Regeling van de Minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit van 4 november 2005, nr. TRCJZ/2005/3295, houdende regels ter uitvoering van de Meststoffenwet (Uitvoeringsregeling Meststoffenwet)

Type Ministeriële regeling
Publication 2026-03-19
State In force
Source BWB
artikelen 635
Wijzigingsgeschiedenis JSON API
Categorie 1. Product dat verkregen is door vergisting van ten minste 50 gewichtsprocenten dierlijke meststoffen met als nevenbestanddeel uitsluitend één of meer van de stoffen die genoemd zijn onder de in onderstaande tabel onderscheiden categorieën of subcategorieën, met dien verstande dat de stoffen genoemd onder categorie G uitsluitend worden gebruikt als nevenbestanddeel indien tevens de maximale waarden waarnaar in categorie G wordt verwezen niet worden overschreden (covergiste mest):
A Stoffen van plantaardige herkomst afkomstig van een landbouwbedrijf
A1 Gewas(-producten) voor humane consumptie of diervoeders
1 Weidegras, op het veld gedroogd weidegras, weidekuilgras, snijmaïs, kuilmaïs/maïssilage, korrelmaïs, corn cob mix (CCM), gerstkorrels, haverkorrels, roggekorrels, tarwekorrels, aardappelen, suikerbieten, voederbieten, uien, witlofpennen, zaad van erwten, gehele plantsilage van erwten, zaad van lupinen, bonen/peulen van veldbonen, zonnebloempitten, zaad van kool- of raapzaad, stro van koolzaad, zaad van olievlas, zaad van vezelvlas, groente en fruit behorend tot de in bijlage A opgenomen bladgewassen, koolgewassen, kruiden, vruchtgewassen, stengel-/knol-/wortelgewassen en fruitteeltgewassen.
A2 Gewas(-producten) voor de biogasproductie
1 Energiemaïs
2 Reststof die is vrijgekomen bij de aanleg en onderhoud van grasvelden binnen het gesloten hekwerk van een vliegveld en die bestaat uit ingezameld maaigras (maaisel van grasvelden van een vliegveld)
B Stoffen van plantaardige herkomst afkomstig van een natuurterrein dat de hoofdfunctie natuur heeft als bedoeld in artikel 3, tweede lid, van de Meststoffenwet en de artikelen 25a en 32 van het Uitvoeringsbesluit Meststoffenwet
1 Weidegras en op het veld gedroogd weidegras afkomstig van grasland als bedoeld inbijlage I, bij het Besluit activiteiten leefomgeving.
B1 Weidegras afkomstig van grasland als bedoeld in bijlage I, bij het Besluit activiteiten leefomgeving.
C Stoffen afkomstig uit de voedings- en genotmiddelenindustrie
C1 Stoffen van plantaardige herkomst
1 Reststof die is vrijgekomen bij het fabrieksmatig verwerken van aardappelen tot zetmeel, vezels en eiwit en die bestaat uit ingedikt onteiwit aardappelvruchtwater met een droge stofpercentage van minimaal 50% (protamylasse).
2 Reststof die is vrijgekomen bij het fabrieksmatig verwerken van aardappelen tot zetmeel, vezels en eiwit en die bestaat uit resten aardappelzetmeel die met een bezinker zijn afgescheiden uit het vrijkomende afvalwater (primair aardappelzetmeelslib).
3 Reststof die is vrijgekomen bij de productie van alcohol door fermentatie van het glucosehoudend bijproduct van de verwerking van tarwe tot tarwegluten en tarwezetmeel na toevoeging van gist, waaruit de alcohol door destillatie is verwijderd en dat met propionzuur en boterzuur gestabiliseerd kan zijn en die bestaat uit waterig slib met residuen van vergiste tarwebestanddelen en gist (tarwegistconcentraat).
4 Reststof die is vrijgekomen bij de fabrieksmatige verwijdering van schillen met behulp van stoom van vooraf gewassen aardappelen en die bestaat uit aardappelschillen in water (aardappelstoomschillen).
5 Reststof die is vrijgekomen bij de fabrieksmatige verwijdering van schillen met behulp van stoom van vooraf gewassen wortelen en die bestaat uit wortelschillen in water (wortelstoomschillen).
6 Reststof die is vrijgekomen bij de fabrieksmatige winning van zetmeel, eiwit, kiemen en vezel van maïs en die bestaat uit ingedampt (geconcentreerd) weekwater met een drogestofgehalte van minimaal 50% (geconcentreerd maïsweekwater).
7 Reststof die als mengsel is vrijgekomen bij het fabrieksmatig uitpakken door een daartoe gespecialiseerd bedrijf van uitsluitend verpakte frisdranken of licht alcoholische dranken die afkomstig zijn van detailhandel, groothandel of producenten en uitsluitend wegens overschrijding van de houdbaarheidsdatum, verpakkingsfouten of verkeerde bewaring ongeschikt zijn geworden voor humane consumptie. Het mengsel bestaat uit uitgepakte frisdranken of licht-alcoholische dranken en is vrij van verpakkingsmateriaal (vloeibaar mengsel van frisdranken en licht alcoholische dranken).
8 Reststof die met behulp van water en fysische processen al dan niet als ingedikte vloeibare reststroom is vrijgekomen bij de fabrieksmatige scheiding van tarwebloem in tarwezetmeel en tarwe-eiwit (gluten) bestemd voor de levensmiddelenindustrie (tarwezetmeel).
9 Reststof die is vrijgekomen bij de fabrieksmatige bewerking van tarwebloem tot gluten, zemelen en zetmeel bestemd voor de levensmiddelenindustrie en die bestaat uit een geconcentreerde suikerrijke deelstroom (tarweindampconcentraat).
10 Reststof die is vrijgekomen bij het fabrieksmatig ontslijmen van ruwe, niet ontslijmde, plantaardige olie – uitsluitend afkomstig van zaden van koolzaad, raapzaad, sojaboon of zonnebloem – door middel van fysische scheiding en waarbij het hydrofiel gedeelte van de olie in water oplost dan wel een zwak zure oplossing vormt en die bestaat uit fosfolipiden, wateroplosbare vetten, olie en eventueel zuurresten in water (waterig lecithine-oliemengsel).
