Kadasterregeling 1994
De aanbieder, bedoeld in het tweede lid, kan de hoofdbewaarder verzoeken om in de gelegenheid te worden gesteld om aan te tonen dat hij in staat is bij het in elektronische vorm aanbieden van stukken ter inschrijving in de openbare registers te voldoen aan de daarvoor geldende eisen. De aanbieder kan daartoe bij de hoofdbewaarder een door hem gedagtekend en ondertekend verzoek als bedoeld in artikel 11a, vierde lid, eerste zin, van de wet indienen.
Na ontvangst van het verzoek stelt de hoofdbewaarder een onderzoek in, waarbij hij nagaat of de betrokken aanbieder bij het in elektronische vorm toezenden van berichten ter inschrijving van stukken in de openbare registers in staat is te voldoen aan de daarvoor geldende eisen.
De hoofdbewaarder deelt de aanbieder de uitkomsten van zijn onderzoek mede door middel van een door hem gedagtekende en ondertekende verklaring. In de verklaring vermeldt de hoofdbewaarder de uitkomsten van het onderzoek, bedoeld in artikel 11a, vierde lid, tweede zin, van de wet, alsmede of zijn besluit, bedoeld in het tweede lid, vervalt en, zo dat niet het geval is, de reden daarvan.
Artikel 11n
Het verzoek tot inschrijving in elektronische vorm, bedoeld in artikel 11b, tweede lid, van de wet, voldoet aan de eisen die zijn opgenomen in de technische handleiding.
Het verzoek tot inschrijving in elektronische vorm van een stuk tot verbetering als bedoeld in artikel 42 van de wet voldoet aan de eisen die zijn opgenomen in de technische handleiding.
Het tweede lid is van overeenkomstige toepassing op het verzoek tot inschrijving in elektronische vorm van een bijhoudingsverklaring als bedoeld in artikel 46a, eerste lid, van de wet of een proces-verbaal als bedoeld in artikel 45, tweede lid, van de Wet op het notarisambt.
Artikel 11o
In het verzoek tot inschrijving in elektronische vorm wordt door middel van de vermelding van een verwijzing naar het register ‘Hypotheken 3’ of het register ‘Hypotheken 4’ kenbaar gemaakt voor welk register het stuk dat ter inschrijving wordt aangeboden, bestemd is.
In het verzoek tot inschrijving dat via het aanbiedportaal wordt aangeboden worden metagegevens en waar mogelijk essentialia vermeld als bedoeld in de technische handleiding.
Artikel 11p
Indien een afschrift van een tekening of een ander stuk overeenkomstig artikel 10 van de Uitvoeringsregeling Kadasterwet 1994 in papieren vorm in bewaring is genomen, vervaardigt de bewaarder hiervan een duplicaat in elektronische vorm dat hij opslaat in een logische databank van depotbestanden.
De bewaarder onderzoekt op grond van een door de functioneel beheerder verstrekte rapportage of het duplicaat in elektronische vorm een juiste en volledige weergave is van het in bewaring genomen afschrift in papieren vorm. Indien dat het geval is, vervangt de bewaarder het afschrift in papieren vorm door het duplicaat in elektronische vorm en legt hij dit vast in een verklaring die de vorm heeft van het model dat als bijlage 5 bij deze regeling is gevoegd.
Nadat het afschrift in papieren vorm is vervangen door het duplicaat in elektronische vorm, zendt de bewaarder het afschrift in papieren vorm terug aan de aanbieder, onder toevoeging van de volgende door hem te ondertekenen verklaring: ‘Ondergetekende, Bewaarder van het kadaster en de openbare registers, verklaart dat deze tekening, na digitalisering, in elektronische vorm in bewaring is genomen onder het depotnummer ..., d.d. ..., de Bewaarder’.
Artikel 11q
Indien een verzoek wordt ingediend tot inschrijving van een stuk in elektronische vorm en van dit stuk een tekening of een ander stuk in papieren vorm deel uitmaakt, wordt in het verzoek tot inschrijving tevens verzocht om het afschrift van de tekening of het andere stuk dat overeenkomstig artikel 10 van de Uitvoeringsregeling Kadasterwet 1994 in bewaring is genomen, in te schrijven.
Na ontvangst van het verzoek tot inschrijving brengt de bewaarder het duplicaat in elektronische vorm, bedoeld in artikel 11p, eerste lid, terstond over van de logische database voor depotbestanden naar de logische database van ter inschrijving aangeboden stukken, onder vermelding van het stukidentificatienummer van het ter inschrijving aangeboden stuk.
Artikel 11r
De elektronische handtekening wordt vervaardigd door de integriteitswaarde van het verzoek als geheel, elk afzonderlijk document en indien van toepassing het KIK-bestand, in het verzoek overeenkomstig de technische handleiding te berekenen en te versleutelen.
