Regeling van de Minister voor Milieu en Wonen, de Staatssecretaris van Defensie, de Minister van Economische Zaken en Klimaat, de Minister van Infrastructuur en Waterstaat, de Minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit en de Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap van 21 november 2019, houdende regels over het beschermen en benutten van de fysieke leefomgeving (Omgevingsregeling)

Type Ministeriële regeling
Publication 2026-08-18
Laatst bijgewerkt 2026-08-20
State In force
Source BWB
artikelen 1926
Wijzigingsgeschiedenis JSON API
Dijktraject Beginpunt Beginpunt Eindpunt Eindpunt
X Y X Y
301 128792 483775 129611 482978
302 129659 482881 129864 481920
303 129864 481920 130159 479715
304 130174 479697 130148 476448
305 130019 476392 129169 471663
306 129169 471663 128359 466968
307 128359 466968 128201 464837
308 128202 464829 128486 463324
309 128486 463324 132167 459958
310 153134 440639 159707 434675
311 159638 434592 152869 440528
312 239151 487160 239837 487926
313 241307 473450 239087 487004
314 239865 487952 238939 486082
315 238926 485490 241348 473498
316 243077 473933 244573 474647
317 246046 474659 246275 474658
318 246462 474651 248987 474537
319 251738 474078 253409 473445
320 243120 473866 244569 474599
321 248381 474520 245533 474608
322 253378 473406 251771 474001
323 213092 463941 223927 464804
324 223933 464723 213013 463788
325 186884 420282 184823 429349
326 184955 429400 184620 428639
327 184521 428420 185598 422919
328 185598 422919 187066 420376
329 112030 404672 116488 406747
330 116496 406697 112058 404544
331 117295 405488 117054 406167
332 120168 404499 127579 400982
333 127647 400929 129615 399718
334 129768 399584 121134 404177
335 130618 399305 131310 399189
336 131205 399168 130614 399221
337 134460 398854 134977 398267
338 135866 396697 136850 393973
339 136824 393797 136104 395932
340 139625 391290 141644 390190
341 141538 390205 139608 391259
342 142541 389961 148695 390121
343 148698 390093 142457 389866
344 159968 390603 161584 390684
345 161385 390641 159970 390560
346 162495 390729 167449 391501
347 167449 391501 168620 391628
348 167828 391501 162097 390673
349 169637 391670 170527 391699
350 170828 391677 170429 391657
351 150940 409367 149590 408825
352 151375 416698 154157 410165
353 153921 410335 151260 416645
354 151409 410786 153921 410335
355 154157 410165 154611 409664
356 156121 408035 151299 410760
357 154611 409664 156177 408090
358 159020 406636 163991 403088
359 163971 403065 159003 406566
360 165060 402175 168817 398761
361 168771 398743 165041 402155
362 168895 398658 171341 395359
363 170683 396187 168852 398636
364 171314 395339 170683 396187
365 172151 394255 175432 389212
366 172983 392466 172117 394234
367 171497 391884 172943 392366
368 173416 390588 171603 391880
369 175295 389374 173447 390592
370 176341 386361 176863 380897
371 175941 383990 176281 386350
372 176664 381605 175911 383970
373 176878 380802 178613 378627
374 178599 378588 176840 380798
375 178705 378537 179811 373544
376 179607 375209 178691 378502
377 179799 373543 179674 374611
378 179835 373451 180063 371335
379 180040 371333 179802 373449
380 180080 371231 180390 368448
381 180408 367943 180047 371227
382 191070 370900 193614 372279
383 190871 370791 191053 370894
384 189706 370139 190837 370777
385 193614 372279 189706 370139
386 181122 365499 189636 370083
387 189636 370083 181110 365406
388 181066 365179 181143 365048
389 181021 364977 180804 365012
390 174664 361849 180317 364908
391 180322 364897 177181 363247
392 168677 358598 174572 361798
393 174580 361785 168709 358585
394 183167 361613 188117 354091
395 188066 354010 183113 361586
396 189260 350012 184840 341596
397 182474 335555 189057 350009
398 183939 338580 182526 335527
399 180540 330392 181548 333206
400 179309 325211 180912 328765
401 178666 324029 178801 324304
402 180966 328729 177982 322507
403 177812 322133 177151 320611
404 45856 372704 49373 365467
405 46671 368308 45480 371927
406 44147 359119 46671 368308
407 49374 365468 44422 359397
408 149547 408913 150894 409506
409 125661 486553 125680 486422
410 125680 486422 128487 483809
411 128487 483809 128584 483724
412 128584 483724 129911 479711
413 129911 479711 129906 479689
414 129906 479689 128445 468143
415 128445 468143 128439 468129
416 128439 468129 128081 464855
417 128081 464855 128083 464844
418 128083 464844 130818 460898
419 133679 456818 136131 448171
420 133361 413838 135436 409642
421 74724 385149 77269 376894

1.1. Rekenmethode

Bijlage IVe. bij de artikelen 3.8, eerste lid, onder a, 3.9, eerste lid, aanhef en onder a en b, 3.11, onder a en b, 3.14, eerste lid, onder a, en vierde lid, 3.18, onder a en b en 12.71d, tweede lid, van deze regeling (meet- en rekenmethode geluid wegen)

2.1. Sectorhoek

2.5.1. Voor wegen met geluidproductieplafonds

2.4.2. Voor industrieterreinen

2.5.2. Voor spoorwegen met geluidproductieplafonds

1.2. Geluidemissie van wegen

4. Toelichting

2. Kwalitatieve bepaling verschillen geluidemissies

2.4.1. Het A-gewogen equivalente bronvermogensniveau.

2.4.1. Het A-gewogen equivalente bronvermogensniveau.

2.8. De bodemdemping ΔLB

2.9. De meteocorrectieterm CM

2.10. De schermwerking ΔLSW inclusief de termen Sw en Sb uit de bodemdempingsformules als gegeven in tabel 2.7.

2.11. De niveaureductie ΔLR bij reflecties

3. Standaardmeetmethode

3.1. Voorwaarden eenvoudige methode

3.2. Werkwijze eenvoudige methode

3. Standaardmeetmethode

3.1. Voorwaarden eenvoudige methode

4.2.4

4.2. Bepalen van het gemiddelde geluidniveau per voertuigcategorie en per meetlocatie

4.2.3

4.3. Bepalen van de initiële wegdekcorrectie uit middeling over verschillende locaties

4.3.3

7. Reken- en meetvoorschrift diffractor

7.4. Meettechnische bepaling producteigenschappen van een ingegraven diffractor

7.4.2. Meetopstelling en omstandigheden

7.3. Rekenregel CS,diff

8.2.2. De hoofdformule

8.2.2. De hoofdformule

Bijlage IVf. bij de artikelen 3.8, eerste lid, onder b, 3.12, onder a en d, 3.14, eerste lid, onder c, en vijfde lid, en 3.19, onder a en d, van deze regeling (meet- en rekenmethode geluid spoorwegen)

8.6. Rekenregel diffractor

8.3. Standaardmeetmethode

8.2.9. De niveaureductie bij reflecties

8.4. Methode bepaling wegdekcorrectie

8.3.2. Metingen in afwijkende situaties

2.3. Gegevens

3.1. Begrippen

3.3.3. Hoogteverschillen in bodem

3.3.5. Overwegen

3.3.6. Tunnelbakken

3.3.7. Geluidsschermen en afschermende objecten

2.6. Snelheden

3.3.7. Geluidsschermen en afschermende objecten

3. Standaardrekenmethode

3.3.10. Geluidsabsorberende uitvoering

3.5.3. De meteocorrectieterm CM

3.3.9. Kunstwerken

3.5.3. De meteocorrectieterm CM

3.8. Bepaling spoorspecifieke geluidisolatie

4. Meetmethoden

4.1.1. Voorwaarden eenvoudige meetmethode

4.1.2. Werkwijze eenvoudige meetmethode

4.2. Methode voor meting en modellering van stalen kunstwerken

3.10. Het octaafbandspectrum van het equivalente geluidniveau

4.2.3. Splitsing in rolgeluidtoename en kunstwerkgeluid

4.1.3. Uitgangspunten bepaling geluidbelasting

4.2.5. Modellering in de standaardrekenmethode

4.3. Meetmethode emissies en spoorconstructies trams

6. Toelichting

6.2. Begrippen

5.3.1. Meetmethode

4.2.5. Modellering in de standaardrekenmethode

4.3.2. Bepaling emissiekentallen trammaterieel, procedure B

4.3.1. Indeling in een bestaande categorie, procedure A

6.1. Algemeen

4.3.1. Indeling in een bestaande categorie, procedure A

De verschillende baancorrectiefactoren zijn afhankelijk van het materieeltype. De onderscheiden factoren dekken vrijwel alle baantypen die in de praktijk worden aangetroffen. Een uitzondering vormen onder andere nog de stalen viaducten.

