Regeling van de Minister van Economische Zaken en Klimaat en de Minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit van 8 oktober 2021, nr. WJZ/20222966, houdende vaststelling van subsidie-instrumenten in het kader van de Europese structuur- en investeringsfondsen op het terrein van de Ministeries van Economische Zaken en Klimaat en Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit (Regeling Europese EZK- en LNV-subsidies 2021)

Type Ministeriële regeling
Publication 2026-07-11
Laatst bijgewerkt 2026-07-14
State In force
Source BWB
artikelen 1277
Wijzigingsgeschiedenis JSON API

§ 5.7.6. Verstrekking subsidie aan een kennisinstelling

§ 5.7.7. Demonstratieprojecten duurzame landbouw verzorgd door een demonstratiebedrijf

§ 5.7.2. Projectsubsidies

§ 5.7.7. Demonstratieprojecten duurzame landbouw verzorgd door een demonstratiebedrijf

Titel 5.8. Samenwerking in veenweiden en overgangsgebieden N2000

§ 5.7.6. Verstrekking subsidie aan een kennisinstelling

§ 5.7.8. Verstrekken bedrijfsplanvoucher voor omschakeling

§ 5.7.8. Verstrekken bedrijfsplanvoucher voor omschakeling

§ 5.7.10. Slotbepaling

§ 5.8.3. Verhogen grondwaterstand in veenweidegebieden

Titel 5.9. Subsidie voor de vestiging van jonge landbouwers

Hoofdstuk 6. Overige bepalingen en slotbepalingen

Bijlage 1. Behorende bij artikel 3.1.9 van de Regeling Europese EZK- en LNV-subsidies 2021

Procedure als bedoeld in artikel 3.1.9 van de Regeling Europese EZK- en LNV-subsidies 2021

2. Procedure voor het gebruik van de documenten, bedoeld onder 1, onderdelen a, b en c

De in 1, onderdelen a, b en c, bedoelde bewijsstukken zijn geconverteerde documenten of gegevensdragers. Bij conversie van het origineel naar het geconverteerde document of gegevensdrager wordt aan de hieronder vermelde voorwaarden voldaan:

3. Procedure voor het bewaren van stukken die uitsluitend in een elektronische versie bestaan, bedoeld onder 1, onderdeel d

Indien een subsidieontvanger gebruik maakt van elektronische documenten waarbij uitsluitend een elektronische versie bestaat, worden de geautomatiseerde systemen voorzien van beheers- en beveiligingsmaatregelen die de betrouwbaarheid, authenticiteit en integriteit van de elektronische gegevens gedurende de gehele vereiste bewaartermijn waarborgen. Het is aan de subsidieontvanger om dit aan te tonen.

Voor een tweetal veel voorkomende situaties zijn de voorschriften hieronder uitgewerkt:

Bijlage 2. Behorende bij de artikelen 5.8.1, 5.8.2.7, vijfde lid en 5.8.4.7, vijfde lid

stikstofgevoelige Natura 2000 gebieden als bedoeld in artikel 5.8.1 (begripsomschrijving overgangsgebieden N2000) en de score urgentie als bedoeld in de artikelen 5.8.2.7, vijfde lid en 5.8.4.7, vijfde lid.

provincie Groningen score urgentie
Lieftinghsbroek (21)1 3,0
provincie Friesland score urgentie
Alde Feanen (13) 3,0
Bakkeveense duinen (17) 3,5
Duinen Ameland (5) 4,0
Duinen Schiermonnikoog (6) 3,5
Duinen Terschelling (4) 3,5
Duinen Vlieland (3) 3,0
Oudegaasterbrekken, Fluessen en omgeving (10) 2,9
Rottige Meenthe & Brandemeer (18) 3,5
Van Oordt's Mersken (15) 3,0
Wijnjeterper Schar (16) 3,0
provincie Drenthe score urgentie
Bargerveen (33) 4,5
Drents-Friese Wold & Leggelderveld (27) 5,0
Drentsche Aa-gebied (25) 4,0
Drouwenerzand (26) 3,0
Dwingelderveld (30) 5,0
Elperstroomgebied (28) 3,0
Fochteloërveen (23) 5,0
Holtingerveld (29) 4,0
Mantingerbos (31) 3,0
Mantingerzand (32) 3,5
Norgerholt (22) 3,0
provincie Overijssel score urgentie
Aamsveen (55) 4,5
Achter de Voort, Agelerbroek & Voltherbroek (47) 3,0
Bergvennen & Brecklenkampse Veld (46) 4,0
Boetelerveld (41) 3,5
Borkeld (44) 3,5
Buurserzand & Haaksbergerveen (53) 4,5
De Wieden (35) 3,5
Dinkelland (49) 3,0
Engbertsdijksvenen (40) 4,5
Landgoederen Oldenzaal (50) 3,0
Lemselermaten (48) 3,0
Lonnekermeer (51) 4,0
Olde Maten & Veerslootslanden (37) 3,5
Sallandse Heuvelrug (42) 4,0
Springendal & Dal van de Mosbeek (45) 3,5
Uiterwaarden Zwarte Water en Vecht (36) 2,9
Vecht- en Beneden-Reggegebied (39) 5,0
Weerribben (34) 4,0
Wierdense Veld (43) 4,0
Witte Veen (54) 3,5
provincie Gelderland score urgentie
Bekendelle (63) 3,0
De Bruuk (69) 3,0
Korenburgerveen (61) 5,0
Landgoederen Brummen (58) 3,5
Lingegebied & Diefdijk Zuid (70) 3,0
Loevestein, Pompveld & Kornsche Boezem (71) 2,9
Rijntakken (38) 3,0
Stelkampsveld (60) 3,5
Veluwe (57) 5,0
Willinks Weust (62) 3,0
Wooldse Veen (64) 4,5
provincie Utrecht score urgentie
Binnenveld (65) 3,0
Botshol (83) 3,5
Kolland & Overlangbroek (81) 3,0
Uiterwaarden Lek (82) 3,0
Zouweboezem (105) 2,9
provincie Noord-Holland score urgentie
Duinen Den Helder – Callantsoog (84) 3,5
Duinen en Lage Land Texel (2) 3,5
Eilandspolder (89) 3,0
Ilperveld, Varkensland, Oostzanerveld & Twiske (92) 3,0
Kennemerland-Zuid (88) 4,5
Naardermeer (94) 4,0
Noordhollands Duinreservaat (87) 5,0
Oostelijke Vechtplassen (95) 4,0
Polder Westzaan (91) 3,0
Schoorlse Duinen (86) 4,0
Wormer- en Jisperveld & Kalverpolder (90) 3,0
Zwanenwater & Pettemerduinen (85) 3,0
provincie Zuid-Holland score urgentie
Coepelduynen (96) 3,0
Duinen Goeree & Kwade Hoek (101) 3,5
Meijendel & Berkheide (97) 3,5
Nieuwkoopse Plassen & De Haeck (103) 3,5
Solleveld & Kapittelduinen (99) 4,0
Voornes Duin (100) 4,0
Westduinpark & Wapendal (98) 4,0
provincie Zeeland score urgentie
Canisvliet (125) 2,9
Groote Gat (124) 2,9
Kop van Schouwen (116) 4,5
Manteling van Walcheren (117) 4,5
Vogelkreek (126) 2,9
Yerseke en Kapelse Moer (121) 2,9
Zwin & Kievittepolder (123) 2,9
provincie Noord-Brabant score urgentie
Biesbosch (112) 3,0
Brabantse Wal (128) 5,0
Deurnsche Peel & Mariapeel (139) 5,0
Groote Peel (140) 4,5
Kampina & Oisterwijkse Vennen (133) 5,0
Kempenland-West (135) 4,5
Langstraat (130) 3,5
Leenderbos, Groote Heide & De Plateaux (136) 4,0
Loonse en Drunense Duinen & Leemkuilen (131) 4,5
Oeffelter Meent (141) 2,9
Regte Heide & Riels Laag (134) 3,5
Strabrechtse Heide & Beuven (137) 4,0
Ulvenhoutse Bos (129) 4,0
Vlijmens Ven, Moerputten & Bossche Broek (132) 3,5
provincie Limburg score urgentie
Bemelerberg & Schiepersberg (156) 3,0
Boschhuizerbergen (144) 4,5
Brunssummerheide (155) 3,0
Bunder- en Elslooërbos (153) 3,0
Geleenbeekdal (154) 3,0
Geuldal (157) 4,0
Kunderberg (158) 3,0
Leudal (147) 3,0
Maasduinen (145) 5,0
Meinweg (149) 4,0
Noorbeemden & Hoogbos (161) 3,0
Roerdal (150) 3,0
Sarsven en De Banen (146) 4,5
Savelsbos (160) 3,5
Sint Jansberg (142) 3,0
Sint Pietersberg & Jekerdal (159) 3,5
Swalmdal (148) 2,9
Weerter- en Budelerbergen & Ringselven (138) 4,5
Zeldersche Driessen (143) 3,0
Ministerie van I&W score urgentie
Grevelingen (115) 3,5
Krammer-Volkerak (114) 2,9
Noordzeekustzone (7) 2,9
Oosterschelde (118) 3,0
Voordelta (113) 2,9
Waddenzee (1) 3,0
Westerschelde & Saeftinghe (122) 2,9
Ministerie van Defensie score urgentie
Witterveld (24) 4,0