11 Reststof die is vrijgekomen bij het filteren door mechanische scheiding van zuiver plantaardige olie, waarin voorgesneden en geblancheerde patat van aardappelen met vooraf aangebracht beslag, battermix of kruiden is voorgebakken en die bestaat uit resten beslag/battermix met zetmeel- en olieresten. (aardappelvetkruim).
12 Reststof die is vrijgekomen bij de fabrieksmatige productie van sojadranken door verwerking van ontpelde sojabonen en die bestaat uit een mengsel van kookvocht en de afgescheiden slecht oplosbare fractie (mengsel van okara en kookvocht).
13 Reststof die is vrijgekomen bij de fabrieksmatige verwerking van vooraf gewassen aardappelen, gele koolraap, witte koolraap, witte bieten en knolselderij tot luchtgedroogde groenten waarbij deze met een stoomschiller worden geschild, afgeborsteld en met water afgespoeld en vervolgens gedroogd met lucht. De reststof bestaat uit de vaste delen die met een zeefbocht zijn afgescheiden van de afvalwaterstroom die uit de stoomschiller komt en uit de knollen die na het schillen vanwege rot of kleurafwijking zijn uitgesorteerd. (stoomschillen van knolgewassen).
14 Reststof die is vrijgekomen bij de fabrieksmatige verwerking van suikerbieten en die bestaat uit gereinigde brokstukken van de biet, met name de dunne uiteinden, en delen van bietenbladeren, al dan niet ingekuild. (bietenpunten).
15 Reststof die is vrijgekomen bij de fabrieksmatige verwerking van suikerbieten via een proces van wassen, snijden en extraheren met heet water ten behoeve van de winning van suiker en dat uitsluitend bestaat uit het geperste snijdsel (bietenperspulp).
16 Reststof die is vrijgekomen bij de fabrieksmatige verwerking van uien en die uitsluitend bestaat uit al dan niet ontwaterde, vermalen en gekookte uien, dat resteert na het kook- en distillatieproces ten behoeve van de winning van uienolie (uienpulp).
17 Reststof die is vrijgekomen bij de fabrieksmatige verwerking van uien en dat uitsluitend bestaat uit het perssap van pulp van vermalen en gekookte uien, dat resteert na het kook- en destillatieproces ten behoeve van de winning van uienolie (uienperssap).
18 Reststof die is vrijgekomen bij de fabrieksmatige verwerking van geschoonde en gewassen zetmeelaardappelen die zijn fijn gemaakt met behulp van raspen en waaruit aardappelzetmeel en aardappelvruchtwater zijn verwijderd en dat vervolgens met persen ontwaterd is (aardappelpersvezels).
19 Reststof die is vrijgekomen bij het brouwen van bier en bestaat uit uitgetrokken en afgewerkte mout en dat uitsluitend bestaat uit het omhulsel van kaf, vruchtwand of zaadhuid en niet in warm water oplosbare bestanddelen van gerst of tarwe (bierbostel).
20 Reststof die is vrijgekomen bij de fabrieksmatige verwerking van cichoreiwortelen tot inuline en fructosestroop en dat uitsluitend bestaat uit het uitgewassen en uitgeperste snijdsel (cigarant).
21 Reststof die is vrijgekomen bij de verwerking van gemalen en gezeefde erwten waaruit eiwit en/of zetmeel is verwijderd en waaruit eventueel vocht door persing is onttrokken en hoofdzakelijk bestaat uit celwanden en zetmeel (erwten(pers)vezel).
22 Reststof die is vrijgekomen bij de verwerking van gemalen en gezeefde erwten waaruit celwanden en zetmeel verwijderd is en hoofdzakelijk bestaat uit eiwit (erwteneiwit).
23 Reststof die is vrijgekomen bij de verwerking van gemalen en gezeefde erwten waaruit eiwit en/of zetmeel onttrokken is en gemengd is met erwteneiwit (erwtencrème).
24 Reststof die is vrijgekomen bij de winning van olie door extractie en geschikte hittebehandeling van kool- en raapzaadschilfers en hoofdzakelijk bestaat uit celwanden, zetmeel en eiwit afkomstig van koolzaad of raapzaad (koolzaadschroot of raapzaadschroot).
25 Reststof die is vrijgekomen bij de productie van alcohol uit vergist beslag van graan nadat de alcohol (ethanol, bioethanol) door destillatie is verwijderd en dat in hoofdzaak bestaat uit de vaste residuen van granen al dan niet gedroogd (graanspoeling, gedroogde graanspoeling).
26 Reststof verkregen bij de verwerking van geschoonde, gebrande en gemalen koffiebonen tot koffie-extract en die bestaat uit het bezinksel van gemalen geëxtraheerde gebrande en gemalen koffiebonen (koffiedik).
27 Reststof die is vrijgekomen bij de fabrieksmatige verwerking van cichoreiwortelen tot inuline en fructosestroop en die uitsluitend bestaat uit de gewassen afgebroken wortelpunten van wortelen met enig aanhangend blad van cichorei (cichoreipunten).
28 reststof die vrijkomt bij de productie van gehydrolyseerde eiwitten uit de hoofdgrondstof soja (met daarnaast maïsglutenmeel, tarweglutenmeel, zonnebloemschroot, raapschroot) door autoclaveren, als bestanddeel voor soep (Voedings- en Genotsmiddelenindustrie) en die bestaat uit de dikke fractie vrijkomend bij filtratie over een trommelscheider (reststof van hydrolyse van plantaardige eiwitten).
29 Reststof die vrijkomt bij de verwerking van waterige reststromen van de productie van biologisch geteelde olijven en bestaat uit gesuspendeerd door zon ingedroogde bestanddelen van waswater van olijven, waswater van olijfolie en scheidingswater van persen van olijven (Olijvenresidu).
