Besluit van 12 oktober 2006, houdende regels met betrekking tot het gedragstoezicht op financiële ondernemingen (Besluit Gedragstoezicht financiële ondernemingen Wft)
- c. voorzover zulks niet blijkt uit een wijziging van de polisvoorwaarden: iedere wijziging van de overeenkomst ten aanzien van de in de artikelen 57, eerste lid, onderdeel c, en 63, eerste lid, onderdelen b tot en met h, j en l bedoelde onderwerpen of van de op die onderdelen van toepassing zijnde regelgeving.
Artikel 75
Gedurende de looptijd van een overeenkomst inzake een schadeverzekering stelt een schadeverzekeraar met zetel buiten Nederland die de branche Aansprakelijkheid Motorrijtuigen uitoefent door middel van het verrichten van diensten naar Nederland de cliënt binnen twee weken in kennis van een wijziging in de naam of het adres van de schade-afhandelaar, bedoeld in artikel 4:71, eerste lid, onderdeel e, van de wet.
§ 8.1.1a. Cliëntenclassificatie
Artikel 76
Een financiëledienstverlener die financiële diensten verleent met betrekking tot een verzekering met een beleggingscomponent verstrekt de cliënt periodiek rapporten over de door hem verleende dienstverlening op een duurzame drager.
De rapporten, bedoeld in het eerste lid, bevatten mededelingen aan cliënten rekening houdend met het type en de complexiteit van de desbetreffende verzekering met een beleggingscomponent en de aard van de aan de cliënt verleende dienst en, in voorkomend geval, de kosten van transacties en de diensten die voor rekening van de cliënt zijn verricht.
Gedurende de looptijd van een overeenkomst inzake een verzekering met een beleggingscomponent verstrekt de financiëledienstverlener de cliënt jaarlijks informatie over alle gemaakte kosten en lasten die verbonden zijn aan de verzekering met een beleggingscomponent en de verleende financiële diensten.
Artikel 77
In afwijking van artikel 57 en onverminderd de artikelen 60 tot en met 63 verstrekt een financiëledienstverlener een consument voorafgaand aan de totstandkoming van een overeenkomst op afstand, voorzover van toepassing, ten minste de volgende informatie:
- a. zijn naam en adres, de hoedanigheid waarin hij optreedt tegenover de consument en, indien de financiëledienstverlener een rechtspersoon is, de statutaire naam en handelsnaam of handelsnamen;
- b. de aard van zijn financiële dienstverlening;
- c. voorzover artikel 4:17 van de wet van toepassing is: zijn interne klachtenprocedure, bedoeld in artikel 4:17, eerste lid, onderdeel a, van de wet en de erkende geschilleninstantie waarbij hij is aangesloten;
- d. zijn inschrijving in het door de toezichthouder gehouden register;
- e. het nummer van de inschrijving in het handelsregister;
- f. de belangrijkste kenmerken van het financiële product;
- g. de risico’s die met het financiële product samenhangen;
- h. de totale kosten of, wanneer de exacte kosten niet kunnen worden genoemd, de grondslag voor de berekening van de kosten, zodat de consument de kosten kan verifiëren;
- i. de omstandigheid dat de consument andere bedragen verschuldigd kan zijn die niet via de financiëledienstverlener worden betaald of door hem worden opgelegd;
- j. de extra kosten voor het gebruik van een techniek voor communicatie op afstand;
- k. de wijze van betaling door de consument en de wijze van uitvoering van de overeenkomst op afstand;
- l. beperkingen in de geldigheidsduur van de verstrekte informatie;
- m. de minimale looptijd van de overeenkomst op afstand;
- n. het contractuele recht op tussentijdse beëindiging van de overeenkomst op afstand en de eventuele boete verbonden aan de uitoefening van dat recht;
- o. het feit dat het in artikel 4:28, eerste en tweede lid, van de wet bedoelde recht wel of niet van toepassing is, de duur van en de voorwaarden voor de uitoefening van dat recht, met inbegrip van informatie over het bedrag dat de consument gehouden kan zijn te betalen, de gevolgen van niet-uitoefening van dat recht en de wijze waarop dat recht kan worden uitgeoefend;
- p. het bestaan van op de overeenkomst op afstand toepasselijke garantiefondsen of andere compensatieregelingen die niet vallen onder richtlijn nr. 1994/19/EG van het Europees Parlement en de Raad van de Europese Unie van 30 mei 1994 inzake de depositogarantiestelsels (PbEG L 135) en richtlijn nr. 1997/9/EG van het Europees Parlement en de Raad van de Europese Unie van 3 maart 1997 inzake de beleggerscompensatiestelsels (PbEG L 084);
- q. de taal of de talen waarin de voorwaarden van de overeenkomst op afstand en de in dit artikel bedoelde informatie worden verstrekt, alsmede de taal of talen waarin de financiëledienstverlener zal communiceren gedurende de looptijd van de overeenkomst op afstand;
- r. het op de totstandbrenging van betrekkingen met de consument voorafgaand aan de totstandkoming van de overeenkomst op afstand toe te passen recht, het op die overeenkomst toe te passen recht en de bevoegde rechter;
- s. de overige voorwaarden van de overeenkomst op afstand; en
- t. indien hij gebruik maakt van een andere beroepsbeoefenaar, de naam en adres van deze beroepsbeoefenaar en, indien deze een rechtspersoon is, diens statutaire naam en handelsnaam of handelsnamen, en de hoedanigheid waarin deze tegenover de consument optreedt
Een financiëledienstverlener die financiële diensten verleent met betrekking tot levensverzekeringen voldoet aan het eerste lid, aanhef en onderdelen f, g, h, m, n en s, door het verstrekken van de informatie, bedoeld in artikel 60, eerste lid, onderdelen h, i, l, m, n, o, p, r, s en t.
Een financiëledienstverlener die financiële diensten verleent met betrekking tot natura-uitvaartverzekeringen voldoet aan het eerste lid, aanhef en onderdeel n, door het verstrekken van de informatie, bedoeld in artikel 63, eerste lid, onderdelen h, i, en j.
Een financiëledienstverlener die financiële diensten verleent met betrekking tot consumptief krediet voldoet aan het eerste lid door het verstrekken van de informatie, bedoeld in artikel 112, eerste en tweede lid, of, indien het krediet in de vorm van een geoorloofde debetstand wordt verleend waarbij is overeengekomen dat de ter zake verschuldigde betaling van de consument op verzoek of binnen een termijn van één tot drie maanden plaatsvindt, door het verstrekken van de informatie, bedoeld in artikel 112a, eerste lid.
Een financiëledienstverlener die financiële diensten verleent met betrekking tot effectenkrediet voldoet aan het eerste lid door het verstrekken van de informatie zoals opgenomen in bijlage F van dit besluit.
Een financiëledienstverlener die financiële diensten verleent met betrekking tot hypothecair krediet voldoet aan het bepaalde ingevolge het eerste lid door het verstrekken van de informatie, bedoeld in artikel 112d.
Artikel 78
Indien een overeenkomst op afstand op verzoek van de consument tot stand is gekomen met gebruikmaking van een techniek voor communicatie op afstand waarmee de in artikel 77 bedoelde informatie niet schriftelijk of via een andere duurzame drager als bedoeld in artikel 49, eerste lid, of artikel 49a, tweede lid, voorafgaand aan de totstandkoming van de overeenkomst kan worden verstrekt, kan de financiëledienstverlener de informatie onmiddellijk na de totstandkoming van de overeenkomst op afstand aan de consument verstrekken.