1 De nummering tussen haakjes betreft de 162 aangewezen N2000 gebieden als vermeld op de website www.natura2000.nl.

Bijlage 3. Behorende bij titel 5.8, paragraaf 5.8.3 en paragraaf 5.8.4

1 2 3 3
Product/activiteit Omschrijving resultaat berekeningsmethode berekeningsmethode
1. Uitwerking 1. Uitwerking 1. Uitwerking 1. Uitwerking
a. uitwerking op het niveau van het samenwerkings-verband Document met een inhoudelijke beschrijving van de uit te voeren activiteiten in het samenwerkingsverband met: a. een uitwerking op het niveau van het samenwerkingsverband voor onderstaande doelen: 1°. Reductie CO2-emissie uit veenweidepercelen of; 2°. Reductie ammoniakemissie in overgangsgebieden N2000; b. een beschrijving van de huidige situatie in het samenwerkingsverband in het licht van de doelen, bedoeld in onderdeel a; c. een beschrijving van de beoogde activiteiten op de percelen in het samenwerkingsverband zoals omschreven in onderdelen 5 en 6 van deze tabel; d. een beschrijving van de overige activiteiten van het samenwerkingsverband, zoals omschreven in onderdelen 1b t/m 4, die op effectieve en efficiënte wijze kunnen bijdragen aan het behalen van een van de doelen, bedoeld in onderdeel a; e. de verwachte uitkomsten van de activiteiten bedoeld in onderdelen 5 en 6; f. een beschrijving van de rol en de taken van de bij de uitvoering van het plan betrokken partijen; g. een kaart waarop is aangegeven op welke percelen de activiteiten, bedoeld in onderdelen 5 en 6, uitgevoerd gaan worden; h. (een inschatting van) de (neven)effecten op andere actoren binnen of buiten het projectgebied; en i. de planning van de uitvoering van het project. Aantonen aan de hand van offerteverzoek, offerten, opdracht, factuur en betaalbewijs Offerten: per aanvraag; Offerten: per aanvraag;
b. bedrijfsplan per deelnemend agrarisch bedrijf of grondeigenaar Document met een beschrijving van de activiteiten van een deelnemend bedrijf of grondeigenaar en de bijdrage die hiermee aan het beoogde doel geleverd wordt, waaronder: – onderbouwing keuze voor te ontwikkelen doelen en uit te voeren activiteiten, waarbij ook de opbouw van kennis en ervaring wordt toegelicht; – relaties met andere deelnemende bedrijven of partners; – begroting van de kosten van de activiteiten in onderdelen 5 en 6 van deze tabel; – een kaart waarin is aangegeven op welke percelen de activiteiten, bedoeld in onderdelen 5 en 6 worden uitgevoerd. Aantonen aan de hand van offerteverzoek, offerten, opdracht, factuur en betaalbewijs Offerten: per deelnemend agrarisch bedrijf of grondeigenaar Offerten: per deelnemend agrarisch bedrijf of grondeigenaar
2. Begeleiding projecten 2. Begeleiding projecten 2. Begeleiding projecten 2. Begeleiding projecten
a. werven deelnemers Voeren van individuele gesprekken met potentiële deelnemers om te komen tot afspraken over deelname aan het project of over het opstellen van een bedrijfsplan. Aantonen aan de hand van offerteverzoek, offerten, opdracht, factuur betaalbewijs Offerten: per potentiële deelnemer Offerten: per potentiële deelnemer
b. begeleiden deelnemers Begeleiding van deelnemers bij de uitvoering van het bedrijfsplan. Bepalen aan de hand van gemaakte bedrijfsplannen. Aantonen aan de hand van offerteverzoek, offerten, opdracht, factuur en betaalbewijs Offerten: per deelnemer Offerten: per deelnemer
3. Communicatie 3. Communicatie 3. Communicatie 3. Communicatie
a. communicatieplan Document met een overkoepelend communicatieplan voor het project met aandacht voor: – producten – doelgroepen – begroting op basis van de productenlijst – fasering In het plan wordt expliciet aandacht besteed aan de bijdrage die het project levert aan de doelstelling van het project. Aantonen aan de hand van offerteverzoek, offerten, opdracht, factuur en betaalbewijs Offerten Offerten
b. kleine bijeenkomst Bijeenkomst van maximaal 15 personen; voorbereiding, facilitaire zaken en verslaglegging. Aantonen aan de hand van offerteverzoek, offerten, opdracht, factuur en betaalbewijs Offerten per bijeenkomst Offerten per bijeenkomst
c. grote bijeenkomst Bijeenkomst van meer dan 15 personen; voorbereiding, facilitaire zaken en verslaglegging. Aantonen aan de hand van offerteverzoek, offerten, opdracht, factuur en betaalbewijs Offerten per bijeenkomst Offerten per bijeenkomst
4. Rapportage 4. Rapportage 4. Rapportage 4. Rapportage
a. tussenrapportage Document met inhoudelijke beschrijving van de voortgang van het project, evaluatie, leerpunten, evt. aanpassingen in het project. Aantonen aan de hand van offerteverzoek, offerten, opdracht, factuur en betaalbewijs Offerten per tussenrapportage; Offerten per tussenrapportage;
b. eindrapportage Document met inhoudelijke beschrijving van de resultaten van het project, evaluatie en leerpunten. Aantonen aan de hand van offerteverzoek, offerten, opdracht, factuur en betaalbewijs Offerten Offerten
5. Niet-productieve investeringen veenweide 5. Niet-productieve investeringen veenweide 5. Niet-productieve investeringen veenweide 5. Niet-productieve investeringen veenweide
a. aanschaf en plaatsen van waterinfiltratie-systemen, zoals onderwaterdrainage of drukdrainage Waterinfiltratiesystemen, zoals onderwaterdrainage en drukdrainage, zijn niet-productieve investeringen met als doel de grondwaterstand in veenweidepercelen te verhogen. Dit kan alleen op grasland, zowel op landbouwareaal als op niet-landbouwareaal. Voor berekeningen van de CO2-emissie wordt bij drukdrainage alleen gerekend met de medium variant in SOMERS (www.nobveenweiden.nl/bevindingen). Aantonen aan de hand van offerteverzoek, offerten, opdracht, factuur en betaalbewijs werkelijke kosten op basis van factuur en betaalbewijs werkelijke kosten op basis van factuur en betaalbewijs
b. aanschaf en plaatsen van grondwaterpeil-buizen Grondwaterpeilbuizen geven inzicht in de grondwaterstand in veenweidepercelen. Vanwege de benodigde datalevering zijn digitale meetsystemen noodzakelijk. Dit kan alleen op grasland, zowel op landbouwareaal als op niet-landbouwareaal. Aantonen aan de hand van offerteverzoek, offerten, opdracht, factuur en betaalbewijs. Werkelijke kosten op basis van factuur en betaalbewijs Werkelijke kosten op basis van factuur en betaalbewijs
c. onderhoud waterinfiltratie-systeem en grondwaterpeil-buizen Voor onderhoud ter zake van onderdelen 5a en 5b zijn geen jaarlijkse bijdragen voorzien maar kan per keer een factuur en betaalbewijs worden overgelegd. In de begroting van het project kan maximaal 10% van de kosten van 5a en 5b gezamenlijk worden opgenomen. Werkelijke kosten op basis van factuur en betaalbewijs Werkelijke kosten op basis van factuur en betaalbewijs
6. Uitvoeren beheeractiviteiten 6. Uitvoeren beheeractiviteiten 6. Uitvoeren beheeractiviteiten 6. Uitvoeren beheeractiviteiten
a. geringere drooglegging Het verschil tussen het peil rondom het perceel (in cm ten opzichte van het NAP) en de gemiddelde hoogte van het maaiveld van het perceel (in cm ten opzichte van het NAP) voor de periode van april tot en met september leidt tot de berekende subsidie. - De hoogte van het peil rondom het perceel, het peilvak of een deel daarvan, voor de genoemde periode is schriftelijk vastgelegd in bijvoorbeeld een peilbesluit, vergunning of ontheffing van het waterschap. – De hoogte van het maaiveld van het perceel is af te lezen op de AHN-viewer (www.ahn.nl). – De percelen moeten landbouwareaal en grasland betreffen. – Per samenwerkingsverband moet minimaal 90% van het areaal van deze percelen onder de definitie veenweidegebied vallen. Bij combinatie van deze beheeractiviteit met extensiveren (onderdeel 6b) wordt de subsidie voor deze beheeractiviteit berekend met de lagere referentie gewasopbrengst door extensiveren Drooglegging is max. 40 cm: € 545 per ha/jr Drooglegging is max. 30 cm: € 790 per ha/jr Drooglegging is max. 20 cm: € 1.355 per ha/jr Combinatie met extensiveren (6b): bij 150 kg N dierexcretie/ha/bedrijf: 40 cm = € 450 per ha 30 cm = € 645 per ha 20 cm = € 1.105 per ha bij 100 kg N dierexcretie/ha/bedrijf: 40 cm = € 410 per ha 30 cm = € 585 per ha 20 cm = € 995 per ha Drooglegging is max. 40 cm: € 545 per ha/jr Drooglegging is max. 30 cm: € 790 per ha/jr Drooglegging is max. 20 cm: € 1.355 per ha/jr Combinatie met extensiveren (6b): bij 150 kg N dierexcretie/ha/bedrijf: 40 cm = € 450 per ha 30 cm = € 645 per ha 20 cm = € 1.105 per ha bij 100 kg N dierexcretie/ha/bedrijf: 40 cm = € 410 per ha 30 cm = € 585 per ha 20 cm = € 995 per ha
b. extensiveren Het productie- en bemestingsvolume van het melkveehouderijbedrijf is maximaal 150 of 100 kg stikstof dierexcretie per ha per bedrijf waarbij het gebruik van stikstofhoudende kunstmest niet is toegestaan en waarbij minimaal 50% van het areaal van de percelen van het bedrijf ligt binnen overgangsgebied N2000 of binnen veenweidegebied. Voor de aanvraag op overgangsgebieden N2000 (artikel 5.8.4.): Voor de puntenberekening van de weidegang wordt gekeken naar de ecoactiviteit verlengde weidegang. Max. 150 kg N dierexcretie/ha per bedrijf: € 1.680 per ha/jr Max. 100 kg N dierexcretie/ha per bedrijf: € 2.430 per ha/jr Max. 150 kg N dierexcretie/ha per bedrijf: € 1.680 per ha/jr Max. 100 kg N dierexcretie/ha per bedrijf: € 2.430 per ha/jr

Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

Artikel 3.6.1. Begripsomschrijvingen

In deze paragraaf wordt verstaan onder:

  • brancheorganisatie: organisatie van marktdeelnemers die is opgericht overeenkomstig artikel 11 van verordening 1379/2013;
  • verwerking en afzet: alle handelingen, met inbegrip van de behandeling, de bewerking, de productie en de distributie, tussen het moment van de aanlanding of oogst en de fase van het eindproduct.
Artikel 3.6.2. Subsidieverstrekking
1.

De minister verstrekt op aanvraag subsidie voor de uitvoering van een project ter ondersteuning van processen in verwerking en afzet van visserij- en aquacultuurproducten dat past binnen het doel van het bevorderen van de afzet, de kwaliteit en de toegevoegde waarde van visserij- en aquacultuurproducten en de verwerking en afzet van die producten, bedoeld in artikel 26, eerste lid, onderdeel b, van verordening 2021/1139.

2.

Subsidie wordt verstrekt aan:

  • a. een onderneming die actief is in de verwerking en afzet van visserij- of aquacultuurproducten;
  • b. een visserij- of aquacultuurorganisatie;
  • c. een brancheorganisatie;
  • d. een vereniging van ondernemingen als bedoeld in onderdelen a of e;
  • e. een visserij- of aquacultuuronderneming;
  • f. een kennisinstelling;
  • g. een algemeen nut beogende instelling;
  • h. deelnemers in een samenwerkingsverband.
3.

Aan een samenwerkingsverband kan een onderneming in de detailhandel, bedoeld in artikel 5, onderdeel g, van verordening 1379/2013, deelnemen en neemt in ieder geval een partij als bedoeld in het tweede lid, onderdelen a tot en met g, deel.

Artikel 3.6.3. Hoogte van de subsidie

De subsidie bedraagt 50 procent van de subsidiabele kosten, tot een maximum van € 400.000 per project.

Artikel 3.6.4. Niet-subsidiabele kosten

Onverminderd de artikelen 1.4 en 3.1.2 komen kosten die gemoeid zijn met het opstellen en uitvoeren van een productie- en afzetprogramma als bedoeld in artikel 28, eerste lid, van verordening 1379/2013 niet in aanmerking voor subsidie.

Artikel 3.6.5. Verdeling van het subsidieplafond

De minister verdeelt het subsidieplafond op volgorde van rangschikking van de aanvragen.

Artikel 3.6.6. Start- en realisatietermijn
1.

Met de uitvoering van het project wordt gestart na de datum van indiening van de subsidieaanvraag en uiterlijk binnen twaalf maanden na de subsidieverlening.

2.