30 Reststof die vrijkomt bij het blancheren van ongepelde zoete amandelen (Prunus dulcis) en bestaat uit vloeibaar mengsel van amandelvlies, al dan niet fijngemalen, en resten blancheerwater (amandelvlies).
31 Reststof die is vrijgekomen bij fabrieksmatige verwerking van aardappelen tot aardappelproducten bestemd voor humane consumptie en in hoofdzaak bestaat uit uitgewassen bezonken aardappelzetmeel afkomstig van een ontvette proceswaterstroom van bakovens en een proceswaterstroom van schillen, blancheren en snijden van aardappel (grijs aardappelzetmeel).
32 Reststof die is verkregen door winning van olie en vet door persing uit van schaal ontdane zaden van Vitellaria paradoxa (Shea tree) en door extractie met hexaan waarna hexaan door destillatie werd verwijderd (Sheazaadmeel (Sheanutmeal) of Sheameel (Sheameal)).
33 Reststof die is vrijgekomen bij het fabrieksmatig verwerken van aardappelen tot voorgebakken friet of aardappelvlokken en bestaat uit afgescheiden dikke fractie van digestaat en maximaal tweederde deel zuiveringsslib afkomstig van een afvalwaterzuiveringsinstallatie aardappelverwerking (zuiveringsslib van aardappelverwerking).
34 Reststof die vrijgekomen is bij verwerking van zilveruien en bestaat uit de waterige bewaarvloeistof met resten azijn, calciumchloride“sporen van natriumbisulfiet en incidenteel citroenzuur en/of tafelzout, losgeweekte delen zilveruien en opgeloste suikers (Opgiet zilveruien).
35 Reststof die is vrijgekomen bij fabrieksmatige productie van emulgatoren op basis van plantaardige oliën, vetzuren en glycerides daarvan en plantaardig melkzuur en uitsluitend bestaat uit organische stof in resterend proceswater (Proceswater van productie van emulgatoren).
36 Reststof die is vrijgekomen bij de productie van melkzuur via een fermentatieproces, waaruit melkzuurbacteriën door een centrifugestap zijn verwijderd, en welke bestaat uit resten van een vloeibaar groeimedium voor melkzuurbacteriën (vloeibaar restant groeimedium voor melkzuurbacteriën).
37 Reststof die is vrijgekomen bij centrifugering van emulgatoren en het aftappen van leidingen bij de productie van emulgatoren en polyglycerol op basis van castorolievetzuren, glycerine, polyglycerine, sojaolie en raapolie van plantaardige herkomst, en welke bestaat uit restanten van plantaardige emulgatoren en -oliën (plantaardige emulgatoren en -oliën).
38 Reststof die is vrijgekomen bij reiniging van opslagtanks voor ruwe plantaardige oliën bedoeld voor levensmiddelen, farmacie of cosmetica met water, en welke bestaat uit bezonken residu van olie, olieresten en water (plantaardig olieresidu).
39 Reststof die is vrijgekomen bij het verwerken van aardappelen, groenten en/of fruit, verkregen door louter mechanische bewerkingsstappen en/of hittebehandeling waarbij enkel water is gebruikt als additief, en die bestaat uit (resten van) aardappelen, groenten en/of fruit en die vrij is van verpakkingsmateriaal (resten van aardappelen, groente en/of fruit).
40 Reststof uit de graanverwerkende industrieën, verkregen door louter mechanische bewerkingsstappen en waarbij enkel water is gebruikt als additief, en die bestaat uit droge graanresten (droge graanresten).
41 Reststof uit de graanverwerkende industrieën, verkregen door het mouten en/of gisten van graan(kiemen), en die bestaat uit gemoute en/of vergiste graandeeltjes (gemoute en/of vergiste graandeeltjes).
42 Reststof die is vrijgekomen bij de productie van suiker uit plantaardige grondstoffen en die bestaat uit vloeibare suikers, melasse en/of glucose (suiker of melasse).
43 Reststof die is vrijgekomen bij de verwerking van sojabonen en die hoofdzakelijk bestaat uit suiker of melasse (sojasuiker of -melasse).
44 Reststof die is vrijgekomen bij de productie van cacaoboter en die bestaat uit een cacaovetemulsie in water (cacaovetemulsie in water).
45 Reststof die als mengsel is vrijgekomen bij het fabrieksmatig uitpakken door een daartoe gespecialiseerd bedrijf van uitsluitend verpakte plantaardige voedingsmiddelen die afkomstig zijn van detailhandel, groothandel of producenten en uitsluitend wegens overschrijding van de houdbaarheidsdatum, verpakkingsfouten of verkeerde bewaring ongeschikt zijn geworden voor humane consumptie. Het mengsel bestaat uit uitgepakte voedingsmiddelen van plantaardige oorsprong die oorspronkelijk bestemd waren voor humane consumptie en is vrij van verpakkingsmateriaal en reinigingswater (uitgepakte plantaardige voedingsmiddelen voor humane consumptie).
C2 Stoffen van dierlijke herkomst al dan niet gecombineerd met stoffen van plantaardige herkomst
1 Reststof die is vrijgekomen bij het fabrieksmatig uitpakken door een daartoe gespecialiseerd bedrijf van uitsluitend verpakte vloeibare zuivelproducten die afkomstig zijn van detailhandel, groothandel of producenten en uitsluitend wegens overschrijding van de houdbaarheidsdatum, verpakkingsfouten of verkeerde bewaring ongeschikt zijn geworden voor humane consumptie. De reststof bestaat uit uitgepakte vloeibare zuivelproducten of mengsels daarvan en is vrij van verpakkingsmateriaal en reinigingswater (uitgepakte vloeibare zuivelproducten en mengsels daarvan).
2 Reststof die is vrijgekomen bij de fabrieksmatige bereiding van consumptie-ijs en die bestaat uit grondstofresten, ijsmixresten en afgekeurde ijsproducten en vrij is van verpakkingsmateriaal en reinigingswater (ijsafval).
