Verdrag tot samenwerking inzake octrooien
- c. Bij wijziging van de conclusies is Regel 46.5 van overeenkomstige toepassing. Het stel conclusies, ingediend ingevolge Regel 46.5 zoals van toepassing uit hoofde van deze paragraaf, vervangt alle oorspronkelijk ingediende of ingevolge de artikelen 19 of 34 eerder gewijzigde conclusies, al naar gelang van het geval.
Regel 67. Onderwerpen ingevolge artikel 34, vierde lid, onder a) sub (i)
67.1. Begripsomschrijving
Van een Instantie voor de Internationale Voorlopige Beoordeling mag niet worden verlangd, dat zij een internationale voorlopige beoordeling verricht van een internationale aanvrage, indien en voor zover het onderwerp op een van de onderstaande gebieden ligt:
- (i). natuurwetenschappelijke en wiskundige theorieën,
- (ii). planten- of dierenrassen of werkwijzen van wezenlijk biologische aard voor de voortbrenging van planten en dieren, die geen microbiologische werkwijzen en hierdoor verkregen voortbrengselen zijn,
- (iii). stelsels, regels of methoden voor de bedrijfsvoering, voor het verrichten van uitsluitend geestelijke handelingen of voor het spelen,
- (iv). methoden voor de behandeling van het menselijke of het dierlijke lichaam door chirurgische ingrepen of geneeskundige behandeling, alsmede methoden voor het stellen van een diagnose,
- (v). enkele presentatie van gegevens,
- (vi). programma's voor rekenautomaten voor zover de Instantie voor de Internationale Voorlopige Beoordeling niet is uitgerust voor het verrichten van een internationale voorlopige beoordeling van zodanige programma's.
Regel 68. Gebrek aan eenheid van uitvinding (internationale voorlopige beoordeling)
68.1. Geen uitnodiging tot beperking of betaling
Wanneer de Instantie voor de Internationale Voorlopige Beoordeling vaststelt dat niet is voldaan aan het vereiste van eenheid van uitvinding en verkiest de aanvrager niet uit te nodigen de conclusies te beperken of bijkomende taksen te betalen, zet zij de internationale voorlopige beoordeling voort, behoudens artikel 34, vierde lid, b, en Regel 66.1 e, ten aanzien van de gehele internationale aanvrage, maar vermeldt zij in elk schriftelijk oordeel en het verslag van de internationale voorlopige beoordeling dat zij van oordeel is dat niet is voldaan aan het vereiste van eenheid van uitvinding en geeft zij de redenen daarvoor aan.
68.2. Uitnodiging tot beperking of betaling
Wanneer de Instantie voor de Internationale Voorlopige Beoordeling vaststelt dat niet is voldaan aan de vereiste eenheid van uitvinding en verkiest de aanvrager uit te nodigen, naar zijn keuze, de conclusies te beperken of aanvullende taksen te betalen, dient in de uitnodiging:
- i. ten minste een mogelijkheid tot beperking te worden aangegeven die naar het oordeel van de Instantie voor de Internationale Voorlopige Beoordeling in overeenstemming zou zijn met het van toepassing zijnde vereiste;
- ii. aangegeven te worden op welke gronden de internationale aanvrage geacht wordt niet te voldoen aan de vereiste eenheid van uitvinding;
- iii. de aanvrager te worden uitgenodigd binnen een maand na de datum van de uitnodiging te voldoen aan de uitnodiging;
- iv. het bedrag van de te betalen vereiste bijkomende taksen te worden aangegeven, mocht de aanvrager daartoe besluiten; en
- v. dient de aanvrager, indien van toepassing, te worden uitgenodigd binnen een maand na de datum van de uitnodiging de in Regel 68.3 e bedoelde protesttaks te betalen en dient het te betalen bedrag te worden vermeld.
68.3. Bijkomende taksen
- a. Het bedrag voor de bijkomende taksen verschuldigd voor een internationale voorlopige beoordeling ingevolge artikel 34, derde lid, onder a, wordt bepaald door de bevoegde Instantie voor de Internationale Voorlopige Beoordeling.
- b. De ingevolge artikel 34, derde lid, onder a, verschuldigde bijkomende taksen voor de internationale voorlopige beoordeling dienen rechtstreeks te worden betaald aan de Instantie voor de Internationale Voorlopige Beoordeling.
- c. Een aanvrager kan de bijkomende taksen onder protest betalen, dat wil zeggen, vergezeld van een met redenen omklede uiteenzetting dat de internationale aanvrage voldoet aan de vereiste eenheid van uitvinding of dat het bedrag van de vereiste bijkomende taksen buitensporig hoog is. Een zodanig protest dient te worden onderzocht door een in het kader van de Instantie voor de Internationale Voorlopige Beoordeling ingesteld toetsingsorgaan, dat, voorzover het het protest gerechtvaardigd acht, beveelt dat de bijkomende taksen geheel of gedeeltelijk aan de aanvrager dienen te worden terugbetaald. Op verzoek van de aanvrager worden de tekst van het protest en van de beslissing dienaangaande als bijlage bij het verslag omtrent de internationale voorlopige beoordeling ter kennis van de gekozen bureaus gebracht.
- d. In het in paragraaf c bedoelde toetsingsorgaan kan de persoon zitting hebben die de beslissing nam waarop het protest betrekking heeft, met dien verstande dat deze niet het enige lid van het orgaan mag zijn.
- e. De Instantie voor de Internationale Voorlopige Beoordeling kan het onderzoek naar aanleiding van een protest zoals bedoeld in paragraaf c afhankelijk stellen van de betaling ten gunste van de Instantie van een protesttaks. Indien de aanvrager verzuimt binnen de termijn ingevolge Regel 68.2 v de vereiste protesttaks te betalen, wordt het protest geacht niet te zijn aangetekend en de Instantie voor de Internationale Voorlopige Beoordeling zal dienaangaande een verklaring doen uitgaan. De protesttaks wordt aan de aanvrager terugbetaald indien het in paragraaf c bedoelde toetsingsorgaan van oordeel is dat het protest volledig gerechtvaardigd was.
68.4. Procedure in geval van onvoldoende beperking van de conclusies
Indien de aanvrager de conclusies beperkt, doch niet voldoende om te voldoen aan het vereiste van eenheid van uitvinding, handelt de Instantie voor de Internationale Voorlopige Beoordeling zoals bepaald in artikel 34, derde lid, onder c).
68.5. Hoofduitvinding
In geval van twijfel welke uitvinding de hoofduitvinding is voor de toepassing van artikel 34, derde lid, onder c), wordt de als eerste in de conclusies genoemde uitvinding als de hoofduitvinding beschouwd.
Regel 69. Aanvang van en termijn voor de internationale voorlopige beoordeling
69.1. Aanvang van de internationale voorlopige beoordeling
- a. Onverminderd de paragrafen b tot en met e vangt de Instantie voor de Internationale Voorlopige Beoordeling de internationale voorlopige beoordeling aan zodra zij beschikt over al het volgende: tenzij de aanvrager uitdrukkelijk verzoekt om de aanvang van de internationale voorlopige beoordeling uit te stellen totdat de toepasselijke termijn ingevolge Regel 54bis.1a is verstreken.
- i. het verzoek;
- ii. het (volledige) verschuldigde bedrag voor de behandelingstaks en de taks voor de voorlopige beoordeling, met inbegrip van, indien van toepassing, de taks wegens te late betaling ingevolge Regel 58bis.2; en
- iii. hetzij het verslag van het internationale nieuwheidsonderzoek, hetzij de verklaring door de Instantie voor Internationaal Nieuwheidsonderzoek ingevolge artikel 17, tweede lid, onder a, dat er geen verslag van een internationaal nieuwheidsonderzoek zal worden opgesteld en het schriftelijk oordeel opgesteld ingevolge Regel 43bis.1;
- b. Indien het nationaal bureau of de intergouvernementele organisatie die optreedt als Instantie voor Internationaal Nieuwheidsonderzoek tevens optreedt als Instantie voor de Internationale Voorlopige Beoordeling, kan de internationale voorlopige beoordeling, indien het nationaal bureau of de intergouvernementele organisatie zulks wenst en met inachtneming van de paragrafen d. en e., op hetzelfde tijdstip aanvangen als het internationale nieuwheidsonderzoek.