De termijn, bedoeld in artikel 2.11, tweede lid, onderdeel b, is 36 maanden na subsidieverlening. Het project wordt binnen die termijn uitgevoerd.

3.

De minister kan op verzoek van de subsidieontvanger ontheffing verlenen van de verplichtingen, bedoeld in het eerste en tweede lid, indien de subsidieontvanger binnen twaalf maanden na subsidieverlening niet de noodzakelijke vergunningen, ontheffingen en toestemmingen bezit en dit hem niet is aan te rekenen.

Artikel 3.6.7. Afwijzingsgronden

Onverminderd de artikelen 2.11 en 3.1.3 beslist de minister afwijzend op een aanvraag tot subsidieverlening, indien:

  • a. de subsidiabele kosten minder dan € 150.000 bedragen;
  • c. het project niet bijdraagt aan verwerking en afzet van voor menselijke consumptie geschikte visserij- of aquacultuurproducten;
Artikel 3.6.8. Rangschikkingscriteria
1.

De minister kent aan een aanvraag om subsidie een hoger aantal punten toe naarmate:

  • a. het aangevraagde project een grotere bijdrage levert aan:
  • 1°. de verwerking en afzet van visserij- of aquacultuurproducten door verkorting van de ketens of verdere verwaarding;
  • 2°. het verbeteren van de informatievoorziening door productinformatie; of
  • 3°. de promotie of afzetbevordering van visserij- of aquacultuurproducten;
  • b. het aangevraagde project voor een breder aantal marktdeelnemers als bedoeld in artikel 4, eerste lid, onderdeel 30, van verordening 1380/2013 van waarde is;
  • c. het aangevraagde project een grotere bijdrage levert aan de ecologische verduurzaming van de verwerking en afzet van visserij- of aquacultuurproducten, doordat het project een positief effect heeft op de natuurlijke leefomgeving en ecosystemen;
  • d. het aangevraagde project meer economisch of technisch perspectief heeft op toepassing op praktijkschaal; en
  • e. de kwaliteit van de aanvraag hoger is.
2.

Het aantal punten bedraagt per onderdeel van het eerste lid ten hoogste 10.

3.

Voor het totaal aantal punten is de wegingsfactor voor de onderdelen a tot en met e van het eerste lid respectievelijk 25%, 15%, 20%, 20% en 20%.

4.

De minister rangschikt de aanvragen waarop niet afwijzend is beslist hoger naarmate in totaal meer punten aan het project zijn toegekend.

Artikel 3.6.9. Deelbetaling
1.

Er kan een deelbetaling worden verstrekt.

2.

Een aanvraag tot deelbetaling wordt in ieder geval ingediend tegelijkertijd met een tussenrapportage als bedoeld in artikel 2.18, eerste lid.

3.

Onverminderd het tweede lid kan een aanvraag tot deelbetaling op een ander moment worden ingediend. In dat geval gaat de aanvraag vergezeld van een beschrijving van de voortgang van het project.

Artikel 3.6.10. Informatieverplichtingen

Onverminderd de artikelen 2.9 en 3.1.4 gaat een aanvraag tot subsidieverlening vergezeld van de volgende gegevens:

  • b. indien de aanvraag wordt ingediend voor een project waarvoor een of meer vissersvaartuigen wordt of worden ingezet, voor elk vissersvaartuig het CFR-nummer van het vissersvaartuig.
Artikel 3.6.11. Vervaltermijn

Deze titel vervalt met ingang van 1 januari 2028, met dien verstande dat deze van toepassing blijft op subsidies die voor die datum zijn verleend.

Hoofdstuk 4. Europees fonds voor regionale ontwikkeling

§ 3.7. Investeringen in een blackbox-systeem voor de garnalenvisserij

§ 4.2. Regels omtrent subsidieverstrekking door de beheerautoriteit in het kader van de landsdelige EFRO-programma’s

§ 4.3. Regels omtrent subsidieverstrekking ten laste van de Rijkscofinanciering in het kader van de landsdelige EFRO-programma’s

§ 4.4. Regels omtrent subsidieverstrekking ten laste van Rijkscofinanciering in het kader van de doelstelling “Europese territoriale samenwerking” (Interreg)

Hoofdstuk 5. Europees Landbouwgarantiefonds en Europees Landbouwfonds voor plattelandsontwikkeling

Titel 5.1. Algemene bepalingen

Titel 5.2. Operationele programma’s

§ 1.1. Rechtspersoonlijkheid

§ 1.2. Lidmaatschap

§ 1.3. Verplichtingen voor producentenorganisaties

§ 1.3. Verplichtingen voor producentenorganisaties

§ 3. Informatie- en rapportageverplichtingen

§ 3. Informatie- en rapportageverplichtingen

§ 4. Erkenning van unies van producentenorganisaties

Afdeling 5.2.3. Operationele programma’s

§ 4. Erkenning van unies van producentenorganisaties

§ 5. Niet naleving van de erkenningscriteria

§ 3.1. Algemeen

§ 3.2. Personeelskosten

§ 3.4. Overige kosten

Titel 5.3. Interventietypes in de sector groenten en fruit

Afdeling 5.3.1. Algemene bepalingen

Afdeling 5.3.2. Subsidiabele activiteiten en sectorale doelstellingen

§ 2. Productieplanning en -organisatie

§ 2.1. Algemeen

§ 3.2. Investering in een duurzaam productiemiddel

§ 4. Verbetering van het concurrentievermogen

§ 4.1. Algemene bepalingen

§ 4.3. Uitgaven voor overige kosten

§ 5. Onderzoek naar en ontwikkeling van duurzame productietechnieken

§ 4.2. Investering in een duurzaam productiemiddel

§ 4.1. Algemene bepalingen

§ 5.3. Uitgaven voor overige kosten

§ 6. Afzetbevordering, ontwikkeling en uitvoering ten behoeve van duurzaamheid

§ 5.3. Uitgaven voor overige kosten

§ 6.1. Algemeen

§ 7.3. Uitgaven voor overige kosten

§ 7. Bijdragen tot matiging van en aanpassing aan klimaatverandering

§ 7.1. Algemene bepalingen

§ 9. Afzetbevordering en marketing van producten

§ 10. Verhoging van de consumptie van producten van de sector groenten en fruit

§ 8.3. Uitgaven voor overige kosten

§ 9.1. Algemene bepalingen

§ 11. Crisispreventie en risicobeheer

§ 11. Crisispreventie en risicobeheer

§ 12.1. Algemene bepalingen

§ 12.2. Investering in een duurzaam productiemiddel

§ 12.1. Algemene bepalingen

Afdeling 5.3.4. Rapportageverplichtingen

Afdeling 5.3.4. Rapportageverplichtingen

Titel 5.5. Brede weersverzekering

§ 1. Algemene bepalingen

§ 2. Voorschriften inzake de verzekeraar

Titel 5.6. Samenwerken aan innovatie door operationele groepen in het kader van EIP

Titel 5.7. Stimuleren van kennisoverdracht via de Subsidiemodule Agrarische Bedrijfsadvisering en Educatie (SABE)

§ 5.7.6. Verstrekking subsidie aan een kennisinstelling

§ 5.7.8. Verstrekken bedrijfsplanvoucher voor omschakeling

Titel 5.8. Samenwerking in veenweiden en overgangsgebieden N2000

§ 5.7.10. Slotbepaling

§ 5.8.3. Verhogen grondwaterstand in veenweidegebieden

§ 5.8.4. Extensivering in overgangsgebieden N2000

§ 5.8.5. Slotbepalingen

Titel 5.9. Subsidie voor de vestiging van jonge landbouwers

Hoofdstuk 6. Overige bepalingen en slotbepalingen

Bijlage 1. Behorende bij artikel 3.1.9 van de Regeling Europese EZK- en LNV-subsidies 2021

