Regeling van de Minister van Economische Zaken en Klimaat en de Minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit van 8 oktober 2021, nr. WJZ/20222966, houdende vaststelling van subsidie-instrumenten in het kader van de Europese structuur- en investeringsfondsen op het terrein van de Ministeries van Economische Zaken en Klimaat en Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit (Regeling Europese EZK- en LNV-subsidies 2021)

Type Ministeriële regeling
Publication 2026-07-11
Laatst bijgewerkt 2026-07-14
State In force
Source BWB
artikelen 1277
Wijzigingsgeschiedenis JSON API
provincie Groningen score urgentie
Lieftinghsbroek (21)1 3,0
provincie Friesland score urgentie
Alde Feanen (13) 3,0
Bakkeveense duinen (17) 3,5
Duinen Ameland (5) 4,0
Duinen Schiermonnikoog (6) 3,5
Duinen Terschelling (4) 3,5
Duinen Vlieland (3) 3,0
Oudegaasterbrekken, Fluessen en omgeving (10) 2,9
Rottige Meenthe & Brandemeer (18) 3,5
Van Oordt's Mersken (15) 3,0
Wijnjeterper Schar (16) 3,0
provincie Drenthe score urgentie
Bargerveen (33) 4,5
Drents-Friese Wold & Leggelderveld (27) 5,0
Drentsche Aa-gebied (25) 4,0
Drouwenerzand (26) 3,0
Dwingelderveld (30) 5,0
Elperstroomgebied (28) 3,0
Fochteloërveen (23) 5,0
Holtingerveld (29) 4,0
Mantingerbos (31) 3,0
Mantingerzand (32) 3,5
Norgerholt (22) 3,0
provincie Overijssel score urgentie
Aamsveen (55) 4,5
Achter de Voort, Agelerbroek & Voltherbroek (47) 3,0
Bergvennen & Brecklenkampse Veld (46) 4,0
Boetelerveld (41) 3,5
Borkeld (44) 3,5
Buurserzand & Haaksbergerveen (53) 4,5
De Wieden (35) 3,5
Dinkelland (49) 3,0
Engbertsdijksvenen (40) 4,5
Landgoederen Oldenzaal (50) 3,0
Lemselermaten (48) 3,0
Lonnekermeer (51) 4,0
Olde Maten & Veerslootslanden (37) 3,5
Sallandse Heuvelrug (42) 4,0
Springendal & Dal van de Mosbeek (45) 3,5
Uiterwaarden Zwarte Water en Vecht (36) 2,9
Vecht- en Beneden-Reggegebied (39) 5,0
Weerribben (34) 4,0
Wierdense Veld (43) 4,0
Witte Veen (54) 3,5
provincie Gelderland score urgentie
Bekendelle (63) 3,0
De Bruuk (69) 3,0
Korenburgerveen (61) 5,0
Landgoederen Brummen (58) 3,5
Lingegebied & Diefdijk Zuid (70) 3,0
Loevestein, Pompveld & Kornsche Boezem (71) 2,9
Rijntakken (38) 3,0
Stelkampsveld (60) 3,5
Veluwe (57) 5,0
Willinks Weust (62) 3,0
Wooldse Veen (64) 4,5
provincie Utrecht score urgentie
Binnenveld (65) 3,0
Botshol (83) 3,5
Kolland & Overlangbroek (81) 3,0
Uiterwaarden Lek (82) 3,0
Zouweboezem (105) 2,9
provincie Noord-Holland score urgentie
Duinen Den Helder – Callantsoog (84) 3,5
Duinen en Lage Land Texel (2) 3,5
Eilandspolder (89) 3,0
Ilperveld, Varkensland, Oostzanerveld & Twiske (92) 3,0
Kennemerland-Zuid (88) 4,5
Naardermeer (94) 4,0
Noordhollands Duinreservaat (87) 5,0
Oostelijke Vechtplassen (95) 4,0
Polder Westzaan (91) 3,0
Schoorlse Duinen (86) 4,0
Wormer- en Jisperveld & Kalverpolder (90) 3,0
Zwanenwater & Pettemerduinen (85) 3,0
provincie Zuid-Holland score urgentie
Coepelduynen (96) 3,0
Duinen Goeree & Kwade Hoek (101) 3,5
Meijendel & Berkheide (97) 3,5
Nieuwkoopse Plassen & De Haeck (103) 3,5
Solleveld & Kapittelduinen (99) 4,0
Voornes Duin (100) 4,0
Westduinpark & Wapendal (98) 4,0
provincie Zeeland score urgentie
Canisvliet (125) 2,9
Groote Gat (124) 2,9
Kop van Schouwen (116) 4,5
Manteling van Walcheren (117) 4,5
Vogelkreek (126) 2,9
Yerseke en Kapelse Moer (121) 2,9
Zwin & Kievittepolder (123) 2,9
provincie Noord-Brabant score urgentie
Biesbosch (112) 3,0
Brabantse Wal (128) 5,0
Deurnsche Peel & Mariapeel (139) 5,0
Groote Peel (140) 4,5
Kampina & Oisterwijkse Vennen (133) 5,0
Kempenland-West (135) 4,5
Langstraat (130) 3,5
Leenderbos, Groote Heide & De Plateaux (136) 4,0
Loonse en Drunense Duinen & Leemkuilen (131) 4,5
Oeffelter Meent (141) 2,9
Regte Heide & Riels Laag (134) 3,5
Strabrechtse Heide & Beuven (137) 4,0
Ulvenhoutse Bos (129) 4,0
Vlijmens Ven, Moerputten & Bossche Broek (132) 3,5
provincie Limburg score urgentie
Bemelerberg & Schiepersberg (156) 3,0
Boschhuizerbergen (144) 4,5
Brunssummerheide (155) 3,0
Bunder- en Elslooërbos (153) 3,0
Geleenbeekdal (154) 3,0
Geuldal (157) 4,0
Kunderberg (158) 3,0
Leudal (147) 3,0
Maasduinen (145) 5,0
Meinweg (149) 4,0
Noorbeemden & Hoogbos (161) 3,0
Roerdal (150) 3,0
Sarsven en De Banen (146) 4,5
Savelsbos (160) 3,5
Sint Jansberg (142) 3,0
Sint Pietersberg & Jekerdal (159) 3,5
Swalmdal (148) 2,9
Weerter- en Budelerbergen & Ringselven (138) 4,5
Zeldersche Driessen (143) 3,0
Ministerie van I&W score urgentie
Grevelingen (115) 3,5
Krammer-Volkerak (114) 2,9
Noordzeekustzone (7) 2,9
Oosterschelde (118) 3,0
Voordelta (113) 2,9
Waddenzee (1) 3,0
Westerschelde & Saeftinghe (122) 2,9
Ministerie van Defensie score urgentie
Witterveld (24) 4,0

1 De nummering tussen haakjes betreft de 162 aangewezen N2000 gebieden als vermeld op de website www.natura2000.nl.

Bijlage 1. Behorende bij artikel 3.1.9 van de Regeling Europese EZK- en LNV-subsidies 2021

Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

Titel 5.9. Subsidie voor de vestiging van jonge landbouwers

Artikel 5.9.1. Begripsbepalingen

In deze titel wordt verstaan onder:

  • –. bedrijf: alle voor landbouwactiviteiten gebruikte en door een landbouwer beheerde registergoederen in juridisch eigendom of onder het recht van reguliere pacht of erfpacht;
  • –. bedrijfsplan: plan voor de ontwikkeling van een bedrijf van een jonge landbouwer en het bijdragen aan het bereiken van de specifieke doelstellingen, bedoeld in artikel 6, eerste lid, onderdelen d, e en f, en tweede lid, van verordening 2021/2115;
  • –. gedeeltelijke overname: een overname waarbij een jonge landbouwer een bedrijf niet volledig maar wel voor ten minste vijftig procent juridisch in eigendom of onder het recht van reguliere pacht of erfpacht verkrijgt;
  • –. generatievernieuwing: het bevorderen van agrarisch ondernemerschap door jonge landbouwers als bedoeld in de artikelen 6, eerste lid, onder g, en 75, eerste lid, van verordening 2021/2115;
  • –. standaardverdiencapaciteit: het in Nederland gehanteerde kengetal dat een maatstaf is voor de toegevoegde waarde van een bedrijf doordat het de vergoeding weergeeft van arbeid en kapitaal op basis van standaarden, ongeacht wie arbeid of kapitaal levert;
  • –. starten: de vestiging van een landbouwbedrijf door een jonge landbouwer als bedrijfshoofd anders dan door gedeeltelijke of volledige overname;
  • –. vestiging: het volledig of gedeeltelijk starten of overnemen van een landbouwbedrijf door een jonge landbouwer als bedrijfshoofd op basis van een gedateerd en ondertekend overnamedocument;
  • –. volledige overname: een overname waarbij een jonge landbouwer een bedrijf volledig juridisch in eigendom of onder het recht van reguliere pacht of erfpacht verkrijgt.
Artikel 5.9.2. Subsidieaanvraag

De minister verstrekt op aanvraag subsidie aan een jonge landbouwer vanwege de vestiging van een bedrijf, ter bevordering van generatievernieuwing in de landbouw.

