Wet van 4 juni 1992, houdende algemene regels van bestuursrecht (Algemene wet bestuursrecht)

Type Wet
Publication 2026-08-15
State In force
Source BWB
artikelen 645
Wijzigingsgeschiedenis JSON API
2.

Partijen en andere betrokkenen dienen ook de overige stukken langs elektronische weg in, tenzij de bestuursrechter anders bepaalt. Artikel 6:9 is van overeenkomstige toepassing.

3.

Het eerste en het tweede lid zijn van overeenkomstige toepassing op het indienen van verzoeken en het doen van verzet.

4.

Het eerste lid is van overeenkomstige toepassing indien een bestuursorgaan een bezwaarschrift doorzendt op grond van artikel 7:1a, vijfde of zesde lid.

5.

Indien niet is voldaan aan de verplichtingen die voortvloeien uit het eerste tot en met derde lid of de algemene maatregel van bestuur, bedoeld in artikel 8:36f, eerste lid, stelt de bestuursrechter de desbetreffende partij of andere betrokkene in de gelegenheid dit verzuim te herstellen binnen een door hem te bepalen termijn. Maakt de partij of andere betrokkene van deze gelegenheid geen gebruik, dan kan het beroep niet-ontvankelijk worden verklaard dan wel kan de bestuursrechter het stuk buiten beschouwing laten.

6.

In afwijking van het vijfde lid kan de bestuursrechter bepalen dat de procedure wordt voortgezet volgens de regels die gelden voor stukkenwisseling op papier.

7.

De bestuursrechter betrekt na afloop van de termijn ingediende stukken als bedoeld in het tweede lid bij zijn beslissing indien redelijkerwijs niet kan worden geoordeeld dat de indiener in verzuim is geweest.

Artikel 8:36b

Dit artikel is in werking getreden in verband met de invoering van digitaal procederen. Zie voor de procedures en gerechten waarvoor digitaal procederen geldt het Overzicht gefaseerde inwerkingtreding op www.rijksoverheid.nl/KEI.

1.

De verplichting tot procederen langs elektronische weg geldt niet voor natuurlijke personen en voor verenigingen waarvan de statuten niet zijn opgenomen in een notariële akte, tenzij zij worden vertegenwoordigd door een derde die beroepsmatig rechtsbijstand verleent.

2.

Bij algemene maatregel van bestuur kunnen andere uitzonderingen worden gemaakt op de verplichting tot stukkenwisseling langs elektronische weg bedoeld in artikel 8:36a.

3.

Indien een partij niet verplicht is langs elektronische weg te procederen en niet langs elektronische weg procedeert, dient zij de stukken in op papier. De griffier stelt stukken en mededelingen op papier, of indien deze partij dit wenst langs elektronische weg, aan hem ter beschikking en stelt de door deze partij ingediende stukken ter beschikking van de overige partijen.

Artikel 8:36c

Dit artikel is gewijzigd in verband met de invoering van digitaal procederen. Zie voor de procedures en gerechten waarvoor digitaal procederen geldt het Overzicht gefaseerde inwerkingtreding op www.rijksoverheid.nl/KEI.

1.

Als tijdstip waarop een bericht door de bestuursrechter langs elektronische weg is ontvangen, geldt het tijdstip waarop het bericht het digitale systeem voor gegevensverwerking van de bestuursrechter heeft bereikt. Na elke indiening langs elektronische weg ontvangt de indiener een ontvangstbevestiging in het digitale systeem voor gegevensverwerking.

2.

Als tijdstip waarop een bericht dat door de bestuursrechter is geplaatst in het in het eerste lid genoemde digitale systeem voor gegevensverwerking door de geadresseerde is ontvangen, geldt het tijdstip waarop de bestuursrechter de geadresseerde hierover een kennisgeving heeft verzonden buiten het digitale systeem voor gegevensverwerking.

3.

Als tijdstip waarop een bericht dat door een partij of een andere betrokkene bij de procedure is geplaatst in het in het eerste lid genoemde digitale systeem voor gegevensverwerking door de andere partijen en betrokkenen bij de procedure is ontvangen, geldt het tijdstip waarop de bestuursrechter de betrokkenen hierover een kennisgeving heeft verzonden buiten het digitale systeem voor gegevensverwerking.

4.

Indien een partij of andere betrokkene bij de procedure afziet van digitale bereikbaarheid buiten het digitale systeem voor gegevensverwerking als bedoeld in het eerste lid, zodat de kennisgeving bedoeld in het tweede en derde lid niet kan worden gezonden, geldt als tijdstip waarop een bericht als bedoeld in deze leden door hem is ontvangen, het tijdstip waarop het bericht voor hem toegankelijk is geworden in het digitale systeem voor gegevensverwerking.

Voor overige gevallen luidt het artikel als volgt:

1.