Bijlage IVg. bij de artikelen 3.14, eerste lid, onder b en d, en 3.21, eerste lid, onder b van deze regeling (rekenmethode geluid op een geluidreferentiepunt)

6.6. Meetmethoden (hoofdstuk 4)

Het kan ook voorkomen dat er gebruik wordt gemaakt van een specialistische rekenmethode, als een specifieke situatie buiten het toepassingsgebied valt van de meet- en rekenmethode. Een dergelijke methode is niet voor te schrijven, omdat deze afhankelijk is van de situatie.

6.6.5. Meetmethode emissies trams

6.6.3. Metingen in afwijkende situaties

6.6.6. Reken- en meetvoorschrift diffractor op een geluidscherm

3.6. Modellering talud

3.7. Tunnels

2.1. Geluidbronregisterlijnen

5. Regels voor berekening geluidproductie voor het verslag monitoring geluidproductieplafonds

2.1. Geluidbronregisterlijnen

Bijlage IVh. bij de artikelen 3.21, eerste lid, onder a, en 3.23, eerste lid, onder a en e, 6.6, eerste en tweede lid en 8.22, eerste en tweede lid, van deze regeling (meet- en rekenmethode geluid industrie)

2.3.1. Voor wegen

6. Toelichting

3.4. Afscherming

3.5.1. Voor wegen

4. Bepaling van de hoogtes van de referentiepunten

2.1.3. Typen geluid

2.2.2. Weersomstandigheden (meteoraam)

1.2.2. Toepassingsgebied methode II

2.2.5. Methode I

2.1.2. Weeromstandigheden en meteoraam

2.1.4. Meting maximale geluidniveaus

2.2.1. Algemeen

2.2.6.4. Uitvoering van de geluidmetingen

2.2.6.6. Bepaling gestandaardiseerd immissieniveau Li

2.2.6.1. Algemeen

2.2.6.2. Meetapparatuur

2.2.6.3. Vaststelling van de meetcondities

2.2.7. Vaststelling binnengeluidniveau

2.3.3. Methode II

2.3.3. Methode II

2.3.3.2. Aangepaste meetvlakmethode (methode II.3)

2.3.3.3. Rondommethode (methode II.4)

2.3.3.4. Intensiteitsmetingen (methode II.5)

2.3.3.3. Rondommethode (methode II.4)

2.3.3.5. Snelheidsmetingen (trillingsmetingen, methode II.6)

3. Bepaling overdracht

3. Bepaling overdracht

3.1.1. Basisformule

3.2.2.2. Splitsen van bronnen

3. Bepaling overdracht

3. Bepaling overdracht

3.2.3.3. Drefl

3.2. Methode II: overdrachtsmodel (II.8)

3.2.3.6. Dterrein

3.3. Methode II: Substitutiemethode (II.9)

3.3. Methode II: Substitutiemethode (II.9)

4.2. Te beschouwen bedrijfssituatie

4.2. Te beschouwen bedrijfssituatie

4.3.3. Muziekgeluid

4.4.1. Bepaling langtijdgemiddeld deelgeluidsniveau LAeqi,LT

6.3. Belangrijkste wijzigingen ten opzichte van de Handleiding meten en rekenen industrielawaai

6.4. Nadere toelichting hoofdstuk 2

5.1. Toepassingsbereik

5.3. Bijzondere geluiden (tonaal karakter/impulsgeluid/muziekgeluid)

Bijlage IVi. bij de artikelen 3.28, onder a, 6.8, eerste lid, en 8.25, eerste en tweede lid, van deze regeling (meet- en rekenmethode geluid windturbines)

5.4.3. Bepaling beoordelingsniveau Lden en Lnight

5.4.3. Bepaling beoordelingsniveau Lden en Lnight

6.2. Isolatiewaarden

1.3. Meetprocedure

1.4.2. Correctie voor stoorgeluid

6.7. Nadere toelichting hoofdstuk 5

2. Standaardrekenmethode

1.3.1. Geluidmetingen

2.8. De schermwerking Dscherm

1.5. Geluidvermogen bij windsnelheden hoger dan Vrated

2.4.1. De berekening

2.4.3. Bepalen windsnelheidsverdeling

2.7. De term Drefl

2.5. De geometrische uitbreidingsterm Dgeo

Door de lijn bron-immissiepunt BI wordt een verticaal vlak V geplaatst. Als één of meer schermen wordt doorsneden door lijn BF, worden op elk scherm drie punten bepaald (zie figuur 2.5), te weten:

2.8.3. Berekening Dscherm

Als Nv > -0,1

waarbij wordt verstaan onder:

Als Dscherm ≤ 0 dB dan wordt Dscherm = 0 dB

Bijlage VIb. bij artikel 4.12h van deze regeling (rustgewassen)

  • –. Afrikaantjes (tagetes)
  • –. Beemdlangbloem
  • –. Blauwmaanzaad
  • –. Bloemmengsel (randen)
  • –. Boekweit
  • –. Bruine bonen
  • –. Korte (groente)teelten, vroeg geoogste gewassen of in voorkomend geval een combinatie van beide, gevolgd door een voor 1 september en na de oogst van de vorige teelt ingezaaid onbemest vanggewas (gewas overeenkomstig tabel 6 van bijlage A bij de Uitvoeringsregeling Meststoffenwet) waarbij het vanggewas niet voor 1 februari wordt vernietigd
  • –. Dahlia
  • –. Droge erwten
  • –. Engels raaigras
  • –. Festulolium
  • –. Gerst, winter-
  • –. Gerst, zomer-
  • –. Granen, overige
  • –. Gras-klaver
  • –. Grasland, blijvend
  • –. Grasland, natuurlijk
  • –. Grasland, tijdelijk
  • –. Graszaad
  • –. Graszoden
  • –. Haver
  • –. Italiaans raaigras
  • –. Karwijzaad
  • –. Klaver, rode
  • –. Klaver, witte
  • –. Kolen
  • –. Koolzaad
  • –. Koolzaad, winter- (inclusief boterzaad)
  • –. Koolzaad, zomer- (inclusief boterzaad)
  • –. Kruiden, zaadgewassen
  • –. Lelie (eerste jaar van meerjarige teelt)
  • –. Lijnzaad, niet van vezelvlas (olievlas)
  • –. Lupinen, niet bittere
  • –. Luzerne
  • –. Miscanthus (olifantsgras)
  • –. Narcis (eerste jaar van meerjarige teelt)
  • –. Peterselie, productie-
  • –. Pioen (eerste jaar van meerjarige teelt)
  • –. Quinoa
  • –. Raapzaad
  • –. Raketblad (Solanum sisymbriifolium)
  • –. Rietzwenkgras, anders dan voor industriegras
  • –. Rietzwenkgras, industriegras
  • –. Rode kool
  • –. Witte kool
  • –. Rogge, met uitzondering van snijrogge
  • –. Roodzwenkgras
  • –. Rustgewasmengsel, waarbij het mengsel voor ten minste twee derde bestaat uit een of meer rustgewassen uit deze bijlage
  • –. Snijrogge
  • –. Soedangras/sorghum
  • –. Soja
  • –. Spelt
  • –. Spruitkool
  • –. Tarwe, winter-
  • –. Tarwe, zomer-
  • –. Teelten voor zaaizaad en vermeerdering
  • –. Timothee
  • –. Triticale
  • –. Tuinbonen
  • –. Veldbeemdgras
  • –. Veldbonen
  • –. Vezelhennep
  • –. Vezelvlas
  • –. Vogelakkers
  • –. Westerwolds raaigras
  • –. Zonnekroon

B

Bijlage VII. bij artikel 4.14, eerste lid, van deze regeling (maatregelen ter verduurzaming van het energiegebruik met betrekking tot milieubelastende activiteiten)

Inhoudsopgave

Onderdeel Code Categorie Code Categorie Omschrijving (onderwerp)
F A Perslucht
F B Stoom
F C Aandrijvingen
F D Productkoeling
F E Grootkeukenapparatuur
F F Ovens
F G Terreinverlichting
F H Zwembad
F I Serverruimte
F J Roltrap
F K Zonnepanelen
P A Natlakspuitcabines
P B Drogen
P C Procesbaden
P D Procesapparatuur
P E Proceswarmte
P F Proceskoeling
P G Veehouderijen
P H Datacentrum

Onderdeel 1 Faciliteiten:

Categorie: Perslucht

Onderwerp Perslucht
Nummer maatregel FA1
Toe te passen maatregel Vergroot de persluchtbuffer. Door het aansluiten van een (extra) buffervat op het bestaande persluchtnet kan meer perslucht opgeslagen worden, waardoor het aantal starts en stops van de compressor wordt beperkt.
Huidige situatie Er is een persluchtcompressor met aan/uit-schakelaar aanwezig zonder buffervat of met een te klein buffervat. Hierdoor draait de persluchtinstallatie minimaal 15 minuten per bedrijfsuur in nullast. Bij vergroting van de buffer is het uitgangspunt om maximaal 5 minuten aaneengesloten in nullast te draaien.
Economische randvoorwaarden Zelfstandig moment: bij meer dan 4.100 bedrijfsuren van het persluchtnet per jaar. Natuurlijk moment: bij meer dan 3.400 bedrijfsuren van het persluchtnet per jaar.
Technische randvoorwaarden Er is voldoende ruimte nabij de persluchtcompressor om een persluchtbuffervat te plaatsen. De persluchtvraag is gemiddeld gezien variabel gedurende een bedrijfsuur. De persluchtcompressor heeft een vermogen van minimaal 10 kW.
Direct uitvoerbaar (zelfstandig moment) Ja
Aspecten van doelmatig beheer en onderhoud Controleer regelmatig op persluchtlekkages en verhelp deze.
Onderwerp Perslucht
--- ---
Nummer maatregel FA2
Toe te passen maatregel Plaats een afsluiter met tijdschakelaar om verlies van perslucht buiten bedrijfstijden te beperken. Door het toepassen van een afsluiter met tijdschakelaar op het persluchtnet of delen daarvan kunnen apparaten en machines worden losgekoppeld van de perslucht. Zo hoeft de compressor niet onnodig perslucht te comprimeren buiten bedrijfstijden.
Huidige situatie Er is een centraal persluchtnet aanwezig dat geheel of deels onder druk staat buiten gebruikstijden.
Economische randvoorwaarden Niet van toepassing
Technische randvoorwaarden De op het persluchtnet aangesloten apparaten en machines zijn geschikt om zonder persluchtdruk buiten bedrijf stil te staan.
Direct uitvoerbaar (zelfstandig moment) Ja
Aspecten van doelmatig beheer en onderhoud Controleer regelmatig op persluchtlekkages en verhelp deze. Controleer regelmatig de instelling van de tijden dat het persluchtnet buiten bedrijf is en zorg dat deze bij veranderende bedrijfstijden (zoals bij zomer- en wintertijd) worden bijgewerkt.
Onderwerp Perslucht
--- ---
Nummer maatregel FA3
Toe te passen maatregel Pas een flow-drukregelaar toe in het persluchtnet. Door integratie van een flow-drukregelaar (regelklep direct na het buffervat) in een persluchtnet kunnen schommelingen in de persluchtvraag worden uitgebalanceerd. Om de schommelingen op te vangen is de persdruk vaak hoger ingesteld dan nodig. Door toepassing van een flow-drukregelaar kan de persdruk in het buffervat worden verlaagd. De verlaging in persdruk zorgt voor een besparing op het energiegebruik van de compressor. Daarbij zal door lagere druk het persluchtgebruik per gebruiker afnemen en lekt er minder perslucht weg. Door minder persluchtgebruik of -lekkage zal de compressor ook energie besparen.
Huidige situatie Er is een persluchtnet met een centrale toerengeregelde persluchtcompressor(en) en buffervat aanwezig, waarbij een flow-drukregelaar ontbreekt.
Economische randvoorwaarden Zowel natuurlijk als zelfstandig moment: bij meer dan 3.700 bedrijfsuren van het persluchtnet per jaar.
Technische randvoorwaarden Het vermogen van de compressor is ten hoogste 45 kW en het persluchtgebruik is maximaal 7 m3/min. In het persluchtnet vinden hoge drukvallen plaats door grote persluchtafname.
Direct uitvoerbaar (zelfstandig moment) Ja
Aspecten van doelmatig beheer en onderhoud Verlaag de persluchtdruk na plaatsing van de schakelaar en controleer regelmatig de ingestelde waarde.
Onderwerp Perslucht
--- ---
Nummer maatregel FA4
Toe te passen maatregel Plaats een luchtkanaal zodat de persluchtcompressor (koude) buitenlucht aanzuigt. Plaats een luchtkanaal voor het aanzuigen van buitenlucht of van binnenlucht uit een onverwarmde ruimte. Als de persluchtcompressor koudere lucht aanzuigt kan er energiezuiniger perslucht worden gemaakt.
Huidige situatie Er is een centraal persluchtnet aanwezig met een persluchtcompressor van ten minste 7,5 kW die warme lucht aanzuigt vanuit de ruimte waarin deze is opgesteld.
Economische randvoorwaarden Zowel natuurlijk als zelfstandig moment: bij meer dan 3.000 bedrijfsuren van de persluchtcompressor per jaar.
Technische randvoorwaarden De compressor staat binnen 5 m van een buitenmuur.
Direct uitvoerbaar (zelfstandig moment) Ja
Aspecten van doelmatig beheer en onderhoud Niet van toepassing
Onderwerp Perslucht
--- ---
Nummer maatregel FA5
Toe te passen maatregel Gebruik zuinige persluchtgereedschappen. Door gebruik te maken van nieuwe en energiezuinige perslucht aangedreven gereedschappen, zoals blaaspistolen, wordt er minder perslucht gebruikt en energie bespaard.
Huidige situatie Er wordt gebruik gemaakt van 'conventionele' persluchtgereedschappen, zoals blaaspistolen, met een nominaal gebruik van meer dan 120 l/min.
Economische randvoorwaarden Zelfstandig moment: bij gereedschappen die meer dan 1.800 uur per jaar worden gebruikt.
Technische randvoorwaarden De persluchtcompressoren hoeven niet te worden aangepast door het verminderde gebruik van perslucht.
Direct uitvoerbaar (zelfstandig moment) Ja
Aspecten van doelmatig beheer en onderhoud Onderhoud de perslucht aangedreven gereedschappen zodat er geen onnodige perslucht verloren gaat en houd ze schoon. Controleer regelmatig op persluchtlekkages aan gereedschap, koppelingen en leidingen en verhelp deze.
Onderwerp Perslucht
--- ---
Nummer maatregel FA6
Toe te passen maatregel Gebruik elektrisch handgereedschap als vervanging voor pneumatisch aangedreven gereedschap. Door waar mogelijk elektrisch handgereedschap toe te passen en perslucht aangedreven gereedschap alleen te gebruiken wanneer er geen elektrisch alternatief is, kan het persluchtgebruik worden beperkt. Het opwekken van perslucht voor het aandrijven van gereedschap is minder efficiënt dan het gebruiken van elektrisch aangedreven gereedschap.
Huidige situatie Persluchtaangedreven handgereedschap wordt gebruikt voor toepassingen waar een elektrisch alternatief voor kan worden gebruikt.
Economische randvoorwaarden Zelfstandig moment: bij gebruik van het gereedschap van meer dan 6 u/wk.
Technische randvoorwaarden Er is een geschikt elektrisch alternatief beschikbaar dat voldoet aan de specifieke eisen van de werkzaamheden zoals voldoende koppel en een handzaam gewicht en formaat. De gereedschappen worden niet in een ATEX omgeving gebruikt.
Direct uitvoerbaar (zelfstandig moment) Ja
Aspecten van doelmatig beheer en onderhoud Niet van toepassing
Onderwerp Perslucht
--- ---
Nummer maatregel FA7
Toe te passen maatregel Gebruik een blower voor het schoonblazen in plaats van perslucht. Voor werkzaamheden zoals schoonblazen van vloeren en machines waarbij met perslucht wordt geblazen kan een decentrale blower worden gebruikt. Dit is energiezuiniger dan blazen met perslucht.
Huidige situatie Blazen gebeurt met perslucht van ten minste 6 bar.
Economische randvoorwaarden Zelfstandig moment: bij gebruik van perslucht voor schoonblazen van meer dan 6 u/wk.
Technische randvoorwaarden Het proces moet toestaan dat er met een lagere druk en groter luchtvolume schoongeblazen wordt. De blower is binnen 10 m van de toepassing te plaatsen.
Direct uitvoerbaar (zelfstandig moment) Ja
Aspecten van doelmatig beheer en onderhoud Niet van toepassing
Onderwerp Perslucht
--- ---
Nummer maatregel FA8
Toe te passen maatregel Vervang de regelklepbediening op basis van perslucht door elektrische aandrijvingen. Door het op perslucht aangedreven besturend element (actuator) van de regelklep te vervangen door een servo- of stappenmotor, kan energie worden bespaard. Bij een perslucht aangedreven actuator moet het gehele jaar lucht op druk worden gehouden. Daarom is een elektrische aandrijving efficiënter.
Huidige situatie Er is een regelklep met een door perslucht aangedreven actuator (besturend element) aanwezig die is aangesloten op het centrale persluchtnet. De actuator kan separaat worden vervangen.
Economische randvoorwaarden Natuurlijk moment: bij processen die het hele jaar continu in bedrijf zijn.
Technische randvoorwaarden Er is een elektrische voedingskast beschikbaar binnen 10 m. De regelklep bevindt zich niet in een ATEX-omgeving.
Direct uitvoerbaar (zelfstandig moment) Nee
Aspecten van doelmatig beheer en onderhoud Niet van toepassing