In afwijking van artikel 77, eerste lid, aanhef, verstrekt de financiëledienstverlener een consument de in dat artikel bedoelde informatie:
- a. indien het een overeenkomst op afstand inzake een schadeverzekering betreft, uiterlijk tegelijk met het afgeven van de polis;
- b. indien het een overeenkomst op afstand inzake een levensverzekering, inzake een natura-uitvaartverzekering of een overeenkomst op afstand die strekt tot fondsvorming ter voldoening van de verzorging van de uitvaart van een natuurlijke persoon betreft, uiterlijk tegelijk met het afgeven van de polis. Indien het een overeenkomst op afstand inzake een levensverzekering of een overeenkomst op afstand die strekt tot fondsvorming ter voldoening van de verzorging van de uitvaart van een natuurlijke persoon waarvan de waarde afhankelijk is van de ontwikkeling op financiële markten betreft, heeft de consument het recht zonder een boete verschuldigd te zijn en zonder opgave van redenen de overeenkomst binnen dertig kalenderdagen na de dag waarop hij de informatie heeft ontvangen, terugwerkend tot de datum van het tot stand komen van de overeenkomst, te ontbinden en wordt de consument door de financiëledienstverlener geïnformeerd over de wijze waarop hij gebruik kan maken van dat recht.
Voorzover het financiële risico ingevolge een overeenkomst op afstand inzake een levensverzekering voor rekening van de consument is, kan de financiëledienstverlener met de consument overeenkomen dat de eventueel na de totstandkoming van de overeenkomst opgetreden waardevermeerdering of -vermindering van de beleggingen voor rekening van de consument blijft indien deze de overeenkomst terugwerkend tot de datum van de totstandkoming van de overeenkomst ontbindt.
Natura-uitvaartverzekeraars die overeenkomsten op afstand aangaan die strekken tot fondsvorming ter voldoening van de verzorging van de uitvaart van de mens en die overeenkomstig het tweede lid, onderdeel b, de in dat lid bedoelde informatie uiterlijk tegelijk met het afgeven van de polis verstrekken, komen met de consument overeen dat de eventueel na de totstandkoming van de overeenkomst opgetreden waardevermeerdering of -vermindering van de beleggingen voor rekening van de consument blijft, indien deze ingevolge het tweede lid, onderdeel b, de overeenkomst terugwerkend tot de datum van de totstandkoming van de overeenkomst ontbindt.
Artikel 79
Een financiëledienstverlener deelt aan een consument bij het gebruik van de telefoon voor het doen van ongevraagde oproepen ter bevordering van de totstandkoming van een overeenkomst op afstand, aan het begin van elk gesprek duidelijk de identiteit van de financiëledienstverlener, alsmede het commerciële oogmerk van de oproep mee. In afwijking van artikel 77, kan de financiëledienstverlener in dergelijke oproepen, indien de consument daarmee uitdrukkelijk instemt, volstaan met het informeren van de consument over:
- a. de identiteit van de persoon die in contact staat met de consument en de relatie van deze persoon met de financiëledienstverlener;
- b. de belangrijkste kenmerken van het financiële product of de financiële dienst;
- c. de totale kosten, of, wanneer de exacte kosten niet kunnen worden genoemd, de grondslag voor de berekening van de kosten, zodat de consument de kosten kan verifiëren;
- d. de omstandigheid dat de consument andere bedragen verschuldigd kan zijn die niet via de financiëledienstverlener worden betaald of door hem worden opgelegd;
- e. de toepasselijkheid van het in artikel 4:28, eerste en tweede lid, van de wet bedoelde recht, de duur van en de voorwaarden voor de uitoefening van dat recht, met inbegrip van informatie over het bedrag dat de consument gehouden kan zijn te betalen, de gevolgen van niet-uitoefening van dat recht; en
- f. de omstandigheid dat op verzoek van de consument andere informatie beschikbaar is, waarbij de aard van die informatie aan de consument wordt medegedeeld.
Ten aanzien van consumptief krediet dat op verzoek van de consument met onmiddellijke ingang beschikbaar wordt gesteld, anders dan in de vorm van een geoorloofde debetstand waarbij is overeengekomen dat de ter zake verschuldigde betaling van de consument op verzoek of binnen een termijn van één tot drie maanden plaatsvindt, zijn de belangrijkste kenmerken, bedoeld in het eerste lid, onderdeel b, de volgende gegevens:
- a. het jaarlijks kostenpercentage berekend voor een representatief voorbeeld;
- b. het totale door de consument te betalen bedrag;
- c. het totale kredietbedrag en de voorwaarden voor kredietopneming;
- d. de duur van de kredietovereenkomst;
- e. in geval van goederenkrediet, de roerende zaak of de dienst en de contante prijs daarvan;
- f. de debetrentevoet, de voorwaarden die de toepassing van deze rentevoet regelen, en, voor zover beschikbaar, indices of referentierentevoeten die betrekking hebben op de aanvankelijke debetrentevoet, en de termijnen, de voorwaarden en de procedure voor wijziging daarvan; en
- g. het bedrag, het aantal en de frequentie van de door de consument te verrichten betalingen, en, indien van toepassing, de volgorde waarin de betalingen aan de verschillende openstaande saldi tegen verschillende debetrentevoeten worden toegerekend met het oog op de aflossing.
Ten aanzien van consumptief krediet in de vorm van een geoorloofde debetstand waarbij is overeengekomen dat de ter zake verschuldigde betaling van de consument op verzoek of binnen een termijn van één tot drie maanden plaatsvindt, zijn de belangrijkste kenmerken, bedoeld in het eerste lid, onderdeel b, de in artikel 112a, tweede lid, onderdelen c, e, f en g, bedoelde gegevens.
Ten aanzien van effectenkrediet zijn de belangrijkste kenmerken, bedoeld in het eerste lid, onderdeel b, de volgende gegevens:
- a. de debetrentevoet, de voorwaarden die de toepassing van deze rentevoet regelen, en, voor zover beschikbaar, indices of referentierentevoeten die betrekking hebben op de aanvankelijke debetrentevoet, en de termijnen, de voorwaarden en de procedure voor wijziging daarvan; en
- b. dat het krediet wordt verleend of toegezegd tegen onderpand van financiële instrumenten en dat de kredietlimiet afhankelijk is van een bepaald dekkingspercentage en indien van toepassing, bepaalde spreidingseisen; en
- c. welk dekkingspercentage en welke spreidingseisen worden gehanteerd ten aanzien van de in onderpand gegeven financiële instrumenten.
Ten aanzien van hypothecair krediet zijn de belangrijkste kenmerken, bedoeld in het eerste lid, onderdeel b, de in bijlage K, deel A, onderdelen 3 tot en met 6, genoemde gegevens.
Indien een overeenkomst op afstand tot stand komt via spraaktelefonie, verstrekt een financiëledienstverlener de in artikel 77, eerste lid, bedoelde informatie onmiddellijk na de totstandkoming van de overeenkomst op afstand aan de consument. Voorzover het een overeenkomst inzake een levensverzekering, natura-uitvaartverzekering of schadeverzekering betreft, is artikel 78, tweede lid, aanhef en onderdeel a, onderscheidenlijk het tweede lid, aanhef en onderdeel b, of het derde lid van overeenkomstige toepassing.
Artikel 49, eerste lid, eerste volzin, is niet van toepassing op het verstrekken van informatie als bedoeld in het eerste lid.
Artikel 80
Gedurende de looptijd van een overeenkomst op afstand verstrekt een financiëledienstverlener aan de consument op diens verzoek de voorwaarden van de overeenkomst. Voorts kan de consument het gebruik van een ander middel van communicatie op afstand verlangen, tenzij dat niet met de tot stand gekomen overeenkomst op afstand te verenigen is.
Afdeling 8.2. Overige bepalingen met betrekking tot zorgvuldige dienstverlening
Artikel 81
Het gebruik van automatische oproepsystemen zonder menselijke tussenkomst, faxen of elektronische berichten voor het overbrengen van ongevraagde informatie aan een consument, ter bevordering van de totstandkoming van een overeenkomst op afstand, is uitsluitend toegestaan indien de consument daarvoor voorafgaand toestemming heeft verleend. Er zijn voor de consument geen kosten verbonden aan het verlenen van deze toestemming.
Het gebruik van andere dan de in het eerste lid genoemde technieken voor communicatie op afstand voor het overbrengen van ongevraagde informatie of het doen van ongevraagde mededelingen aan een consument, ter bevordering van de totstandkoming van een overeenkomst op afstand, is toegestaan, tenzij de desbetreffende consument te kennen heeft gegeven dat hij informatie of mededelingen waarbij van deze technieken gebruik wordt gemaakt, niet wenst te ontvangen. Er zijn voor de consument geen kosten verbonden aan voorzieningen waarmee wordt voorkomen dat aan een consument ongevraagde informatie wordt overgebracht.
