Regeling van de Staatssecretaris van Economische Zaken van 23 juni 2014, nr. WJZ/14101260, houdende regels met betrekking tot het houden van dieren
Bijlage 1. Aangewezen diersoorten en diercategorieën als bedoeld in artikel 2.1 van de Regeling houders van dieren
Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.
Artikel 2.1. Positieflijst (huisdierenlijst)
Vervallen
Artikel 2.2. De aanvraag
Een aanvraag voor aanwijzing van een diersoort of diercategorie als bedoeld in artikel 2.2, eerste lid, van de wet of artikel 4.14, eerste lid, van het besluit, dan wel tot intrekking van een aanwijzing als bedoeld in die artikelen, wordt ingediend met gebruikmaking van een middel dat door de Minister beschikbaar is gesteld.
Op de aanvraag wordt binnen een termijn van zes maanden beslist. De Minister kan de beslissing op de aanvraag voor ten hoogste drie maanden verdagen. Van de verdaging wordt voor de afloop van de eerste termijn mededeling gedaan aan de aanvrager, waarbij een termijn wordt genoemd waarbinnen beslist wordt.
De artikelen 4:2, 4:3a, 4:5, 4:6 en 4:15 van de Algemene wet bestuursrecht zijn van overeenkomstige toepassing op de aanvraag.
Voor een aanvraag als bedoeld in het eerste lid is de aanvrager een retributie verschuldigd van € 500.
Artikel 2.3. Vrijstelling
Vervallen
Artikel 2.4. Ontheffing
De aanvraag van een ontheffing van het verbod van artikel 2.2, eerste lid, van de wet wordt met gebruikmaking van het daarvoor bestemde aanvraagformulier ingediend en bevat ten minste het volgende:
- a. naam, adres, woonplaats, burgerservicenummer van de aanvrager dan wel het inschrijvingsnummer in het handelsregister als de aanvrager een onderneming is, en het adres van de plaats waar de dieren gehouden worden als dat niet het woonadres van de aanvrager is;
- b. de redenen waarom de ontheffing wordt gevraagd;
- c. de omschrijving van het belang dat de aanvrager heeft bij de ontheffing;
- d. de soort en het aantal dieren waarvoor ontheffing wordt gevraagd;
- e. een omschrijving van de beschikbare huisvesting en houderijomstandigheden, waarbij wordt aangeduid op welke wijze, gelet op de bekende eigenschappen van de soort, schade aan gezondheid en welzijn van het dier wordt voorkomen;
- f. de voorgenomen wijze van verzorging.
De Minister beoordeelt de aanvraag aan de hand van de gegevens, bedoeld in het eerste lid onder b, c, d, e en f.
Indien de onderdelen van de aanvraag, genoemd in het eerste lid, onderdeel a, b, c of d onjuist zijn of onvoldoende aanleiding geven tot het verlenen van een ontheffing, worden de onderdelen e en f van het eerste lid niet beoordeeld.
Voor een aanvraag als bedoeld in het eerste lid is de aanvrager een retributie verschuldigd van € 100.
In afwijking van het vierde lid is geen retributie verschuldigd indien ten behoeve van het houden van de dieren van de desbetreffende soort of categorie tevens een aanvraag als bedoeld in artikel 14.43, tweede lid, van de Omgevingsregeling, is gedaan.
Hoofdstuk 3. Administratie van diergeneesmiddelen door de houder van dieren
§ 1. Administratie diergeneesmiddelen
§ 1. Melding en gebruik aangewezen diergeneesmiddelen
§ 1.2. Bedrijfsgezondheidsplan en bedrijfsbehandelplan
Hoofdstuk 4. Dierenvervoer
Hoofdstuk 5. Doden van dieren
Hoofdstuk 6. Verzorging vleeskuikens
Hoofdstuk 7. Registratie van legkippenhouders
Hoofdstuk 7a. Handelsnormen pluimveekuikens
Hoofdstuk 7b. Houden van konijnen voor productie
Hoofdstuk 8. Bedrijfsmatig houden van dieren anders dan voor landbouwdoeleinden
Hoofdstuk 9. Overige bepalingen
Hoofdstuk 10. Wijziging en intrekking van regelingen
Hoofdstuk 11. Slotbepalingen
Tabel 1
Tabel 1
Diersoorten die zijn aangewezen als bedoeld in artikel 2.2, eerste lid, van de Wet dieren die gehouden kunnen worden zonder toepassing van soortspecifieke houderijvoorschriften.
Tabel 1
Diersoorten die zijn aangewezen als bedoeld in artikel 2.2, eerste lid, van de Wet dieren die gehouden kunnen worden zonder toepassing van soortspecifieke houderijvoorschriften.
Bijlage 2
| Categorie vrijgestelde houder | Soorten waarvoor vrijstelling geldt |
|---|---|
| a. houders van zoogdieren | a. de zoogdieren die behoren tot de zoogdiersoorten of zoogdiercategorieën, die zijn opgenomen in bijlage 2 (tabel 3), voor zover die dieren aantoonbaar in Nederland werden gehouden op het tijdstip waarop het besluit dat de soort of categorie niet wordt aangewezen in werking getreden is, tot aan het overlijden van de dieren; b. de nakomelingen van de dieren bedoeld onder a, indien aannemelijk is dat die dieren van de nakomelingen drachtig waren op het onder a bedoelde tijdstip. Aan de vrijstelling is het voorschrift verbonden dat de houder zich registreert bij RVO.nl |
| b. houders van zoogdieren | andere zoogdiersoorten of zoogdier-categorieën dan de soorten die zijn opgenomen in bijlage 1, 2 of 3 |
| c. exploitanten van dierentuinen | alle zoogdiersoorten |
| d. opvangcentra, die voldoen aan het Protocol opvang verboden diersoorten | zoogdiersoorten ten aanzien waarvan een besluit is genomen dat zij niet worden aangewezen of waarvan de aanwijzing is ingetrokken |
| e. opvangcentra die voldoen aan het Protocol opvang bedreigde inheemse diersoorten | bedreigde inheemse zoogdiersoorten als bedoeld in artikel 4 van de Flora- en faunawet |
| f. opvangcentra die voldoen aan het Protocol opvang bedreigde uitheemse diersoorten | bedreigde uitheemse zoogdiersoorten als bedoeld in artikel 5 van de Flora- en faunawet |
| g. houders van een instellings-vergunning als bedoeld in de artikelen 2 en 11a van de Wet op de dierproeven | proefdieren |
| h. degene die een of meer exemplaren zoogdiersoorten vervoert van of naar een Nederlandse zee- of luchthaven, met inbegrip van een daarmee verband houdend verblijf in Nederland van ten hoogste 4 werkdagen | alle zoogdiersoorten |
| i. dierenartsen in de uitoefening van hun praktijk, ten behoeve van diergeneeskundige behandeling | alle zoogdiersoorten |
Diersoorten die niet worden aangewezen als bedoeld in artikel 2.2, eerste lid, van de Wet dieren
| Wetenschappelijke naam (Wilson & Reeder, 2005) | Nederlandse naam | Datum waarop het verbod in werking treedt |
|---|---|---|
| Mazama americana | Rood spieshert | 1 april 2015 |
| Mazama bororo | Klein rood spieshert | 1 april 2015 |
| Mazama bricenii | Merioa spieshert | 1 april 2015 |
| Mazama chunyi | Dwergspieshert | 1 april 2015 |
| Mazama gouazoubira | Grijs spieshert | 1 april 2015 |
| Mazama nana | Pygmeespieshert | 1 april 2015 |
| Mazama pandora | Yucatan bruin spieshert | 1 april 2015 |
| Mazama rufina | Bruin spieshert | 1 april 2015 |
| Mazama temama | Centraal Amerikaans rood spieshert | 1 april 2015 |
| Muntiacus atherodes | Gele borneomuntjak | 1 april 2015 |
| Muntiacus crinifrons | Zwarte muntjak | 1 april 2015 |
| Muntiacus feae | Tibetaanse muntjak | 1 april 2015 |
| Muntiacus gongshanensis | Gongshanmuntjak | 1 april 2015 |
| Muntiacus muntjak | Indische muntjak | 1 april 2015 |
| Muntiacus puhoatensis | Pu Hoat muntjak | 1 april 2015 |
| Muntiacus putaoensis | Bladmuntjak | 1 april 2015 |
| Muntiacus rooseveltorum | Yunnanmuntjak | 1 april 2015 |
| Muntiacus truongsonensis | Truongsonmuntjak | 1 april 2015 |
| Muntiacus vuquangensis | Reuzemuntjak | 1 april 2015 |
Bijlage 2
| Categorie vrijgestelde houder | Soorten waarvoor vrijstelling geldt |
|---|---|
| a. houders van zoogdieren | a. de zoogdieren die behoren tot de zoogdiersoorten of zoogdiercategorieën, die zijn opgenomen in bijlage 2 (tabel 3), voor zover die dieren aantoonbaar in Nederland werden gehouden op het tijdstip waarop het besluit dat de soort of categorie niet wordt aangewezen in werking getreden is, tot aan het overlijden van de dieren; b. de nakomelingen van de dieren bedoeld onder a, indien aannemelijk is dat die dieren van de nakomelingen drachtig waren op het onder a bedoelde tijdstip. Aan de vrijstelling is het voorschrift verbonden dat de houder zich registreert bij RVO.nl |