Categorie: Stoom

Onderwerp Stoom
Nummer maatregel FB1
Toe te passen maatregel Verlaag de stoomdruk van het centrale stoomnet. Een verlaging van de stoomdruk zorgt voor lagere (stoom)temperaturen en voor een lagere schoorsteentemperatuur. Daardoor verliest de ketel minder warmte en wordt het warmteverlies door de schoorsteen kleiner. Bovendien neemt het verlies in het (stoom)distributienet en het flashverlies in condenspotten af. De mate van verlaging van de stoomdruk wordt bepaald door de stoomafnemer die om de hoogste stoomdruk vraagt om te kunnen blijven opereren.
Huidige situatie Er is een stoomketel aanwezig die is gekoppeld aan een centraal stoomnet en de druk op het stoomnet is hoger dan voor de aangesloten apparaten vereist is.
Economische randvoorwaarden Zowel natuurlijk als zelfstandig moment: het stoomnet is meer dan 2.300 uur per jaar op druk.
Technische randvoorwaarden Voor de verlaging van het stoomdruksetpoint zijn geen verdere veranderingen aan het systeem nodig. De stoomafnemers kunnen functioneren met de verlaagde stoomdruk. De huidige leidingen en appendages dienen geschikt te zijn voor een verhoging van de stromingssnelheden van de stoom. De stoomdruk bedraagt minimaal 4 bar. De stoomdruk kan met ten minste 10% worden verlaagd.
Direct uitvoerbaar (zelfstandig moment) Ja
Aspecten van doelmatig beheer en onderhoud Controleer regelmatig de stoomdruk in het stoomnet.
Onderwerp Stoom
--- ---
Nummer maatregel FB2
Toe te passen maatregel Gebruik een economiser om warmte uit de rookgassen van de stoomketel nuttig in te zetten. Door het uitkoelen van rookgas met een economiser kan de restwarmte uit de rookgassen worden benut om het ketelvoedingwater voor te verwarmen.
Huidige situatie Er is een stoomketel aanwezig en de warmte uit de rookgassen wordt niet benut.
Economische randvoorwaarden Zowel natuurlijk als zelfstandig moment: bij meer dan 2.100 vollasturen van de stoomketel per jaar.
Technische randvoorwaarden De klep voor het ketelvoedingswater moet modulerend zijn om een constante flow in de economiser te garanderen.
Direct uitvoerbaar (zelfstandig moment) Ja
Aspecten van doelmatig beheer en onderhoud Verricht regelmatig metingen aan de in- en uitgaande temperaturen om vast te stellen of de economiser goed werkt.
Onderwerp Stoom
--- ---
Nummer maatregel FB3
Toe te passen maatregel Gebruik een rookgascondensor om warmte uit de rookgassen van de stoomketel nuttig in te zetten. Door het condenseren van rookgas met een RVS-condensor kan de restwarmte uit de rookgassen nuttig worden ingezet. Toepassing van de maatregel vereist dat de brander van de stoomketel opnieuw wordt afgesteld.
Huidige situatie Er is een stoomketel met economiser aanwezig en de rookgassen verlaten de schoorsteen (na de economiser) met een temperatuur van 130 °C of hoger.
Economische randvoorwaarden Niet van toepassing
Technische randvoorwaarden Er is redelijk koud suppletiewater aanwezig (10 - 20°C). Het suppletiewaterdebiet is relatief hoog (meer dan 80% van de massastroom stoom), of er is warmtevraag aanwezig zoals water voor centrale verwarming of schoonmaakwater.
Direct uitvoerbaar (zelfstandig moment) Ja
Aspecten van doelmatig beheer en onderhoud Onderhoud de warmtewisselaar volgens de leveranciersvoorschriften.
Onderwerp Stoom
--- ---
Nummer maatregel FB4
Toe te passen maatregel Vervang stoom als middel voor ruimteverwarming. Door stoom als middel voor ruimteverwarming te vervangen voor een efficiënter alternatief wordt energie bespaard. Mogelijke alternatieven zijn een indirect gestookte heater, een direct gestookte hoogrendement (HR)-heater of donkere stralers.
Huidige situatie De ruimteverwarming gebeurt met een met stoom gevoede luchtverhitter.
Economische randvoorwaarden Niet van toepassing
Technische randvoorwaarden Er is een aansluitpunt voor gas aanwezig binnen een afstand van 50 m van de te verwarmen ruimte. De huidige constructie en de elektriciteitsaansluiting kunnen worden hergebruikt (één-op-één vervanging van de huidige heaters). Er zweeft geen brandbaar stof (zoals houtstof of andere organische stoffen) in de ruimte. De rookgasafvoer kan direct door het dak gerealiseerd worden.
Direct uitvoerbaar (zelfstandig moment) Ja
Aspecten van doelmatig beheer en onderhoud Niet van toepassing
Onderwerp Stoom
--- ---
Nummer maatregel FB5
Toe te passen maatregel Isoleer ongeïsoleerde warme delen van de stoomketel. Door het aanbrengen van isolatiemateriaal met een Rd-waarde van ten minste 1,0 m2K/W bij ongeïsoleerde mangaten, ketel-achterfronten en voedingswaterregelkleppen van stoomketels, kan warmteverlies worden voorkomen.
Huidige situatie Bepaalde delen van de stoomketel, zoals mangaten, het ketel-achterfront en de voedingswaterregelklep zijn niet of onvoldoende geïsoleerd.
Economische randvoorwaarden Niet van toepassing
Technische randvoorwaarden Niet van toepassing
Direct uitvoerbaar (zelfstandig moment) Ja
Aspecten van doelmatig beheer en onderhoud Voer jaarlijks een (visuele) controle uit naar de staat van de isolatie.
Onderwerp Stoom
--- ---
Nummer maatregel FB6
Toe te passen maatregel Isoleer stoomleidingen en appendages. Door het aanbrengen van isolatiemateriaal met een Rd-waarde van ten minste 2,5 m2K/W rondom stoomleidingen en appendages wordt warmteverlies tegengegaan.
Huidige situatie De stoomleidingen zijn niet of onvoldoende geïsoleeerd.
Economische randvoorwaarden Niet van toepassing
Technische randvoorwaarden Niet van toepassing
Direct uitvoerbaar (zelfstandig moment) Ja
Aspecten van doelmatig beheer en onderhoud Voer jaarlijks een (visuele) controle uit naar de staat van de isolatie.
Onderwerp Stoom
--- ---
Nummer maatregel FB7
Toe te passen maatregel Pas een omgekeerde osmose (RO)-installatie toe om de ketelwaterkwaliteit te verbeteren. Met een omgekeerde osmose-installatie kan de waterkwaliteit voor een gasgestookte stoomketel worden verbeterd. Hierdoor is er minder toevoeging van nieuw water nodig en wordt er ook minder water ververst (spui). Dit verlaagt het watergebruik en daardoor hoeft er minder water te worden opgewarmd in de stoomketel.
Huidige situatie Er is een stoomketel zonder waterbehandeling of met enkel een eenvoudige ontharder zoals een harskolom aanwezig. De waterverversing (spui) is ten minste 10%.
Economische randvoorwaarden Niet van toepassing
Technische randvoorwaarden Er is voldoende opstelruimte in het ketelhuis voor een omgekeerde osmose-installatie.
Direct uitvoerbaar (zelfstandig moment) Ja
Aspecten van doelmatig beheer en onderhoud Controleer jaarlijks op lekkages en voer zo nodig onderhoud uit aan de reverse osmose-installatie.
Onderwerp Stoom
--- ---
Nummer maatregel FB8
Toe te passen maatregel Plaats een warmtewisselaar bij de uitgang van een heetwaterproces om het suppletiewater voor te verwarmen met warmte uit te lozen water. Door het plaatsen van een warmtewisselaar bij de uitgang van een heetwaterproces kan het suppletiewater van de stoomketel worden voorverwarmd met warmte uit te lozen afvalwater. Voorbeelden van dergelijke warmteterugwinning zijn een kratten- of gereedschapwasser.
Huidige situatie Er is een heetwaterproces aanwezig (bijvoorbeeld een kratten- of gereedschapwasser) waarbij het warme afvalwater wordt geloosd op het vuilwaterriool zonder dat daar warmte uit is teruggewonnen.
Economische randvoorwaarden Zowel natuurlijk als zelfstandig moment: bij meer dan 1.500 bedrijfsuren van het heetwaterproces per jaar.
Technische randvoorwaarden Het heetwaterproces verbruikt ten minste 500 m3 water per jaar.
Direct uitvoerbaar (zelfstandig moment) Ja
Aspecten van doelmatig beheer en onderhoud Inspecteer en reinig elke twee jaar de warmtewisselaar.