Als tijdstip waarop een bericht door de bestuursrechter langs elektronische weg is ontvangen, geldt het tijdstip waarop het bericht het digitale systeem voor gegevensverwerking van de bestuursrechter heeft bereikt.

2.

Als tijdstip waarop een bericht dat door de bestuursrechter is geplaatst in het in het eerste lid genoemde digitale systeem voor gegevensverwerking door de geadresseerde is ontvangen, geldt het tijdstip waarop de bestuursrechter de geadresseerde hierover een kennisgeving heeft verzonden buiten het digitale systeem voor gegevensverwerking.

3.

Als tijdstip waarop een bericht dat door een partij of een andere betrokkene bij de procedure is geplaatst in het in het eerste lid genoemde digitale systeem voor gegevensverwerking door de andere partijen en betrokkenen bij de procedure is ontvangen, geldt het tijdstip waarop de bestuursrechter de betrokkenen hierover een kennisgeving heeft verzonden buiten het digitale systeem voor gegevensverwerking.

4.

Indien een partij of andere betrokkene bij de procedure afziet van digitale bereikbaarheid buiten het digitale systeem voor gegevensverwerking als bedoeld in het eerste lid, zodat de kennisgeving bedoeld in het tweede en derde lid niet kan worden gezonden, geldt als tijdstip waarop een bericht als bedoeld in deze leden door hem is ontvangen, het tijdstip waarop het bericht voor hem toegankelijk is geworden in het digitale systeem voor gegevensverwerking.

Artikel 8:36d
1.

Waar in de hoofdstukken 6 en 8 voor het verkeer met de bestuursrechter ondertekening is voorgeschreven is aan dit vereiste voldaan indien het stuk is ondertekend met een elektronische handtekening die voldoet aan bij of krachtens algemene maatregel van bestuur te stellen eisen.

2.

Een beroepschrift of verzoekschrift dat langs elektronische weg is ingediend in het digitale systeem voor gegevensverwerking van de bestuursrechter, geldt als ondertekend.

Artikel 8:36e

De bestuursrechter kan bepalen dat een door of namens hem gemaakte beeld- of geluidsopname van een zakelijke samenvatting van:

het proces-verbaal bedoeld in deze artikelen, dan wel de aantekening van het verhandelde ter zitting bedoeld in artikel 8:61, tweede lid, vervangt.

Artikel 8:36f
1.

Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kunnen nadere regels worden gesteld over het elektronisch verkeer met de bestuursrechter, het digitale systeem voor gegevensverwerking en de verschoonbaarheid van termijnoverschrijdingen wegens verstoring van het digitale systeem voor gegevensverwerking van de rechterlijke instanties of van de toegang tot dit systeem.

2.

Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kunnen regels worden gesteld over de toepassing van beeld- en geluidsopnamen.

Titel 8.2. Behandeling van het beroep in eerste aanleg

Afdeling 8.2.1a. Algemene bepaling

Afdeling 8.2.2a. Bestuurlijke lus

Afdeling 8.2.2a. Bestuurlijke lus

Titel 8.4. Schadevergoeding

Titel 8.6. Herziening

Hoofdstuk 9. Klachtbehandeling

Titel 8.6. Herziening

Afdeling 9.1.1. Algemene bepalingen

Titel 9.2. Klachtbehandeling door een ombudsman

Afdeling 9.1.1. Algemene bepalingen

Afdeling 9.2.3. Procedure

Hoofdstuk 10. Bepalingen over bestuursorganen

Titel 10.1. Mandaat, delegatie en attributie

Afdeling 10.1.1. Mandaat

Afdeling 10.1.2. Delegatie

Afdeling 10.1.2. Delegatie

Titel 10.2. Toezicht op bestuursorganen

Afdeling 10.2.2. Vernietiging

Afdeling 10.2.3. Schorsing

Hoofdstuk 11. Slotbepalingen

Hoofdstuk 1. Van beroep uitgezonderde besluiten (artikel 8:5)

Hoofdstuk 3. Beroep in eerste aanleg bij een andere rechtbank (artikel 8:7, derde lid)

Artikel 11. Hoger beroep bij het College van Beroep voor het bedrijfsleven

Tegen een uitspraak van de rechtbank of van de voorzieningenrechter omtrent een besluit, genomen op grond van een in dit artikel genoemd voorschrift of anderszins in dit artikel omschreven, kan hoger beroep worden ingesteld bij het College van Beroep voor het bedrijfsleven.

