsaanbod, zowel in het opzicht van de spreiding van voorzieningen als de diversiteit van het opleidingenaanbod in het hoger onderwijs, gelet op het geheel van de voorzieningen op het gebied van het onderwijs op significante wijze wordt belemmerd.

2.

Onze Minister verleent zijn goedkeuring aan een institutionele fusie indien dit noodzakelijk is voor de voortzetting van de uit de wet voortvloeiende rechten en verplichtingen van een of meer betrokken hogescholen.

3.

Onze Minister laat zich ten aanzien van de goedkeuring, bedoeld in het eerste lid, adviseren door de adviescommissie, bedoeld in artikel 6.2, tweede lid.

4.

Onze Minister stelt beleidsregels vast omtrent de uitoefening van de bevoegdheid, bedoeld in het eerste lid.

Artikel 16.16c. Toetstermijn en verlenging
1.

Onze Minister besluit binnen 13 weken op een aanvraag als bedoeld in artikel 16.16b.

2.

De termijn bedoeld in het eerste lid kan ten hoogste met 13 weken worden verlengd. Van deze verlenging wordt binnen de 13 weken bedoeld in het eerste lid, mededeling gedaan aan de aanvrager.

3.

Op het besluit bedoeld in het eerste lid is paragraaf 4.1.3.3 van de Algemene wet bestuursrecht van toepassing.

Hoofdstuk 13. Het bestuur en de inrichting van de instellingen voor wetenschappelijk onderzoek

Titel 6. Wet van 2 april 1998 (Stb. 216)

Titel 2. Wet van 28 maart 1996 (Stb. 226)

Titel 3. Wet van 4 juli 1996 (Stb. 434)

Titel 4. Wet van 10 april 1997 (Stb. 162)

Hoofdstuk 18. Overgangs- en invoeringsbepalingen wijzigingswetten vanaf 2002

Bijlage. behorende bij de Wet op het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek

In deze bijlage zijn in de onderdelen a tot en met i opgenomen de bekostigde instellingen voor hoger onderwijs, bedoeld in artikel 1.8, eerste lid, en zijn in onderdeel j opgenomen de academische ziekenhuizen, bedoeld in artikel 1.13, eerste lid.

De namen van rechtspersonen in deze bijlage worden weergegeven zoals zij luiden op 1 januari 2004.

  • a. De openbare universiteiten te Leiden, Groningen, Amsterdam, Utrecht, Delft, Wageningen, Eindhoven, Enschede, Rotterdam en Maastricht.
  • b. De bijzondere universiteit te:
  • -. Amsterdam, uitgaande van de Vereniging voor christelijk wetenschappelijk onderwijs;
  • -. Nijmegen, uitgaande van de Stichting Katholieke Universiteit;
  • -. Tilburg, uitgaande van de Stichting Katholieke Universiteit Brabant.
  • c. De rechtspersoonlijkheid bezittende openbare hogescholen te Leeuwarden en Velp.
  • d. (vacant)
  • e. (vacant)
  • f. (vacant)
  • g. De bijzondere hogescholen:
  • –. Agrarische Hogeschool Larenstein, uitgaande van de Stichting Van Hall Larenstein;
  • –. Amsterdamse Hogeschool voor de Kunsten, uitgaande van de Stichting Amsterdamse Hogeschool voor de Kunsten;
  • –. ArtEZ, Hogeschool voor de Kunsten, uitgaande van de Stichting ArtEZ;
  • –. Avans Hogeschool, uitgaande van de Stichting Avans;
  • –. Christelijke Agrarische Hogeschool, uitgaande van de stichting Christelijke Agrarische Hogeschool;
  • –. Christelijke Hogeschool Ede, uitgaande van de Stichting voor Christelijk Hoger Onderwijs op Gereformeerde Grondslag;
  • –. Christelijke Hogeschool Windesheim, uitgaande van de Vereniging Christelijk Hoger Onderwijs;
  • –. Codarts, Hogeschool voor de Kunsten, uitgaande van de Stichting Codarts, Hogeschool voor de Kunsten;
  • –. Design Academy, uitgaande van de Stichting The Design Academy;
  • –. Fontys Hogeschool Eindhoven, uitgaande van de Stichting Fontys;
  • –. Fontys Hogeschool ’s-Hertogenbosch, uitgaande van de Stichting Fontys;
  • –. Fontys Hogeschool Roermond, uitgaande van de Stichting Fontys;
  • –. Fontys Hogeschool Sittard, uitgaande van de Stichting Fontys;
  • –. Fontys Hogeschool Tilburg, uitgaande van de Stichting Fontys;
  • –. Fontys Hogeschool Venlo, uitgaande van de Stichting Fontys;
  • –. Fontys Pedagogische Hogeschool Eindhoven uitgaande van de Stichting Fontys;
  • –. Fontys Pedagogisch Technische Hogeschool Nederland, uitgaande van de Stichting Fontys;
  • –. Gereformeerde Hogeschool, uitgaande van de Stichting voor Gereformeerd Hoger Beroepsonderwijs;

De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.

Deze tekst wordt gepubliceerd onder de eigen hergebruiksvoorwaarden van BWB, niet onder een licentie van Legalize of van het publieke domein. BWB
CC0 1.0 Universeel (publiek domein)