Artikel 5.9.3. Hoogte subsidie

De hoogte van de subsidie bedraagt € 80.000.

Artikel 5.9.4. Verdeling subsidieplafond

De minister verdeelt het subsidieplafond op volgorde van binnenkomst van de aanvragen.

Artikel 5.9.5. Afwijzingsgronden
1.

Onverminderd artikel 2.11 beslist de minister afwijzend op een aanvraag indien:

  • a). de jonge landbouwer op 31 december van het aanvraagjaar een leeftijd heeft van jonger dan 16 jaar of ouder dan 39 jaar;
  • b). de jonge landbouwer niet beschikt over een passende opleiding of passende vaardigheden;
  • c). het landbouwbedrijf waar de jonge landbouwer bedrijfshoofd van is, niet is ingeschreven in het Handelsregister, bedoeld in artikel 2 van de Handelsregisterwet 2007, waarbij bij de inschrijving een verkorte omschrijving van de landbouwactiviteit is vermeld en de daarbij behorende code van de Standaard Bedrijfsindeling (SBI) beginnend met de cijfers 011, 012, 013, 014, 015, 016 of 1051, voor zover minimaal 50 procent van de melk die wordt verwerkt op het eigen melkveebedrijf geproduceerd wordt;
  • d). de standaardverdiencapaciteit van het bedrijf, gebaseerd op de actuele bedrijfssituatie op de datum van indiening van de aanvraag, waar de jonge landbouwer bedrijfshoofd van is, niet minimaal 15.000 euro bedraagt;
  • e). de jonge landbouwer geen bedrijfshoofd is op de datum van indiening van de aanvraag;
  • f). de vestiging van het bedrijf waar subsidie als bedoeld in artikel 5.9.2. voor wordt aangevraagd heeft plaats gevonden voor 1 januari 2023, het bedrijf op de datum van indiening van de aanvraag niet is gevestigd of de jonge landbouwer voor 1 januari 2023 al bedrijfshoofd is;
  • g). aan de jonge landbouwer of vanwege de vestiging van het bedrijf reeds subsidie is verstrekt op grond van artikel 5.9.2.
2.

Een jonge landbouwer beschikt over een passende opleiding of passende vaardigheden als bedoeld in het eerste lid, onderdeel b, indien deze beschikt over:

  • a). een diploma of een getuigschrift van een opleiding landbouw, tuinbouw of aanverwant op het niveau middelbaar beroepsonderwijs of hoger onderwijs; of
  • b). een bewijs van ten minste twee jaar aantoonbare ervaring met land- en tuinbouwproductie, op het tijdstip van de subsidieaanvraag, tellend vanaf het moment dat de leeftijd van 16 jaar is bereikt.
3.

Een jonge landbouwer is bedrijfshoofd als bedoeld in het eerste lid, onderdeel e, indien deze op de datum van indiening van de aanvraag:

  • a). voor ten minste 50 procent zeggenschap heeft in een landbouwbedrijf;
  • b). als natuurlijk persoon daadwerkelijke langdurige zeggenschap heeft in een landbouwbedrijf als bedoeld in artikel 16 van de Uitvoeringsregeling GLB 2023 dat, behoudens de datum, bedoeld in het tweede lid van dat artikel, van overeenkomstige toepassing is, en
4.

Van de zeggenschap, bedoeld in het derde lid, onderdeel a, is sprake, ingeval een jonge landbouwer:

  • a). ten minste 50 procent van een bedrijf juridisch in eigendom of onder het recht van reguliere pacht of erfpacht heeft; of
  • b). ten minste 50 procent van de aandelen bezit in geval van een naamloze vennootschap of besloten vennootschap.
5.

Indien aan het landbouwbedrijf meerdere jonge landbouwers als bedrijfshoofd deelnemen, dan hebben de jonge landbouwers individueel de vereiste daadwerkelijke langdurige zeggenschap en gezamenlijk de zeggenschap.

Artikel 5.9.6. Informatieverplichtingen
1.

Onverminderd artikel 2.9, wordt de subsidie aangevraagd door het bedrijf, waarvan de jonge landbouwer het bedrijfshoofd is en bevat de aanvraag tot subsidieverlening ten minste de volgende gegevens:

  • a). een door alle betrokken partijen ondertekend document waaruit blijkt dat de overname of vestiging na 1 januari 2023 is gerealiseerd, dan wel een kopie van de notariële akte van overdracht van aandelen of van de oprichting van de vennootschap en het aandelenregister of de door alle maten of vennoten ondertekende maatschaps- onderscheidenlijk vennootschapsakte met vermelding van alle maten of vennoten;
  • b). een door de jonge landbouwer ondertekend bedrijfsplan en een verklaring dat het bedrijfsplan actueel is en voldoet aan de vereisten van het tweede lid;
  • c). een opgave van de gegevens ten behoeve van de berekening van de standaardverdiencapaciteit van het bedrijf, of bij gebreke hiervan een inschatting daarvan;
  • d). het btw-nummer van de jonge landbouwer en indien van toepassing, de naam van de moedermaatschappij en dochtermaatschappij met de daarbij behorende btw-nummers;
  • e). gegevens over de genderidentificatie van de jonge landbouwer, met het oog op de doelstelling van artikel 6, eerste lid, onderdeel h, van verordening 2021/2115;
  • f). een verklaring dat de jonge landbouwer beschikt over passende opleiding- of vaardigheden;
  • g). een verklaring van toestemming aan de minister voor gebruik van de meegestuurde bedrijfsplannen voor statistisch onderzoek en analyse op niet tot een individueel bedrijf herleidbaar niveau;
  • h). bewijsstukken in geval van reguliere pacht of erfpacht.
2.

Het bij de aanvraag in te dienen bedrijfsplan bevat ten minste:

  • a). de vermelding van een meerjarige periode na de aanvraagdatum waarop het bedrijfsplan zich richt;
  • b). een situatieschets van het landbouwbedrijf op het moment van overname of de start;
  • c). de gewenste ontwikkeling van het landbouwbedrijf, waaronder in ieder geval vermelding van de te behalen mijlpalen voor de komende vijf jaar;
  • d). een beschrijving van de kostenposten waaraan de subsidie zal worden besteed;
  • e). een beschrijving van de wijze waarop de subsidie bijdraagt aan de versterking van de veerkracht van het bedrijf;
  • f). een beschrijving van de aspecten in het bedrijfsplan die bijdragen aan de specifieke doelen opgenomen in artikel 6 van Verordening 2021/2115 met betrekking tot klimaatverandering en duurzame energie, efficiënt beheer van natuurlijke hulpbronnen en bescherming van de biodiversiteit.
Artikel 5.9.7. Verplichtingen subsidieontvanger
1.

De subsidieontvanger verleent medewerking aan een evaluatie van de effecten van deze subsidie, voor zover deze medewerking redelijkerwijs van hem verlangd kan worden.

2.

De subsidieontvanger zet het landbouwbedrijf, behoudens overmacht of uitzonderlijke omstandigheden, minimaal vijf jaar voort en meldt binnen een termijn van 14 dagen aan de minister indien er sprake is van omstandigheden waardoor deze het bedrijf niet meer kan voortzetten dan wel de activiteiten beschreven in het bedrijfsplan niet meer kan uitvoeren.

3.

De subsidieontvanger met, in ten minste een van de vijf kalenderjaren volgend op de subsidieaanvraag, een standaardverdiencapaciteit tussen 15.000 euro en 25.000 euro, houdt op het bedrijf een inzichtelijke urenregistratie bij die eenvoudig bij een administratieve controle kan worden ingezien.

4.

De verplichtingen, bedoeld in het eerste tot en met derde lid, gelden gedurende vijf jaar na de datum van subsidieverstrekking.