Aanbestedingswet 2012, artikel 4.21

Aanbestedingswet op defensie- en veiligheidsgebied, artikel 3.8

Bankwet 1998: artikel 9c, eerste en tweede lid

Burgerlijk Wetboek: de artikelen 63d, tweede lid, 156 en 266 van Boek 2

Drinkwaterwet: artikel 50, derde lid, in samenhang met artikel 70a van de Mededingingswet

Elektriciteitswet 1998: de artikelen 77h en 77i

Gaswet: de artikelen 16, 60ac en 60ad

Gezondheids- en welzijnswet voor dieren: artikel 120b, eerste lid

Instellingswet Autoriteit Consument en Markt

Invoerings- en aanpassingswet Pensioenwet

Loodsenwet, met uitzondering van de artikelen 21, derde lid, 27b, vierde lid, 27d, 27e, 27f, 27h en 27l

Mededingingswet

Meststoffenwet: artikel 51

Muntwet 2002: artikel 11, eerste en tweede lid

Overgangswet elektriciteitsproductiesector

Pensioenwet

Postwet 2009, met uitzondering van hoofdstuk 3A en artikel 58

Sanctiewet 1977: de artikelen 10ba tot en met 10d

Spoorwegwet, met uitzondering van de artikelen 19, 21 en hoofdstuk 5, paragraaf 2, en artikel 71, tweede lid

Tabaks- en rookwarenwet

Telecommunicatiewet, met inbegrip van de verordeningen genoemd in artikel 18.2a, met uitzondering van:

  • b. alsmede, voor zover het betreft een besluit van de Autoriteit Consument en Markt:

Verordening (EU) nr. 806/2014 van het Europees parlement en de Raad van 15 juli 2014 tot vaststelling van eenvormige regels en een eenvormige procedure voor de afwikkeling van kredietinstellingen en bepaalde beleggingsondernemingen in het kader van een gemeenschappelijk afwikkelingsmechanisme en een gemeenschappelijk bankenafwikkelingsfonds en tot wijziging van Verordening (EU) nr. 1093/2010 van het Europees parlement en de Raad (PbEU 2014, L 225), met uitzondering van de artikelen 16, 18 en 21

Waarborgwet 2019: artikel 38

Warenwet

Warmtewet: artikel 18

Wet aanwijzing nationale accreditatie-instantie: hoofdstuk 3

Wet bekostiging financieel toezicht

Wet bestrijding maritieme ongevallen

Wet bestuurlijke boete meldingsplichten door ministers verstrekte subsidies, voor zover de boete is opgelegd ter zake van het niet voldoen aan een bijzondere meldingsplicht die is verbonden aan een krachtens de Kaderwet EZ-subsidies verstrekte subsidie

Wet beveiliging netwerk- en informatiesystemen, voor zover het een besluit betreft dat betrekking heeft op een aanbieder van een essentiële dienst in de sectoren energie, digitale infrastructuur, bankwezen, infrastructuur voor de financiële markt en spoor of op een digitaledienstverlener

Wet dieren: artikel 8.7

Wet financiële betrekkingen buitenland 1994

Wet geneesmiddelenprijzen: artikel 11

Wet gewasbeschermingsmiddelen en biociden: artikel 90

Wet handhaving consumentenbescherming

Wet implementatie EU-richtlijnen energie-efficiëntie: de artikelen 21 en 22

Wet informatie-uitwisseling bovengrondse en ondergrondse netten en netwerken

Wet inkomstenbelasting 2001: een boetebesluit als bedoeld in artikel 3.52a, elfde lid, en een daarmee samenhangende correctie-RDA-beschikking als bedoeld in het tweede lid van dit artikel

Wet inzake de geldtransactiekantoren,voor zover die wet nog van toepassing is op grond van artikel IX van de Wijzigingswet financiële markten 2012

Wet lokaal spoor, met uitzondering van artikel 12

Wet luchtvaart: artikel 11.24

Wet marktordening gezondheidszorg, voor zover het betreft een besluit van de Nederlandse Zorgautoriteit als bedoeld in hoofdstuk 6, paragraaf 4

Wet op de inlichtingen- en veiligheidsdiensten 2017: artikel 53, zevende lid

Wet op het financieel toezicht, met uitzondering van:

Wet op het notarisambt, voor zover het de toepassing of overeenkomstige toepassing van de Wet verplichte beroepspensioenregeling betreft op grond van artikel 113c

Wet personenvervoer 2000: de artikelen 56, eerste lid, 59, eerste lid, 94, eerste lid, en 96, eerste lid

Wet privatisering APB, voor zover het de overeenkomstige toepassing van de Wet verplichte deelneming in een bedrijfstakpensioenfonds 2000 betreft op grond van artikel 21, vierde lid

Wet schadefonds olietankschepen

Wet ter voorkoming van witwassen en financieren van terrorisme

Wet toezicht accountantsorganisaties

Wet toezicht financiële verslaggeving

Wet toezicht trustkantoren 2018

Wet van 12 juli 2012 tot wijziging van de Elektriciteitswet 1998 en van de Gaswet (implementatie van richtlijnen en verordeningen op het gebied van elektriciteit en gas) (Stb. 2012, 334): artikel XX