3 Reststof die als mengsel is vrijgekomen bij het fabrieksmatig uitpakken door een daartoe gespecialiseerd bedrijf van uitsluitend verpakte voedingsmiddelen die afkomstig zijn van detailhandel, groothandel of producenten en uitsluitend wegens overschrijding van de houdbaarheidsdatum, verpakkingsfouten of verkeerde bewaring ongeschikt zijn geworden voor humane consumptie. Het mengsel bestaat uit uitgepakte voedingsmiddelen die oorspronkelijk bestemd waren voor humane consumptie en is vrij van verpakkingsmateriaal en reinigingswater (uitgepakte voedingsmiddelen voor humane consumptie).
4 Reststof die is vrijgekomen bij de fabrieksmatige verwijdering van lactose door scheiding uit het permeaat dat is verkregen door ultrafiltratie van zoete kaaswei (delactosed permeate liquid).
5 Reststof die is vrijgekomen bij de fabrieksmatige productie van kant-en-klaar maaltijden, salades, sauzen, quiches of borrelsegmenten en die bestaat uit flotatieslib verkregen door fysisch-chemische zuivering van afvalwater van de productielijnen (voedingsmiddelen flotatieslib).
6 Reststof die is vrijgekomen bij de productie van brood en banket en die bestaat uit resten brood, koek, banket en deegresten en die zijn uitgevallen bij het productieproces en oorspronkelijk bestemd waren om in voedingsmiddelen te verwerken en niet bestaan uit veegvuil, productievreemde delen, keukenafval en etensresten (bakkerijrestproducten).
7 Reststof die is vrijgekomen bij de bereiding van kaas, kwark of caseïne en hoofdzakelijk bestaat uit melksuiker (lactose), resten eiwit en resten melkvet en mineralen van melk. De reststof kan geconcentreerd of gedroogd zijn (wei, weiconcentraat of gedroogde wei).
8 Reststof die is vrijgekomen bij het ontkorsten van kaas afkomstig van gepasteuriseerde koeienmelk en bestemd is voor levensmiddelen en die bestaat uit kaas, kaaskorst en maximaal 3% kaaskorstbedekkingsmiddel van copolymeren van vinylacetaat en maximaal 0,0006% Natamycine (E235) bevat (kaasschaafsel).
9 Reststof die is vrijgekomen bij de productie van melkzuurbacteriën bestemd voor de productie van kaas, kwark, yoghurt of karnemelk via een fermentatieproces en waaruit melkzuurbacteriën door een centrifugestap zijn verwijderd. De reststof bestaat uit resten van een vloeibaar groeimedium voor melkzuurbacteriën (supernatant, precipitaatvrij, waterig restant van groeimedium voor melkzuurbacteriën).
10 Reststof die vrijkomt als zuiveringsslib van een aerobe zuiveringsstap op AWZI van afvalwater van een zuivelfabriek met sporen afvalwater van huishoudens, gevolgd door langdurige opslag en die bestaat uit de resten van actief slib en bezonken bestanddelen uit afvalwater en waarin pathogenen afdoende zijn afgedood (zuiveringsslib van zuivelfabriek).
11 Reststof die is vrijgekomen bij zuivering van afvalwater van een fabriek die runderhuiden dan wel varkenshuiden verwerkt tot gelatine bestemd voor menselijke consumptie en die bestaat uit steekvast zuiveringsslib afkomstig van de afvalwaterzuiveringsinstallatie (steekvast zuiveringsslib van afvalwaterzuivering van gelatineproductie uit runder- dan wel varkenshuid).
12 Reststof die is vrijgekomen bij zuivering van afvalwater van een fabriek die runder- of varkenshuiden verwerkt tot gelatine bestemd voor menselijke consumptie en die bestaat uit geconcentreerd eiwit afkomstig van extractieprocessen (eiwitconcentraat van gelatineproductie uit varkens- en/of runderhuid).
13 Reststof die is vrijgekomen bij zuivering van afvalwater van een fabriek die runder- of varkenshuiden verwerkt tot gelatine bestemd voor menselijke consumptie en die bestaat uit restvet afkomstig van de afvalwaterzuiveringsinstallatie (restvet van gelatineproductie uit varkens- en/of runderhuid).
14 Reststof die is vrijgekomen bij zuivering van afvalwater van een fabriek die runder- of varkenshuiden verwerkt tot gelatine bestemd voor menselijke consumptie en die bestaat uit niet in water oplosbare huiddelen die resteren na extractie van gelatine en afgescheiden zijn met behulp van een centrifuge (steekvaste fractie van water onoplosbare huiddelen van gelatineproductie uit varkens- en/of runderhuid).
15 Reststof die is vrijgekomen bij de fabrieksmatige productie van uitsluitend de voedingsmiddelen salades, sauzen en quiches en die uitsluitend bestaat uit ingedikt zetmeelhoudend slib van de voorbezinker van afvalwater van een voedingsmiddelenindustrie (zetmeelslib).
16 Reststof die vrijkomt als ontwaterd flotatieslib van een voorzuiveringsstap op een AWZI bij zuivering van procesafvalwater van een kaasfabriek en die bestaat uit de resten melkvet en melkeiwit (flotatieslib van kaasfabriek).
17 Reststof die is vrijgekomen bij de productie van kookroom, slagroom en Crème Fraîche als spoelwater en bestaat uit een waterige suspensie van plantaardige oliën en vetten, melksuiker, zetmeel en melkpoeder, melkzuurbacteriën, emulgatoren en verdikkingsmiddelen vrij van reinigingsmiddelen (spoelwater van roomproducten).
18 Reststof, die als mengsel is vrijgekomen bij de fabrieksmatige productie van uitsluitend voedingsmiddelen en bestaat uit een waterige suspensie van resten groenten, fruit en noten, suikers, sojasaus, kruiden en specerijen, zetmelen, zetmeelhoudende producten, azijn en voedingszuren, olie, weipoeder, natriumcaseïnaat, garnalen, oesterextract, mosselextract en visextract en/of foodgrade natuurlijke aroma’s en extracten (waterige suspensie van grondstoffen van voedingsmiddelenindustrie).