Een financiële onderneming die elektronische contactgegevens voor elektronische berichten heeft verkregen in het kader van de verkoop van een financieel product of het verlenen van een financiële dienst mag deze gegevens gebruiken voor het overbrengen van informatie ter bevordering van de totstandkoming van een overeenkomst op afstand met betrekking tot eigen gelijksoortige financiële producten of financiële diensten, indien bij de verkrijging van de contactgegevens aan de consument duidelijk en uitdrukkelijk de gelegenheid is geboden om kosteloos en op gemakkelijke wijze bezwaar in de zin van artikel 21 van de Algemene verordening gegevensbescherming aan te tekenen tegen het gebruik van die elektronische contactgegevens, en, indien de consument hiervan geen gebruik heeft gemaakt, hem bij elke tot stand gebrachte communicatie de mogelijkheid wordt geboden om onder dezelfde voorwaarden bezwaar in de zin van artikel 21 van de Algemene verordening gegevensbescherming aan te tekenen tegen het verdere gebruik van zijn elektronische contactgegevens.
Bij het gebruik van elektronische berichten ter bevordering van de totstandkoming van een overeenkomst op afstand dienen telkens de volgende gegevens te worden vermeld:
- a. de werkelijke identiteit van degene namens wie de communicatie wordt overgebracht, en
- b. een geldig postadres of nummer waaraan de ontvanger een verzoek tot beëindiging van dergelijke communicatie kan richten.
Artikel 82
Een maatschappij voor collectieve belegging in effecten, beleggingsonderneming of beheerder van een icbe benadert personen die geen professionele belegger zijn, die geen deelnemer zijn in de icbe of aan wie de beleggingsonderneming nog geen beleggingsdienst heeft verleend, direct noch indirect in persoon, anders dan door middel van een techniek voor communicatie op afstand als bedoeld in artikel 81, tenzij:
- a. de betrokkene daarmee vooraf uitdrukkelijk schriftelijk dan wel elektronisch mee heeft ingestemd; of
- b. de betrokkene in het contact slechts informatiemateriaal wordt aangeboden.
Het eerste lid is niet van toepassing op beheerders van icbe’s met zetel in een andere lidstaat, icbe’s met zetel in een andere lidstaat en de eventueel aan die instellingen verbonden bewaarders.
Artikel 83
Een beheerder van een icbe, maatschappij voor collectieve belegging in effecten of bewaarder van een icbe handelt in het belang van de deelnemers in de icbe.
Een beheerder van een icbe of een maatschappij voor collectieve belegging in effecten die een securitisatiepositie heeft die niet langer voldoet aan de voorschriften van verordening (EU) nr. 2017/2402 van het Europees Parlement en de Raad van 12 december 2017 tot vaststelling van een algemeen kader voor securitisatie en tot vaststelling van een specifiek kader voor eenvoudige, transparante en gestandaardiseerde securitisatie, en tot wijziging van de richtlijnen 2009/65/EG, 2009/138/EG en 2011/61/EU en de verordeningen (EG) nr. 1060/2009 en (EU) nr. 648/2012 (PbEU 2017, L 347) handelt in het belang van de deelnemers in de icbe en neemt zo nodig corrigerende maatregelen.
Een beheerder van een icbe of maatschappij voor collectieve belegging in effecten behandelt deelnemers onder vergelijkbare omstandigheden op gelijke wijze.
Door of namens een icbe worden geen transacties uitgevoerd voor haar rekening met een zodanige frequentie of van een zodanige omvang dat dit gezien de omstandigheden kennelijk slechts strekt tot bevoordeling van de beheerder van de icbe, de icbe of met de beheerder van de icbe, maatschappij voor collectieve belegging in effecten of bewaarder van de icbe gelieerde partijen.
Het eerste tot en met vierde lid is niet van toepassing op beheerders van icbe’s met zetel in een andere lidstaat die geen icbe’s met zetel in Nederland beheren, icbe’s met zetel in een andere lidstaat en de eventueel aan die instellingen verbonden bewaarders.
Artikel 84
Een beleggingsonderneming onthoudt zich van het uitvoeren van transacties voor rekening van cliënten met een zodanige frequentie of van een zodanige omvang dat dit gezien de omstandigheden kennelijk slechts strekt tot bevoordeling van de beleggingsonderneming, tenzij sprake is van transacties waarvoor de cliënt op eigen initiatief uitdrukkelijk opdracht heeft gegeven.
Artikel 85
Een beleggingsonderneming verricht geen transactie voor rekening van een cliënt, indien de op naam van de cliënt aanwezige saldi ontoereikend zijn om aan de verplichtingen te voldoen die voortvloeien uit die transactie.
Artikel 86
Een beleggingsonderneming ziet er op toe dat cliënten die posities hebben in financiële instrumenten waaruit verplichtingen kunnen voortvloeien voortdurend over voldoende saldi beschikken om aan de actuele verplichtingen die uit die posities voortvloeien te voldoen.
Indien een cliënt als bedoeld in het eerste lid over onvoldoende saldi beschikt om te voldoen aan de actuele verplichtingen die voortvloeien uit posities in financiële instrumenten, ziet de beleggingsonderneming er op toe dat deze cliënt zekerheden stelt waaruit die verplichtingen kunnen worden voldaan. Indien de cliënt geen zekerheden kan stellen, sluit de beleggingsonderneming de posities zo spoedig mogelijk doch uiterlijk binnen vijf werkdagen tenzij er zich bijzondere omstandigheden voordoen.
Hoofdstuk 8. Zorgvuldige dienstverlening
Afdeling 8.1. Informatieverstrekking
§ 7.2. Aangewezen geschilleninstantie
Artikel 87
Deze paragraaf is niet van toepassing op beheerders van icbe’s met zetel in een andere lidstaat en op beheerders van beleggingsinstellingen of icbe's met zetel in een aangewezen staat.
Artikel 88
Een beheerder van een icbe meldt aan de Autoriteit Financiële Markten een wijziging in de gegevens die eerder door hemzelf of door een andere financiële onderneming aan een toezichthouder zijn verstrekt ten behoeve van de beoordeling van de ingevolge de wet gestelde eisen met betrekking tot de betrouwbaarheid van:
- a. de personen die het beleid van de beheerder van een icbe, van een door hem beheerde maatschappij voor collectieve belegging in effecten of van een bewaarder die is verbonden aan een door hem beheerde icbe bepalen of mede bepalen; of
- b. de personen die onderdeel zijn van een orgaan dat belast is met het toezicht op het beleid en de algemene gang van zaken van de beheerder van een icbe, van een door hem beheerde maatschappij voor collectieve belegging in effecten of van een bewaarder die is verbonden aan een door hem beheerde icbe.
De beheerder van een icbe meldt de wijziging schriftelijk en onverwijld nadat hij daarvan in het kader van de normale bedrijfsvoering kennis heeft genomen.
Artikel 89
Een beheerder van een icbe meldt aan de Autoriteit Financiële Markten schriftelijk het voornemen tot wijziging van het registratiedocument, bedoeld in artikel 4:48, eerste lid, van de wet, voorzover het betreft gegevens over:
- a. de activiteiten van de beheerder en de soorten icbe's die hij beheert of voornemens is te beheren, bedoeld in onderdeel 1.b. van bijlage H;
- b. de personen die het dagelijks beleid van de beheerder of van een bewaarder die is verbonden aan een door hem beheerde icbe bepalen, bedoeld in onderdeel 2.1.a van bijlage H;
- c. de personen die het beleid van de beheerder of van een bewaarder die is verbonden aan een door hem beheerde icbe bepalen of mede bepalen, bedoeld in onderdeel 2.1.b. van bijlage H;
- d. de personen die onderdeel zijn van een orgaan dat belast is met het toezicht op het beleid en de algemene gang van zaken van de beheerder of van een bewaarder die is verbonden aan een door hem beheerde icbe, bedoeld in onderdeel 2.1.c van bijlage H; of
- e. de algemene gegevens betreffende de beheerder en de bewaarders, bedoeld in onderdeel 3 van bijlage H.