| b. houders van zoogdieren | andere zoogdiersoorten of zoogdier-categorieën dan de soorten die zijn opgenomen in bijlage 1, 2 of 3 |
| c. exploitanten van dierentuinen | alle zoogdiersoorten |
| d. opvangcentra, die voldoen aan het Protocol opvang verboden diersoorten | zoogdiersoorten ten aanzien waarvan een besluit is genomen dat zij niet worden aangewezen of waarvan de aanwijzing is ingetrokken |
| e. opvangcentra die voldoen aan het Protocol opvang bedreigde inheemse diersoorten | bedreigde inheemse zoogdiersoorten als bedoeld in artikel 4 van de Flora- en faunawet |
| f. opvangcentra die voldoen aan het Protocol opvang bedreigde uitheemse diersoorten | bedreigde uitheemse zoogdiersoorten als bedoeld in artikel 5 van de Flora- en faunawet |
| g. houders van een instellings-vergunning als bedoeld in de artikelen 2 en 11a van de Wet op de dierproeven | proefdieren |
| h. degene die een of meer exemplaren zoogdiersoorten vervoert van of naar een Nederlandse zee- of luchthaven, met inbegrip van een daarmee verband houdend verblijf in Nederland van ten hoogste 4 werkdagen | alle zoogdiersoorten |
| i. dierenartsen in de uitoefening van hun praktijk, ten behoeve van diergeneeskundige behandeling | alle zoogdiersoorten |
Diersoorten die niet worden aangewezen als bedoeld in artikel 2.2, eerste lid, van de Wet dieren
| Wetenschappelijke naam (Wilson & Reeder, 2005) | Nederlandse naam | Datum waarop het verbod in werking treedt |
|---|---|---|
| Mazama americana | Rood spieshert | 1 april 2015 |
| Mazama bororo | Klein rood spieshert | 1 april 2015 |
| Mazama bricenii | Merioa spieshert | 1 april 2015 |
| Mazama chunyi | Dwergspieshert | 1 april 2015 |
| Mazama gouazoubira | Grijs spieshert | 1 april 2015 |
| Mazama nana | Pygmeespieshert | 1 april 2015 |
| Mazama pandora | Yucatan bruin spieshert | 1 april 2015 |
| Mazama rufina | Bruin spieshert | 1 april 2015 |
| Mazama temama | Centraal Amerikaans rood spieshert | 1 april 2015 |
| Muntiacus atherodes | Gele borneomuntjak | 1 april 2015 |
| Muntiacus crinifrons | Zwarte muntjak | 1 april 2015 |
| Muntiacus feae | Tibetaanse muntjak | 1 april 2015 |
| Muntiacus gongshanensis | Gongshanmuntjak | 1 april 2015 |
| Muntiacus muntjak | Indische muntjak | 1 april 2015 |
| Muntiacus puhoatensis | Pu Hoat muntjak | 1 april 2015 |
| Muntiacus putaoensis | Bladmuntjak | 1 april 2015 |
| Muntiacus rooseveltorum | Yunnanmuntjak | 1 april 2015 |
| Muntiacus truongsonensis | Truongsonmuntjak | 1 april 2015 |
| Muntiacus vuquangensis | Reuzemuntjak | 1 april 2015 |
Bijlage 2
| Categorie vrijgestelde houder | Soorten waarvoor vrijstelling geldt |
|---|---|
| a. houders van zoogdieren | a. de zoogdieren die behoren tot de zoogdiersoorten of zoogdiercategorieën, die zijn opgenomen in bijlage 2 (tabel 3), voor zover die dieren aantoonbaar in Nederland werden gehouden op het tijdstip waarop het besluit dat de soort of categorie niet wordt aangewezen in werking getreden is, tot aan het overlijden van de dieren; b. de nakomelingen van de dieren bedoeld onder a, indien aannemelijk is dat die dieren van de nakomelingen drachtig waren op het onder a bedoelde tijdstip. Aan de vrijstelling is het voorschrift verbonden dat de houder zich registreert bij RVO.nl |
| b. houders van zoogdieren | andere zoogdiersoorten of zoogdier-categorieën dan de soorten die zijn opgenomen in bijlage 1, 2 of 3 |
| c. exploitanten van dierentuinen | alle zoogdiersoorten |
| d. opvangcentra, die voldoen aan het Protocol opvang verboden diersoorten | zoogdiersoorten ten aanzien waarvan een besluit is genomen dat zij niet worden aangewezen of waarvan de aanwijzing is ingetrokken |
| e. opvangcentra die voldoen aan het Protocol opvang bedreigde inheemse diersoorten | bedreigde inheemse zoogdiersoorten als bedoeld in artikel 4 van de Flora- en faunawet |
| f. opvangcentra die voldoen aan het Protocol opvang bedreigde uitheemse diersoorten | bedreigde uitheemse zoogdiersoorten als bedoeld in artikel 5 van de Flora- en faunawet |
| g. houders van een instellings-vergunning als bedoeld in de artikelen 2 en 11a van de Wet op de dierproeven | proefdieren |
| h. degene die een of meer exemplaren zoogdiersoorten vervoert van of naar een Nederlandse zee- of luchthaven, met inbegrip van een daarmee verband houdend verblijf in Nederland van ten hoogste 4 werkdagen | alle zoogdiersoorten |
| i. dierenartsen in de uitoefening van hun praktijk, ten behoeve van diergeneeskundige behandeling | alle zoogdiersoorten |
Diersoorten die niet worden aangewezen als bedoeld in artikel 2.2, eerste lid, van de Wet dieren
| Wetenschappelijke naam (Wilson & Reeder, 2005) | Nederlandse naam | Datum waarop het verbod in werking treedt |
|---|---|---|
| Mazama americana | Rood spieshert | 1 april 2015 |
| Mazama bororo | Klein rood spieshert | 1 april 2015 |
| Mazama bricenii | Merioa spieshert | 1 april 2015 |
| Mazama chunyi | Dwergspieshert | 1 april 2015 |
| Mazama gouazoubira | Grijs spieshert | 1 april 2015 |
| Mazama nana | Pygmeespieshert | 1 april 2015 |
| Mazama pandora | Yucatan bruin spieshert | 1 april 2015 |
| Mazama rufina | Bruin spieshert | 1 april 2015 |
| Mazama temama | Centraal Amerikaans rood spieshert | 1 april 2015 |
| Muntiacus atherodes | Gele borneomuntjak | 1 april 2015 |
| Muntiacus crinifrons | Zwarte muntjak | 1 april 2015 |
| Muntiacus feae | Tibetaanse muntjak | 1 april 2015 |
| Muntiacus gongshanensis | Gongshanmuntjak | 1 april 2015 |
| Muntiacus muntjak | Indische muntjak | 1 april 2015 |
| Muntiacus puhoatensis | Pu Hoat muntjak | 1 april 2015 |
| Muntiacus putaoensis | Bladmuntjak | 1 april 2015 |
| Muntiacus rooseveltorum | Yunnanmuntjak | 1 april 2015 |
| Muntiacus truongsonensis | Truongsonmuntjak | 1 april 2015 |
| Muntiacus vuquangensis | Reuzemuntjak | 1 april 2015 |
Bijlage 2
Vrijstellingen als bedoeld in artikel 2.3
| Categorie vrijgestelde houder | Soorten waarvoor vrijstelling geldt |
|---|---|
| a. houders van zoogdieren | De zoogdiersoorten of zoogdiercategorieën die zijn opgenomen in tabel 4 |
| b. houders van zoogdieren | De zoogdiersoorten of zoogdiercategorieën die niet zijn opgenomen in tabel 4, mits de houder bij de minister binnen veertien dagen melding doet van het houden van het dier. De melding wordt ingediend met gebruikmaking van het daarvoor bestemde formulier en bevat ten minste het volgende: a. het burgerservicenummer van de houder dan wel het inschrijvingsnummer in het handelsregister indien de houder een onderneming is; b. de diersoort of diercategorie waarvoor de melding wordt gedaan. |
| c. exploitanten van dierentuinen | alle zoogdiersoorten |
| d. opvangcentra, die voldoen aan het Protocol opvang verboden diersoorten, bedreigde uitheemse diersoorten en bedreigde inheemse diersoorten: | zoogdieren van soorten ten aanzien waarvan het besluit is genomen dat zij niet worden aangewezen of waarvan de aanwijzing is ingetrokken en zoogdieren van soorten als bedoeld in bijlage IIa bij het besluit |
| e. houders van een instellings-vergunning als bedoeld in de artikelen 2 en 11a van de Wet op de dierproeven | proefdieren |
| f. degene die een of meer exemplaren zoogdiersoorten vervoert van of naar een Nederlandse zee- of luchthaven, met inbegrip van een daarmee verband houdend verblijf in Nederland van ten hoogste 4 werkdagen | alle zoogdiersoorten |
| g. dierenartsen in de uitoefening van hun praktijk, ten behoeve van diergeneeskundige behandeling | alle zoogdiersoorten |
Diersoorten die niet worden aangewezen als bedoeld in artikel 2.2, eerste lid, van de Wet dieren
Vervallen.