Procedure als bedoeld in artikel 3.1.9 van de Regeling Europese EZK- en LNV-subsidies 2021

Kopieën of volledig digitale documenten kunnen worden geaccepteerd als bewijsstuk. In deze bijlage worden de procedures vastgesteld voor documenten die in het kader van de uitvoering van de Regeling Europese EZK- en LNV-subsidies 2021 en verantwoording op grond van Verordening (EU) 2021/1060 van het Europees Parlement en de Raad van 24 juni 2021 houdende gemeenschappelijke bepalingen inzake het Europees Fonds voor regionale ontwikkeling, het Europees Sociaal Fonds Plus, het Cohesiefonds, het Fonds voor een rechtvaardige transitie en het Europees Fonds voor maritieme zaken, visserij en aquacultuur en de financiële regels voor die fondsen en voor het Fonds voor asiel, migratie en integratie, het Fonds voor interne veiligheid en het Instrument voor financiële steun voor grensbeheer en visumbeleid (PbEU 2021, L 231) en op grond van Verordening (EU) 2021/1139 van het Europees Parlement en de Raad van 7 juli 2021 tot oprichting van het Europees Fonds voor maritieme zaken, visserij en aquacultuur en tot wijziging van Verordening (EU) 2017/1004 (PbEU 2021, L 247) kunnen worden gebruikt.

1. Typen documenten

De volgende documenten worden als bewijsstukken geaccepteerd:

Procedure als bedoeld in de artikelen 3.1.9 en 4.2.18 van de Regeling Europese EZK- en LNV-subsidies 2021

Kopieën of volledig digitale documenten kunnen worden geaccepteerd als bewijsstuk. In deze bijlage worden de procedures vastgesteld voor documenten die in het kader van de uitvoering van de Regeling Europese EZK- en LNV-subsidies 2021 en verantwoording op grond van Verordening (EU) 2021/1060 van het Europees Parlement en de Raad van 24 juni 2021 houdende gemeenschappelijke bepalingen inzake het Europees Fonds voor regionale ontwikkeling, het Europees Sociaal Fonds Plus, het Cohesiefonds, het Fonds voor een rechtvaardige transitie en het Europees Fonds voor maritieme zaken, visserij en aquacultuur en de financiële regels voor die fondsen en voor het Fonds voor asiel, migratie en integratie, het Fonds voor interne veiligheid en het Instrument voor financiële steun voor grensbeheer en visumbeleid (PbEU 2021, L 231) en op grond van Verordening (EU) 2021/1139 van het Europees Parlement en de Raad van 7 juli 2021 tot oprichting van het Europees Fonds voor maritieme zaken, visserij en aquacultuur en tot wijziging van Verordening (EU) 2017/1004 (PbEU 2021, L 247) kunnen worden gebruikt.

De volgende documenten worden als bewijsstukken geaccepteerd:

De volgende documenten worden als bewijsstukken geaccepteerd:

2. Procedure voor het gebruik van de documenten, bedoeld onder 1, onderdelen a, b en c

De in 1, onderdelen a, b en c, bedoelde bewijsstukken zijn geconverteerde documenten of gegevensdragers. Bij conversie van het origineel naar het geconverteerde document of gegevensdrager wordt aan de hieronder vermelde voorwaarden voldaan:

Het in samenhang bezien van de verschillende bewijsstukken strekt er mede toe de authenticiteit van het geconverteerde document of de gegevensdrager te waarborgen en dat hierop voor controledoeleinden kan worden vertrouwd.

Bijlage 2. Behorende bij de artikelen 5.8.1, 5.8.2.7, vijfde lid en 5.8.4.7, vijfde lid

stikstofgevoelige Natura 2000 gebieden als bedoeld in artikel 5.8.1 (begripsomschrijving overgangsgebieden N2000) en de score urgentie als bedoeld in de artikelen 5.8.2.7, vijfde lid en 5.8.4.7, vijfde lid.

provincie Groningen score urgentie
Lieftinghsbroek (21)1 3,0
provincie Friesland score urgentie
Alde Feanen (13) 3,0
Bakkeveense duinen (17) 3,5
Duinen Ameland (5) 4,0
Duinen Schiermonnikoog (6) 3,5
Duinen Terschelling (4) 3,5
Duinen Vlieland (3) 3,0
Oudegaasterbrekken, Fluessen en omgeving (10) 2,9
Rottige Meenthe & Brandemeer (18) 3,5
Van Oordt's Mersken (15) 3,0
Wijnjeterper Schar (16) 3,0
provincie Drenthe score urgentie
Bargerveen (33) 4,5
Drents-Friese Wold & Leggelderveld (27) 5,0
Drentsche Aa-gebied (25) 4,0
Drouwenerzand (26) 3,0
Dwingelderveld (30) 5,0
Elperstroomgebied (28) 3,0
Fochteloërveen (23) 5,0
Holtingerveld (29) 4,0
Mantingerbos (31) 3,0
Mantingerzand (32) 3,5
Norgerholt (22) 3,0
provincie Overijssel score urgentie
Aamsveen (55) 4,5
Achter de Voort, Agelerbroek & Voltherbroek (47) 3,0
Bergvennen & Brecklenkampse Veld (46) 4,0
Boetelerveld (41) 3,5
Borkeld (44) 3,5
Buurserzand & Haaksbergerveen (53) 4,5
De Wieden (35) 3,5
Dinkelland (49) 3,0
Engbertsdijksvenen (40) 4,5
Landgoederen Oldenzaal (50) 3,0
Lemselermaten (48) 3,0
Lonnekermeer (51) 4,0
Olde Maten & Veerslootslanden (37) 3,5
Sallandse Heuvelrug (42) 4,0
Springendal & Dal van de Mosbeek (45) 3,5
Uiterwaarden Zwarte Water en Vecht (36) 2,9
Vecht- en Beneden-Reggegebied (39) 5,0
Weerribben (34) 4,0
Wierdense Veld (43) 4,0
Witte Veen (54) 3,5
provincie Gelderland score urgentie
Bekendelle (63) 3,0
De Bruuk (69) 3,0
Korenburgerveen (61) 5,0
Landgoederen Brummen (58) 3,5
Lingegebied & Diefdijk Zuid (70) 3,0
Loevestein, Pompveld & Kornsche Boezem (71) 2,9
Rijntakken (38) 3,0
Stelkampsveld (60) 3,5
Veluwe (57) 5,0
Willinks Weust (62) 3,0
Wooldse Veen (64) 4,5
provincie Utrecht score urgentie
Binnenveld (65) 3,0
Botshol (83) 3,5
Kolland & Overlangbroek (81) 3,0
Uiterwaarden Lek (82) 3,0
Zouweboezem (105) 2,9
provincie Noord-Holland score urgentie
Duinen Den Helder – Callantsoog (84) 3,5
Duinen en Lage Land Texel (2) 3,5
Eilandspolder (89) 3,0
Ilperveld, Varkensland, Oostzanerveld & Twiske (92) 3,0
Kennemerland-Zuid (88) 4,5
Naardermeer (94) 4,0
Noordhollands Duinreservaat (87) 5,0
Oostelijke Vechtplassen (95) 4,0
Polder Westzaan (91) 3,0
Schoorlse Duinen (86) 4,0
Wormer- en Jisperveld & Kalverpolder (90) 3,0
Zwanenwater & Pettemerduinen (85) 3,0
provincie Zuid-Holland score urgentie
Coepelduynen (96) 3,0
Duinen Goeree & Kwade Hoek (101) 3,5
Meijendel & Berkheide (97) 3,5
Nieuwkoopse Plassen & De Haeck (103) 3,5
Solleveld & Kapittelduinen (99) 4,0
Voornes Duin (100) 4,0
Westduinpark & Wapendal (98) 4,0
provincie Zeeland score urgentie
Canisvliet (125) 2,9
Groote Gat (124) 2,9
Kop van Schouwen (116) 4,5
Manteling van Walcheren (117) 4,5
Vogelkreek (126) 2,9
Yerseke en Kapelse Moer (121) 2,9
Zwin & Kievittepolder (123) 2,9
provincie Noord-Brabant score urgentie
Biesbosch (112) 3,0
Brabantse Wal (128) 5,0
Deurnsche Peel & Mariapeel (139) 5,0
Groote Peel (140) 4,5
Kampina & Oisterwijkse Vennen (133) 5,0
Kempenland-West (135) 4,5
Langstraat (130) 3,5
Leenderbos, Groote Heide & De Plateaux (136) 4,0
Loonse en Drunense Duinen & Leemkuilen (131) 4,5
Oeffelter Meent (141) 2,9
Regte Heide & Riels Laag (134) 3,5
Strabrechtse Heide & Beuven (137) 4,0
Ulvenhoutse Bos (129) 4,0
Vlijmens Ven, Moerputten & Bossche Broek (132) 3,5
provincie Limburg score urgentie
Bemelerberg & Schiepersberg (156) 3,0
Boschhuizerbergen (144) 4,5
Brunssummerheide (155) 3,0
Bunder- en Elslooërbos (153) 3,0
Geleenbeekdal (154) 3,0
Geuldal (157) 4,0
Kunderberg (158) 3,0
Leudal (147) 3,0
Maasduinen (145) 5,0
Meinweg (149) 4,0
Noorbeemden & Hoogbos (161) 3,0
Roerdal (150) 3,0
Sarsven en De Banen (146) 4,5
Savelsbos (160) 3,5
Sint Jansberg (142) 3,0
Sint Pietersberg & Jekerdal (159) 3,5
Swalmdal (148) 2,9
Weerter- en Budelerbergen & Ringselven (138) 4,5
Zeldersche Driessen (143) 3,0
Ministerie van I&W score urgentie
Grevelingen (115) 3,5
Krammer-Volkerak (114) 2,9
Noordzeekustzone (7) 2,9
Oosterschelde (118) 3,0
Voordelta (113) 2,9
Waddenzee (1) 3,0
Westerschelde & Saeftinghe (122) 2,9
Ministerie van Defensie score urgentie
Witterveld (24) 4,0