- b-bis. Indien, in overeenstemming met paragraaf b, het nationaal bureau dat of de intergouvernementele organisatie die optreedt als zowel de Instantie voor Internationaal Nieuwheidsonderzoek als de Instantie voor de Internationale Voorlopige Beoordeling, de internationale voorlopige beoordeling gelijktijdig met het internationale nieuwheidsonderzoek wenst aan te vangen en oordeelt dat aan alle in artikel 34, tweede lid, onder c., i. tot en met iii. genoemde voorwaarden is voldaan, behoeft dat nationaal bureau of die intergouvernementele organisatie, in zijn of haar hoedanigheid van Instantie voor Internationaal Nieuwheidsonderzoek, geen schriftelijk oordeel ingevolge Regel 43bis. 1 op te stellen.
- c. Wanneer de verklaring betreffende wijzigingen een vermelding bevat dat wijzigingen ingevolge artikel 19 in aanmerking moeten worden genomen (Regel 53.9 a i), begint de Instantie voor de Internationale Voorlopige Beoordeling niet met de internationale voorlopige beoordeling voordat zij een afschrift van de desbetreffende wijzigingen heeft ontvangen.
- d. Indien in de verklaring inzake wijzigingen wordt vermeld dat de aanvang van de internationale voorlopige beoordeling dient te worden uitgesteld (Regel 53.9 b), vangt de Instantie voor de Internationale Voorlopige Beoordeling de internationale voorlopige beoordeling niet aan vóór de zich het eerst voordoende van de volgende situaties:
- i. voordat zij een afschrift van de wijzigingen ingevolge artikel 19 heeft ontvangen;
- ii. voordat zij een kennisgeving van de aanvrager heeft ontvangen dat hij geen wijzigingen ingevolge artikel 19 wenst door te voeren; of
- iii. het verstrijken van de toepasselijke termijn ingevolge Regel 46.1
- e. Wanneer de verklaring betreffende wijzigingen een vermelding bevat dat er wijzigingen ingevolge artikel 34 worden ingediend met het verzoek (Regel 53.9 c), maar er in feite geen wijzigingen ingevolge artikel 34 zijn ingediend, begint de Instantie voor de Internationale Voorlopige Beoordeling niet met de internationale voorlopige beoordeling voordat zij de wijzigingen heeft ontvangen of voordat de termijn vastgesteld in de in Regel 60.1 g bedoelde uitnodiging is verstreken, naar gelang van welke datum het eerst valt.
69.2. Termijn voor de internationale voorlopige beoordeling
De termijn voor het opstellen van het verslag van de internationale voorlopige beoordeling is van een van de volgende tijdvakken degene die het laatst verstrijkt:
- i. 28 maanden te rekenen van de datum van voorrang, of
- ii. zes maanden, te rekenen vanaf het tijdstip ingevolge Regel 69.1 voor de aanvang van de internationale voorlopige beoordeling; of
- iii. zes maanden te rekenen van de datum van ontvangst door de Instantie voor de Internationale Voorlopige Beoordeling van de ingevolge Regel 55.2 verstrekte vertaling,
DEEL D. Regels betreffende hoofdstuk III van het Verdrag
DEEL E. Regels betreffende hoofdstuk V van het Verdrag
DEEL F. Regels betreffende verscheidene hoofdstukken van het Verdrag
IN WITNESS WHEREOF, the undersigned, being duly authorized thereto, have signed this Treaty.
DONE at Washington, on June 19, 1970.
Regel 26quater. Verbetering of aanvulling van vermeldingen ingevolge Regel 4.11
26quater.1. Verbeteren of toevoegen van vermeldingen
De aanvrager kan een vermelding verbeteren of een vermelding toevoegen aan het verzoekschrift bedoeld in Regel 4.11 door middel van een kennisgeving aan het Internationaal Bureau binnen een termijn van 16 maanden na de datum van voorrang, met dien verstande dat elke kennisgeving die het Internationaal Bureau ontvangt na het verstrijken van die termijn wordt beschouwd als ontvangen op de laatste dag van die termijn indien het Internationaal Bureau deze kennisgeving ontvangt voordat de technische voorbereidingen voor de internationale publicatie zijn afgerond.
26quater.2. Laattijdige verbetering of aanvulling van vermeldingen
Indien een verbetering of aanvulling van een vermelding zoals bedoeld in Regel 4.1 niet tijdig is ontvangen ingevolge Regel 26quater.1, stelt het Internationaal Bureau de aanvrager daarvan in kennis en handelt het Internationaal Bureau zoals voorzien in de Administratieve Instructies.
Regel 27. Niet-betaling van taksen
27.1. Taksen
- a. Voor de toepassing van artikel 14, derde lid, onder a. wordt onder „ingevolge artikel 3, vierde lid, sub iv. voorgeschreven taksen” verstaan: de toezendingstaks (Regel 14), de taks voor internationale indiening (Regel 15.1), de taks voor het nieuwheidsonderzoek (Regel 16) en, indien vereist, de taks wegens te late betaling (Regel 16bis. 2).
- b. Voor de toepassing van artikel 14, derde lid, onder a. en b., wordt onder „de ingevolge artikel 4, tweede lid, voorgeschreven taks” verstaan: de taks voor internationale indiening (Regel 15.1) en, indien vereist, de taks wegens late betaling (Regel 16bis. 2).
Regel 28. Gebreken vastgesteld door het Internationale Bureau
28.1. Vaststelling van bepaalde gebreken
- a). Indien, naar het oordeel van het Internationale Bureau de internationale aanvrage enig gebrek vertoont genoemd in artikel 14, eerste lid, onder a), sub (i), (ii) of (v), brengt het Internationale Bureau dit gebrek onder de aandacht van het ontvangende bureau.
- b). Het ontvangende bureau handelt, tenzij het niet instemt met dit oordeel, zoals bepaald in artikel 14, eerste lid, onder b), en Regel 26.
Regel 29. Internationale aanvragen die als ingetrokken worden beschouwd
29.1. Vaststelling door het ontvangende bureau
Indien het ontvangende bureau ingevolge artikel 14, eerste lid, onder b, en Regel 26.5 (Nalaten bepaalde gebreken te herstellen), of ingevolge artikel 14, derde lid, onder a (Niet-betaling van de ingevolge Regel 27.1 a voorgeschreven taksen), of ingevolge artikel 14, vierde lid (Latere vaststelling dat niet voldaan is aan de vereisten genoemd in artikel 11, eerste lid, sub i tot en met iii), of ingevolge Regel 12.3 d, 12.4 d of 26.3ter (Niet-verstrekking van een vereiste vertaling of, wanneer van toepassing, niet-betaling van een taks wegens te late verstrekking), of ingevolge Regel 92.4 g i (Niet-verstrekking van het origineel van een document), verklaart dat de internationale aanvrage als ingetrokken wordt beschouwd:
- i. zendt het ontvangende bureau het oorspronkelijke exemplaar (tenzij reeds toegezonden) en de door de aanvrager aangeboden verbeteringen toe aan het Internationale Bureau;
- ii. stelt het ontvangende bureau de aanvrager en het Internationale Bureau onverwijld in kennis van genoemde verklaring en doet het Internationale Bureau op zijn beurt kennisgeving aan elk aangewezen bureau dat reeds van zijn aanwijzing in kennis is gesteld;
- iii. zendt het ontvangende bureau het exemplaar voor het nieuwheidsonderzoek niet toe zoals bepaald in Regel 23, of, indien dit exemplaar reeds werd toegezonden, stelt het de Instantie voor Internationaal Nieuwheidsonderzoek in kennis van de genoemde verklaring;
- iv. is het Internationale Bureau niet verplicht de aanvrager in kennis te stellen van de ontvangst van het oorspronkelijke exemplaar;
- v. geschiedt geen internationale publicatie van de internationale aanvrage indien de kennisgeving inzake genoemde verklaring verzonden door het ontvangende bureau het Internationale Bureau bereikt voordat de technische voorbereidingen voor internationale publicatie zijn voltooid.
