Besluit van 22 september 1993, houdende uitvoeringsbepalingen van de Wet op het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek

Type AMvB
Publication 2026-01-01
State In force
Source BWB
artikelen 123
Wijzigingsgeschiedenis JSON API

Op de voordracht van Onze Minister van Onderwijs en Wetenschappen, van 28 mei 1993, nr. 92077964/4685, directie Wetgeving en Juridische Zaken, gedaan mede namens Onze Minister van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij;

Gelet op artikel 6.13, derde lid, van de Wet op het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek;

Gezien het advies van de Onderwijsraad (advies van 21 december 1992, nr. OR 92000271/3 T);

De Raad van State gehoord (advies van 2 augustus 1993, No. W05.93.0338);

Gezien het nader rapport van de Staatssecretaris van Onderwijs en Wetenschappen, van 21 september 1993, nr. 93064058/4685, directie Wetgeving en Juridische Zaken, uitgebracht mede namens Onze Minister van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij;

Hebben goedgevonden en verstaan:

Hoofdstuk 1. Algemene Bepalingen

Artikel 1.1. Begripsbepalingen

In dit besluit wordt verstaan onder:

  • –. academisch ziekenhuis: academisch ziekenhuis als bedoeld in onderdeel j van de bijlage van de wet;
  • –. accreditatieorgaan: de Nederlands-Vlaamse Accreditatie Organisatie, bedoeld in artikel 1 van het Verdrag tussen het Koninkrijk der Nederlanden en de Vlaamse Gemeenschap van België inzake de accreditatie van opleidingen binnen het Nederlandse en Vlaamse hoger onderwijs, met bijlage; Den Haag, 3 september 2003 (Trb. 2003, 167);
  • –. bekostigde graad: een graad als bedoeld in artikel 4.9;
  • –. hogeschool: hogeschool als bedoeld in de onderdelen c, e en g van de bijlage van de wet;
  • –. instelling: instelling voor hoger onderwijs als bedoeld in de onderdelen a tot en met i van de bijlage van de wet;
  • –. ontwerperscertificaat: getuigschrift uitgereikt aan een technologisch ontwerper na het met goed gevolg afronden van onderwijs als bedoeld in bijlage 7 bij dit besluit;
  • –. opleiding: opleiding als bedoeld in de wet;
  • –. opleiding van eerste inschrijving:
  • –. Onze Minister: Onze Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap;
  • –. peildatum: 1 oktober in het tweede kalenderjaar voorafgaand aan het begrotingsjaar waarvoor de rijksbijdrage wordt vastgesteld;
  • –. peilperiode: periode van 2 oktober in het derde kalenderjaar voorafgaand aan het begrotingsjaar waarvoor de rijksbijdrage wordt vastgesteld, tot en met 1 oktober in het tweede kalenderjaar voorafgaand aan het begrotingsjaar waarvoor de rijksbijdrage wordt vastgesteld;
  • –. peilperiode onderzoek: peilperiode vermeerderd met twee onmiddellijk hieraan voorafgaande peilperiodes;
  • 1°. een bekostigde associate degree-opleiding en blijkens het register onderwijsdeelnemers sedert 1 september 1991 niet eerder bij een instelling in verband met het volgen van initieel onderwijs een graad Associate degree, een graad Bachelor of een graad Master als bedoeld in artikel 7.10a, van de wet heeft behaald; of
  • 2°. een bekostigde bacheloropleiding en blijkens het register onderwijsdeelnemers sedert 1 september 1991 niet eerder bij een instelling in verband met het volgen van initieel onderwijs een graad Bachelor als bedoeld in artikel 7.10a, van de wet heeft behaald; of
  • 3°. een bekostigde masteropleiding en blijkens het register onderwijsdeelnemers sedert 1 september 1991 niet eerder bij een instelling in verband met het volgen van initieel onderwijs een graad Master als bedoeld in artikel 7.10a, van de wet heeft behaald;
  • –. studiejaar: studiejaar als bedoeld in de wet;
  • –. universiteit:
  • 3°. levensbeschouwelijke universiteit als bedoeld in onderdeel i van de bijlage van de wet;

Hoofdstuk 2. Bepalingen betreffende studenten

Afdeling 1. Persoonlijke en bijzondere omstandigheden

Artikel 2.1. Persoonlijke omstandigheden bij bindend studieadvies en verwijzing naar afstudeerrichting
1.

De persoonlijke omstandigheden bedoeld in de artikelen 7.8b, derde lid, en 7.9, derde lid, van de wet, zijn:

  • a. ziekte van betrokkene,
  • b. lichamelijke, zintuiglijke of andere functiestoornis van betrokkene,
  • c. zwangerschap van betrokkene,
  • d. bijzondere familie-omstandigheden,
  • e. het lidmaatschap, daaronder begrepen het voorzitterschap, van:
    1. bij universiteiten: de universiteitsraad, faculteitsraad, het orgaan dat is ingesteld op grond van de medezeggenschapsregeling, bedoeld in artikel 9.30, derde lid, onderscheidenlijk artikel 9.51, tweede lid, van de wet, het bestuur van een opleiding of de opleidingscommissie, alsmede het lidmaatschap van het bestuur van een stichting die blijkens haar statuten tot doel heeft de exploitatie van voorzieningen, behorende tot de studentenvoorzieningen, dan wel van een daarmee naar het oordeel van het instellingsbestuur gelet op de taak gelijk te stellen orgaan,
    1. bij hogescholen: de medezeggenschapsraad, deelraad, studentencommissie of opleidingscommissie,
  • f. andere in de regelingen, bedoeld in de artikelen 7.8b, zesde lid, en 7.9, vijfde lid, van de wet door het instellingsbestuur aan te geven omstandigheden waarin betrokkene activiteiten ontplooit in het kader van de organisatie en het bestuur van de zaken van de instelling,
  • g. het lidmaatschap van het bestuur van een studentenorganisatie van enige omvang met volledige rechtsbevoegdheid, dan wel van een vergelijkbare organisatie van enige omvang, bij wie de behartiging van het algemeen maatschappelijk belang op de voorgrond staat en die daartoe daadwerkelijk activiteiten ontplooit,
  • h. andere in de onderwijs- en examenregeling, bedoeld in artikel 7.13 van de wet, op grond van artikel 7.13, tweede lid, onderdeel f, van de wet, vast te leggen persoonlijke omstandigheden,
  • i. andere dan in de onderdelen a tot en met h bedoelde persoonlijke omstandigheden die, indien zij door het instellingsbestuur niet in de beoordeling zouden worden betrokken, zouden leiden tot een onbillijkheid van overwegende aard.
2.

Het instellingsbestuur kan voor de toepassing van het eerste lid, onderdeel g, nadere regels vaststellen omtrent het aantal bestuursleden dat ten hoogste per organisatie per studiejaar in aanmerking komt, zomede omtrent welke bestuursfuncties in aanmerking komen.

Artikel 2.2. Omvang volledig wettelijk collegegeld
1.

Het volledig wettelijk collegegeld, bedoeld in artikel 7.45, eerste lid, van de wet, bedraagt voor het studiejaar 2018–2019 € 2.060Voor het studiejaar 2021-2022: € 2.168.

2.