Artikel 5.9.8. Toepasselijk RUS kader

Op de subsidie, bedoeld in artikel 5.9.2, eerste lid, zijn de regels inzake een subsidie lager dan 25.000 euro, bedoeld in artikel 5.1.9, eerste lid, onderdeel a, en tweede en derde lid, van toepassing.

Artikel 5.9.9. Vervaltermijn

Deze titel vervalt met ingang van 1 januari 2028, met dien verstande dat deze titel van toepassing blijft op subsidies die voor deze datum zijn verleend.

Hoofdstuk 6. Overige bepalingen en slotbepalingen

Bijlage 1. Behorende bij artikel 3.1.9 van de Regeling Europese EZK- en LNV-subsidies 2021

Procedure als bedoeld in artikel 3.1.9 van de Regeling Europese EZK- en LNV-subsidies 2021

Kopieën of volledig digitale documenten kunnen worden geaccepteerd als bewijsstuk. In deze bijlage worden de procedures vastgesteld voor documenten die in het kader van de uitvoering van de Regeling Europese EZK- en LNV-subsidies 2021 en verantwoording op grond van Verordening (EU) 2021/1060 van het Europees Parlement en de Raad van 24 juni 2021 houdende gemeenschappelijke bepalingen inzake het Europees Fonds voor regionale ontwikkeling, het Europees Sociaal Fonds Plus, het Cohesiefonds, het Fonds voor een rechtvaardige transitie en het Europees Fonds voor maritieme zaken, visserij en aquacultuur en de financiële regels voor die fondsen en voor het Fonds voor asiel, migratie en integratie, het Fonds voor interne veiligheid en het Instrument voor financiële steun voor grensbeheer en visumbeleid (PbEU 2021, L 231) en op grond van Verordening (EU) 2021/1139 van het Europees Parlement en de Raad van 7 juli 2021 tot oprichting van het Europees Fonds voor maritieme zaken, visserij en aquacultuur en tot wijziging van Verordening (EU) 2017/1004 (PbEU 2021, L 247) kunnen worden gebruikt.

1. Typen documenten

De volgende documenten worden als bewijsstukken geaccepteerd:

2. Procedure voor het gebruik van de documenten, bedoeld onder 1, onderdelen a, b en c

De in 1, onderdelen a, b en c, bedoelde bewijsstukken zijn geconverteerde documenten of gegevensdragers. Bij conversie van het origineel naar het geconverteerde document of gegevensdrager wordt aan de hieronder vermelde voorwaarden voldaan:

De volgende documenten worden als bewijsstukken geaccepteerd:

Kopieën of volledig digitale documenten kunnen worden geaccepteerd als bewijsstuk. In deze bijlage worden de procedures vastgesteld voor documenten die in het kader van de uitvoering van de Regeling Europese EZK- en LNV-subsidies 2021 en verantwoording op grond van Verordening (EU) 2021/1060 van het Europees Parlement en de Raad van 24 juni 2021 houdende gemeenschappelijke bepalingen inzake het Europees Fonds voor regionale ontwikkeling, het Europees Sociaal Fonds Plus, het Cohesiefonds, het Fonds voor een rechtvaardige transitie en het Europees Fonds voor maritieme zaken, visserij en aquacultuur en de financiële regels voor die fondsen en voor het Fonds voor asiel, migratie en integratie, het Fonds voor interne veiligheid en het Instrument voor financiële steun voor grensbeheer en visumbeleid (PbEU 2021, L 231) en op grond van Verordening (EU) 2021/1139 van het Europees Parlement en de Raad van 7 juli 2021 tot oprichting van het Europees Fonds voor maritieme zaken, visserij en aquacultuur en tot wijziging van Verordening (EU) 2017/1004 (PbEU 2021, L 247) kunnen worden gebruikt.

1. Typen documenten

De volgende documenten worden als bewijsstukken geaccepteerd:

Als de conversie op de juiste wijze gebeurt, is het in het kader van de verantwoording, niet meer noodzakelijk de bewijsstukken op de originele gegevensdrager te bewaren. Het geconverteerde bewijsstuk mag na conversie niet meer gewijzigd kunnen worden.

Bijlage 2. Behorende bij de artikelen 5.8.1, 5.8.2.7, vijfde lid en 5.8.4.7, vijfde lid

stikstofgevoelige Natura 2000 gebieden als bedoeld in artikel 5.8.1 (begripsomschrijving overgangsgebieden N2000) en de score urgentie als bedoeld in de artikelen 5.8.2.7, vijfde lid en 5.8.4.7, vijfde lid.

provincie Groningen score urgentie
Lieftinghsbroek (21)1 3,0
provincie Friesland score urgentie
Alde Feanen (13) 3,0
Bakkeveense duinen (17) 3,5
Duinen Ameland (5) 4,0
Duinen Schiermonnikoog (6) 3,5
Duinen Terschelling (4) 3,5
Duinen Vlieland (3) 3,0
Oudegaasterbrekken, Fluessen en omgeving (10) 2,9
Rottige Meenthe & Brandemeer (18) 3,5
Van Oordt's Mersken (15) 3,0
Wijnjeterper Schar (16) 3,0
provincie Drenthe score urgentie
Bargerveen (33) 4,5
Drents-Friese Wold & Leggelderveld (27) 5,0
Drentsche Aa-gebied (25) 4,0
Drouwenerzand (26) 3,0
Dwingelderveld (30) 5,0
Elperstroomgebied (28) 3,0
Fochteloërveen (23) 5,0
Holtingerveld (29) 4,0
Mantingerbos (31) 3,0
Mantingerzand (32) 3,5
Norgerholt (22) 3,0
provincie Overijssel score urgentie
Aamsveen (55) 4,5
Achter de Voort, Agelerbroek & Voltherbroek (47) 3,0
Bergvennen & Brecklenkampse Veld (46) 4,0
Boetelerveld (41) 3,5
Borkeld (44) 3,5
Buurserzand & Haaksbergerveen (53) 4,5
De Wieden (35) 3,5
Dinkelland (49) 3,0
Engbertsdijksvenen (40) 4,5
Landgoederen Oldenzaal (50) 3,0
Lemselermaten (48) 3,0
Lonnekermeer (51) 4,0
Olde Maten & Veerslootslanden (37) 3,5
Sallandse Heuvelrug (42) 4,0
Springendal & Dal van de Mosbeek (45) 3,5
Uiterwaarden Zwarte Water en Vecht (36) 2,9
Vecht- en Beneden-Reggegebied (39) 5,0
Weerribben (34) 4,0
Wierdense Veld (43) 4,0
Witte Veen (54) 3,5
provincie Gelderland score urgentie
Bekendelle (63) 3,0
De Bruuk (69) 3,0
Korenburgerveen (61) 5,0
Landgoederen Brummen (58) 3,5
Lingegebied & Diefdijk Zuid (70) 3,0
Loevestein, Pompveld & Kornsche Boezem (71) 2,9
Rijntakken (38) 3,0
Stelkampsveld (60) 3,5
Veluwe (57) 5,0
Willinks Weust (62) 3,0
Wooldse Veen (64) 4,5
provincie Utrecht score urgentie
Binnenveld (65) 3,0
Botshol (83) 3,5
Kolland & Overlangbroek (81) 3,0
Uiterwaarden Lek (82) 3,0
Zouweboezem (105) 2,9
provincie Noord-Holland score urgentie
Duinen Den Helder – Callantsoog (84) 3,5
Duinen en Lage Land Texel (2) 3,5
Eilandspolder (89) 3,0
Ilperveld, Varkensland, Oostzanerveld & Twiske (92) 3,0
Kennemerland-Zuid (88) 4,5
Naardermeer (94) 4,0
Noordhollands Duinreservaat (87) 5,0
Oostelijke Vechtplassen (95) 4,0
Polder Westzaan (91) 3,0
Schoorlse Duinen (86) 4,0
Wormer- en Jisperveld & Kalverpolder (90) 3,0
Zwanenwater & Pettemerduinen (85) 3,0
provincie Zuid-Holland score urgentie
Coepelduynen (96) 3,0
Duinen Goeree & Kwade Hoek (101) 3,5
Meijendel & Berkheide (97) 3,5
Nieuwkoopse Plassen & De Haeck (103) 3,5
Solleveld & Kapittelduinen (99) 4,0
Voornes Duin (100) 4,0
Westduinpark & Wapendal (98) 4,0
provincie Zeeland score urgentie
Canisvliet (125) 2,9
Groote Gat (124) 2,9
Kop van Schouwen (116) 4,5
Manteling van Walcheren (117) 4,5
Vogelkreek (126) 2,9
Yerseke en Kapelse Moer (121) 2,9
Zwin & Kievittepolder (123) 2,9
provincie Noord-Brabant score urgentie
Biesbosch (112) 3,0
Brabantse Wal (128) 5,0
Deurnsche Peel & Mariapeel (139) 5,0
Groote Peel (140) 4,5
Kampina & Oisterwijkse Vennen (133) 5,0
Kempenland-West (135) 4,5
Langstraat (130) 3,5
Leenderbos, Groote Heide & De Plateaux (136) 4,0
Loonse en Drunense Duinen & Leemkuilen (131) 4,5
Oeffelter Meent (141) 2,9
Regte Heide & Riels Laag (134) 3,5
Strabrechtse Heide & Beuven (137) 4,0
Ulvenhoutse Bos (129) 4,0
Vlijmens Ven, Moerputten & Bossche Broek (132) 3,5
provincie Limburg score urgentie
Bemelerberg & Schiepersberg (156) 3,0
Boschhuizerbergen (144) 4,5
Brunssummerheide (155) 3,0
Bunder- en Elslooërbos (153) 3,0
Geleenbeekdal (154) 3,0
Geuldal (157) 4,0
Kunderberg (158) 3,0
Leudal (147) 3,0
Maasduinen (145) 5,0
Meinweg (149) 4,0
Noorbeemden & Hoogbos (161) 3,0
Roerdal (150) 3,0
Sarsven en De Banen (146) 4,5
Savelsbos (160) 3,5
Sint Jansberg (142) 3,0
Sint Pietersberg & Jekerdal (159) 3,5
Swalmdal (148) 2,9
Weerter- en Budelerbergen & Ringselven (138) 4,5
Zeldersche Driessen (143) 3,0
Ministerie van I&W score urgentie
Grevelingen (115) 3,5
Krammer-Volkerak (114) 2,9
Noordzeekustzone (7) 2,9
Oosterschelde (118) 3,0
Voordelta (113) 2,9
Waddenzee (1) 3,0
Westerschelde & Saeftinghe (122) 2,9
Ministerie van Defensie score urgentie
Witterveld (24) 4,0