29.2. Vervallen.
29.3. Het brengen van bepaalde feiten onder de aandacht van het ontvangende bureau
Indien het Internationale Bureau of de Instantie voor Internationaal Nieuwheidsonderzoek van oordeel is dat het ontvangende bureau een vaststelling ingevolge artikel 14, vierde lid, dient te verrichten brengt het of zij de desbetreffende feiten onder de aandacht van het ontvangende bureau.
29.4. Kennisgeving van voornemen een verklaring af te geven ingevolge artikel 14, vierde lid
- a. Alvorens het ontvangende bureau een verklaring ingevolge artikel 14, vierde lid, aflegt, stelt het de aanvrager in kennis van zijn voornemen een dergelijke verklaring af te leggen alsmede van de redenen daarvoor. De aanvrager kan, indien hij niet instemt met de beoogde conclusie van het ontvangende bureau, binnen twee maanden na de datum van de kennisgeving zijn argumenten dienaangaande indienen.
- b. Indien het ontvangende bureau voornemens is een verklaring uit hoofde van artikel 14, vierde lid, ter zake van een in artikel 11, eerste lid, iii d of e, genoemd element af te leggen, nodigt het ontvangende bureau in de in paragraaf a van deze Regel bedoelde kennisgeving de aanvrager uit in overeenstemming met Regel 20.6 a te bevestigen dat het element door middel van verwijzing ingevolge Regel 4.18 is opgenomen. Voor de toepassing van Regel 20.7 a i wordt de aan de aanvrager uit hoofde van deze paragraaf toegezonden uitnodiging beschouwd als een uitnodiging ingevolge Regel 20.3 a ii.
- c. Paragraaf b is niet van toepassing indien het ontvangende bureau het Internationale Bureau in overeenstemming met Regel 20.8 a in kennis heeft gesteld van de onverenigbaarheid van de Regels 20.3 a ii en b ii en 20.6 met het door dat bureau toegepaste nationale recht.
Regel 30. Termijn ingevolge artikel 14, vierde lid
30.1. Termijn
De termijn bedoeld in artikel 14, vierde lid, beloopt 4 maanden, te rekenen van de datum van de internationale indiening.
Regel 31. Afschriften vereist ingevolge artikel 13
31.1. Verzoek om afschriften
- a). Verzoeken ingevolge artikel 13, eerste lid, kunnen betrekking hebben op alle, enkele soorten, of afzonderlijke internationale aanvragen waarin het nationale bureau dat het verzoek doet is aangewezen. Verzoeken om alle of enkele soorten van deze internationale aanvragen moeten elk jaar worden herhaald door middel van een vóór 30 november van het voorgaande jaar door dat bureau aan het Internationale Bureau gerichte kennisgeving.
- b). Voor verzoeken ingevolge artikel 13, tweede lid, onder b) is een taks verschuldigd ter dekking van de kosten voor het maken en per post toezenden van het afschrift.
31.2. Vervaardigen van afschriften
Het vervaardigen van de ingevolge artikel 13 vereiste afschriften behoort tot de verantwoordelijkheid van het Internationale Bureau.
Regel 32. Uitbreiding van de rechtsgevolgen van de internationale aanvrage tot bepaalde opvolgerstaten
32.1. Uitbreiding van de internationale aanvrage tot een opvolgerstaat
- a. De rechtsgevolgen van een internationale aanvrage waarvan de datum van internationale indiening valt in de in paragraaf b omschreven periode, kunnen worden uitgebreid tot een Staat („de opvolgerstaat”) waarvan het grondgebied vóór de onafhankelijkheid van die Staat deel uitmaakte van het grondgebied van een in de internationale aanvrage aangewezen Verdragsluitende Staat die vervolgens is opgehouden te bestaan (de „voorgangerstaat”), op voorwaarde dat de opvolgerstaat Verdragsluitende Staat is geworden door middel van de nederlegging bij de Directeur-Generaal van een verklaring van voortgezette gebondenheid, ertoe strekkende dat het Verdrag wordt toegepast door de opvolgerstaat.
- b. Het in paragraaf a bedoelde tijdvak begint op de dag volgend op de laatste dag van het bestaan van de voorgangerstaat en eindigt twee maanden na de datum waarop de in paragraaf a bedoelde verklaring door de Directeur-Generaal ter kennis is gebracht van de Regeringen van de Staten die partij zijn bij het Verdrag van Parijs tot Bescherming van de Industriële Eigendom. Wanneer de onafhankelijkheidsdatum van de opvolgerstaat echter eerder valt dan de datum van de dag volgend op de laatste dag van het bestaan van de voorgangerstaat, kan de opvolgerstaat verklaren dat bedoeld tijdvak begint op de datum van haar onafhankelijkheid; deze verklaring dient te worden afgegeven te zamen met de in paragraaf a bedoelde verklaring en de onafhankelijkheidsdatum dient daarin te zijn genoemd.
- c. Gegevens over internationale aanvragen waarvan de indieningsdatum valt binnen de ingevolge paragraaf b. van toepassing zijnde periode en waarvan de rechtsgevolgen worden uitgebreid tot de opvolgerstaat, worden door het Internationaal Bureau gepubliceerd in het mededelingenblad.
32.2. Rechtsgevolgen van de uitbreiding tot de opvolgerstaat
- a. Wanneer de rechtsgevolgen van de internationale aanvrage in overeenstemming met Regel 32.1 worden uitgebreid tot de opvolgerstaat,
- i. wordt de opvolgerstaat beschouwd als te zijn aangewezen in de internationale aanvrage, en
- ii. wordt de ingevolge de artikelen 22 of 39, eerste lid, geldende termijn met betrekking tot die Staat verlengd tot het verstrijken van ten minste zes maanden te rekenen vanaf de datum van publicatie van de gegevens ingevolge Regel 32.1 c.
- b. De opvolgerstaat kan een termijn vaststellen die later verstrijkt dan de in paragraaf a ii voorziene termijn. Het Internationaal Bureau publiceert de informatie inzake dergelijke termijnen in het mededelingenblad.
Regel 33. Stand van de techniek die voor het internationale nieuwheidsonderzoek van belang is
33.1. Stand van de techniek die voor het internationale nieuwheidsonderzoek van belang is
- a). Voor de toepassing van artikel 15, tweede lid, bestaat de van belang zijnde stand van de techniek uit alles wat op enige wijze, waar ook ter wereld, ter beschikking van het publiek is gesteld en dat van belang kan zijn bij de beslissing of de uitvinding waarvoor bescherming wordt gevraagd, al dan niet nieuw is en of zij al dan niet op uitvinderswerkzaamheid berust (d.w.z. al dan niet voor de hand ligt) mits het ter beschikking stellen aan het publiek heeft plaatsgevonden vóór de datum van de internationale indiening.
- b). Wanneer enige schriftelijke publikatie verwijst naar een mondelinge uiteenzetting, een gebruik, een tentoonstelling of een ander middel waardoor de inhoud van de schriftelijke publikatie ter beschikking van het publiek is gesteld en dit ter beschikking van het publiek stellen heeft plaatsgevonden op een datum voorafgaande aan de internationale indiening, dient het verslag van het internationale nieuwheidsonderzoek dit feit en de datum waarop het heeft plaatsgevonden afzonderlijk te vermelden indien de terbeschikkingstelling van de schriftelijke publikatie aan het publiek heeft plaatsgevonden op een datum die dezelfde is als, of later valt dan, de datum van de internationale indiening.