De beheerder geeft geen uitvoering aan het voornemen, bedoeld in het eerste lid, aanhef en onderdeel a, voordat de Autoriteit Financiële Markten heeft ingestemd met de wijziging. De Autoriteit Financiële Markten neemt een besluit omtrent de instemming binnen vier weken na ontvangst van de melding.
De beheerder geeft geen uitvoering aan het voornemen, bedoeld in het eerste lid, aanhef en onderdeel b, c of d, voordat de Autoriteit Financiële Markten heeft ingestemd met de wijziging. De Autoriteit Financiële Markten neemt een besluit omtrent de instemming:
- a. binnen zes weken na ontvangst van de melding; of
- b. indien de Autoriteit Financiële Markten binnen twee weken na ontvangst van de melding de beheerder of een derde om nadere gegevens heeft verzocht, binnen zes weken na ontvangst van die gegevens, doch uiterlijk binnen dertien weken na ontvangst van de melding.
Indien de Autoriteit Financiële Markten een derde verzoekt om nadere gegevens als bedoeld in het derde lid, onderdeel b, doet zij daarvan mededeling aan de beheerder.
Bij de melding, bedoeld in het eerste lid, aanhef en onderdeel b, legt de beheerder ten aanzien van te benoemen personen die het dagelijks beleid zullen bepalen de volgende gegevens over:
- a. een opgave van de naam, het privé-adres en de functie;
- b. een curriculum vitae;
- c. een opgave van de geldige relevante diploma’s;
- d. een kopie van een geldig identiteitsbewijs; en
- e. een opgave van referenten.
Bij de melding, bedoeld in het eerste lid, aanhef en onderdelen c en d, legt de beheerder ten aanzien van te benoemen personen die het beleid zullen bepalen of mede bepalen of die onderdeel zullen zijn van een orgaan dat belast is met het toezicht op het beleid en de algemene gang van zaken de volgende gegevens over:
- a. een opgave van de naam, de geboortedatum, de geboorteplaats, nationaliteit, het privé-adres, het telefoon- en faxnummer en de functie;
- b. een kopie van een geldig identiteitsbewijs;
- c. gegevens met betrekking tot de antecedenten, bedoeld in artikel 13; en
- d. een opgave van referenten.
Het zesde lid, onderdelen b, c en d, is niet van toepassing indien de voorgenomen wijziging een persoon betreft wiens betrouwbaarheid voor de toepassing van de wet door een toezichthouder reeds is vastgesteld.
Artikel 90
Een beheerder van een icbe zendt een afschrift van elke met een bewaarder van een icbe gesloten overeenkomst alsmede van wijzigingen van een met een bewaarder van een icbe gesloten overeenkomst binnen twee weken na ondertekening of wijziging van de overeenkomst aan de Autoriteit Financiële Markten.
Artikel 91
Een beheerder van een icbe meldt een wijziging van de gegevens, bedoeld in artikel 4:50, eerste lid, met uitzondering van de onderdelen a, d, g en i van de wet, van een door hem beheerde icbe ten minste twee weken voorafgaand aan de wijziging schriftelijk aan de Autoriteit Financiële Markten.
Een beheerder van een icbe meldt een wijziging in het fondsreglement of de statuten van een door hem beheerde icbe ten minste een maand voorafgaand aan de wijziging schriftelijk aan de Autoriteit Financiële Markten.
Een beheerder van een icbe meldt het voornemen tot vervanging van de beheerder of de bewaarder die aan de icbe is verbonden ten minste een maand tevoren schriftelijk aan de Autoriteit Financiële Markten.
De beheerder geeft geen uitvoering aan het voornemen, bedoeld in het tweede en derde lid, voordat de Autoriteit Financiële Markten daarmee heeft ingestemd.
Artikel 92
Een beheerder van een icbe die vanuit een in een andere lidstaat gelegen bijkantoor een icbe beheert of rechten van deelneming in door hem beheerde icbe’s in die lidstaat aanbiedt, meldt aan de Autoriteit Financiële Markten en de toezichthoudende instantie van de andere lidstaat schriftelijk ten minste een maand tevoren:
- a. een wijziging in het adres in de lidstaat waar documenten kunnen worden opgevraagd;
- b. een wijziging in de identiteit van de personen die het dagelijks beleid van het bijkantoor bepalen; of
- c. het voornemen om het aanbieden van rechten van deelneming in door hem beheerde icbe’s vanuit het in de andere lidstaat gelegen bijkantoor te staken.
Een beheerder van een icbe die vanuit een in een andere lidstaat gelegen bijkantoor een icbe beheert of rechten van deelneming in door hem beheerde icbe’s in die lidstaat aanbiedt, meldt aan de Autoriteit Financiële Markten en de toezichthoudende instantie van de andere lidstaat schriftelijk ten minste een maand tevoren het voornemen tot wijziging van de financiële diensten die hij vanuit het bijkantoor verleent, de organisatiestructuur van het bijkantoor, de procedure voor risicobeheer en de afhandeling van klachten.
De beheerder van een icbe geeft geen uitvoering aan het voornemen, bedoeld in het tweede lid, voordat de Autoriteit Financiële Markten heeft ingestemd met de wijziging. De Autoriteit Financiële Markten neemt een besluit omtrent instemming binnen twee maanden na ontvangst van de melding en stemt in met de wijziging, tenzij de bedrijfsvoering of de financiële positie van de beheerder van een icbe gelet op de voorgenomen wijziging niet toereikend is.
§ 8.1.1. Inleidende bepalingen
Artikel 93
Deze paragraaf is niet van toepassing op beleggingsondernemingen met zetel in een andere lidstaat.
Artikel 94
Een beleggingsonderneming meldt aan de Autoriteit Financiële Markten een wijziging in de gegevens die eerder door haarzelf of door een andere financiële onderneming aan een toezichthouder zijn verstrekt ten behoeve van de beoordeling van de ingevolge de wet gestelde eisen met betrekking tot de betrouwbaarheid van:
- a. de personen die het beleid van de beleggingsonderneming bepalen of mede bepalen; of
- b. de personen die onderdeel zijn van een orgaan dat belast is met het toezicht op het beleid en de algemene gang van zaken van de beleggingsonderneming.
De beleggingsonderneming meldt de wijziging schriftelijk en onverwijld nadat zij daarvan in het kader van de normale bedrijfsvoering kennis heeft genomen.
Het eerste lid is niet van toepassing op:
- a. beleggingsondernemingen die voor de uitoefening van het bedrijf van bank een door de Nederlandsche Bank verleende vergunning hebben of voor de uitoefening van het bedrijf van financiële instelling een door de Nederlandsche Bank verleende verklaring van ondertoezichtstelling hebben; en
- b. beleggingsondernemingen die voor het beheren van een instelling voor collectieve belegging in effecten een door de Autoriteit Financiële Markten verleende vergunning hebben.
Artikel 95
Een beleggingsonderneming meldt aan de Autoriteit Financiële Markten schriftelijk het voornemen tot wijziging van:
- a. de personen die het dagelijks beleid van de beleggingsonderneming bepalen;
- b. de personen die het beleid van de beleggingsonderneming bepalen of mede bepalen; of
- c. de personen die onderdeel zijn van een orgaan dat belast is met het toezicht op het beleid en de algemene gang van zaken van de beleggingsonderneming.
Een beleggingsonderneming geeft geen uitvoering aan het voornemen, bedoeld in het eerste lid, voordat de Autoriteit Financiële Markten heeft ingestemd met de wijziging. De Autoriteit Financiële Markten neemt een besluit omtrent de instemming:
- a. binnen zes weken na ontvangst van de melding; of
- b. indien de Autoriteit Financiële Markten binnen twee weken na ontvangst van de melding de beleggingsonderneming of een derde om nadere gegevens heeft verzocht, binnen zes weken na ontvangst van die gegevens, doch uiterlijk binnen dertien weken na ontvangst van de melding.
Indien de Autoriteit Financiële Markten een derde verzoekt om nadere gegevens als bedoeld in het tweede lid, onderdeel b, doet zij daarvan mededeling aan de beleggingsonderneming.