Bij het aanbieden van stukken via het aanbiedportaal, wordt de elektronische handtekening en de geldigheid van het gekwalificeerd certificaat, in het aanbiedportaal gecontroleerd.
Artikel 11s
Vervallen
Titel 3. Rangschikking en wijze van opberging van de afschriften van ter inschrijving van aangeboden stukken in papieren vorm
Titel 4. Voorlopige aantekeningen
Artikel 17a
De verklaring van niet-inschrijving, bedoeld in artikel 15a, eerste lid, van de wet, heeft de volgende vorm: ‘Dit stuk, dat is aangeboden op .......... om .............. uur, met stukidentificatienummer ...................... is geboekt in het register Hypotheken 4D, omdat ........’ onder invulling van de desbetreffende gegevens.
Het bewijs van niet-inschrijving, bedoeld in artikel 15b, eerste lid, van de wet, voldoet aan de technische handleiding en wordt binnen 48 uur na het tijdstip van verzending van de attendering op niet-inschrijving, bedoeld in artikel 21, eerste lid, door middel van een elektronisch bericht verzonden aan de aanbieder van het stuk waarvan de inschrijving is geweigerd.
Artikel 19a
Na de inschrijving van een stuk dat in papieren vorm is aangeboden, stelt de bewaarder op dit stuk de volgende verklaring van inschrijving, bedoeld in artikel 13, eerste lid, van de wet: ‘Dit stuk is ingeschreven ten kantore van de Dienst voor het kadaster en de openbare registers op .............. om ....... uur in register ....... in deel ....... en nummer ......’ onder invulling van de desbetreffende gegevens, waarbij het tijdstip wordt uitgedrukt in uur en minuut.
Na de inschrijving van een stuk dat in elektronische vorm is aangeboden, zendt de bewaarder aan de aanbieder van dit stuk een bewijs van inschrijving als bedoeld in artikel 13, tweede lid, van de wet dat voldoet aan het gestelde hierover in de technische handleiding.
Na de inschrijving van het stuk, als bedoeld in artikel 6 van de Regeling kenbaarheid publiekrechtelijke beperkingen onroerende zaken, dat in elektronische vorm is aangeboden, ontvangt het bestuursorgaan van de bewaarder elektronisch een bewijs van inschrijving als bedoeld in artikel 13, tweede lid, van de wet met de volgende verklaring: ‘PB succesvol ingeschreven met ID ... .’ Via het identificatienummer (‘ID’) van de publiekrechtelijke beperking is tevens voor het bestuursorgaan het deel en nummer in het register Hypotheken 4 raadpleegbaar dat aan het ingeschreven stuk is toegekend.
Indien een tekening of een ander stuk als bedoeld in artikel 11b, vijfde lid, van de wet in papieren vorm deel uitmaakt van een stuk dat in elektronische vorm ter inschrijving is aangeboden, stelt de bewaarder na de inschrijving op het eerst genoemde stuk de volgende verklaring van inschrijving: ‘Ingeschreven als bijlage van een stuk met een elektronische vorm dat is ingeschreven ten kantore van de Dienst voor het kadaster en de openbare registers op .............. om ....... uur in register ....... in deel ....... en nummer ......’ onder invulling van de desbetreffende gegevens, waarbij het tijdstip wordt uitgedrukt in uur en minuut.
Artikel 19b
Indien ter verkrijging van de inschrijving van een stuk in papieren vorm door de aanbieder bewijsstukken in papieren vorm zijn overgelegd, vult de bewaarder de verklaring van inschrijving, bedoeld in artikel 19a, eerste lid, als volgt aan: ‘Bij de aanbieding ter inschrijving is/ zijn het/de volgende stuk(ken) overgelegd:’, onder vermelding van een korte aanduiding van elk van de overgelegde bewijsstukken.
Indien ter verkrijging van de inschrijving van een stuk in elektronische vorm door de aanbieder bewijsstukken in elektronische vorm als bedoeld in artikel 11b, vijfde lid, van de wet zijn overgelegd, wordt zulks vermeld door de bewaarder op het bewijs van inschrijving.
Artikel 19c
Indien ter verkrijging van de inschrijving van een stuk door de aanbieder bewijsstukken zijn overgelegd, vermeldt de bewaarder dit in de in elektronische vorm gehouden gedeelten van de openbare registers door het stellen van de volgende door hem te ondertekenen verklaring: ‘Bij de aanbieding ter inschrijving zijn overgelegd: ...’, onder vermelding van een korte aanduiding van de stukken.
Artikel 21a
De afschriften van stukken die zijn meegezonden in het bericht, bedoeld in artikel 11a, eerste lid, van de wet, maar zelf niet worden ingeschreven, worden blijvend bewaard in de logische databank voor archiefbestanden.