| Geslacht | Ondergeslacht | Soort | Nederlands |
|---|---|---|---|
| Echinops | telfairi | Kleine egeltenrek | |
| Hemicentetes | nigriceps | Zwartkoptenrek | |
| Hemicentetes | semispinosus | Gestreepte tenrek | |
| Setifer | setosus | Grote egeltenrek | |
| Tenrec | ecaudatus | Gewone tenrek | |
| Antilocapra | americana | Gaffelbok | |
| Neotragus | pygmaeus | Dwergantilope | |
| Alcelaphus | buselaphus | Hartenbeest | |
| Connochaetes | gnou | Witstaartgnoe | |
| Damaliscus | lunatus | Lierantilope | |
| Aepyceros | melampus | Impala | |
| Antidorcas | marsupialis | Springbok | |
| Antilope | cervicapra | Indische antilope | |
| Gazella | subgutturosa | Kropgazelle | |
| Nanger | granti | Grantgazelle | |
| Nanger | soemmerringii | Soemerringgazelle | |
| Ourebia | ourebi | Oribi | |
| Procapra | picticaudata | Tibetaanse gazelle | |
| Saiga | tatarica | Saiga | |
| Bison | bison | Bizon | |
| Bison | bonasus | Wisent | |
| Bos | grunniens | Jak (domestic form) | |
| Syncerus | caffer | Afrikaanse buffel | |
| Boselaphus | tragocamelus | Nijlgau | |
| Taurotragus | derbianus | Reuzenelandantilope | |
| Taurotragus | oryx | Elandantilope | |
| Tetracerus | quadricornis | Vierhoornantilope | |
| Tragelaphus | angasii | Nyala | |
| Tragelaphus | buxtoni | Bergnyala | |
| Tragelaphus | eurycerus | Bongo | |
| Tragelaphus | imberbis | Kleine koedoe | |
| Tragelaphus | scriptus | Bosbok | |
| Tragelaphus | spekii | Sitatoenga | |
| Tragelaphus | strepsiceros | Grote koedoe | |
| Ammotragus | lervia | Manenschaap | |
| Capra | falconeri | Schroefhoorngeit | |
| Capra | ibex | Steenbok | |
| Capra | nubiana | Nubische steenbok | |
| Capra | pyrenaica | Spaanse steenbok | |
| Capra | sibirica | Siberische steenbok | |
| Capricornis | crispus | Japanse bosgems | |
| Capricornis | sumatraensis | Sumatraanse bosgems | |
| Hemitragus | jemlahicus | Himalayathargeit | |
| Ovis | ammon | Wild schaap | |
| Ovis | canadensis | Dikhoornschaap | |
| Ovis | dalli | Dalls schaap | |
| Pantholops | hodgsonii | Tibetaanse antilope | |
| Pseudois | nayaur | Blauwschaap | |
| Rupicapra | rupicapra | Gems | |
| Addax | nasomaculatus | Addax | |
| Hippotragus | equinus | Roanantilope | |
| Hippotragus | niger | Sabelantilope | |
| Oryx | beisa | Beisa | |
| Oryx | dammah | Algazel | |
| Oryx | gazella | Gemsbok | |
| Oryx | leucoryx | Arabische oryx | |
| Kobus | ellipsiprymnus | Waterbok | |
| Redunca | fulvorufula | Bergrietbok | |
| Redunca | redunca | Bohorrietbok | |
| Camelus | bactrianus | Kameel | |
| Camelus | dromedarius | Dromedaris | |
| Lama | glama | Lama | |
| Vicugna | pacos | Alpaca | |
| Vicugna | vicugna | Vicuña | |
| Alces | americanus | Amerikaanse eland | |
| Blastocerus | dichotomus | Moerashert | |
| Capreolus | capreolus | Ree | |
| Odocoileus | hemionus | Muildierhert | |
| Odocoileus | virginianus | Witstaarthert | |
| Rangifer | tarandus | Rendier | |
| Axis | axis | Axishert | |
| Cervus | nippon | Sikahert | |
| Elaphodus | cephalophus | Kuifhert | |
| Elaphurus | davidianus | Pater-Davidshert | |
| Muntiacus | muntjak | Indische muntjak | |
| Hydropotes | inermis | Chinese waterree | |
| Hylochoerus | meinertzhageni | Reuzenboszwijn | |
| Phacochoerus | aethiopicus | Woestijnknobbelzwijn | |
| Potamochoerus | porcus | Penseelzwijn | |
| Sus | scrofa | Wild zwijn | |
| Canis | adustus | Gestreepte jakhals | |
| Canis | aureus | Gewone jakhals | |
| Canis | mesomelas | Zadeljakhals | |
| Nyctereutes | procyonoides | Wasbeerhond | |
| Otocyon | megalotis | Grootoorvos | |
| Vulpes | corsac | Steppevos | |
| Vulpes | lagopus | Poolvos | |
| Vulpes | rueppellii | Zandvos | |
| Vulpes | vulpes | Vos | |
| Vulpes | zerda | Woestijnvos | |
| Felis | chaus | Moeraskat | |
| Felis | margarita | Woestijnkat | |
| Leptailurus | serval | Serval | |
| Crossarchus | obscurus | Koesimanse | |
| Cynictis | penicillata | Vosmangoest | |
| Helogale | parvula | Dwergmangoest | |
| Mungos | mungo | Zebramangoeste | |
| Suricata | suricatta | Stokstaartje | |
| Mephitis | mephitis | Gestreepte skunk | |
| Aonyx | cinerea | Kleinklauwotter | |
| Eira | barbara | Tayra | |
| Galictis | vittata | Grote grison | |
| Nasua | nasua | Rode neusbeer | |
| Potos | flavus | Rolstaartbeer | |
| Procyon | lotor | Wasbeer | |
| Ursus | arctos | Bruine beer | |
| Arctictis | binturong | Beermarter | |
| Paradoxurus | hermaphroditus | Loewak | |
| Civettictis | civetta | Afrikaanse civetkat | |
| Genetta | genetta | Genetkat | |
| Genetta | maculata | Roestgenet | |
| Genetta | pardina | Pardin's genetkat | |
| Genetta | thierryi | Hausagenet | |
| Genetta | tigrina | Tijgergenet | |
| Viverra | zibetha | Indische civetkat | |
| Carollia | perspicillata | Brilbladneusvleermuis | |
| Eidolon | helvum | Palmvleerhond | |
| Hypsignathus | monstrosus | Hamerkopvleerhond | |
| Pteropus | vampyrus | Kalong | |
| Rousettus | Rousettus | aegyptiacus | Nijlroezet |
| Dasypus | novemcinctus | Negenbandgordeldier | |
| Chaetophractus | vellerosus | Klein behaard gordeldier | |
| Chaetophractus | villosus | Bruinbehaard gordeldier | |
| Euphractus | sexcinctus | Zesbandgordeldier | |
| Tolypeutes | matacus | Kogelgordeldier | |
| Didelphis | albiventris | Zuidamerikaanse opossum | |
| Monodelphis | domestica | Kortstaartopossum | |
| Macropus | Macropus | fuliginosus | Westelijke grijze reuzenkangoeroe |
| Macropus | Macropus | giganteus | Oostelijke grijze reuzenkangoeroe |
| Macropus | Notamacropus | agilis | Zandwallabie |
| Macropus | Notamacropus | eugenii | Tammarwallabie |
| Macropus | Notamacropus | parma | Parmawallabie |
| Macropus | Notamacropus | rufogriseus | Bennettwallabie |