Bij de melding, bedoeld in het eerste lid, onderdeel a, legt de beleggingsonderneming ten aanzien van te benoemen personen die het dagelijks beleid zullen bepalen de volgende gegevens over:
- a. een opgave van de naam, het privé-adres en de functie;
- b. een curriculum vitae;
- c. een opgave van de relevante geldige diploma’s;
- d. een kopie van een geldig identiteitsbewijs; en
- e. een opgave van referenten.
Bij de melding, bedoeld in het eerste lid, onderdelen b en c, legt de beleggingsonderneming ten aanzien van te benoemen personen die het beleid zullen bepalen of mede bepalen of die onderdeel zullen zijn van een orgaan dat belast is met het toezicht op het beleid en de algemene gang van zaken de volgende gegevens over:
- a. een opgave van de naam, de geboortedatum, de geboorteplaats, nationaliteit, het privé-adres, het telefoon- en faxnummer en de functie;
- b. een kopie van een geldig identiteitsbewijs;
- c. gegevens met betrekking tot de antecedenten, bedoeld in artikel 13; en
- d. een opgave van referenten.
Het vijfde lid, onderdelen b, c en d, is niet van toepassing indien de wijziging een persoon betreft wiens betrouwbaarheid voor de toepassing van de wet door een toezichthouder reeds is vastgesteld.
Het eerste tot en met vijfde lid zijn niet van toepassing op:
- a. beleggingsondernemingen die voor de uitoefening van het bedrijf van bank een door de Nederlandsche Bank verleende vergunning hebben of voor de uitoefening van het bedrijf van financiële instelling een door de Nederlandsche Bank verleende verklaring van ondertoezichtstelling hebben; en
- b. beleggingsondernemingen die voor het beheren van een instelling voor collectieve belegging in effecten een door de Autoriteit Financiële Markten verleende vergunning hebben.
Artikel 96
Een beleggingsonderneming meldt aan de Autoriteit Financiële Markten ten minste twee weken tevoren schriftelijk een wijziging in:
- a. de maatregelen, bedoeld in artikel 4:83, tweede lid, van de wet;
- b. de maatregelen, bedoeld in artikel 4:87, eerste en tweede lid, van de wet;
- c. de onderdelen van de bedrijfsvoering met betrekking waartoe ingevolge artikel 4:14, tweede lid, aanhef en onderdelen a en b, regels zijn gesteld, voorzover het een significante wijziging betreft;
- d. de onderdelen van de bedrijfsvoering waarover ingevolge artikel 4:14, tweede lid, aanhef en onderdeel c, regels zijn gesteld, voorzover het een significante wijziging betreft;
- e. de naam en het adres van het hoofdkantoor van de beleggingsonderneming, en, indien zij haar zetel niet in Nederland heeft, het adres van het bijkantoor, alsmede, in voorkomend geval, de plaats van haar zetel;
- f. indien zij met personen in een formele of feitelijke zeggenschapsstructuur is verbonden: de samenstelling daarvan; of
- g. de financiële diensten die de beleggingsonderneming verleent of de financiële producten waarop deze diensten betrekking hebben.
Het eerste lid, met uitzondering van de onderdelen b en d, is niet van toepassing op:
- a. beleggingsondernemingen die voor de uitoefening van het bedrijf van bank een door de Nederlandsche Bank verleende vergunning hebben of voor de uitoefening van het bedrijf van financiële instelling een door de Nederlandsche Bank verleende verklaring van ondertoezichtstelling hebben; en
- b. beleggingsondernemingen die voor het beheren van een instelling voor collectieve belegging in effecten een door de Autoriteit Financiële Markten verleende vergunning hebben.
Artikel 97
Een beleggingsonderneming met zetel in Nederland die vanuit een in een andere lidstaat gelegen bijkantoor beleggingsdiensten verleent, meldt aan de Autoriteit Financiële Markten en de toezichthoudende instantie van de andere lidstaat schriftelijk ten minste een maand tevoren:
- a. een wijziging van de financiële diensten die zij vanuit het bijkantoor verleent;
- b. een wijziging in het adres in de lidstaat waar documenten kunnen worden opgevraagd;
- c. een wijziging in de identiteit van de personen die het dagelijks beleid bepalen van het bijkantoor; of
- d. het voornemen om het verlenen van beleggingsdiensten vanuit het bijkantoor te staken.
Het eerste lid, aanhef en onderdelen b en c, is niet van toepassing op beleggingsondernemingen die hebben voldaan aan artikel 92.
Artikel 98
Een beleggingsonderneming met zetel in Nederland die door middel van het verrichten van diensten naar een andere lidstaat beleggingsdiensten verleent, meldt aan de Autoriteit Financiële Markten en de toezichthoudende instantie van de andere lidstaat schriftelijk ten minste een maand tevoren:
- a. een wijziging van de financiële diensten die de beleggingsonderneming in de andere lidstaat verleent; en
- b. het voornemen om het verlenen van beleggingsdiensten door middel van het verrichten van diensten naar de andere lidstaat te staken.
Artikel 99
Een beleggingsonderneming met zetel in Nederland die vanuit een in een staat die geen lidstaat is gelegen bijkantoor beleggingsdiensten verleent, meldt aan de Autoriteit Financiële Markten schriftelijk ten minste een maand tevoren:
- a. een wijziging in het adres van het bijkantoor;
- b. een wijziging in de identiteit van de personen die het dagelijks beleid bepalen van het bijkantoor; of
- c. het voornemen om het verlenen van beleggingsdiensten vanuit het bijkantoor te staken.
Een beleggingsonderneming met zetel in Nederland die vanuit een in een staat die geen lidstaat is gelegen bijkantoor beleggingsdiensten verleent, meldt aan de Autoriteit Financiële Markten schriftelijk het voornemen tot wijziging van:
- a. de financiële diensten die zij vanuit het bijkantoor verleent; of
- b. de maatregelen gericht op het bevorderen en handhaven van een integere bedrijfsvoering.
De beleggingsonderneming geeft geen uitvoering aan het voornemen, bedoeld in het tweede lid, voordat de Autoriteit Financiële Markten heeft ingestemd met de wijziging. De Autoriteit Financiële Markten neemt een besluit omtrent instemming binnen twee maanden na ontvangst van de melding en stemt in met de wijziging, tenzij de bedrijfsvoering of de financiële positie van de beleggingsonderneming gelet op de voorgenomen wijziging niet toereikend is.
Zodra de beleggingsonderneming het voornemen, bedoeld in het eerste lid, onderdeel c, uitvoert, meldt zij dit onverwijld aan de Autoriteit Financiële Markten.
De melding, bedoeld in het eerste en tweede lid, gaat vergezeld van een vertaling van de desbetreffende gegevens, voorzover de Autoriteit Financiële Markten dat verlangt.
§ 8.1.2. Algemene informatie over financiële ondernemingen
Artikel 100
Een rechtspersoon als bedoeld in artikel 2:105, eerste lid, van de wet meldt aan de Autoriteit Financiële Markten binnen twee weken schriftelijk een wijziging in:
- a. de naam en het adres van een aangesloten onderneming;
- b. de rechtsvorm van een aangesloten onderneming;
- c. indien een aangesloten onderneming een rechtspersoon is: de statutaire zetel, de statutaire naam en de handelsnaam of handelsnamen; of
- d. indien een aangesloten onderneming is ingeschreven in het handelsregister: het nummer van de inschrijving.
§ 7.2. Aangewezen geschilleninstantie
Artikel 101
Deze paragraaf is niet van toepassing op:
- a. bemiddelaars in verzekeringen met zetel in een andere lidstaat;
- b. financiëledienstverleners die voor de uitoefening van het bedrijf van bank of verzekeraar een door de Nederlandsche Bank verleende vergunning hebben of voor de uitoefening van het bedrijf van financiële instelling een door de Nederlandsche Bank verleende verklaring van ondertoezichtstelling hebben;
- c. financiëledienstverleners met zetel in een andere lidstaat of een aangewezen staat die het bedrijf van financiële instelling, bank of verzekeraar uitoefenen; en
- d. herverzekeringsbemiddelaars met zetel in een andere lidstaat.