Artikel 21b
Indien na de inschrijving van een stuk blijkt dat het stuk onjuistheden of onvolledigheden bevat, of in het stuk gegevens ontbreken die noodzakelijk zijn voor een juiste en volledige bijhouding, verzoekt de bewaarder aan de aanbieder het stuk te verbeteren op de in de wet, of de Wet op het notarisambt voorgeschreven wijze.
Indien het ingeschreven stuk in papieren vorm is aangeboden, heeft het verzoek tot aanbieding van een stuk tot verbetering, een bijhoudingsverklaring dan wel een proces-verbaal de vorm van het een model dat door de bewaarder wordt voorgeschreven.
Indien het ingeschreven stuk in elektronische vorm ter inschrijving is aangeboden, is het verzoek tot aanbieding van een stuk tot verbetering, een bijhoudingsverklaring, dan wel een proces- verbaal voorzien van een elektronisch zegel van de bewaarder, bedoeld in artikel 7e, tweede lid, van de wet.
Hoofdstuk 3. Basisregistratie kadaster, kaartenbestand, daaraan ten grondslag liggende bescheiden en net van coördinaatpunten
Titel 1. Wijze waarop de basisregistratie kadaster wordt gehouden
Titel 2. Kaartenbestand
Afdeling 1. Op de kadastrale kaart voorgestelde opstallen
Afdeling 1. Op de kadastrale kaart voorgestelde opstallen
Titel 3. Vorm van de aan de kadastrale kaarten ten grondslag liggende bescheiden
Titel 4. Registratie en weergave van de coördinaatpunten
Hoofdstuk 4. Bijwerking van de basisregistratie kadaster, het kaartenbestand en het net van coördinaatpunten
Titel 1. Bijwerking van de basisregistratie kadaster en de kadastrale kaarten
Afdeling 1. Wijze van bijwerking van de basisregistratie kadaster en de kadastrale kaarten
Paragraaf 2. Wijziging of aanvulling van de in de basisregistratie kadaster vermelde gegevens
Artikel 44
De in artikel 7 van het besluit bedoelde vervanging van de in artikel 43 bedoelde vermeldingen door de tevens door de meting verkregen gegevens, geschiedt aan de hand van een metingstaat, die wordt opgemaakt nadat het relaas van bevindingen en de hulpkaarten gereed zijn. In de metingstaat worden vermeld de gegevens van de vervallen en de nieuw gevormde percelen, alsmede het verband daartussen, op een zodanige wijze dat de basisregistratie kadaster volledig kan worden gewijzigd of aangevuld.
Op de metingstaat wordt de dagtekening van het ontstaan van de nieuwe kadastrale aanduidingen vermeld.
De basisregistratie kadaster wordt in overeenstemming gebracht met de uit de metingstaat blijkende nieuwe gegevens. In de basisregistratie kadaster vindt zo mogelijk een wederkerige verwijzing plaats tussen de vervallen en de nieuwe percelen.
Artikel 45
De handhaving van de vermelding van een publiekrechtelijke eigendoms- of gebruiksbeperking dan wel een schuldplichtigheid met zakelijke werking, bedoeld in artikel 10, eerste lid, van het besluit, geschiedt door bij de actuele gegevens de desbetreffende aanduiding over te nemen, zo mogelijk onder verwijzing naar het stukidentificatienummer van het stuk op grond waarvan de desbetreffende aanduiding werd gesteld.
Paragraaf 2a. Wijze van bijwerking van de basisregistratie kadaster omtrent publiekrechtelijke beperkingen
Paragraaf 4. Wijze van bijwerking omtrent appartementsrechten
Paragraaf 5. Wijze van bijwerking omtrent netwerken
Paragraaf 5. Wijze van bijwerking omtrent netwerken
Paragraaf 8. Berekening van de grootte van de percelen
Paragraaf 7. Wijze van bijwerking van de kadastrale kaarten: perceelsvorming
Afdeling 2. Bijhouding
Paragraaf 1. Bijhouding op grond van ingeschreven stukken, waarbij een meting noodzakelijk is
Paragraaf 9. Metingstaten overige bepalingen
Paragraaf 9. Metingstaten overige bepalingen
Paragraaf 4. Bijhouding op grond van inlichtingen of waarnemingen omtrent feiten, bedoeld in de artikelen 29 en 35 van Boek 5 van het Burgerlijk Wetboek