19 Reststof die is vrijgekomen bij de verwerking van: varkensslachtvet afkomstig van vetweefsel en huiden; van pluimveevellen; van vloeibare vetten van rund, varken en kip; en van palmolie, Shea boter, kokosolie en raapzaadolie, tot vetten, gelatine, eiwitpoeder en vet met levensmiddelkwaliteit. De reststof bestaat uit vetarme vaste stof, resten eiwit en resten vet die achterblijven en welke verzameld zijn door flotatie, decanteren, centrifugeren, filtratie en reiniging van de installatie (vloeibare fractie restvet en resteiwit van verwerking van dierlijke en plantaardige vetten en oliën met levensmiddelkwaliteit).
20 Reststof die is vrijgekomen bij de zuivering van schoonmaakwater van bakkerijinstallaties voor bakken en frituren met bijhorende hulpmiddelen en die bestaat uit flotatieslib en slib van bezinkels van een flotatietank (bakkerijslib van flotatie-eenheid).
21 Reststof die is vrijgekomen bij fabrieksmatige verwerking van aardappelen, groenten, dierlijke producten, vetten, oliën en grondstoffen voor beslag door wassen, koken, bakken, frituren en coaten en die bestaat uit flotatieslib, in de flotatie-unit bezonken slib en slib van een biobed-reactor afkomstig van zuivering van schrob- en spoelwater van het schoonmaken van hulpmiddelen en industriële verwerkingsinstallaties (flotatie- en bezonken slib van fabrieksmatige verwerking van aardappelen, groenten en vlees).
22 Reststof die vrijgekomen is bij de productie van poedervormige ingrediënten uit magere melk, room, wei en plantaardige grondstoffen met behulp van indamp- en drooginstallaties bestemd voor levensmiddelen en bestaat uit flotatieslib verkregen door fysisch chemische zuivering van spoelwater van het schoonmaken van productie-installaties van een zuivelfabriek (flotatieslib poedervormige zuivelingrediënten).
23 Reststof die is vrijgekomen bij de opslag van gezeefd afvalwater van de verwerking van aardappelen, groente en vlees voor salades, het reinigen en afvullen van verpakkingsmateriaal en het schoonmaken van de productielijnen en die bestaat uit water en kleine delen dierlijk vet, groenteresten en zetmeel (afvalwater van de productie van salades).
24 Reststof die is vrijgekomen bij de bewerking van melk tot melkpoeder en die bestaat uit resten melkpoeder, spoelwater en zuurregelaars (proceswater van melkpoederproductie).
25 Reststof die is vrijgekomen bij de productie van huisdiervoeders, en welke bestaat uit slib van het spoelwater van de productielijnen van huisdiervoeders gevormd door flocculatie en flotatie (huisdiervoeders flotatieslib).
26 Reststof die is vrijgekomen bij de verwerking van rauwe melk en room tot boter en ondermelk en bij het verpakken van boter en zuivelproducten en die bestaat uit flotatieslib verkregen door fysisch-chemische zuivering van spoelwater van de productielijnen (zuivel flotatieslib).
27 Reststof die is vrijgekomen bij het verwerken van aardappels in combinatie met andere grondstoffen voor levensmiddelen, waaronder dierlijk materiaal, tot aardappelproducten en die bestaat uit zuiveringsslib van reinigingswater uit de productielijnen van aardappelverwerking (zuiveringsslib van aardappelverwerking met dierlijk materiaal).
28 Reststof die is vrijgekomen bij het smelten en vervolgens scheiden middels zwaartekracht van gebruikt frituurvet en gebruikte frituurolie afkomstig van professionele keukens en welke bestaat uit bezonken residuen en resten frituurvet en -olie (frituurvet en -olieresidu).
D Stoffen afkomstig uit de diervoederindustrie
E Stoffen afkomstig uit andere industrieën
1 Reststof die is vrijgekomen bij de fabrieksmatige winning van biodiesel uit raapzaadolie of koolzaadolie door omestering met methanol en scheiding onder invloed van de zwaartekracht (glycerine).
2 Reststof die is vrijgekomen bij de productie van melkzuur via een fermentatieproces in batches en bestaat uit de biomassa die na afloop van de fermentatie is afgescheiden door een centrifuge en is gesaniteerd en bestaat uit afgedode melkzuurbacteriën en resten van het substraat (ingedikt en afgewerkt substraat van melkzuurproductie).
3 Reststof die is vrijgekomen bij de productie van mycelium en die bestaat uit een substraat van stro, meel, water en citroenzuur waar lignivore schimmels in hebben gegroeid (mycelium substraat).
F Hulpstoffen of toevoegmiddelen
1. Slib of steekvast slib dat vrijkomt bij de bereiding van drinkwater uit grondwater of oppervlaktewater via een zandbed en dat bestaat uit ijzer(III)hydroxide en water (waterijzer van drinkwaterbereiding).
2. Slib of steekvast slib dat vrijkomt bij de bereiding van proceswater uit oppervlaktewater onder gebruik van een filterstap met actief kool en dat bestaat uit ijzer(III)hydroxide, water en organische stof (waterijzer van proceswaterbereiding).
3. Reststof die vrijkomt bij de productie van nikkelcarbonaat uit nikkel-ijzererts en die in hoofdzaak bestaat uit ijzer(hydr)oxiden naast silicium, aluminium, calcium en magnesiumverbindingen die resteren nadat nikkelcarbonaat is afgescheiden en hulpstoffen ammoniak en koolzuur zijn verwijderd waarna een droogproces is uitgevoerd (poedervormig ijzer(hydr)oxiden van nikkel-ijzererts).
G Stoffen waar de in bijlage II, onder tabel 1, bij het besluit opgenomen maximale waarden voor zware metalen, uitgedrukt in milligrammen per kilogram van het desbetreffende waardegevende bestanddeel en de in bijlage II, onder tabel 4, bij het besluit opgenomen maximale waarden voor organische microverontreinigingen, uitgedrukt in milligrammen per kilogram van het desbetreffende waardegevende bestanddeel voor gelden.