1 De nummering tussen haakjes betreft de 162 aangewezen N2000 gebieden als vermeld op de website www.natura2000.nl.

Bijlage 3. Behorende bij titel 5.8, paragraaf 5.8.3 en paragraaf 5.8.4

1 2 3 3
Product/activiteit Omschrijving resultaat berekeningsmethode berekeningsmethode
1. Uitwerking 1. Uitwerking 1. Uitwerking 1. Uitwerking
a. uitwerking op het niveau van het samenwerkings-verband Document met een inhoudelijke beschrijving van de uit te voeren activiteiten in het samenwerkingsverband met: a. een uitwerking op het niveau van het samenwerkingsverband voor onderstaande doelen: 1°. Reductie CO2-emissie uit veenweidepercelen of; 2°. Reductie ammoniakemissie in overgangsgebieden N2000; b. een beschrijving van de huidige situatie in het samenwerkingsverband in het licht van de doelen, bedoeld in onderdeel a; c. een beschrijving van de beoogde activiteiten op de percelen in het samenwerkingsverband zoals omschreven in onderdelen 5 en 6 van deze tabel; d. een beschrijving van de overige activiteiten van het samenwerkingsverband, zoals omschreven in onderdelen 1b t/m 4, die op effectieve en efficiënte wijze kunnen bijdragen aan het behalen van een van de doelen, bedoeld in onderdeel a; e. de verwachte uitkomsten van de activiteiten bedoeld in onderdelen 5 en 6; f. een beschrijving van de rol en de taken van de bij de uitvoering van het plan betrokken partijen; g. een kaart waarop is aangegeven op welke percelen de activiteiten, bedoeld in onderdelen 5 en 6, uitgevoerd gaan worden; h. (een inschatting van) de (neven)effecten op andere actoren binnen of buiten het projectgebied; en i. de planning van de uitvoering van het project. Aantonen aan de hand van offerteverzoek, offerten, opdracht, factuur en betaalbewijs Offerten: per aanvraag; Offerten: per aanvraag;
b. bedrijfsplan per deelnemend agrarisch bedrijf of grondeigenaar Document met een beschrijving van de activiteiten van een deelnemend bedrijf of grondeigenaar en de bijdrage die hiermee aan het beoogde doel geleverd wordt, waaronder: – onderbouwing keuze voor te ontwikkelen doelen en uit te voeren activiteiten, waarbij ook de opbouw van kennis en ervaring wordt toegelicht; – relaties met andere deelnemende bedrijven of partners; – begroting van de kosten van de activiteiten in onderdelen 5 en 6 van deze tabel; – een kaart waarin is aangegeven op welke percelen de activiteiten, bedoeld in onderdelen 5 en 6 worden uitgevoerd. Aantonen aan de hand van offerteverzoek, offerten, opdracht, factuur en betaalbewijs Offerten: per deelnemend agrarisch bedrijf of grondeigenaar Offerten: per deelnemend agrarisch bedrijf of grondeigenaar
2. Begeleiding projecten 2. Begeleiding projecten 2. Begeleiding projecten 2. Begeleiding projecten
a. werven deelnemers Voeren van individuele gesprekken met potentiële deelnemers om te komen tot afspraken over deelname aan het project of over het opstellen van een bedrijfsplan. Aantonen aan de hand van offerteverzoek, offerten, opdracht, factuur betaalbewijs Offerten: per potentiële deelnemer Offerten: per potentiële deelnemer
b. begeleiden deelnemers Begeleiding van deelnemers bij de uitvoering van het bedrijfsplan. Bepalen aan de hand van gemaakte bedrijfsplannen. Aantonen aan de hand van offerteverzoek, offerten, opdracht, factuur en betaalbewijs Offerten: per deelnemer Offerten: per deelnemer
3. Communicatie 3. Communicatie 3. Communicatie 3. Communicatie
a. communicatieplan Document met een overkoepelend communicatieplan voor het project met aandacht voor: – producten – doelgroepen – begroting op basis van de productenlijst – fasering In het plan wordt expliciet aandacht besteed aan de bijdrage die het project levert aan de doelstelling van het project. Aantonen aan de hand van offerteverzoek, offerten, opdracht, factuur en betaalbewijs Offerten Offerten
b. kleine bijeenkomst Bijeenkomst van maximaal 15 personen; voorbereiding, facilitaire zaken en verslaglegging. Aantonen aan de hand van offerteverzoek, offerten, opdracht, factuur en betaalbewijs Offerten per bijeenkomst Offerten per bijeenkomst
c. grote bijeenkomst Bijeenkomst van meer dan 15 personen; voorbereiding, facilitaire zaken en verslaglegging. Aantonen aan de hand van offerteverzoek, offerten, opdracht, factuur en betaalbewijs Offerten per bijeenkomst Offerten per bijeenkomst
4. Rapportage 4. Rapportage 4. Rapportage 4. Rapportage
a. tussenrapportage Document met inhoudelijke beschrijving van de voortgang van het project, evaluatie, leerpunten, evt. aanpassingen in het project. Aantonen aan de hand van offerteverzoek, offerten, opdracht, factuur en betaalbewijs Offerten per tussenrapportage; Offerten per tussenrapportage;
b. eindrapportage Document met inhoudelijke beschrijving van de resultaten van het project, evaluatie en leerpunten. Aantonen aan de hand van offerteverzoek, offerten, opdracht, factuur en betaalbewijs Offerten Offerten
5. Niet-productieve investeringen veenweide 5. Niet-productieve investeringen veenweide 5. Niet-productieve investeringen veenweide 5. Niet-productieve investeringen veenweide
a. aanschaf en plaatsen van waterinfiltratie-systemen, zoals onderwaterdrainage of drukdrainage Waterinfiltratiesystemen, zoals onderwaterdrainage en drukdrainage, zijn niet-productieve investeringen met als doel de grondwaterstand in veenweidepercelen te verhogen. Dit kan alleen op grasland, zowel op landbouwareaal als op niet-landbouwareaal. Voor berekeningen van de CO2-emissie wordt bij drukdrainage alleen gerekend met de medium variant in SOMERS (www.nobveenweiden.nl/bevindingen). Aantonen aan de hand van offerteverzoek, offerten, opdracht, factuur en betaalbewijs werkelijke kosten op basis van factuur en betaalbewijs werkelijke kosten op basis van factuur en betaalbewijs