Paragraaf 1. Bijhouding op grond van ingeschreven stukken, waarbij een meting noodzakelijk is
Paragraaf 3. Bijhouding op grond van inlichtingen van personen die als eigenaar of beperkt gerechtigde met betrekking tot een onroerende zaak in de basisregistratie kadaster staan vermeld omtrent hun wettelijke woonplaats
Paragraaf 4. Bijhouding op grond van inlichtingen of waarnemingen omtrent feiten, bedoeld in de artikelen 29 en 35 van Boek 5 van het Burgerlijk Wetboek
Afdeling 5. Vorm van mededelingen, kennisgevingen, relazen van bevindingen, voorstellen van vernieuwing en te geven beslissingen op bezwaarschriften
Titel 2. Bijhouding van het net van coördinaatpunten
Hoofdstuk 5. Verstrekking van inlichtingen
Titel 1. Verstrekking van inlichitngen uit de openbare registers voor onroerende zaken
Afdeling 1. Afschriften
Afdeling 2. Getuigschriften
Afdeling 3. Vermelding van voorlopige aantekeningen; wijze van raadpleging
Titel 1. Verstrekking van inlichitngen uit de openbare registers voor onroerende zaken
Afdeling 1. Afschriften
Afdeling 3. Vermelding van voorlopige aantekeningen; wijze van raadpleging
Afdeling 3. Vermelding van voorlopige aantekeningen; wijze van raadpleging
Afdeling 1. Uittreksels uit de basisregistratie kadaster
Afdeling 2. Afschriften en uittreksels van de kadastrale kaarten
Afdeling 2. Afschriften en uittreksels van de kadastrale kaarten
Artikel 142a
De bewaarder waarmerkt afschriften en uittreksels in papieren vorm als bedoeld in de artikelen 99 tot en met 102 van de wet door in het afschrift of het uittreksel de volgende door hem te ondertekenen verklaring op te nemen: ‘Voor eensluidend afschrift’ of ‘Voor eensluidend uittreksel’, onder vermelding van zijn naam, voorletters en functie.
De bewaarder waarmerkt getuigschriften in papieren vorm als bedoeld in artikel 99 van de wet door het getuigschrift te ondertekenen, onder vermelding van zijn naam, voorletters en functie.
De bewaarder waarmerkt afschriften, uittreksels en getuigschriften in elektronische vorm door hieraan een afzonderlijk elektronisch bestand toe te voegen, waarin hij verklaart dat de gegevens overeenstemmen met de bij de Dienst berustende gegevens. Het bestand wordt voorzien van de elektronische handtekening van de bewaarder en bevat voorts de volgende gegevens:
- a. de naam van het kantoor van de Dienst,
- b. de datum van afgifte, en
- c. de naam van de bewaarder die het document elektronisch heeft gewaarmerkt.
Hoofdstuk 6. Overige en slotbepalingen
Bijlage 2
Ligt ter inzage bij alle Kadasterkantoren en is gepubliceerd op www.kadaster.nl/zakelijk.
Bijlage 1
Ligt ter inzage bij alle Kadasterkantoren en is gepubliceerd op www.kadaster.nl/zakelijk.
Bijlage 2
Ligt ter inzage bij alle Kadasterkantoren en is gepubliceerd op www.kadaster.nl/zakelijk.
Bijlage 2a
Ligt ter inzage bij alle Kadasterkantoren en is gepubliceerd op www.kadaster.nl/zakelijk.
Bijlage 2b
Ligt ter inzage bij alle Kadasterkantoren en is gepubliceerd op www.kadaster.nl/zakelijk.
Bijlage 3
Ligt ter inzage bij alle Kadasterkantoren en is gepubliceerd op www.kadaster.nl/zakelijk.
Bijlage 4
Ligt ter inzage bij alle Kadasterkantoren en is gepubliceerd op www.kadaster.nl/zakelijk.
Bijlage 4a
Ligt ter inzage bij alle Kadasterkantoren en is gepubliceerd op www.kadaster.nl/zakelijk.
Bijlage 4b
Ligt ter inzage bij alle Kadasterkantoren en is gepubliceerd op www.kadaster.nl/zakelijk.
Bijlage 5
Ligt ter inzage bij alle Kadasterkantoren en is gepubliceerd op www.kadaster.nl/zakelijk.
Bijlage 6
Ligt ter inzage bij alle Kadasterkantoren en is gepubliceerd op www.kadaster.nl/zakelijk.
Bijlage 6a
Ligt ter inzage bij alle Kadasterkantoren en is gepubliceerd op www.kadaster.nl/zakelijk.
Bijlage 6b
Ligt ter inzage bij alle Kadasterkantoren en is gepubliceerd op www.kadaster.nl/zakelijk.
Bijlage 6c
Niet opgenomen.