Het bedrag, genoemd in het eerste lid, wordt jaarlijks bij ministeriële regeling gewijzigd aan de hand van de consumentenprijsindex. De ministeriële regeling wordt vastgesteld voor 1 november voorafgaand aan het studiejaar waarvoor het gewijzigde collegegeld zal gelden. De wijziging wordt bepaald door de gemiddelde procentuele wijziging die de consumentenprijsindex over de periode mei tot en met april, voorafgaand aan de vaststelling van de ministeriële regeling, heeft ondergaan ten opzichte van dezelfde periode in het daaraan voorafgaande jaar. De aldus verkregen wijziging van het collegegeldbedrag wordt afgerond op het naastbij gelegen gehele getal.

3.

Onder de consumentenprijsindex, bedoeld in het tweede lid, wordt verstaan: de consumentenprijsindex «reeks alle huishoudens» zoals vastgesteld door het Centraal Bureau voor de Statistiek.

Afdeling 2. Voorwaarden voor ondersteuning door het Rijk

Artikel 2.3. Uitbreiding categorie studenten met aanspraak op wettelijk collegegeld in verband met een opleiding op het gebied van onderwijs of gezondheidszorg
1.

In dit artikel wordt verstaan onder een opleiding op het gebied van onderwijs:

  • a. een opleiding die is opgenomen in het onderdeel «onderwijs» van de Registratie instellingen en opleidingen, bedoeld in artikel 3.1, aanhef en onder a;
  • b. de volgende opleidingen op het gebied van landbouw en natuurlijke omgeving:
  • 1°. een bacheloropleiding Educatie en Kennismanagement Groene Sector;
  • 2°. een masteropleiding Leren en Innoveren; en
  • 3°. een associate degree-opleiding Onderwijsondersteuner Educatie en Kennismanagement Groene Sector;
  • c. een bacheloropleiding pedagogische wetenschappen, onderwijskunde of onderwijswetenschappen in het wetenschappelijk onderwijs, uitsluitend voor zover:
  • 1°. de student gelijktijdig is ingeschreven aan een bacheloropleiding tot leraar basisonderwijs in het hoger beroepsonderwijs; en
  • 2°. de opleidingen, bedoeld in de aanhef en onderdeel 1°, een samenwerking zijn aangegaan en de beide opleidingen voor de student dusdanig op elkaar zijn afgestemd dat voor beide opleidingen een getuigschrift is te behalen in de periode van vier jaar.
2.

In dit artikel wordt verstaan onder een opleiding op het gebied van gezondheidszorg: een opleiding die is opgenomen in het onderdeel «gezondheidszorg» van de Registratie instellingen en opleidingen, bedoeld in artikel 3.1, aanhef en onder e.

3.

Een persoon die zich volgens het register onderwijsdeelnemers voor de eerste keer inschrijft voor een associate degree-opleiding op het gebied van onderwijs of gezondheidszorg, nadat hij eerder een graad Associate degree, graad Bachelor of graad Master heeft behaald in verband met een opleiding op een ander gebied dan onderwijs of gezondheidszorg, is voor die opleiding op het gebied van onderwijs of gezondheidszorg niet meer dan het wettelijk collegegeld verschuldigd, mits hij behoort tot één van de groepen van personen, bedoeld in artikel 2.2 van de Wet studiefinanciering 2000, of de Surinaamse nationaliteit bezit.

4.

Een persoon die zich, gerekend vanaf 1 september 1991, volgens het register onderwijsdeelnemers, voor de eerste keer inschrijft voor een bacheloropleiding op het gebied van onderwijs of gezondheidszorg, nadat hij eerder een bachelorgraad heeft behaald in verband met een opleiding op een ander gebied dan onderwijs of gezondheidszorg, is voor die opleiding op het gebied van onderwijs of gezondheidszorg niet meer dan het wettelijk collegegeld verschuldigd, mits hij behoort tot één van de groepen van personen, bedoeld in artikel 2.2 van de Wet studiefinanciering 2000, of de Surinaamse nationaliteit bezit.

5.

Een persoon die zich, gerekend vanaf 1 september 1991, volgens het register onderwijsdeelnemers, voor de eerste keer inschrijft voor een masteropleiding op het gebied van onderwijs of gezondheidszorg, nadat hij eerder een mastergraad heeft behaald in verband met een opleiding op een ander gebied dan onderwijs of gezondheidszorg, is voor die opleiding op het gebied van onderwijs of gezondheidszorg niet meer dan het wettelijk collegegeld verschuldigd, mits hij behoort tot één van de groepen van personen, bedoeld in artikel 2.2 van de Wet studiefinanciering 2000, of de Surinaamse nationaliteit bezit.

6.

Op de aanspraak op wettelijk collegegeld, bedoeld in het derde, vierde of vijfde lid, kan slechts een maal een beroep worden gedaan, hetzij in verband met een opleiding op het terrein van onderwijs, hetzij in verband met een opleiding op het terrein van gezondheidszorg.

7.

Met uitzondering van een student die gelijktijdig wordt ingeschreven voor de twee opleidingen, bedoeld in het eerste lid, onderdeel c, wordt een student die op grond van het derde, vierde of vijfde lid aanspraak maakt op wettelijk collegegeld voor een andere inschrijving niet vrijgesteld van het betalen van collegegeld als bedoeld in artikel 7.48, eerste lid, van de wet.

Artikel 2.4. Administratiekosten gespreide inning collegegeld

Het bedrag, bedoeld in artikel 7.47, tweede lid, van de wet, is 24 euro.

Artikel 2.5. Gegevens

Vervallen

Artikel 2.6. Tijdstip en wijze levering gegevens

Vervallen

Artikel 2.7. Beperking totaal der aanspraken

Vervallen

Artikel 2.8. Subsidies aan VSNU en HBO-Raad ten behoeve van studentleden van visitatiecommissies

Vervallen

Artikel 2.9. Nadere regeling

Vervallen

Hoofdstuk 3. Bepalingen betreffende opleidingen

Afdeling 1. Centraal register opleidingen hoger onderwijs

Artikel 3.1. Indeling register

Het register bestaat uit de volgende onderdelen:

  • a. onderwijs,
  • b. landbouw en natuurlijke omgeving,
  • c. natuur,
  • d. techniek,
  • e. gezondheidszorg,
  • f. economie,
  • g. recht,
  • h. gedrag en maatschappij,
  • i. taal en cultuur, en
  • j. sectoroverstijgend.
Artikel 3.2. Subonderdelen
1.

Het onderdeel onderwijs kent, naast opleidingen die niet onder een subonderdeel worden ondergebracht, het subonderdeel lerarenopleidingen op het gebied van de kunst.

2.

Het onderdeel taal en cultuur kent, naast opleidingen die niet onder een subonderdeel worden ondergebracht, het subonderdeel opleidingen op het gebied van de kunst.

3.

Het onderdeel sectoroverstijgend kent, naast opleidingen die niet onder een subonderdeel worden ondergebracht, het subonderdeel Onderwijs/Landbouw en Natuurlijke Omgeving/Natuur/Techniek/Gezondheid.

Artikel 3.3. Levering gegevens

Onze Minister kan voorschriften geven voor de wijze waarop gegevens die in het register worden opgenomen, dienen te worden geleverd.

Artikel 3.4. Verstrekking gegevens
1.

Op een daartoe ingediend verzoek kunnen gegevens die in het register zijn opgenomen, worden verstrekt. Bij dat verzoek wordt aangegeven welke gegevens worden verlangd alsmede de gewenste wijze van verstrekking.

2.

Binnen een maand na ontvangst van het verzoek, wordt aan aanvrager bekendgemaakt of het verzoek kan worden gehonoreerd. Indien het verzoek zal worden gehonoreerd, wordt tevens aangegeven binnen welke termijn dit zal geschieden alsmede of aan de verstrekking kosten zijn verbonden en zo ja, hoe hoog de verschuldigde vergoeding, met inachtneming van artikel 3.5, zal zijn.

