Wijzigingsgeschiedenis
Wet ziekteverzekering BES
14 versions
· 2026-01-01
2026-01-01
Wet ziekteverzekering BES — art. 4
2025-07-01
Wet ziekteverzekering BES — arts. 4, 4, 4 y 3 más
2025-01-01
Wet ziekteverzekering BES — arts. 12, 15
2021-01-01
Wet ziekteverzekering BES — arts. 12, 15
2020-01-01
Wet ziekteverzekering BES — arts. 12, 15
2019-01-01
Wet ziekteverzekering BES — arts. 12, 15
Wijzigingen op 2019-01-01
@@ -200,11 +200,11 @@
8. De premie komt ten gunste van het Rijk.
9. Ten laste van het Rijk komen de door Onze Minister verstrekte uitkeringen, bedoeld in de [artikelen 3, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0028728&artikel=3&z=2018-01-01&g=2018-01-01), en [5, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0028728&artikel=5&z=2018-01-01&g=2018-01-01), en alle kosten verbonden aan de uitvoering van deze wet.
9. Ten laste van het Rijk komen de door Onze Minister verstrekte uitkeringen, bedoeld in de [artikelen 3, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0028728&artikel=3&z=2019-01-01&g=2019-01-01), en [5, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0028728&artikel=5&z=2019-01-01&g=2019-01-01), en alle kosten verbonden aan de uitvoering van deze wet.
##### Artikel 8a
Voor zover op grond van deze wet niet anders is bepaald is ten aanzien van de premieheffing en invordering op grond van [artikel 8](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0028728&artikel=8&z=2018-01-01&g=2018-01-01) en de invordering daarvan [hoofdstuk VIII van de Belastingwet BES](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0029244&hoofdstuk=VIII) van overeenkomstige toepassing.
Voor zover op grond van deze wet niet anders is bepaald en in afwijking van [artikel 14c](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0028728&artikel=14c&z=2019-01-01&g=2019-01-01) is ten aanzien van de premieheffing en invordering op grond van [artikel 8](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0028728&artikel=8&z=2019-01-01&g=2019-01-01) en de invordering daarvan [hoofdstuk VIII van de Belastingwet BES](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0029244&hoofdstuk=VIII) van overeenkomstige toepassing.
##### Artikel 8b
@@ -298,7 +298,7 @@
1. Onze Minister is belast met de uitvoering van deze wet, met dien verstande, dat de heffing van de premie geschiedt door de inspecteur en de invordering daarvan door de ontvanger.
2. Een ieder is verplicht ten behoeve van de uitvoering op verzoek aan Onze Minister inlichtingen te verstrekken, desverlangd schriftelijk. De door Onze Minister verlangde inlichtingen moeten binnen een door Onze Minister te stellen termijn worden verstrekt. De verzekerde is verplicht uit eigen beweging aan Onze Minister inlichtingen te verstrekken waarvan de verzekerde redelijkerwijs kan vermoeden dat deze aanleiding kunnen geven tot verlies of beëindiging van het recht op uitkering op grond van [artikel 3, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0028728&artikel=3&z=2018-01-01&g=2018-01-01). Ook is een ieder verplicht de door Onze Minister gegeven aanwijzingen ten behoeve van de uitvoering van deze wet op te volgen.
2. Een ieder is verplicht ten behoeve van de uitvoering op verzoek aan Onze Minister inlichtingen te verstrekken, desverlangd schriftelijk. De door Onze Minister verlangde inlichtingen moeten binnen een door Onze Minister te stellen termijn worden verstrekt. De verzekerde is verplicht uit eigen beweging aan Onze Minister inlichtingen te verstrekken waarvan de verzekerde redelijkerwijs kan vermoeden dat deze aanleiding kunnen geven tot verlies of beëindiging van het recht op uitkering op grond van [artikel 3, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0028728&artikel=3&z=2019-01-01&g=2019-01-01). Ook is een ieder verplicht de door Onze Minister gegeven aanwijzingen ten behoeve van de uitvoering van deze wet op te volgen.