Bijlage 6d. als bedoeld in artikel 45, tweede lid, onder b, van de Kadasterregeling 1994
| Lijst aanduiding publiekrechtelijke beperkingen | Lijst aanduiding publiekrechtelijke beperkingen |
|---|---|
| Publiekrechtelijke beperkingen ingevolge: | Korte aanduiding publiekrechtelijke beperking |
| Belemmeringenwet Landsverdediging | Besluit op basis van Belemmeringenwet Landsverdediging |
| Belemmeringenwet Privaatrecht | Besluit op basis van Belemmeringenwet Privaatrecht |
| Boswet | Kapverbod op basis van Boswet |
| Flora- en faunawet | Beschermde leefomgeving Flora- en faunawet |
| Grondwaterwet | Gedoogplicht op basis van Grondwaterwet |
| Luchtvaartwet | Verbod op basis van Luchtvaartwet |
| Monumentenwet 1988 | Besluit op basis van Monumentenwet 1988 |
| Natuurbeschermingswet 1998 | Besluit op basis van Natuurbeschermingswet 1988 |
| Ontgrondingenwet | Gedoogplicht Ontgrondingenwet |
| Provinciale verordening inzake monumenten | Provinciaal monument |
| Waterstaatswet 1900 | Besluit of bevel op basis van Waterstaatswet 1900 |
| Wet agrarisch grondverkeer | Besluit op basis van Wet agrarisch grondverkeer |
| Wet bodembescherming | Kennisgeving, vordering, bevel of beschikking, Wet bodembescherming |
Bijlage 7
Niet opgenomen.
Bijlage 8
Niet opgenomen.
Bijlage 9
Niet opgenomen.
Bijlage 10
Niet opgenomen.
Bijlage 11
Niet opgenomen.
Bijlage 12
Niet opgenomen.
Bijlage 12a
Niet opgenomen.
Bijlage 13
Niet opgenomen.
Bijlage 13a
Niet opgenomen.
Bijlage 14
Niet opgenomen.
Bijlage 14a
Niet opgenomen.
Bijlage 14b
Niet opgenomen.
Bijlage 15
Niet opgenomen.
Bijlage 16
Vervallen
Bijlage 17
Niet opgenomen.
Bijlage 18
Niet opgenomen.
Bijlage 19
Ligt ter inzage op elk van de kantoren van de directies van de Dienst voor het kadaster en de openbare registers in de regio’s.
Bijlage 20. als bedoeld in artikel 111, tweede lid
Vervallen
Bijlage 21. als bedoeld in artikel 112, tweede lid
Kantoor van de Dienst voor het kadaster en de openbare registers te ......
Aan .......
Datum:
Beslissing op het verzoek
Naar aanleiding van uw verzoek van ...... om een onderzoek in te stellen naar het zich voorgedaan hebben van een feit als bedoeld in artikel 29(35) van boek 5 van het Burgerlijk Wetboek, deel ik u mede dat ik uw verzoek heb afgewezen. Een afschrift van deze beslissing treft u hierbij aan.
Indien u het met deze beslissing niet eens bent, kunt u op grond van artikel 56b, eerste lid, van de Kadasterwet bij mij een gemotiveerd bezwaarschrift indienen. Dit moet u doen binnen zes weken na de dag van verzending van deze brief.
De directeur.
Bijlage 22. als bedoeld in artikel 113
Kantoor van de Dienst voor het kadaster en de openbare registers te .......
Aan: ......
Datum:
Mededeling inzake niet-bijhouding van de kadastrale registratie en de kadastrale kaarten
Onder verwijzing naar het op ....... gehouden onderzoek ter plaatse naar het zich voorgedaan hebben van een feit als bedoeld in artikel 29(35) van Boek 5 van het Burgerlijk Wetboek, deel ik u mede dat het onderzoek geen aanleiding heeft gegeven tot bijhouding.
Indien u het met deze beslissing niet eens bent, kunt u op grond van artikel 56b, eerste lid, van de Kadasterwet bij mij een gemotiveerd bezwaarschrift indienen. Dit moet u doen binnen zes weken na de dag van verzending van deze brief.
De directeur.
Paragraaf 2a. Wijze van bijwerking van de basisregistratie kadaster omtrent publiekrechtelijke beperkingen
Artikel 45
Na inschrijving van een beperkingenbesluit als bedoeld in artikel 3, eerste lid van de Wkpb, vindt bijhouding van de basisregistratie kadaster plaats op basis van de essentialia, genoemd in artikel 3, eerste lid, van de Regeling kenbaarheid publiekrechtelijke beperkingen onroerende zaken.
Het bestuursorgaan levert de essentialia, bedoeld in het eerste lid, aan met toevoeging van de volgende verklaring: ‘Hierbij verklaar ik dat de essentialia van het besluit zoals hiervoor vermeld de volledige en juiste gegevens bevatten op grond waarvan de basisregistratie kadaster kan worden bijgewerkt en dat dit stuk met de daaraan toegevoegde bijlage(n) een volledige en juiste weergave is van het stuk waarvan het een afschrift is.’.
Artikel 45b
Ingeval de kadastrale aanduiding van de in artikel 15, eerste lid, van de Wkpb bedoelde onroerende zaken wordt gewijzigd en met betrekking tot de daarop rustende beperkingen de handmatig ingetekende geometrie in elektronische vorm is ingeschreven, vindt bijhouding van de basisregistratie kadaster plaats met inachtneming van het tweede en derde lid.