3.

De verstrekking kan slechts worden geweigerd als de gevraagde gegevens niet beschikbaar zijn, of de gevraagde wijze van verstrekking niet kan worden uitgevoerd.

Artikel 3.5. Vergoeding verstrekte gegevens
1.

Indien een verzoek als bedoeld in artikel 3.4 wordt gedaan door anderen dan de besturen van instellingen waarop de wet betrekking heeft, is voor het verstrekken van gegevens een vergoeding verschuldigd.

2.

De verschuldigde vergoeding is afhankelijk van:

  • a. de tijd die aan het afhandelen van het verzoek wordt besteed, waarbij een tarief van € 26,32 per uur wordt berekend,
  • b. de hoeveelheid te verstrekken gegevens, waarbij een tarief van € 34,03 per 1 000 records wordt berekend en een tarief van € 2,27 per 1 000 regels,
  • c. de wijze van verstrekking van de gegevens, waarbij voor de gegevensdragers de kostprijs wordt berekend, en
  • d. de administratiekosten van € 3,18 per aanvraag alsmede de verzendkosten, waarvoor de kostprijs wordt berekend.

Afdeling 2. Bijzondere nadere vooropleidingseisen leraar basisonderwijs

Artikel 3.6. Reikwijdte

De bijzondere nadere vooropleidingseisen, bedoeld in artikel 7.25a van de wet, gelden niet voor:

Afdeling 3. Masteropleidingen in het wetenschappelijk onderwijs met een studielast van 120 studiepunten

Hoofdstuk 4. Slotbepalingen

Artikel 4.1. Vaststelling omvang van de landelijk beschikbare rijksbijdrage
1.

Onze Minister stelt jaarlijks, in overeenstemming met het desbetreffende onderdeel van zijn begroting, de omvang vast van de landelijk beschikbare rijksbijdrage voor de instellingen.

2.

De landelijk beschikbare rijksbijdrage, bedoeld in het eerste lid, bestaat uit:

  • a. een onderwijsdeel wo,
  • b. een onderwijsdeel hbo,
  • c. een onderzoekdeel wo,
  • d. een deel ontwerp en ontwikkeling hbo, en
  • e. een deel ondersteuning geneeskundig onderwijs en onderzoek.
Artikel 4.2. Verdeling landelijk beschikbare rijksbijdrage
1.

Het onderwijsdeel wo wordt overeenkomstig afdeling 2 van dit hoofdstuk verdeeld over de instellingen die opleidingen in het wetenschappelijk onderwijs verzorgen.

2.

Het onderwijsdeel hbo wordt overeenkomstig afdeling 2 van dit hoofdstuk verdeeld over de instellingen die opleidingen in het hoger beroepsonderwijs verzorgen.

3.

Het onderzoekdeel wo wordt overeenkomstig afdeling 3, paragraaf 1, van dit hoofdstuk verdeeld over de universiteiten die opleidingen in het wetenschappelijk onderwijs verzorgen.

4.

Het deel ontwerp en ontwikkeling hbo, bedoeld in artikel 4.1, tweede lid, onderdeel d, wordt overeenkomstig afdeling 3, paragraaf 2 van dit hoofdstuk verdeeld over de hogescholen die opleidingen in het hoger beroepsonderwijs verzorgen.

5.

Het deel ondersteuning geneeskundig onderwijs en onderzoek, bedoeld in artikel 4.1, tweede lid, onderdeel e, wordt overeenkomstig afdeling 4 van dit hoofdstuk verdeeld over universiteiten.

Lasten en bevelen dat dit besluit met de daarbij behorende nota van toelichting in het Staatsblad zal worden geplaatst.

Artikel 3.7. Kennisgebieden en kennisniveaus
1.

De bijzondere nadere vooropleidingseisen, bedoeld in artikel 7.25a van de wet, hebben betrekking op de kennisgebieden aardrijkskunde, geschiedenis en de natuur, waaronder biologie, bedoeld in artikel 9, tweede lid, onderdelen a, b, onderscheidenlijk c, van de Wet op het primair onderwijs.

2.

Bij ministeriële regeling wordt het vereiste niveau, bedoeld in artikel 7.25a, derde lid, tweede volzin, van de wet, op de kennisgebieden, bedoeld in het eerste lid, vastgesteld.

Afdeling 3. Masteropleidingen in het wetenschappelijk onderwijs met een studielast van 120 studiepunten

Hoofdstuk 4. Bepalingen over de berekening van de rijksbijdrage

Bijlage 2. Masteropleidingen in het wetenschappelijk onderwijs met een studielast van ten minste 120 en ten hoogste 180 studiepunten

Masteropleidingen in het wetenschappelijk onderwijs met een studielast van 120 studiepunten

1. Openbare universiteit te Leiden

Mathematics Education

Physics Education.

Biomedical Sciences

Opleiding tot leraar voortgezet onderwijs van de eerste graad in Biologie

Opleiding tot leraar voortgezet onderwijs van de eerste graad in Natuurkunde

Opleiding tot leraar voortgezet onderwijs van de eerste graad in Scheikunde

Opleiding tot leraar voortgezet onderwijs van de eerste graad in Wiskunde.

Life Science & Technology

Masteropleidingen in het wetenschappelijk onderwijs met een studielast van 120 studiepunten

Mediatechnology

Nanoscience

2. Openbare universiteit te Groningen

Talen en Culturen van China

Talen en Culturen van Korea

Talen en Culturen van Japan;

B.

African Studies (research)

Archaeology (research)

Asian Studies (research)

Educational Sciences: Normal and Deviant Patterns of Attachment and Self Regulated Learning (research)

History: Societies and Institutions (research)

Latin American and Amerindian Studies (research)

Linguistics: Structure and Variation in the Languages of the World (research)

Literature (research)

Middle Eastern Studies (research)

Philosophy: Rationality (research)

Political Science Research: Institutional Analysis (research)

Public Administration: Institutional Change and Reform (research)

Psychology: Decision Making and Action Control in Self-Regulation of Human Behaviour (research)

Religious Studies (research)

Western and Asian Art History in Comparative Perspective (research).

informatica

A.

Artificial Intelligence

Bedrijfswiskunde

Biology

3. Openbare universiteit te Amsterdam

Biomolecular Sciences

Chemistry

Ecology

Educatie en Communicatie in de Wiskunde en Natuurwetenschappen

Energie en Milieuwetenschappen

A.

Astronomy

Biology

Biomedical Sciences

Bio-pharmaceutical Sciences

Chemistry

A.

Astronomy

Biology

4. Openbare universiteit te Utrecht

Bio-pharmaceutical Sciences

Chemistry

Computer Science

Ict in business

Life Science & Technology

Mathematics

Mediatechnology

Nanoscience

Physics

Talen en Culturen van China

Talen en Culturen van Korea

Talen en Culturen van Japan;

B.

African Studies (research)

Archaeology (research)

Asian Studies (research)

Educational Sciences: Normal and Deviant Patterns of Attachment and Self Regulated Learning (research)

History: Societies and Institutions (research)

3. Openbare universiteit te Amsterdam

Linguistics: Structure and Variation in the Languages of the World (research)

Literature (research)

Middle Eastern Studies (research)

Philosophy: Rationality (research)

Political Science Research: Institutional Analysis (research)

Public Administration: Institutional Change and Reform (research)

Psychology: Decision Making and Action Control in Self-Regulation of Human Behaviour (research)

Religious Studies (research)

Western and Asian Art History in Comparative Perspective (research).