Wet van 23 november 2006 tot wijziging van de Elektriciteitswet 1998 en van de Gaswet in verband met nadere regels omtrent een onafhankelijk netbeheer ( Stb. 2006, 614 )

Wet vermindering afdracht loonbelasting en premie voor de volksverzekeringen: een besluit genomen door een van de in artikel 30, eerste lid, genoemde bestuursorganen, waarin toepassing of mede toepassing is gegeven aan artikel 26

Wet verplichte beroepspensioenregeling

Wet verplichte deelneming in een bedrijfstakpensioenfonds 2000

Artikel 12. Hoger beroep bij een gerechtshof

Tegen een uitspraak van de rechtbank of van de voorzieningenrechter omtrent een besluit, genomen op grond van een in dit artikel genoemd voorschrift of anderszins in dit artikel omschreven, kan hoger beroep worden ingesteld bij een gerechtshof.

Algemene douanewet: artikel 8:2, tweede lid

Algemene wet inzake rijksbelastingen: artikel 26

Mijnbouwwet: de afdelingen 5.1.1, 5.1.2, 5.3, 5.4 en 5.5

Wet strategische diensten: artikel 18, derde lid

Bijlage 3. Regeling verlaagd griffierecht (artikelen 8:41 en 8:109)

Artikel 1

Het tarief, genoemd in artikel 8:41, tweede lid, onderdeel a, dan wel genoemd in artikel 8:109, eerste lid, onderdeel a, geldt indien het beroep, dan wel hoger beroep, betreft:

  • a. een besluit inzake een uitkering bij werkloosheid of ziekte, genomen ten aanzien van een persoon met betrekking tot diens in artikel 3 van de Ambtenarenwet 2017 bedoelde hoedanigheid;
  • b. een besluit inzake een uitkering op grond van blijvende arbeidsongeschiktheid op grond van een wettelijk voorschrift waarbij de natuurlijke persoon ter zake van zijn arbeidsongeschiktheid vanwege het Rijk invaliditeitspensioen is verzekerd, of een besluit, genomen op grond van artikel P9 van de Algemene burgerlijke pensioenwet;
  • c. een bestuurlijke boete van ten hoogste € 340;
  • d. een besluit waarbij de kosten van bestuursdwang op ten hoogste € 340 zijn vastgesteld.
Artikel 2

Het tarief, genoemd in artikel 8:41, tweede lid, onderdeel a, dan wel genoemd in artikel 8:109, eerste lid, onderdeel a, geldt voorts indien het beroep, dan wel hoger beroep, betreft een besluit, genomen op grond van een in dit artikel genoemd voorschrift of anderszins in dit artikel omschreven.

De volgende besluiten:

  • b. een op grond van een gemeentelijke verordening of gemeenschappelijke regeling genomen besluit over een gehandicaptenparkeerkaart
  • c. een besluit over een gehandicaptenparkeerplaats voor een bepaald voertuig

Algemene bijstandswet

Algemene Kinderbijslagwet

Algemene nabestaandenwet

Algemene Ouderdomswet

Algemene wet inkomensafhankelijke regelingen

Algemene wet inzake rijksbelastingen, tenzij het beroep of hoger beroep door een natuurlijke persoon is ingesteld tegen een uitspraak inzake een besluit met betrekking tot de toepassing van:

Besluit bovenwettelijke werkloosheidsregeling voor onderwijspersoneel primair onderwijs, voor zover het betreft besluiten van Onze Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap

Besluit van 20 juni 1984, houdende vaststelling van een algemene maatregel van bestuur regelende de vergoeding van motorrijtuigenbelasting voor oorlogsgetroffenen (Stb. 1984, 364)

Besluit Werkloosheid onderwijs- en onderzoekpersoneel, voor zover het betreft besluiten van Onze Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap

Besluit ziekte en arbeidsongeschiktheid voor onderwijspersoneel primair onderwijs, voor zover het betreft besluiten van Onze Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap

Garantiewet Burgerlijk Overheidspersoneel Indonesië, met inbegrip van een besluit op grond van de Algemene oorlogsongevallenregeling

Garantiewet Militairen K.N.I.L.

Garantiewet Surinaamse pensioenen

Kaderwet SZW-subsidies, voor zover het betreft een ministeriële regeling op grond van artikel 9

Liquidatiewet Ongevallenwetten

Mijnbouwwet: de afdelingen 5.1.1, 5.1.2, 5.3, 5.4 en 5.5

Participatiewet, met uitzondering van de artikelen 52, 76, eerste en tweede lid, en 81 en paragraaf 6.5

Reglement eenmalige uitkering silicose-vergoeding oud-mijnwerkers, vastgesteld bij besluit van het bestuur van de Stichting Silicose Oud-Mijnwerkers van 18 april 1994

de reglementen van de Stichting Maror-gelden Overheid, de Stichting Joods Humanitair Fonds, de Stichting Rechtsherstel Sinti en Roma en de Stichting Het Gebaar