De Dienst stelt op basis van de handmatige ingetekende geometrie vast op welke van de nieuw gevormde percelen de publiekrechtelijke beperking geheel of gedeeltelijk rust. De handhaving van de vermelding van een publiekrechtelijke beperking, bedoeld in artikel 10, eerste lid, van het besluit, geschiedt door bij de actuele gegevens van de nieuw gevormde percelen waarop de publiekrechtelijke beperking geheel of gedeeltelijk rust, de korte aanduiding die bij de vervallen percelen was vermeld, over te nemen, zo mogelijk onder verwijzing naar het stukidentificatienummer van inschrijving van het stuk op grond waarvan de desbetreffende aanduiding werd gesteld.
Het tweede lid is van overeenkomstige toepassing in geval van
- a. splitsing in appartementsrechten als bedoeld in de artikelen 106 en 107 van Boek 5 van het Burgerlijk Wetboek;
- b. ondersplitsing in appartementsrechten als bedoeld in artikel 106, derde lid, van Boek 5 van het Burgerlijk Wetboek;
- c. wijziging van de onder a en b bedoelde splitsingen, en
- d. de opheffing van de onder a en b bedoelde splitsingen.
Artikel 45c
Het verantwoordelijke bestuursorgaan kan via de daarvoor bestemde internetapplicatie van de Dienst, ambtshalve een object aanwijzen als bedoeld in artikel 7, van de Regeling kenbaarheid publiekrechtelijke beperkingen onroerende zaken.
Wanneer een object, waarop een beperking rust, niet langer actueel is, mag het bestuursorgaan dit niet ambtshalve vervangen door een ander object als daardoor het werkingsgebied van de beperking groter wordt dan in het oorspronkelijke besluit was bedoeld. In dat geval dient de wijziging via een inschrijving in de openbare registers te worden aangeboden.
Artikel 45d
Vervallen
Artikel 45e
Vervallen
Artikel 45f
Vervallen
Artikel 45g
Vervallen
Artikel 45h
Vervallen
Artikel 45i
Vervallen
Paragraaf 3. Wijze van bijwerking van de basisregistratie kadaster in bijzondere gevallen
Paragraaf 4. Wijze van bijwerking omtrent appartementsrechten
Paragraaf 5. Wijze van bijwerking omtrent netwerken
Paragraaf 6. Wijze van bijwerking van gegevens als bedoeld in artikel 48, tweede lid, onder i, van de wet
Paragraaf 7. Wijze van bijwerking van de kadastrale kaarten: perceelsvorming
Paragraaf 8. Berekening van de grootte van de percelen
Paragraaf 2. Bijhouding op grond van inlichtingen omtrent het overlijden van personen die als eigenaar of beperkt gerechtigde met betrekking tot een onroerende zaak in de basisregistratie kadaster staan vermeld
Paragraaf 2. Bijhouding op grond van inlichtingen omtrent het overlijden van personen die als eigenaar of beperkt gerechtigde met betrekking tot een onroerende zaak in de basisregistratie kadaster staan vermeld
Paragraaf 6. Bijhouidng met betrekking tot voorlopige aantekeningen en doorhalingen daarvan
Paragraaf 6. Bijhouidng met betrekking tot voorlopige aantekeningen en doorhalingen daarvan
Afdeling 5. Vorm van mededelingen, kennisgevingen, relazen van bevindingen, voorstellen van vernieuwing en te geven beslissingen op bezwaarschriften
Titel 2. Bijhouding van het net van coördinaatpunten
Hoofdstuk 5. Verstrekking van inlichtingen
Afdeling 1. Afschriften
Titel 2. Verstrekking van inlichtingen uit de basisregistratie kadaster, het kaartenbestand, de daaraan ten grondslag liggende bescheiden en het net van coördinaatpunten
Artikel 136a
Vervallen
Afdeling 4. Inlichtingen uit bescheiden die ten grondslag liggen aan door de Dienst gehouden kaarten
Afdeling 5. Inlichtingen omtrent het net van coördinaatpunten
Afdeling 5. Inlichtingen omtrent het net van coördinaatpunten
Hoofdstuk 6. Overige en slotbepalingen
Bijlage 23. als bedoeld in artikel 114, tweede lid
Kantoor van de Dienst voor het kadaster en de openbare registers te .......
Aan: ......
Datum:
Afwijzing verzoek
Naar aanleiding van uw verzoek van ....... tot splitsing/samenvoeging van het perceel/de percelen kadastraal bekend gemeente ...... sectie ...... nr(s) ....... deel ik u mede dat ik uw verzoek heb afgewezen. Een afschrift van deze beslissing treft u hierbij aan.