G1 Plantaardige stoffen en stoffen afkomstig van de verwerking van plantaardige producten
1. Reststof die is verkregen bij de bewerking van zaad van de zonnebloem (Helianthus annuus L.) en die bestaat uit uitgesorteerde zaden (zonnebloemzaden, uitgesorteerd).
2. Reststof die is verkregen bij het winnen van olie door persing uit zaad van zonnebloemen (Helianthus annuus L.) (zonnebloemzaadschilfers).
3. Reststof die is verkregen bij het schillen van zonnebloemzaad (Helianthus annuus L.) (zonnebloemzaadschillen).
4. Reststof die is verkregen bij de winning van olie door extractie en geschikte hittebehandeling van zonnebloemzaadschilfers (Helianthus annuus L.) en die maximaal 1% bleekaarde bevat (zonnebloemzaad, geëxtraheerd).
5. Reststof die is verkregen bij de winning van olie door extractie en geschikte hittebehandeling van schilfers van zonnebloemzaden (Helianthus annuus L.) waarvan de doppen gedeeltelijk of volledig zijn verwijderd en die maximaal 1% bleekaarde bevat (zonnebloemzaadschroot, ontdopt).
6. Reststof die is verkregen bij het maaien van randen langs akkers en die bestaat uit vegetatieresten met onder andere zonnebloemen (Helianthus annuus L.) (maaisel van akkerranden met zonnebloemen).
7. Reststof die is verkregen bij de productie van zetmeel of ethanol uit tarwe en die bestaat uit geëxtraheerd en al dan niet gehydrolyseerd tarweëiwit (tarwe-eiwit).
8. Reststof die is verkregen bij de productie van zetmeel/glucose en gluten uit tarwe (tarwezetmeel, vloeibaar).
9. Reststof die is verkregen bij natte extractie van al dan niet gehydrolyseerd tarwe-eiwit en tarwezetmeel (tarweperssap).
10. Reststof die is verkregen bij de productie van alcohol uit vergist beslag van graan nadat de alcohol (ethanol, bioethanol) door destillatie is verwijderd en die in hoofdzaak bestaat uit het vloeibare residu van granen (dunne fractie graanspoeling).
11. Reststof die is verkregen bij de bereiding van maïszetmeel en die hoofdzakelijk bestaat uit gluten verkregen door afscheiden van het zetmeel (maïsgluten)
12. Reststof die is verkregen bij de oogst van bloembollen en die bestaat uit restmateriaal van de teelt, in het bijzonder dit zijn bollen (inclusief kralen) of knollen die niet goed gegroeid zijn, zieke bollen of knollen, bolhuiden en pelresten (bloembollen).
13. Reststof die is verkregen bij het in bloei trekken van bollen en knollen en bloembollenloof en die bestaat uit halve of hele bollen en niet marktbare bloemtakken (waterbloeitulpen)
14. Reststof die is verkregen bij het sorteren van bloembollen en die bestaat uit restmateriaal, in het bijzonder te kleine en/of beschadigde bollen (inclusief kralen) of knollen, bolhuiden en pelresten (afval bij het sorteren van bloembollen).
15. Reststof die is verkregen bij de oogst van bloembollen afkomstig van biologische productiemethoden en die bestaat uit restmateriaal van de teelt, in het bijzonder dit zijn bollen (inclusief kralen) of knollen die niet goed gegroeid zijn, zieke bollen of knollen, bolhuiden en pelresten (biologische bloembollen).
16. Reststof die is verkregen bij winning van olie door persing uit het gedroogde, door de zaadhuid bedekte endosperm van het zaad van de kokospalm (Cocos Nucifera L.) (kokosschilfers).
17. Reststof die is verkregen bij winning van olie door persing uit kool- en raapzaad (raapzaadolie).
18. Reststof die is verkregen bij winning van olie door persing uit zoveel mogelijk van de steenschaal ontdane zaden van de volgende soorten oliepalm: (Elaeis guineensis Jacq., Coroza oleifera (HBK), L., H. Bailey (Elaeis melanococca auct.) (palmolie)
19. Reststof die is verkregen bij het malen van voederrijst en die bestaat uit de buitenste lagen van de korrel (zaadhuid, zaadvlies, kern, aleuron) met een deel van de kiem (rijstevoermeel).
20. Reststof die is verkregen bij de verwerking van onbehandeld hout en die in hoofdzaak bestaat uit poeder of schilfers van hout (zaagsel).
21. Reststof die is verkregen bij winning van olie door persing uit zaad van zonnebloemen (Helianthus annuus L.) (zonnebloemolie).
22. Reststof afkomstig van de voedings-, genotmiddelen- of diervoederindustrie van plantaardige oorsprong die bestaat uit een enkelvoudig concentraat of een enkelvoudige grondstof die wegens non-conformiteiten niet GMP+-waardig is.
23. Reststof die is verkregen bij de bereiding van inuline uit wortels van cichorei (Cichorium intybus L)., en die hoofdzakelijk bestaat uit geschoonde delen cichorei en delen van het loof (staartjes en blad van cichoreiwortelen).
24. Reststof die is verkregen bij het schillen van schorseneren (Scorzonera hispanica L.) en die is verkregen via een stoombehandeling en die in hoofdzaak bestaat uit gestoomde schillen in water waarna eventueel gepureerd is (stoomschillen van schorseneren).
25. Reststof die is verkregen bij het ontdoppen van gegiste en vervolgens geroosterde cacaobonen (Theobroma cacao L.) en die in hoofdzaak bestaat uit gebroken doppen (cacaodoppen).
26. Reststof die is verkregen bij de productie van aardappelen tot frites bestemd voor levensmiddel en bestaat uit gefrituurde aardappelresten (voorgebakken frites).
27. Reststof die is verkregen bij de bierbereiding en die bestaat uit bier dat niet voor menselijke consumptie kan worden verkocht (voerbier).
28. Reststof die is verkregen bij het drogen en malen van complete kruidenplanten of delen daarvan zonder extractie of toevoeging van andere stoffen (kruidenresten).