| Macropus | Osphranter | robustus | Bergkangoeroe |
| Macropus | Osphranter | rufus | Rode reuzenkangoeroe |
| Thylogale | thetis | Roodhalspademelon | |
| Wallabia | bicolor | Moeraswallabie | |
| Dactylopsila | trivirgata | Gestreepte buideleekhoorn | |
| Petaurus | breviceps | Suikereekhoorn | |
| Ailurops | ursinus | Beer koeskoes | |
| Bettongia | lesueur | Lesueurborstelstaartkangoeroerat | |
| Bettongia | penicillata | Borstelstaartkangoeroerat | |
| Atelerix | albiventris | Witbuikegel | |
| Atelerix | frontalis | Zuid-Afrikaanse egel | |
| Atelerix | sclateri | Somalische egel | |
| Hemiechinus | auritus | Grootooregel | |
| Procavia | capensis | Rotsklipdas | |
| Lepus | Eulagos | europaeus | Europese haas |
| Lepus | Lepus | timidus | Sneeuwhaas |
| Equus | burchellii | Steppezebra | |
| Equus | hemionus | Onager | |
| Equus | kiang | Kiang | |
| Tapirus | terrestris | Laaglandtapir | |
| Bradypus | tridactylus | Drievingerige luiaard | |
| Choloepus | didactylus | Tweevingerige luiaard | |
| Calomyscus | bailwardi | Turkmeense muishamster | |
| Cavia | aperea | Wilde cavia | |
| Cavia | magna | Moerascavia | |
| Dolichotis | patagonum | Mara | |
| Dolichotis | salinicola | Kleine mara | |
| Hydrochoeris | hydrochaeris | Capybara | |
| Kerodon | rupestris | Rotsmoko | |
| Chinchilla | lanigera | Chinchilla | |
| Lagurus | lagurus | Steppelemming | |
| Lasiopodomys | brandtii | Steppewoelmuis | |
| Microtus | Alexandromys | fortis | Chinese woelmuis |
| Microtus | Microtus | arvalis | Veldmuis |
| Microtus | Microtus | guentheri | Mediterrane woelmuis |
| Synaptomys | Mictomys | borealis | Moeras lemming |
| Cricetulus | barabensis | Chinese dwerghamster | |
| Phloeomys | pallidus | Nevelrat | |
| Phodopus | campbelli | Campbells dwerghamster | |
| Phodopus | roborovskii | Woestijndwerghamster | |
| Phodopus | sungorus | Russische dwerghamster | |
| Peromyscus | eremicus | Cactusmuis | |
| Peromyscus | leucopus | Witvoetmuis | |
| Peromyscus | polionotus | Strandmuis | |
| Sigmodon | Sigmodon | hispidus | Katoenrat |
| Dasyprocta | azarae | Azara’s agoeti | |
| Dasyprocta | leporina | Goudhaas | |
| Dasyprocta | prymnolopha | Zwartrugagoeti | |
| Dasyprocta | punctata | Midden-Amerikaanse agoeti | |
| Allactaga | Orientallactaga | sibirica | Siberische paardenspringmuis |
| Allactaga | Scarturus | tetradactyla | Vierteenrenmuis |
| Jaculus | jaculus | Kleine woestijnspringmuis | |
| Jaculus | orientalis | Reuzenwoestijnspringmuis | |
| Glis | glis | Relmuis | |
| Graphiurus | Graphiurus | murinus | Afrikaanse dwergrelmuis |
| Eliomys | melanurus | Woestijnslaapmuis | |
| Hystrix | Hystrix | cristata | Gewoon stekelvarken |
| Hystrix | Hystrix | indica | Witstaartstekelvarken |
| Acomys | Acomys | cahirinus | Egyptische stekelmuis |
| Acomys | Acomys | dimidiatus | Sinaïstekelmuis |
| Acomys | Acomys | russatus | Gouden stekelmuis |
| Acomys | Acomys | spinosissimus | Dwergstekelmuis |
| Dipodillus | Petteromys | dasyurus | Wagnersgerbil |
| Gerbillus | Gerbillus | cheesmani | Cheesman's gerbil |
| Gerbillus | Gerbillus | gerbillus | Kleine Egyptische renmuis |
| Gerbillus | Gerbillus | perpallidus | Bleke gerbil |
| Gerbillus | Gerbillus | pyramidum | Grote Egyptische renmuis |
| Gerbillus | Hendecapleura | nanus | Algerijnse gerbil |
| Meriones | Pallasiomys | crassus | Sundevalls gerbil |
| Meriones | Pallasiomys | shawi | Shawi gerbil |
| Meriones | Pallasiomys | tristrami | Tristam’s gerbil |
| Meriones | Parameriones | persicus | Perzische woestijnmuis |
| Pachyuromys | duprasi | Vetstaartgerbil | |
| Psammomys | obesus | Vette zandrat | |
| Sekeetamys | calurus | Pluimstaartgerbil | |
| Taterillus | harringtoni | Harrington’s gerbil | |
| Apodemus | sylvaticus | Bosmuis | |
| Arvicanthis | neumanni | Tanzaniaanse grasrat | |
| Arvicanthis | niloticus | Koesoegrasrat | |
| Lemniscomys | barbarus | Zebragrasmuis | |
| Lemniscomys | striatus | Gestreepte grasmuis | |
| Mastomys | natalensis | Veeltepelmuis | |
| Micromys | minutus | Europese dwergmuis | |
| Mus | Nannomys | minutoides | Afrikaanse dwergmuis |
| Rattus | rattus | Zwarte rat | |
| Rhabdomys | pumilio | Streepmuis | |
| Thallomys | paedulcus | Acacia rat | |
| Myocastor | coypus | Beverrat | |
| Cricetomys | gambianus | Gambiahamsterrat | |
| Octodon | degus | Degoe | |
| Spalacopus | cyanus | Koeroero | |
| Pedetes | capensis | Springhaas | |
| Callosciurus | finlaysonii | Finlaysonklappereekhoorn | |
| Callosciurus | notatus | Zwartneusklappereekhoorn | |
| Callosciurus | prevostii | Driekleureekhoorn | |
| Dremomys | pernyi | Perny eekhoorn | |
| Funambulus | Prasadsciurus | pennantii | Vijfstrepige palmeekhoorn |
| Tamiops | swinhoei | Chinese gestreepte boomeekhoorn | |
| Tamiops | mcclellandii | Thaise dwergstreepeekhoorn | |
| Sciurus | Sciurus | lis | Japanse eekhoorn |
| Sciurus | Sciurus | variegatoides | Grote gevlekte boomeekhoorn |
| Sciurus | Urosciurus | igniventris | Peruaanse witnekeekhoorn |
| Tamiasciurus | hudsonicus | Hudson eekhoorn | |
| Cynomys | Cynomys | ludovicianus | Zwartstaartprairiehond |
| Cynomys | Leucocrossuromys | parvidens | Utahprairiehond |
| Marmota | Marmota | marmota | Alpenmarmot |
| Sciurotamias | Sciurotamias | davidianus | Chinese rotseekhoorn |
| Spermophilus | Otospermophilus | variegatus | Amerikaanse rotseekhoorn |
| Spermophilus | Spermophilus | richardsonii | Richardsongrondeekhoorn |
| Tamias | Eutamias | sibiricus | Boeroendoek |
| Tamias | Tamias | striatus | Chipmunk |
| Tupaia | belangeri | Belangers toepaja | |
| Tupaia | glis | Gewone toepaja | |
| Suncus | murinus | Muskusspitsmuis |
Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.