- c). Een bekendgemaakte aanvrage of een octrooi waarvan de datum van bekendmaking dezelfde is als, of later valt dan, maar waarvan de datum van indiening of, indien van toepassing, de datum van de voorrang waarop men zich beroept, voorafgaat aan de datum van internationale indiening van de aan een nieuwheidsonderzoek onderworpen internationale aanvrage, en die een voor de toepassing van artikel 15, tweede lid, van belang zijnde stand van de techniek zou vormen indien zij was gepubliceerd vóór de datum van internationale indiening, dient speciaal te worden vermeld in het verslag van het internationale nieuwheidsonderzoek.
33.2. Gebieden die het internationale nieuwheidsonderzoek moet bestrijken
- a). Het internationale nieuwheidsonderzoek bestrijkt al die technische gebieden en dient te worden verricht op de grondslag van al die systematische zoeksystemen die materiaal kunnen bevatten dat voor de uitvinding van belang is.
- b). Derhalve dient niet alleen de techniek waarbij de uitvinding kan worden ingedeeld te worden bezien, maar ook overeenkomstige technieken, ongeacht waarbij zij zijn ingedeeld.
- c). De vraag welke technieken in een bepaald geval als overeenkomstig moeten worden beschouwd, dient te worden bezien in het licht van wat de onontbeerlijk wezenlijke functie of het wezenlijke gebruik van de uitvinding lijkt te zijn en niet alleen de specifieke functies die uitdrukkelijk in de internationale aanvrage zijn vermeld.
- d). Het internationale nieuwheidsonderzoek dient alle onderwerpen te omvatten die algemeen worden erkend als gelijkwaardig te zijn aan het onderwerp van de uitvinding waarvoor bescherming wordt gevraagd, voor alle of bepaalde kenmerken daarvan, zelfs indien het onderwerp van de in de internationale aanvrage beschreven uitvinding in haar bijzonderheden daarvan verschilt.
33.3. Gerichtheid van het internationale nieuwheidsonderzoek
- a). Het internationale nieuwheidsonderzoek dient te worden verricht op basis van de conclusies, met inachtneming van de beschrijving en de (eventuele) tekeningen en met bijzondere nadruk op de inventieve idee waarop de conclusies zijn gericht.
- b). Voor zover mogelijk en redelijk dient het internationale nieuwheidsonderzoek het gehele onderwerp te bestrijken waarop de conclusies zijn gericht of waarop zij naar redelijke verwachting zullen zijn gericht, nadat zij zijn gewijzigd.
Regel 34. Minimumdocumentatie
34.1. Begripsomschrijving
- a. De begripsomschrijvingen vervat in artikel 2, sub i en ii, zijn voor deze Regel niet van toepassing. Voor de toepassing van deze Regel wordt onder „octrooibescheiden” verstaan:
- i. gepubliceerde internationale aanvragen,
- ii. gepubliceerde regionale octrooien,
- iii. gepubliceerde nationale octrooien verleend door een nationaal bureau of de rechtsvoorganger ervan, in en na 1920,
- iv. gebruikscertificaten afgegeven door Frankrijk in en na 1920,
- v. door de voormalige Sovjet-Unie afgegeven uitvinderscertificaten, en
- vi. aanvragen voor een van de vormen van bescherming bedoeld in de bovenstaande punten ii tot en met v, gepubliceerd in en na 1920.
- b. Niettegenstaande paragraaf c, bestaat de in artikel 15, vierde lid, bedoelde documentatie („minimumdocumentatie”) uit:
- i. de „octrooibescheiden” zoals omschreven in paragraaf a, die beschikbaar zijn gesteld door of namens het relevante nationale bureau of de rechtsopvolger daarvan of, in voorkomend geval, door het Internationale Bureau in overeenstemming met de technische en toegankelijkheidsvereisten zoals voorzien in de Administratieve Instructies en, waar van toepassing, met de bepalingen van Regel 36.1 ii, en
- ii. ander niet tot de octrooiliteratuur behorend gepubliceerd materiaal waarover de Instanties voor Internationaal Nieuwheidsonderzoek overeenstemming bereiken en dat door het Internationale Bureau dient te worden bekendgemaakt in een lijst wanneer die overeenstemming voor de eerste maal is bereikt en na elke wijziging.
- c. Naast het raadplegen van de vereiste documentatie vermeld in paragraaf b, dient de Instantie voor Internationaal Nieuwheidsonderzoek bij voorkeur ook documentatie over gebruiksmodellen te raadplegen bestaande uit de afgegeven gebruiksmodellen en de aanvragen voor gebruiksmodellen gepubliceerd in en na 1920 door een nationaal bureau of de rechtsvoorganger daarvan, op voorwaarde dat genoemde documentatie over gebruiksmodellen beschikbaar is gemaakt door of namens het relevante nationale bureau of de rechtsopvolger daarvan in overeenstemming met de technische en toegankelijkheidsvereisten zoals voorzien in de Administratieve Instructies.
- d. Elk nationaal bureau dat zijn octrooibescheiden en, in voorkomend geval, zijn documentatie over gebruiksmodellen beschikbaar stelt in overeenstemming met de vereisten zoals voorzien in de Administratieve Instructies:
- i. stelt het Internationaal Bureau daarvan in kennis,
- ii. stelt nieuw verschenen octrooibescheiden en, in voorkomend geval, documentatie over gebruiksmodellen regelmatig beschikbaar, en
- iii. voorziet het Internationaal Bureau ten minste eenmaal per jaar van een dossier van de autoriteit, met gegevens over de actuele omvang van de beschikbare octrooibescheiden en, in voorkomend geval, documentatie over gebruiksmodellen in overeenstemming met de Administratieve Instructies.
- e. Het Internationaal Bureau bevestigt de beschikbaarheid van de octrooibescheiden en documentatie over gebruiksmodellen waarvan in overeenstemming met paragraaf d is kennisgegeven en publiceert in het mededelingenblad informatie over de betreffende documenten en de datum vanaf wanneer deze onderdeel gaan vormen van de minimumdocumentatie. Het Internationaal Bureau houdt een register bij met de dossiers van de autoriteit bedoeld in paragraaf d. iii zoals voorzien in de Administratieve Instructies.
- f. Wanneer een aanvraag meer dan eenmaal is gepubliceerd, is elke Instantie voor Internationaal Nieuwheidsonderzoek uitsluitend verplicht de als eerste gepubliceerde versie in haar documentatie te behouden indien geen van de daarna gepubliceerde versies aanvullende gegevens bevat.
- g. Voor de toepassing van deze Regel worden aanvragen en octrooien die alleen ter inzage van het publiek zijn gelegd, niet als gepubliceerde aanvragen en octrooien beschouwd.
Regel 35. De bevoegde Instantie voor Internationaal Nieuwheidsonderzoek
35.1. Wanneer slechts één enkele Instantie voor Internationaal Nieuwheidsonderzoek bevoegd is
Elk ontvangend bureau stelt, overeenkomstig de bepalingen van de van toepassing zijnde overeenkomst bedoeld in artikel 16, derde lid, onder b), het Internationale Bureau ervan in kennis, welke Instantie voor Internationaal Nieuwheidsonderzoek bevoegd is voor het nieuwheidsonderzoek van de bij het bureau ingediende internationale aanvragen en het Internationale Bureau maakt deze gegevens onverwijld bekend.
35.2. Wanneer meer dan één Instantie voor Internationaal Nieuwheidsonderzoek bevoegd is
- a). Een ontvangend bureau kan, overeenkomstig de bepalingen van de van toepassing zijnde overeenkomst bedoeld in artikel 16, derde lid, onder b), meer dan één Instantie voor Internationaal Nieuwheidsonderzoek aangeven:
- (i). door hen alle bevoegd te verklaren voor alle bij het bureau ingediende internationale aanvragen en de keuze over te laten aan de aanvrager, of
- (ii). door één of meer van die Instanties bevoegd te verklaren voor bepaalde, bij het bureau ingediende soorten internationale aanvragen en één of meer andere bevoegd te verklaren voor andere bij het bureau ingediende internationale aanvragen, met dien verstande dat voor die soorten internationale aanvragen waarvoor meer dan één Instantie voor Internationaal Nieuwheidsonderzoek bevoegd wordt verklaard, de keuze aan de aanvrager wordt overgelaten.