b. aanschaf en plaatsen van grondwaterpeil-buizen Grondwaterpeilbuizen geven inzicht in de grondwaterstand in veenweidepercelen. Vanwege de benodigde datalevering zijn digitale meetsystemen noodzakelijk. Dit kan alleen op grasland, zowel op landbouwareaal als op niet-landbouwareaal. Aantonen aan de hand van offerteverzoek, offerten, opdracht, factuur en betaalbewijs. Werkelijke kosten op basis van factuur en betaalbewijs Werkelijke kosten op basis van factuur en betaalbewijs
c. onderhoud waterinfiltratie-systeem en grondwaterpeil-buizen Voor onderhoud ter zake van onderdelen 5a en 5b zijn geen jaarlijkse bijdragen voorzien maar kan per keer een factuur en betaalbewijs worden overgelegd. In de begroting van het project kan maximaal 10% van de kosten van 5a en 5b gezamenlijk worden opgenomen. Werkelijke kosten op basis van factuur en betaalbewijs Werkelijke kosten op basis van factuur en betaalbewijs
6. Uitvoeren beheeractiviteiten 6. Uitvoeren beheeractiviteiten 6. Uitvoeren beheeractiviteiten 6. Uitvoeren beheeractiviteiten
a. geringere drooglegging Het verschil tussen het peil rondom het perceel (in cm ten opzichte van het NAP) en de gemiddelde hoogte van het maaiveld van het perceel (in cm ten opzichte van het NAP) voor de periode van april tot en met september leidt tot de berekende subsidie. - De hoogte van het peil rondom het perceel, het peilvak of een deel daarvan, voor de genoemde periode is schriftelijk vastgelegd in bijvoorbeeld een peilbesluit, vergunning of ontheffing van het waterschap. – De hoogte van het maaiveld van het perceel is af te lezen op de AHN-viewer (www.ahn.nl). – De percelen moeten landbouwareaal en grasland betreffen. – Per samenwerkingsverband moet minimaal 90% van het areaal van deze percelen onder de definitie veenweidegebied vallen. Bij combinatie van deze beheeractiviteit met extensiveren (onderdeel 6b) wordt de subsidie voor deze beheeractiviteit berekend met de lagere referentie gewasopbrengst door extensiveren Drooglegging is max. 40 cm: € 545 per ha/jr Drooglegging is max. 30 cm: € 790 per ha/jr Drooglegging is max. 20 cm: € 1.355 per ha/jr Combinatie met extensiveren (6b): bij 150 kg N dierexcretie/ha/bedrijf: 40 cm = € 450 per ha 30 cm = € 645 per ha 20 cm = € 1.105 per ha bij 100 kg N dierexcretie/ha/bedrijf: 40 cm = € 410 per ha 30 cm = € 585 per ha 20 cm = € 995 per ha Drooglegging is max. 40 cm: € 545 per ha/jr Drooglegging is max. 30 cm: € 790 per ha/jr Drooglegging is max. 20 cm: € 1.355 per ha/jr Combinatie met extensiveren (6b): bij 150 kg N dierexcretie/ha/bedrijf: 40 cm = € 450 per ha 30 cm = € 645 per ha 20 cm = € 1.105 per ha bij 100 kg N dierexcretie/ha/bedrijf: 40 cm = € 410 per ha 30 cm = € 585 per ha 20 cm = € 995 per ha
b. extensiveren Het productie- en bemestingsvolume van het melkveehouderijbedrijf is maximaal 150 of 100 kg stikstof dierexcretie per ha per bedrijf waarbij het gebruik van stikstofhoudende kunstmest niet is toegestaan en waarbij minimaal 50% van het areaal van de percelen van het bedrijf ligt binnen overgangsgebied N2000 of binnen veenweidegebied. Voor de aanvraag op overgangsgebieden N2000 (artikel 5.8.4.): Voor de puntenberekening van de weidegang wordt gekeken naar de ecoactiviteit verlengde weidegang. Max. 150 kg N dierexcretie/ha per bedrijf: € 1.680 per ha/jr Max. 100 kg N dierexcretie/ha per bedrijf: € 2.430 per ha/jr Max. 150 kg N dierexcretie/ha per bedrijf: € 1.680 per ha/jr Max. 100 kg N dierexcretie/ha per bedrijf: € 2.430 per ha/jr

Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

Artikel 1.3e. Bijdragen in natura

De subsidiabele kosten van bijdragen in natura in de vorm van onbetaalde arbeid die in Nederland wordt verricht, bedragen € 157 per dag, of een evenredig deel daarvan bij een inzet minder dan acht uur per dag.

Hoofdstuk 2. Regels omtrent subsidieverstrekking door de minister

Hoofdstuk 3. Europees fonds voor maritieme zaken, visserij en aquacultuur

§ 3.1. Algemene bepalingen

§ 3.2. Investeringen in mosselzaadinvanginstallaties

§ 3.5. Innovatieve projecten in de visserij

Hoofdstuk 4. Europees fonds voor regionale ontwikkeling

§ 4.1. Algemene bepalingen

§ 4.2. Regels omtrent subsidieverstrekking door de beheerautoriteit in het kader van de landsdelige EFRO-programma’s

Artikel 4.2.18. Vaststelling procedure gegevensdragers

De overeenstemming van op algemeen aanvaarde gegevensdragers bewaarde documenten met de originele documenten wordt vastgesteld overeenkomstig de procedure opgenomen in bijlage 1.

§ 4.3. Regels omtrent subsidieverstrekking ten laste van de Rijkscofinanciering in het kader van de landsdelige EFRO-programma’s

§ 4.4. Regels omtrent subsidieverstrekking ten laste van Rijkscofinanciering in het kader van de doelstelling “Europese territoriale samenwerking” (Interreg)

Hoofdstuk 5. Europees Landbouwgarantiefonds en Europees Landbouwfonds voor plattelandsontwikkeling

Titel 5.1. Algemene bepalingen

Artikel 5.1.3c. Bijdragen in natura

In afwijking van artikel 1.3e bedragen de subsidiabele kosten van bijdragen in natura in de vorm van onbetaalde arbeid die in Nederland wordt verricht € 22 per uur.