Samenloopregeling Indonesische pensioenen 1960

Tijdelijke vergoedingsregeling psychotherapie na-oorlogse generatie

Tijdelijke wet beperking inkomensgevolgen arbeidsongeschiktheidscriteria

Tijdelijke wet pilot loondispensatie

Toeslagenwet

Toeslagregeling pensioenen Suriname en Nederlandse Antillen

Toeslagwet Indonesische pensioenen 1956

Uitkeringswet tegemoetkoming twee tot vijfjarige diensttijd veteranen

Werkloosheidswet

Wet arbeid en zorg: hoofdstuk 3, afdeling 2, en artikel 4:2b

Wet arbeidsongeschiktheidsvoorziening jonggehandicapten

Wet arbeidsongeschiktheidsvoorziening militairen

Wet arbeidsongeschiktheidsverzekering zelfstandigen

Wet buitengewoon pensioen 1940–1945

Wet buitengewoon pensioen Indisch verzet

Wet buitengewoon pensioen zeelieden-oorlogsslachtoffers

Wet financiering sociale verzekeringen, voor zover het betreft een besluit van de Sociale verzekeringsbank of het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen

Wet gemeentelijke schuldhulpverlening

Wet gevolgen brutering uitkeringsregelingen

Wet inburgering

Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte gewezen zelfstandigen

Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte werkloze werknemers

Wet inkomensvoorziening oudere werklozen

Wet Invoering en financiering Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen: een besluit van het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen op grond van artikel 2.3

Wet langdurige zorg, met uitzondering van een besluit van Onze Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport

Wet maatschappelijke ondersteuning 2015

Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering

Wet op de rechtsbijstand: een besluit van de Raad voor rechtsbijstand, indien het beroep dan wel hoger beroep wordt ingesteld door een rechtzoekende als bedoeld in artikel 1, eerste lid

Wet overheidspersoneel onder de werknemersverzekeringen

Wet pensioenvoorzieningen K.N.I.L.

Wet sociale werkvoorziening

Wet structuur uitvoeringsorganisatie werk en inkomen

Wet studiefinanciering 2000

Wet tegemoetkoming onderwijsbijdrage en schoolkosten

Wet terugdringing beroep op de arbeidsongeschiktheidsregelingen

Wet uitkeringen burger-oorlogsslachtoffers 1940–1945

Wet uitkeringen vervolgingsslachtoffers 1940–1945

Wet van 21 december 1951, houdende een onderstandsregeling ingevolge artikel 2 Garantiewet Burgerlijk Overheidspersoneel Indonesië (Stb. 1951, 592)

Wet van 16 juli 2001 tot het stellen van nadere regels in verband met de introductie van een toeslagregeling ter compensatie van het gemis aan overhevelingstoeslag per 1 januari 2001 ten aanzien van de Toeslagwet Indonesische pensioenen 1956 en enkele andere overzeese pensioenwetten alsmede het actualiseren van die wetten in verband met de inwerkingtreding van de Algemene nabestaandenwet (Stb. 2001, 377)

Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen

Ziektewet

Zorgverzekeringswet: de artikelen 9b, 9c, 18f, 18g, 69, 70 en 118a

Lasten en bevelen dat deze in het Staatsblad zal worden geplaatst en dat alle ministeries, autoriteiten, colleges en ambtenaren wie zulks aangaat, aan de nauwkeurige uitvoering de hand zullen houden.

Afdeling 8.1.4. Wraking en verschoning van rechters

Afdeling 8.1.6. Getuigen, deskundigen en tolken

Titel 8.2. Behandeling van het beroep in eerste aanleg

Afdeling 8.2.5. Onderzoek ter zitting

Afdeling 8.2.7. Tussenuitspraak

Titel 8.3. Voorlopige voorziening en onmiddellijke uitspraak in de hoofdzaak

Titel 8.6. Herziening

Afdeling 9.1.1. Algemene bepalingen

Titel 9.2. Klachtbehandeling door een ombudsman

Afdeling 9.2.1. Algemene bepalingen

Afdeling 9.2.3. Procedure

Hoofdstuk 10. Bepalingen over bestuursorganen

Titel 10.1. Mandaat, delegatie en attributie

Afdeling 10.1.1. Mandaat

Afdeling 10.1.3. Attributie

Titel 10.1. Mandaat, delegatie en attributie

Afdeling 10.1.1. Mandaat

Afdeling 10.2.1. Goedkeuring

Afdeling 10.2.3. Schorsing

Hoofdstuk 11. Slotbepalingen

Bijlage 2. Bevoegdheidsregeling bestuursrechtspraak (artikelen 8:5, 8:6, 8:7, 8:105 en 8:106)

Hoofdstuk 2. Beroep in eerste aanleg bij een bijzondere bestuursrechter (artikelen 8:4, tweede lid, en 8:6)

Artikel 11. Hoger beroep bij het College van Beroep voor het bedrijfsleven

Tegen een uitspraak van de rechtbank of van de voorzieningenrechter omtrent een besluit, genomen op grond van een in dit artikel genoemd voorschrift of anderszins in dit artikel omschreven, kan hoger beroep worden ingesteld bij het College van Beroep voor het bedrijfsleven.