29. Reststof die is verkregen bij de verwerking van aardappeleiwit afkomstig van zetmeelaardappelen en die resteert na wassen en opwerken van het aardappeleiwit tot diervoeder en als slib wordt weggevangen uit afvalwater (slib dat vrijkomt bij de productie van aardappeleiwit).
30. Reststof die is verkregen door het drogen van de vaste resten van gegiste granen, waaraan een deel van de spoelingsiroop of de geëvaporeerde draf is toegevoegd (donker gedroogde spoeling)
31. Reststof die is verkregen bij het evaporeren van het concentraat van de bostel na gisting en distillatie van graan gebruikt bij de productie van alcohol uit graan (graanbostelsiroop)
32. Reststof die is verkregen bij de eerste (draf-)distillatie van een moutdistilleerderij (spoeling).
33. Reststof die is verkregen bij de eerste (draf-)distillatie van een moutdistilleerderij, geproduceerd door het evaporeren van de spoeling die in de kolf achterblijft (spoelingsiroop).
34. Reststof die is verkregen bij de moutwhiskyproductie en die bestaat uit de resten van de extractie van gemoute gerst met heet water (draf).
35. Reststof die is verkregen bij de productie van bier, moutextract en whisky spirit en die bestaat uit resten van de extractie van gemalen mout met heet water en eventueel andere suiker- of zetmeelrijke toevoegsels (maischfiltergranen).
36. Reststof die is vrijgekomen bij het beheer van wegbermen en die bestaat uit de gemaaide vegetatie van grassen en kruiden en vrij is van hout, houtresten en zwerfvuil (bermmaaisel).
37. Reststof die is vrijgekomen bij het beheer van slootkanten en die bestaat uit de gemaaide vegetatie van grassen en kruiden en vrij is van hout, zwerfvuil en bagger (slootmaaisel).
38. Reststof die is vrijgekomen bij de fabrieksmatige winning van glycerine door destillatie uit de ruwe glycerine van biodiesel- en vetzuurproductie uit alleen palmolie, sojaolie, raapzaadolie, koolzaadolie of zonnebloemolie en die bestaat uit glycerine, andere organische stoffen van plantaardige herkomst, natriumchloride en water (Organische reststof van distillatie van plantaardige glycerine van biodiesel- en vetzuurproductie).
G2 Stoffen van dierlijke herkomst al dan niet gecombineerd met stoffen van plantaardige herkomst en stoffen afkomstig van de verwerking van dierlijke producten
1. Reststof die is vrijgekomen bij de fabrieksmatige winning van biodiesel uit dierlijke vetten en oliën door omestering met methanol en scheiding onder invloed van de zwaartekracht, uitgezonderd categorie 1 (glycerine van dierlijke herkomst).
2. Reststof die is verkregen bij de productie van diervoeders bestemd voor gezelschapsdieren en die bestaat uit resten van mengsels van voedermiddelen. Materiaal van dierlijke oorsprong kan aanwezig zijn (petfood).
3. Reststof die is verkregen bij de zuivering van afvalwater van een slachterij (slib van slachterij).
4. Reststof die is verkregen bij de melkproductie en die bestaat uit rauwe melk die door de aanwezigheid van resten antibiotica niet meer geschikt is voor gebruik als levensmiddel (rauwe boerderijmelk met resten antibiotica).
5. Reststof die is verkregen bij de productie van diervoeders bestemd voor landbouwhuisdieren en die bestaat uit resten van mengsels van voedermiddelen. Dierlijk materiaal kan aanwezig zijn (voerresten van landbouwhuisdieren).
6. Reststof die is verkregen bij de verwerking van groenten bestemd voor levensmiddelenproducten en die resteert na het snijden, wassen en of blancheren. Dierlijke vetten kunnen aanwezig zijn (groenterestanten met dierlijk vet).
7. Reststof die is verkregen bij de verwerking van aardappelen en die in hoofdzaak bestaat uit aardappel (Solanum tuberosum. L.) en aardappelresten en die vrij is van verpakkingsmateriaal. Dierlijke vetten kunnen aanwezig zijn (aardappelrestanten met dierlijk vet)
8. Reststof die is verkregen bij de productie van aardappelen tot frites bestemd voor levensmiddel en die bestaat uit gefrituurde aardappelresten (voorgebakken frites met dierlijk vet).
9. Reststof die is verkregen bij de productie van biodiesel (methyl- of ethylesters van vetzuren), verkregen door omestering van oliën en vetten van onbepaalde dierlijke herkomst of een reststof verkregen bij oleochemische verwerking van vetten en oliën van dierlijke herkomst, inclusief omestering, hydrolyse of verzeping (reststoffen biodieselproductie).
10. Reststof die vrijkomt bij de bewerking van runderpensen bestemd voor humane consumptie en bestaat uit bij afvalwaterzuivering afgezeefde resten van pensen en maaginhoud (zuiveringsslib runderpens-verwerkende industrie).
11. Reststof die is vrijgekomen bij het zuiveren van spoelwater afkomstig van het schoonmaken van verpakkingen voor afgewerkte frituurolie en frituurvetten door middel van een flotatietechniek en dat bestaat uit flotatieslib met resten afgewerkte frituurolie en frituurvetten (flotatieslib van spoelwater van verpakkingen voor afgewerkte frituurolie en frituurvetten).
G3 Stoffen afkomstig uit overige bronnen
1. Restoliën die zijn verkregen bij inzamelen bij restaurants, hotels, cafetaria’s etc. en niet geschikt zijn voor consumptie (frituurolie).
2. Reststof die is verkregen bij de raffinage van oliën en vetten in de voedings- en genotsmiddelen- en veevoedingsindustrie en die bestaat uit bleekaarde van bentoniet of montmorilloniet (ontoliede bleekaarde).