- b). Een ontvangend bureau dat gebruik maakt van de onder paragraaf a) bepaalde mogelijkheid stelt onverwijld het Internationale Bureau hiervan in kennis en het Internationale Bureau maakt deze gegevens onverwijld bekend.
35.3. Wanneer het Internationale Bureau fungeert als ontvangend bureau ingevolge Regel 19.1 a iii
- a. Wanneer de internationale aanvrage wordt ingediend bij het Internationale Bureau dat fungeert als ontvangend bureau ingevolge Regel 19.1 a iii, is een Instantie voor Internationaal Nieuwheidsonderzoek bevoegd het nieuwheidsonderzoek van die internationale aanvrage te verrichten indien zij daartoe bevoegd zou zijn wanneer de internationale aanvrage zou zijn ingediend bij een ontvangend bureau bevoegd ingevolge Regel 19.1 a i of ii, b of c, dan wel Regel 19.2 i.
- b. Wanneer ingevolge paragraaf a meer dan één Instantie voor Internationaal Nieuwheidsonderzoek bevoegd is, wordt de keuze aan de aanvrager overgelaten.
- c. De Regels 35.1 en 35.2 zijn niet van toepassing op het Internationale Bureau dat fungeert als ontvangend bureau ingevolge Regel 19.1 a iii.
Regel 36. Minimumvereisten voor de Instanties voor Internationaal Nieuwheidsonderzoek
36.1. Omschrijving van de minimumvereisten
De in artikel 16, derde lid, onder c, bedoelde minimumvereisten zijn de volgende:
- i. het nationale bureau of de intergouvernementele organisatie moet ten minste 100 personeelsleden met een volledige dagtaak in dienst hebben die over voldoende technische bekwaamheden beschikken om nieuwheidsonderzoeken te verrichten in de vereiste technische gebieden;
- ii. dat bureau of die organisatie moet als onderdeel van de in Regel 34 bedoelde minimumdocumentatie, in overeenstemming met de vereisten van de Administratieve Instructies, elk octrooi dat is verleend en elke octrooiaanvrage die is gepubliceerd, door het bureau of de organisatie, en in voorkomend geval, door zijn of haar rechtsvoorganger(s), ter beschikking stellen voor raadpleging;
- iii. dat bureau of die organisatie moet ten minste de in Regel 34 bedoelde minimumdocumentatie in zijn of haar bezit hebben, of de toegang daartoe in stand houden, ten behoeve van onderzoeksdoeleinden in overeenstemming met de Administratieve Instructies;
- iv. dat bureau of die organisatie moet een kwaliteitsbeheersysteem en een interne beoordelingsprocedure hebben ingesteld in overeenstemming met de gemeenschappelijke regels voor internationaal nieuwheidsonderzoek;
- v. dat bureau of die organisatie moet zijn aangewezen als Instantie voor de Internationale Voorlopige Beoordeling.
Regel 37. Ontbrekende of onjuiste titel
37.1. Ontbreken van een titel
Indien de internationale aanvrage geen titel bevat en het ontvangende bureau aan de Instantie voor Internationaal Nieuwheidsonderzoek heeft medegedeeld dat het de aanvrager heeft uitgenodigd, dit gebrek te verbeteren, gaat de Instantie voor Internationaal Nieuwheidsonderzoek over tot het internationale nieuwheidsonderzoek, tenzij en totdat zij een mededeling ontvangt dat genoemde aanvrage als ingetrokken wordt beschouwd.
37.2. Vaststelling van de titel
Indien de internationale aanvrage geen titel bevat en de Instantie voor Internationaal Nieuwheidsonderzoek geen mededeling van het ontvangende bureau heeft ontvangen dat de aanvrager is uitgenodigd een titel te verstrekken of indien genoemde instantie vaststelt dat de titel niet voldoet aan Regel 4.3 stelt zij zelf een titel vast. Die titel wordt vastgesteld in de taal waarin de internationale aanvrage zal worden gepubliceerd of, indien een vertaling in een andere taal ingevolge Regel 23.1 b is toegezonden en de Instantie voor Internationaal Nieuwheidsonderzoek dat wenst, in de taal van die vertaling.
Regel 38. Ontbrekend of onjuist uittreksel
38.1. Ontbreken van een uittreksel
Indien de internationale aanvrage geen uittreksel bevat en het ontvangende bureau aan de Instantie voor Internationaal Nieuwheidsonderzoek heeft medegedeeld dat het de aanvrager heeft uitgenodigd, dit gebrek te herstellen, gaat de Instantie voor Internationaal Nieuwheidsonderzoek over tot het internationale nieuwheidsonderzoek, tenzij en totdat zij een mededeling ontvangt dat genoemde aanvrage als ingetrokken wordt beschouwd.
38.2. Opstelling van het uittreksel
Indien de internationale aanvrage geen uittreksel bevat en de Instantie voor Internationaal Nieuwheidsonderzoek geen mededeling van het ontvangende bureau heeft ontvangen dat de aanvrager is uitgenodigd een uittreksel te verstrekken of indien de genoemde instantie vaststelt dat het uittreksel niet voldoet aan Regel 8, stelt zij zelf een uittreksel op. Dat uittreksel wordt opgesteld in de taal waarin de internationale aanvrage zal worden gepubliceerd of, indien een vertaling in een andere taal ingevolge Regel 23.1 b is toegezonden en de Instantie voor Internationaal Nieuwheidsonderzoek dat wenst, in de taal van die vertaling.
38.3. Wijziging van het uittreksel
De aanvrager kan tot een maand na de datum van verzending van het verslag van het internationale nieuwheidsonderzoek bij de Instantie voor Internationaal Nieuwheidsonderzoek:
- i. voorstellen voor wijziging van de uittreksel indienen; of
- ii. indien het uittreksel is vastgesteld door de Instantie, voorstellen voor wijzigingen van of commentaar op dat uittreksel of zowel wijzigingen als commentaar indienen;
en de Instantie beslist of de samenvatting dienovereenkomstig wordt gewijzigd. Indien de Instantie de uittreksel wijzigt, stelt zij het Internationale Bureau in kennis van de wijziging.
Regel 39. Onderwerpen ingevolge artikel 17, tweede lid, onder a), sub (i)
39.1. Begripsomschrijving
Van een Instantie voor Internationaal Nieuwheidsonderzoek mag niet worden verlangd, dat zij het nieuwheidsonderzoek betreffende een internationale aanvrage verricht, indien en voor zover het onderwerp op een van de onderstaande gebieden ligt:
- (i). natuurwetenschappelijke en wiskundige theorieën,
- (ii). planten- of dierenrassen of werkwijzen van wezenlijk biologische aard voor de voortbrenging van planten en dieren die geen microbiologische werkwijzen en hierdoor verkregen voortbrengselen zijn,
- (iii). stelsels, regels of methoden voor de bedrijfsvoering, voor het uitsluitend verrichten van geestelijke handelingen of voor het spelen,
- (iv). methoden voor de behandeling van het menselijke of het dierlijke lichaam door chirurgische ingrepen of geneeskundige behandeling, alsmede methoden voor het stellen van een diagnose,
- (v). enkele presentatie van gegevens,
- (vi). programma's voor rekenautomaten, voor zover de Instantie voor Internationaal Nieuwheidsonderzoek niet is uitgerust voor het onderzoek naar de stand van de techniek betreffende zodanige programma's.