3. Bij niet naleving van de in tweede lid opgelegde verplichtingen door de verzekerde is Onze Minister bevoegd de te verstrekken tegemoetkomingen en vergoedingen op te schorten.
@@ -336,42 +336,42 @@
Alle op grond van deze wet opgemaakte of overgelegde stukken, verzoekschriften en beschikkingen zijn vrij van het recht van zegel en van de formaliteit van registratie.
## Bekendmaking beschikkingen
##### Artikel 14a
1. Op overtreding van [artikel 11, derde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0028728&artikel=11&z=2019-01-01&g=2019-01-01), en het niet of niet tijdig nakomen van een van de verplichtingen gesteld bij de [artikelen 5, zesde lid, eerste zin](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0028728&artikel=5&z=2019-01-01&g=2019-01-01), [6, eerste lid, tweede zin](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0028728&artikel=6&z=2019-01-01&g=2019-01-01), [8h, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0028728&artikel=8h&z=2019-01-01&g=2019-01-01), [8i](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0028728&artikel=8i&z=2019-01-01&g=2019-01-01), [12, tweede lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0028728&artikel=12&z=2019-01-01&g=2019-01-01), en krachtens [artikel 13](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0028728&artikel=13&z=2019-01-01&g=2019-01-01) wordt een boete geheven van de tweede categorie.
2. Onder het niet voldoen aan de verplichtingen, genoemd in [artikel 12, tweede lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0028728&artikel=12&z=2019-01-01&g=2019-01-01), wordt mede verstaan het verstrekken van onjuiste inlichtingen.
3. Indien er sprake is van herhaling van eenzelfde overtreding binnen twee jaar wordt het maximum van de boetes, genoemd in het eerste lid, verdubbeld.
4. De boete wordt geheven door middel van een beschikking van Onze Minister.
## Bezwaar en beroep
##### Artikel 15
1. Overtreding van [artikel 11, derde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0028728&artikel=11&z=2019-01-01&g=2019-01-01), en het niet of niet tijdig nakomen van een van de verplichtingen gesteld bij de [artikelen 5, zesde lid, eerste zin](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0028728&artikel=5&z=2019-01-01&g=2019-01-01), [6, eerste lid, tweede zin](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0028728&artikel=6&z=2019-01-01&g=2019-01-01), [8h, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0028728&artikel=8h&z=2019-01-01&g=2019-01-01), [8i](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0028728&artikel=8i&z=2019-01-01&g=2019-01-01), [12, tweede lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0028728&artikel=12&z=2019-01-01&g=2019-01-01), en op grond van [artikel 13](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0028728&artikel=13&z=2019-01-01&g=2019-01-01) wordt gestraft met hechtenis van ten hoogste een maand of geldboete van de derde categorie.
2. Het opzettelijk, mondeling of schriftelijk verstrekken of doen verstrekken van inlichtingen als bedoeld in [artikel 12, tweede lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0028728&artikel=12&z=2019-01-01&g=2019-01-01), die onjuist zijn alsmede het afleggen van een valse verklaring aan Onze Minister, wordt gestraft met gevangenisstraf van ten hoogste een jaar of een geldboete van de derde categorie.
3. Het opzettelijk door giften, beloften, misbruik van gezag, geweld, bedreiging of misleiding bewegen van een werknemer om geen gebruik te maken van een hem op grond van deze wet toekomend recht wordt gestraft met gevangenisstraf van ten hoogste een jaar of geldboete van de derde categorie
4. De in het eerste lid strafbaar gestelde feiten zijn overtredingen en de in het tweede en derde lid strafbaar gestelde feiten misdrijven.
##### Artikel 15a
Een administratieve boete vervalt, indien degene aan wie de administratieve boete is opgelegd, wegens het feit op grond waarvan boete is verschuldigd, onherroepelijk is veroordeeld, is vrijgesproken of is ontslagen van rechtsvervolging.