Artikel 102
Een financiëledienstverlener meldt aan de Autoriteit Financiële Markten een wijziging in de gegevens die eerder door hemzelf of een andere financiële onderneming aan een toezichthouder zijn verstrekt ten behoeve van de beoordeling van de ingevolge de wet gestelde eisen met betrekking tot de betrouwbaarheid van:
- a. de personen die het beleid van de financiëledienstverlener bepalen of mede bepalen; of
- b. de personen die onderdeel zijn van een orgaan dat belast is met het toezicht op het beleid en de algemene gang van zaken van de financiëledienstverlener.
De financiëledienstverlener meldt de wijziging schriftelijk en onverwijld nadat hij daarvan in het kader van de normale bedrijfsvoering kennis heeft genomen.
Het eerste en tweede lid zijn niet van toepassing op financiëledienstverleners die tevens beleggingsonderneming, beheerder van een beleggingsinstelling of beheerder van een icbe zijn.
Artikel 103
Een financiëledienstverlener meldt aan de Autoriteit Financiële Markten schriftelijk het voornemen tot benoeming van:
- a. een persoon die het beleid van de financiëledienstverlener bepaalt of mede bepaalt; of
- b. een persoon die onderdeel is van een orgaan dat belast is met het toezicht op het beleid en de algemene gang van zaken van de financiëledienstverlener.
Een financiëledienstverlener geeft geen uitvoering aan het voornemen, bedoeld in het eerste lid, voordat de Autoriteit Financiële Markten heeft vastgesteld dat de betrouwbaarheid van de betrokken persoon buiten twijfel staat en deze persoon geschikt is. De Autoriteit Financiële Markten neemt een besluit omtrent de betrouwbaarheid en geschiktheid:
- a. binnen zes weken na ontvangst van de melding; of
- b. indien de Autoriteit Financiële Markten binnen twee weken na ontvangst van de melding de financiëledienstverlener of een derde om nadere gegevens heeft verzocht, binnen zes weken na ontvangst van die gegevens, doch uiterlijk binnen dertien weken na ontvangst van de melding.
Indien de Autoriteit Financiële Markten een derde verzoekt om nadere gegevens als bedoeld in het tweede lid, onderdeel b, doet zij daarvan mededeling aan de financiëledienstverlener.
Bij de melding legt de financiëledienstverlener ten aanzien van de betrokken persoon de volgende gegevens over:
- a. een opgave van de naam, de geboortedatum, de geboorteplaats, nationaliteit, het privé-adres, het telefoon- en faxnummer, curriculum vitae, een opgave van de relevante geldige diploma's en de functie;
- b. een kopie van een geldig identiteitsbewijs;
- c. gegevens met betrekking tot de antecedenten, bedoeld in artikel 13; en
- d. een opgave van referenten.
Het vierde lid, onderdelen b, c en d, is niet van toepassing indien de voorgenomen benoeming een persoon betreft wiens betrouwbaarheid voor de toepassing van de wet reeds is vastgesteld.
Artikel 104
Een financiëledienstverlener meldt aan de Autoriteit Financiële Markten binnen twee weken schriftelijk een wijziging in:
- a. zijn naam en adres;
- b. zijn rechtsvorm;
- c. indien hij een rechtspersoon is: zijn statutaire zetel, statutaire naam en handelsnaam of handelsnamen;
- d. indien hij is ingeschreven in het handelsregister: het nummer van de inschrijving;
- e. de financiële diensten die hij verleent of de financiële producten waarop deze diensten betrekking hebben;
- f. indien hij een bemiddelaar in verzekeringen is: de natuurlijke personen die zijn beleid bepalen; of
- g. indien hij een gevolmachtigde agent of ondergevolmachtigde agent is: de verzekeraar voor wie zijn volmacht geldt of de natuurlijke personen die zijn beleid bepalen.
§ 8.1.2. Algemene informatie over financiële ondernemingen
Artikel 105
Een schadeverzekeraar met zetel in Nederland die de branche Aansprakelijkheid motorrijtuigen uitoefent of een schadeverzekeraar met zetel in een staat die geen lidstaat is die de branche Aansprakelijkheid motorrijtuigen uitoefent vanuit een in Nederland gelegen bijkantoor, meldt een wijziging in de naam of het adres van een door hem in een andere lidstaat aangestelde schaderegelaar als bedoeld in artikel 4:70, tweede lid, van de wet binnen twee weken schriftelijk aan de Autoriteit Financiële Markten.
Artikel 106
Een schadeverzekeraar met zetel buiten Nederland die de branche Aansprakelijkheid motorrijtuigen uitoefent door middel van het verrichten van diensten naar Nederland meldt een wijziging in de akte van aanstelling van de schade-afhandelaar, bedoeld in artikel 4:71, derde lid, van de wet binnen twee weken schriftelijk aan de Autoriteit Financiële Markten.
Afdeling 8.1. Informatieverstrekking
Artikel 107
De door een accountant als bedoeld in artikel 4:27, tweede lid, van de wet op grond van artikel 4:27, vierde lid, van de wet te verstrekken gegevens zijn:
- a. het accountantsverslag aan de bestuurders en de raad van commissarissen;
- b. de directiebrieven; en
- c. correspondentie tussen de accountant en de financiële onderneming die rechtstreeks betrekking heeft op de verklaring omtrent de getrouwheid van de jaarrekening van de financiële onderneming.
De directiebrieven, bedoeld in het eerste lid, onderdeel b, met betrekking tot een icbe en een beheerder van een icbe bevatten in ieder geval een verklaring van de accountant of en zo ja, in hoeverre hij de inrichting van de bedrijfsvoering heeft beoordeeld.
Artikel 108
Een accountant die voornemens is gegevens als bedoeld in artikel 107 te verstrekken, stelt de financiële onderneming daarvan in kennis.
Indien de financiële onderneming dat wenst, kan zij zelf de gegevens aan de Autoriteit Financiële Markten verstrekken. In dat geval stelt zij de accountant daarvan in kennis. De accountant vergewist zich ervan dat de Autoriteit Financiële Markten de gegevens heeft ontvangen en dat de inhoud van de gegevens hem geen aanleiding geeft alsnog gegevens aan de Autoriteit Financiële Markten te verstrekken.
Indien de accountant schriftelijk gegevens verstrekt aan de Autoriteit Financiële Markten, zendt hij onverwijld aan de financiële onderneming een afschrift van de gegevens en, indien van toepassing, van de begeleidende brief.
Hoofdstuk 8. Zorgvuldige dienstverlening
Afdeling 8.1. Informatieverstrekking
Artikel 109
In deze afdeling en de daarop berustende bepalingen wordt in afwijking van artikel 1, verstaan onder gelieerde partij:
- a. persoon die met een aanbieder van beleggingsobjecten in een formele of feitelijke zeggenschapsstructuur is verbonden;
- b. persoon die direct of indirect stemrecht kan uitoefenen of anderszins bepaalde rechten kan uitoefenen in een aanbieder van beleggingsobjecten waardoor invloed van betekenis kan worden uitgeoefend op diens zakelijk of financieel beleid;
- c. natuurlijke persoon die in een familierechtelijke betrekking staat of een persoonlijke relatie heeft met een bestuurder van een aanbieder van beleggingsobjecten of met een natuurlijke persoon als bedoeld in onderdeel a of b, op grond van welke relatie hij het handelen van de bestuurder of de natuurlijke persoon met betrekking tot de aanbieder van beleggingsobjecten kan beïnvloeden; of
- d. rechtspersoon waarin een bestuurder van een aanbieder van beleggingsobjecten of een natuurlijke persoon als bedoeld in onderdeel c direct of indirect stemrecht kan uitoefenen of anderszins bepaalde rechten kan uitoefenen waardoor sprake is van invloed van betekenis op het zakelijk of financieel beleid van die rechtspersoon.