Artikel 9.3. Verbodsbepaling ter uitvoering van verordening (EG) 178/2002 ten aanzien van traceerbaarheid van levensmiddelen en diervoeders
Als voorschrift als bedoeld in artikel 6.2, eerste lid, van de wet wordt aangewezen: artikel 18 van verordening (EG) nr. 178/2002 van het Europees Parlement en de Raad van 28 januari 2002, tot vaststelling van de algemene beginselen en voorschriften van de levensmiddelenwetgeving, tot oprichting van een Europese Autoriteit voor voedselveiligheid en tot vaststelling van procedures voor voedselveiligheidsaangelegenheden, voor houders van productiedieren die gehouden worden voor de voedselproductie (PbEG 2002 L 31).
Hoofdstuk 10. Wijziging en intrekking van regelingen
Hoofdstuk 11. Slotbepalingen
Bijlage 1. Aangewezen diersoorten en diercategorieën als bedoeld in artikel 2.1 van de Regeling houders van dieren
Tabel 1
Diersoorten die zijn aangewezen als bedoeld in artikel 2.2, eerste lid, van de Wet dieren die gehouden kunnen worden zonder toepassing van soortspecifieke houderijvoorschriften.
Positieflijst huisdierenlijst
Diersoorten die zijn aangewezen als bedoeld in artikel 2.2, eerste lid, van de Wet dieren die gehouden kunnen worden zonder toepassing van soortspecifieke houderijvoorschriften.
Bijlage 1. Aangewezen diersoorten en diercategorieën als bedoeld in artikel 2.1 van de Regeling houders van dieren
Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.
Artikel 1.2. Minister bevoegde instantie EU-verordeningen
Onverminderd artikel 6.3, tweede lid, van de wet is de minister bevoegd uitvoering te geven aan een voorschrift van verordening (EG) nr. 1/2005, verordening (EG) nr. 1099/2009, verordening (EU) 2016/1012 en verordening (EG) nr. 617/2008, voor zover die verordening betrekking heeft op handelsnormen voor pluimveekuikens, waarin een tot de overheid behorend orgaan of een door de overheid aangesteld persoon de opdracht geeft, de keuze laat of als ontvanger van informatie aanwijst, indien die uitvoering niet bestaat uit het nemen van een besluit.
Het eerste lid is niet van toepassing, indien in deze regeling anders is bepaald.
Hoofdstuk 3. Diergeneesmiddelen
§ 1. Melding en gebruik aangewezen diergeneesmiddelen
§ 2. Melding en gebruik aangewezen diergeneesmiddelen
§ 2.1. Registratie aangewezen diergeneesmiddelen
§ 2.2. Bedrijfsgezondheidsplan en bedrijfsbehandelplan
Hoofdstuk 3a. Melding zoönosen en ziekteverschijnselen
Hoofdstuk 4. Dierenvervoer
Hoofdstuk 6. Verzorging vleeskuikens
Hoofdstuk 7b. Houden van konijnen voor productie
Hoofdstuk 7. Registratie van legkippenhouders
Hoofdstuk 9. Overige bepalingen
Hoofdstuk 5b. Identificatie en registratie van dieren
Hoofdstuk 11. Slotbepalingen
Bijlage 1. Aangewezen diersoorten en diercategorieën als bedoeld in artikel 2.1 van de Regeling houders van dieren
Tabel 2
Diersoorten die zijn aangewezen als bedoeld in artikel 2.2, eerste lid, van de Wet dieren, die gehouden kunnen worden met toepassing van soortspecifieke houderijvoorschriften.
Bijlage 1. Aangewezen diersoorten en diercategorieën als bedoeld in artikel 2.1 van de Regeling houders van dieren
Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.
Artikel 8.6a. Bewijs van vakbekwaamheid
Als bewijs van vakbekwaamheid als bedoeld in artikel 3.11, eerste lid, van het besluit wordt erkend:
- a. een certificaat als bedoeld in artikel 1, tweede lid, onderdelen b en d, van de Regeling certificaten groen beroepsonderwijs of een diploma dat mede dat certificaat omvat en dat voldoet aan de op grond van artikelen 7.2.4 en 7.2.6 van de Wet educatie en beroepsonderwijs vastgestelde kwalificaties en beroepsvereisten;
- b. een certificaat wettelijke beroepsvereisten gezelschapsdieren Besluit houders van dieren als bedoeld in artikel 1, onderdeel f, van de Regeling certificaten groen beroepsonderwijs, zoals deze regeling luidde op 31 augustus 2016, of een diploma dat mede dat certificaat omvat en dat voldoet aan de op grond van artikelen 7.2.4 en 7.2.6 van de Wet educatie en beroepsonderwijs vastgestelde kwalificaties en beroepsvereisten;
- c. ten aanzien van de diergroepen hond en kat, overige zoogdieren en vogels, de verleende graad Master op het gebied van de diergeneeskunde voor een opleiding in het wetenschappelijke onderwijs door een universiteit dan wel de Open Universiteit waarop de Wet op het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek betrekking heeft;
- d. ten aanzien van de diergroepen hond en kat, overige zoogdieren en vogels, het getuigschrift waaruit blijkt dat het afsluitend examen van de opleiding diergeneeskunde, bedoeld in de Wet op het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek, met goed gevolg is afgelegd.
Hoofdstuk 9. Overige bepalingen
Hoofdstuk 10. Wijziging en intrekking van regelingen
Bijlage 1. Aangewezen diersoorten en diercategorieën als bedoeld in artikel 2.1 van de Regeling houders van dieren
Tabel 2
Diersoorten die zijn aangewezen als bedoeld in artikel 2.2, eerste lid, van de Wet dieren, die gehouden kunnen worden met toepassing van soortspecifieke houderijvoorschriften.
Bijlage 5. Protocol voor het monitoren van voetzoollaesies aan levende dieren op vleeskuikenbedrijven als bedoeld in artikel 6.5, derde lid, onderdeel b, van de Regeling houders van dieren
-
- Deze monitoring wordt uitgevoerd op het bedrijf zelf, maximaal 5 dagen voordat het koppel wordt geslacht. Het betreft koppels die geëxporteerd worden en waar geen meting van voetzoollaesies plaatsvindt in het slachthuis van bestemming, of koppels die in kleine slachthuizen in Nederland worden geslacht.
-
- De opgeleide controleur, bedoeld in artikel 6.5 derde lid, onderdeel b, heeft in elk geval de Cursus monitoring voetzoollaesies of een gelijkwaardige cursus met goed gevolg afgesloten, en is geen werknemer van de pluimveehouder voor wie de beoordeling wordt uitgevoerd.
-
- Per stal worden 100 levende vleeskuikens beoordeeld, waarbij ten minste 4 steekproeven in de stal (bijvoorbeeld 4 keer 25 dieren) worden genomen, genomen op locaties verdeeld over de stal, minimaal 2 locaties tegen de muur en de overige locaties tussen voer- en drinklijnen in. Zie voorbeeld hieronder.
-
- De controleur maakt gebruik van extra verlichting (zoals een hoofdlamp) en van een vanghek om dubbele metingen te voorkomen. Hiervoor kan hij de kuikens merken met bv. watervaste stift (op de poot, of vleugels).
-
- Het schoonmaken van de poten met borstel en sop wordt afgeraden, na het afwrijven van de mest van de poot heeft men een redelijk beeld van de conditie van de poten.
-
- In de steekproeven wordt alleen de rechter poot van elk vleeskuiken beoordeeld.
-
- De controleur baseert zijn beslissingen over de indeling van de poten in 3 categorieën (geen, matige of ernstige voetzoollaesie) op de inhoud van de daarvoor aan hem verstrekte scorekaart.