Regel 40. Gebrek aan eenheid van uitvinding (internationaal nieuwheidsonderzoek)
40.1. Uitnodiging tot betaling van bijkomende taksen; termijn
In de uitnodiging om bijkomende taksen te betalen zoals voorzien in artikel 17, derde lid, onder a, dient
- i. aangegeven te worden op welke gronden de internationale aanvrage geacht wordt niet te voldoen aan de vereiste eenheid van uitvinding;
- ii. de aanvrager uitgenodigd te worden de bijkomende taksen te voldoen binnen een maand na de datum van de uitnodiging, en dient het te betalen bedrag van die taksen vermeld te worden; en
- iii. de aanvrager, indien van toepassing, te worden uitgenodigd binnen een maand na de datum van de uitnodiging de in Regel 40.2 e bedoelde protesttaks te betalen en dient het te betalen bedrag te worden vermeld.
40.2. Bijkomende taksen
- a. Het bedrag voor de bijkomende taksen verschuldigd voor een nieuwheidsonderzoek ingevolge artikel 17, derde lid, onder a, wordt bepaald door de bevoegde Instantie voor Internationaal Nieuwheidsonderzoek.
- b. De ingevolge artikel 17, derde lid, onder a, verschuldigde bijkomende taksen dienen rechtstreeks te worden betaald aan de Instantie voor Internationaal Nieuwheidsonderzoek.
- c. Een aanvrager kan de bijkomende taksen onder protest betalen, dat wil zeggen, vergezeld van een met redenen omklede uiteenzetting dat de internationale aanvrage voldoet aan de vereiste eenheid van uitvinding of dat het bedrag van de vereiste bijkomende taksen buitensporig hoog is. Een zodanig protest dient te worden onderzocht door een in het kader van de Instantie voor Internationaal Nieuwheidsonderzoek ingesteld toetsingsorgaan, dat, voor zover het het protest gerechtvaardigd acht, beveelt dat de bijkomende taksen geheel of gedeeltelijk aan de aanvrager dienen te worden terugbetaald. Op verzoek van de aanvrager worden de tekst van het protest en van de beslissing dienaangaande tezamen met het verslag omtrent het internationale nieuwheidsonderzoek ter kennis van de aangewezen bureaus gebracht. De aanvrager dient een vertaling daarvan over te leggen tezamen met de vertaling van de internationale aanvrage, vereist ingevolge artikel 22.
- d. In het in paragraaf c bedoelde toetsingsorgaan kan de persoon zitting hebben die de beslissing nam waarop het protest betrekking heeft, met dien verstande dat deze niet het enige lid van het orgaan mag zijn.
- e. De Instantie voor Internationaal Nieuwheidsonderzoek kan het onderzoek naar aanleiding van een protest zoals bedoeld in paragraaf c afhankelijk stellen van de betaling ten gunste van de Instantie van een protesttaks. Indien de aanvrager verzuimt binnen de termijn ingevolge Regel 40.1 iii de vereiste protesttaks te betalen, wordt het protest geacht niet te zijn aangetekend en de Instantie voor Internationaal Nieuwheidsonderzoek zal dienaangaande een verklaring doen uitgaan. De protesttaks wordt aan de aanvrager terugbetaald indien het in paragraaf c bedoelde toetsingsorgaan van oordeel is dat het protest volledig gerechtvaardigd was.
Regel 40bis. Bijkomende taksen in geval van ontbrekende onderdelen of correcte elementen en onderdelen opgenomen in de internationale aanvrage of die beschouwd worden als zijnde opgenomen in de internationale aanvrage
40bis.1. Uitnodiging tot betaling van bijkomende taksen
De Instantie voor Internationaal Nieuwheidsonderzoek kan de aanvrager uitnodigen bijkomende taksen te voldoen indien het feit dat een ontbrekend onderdeel of een correct element of onderdeel:
- i. is opgenomen in de internationale aanvrage ingevolge respectievelijk Regel 20.5 c, of Regel 20.5bis c, of
- ii. wordt beschouwd, ingevolge respectievelijk Regel 20.5 d, of Regel 20.5bis d, als zijnde opgenomen in de internationale aanvrage op de datum waarop een of meer elementen bedoeld in artikel 11, eerste lid, iii, voor het eerst zijn ontvangen door het ontvangende bureau;
slechts ter kennis wordt gebracht van die instantie nadat deze is begonnen met het opstellen van het verslag van het internationale nieuwheidsonderzoek. In de uitnodiging wordt de aanvrager uitgenodigd de bijkomende taksen te voldoen binnen een maand na de datum van de uitnodiging, en dient het te betalen bedrag van die taksen vermeld te worden. Het bedrag voor de bijkomende taksen wordt bepaald door de Instantie voor Internationaal Nieuwheidsonderzoek maar mag niet hoger zijn dan de taks voor het nieuwheidsonderzoek; de aanvullende taksen dienen rechtstreeks te worden betaald aan die Instantie. Op voorwaarde dat aanvullende taksen betaald zijn binnen de vastgestelde termijn, stelt de Instantie voor Internationaal Nieuwheidsonderzoek het verslag van het internationaal nieuwheidsonderzoek over de internationale aanvrage op, met inbegrip van elk ontbrekend onderdeel of elk correct element of onderdeel.
Regel 41. In aanmerking nemen van uitkomsten van eerder nieuwheidsonderzoek en classificatie
41.1. In aanmerking nemen van uitkomsten van eerder nieuwheidsonderzoek in het geval van een verzoek ingevolge Regel 4.12
Indien de aanvrager ingevolge Regel 4.12 de Instantie voor Internationaal Nieuwheidsonderzoek heeft verzocht de uitkomsten van een eerder nieuwheidsonderzoek in aanmerking te nemen en heeft voldaan aan Regel 12bis.1 en:
- i. het eerdere nieuwheidsonderzoek is verricht door dezelfde Instantie voor Internationaal Nieuwheidsonderzoek, of door hetzelfde bureau als het bureau dat optreedt als de Instantie voor Internationaal Nieuwheidsonderzoek, neemt de Instantie voor Internationaal Nieuwheidsonderzoek deze uitkomsten, voor zover mogelijk, in aanmerking bij het verrichten van het internationale nieuwheidsonderzoek;
- ii. het eerdere nieuwheidsonderzoek is verricht door een andere Instantie voor Internationaal Nieuwheidsonderzoek, of door een bureau niet zijnde het bureau dat optreedt als de Instantie voor Internationaal Nieuwheidsonderzoek, kan de Instantie voor Internationaal Nieuwheidsonderzoek deze uitkomsten in aanmerking nemen bij het verrichten van het internationaal nieuwheidsonderzoek.
41.2. In aanmerking nemen van uitkomsten van eerder nieuwheidsonderzoek en classificatie in andere gevallen
- a. Indien in de internationale aanvrage een beroep op een recht van voorrang wordt gedaan op grond van een of meer eerdere aanvragen ter zake waarvan een eerder nieuwheidsonderzoek werd verricht door dezelfde Instantie voor Internationaal Nieuwheidsonderzoek, of door hetzelfde bureau als het bureau dat optreedt als de Instantie voor Internationaal Nieuwheidsonderzoek, neemt de Instantie voor Internationaal Nieuwheidsonderzoek de uitkomsten van dit eerdere nieuwheidsonderzoek, voor zover mogelijk, in aanmerking bij het verrichten van het internationale nieuwheidsonderzoek.
- b. Indien het ontvangende bureau ingevolge Regel 23bis.2 a of c een afschrift van de uitkomsten van een eerder nieuwheidsonderzoek of een eerdere classificatie aan de Instantie voor Internationaal Nieuwheidsonderzoek heeft toegezonden, of indien een dergelijk afschrift voor de Instantie voor Internationaal Nieuwheidsonderzoek beschikbaar is in een vorm en op een wijze die voor haar aanvaardbaar zijn, bijvoorbeeld uit een digitaal archief, kan de Instantie voor Internationaal Nieuwheidsonderzoek deze uitkomsten in aanmerking nemen bij het verrichten van het internationaal nieuwheidsonderzoek.