Indien u het met deze beslissing niet eens bent, kunt u op grond van artikel 56b, eerste lid, van de Kadasterwet bij mij een gemotiveerd bezwaarschrift indienen. Dit moet u doen binnen zes weken na de dag van verzending van deze brief.
De directeur.
Bijlage 24. als bedoeld in artikel 114, derde lid
Kantoor van de Dienst voor het kadaster en de openbare registers te .......
Aan: ......
Datum:
Bekendmaking van voorstellen van vernieuwing
Hierbij deel ik u mede dat het door het Kadster uitgevoerde onderzoek van vernieuwing heeft geleid tot vernieuwing van de kadastrale registratie en kaarten
Bijgaand doe ik u toekomen het voorstel/de voorstellen van vernieuwing betreffende het perceel/de percelen waarbij u belanghebbende bent. Dit voorstel/Deze voorstellen ligt/liggen voorts ook voor een ieder ter inzage op mijn kantoor (kamer ...), en wel tot en met ...
In het voorstel/de voorstellen zijn onder meer vermeld de gegevens omtrent de rechten, de rechthebbenden, de grootte en de kadstrale aanduiding betreffende het perceel/de percelen.
Indien u het met de inhoude van het voorstel/de voorstellen van vernieuwing niet eens bent, kunt u op grond van artikel 56b, eerste lid, van de Kadasterwet bij mij een gemotiveerd bezwaarschrift indienen. Dit moet u doen binnen zes weken na de dag van de verzending van deze brief.
De directeur.
Bijlage 25
Niet opgenomen.
Bijlage 26
Niet opgenomen.
Bijlage 27
Niet opgenomen.
Bijlage 28
Niet opgenomen.
Bijlage 29
Niet opgenomen.
Bijlage 30
Niet opgenomen.
Bijlage 31
Niet opgenomen.
Bijlage 32
Niet opgenomen.
Bijlage 32a
Niet opgenomen.
Artikel 11ba
Bij gebruikmaking van het aanbiedportaal, worden het in te schrijven stuk met eventuele bijlage(n) en bewijsstuk(ken) samengevoegd in één verzoek tot inschrijving dat tevens metagegevens, essentialia uit het stuk of indien van toepassing het KIK-bestand en een eventuele verwijzing naar eerder in depot genomen depotstuk(ken) bevat.
Het verzoek en het in het verzoek tot inschrijving aanwezige stuk, eventuele bijlage(n) of bewijsstuk(ken) of indien van toepassing het KIK-bestand zijn elk afzonderlijk voorzien van een valide zichtbare elektronische handtekening van de ondertekenaar.
Een verzoek tot inschrijving, bedoeld in het eerste lid, kan tezamen met andere verzoeken in één pakket worden aangeboden, als genoemd in de technische handleiding.
Als de ondertekenaar tot een van de erkende beroepen behoort, wordt de valide elektronische handtekening gerealiseerd door een gekwalificeerd persoonsgebonden beroepscertificaat. In andere gevallen wordt de valide elektronische handtekening met een persoonsgebonden certificaat gerealiseerd.
Na ontvangst en acceptatie wordt, in de elektronisch vorm gehouden gedeelten van de openbare registers, ingeschreven het stuk met eventuele bijlage(n), bewijsstuk(ken) uit het verzoek tot inschrijving, en eventueel depotstuk(ken) waarnaar in het verzoek tot inschrijving is verwezen.
Het in de eerste zin bedoelde stuk wordt voorzien van een verklaring van inschrijving, dat is ondertekend door de bewaarder met een zichtbaar elektronisch zegel, bedoeld in artikel 7e, tweede lid, van de wet.
Titel 2b. Aanbieden van stukken in papieren vorm
Titel 2c. Aanbieden van stukken in elektronische vorm
Artikel 11sa
Indien bij de controle, bedoeld in artikel 11r, tweede lid, blijkt dat een gekwalificeerd certificaat niet meer geldig is, ontvangt de aanbieder terstond een mededeling, bedoeld in artikel 11m, eerste lid.
Indien het verzoek tot inschrijving via het aanbiedportaal wordt aangeboden, wordt eveneens de bevoegdheid gecontroleerd van degene die het stuk heeft ondertekend en van degene die de verklaring, bedoeld in artikel 11b, eerste lid, van de wet, heeft gesteld. Indien een van deze onbevoegd is door bijvoorbeeld schorsing of ontzetting uit zijn ambt, ontvangt de aanbieder terstond een mededeling, bedoeld in artikel 11m, eerste lid.
Indien het verzoek tot inschrijving via het aanbiedportaal wordt aangeboden in een vacant protocol dan wordt gecontroleerd of het een ambtshalve benoemde waarneming betreft, bedoeld in artikel 28, onderdelen c, d, e of f van de Wet op het notarisambt. Indien dat niet het geval is, ontvangt de aanbieder terstond een mededeling, bedoeld in artikel 11m, eerste lid.