Titel 5.2. Operationele programma’s

Afdeling 5.2.1. Erkenningen

§ 1. Erkenningsvereisten

§ 1.1. Rechtspersoonlijkheid

§ 1.2. Lidmaatschap

§ 1. Waarde afgezette productie

Afdeling 5.2.2. Actiefonds en waarde afgezette productie

§ 2. Beheer van het actiefonds

§ 1. Waarde afgezette productie

§ 3.1. Algemeen

§ 3.2. Personeelskosten

Titel 5.3. Interventietypes in de sector groenten en fruit

Afdeling 5.3.1. Algemene bepalingen

Afdeling 5.3.2. Subsidiabele activiteiten en sectorale doelstellingen

§ 1. Algemeen

§ 2. Productieplanning en -organisatie

§ 2.2. Investering in een duurzaam productiemiddel

§ 3. Concentratie van het aanbod en in de handel brengen van de producten

§ 4. Verbetering van het concurrentievermogen

§ 4.1. Algemene bepalingen

§ 4.2. Investering in een duurzaam productiemiddel

§ 4.3. Uitgaven voor overige kosten

§ 5. Onderzoek naar en ontwikkeling van duurzame productietechnieken

§ 5.1. Algemene bepalingen

§ 5.2. Investering in een duurzaam productiemiddel

§ 5. Onderzoek naar en ontwikkeling van duurzame productietechnieken

§ 5.1. Algemene bepalingen

§ 6.3. Uitgaven voor overige kosten

§ 7. Bijdragen tot matiging van en aanpassing aan klimaatverandering

§ 7.2. Investering in een duurzaam productiemiddel

§ 7.3. Uitgaven voor overige kosten

§ 7. Bijdragen tot matiging van en aanpassing aan klimaatverandering

§ 7.2. Investering in een duurzaam productiemiddel

§ 8.2. Investering in een duurzaam productiemiddel

§ 9. Afzetbevordering en marketing van producten

§ 10. Verhoging van de consumptie van producten van de sector groenten en fruit

§ 10.1. Algemene bepalingen

§ 9.1. Algemene bepalingen

§ 11. Crisispreventie en risicobeheer

§ 10.1. Algemene bepalingen

§ 10.2. Uitgaven voor overige kosten

§ 12.3. Uitgaven voor overige kosten

Afdeling 5.3.3. Subsidievaststelling en gedeeltelijke betalingen

Afdeling 5.3.4. Rapportageverplichtingen

Afdeling 5.3.5. Slotbepalingen

Titel 5.5. Brede weersverzekering

§ 1. Algemene bepalingen

§ 2. Voorschriften inzake de verzekeraar

Titel 5.6. Samenwerken aan innovatie door operationele groepen in het kader van EIP

Titel 5.7. Stimuleren van kennisoverdracht via de Subsidiemodule Agrarische Bedrijfsadvisering en Educatie (SABE)

§ 5.7.1. Begripsbepalingen

§ 5.7.5. Verstrekking van opleidingsvoucher aan een bedrijfsadviseur

§ 5.7.1. Begripsbepalingen

§ 5.7.4. Verstrekking subsidie aan een kennisinstelling of erkende bedrijfsadviseur

§ 5.7.9. Verstrekking subsidie aan een erkende bedrijfsadviseur

Titel 5.8. Samenwerking in veenweiden en overgangsgebieden N2000

§ 5.8.1. Algemene bepalingen

§ 5.7.8. Verstrekken bedrijfsplanvoucher voor omschakeling

§ 5.7.10. Slotbepaling

§ 5.8.4. Extensivering in overgangsgebieden N2000

§ 5.8.5. Slotbepalingen

Titel 5.9. Subsidie voor de vestiging van jonge landbouwers

Hoofdstuk 6. Overige bepalingen en slotbepalingen

Bijlage 1. Behorende bij de artikelen 3.1.9 en 4.2.18 van de Regeling Europese EZK- en LNV-subsidies 2021

Procedure als bedoeld in de artikelen 3.1.9 en 4.2.18 van de Regeling Europese EZK- en LNV-subsidies 2021

Kopieën of volledig digitale documenten kunnen worden geaccepteerd als bewijsstuk. In deze bijlage worden de procedures vastgesteld voor documenten die in het kader van de uitvoering van de Regeling Europese EZK- en LNV-subsidies 2021 en verantwoording op grond van Verordening (EU) 2021/1060 van het Europees Parlement en de Raad van 24 juni 2021 houdende gemeenschappelijke bepalingen inzake het Europees Fonds voor regionale ontwikkeling, het Europees Sociaal Fonds Plus, het Cohesiefonds, het Fonds voor een rechtvaardige transitie en het Europees Fonds voor maritieme zaken, visserij en aquacultuur en de financiële regels voor die fondsen en voor het Fonds voor asiel, migratie en integratie, het Fonds voor interne veiligheid en het Instrument voor financiële steun voor grensbeheer en visumbeleid (PbEU 2021, L 231) en op grond van Verordening (EU) 2021/1139 van het Europees Parlement en de Raad van 7 juli 2021 tot oprichting van het Europees Fonds voor maritieme zaken, visserij en aquacultuur en tot wijziging van Verordening (EU) 2017/1004 (PbEU 2021, L 247) kunnen worden gebruikt.

1. Typen documenten

2. Procedure voor het gebruik van de documenten, bedoeld onder 1, onderdelen a, b en c

De in 1, onderdelen a, b en c, bedoelde bewijsstukken zijn geconverteerde documenten of gegevensdragers. Bij conversie van het origineel naar het geconverteerde document of gegevensdrager wordt aan de hieronder vermelde voorwaarden voldaan:

3. Procedure voor het bewaren van stukken die uitsluitend in een elektronische versie bestaan, bedoeld onder 1, onderdeel d

Indien een subsidieontvanger gebruik maakt van elektronische documenten waarbij uitsluitend een elektronische versie bestaat, worden de geautomatiseerde systemen voorzien van beheers- en beveiligingsmaatregelen die de betrouwbaarheid, authenticiteit en integriteit van de elektronische gegevens gedurende de gehele vereiste bewaartermijn waarborgen. Het is aan de subsidieontvanger om dit aan te tonen.

Indien een subsidieontvanger gebruik maakt van elektronische documenten waarbij uitsluitend een elektronische versie bestaat, worden de geautomatiseerde systemen voorzien van beheers- en beveiligingsmaatregelen die de betrouwbaarheid, authenticiteit en integriteit van de elektronische gegevens gedurende de gehele vereiste bewaartermijn waarborgen. Het is aan de subsidieontvanger om dit aan te tonen.

Bijlage 1. Behorende bij de artikelen 3.1.9 en 4.2.18 van de Regeling Europese EZK- en LNV-subsidies 2021

Bijlage 2. Behorende bij de artikelen 5.8.1, 5.8.2.7, vijfde lid en 5.8.4.7, vijfde lid

stikstofgevoelige Natura 2000 gebieden als bedoeld in artikel 5.8.1 (begripsomschrijving overgangsgebieden N2000) en de score urgentie als bedoeld in de artikelen 5.8.2.7, vijfde lid en 5.8.4.7, vijfde lid.

De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.

Deze tekst wordt gepubliceerd onder de eigen hergebruiksvoorwaarden van BWB, niet onder een licentie van Legalize of van het publieke domein. BWB
CC0 1.0 Universeel (publiek domein)