1 De nummering tussen haakjes betreft de 162 aangewezen N2000 gebieden als vermeld op de website www.natura2000.nl.

Bijlage 3. Behorende bij titel 5.8, paragraaf 5.8.3 en paragraaf 5.8.4

1 2 3 3
Product/activiteit Omschrijving resultaat berekeningsmethode berekeningsmethode
1. Uitwerking 1. Uitwerking 1. Uitwerking 1. Uitwerking
a. uitwerking op het niveau van het samenwerkings-verband Document met een inhoudelijke beschrijving van de uit te voeren activiteiten in het samenwerkingsverband met: a. een uitwerking op het niveau van het samenwerkingsverband voor onderstaande doelen: 1°. Reductie CO2-emissie uit veenweidepercelen of; 2°. Reductie ammoniakemissie in overgangsgebieden N2000; b. een beschrijving van de huidige situatie in het samenwerkingsverband in het licht van de doelen, bedoeld in onderdeel a; c. een beschrijving van de beoogde activiteiten op de percelen in het samenwerkingsverband zoals omschreven in onderdelen 5 en 6 van deze tabel; d. een beschrijving van de overige activiteiten van het samenwerkingsverband, zoals omschreven in onderdelen 1b t/m 4, die op effectieve en efficiënte wijze kunnen bijdragen aan het behalen van een van de doelen, bedoeld in onderdeel a; e. de verwachte uitkomsten van de activiteiten bedoeld in onderdelen 5 en 6; f. een beschrijving van de rol en de taken van de bij de uitvoering van het plan betrokken partijen; g. een kaart waarop is aangegeven op welke percelen de activiteiten, bedoeld in onderdelen 5 en 6, uitgevoerd gaan worden; h. (een inschatting van) de (neven)effecten op andere actoren binnen of buiten het projectgebied; en i. de planning van de uitvoering van het project. Aantonen aan de hand van offerteverzoek, offerten, opdracht, factuur en betaalbewijs Offerten: per aanvraag; Offerten: per aanvraag;
b. bedrijfsplan per deelnemend agrarisch bedrijf of grondeigenaar Document met een beschrijving van de activiteiten van een deelnemend bedrijf of grondeigenaar en de bijdrage die hiermee aan het beoogde doel geleverd wordt, waaronder: – onderbouwing keuze voor te ontwikkelen doelen en uit te voeren activiteiten, waarbij ook de opbouw van kennis en ervaring wordt toegelicht; – relaties met andere deelnemende bedrijven of partners; – begroting van de kosten van de activiteiten in onderdelen 5 en 6 van deze tabel; – een kaart waarin is aangegeven op welke percelen de activiteiten, bedoeld in onderdelen 5 en 6 worden uitgevoerd. Aantonen aan de hand van offerteverzoek, offerten, opdracht, factuur en betaalbewijs Offerten: per deelnemend agrarisch bedrijf of grondeigenaar Offerten: per deelnemend agrarisch bedrijf of grondeigenaar
2. Begeleiding projecten 2. Begeleiding projecten 2. Begeleiding projecten 2. Begeleiding projecten
a. werven deelnemers Voeren van individuele gesprekken met potentiële deelnemers om te komen tot afspraken over deelname aan het project of over het opstellen van een bedrijfsplan. Aantonen aan de hand van offerteverzoek, offerten, opdracht, factuur betaalbewijs Offerten: per potentiële deelnemer Offerten: per potentiële deelnemer
b. begeleiden deelnemers Begeleiding van deelnemers bij de uitvoering van het bedrijfsplan. Bepalen aan de hand van gemaakte bedrijfsplannen. Aantonen aan de hand van offerteverzoek, offerten, opdracht, factuur en betaalbewijs Offerten: per deelnemer Offerten: per deelnemer
3. Communicatie 3. Communicatie 3. Communicatie 3. Communicatie
a. communicatieplan Document met een overkoepelend communicatieplan voor het project met aandacht voor: – producten – doelgroepen – begroting op basis van de productenlijst – fasering In het plan wordt expliciet aandacht besteed aan de bijdrage die het project levert aan de doelstelling van het project. Aantonen aan de hand van offerteverzoek, offerten, opdracht, factuur en betaalbewijs Offerten Offerten
b. kleine bijeenkomst Bijeenkomst van maximaal 15 personen; voorbereiding, facilitaire zaken en verslaglegging. Aantonen aan de hand van offerteverzoek, offerten, opdracht, factuur en betaalbewijs Offerten per bijeenkomst Offerten per bijeenkomst
c. grote bijeenkomst Bijeenkomst van meer dan 15 personen; voorbereiding, facilitaire zaken en verslaglegging. Aantonen aan de hand van offerteverzoek, offerten, opdracht, factuur en betaalbewijs Offerten per bijeenkomst Offerten per bijeenkomst
4. Rapportage 4. Rapportage 4. Rapportage 4. Rapportage
a. tussenrapportage Document met inhoudelijke beschrijving van de voortgang van het project, evaluatie, leerpunten, evt. aanpassingen in het project. Aantonen aan de hand van offerteverzoek, offerten, opdracht, factuur en betaalbewijs Offerten per tussenrapportage; Offerten per tussenrapportage;
b. eindrapportage Document met inhoudelijke beschrijving van de resultaten van het project, evaluatie en leerpunten. Aantonen aan de hand van offerteverzoek, offerten, opdracht, factuur en betaalbewijs Offerten Offerten
5. Niet-productieve investeringen veenweide 5. Niet-productieve investeringen veenweide 5. Niet-productieve investeringen veenweide 5. Niet-productieve investeringen veenweide
a. aanschaf en plaatsen van waterinfiltratie-systemen, zoals onderwaterdrainage of drukdrainage Waterinfiltratiesystemen, zoals onderwaterdrainage en drukdrainage, zijn niet-productieve investeringen met als doel de grondwaterstand in veenweidepercelen te verhogen. Dit kan alleen op grasland, zowel op landbouwareaal als op niet-landbouwareaal. Voor berekeningen van de CO2-emissie wordt bij drukdrainage alleen gerekend met de medium variant in SOMERS (www.nobveenweiden.nl/bevindingen). Aantonen aan de hand van offerteverzoek, offerten, opdracht, factuur en betaalbewijs werkelijke kosten op basis van factuur en betaalbewijs werkelijke kosten op basis van factuur en betaalbewijs
b. aanschaf en plaatsen van grondwaterpeil-buizen Grondwaterpeilbuizen geven inzicht in de grondwaterstand in veenweidepercelen. Vanwege de benodigde datalevering zijn digitale meetsystemen noodzakelijk. Dit kan alleen op grasland, zowel op landbouwareaal als op niet-landbouwareaal. Aantonen aan de hand van offerteverzoek, offerten, opdracht, factuur en betaalbewijs. Werkelijke kosten op basis van factuur en betaalbewijs Werkelijke kosten op basis van factuur en betaalbewijs
c. onderhoud waterinfiltratie-systeem en grondwaterpeil-buizen Voor onderhoud ter zake van onderdelen 5a en 5b zijn geen jaarlijkse bijdragen voorzien maar kan per keer een factuur en betaalbewijs worden overgelegd. In de begroting van het project kan maximaal 10% van de kosten van 5a en 5b gezamenlijk worden opgenomen. Werkelijke kosten op basis van factuur en betaalbewijs Werkelijke kosten op basis van factuur en betaalbewijs
6. Uitvoeren beheeractiviteiten 6. Uitvoeren beheeractiviteiten 6. Uitvoeren beheeractiviteiten 6. Uitvoeren beheeractiviteiten
a. geringere drooglegging Het verschil tussen het peil rondom het perceel (in cm ten opzichte van het NAP) en de gemiddelde hoogte van het maaiveld van het perceel (in cm ten opzichte van het NAP) voor de periode van april tot en met september leidt tot de berekende subsidie. - De hoogte van het peil rondom het perceel, het peilvak of een deel daarvan, voor de genoemde periode is schriftelijk vastgelegd in bijvoorbeeld een peilbesluit, vergunning of ontheffing van het waterschap. – De hoogte van het maaiveld van het perceel is af te lezen op de AHN-viewer (www.ahn.nl). – De percelen moeten landbouwareaal en grasland betreffen. – Per samenwerkingsverband moet minimaal 90% van het areaal van deze percelen onder de definitie veenweidegebied vallen. Bij combinatie van deze beheeractiviteit met extensiveren (onderdeel 6b) wordt de subsidie voor deze beheeractiviteit berekend met de lagere referentie gewasopbrengst door extensiveren Drooglegging is max. 40 cm: € 545 per ha/jr Drooglegging is max. 30 cm: € 790 per ha/jr Drooglegging is max. 20 cm: € 1.355 per ha/jr Combinatie met extensiveren (6b): bij 150 kg N dierexcretie/ha/bedrijf: 40 cm = € 450 per ha 30 cm = € 645 per ha 20 cm = € 1.105 per ha bij 100 kg N dierexcretie/ha/bedrijf: 40 cm = € 410 per ha 30 cm = € 585 per ha 20 cm = € 995 per ha Drooglegging is max. 40 cm: € 545 per ha/jr Drooglegging is max. 30 cm: € 790 per ha/jr Drooglegging is max. 20 cm: € 1.355 per ha/jr Combinatie met extensiveren (6b): bij 150 kg N dierexcretie/ha/bedrijf: 40 cm = € 450 per ha 30 cm = € 645 per ha 20 cm = € 1.105 per ha bij 100 kg N dierexcretie/ha/bedrijf: 40 cm = € 410 per ha 30 cm = € 585 per ha 20 cm = € 995 per ha
b. extensiveren Het productie- en bemestingsvolume van het melkveehouderijbedrijf is maximaal 150 of 100 kg stikstof dierexcretie per ha per bedrijf waarbij het gebruik van stikstofhoudende kunstmest niet is toegestaan en waarbij minimaal 50% van het areaal van de percelen van het bedrijf ligt binnen overgangsgebied N2000 of binnen veenweidegebied. Voor de aanvraag op overgangsgebieden N2000 (artikel 5.8.4.): Voor de puntenberekening van de weidegang wordt gekeken naar de ecoactiviteit verlengde weidegang. Max. 150 kg N dierexcretie/ha per bedrijf: € 1.680 per ha/jr Max. 100 kg N dierexcretie/ha per bedrijf: € 2.430 per ha/jr Max. 150 kg N dierexcretie/ha per bedrijf: € 1.680 per ha/jr Max. 100 kg N dierexcretie/ha per bedrijf: € 2.430 per ha/jr

Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

Artikel 5.8.2.10. Gegevensgebruik

De Minister kan voor een beoordeling van de juistheid van de informatie die is verstrekt bij de indiening van aanvragen, wijzigingsverzoeken en betalingsverzoeken op grond van deze paragraaf gebruik maken van de daarvoor noodzakelijke gegevens die zijn opgenomen in voor de Minister beschikbare registraties op grond van de Meststoffenwet, de Wet dieren, de Landbouwwet, Verordening (EU) 2016/429 van het Europees Parlement en de Raad van 9 maart 2016 betreffende overdraagbare dierziekten en tot wijziging en intrekking van bepaalde handelingen op het gebied van diergezondheid (‘diergezondheidswetgeving’) (Pb EU 2016, L84) en Gedelegeerde verordening (EU) 2019/2035 van de Commissie van 28 juni 2019 tot aanvulling van Verordening (EU) 2016/429 van het Europees Parlement en de Raad wat betreft regels voor inrichtingen waar landdieren worden gehouden en broederijen, alsmede voor de traceerbaarheid van bepaalde gehouden landdieren en broedeieren (Pb EU 2019, L 314).

§ 5.8.3. Verhogen grondwaterstand in veenweidegebieden

Artikel 5.8.3.12. Gegevensgebruik

De Minister kan voor een beoordeling van de juistheid van de informatie die is verstrekt bij de indiening van aanvragen, wijzigingsverzoeken en betalingsverzoeken op grond van deze paragraaf gebruik maken van de daarvoor noodzakelijke gegevens die zijn opgenomen in voor de Minister beschikbare registraties op grond van de Meststoffenwet, de Wet dieren, de Landbouwwet, Verordening (EU) 2016/429 van het Europees Parlement en de Raad van 9 maart 2016 betreffende overdraagbare dierziekten en tot wijziging en intrekking van bepaalde handelingen op het gebied van diergezondheid (‘diergezondheidswetgeving’) (Pb EU 2016, L84) en Gedelegeerde verordening (EU) 2019/2035 van de Commissie van 28 juni 2019 tot aanvulling van Verordening (EU) 2016/429 van het Europees Parlement en de Raad wat betreft regels voor inrichtingen waar landdieren worden gehouden en broederijen, alsmede voor de traceerbaarheid van bepaalde gehouden landdieren en broedeieren (Pb EU 2019, L 314).

§ 5.7.10. Slotbepaling

Artikel 5.8.4.12. Gegevensgebruik

De Minister kan voor een beoordeling van de juistheid van de informatie die is verstrekt bij de indiening van aanvragen, wijzigingsverzoeken en betalingsverzoeken op grond van deze paragraaf gebruik maken van de daarvoor noodzakelijke gegevens die zijn opgenomen in voor de Minister beschikbare registraties op grond van de Meststoffenwet, de Wet dieren, de Landbouwwet, Verordening (EU) 2016/429 van het Europees Parlement en de Raad van 9 maart 2016 betreffende overdraagbare dierziekten en tot wijziging en intrekking van bepaalde handelingen op het gebied van diergezondheid (‘diergezondheidswetgeving’) (Pb EU 2016, L84) en Gedelegeerde verordening (EU) 2019/2035 van de Commissie van 28 juni 2019 tot aanvulling van Verordening (EU) 2016/429 van het Europees Parlement en de Raad wat betreft regels voor inrichtingen waar landdieren worden gehouden en broederijen, alsmede voor de traceerbaarheid van bepaalde gehouden landdieren en broedeieren (Pb EU 2019, L 314).