bijlage Ab. behorende bij de artikelen 8 en 9 van de Uitvoeringsregeling Meststoffenwet

Zware metalen Maximale waarden in milligrammen per kilogram van het desbetreffende waardegevende bestanddeel Maximale waarden in milligrammen per kilogram van het desbetreffende waardegevende bestanddeel Maximale waarden in milligrammen per kilogram van het desbetreffende waardegevende bestanddeel Maximale waarden in milligrammen per kilogram van het desbetreffende waardegevende bestanddeel
MgO SO3 Na2O CaO in CaSO4-meststof
Cd 33 33 42 2,5
Cr 2000 2000 2500 150
Cu 2000 2000 2500 150
Hg 20 20 25 1,5
Ni 800 800 1000 60
Pb 2667 2667 3333 200
Zn 8000 8000 10000 600
As 400 400 500 30

Voor de toepassing van deze tabel zijn de maximale waarden van toepassing die behoren bij dat waardegevende bestanddeel waarvan bij het toedienen van een toenemende hoeveelheid van de meststof, de hoeveelheden van 75 kilogram magnesiumoxide, 75 kilogram zwaveltrioxide of 60 kilogram natriumoxide het éérst wordt bereikt. Voor calsiumsulfaat gelden de vermelde maximale waarden.

Maximale waarden in milligram per kilogram van het desbetreffende waardegevende bestanddeel Maximale waarden in milligram per kilogram van het desbetreffende waardegevende bestanddeel Maximale waarden in milligram per kilogram van het desbetreffende waardegevende bestanddeel Maximale waarden in milligram per kilogram van het desbetreffende waardegevende bestanddeel
Organische microverontreinigingen MgO SO3 Na2O CaO in CaSO4-meststof
Σ PCDD/PCDF 0,020 0,020 0,025 0,00152
α-ΗCH 331 331 413 24,8
β-ΗCH 12,8 12,8 16 0,96
γ-ΗCΗ (lindaan) 1,3 1,3 1,6 0,10
HCB 41,6 41,6 52,0 3,12
Aldrin 7,5 7,5 9,3 0,56
Dieldrin 7,5 7,5 9,3 0,56
Σ aldrin/dieldrin 7,5 7,5 9,3 0,56
Endrin 7,5 7,5 9,3 0,56
Isodrin 7,5 7,5 9,3 0,56
Σ endrin/isodrin 7,5 7,5 9,3 0,56
Σ DDT + DDD + DDE 24,5 24,5 30,7 1,84
PCB-28 19,7 19,7 24,7 1,48
PCB-52 19,7 19,7 24,7 1,48
PCB-101 80 80 100 6
PCB-118 80 80 100 6
PCB – 138 80 80 100 6
PCB – 153 80 80 100 6
PCB – 180 80 80 100 6
Σ 6-PCB (excl. PCB-118) 400 400 500 30
Naftaleen 640 640 800 48
Fenanthreen 800 800 1000 60
Antraceen 640 640 800 48
Fluoranteen 197 197 247 15
Benzo(a)antraceen 245 245 307 18
Chryseen 245 245 307 18
Benzo(k)fluoranteen 288 288 360 22
Benzo(a)pyreen 309 309 387 23
Benzo(g,h,i)peryleen 224 224 280 17
Indeno(1,2,3-c,d)pyreen 251 251 313 19
Σ 10-PAK 12267 12267 15333 920
Minerale olie 997333 997333 1246667 74800

Voor de toepassing van deze tabel zijn de maximale waarden van toepassing die behoren bij dat waardegevende bestanddeel waarvan bij het toedienen van een toenemende hoeveelheid van de meststof, de hoeveelheden van 75 kilogram magnesiumoxide, 75 kilogram zwaveltrioxide of 60 kilogram natriumoxide het éérst wordt bereikt. Voor calsiumsulfaat gelden de vermelde maximale waarden.

Bijlage H. behorende bij artikel 80b en 81, derde en zesde lid

Bijlage I. Forfaitaire mineralengehalten in dierlijke mest en mestcodes

Bijlage J. behorende bij de artikelen 97, 100 en 101 van de Uitvoeringsregeling Meststoffenwet

gewas Opbrengst (ton ds/ha) Opbrengst (ton product/ha) Stikstof-gehalte (kg stikstof/ton ds) Fosfaat-gehalte (kg fosfaat/ ton ds) Stikstof-gehalte (kg stikstof/ton vers product) Fosfaat-gehalte (kg fosfaat/ton vers product)
Snijmaïs 16,1 44,6 11,3 4,5 4,0 1,6
Maïskolvenschroot 7,8 14,0 14,4 5,7 7,6 3,0
Corncob mix (100% spil) 7,9 15,0 15,5 6,9 8,1 3,6
Corncob mix (25% spil) 7,9 12,4 15,0 6,9 9,5 4,3
Korrelmaïs 7,9 9,1 12,2 5,5 10,5 4,8
Gehele plant silage 8,8 10,5 17,6 6,9 5,7 2,2
Tarwe 7,6 8,8 20,9 7,5 17,9 6,4
Erwten 5,5 6,5 37,5 9,8 32,5 8,5
Gerst 5,9 6,8 18,5 8,2 13,9 7,1
Aardappelen (vers) 9,9 49,1 16,8 4,6 3,4 0,9
Aardappelen (kuil) * * 10,4 4,6 3,3 1,5
Appelen * * 4,2 1,6 0,7 0,3
Graanstro (rogge) 3,6 4,3 4,6 2,3 3,9 1,9
Graanstro (tarwe) 3,5 4,1 6,6 2,1 5,8 1,8
Grashooi * * 21,1 6,2 17,8 5,2
Graskuil * * 27,9 9,4 12,4 4,2
Graszaad stro * * 9,9 4,4 8,5 3,7
Rogge 3,3 3,8 15,5 8,2 16 7,1
Uien 6,0 51,0 21,6 6,9 2,5 0,8
Voederbieten 15,5 100,0 12,5 4,6 1,7 0,6
Witlof wortelen ** ** 8,2 5,7 1,2 0,9
kaaswei 37,0 24,4 1,3 0,9

Bijlage M. behorende bij artikel 130

De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.

Deze tekst wordt gepubliceerd onder de eigen hergebruiksvoorwaarden van BWB, niet onder een licentie van Legalize of van het publieke domein. BWB
CC0 1.0 Universeel (publiek domein)