##### Artikel 15b
1. Met de opsporing van bij deze wet strafbaar gestelde feiten zijn, naast de in [artikel 184 van het Wetboek van Strafvordering](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0028681&artikel=184) bedoelde ambtenaren, belast de door Onze Minister van Justitie, in overeenstemming met Onze Minister, aangewezen ambtenaren.
2. Bij algemene maatregel van bestuur kunnen nadere regels worden gesteld ten aanzien van de functievervulling van de op grond van het eerste lid aangestelde functionarissen.
## Strafbepalingen
##### Artikel 14a
1. Op overtreding van [artikel 11, derde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0028728&artikel=11&z=2018-01-01&g=2018-01-01), en het niet of niet tijdig nakomen van een van de verplichtingen gesteld bij de [artikelen 5, zesde lid, eerste zin](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0028728&artikel=5&z=2018-01-01&g=2018-01-01), [6, eerste lid, tweede zin](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0028728&artikel=6&z=2018-01-01&g=2018-01-01), [8h, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0028728&artikel=8h&z=2018-01-01&g=2018-01-01), [8i](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0028728&artikel=8i&z=2018-01-01&g=2018-01-01), [12, tweede lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0028728&artikel=12&z=2018-01-01&g=2018-01-01), en krachtens [artikel 13](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0028728&artikel=13&z=2018-01-01&g=2018-01-01) wordt een boete geheven van de tweede categorie.
2. Onder het niet voldoen aan de verplichtingen, genoemd in [artikel 12, tweede lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0028728&artikel=12&z=2018-01-01&g=2018-01-01), wordt mede verstaan het verstrekken van onjuiste inlichtingen.
3. Indien er sprake is van herhaling van eenzelfde overtreding binnen twee jaar wordt het maximum van de boetes, genoemd in het eerste lid, verdubbeld.
4. De boete wordt geheven door middel van een beschikking van Onze Minister.
## Strafbepalingen
##### Artikel 15
1. Overtreding van [artikel 11, derde lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0028728&artikel=11&z=2018-01-01&g=2018-01-01), en het niet of niet tijdig nakomen van een van de verplichtingen gesteld bij de [artikelen 5, zesde lid, eerste zin](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0028728&artikel=5&z=2018-01-01&g=2018-01-01), [6, eerste lid, tweede zin](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0028728&artikel=6&z=2018-01-01&g=2018-01-01), [8h, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0028728&artikel=8h&z=2018-01-01&g=2018-01-01), [8i](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0028728&artikel=8i&z=2018-01-01&g=2018-01-01), [12, tweede lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0028728&artikel=12&z=2018-01-01&g=2018-01-01), en op grond van [artikel 13](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0028728&artikel=13&z=2018-01-01&g=2018-01-01) wordt gestraft met hechtenis van ten hoogste een maand of geldboete van de derde categorie.
2. Het opzettelijk, mondeling of schriftelijk verstrekken of doen verstrekken van inlichtingen als bedoeld in [artikel 12, tweede lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0028728&artikel=12&z=2018-01-01&g=2018-01-01), die onjuist zijn alsmede het afleggen van een valse verklaring aan Onze Minister, wordt gestraft met gevangenisstraf van ten hoogste een jaar of een geldboete van de derde categorie.
3. Het opzettelijk door giften, beloften, misbruik van gezag, geweld, bedreiging of misleiding bewegen van een werknemer om geen gebruik te maken van een hem op grond van deze wet toekomend recht wordt gestraft met gevangenisstraf van ten hoogste een jaar of geldboete van de derde categorie
4. De in het eerste lid strafbaar gestelde feiten zijn overtredingen en de in het tweede en derde lid strafbaar gestelde feiten misdrijven.
##### Artikel 15a
Een administratieve boete vervalt, indien degene aan wie de administratieve boete is opgelegd, wegens het feit op grond waarvan boete is verschuldigd, onherroepelijk is veroordeeld, is vrijgesproken of is ontslagen van rechtsvervolging.
##### Artikel 15b
1. Met de opsporing van bij deze wet strafbaar gestelde feiten zijn, naast de in [artikel 184 van het Wetboek van Strafvordering](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0028681&artikel=184) bedoelde ambtenaren, belast de door Onze Minister van Justitie, in overeenstemming met Onze Minister, aangewezen ambtenaren.