Categorie: Aandrijvingen

Onderwerp Aandrijvingen
Nummer maatregel FC1
Toe te passen maatregel Pas een frequentieregeling toe op machines. Met de toepassing van een frequentieregelaar op de elektromotor welke een machine of machinedeel aandrijft kan de motor optimaal worden ingezet in de bedrijfsvoering. De aandrijving door de elektromotor kan middels de frequentieregelaar optimaal worden ingeregeld, waarbij de snelheid van de elektromotor zodanig wordt gekozen dat de aandrijving zijn functie goed kan vervullen met een zo laag mogelijk opgenomen vermogen. Deze maatregel beslaat directe en indirecte aandrijvingen, zoals via as, snaar, riem, ketting en dergelijke.
Huidige situatie Er is een machine aanwezig met een aandrijving via elektromotor met een elektrisch vermogen van ten minste 8 kW. De efficiëntieklasse van de elektromotor is ten minste IE2.
Economische randvoorwaarden Zelfstandig moment: bij meer dan 1.300 draaiuren per jaar. Natuurlijk moment: bij meer dan 800 draaiuren per jaar.
Technische randvoorwaarden Er is voldoende ruimte in de regelkast om de frequentieregelaar te kunnen plaatsen, óf de motor is goed toegankelijk, waardoor de frequentieregelaar nabij de elektromotor kan worden geplaatst. De functionaliteit van de machine moet een variabel of verlaagd toerental toestaan.
Direct uitvoerbaar (zelfstandig moment) Ja
Aspecten van doelmatig beheer en onderhoud Niet van toepassing
Onderwerp Aandrijvingen
--- ---
Nummer maatregel FC2
Toe te passen maatregel Pas een frequentieregeling op pompen toe. Door het toepassen van een frequentieregelaar op de pomp kan de pomp optimaal worden ingeregeld. Daarbij wordt het werkpunt van de pomp zodanig gekozen dat de pomp zijn functie goed kan vervullen met een zo laag mogelijk opgenomen vermogen. Bij veel toepassingen kan een eenvoudige debiet- of drukregeling worden ingesteld, waarbij de pomp altijd naar het optimale werkpunt wordt geregeld.
Huidige situatie Er is een variabele flow of een overcapaciteit welke wordt gesmoord met een regel- of smoorklep. Er is een pomp van ten minste 4 kW aanwezig, die wordt aangedreven door een elektromotor van efficiencyklasse IE2 of hoger.
Economische randvoorwaarden Zelfstandig moment: bij meer dan 4.100 draaiuren per jaar. Natuurlijk moment: bij meer dan 3.000 draaiuren per jaar.
Technische randvoorwaarden Er is voldoende ruimte in de regelkast om de frequentieregelaar te kunnen plaatsen, óf de frequentieregelaar kan nabij de elektromotor worden geplaatst.
Direct uitvoerbaar (zelfstandig moment) Ja
Aspecten van doelmatig beheer en onderhoud Niet van toepassing
Onderwerp Aandrijvingen
--- ---
Nummer maatregel FC3
Toe te passen maatregel Pas een frequentieregeling toe op compressoren van onder andere de koel-, vries- en persluchtinstallaties. Door het toepassen van de frequentieregelaar wordt het toerental van de compressor optimaal ingeregeld, zodanig dat de compressor de gewenste druk en debiet kan leveren met een zo laag mogelijk opgenomen vermogen. Daarnaast kan bij veel toepassingen een eenvoudige druk- of temperatuurregeling worden ingesteld, waarbij de compressor altijd naar het optimale werkpunt wordt geregeld. Bij een installatie waarin meerdere compressoren parallel opereren moet alleen de compressor met het grootste regelvermogen van een frequentieregelaar worden voorzien.
Huidige situatie Er is een compressor zonder frequentieregeling aanwezig, aangedreven door een elektromotor met een elektrisch vermogen van ten minste 8 kW. De efficiëntieklasse van de elektromotor is ten minste IE2.
Economische randvoorwaarden Zelfstandig moment: bij meer dan 1.300 draaiuren per jaar. Natuurlijk moment: bij meer dan 1.000 draaiuren per jaar.
Technische randvoorwaarden Er is voldoende ruimte in de regelkast om de frequentieregelaar te kunnen plaatsen, óf de frequentieregelaar kan nabij de elektromotor worden geplaatst.
Direct uitvoerbaar (zelfstandig moment) Ja
Aspecten van doelmatig beheer en onderhoud Niet van toepassing
Onderwerp Aandrijvingen
--- ---
Nummer maatregel FC4
Toe te passen maatregel Vervang elektromotoren met efficiëntieklasse IE2 of lager door een motor met efficiëntieklasse IE4 of hoger. Elektromotoren met een hogere efficiëntieklasse, zoals IE4 gebruiken minder elektriciteit dan elektromotoren met een lagere efficiëntieklasse. Door het vervangen van elektromotoren met efficiëntieklasse IE2 of lager door elektromotoren met efficïëntieklasse IE4 of hoger wordt energie bespaard.
Huidige situatie Er zijn elektromotoren aanwezig met efficiëntieklasse IE2 of lager. Deze motoren zijn herkenbaar doordat er geen IE-klasse, klasse IE1 of IE2 op het typeplaatje van de motor staat.
Economische randvoorwaarden Natuurlijk moment: bij meer dan 1.000 draaiuren per jaar.
Technische randvoorwaarden Het vermogen van de motoren is ten minste 0,75 kW.
Direct uitvoerbaar (zelfstandig moment) Nee
Aspecten van doelmatig beheer en onderhoud Test en controleer regelmatig de lagers en de weerstand van de wikkelingen volgens leveranciersvoorschriften.
Onderwerp Aandrijvingen
--- ---
Nummer maatregel FC5
Toe te passen maatregel Vervang IE3-elektromotoren door efficiëntieklasse IE4 of hoger. Elektromotoren met een hogere efficiëntieklasse, zoals IE4 gebruiken minder elektriciteit dan elektromotoren met een lagere efficiëntieklasse. Door het vervangen van IE3-elektromotoren door IE4-elektromotoren of hoger wordt energie bespaard.
Huidige situatie Er zijn elektromotoren aanwezig met efficiëntieklasse IE3. Deze motoren zijn herkenbaar doordat er IE3 op het typeplaatje van de motor staat.
Economische randvoorwaarden Natuurlijk moment: bij meer dan 1.900 draaiuren per jaar.
Technische randvoorwaarden Het vermogen van de motoren is meer dan 0,75 kW.
Direct uitvoerbaar (zelfstandig moment) Nee
Aspecten van doelmatig beheer en onderhoud Test en controleer regelmatig de lagers en de weerstand van de wikkelingen volgens leveranciersvoorschriften.