Biomolecular Sciences

A.

Applied Mathematics

Applied Physics

Artificial Intelligence

Astronomy

Biology

Biomedical Engineering

Biomedical Sciences

Biomolecular Sciences

Business Mathematics

Chemical Engineering

Chemistry

Computing Science

Ecology and evolution

Educatie en Communicatie in de Wiskunde en Natuurwetenschappen

4. Openbare universiteit te Utrecht

Evolutionary Biology

Human-Machine Communication

Industrial Engineering and Management

Marine Biology

Mathematics

Medical and Pharmaceutical Drug Innovation

Medical Pharmaceutical Sciences

Molecular Biology and Biotechnology

Nanoscience

Physics

B.

Art History and Archaeology: Material Culture Studies in Art, Architecture and Archaeology (research)

Behavioural and Cognitive Neurosciences (research)

Behavioural and Social Sciences (research)

Classical, Medieval and Renaissance Studies (CMRS): Text and Context in Premodern and Early Modern Times (research)

Clinical and Psychosocial Epidemiology (research)

Economics and Business: Production, Organization and Marketing (research)

Functionaliteit van het Recht (research)

Literary and Cultural Studies: Literature and Performing Arts in Society (research)

Linguistics: Neurolinguistics and Models of Grammar (research)

Modern History and International Relations: Transformation and Acceptance (research)

Philosophy: Knowledge and Knowledge Development (research)

Regional Studies: Spaces and Places, Analysis and Intervention (research)

Religion and Culture (research).

3. Openbare universiteit te Amsterdam

A.

Artificial Intelligence

Astronomy and Astrophysics

Biological Sciences

Biomedical Sciences

Chemistry

Conservering en restauratie van cultureel erfgoed

Earth Sciences

Educational Science

Forensic Science

Grid Computing

Life Sciences

Logic

Mathematical Physics

Mathematics

Mathematics and Science Education

8. Openbare universiteit te Enschede

Physics

Stochastics and Financial Mathematics;

B.

Archeologie (research)

Brain and Cognitive Sciences (research)

Communication Science (research)

Cultural Analysis (research)

Educational Science (research)

Geschiedenis (research)

Human Geography, Planning and Development Studies (research)

Information Law (research)

Kunstwetenschappen (research)

Linguistics (research)

Literary Studies

Media Studies (research)

Metropolitan Studies (research)

4. Openbare universiteit te Utrecht

Psychology (research)

Public International Law (research)

Religiewetenschappen (research)

Rhetoric, Argumentation and Philosophy (research)

Social Sciences (research)

Tinbergen Institute Master of Philosophy in Economics (research)

Wijsbegeerte (research).

Environmental Sciences

A.

Artificial intelligence

Biologische wetenschappen

Biomedical sciences

Chemische wetenschappen

Communicatie en educatie van de natuurwetenschappen

Earth Sciences

Environmental Sciences

Geographical Sciences

Geschiedenis en wijsbegeerte van de wiskunde en natuurwetenschappen

Informatica

Information Science

Mathematische wetenschappen

10. Bijzondere universiteit te Nijmegen

Natuurwetenschappen en bedrijf

Neuroscience and Cognition

Pharmaceutical Sciences

Science and Innovation Management

Sterrenkunde;

B.

Art History of the Low Countries in its European Context (research)

Development and Socialization in Childhood and Adolescence (research)

Dutch Language and Literature (research)

Educational Sciences: Learning in Interaction (research)

Gender and Ethnicity (research)

Lasten en bevelen dat dit besluit met de daarbij behorende nota van toelichting in het Staatsblad zal worden geplaatst.

1. Openbare universiteit te Eindhoven

Chemistry Education

2. Bijzondere universiteit te Nijmegen

Bijlage. bij het uitvoeringsbesluit WHW

1. Openbare universiteit te Leiden

Physics

2. Openbare universiteit te Groningen

Biomedische Technologie

3. Openbare universiteit te Amsterdam

Biomedical Sciences

4. Openbare universiteit te Utrecht

Latin American and Amerindian Studies (research)

2. Openbare universiteit te Groningen

Energy and Environmental Sciences

6. Openbare universiteit te Wageningen

Chemistry

7. Openbare universiteit te Eindhoven

Medical Informatics

5. Openbare universiteit te Delft

Nederlandse letterkunde (research)

9. Bijzondere universiteit te Amsterdam

Natuurkunde en meteorologie & fysische oceanografie

6. Openbare universiteit te Wageningen

Historical and Comparitive Studies of the Sciences and Humanities (research)

History: Cities, States and Citizenship (research)

Human Geography and Planning (research)

Legal Research

Linguistics: the Study of the Language Faculty (research)

Literary Studies: Literature in the Modern Age (research)

Media Studies (research)

Medieval Studies (research)

Methodology and Statistics of Behavioural and Social Sciences (research)

Migration, Ethnic Relations and Multiculturalism (research)

Lasten en bevelen dat dit besluit met de daarbij behorende nota van toelichting in het Staatsblad zal worden geplaatst.

2. Openbare universiteit te Groningen

3. Openbare universiteit te Amsterdam

4. Openbare universiteit te Utrecht

5. Openbare universiteit te Delft

6. Openbare universiteit te Wageningen

7. Openbare universiteit te Eindhoven

Multidisciplinary Economics (research)

Musicology (research)

Philosophy (research)

Research in Public Administration and Organizational Science (research)

Social & Health Psychology (research)

Sociology and Social Research (research)

Theology (research).

Chemical Engineering

Aerospace Engineering

Applied Earth Sciences

Applied Mathematics

8. Openbare universiteit te Enschede

Architecture, Urbanism and Building Sciences

Biochemical Engineering

Biomedical Engineering

Chemical Engineering

Civil Engineering

Computer Engineering

Computer Science

Construction Management and Engeneering

Design for Interaction

Embedded Systems

Engineering & Policy Analysis

Electrical Engineering

Geomatics

Industrial Design Engineering

Integrated Product Design

Life Science & Technology

Management of Technology

Marine Technology

Materials Science & Engineering

9. Openbare universiteit te Rotterdam

Media & Knowledge Engineering

Nanoscience

Offshore Engineering

Strategic Product Design

Sustainable Energy Technology

Systems and Control

10. Openbare universiteit te Maastricht

Transport, Infrastructure & Logistics.

Business Information Technology

Agricultural and Bioresource Engineering

Animal Sciences

Aquaculture and Fisheries

Bioinformatics

9. Openbare universiteit te Rotterdam

Biotechnology

Climate Studies

Environmental Sciences

Food Quality Management

Food Safety

Food Technology

Forest and Nature Conservation

Geo-information Science

Hydrology and Water Quality

International Land- and Water Management

Landscape, Architecture and Planning

Leisure, Tourism and Environment

Meteorology and Air Quality

Molecular Life Sciences

Nutrition and Health

Organic Agriculture

Plant Biotechnology

Plant Sciences

Soil Science

Urban Environmental Management.

Computer Science and Engineering

Applied Physics

Architecture, Building and Planning

Automotive Technology

Biomedical Engineering

Building Services

Business Information Systems

Chemical Engineering

Computer Science and Engineering

Construction Management and Engeneering

Electrical Engineering

12. Bijzondere universiteit te Nijmegen

Human-technology Interaction

Industrial and Applied Mathematics

Industrial Design

Innovation Management

Innovation Sciences

Mechanical Engineering

Medical Engineering

Operations Management and Logistics

Sustainable Energy Technology

Systems and Control

A.