-
- De controleur registreert het aantal vleeskuikens in de 3 categorieën (geen, matige of ernstige voetzoollaesie) en geeft dit door aan de houder, alsmede de totaalscore van het koppel.
-
- Deze wordt berekend met onderstaande formule: aantal punten= (aantal dieren klasse 0)x0 + (aantal dieren klasse 1)x0.5 + (aantal dieren klasse 2)x2
Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.
§ 1. Uitvoering verordening (EU) nr. 1/2005
§ 2. Opleidingen en getuigschriften
§ 2. Uitvoering verordening (EU) nr. 2016/429
§ 4. Bedwelming van aal voorafgaand aan het doden
Artikel 5.9
Aal wordt voorafgaand aan het doden elektrisch bedwelmd volgens een van de methoden beschreven in de artikelen 5.10 of 5.11.
De toestand van bewusteloosheid en gevoelloosheid ten gevolge van de bedwelming wordt aangehouden totdat het dodingsproces voltooid is.
Artikel 5.10. Elektrisch bedwelmen van ontwaterde aal
Na ontwatering wordt een aal gedurende ten minste één seconde blootgesteld aan een elektrische stroomsterkte van ten minste 1,3 Arms gemiddeld, bij een golfvorm die bestaat uit een combinatie van een wisselstroom van 100 Hz ac sinusvormig en een gelijkstroom.
Om te voorkomen dat de aal bijkomt gedurende het dodingsproces, wordt de aal na de blootstelling, bedoeld in het eerste lid, gedurende ten minste negentien seconden blootgesteld aan een elektrische stroomsterkte van ten minste 0,66 Arms gemiddeld.
De aal wordt pas blootgesteld aan de elektrische stroom op het moment dat deze zich tussen de elektroden van het bedwelmingsapparaat bevindt.
De huid van de aal is vochtig gedurende de gehele periode van blootstelling aan de elektrische stroom.
Aal die zich buiten de elektroden van het bedwelmingsapparaat bevindt, maakt geen contact met aal die zich tussen de elektroden van het bedwelmingsapparaat bevindt.
Aal die zich buiten de elektroden van het bedwelmingsapparaat bevindt, wordt niet blootgesteld aan statische elektriciteit.
Om te voorkomen dat bedwelmde aal bijkomt voordat het dodingsproces is voltooid, bedraagt het tijdsinterval tussen de blootstelling aan de elektrische stroom en de aanvang van het dodingsproces niet meer dan zestig seconden, welk tijdsinterval ingaat op het moment dat de aal niet meer is blootgesteld aan de elektrische stroom.
Artikel 5.11. Elektrisch bedwelmen van aal in een waterbad
De elektrische veldsterkte van het water in een waterbad waarin aal elektrisch bedwelmd wordt is zodanig homogeen dat de variatie in de elektrische veldsterkte van het water in het waterbad ten hoogste twee procent bedraagt.
De geleidbaarheid van het water in het waterbad bedraagt ten minste 500 µS/cm.
De combinatie van de elektrische veldsterkte en de geleidbaarheid van het water is dusdanig dat bij elke aal de bewusteloosheid onmiddellijk wordt opgewekt.
Elke aal wordt na het ingaan van het waterbad gedurende één seconde blootgesteld aan:
- a). een elektrische stroomdichtheid van ten minste 0,64 Arms /dm2, waarbij de golfvorm sinusvormig is en de frequentie 50 Hz, of
- b). een elektrische stroomdichtheid van ten minste 0,5 Arms/dm2, waarbij de golfvorm een bipolaire blokgolf van 133 Hz is met een arbeidscyclus van 43%.
Om te voorkomen dat de aal bijkomt gedurende het dodingsproces, wordt de aal na de blootstelling, bedoeld in het vierde lid, gedurende negentien seconden blootgesteld aan:
- a. een elektrische stroomdichtheid van 0,15 Arms/ dm2, waarbij de golfvorm sinusvormig is en de frequentie 50 Hz, of
- b. een elektrische stroomdichtheid van ten minste 0,12 Arms/dm2 waarbij de golfvorm een bipolaire blokgolf van 133 Hz is met een arbeidscyclus van 43%.
De aal wordt pas blootgesteld aan de elektrische stroom op het moment dat deze zich tussen de elektroden van het bedwelmingsapparaat bevindt.
Aal die zich buiten de elektroden van het bedwelmingsapparaat bevindt, maakt geen contact met aal die zich tussen de elektroden van het bedwelmingsapparaat bevindt.
Aal die zich buiten de elektroden van het bedwelmingsapparaat bevindt, wordt niet blootgesteld aan statische elektriciteit.
Om te voorkomen dat bedwelmde aal bijkomt voordat het dodingsproces voltooid is, bedraagt het tijdsinterval tussen de blootstelling aan de elektrische stroom en de aanvang van het dodingsproces niet meer dan zestig seconden. Dit tijdsinterval gaat in op het moment dat de aal niet meer is blootgesteld aan de elektrische stroom.
Hoofdstuk 7a. Handelsnormen pluimveekuikens
Hoofdstuk 7b. Houden van konijnen voor productie
Hoofdstuk 5a. Registratie en erkenning van inrichtingen
Hoofdstuk 9. Overige bepalingen
Hoofdstuk 11. Slotbepalingen
Tabel 1
Tabel 1
Diersoorten die zijn aangewezen als bedoeld in artikel 2.2, eerste lid, van de Wet dieren die gehouden kunnen worden zonder toepassing van soortspecifieke houderijvoorschriften.
Tabel 2
Diersoorten die zijn aangewezen als bedoeld in artikel 2.2, eerste lid, van de Wet dieren, die gehouden kunnen worden met toepassing van soortspecifieke houderijvoorschriften.
Bijlage 2
Vrijstellingen als bedoeld in artikel 2.3
| Categorie vrijgestelde houder | Soorten waarvoor vrijstelling geldt |
|---|---|
| a. houders van zoogdieren | De zoogdiersoorten of zoogdiercategorieën die zijn opgenomen in tabel 4 |
| b. houders van zoogdieren | De zoogdiersoorten of zoogdiercategorieën die niet zijn opgenomen in tabel 4, mits de houder bij de minister binnen veertien dagen melding doet van het houden van het dier. De melding wordt ingediend met gebruikmaking van het daarvoor bestemde formulier en bevat ten minste het volgende: a. het burgerservicenummer van de houder dan wel het inschrijvingsnummer in het handelsregister indien de houder een onderneming is; b. de diersoort of diercategorie waarvoor de melding wordt gedaan. |
| c. exploitanten van dierentuinen | alle zoogdiersoorten |
| d. opvangcentra, die voldoen aan het Protocol opvang verboden diersoorten, bedreigde uitheemse diersoorten en bedreigde inheemse diersoorten: | zoogdieren van soorten ten aanzien waarvan het besluit is genomen dat zij niet worden aangewezen of waarvan de aanwijzing is ingetrokken en zoogdieren van soorten als bedoeld in bijlage IIa bij het besluit |
| e. houders van een instellings-vergunning als bedoeld in de artikelen 2 en 11a van de Wet op de dierproeven | proefdieren |
| f. degene die een of meer exemplaren zoogdiersoorten vervoert van of naar een Nederlandse zee- of luchthaven, met inbegrip van een daarmee verband houdend verblijf in Nederland van ten hoogste 4 werkdagen | alle zoogdiersoorten |
| g. dierenartsen in de uitoefening van hun praktijk, ten behoeve van diergeneeskundige behandeling | alle zoogdiersoorten |
Diersoorten die niet worden aangewezen als bedoeld in artikel 2.2, eerste lid, van de Wet dieren
Vervallen.