Categorie: Productkoeling

Onderwerp Productkoeling
Nummer maatregel FD1
Toe te passen maatregel Gebruik een alternatief voor elektrische verwarming aan de binnenzijde van de glazen deur van een verticaal vriesmeubel. Door anti-condensfolie of een coating aan de binnenkant van de glazen deur aan te brengen is er geen elektrische verwarming meer nodig en kan deze verwijderd worden. Dit geeft een besparing op het elektriciteitsgebruik van het vriesmeubel en de koelinstallatie, omdat de koelinstallatie de ontstane warmte dan niet weg hoeft te koelen.
Huidige situatie Er is een verticaal vriesmeubel aanwezig waarbij gebruik wordt gemaakt van elektrische (rand)verwarming op de glazen deur voor het voorkomen van condensvorming.
Economische randvoorwaarden Zowel natuurlijk als zelfstandig moment: het vriesmeubel is meer dan 1.800 uur per jaar in gebruik.
Technische randvoorwaarden Niet van toepassing
Direct uitvoerbaar (zelfstandig moment) Ja
Aspecten van doelmatig beheer en onderhoud Controleer dat de ruitverwarming is uitgeschakeld nadat een folie of coating is aangebracht.
Onderwerp Productkoeling
--- ---
Nummer maatregel FD2
Toe te passen maatregel Plaats deuren voor verticale koelmeubels. Door het plaatsen van glazen deuren voor verticale koelmeubels is er minder koudeverlies vanuit het meubel naar de ruimte. Dit vermindert het energiegebruik voor koeling en het energiegebruik voor ruimteverwarming.
Huidige situatie Er zijn verticale koelmeubels aanwezig die niet of alleen 's nachts worden afgedekt.
Economische randvoorwaarden Zowel natuurlijk als zelfstandig moment: het koelmeubel is meer dan 4.400 uur per jaar in gebruik.
Technische randvoorwaarden Niet van toepassing
Direct uitvoerbaar (zelfstandig moment) Ja
Aspecten van doelmatig beheer en onderhoud Niet van toepassing
Onderwerp Productkoeling
--- ---
Nummer maatregel FD3
Toe te passen maatregel Pas nachtafdekking toe bij semi-verticale koelmeubels. Een semi-verticaal koelmeubel heeft schappen die van onder naar boven minder diep worden. Nachtafdekking bestaat vaak uit een of meer rolgordijnen die aan het koelmeubel kunnen worden vastgemaakt en eenvoudig met de hand open en dicht kunnen worden gemaakt. Hierdoor is er buiten openingstijden minder koudeverlies vanuit het meubel naar de ruimte. Dit vermindert het energiegebruik voor koeling en het energiegebruik voor ruimteverwarming.
Huidige situatie Er zijn semi-verticale koelmeubels aanwezig zonder nachtafdekking.
Economische randvoorwaarden Zowel natuurlijk als zelfstandig moment: het koelmeubel is meer dan 2.100 uur per jaar in gebruik.
Technische randvoorwaarden Het koelmeubel is geschikt voor het plaatsen van nachtafdekking.
Direct uitvoerbaar (zelfstandig moment) Ja
Aspecten van doelmatig beheer en onderhoud Dek de koelmeubels af na sluitingstijd.
Onderwerp Productkoeling
--- ---
Nummer maatregel FD4
Toe te passen maatregel Plaats dagafdekking op horizontale vriesmeubels. Door schuifdeuren of andere dagafdekking toe te passen op horizontale vriesmeubels vindt er minder koudeverlies plaats vanuit het meubel naar de ruimte. Dit vermindert het energiegebruik voor koeling en het energiegebruik voor ruimteverwarming.
Huidige situatie Er zijn horizontale vriesmeubels aanwezig zonder dagafdekking.
Economische randvoorwaarden Niet van toepassing
Technische randvoorwaarden Niet van toepassing
Direct uitvoerbaar (zelfstandig moment) Ja
Aspecten van doelmatig beheer en onderhoud Niet van toepassing
Onderwerp Productkoeling
--- ---
Nummer maatregel FD5
Toe te passen maatregel Isoleer koel- en vriesleidingen. Door het aanbrengen van isolatie om koel- en vriesleidingen wordt koudeverlies naar de omgeving beperkt. Hierdoor zal het energiegebruik van de koelinstallatie afnemen. Gebruik vanwege condensvorming FEF (flexibel elastomeric foam) of een ander isolatiemateriaal met een structuur van gesloten cellen, een hoge dampdiffusieweerstand en een laag warmtegeleidingsvermogen.
Huidige situatie De gekoelde koel- of vriesleidingen zijn niet of onvoldoende geïsoleerd. Het gaat hierbij om de leidingen van de koelmachine naar het afgiftesysteem.
Economische randvoorwaarden Niet van toepassing
Technische randvoorwaarden Niet van toepassing
Direct uitvoerbaar (zelfstandig moment) Ja
Aspecten van doelmatig beheer en onderhoud Controleer regelmatig de staat van de isolatie en herstel het materiaal bij eventuele schade.
Onderwerp Productkoeling
--- ---
Nummer maatregel FD6
Toe te passen maatregel Koppel de verdamperventilator aan de vriesceldeur. Door het koppelen van de verdamperventilator aan de vriesceldeur gaat deze uit op het moment dat de deur wordt geopend. Dit voorkomt onnodig koudeverlies bij het openen van de deur. Bovendien vindt minder ijsvorming plaats op de verdamper.
Huidige situatie Er is een vriescel aanwezig, waarbij de verdamperventilator en de vriesceldeur niet zijn gekoppeld, waardoor de verdamperventilator blijft draaien als de deur wordt geopend. De deur is niet voorzien van lamellen of een snelsluitdeur.
Economische randvoorwaarden Niet van toepassing
Technische randvoorwaarden De grenswaarden voor de maximale temperatuur van de producten in de vriescel moeten gewaarborgd kunnen blijven.
Direct uitvoerbaar (zelfstandig moment) Ja
Aspecten van doelmatig beheer en onderhoud Niet van toepassing
Onderwerp Productkoeling
--- ---
Nummer maatregel FD7
Toe te passen maatregel Isoleer de wanden van koelcellen om warmte buiten te houden. Door het isoleren van de koelcelwanden wordt koudeverlies naar de omgeving voorkomen en de temperatuur in een koelcel behouden. Pas isolatiemateriaal toe met een Rd-waarde van ten minste 6 m2K/W. Hierdoor daalt het elektriciteitsgebruik van de koelinstallatie.
Huidige situatie Er is een niet of onvoldoende geïsoleerde koelcel aanwezig. De isolatiedikte is ten hoogste 15 mm (Rd-waarde is 0,5 m2K/W of lager).
Economische randvoorwaarden Niet van toepassing
Technische randvoorwaarden Niet van toepassing
Direct uitvoerbaar (zelfstandig moment) Ja
Aspecten van doelmatig beheer en onderhoud Controleer regelmatig de isolatie op beschadigingen en vochtproblemen volgens de leveranciersvoorschriften.
Onderwerp Productkoeling
--- ---
Nummer maatregel FD8
Toe te passen maatregel Regel de verdamperventilatoren van koelcellen op basis van meerdere temperatuursensoren. In de koelcellen draait continu een ventilator bij de verdamper om temperatuurverschillen in de koelcel te voorkomen. Door de verdamperventilator te regelen op basis van meerdere temperatuursensoren kan energie worden bespaard.
Huidige situatie Er is een koelcel aanwezig, waarbij de verdamperventilator niet wordt geregeld op basis van meerdere temperatuursensoren. De verdamperventilator is voorzien van een frequentieregelaar.
Economische randvoorwaarden Zowel natuurlijk als zelfstandig moment: de koelcel is meer dan 4.800 uur per jaar in gebruik.
Technische randvoorwaarden De oppervlakte van de koelcel is ten minste 100 m2. In de koelcel wordt geen groenten en/of fruit opgeslagen, vanwege gevaar van ethyleenophoping.
Direct uitvoerbaar (zelfstandig moment) Ja
Aspecten van doelmatig beheer en onderhoud Niet van toepassing
Onderwerp Productkoeling
--- ---
Nummer maatregel FD9
Toe te passen maatregel Pas een frequentieregelaar toe om het circulatievoud te regelen bij gekoelde opslag van groente, fruit of andere plantaardige producten (levend product). Het circulatievoud van de lucht is het aantal malen per uur dat een ruimte-inhoud wordt doorspoeld met geconditioneerde lucht uit een luchtbehandelingsinstallatie. Tijdens de bewaarperiode is het niet nodig de volledige ventilatiecapaciteit van de koeling te benutten. Door te sturen op de ethyleenconcentratie kan het ventilatievoud worden geoptimaliseerd door middel van frequentieregeling van de ventilatoren.
Huidige situatie Er is een koelcel aanwezig voor de opslag van groente, fruit of andere plantaardige producten, waarbij het ventilatievoud niet wordt geregeld.
Economische randvoorwaarden Zowel natuurlijk als zelfstandig moment: bij meer dan 4.500 draaiuren van de circulatieventilatoren per jaar.
Technische randvoorwaarden De circulatieventilatoren zijn geschikt voor frequentieregeling.
Direct uitvoerbaar (zelfstandig moment) Ja
Aspecten van doelmatig beheer en onderhoud Niet van toepassing
Onderwerp Productkoeling
--- ---
Nummer maatregel FD10
Toe te passen maatregel Scheid de luchttoevoer naar de koelinstallatie van de warme lucht uit de koelinstallatie. Wanneer een condensor binnen staat wordt de warmte van de condensor overgedragen aan de te koelen lucht. Door het plaatsen van een apart aanzuigkanaal vanuit de buitenlucht of een onverwarmde ruimte kan de te koelen lucht worden gescheiden van de warme afgegeven lucht van de condensor. Hierdoor verbruikt de koelinstallatie minder elektriciteit.
Huidige situatie Er is een koelinstallatie aanwezig waarbij de luchttoevoer en de afgegeven warme lucht van de condensor in dezelfde ruimte terechtkomen, waardoor deze opwarmt.
Economische randvoorwaarden Niet van toepassing
Technische randvoorwaarden De condensor staat binnen en de buitenlucht kan worden aangezogen met een aanzuigkanaal korter dan 5 m. De maatregel is niet toepasbaar bij stekkerklare koelmeubels.
Direct uitvoerbaar (zelfstandig moment) Ja
Aspecten van doelmatig beheer en onderhoud Niet van toepassing
Onderwerp Productkoeling
--- ---
Nummer maatregel FD11
Toe te passen maatregel Pas een condensordrukregeling op buitenluchttemperatuur toe op de koelinstallatie. Door het toepassen van een automatische condensordrukregeling op basis van de buitenluchttemperatuur, zal de condensortemperatuur op jaarbasis gemiddeld dalen. Hierdoor werkt de koelinstallatie efficiënter.
Huidige situatie Er is een koelinstallatie met een vermogen van ten minste 20 kWth aanwezig, die is voorzien van een elektronisch expansieventiel en die werkt met een vaste condensordruk gedurende het gehele jaar.
Economische randvoorwaarden Niet van toepassing
Technische randvoorwaarden De bestaande software kan worden aangepast met een variabel condensorsetpoint. De regelkast van de koelinstallatie is bereikbaar en geschikt voor de toevoeging van een buitentemperatuursensor.
Direct uitvoerbaar (zelfstandig moment) Ja
Aspecten van doelmatig beheer en onderhoud Niet van toepassing
Onderwerp Productkoeling
--- ---
Nummer maatregel FD12
Toe te passen maatregel Gebruik de restwarmte van de condensors van de koelinstallatie. Door middel van een extra warmtewisselaar in het persgascircuit kan de restwarmte uit de condensors nuttig worden gebruikt.
Huidige situatie Er is een koelinstallatie aanwezig waarbij de warmte van de condensors niet nuttig wordt gebruikt.
Economische randvoorwaarden Zowel natuurlijk als zelfstandig moment: de beschikbare warmte kan ten minste 1.000 uur per jaar nuttig worden ingezet.
Technische randvoorwaarden Er is ten minste 50 kWth aan warmte van de condensor beschikbaar. Het moet technisch mogelijk zijn om de warmte nuttig te gebruiken.
Direct uitvoerbaar (zelfstandig moment) Ja
Aspecten van doelmatig beheer en onderhoud Niet van toepassing
Onderwerp Productkoeling
--- ---
Nummer maatregel FD13
Toe te passen maatregel Pas dagafdekking toe bij semi-verticale koelmeubels. Door het toepassen van dagafdekking bij een semi-verticaal koelmeubel vindt er minder koudeverlies plaats vanuit het meubel naar de ruimte. Dit vermindert het energiegebruik voor koeling en het energiegebruik voor ruimteverwarming.
Huidige situatie Er zijn semi-verticale koelmeubels aanwezig zonder dagafdekking.
Economische randvoorwaarden Natuurlijk moment: het koelmeubel is meer dan 7.200 uur per jaar in gebruik.
Technische randvoorwaarden Het semi-verticale koelmeubel moet geschikt zijn voor het plaatsen van dagafdekking.
Direct uitvoerbaar (zelfstandig moment) Nee
Aspecten van doelmatig beheer en onderhoud Niet van toepassing
Onderwerp Productkoeling
--- ---
Nummer maatregel FD14
Toe te passen maatregel Plaats LED-armaturen in gekoelde cellen. Door het vervangen van TL verlichting in gekoelde ruimten door LED-armaturen wordt het vermogen van de verlichting beperkt. Naast de beperking van het elektrische vermogen wordt ook de warmtelast verlaagd waardoor er minder koeling nodig is.
Huidige situatie In de gekoelde cellen zijn armaturen met langwerpige fluorescentielampen (TL8 of TL5) aanwezig.
Economische randvoorwaarden Niet van toepassing
Technische randvoorwaarden Niet van toepassing
Direct uitvoerbaar (zelfstandig moment) Nee
Aspecten van doelmatig beheer en onderhoud Maak regelmatig de verlichtingsarmaturen schoon.
Onderwerp Productkoeling
--- ---
Nummer maatregel FD15
Toe te passen maatregel Pas heetgasontdooiing toe op de vriesinstallatie. Om een goede koeling mogelijk te maken dient ijsvorming voorkomen te worden. Door het toepassen van heetgasontdooiing bij plaatsing van een nieuwe vriesinstallatie kan energie bespaard worden.
Huidige situatie Er is een vriesinstallatie aanwezig waarbij een regeling voor ontdooiing ontbreekt.
Economische randvoorwaarden Niet van toepassing
Technische randvoorwaarden Niet van toepassing
Direct uitvoerbaar (zelfstandig moment) Nee
Aspecten van doelmatig beheer en onderhoud Controleer regelmatig de werking van de heetgasontdooiing. Er mag in principe geen ijsaangroei op de verdamper zichtbaar zijn.