A.

Applied Mathematics

Applied Physics

Biomedical Engineering

Business Information Technology

Chemical Engineering

Civil Engineering & Management

Computer Science

13. Bijzondere universiteit te Tilburg

Electrical Engineering

Embedded Systems

Human Media Interaction

Industrial Design Engineering

Industrial Engineering & Management

9. Openbare universiteit te Rotterdam

Mechatronics

Bijlage 2. Masteropleidingen in het wetenschappelijk onderwijs met een studielast van ten minste 120 en ten hoogste 180 studiepunten

1. Openbare universiteit te Eindhoven

Systems and Control

Telematics;

B.

2. Bijzondere universiteit te Nijmegen

Social Systems Evaluation and Survey Research (research).

Clinical Epidemiology (research)

Clinical Research (research)

Early Modern Intellectual History (research)

Bijlage. bij het uitvoeringsbesluit WHW

Infection and Immunity (research)

1. Openbare universiteit te Leiden

Justice and Safety & Security (research)

Molecular Medicine (research)

Neuroscience (research)

Research in Public Administration and Organizational Science (research)

Sociology of Culture, Media and the Arts (research)

Tinbergen Institute Master of Philosophy in Economics (research).

Law and Language Studies.

A.

Health Food Innovation Management

International Laws.

B.

1. Openbare universiteit te Eindhoven

Cardiovascular Biology and Medicine (research)

Cognitive and Clinical Neuroscience

Cultures of Arts, Science and Technology (research)

Economic and Financial Research (research)

European Studies (research)

Health Sciences (research)

Ius Commune and Human Rights Research (research)

Nutrition and Metabolism and clinical aspects (research).

Artificial Intelligence

A.

Artificial Intelligence

Bioinformatics

Biology

Biomedical Sciences

Biomolecular Sciences

Business Mathematics and Informatics

Chemistry

Computer Science

Drug Discovery and Safety

Earth Sciences

Ecology

Hydrology

Management, Policy Analysis and Entrepreneurship in the Health and Life Sciences

Mathematics

1. Openbare universiteit te Eindhoven

Neurosciences

Oncology

Parallel & Distributed Computer Systems

Physics

Stochastics and Financial Mathematics;

B.

Cardiovascular Research (research)

Cognitive Neuropsychology (research)

Fundamental and Clinical Human Movement Sciences (research)

Geosciences of Basins in Lithosphere (research)

Geschiedenis na 1400 (research)

Letterkunde (research)

Lifestyle and Chronic Disorders (research)

Linguistics (research)

4. Openbare universiteit te Utrecht

Palaeoclimatology and Geo-ecosystems (research)

Religion and Theology (research)

Social Psychology: Regulation of Social Behaviour (research)

Social Research (research)

Tinbergen Institute Master of Philosophy in Economics (research)

Visual Arts, Media and Architecture (research).

Biology

A.

Artificial Intelligence

Biology

Biomedical sciences

Chemistry

Environmental Sciences

Informatica

Mathematics

Medical Biology

Moleculaire levenswetenschappen

Natuur- en sterrenkunde

5. Openbare universiteit te Delft

Niederlande-Deutschland-Studien

Theology;

B.

Behavioural Science: the study of behaviour regulation (research)

Cognitive Neuroscience (research)

Historische Wetenschappen: Ideologie, Mentaliteit en Maatschappelijke Praktijk (research)

Kunst en visuele cultuur in historisch perspectief (research)

Language and Communication (research)

Letterkunde en Literatuurwetenschap: Nieuwe Filologie (research)

Molecular Mechanisms of Disease (research)

Onderneming en Recht (research)

Social and Cultural Science: Comparative Research on Societies (research)

Wijsbegeerte (research).

B.

A.

Medische Psychologie.

B.

Grondslagen en methoden van de rechtswetenschap (research)

Language and Communication (research)

Master of Philosophy in Business (research)

Research in Public Administration and Organizational Science (research)

Master of Philosophy in Economics (research)

Social and Behavioural Sciences (research)

Theology (research)

Wijsbegeerte (research).

14. transnationale Universiteit Limburg

Artificial Intelligence en Operations Research

Molecular Life Sciences.

Mathematics Education

Physics Education.

Chemistry Education

Mathematics Education

Physics Education.

Opleiding tot leraar voortgezet onderwijs van de eerste graad in Scheikunde

Opleiding tot leraar voortgezet onderwijs van de eerste graad in Biologie

Opleiding tot leraar voortgezet onderwijs van de eerste graad in Natuurkunde

Opleiding tot leraar voortgezet onderwijs van de eerste graad in Scheikunde

Opleiding tot leraar voortgezet onderwijs van de eerste graad in Wiskunde.

geo-information science

hydrology and water quality

international land- and water management

landscape planning and design

leisure, tourism and environment

meteorology and air quality

molecular sciences

nutrition and health

plant biotechnology

plant sciences

soil science

urban environmental management

7. Openbare universiteit te Eindhoven

applied physics

architecture, building and planning

biomedical engineering

building services

business information systems

chemical engineering

computer science and engineering

electrical engineering and information technology

human-technology interaction

industrial and applied mathematics

industrial design

innovation management

mechanical engineering

medical engineering

operations management

technology and policy

8. Openbare universiteit te Enschede

applied mathematics

applied physics

biomedical engineering

business information technology

chemical engineering

civil engineering & management

computer science

electrical engineering

geoinformatics

human media interaction

industrial design engineering

industrial engineering & management

mechanical engineering

mechatronics

nanotechnology

telematics

9. Bijzondere universiteit te Amsterdam

artificial intelligence

beleid, management en ondernemerschap voor natuur- en levenswetenschappers

bioinformatics

biology

biomedical sciences

biomolecular sciences

business mathematics and informatics

chemistry

computer sciences

earth sciences

ecology

geo-environmental sciences

hydrology

mathematics

medical natural sciences

neurosciences

oncology

parallel & distributed computer systems

pharmaceutical sciences

physics

stochastics and financial mathematics

10. Bijzondere universiteit te Nijmegen

algemene natuurwetenschappen

biology

bioinformatics

biomedical sciences

chemistry

informatica

mathematics

medische biologie

milieu-natuurwetenschappen

moleculaire levenswetenschappen

natuur- en sterrenkunde.

Lasten en bevelen dat dit besluit met de daarbij behorende nota van toelichting in het Staatsblad zal worden geplaatst.

3. Openbare universiteit te Amsterdam

5. Openbare universiteit te Delft

6. Openbare universiteit te Wageningen

7. Openbare universiteit te Eindhoven

7. Openbare universiteit te Eindhoven

Applied Physics

9. Openbare universiteit te Rotterdam

Mechanical Engineering

8. Openbare universiteit te Enschede

Systems Engineering, Policy Analysis and Management

9. Openbare universiteit te Rotterdam

Biology

12. Bijzondere universiteit te Nijmegen

Embedded Systems

12. Bijzondere universiteit te Nijmegen

Construction Management and Engeneering

14. Katholieke Theologische Universiteit te Utrecht

Bijlage 2. Masteropleidingen in het wetenschappelijk onderwijs met een studielast van ten minste 120 en ten hoogste 180 studiepunten

Nanotechnology

Sustainable Energy Technology

2. Bijzondere universiteit te Nijmegen

Social Systems Evaluation and Survey Research (research).