Aanbestedingswet 2012, artikel 4.21

Aanbestedingswet op defensie- en veiligheidsgebied, artikel 3.8

Bankwet 1998: artikel 9c, eerste en tweede lid

Burgerlijk Wetboek: de artikelen 63d, tweede lid, 156 en 266 van Boek 2

Drinkwaterwet: artikel 50, derde lid, in samenhang met artikel 70a van de Mededingingswet

Elektriciteitswet 1998: de artikelen 77h en 77i

Gaswet: de artikelen 16, 60ac en 60ad

Gezondheids- en welzijnswet voor dieren: artikel 120b, eerste lid

Instellingswet Autoriteit Consument en Markt

Invoerings- en aanpassingswet Pensioenwet

Loodsenwet, met uitzondering van de artikelen 21, derde lid, 27b, vierde lid, 27d, 27e, 27f, 27h en 27l

Mededingingswet

Meststoffenwet: artikel 51

Muntwet 2002: artikel 11, eerste en tweede lid

Overgangswet elektriciteitsproductiesector

Pensioenwet

Plantgezondheidswet: artikel 26

Postwet 2009, met uitzondering van hoofdstuk 3A en artikel 58

Sanctiewet 1977: de artikelen 10ba tot en met 10d

Spoorwegwet, met uitzondering van de artikelen 19, 21 en hoofdstuk 5, paragraaf 2, en artikel 71, tweede lid

Tabaks- en rookwarenwet

Telecommunicatiewet, met inbegrip van de verordeningen genoemd in artikel 18.2a, met uitzondering van:

  • b. alsmede, voor zover het betreft een besluit van de Autoriteit Consument en Markt:

Uitvoeringswet EU-zeehavenverordening: artikel 9, eerste lid

Verordening (EU) nr. 806/2014 van het Europees parlement en de Raad van 15 juli 2014 tot vaststelling van eenvormige regels en een eenvormige procedure voor de afwikkeling van kredietinstellingen en bepaalde beleggingsondernemingen in het kader van een gemeenschappelijk afwikkelingsmechanisme en een gemeenschappelijk bankenafwikkelingsfonds en tot wijziging van Verordening (EU) nr. 1093/2010 van het Europees parlement en de Raad (PbEU 2014, L 225), met uitzondering van de artikelen 16, 18 en 21

Waarborgwet 2019: artikel 38

Warenwet

Warmtewet: artikel 18

Wet aanwijzing nationale accreditatie-instantie: hoofdstuk 3

Wet bekostiging financieel toezicht

Wet bestrijding maritieme ongevallen

Wet bestuurlijke boete meldingsplichten door ministers verstrekte subsidies, voor zover de boete is opgelegd ter zake van het niet voldoen aan een bijzondere meldingsplicht die is verbonden aan een krachtens de Kaderwet EZ-subsidies verstrekte subsidie

Wet beveiliging netwerk- en informatiesystemen, voor zover het een besluit betreft dat betrekking heeft op een aanbieder van een essentiële dienst in de sectoren energie, digitale infrastructuur, bankwezen, infrastructuur voor de financiële markt en spoor of op een digitaledienstverlener

Wet dieren: artikel 8.7

Wet financiële betrekkingen buitenland 1994

Wet geneesmiddelenprijzen: artikel 11

Wet gewasbeschermingsmiddelen en biociden: artikel 90

Wet handhaving consumentenbescherming

Wet implementatie EU-richtlijnen energie-efficiëntie: de artikelen 21 en 22

Wet informatie-uitwisseling bovengrondse en ondergrondse netten en netwerken

Wet inkomstenbelasting 2001: een boetebesluit als bedoeld in artikel 3.52a, elfde lid, en een daarmee samenhangende correctie-RDA-beschikking als bedoeld in het tweede lid van dit artikel

Wet inzake de geldtransactiekantoren,voor zover die wet nog van toepassing is op grond van artikel IX van de Wijzigingswet financiële markten 2012

Wet lokaal spoor, met uitzondering van artikel 12

Wet luchtvaart: artikel 11.24

Wet marktordening gezondheidszorg, voor zover het betreft een besluit van de Nederlandse Zorgautoriteit als bedoeld in hoofdstuk 6, paragraaf 4

Wet op de inlichtingen- en veiligheidsdiensten 2017: artikel 53, zevende lid

Wet op het financieel toezicht, met uitzondering van:

Wet op het notarisambt, voor zover het de toepassing of overeenkomstige toepassing van de Wet verplichte beroepspensioenregeling betreft op grond van artikel 113c