| Geslacht | Ondergeslacht | Soort | Nederlands |
|---|---|---|---|
| Echinops | telfairi | Kleine egeltenrek | |
| Hemicentetes | nigriceps | Zwartkoptenrek | |
| Hemicentetes | semispinosus | Gestreepte tenrek | |
| Setifer | setosus | Grote egeltenrek | |
| Tenrec | ecaudatus | Gewone tenrek | |
| Antilocapra | americana | Gaffelbok | |
| Neotragus | pygmaeus | Dwergantilope | |
| Alcelaphus | buselaphus | Hartenbeest | |
| Connochaetes | gnou | Witstaartgnoe | |
| Damaliscus | lunatus | Lierantilope | |
| Aepyceros | melampus | Impala | |
| Antidorcas | marsupialis | Springbok | |
| Antilope | cervicapra | Indische antilope | |
| Gazella | subgutturosa | Kropgazelle | |
| Nanger | granti | Grantgazelle | |
| Nanger | soemmerringii | Soemerringgazelle | |
| Ourebia | ourebi | Oribi | |
| Procapra | picticaudata | Tibetaanse gazelle | |
| Saiga | tatarica | Saiga | |
| Bison | bison | Bizon | |
| Bison | bonasus | Wisent | |
| Bos | grunniens | Jak (domestic form) | |
| Syncerus | caffer | Afrikaanse buffel | |
| Boselaphus | tragocamelus | Nijlgau | |
| Taurotragus | derbianus | Reuzenelandantilope | |
| Taurotragus | oryx | Elandantilope | |
| Tetracerus | quadricornis | Vierhoornantilope | |
| Tragelaphus | angasii | Nyala | |
| Tragelaphus | buxtoni | Bergnyala | |
| Tragelaphus | eurycerus | Bongo | |
| Tragelaphus | imberbis | Kleine koedoe | |
| Tragelaphus | scriptus | Bosbok | |
| Tragelaphus | spekii | Sitatoenga | |
| Tragelaphus | strepsiceros | Grote koedoe | |
| Ammotragus | lervia | Manenschaap | |
| Capra | falconeri | Schroefhoorngeit | |
| Capra | ibex | Steenbok | |
| Capra | nubiana | Nubische steenbok | |
| Capra | pyrenaica | Spaanse steenbok | |
| Capra | sibirica | Siberische steenbok | |
| Capricornis | crispus | Japanse bosgems | |
| Capricornis | sumatraensis | Sumatraanse bosgems | |
| Hemitragus | jemlahicus | Himalayathargeit | |
| Ovis | ammon | Wild schaap | |
| Ovis | canadensis | Dikhoornschaap | |
| Ovis | dalli | Dalls schaap | |
| Pantholops | hodgsonii | Tibetaanse antilope | |
| Pseudois | nayaur | Blauwschaap | |
| Rupicapra | rupicapra | Gems | |
| Addax | nasomaculatus | Addax | |
| Hippotragus | equinus | Roanantilope | |
| Hippotragus | niger | Sabelantilope | |
| Oryx | beisa | Beisa | |
| Oryx | dammah | Algazel | |
| Oryx | gazella | Gemsbok | |
| Oryx | leucoryx | Arabische oryx | |
| Kobus | ellipsiprymnus | Waterbok | |
| Redunca | fulvorufula | Bergrietbok | |
| Redunca | redunca | Bohorrietbok | |
| Camelus | bactrianus | Kameel | |
| Camelus | dromedarius | Dromedaris | |
| Lama | glama | Lama | |
| Vicugna | pacos | Alpaca | |
| Vicugna | vicugna | Vicuña | |
| Alces | americanus | Amerikaanse eland | |
| Blastocerus | dichotomus | Moerashert | |
| Capreolus | capreolus | Ree | |
| Odocoileus | hemionus | Muildierhert | |
| Odocoileus | virginianus | Witstaarthert | |
| Rangifer | tarandus | Rendier | |
| Axis | axis | Axishert | |
| Cervus | nippon | Sikahert | |
| Elaphodus | cephalophus | Kuifhert | |
| Elaphurus | davidianus | Pater-Davidshert | |
| Muntiacus | muntjak | Indische muntjak | |
| Hydropotes | inermis | Chinese waterree | |
| Hylochoerus | meinertzhageni | Reuzenboszwijn | |
| Phacochoerus | aethiopicus | Woestijnknobbelzwijn | |
| Potamochoerus | porcus | Penseelzwijn | |
| Sus | scrofa | Wild zwijn | |
| Canis | adustus | Gestreepte jakhals | |
| Canis | aureus | Gewone jakhals | |
| Canis | mesomelas | Zadeljakhals | |
| Nyctereutes | procyonoides | Wasbeerhond | |
| Otocyon | megalotis | Grootoorvos | |
| Vulpes | corsac | Steppevos | |
| Vulpes | lagopus | Poolvos | |
| Vulpes | rueppellii | Zandvos | |
| Vulpes | vulpes | Vos | |
| Vulpes | zerda | Woestijnvos | |
| Felis | chaus | Moeraskat | |
| Felis | margarita | Woestijnkat | |
| Leptailurus | serval | Serval | |
| Crossarchus | obscurus | Koesimanse | |
| Cynictis | penicillata | Vosmangoest | |
| Helogale | parvula | Dwergmangoest | |
| Mungos | mungo | Zebramangoeste | |
| Suricata | suricatta | Stokstaartje | |
| Mephitis | mephitis | Gestreepte skunk | |
| Aonyx | cinerea | Kleinklauwotter | |
| Eira | barbara | Tayra | |
| Galictis | vittata | Grote grison | |
| Nasua | nasua | Rode neusbeer | |
| Potos | flavus | Rolstaartbeer | |
| Procyon | lotor | Wasbeer | |
| Ursus | arctos | Bruine beer | |
| Arctictis | binturong | Beermarter | |
| Paradoxurus | hermaphroditus | Loewak | |
| Civettictis | civetta | Afrikaanse civetkat | |
| Genetta | genetta | Genetkat | |
| Genetta | maculata | Roestgenet | |
| Genetta | pardina | Pardin's genetkat | |
| Genetta | thierryi | Hausagenet | |
| Genetta | tigrina | Tijgergenet | |
| Viverra | zibetha | Indische civetkat | |
| Carollia | perspicillata | Brilbladneusvleermuis | |
| Eidolon | helvum | Palmvleerhond | |
| Hypsignathus | monstrosus | Hamerkopvleerhond | |
| Pteropus | vampyrus | Kalong | |
| Rousettus | Rousettus | aegyptiacus | Nijlroezet |
| Dasypus | novemcinctus | Negenbandgordeldier | |
| Chaetophractus | vellerosus | Klein behaard gordeldier | |
| Chaetophractus | villosus | Bruinbehaard gordeldier | |
| Euphractus | sexcinctus | Zesbandgordeldier | |
| Tolypeutes | matacus | Kogelgordeldier | |
| Didelphis | albiventris | Zuidamerikaanse opossum | |
| Monodelphis | domestica | Kortstaartopossum | |
| Macropus | Macropus | fuliginosus | Westelijke grijze reuzenkangoeroe |
| Macropus | Macropus | giganteus | Oostelijke grijze reuzenkangoeroe |
| Macropus | Notamacropus | agilis | Zandwallabie |
| Macropus | Notamacropus | eugenii | Tammarwallabie |
| Macropus | Notamacropus | parma | Parmawallabie |
| Macropus | Notamacropus | rufogriseus | Bennettwallabie |
| Macropus | Osphranter | robustus | Bergkangoeroe |
| Macropus | Osphranter | rufus | Rode reuzenkangoeroe |
| Thylogale | thetis | Roodhalspademelon | |
| Wallabia | bicolor | Moeraswallabie | |
| Dactylopsila | trivirgata | Gestreepte buideleekhoorn | |
| Petaurus | breviceps | Suikereekhoorn | |
| Ailurops | ursinus | Beer koeskoes | |
| Bettongia | lesueur | Lesueurborstelstaartkangoeroerat | |
| Bettongia | penicillata | Borstelstaartkangoeroerat | |
| Atelerix | albiventris | Witbuikegel | |
| Atelerix | frontalis | Zuid-Afrikaanse egel | |
| Atelerix | sclateri | Somalische egel | |
| Hemiechinus | auritus | Grootooregel | |
| Procavia | capensis | Rotsklipdas | |
| Lepus | Eulagos | europaeus | Europese haas |
| Lepus | Lepus | timidus | Sneeuwhaas |
| Equus | burchellii | Steppezebra | |
| Equus | hemionus | Onager | |
| Equus | kiang | Kiang | |
| Tapirus | terrestris | Laaglandtapir | |
| Bradypus | tridactylus | Drievingerige luiaard | |