Regel 42. Termijn voor internationaal nieuwheidsonderzoek
42.1. Termijn voor internationaal nieuwheidsonderzoek
De termijn voor de opstelling van het verslag van het internationale nieuwheidsonderzoek of de verklaring bedoeld in artikel 17, tweede lid, onder a), is 3 maanden te rekenen van de datum van ontvangst van het exemplaar voor nieuwheidsonderzoek door de Instantie voor Internationaal Nieuwheidsonderzoek, of 9 maanden te rekenen van de datum van voorrang, afhankelijk van welke van beide termijnen het laatst verstrijkt.
Regel 43. Het verslag van het internationale nieuwheidsonderzoek
43.1. Gegevens
Het verslag van het internationale nieuwheidsonderzoek dient de Instantie voor Internationaal Nieuwheidsonderzoek die het verslag heeft opgesteld aan te geven door de naam van deze Instantie te vermelden, en de internationale aanvrage door het nummer van de internationale aanvrage, de naam van de aanvrager en de datum van de internationale indiening te vermelden.
43.2. Data
Het verslag van het internationale nieuwheidsonderzoek dient gedateerd te zijn en dient de datum te vermelden waarop het internationale nieuwheidsonderzoek daadwerkelijk was voltooid. Het dient ook de indieningsdatum te vermelden van elke eerdere aanvrage op grond waarvan een beroep op een recht van voorrang wordt gedaan of, indien een beroep op een recht van voorrang wordt gedaan op grond van meer dan één eerdere aanvrage, de indieningsdatum van de eerste daarvan.
43.3. Classificatie
- a). Het verslag van het internationale nieuwheidsonderzoek dient de classificatie van het onderwerp te bevatten tenminste overeenkomstig de Internationale Classificatie van Octrooien.
- b). Deze classificatie wordt verricht door de Instantie voor Internationaal Nieuwheidsonderzoek.
43.4. Taal
Elk verslag van het internationale nieuwheidsonderzoek en elke verklaring afgelegd ingevolge artikel 17, tweede lid, onder a, dient te zijn gesteld in de taal waarin de internationale aanvrage waarop het (zij) betrekking heeft wordt gepubliceerd, met dien verstande dat:
- i. indien een vertaling van de internationale aanvrage in een andere taal is toegezonden ingevolge Regel 23.1 b, en de Instantie voor Internationaal Nieuwheidsonderzoek dat wenst, het verslag van het internationale nieuwheidsonderzoek en een ingevolge artikel 17, tweede lid, onder a, afgelegde verklaring in de taal van die vertaling mogen zijn gesteld;
- ii. indien de internationale aanvrage zal worden gepubliceerd in de taal van een ingevolge Regel 12.4 verstrekte vertaling die niet wordt aanvaard door de Instantie voor Internationaal Nieuwheidsonderzoek en deze Instantie dit wenst, het verslag van het internationale nieuwheidsonderzoek en een ingevolge artikel 17, tweede lid, onder a, afgelegde verklaring in een taal mogen worden gesteld die zowel een taal is die door deze Instantie wordt aanvaard als een in Regel 48.3 a, bedoelde taal van publicatie.
43.5. Aanhalingen
- a). Het verslag van het internationale nieuwheidsonderzoek dient de aanhalingen van de van belang geachte literatuurplaatsen te bevatten.
- b). De wijze van vermelding van een aangehaalde literatuurplaats wordt geregeld in de Administratieve Instructies.
- c). Aanhalingen die van bijzonder belang zijn dienen speciaal te worden aangegeven.
- d). Aanhalingen die niet voor alle conclusies van belang zijn, dienen te worden aangehaald met betrekking tot de conclusie of conclusies waarvoor zij van belang zijn.
- e). Indien slechts bepaalde passages uit de aangehaalde literatuurplaats van belang of van bijzonder belang zijn, dienen zij te worden aangegeven, bijvoorbeeld door de bladzijde, de kolom, of de regels aan te geven waar de passage staat. Indien de gehele literatuurplaats van belang is, maar enkele passages van bijzonder belang zijn, dienen deze passages te worden aangegeven, tenzij dit niet te verwezenlijken is.
43.6. Onderzochte gebieden
- a). Het verslag van het internationale nieuwheidsonderzoek dient de classificatie-aanduiding te geven van de onderzochte gebieden. Indien deze aanduiding geschiedt op basis van een andere classificatie dan de Internationale Classificatie van Octrooien, dient de Instantie voor Internationaal Nieuwheidsonderzoek de gebruikte classificatie te publiceren.
- b). Indien het internationale nieuwheidsonderzoek zich uitstrekte tot octrooien, uitvinderscertificaten, gebruikscertificaten, gebruiksmodellen, aanvullingsoctrooien of aanvullingscertificaten, aanvullingen van uitvinderscertificaten, aanvullingen van gebruikscertificaten of gepubliceerde aanvragen voor een van deze soorten van bescherming, van Staten, tijdvakken of talen die niet zijn begrepen in de minimumdocumentatie zoals omschreven in Regel 34, dient het verslag van het internationale nieuwheidsonderzoek, wanneer doenlijk, de soorten documenten, Staten, tijdvakken en talen waarover het zich uitstrekte, te vermelden. Voor de toepassing van deze paragraaf is artikel 2, sub (ii) niet van toepassing.
- c). Indien het internationale nieuwheidsonderzoek was gebaseerd op, of was uitgebreid tot een electronisch gegevensbestand, kan het verslag van het internationale nieuwheidsonderzoek de naam van het gegevensbestand vermelden en, wanneer dit nuttig voor anderen en uitvoerbaar wordt geacht, de gehanteerde termen bij het nieuwheidsonderzoek.
43.6 bis. Behandeling van verbeteringen van kennelijke fouten
- a. De Instantie voor Internationaal Nieuwheidsonderzoek houdt, met inachtneming van paragraaf b, ten behoeve van het internationale nieuwheidsonderzoek rekening met een verbetering van een kennelijke fout die is goedgekeurd ingevolge Regel 91.1 en zulks wordt vermeld in het verslag van het internationaal nieuwheidsonderzoek.
- b. De Instantie voor Internationaal Nieuwheidsonderzoek behoeft ten behoeve van het internationaal nieuwheidsonderzoek geen rekening te houden met een verbetering van een kennelijke fout indien deze door haar is goedgekeurd of haar is toegezonden, naargelang van het geval, nadat zij begonnen was met het opstellen van het verslag van het internationaal nieuwheidsonderzoek, in welk geval zulks indien mogelijk in het verslag wordt vermeld, en indien dat niet geschiedt, stelt de Instantie voor Internationaal Nieuwheidsonderoek het Internationale Bureau daarvan in kennis en handelt het Internationale Bureau zoals voorzien in de Administratieve Instructies.
43.7. Opmerkingen betreffende eenheid van uitvinding
Indien de aanvrager bijkomende taksen voor het internationale nieuwheidsonderzoek heeft betaald, dient het verslag van het internationale nieuwheidsonderzoek dit te vermelden. Bovendien dient het verslag van het internationale nieuwheidsonderzoek, wanneer het internationale nieuwheidsonderzoek alleen voor de hoofduitvinding is verricht of niet op alle uitvindingen betrekking had (artikel 17, derde lid, a, aan te geven voor welke delen van de internationale aanvrage het internationale nieuwheidsonderzoek wel en voor welke delen het niet is verricht.
43.8. Bevoegde functionaris
Het verslag van het internationale nieuwheidsonderzoek dient de naam te vermelden van de voor het verslag verantwoordelijke functionaris van de Instantie voor Internationaal Nieuwheidsonderzoek.
43.9. Andere onderwerpen
Het verslag van het internationale nieuwheidsonderzoek dient geen andere onderwerpen te bevatten dan die genoemd in de Regels 33.1 b en c, 43.1 tot en met 43.3, 43.5 tot en met 43.8 en 44.2 en de vermelding genoemd in artikel 17, tweede lid, onder b, met dien verstande dat de Administratieve Instructies kunnen toestaan dat in het verslag van het internationale nieuwheidsonderzoek andere onderwerpen worden opgenomen die zijn genoemd in de Administratieve Instructies. Het verslag van het internationale nieuwheidsonderzoek dient geen oordelen, redeneringen, argumenten of toelichtingen te bevatten en de Administratieve Instructies staan het opnemen daarvan niet toe.