Categorie: Grootkeukenapparatuur

Onderwerp Grootkeukenapparatuur
Nummer maatregel FE1
Toe te passen maatregel Vervang de infrarood-salamander door een salamander met automatische pan/bord detectie. Door het vervangen van de infrarood-salamander door een salamander met pan/bord detectie kan worden voorkomen dat deze onnodig aanstaat wanneer deze niet in gebruik is.
Huidige situatie Er zijn één of meer infrarood-salamanders aanwezig waarbij een aan/uit- of tijdschakelaar ontbreekt.
Economische randvoorwaarden Zelfstandig moment: bij meer dan 1.700 gebruiksuren van de salamander per jaar.
Technische randvoorwaarden Niet van toepassing
Direct uitvoerbaar (zelfstandig moment) Ja
Aspecten van doelmatig beheer en onderhoud Niet van toepassing
Onderwerp Grootkeukenapparatuur
--- ---
Nummer maatregel FE2
Toe te passen maatregel Pas hot-fill toe bij bestaande vaatwasapparatuur in grootkeukens. Door het toepassen van warmwater uit een bestaande warmwateraansluiting in vaatwasapparatuur (hot-fill) wordt warm water gebruikt dat op een efficiëntere manier is geproduceerd. Dit is bijvoorbeeld het geval als het water is opgewarmd met een warmtepomp, een zonneboiler en/of restwarmte.
Huidige situatie Er is een horeca vaatwasser aanwezig die is aangesloten op een koudwaterleiding. Het warme tapwater wordt op een efficiënte manier opgewekt zoals bijvoorbeeld met restwarmte van de koeling, een zonneboiler of een warmtepomp.
Economische randvoorwaarden Zowel natuurlijk als zelfstandig moment: bij meer dan 400 gebruiksuren van de vaatwasser per jaar.
Technische randvoorwaarden De warmwaterleiding ligt nabij de vaatwasser.
Direct uitvoerbaar (zelfstandig moment) Ja
Aspecten van doelmatig beheer en onderhoud Niet van toepassing
Onderwerp Grootkeukenapparatuur
--- ---
Nummer maatregel FE3
Toe te passen maatregel Pas een dubbelwandige vaatwasser toe in grootkeukens. Door het toepassen van een energiezuinige dubbelwandige horecavaatwasser vindt minder warmteverlies plaats door de wanden van de vaatwasser. Daardoor wordt energie bespaard.
Huidige situatie Er is een enkelwandige horeca vaatwasser aanwezig.
Economische randvoorwaarden Natuurlijk moment: bij meer dan 400 gebruiksuren van de vaatwasser per jaar.
Technische randvoorwaarden Niet van toepassing
Direct uitvoerbaar (zelfstandig moment) Nee
Aspecten van doelmatig beheer en onderhoud Niet van toepassing
Onderwerp Grootkeukenapparatuur
--- ---
Nummer maatregel FE4
Toe te passen maatregel Pas een laagdebiet afzuigkap toe bij grootkeukens. In een laagdebiet afzuigkap zijn luchttoevoercompartimenten aangebracht voor het inblazen van lucht aan de onder- en/of binnenzijde van de luifelranden. Dit leidt tot betere afvangprestaties dan bij een conventionele afzuigkap, waardoor de afzuigkap met een lager debiet kan werken. Dat zorgt voor energiebesparing.
Huidige situatie Er is een conventionele afzuigkap aanwezig zonder extra luchttoevoercompartimenten.
Economische randvoorwaarden Natuurlijk moment: bij meer dan 3.200 draaiuren van de afzuigkap per jaar.
Technische randvoorwaarden Niet van toepassing
Direct uitvoerbaar (zelfstandig moment) Nee
Aspecten van doelmatig beheer en onderhoud Reinig de afzuigkap volgens het interval zoals aangegeven in de leveranciersvoorschriften.
Onderwerp Grootkeukenapparatuur
--- ---
Nummer maatregel FE5
Toe te passen maatregel Pas een elektrisch frituurtoestel toe in plaats van een gasgestookt toestel. Door het vervangen van het huidige frituurtoestel op gas door een elektrisch frituurtoestel wordt het warmteverlies naar de omgeving verminderd. Hierdoor neemt de efficiëntie toe.
Huidige situatie Er is een gasgestookt frituurtoestel aanwezig.
Economische randvoorwaarden Natuurlijk moment: het elektriciteitsgebruik is ten minste 50.000 kWh en het aardgasgebruik is ten hoogste 170.000 m3 per jaar.
Technische randvoorwaarden De bestaande elektriciteitsaansluiting heeft voldoende capaciteit en er is voldoende transportcapaciteit beschikbaar op het elektriciteitsnet.
Direct uitvoerbaar (zelfstandig moment) Nee
Aspecten van doelmatig beheer en onderhoud Niet van toepassing
Onderwerp Grootkeukenapparatuur
--- ---
Nummer maatregel FE6
Toe te passen maatregel Pas een elektrische combisteamer toe in plaats van een gasgestookte variant. Door het toepassen van een elektrische combisteamer in plaats van een gasgestookte combisteamer kan op aardgas worden bespaard.
Huidige situatie Er is een gasgestookte combisteamer aanwezig.
Economische randvoorwaarden Natuurlijk moment: het elektriciteitsgebruik is ten minste 50.000 kWh en het aardgasgebruik is ten hoogste 170.000 m3 per jaar.
Technische randvoorwaarden De bestaande elektriciteitsaansluiting heeft voldoende capaciteit en er is voldoende transportcapaciteit beschikbaar op het elektriciteitsnet.
Direct uitvoerbaar (zelfstandig moment) Nee
Aspecten van doelmatig beheer en onderhoud Niet van toepassing