Lasten en bevelen dat dit besluit met de daarbij behorende nota van toelichting in het Staatsblad zal worden geplaatst.

Lasten en bevelen dat dit besluit met de daarbij behorende nota van toelichting in het Staatsblad zal worden geplaatst.

2. Openbare universiteit te Groningen

4. Openbare universiteit te Utrecht

6. Openbare universiteit te Wageningen

7. Openbare universiteit te Eindhoven

8. Openbare universiteit te Enschede

10. Openbare universiteit te Maastricht

7. Openbare universiteit te Eindhoven

12. Bijzondere universiteit te Nijmegen

Mechanical Engineering

ERIM Master of Philosophy in Business Research (research)

Institutions: Erasmus Research Master in Philosophy and Economics (research)

13. Bijzondere universiteit te Tilburg

14. Katholieke Theologische Universiteit te Utrecht

Bijlage 2. Masteropleidingen in het wetenschappelijk onderwijs met een studielast van ten minste 120 en ten hoogste 180 studiepunten

2. Bijzondere universiteit te Nijmegen

Lasten en bevelen dat dit besluit met de daarbij behorende nota van toelichting in het Staatsblad zal worden geplaatst.

7. Openbare universiteit te Eindhoven

8. Openbare universiteit te Enschede

9. Openbare universiteit te Rotterdam

10. Openbare universiteit te Maastricht

11. Bijzondere universiteit te Amsterdam

13. Bijzondere universiteit te Tilburg

14. Katholieke Theologische Universiteit te Utrecht

Bijlage 2. Masteropleidingen in het wetenschappelijk onderwijs met een studielast van ten minste 120 en ten hoogste 180 studiepunten

1. Openbare universiteit te Eindhoven

11. Bijzondere universiteit te Amsterdam

Lasten en bevelen dat dit besluit met de daarbij behorende nota van toelichting in het Staatsblad zal worden geplaatst.

3. Openbare universiteit te Amsterdam

4. Openbare universiteit te Utrecht

5. Openbare universiteit te Delft

6. Openbare universiteit te Wageningen

8. Openbare universiteit te Enschede

10. Openbare universiteit te Maastricht

11. Bijzondere universiteit te Amsterdam

12. Bijzondere universiteit te Nijmegen

10. Openbare universiteit te Maastricht

Business Research (research)

14. Katholieke Theologische Universiteit te Utrecht

Bijlage 2. Masteropleidingen in het wetenschappelijk onderwijs met een studielast van ten minste 120 en ten hoogste 180 studiepunten

1. Openbare universiteit te Eindhoven

13. Bijzondere universiteit te Tilburg

Lasten en bevelen dat dit besluit met de daarbij behorende nota van toelichting in het Staatsblad zal worden geplaatst.

3. Openbare universiteit te Amsterdam

4. Openbare universiteit te Utrecht

5. Openbare universiteit te Delft

7. Openbare universiteit te Eindhoven

9. Openbare universiteit te Rotterdam

10. Openbare universiteit te Maastricht

11. Bijzondere universiteit te Amsterdam

10. Openbare universiteit te Maastricht

14. transnationale Universiteit Limburg

Medical Natural Sciences

Bijlage 2. Masteropleidingen in het wetenschappelijk onderwijs met een studielast van ten minste 120 en ten hoogste 180 studiepunten

1. Openbare universiteit te Eindhoven

2. Bijzondere universiteit te Nijmegen

Lasten en bevelen dat dit besluit met de daarbij behorende nota van toelichting in het Staatsblad zal worden geplaatst.

Bijlage 2. Masteropleidingen in het wetenschappelijk onderwijs met een studielast van ten minste 120 en ten hoogste 180 studiepunten

1. Openbare universiteit te Eindhoven

12. Bijzondere universiteit te Nijmegen

Lasten en bevelen dat dit besluit met de daarbij behorende nota van toelichting in het Staatsblad zal worden geplaatst.

Bijlage 2. Masteropleidingen in het wetenschappelijk onderwijs met een studielast van ten minste 120 en ten hoogste 180 studiepunten

2. Bijzondere universiteit te Nijmegen

Lasten en bevelen dat dit besluit met de daarbij behorende nota van toelichting in het Staatsblad zal worden geplaatst.

Afdeling 1. Algemene bepalingen over de berekening van de rijksbijdrage

Artikel 4.1. Begripsbepalingen hoofdstuk 4
1.

Voor de toepassing van dit hoofdstuk wordt een persoon die het afsluitend examen van een ongedeelde opleiding met goed gevolg heeft afgelegd gelijkgesteld met een persoon aan wie zowel de graad Bachelor als de graad Master is verleend.

2.

Voor de toepassing van dit hoofdstuk wordt een persoon aan wie de graad Master is verleend, die op enig moment in de periode van vijf jaar voorafgaand aan de peilperiode wo als student voor een ongedeelde opleiding was ingeschreven en aan wie in die periode niet de graad Bachelor is verleend, gelijkgesteld met een persoon aan wie zowel de graad Bachelor als de graad Master is verleend.

3.

Voor de toepassing van dit hoofdstuk wordt een persoon die het kandidaatsexamen van een opleiding in het wetenschappelijk onderwijs als bedoeld in artikel 7.8a van de wet, zoals dat artikel op 31 augustus 2002 luidde, met goed gevolg heeft afgelegd gelijkgesteld met een persoon aan wie de graad Bachelor is verleend.

4.

Voor de toepassing van dit hoofdstuk worden voortgezette hbo-opleidingen als bedoeld in artikel 18.20 van de wet gelijkgesteld met masteropleidingen. Een persoon die het afsluitend examen van een dergelijke opleiding met goed gevolg heeft afgelegd, wordt gelijkgesteld met een persoon aan wie de graad Master is verleend.

5.

Voor de toepassing van dit hoofdstuk wordt een hbo-opleiding, anders dan een voortgezette opleiding, een bachelor- of een masteropleiding, gelijkgesteld met een bacheloropleiding. Een persoon die het afsluitend examen van een dergelijke opleiding met goed gevolg heeft afgelegd, wordt gelijkgesteld met een persoon aan wie de graad Bachelor is verleend.

6.

Voor de toepassing van artikel 4.8 wordt voor de universiteiten, bedoeld in artikel 1.1, onderdeel d, ten 1°, onder graad Bachelor in het hoger beroepsonderwijs verstaan: een graad Bachelor in het hoger beroepsonderwijs, die is verleend in de peilperiode wo of de daaraan voorafgaande periode van vijf jaar.

7.

Voor de toepassing van de artikelen 4.9 en 4.20 wordt voor de universiteiten, bedoeld in artikel 1.1, onderdeel d, ten 1°, onder graad Bachelor verstaan: een graad Bachelor, die is verleend aan een persoon aan wie niet reeds in peilperiode wo of de daaraan voorafgaande periode van vijf jaar de graad Bachelor in het hoger beroepsonderwijs is verleend, en voor de overige universiteiten: een graad Bachelor, die is verleend aan een persoon aan wie niet reeds de graad Bachelor in het hoger beroepsonderwijs is verleend.

8.

Voor de toepassing van dit hoofdstuk blijven inschrijvingen die hebben plaatsgevonden vóór 1 augustus 1991 en getuigschriften die zijn uitgereikt vóór 1 augustus 1991 buiten beschouwing.

Artikel 4.2. Vaststelling omvang van de landelijk beschikbare rijksbijdrage
1.