2. Bij algemene maatregel van bestuur kunnen nadere regels worden gesteld ten aanzien van de functievervulling van de op grond van het eerste lid aangestelde functionarissen.
## Overgangs- en slotbepalingen
##### Artikel 16
Deze wet wordt aangehaald als: Wet ziekteverzekering BES.
@@ -388,4 +388,32 @@
## Administratieve sancties
## Overgangs- en slotbepalingen
## Advisering
##### Artikel 14b
1. De bekendmaking van een beschikking geschiedt door toezending of uitreiking aan de rechthebbende.
2. Indien de bekendmaking van de beschikking niet kan geschieden op de wijze als voorzien in het eerste lid, geschiedt zij op een andere geschikte wijze.
3. De beschikking vermeldt de dagtekening van de beslissing, de gronden waarop deze berust, alsmede waar beroep kan worden ingesteld.
##### Artikel 14c
1. De belanghebbende kan tegen een beschikking op grond van deze wet beroep instellen bij het Gerecht, bedoeld in [artikel 1, eerste lid, onderdeel b, van de Wet administratieve rechtspraak BES](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0028455&artikel=1).
2. Bij een beroep tegen een beschikking op grond van [artikel 7, aanhef en onderdeel i](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0028728&artikel=7&z=2019-01-01&g=2019-01-01), is [artikel 23, eerste lid, laatste zin, van de Wet administratieve rechtspraak BES](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0028455&artikel=23) niet van toepassing.
3. Bij een bestuurlijke heroverweging van een beschikking op grond van [artikel 7, aanhef en onderdeel i](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0028728&artikel=7&z=2019-01-01&g=2019-01-01), is [artikel 24, eerste en tweede lid, van de Wet administratieve rechtspraak BES](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0028455&artikel=24) van overeenkomstige toepassing.
4. Met betrekking tot een beschikking op grond van [artikel 7, aanhef en onderdeel i](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0028728&artikel=7&z=2019-01-01&g=2019-01-01), kan het Gerecht, bedoeld in [artikel 1, eerste lid, onderdeel b, van de Wet administratieve rechtspraak BES](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0028455&artikel=1), indien het bestuursorgaan niet voldoet aan de verplichting, bedoeld in [artikel 23 van de Wet administratieve rechtspraak BES](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0028455&artikel=23), daaruit de gevolgtrekking maken die hem geraden voorkomt.
##### Artikel 14d
[Afdeling 3.3 van de Algemene wet bestuursrecht](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0005537&afdeling=3.3) is van toepassing met dien verstande dat in:
- a. [artikel 3:5, eerste lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0005537&artikel=3:5), in plaats van «besluiten» wordt gelezen «beschikkingen» en in de [artikelen 3:6, tweede lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0005537&artikel=3:6), [3:8](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0005537&artikel=3:8) en [3:9](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0005537&artikel=3:9) in plaats van «het besluit» wordt gelezen «de beschikking»;
- b. [artikel 3:7, tweede lid](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0005537&artikel=3:7), in plaats van «[Artikel 10 van de Wet openbaarheid van bestuur](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0005252&artikel=10)» wordt gelezen «[Artikel 11 van de Wet openbaarheid van bestuur BES](https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0028154&artikel=11)».
## Citeertitel
2018-01-01
Wet ziekteverzekering BES — arts. 8, 12, 15
2017-10-01
Wet ziekteverzekering BES — arts. 8, 12, 15
2016-01-01
Wet ziekteverzekering BES — arts. 8, 12, 15
2015-01-01
Wet ziekteverzekering BES — arts. 8, 12, 15
2013-07-01
Wet ziekteverzekering BES — arts. 8, 12, 15
2012-01-01
Wet ziekteverzekering BES — arts. 8, 12, 15
2011-01-01
Wet ziekteverzekering BES — arts. 1, 1, 1 y 29 más
2010-10-10
Wet ziekteverzekering BES
original version
Tekst op deze datum