Artikel 110
In het beleggingsobjectprospectus, bedoeld in artikel 4:30a, eerste lid, van de wet worden, voorzover van toepassing, de volgende gegevens opgenomen:
- a. de naam, rechtsvorm, datum van oprichting, zetel en de plaats van het hoofdkantoor van de aanbieder;
- b. een beschrijving van de formele of feitelijke zeggenschapsstructuur waarin de aanbieder met andere personen is verbonden en de met hem gelieerde partijen;
- c. de voorwaarden, alsmede de wijze waarop deze voorwaarden kunnen worden gewijzigd en de wijze van bekendmaking van een wijziging aan de consument;
- d. een beschrijving van de belangrijkste kenmerken van de serie van beleggingsobjecten waarvan het beleggingsobject deel uitmaakt, waaronder in ieder geval de aard, de bestaansduur en de risico’s, die onder meer inzichtelijk worden gemaakt door een risico-indicator, alsmede de effecten van die risico’s op het door de consument te realiseren rendement;
- e. een beschrijving van de activiteiten van de aanbieder met betrekking tot de serie van beleggingsobjecten waarvan het beleggingsobject deel uitmaakt, voorzover mogelijk te onderscheiden in:
- 1°. operationele activiteiten, onder vermelding van de plaats waar deze plaatsvinden;
- 2°. financieringsactiviteiten, voorzover mogelijk te onderscheiden in het als kredietnemer aangaan van overeenkomsten inzake krediet en het als crediteur uitzetten van gelden; en
- 3°. uitbestedingsactiviteiten onder vermelding van het beleid inzake het uitbesteden van werkzaamheden, waaronder ten minste een beschrijving van de werkzaamheden die zijn uitbesteed, de naam en de plaats van de zetel van de derde waaraan werkzaamheden zijn uitbesteed, alsmede de vermelding, indien van toepassing, dat de derde een gelieerde partij is;
- f. een beschrijving van de wijze waarop wordt bepaald of de opbrengsten door de aanbieder aan de consument worden uitgekeerd;
- g. een beschrijving van de door de aanbieder te verstrekken garanties die aan de consument in het vooruitzicht worden gesteld;
- h. een beschrijving van de transacties die worden verricht met gelieerde partijen, waaronder:
- 1°. de vermelding of een transactie onder marktconforme voorwaarden plaatsvindt, dan wel, indien dat niet het geval is, wat de reden daarvoor is; en
- 2°. indien een transactie niet plaatsvindt op een gereglementeerde markt of een andere markt in financiële instrumenten: de vermelding of aan de transactie een onafhankelijke waardebepaling ten grondslag ligt of dat de waarde kan worden bepaald door een of meer bij de transactie betrokken partijen;
- i. de kosten op jaarbasis per serie van beleggingsobjecten waarvan het beleggingsobject deel uitmaakt, en de relevante aannames die daaraan ten grondslag liggen; en
- j. de gegevens op jaarbasis per serie van beleggingsobjecten waarvan het beleggingsobject deel uitmaakt, betreffende de brutowaarde, de financieringen, de prestatievergoedingen, en de rentebaten, met inbegrip van de daarbij gehanteerde waarderingsgrondslagen, waarbij als uitgangspunt geldt dat de brutowaarde wordt gebaseerd op de vrije verkoopwaarde per serie van beleggingsobjecten.
Artikel 49 is van overeenkomstige toepassing op het verstrekken van het beleggingsobjectprospectus door de aanbieder van het beleggingsobject onderscheidenlijk de bemiddelaar.
De Autoriteit Financiële Markten kan regels stellen met betrekking tot de wijze waarop de gegevens, bedoeld in het eerste lid, in het beleggingsobjectprospectus worden opgenomen alsmede met betrekking tot de wijze van berekening van de kosten, risico’s en opbrengsten, bedoeld in het eerste lid.
Afdeling 8.1. Informatieverstrekking
§ 8.1.1. Inleidende bepalingen
Artikel 111
Artikel 4:33, eerste lid, van de wet is niet van toepassing op:
- a. aanbieders van consumptief krediet, voorzover het consumptief krediet onderdeel uitmaakt van een complex product; en
- b. aanbieders van consumptief krediet voorzover zij overeenkomsten inzake consumptief krediet beheren of uitvoeren.
Artikel 112
De informatie, bedoeld in artikel 4:33, eerste lid, van de wet, met betrekking tot andere vormen van krediet dan bedoeld in de artikelen 112a, 112b, 112d en 112e, wordt schriftelijk of op een andere duurzame drager verstrekt in de vorm van het in bijlage D bij dit besluit opgenomen formulier en bevat de in die bijlage bedoelde gegevens.
De informatie, bedoeld in het eerste lid, wordt gebaseerd op de door de consument kenbaar gemaakte voorkeur en verstrekte informatie.
De aanbieder of de bemiddelaar, indien de kredietovereenkomst tot stand is gekomen door tussenkomst van een bemiddelaar, anders dan als nevenactiviteit, verstrekt in aanvulling op de informatie, bedoeld in het eerste lid, de naam van de benchmark en de beheerder daarvan, alsmede de mogelijke gevolgen voor de consument, indien de kredietovereenkomst is afgesloten na 30 juni 2018 en een debetrentevoet gebruikt die is gebaseerd op een benchmark als bedoeld in artikel 3, eerste lid, onderdeel 3, van de verordening financiële benchmarks.
Informatie in aanvulling op de informatie, bedoeld in het eerste lid, wordt verstrekt in een afzonderlijk document.
Indien de overeenkomst op verzoek van de consument tot stand is gekomen met gebruikmaking van een techniek voor communicatie op afstand waardoor de in het eerste lid bedoelde informatie niet op de in dat lid voorgeschreven wijze voorafgaand aan de totstandkoming van de overeenkomst kan worden verstrekt, verstrekt de aanbieder de informatie onmiddellijk na de totstandkoming van de overeenkomst aan de consument.
De aanbieder verstrekt aan de consument op zijn verzoek een kosteloos exemplaar van de ontwerpovereenkomst inzake krediet, tenzij de aanbieder op het tijdstip van het verzoek niet voornemens is de overeenkomst met de consument aan te gaan.
Ten aanzien van een overeenkomst inzake krediet waarbij de betalingen door de consument niet tot een directe overeenkomstige aflossing van het totale kredietbedrag leiden, maar dienen om, gedurende de periodes en onder de voorwaarden die in de overeenkomst inzake krediet of in een nevenovereenkomst zijn vastgesteld, kapitaal op te bouwen, bevat de op grond van het eerste lid te verstrekken informatie een duidelijke en beknopte vermelding dat de overeenkomst inzake krediet niet voorziet in een garantie tot aflossing van het totale uit hoofde van de overeenkomst opgenomen kredietbedrag, tenzij die garantie wordt gegeven.
De aanbieder verstrekt de consument, teneinde deze in staat te stellen te beoordelen of de voorgestelde overeenkomst inzake krediet aan zijn behoeften en financiële situatie beantwoordt:
- a. een passende toelichting op de informatie, bedoeld in het eerste lid;
- b. de voornaamste kenmerken van het voorgestelde krediet,
- c. indien van toepassing, informatie inzake het goed of de dienst, bedoeld in bijlage D, onderdeel 2, van dit besluit en van de verzekering of de rekening, bedoeld in onderdeel 3 van die bijlage;
- d. de specifieke gevolgen van het krediet voor de consument, met inbegrip van de gevolgen indien de consument niet betaalt.
Indien informatie als bedoeld in het eerste lid niet voorafgaand aan de totstandkoming van de overeenkomst op de in dat lid bedoelde wijze kan worden bepaald, wordt zij bepaald met toepassing van de desbetreffende hypothese, bedoeld in bijlage A, deel II.
§ 8.1.1a. Cliëntenclassificatie
Artikel 113
Een aanbieder van krediet gaat met een consument geen overeenkomst inzake krediet aan waarvan het totale kredietbedrag meer dan € 1000 bedraagt, indien hij niet beschikt over voldoende schriftelijke of op een andere duurzame drager vastgelegde informatie aangaande de financiële positie van de consument om, ter voorkoming van overkreditering, te kunnen beoordelen of het aangaan van de overeenkomst verantwoord is.