43.10. Vorm
De vormvoorschriften betreffende het verslag van het internationale nieuwheidsonderzoek worden voorgeschreven in de Administratieve Instructies.
Regel 44. Toezending van het verslag van het internationale nieuwheidsonderzoek, schriftelijk oordeel, etc.
44.1. Exemplaren van verslag of verklaring en schriftelijk oordeel
De Instantie voor Internationaal Nieuwheidsonderzoek zendt op dezelfde dag een afschrift van het internationale nieuwheidsonderzoek of van de in artikel 17, tweede lid, onder a, bedoelde verklaring en van het ingevolgeRegel 43bis 1 opgestelde schriftelijke oordeel aan het Internationale Bureau en aan de aanvrager.
44.2. Titel of uittreksel
Het verslag van het internationale nieuwheidsonderzoek dient te verklaren dat de Instantie voor Internationaal Nieuwheidsonderzoek haar goedkeuring hecht aan de titel en het uittreksel zoals overgelegd door de aanvrager, dan wel vergezeld te gaan van de tekst van de titel en/of het uittreksel zoals ingevolge de Regels 37 en 38 opgesteld door de Instantie voor Internationaal Nieuwheidsonderzoek.
44.3. Afschriften van aangehaalde literatuurplaatsen
- a). Het in artikel 20, derde lid, bedoelde verzoek kan op elk tijdstip worden ingediend gedurende 7 jaar vanaf de datum van internationale indiening waarop het verslag van het internationale nieuwheidsonderzoek betrekking heeft.
- b). De Instantie voor Internationaal Nieuwheidsonderzoek kan verlangen, dat de partij (aanvrager of aangewezen bureau) die het verzoek indient, haar de kosten voor het maken en per post verzenden van de afschriften vergoedt. Het tarief van de kosten voor het maken van afschriften wordt bepaald in de in artikel 16, derde lid, onder b) genoemde overeenkomsten tussen de Instanties voor Internationaal Nieuwheidsonderzoek en het Internationale Bureau.
- c). Vervallen.
- d). Een Instantie voor Internationaal Nieuwheidsonderzoek kan de verplichtingen genoemd in de paragrafen a en b vervullen door bemiddeling van een ander tegenover haar verantwoordelijk bureau.
Regel 45. Vertaling van het verslag van het internationale nieuwheidsonderzoek
45.1. Talen
Verslagen van het internationale nieuwheidsonderzoek en verklaringen zoals bedoeld in artikel 17, tweede lid, onder a), dienen, wanneer zij niet in het Engels zijn gesteld, in het Engels te worden vertaald.
Regel 46. Wijziging van conclusies bij het Internationale Bureau
46.1. Termijn
De in artikel 19 bedoelde termijn beloopt 2 maanden, te rekenen van de datum waarop de Instantie voor Internationaal Nieuwheidsonderzoek het verslag van het internationale nieuwheidsonderzoek aan het Internationale Bureau en aan de aanvrager toezendt, of 16 maanden te rekenen vanaf de datum van voorrang, afhankelijk van welke van beide termijnen het laatste verstrijkt, met dien verstande dat een wijziging ingevolge artikel 19 aangebracht, die is ontvangen door het Internationale Bureau na het verstrijken van de van toepassing zijnde termijn, wordt beschouwd als te zijn ontvangen door dat Bureau op de laatste dag van die termijn, indien zij het Bureau bereikt voordat de technische voorbereidingen voor internationale publikatie zijn voltooid.
46.2. Waar in te dienen
Wijzigingen ingevolge artikel 19 dienen rechtstreeks bij het Internationale Bureau te worden ingediend.
46.3. Taal van de wijzigingen
Indien de internationale aanvrage is ingediend in een andere taal dan de taal waarin zij wordt gepubliceerd, dient een ingevolge artikel 19 aangebrachte wijziging te zijn gesteld in de taal waarin de aanvrage wordt gepubliceerd.
46.4. Verklaring
- a). De verklaring bedoeld in artikel 19, eerste lid, dient te zijn gesteld in de taal waarin de internationale aanvrage wordt gepubliceerd en dient niet langer te zijn dan 500 woorden, indien zij in het Engels is gesteld of in die taal is vertaald. De verklaring dient als zodanig te worden aangeduid door een opschrift, waarbij bij voorkeur de woorden worden gebruikt „Verklaring bedoeld in artikel 19, eerste lid” of een equivalent daarvan in de taal van de verklaring.
- b). De verklaring dient geen kleinerende opmerkingen te bevatten over het verslag van het internationale nieuwheidsonderzoek of over het belang van in dat verslag genoemde aanhalingen. Alleen in verband met een wijziging van een bepaalde conclusie kan er verwezen worden naar aanhalingen in het verslag van het internationale nieuwheidsonderzoek, die van belang zijn voor die conclusie.
46.5. Vorm van de wijzigingen
- a. Van de aanvrager wordt bij het aanbrengen van wijzigingen uit hoofde van artikel 19 verlangd dat hij een vervangend blad of vervangende bladen indient met een volledig stel conclusies ter vervanging van alle oorspronkelijk ingediende conclusies.
- b. Het vervangende blad of de vervangende bladen gaat of gaan vergezeld van een brief waarin:
- i. de conclusies worden aangeduid die vanwege de wijzigingen afwijken van de oorspronkelijk ingediende conclusies en gewezen wordt op de verschillen tussen de oorspronkelijk ingediende conclusies en de conclusies zoals gewijzigd;
- ii. de oorspronkelijk ingediende conclusies worden aangeduid die vanwege de wijzigingen vervallen;
- iii. de grond voor de wijzigingen van de aanvrage zoals ingediend wordt aangeduid.
Regel 47. Toezending aan de aangewezen bureaus
47.1. Procedure
- a). De in artikel 20 voorziene toezending aan elk aangewezen bureau dient via het Internationaal Bureau te geschieden in overeenstemming met Regel 93bis. 1, echter, onverminderd Regel 47.4, niet voorafgaand aan de internationale publicatie van de internationale aanvrage.
- a-bis). Het Internationaal Bureau stelt elk aangewezen bureau in overeenstemming met Regel 93bis. 1 in kennis van de ontvangst en de datum van ontvangst van het oorspronkelijke exemplaar en van een eventueel voorrangsbewijs.
- b). Wijzigingen die het Internationaal Bureau binnen de termijn ingevolge Regel 46.1 heeft ontvangen en die nog niet waren toegezonden als voorzien in artikel 20, worden onverwijld aan de aangewezen bureaus toegezonden door het Internationaal Bureau en laatstgenoemd Bureau stelt de aanvrager hiervan in kennis.
- c). Direct na het verstrijken van de termijn van 28 maanden vanaf de voorrangsdatum zendt het Internationaal Bureau een kennisgeving aan de aanvrager met vermelding van:
- i. de aangewezen bureaus die hebben verzocht om de in artikel 20 voorziene toezending ingevolge Regel 93bis. 1 en de datum van de mededeling aan die bureaus; en
- ii. de aangewezen bureaus die niet hebben verzocht om de in artikel 20 voorziene toezending ingevolge Regel 93bis. 1.
- c-bis). De in paragraaf c bedoelde kennisgeving wordt aanvaard door de aangewezen bureaus:
- i. in het geval van een aangewezen bureau als bedoeld in paragraaf c. i., als afdoende bewijs dat de in artikel 20 voorziene toezending heeft plaatsgevonden op de in de kennisgeving vermelde datum;
De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.
Deze tekst wordt gepubliceerd onder de eigen hergebruiksvoorwaarden van BWB, niet onder een licentie van Legalize of van het publieke domein.
BWB
CC0 1.0 Universeel (publiek domein)