Wet personenvervoer 2000: de artikelen 56, eerste lid, 59, eerste lid, 94, eerste lid, en 96, eerste lid

Wet privatisering APB, voor zover het de overeenkomstige toepassing van de Wet verplichte deelneming in een bedrijfstakpensioenfonds 2000 betreft op grond van artikel 21, vierde lid

Wet schadefonds olietankschepen

Wet ter voorkoming van witwassen en financieren van terrorisme

Wet toezicht accountantsorganisaties

Wet toezicht financiële verslaggeving

Wet toezicht trustkantoren 2018

Wet van 12 juli 2012 tot wijziging van de Elektriciteitswet 1998 en van de Gaswet (implementatie van richtlijnen en verordeningen op het gebied van elektriciteit en gas) (Stb. 2012, 334): artikel XX

Wet van 23 november 2006 tot wijziging van de Elektriciteitswet 1998 en van de Gaswet in verband met nadere regels omtrent een onafhankelijk netbeheer ( Stb. 2006, 614 )

Wet vermindering afdracht loonbelasting en premie voor de volksverzekeringen: een besluit genomen door een van de in artikel 30, eerste lid, genoemde bestuursorganen, waarin toepassing of mede toepassing is gegeven aan artikel 26

Wet verplichte beroepspensioenregeling

Wet verplichte deelneming in een bedrijfstakpensioenfonds 2000

Artikel 12. Hoger beroep bij een gerechtshof

Tegen een uitspraak van de rechtbank of van de voorzieningenrechter omtrent een besluit, genomen op grond van een in dit artikel genoemd voorschrift of anderszins in dit artikel omschreven, kan hoger beroep worden ingesteld bij een gerechtshof.

Algemene douanewet: artikel 8:2, tweede lid

Algemene wet inzake rijksbelastingen: artikel 26

Mijnbouwwet: de afdelingen 5.1.1, 5.1.2, 5.3, 5.4 en 5.5

Wet strategische diensten: artikel 18, derde lid

Bijlage 3. Regeling verlaagd griffierecht (artikelen 8:41 en 8:109)

Artikel 1

Het tarief, genoemd in artikel 8:41, tweede lid, onderdeel a, dan wel genoemd in artikel 8:109, eerste lid, onderdeel a, geldt indien het beroep, dan wel hoger beroep, betreft:

  • a. een besluit inzake een uitkering bij werkloosheid of ziekte, genomen ten aanzien van een persoon met betrekking tot diens in artikel 3 van de Ambtenarenwet 2017 bedoelde hoedanigheid;
  • b. een besluit inzake een uitkering op grond van blijvende arbeidsongeschiktheid op grond van een wettelijk voorschrift waarbij de natuurlijke persoon ter zake van zijn arbeidsongeschiktheid vanwege het Rijk invaliditeitspensioen is verzekerd, of een besluit, genomen op grond van artikel P9 van de Algemene burgerlijke pensioenwet;
  • c. een bestuurlijke boete van ten hoogste € 340;
  • d. een besluit waarbij de kosten van bestuursdwang op ten hoogste € 340 zijn vastgesteld.
Artikel 2

Het tarief, genoemd in artikel 8:41, tweede lid, onderdeel a, dan wel genoemd in artikel 8:109, eerste lid, onderdeel a, geldt voorts indien het beroep, dan wel hoger beroep, betreft een besluit, genomen op grond van een in dit artikel genoemd voorschrift of anderszins in dit artikel omschreven.

De volgende besluiten:

  • b. een op grond van een gemeentelijke verordening of gemeenschappelijke regeling genomen besluit over een gehandicaptenparkeerkaart
  • c. een besluit over een gehandicaptenparkeerplaats voor een bepaald voertuig

Algemene bijstandswet

Algemene Kinderbijslagwet

Algemene nabestaandenwet

Algemene Ouderdomswet

Algemene wet inkomensafhankelijke regelingen

Algemene wet inzake rijksbelastingen, tenzij het beroep of hoger beroep door een natuurlijke persoon is ingesteld tegen een uitspraak inzake een besluit met betrekking tot de toepassing van:

Besluit bovenwettelijke werkloosheidsregeling voor onderwijspersoneel primair onderwijs, voor zover het betreft besluiten van Onze Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap

Besluit van 20 juni 1984, houdende vaststelling van een algemene maatregel van bestuur regelende de vergoeding van motorrijtuigenbelasting voor oorlogsgetroffenen (Stb. 1984, 364)

Besluit Werkloosheid onderwijs- en onderzoekpersoneel, voor zover het betreft besluiten van Onze Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap

Besluit ziekte en arbeidsongeschiktheid voor onderwijspersoneel primair onderwijs, voor zover het betreft besluiten van Onze Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap

Garantiewet Burgerlijk Overheidspersoneel Indonesië, met inbegrip van een besluit op grond van de Algemene oorlogsongevallenregeling

Garantiewet Militairen K.N.I.L.