Onze Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap stelt jaarlijks, in overeenstemming met het desbetreffende onderdeel van de begroting van het Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap die voor het desbetreffende begrotingsjaar is vastgesteld, de omvang vast van de landelijk beschikbare rijksbijdrage voor de instellingen die onderwijs verzorgen of onderzoek verrichten op een ander gebied dan het gebied van landbouw en natuurlijke omgeving, en de omvang van de delen daarvan.

2.

Onze Minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit stelt jaarlijks, in overeenstemming met het desbetreffende onderdeel van de begroting van het Ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit die voor het desbetreffende begrotingsjaar is vastgesteld, de omvang vast van de landelijk beschikbare rijksbijdrage voor de instellingen die onderwijs verzorgen of onderzoek verrichten op het gebied van landbouw en natuurlijke omgeving, en de omvang van de delen daarvan.

3.

De landelijk beschikbare rijksbijdrage, bedoeld in het eerste lid, bestaat uit:

  • a. een onderwijsdeel wo,
  • b. een onderwijsdeel hbo,
  • c. een onderzoekdeel wo,
  • d. een deel ontwerp en ontwikkeling hbo, en
  • e. een deel ondersteuning geneeskundig onderwijs en onderzoek.
4.

De landelijk beschikbare rijksbijdrage, bedoeld in het tweede lid, bestaat uit:

  • a. een onderwijsdeel wo,
  • b. een onderwijsdeel hbo,
  • c. een onderzoekdeel wo, en
  • d. een deel ontwerp en ontwikkeling hbo.
Artikel 4.3. Gegevens
1.

Het instellingsbestuur verstrekt uiterlijk 30 november in het tweede kalenderjaar voorafgaand aan het begrotingsjaar aan Onze Minister de ingevolge dit besluit voor de toepassing van afdeling 2 en artikel 4.20 noodzakelijke gegevens.

2.

Het instellingsbestuur heeft tot 15 april voorafgaand aan het begrotingsjaar de gelegenheid de aangeleverde gegevens, bedoeld in het eerste lid, te corrigeren.

3.

Gegevens die door het instellingsbestuur na 30 november in het tweede kalenderjaar voorafgaand aan het begrotingsjaar aan Onze Minister worden geleverd, worden niet tot de gegevens voor de bekostiging gerekend, tenzij deze als gevolg van een buiten het instellingsbestuur liggende oorzaak na 30 november zijn aangeleverd.

4.

Het instellingsbestuur van een universiteit verstrekt uiterlijk 15 april voorafgaand aan het begrotingsjaar Onze Minister een overzicht van het aantal proefschriften en ontwerperscertificaten, bedoeld in artikel 4.21.

5.

Het instellingsbestuur van de Universiteit Maastricht verstrekt uiterlijk 15 april voorafgaand aan het begrotingsjaar Onze Minister tevens een overzicht van de aantallen inschrijvingen en van de aantallen graden, bedoeld in artikel 4.12.

6.

Voor de toepassing van dit hoofdstuk en hoofdstuk 5 wordt inzake de gegevens voorafgaand aan de peilperiode uitgegaan van de gegevens uit het register onderwijsdeelnemers zoals vastgelegd in een historisch bestand hoger onderwijs aan de hand van de door instellingen aan het register onderwijsdeelnemers aangeleverde gegevens over de periode 1 september 1991 tot en met 30 september 2008 inzake getuigschriften, graden en inschrijvingen voor zover deze bij ministeriële regeling zijn gelijkgesteld met bekostigde inschrijvingen en bekostigde graden als bedoeld in dit besluit.

7.

Aan het historisch bekostigingsbestand hoger onderwijs, bedoeld in het zesde lid, worden vanaf september 2008 jaarlijks toegevoegd de bekostigde inschrijvingen en de bekostigde graden, vastgesteld op basis van artikel 4.10.

8.

Indien de naam van een opleiding als bedoeld in artikel 4.10, derde lid, wordt gewijzigd, terwijl het inhoudelijk dezelfde opleiding betreft en de code waarmee de opleiding in de Registratie instellingen en opleidingen staat niet is veranderd, blijft het bekostigingsniveau gelden dat van toepassing was op de opleiding voordat de naamwijziging plaatsvond.

Artikel 4.4. Controleprotocol
1.

De gegevens bedoeld in artikel 4.3, eerste, tweede, vierde en vijfde lid gaan eenmalig vergezeld van een verklaring van een accountant. De verklaring wordt uiterlijk 15 april voorafgaand aan het begrotingsjaar verstrekt.

2.

Bij ministeriële regeling worden voorschriften vastgesteld over de controle van de jaarrekening, de besteding van de rijksbijdrage en de juistheid van de door de instellingsbesturen opgegeven bekostigingsgegevens, daaronder begrepen voorschriften over de controle op de rechtmatigheid van de verkrijging van de rijksbijdrage en de rechtmatigheid en doelmatigheid van de besteding van de rijksbijdrage.

3.

Het tweede lid is van overeenkomstige toepassing op de Koninklijke Nederlandse Akademie van Wetenschappen en de Koninklijke Bibliotheek, genoemd in artikel 1.2, onderdeel d, van de wet.

Artikel 4.5. Bijstelling bedragen en percentages

De bedragen en verdelingen, vastgesteld op grond van de afdelingen 2, 3 en 4 van dit hoofdstuk, kunnen bij ministeriële regeling worden gewijzigd, voor zover wijzigingen in de onderdelen van de rijksbegroting die op het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek betrekking hebben daartoe aanleiding geven.

Artikel 4.6. Overleg

Een ministeriële regeling als bedoeld in de artikelen 4.5, 4.10, 4.11, 4.21, 4.23, 4.24, 4.27 en 5.2, wordt vastgesteld na overleg als bedoeld in artikel 3.1, eerste lid, van de wet.

Artikel 4.7. Studentgebonden financiering
1.

Uit elk van de onderwijsdelen wordt aan de rijksbijdrage van een instelling een bedrag toegevoegd dat gelijk is aan de som van de bedragen per opleiding, bedoeld in het tweede lid, voor alle opleidingen behorend tot de desbetreffende soort hoger onderwijs die door die instelling worden verzorgd.

2.

Het bedrag per opleiding is het product van het studentgebonden bedrag, bedoeld in het derde lid, en het aantal bekostigde inschrijvingen en graden voor die opleiding, vastgesteld overeenkomstig artikel 4.10, eerste lid.

3.

Het studentgebonden bedrag per bekostigde inschrijving of bekostigde graad is:

  • a. voor opleidingen in het wetenschappelijk onderwijs het quotiënt van een door Onze Minister te bepalen percentage van het onderwijsdeel wo, resterend na toepassing van artikel 4.11, eerste lid, en de som van het aantal bekostigde inschrijvingen en bekostigde graden bij opleidingen in het wetenschappelijk onderwijs;
  • b. voor opleidingen in het hoger beroepsonderwijs het quotiënt van een door Onze Minister te bepalen percentage van het onderwijsdeel hbo, resterend na toepassing van artikel 4.11, eerste lid, en de som van het aantal bekostigde inschrijvingen en bekostigde graden bij opleidingen in het hoger beroepsonderwijs.

Afdeling 1. Algemene bepalingen over de berekening van de rijksbijdrage

§ 1. Onderwijsdeel wo

Artikel 4.8. Bekostigde inschrijving
1.

Een in het register onderwijsdeelnemers geregistreerde inschrijving voor een opleiding van eerste inschrijving van een student voor een associate degree-opleiding geldt als een bekostigde inschrijving op de peildatum, indien het totaal aantal eerder bekostigde inschrijvingen voor associate degree-opleidingen en bacheloropleidingen gezamenlijk kleiner is dan vier.