Titel 3. Rangschikking en wijze van opberging van de afschriften van ter inschrijving van aangeboden stukken in papieren vorm
Titel 4. Voorlopige aantekeningen
Titel 5. Bewijs van ontvangst en overige bepalingen
Hoofdstuk 3. Basisregistratie kadaster, kaartenbestand, daaraan ten grondslag liggende bescheiden en net van coördinaatpunten
Titel 1. Wijze waarop de basisregistratie kadaster wordt gehouden
Titel 2. Kaartenbestand
Afdeling 2. Inrichting van de kadastrale kaarten
Titel 3. Vorm van de aan de kadastrale kaarten ten grondslag liggende bescheiden
Titel 4. Registratie en weergave van de coördinaatpunten
Hoofdstuk 4. Bijwerking van de basisregistratie kadaster, het kaartenbestand en het net van coördinaatpunten
Titel 1. Bijwerking van de basisregistratie kadaster en de kadastrale kaarten
Afdeling 1. Wijze van bijwerking van de basisregistratie kadaster en de kadastrale kaarten
Paragraaf 1. Aantekening betreffende de inschrijving van een stuk: verwijzing naar het stuk op grond waarvan de bijwerking heeft plaatsgevonden
Paragraaf 2. Wijziging of aanvulling van de in de basisregistratie kadaster vermelde gegevens
Paragraaf 3. Wijze van bijwerking van de basisregistratie kadaster in bijzondere gevallen
Artikel 46
Indien een inschrijving in de openbare registers een overdracht betreft van een registergoed voor een bepaalde tijd, wordt de verkrijger in de basisregistratie kadaster vermeld als vruchtgebruiker en de vervreemder als eigenaar, gedurende de in het ingeschreven stuk gestelde tijd.
Indien een inschrijving in de openbare registers een overdracht betreft van een registergoed onder opschortende tijdsbepaling, wordt de verkrijger in de basisregistratie kadaster vermeld als eigenaar en de vervreemder als vruchtgebruiker, gedurende de in het ingeschreven stuk gestelde tijd.
Artikel 47
Indien een inschrijving in de openbare registers een overdracht betreft onder een opschortende voorwaarde, wordt het perceel eerst op naam van de verkrijger gesteld wanneer de vervulling van die voorwaarde is ingeschreven.
Zolang de vervulling van de voorwaarde niet is ingeschreven, wordt bij het perceel aangetekend: ‘onder opschortende voorwaarde geleverd aan ...’, onder invulling van de persoonsgegevens van de verkrijger.
Indien wordt geleverd aan een rechtspersoon in oprichting, wordt bij het perceel aangetekend: ‘Overgedragen aan ... in oprichting’, onder invulling van de gegevens van die rechtspersoon in oprichting.
Paragraaf 6. Wijze van bijwerking van gegevens als bedoeld in artikel 48, tweede lid, onder i, van de wet
Paragraaf 8. Berekening van de grootte van de percelen
Afdeling 2. Bijhouding
Paragraaf 1. Bijhouding op grond van ingeschreven stukken, waarbij een meting noodzakelijk is
Paragraaf 5. Bijhouding op grond van inlichtingen of waarnemingen omtrent de feitelijke gesteld heid van onroerende zaken
Paragraaf 7. Bijhouding inzake splitsing of samenvoeging van percelen, ambtshalve of op verzoek
Afdeling 3. Vernieuwing
Afdeling 5. Vorm van mededelingen, kennisgevingen, relazen van bevindingen, voorstellen van vernieuwing en te geven beslissingen op bezwaarschriften
Titel 2. Bijhouding van het net van coördinaatpunten
Hoofdstuk 5. Verstrekking van inlichtingen
Titel 1. Verstrekking van inlichitngen uit de openbare registers voor onroerende zaken
Afdeling 2. Getuigschriften
Titel 2. Verstrekking van inlichtingen uit de basisregistratie kadaster, het kaartenbestand, de daaraan ten grondslag liggende bescheiden en het net van coördinaatpunten
Afdeling 1. Uittreksels uit de basisregistratie kadaster
Afdeling 3. Wijze van raadpleging van de basisregistratie kadaster en de door de Dienst gehouden kaarten
Afdeling 4. Inlichtingen uit bescheiden die ten grondslag liggen aan door de Dienst gehouden kaarten
Afdeling 6. Overige bepalingen
Hoofdstuk 6. Overige en slotbepalingen
Bijlage 33
Niet opgenomen.
Bijlage 34
Niet opgenomen.
De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.
Deze tekst wordt gepubliceerd onder de eigen hergebruiksvoorwaarden van BWB, niet onder een licentie van Legalize of van het publieke domein.
BWB
CC0 1.0 Universeel (publiek domein)