Garantiewet Surinaamse pensioenen

Kaderwet SZW-subsidies, voor zover het betreft een ministeriële regeling op grond van artikel 9

Liquidatiewet Ongevallenwetten

Mijnbouwwet: de afdelingen 5.1.1, 5.1.2, 5.3, 5.4 en 5.5

Participatiewet, met uitzondering van de artikelen 52, 76, eerste en tweede lid, en 81 en paragraaf 6.5

Reglement eenmalige uitkering silicose-vergoeding oud-mijnwerkers, vastgesteld bij besluit van het bestuur van de Stichting Silicose Oud-Mijnwerkers van 18 april 1994

de reglementen van de Stichting Maror-gelden Overheid, de Stichting Joods Humanitair Fonds, de Stichting Rechtsherstel Sinti en Roma en de Stichting Het Gebaar

Samenloopregeling Indonesische pensioenen 1960

Tijdelijke vergoedingsregeling psychotherapie na-oorlogse generatie

Tijdelijke wet beperking inkomensgevolgen arbeidsongeschiktheidscriteria

Tijdelijke wet pilot loondispensatie

Toeslagenwet

Toeslagregeling pensioenen Suriname en Nederlandse Antillen

Toeslagwet Indonesische pensioenen 1956

Uitkeringswet tegemoetkoming twee tot vijfjarige diensttijd veteranen

Werkloosheidswet

Wet arbeid en zorg: hoofdstuk 3, afdeling 2, en artikel 4:2b

Wet arbeidsongeschiktheidsvoorziening jonggehandicapten

Wet arbeidsongeschiktheidsvoorziening militairen

Wet arbeidsongeschiktheidsverzekering zelfstandigen

Wet buitengewoon pensioen 1940–1945

Wet buitengewoon pensioen Indisch verzet

Wet buitengewoon pensioen zeelieden-oorlogsslachtoffers

Wet financiering sociale verzekeringen, voor zover het betreft een besluit van de Sociale verzekeringsbank of het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen

Wet gemeentelijke schuldhulpverlening

Wet gevolgen brutering uitkeringsregelingen

Wet inburgering

Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte gewezen zelfstandigen

Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte werkloze werknemers

Wet inkomensvoorziening oudere werklozen

Wet Invoering en financiering Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen: een besluit van het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen op grond van artikel 2.3

Wet langdurige zorg, met uitzondering van een besluit van Onze Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport

Wet maatschappelijke ondersteuning 2015

Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering

Wet op de rechtsbijstand: een besluit van de Raad voor rechtsbijstand, indien het beroep dan wel hoger beroep wordt ingesteld door een rechtzoekende als bedoeld in artikel 1, eerste lid

Wet overheidspersoneel onder de werknemersverzekeringen

Wet pensioenvoorzieningen K.N.I.L.

Wet sociale werkvoorziening

Wet structuur uitvoeringsorganisatie werk en inkomen

Wet studiefinanciering 2000

Wet tegemoetkoming onderwijsbijdrage en schoolkosten

Wet terugdringing beroep op de arbeidsongeschiktheidsregelingen

Wet uitkeringen burger-oorlogsslachtoffers 1940–1945

Wet uitkeringen vervolgingsslachtoffers 1940–1945

Wet van 21 december 1951, houdende een onderstandsregeling ingevolge artikel 2 Garantiewet Burgerlijk Overheidspersoneel Indonesië (Stb. 1951, 592)

Wet van 16 juli 2001 tot het stellen van nadere regels in verband met de introductie van een toeslagregeling ter compensatie van het gemis aan overhevelingstoeslag per 1 januari 2001 ten aanzien van de Toeslagwet Indonesische pensioenen 1956 en enkele andere overzeese pensioenwetten alsmede het actualiseren van die wetten in verband met de inwerkingtreding van de Algemene nabestaandenwet (Stb. 2001, 377)

Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen

Ziektewet

Zorgverzekeringswet: de artikelen 9b, 9c, 18f, 18g, 69, 70 en 118a

Lasten en bevelen dat deze in het Staatsblad zal worden geplaatst en dat alle ministeries, autoriteiten, colleges en ambtenaren wie zulks aangaat, aan de nauwkeurige uitvoering de hand zullen houden.

Artikel 4:94a

Tenzij bij wettelijk voorschrift anders is bepaald, kan een bestuursorgaan een geldschuld geheel of gedeeltelijk kwijtschelden indien de nadelige gevolgen van de invordering onevenredig zijn in verhouding tot de met de invordering te dienen doelen.

De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.

Deze tekst wordt gepubliceerd onder de eigen hergebruiksvoorwaarden van BWB, niet onder een licentie van Legalize of van het publieke domein. BWB
CC0 1.0 Universeel (publiek domein)