2.

Een in het register onderwijsdeelnemers geregistreerde inschrijving voor een opleiding van eerste inschrijving van een student voor een bacheloropleiding geldt als een bekostigde inschrijving op de peildatum, indien het totaal aantal eerder bekostigde inschrijvingen voor associate degree-opleidingen en bacheloropleidingen kleiner is dan de wettelijke studielast van de desbetreffende opleiding, gedeeld door 60.

3.

Een in het register onderwijsdeelnemers geregistreerde inschrijving voor een opleiding van eerste inschrijving van een student voor een masteropleiding geldt als een bekostigde inschrijving op de peildatum, indien het totaal aantal eerder bekostigde inschrijvingen voor masteropleidingen kleiner is dan de wettelijke studielast van de desbetreffende opleiding, gedeeld door 60.

4.

Dit artikel is niet van toepassing op inschrijvingen aan de Open Universiteit.

Artikel 4.9. Bekostigde graden
1.

Onder bekostigde graad Bachelor wordt verstaan: een graad Bachelor als bedoeld in artikel 7.10a van de wet, in de peilperiode verleend aan een student.

2.

Onder bekostigde graad Master wordt verstaan: een graad Master als bedoeld in artikel 7.10a van de wet, in de peilperiode verleend aan een student.

Artikel 4.10. Aantal bekostigde inschrijvingen en graden per opleiding
1.

Het aantal bekostigde inschrijvingen voor een opleiding is het product van de factor behorend bij het bekostigingsniveau van de desbetreffende opleiding, bedoeld in het derde lid, en de som van het aantal bekostigde inschrijvingen voor die opleiding.

2.

Het aantal bekostigde graden voor een bacheloropleiding of masteropleiding is het product van de factor behorend bij het bekostigingsniveau van de desbetreffende opleiding, bedoeld in het derde lid, en de som van het aantal bekostigde graden dat in die opleiding is verleend.

3.

De factoren behorend bij het bekostigingsniveau voor het onderwijsdeel van de opleidingen worden vastgesteld bij ministeriële regeling. Deze factoren kunnen verschillen voor opleidingen in het wetenschappelijk onderscheidenlijk het hoger beroepsonderwijs, en voor associate degree-opleidingen, bacheloropleidingen onderscheidenlijk masteropleidingen.

4.

Indien in het kader van een gezamenlijke opleiding of gezamenlijke afstudeerrichting als bedoeld in artikel 7.3c van de wet sprake is van registratie van bekostigde bachelorgraden of mastergraden bij verschillende Nederlandse instellingen, wordt het aantal bekostigde graden dat het betreft bij elk van deze instellingen gedeeld door het aantal Nederlandse instellingen dat bij de gezamenlijke opleiding of gezamenlijke afstudeerrichting betrokken is.

Artikel 4.11. Onderwijsopslag
1.

Onze Minister kan uit de onderwijsdelen wo en hbo, aan een universiteit onderscheidenlijk een hogeschool een bedrag toekennen dat bij ministeriële regeling wordt vastgesteld in relatie tot kwaliteit, kwetsbare opleidingen of bijzondere voorzieningen.

2.

Het gedeelte van een onderwijsdeel dat resteert na toepassing van het eerste lid en van artikel 4.7 wordt over de universiteiten onderscheidenlijk hogescholen verdeeld volgens percentages, vastgesteld bij ministeriële regeling.

§ 2. Onderwijsdeel hbo

Artikel 4.12. Bijzondere bepaling Universiteit Maastricht en Open Universiteit
1.

Onder een opleiding, bedoeld in artikel 4.10, eerste en tweede lid, verzorgd door de Universiteit Maastricht, is begrepen een opleiding verzorgd door de transnationale Universiteit Limburg, bedoeld in artikel 2.5, lid 1a, onder b, van de wet.

2.

Bij de vaststelling van het aantal bekostigde inschrijvingen en het aantal bekostigde graden van de Universiteit Maastricht worden de op grond van artikel 4.10, eerste en tweede lid, berekende aantallen vermeerderd met de aantallen inschrijvingen van personen met de Nederlandse nationaliteit, respectievelijk de aantallen graden van personen met de Nederlandse nationaliteit van de transnationale Universiteit Limburg. Onder de aantallen inschrijvingen en graden met de Nederlandse nationaliteit worden tevens begrepen de aantallen inschrijvingen en graden van ingeschrevenen die de Nederlandse noch de Belgische nationaliteit bezitten en die voor bekostiging door de Nederlandse overheid in aanmerking worden genomen op grond van artikel 7 van het Verdrag tussen het Koninkrijk der Nederlanden en de Vlaamse Gemeenschap van België inzake de transnationale Universiteit Limburg.

3.

Voor de toepassing van de artikelen 4.9 en 4.20 gelden voor de Open Universiteit als bekostigde graden, de graden die zijn verleend in de peilperiode aan een persoon die voldoet aan het nationaliteitsvereiste als bedoeld in artikel 2.2, eerste lid, van de Wet studiefinanciering 2000 of de Surinaamse nationaliteit heeft en die is ingeschreven bij de Open Universiteit voor een onderdeel van een bacheloropleiding, terwijl aan hem nog niet de graad Bachelor is verleend of voor een onderdeel van een masteropleiding, terwijl hem nog niet de graad Master is verleend.

Artikel 4.13. Aantal inschrijvingsjaren en fusies van hogescholen

Vervallen

Artikel 4.14. Onderwijsvraag bacheloropleidingen

Vervallen

Artikel 4.15. Niet mee te tellen studenten, afgestudeerden en uitvallers

Vervallen

Artikel 4.16. Afwijkende onderwijsvraagfactor bacheloropleidingen

Vervallen

Artikel 4.17. Afwijkende onderwijsvraag kunstopleidingen

Vervallen

Artikel 4.18. Onderwijsvraag masteropleidingen

Vervallen

Artikel 4.19. Onderwijsopslag

Vervallen

Afdeling 3. Bepalingen over de rijksbijdrage vanwege het verrichten van onderzoek

§ 1. Onderzoekdeel wo

Artikel 4.20. Graden
1.

Een bij ministeriële regeling vast te stellen deel van het onderzoekdeel wo wordt over de universiteiten verdeeld naar rato van de som van de aantallen bekostigde graden per opleiding, bedoeld in artikel 4.9, die in de peilperiode onderzoek door een universiteit zijn verleend.

2.

Het aantal te bekostigen graden in een opleiding is gelijk aan het product van:

  • a. het aantal graden, verleend in die opleiding;
  • b. vermenigvuldigd met de factor 2 voor zover het een graad Master betreft; en
  • c. vermenigvuldigd met een bij ministeriële regeling vast te stellen factor behorend bij het bekostigingsniveau voor het onderzoeksdeel van de desbetreffende opleiding.
3.

Onder de aantallen graden, bedoeld in het eerste lid, verleend door de Universiteit Maastricht, zijn begrepen de aantallen graden, vastgesteld overeenkomstig artikel 4.12, tweede lid, verleend door de transnationale Universiteit Limburg, bedoeld in artikel 2.5a van de wet.

Artikel 4.21. Promoties en certificaten

De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.

Deze tekst wordt gepubliceerd onder de eigen hergebruiksvoorwaarden van BWB, niet onder een licentie van Legalize of van het publieke domein. BWB
CC0 1.0 Universeel (publiek domein)