| Choloepus | didactylus | Tweevingerige luiaard | |
| Calomyscus | bailwardi | Turkmeense muishamster | |
| Cavia | aperea | Wilde cavia | |
| Cavia | magna | Moerascavia | |
| Dolichotis | patagonum | Mara | |
| Dolichotis | salinicola | Kleine mara | |
| Hydrochoeris | hydrochaeris | Capybara | |
| Kerodon | rupestris | Rotsmoko | |
| Chinchilla | lanigera | Chinchilla | |
| Lagurus | lagurus | Steppelemming | |
| Lasiopodomys | brandtii | Steppewoelmuis | |
| Microtus | Alexandromys | fortis | Chinese woelmuis |
| Microtus | Microtus | arvalis | Veldmuis |
| Microtus | Microtus | guentheri | Mediterrane woelmuis |
| Synaptomys | Mictomys | borealis | Moeras lemming |
| Cricetulus | barabensis | Chinese dwerghamster | |
| Phloeomys | pallidus | Nevelrat | |
| Phodopus | campbelli | Campbells dwerghamster | |
| Phodopus | roborovskii | Woestijndwerghamster | |
| Phodopus | sungorus | Russische dwerghamster | |
| Peromyscus | eremicus | Cactusmuis | |
| Peromyscus | leucopus | Witvoetmuis | |
| Peromyscus | polionotus | Strandmuis | |
| Sigmodon | Sigmodon | hispidus | Katoenrat |
| Dasyprocta | azarae | Azara’s agoeti | |
| Dasyprocta | leporina | Goudhaas | |
| Dasyprocta | prymnolopha | Zwartrugagoeti | |
| Dasyprocta | punctata | Midden-Amerikaanse agoeti | |
| Allactaga | Orientallactaga | sibirica | Siberische paardenspringmuis |
| Allactaga | Scarturus | tetradactyla | Vierteenrenmuis |
| Jaculus | jaculus | Kleine woestijnspringmuis | |
| Jaculus | orientalis | Reuzenwoestijnspringmuis | |
| Glis | glis | Relmuis | |
| Graphiurus | Graphiurus | murinus | Afrikaanse dwergrelmuis |
| Eliomys | melanurus | Woestijnslaapmuis | |
| Hystrix | Hystrix | cristata | Gewoon stekelvarken |
| Hystrix | Hystrix | indica | Witstaartstekelvarken |
| Acomys | Acomys | cahirinus | Egyptische stekelmuis |
| Acomys | Acomys | dimidiatus | Sinaïstekelmuis |
| Acomys | Acomys | russatus | Gouden stekelmuis |
| Acomys | Acomys | spinosissimus | Dwergstekelmuis |
| Dipodillus | Petteromys | dasyurus | Wagnersgerbil |
| Gerbillus | Gerbillus | cheesmani | Cheesman's gerbil |
| Gerbillus | Gerbillus | gerbillus | Kleine Egyptische renmuis |
| Gerbillus | Gerbillus | perpallidus | Bleke gerbil |
| Gerbillus | Gerbillus | pyramidum | Grote Egyptische renmuis |
| Gerbillus | Hendecapleura | nanus | Algerijnse gerbil |
| Meriones | Pallasiomys | crassus | Sundevalls gerbil |
| Meriones | Pallasiomys | shawi | Shawi gerbil |
| Meriones | Pallasiomys | tristrami | Tristam’s gerbil |
| Meriones | Parameriones | persicus | Perzische woestijnmuis |
| Pachyuromys | duprasi | Vetstaartgerbil | |
| Psammomys | obesus | Vette zandrat | |
| Sekeetamys | calurus | Pluimstaartgerbil | |
| Taterillus | harringtoni | Harrington’s gerbil | |
| Apodemus | sylvaticus | Bosmuis | |
| Arvicanthis | neumanni | Tanzaniaanse grasrat | |
| Arvicanthis | niloticus | Koesoegrasrat | |
| Lemniscomys | barbarus | Zebragrasmuis | |
| Lemniscomys | striatus | Gestreepte grasmuis | |
| Mastomys | natalensis | Veeltepelmuis | |
| Micromys | minutus | Europese dwergmuis | |
| Mus | Nannomys | minutoides | Afrikaanse dwergmuis |
| Rattus | rattus | Zwarte rat | |
| Rhabdomys | pumilio | Streepmuis | |
| Thallomys | paedulcus | Acacia rat | |
| Myocastor | coypus | Beverrat | |
| Cricetomys | gambianus | Gambiahamsterrat | |
| Octodon | degus | Degoe | |
| Spalacopus | cyanus | Koeroero | |
| Pedetes | capensis | Springhaas | |
| Callosciurus | finlaysonii | Finlaysonklappereekhoorn | |
| Callosciurus | notatus | Zwartneusklappereekhoorn | |
| Callosciurus | prevostii | Driekleureekhoorn | |
| Dremomys | pernyi | Perny eekhoorn | |
| Funambulus | Prasadsciurus | pennantii | Vijfstrepige palmeekhoorn |
| Tamiops | swinhoei | Chinese gestreepte boomeekhoorn | |
| Tamiops | mcclellandii | Thaise dwergstreepeekhoorn | |
| Sciurus | Sciurus | lis | Japanse eekhoorn |
| Sciurus | Sciurus | variegatoides | Grote gevlekte boomeekhoorn |
| Sciurus | Urosciurus | igniventris | Peruaanse witnekeekhoorn |
| Tamiasciurus | hudsonicus | Hudson eekhoorn | |
| Cynomys | Cynomys | ludovicianus | Zwartstaartprairiehond |
| Cynomys | Leucocrossuromys | parvidens | Utahprairiehond |
| Marmota | Marmota | marmota | Alpenmarmot |
| Sciurotamias | Sciurotamias | davidianus | Chinese rotseekhoorn |
| Spermophilus | Otospermophilus | variegatus | Amerikaanse rotseekhoorn |
| Spermophilus | Spermophilus | richardsonii | Richardsongrondeekhoorn |
| Tamias | Eutamias | sibiricus | Boeroendoek |
| Tamias | Tamias | striatus | Chipmunk |
| Tupaia | belangeri | Belangers toepaja | |
| Tupaia | glis | Gewone toepaja | |
| Suncus | murinus | Muskusspitsmuis |
Bijlage 2
Vrijstellingen als bedoeld in artikel 2.3
| Categorie vrijgestelde houder | Soorten waarvoor vrijstelling geldt |
|---|---|
| a. houders van zoogdieren | De zoogdiersoorten of zoogdiercategorieën die zijn opgenomen in tabel 4 |
| b. houders van zoogdieren | De zoogdiersoorten of zoogdiercategorieën die niet zijn opgenomen in tabel 4, mits de houder bij de minister binnen veertien dagen melding doet van het houden van het dier. De melding wordt ingediend met gebruikmaking van het daarvoor bestemde formulier en bevat ten minste het volgende: a. het burgerservicenummer van de houder dan wel het inschrijvingsnummer in het handelsregister indien de houder een onderneming is; b. de diersoort of diercategorie waarvoor de melding wordt gedaan. |
| c. exploitanten van dierentuinen | alle zoogdiersoorten |
| d. opvangcentra, die voldoen aan het Protocol opvang verboden diersoorten, bedreigde uitheemse diersoorten en bedreigde inheemse diersoorten: | zoogdieren van soorten ten aanzien waarvan het besluit is genomen dat zij niet worden aangewezen of waarvan de aanwijzing is ingetrokken en zoogdieren van soorten als bedoeld in bijlage IIa bij het besluit |
| e. houders van een instellings-vergunning als bedoeld in de artikelen 2 en 11a van de Wet op de dierproeven | proefdieren |
| f. degene die een of meer exemplaren zoogdiersoorten vervoert van of naar een Nederlandse zee- of luchthaven, met inbegrip van een daarmee verband houdend verblijf in Nederland van ten hoogste 4 werkdagen | alle zoogdiersoorten |
| g. dierenartsen in de uitoefening van hun praktijk, ten behoeve van diergeneeskundige behandeling | alle zoogdiersoorten |
Diersoorten die niet worden aangewezen als bedoeld in artikel 2.2, eerste lid, van de Wet dieren
Vervallen.
De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.
Deze tekst wordt gepubliceerd onder de eigen hergebruiksvoorwaarden van BWB, niet onder een licentie van Legalize of van het publieke domein.
BWB
CC0 1.0 Universeel (publiek domein)