§ 5.8.5. Slotbepalingen

Titel 5.9. Subsidie voor de vestiging van jonge landbouwers

Hoofdstuk 6. Overige bepalingen en slotbepalingen

Procedure als bedoeld in artikel 3.1.9 van de Regeling Europese EZK- en LNV-subsidies 2021

Kopieën of volledig digitale documenten kunnen worden geaccepteerd als bewijsstuk. In deze bijlage worden de procedures vastgesteld voor documenten die in het kader van de uitvoering van de Regeling Europese EZK- en LNV-subsidies 2021 en verantwoording op grond van Verordening (EU) 2021/1060 van het Europees Parlement en de Raad van 24 juni 2021 houdende gemeenschappelijke bepalingen inzake het Europees Fonds voor regionale ontwikkeling, het Europees Sociaal Fonds Plus, het Cohesiefonds, het Fonds voor een rechtvaardige transitie en het Europees Fonds voor maritieme zaken, visserij en aquacultuur en de financiële regels voor die fondsen en voor het Fonds voor asiel, migratie en integratie, het Fonds voor interne veiligheid en het Instrument voor financiële steun voor grensbeheer en visumbeleid (PbEU 2021, L 231) en op grond van Verordening (EU) 2021/1139 van het Europees Parlement en de Raad van 7 juli 2021 tot oprichting van het Europees Fonds voor maritieme zaken, visserij en aquacultuur en tot wijziging van Verordening (EU) 2017/1004 (PbEU 2021, L 247) kunnen worden gebruikt.

1. Typen documenten

2. Procedure voor het gebruik van de documenten, bedoeld onder 1, onderdelen a, b en c

De in 1, onderdelen a, b en c, bedoelde bewijsstukken zijn geconverteerde documenten of gegevensdragers. Bij conversie van het origineel naar het geconverteerde document of gegevensdrager wordt aan de hieronder vermelde voorwaarden voldaan:

3. Procedure voor het bewaren van stukken die uitsluitend in een elektronische versie bestaan, bedoeld onder 1, onderdeel d

Het in samenhang bezien van de verschillende bewijsstukken strekt er mede toe de authenticiteit van het geconverteerde document of de gegevensdrager te waarborgen en dat hierop voor controledoeleinden kan worden vertrouwd.

Als de conversie op de juiste wijze gebeurt, is het in het kader van de verantwoording, niet meer noodzakelijk de bewijsstukken op de originele gegevensdrager te bewaren. Het geconverteerde bewijsstuk mag na conversie niet meer gewijzigd kunnen worden.

Bijlage 2. Behorende bij de artikelen 5.8.1, 5.8.2.7, vijfde lid en 5.8.4.7, vijfde lid

stikstofgevoelige Natura 2000 gebieden als bedoeld in artikel 5.8.1 (begripsomschrijving overgangsgebieden N2000) en de score urgentie als bedoeld in de artikelen 5.8.2.7, vijfde lid en 5.8.4.7, vijfde lid.

provincie Groningen score urgentie
Lieftinghsbroek (21)1 3,0
provincie Friesland score urgentie
Alde Feanen (13) 3,0
Bakkeveense duinen (17) 3,5
Duinen Ameland (5) 4,0
Duinen Schiermonnikoog (6) 3,5
Duinen Terschelling (4) 3,5
Duinen Vlieland (3) 3,0
Oudegaasterbrekken, Fluessen en omgeving (10) 2,9
Rottige Meenthe & Brandemeer (18) 3,5
Van Oordt's Mersken (15) 3,0
Wijnjeterper Schar (16) 3,0
provincie Drenthe score urgentie
Bargerveen (33) 4,5
Drents-Friese Wold & Leggelderveld (27) 5,0
Drentsche Aa-gebied (25) 4,0
Drouwenerzand (26) 3,0
Dwingelderveld (30) 5,0
Elperstroomgebied (28) 3,0
Fochteloërveen (23) 5,0
Holtingerveld (29) 4,0
Mantingerbos (31) 3,0
Mantingerzand (32) 3,5
Norgerholt (22) 3,0
provincie Overijssel score urgentie
Aamsveen (55) 4,5
Achter de Voort, Agelerbroek & Voltherbroek (47) 3,0
Bergvennen & Brecklenkampse Veld (46) 4,0
Boetelerveld (41) 3,5
Borkeld (44) 3,5
Buurserzand & Haaksbergerveen (53) 4,5
De Wieden (35) 3,5
Dinkelland (49) 3,0
Engbertsdijksvenen (40) 4,5
Landgoederen Oldenzaal (50) 3,0
Lemselermaten (48) 3,0
Lonnekermeer (51) 4,0
Olde Maten & Veerslootslanden (37) 3,5
Sallandse Heuvelrug (42) 4,0
Springendal & Dal van de Mosbeek (45) 3,5
Uiterwaarden Zwarte Water en Vecht (36) 2,9
Vecht- en Beneden-Reggegebied (39) 5,0
Weerribben (34) 4,0
Wierdense Veld (43) 4,0
Witte Veen (54) 3,5
provincie Gelderland score urgentie
Bekendelle (63) 3,0
De Bruuk (69) 3,0
Korenburgerveen (61) 5,0
Landgoederen Brummen (58) 3,5
Lingegebied & Diefdijk Zuid (70) 3,0
Loevestein, Pompveld & Kornsche Boezem (71) 2,9
Rijntakken (38) 3,0
Stelkampsveld (60) 3,5
Veluwe (57) 5,0
Willinks Weust (62) 3,0
Wooldse Veen (64) 4,5
provincie Utrecht score urgentie
Binnenveld (65) 3,0
Botshol (83) 3,5
Kolland & Overlangbroek (81) 3,0
Uiterwaarden Lek (82) 3,0
Zouweboezem (105) 2,9
provincie Noord-Holland score urgentie
Duinen Den Helder – Callantsoog (84) 3,5
Duinen en Lage Land Texel (2) 3,5
Eilandspolder (89) 3,0
Ilperveld, Varkensland, Oostzanerveld & Twiske (92) 3,0
Kennemerland-Zuid (88) 4,5
Naardermeer (94) 4,0
Noordhollands Duinreservaat (87) 5,0
Oostelijke Vechtplassen (95) 4,0
Polder Westzaan (91) 3,0
Schoorlse Duinen (86) 4,0
Wormer- en Jisperveld & Kalverpolder (90) 3,0
Zwanenwater & Pettemerduinen (85) 3,0
provincie Zuid-Holland score urgentie
Coepelduynen (96) 3,0
Duinen Goeree & Kwade Hoek (101) 3,5
Meijendel & Berkheide (97) 3,5
Nieuwkoopse Plassen & De Haeck (103) 3,5
Solleveld & Kapittelduinen (99) 4,0
Voornes Duin (100) 4,0
Westduinpark & Wapendal (98) 4,0
provincie Zeeland score urgentie
Canisvliet (125) 2,9
Groote Gat (124) 2,9
Kop van Schouwen (116) 4,5
Manteling van Walcheren (117) 4,5
Vogelkreek (126) 2,9
Yerseke en Kapelse Moer (121) 2,9
Zwin & Kievittepolder (123) 2,9
provincie Noord-Brabant score urgentie
Biesbosch (112) 3,0
Brabantse Wal (128) 5,0
Deurnsche Peel & Mariapeel (139) 5,0
Groote Peel (140) 4,5
Kampina & Oisterwijkse Vennen (133) 5,0
Kempenland-West (135) 4,5
Langstraat (130) 3,5
Leenderbos, Groote Heide & De Plateaux (136) 4,0
Loonse en Drunense Duinen & Leemkuilen (131) 4,5
Oeffelter Meent (141) 2,9
Regte Heide & Riels Laag (134) 3,5
Strabrechtse Heide & Beuven (137) 4,0
Ulvenhoutse Bos (129) 4,0
Vlijmens Ven, Moerputten & Bossche Broek (132) 3,5
provincie Limburg score urgentie
Bemelerberg & Schiepersberg (156) 3,0
Boschhuizerbergen (144) 4,5
Brunssummerheide (155) 3,0
Bunder- en Elslooërbos (153) 3,0
Geleenbeekdal (154) 3,0
Geuldal (157) 4,0
Kunderberg (158) 3,0
Leudal (147) 3,0
Maasduinen (145) 5,0
Meinweg (149) 4,0
Noorbeemden & Hoogbos (161) 3,0
Roerdal (150) 3,0
Sarsven en De Banen (146) 4,5
Savelsbos (160) 3,5
Sint Jansberg (142) 3,0
Sint Pietersberg & Jekerdal (159) 3,5
Swalmdal (148) 2,9
Weerter- en Budelerbergen & Ringselven (138) 4,5
Zeldersche Driessen (143) 3,0
Ministerie van I&W score urgentie
Grevelingen (115) 3,5
Krammer-Volkerak (114) 2,9
Noordzeekustzone (7) 2,9
Oosterschelde (118) 3,0
Voordelta (113) 2,9
Waddenzee (1) 3,0
Westerschelde & Saeftinghe (122) 2,9
Ministerie van Defensie score urgentie
Witterveld (24) 4,0