Categorie: Ovens

Onderwerp Ovens
Nummer maatregel FF1
Toe te passen maatregel Pas een rookgasklep toe in het rookgaskanaal van de gasgestookte oven om warmteverlies te beperken. Toepassen van rookgaskleppen bij ovens om warmteverlies als gevolg van thermische trek te voorkomen, wanneer de brander van de oven uitgeschakeld is en de oven nog warm is. Met deze maatregel koelt de oven minder snel af, waarmee energie wordt bespaard.
Huidige situatie Er is een gasgestookte oven aanwezig, waarbij het rookgaskanaal niet is voorzien van een rookgasklep.
Economische randvoorwaarden Zowel natuurlijk als zelfstandig moment: bij meer dan 1.900 gebruiksuren van de oven per jaar en een aardgasgebruik van ten hoogste 170.000 m3 per jaar.
Technische randvoorwaarden De huidige ontsteking van de brander is geschikt om een rookgasklep te kunnen besturen. De oven heeft een thermisch vermogen van ten minste 40 kW.
Direct uitvoerbaar (zelfstandig moment) Ja
Aspecten van doelmatig beheer en onderhoud Niet van toepassing
Onderwerp Ovens
--- ---
Nummer maatregel FF2
Toe te passen maatregel Pas modulerende branders in ovens toe.Door het toepassen van modulerende branders in ovens wordt het brandervermogen beter geregeld op basis van de warmtevraag, waardoor minder stilstands- en opstartverliezen plaatsvinden. Bij een gastoevoerdruk van meer dan 50 mbar zijn een apart gasfilter en een aparte drukregelaar nodig.
Huidige situatie Er is een gasgestookte oven met een brandervermogen van tenminste 100 kW aanwezig zonder modulerende branders.
Economische randvoorwaarden Zelfstandig moment: bij meer dan 2.100 gebruiksuren van de oven per jaar.
Technische randvoorwaarden Niet van toepassing
Direct uitvoerbaar (zelfstandig moment) Ja
Aspecten van doelmatig beheer en onderhoud Niet van toepassing

Categorie: Terreinverlichting

Onderwerp Terreinverlichting
Nummer maatregel FG1
Toe te passen maatregel Plaats een tijdklok samen met een daglichtregeling als de verlichting op vaste tijden moet branden terwijl het donker is. Door het gebruik van een tijdklok samen met een daglichtregeling staan lampen die op vaste uren moeten branden niet onnodig aan.
Huidige situatie De buitenverlichting heeft geen tijdklok en/of geen daglichtregeling op plaatsen waar de verlichting op vaste uren moet branden terwijl het donker is.
Economische randvoorwaarden Niet van toepassing
Technische randvoorwaarden Niet van toepassing bij verlichting die om veligheidsredenen de gehele nacht aan moet blijven.
Direct uitvoerbaar (zelfstandig moment) Ja
Aspecten van doelmatig beheer en onderhoud Maak regelmatig de sensoren van de verlichtingsregeling schoon en controleer jaarlijks de instellingen van de tijdklok.
Onderwerp Terreinverlichting
--- ---
Nummer maatregel FG2
Toe te passen maatregel Plaats een bewegingssensor op plaatsen waar de lampen niet altijd aan hoeven te zijn. Door het plaatsen van een bewegingssensor op plaatsen waar de terreinverlichting alleen aan hoeft te zijn als er mensen aanwezig zijn, staan lampen niet onnodig aan.
Huidige situatie Er zijn lampen zonder een bewegingssensor aanwezig op plaatsen waar alleen verlichting nodig is als er mensen aanwezig zijn.
Economische randvoorwaarden Zowel natuurlijk als zelfstandig moment: bij meer dan 3.100 onnodige branduren per jaar.
Technische randvoorwaarden Niet van toepassing bij verlichting die om veligheidsredenen de gehele nacht aan moet blijven.
Direct uitvoerbaar (zelfstandig moment) Ja
Aspecten van doelmatig beheer en onderhoud Maak regelmatig de sensoren van de verlichtingsregeling schoon.
Onderwerp Terreinverlichting
--- ---
Nummer maatregel FG3
Toe te passen maatregel Plaats extra schakelaars voor de veldverlichting per veld. Door het plaatsen van extra schakelaars om de veldverlichting per veld te kunnen schakelen, die na een gekozen tijd automatisch uit gaan, worden velden niet onnodig verlicht.
Huidige situatie De veldverlichting kan alleen voor meerdere velden tegelijkertijd worden geschakeld.
Economische randvoorwaarden Zowel natuurlijk als zelfstandig moment: bij meer dan 11 kW aan verlichting per veld.
Technische randvoorwaarden Per veld zijn al aparte kabels voor de stroomvoorziening aanwezig.
Direct uitvoerbaar (zelfstandig moment) Ja
Aspecten van doelmatig beheer en onderhoud Niet van toepassing
Onderwerp Terreinverlichting
--- ---
Nummer maatregel FG4
Toe te passen maatregel Vervang op een lichtmast de armaturen met spaarlampen of gasontladingslampen door LED-armaturen. Door op een lichtmast armaturen met spaarlampen of gasontladingslampen te vervangen door LED-armaturen wordt het energiegebruik beperkt. De lichtmast blijft behouden.
Huidige situatie Er zijn lichtmasten met armaturen met spaarlampen of gasontladingslampen (kwiklampen, SON, HPL, HQL of HPI) aanwezig, waarbij het armatuur kan worden vervangen zonder de mast te vervangen.
Economische randvoorwaarden Niet van toepassing
Technische randvoorwaarden Het LED-armatuur kan worden toegepast op de bestaande lichtmast.
Direct uitvoerbaar (zelfstandig moment) Nee
Aspecten van doelmatig beheer en onderhoud Reinig regelmatig de lampen, armaturen, reflectoren en sensoren van de regelingen die erbij horen.
Onderwerp Terreinverlichting
--- ---
Nummer maatregel FG5
Toe te passen maatregel Vervang bij terreinverlichting zonder mast de armaturen met gasontladingslampen door LED-armaturen. Door bij terreinverlichting, die niet op een mast staat, het armatuur met gasontladingslampen te vervangen door LED-armaturen wordt het energiegebruik beperkt.
Huidige situatie Er is terreinverlichting die niet op een mast staat aanwezig met armaturen met een van de volgende gasontladingslampen: kwiklampen, SON, HPL, HQL of HPI.
Economische randvoorwaarden Niet van toepassing
Technische randvoorwaarden Niet van toepassing
Direct uitvoerbaar (zelfstandig moment) Nee
Aspecten van doelmatig beheer en onderhoud Reinig regelmatig de lampen, armaturen, reflectoren en sensoren van de regelingen die erbij horen.

Categorie: Zwembad

De raadpleging van dit document komt niet in de plaats van het lezen van het oorspronkelijke Staatsblad of de Staatscourant. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele onnauwkeurigheden die voortvloeien uit de omzetting van het origineel naar dit formaat.

Deze tekst wordt gepubliceerd onder de eigen hergebruiksvoorwaarden van BWB, niet onder een licentie van Legalize of van het publieke domein. BWB
CC0 1.0 Universeel (publiek domein)