Het eerste lid is niet van toepassing op aanbieders van krediet voorzover zij krediet aanbieden tegen onderpand van effecten als bedoeld in onderdeel a, dan wel onderdeel b van de definitie van effect in artikel 1:1 van de wet, die tot zekerheid dienen voor de terugbetaling van het krediet aan een consument die reeds op het moment van aangaan van de overeenkomst inzake krediet bezitter is van de te verpanden effecten als bedoeld in onderdeel a, dan wel onderdeel b van de definitie van effect in artikel 1:1 van de wet, van welk krediet het totale kredietbedrag gedurende de looptijd van de overeenkomst inzake het krediet niet hoger is dan zeventig procent van de waarde van de te verpanden effecten, indien het effecten betreffen als bedoeld in onderdeel a van de definitie van effect in artikel 1:1 van de wet, dan wel niet hoger is dan tachtig procent van de waarde van de te verpanden effecten, indien het effecten betreffen als bedoeld in onderdeel b van de definitie van effect in artikel 1:1 van de wet, en:
- 1°. die effecten als bedoeld in onderdeel a, dan wel onderdeel b van de definitie van effect in artikel 1:1 van de wet, zijn toegelaten tot de handel op een gereglementeerde markt; of
- 2°. de waarde van die effecten als bedoeld in onderdeel a, dan wel onderdeel b van de definitie van effect in artikel 1:1 van de wet, door middel van een openbare prijsaanduiding voor een ieder kenbaar is.
Het eerste lid is niet van toepassing op aanbieders van krediet voor zover zij krediet aanbieden in de vorm van een geoorloofde debetstand die binnen drie maanden dient te worden afgelost en die niet hoger is dan het bedrag dat maandelijks op de rekening wordt gestort.
Artikel 114
Alvorens met een consument een overeenkomst inzake krediet aan te gaan waarvan het totale kredietbedrag meer dan € 250 bedraagt, raadpleegt een aanbieder van krediet de bij het stelsel van kredietregistratie waaraan hij deelneemt geregistreerde gegevens over reeds aan de consument verleende kredieten.
Artikel 115
Ter voorkoming van overkreditering legt een aanbieder van krediet de criteria vast die hij ten grondslag legt aan de beoordeling van een kredietaanvraag van een consument en past hij deze criteria toe bij de beoordeling van een kredietaanvraag.
Het eerste lid is niet van toepassing op aanbieders van krediet voor zover zij krediet aanbieden in de vorm van een geoorloofde debetstand die binnen drie maanden dient te worden afgelost en die niet hoger is dan het bedrag dat maandelijks op de rekening wordt gestort.
Bij ministeriële regeling worden de inkomenscriteria vastgesteld en de maximale hoogte van het hypothecair krediet in verhouding tot de waarde van de woning.
In aanvulling op het eerste lid past een aanbieder van hypothecair krediet de bij ministeriële regeling vastgestelde inkomenscriteria toe bij de beoordeling van een aanvraag voor een hypothecair krediet.
Een aanbieder van hypothecair krediet houdt bij de beoordeling van de kredietaanvraag rekening met het bij ministeriële regeling bepaalde maximale hypothecair krediet in verhouding tot de waarde van de woning.
De waarde van de woning is:
- 1°. de koopsom of aanneemsom dan wel de kosten volgens de begroting van een bouwkundig bedrijf, eventueel vermeerderd met de kosten van de grond, kosten van de bouw, inclusief de kosten voor meerwerk, bouwrente en renteverlies tijdens de bouwperiode, en de aansluiting op nutsvoorzieningen;
- 2°. de marktwaarde van de woning blijkens een door een deskundig taxateur opgemaakt taxatierapport dat op het moment van aangaan van het hypothecair krediet niet ouder is dan een jaar, eventueel na verbouwing; of
- 3°. de modelmatige waardebepaling van de woning die is beoordeeld en goedgekeurd door een deskundig en onafhankelijk taxateur, met dien verstande dat:
- a. de hoogte van het hypothecair krediet niet meer bedraagt dan 90 procent van de aldus vastgestelde waarde van de woning indien de modelmatige waarde van de woning is gebaseerd op een statistisch model dat in ten minste 90 procent van de waardebepalingen in Nederland of in een regionaal gebied dat deel uitmaakt van de gebiedsindeling opgesteld door de Coördinatiecommissie Regionaal Onderzoeksprogramma minder dan tien procent afwijkt van de uiteindelijke transactiewaarde van de woning; of
- b. de hoogte van het hypothecair krediet niet meer bedraagt dan 70 procent van de aldus vastgestelde waarde van de woning indien de modelmatige waarde van de woning is gebaseerd op een statistisch model dat in ten minste 85 procent van de waardebepalingen in Nederland of in een regionaal gebied dat deel uitmaakt van de gebiedsindeling opgesteld door de Coördinatiecommissie Regionaal Onderzoeksprogramma minder dan vijftien procent afwijkt van de uiteindelijke transactiewaarde van de woning.
Vervallen.
De aanbieder van hypothecair krediet gebruikt uitsluitend een statistisch model als bedoeld in het zesde lid, onder 3°, dat jaarlijks door een externe accountant van de modelleverancier wordt beoordeeld waarbij de externe accountant heeft geconcludeerd dat het statistisch model voldoet aan de in het zesde lid, onder 3°, gestelde voorwaarden.
Afdeling 10.3. Rechten van deelneming in een beleggingsinstelling
§ 8.1.2. Algemene informatie over financiële ondernemingen
Artikel 116
Vervallen
Artikel 117
Het registratiedocument, bedoeld in artikel 4:48, eerste lid, van de wet, bevat ten minste de gegevens, genoemd in bijlage H.
Artikel 118
Onverminderd artikel 4:49, tweede lid, aanhef en onderdelen a tot en met d, van de wet bevat het prospectus, bedoeld in artikel 4:49, eerste lid, van de wet, de gegevens, genoemd in bijlage I.
In het prospectus worden in afzonderlijke paragrafen de gegevens opgenomen over:
- a. de kosten van de icbe en de wijze waarop zij ten laste komen van het resultaat van de icbe, in mindering worden gebracht op het beheerde vermogen of anderszins direct of indirect ten laste komen van de deelnemers in de icbe; en
- b. de aan de icbe verbonden risico’s.
De Autoriteit Financiële Markten kan nadere regels stellen met betrekking tot de wijze waarop de gegevens, bedoeld in bijlage I, worden opgenomen in het prospectus.
Artikel 119
Een beheerder van een icbe of een icbe verstrekt de jaarrekening, het bestuursverslag en de overige gegevens, bedoeld in artikel 4:51, eerste lid, van de wet, wat de indeling en inhoud betreft, onverminderd de artikelen 121 tot en met 124 en 146, in de vorm waarin deze zijn opgemaakt krachtens Titel 9 van Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek of de internationale jaarrekeningstandaarden.
Artikel 120
Een beheerder van een icbe stelt de jaarrekening, het bestuursverslag en de overige gegevens, bedoeld in artikel 4:52, eerste lid, van de wet en de halfjaarcijfers, bedoeld in artikel 4:52, tweede lid, kosteloos verkrijgbaar voor deelnemers in de icbe.
De openbaarmaking van de jaarrekening, het bestuursverslag en de overige gegevens, bedoeld in artikel 4:52, eerste lid, van de wet, geschiedt door publicatie op de website van de beheerder van de icbe. Gelijktijdig met de publicatie op de website deelt de beheerder in een landelijk verspreid Nederlands dagblad dan wel aan het adres van iedere deelnemer, mee dat voor deelnemers op verzoek bij de beheerder een afschrift van de jaarrekening, het bestuursverslag en de overige gegevens van de beheerder, de icbe of de bewaarder van een icbe voor de deelnemers in de icbe kosteloos verkrijgbaar is.
De openbaarmaking van de halfjaarcijfers, bedoeld in artikel 4:52, tweede lid, van de wet geschiedt overeenkomstig het tweede lid.
De beheerder van een icbe houdt de informatie, bedoeld in het tweede en derde lid, gedurende ten minste drie jaar beschikbaar op zijn website.
Artikel 121
De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.
Deze tekst wordt gepubliceerd onder de eigen hergebruiksvoorwaarden van BWB, niet onder een licentie van Legalize of van het publieke domein.
BWB
CC0 1.0 Universeel (publiek domein)