1 De nummering tussen haakjes betreft de 162 aangewezen N2000 gebieden als vermeld op de website www.natura2000.nl.

Bijlage 3. Behorende bij titel 5.8, paragraaf 5.8.3 en paragraaf 5.8.4

1 2 3 3
Product/activiteit Omschrijving resultaat berekeningsmethode berekeningsmethode
1. Uitwerking 1. Uitwerking 1. Uitwerking 1. Uitwerking
a. uitwerking op het niveau van het samenwerkings-verband Document met een inhoudelijke beschrijving van de uit te voeren activiteiten in het samenwerkingsverband met: a. een uitwerking op het niveau van het samenwerkingsverband voor onderstaande doelen: 1°. Reductie CO2-emissie uit veenweidepercelen of; 2°. Reductie ammoniakemissie in overgangsgebieden N2000; b. een beschrijving van de huidige situatie in het samenwerkingsverband in het licht van de doelen, bedoeld in onderdeel a; c. een beschrijving van de beoogde activiteiten op de percelen in het samenwerkingsverband zoals omschreven in onderdelen 5 en 6 van deze tabel; d. een beschrijving van de overige activiteiten van het samenwerkingsverband, zoals omschreven in onderdelen 1b t/m 4, die op effectieve en efficiënte wijze kunnen bijdragen aan het behalen van een van de doelen, bedoeld in onderdeel a; e. de verwachte uitkomsten van de activiteiten bedoeld in onderdelen 5 en 6; f. een beschrijving van de rol en de taken van de bij de uitvoering van het plan betrokken partijen; g. een kaart waarop is aangegeven op welke percelen de activiteiten, bedoeld in onderdelen 5 en 6, uitgevoerd gaan worden; h. (een inschatting van) de (neven)effecten op andere actoren binnen of buiten het projectgebied; en i. de planning van de uitvoering van het project. Aantonen aan de hand van offerteverzoek, offerten, opdracht, factuur en betaalbewijs Offerten: per aanvraag; Offerten: per aanvraag;
b. bedrijfsplan per deelnemend agrarisch bedrijf of grondeigenaar Document met een beschrijving van de activiteiten van een deelnemend bedrijf of grondeigenaar en de bijdrage die hiermee aan het beoogde doel geleverd wordt, waaronder: – onderbouwing keuze voor te ontwikkelen doelen en uit te voeren activiteiten, waarbij ook de opbouw van kennis en ervaring wordt toegelicht; – relaties met andere deelnemende bedrijven of partners; – begroting van de kosten van de activiteiten in onderdelen 5 en 6 van deze tabel; – een kaart waarin is aangegeven op welke percelen de activiteiten, bedoeld in onderdelen 5 en 6 worden uitgevoerd. Aantonen aan de hand van offerteverzoek, offerten, opdracht, factuur en betaalbewijs Offerten: per deelnemend agrarisch bedrijf of grondeigenaar Offerten: per deelnemend agrarisch bedrijf of grondeigenaar
2. Begeleiding projecten 2. Begeleiding projecten 2. Begeleiding projecten 2. Begeleiding projecten
a. werven deelnemers Voeren van individuele gesprekken met potentiële deelnemers om te komen tot afspraken over deelname aan het project of over het opstellen van een bedrijfsplan. Aantonen aan de hand van offerteverzoek, offerten, opdracht, factuur betaalbewijs Offerten: per potentiële deelnemer Offerten: per potentiële deelnemer
b. begeleiden deelnemers Begeleiding van deelnemers bij de uitvoering van het bedrijfsplan. Bepalen aan de hand van gemaakte bedrijfsplannen. Aantonen aan de hand van offerteverzoek, offerten, opdracht, factuur en betaalbewijs Offerten: per deelnemer Offerten: per deelnemer
3. Communicatie 3. Communicatie 3. Communicatie 3. Communicatie
a. communicatieplan Document met een overkoepelend communicatieplan voor het project met aandacht voor: – producten – doelgroepen – begroting op basis van de productenlijst – fasering In het plan wordt expliciet aandacht besteed aan de bijdrage die het project levert aan de doelstelling van het project. Aantonen aan de hand van offerteverzoek, offerten, opdracht, factuur en betaalbewijs Offerten Offerten
b. kleine bijeenkomst Bijeenkomst van maximaal 15 personen; voorbereiding, facilitaire zaken en verslaglegging. Aantonen aan de hand van offerteverzoek, offerten, opdracht, factuur en betaalbewijs Offerten per bijeenkomst Offerten per bijeenkomst
c. grote bijeenkomst Bijeenkomst van meer dan 15 personen; voorbereiding, facilitaire zaken en verslaglegging. Aantonen aan de hand van offerteverzoek, offerten, opdracht, factuur en betaalbewijs Offerten per bijeenkomst Offerten per bijeenkomst
4. Rapportage 4. Rapportage 4. Rapportage 4. Rapportage
a. tussenrapportage Document met inhoudelijke beschrijving van de voortgang van het project, evaluatie, leerpunten, evt. aanpassingen in het project. Aantonen aan de hand van offerteverzoek, offerten, opdracht, factuur en betaalbewijs Offerten per tussenrapportage; Offerten per tussenrapportage;
b. eindrapportage Document met inhoudelijke beschrijving van de resultaten van het project, evaluatie en leerpunten. Aantonen aan de hand van offerteverzoek, offerten, opdracht, factuur en betaalbewijs Offerten Offerten
5. Niet-productieve investeringen veenweide 5. Niet-productieve investeringen veenweide 5. Niet-productieve investeringen veenweide 5. Niet-productieve investeringen veenweide
a. aanschaf en plaatsen van waterinfiltratie-systemen, zoals onderwaterdrainage of drukdrainage Waterinfiltratiesystemen, zoals onderwaterdrainage en drukdrainage, zijn niet-productieve investeringen met als doel de grondwaterstand in veenweidepercelen te verhogen. Dit kan alleen op grasland, zowel op landbouwareaal als op niet-landbouwareaal. Voor berekeningen van de CO2-emissie wordt bij drukdrainage alleen gerekend met de medium variant in SOMERS (www.nobveenweiden.nl/bevindingen). Aantonen aan de hand van offerteverzoek, offerten, opdracht, factuur en betaalbewijs werkelijke kosten op basis van factuur en betaalbewijs werkelijke kosten op basis van factuur en betaalbewijs
b. aanschaf en plaatsen van grondwaterpeil-buizen Grondwaterpeilbuizen geven inzicht in de grondwaterstand in veenweidepercelen. Vanwege de benodigde datalevering zijn digitale meetsystemen noodzakelijk. Dit kan alleen op grasland, zowel op landbouwareaal als op niet-landbouwareaal. Aantonen aan de hand van offerteverzoek, offerten, opdracht, factuur en betaalbewijs. Werkelijke kosten op basis van factuur en betaalbewijs Werkelijke kosten op basis van factuur en betaalbewijs
c. onderhoud waterinfiltratie-systeem en grondwaterpeil-buizen Voor onderhoud ter zake van onderdelen 5a en 5b zijn geen jaarlijkse bijdragen voorzien maar kan per keer een factuur en betaalbewijs worden overgelegd. In de begroting van het project kan maximaal 10% van de kosten van 5a en 5b gezamenlijk worden opgenomen. Werkelijke kosten op basis van factuur en betaalbewijs Werkelijke kosten op basis van factuur en betaalbewijs
6. Uitvoeren beheeractiviteiten 6. Uitvoeren beheeractiviteiten 6. Uitvoeren beheeractiviteiten 6. Uitvoeren beheeractiviteiten
a. geringere drooglegging Het verschil tussen het peil rondom het perceel (in cm ten opzichte van het NAP) en de gemiddelde hoogte van het maaiveld van het perceel (in cm ten opzichte van het NAP) voor de periode van april tot en met september leidt tot de berekende subsidie. - De hoogte van het peil rondom het perceel, het peilvak of een deel daarvan, voor de genoemde periode is schriftelijk vastgelegd in bijvoorbeeld een peilbesluit, vergunning of ontheffing van het waterschap. – De hoogte van het maaiveld van het perceel is af te lezen op de AHN-viewer (www.ahn.nl). – De percelen moeten landbouwareaal en grasland betreffen. – Per samenwerkingsverband moet minimaal 90% van het areaal van deze percelen onder de definitie veenweidegebied vallen. Bij combinatie van deze beheeractiviteit met extensiveren (onderdeel 6b) wordt de subsidie voor deze beheeractiviteit berekend met de lagere referentie gewasopbrengst door extensiveren Drooglegging is max. 40 cm: € 545 per ha/jr Drooglegging is max. 30 cm: € 790 per ha/jr Drooglegging is max. 20 cm: € 1.355 per ha/jr Combinatie met extensiveren (6b): bij 150 kg N dierexcretie/ha/bedrijf: 40 cm = € 450 per ha 30 cm = € 645 per ha 20 cm = € 1.105 per ha bij 100 kg N dierexcretie/ha/bedrijf: 40 cm = € 410 per ha 30 cm = € 585 per ha 20 cm = € 995 per ha Drooglegging is max. 40 cm: € 545 per ha/jr Drooglegging is max. 30 cm: € 790 per ha/jr Drooglegging is max. 20 cm: € 1.355 per ha/jr Combinatie met extensiveren (6b): bij 150 kg N dierexcretie/ha/bedrijf: 40 cm = € 450 per ha 30 cm = € 645 per ha 20 cm = € 1.105 per ha bij 100 kg N dierexcretie/ha/bedrijf: 40 cm = € 410 per ha 30 cm = € 585 per ha 20 cm = € 995 per ha
b. extensiveren Het productie- en bemestingsvolume van het melkveehouderijbedrijf is maximaal 150 of 100 kg stikstof dierexcretie per ha per bedrijf waarbij het gebruik van stikstofhoudende kunstmest niet is toegestaan en waarbij minimaal 50% van het areaal van de percelen van het bedrijf ligt binnen overgangsgebied N2000 of binnen veenweidegebied. Voor de aanvraag op overgangsgebieden N2000 (artikel 5.8.4.): Voor de puntenberekening van de weidegang wordt gekeken naar de ecoactiviteit verlengde weidegang. Max. 150 kg N dierexcretie/ha per bedrijf: € 1.680 per ha/jr Max. 100 kg N dierexcretie/ha per bedrijf: € 2.430 per ha/jr Max. 150 kg N dierexcretie/ha per bedrijf: € 1.680 per ha/jr Max. 100 kg N dierexcretie/ha per bedrijf: € 2.430 per ha/jr

Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

§ 3.6. Vernieuwingen in de keten van visserij en aquacultuur

Hoofdstuk 4. Europees fonds voor regionale ontwikkeling

§ 4.2. Regels omtrent subsidieverstrekking door de beheerautoriteit in het kader van de landsdelige EFRO-programma’s

§ 4.3. Regels omtrent subsidieverstrekking ten laste van de Rijkscofinanciering in het kader van de landsdelige EFRO-programma’s

§ 4.4. Regels omtrent subsidieverstrekking ten laste van Rijkscofinanciering in het kader van de doelstelling “Europese territoriale samenwerking” (Interreg)

Hoofdstuk 5. Europees Landbouwgarantiefonds en Europees Landbouwfonds voor plattelandsontwikkeling

Titel 5.1. Algemene bepalingen

Titel 5.2. Operationele programma’s

§ 1.1. Rechtspersoonlijkheid

§ 1.2. Lidmaatschap

§ 1.3. Verplichtingen voor producentenorganisaties

§ 2. Aanvraag, verlening en beëindiging erkenning

Afdeling 5.2.2. Actiefonds en waarde afgezette productie

§ 2. Aanvraag, verlening en beëindiging erkenning

§ 4. Erkenning van unies van producentenorganisaties

Afdeling 5.2.3. Operationele programma’s

§ 5. Niet naleving van de erkenningscriteria

§ 4. Erkenning van unies van producentenorganisaties

§ 5. Niet naleving van de erkenningscriteria

§ 3.1. Algemeen

§ 3.3. Investering in een duurzaam productiemiddel

§ 3.4. Overige kosten

Titel 5.3. Interventietypes in de sector groenten en fruit

Afdeling 5.3.1. Algemene bepalingen

Afdeling 5.3.2. Subsidiabele activiteiten en sectorale doelstellingen

§ 1. Algemeen

Artikel 5.3.8a
1.

Geen subsidie wordt verstrekt voor investeringen in een duurzaam productiemiddel of overige kosten waartoe de producentenorganisatie, een dochteronderneming of lid verplicht is volgens artikel 5.15 van het Besluit activiteiten leefomgeving of de artikelen 3.84, 3.145 en 4.160c van het Besluit bouwwerken leefomgeving.

2.

De producentenorganisatie overlegt de gegevens en bescheiden, die in het kader van artikel 5.15a of 5.15b van het Besluit activiteiten leefomgeving en indien van toepassing ook artikel 3.84a, eerste lid, van het Besluit bouwwerken leefomgeving, aan het bevoegd gezag zijn verstrekt, onverwijld aan de minister, indien de minister daar om verzoekt.

3.

De producentenorganisatie is verplicht na de verstrekking van de subsidie een wijziging van de gegevens en bescheiden, bedoeld in het tweede lid, onverwijld aan de minister te melden.

4.

Dit artikel is van toepassing op investeringen in een duurzaam productiemiddel of overige kosten waarvan de datum van verwerving van het activum of de datum waarop het activum ter beschikking van de begunstigde wordt gesteld later is dan 31 december 2024.

§ 2.1. Algemeen

§ 3. Concentratie van het aanbod en in de handel brengen van de producten

§ 2.2. Investering in een duurzaam productiemiddel

§ 4.3. Uitgaven voor overige kosten

§ 3. Concentratie van het aanbod en in de handel brengen van de producten

§ 3.1. Algemeen

Artikel 5.3.71a
1.

Artikel 5.2.50 is niet van toepassing op het bepaalde in deze paragraaf, indien de wijzigingen geen betrekking hebben op het doel, het gewenste resultaat en de bijdrage aan de sectorale doelstellingen, bedoeld in artikel 5.3.71, tweede lid, onderdelen b, c en d.

2.

Wijzigingen als bedoeld in het eerste lid rapporteert en motiveert de producentenorganisatie jaarlijks op het moment van indienen van de aanvraag tot subsidievaststelling over het voorafgaande jaar, met gebruikmaking van een door de minister beschikbaar gesteld middel.

§ 4.1. Algemene bepalingen

§ 6. Afzetbevordering, ontwikkeling en uitvoering ten behoeve van duurzaamheid

§ 6.1. Algemeen

§ 6.1. Algemeen

§ 7. Bijdragen tot matiging van en aanpassing aan klimaatverandering

§ 7.2. Investering in een duurzaam productiemiddel

§ 7.3. Uitgaven voor overige kosten

§ 8.2. Investering in een duurzaam productiemiddel

§ 9. Afzetbevordering en marketing van producten

§ 9.1. Algemene bepalingen

§ 7.3. Uitgaven voor overige kosten

§ 10. Verhoging van de consumptie van producten van de sector groenten en fruit

§ 8.3. Uitgaven voor overige kosten

§ 9.1. Algemene bepalingen

§ 11. Crisispreventie en risicobeheer

§ 12. Verbetering van de arbeidsvoorwaarden en handhaving van de werkgeversverplichtingen en van de vereisten voor gezondheid en veiligheid op het werk

§ 12.1. Algemene bepalingen

§ 10.1. Algemene bepalingen

§ 10.2. Uitgaven voor overige kosten

Afdeling 5.3.3. Subsidievaststelling en gedeeltelijke betalingen

Afdeling 5.3.4. Rapportageverplichtingen

Afdeling 5.3.5. Slotbepalingen

Titel 5.4. Sectorale interventie bijenteelt

Titel 5.4. Sectorale interventie bijenteelt

§ 1. Algemene bepalingen

§ 2. Voorschriften inzake de verzekeraar

Titel 5.6. Samenwerken aan innovatie door operationele groepen in het kader van EIP

Titel 5.7. Stimuleren van kennisoverdracht via de Subsidiemodule Agrarische Bedrijfsadvisering en Educatie (SABE)

§ 5.7.1. Begripsbepalingen

§ 2. Voorschriften inzake de verzekeraar

§ 5.7.3. Verstrekking van advies- en cursusvoucher aan een landbouwer

§ 5.7.2. Projectsubsidies

§ 5.7.5. Verstrekking van opleidingsvoucher aan een bedrijfsadviseur

De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.

Deze tekst wordt gepubliceerd onder de eigen hergebruiksvoorwaarden van BWB, niet onder een licentie van Legalize of van het publieke domein. BWB
CC0 1.0 Universeel (publiek domein)